CConstaterende datRotterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

21bb6798 Afdoeningsvoorstel toezeggingen wethouder Van Gils inzake Stedin

Gemeenteraad 27 mei 2021, gemeente RotterdamBij agendapunt: 12. Het voorstel met betrekking tot een kapitaalstorting in Stedin Holding N.V., alsmede tot vaststelling van het Publiek Kader voor de deelneming Stedin.1.535 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

mr. A.H.P. van Gils Wethouder Financiën, Organisatie, Haven en Grote Projecten

Bezoekadres: Stadhuis Coolsingel 40 3011 AD Rotterdam Postadres: Postbus 70012 3000 KP Rotterdam

Aan de raadscommissie MPOF Postbus 70012 3000 KP ROTTERDAM

Website: www.rotterdam.nl E-mail: bbo@rotterdam.nl Inlichtingen: dr. C. van Liere Telefoon: 72286 Portefeuillehouder: Van Gils Cluster: directie Middelen en Control Ons kenmerk: 3829945 - 21bb006798 Uw kenmerk: Datum: 26 mei 2021 Betreft: afdoening toezeggingen inzake Stedin

Geachte leden van de raadscommissie ,

Bij de behandeling op 20 mei 2021 van het raadsvoorstel om in te stemmen met de verkrijging voor maximaal € 100 miljoen van de nog uit te geven cumulatief preferente aandelen in Stedin Holding N.V. nummer) , is door uw commissie gevraagd naar het advies van de Adviescommissie aanwending verkoopopbrengst Eneco inzake deze investering. Dit advies is inmiddels door de Adviescommissie aan uw raad ter beschikking gesteld. De adviescommissie concludeert dat de beoogde kapitaalstorting in Stedin voldoet aan de door de raad vastgestelde uitgangspunten voor de aanwending van de verkoopopbrengst Eneco. Een kapitaalstorting in Stedin heeft een laag risicoprofiel, past bij de beleidsinhoudelijke doelstellingen op het gebied van de energietransitie en sluit aan op belangrijke aspecten van de concept-omgevingsvisie. Wel meent de adviescommissie dat een eventuele kapitaalstorting aan een aantal aanvullende voorwaarden moet voldoen en noemt daarbij een vijftal punten. Zonder vooruit te lopen op de definitieve collegereactie en de specifieke wijze waarop het college aan deze voorwaarden wil voldoen, kan worden vastgesteld dat deze punten vallen binnen de afspraken zoals die zijn vastgelegd in de overeenkomsten over de kapitaalstorting en de governance tussen Stedin en de aandeelhouders, alsmede binnen de door uw raad vastgestelde kaders voor het beheer van deelnemingen.

Hierbij geef ik u, na ruggespraak te hebben gehouden met het college, alvast een voorlopige reactie op de vijf door de commissie naar voren gebrachte punten.

Blad:

2/5

1.

De adviescommissie stelt dat een kapitaalstorting door de gemeente Rotterdam hoofdzakelijk als doel moet hebben om de energietransitie veilig te stellen, zodat Stedin daarbij de benodigde investeringen op korte en lange termijn kan blijven doen. Regulier onderhoud van het netwerk moet ten alle tijde vanuit de reguliere begroting van Stedin gedekt worden en mag geen onderdeel zijn van de gevraagde kapitaalstorting. Reactie: Stedin heeft eerder reeds aangegeven in totaal ca. €1,4 miljard tot en met 2024 in de provincie Zuid Holland te investeren, waarvan € 340 miljoen in de gemeente Rotterdam. Zowel voor het totale bedrag in deze provincie als voor Rotterdam geldt dat ca. 25% daarvan gerelateerd is aan investeringen in de energietransitie, waardoor in ieder geval in absolute zin het investeringsvolume ten behoeve van de energietransitie hoger is dan het potentieel ter beschikking gestelde kapitaal door de aandeelhouders. Ten aanzien van een eventuele scheiding van geldstromen is overeengekomen dat de aandeelhouders het kapitaal storten in de holding van Stedin. Van daaruit worden de middelen aangewend voor de verschillende dochtervennootschappen, waarbij de netbeheertaak conform de strategie van Stedin verreweg het overgrote deel uitmaakt van de uitgaven. Het gestorte kapitaal is niet “geoormerkt”.

De AHC en Stedin beogen normale governance-verhoudingen waarbij het bestuur, onder toezicht van de Raad van Commissarissen verantwoordelijk is voor de meest effectieve en efficiënte aanwending van het kapitaal. Tegelijkertijd zijn met Stedin in de governance (zie punt 2) afspraken gemaakt over de verplichte informatievoorziening aan de aandeelhouders over de voortgang van de investeringen. 2 De adviescommissie stelt voor dat de gemeente jaarlijks in haar beheerverslag expliciet monitort hoe de gevraagde kapitaalstorting ingezet wordt en dat de investeringen met name ten goede komen aan het belangrijkste argument voor de kapitaalstorting: het veiligstellen van de energietransitie. Reactie: In het voorstel dat aan de aandeelhouders ter besluitvorming is voorgelegd is een aanpassing van de governance opgenomen waarbij de aandeelhouders op diverse onderdelen meer zeggenschap verkrijgen. Eén van de onderdelen is dat de informatievoorziening en informatieverstrekking aan de aandeelhouders nadrukkelijk worden verbeterd, met meer specifieke én diepgaandere informatie. Zo is Stedin verplicht om zowel voorafgaand in haar Meerjarig Strategisch Plan (vijf jaar) en de uitvoering daarvan, namelijk het Jaarplan (jaarlijks) als gedurende het jaar de aandeelhouder te informeren over de investeringen in de energietransitie, zo gaat het o.a.

om investeringsvolumes per type investering, de investeringsdoelstellingen, het rendement, voortgang van de Regionale Energie strategieën. De informatie c.q. data die door Stedin ter beschikking wordt gesteld zal als basis dienen voor de verslaglegging over Stedin in het jaarlijkse beheerverslag, met daarbij nadrukkelijk ook het inzicht in de energietransitie-investeringen op grond van de gemaakte afspraken.

Blad:

3/5

3 Een kapitaalstorting nu, mag niet automatisch leiden tot een kapitaalstorting in de toekomst. Reactie: voor alle deelnemende gemeenten geldt dat er geen enkele verplichting is dat een storting nu (voor de korte termijn) automatisch ook leidt tot een verplichting voor een kapitaalstorting op de lange termijn. Hier is ook het proces op ingericht doordat er een splitsing is gemaakt tussen de kapitaalvraag voor de korte en de lange termijn. De kapitaalvraag vóór het methodebesluit betreft de korte termijn, kent de aan de aandeelhouders voorgelegde hoogte van €200 mln. en heeft betrekking op de huidige reguleringsperiode (tot 2022). De kapitaalvraag op de lange termijn is afhankelijk van het nieuwe Methodebesluit dat de toezichthouder Autoriteit Consument & Markt (hierna: ACM) zal nemen voor de periode 2022-2026. In dit Methodebesluit is ook een herijking van de vermogenskostenvoet opgenomen zodat de kapitaalbehoefte van Stedin voor de nieuwe reguleringsperiode 2022-2026 met meer zekerheid en daarmee accurater vastgesteld kan worden. De AHC en Stedin zullen zodra deze nieuwe reguleringsparameters bekend zijn analyseren wat de impact is voor Stedin en de betrokken stakeholders om vervolgens verder over mogelijke instrumenten c.q. oplossingsrichtingen in gesprek te gaan.

4 Aanvullend is de adviescommissie van mening dat onderzocht moet worden hoe het wettelijk mogelijk gemaakt kan worden dat andere investeerders, niet zijnde overheden, op termijn ook eigen vermogen in Stedin kunnen inbrengen. Het uitgeven van cumulatief prefererente aandelen (met een laag risicoprofiel) kan voor veel investeerders, bijvoorbeeld pensioenfondsen, een interessante investering zijn. De noodzaak voor een volledige publieke financiering van Stedin kan daarmee vervallen of worden verkleind. De adviescommissie ziet voor de gemeente Rotterdam, als grootste aandeelhouder, een voortrekkersrol in een lobby richting het Rijk om dit mogelijk te maken. Reactie: uit het advies van de commissie blijkt niet om welke reden het wenselijk zou kunnen zijn om tot gedeeltelijke privatisering van Stedin over te gaan. De Staat heeft een absoluut privatiseringsverbod ingesteld omdat het vanuit het publieke belang noodzakelijk wordt geacht deze vitale infrastructuur in publieke handen te houden. De aan het aandelenbezit verbonden zeggenschap van de aandeelhouders is ook gericht op het borgen van deze publieke belangen. 5 Tot slot adviseert de commissie u om elke 10 jaar een moment van heroverweging te organiseren, waarbij opnieuw bekeken moet worden of het bezit van de cumulatief preferente aandelen nog wenselijk en/of noodzakelijk is.

Blad:

4/5

Indien dit niet het geval is moet de gemeente de vrijheid hebben om de aandelen weer te verkopen, ook aan andere publieke aandeelhouders indien de lobby richting het Rijk niet tot de gewenste resultaten heeft geleid. Reactie: de gestelde voorwaarde is in lijn met het gemeentelijke beleidskader Verbonden Partijen en Governance Samenwerkingsrelaties. Hierin is opgenomen dat elke deelneming periodiek tegen het licht wordt gehouden en wordt geëvalueerd. Qua frequentie is in het kader vermeld dat elke deelneming eens in de zeven jaar uitgebreid geëvalueerd wordt. Ten aanzien van het weer verkopen van de aandelen houdt de gemeente de vrijheid om de cumulatief preferente aandelen te verkopen. Tegelijkertijd kunnen geïnteresseerde partijen c.q. gegadigden conform de huidige wet enkel publieke partijen (openbare lichamen) zijn en kunnen cumulatief preferente aandelen slechts worden gehouden door aandeelhouders die ook gewone aandelen houden en is diens percentage cumulatief preferente aandelen in het kapitaal van Stedin niet hoger dan tweemaal het percentage van zijn gewone aandelen in het kapitaal van Stedin. Aanwending dividend.

Wat betreft de suggestie vanuit uw commissie om ook het dividend van de cumulatief preferente aandelen terug te laten vloeien naar de Rotterdamse Investeringsmotor (RIM) en het revolverende karakter van het fonds hierdoor te versterken, bevestig ik u dat deze gedachte mij sympathiek is. Ik acht mij echter gehouden aan de door uw raad vastgestelde beleidsregels Rotterdamse Investeringsmotor uit november 2020. Op grond van dit kader wordt enkel superdividend aan het RIM toegevoegd. Verder schrijven deze beleidsregels voor dat de verkoopopbrengsten van bezit, zoals aandelenkapitaal, worden toegevoegd aan de RIM. Hiermee zou het revolverende karakter van het fonds voldoende zijn geborgd. In de door het college vastgestelde concept Voorjaarsnota is rekening gehouden met een opbrengst uit het cumulatief preferente dividend op basis van een storting naar rato van het huidige aandelenpercentage. Deze opbrengsten worden, gelijk de overige dividendopbrengsten, toegevoegd aan de algemene middelen. Op dit moment is sprake van een meerjarig financieel sluitende conceptVoorjaarsnota 2021. Of er een storting gedaan zal worden boven het pro rata deel van de gemeente, waarvan de opbrengst nog niet is bestemd, zal duidelijk worden na de aandeelhoudersvergadering van Stedin op 25 juni as.

Blad:

5/5

Om deze te bestemmen voor het fonds zou uw raad voorafgaand hieraan een besluit moeten nemen om de beleidsregels te wijzigen.

Met vriendelijke groet,

mr. A.H.P. van Gils Wethouder Financiën, Organisatie, Haven en Grote Projecten

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=RotterdamRaad&id=2c63e75a-9ddb-4664-8af7-d8c696e864d7