[22bb004208] Bijlage 2 behorende bij 22bb4206 over Wijziging uitvoeringsbesluit taxiverordening 2013
Tekst van het document
Wijziging Uitvoeringsbesluit Taxiverordening Rotterdam 2013 Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Rotterdam, gelezen het voorstel van de wethouder […] van [DATUM]; gelet op de artikel 10 van de Taxiverordening Rotterdam 2013; overwegende, dat het gewenst is in het Uitvoeringsbesluit Taxiverordening Rotterdam 2013 nader te regelen aan welke kwaliteitseisen de leden van een TTO dienen te voldoen; besluit: Artikel I Het Uitvoeringsbesluit Taxiverordening Rotterdam 2013 wordt als volgt gewijzigd: A Artikel 1 vervalt. B Artikel 2 wordt als volgt gewijzigd: 1. Voor de tekst wordt de aanduiding ‘1.’ geplaatst. 2. Het eerste lid, onderdeel a, (nieuw) komt te luiden: a. is een rechtspersoon waarin een gezagsrelatie is geregeld met minimaal 35 aangesloten chauffeurs die taxivervoer aanbieden; 3. Het eerste lid, onderdeel b, (nieuw) komt te luiden: b. alle bij de TTO aangesloten chauffeurs beschikken over een kwaliteitscertificaat als bedoeld in artikel 2a; 4. De volgende leden worden toegevoegd, luidende: 2. De gezagsrelatie met minimaal 35 aangesloten chauffeurs die taxivervoer aanbieden, bedoeld in het eerste lid, onderdeel a, kan de TTO aantonen door het overleggen van afschriften van overeenkomsten die met de aangesloten chauffeurs zijn aangegaan. 3.
Bij een TTO zijn geen chauffeurs aangesloten die ook zijn aangesloten bij een andere TTO die voorziet in het aanbieden van taxivervoer binnen de gemeente Rotterdam. C Na artikel 2 wordt een artikel ingevoegd, luidende: Artikel 2a Kwaliteitscertificaat De door het college op grond van artikel 9a, eerste lid, van de Taxiverordening Rotterdam 2013 aangewezen organisatie geeft een kwaliteitscertificaat af indien de chauffeur: a. bij die organisatie met goed gevolg in ieder geval een toets heeft afgelegd waarin kennis en vaardigheden worden getoetst met betrekking tot: 1° doorgaande wegen, straten, wijken, bruggen, tunnels, ring Rotterdam, knooppunten, havens, gebouwen en objecten, bezienswaardigheden, hotels, stations, begraafplaatsen en crematoria in Rotterdam; 2° sociale vaardigheden, normen en waarden voor taxivervoer, taxameter en tariefstelling. b. deel heeft genomen aan door of namens die organisatie georganiseerde cursussen met betrekking tot: 1° weerbaarheid, veiligheid en integriteit;
2°
levensreddend handelen en AED.
Artikel II Dit besluit treedt in werking op 30 juni 2022. Aldus vastgesteld in de vergadering van [DATUM] De secretaris
De burgemeester,
Algemene toelichting In het Uitvoeringsbesluit Taxiverordening 2013 worden door het college nadere eisen en verplichtingen gesteld aan de Toegelaten Taxi Organisatie (hierna: TTO) die gericht zijn op de kwaliteit van het taxivervoer op de opstapmarkt. Door actuele ontwikkelingen is het nodig een aantal wijzigingen door te voeren in het Uitvoeringsbesluit Taxiverordening 2013. Allereerst heeft de SKRT aangegeven te willen stoppen met de uitgifte van de certificaten. Op grond van artikel 10 van de Taxiverordening 2013 is het college bevoegd om een organisatie aan te wijzen voor de uitgifte van de kwaliteitscertificaten. Daarbij is het ook noodzakelijk om een minimum aan regels te geven over de materiële eisen en verplichtingen die aan de uitgifte van het kwaliteitscertificaat gesteld worden. Daarnaast is door aanpassing van artikel 7 van de Taxiverordening 2013 waarin is opgenomen dat een chauffeur die taxivervoer aanbiedt verplicht is consumenten op hun verzoek te vervoeren vanaf alle openbare wegen in de gemeente Rotterdam, de gebiedsaanwijzing voor het aanbieden van taxivervoer in artikel 1 van het Uitvoeringsbesluit Taxiverordening 2013 overbodig geworden. Dit artikel komt daarom te vervallen.
Artikelsgewijze toelichting Artikel I onderdeel A In artikel 1 vervalt de gebiedsaanwijzing voor het aanbieden van taxivervoer onderdelen B en C De regie van het artikel wordt verbeterd door een opsomming van de eisen. Daarnaast wordt de term “SKRT-certificaat” vervangen door de term “kwaliteitscertificaat”. Voorts wordt een minimum aan regels gegeven over de materiële eisen en verplichtingen die aan de uitgifte van het kwaliteitscertificaat gesteld worden. Een chauffeur zal bij de door het college aan te wijzen organisatie voor het verkrijgen van het kwaliteitscertificaat in ieder geval met goed gevolg een toets moeten afleggen over onder meer stratenkennis, sociale vaardigheden, weerbaarheid, veiligheid en integriteit, levensreddend handelen en AED.