CConstaterende datRotterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

[22bb005052] Collegebrief over Onderzoeksrapport - Mannensekswerk in Rotterdam

Commissie Zorg, Welzijn, Cultuur en Sport (2022 - 2026) 21 december 2022, gemeente RotterdamBij agendapunt: Uitkomsten onderzoeksrapport jonge mannelijke sekswerkers2.218 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Maatschappelijke Ontwikkeling Zorg, Ouderen en Jeugdzorg M.J.W. Struijvenberg Van: Danielle Teeuwen Telefoon: 06-28949141 E-mail: bbo@rotterdam.nl Ons kenmerk: M2206-1425

Aan de gemeenteraad

22bo4525

Onderwerp: Onderzoeksrapport Mannensekswerk in Rotterdam Datum: B&W 12 juli 2022

Op welke gronden deze brief? / Waarom nu voorgelegd? In mei 2018 heeft de raad het college gevraagd een onderzoek te doen naar mannensekswerk in Rotterdam, naar aanleiding van het rapport ‘Jongensprostitutie in beeld1’. De relatieve onbekendheid van mannelijk sekswerk bij overheid en hulpverlening werd benoemd als een reden om meer inzicht te willen krijgen, evenals de specifieke kwetsbaarheden, waar deze groep mogelijk mee te maken zou hebben. Het college heeft dit verzoek geaccepteerd om vervolgens een onderzoek naar de aard, omvang en werkwijze van mannelijke sekswerkers in Rotterdam te laten uitvoeren door het expertisecentrum Seksualiteit, Sekswerk en Mensenhandel (ESSM) van Humanitas, in samenwerking met de Hogeschool van Amsterdam. Zie ook de brief aan uw raad van wethouder De Langen, d.d. 06/11/2018 (18bb8976, p.3). Humanitas ESSM heeft in de periode oktober 2019 t/m mei 2021 dit onderzoek uitgevoerd (datacollectie: oktober 2019 - januari 2021). Koppeling onderzoek mannensekswerk en mannenontmoetingsplekken De burgemeester heeft eerder in de commissie ZOCS toegezegd, indien gewenst, een expertmeeting te houden over de wensbaarheid en tolerantie van mannenontmoetingsplekken in de openbare ruimte en over eventuele signalen van (jongens)prostitutie. Initieel was besloten om de expertmeeting te koppelen aan de inhoudelijke behandeling van het onderzoek mannensekswerk.

Inmiddels is de expertmeeting nog niet gehouden, het is aan uw raad of deze op dit moment nog gewenst is. Hierbij zenden wij u alsnog het onderzoeksrapport Pays*x 010. Mannelijke sekswerkers in Rotterdam[1]. Onze excuses dat dit niet eerder gebeurd is. Wat volgt is (1) een samenvatting van het uitgevoerde onderzoek inclusief de kwetsbaarheden van de mannelijke sekswerkers die zijn voortgekomen uit het onderzoek; (2) een korte schets van de actualiteit van het rapport, een jaar nadat dit is afgerond en de acties die sinds het uitkomen van het rapport zijn ondernomen en (3) een voorstel voor vervolgonderzoek.

1

Jongensprostitutie in beeld – projectrapportage 2015-2017, Expertisecentrum Mensenhandel & (jeugd)Prostitutie, april 2018 [1] Pays*x010 – Mannelijke sekswerkers in Rotterdam, ESSM Humanitas, mei 2021

Blad: Datum: Ons kenmerk:

2 12 juli 2022 M2206-1425

Relatie met het coalitieakkoord/collegewerkprogramma/eerder aangenomen moties en gedane toezeggingen:  Nota Prostitutie en Seksbranche Rotterdam, 2015  Veilig@Rotterdam, 2018-2023  18bb8976 – Afdoeningsvoorstel De Langen, Commissie Zorg, Onderwijs, Cultuur en Sport, d.d. 02/11/2018  21bb13546 – Afdoeningsvoorstel Karremans, Commissie Veiligheid en Bestuur, d.d. 29/10/2021  21bb013940 – Afdoeningsvoorstel Burgemeester, Commissie Veiligheid en Bestuur, d.d. 08/11/2021. Toelichting: Samenvatting onderzoek Doel, methoden en beperkingen: De doelstellingen van het onderzoek waren om meer kennis en inzicht te vergaren over (1) de aard en omvang van sekswerk door jongens en mannen in Rotterdam; (2) de kenmerken en kwetsbaarheden van deze groep; (3) de behoeften aangaande ondersteuning en hulpverlening en; (4) de mate van aansluiting van het huidige aanbod van hulp en autoriteiten. Het uiteindelijke doel was om deze groep sekswerkers beter te leren kennen en de hulpverlening beter te laten aansluiten op de behoeften. Het onderzoek heeft gebruik gemaakt van kwantitatieve en kwalitatieve methoden, met als belangrijk onderdeel de diepte-interviews met mannelijke sekswerkers (20 respondenten). Daarnaast is gebruik gemaakt van dossieronderzoek; online en offline veldwerk (386 profielen) en er zijn focusgroepen gefaciliteerd met interviewrespondenten (9).

Een beperking in het uitgevoerde onderzoek is het aantal respondenten (twintig diepteinterviews) waardoor de onderzoeksresultaten in mindere mate generaliseerbaar zijn. Ook dient rekening te worden gehouden met een zekere terughoudendheid van de respondenten in hun antwoorden. Uitkomsten en aanbevelingen: Hoewel een van de doelstellingen was om meer inzicht te krijgen in de omvang van mannelijk sekswerk in Rotterdam, blijft het aantal mannelijke sekswerkers moeilijk in te schatten. Over de omvang wordt in het rapport dan ook geen uitspraak gedaan. Dat de omvang van mannensekswerk erg moeilijk (of zelfs niet) is te bepalen, is in overeenkomst met andere onderzoeksresultaten die in dit kader in Nederland zijn uitgevoerd. Wel is naar voren gekomen dat de diversiteit onder mannelijke sekswerkers -onder andere wat betreft omstandigheden en de motivatie om sekswerk te doen- groot is. Uit het onderzoek komt ook naar voren dat sommigen mannelijke sekswerkers al op jonge leeftijd starten met sekswerk. Aanbod en matching vinden veelal plaats via gespecialiseerde websites, dating platforms en sociale media. Bijna alle mannelijke sekswerkers werken onvergund. Gemeentelijke regelingen worden door hen als verwarrend ervaren. Er is ook niet altijd de wens om het werk te formaliseren, bijvoorbeeld omdat ze het als iets tijdelijks beschouwen.

De respondenten gaven aan verschillende positieve effecten te hebben van het sekswerk. Onder andere financiële onafhankelijkheid, flexibiliteit in hun werk en een gevoel van eigenwaarde. Het voornaamste negatieve effect dat werd benoemd is het sociale en maatschappelijke stigma waar zij als beroepsgroep onder lijden; de gevoelens van angst die dit met zich meebrengt en de gevaarlijke situaties die hieruit kunnen voortkomen. Klanten kunnen veeleisend zijn en gemaakte afspraken niet nakomen. Het vragen van hulp bij autoriteiten (politie) of hulpverlenende organisaties gebeurt zelden. Bij gewelddadige incidenten gaven respondenten aan te aarzelen over het inschakelen van de politie uit angst voor repercussies of niet serieus te worden genomen.

Blad: Datum: Ons kenmerk:

3 12 juli 2022 M2206-1425

Tijdens de interviews (met volwassen mannelijke sekswerkers) gaf ongeveer een kwart van hen aan gestart te zijn met betaalde seks als minderjarige (<18 jaar). Ook werd aangegeven dat betaalde sekscontacten vanuit jonge mannen niet altijd vrijwillig zijn, of dat omstandigheden na verloop van tijd kunnen veranderen, waarbij vrijwilligheid op enig moment kan omslaan naar uitbuiting. (De onderzoekers hebben hierover enkele signalen gedeeld met de politie.) Daarnaast gaven de respondenten aan dat zij niet de indruk hebben dat betaalde seks met mannelijke minderjarigen in de regio Rotterdam wijdverspreid is. In het algemeen kan worden gesteld dat het onderzoek de kwetsbaarheid van mannensekswerk erkent, maar uitbuiting niet in grote mate wordt gesignaleerd. De politie geeft aan dat de uitkomsten worden herkend. Kwetsbaarheden: Het rapport geeft verder inzicht in wat de kwetsbaarheden zijn binnen de groep van mannelijke sekswerkers. Net als bij vrouwelijke sekswerkers hebben mannelijke sekswerkers last van stigmatisering. Bij deze groep wordt de stigmatisering echter meervoudig beïnvloed door (een wisselwerking van) drie maatschappelijke taboes; (1) het ontvangen van geld in ruil voor seks (voor mannen en vrouwen gelijk); (2) homoseksualiteit (m.b.t. de man-man contacten, wat voor het merendeel geldt); en (3) mannelijk slachtofferschap.

Eerder onderzoek wees reeds uit dat zij door deze taboes minder snel professionele hulp zullen zoeken wanneer zij dit nodig hebben. Ook kunnen deze taboes leiden tot ingrijpende keuzes in de persoonlijke levenssfeer van de mannelijke sekswerkers, zoals geheimhouding van hun werkzaamheden voor naasten en het leiden van een dubbelleven. Het onderzoek stelt ook dat er een groot wantrouwen richting de overheid is, wat ook consequenties heeft voor het (durven) inschakelen van hulp van instanties en hulpverlening. De doelgroep kent daarnaast een financiële kwetsbaarheid. Een significant deel van de respondenten liet weten dat zij sekswerk doen omdat zij beperkte andere opties hebben om (voldoende) inkomen te genereren. Dit bijvoorbeeld omdat zij geen verblijfsstatus hebben waarbij arbeid is toegestaan of omdat zij hoge lasten hebben door een hoge huur of schulden. Ook het verlies van inkomen door de Covid-19 maatregelen werd genoemd, en het gebrek aan een alternatieve vorm van inkomen. Naast het risico op grensoverschrijdend gedrag en geweld door klanten, ervaren de sekswerkers een toenemend gezondheidsrisico door de vraag naar ‘chemseks’ (seks onder invloed van drugs/middelengebruik). Niet alleen lopen sekswerkers een risico op afhankelijkheid van middelen, maar ook het risico op soa’s wordt door chemseks vergroot, als gevolg van risicovoller seksueel gedrag.

Het rapport voorziet in aanbevelingen om de kwetsbaarheden bij deze groep zo goed mogelijk te ondervangen. De aanbevelingen zijn gericht aan hulpverlening; politie, de gemeente en de sekswerk-community zelf. Acties en actualisatie onderzoek Acties: Humanitas ESSM is in het afgelopen jaar verdergegaan met veldwerk mannensekswerk (on- en offline) en heeft spreekuren voor mannen opgezet bij Door2Door. Ook is er contact geweest met de AVIM en zij zijn geïnformeerd over de onderzoeksresultaten. Zij hebben aangegeven dat de uitkomsten worden herkend. Er zijn door de AVIM enkele gerichte controles op jongensprostitutie georganiseerd, waarbij ESSM in 2021 ook een keer is aangesloten om te ondersteunen bij de onderliggende problematiek. Deze controles hebben echter geen structurele invulling gekregen aangezien het opvolgen van concrete signalen (M/V/X) wordt geprioriteerd. Daarnaast bezoeken de veldwerkers op verzoek van de gemeente regelmatig de mannenontmoetingsplekken en

Blad: Datum: Ons kenmerk:

4 12 juli 2022 M2206-1425

vindt daarnaast veldwerk plaats in de lokale ‘roze horeca’ en tijdens grote events (zoals Pride). Ook tijdens Corona is het veldwerk zoveel mogelijk doorgegaan. Actualisatie onderzoek: allereerst kan worden gesteld dat de conclusies en aanbevelingen van het onderzoek op dit moment nog steeds actueel zijn en de situatie voor mannelijke sekswerkers in Rotterdam in een jaar tijd niet significant is veranderd. Dat dient wel te worden beschouwd binnen de algemene tendens dat de (mannen)seksbranche dynamisch is en sekswerkers in het algemeen een hoge mobiliteit kennen. Door de onderzoekers (en tevens Prostitutie Maatschappelijk Werkers (PMW)) is aangegeven dat, waar in eerste instantie een positief effect werd waargenomen op het gebied van zichtbaarheid en participatie van enkele sekswerkers die deelnamen aan het onderzoek, dit effect ook weer is afgenomen. Ook is de vindbaarheid van de mannelijke sekswerkers verminderd. Een ontwikkeling binnen het veld zoals aangegeven door Humanitas PMW, is dat enkele digitale dating platformen zoals beschreven in het onderzoek -en waar aanbod en matching ook vaak plaatsvindt-, strenger lijken te zijn geworden in het beperken van de online (adverteer)mogelijkheden.

Daar waar eerder vaker gebruik werd gemaakt van een zekere ‘codetaal’ (namen, emoji-gebruik), zijn enkele dating platformen zich hier meer bewust van geworden en treden zij hier strenger tegenop. (Nb: dit gaat dus niet over een strenger toezicht op uitbuiting op de websites die zijn ingericht op advertenties voor seksuele dienstverlening.) Een andere ontwikkeling binnen het veld die is benoemd, is dat bij PMW een toename is waargenomen van mannelijke sekswerkers met vragen over het instappen in het sekswerk alsook met vragen over advies met betrekking tot veiligheid en gezondheid. Ten tijde van de Covid-19 maatregelen leek ook de financiële kwetsbaarheid van de doelgroep te zijn toegenomen. In de hulpverlening was in die periode in toename zichtbaar van mannelijke sekswerkers die aangaven in financiële nood te zitten en gebruik wilde maken van het (Humanitas) noodfonds voor sekswerkers. Voorstel voor vervolgonderzoek Het aangeboden rapport biedt nieuwe kennis en inzichten, onder andere over de kwetsbaarheden van mannelijke sekswerkers en de toegenomen kwetsbaarheid in tijden van crisis (Covid-19); de problemen die zij ervaren en de steun die zij aangeven nodig te hebben. Het rapport biedt in beperkte mate inzicht in de omvang van mannelijk sekswerk in Rotterdam.

Daarnaast kan in het algemeen worden gesteld dat het onderzoek de kwetsbaarheid van mannensekswerk erkent, maar ook dat in het onderzoek uitbuiting niet in grote mate is gesignaleerd. Het college stelt voor om niet meer tijd en middelen in te zetten om de omvang van de mannelijke seksbranche in Rotterdam te onderzoeken. Het ligt niet in de lijn der verwachting dat dit in een nieuw onderzoek wél goed in beeld te brengen is. Het voorstel is om verder te bouwen op de inzichten die dit onderzoek -en eerdere onderzoeken- hebben voortgebracht en de verdieping te zoeken op uitbuiting van (jonge) mannelijke sekswerkers. Eventueel kan er daarbij gekozen worden voor een speciale focus op de meest kwetsbare groepen (jonge) mannelijke sekswerkers zoals; dak- en thuisloze sekswerkers; sekswerkers zonder werk- of verblijfsvergunning en de LHBTIQ+-sekswerkers. Hoewel in het huidige onderzoeksrapport uitbuiting en de extra kwetsbaarheid van bepaalde groepen wel wordt behandeld, was uitbuiting geen expliciet onderdeel van de scope van het Pays*x 010 onderzoek. Uw raad heeft wel eerder aangegeven hier een informatiebehoefte in te hebben en heeft dit ook geprioriteerd binnen het veiligheidsbeleid

Blad: Datum: Ons kenmerk:

5 12 juli 2022 M2206-1425

(zie ook afdoeningsvoorstel 21bb0139402, p.5, aan de commissie Veiligheid en Bestuur van 08/11/2021). Ook komt de keuze voor een verdiepend vervolgonderzoek zoals beschreven tegemoet aan de wens van de raad om meer inzicht te krijgen in de leefwereld van jonge mannelijke sekswerkers en de vormen van uitbuiting die zich daarin mogelijk afspelen. Wanneer er interesse is in het onderzoeken van een mogelijke link tussen seksuele uitbuiting van mannen enerzijds en criminele uitbuiting anderzijds, voegt dit daarnaast kennis toe op een gebied waar tot op heden nog niet veel onderzoek naar is gedaan. De inzichten van een dergelijk vervolgonderzoek kunnen bijdragen aan de beoordeling van waar de huidige dienstverlening eventueel moet worden versterkt; bijvoorbeeld wat betreft preventie. Noot voor het lezen: in het rapport zijn verschillende quotes opgenomen uit de interviews met de respondenten. Hier is voor gekozen om de leefwereld en het persoonlijk perspectief van deze groep mannen en jongens goed weer te geven. Het taalgebruik in de interviews is geregeld vrij expliciet, waarvoor wordt gewaarschuwd in de leeswijzer. Financiële en juridische consequenties/aspecten: Niet van toepassing Burgemeester en wethouders van Rotterdam, De secretaris,

De burgemeester,

M.J.H. Lamers, l.s.

A. Aboutaleb

Bijlage(n):  Onderzoeksrapport - Pays*x 010. Mannelijke sekswerkers in Rotterdam  Infographic – Pays*x 010

2

21bb013940 – Afdoening toezegging prostitutie en mensenhandel (21bb10314), d.d. 08/11/2021.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=RotterdamRaad&id=514e2469-ea93-42dc-8427-e7e39704f071