CConstaterende datRotterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

[22bb002851] Burgemeestersbrief over rapport onderzoek door Bureau Beke naar ‘Beelden van burgers over bejegening door de politie’

Tijdelijke commissie Bestuur (2022-2026) 12 mei 2022, gemeente RotterdamBij agendapunt: Veiligheid4.156 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Bezoekadres: Stadhuis Coolsingel 40 3011 AD Rotterdam Postadres: Postbus 70012 3000 KP Rotterdam Website: www.rotterdam.nl E-mail: bbo@rotterdam.nl Inlichtingen: Lotte Hinkel Telefoon: 0643835639

Aan de Gemeenteraad

Portefeuillehouder: A. Aboutaleb Cluster: Directie Veiligheid Ons kenmerk: 22bb2851 Uw kenmerk: Datum: 28 maart 2022 Betreft: Rapport onderzoek door Bureau Beke naar ‘Beelden van burgers over bejegening door de politie’

Onderwerp: Rapport onderzoek door Bureau Beke naar ‘Beelden van burgers over bejegening door de politie’ Op welke gronden deze brief?/Waarom nu voorgelegd? In uw gemeenteraad is de bejegening van burgers door de politie en ervaren discriminatie door de politie sinds 2015 onderwerp van gesprek. In 2017 is hier onderzoek naar gedaan. Begin 2018 is aan uw raad toegezegd over vier jaar opnieuw stil te staan bij de beelden binnen de Rotterdamse samenleving over de politie (18bb780). Ook in de motie Assumption is the mother of… (20bb8811) wordt om herhaalonderzoek gevraagd. In opdracht van de driehoek heeft dit geleid tot een onderzoeksrapport van Bureau Beke: ‘Beelden van burgers over bejegening door de politie. Een herhalingsonderzoek naar meningen en ervaringen van Rotterdamse burgers inzake bejegening door de politie’. Relatie met het coalitieakkoord/collegewerkprogramma/begroting/eerder aangenomen moties en gedane toezeggingen:  Programma ‘Veilig@Rotterdam 2018-2023’  Meerjarenbeleidsplan politie-eenheid Rotterdam 2019-2022 Toelichting: Vier jaar geleden liet de driehoek voor de eerste keer onderzoek doen naar de beelden van Rotterdammers over politiebejegening. Bureau Beke voerde dit onderzoek uit. Met uw raad is afgesproken dit onderzoek te herhalen. Zodoende is in het najaar van 2020 opnieuw aan Bureau Beke gevraagd onderzoek te doen.

Omdat het een herhaalonderzoek betreft is gepoogd de onderzoekopdracht zoveel mogelijk gelijk aan 2017 uit te zetten. Mede naar aanleiding van de bespreking van de onderzoeksopzet in de commissie VB is hier een aanvullend, verdiepend gedeelte bijgekomen. Het eerste gedeelte van deze brief is een verkorte weergave van het onderzoek. Het rapport is als bijlage toegevoegd. Ook dit keer is een begeleidingscommissie samengesteld met als hoofdtaak het adviseren en begeleiden van de onderzoekers over de adequate uitvoering van het onderzoeksvoorstel, waarbij het bewaken van de wetenschappelijke kwaliteit van het onderzoek centraal stond. De begeleidingscommissie heeft de driehoek een brief gestuurd met reflectie op het onderzoek (bijlage 2).

Blad:

2/10

In deel 2 van deze raadsinformatiebrief wordt de reflectie samengevat weergeven. Het derde deel van de brief bestaat uit de reflectie van de driehoek op het onderzoek en de manier waarop uitvoering wordt gegeven aan de aanbevelingen. Het onderwerp politiebejegening kan al langere tijd op maatschappelijke belangstelling rekenen. Tussen het eerste en het tweede onderzoek zijn enkele maatschappelijke ontwikkelingen het benoemen waard, omdat ze laten zien in welk tijdsgewricht het herhaalonderzoek plaats vond. Een eerste ontwikkeling is de aandacht in Nederland voor de internationale beweging Black Lives Matter. In de zomer van 2020 vonden verspreid over Nederland diverse demonstraties plaats met Black Lives Matter als thema. De (media-)aandacht die deze demonstraties opleverde laat duidelijk zien dat het onderwerp in Nederland op de agenda staat. Daarnaast kreeg het thema politiebejegening en discriminatie bij de politie specifiek in onze stad veel aandacht rondom de WhatsAppcasus. Een casus waarbij door politieagenten op onacceptabele wijze over burgers is gesproken. Uw raad debatteerde hier dan ook uitvoering over, ook met de politiechef. Daarnaast is er veel maatschappelijke aandacht voor politieoptreden waarbij geweld is gebruikt. Een andere ontwikkeling is die van een dalend vertrouwen in de overheid (landelijk).

De blijkt bijvoorbeeld uit onderzoek van diverse universiteiten, waaronder de EUR.1 In dit kader is ook de coronapandemie noemenswaardig. Tijdens de pandemie was de politie, als meest zichtbare deel van de overheid, aanwezig bij demonstraties gericht tegen overheidsbeleid. Ook was de politie (mede)verantwoordelijk voor de handhaving op de coronamaatregelen. Het draagvlak voor de maatregelen fluctueerde gedurende de pandemie. Bij weinig draagvlak werd het handhaven van de regels een bijzonder lastige taak voor de politie. Deel 1 – Beknopt overzicht onderzoek In de hierboven geschetste context heeft Bureau Beke het herhaalonderzoek uitgevoerd. In dit deel van de brief worden het onderzoeksdoel, de -opzet en de resultaten samengevat weergegeven. Onderzoeksdoel Het eerste doel van dit onderzoek is om inzicht te verkrijgen in de beelden die binnen de Rotterdamse samenleving bestaan over de bejegening van burgers door de politie in relatie tot discriminatie. Het tweede doel is om te onderzoeken hoe de klachten (over ervaren discriminatie en etnisch profileren) uit 2018 tot en met 2020 zich verhouden tot de klachtenanalyse in de jaren 2013 tot en met 2015. Onderzoeksopzet Dit onderzoek is een herhaalonderzoek, waardoor de resultaten vergeleken kunnen worden met de bevindingen uit 2017.

Op basis van vragen aan Rotterdammers in straatinterviews (519 personen) en via het Digitaal Stadspanel is inzicht gekregen in het beeld van Rotterdammers over de politie. Vanuit het Stadspanel is een aselecte steekproef van 1.000 burgers getrokken uit de in totaal 4.735 burgers die hieraan meedoen. Het beeld dat hieruit naar voren komt is de mening van de bevraagde Rotterdammers die aan de ene kant is gebaseerd op hun eigen ervaringen met de politie en deels op ervaringen van anderen en aan de andere kant op algemene 1 De laag-vertrouwensamenleving: de maatschappelijke impact van COVID-19 in Amsterdam,

Den Haag, Rotterdam & Nederland

Blad:

3/10

beelden over de politie. Ten opzichte van 2017 zijn extra vragen en antwoordmogelijkheden opgenomen in de enquête om verdieping aan te brengen. Een ander verschil met het eerste onderzoek is dat dit keer een verdiepend gesprek is gevoerd met Rotterdammers die een negatieve ervaring deelden in de straat enquêtes. Zestien personen wilden hieraan mee te werken, dit is een klein aantal. Omdat de verhalen van deze mensen grotendeels overeenkomen met de ervaringen uit straatenquêtes, nemen de onderzoekers aan dat meer gesprekken geen substantieel ander beeld over negatieve ervaringen op zullen leveren. Tenslotte zijn de klachten (91) onderzocht die bij de politie Eenheid Rotterdam zijn ingediend over discriminatie door de politie over de jaren 2018 tot en met 2020. Resultaten ervaringen In de beschrijving van de resultaten wordt onderscheid gemaakt tussen de resultaten van de straatenquête en het Digitaal Stadspanel, want samenstelling van deze twee groepen verschilt. De samenstelling van de straatenquête komt meer overeen met de samenstelling van de Rotterdamse bevolking dan het Digitaal Stadspanel. In die laatste groep zijn oudere mannen, wonend aan de noordoever van de Maas namelijk oververtegenwoordigd. De resultaten zijn als volgt:  De meeste burgers in de straatenquête zijn positief (41%) of neutraal (37%) over bejegening door politie.

In 2017 was dat respectievelijk 42% en 41%.  Van de Rotterdammers op straat is 23% negatief. In 2017 was dat 17%. Met name jonge mannen met een niet-westerse migratieachtergrond zijn negatief  Van de burgers die bevraagd zijn via het Rotterdams Digitaal Stadspanel is 58% positief en 37% neutraal. In 2017 was dit 43% en 51%.  Van het Digitaal Stadspanel is 6% procent van de burgers negatief over de politie. In 2017 was dat 7%.  Rotterdammers ervaren iets meer discriminatie. In de straatenquêtes gaat het om 14% van de mensen (10% in 2017) en in het Digitaal Stadspanel om 4% (3% in 2017). Meningen over een positieve bejegening zijn ‘de politie doet haar best’ en ‘de politie is benaderbaar’. Rotterdammers die politiebejegening als neutraal zien benadrukken dat het optreden per situatie verschilt. Verdiepende gesprekken met burgers met negatieve ervaringen van zichzelf of naasten leverde de bevinding op dat burgers het optreden van de politie soms ervoeren als selectief op basis van migratieachtergrond of huidskleur. Daarnaast werd bejegening door de politie soms als treiterend, escalerend of gewelddadig ervaren, of was de reden van optreden niet transparant. Dit resultaat is in lijn met literatuur over politiebejegening. De meeste burgers, zowel op straat als in het Rotterdams Digitaal Stadspanel, baseren hun mening op eigen ervaring met de politie.

Daarnaast wordt het beeld over de bejegening door politie beïnvloed door mediaberichten over coronamaatregelen, coronarellen en nieuws rondom de internationale, maatschappelijke beweging Black Lives Matter. Ook berichtgeving over de Rotterdamse WhatsAppcasus speelt in negatieve zin mee. Ook worden de meningen gebaseerd op verhalen van familie of vrienden of van het ‘horen en zeggen’.

Blad:

4/10

Resultaten klachten In de periode 2018-2020 werden 91 discriminatieklachten ingediend in de gehele Eenheid Rotterdam. In de periode 2013-2015 waren dat er 43. Mogelijke verklaringen voor deze toename zijn de maatschappelijke discussies over de rol van de overheid, aandacht voor Black Lives Matter en politieoptreden tijdens demonstraties en een meer kritische houding van burgers ten opzichte van de politie. Wellicht is de bereidheid om een klacht in te dienen hoger of is de mogelijkheid daartoe bekender geworden. Geen van de klachten is gegrond verklaard door de externe onafhankelijke klachtencommissie. In beide periodes valt op dat burger en politiefunctionaris de situatie waar de klacht over gaat heel anders beschrijven. De onderzoekers constateren dat het erop lijkt dat de toon van de klachten verslechtert. Analyse/conclusie onderzoek De onderzoekers concluderen dat, wanneer alle bevindingen op hoofdlijnen worden samengenomen, er sprake lijkt te zijn van een tegengestelde ontwikkeling: meer burgers in de straatenquête zijn van mening dat de politie burgers negatief benadert, terwijl veel meer burgers in het Rotterdams Digitaal Stadspanel juist van mening zijn dat de politie burgers positief benadert. Daarnaast zijn er meer discriminatieklachten, waarbij de toon van de klachten verslechtert.

Verder lijken burgers zich bewuster te zijn van de negatieve berichtgeving over politiebejegening; burgers geven aan dat dit hun mening beïnvloedt. Dit alles leidt tot de conclusie van de onderzoekers dat in ieder geval sprake lijkt van een verscherpt burgerbewustzijn over politiebejegening, waarbij het erop lijkt dat dit bewustzijn twee ogenschijnlijk polariserende kanten kent. Aanbevelingen toekomstige aanpak De onderzoekers geven de volgende punten mee aan de politieorganisatie.  Maak de aanpak van etnisch profileren/discriminatie door de politie onderdeel van een integrale aanpak van professioneel optreden.  Geef teamchefs meer handvatten door etnisch profileren/discriminatie op te nemen in het integraal leiderschapsprogramma.  Werk samen met maatschappelijke organisaties aan een veranderingstraject, maar geef de politie de tijd om een aantal structurele veranderingen door te voeren.  Blijf als politie periodiek met burgers in wijken in gesprek om aan te voelen wat er leeft onder bepaalde subgroepen burgers die extra kans lopen om onevenredig vaak gecontroleerd te worden door de politie.  Evalueer of, en zo ja, welke opvolging binnen basisteams wordt gegeven na (herhaalde) discriminatieklachten, zowel op teamniveau als op het niveau van de politiefunctionaris zelf. In deel 3 van de brief (vanaf p.

6) leest u op welke manier de driehoek deze aanbevelingen oppakt en uitwerkt. Deel 2 Reflectie begeleidingscommissie De hoofdtaak van de commissie was het begeleiden en adviseren van de onderzoekers van Bureau Beke. Het onderzoek is volgens opdracht, zorgvuldig en op wetenschappelijk verantwoorde wijze uitgevoerd. De begeleidingscommissie heeft de bevindingen van het onderzoekstraject en een reflectie op de resultaten in een brief voor de driehoek vastgelegd. De brief is als bijlage aan dit stuk toegevoegd.

Blad:

5/10

Samengevat brengt de commissie het volgende naar voren: Als het gaat om de resultaten over ervaringen van burgers, dan uiten de commissieleden hun zorgen over het gegeven dat bijna één op vier respondenten in de straatenquêtes negatief is over politiebejegening. De commissie merkt op dat het Digitaal Stadspanel, net als in 2017, een sterke oververtegenwoordiging kent van oudere mannen zonder migratieachtergrond uit wijken ten noorden van de Maas. Hier is in het onderzoeksrapport rekening mee gehouden, maar de commissie geeft de waarschuwing mee dat de samenstelling van het Stadspanel, bij een vluchtige kennisname van het onderzoeksrapport tot een vertekend beeld van de werkelijkheid kan leiden. Ten aanzien van de klachtenanalyse haalt de commissie aan dat het, gestegen aantal klachten, bijna allemaal schriftelijk of na een bemiddelingsgesprek zijn afgedaan. Ten aanzien van de acht klachten die door de externe klachtencommissie ongegrond zijn verklaard, merkt de commissie op dat zij dat gegeven moeilijk te rijmen vindt met de ervaring van discriminatie onder jongeren met een migratieachtergrond. De commissie raadt de politieorganisatie dan ook aan alert te blijven op dit punt. De begeleidingscommissie brengt naar voren dat zij wetenschap heeft van de aangepaste, gedejuridiseerde klachtenprocedure, na aanbevelingen uit het rapport ‘Verkleurde beelden’ van de Nationale Ombudsman.

De Eenheid Rotterdam werkt mee aan een pilot waarbij de indiener van de klacht een intakegesprek krijgt en het aanbod voor een bemiddelingsgesprek. Hierbij wordt ondersteuning aangeboden via het netwerk divers vakmanschap of een andere partij. Het doel hiervan is de verbinding met de burger te versterken, te leren van de klachten en het vertrouwen te herstellen. Voor de toekomst is de begeleidingscommissie van mening dat de complexiteit van dit thema vraagt om een andere onderzoeksopzet dan waar nu voor gekozen is. Monitoring zou zich wellicht niet zozeer moeten richten op het onderzoeken van de fenomenen discriminatie en etnisch profileren, maar op de vraag hoe politie hier in de praktijk mee omgaat. De uiteindelijke bedoeling is immers om zulke incidenten te voorkomen. Deel 3 - Reactie Driehoek De driehoek is Bureau Beke erkentelijk voor de manier waarop de onderzoeksopdracht is uitgevoerd en begeleidingscommissie voor de rol die zij heeft gespeeld bij de totstandkoming. In dit deel van de brief reageert de driehoek op het onderzoek en wordt beschreven op welke manier de aanbevelingen van de onderzoekers opgepakt zijn of worden. Uitkomsten ervaring De uitkomsten van het onderzoek verschillen in niet al te grote mate van de resultaten uit 2017. De driehoek vindt het belangrijk dat de groep die minder goede ervaringen heeft, volop aandacht krijgt en blijft krijgen.

Hiermee deelt de driehoek dus de zorg die de begeleidingscommissie heeft als het gaat om het aantal Rotterdammers dat een negatief beeld van de politie heeft. De politie streeft er naar een politie te zijn voor iedereen. Met dit onderzoek wordt bevestigd dat aandacht voor dit thema nog steeds noodzakelijk is. Gelet op de context waarbinnen dit onderzoek plaatsvond, is de driehoek tevreden met de grote groep Rotterdammers die positieve ervaringen heeft met de politie.

Blad:

6/10

De aanbevelingen van de onderzoekers zijn voor de politie Eenheid Rotterdam van belang. Het programma Politie voor Iedereen zal daar ook de volle aandacht voor hebben en invulling aan geven in de lopende trajecten vanuit het programma De politie Eenheid Rotterdam heeft het programma Politie voor Iedereen regionaal geprioriteerd voor de komende jaren. Het programma kent vijf thema’s: aanpak van discriminatie, divers vakmanschap en bondgenoten, veilige en inclusieve teams, professioneel controleren en diverse werving. Per thema zijn leidinggevenden verantwoordelijk gemaakt voor borging in de teams, om ervoor te zorgen dat het draagvlak en de verantwoordelijkheid breder ligt dan alleen bij het programma. Binnen de teams zijn ambassadeurs aangewezen die het programma uitdragen en verder uitwerken in hun team. De aanbevelingen van de onderzoekers komen op de volgende wijze terug in het programma Politie voor Iedereen Aanbeveling: Maak de aanpak van etnisch profileren/discriminatie door de politie onderdeel van een integrale aanpak van professioneel optreden Aanbeveling Geef teamchefs meer handvatten door etnisch profileren/discriminatie op te nemen in het integraal leiderschapsprogramma. Etnisch profileren of discriminatie moet voorkomen worden, net als de schijn daarvan en (afwijkend) gedrag moet altijd leidend zijn bij een controle.

De politie ziet het, naast de ambassadeurs, ook als een belangrijke rol voor alle leidinggevenden om te reflecteren, vragen te stellen en zaken bespreekbaar te maken bij werkbesprekingen, briefings en debriefings. Het professioneel controleren krijgt een doorontwikkeling en op elk basisteam zijn inmiddels interne ambassadeurs aangesteld die het handelingskader professioneel controleren meer bekendheid geven en met collega’s de dialoog aangaan over de manier waarop we professioneel selecteren en controleren. Ook worden er trainingen georganiseerd met gesimuleerde casuïstiek middels VR-brillen waarin de focus ligt op verbindende communicatie en zijn onderdelen van de thema’s een onderwerp bij bijvoorbeeld vak- of themadagen die voor medewerkers uit de hele eenheid worden georganiseerd. Daarnaast passen ook de volgende onderdelen uit het programma Politie voor Iedereen bij deze aanbeveling: Samen met RADAR worden trainingen gegeven aan intake-medewerkers om beter aangiftes van discriminatie en hatecrimes op te nemen en de kans op een geslaagde vervolging te vergroten. Er zijn tal van initiatieven om divers talent aan te trekken en te behouden voor de organisatie zoals de wervingsbus die rondrijdt met ambassadeurs, sportieve evenementen en de mogelijkheid voor een traineeship voor kandidaten die de selectie op een onderdeel net niet halen.

Hiermee wordt een bijdrage geleverd aan diversiteit binnen de politie. Aanbeveling: Blijf als politie periodiek met burgers in wijken in gesprek om aan te voelen wat er leeft onder bepaalde subgroepen burgers die extra kans lopen om onevenredig vaak gecontroleerd te worden door de politie. Aanbeveling:

Blad:

7/10

Werk samen met maatschappelijke organisaties aan een veranderingstraject, maar geef de politie de tijd om een aantal structurele veranderingen door te voeren. De binding met de wijk en haar inwoners is wat de Nederlandse politie uniek maakt. De politie onderschrijft daarom het belang van de aanbeveling om gericht met iedereen in gesprek te gaan en te blijven en om die gesprekken te gebruiken als buitenspiegel voor het optreden. Diverse teams voeren gesprekken met bewoners en partners uit de wijk om het politieoptreden te evalueren. Deze buitenspiegels leveren inzichten op. De concrete verandering zal echter nog tijd kosten. Als het gaat om leren van een klacht heeft de politie ervaring opgedaan met het organiseren van een evaluerende bijeenkomst. Het betreffende team en hun leidinggevenden gaan met elkaar het gesprek aan over de casus en bespreken ontwikkelpunten. Al langere tijd dragen de verschillende stuurgroepen Veilig in de wijk bij aan de binding met de wijk. Tijdens een stuurgroep gaat de driehoek in gesprek met bewoners. Daarnaast zijn Stadsgesprekken over politiebejegening in de wijk georganiseerd. De Stadsgesprekken maken onderdeel uit van de aanpak van de stadsmarinier Racisme en Discriminatie. In de Stadsgesprekken ligt de focus op gesprekken tussen jongeren en de politie over onderwerpen waar het programma Politie voor Iedereen zich voor inzet.

Zowel de stuurgroep Veilig in de wijk als de Stadsgesprekken hebben tijdens de coronapandemie stil gelegen. Nu bij elkaar komen weer veilig kan, worden deze gesprekken weer opgepakt. Tien gesprekken staan reeds gepland. Daarnaast zijn we betrokken bij netwerken vanuit de verschillende gemeenschappen om elkaar te vinden wanneer het nodig is, dilemma’s te bespreken en te leren van elkaar. Ook is in de zomer van 2021 een externe adviescommissie aangewezen die gevraagd en ongevraagd advies uitbrengt over de voortgang van het programma Politie voor Iedereen. Ik informeerde uw raad hier over op 9 november 2021 (21bb014003). De verwachting is dat de commissie het Regionaal Veiligheidsoverleg (RVO) in de zomer op de hoogte brengt van haar (eerste) bevindingen. Uiteraard zal ik uw raad hiervan op de hoogte stellen. Uitkomsten klachten Ongeacht de aanleiding wordt elke klacht door de politie serieus genomen en beoordeeld. In de meeste gevallen zorgt een gesprek met de indiener al voor meer wederzijds begrip en wenst hij of zij geen verder juridisch vervolg. Dit proces is zodanig ingericht n.a.v. aanbevelingen van de Nationale Ombudsman. Een klein deel van de klachten wordt doorgezet en belandt bij de onafhankelijke externe klachtencommissie en de politiechef die het eindoordeel geeft.

Is de klager daarover niet tevreden, dan is er altijd de mogelijkheid om de klacht voor te leggen aan de Nationale Ombudsman. Deze procedures zijn bij wet geregeld. Bureau Beke gaf als aanbeveling om te evalueren of en zo ja welke opvolging binnen basisteams wordt gegeven na (herhaalde) discriminatieklachten, zowel op teamniveau als op het niveau van de politiefunctionaris zelf. De politie vindt het belangrijk dat de betrokkenen leren van de klacht. Zoals hierboven toegelicht heeft de politie ervaring met organiseren van een evaluerende bijeenkomst waarbij het hele team leert.

Blad:

8/10

Herhaal onderzoek en monitoringsmogelijkheden Uit het onderzoek komt naar voren dat de groep Rotterdammers die politiebejegening als negatief ervaart duidelijk in beeld is. Zowel de onderzoekers als de begeleidingscommissie adviseren een herhaalonderzoek niet nogmaals op deze manier uit te voeren, maar de aandacht te richten op het verbeteren van de prestaties. De politie Eenheid Rotterdam streeft er naar hun optreden ook voor deze groep inclusief te maken. Hierboven is toegelicht op welke manier de politie dat bewerkstelligt. De driehoek sluit zich bij de onderzoekers en de begeleidingscommissie aan als het gaat om de aandacht die moet komen te liggen op de prestaties. Tegelijkertijd is wel van belang het effect van de inspanning te meten. Dit gebeurt binnen het programma Politie voor Iedereen. Hierover wordt uw raad aan het einde van het tweede kwartaal van dit jaar bericht, zoals eerder is toegezegd (21bb014562) Daarnaast heb ik, naar aanleiding van de door uw raad aangenomen motie Onafhankelijk onderzoek naar racisme binnen de politie (21bb4699, met afdoeningsbrief 21bb11978) de minister van Justitie en Veiligheid gevraagd een landelijk onderzoek uit te voeren naar deze thema’s. Samen met de andere G4steden en één van de projectleiders van Politie voor Iedereen op landelijk niveau zijn de mogelijkheden verkend waarop dit het beste kan.

In eerste instantie is bekeken of bestaande monitoringsonderzoeken uitgebreid kunnen worden met vragen op dit thema. Op dit moment lijkt dat echter niet tot een wenselijk resultaat. Dat komt omdat de bestaande monitor een te lage frequentie van een meetmoment heeft (bijvoorbeeld slechts één keer per 2 jaar). Een andere tekortkoming is dat de betrouwbaarheid van resultaten afneemt als ingezoomd wordt op een gemeente, omdat het een landelijke monitor betreft. Ik blijf hiervoor aandacht vragen bij de minister. Als les uit dit onderzoek zal ik de minister meegeven, rekening te houden met een goede representatie van de onderzochte doelgroep. De kans is aanwezig dat de groep die negatieve ervaringen heeft met politie ondervertegenwoordigd is in de respondenten. Dit heeft vanzelfsprekend consequenties voor de resultaten. Tot slot merkt de driehoek op dat de aandacht voor het thema inclusiviteit niet alleen voor het werk van de politie een belangrijk thema is. Ook in andere (overheids)sectoren is hier belangstelling voor. De gemeente Rotterdam geeft hier onder meer invulling aan met het actieprogramma Rotterdam tegen racisme. Onderdeel hiervan is een stadsmarinier racisme en discriminatie. Naar aanleiding van de uitkomsten van dit onderzoek wordt een bijeenkomst georganiseerd om te bezien hoe gemeente en politie, als zichtbare partners in de wijken, elkaar kunnen versterken.

De hierboven genoemde stadsgesprekken die de driehoek voert, zijn eveneens een voorbeeld van een gezamenlijke inspanning. Omdat de politie, als zeer zichtbaar onderdeel van de overheid, in het hart van de samenleving opereert, kan het effect van deze inspanningen niet los gezien worden van het bredere maatschappelijke debat over discriminatie, racisme en uitsluiting. Motie Assumption is the mother of Met de afronding van het herhaalonderzoek kan de motie Assumptipon is the mother of… gestand gedaan worden. In deze motie wordt het college gevraagd:  Naar aanleiding van racistische uitlatingen in appconversaties van de Rotterdamse politie, de actuele kwestie te bespreken met de politie en op korte termijn passende maatregelen te treffen;

Blad:

9/10

 

 

Zo snel mogelijk, bij voorkeur in de tweede helft van 2020, te starten met periodiek onderzoek naar de bejegening door de politie en ervaringen van discriminatie door de politie en een dergelijk onderzoek periodiek te herhalen. Onder bejegening verstaan we ook vragen naar gevoelens van racisme en discriminatie, bijvoorbeeld bij preventief fouilleren; De politie periodiek bij te scholen op het gebied van bewustwording van gevoelens van discriminatie onder burgers; Op basis van de verkregen inzichten plannen op te stellen waarbij bejegening, de aanpak van discriminatie en het verbeteren van het vertrouwen tussen politieagenten en wijkbewoners centraal staan, in het bijzonder in wijken waar het vertrouwen laag is; Hierover het gesprek aan te gaan met de nationale politie; De resultaten van deze inzet voorafgaand aan de begrotingsbehandeling voor 2021 te delen met de raad.

In 2021 is in de commissie Veiligheid en Bestuur uitgebreid gedebatteerd over de uitlatingen van politieagenten via WhatsApp. Zoals hierboven is toegelicht wordt binnen het programma Politie voor Iedereen continu gewerkt aan professioneel controleren. Ook het verbeteren van het vertrouwen is onderdeel van het programma. Hier wordt met de stadsgesprekken ook in driehoeksverband vorm aan gegeven. De motie vraagt te starten met periodiek onderzoek naar de bejegening door de politie en ervaringen van discriminatie door de politie en een dergelijk onderzoek periodiek te herhalen. Het onderzoek van Bureau Beke is in het najaar 2020 gestart, dus in zoverre is aan het gevraagde in de motie voldaan. In navolging van het advies van de onderzoekers en de begeleidingscommissie stelt de driehoek voor het onderzoek dat nu voor ligt niet nogmaals te herhalen. Uiteraard is het van belang de effecten van de inspanningen te blijven meten. Hierboven is toegelicht op welke manier daar invulling aan wordt gegeven. Ik ga er vanuit u hiermee voldoende geïnformeerd te hebben om de motie Assumption is the mother of… als afgedaan te kunnen beschouwen. Met het rapport in de bijlage is eveneens voldaan aan de toezegging opnieuw stil te staan bij de beelden binnen de Rotterdamse samenleving over de politie (18bb780). Financiële en juridische consequenties/aspecten: n.v.t. Burgemeester van Rotterdam

Ing. A. Aboutaleb

Blad:

10/10

Bijlage(n): 1) Bureau Beke Eindrapportage ‘Beelden van de samenleving over de bejegening van burgers door de politie in relatie tot discriminatie. Een onderzoek naar ervaringen en meningen’ 2) Brief van de begeleidingscommissie

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=RotterdamRaad&id=8f070ff9-4f9b-4c63-bca7-2e2ccfa6ae73