CConstaterende datRotterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

[22bb003385] Bijlage 6 behorende bij 22bb3376 over Quickscan Wet natuurbescherming nieuwbouw Saftlevenhof te Rotterdam d.d. 27 januari 2021

Tijdelijke commissie Fysiek (2022-2026) 8 juni 2022, gemeente RotterdamBij agendapunt: Bouwen en Wonen3.021 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

ReadyforLiving B.V. T.a.v. Dhr. Concertgebouwplein 1071 LN AMSTERDAM Eco Reest BV

27 januari 2021

Industrieweg 20

Betreft: Kenmerk: Type document:

Quickscan Wet natuurbescherming nieuwbouw Saftlevenhof te Rotterdam 210093 Briefrapport

Geachte heer

,

Hiermee sturen we u de briefrapportage met de quickscan Wet natuurbescherming voor de voorgenomen nieuwbouw ter plaatse van Saftlevenhof te Rotterdam. 1. Aanleiding en doel Aanleiding tot het onderzoek is de voorgenomen realisatie van een appartementencomplex met 12 wooneenheden op de bestaande parkeergarage en parkeerdek aan de binnenzijde van een gesloten bouwblok op de kruising Rochussenstraat en Saftlevenstraat te Rotterdam. Hiervoor is een (ontwerp)bestemmingsplan opgesteld (‘Saftlevenhof Rotterdam’), waarbij voor de ecologische beoordeling is verwezen naar een quickscan die is opgesteld voor de transformatie van het aangrenzende kantoorpand (Nieuw Hoboken)1. Naar aanleiding van bezwaren op het onderdeel ecologie is gevraagd om een (actualiserende) quickscan in het kader van de Wet natuurbescherming (Wnb) voor de voorgenomen nieuwbouw binnen het plangebied. Het doel van de quickscan is inzicht verkrijgen in de mogelijke effecten op aanwezige beschermde natuurwaarden als gevolg van het plan.

7921 JP Zuidwolde T 0528 373982 F 0528 373907 KANTOOR APPINGEDAM

Opwierderweg 160 9902 RH Appingedam T 0596 633355 KANTOOR ALMERE

Transistorstraat 91-34 1322 CL Almere T 036 8200376 info@ecoreest.nl www.ecoreest.nl

Het plan is getoetst aan de onderdelen gebiedsbescherming (Natura 2000 en Natuurnetwerk Nederland) en soortenbescherming. Het aspect stikstofdepositie valt buiten de toetsing, aangezien voor het plan reeds separate AERIUS-berekeningen zijn uitgevoerd. Aangezien er geen bomen te hoeven worden gekapt, blijft het aspect houtopstanden buiten beschouwing. 2. Plangebied en ontwikkelingen Het plangebied betreft het bestaand parkeerdek aan de binnenzijde van een gesloten bouwblok aan de Rochussenstraat-Saftlevenstraat (figuur 1). Hieronder bevindt zich een meerlaagse parkeergarage. Het plangebied (parkeerdek) is geheel verhard, er is geen bebouwing en opgaand groen aanwezig. Aan de noord- en westkant van het plangebied zijn tuinen, grasperkjes en opgaand groen (bomen en struiken) aanwezig. In bijlage 1 zijn foto’s van de huidige situatie weergegeven. Het voornemen is om op het parkeerdek van deze parkeergarage een appartementengebouw met 12 appartementen te realiseren. De oorspronkelijke parkeervoorziening op de begane grond (binnenterrein) komt te vervallen en op deze plek wordt de nieuwbouw gerealiseerd. De bestaande parkeerkelder blijft behouden en blijft fungeren als parkeergarage. De nieuwbouw wordt binnen de bestaande een meter hoge betonnen muur en hekwerk gerealiseerd. Het appartementengebouw (ca. 11m hoog) wordt voorzien van drie bouwlagen, met kap en deels een dakterras.

De nieuwbouw is een vervolgfase op de transformatie van het naastgelegen pand ‘Nieuw Hoboken’ tot woningen. Deze bevindt zich aan de zuid(oost)kant van het plangebied. Om ter plaatse van het plangebied de realisatie van woningen mogelijk te maken, is een ontwerp bestemmingsplanprocedure opgesteld (Witpaard, 202011-13). Tussen de bestaande bebouwing en de nieuwbouw komt een binnentuin (nader uit te werken) die uitsluitend voor bewoners toegankelijk is. In de huidige situatie zijn een aantal hoge lantaarnpalen op 1

Keyzer, J. (2018). Quickscan. In het kader van de Wet natuurbescherming en Verordening ruimte. Plangebied: Rochussenstraat 125, Rotterdam. Rapportkenmerk: ER20180411v01. Ecoresult B.V., Dordrecht.

BANK NL16 TRIO 01985.27.128 BIC: TRIO NL2U BTW-NUMMER NL 8534.83.966 B01 K.V.K. MEPPEL 59436247 Op al onze werkzaamheden is DNR 2011 van toepassing, die op aanvraag wordt toegezonden.

het parkeerdek aanwezig. De toekomstige verlichting binnen het plangebied is minimaal, er wordt enkel sfeerverlichting bij de voordeuren en enkele lage naar beneden gerichte lichtbronnen (downlighters) aangebracht. In bijlage 2 is een impressie van de toekomstige situatie weergegeven.

Figuur 1. Begrenzing plangebied (rood omlijnd) (Bron: Google Maps, 2021). 3. Inventarisatie en effectbeoordeling Voorafgaand aan het veldbezoek is gestart met een bureaustudie naar het voorkomen van beschermde flora en fauna ter plaatse van het plangebied en de nabije omgeving. Hierbij is in de Nationale Databank Flora en Fauna binnen een straal van 500 meter rond het plangebied een overzicht van de ontheffingsplichtige soorten van de afgelopen vijf jaar opgevraagd. Daarnaast zijn bestaande bronnen, waaronder de eerder opgestelde quickscan voor het naastgelegen kantoorpand (Keyzer, 2018), gebruikt. De uitvoering van het veldbezoek heeft plaatsgevonden op 20 januari 2021 en is uitgevoerd door mevrouw S. Nap van Eco Reest BV. Het veldbezoek (bewolkt, droog/motregen, 5 Bft, 8°C). heeft overdag plaatsgevonden. Hierbij is het plangebied en de directe omgeving onderzocht op aanwezigheid van (potentieel) geschikte leef- en groeiplaatsen voor beschermde dier- en plantensoorten. Op basis van de resultaten is beoordeeld welke beschermde soorten (mogelijk) aanwezig zijn. Vervolgens is op basis van het voornemen bepaald of en zo ja, welke effecten kunnen optreden op beschermde soorten. Indien sprake is van negatieve effecten is advies gegeven over de te nemen vervolgstappen.

Ten aanzien van gebiedsbescherming is aan de hand van (provinciale) kaartenviewers nagegaan of het plangebied in/nabij beschermde gebieden (Natura 2000-gebieden en het NNN) ligt. Beoordeeld is of negatieve effecten op de beschermde waarden van Natura 2000-gebieden en het NNN zijn te verwachten, en of een diepgaandere beoordeling noodzakelijk is. 4. Effectbeoordeling gebiedsbescherming Natura 2000 Het plangebied ligt buiten de begrenzing van Natura 2000-gebied. De dichtstbijzijnde Natura 2000gebieden betreffen ‘Oude Maas’ en ‘Boezems Kinderdijk’, op respectievelijk 8 en 11,7 kilometer afstand. In bijlage 3 is dit op kaart weergegeven. Quickscan Wet natuurbescherming nieuwbouw Saftlevenhof, Rotterdam (kenmerk: 210093) Pagina 2 van 6

Gezien de ruime afstanden (>8 km) tot de meest nabij gelegen Natura 2000-gebieden, bekende dosiseffectrelaties2,3, de (ingesloten) ligging binnen bebouwing en de lokale aard en beperkte omvang van de voorgenomen ontwikkeling, zijn negatieve effecten - met uitzondering van stikstofdepositie - op voorhand uitgesloten. Het aspect stikstofdepositie is separaat beoordeeld (BJZ.nu, onb.). Natuurnetwerk Nederland Het plangebied ligt buiten het Natuurnetwerk Nederland (NNN). De dichtstbijzijnde NNN-gebieden liggen ten zuid(oost)en van het plangebied op circa 1,1 km (water) en vier kilometer (land) afstand. Ook ligt het plangebied buiten aangewezen belangrijk weidevogelgebieden, het dichtstbijzijnde gebied ligt op circa 6 kilometer afstand (zie bijlage 3). Gezien de ligging buiten het NNN en belangrijk weidevogelgebied, de ruime afstand tot deze gebieden (resp. >1 en 6 km) en het feit dat de provincie Zuid-Holland geen externe werking ten aanzien van het NNN-beleid hanteert, is geen sprake van aantasting van weidevogelgebieden en de wezenlijke waarden en kenmerken van het NNN. 5. Effectbeoordeling soortenbescherming De resultaten van het veldbezoek zijn schematisch samengevat in tabel 1.

Hier wordt per soortgroep aangegeven of groei- dan wel vaste rust- of verblijfplaatsen aanwezig (kunnen) zijn, of als gevolg van de ontwikkeling mogelijk aantasting plaatsvindt en of mogelijk overtreding van de Wet natuurbescherming verwacht wordt. Bij de soortgroepen is vervolgens een korte toelichting gegeven. Tabel 1. Weergave per soortgroep of er beschermde soorten binnen/nabij plangebied verwacht (kunnen) worden, er sprake is van aantasting en mogelijke overtreding van de Wet natuurbescherming (Wnb). Soort

Flora Broedvogels Grondgebonden zoogdieren Vleermuizen Amfibieën Reptielen Vissen Ongewervelden

Groei- of vaste rust/verblijfplaatsen Nee Binnen plangebied: nee Directe omgeving: mogelijk Geen beschermde soorten Mogelijk muizen: vrijstelling Wnb Binnen plangebied: nee Directe omgeving: mogelijk Geen beschermde soorten Mogelijk algemene soorten: vrijstelling Wnb Nee Nee Nee

Aantasting

Overtreding Wnb

Nee Nee, onder voorwaarden* Nee

Nee Nee, onder voorwaarden* Nee

Nee

Nee

Nee

Nee

Nee Nee Nee

Nee Nee Nee

* Geen sprake van verstoring van mogelijk aanwezige nesten in de nabijheid van het plangebied wanneer de werkzaamheden voor het broedseizoen worden opgestart en continue doorlopen, zodat vogels buiten de invloedsfeer van de werkzaamheden geschikte broedgelegenheid zullen zoeken. Of voorafgaand aan het broedseizoen een broedvogelcontrole uitvoeren om vast te stellen dat binnen de invloedsfeer van de werkzaamheden broedvogels afwezig zijn (zie ook conclusie en aanbevelingen).

Flora Tijdens het veldbezoek zijn geen beschermde vaatplanten aangetroffen. Beschermde flora wordt op basis van de terreinkenmerken (geheel verhard/bouwterrein), het veldbezoek en de bekende verspreidingsgegevens (NDFF, 2020; Keyzer, 2018) uitgesloten. Broedvogels In de ruime omgeving van het plangebied zijn waarnemingen van soorten met jaarrond beschermde nesten bekend, waaronder huismus, gierzwaluw en slechtvalk (NDFF, 2021). Het plangebied vormt 2 Krijgsveld, K.L., R.R. Smits en J. van der Winden (2008). Verstoringsgevoeligheid van vogels - Update literatuurstudie naar de reacties van vogels op recreatie. 23 december 2008. 3 Vegte, F, van der, J. Bosman & D. Logemann (2014). Effectafstanden Natura 2000-gebieden Veluwe en Rijntakken. Arcadis, 18 februari 2014.

Quickscan Wet natuurbescherming nieuwbouw Saftlevenhof, Rotterdam (kenmerk: 210093) Pagina 3 van 6

vanwege afwezigheid van bebouwing en bomen geen (potentieel) broedbiotoop voor soorten met jaarrond beschermde nestplaatsen. Ook in de omringende bebouwing wordt gezien het type bebouwing (voornamelijk plat dak, delen met schuin dak geen vrije aanvliegroute) en ontbreken van waarnemingen geen nestplaatsen van jaarrond beschermde soorten verwacht. In de directe omgeving van het plangebied kunnen enkele categorie 5-soorten zoals zwarte roodstaart (Keyzer, 2018), koolmees en pimpelmees worden verwacht. De potentiële nestplaatsen worden niet aangetast door het plan, wel kunnen de werkzaamheden zorgen voor verstoring van broedgevallen. Op het binnenterrein aangrenzend aan het plangebied staan diverse bomen en struiken die potentieel nestgelegenheid voor enkele algemene (niet jaarrond beschermde) broedvogels vormen. In een van de bomen is een oud nest (vermoedelijk houtduif) aangetroffen. Tijdens het veldbezoek is koolmees en kauw foeragerend in de tuinen waargenomen en zwarte kraai en houtduif rustend op de daken. Ook zouden dakbroeders zoals scholekster in de omgeving van het plangebied tot broeden kunnen komen. Vanwege de terreinkenmerken (geheel verhard en ingesloten) vormt het plangebied en de het overige binnenterrein geen essentieel foerageer- en leefgebied voor broedvogels.

Voor alle inheemse vogelsoorten geldt een verbod op handelingen die soorten, nesten, eieren of vaste rust-of verblijfplaatsen beschadigen of verstoren. Het opgaand groen in het binnenterrein blijft in de huidige plannen behouden, waardoor potentieel broedgelegenheid behouden blijft. Het nieuwbouwplan voorziet in aanvulling van bomen/groen rond de nieuwbouw, waardoor meer mogelijkheden voor nestplaatsen ontstaan. Ook is er al geruime tijd sprake van intensieve verstoring in en rond het plangebied door de werkzaamheden aan de aangrenzende panden, zodat tijdens het broedseizoen in het binnenterrein geen nestplaatsen van vogels zijn te verwachten. Grondgebonden zoogdieren Verblijfplaatsen van beschermde grondgebonden zoogdieren -zonder provinciale vrijstelling-, zoals eekhoorn en steenmarter worden op basis van de habitateisen, de terreinkenmerken (geheel verhard, afwezigheid bomen/groen) en bekende verspreidingsgegevens (NDFF, 2021; Keyzer, 2018) uitgesloten. Ook zijn tijdens het veldbezoek geen sporen (loopsporen, prenten, latrines e.d.) waargenomen die duiden op gebruik van het plangebied door dergelijke soorten. Gezien de terreinkenmerken van het plangebied (geheel verhard, omringd door betonnen muur) vormt het plangebied ook geen (essentieel) onderdeel van het leefgebied van beschermde grondgebonden zoogdieren.

Mogelijk zijn binnen het plangebied verblijfplaatsen van enkele algemene muizensoorten aanwezig. Voor deze soorten geldt in het kader van ruimtelijke ontwikkelingen een vrijstelling van de verbodsartikelen uit de Wet natuurbescherming 4, waardoor het nemen van vervolgstappen voor deze zoogdieren niet aan de orde is. Vaste rust- en verblijfplaatsen van andere soorten met een provinciale vrijstelling zoals egel en kleine marterachtigen zijn gezien de terreinkenmerken (geheel verhard, ingesloten, betonnen muur, afwezigheid groen/ruigte) uitgesloten. Vleermuizen Aangezien het plangebied uitsluitend uit verharding zonder bebouwing en opgaand groen bestaat, zijn binnen het plangebied verblijfsplaatsen van vleermuizen uitgesloten. In de parkeerkelder zijn geen vleermuizen en/of sporen aangetroffen en deze worden hier gezien de ongunstige omstandigheden ook niet verwacht. De bomen op het binnenterrein bevatten geen holtes/spleten die potentieel geschikt zijn voor boombewonende vleermuizen. In de bebouwing rond het plangebied zijn potentieel geschikte invliegopeningen voor gebouwbewonende vleermuissoorten aanwezig. Zo zijn in de bebouwing aan de noord- en oostkant van het plangebied open stootvoegen aanwezig die potentieel toegang bieden tot de spouwmuur. Ook in het aangrenzende kantoorpand zijn enkele kieren langs gevelplaten aanwezig (Keyzer, 2018).

4

Provincie Zuid-Holland (2020). Omgevingsverordening Zuid-Holland , geconsolideerd 2020-08-01. Quickscan Wet natuurbescherming nieuwbouw Saftlevenhof, Rotterdam (kenmerk: 210093) Pagina 4 van 6

In de huidige situatie is reeds sprake van verstoring door de werkzaamheden aan de aangrenzende bebouwing die gepaard gaan met verstoring en trillingen. Zodoende wordt aanwezigheid van vleermuizen in de directe omgeving van het plangebied onwaarschijnlijk geacht. De voorgenomen ontwikkelingen hebben geen negatief effect op eventueel aanwezige verblijfplaatsen. Zo is sprake van voldoende tussenruimte tussen de bestaande en nieuwe bouwvolumes, zodat eventueel aanwezige vleermuizen vrij kunnen in- en uitvliegen. De toekomstige aan te brengen lichtbronnen zal beperkt zijn en bestaan uit lage en naar beneden gerichte lichtbronnen. Daarnaast is in de huidige situatie reeds sprake van lichtverstoring van het binnenterrein door aanwezige lichtbronnen en uitstraling vanuit omringende bebouwing. De extra lichtverstoring als gevolg van het nieuwbouwplan is daarmee zeer gering en heeft geen effect op de functionaliteit van het plangebied en de directe omgeving voor vleermuizen. Het plangebied kan onderdeel vormen van het foerageergebied van vleermuizen. Gezien het beperkte oppervlak, de ingesloten ligging en beperkt aanwezige groen betreft het geen essentieel foerageergebied. Ook vliegroutes worden gezien de ingesloten ligging van het plangebied uitgesloten.

Overige soortgroepen Binnen het plangebied ontbreekt oppervlaktewater, zodat aanwezigheid van vissen en (voortplantingsbiotoop van) amfibieën en libellen is uitgesloten. Gelet op de terreinkenmerken (geheel verhard, ontbreken vegetatie), de habitateisen en verspreidingsgegevens (NDFF, 2021) wordt het voorkomen van beschermde reptielen, vlinders en overige ongewervelden ter plaatse van het plangebied uitgesloten. Binnen het plangebied kan mogelijk een enkele algemene voorkomende amfibie zoals gewone pad en bruine kikker worden aangetroffen. Voor deze soorten geldt in het kader van ruimtelijke ontwikkelingen een vrijstelling van de verbodsartikelen uit de Wet natuurbescherming (zie voetnoot 4). Conclusies en aanbevelingen Op basis van de bevindingen wordt het volgende geconcludeerd: - Negatieve effecten op Natura 2000-gebieden, het Natuurnetwerk Nederland en weidevogelgebieden zijn gezien de ruime afstanden en tussenliggend afschermend gebied niet aan de orde. Het stikstofaspect wordt separaat beoordeeld. - Het plangebied en de directe omgeving biedt geen geschikt broedbiotoop voor jaarrond beschermde broedvogels. In de directe omgeving van het plangebied kunnen enkele algemene broedvogels en categorie 5-soorten worden verwacht. Verstoring dient te worden voorkomen. Het plangebied en directe omgeving vormt geen essentieel leef- en foerageergebied voor broedvogels.

- Verblijfplaatsen van vleermuizen worden vanwege afwezigheid van bomen en bebouwing binnen het plangebied uitgesloten. Verblijfplaatsen van vleermuizen in de bestaande parkeerkelder worden niet verwacht. In de omringende bebouwing zijn potentiële invliegopeningen aanwezig. Gezien de huidige mate van verstoring wordt aanwezigheid van vleermuizen onwaarschijnlijk geacht. Negatieve effecten op verblijfplaatsen zijn niet aan de orde: er blijft voldoende tussenruimte tussen de bouwvolumes voor vrij in- en uitvliegen en extra lichtverstoring is zeer beperkt. - Het plangebied kan onderdeel vormen van het foerageergebied van vleermuizen. Gezien het beperkte oppervlak, de ingesloten ligging en beperkt aanwezige groen betreft het geen essentieel foerageergebied. Ook vliegroutes worden gezien de ingesloten ligging van het plangebied uitgesloten. - Verblijfplaatsen van grondgebonden zoogdieren zonder provinciale vrijstelling zijn gezien de terreinkenmerken en verspreidingsgegevens uitgesloten. - In het plangebied kunnen enkele algemeen voorkomende grondgebonden zoogdieren en amfibieën worden verwacht. Voor deze soorten geldt een vrijstelling van de verbodsartikelen. - Groei- en leefgebied van beschermde flora reptielen, amfibieën, vlinders, libellen en overige ongewervelden ter plaatse van het plangebied zijn uitgesloten.

Quickscan Wet natuurbescherming nieuwbouw Saftlevenhof, Rotterdam (kenmerk: 210093) Pagina 5 van 6

Broedvogels Voor alle inheemse vogelsoorten geldt een verbod op handelingen die soorten, nesten, eieren of vaste rust-of verblijfplaatsen beschadigen. Voor werkzaamheden met schadelijke effecten op broedvogels wordt veelal geen ontheffing verleend, omdat het uitvoeren van de werkzaamheden buiten het broedseizoen over het algemeen een goed alternatief vormt. In het kader van de Wet natuurbescherming wordt voor het broedseizoen geen standaardperiode gehanteerd, omdat deze per soort en vaak per jaar kan verschillen. Van belang is of een broedgeval wordt verstoord, ongeacht de datum. Voor de meeste soorten kan de periode tussen maart en september worden aangehouden als broedseizoen. Dit is echter afhankelijk van de soort en van de klimatologische omstandigheden. Verstoring kan worden voorkomen door de werkzaamheden voor het broedseizoen op te starten en continue door te werken, zodat vogels buiten de invloedsfeer van de werkzaamheden geschikte broedgelegenheid zullen zoeken. Indien de werkzaamheden binnen het broedseizoen plaatsvinden, wordt geadviseerd voorafgaand aan de werkzaamheden een broedvogelcheck uit te laten voeren om vast stellen of binnen de invloedsfeer van de werkzaamheden broedvogels aanwezig zijn. Indien deze afwezig zijn, kunnen werkzaamheden doorgang vinden.

Indien bij de controle in gebruik zijnde nesten van vogels, of in aanbouw zijnde nesten worden aangetroffen, dient een zorgvuldige werkwijze worden bepaald of dienen de werkzaamheden worden uitgesteld tot het nest niet meer in gebruik is. Zorgplicht Daarnaast geldt te allen tijde de algemene zorgplicht. Deze zorgplicht houdt in dat nadelige gevolgen voor de flora en fauna zoveel mogelijk moeten worden voorkomen. De zorgplicht geldt voor alle planten en dieren, beschermd of niet. Hier kan invulling aan worden gegeven door bijvoorbeeld bij het aantreffen van dieren voorafgaand of tijdens de werkzaamheden deze te verplaatsen naar locaties buiten de invloedsfeer van de werkzaamheden. In vertrouwen u hiermee voldoende van dienst te zijn. Met vriendelijke groet, Eco Reest BV

Verificatie:

M. Oudshoorn

J. Kamps

Quickscan Wet natuurbescherming nieuwbouw Saftlevenhof, Rotterdam (kenmerk: 210093) Pagina 6 van 6

Bijlage 1. Huidige situatie plangebied

Overzicht plangebied (parkeerdek) met bouwkeet en bouwmaterialen, gezien in oostelijke richting.

Zicht op de hellingbaan vanaf het parkeerdek, gezien in noordelijke richting.

Quickscan Wet natuurbescherming nieuwbouw Saftlevenhof, Rotterdam (kenmerk: 210093)

Plangebied is geheel begrensd door een betonnen muur en hekwerk, zicht op noordoostelijke hoek.

Aangrenzende bebouwing in de steigers (plan Nieuw Hoboken), gezien in oostelijke richting.

Quickscan Wet natuurbescherming nieuwbouw Saftlevenhof, Rotterdam (kenmerk: 210093)

Bijlage 2. Toekomstige invulling plangebied

Positie nieuwbouw (grijs vlak) ten opzichte van perceelsgrenzen en bestaande bebouwing (Bron: V8 Architects, 2020-07-17).

Impressie nieuwbouw – doorsnede bebouwing (Bron: V8 Architects, 2020-07-17).

Quickscan Wet natuurbescherming nieuwbouw Saftlevenhof, Rotterdam (kenmerk: 210093)

Impressie nieuwbouw tussen bestaande bebouwing in, gezien in oostelijke richting.

Quickscan Wet natuurbescherming nieuwbouw Saftlevenhof, Rotterdam (kenmerk: 210093)

Bijlage 3. Ligging plangebied t.o.v. Natura 2000/Natuurnetwerk Nederland

Afstand: ca. 11,7 kilometer

Afstand: ca. 8 kilometer

Globale ligging plangebied (zwarte marker) ten opzichte van dichtstbijzijnde Natura 2000-gebieden (geel/blauw) (bron: AERIUS Calculator, 2021).

Afstand: ca. 4 kilometer Afstand: ca. 1,1 kilometer

Globale ligging plangebied (groene marker) ten opzichte van het Natuurnetwerk Nederland (bron: Provincie Zuid-Holland, kaart Natuurnetwerk Nederland, van https://pzh.maps.arcgis.com/apps/webappviewer/...)

Quickscan Wet natuurbescherming nieuwbouw Saftlevenhof, Rotterdam (kenmerk: 210093)

Afstand: ca. 6 kilometer

Globale ligging plangebied (onderste groene marker) ten opzichte van het belangrijke weidevogelgebieden (lichtgroen) (bron: Provincie Zuid-Holland, kaart Natuurnetwerk Nederland, van https://pzh.maps.arcgis.com/apps/webappviewer/...)

Quickscan Wet natuurbescherming nieuwbouw Saftlevenhof, Rotterdam (kenmerk: 210093)

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=RotterdamRaad&id=5a49cde5-8c07-402b-82b3-1a68505d0fd5