[22bb006329] Verslag Gesprek met schoolbesturen en WIOSSAN op 070922
Tekst van het document
Notitie Maatschappelijke Ontwikkeling Bedrijfsvoering en werkprocessen
Aan:
Raadscommissie WIOSSAN
Datum:
7 september 2022
Betreft:
Notitie ter informatie
Bezoekadres: De Rotterdam Wilhelminakade 179, Rotterdam Postadres: Postbus 70012 3000 KP Rotterdam Internet: www.rotterdam.nl Van: G.A.B. Sinke Telefoon: 14 010 E-mail: gab.sinke@rotterdam.nl
Aanleiding Afgelopen woensdag 7 september is er een technische sessie geweest in de commissie WIOSSAN over het onderwijs. Aansluitend was er een gesprek met vijf schoolbestuurders van RVKO, PCBO, BOOR, LMC, en CVO. Hieronder volgt het verslag van deze gesprekken. De gesprekken zijn in drie rondes gevoerd. De eerste twee rondes in twee verschillende groepen. De derde gespreksronde was plenair. Commissie in gesprek met schoolbesturen Ronde 1 groep 1: Lerarentekort Deelnemers schoolbesturen Diane Middelkoop - PCBO Rotterdam-Zuid Lorenzo Civile – LMC LMC (voortgezet onderwijs) heeft veel leerlingen uit zogenoemde Armoedeprobleem cumulatie gebieden (APCG-leerlingen). Dit vraagt veel van docenten, het heeft grote consequenties voor het onderwijs. Denk aan veiligheid, armoede, taalproblemen, weinig perspectief, 1-ouder gezinnen en multi-probleem situaties. PCBO (primair onderwijs) heeft alleen scholen op Zuid, inclusief Hoogvliet. Die scholen hebben een grote opgave om het maximale voor de leerlingen te doen. Uit onderzoek blijkt dat de helft van de leerlingen een extra uitdaging heeft. Van leerprobleem of thuissituatie (armoede, taal) en multi-probleem leerlingen. Bestuur straalt uit: Kom bij PCBO werken als je ertoe wilt doen.
Het is goed om te beseffen dat school een veilige omgeving is voor de leerlingen, waar ze met Dagprogrammering van ochtend tot einde van de middag kunnen zijn. Onderwijs opereert niet in een vacuüm, het personeelstekort is overal en zal door vergrijzing alleen nog maar toenemen. In het onderwijs gaat het om drie dingen: - Veel mensen werken part-time in het onderwijs. - Instroom probleem. Er is grote concurrentie van andere sectoren. - Uitstroom. Door hoge werkdruk stroomt er veel personeel vroegtijdig uit. Schoolbesturen werken aan beleid om ouder personeel langer vitaal voor het onderwijs te behouden. Ook worden regelmatig gepensioneerden nog ingezet in het onderwijs, de stille reserve. Het werven en aanstellen van zij-instromers in het primair onderwijs is al jaren een succes. Hierin wordt succesvol samengewerkt tussen de schoolbesturen en de
Blad: Datum:
2 7 september 2022
gemeente. Het goed laten landen van deze mensen in de scholen kost tijd en energie. Een goede start in het onderwijs kan alleen met goede begeleiding en coaching. De werkdruk voor leraren is hoog. De gemeente kan bijdragen door te helpen bij het vinden/aanbieden van woonruimte en door parkeren voor leraren bij scholen goedkoper te maken. Zeker voor PCBO komt een groot deel van de leraren van buiten Rotterdam. Bestuur worstelt met gestegen reiskosten door hoge benzineprijs. Compensatie van deze kosten gebeurt nu door de scholen vanuit eigen middelen. Oproep is om als de gemeente iets kan en wil doen, dit wel voor de hele stad onder dezelfde condities te doen. A: Commissie wil graag inzicht in feiten en cijfers over woonplaats en woon-werkafstand van leraren. Schoolbesturen gaan deze info voor hun eigen bestuur geven. Er wordt nu door OBI een feitenkaart over het onderwijs in Rotterdam gemaakt. Deze kan ook met de raad gedeeld worden. In het kader van het Nationaal Programma Onderwijs is er een arbeidsmarkttoelage voor twee jaren voor scholen met hoge schoolweging. De besturen ervaren dat deze maar beperkt effect heeft. Omdat er voldoende werk in het onderwijs is, kiest een deel van de leraren er toch voor om scholen met een toelage te verlaten en dichterbij huis aan de slag te gaan.
De druk van werken op scholen met veel leerlingen met problemen maakt dat leraren de school verlaten. Problemen hangen vaak samen met de thuissituatie van de leerlingen. Als school kan je deze niet oplossen. Ondersteuning van de stad kan helpen, maar vaak lopen scholen tegen de muur van bureaucratie aan. Mensen die op de scholen blijven werken zijn vaak super gemotiveerd. Conclusie is dat de vijver van mensen die in het onderwijs willen werken zo goed als leeg is, meer geld lost de problemen in het onderwijs niet op. Scholen merken dat een deel van de leerlingen vaak zonder ontbijt op school komt. Scholen kunnen hier niet in voorzien, de Rijksmiddelen zijn voor onderwijs, niet voor de boterhammen. De inzet van de NPO-middelen vanuit scholen en gemeente op het verbeteren van de zorg aan leerlingen is heel succesvol. De besturen zijn trots op deze samenwerking. De scholen zetten in op meer schoolmaatschappelijk werk, de gemeente op uitbreiding van de wijkteams via Schoolzorgteams. Scholen ervaren hierdoor minder werkdruk, en zien betere hulp voor gezinnen. Dit is echter op basis van tijdelijk geld, dus deze succesvolle inzet is eindig.
Ronde 1 Groep 2: Lerarentekort Deelnemende schoolbesturen: Ton Groot Zwaaftink - RVKO Renata Voss - Boor Marc Mittelmeijer - CVO De schoolbesturen noemen als groot probleem de commerciële bureaus die ingehuurd worden om tekorten te vullen, vooral in VO, minder in PO vanwege gezamenlijke aanbesteding. De personeelstekorten worden dichtgelopen, maar gaan ten koste van onderwijskwaliteit. Daarnaast heeft het ook invloed op werkdruk van onderwijspersoneel. Deze tekorten zijn ook op specifieke vakken (i.e. wiskunde).
Blad: Datum:
3 7 september 2022
Onderwijsbesturen zijn lovend over Slim Organiseren. Er worden twee opmerkingen geplaatst door BOOR over de plannen van minister Wiersma: de expertteams voor scholen (subsidie voor basisvaardigheden) én de uitbreiding van de Onderwijsinspectie heeft consequenties voor de arbeidsmarkt: iedereen vist in dezelfde vijver. Als antwoord op de vraag ‘wat hebben jullie nodig van de raad’ wordt voorrang bij huisvesting en parkeren genoemd. Daarnaast ook de lobby voor verlenging van het convenant Anders Organiseren, waarbij vooral ruimte om anders te organiseren nodig is (gegeven door de Onderwijsinspectie). Schoolbesturen benadrukken het maatwerk dat nodig is om mensen naar het onderwijs te begeleiden (zijinstroom, in de vorm van verschillende opleidingen). Hoofdlijn groep 1 ronde 2: Corona Deelnemers schoolbesturen: Ton Groot Zwaaftink - RVKO Renata Voss - Boor Marc Mittelmeijer - CVO RVKO (primair onderwijs) geeft aan dat er in essentie in Rotterdam sprake is van een ongelijke startsituatie die vraagt om differentiatie: maatwerk dat past in die wijk, op die school, in dat team. CVO (voortgezet onderwijs) heeft scholen binnen en buiten de gemeente Rotterdam en biedt daar veel traditionele onderwijsconcepten, maar heeft ook aandacht voor moderne concepten die aansluiten op het individu.
BOOR (primair- en voortgezet onderwijs) heeft onlangs een nieuwe koers vastgesteld “Sta open”, waarin cohesie en burgerschap centraal staan en er aandacht is voor samenwerken en elkaar begrijpen. Maatwerk is dat wat helpt. Mentale belasting voor leerlingen en medewerkers was hoog en vraagt tijd om te herstellen. Met name in het vo is er extra aandacht nodig voor de omgangsnormen binnen de school en het creëren van een goed leerklimaat. Leerlingen zijn erg op zichzelf gericht en hebben korte lontjes. Er heerst een straatcultuur in plaats van een schoolcultuur die nodig is om goed te kunnen leren. Ook bij medewerkers is er aandacht voor het sociaal-emotionele. De focus ligt daar op de samenwerking onderling. Binnen het po is voor de bovenbouwleerlingen (groep 6 tot en met 8) gemonitord wat de leerachterstanden door corona waren en of dit zich heeft hersteld. Dit in het kader van de overstap naar het vo en om te zien of en zo ja met welke achterstand leerlingen aan het vervolg zouden beginnen. Te melden valt dat de corona achterstanden gemiddeld zijn ingelopen. Op sommige scholen is er sprake van een heel goed herstel, sommige scholen hebben iets meer tijd nodig.
Blad: Datum:
4 7 september 2022
Voor de nieuwe instroom in het po ligt dit anders. Hier hebben sommige kleuters door corona geen voorschoolse educatie gehad, maar hebben zij ook minder met andere kinderen gespeeld en zijn meer bij hun ouders geweest. Het samenspelen, loslaten van ouders en de taalontwikkeling vragen hier dus extra aandacht ten opzichte van de situatie voor corona. De NPO middelen worden ingezet om dit te herstellen, maar zijn maar beperkt inzetbaar. Er wordt gezien dat bepaalde interventies ook na het wegvallen van deze middelen nodig zijn om de basis op orde te houden en ervoor te zorgen dat waar mogelijk onderwijzend personeel wordt ontzien. Dit kan door: - de inzet van tutoren die kleine groepjes van leerlingen begeleiden waar nodig; - de inzet van externe deskundigheid die teams de ruimte geeft om leerlingen individueel te begeleiden als de rest van de groep aan de slag is met iets anders of dan ruimte krijgt voor teambuilding. Mechanismen die nu goed werken kunnen niet blijven bestaan doordat scholen straks deze middelen niet meer ontvangen, en ook omdat gemeenten nu extra inzet kunnen plegen die straks wegvalt. Daarbij gaat het om de inzet van tutoren, maar ook om de samenwerking tussen de wijkteams en schoolmaatschappelijk werk. Deze samenwerking maakt eerder signaleren van problematiek mogelijk en zorgt voor een gerichtere aanpak van deze problematiek.
Als er een probleem is in het gezin waar aandacht voor is ontstaat er rust in de thuissituatie die een voorwaarde is om te kunnen leren op school. Maatwerk voor scholen blijft belangrijk, maar scholen worden nu versnipperd bekostigd door de verschillende regelingen vanuit het ministerie. Dit is ook als aandachtspunt aan minister Wiersma meegegeven tijdens de opening van het schooljaar. Het zou helpen als er ook vanuit de gemeente aandacht wordt gevraagd bij het ministerie voor dat wat werkt en het verzoek in de financiering dit niet te versnipperen maar als 1 geheel te zien. Een ander aandachtspunt is de aanbestedingssystematiek die van het veld vraagt om bij een nieuwe partij opnieuw met elkaar te verkennen wat nodig is en hoe de samenwerking er uit ziet. Verschillende van deze aanbestedingstrajecten raken aan het onderwijs. Er is in deze ronde ook nog even stil gestaan bij ouderbetrokkenheid. Aangegeven is dat dit verschillend is. Sommige ouders zijn heel betrokken, andere zie of spreek je nooit, wat ook weer niet zegt dat ze niet betrokken zijn bij hun kind. Dit speelt vooral in het voortgezet onderwijs. Communicatie is heel belangrijk en de sleutel voor het houden van verbinding. De schoolbesturen vragen de gemeente om de verbinding te zoeken tussen de verschillende beleidsterreinen als het om ouders gaat.
Ronde 2 groep 2: corona Diane Middelkoop - PCBO Rotterdam-Zuid Lorenzo Civile – LMC BOOR en LMC herkennen de leervertraging die wordt genoemd in oa de media niet. In hoeverre die er was, is deze al ingehaald. De gevolgen van corona zijn vooral op sociaalemotioneel vlak.
Blad: Datum:
5 7 september 2022
Beiden schoolbesturen geven aan dat ze NPO-gelden hebben ingezet om personeel aan te nemen. De vraag aan de commissie is: deze gelden zijn tijdelijk, wat gebeurd er als deze financiering stop wordt gezet? De besturen benadrukken dat er een langetermijninvestering nodig is. De commissie benadrukt het belang van sport en kunst en cultuur om deze gevolgen van corona op het gebied van sociaal-emotionele ontwikkeling in te halen. De samenwerking tussen gemeente en schoolbesturen wordt gecomplimenteerd door schoolbesturen. Schoolbesturen noemen in dit kader ook de schil om de school als een passende ambitie in deze samenwerking. Naast bestaande programma’s worden ook andere mogelijke randvoorwaarden genoemd, oa ontbijt op school, kinderopvang gratis maken. Ouderbetrokkenheid is genoemd als bijzonder belangrijk door beiden besturen en door de commissie. Ronde 3: Overige onderwerpen 1. Ventilatie LMC geeft aan: om de ventilatie op scholen volgens de gestelde richtlijnen mogelijk te maken heeft het Rijk 30% aan financiering beschikbaar gesteld. De gemeente heeft de keuze gemaakt om geen bijdrage te leveren. Dit is geen onwil, maar een politieke keuze in waar wel en niet in geïnvesteerd kan worden. De overige 70% moet nu dus bij de scholen zelf vandaan komen. Er worden overigens panden gebouwd die nu wel voldoen aan de gestelde eisen, maar in 2025 niet meer.
Ook dit heeft te maken met keuzes qua investering. Bouwen gebeurt nu via de BENG (bijna energie neutraal) en zou eigenlijk ENG (energie neutraal) moeten zijn. 2. Waar zijn de schoolbesturen trots op? Hier zijn verschillende voorbeelden genoemd waar de schoolbestuurders trots op zijn: - Er is samen met alle betrokkenen in het Rotterdamse onderwijs (van voorschool tot universiteit) gewerkt aan de Rotterdamse Onderwijs Agenda die de schoolbesturen na bespreking met de wethouder graag aan willen bieden aan de commissieleden. - Er zijn bijna geen zwakke scholen in de stad. - Het Nationaal Programma Rotterdam Zuid (NPRZ) is een fantastisch programma met grote impact voor het onderwijs. - De achterstanden die door corona zijn opgelopen zijn gemiddeld gezien ingelopen. - Er is sprake van een nauwe en intensieve samenwerking tussen besturen en met de gemeente. Dit in tegenstelling tot andere steden waar besturen nog meer elkaars concurrenten zijn. 3. Hoe kunnen we studenten verleiden te kiezen voor die opleidingen waar de vraag het hoogst is? Dit is een onderwerp in de Rotterdamse Onderwijs Agenda. Schoolloopbaanbegeleiding is een aandachtspunt vanaf het po. Deze inspanningen laten zien dat er meer studenten kiezen voor een mbo opleiding in de zorg en de techniek, maar het blijft een aandachtspunt. Er wordt aandacht gevraagd om anders te praten over de routes die
Blad: Datum:
6 7 september 2022
leerlingen kunnen kiezen. Het moet geen doel op zich zijn om alle leerlingen richting havo of vwo diploma te begeleiden. De commissie vraagt in dit kader om het mbo volgend jaar onderdeel te laten zijn van de introductieweek van nieuwe studenten. 4. Hoe kunnen de bestuurders en commissieleden met elkaar in gesprek blijven? Afgesproken wordt om elkaar te informeren of vragen te stellen waar dit helpend is. Dit kan per mail. Daarnaast zou een bijeenkomst als deze jaarlijks aan het begin van het schooljaar georganiseerd kunnen worden.