CConstaterende datRotterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

[22bb005066] Bijlage behorende bij 22bb5034 over Impact 2 jaar corona op kernvakken leerjaar 6-8

Commissie Werk & Inkomen, Onderwijs, Samenleven, Schuldhulpverlening & Armoedebestrijding, NPRZ 24 augustus 2022, gemeente RotterdamBij agendapunt: Onderwijs3.386 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Impact 2 jaar corona op kernvakken leerjaar 6-8 Veerkracht 010 - wat is nodig voor duurzame versterking kansengelijkheid?

Kansrijke uitstroom lijkt geborgd, dankzij krachtig gemiddeld herstel. Wat is nu al te leren over veerkracht?

Eindrapportage mei 2022 Analyse o.b.v. 65X van Rotterdamse scholen, “010” (BOOR, RVKO enJ^Bb)

UNIEK

1

Agenda Samenvatting A.

Context å theoretisch kader

B.

Onderzoeksvraag en analysekader

C.

Totaalbeeld voor 010: in hoeverre is er nog leervertraging

D.

Veerkracht en link met twee externe factoren

Appendix

Samenvatting. Met complexere populatie vgl. bij NL laat 010* sterker herstel zien. Objectiverende studie voedt inzicht en besluitvorming voor besturen Context: impact meten van pandemie helpt bij gericht herstel en biedt uniek inzicht in veerkracht 1. Gericht herstel vergt focus; waar is leervertraging nog het grootst? Analyse steunt kansrijke uitstroom 2. Veerkracht is basis voor duurzame kwaliteit; met sterke focus kunnen achterstanden worden ingelopen 3. Drie R’damse besturen benutten analyse om met elkaar in gesprek te gaan en van/met elkaar te leren

Analyse (o.b.v. ~65Vo scholen R’dam) kernvakken, leerjaar 6-8: gemiddeld is 010 hersteld, meer dan NL 4.

Scholen wisten onder moeilijke omstandigheden potentiële achterstand voor flink deel in te lopen

5.

Spelling scoort veel beter dan 2 jaar terug, net voor de corona-pandemie. Ook lezen en rekenen hersteld

6.

Leerjaar 6 nog iets vertraagd; leerjaar 8 scoort hoger dan pré-corona. Gem. is 010 meer hersteld dan NL

Schoolverschillen zijn groot, hoewel alle geraakt door zelfde ‘storm’. Externe factoren als verklaring? 7. In 2 jaar pandemie is verschil tussen scholen opgelopen tot bijna 1 jaar (half jaar vóór vs. halfjaar achter) 8. Dit lijkt erop te duiden dat veerkracht van school tot school verschilt. Aan welke factoren kan dit liggen? 9. Analyse aan de hand van 2 externe factoren (schoolweging, NPRZ/CZ) toont steeds eenzelfde spreiding * “010” verwijst in deze studie naar de 110 betrokken scholen (leerjaar 6-8, kernvakken). “Rotterdam:” verwijst naar alle PO-scholen in de stad

LEERUNIEK

3

Agenda Samenvatting A.

Context å theoretisch kader

B.

Onderzoeksvraag en analysekader

C.

Totaalbeeld voor 010: in hoeverre is er nog leervertraging

D.

Veerkracht en link met twee externe factoren

Appendix

Aanleiding. Crisis vraagt om gerichte actie o.b.v. analyse. Met 2e studie rich­ ten 3 R'damse besturen zich samen op duurzame kwaliteit na de pandemie Crisis vraagt om gerichte actie o.b.v. feiten

Studies door 3 besturen R’dam

2 jaar pandemie had diepe impact op heel het PO* 3 besturen streven ernaar om, net als voorheen, juist die steun te geven die past bij elke school en context Echter, recent besturenbreed beeld van impact corona ontbrak. Hoe sterk is herstel, hoe groot verschillen? Zorg: ontbreken van beeld bemoeilijkt duurzaam her­ stel en geeft extra risico als corona toch weer opspeelt

RVK kwaliteit in enderwijs

5^ Najaar 2021 deelden 3 besturen samen Impact kan groot zijn op kansenongelijkheid nu, en op al de studie naar impact 1 jaar corona

nieuwe beleidshorizon (gemeente R’dam, Rutte IV) Besturen analyseren samen impact 2 jaar pandemie voor focus bij herstel en extra inzicht in veerkracht

5^ Nadien waren er zowel updates als verdiepende studies naar impact corona 5^ Dit is totaalbeeld van leervertraging en -herstel per feb ‘22, na 2 jaar pandemie LEERUNİEK

5

2 niveaus. Naast (1) initiële doel: borgen herstel t.b.v. kansrijke uitstroom blijkt analyse ook (2) extra waarde te hebben: inzicht in veerkracht 1. Initiële doel: herstel Å kansrijke uitstroom

l. Extra waarde: inzicht in veerkracht

^

5^

Versnellen van herstel m.n. inz. uitstroom o o

^

Oriëntatie: status kernvakken Focus: weten waar extra aandacht nodig is

Voorbereid zijn op evt. terugslag o o

Vinger aan de pols voor bovenbouw Weten welke scholen kwetsbaar zijn

OK staat voor onderwijskwaliteit

Weten waar nu veerkracht zichtbaar was o o

5^

Bij heel specifieke groepen/vakken Bij scholen met bepaalde kenmerken

Veerkracht elders kunnen versterken o o

Mechanismen veerkracht beter begrijpen Onderzoeken hoe deze elders te vergroten

6

Agenda Samenvatting A.

Context å theoretisch kader

B.

Onderzoeksvraag en analysekader

C.

Totaalbeeld voor 010: in hoeverre is er nog leervertraging

D.

Veerkracht en link met twee externe factoren

Appendix

Scope. Focus ligt op bovenbouw en kernvakken. Daarnaast specifieke doorsneden voor 3 besturen samen. -6596 van R’damse scholen in analyse Scope van huidige analyse M22

Deliverables

Centrale vraag: wat is impact van 2 jaar corona op leeropbrengsten van PCBO, BOOR en RVKO

Analyse: ^ Impact- en herstelanalyse M22

Data: halfjaarlijkse volgtoetsen van Cito

Doorsnedes: ^ Per vak en leerjaar (bovenbouw)

^ Vakken: rekenen, begrijpend lezen en spelling Leerlingen: huidige leerjaren 6,7 en 8

^ Per schoolweging

^ Aantal scholen in analyse: 11011

5^ NPRZ- en CZ-scholen

^ Verder: algemene observaties over kwaliteit en specifiek suggesties voor evt. vervolgonderzoek

^ Extra: analyse spreiding schoolverschillen

Vergelijking met landelijk Voor duiding in context worden ook de scores van Nederlandse benchmark getoond 1) Alleen R’damse scholen van PCBO, BOOR en RVKO die Cito-toetsen afnamen werden meegenomen in de analyse. 110 is ongeveer 6596 van alle Rotterdamse basisscholen. Dit is redelijk representatief (zie bijlage)

mrf d Leerkracht

LEERUNIEK

Analysekader. Laatste toets pre-corona (M20) nemen we als nulpunt. Lijn zou bij ‘gewone groei' horizontaal zijn. Lijn cO betekent: vertraging t.o.v. M20 Uitgangspunten analysekader *

Volgen vertraging/herstel tijdens corona

*

Leerlingen met zichzelf vergelijken

*

Bovenbouw tonen die snel uitstroomt naar VO

Verschilanalyse: relatieve niveau t.o.v. pré-corona Bestuur X tot E21

Na M22 (nog hypothetisch)

1

Hoe te lezen *

Eenheid y-as is percentielscore. -1 of +1 staat gelijk aan ~3 weken leervertraging of-versnelling

*

Laatste toets pre-corona (M20) is nulpunt

*

Kruist lijn weer de x-as dan is vertraging ingelopen: niveau is terug opdat van pre-corona

M------------ O

Trendgrafiek: steeds vergelijking met M20

M--------------------- O M---------------------------------- O M------------------------------------

O ----O LEERUNİEK

9

Leeswijzer. Trend grafiek toont trend sinds M20, de laatste toets pre-corona. Impactgrafiek toont verschil tussen O-punt en nu, incl. meetonzekerheid Trendgrafiek M20 t/m M22

Impactgrafiek M22 Y-as: 1 procentpunt is ~ 3 weken leervertraging («0) of versnelling (X3).1*

Lengte van Staart afhankelijk van n (aantal) en spreiding in onderliggende data

Fictief voorbeeld

-3-

—4

M20

^ ^ ^

E20-M20

M21-M20

E21-M20

Fictief voorbeeld

M22-M20

Elke lijn is zelfde groep leerlingen vanaf M20 Toont elke doorsnede vanaf “nulpunt” M20 Laat daarna verloop van M20 tot M22 zien

^ ^ ^

Vergelijkt groep leerlingen met zichzelf op M20 Zet datapunten impact M22 op een rij Laat met “staart” confidence interval zien

10

Descriptief. Resultaten zijn descriptief van aard en kijken enkel naar meet­ bare impact corona. Evaluatie in context is essentieel voor bredere plaatje Hoe resultaten wel (en niet) te lezen ^

Statistische analyse (leervertraging en -herstel) gedurende 1 jaar na begin corona o

^

Focus op 'meetbare' ontwikkeling; vakken rekenen, spelling en begrijpend lezen o

^

Niet: wat is absolute niveau van PO in 010

Niet: hoe is het met welzijn, of met de sociaal emotionele (‘merkbare’) ontwikkeling

Descriptief, op geaggregeerd niveau, voor 110 scholen en enkele extra doorsneden o

Niet: verklarend, wat zijn de mechanismen

LEERUNIEK

11

Agenda Samenvatting A.

Context å theoretisch kader

B.

Onderzoeksvraag en analysekader

C.

Totaalbeeld voor 010: in hoeverre is er nog leervertraging

D.

Veerkracht en link met twee externe factoren

Appendix

Analyse OIO en NL1} - Net als heel NL heeft OIO naar M22 stijgende lijn, en stijgt zelfs sterker. OIO weer boven nul-lijn: gemiddeld volledig herstel Trendanalyse OIO en NL

Impactanalyse OIO en NL

E20 t/m M22 vergeleken met M20

M22 vergeleken met M20 1.0-1

0.5-

t

010

NL

0.0-

-0.5-

-0.5-

1 0-

1 0-

- .

- .

-1.5-

-1.5-

-2 0-

-2 0

-2.5-

-2.5

-3.0 J

E20-M20

M21-M20

E21-M20

M22-M20

-3.0 J

010

NL

1) In algemene scores (totaalscores, zonder verdere uitsplitsing) wordt het gemiddelde berekend van de (historische) resultaten voor de huidige leerjaren 6, 7 en 8 en de vakken rekenen, spelling en begrijpend lezen.

LEERUNIEK

13

Analyse per vak - Spelling vertraagde amper tijdens pandemie. Rekenen en Lezen zijn na sterk herstel dit schooljaar gem. op niveau van pré-corona Trendanalyse vakken PW, SP en BL

Impactanalyse vakken RW, SP en BL

E20 t/m M22 vergeleken met M20

M22 vergeleken met M20 010 RW SP BL

E20-M20

M21-M20

E21-M20

M22-M20

LEERUNIEK

14

Analyse per leerjaar - Herstel leerjaar 6 stagneert; Leerjaar 7 weer ruim op niveau van pré-corona. Leerjaar 8 meer dan hersteld Trendanalyse huidige leerjaren 6, 7 en 8

Impactanalyse huidige leerjaren 6, 7 en 8

E20 t/m M22 vergeleken met M20

M22 vergeleken met M20 3-t

t 2-

010 6 7 8

I

2-

-

-3-

-4 J E20-M20

M21-M20

E21-M20

M22-M2Ũ

010

6

8 LEERUNIEK

15

OIO vs. NL: Op kernvakken (m.n. spelling) herstelt 010 sterker dan NL Bij leerjaren valt vooral 010-herstel leerjaar 8 op; leerjaar 6 blijft meest achter Impactanalyse vakken 010 en NL M22 vergeleken met M20

Impactanalyse leerjaren 010 en NL « oio m * «

NL RW RW - NL SP SP - NL

M22 vergeleken met M20

010

NL 6

6-NL 7 7-NL 8

BL- NL

8-NL

LEERUNIEK

16

Agenda Samenvatting A.

Context å theoretisch kader

B.

Onderzoeksvraag en analysekader

C.

Totaalbeeld voor 010: in hoeverre is er nog leervertraging

D.

Veerkracht en link met twee externe factoren

Appendix

Verschíllen. Gem. herstel t.o.v. eigen O-punt (M20) is krachtig, maar sprei­ ding is groot: na 2 jaar Corona van 25 weken achterstand en tot wel 30 vóór Impact M22 per school - Totaalscore gerangschikt naar mate van impact van 2 jaar pandemie

Zo’n Vâ van de scholen toont nog lichte (~6 weken) tot zeer sterke ^5 weken leervertraging.

Ruim V3 van de scholen toont toont lichte vertraging (~6 weken) tot goed zichtbare versnelling (~8 weken)

Zo’n V3 van de scholen toont duidelijk zichtbare (~8 weken) tot zelfs zeer significante (»30 weken) versnelling

18

Stabiliteit verschíllen. Bij M21 nam spreiding af, maar na 2jaar pandemie name deze toch weer toe

Standaarddeviatie van schoolgemiddelden

Toelichting bij grafiek

In percentielpunten, E20 t/m M22, 010 vs. NL

Grafiek geeft de spreiding tussen scholen op 4 meetmomenten (E20 tot M22), steeds vgl. met meetmoment M20 (laatste toets voor corona)

A

010

A

NL

Vorige slide toont die spreiding op M22 Hoe hoger de standaarddeviatie, hoe groter de schoolverschillen. Toelichting nummers:

0

E20-M20

M21-M20

E21-M20

1

Na le lockdown (E20) waren verschillen vooral in Rotterdam zeer groot (groter dan in rest van NL)

2

Na 1 jaar (M21) waren schoolverschillen met name in Rotterdam aanzienlijk geslonken

3

Nu, na 2 jaar, lopen verschillen weer op, zowel in Rotterdam als (nog iets sterker) in de rest van NL

M22-M20

19

Veerkrachtanalyse. Ook herstelvermogen kan instabiel zijn. Rood: na 1 jaar vóór, maar na 2 jaar weer achter. Groen: eerst vertraging, nu juist versnelling Ook veerkracht variabel: Impact per school niet stabiel gedurende twee jaar pandemie Blauwe lijn: Er is correlatie tussen herstel­ vermogen van scholen na jaar 1 (M21, horizon­ tale as) en na jaar 2 (M22, verticale as) •« i

Echter, er zijn scholen die op M21 hersteld en op M22 toch weer vertraagd waren (rood). Omgekeerd kan ook: vertraagde scholen die op M22 juist weer herstel lieten zien (groen). Dus: het is niet evident dat herstel in jaar 1 ook automatisch betekent dat dat in jaar 2 ook lukt (of andersom) 10.0 1

-

10.0

-

M21-M20

LEERUNIEK

20

Verschillen verklaren helpt om gericht te kunnen werken aan veerkracht. Studie laat zien hoe verklarend twee externe factoren wel/niet lijken te zijn

Zíjn er verklaringen voor verschil? ^

Scholen verschillen in veerkracht

^

Om verschillen te verklaren zijn mogelijk (externe) factoren aan te wijzen

^

In deze studie zijn twee factoren onderzocht: o o

Schoolweging Nationaal Programma Rotterdam-Zuid Å Childrens’ Zone (NPRZ/CZ)

21

Hoofdstuk D: Bevindingen M22 Doorsnedes 1. Schoolweging 2. NPRZ&CZ

Schoolwegíng. 010 kent relatief veel hoge schoolwegingen (gem. 33,7), dus complexere schoolpopulaties. Voor analyse 5 clusters van schoolweging Maat voor complexiteit populatie

Analyse: Indeling in clusters

Schoolweging (SW) is maat voor complexiteit van schoolpopulatie. Hogere SW is meer complex.

Doorsnede analyseert verschil scholen met lage en hoge SW.

010 heeft relatief veel scholen met hoge SW

Voor analyse SW’s opgedeeld in 5 clusters. 010 heeft deze aantallen scholen per cluster

Nederland

1 2 3 4 5

< 23 23-26 27-32 33-36 ^37

3 12 19 42 34

Schoolwegingen worden naar beneden afgerond. Schoolweging 26,9 valt dus in cluster {23-26} NB Met 3 scholen is het cluster ^3 te weinig gevuld om conclusies aan te kunnen verbinden 20

25

30

35

40

Verdeling schoolweginen 010 vgl. met NL. Bron: CBS-tabellen; Afronding naar beneden (volgt Inspectie-tabellen). Gemiddelde 010 is 33,7 (NL: 30)

LEERUNİEK

23

Per schoolwegíng (SW). Alle clusters herstellen vanaf E21 tot M22 en boven nul. Cluster 23-26 heeft dip op E21 omgezet in sterk herstel Trendanalyse 5 wegingsclusters

Impactanalyse 5 wegingsclusters

E20 t/m M22 vergeleken met M20

M22 vergeleken met M20 3-t

m

oio

<23 23-26 2-

«

27-32

«

33-36

«

>=37

-1 -

2-

-

-3-

-4 J E20-M20

M21-M20

E21-M20

M22-M20 schoolweging # scholen

010

^3

23-26

27-32

33-36

^37

33,7 110

21,0 3

24,6 12

30,5 19

34,7 42

38,4 34

LEERUNİEK

24

Spreiding schoolweging - Elk cluster vergelijkbaar spreidingspatroon, clusters 23-26 en 33-36 lijken iets minder extremen ( + en -) te hebben Impact M22 per school - Totaalscore binnen SW-cluster gerangschikt naar mate van impact

10-

23-26

-

m -15 J

«

27-32 33-36

m

^37

25

Hoofdstuk D: Bevindingen M22 Doorsnedes 1. Schoolweging 2. NPRZ&CZ

NPPZ en CZ - Uitsplitsen van NPRZ- en Children Zone-scholen geeft een beeld van de impact en effecten bij de NPRZ- en CZ-scholen Uitsplitsing van NPRZ en CZ-scholen binnen 010 NB: aantallen zijn die van de geanalyseerde scholen in de dataset

In totaal analyseerden we 110 reguliere scholen van 010

A.

72 van de geanalyseerde 010-scholen zijn “niet NPRZ-scholen"

38 van de geanalyseerde 010-scholen vallen onder NPRZ 19 van de geanalyseerde NPRZ-scholen vallen niet binnen de CZ

19 van de geanalyseerde NPRZ-scholen maken maken ook deel uit van Children Zone (CZ) LEERUNİEK

27

NPPZ en CZ. Zowel CZ, NPRZ als andere scholen stijgen van E21 naar M22, NPRZ-niet-CZ het minst. Alle groepen nu op of boven de nullijn Trendanalyse NPPZ- en CZ-scholen

Impactanalyse NPRZ- en CZ-scholen

E20 t/m M22 vergeleken met M20

M22 vergeleken met M20

E20-M20

M21-M20

E21-M20

M22-M20 schoolweging # scholen

33,7 110

Niet-NPRZ

NPRZ-Niet-CZ

30,7 72

35,1 19

0

010

0

Niet-NPRZ NPRZ-Niet-CZ

*

CZ

36,6 19

LEERUNİEK

28

Spreiding NPPZ en CZ - De spreiding van de CZ-scholen lijkt m.n. aan de onderkant (maar ook bovenkant) groter dan bij NPRZ en andere scholen Impact M22 per school - Totaalscore per (niet-jNPRZ/CZ gerangschikt naar mate van impact 15

10

-10 »

010 Niet-NPRZ

-15

«

NPRZ-Niet-CZ

29

Agenda Samenvatting A.

Context å sa menvatting

B.

Onderzoeksvraag en analysekader

C.

Totaalbeeld voor 010: in hoeverre is er nog leervertraging

D.

Veerkracht en link met twee externe factoren

Appendix 1) 2)

Scholen 010 - Rotterdam Uitleg percentielpunten, trendgrafiek en impactgrafiek

* Scholen 010 - Rotterdam * Uitleg percentielpunten, impactgrafiek en trendgrafiek

UNIEK

31

‘OIO’ — Rotterdam? Gezien omvang en opzet van studie geeft deze een redelijk beeld van hele stad. Lage wegingen zijn ondervertegenwoordigd Wat ‘010’ een behoorlijk goede afspiegeling maakt van héél het PO in Rotterdam

Beschrijving van sample (110 scholen) van 3 besturen, vgl. met alle 168 in heel R’dam

Van de in totaal 168 R’damse scholen1' zitten 110 in de analyse. Dit is -6596

Alle scholen in R'dam

Scholen in analyse zijn alle reguliere po-scholen van PCBO, RVKO en BOOR met Citodata op M20 en M222) In hogere SW-cluster steeds zo’n 7096 vertegenwoordigd in de sample; Bij lagere clusters wordt dat minder Met 6596 van de scholen en een verdeling die vrij goed schoolweging volgt (maar gem. iets hoger is) is 010-sample een redelijke afspiegeling van heel Rotterdam

«23

23-26

27-32

33-36

^37

Schoolweging 1) Bron DUO. 2) In de vorige 010-analyse zaten nog 125 scholen. Reden dat minder scholen deel uitmaken van deze analyse is de overstap naar andere toetsaanbieders, waardoor de analysetechniek niet meer toepasbaar was. 3) Analyses zijn gedaan o.b.v. onomkeerbaar geanonimiseerde data. Leerling, noch leraar, school of bestuur zijn herkenbaar

LEERUNÎEK

32

* Scholen 010 - Rotterdam * Uitleg percentielpunten, impactgrafiek en trendgrafiek

UNIEK

33

Methodiek. Met Oxford ontwikkelde Leeruniek speciale differentiaalanalyse, ook overgenomen door NCO. Meest gepaste meeteeneid: percentielpunten Wat is differentiaal-analyse?

Wat zijn percentielscores I -punten

* We vergelijken de percentielscore van elke leerling met zijn/haar score op M20, de laatste toets vóór corona. De berekening is:ToetsX -Toets M20

* Percentielen verdelen het aantal toetsscores in de populatie in 100 gelijke delen. Eens in de zoveel jaar stelt Cito de normen en daarmee de normscores vast

* We vergelijken dus leerlingen met zichzelf. Enkel scores van hen die beide toetsen deden tellen mee * We nemen dus niet simpelweg per toetsmoment het gemiddelde van alle leerlingen, om vervolgens die gemiddelden per toetsmoment te vergelijken * Deze ’differentiaal-analyse’ (vgl. met jaar daarvoor per leerling) is wetenschappelijk het meest zuiver.

* Een toetsscore met percentielpunt 58 geeft aan dat 5896 van de scores in de populatie lager ligt dan deze score, en 4296 van de scores juist hoger ligt * Per leerling per toetsmoment is dus de ‘score’ vast te leggen als percentielpunt. Bijvoorbeeld 58. * Doordat Cito de norm voor meerdere járen vaststelt kan het dus zijn dat de gemiddelde score van ‘heel NL’ op een bepaald toetsmoment niet precies 5096 is maar net boven of juist onder 50e percentielpunt ligt

* Leeruniek ontwikkelde analyse samen met Oxford. Zij publiceerden hierover in het internationale toptijdschrift PNAS. Het NCO nam deze methodiek * Online treft u uitgebreide beschrijving methodiek11 later over voor o.m. de factsheets.

1) Voor de wetenschappelijke technische bijlage (66 pagina’s) bij de Oxford methodiek, zie link.

2) Originele publicatie in Proceedings of National Academy of Sciences (PNAS) zie hier. Prof. Herman v/d Werfhorst schreef een review (ook in PNAS) waarin hij uitlegt waarom deze unieke corona-studie mogelijk was in NL zie hier.

34

Trendgrafíek M20 tot M22 - grafiek laat de impact en herstel zien sinds meetmoment M20 (nulpunt) tot en met meetmoment M22 Uitleg trendgrafiek Trend vanaf M20 (pré-corona) *

* *

Voor heel 010 en verschillende doorsnedes wordt de impact van corona getoond op de meetmomenten E20, M21, E21 en M22 De interpretatie is dat het meetmoment steeds wordt vergeleken met M20 (pré-corona) Hoe meer “onder nul” hoe groter de impact nog is; Boven nul betekent dat impact corona is hersteld

Duiding: 1 punt ~ 3 weken vertraging/versnelling *

Eén percentielpunt staat gelijk aan ongeveer 3 weken leervertraging of leerversnelling11

-2

-3-

Geen betrouwbaarheidsintervallen meer * *

Voor de leesbaarheid van de grafiek worden geen betrouwbaarheidsintervallen getoond De betrouwbaarheidsintervallen van meetmoment M22 (zie impactgrafiek) geven een indicatie voor de overige meetmomenten.

Fictief voorbeeld -4 J M20

E20-M20

M21-M20

E21-M20

M22-M20

LEERUNIEK

35

Impactgrafíek M22 - grafiek laat de impact van corona zien op M22 ten opzichte van M20 en geeft inzicht in betrouwbaarheidsinterval Uitleg impactgrafiek M22 Impact *

*

Voor heel 010, voor de verschillende doorsnedes en voor alle scholen op een rij wordt de impact van corona op meetmoment M22 t.o.v. M20 (pré-corona) getoond. Hoe meer “onder nul” hoe groter de impact nog is; boven nul geeft aan dat de impact is hersteld

2

ļ

Betrouwbaarheidsinterval * *

* * * *

De verticale lijn toont het betrouwbaarheidsinterval Dit is een statistische methode om te laten zien binnen welk interval een meetpunt (zoals het gemiddelde) beweegt. (Bijv. als je precies zelfde meting weer zou doen) Er is 9596 kans dat dit interval het ‘echte’ gemiddelde bevat Deze marge wordt beïnvloed door het aantal metingen en de variatie binnen een meetpunt Variatie ontstaat deels door toeval Kijken naar het betrouwbaarheidsinterval helpt om verschillen te kunnen duiden. Is een effect “echt” of moge lijk veroorzaakt door toeval?

-1-

'3' Fictief voorbeeld

LEERUNIEK

36

Learning Analytics Het verhaal achter de cijfers

LEERUNIEK E.lnfo@leeruniek.nl - 1+31)020-2615284

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=RotterdamRaad&id=c62f811d-44cb-4a71-b783-97454de2b077