CConstaterende datRotterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

[22bb005424] Collegebrief over aanvulling ROER tbv herziening omgevingsvisie

Commissie Bouwen, Wonen en Buitenruimte (2022-2026) 14 september 2022, gemeente RotterdamBij agendapunt: Buitenruimte1.505 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Gemeente Rotterdam

Stadsontwikkeling Wethouder Zeegers Bezoekadres: De Rotterdam Wilhelminakade 179, Rotterdam Postadres: Postbus 70012 3000 KP Rotterdam Internet: www.rotterdam.nl Steller: Mieke van Leeuwen Telefoon: 0653762572 E-mail: m.vanleeuwen@rotterdam.nl

Aan de gemeenteraad

Uw kenmerk: Ons kenmerk: M2207-3874 22bo4895 Onderwerp: Aanvulling ROER tbv herziening omgevingsvisie

Datum: B&W 23 augustus 2022

Onderwerp: Uitwerking gebied Alexander-Zuidplein en Nota Reikwijdte en Detailniveau (NRD) Aanvulling Rotterdamse OmgevingsEffectRapportage (ROER) t.b.v. herziening omgevingsvisie.

Op welke gronden deze brief? /Waarom nu voorgelegd? In december 2021 is de omgevingsvisie Rotterdam 'De Veranderstad' vastgesteld. In de omgevingsvisie is de zone tussen Alexander en Zuid plein (A-Z) een van de gebieden waarvoor ook specifieke gebiedskeuzes zijn gemaakt. In dit gebied komt een groot aantal strategische opgaven bij elkaar. Hier landt een groot deel van de verstedelijkingsopgave van Rotterdam. De aanjagers hiervoor zijn een nieuwe hoogwaardige ov-verbinding, een nieuw station en een nieuwe oeververbinding. Zowel de uitwerking van de opgaven binnen de zone A-Z als de uitkomsten van de MIRTverkenning naar een nieuwe hoogwaardige ov-verbinding, een nieuw station en een nieuwe oeververbinding leiden tot een herziening van de omgevingsvisie Rotterdam. Om de herziening van de omgevingsvisie te onderbouwen is een actualisatie en aanvulling van het Rotterdamse OmgevingsEffectrapport (ROER) noodzakelijk. Het ROER - in formele zin een milieueffectrapport - is opgesteld ten behoeve van de omgevingsvisie. Met de aanvulling van het ROER wordt voor het gebied A-Z voldaan aan de wettelijke bepalingen over milieueffectrapportage (MER). Met deze brief wordt u geïnformeerd over de Notitie Reikwijdte en Detailniveau voor de actualisatie en aanvulling van het ROER van de omgevingsvisie en de verdere inhoudelijke uitwerking van deze gebiedskeuzes voor dit gebied.

Relatie met het coalitieakkoord/collegewerkprogramma/eerder aangenomen moties en gedane toezeggingen: Het coalitieakkoord benoemt de integrale opgave van mobiliteit en verstedelijking: "Een nieuwe oeververbinding die Zuidplein met Kralingse Zoom verbindt, is noodzakelijk. Daarmee kunnen we zorgen voor goede groei van onze stad met zo'n 30.000 extra woningen, in de binnenstad en aan de oostkant van de stad."

Blad:

2

Toelichting: Ontwikkelvisie A-Z Voor het gebied van Alexander tot Zuid plein wordt de koers van de omgevingsvisie gericht op "goede groei" geconcretiseerd. De ontwikkeling van A-Z moet leiden tot economische, sociale en ruimtelijke meerwaarde en tot een meer duurzame en veerkrachtige stad. In de omgevingsvisie Rotterdam is vastgelegd welk programma er binnen A-Z gerealiseerd moet worden. Concreet gaat het om: •

20.000 - 30.000 woningen in diverse woonmilieus en segmenten, voor alle doelgroepen;

•

Impuls in hoogwaardig openbaar vervoer is randvoorwaarde voor verdichting: nieuwbouw koppelen aan nieuwe oeververbinding;

•

Arbeidsplaatsen groeien mee met woningen, werklocaties ontwikkelen naar toekomstbestendige, gemengde gebieden;

• •

Goede voorzieningen voor aantrekkelijke, inclusieve stad; Onderwijs op alle niveaus, bereikbaar voor iedereen;

•

Versterken sportcirkel: behoud aanbod sportvelden in nabijheid, ontwikkelen richting sportcomplex van de toekomst;

•

Versterken groenstructuur en groene verbindingen;

•

Klimaatbestendig, circulair en energiezuinig als uitgangspunt, bijdragen aan transitie bestaande wijken.

De gebiedskeuzes beschreven in de omgevingsvisie geven de randvoorwaarden voor de verdere uitwerking mee. De ontwikkelvisie A-Z gaat een concretisering van de omgevingsvisie bevatten op de volgende onderdelen: •

Verdeling van het beoogde programma over de verschillende deelgebieden binnen het gebied A-Z(waar nodig nog met een bandbreedte), inclusief globale uitspraken over type woonmilieus en bijbehorende karakteristieken en dichtheden;

•

Raamwerk waarin condities voor de ontwikkeling van A-Zof deelgebieden worden benoemd en geadresseerd. Hierin komen alle ruimtelijk relevante thema's aan bod, zoals energie, water, recreatie, sport, ecologie, milieu, mobiliteit etc. • Ontwikkelstrategie en fasering op hoofdlijnen. In samenhang met het afwegingsproces richting voorkeursvariant voor de nieuwe oeververbinding en hoogwaardig openbaar vervoer Zuidplein-Kralingse Zoom werken we toe naar keuzes over bovenstaande onderdelen. Samenhang MIRT-verkenning nieuwe oeververbinding Parallel aan de uitwerking van de ambities voor het gebied A-Z werken we samen met het rijk, provincie Zuid-Holland en de metropoolregio Rotterdam Den Haag aan de MIRTverkenning Oeververbindingen regio Rotterdam (kortweg MIRT-verkenning). In deze MIRT-verkenning wordt een aantal bereikbaarheidsmaatregelen aan de oostkant van de regio verkend. Onderdeel van deze MIRT-verkenning is onderzoek naar een nieuwe, oostelijke oeververbinding in de stad, een permanent station bij Stadionpark en een hoogwaardig OV-verbinding tussen Kralingse Zoom en Zuidplein.

Blad:

3

De verstedelijking in het gebied A-Zen de MIRT-verkenning hebben veel met elkaar te maken; ze gaan over ontwikkelingen in hetzelfde gebied en ze zijn beide van invloed op bereikbaarheid, verstedelijking, mobiliteit en de omgevingskwaliteit. Er is sprake van directe onderlinge afhankelijkheid. Om de verstedelijkingsambities in het gebied A-Z mogelijk te maken is een impuls in de bereikbaarheid randvoorwaardelijk. Zonder bereikbaarheidsimpuls is het niet mogelijk om al het beoogde programma te realiseren. Tegelijkertijd zorgen extra woningen en arbeidsplaatsen in het gebied voor een groter draagvlak en grotere haalbaarheid van de OV-verbinding. Er is voor gekozen om de verstedelijking en de bereikbaarheidsopgave in twee parallelle, maar samenhangende projecten onder te brengen. Bij elk van deze projecten zijn andere overheden betrokken. Er worden verschillende procedures doorlopen. De inhoudelijke uitwerking gebeurt in samenhang. Beide projecten komen in de besluitvorming en ruimtelijke procedures bij elkaar. De ontwikkelvisie A-Zen de MIRTverkenning leiden in samenhang tot een partiële herziening van de omgevingsvisie Rotterdam. De vaststelling van deze herziening van de omgevingsvisie Rotterdam is daarmee het formele ruimtelijke plan besluit over zowel de MIRT-verkenning oeververbindingen regio Rotterdam als de uitwerking van de verstedelijkingsopgave in dit gebied.

Herziening omgevingsvisie en aanvulling ROER Om de herziening van de omgevingsvisie te onderbouwen is een actualisatie en aanvulling van het Rotterdamse OmgevingsEffectrapport (ROER) noodzakelijk. Het ROER - in formele zin een milieueffectrapport - is opgesteld ten behoeve van de omgevingsvisie. Met de aanvulling van het ROER wordt voor het gebied A-Z voldaan aan de wettelijke bepalingen over milieueffectrapportage (MER). De Aanvulling ROER levert informatie over de omgevingseffecten van de ontwikkelmodellen en is daarmee input voor de te maken keuzes in de ontwikkelvisie. De eerste stap in de MER-procedure voor de herziening van de omgevingsvisie is het publiceren van deze Notitie Reikwijdte en Detailniveau (NRD). In deze NRD is beschreven hoe de aanvulling van het ROER voor het gebied A-Z wordt aangepakt: wat wordt onderzocht en op welke manier en met welk detailniveau wordt het onderzoek uitgevoerd. Deze NRD wordt gebruikt voor inspraak en advies. Dat betekent dat iedereen een reactie kan geven over de reikwijdte en het detailniveau van het onderzoek dat voor de aanvulling van het ROER (kortweg Aanvulling ROER) wordt uitgevoerd. De NRD wordt ook gebruikt om advies te vragen, onder andere van de commissie voor de milieueffectrapportage.

In de Aanvulling ROER worden twee mogelijke modellen beschreven, op basis waarvan 'alternatieven' ten behoeve van het ROER worden samengesteld. Deze alternatieven worden onderzocht op hun omgevingseffecten. De belangrijkste variabelen in de samenstelling van deze alternatieven zijn: Varianten voor de oeververbinding en hoogwaardig OV; Verdeling van het ruimtelijke programma (wonen, werken, etc) binnen A-Z; Omvang van het programma en type woonmilieus per deelgebied; Pakket aan randvoorwaardelijke investeringen op het gebied van onder andere bereikbaarheid.

Blad:

4

Deze modellen zijn het afgelopen jaar benut in het lopende proces om te komen tot een ontwikkelvisie voor A-Zen zijn reeds gedeeld met betrokkenen in het lopende omgevingsproces. In het lopende proces om te komen tot een ontwikkelvisie voor A-Z benutten we deze modellen in het gesprek met de omgeving over voor- en nadelen, kansen en bedreigingen. In het proces om te komen tot een Aanvulling ROER liggen deze modellen aan de basis van de te onderzoeken alternatieven. Het plan proces, het gesprek met de omgeving en de resultaten van het ROER leiden tot een voorkeursvariant. De ingrediënten van deze twee modellen kunnen worden benut om tot deze voorkeursvariant te komen. Deze voorkeursvariant wordt in samenhang met de keuzes gemaakt in de MIRT-verkenning uiteindelijk vastgelegd in de partiele herziening van de omgevingsvisie die door uw raad wordt vastgesteld. De volledige NRD vindt u als bijlage bij deze brief. Planning Zowel de MIRT-verkenning als de uitwerking van het gebied A-Z werken toe naar een bestuurlijk (principe)besluit over een voorkeursvariant in het Bestuurlijk Overleg van november dit jaar. Vervolgens wordt in de maanden december tot en met maart 2023 het principebesluit over de oeververbinding, OV-verbinding en verstedelijking vertaald naar een herziening van de omgevingsvisie.

Een ontwerp-omgevingsvisie kan naar verwachting eind le kwartaal 2023 door het college worden vastgesteld. Vervolgens volgt een zienswijzen procedure en aansluitend vaststelling door de gemeenteraad.

Financiële en juridische consequenties/aspecten: Er zijn geen financiële consequenties. Op grond van de Wet milieubeheer moet voor de Omgevingsvisie Rotterdam een milieueffectrapport (planMER) worden opgesteld, omdat de visie richtinggevende kaders geeft voor toekomstige m.e.r.-(beoordelings)plichtige activiteiten. Voor de eerste Rotterdamse omgevingsvisie is hiertoe een Rotterdamse Omgevingseffectrapportage (ROER) opgesteld. De herziening van de omgevingsvisie vergt een aanvulling op dit ROER om de effecten van deze herziening te betrekken bij de besluitvorming hierover. Met het vrijgeven van deze Notitie Reikwijdte en Detailniveau voor consultatie wordt invulling gegeven aan de eerste wettelijk verplichte stap in de voorbereiding van het ROER op van paragraaf 7.4 uit de Wet milieubeheer. Burgemeester en wethouders van Rotterdam,

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=RotterdamRaad&id=404b1c45-b617-45ee-81c2-e4e43d0438ac