21bb6730 Brief adviescommissie over publicatie advies kapitaalstorting Stedin
Tekst van het document
Onderwerp:
Publicatie “advies kapitaalstorting Stedin" Postadres: Postbus 70013 3000 KR Rotterdam Internet: rotterdam.nl/ Van: S. Ahraui Telefoon: 06-51018832 E-mail: s.ahraui@rotterdam.nl
Aan: de leden van de commissie MPOF CC: gemeenteraad en college van B&W
Datum: 21 mei 2021
Geachte commissieleden, Op 20 mei 2021 heeft u tijdens de commissiebehandeling rondom de kapitaalstorting Stedin gevraagd naar het advies van de adviescommissie op het door het college van B&W ingediende investeringsvoorstel voor aanwending van de verkoopopbrengst Eneco. De werkzaamheden voor het eerste (volledige) adviesrapport van de adviescommissie zitten momenteel in de afrondende fase. Aangezien de gemeenteraad op donderdag 27 mei a.s. reeds een intentiebesluit wenst te nemen over de kapitaalstorting in Stedin, en daarbij het advies van de adviescommissie wil betrekken, stuur ik u reeds het advies op dit investeringsvoorstel toe. Het volledige adviesrapport, inclusief de overige door het college van B&W ingediende investeringsvoorstellen en de adviezen van de adviescommissie hierop, zal op korte termijn met uw raad en het college van B&W gedeeld worden.
Met vriendelijke groet,
S. Ahraui Secretaris Adviescommissie
Memo Adviescommissie verkoopopbrengst Eneco
1
Aan
:
Commissie MPOF
Kopie aan
:
Gemeenteraad en college van B&W
Datum
:
21 mei 2021
Betreft
:
Advies Stedin
Van: S. Ahraui Telefoon: 06-51018832 E-mail: s.ahraui@rotterdam.nl
Werkwijze commissie Op 18 maart heeft uw raad besloten tot het instellen van de Adviescommissie aanwending verkoopopbrengst Eneco. Met de behandeling van de begroting 2021 heeft uw raad de specifieke kaders vastgesteld voor benutting van de verkoopopbrengst Eneco: raadsbesluit, 20bb16753. In dit besluit staat aan welke aanvullende specifieke uitgangspunten de investeringen vanuit de verkoopopbrengst Eneco moeten voldoen. Onderdeel van de kaders voor de benutting van de verkoopopbrengst was de instelling van een adviescommissie ex art. 84 van de Gemeentewet, die in opdracht van college én raad erop toeziet dat de benutting van het restant van de verkoopopbrengst Eneco past bij de door de gemeenteraad vastgestelde uitgangspunten. De adviescommissie heeft een toezichthoudende taak, waarbij zij voor de investeringsplannen nagaat of deze voldoen aan de algemene en specifieke kaders.
2
Kapitaalstorting Stedin Stedin heeft aan haar aandeelhouders een kapitaalinjectie van ca. € 200 mln gevraagd. Het bedrijf wil daarmee aanvullende ‘hybride’ leningen aantrekken om zijn financiële positie te verbeteren. Dit moet het bedrijf in staat stellen te blijven investeren in zijn energienetten, met het oog op de energietransitie. Voor Rotterdam betekent dit, naar rato, een investering van minimaal ca. € 64 miljoen als Rotterdam besluit pro rata mee te doen. Als overige aandeelhouders echter niet of minder investeren, gaat het om een investering van maximaal ca. € 100 miljoen. Het exacte bedrag is afhankelijk van de bereidheid van de andere aandeelhouders om mee te doen, en van de politieke en bestuurlijke bereidheid van de gemeente zelf. Stedin geeft aan tot 2024 ca. € 340 mln te investeren in de Rotterdamse elektriciteit- en gasnetten, aansluiting van laadpalen, plaatsing van slimme meters en het zorgen voor aardgasvrije wijken. Uitgangspunten Bezit voor bezit
De investering revolveert
Ten minste 50% cofinanciering
Oordeel commissie Het verkrijgen van preferente aandelen leidt tot de verwerving van gemeentelijk bezit en voldoet daarmee aan het uitgangspunt bezit voor bezit. Zodra Stedin overgekapitaliseerd is, vloeit de kapitaalstorting terug naar de gemeente. Naar huidige inzichten wordt dit moment rond 2040 verwacht. In de tussenliggende periode ontvangt de gemeente, bovenop eventuele dividenden, een rendement van 3% op de kapitaalstorting. Als de kapitaalstorting vanuit de gemeente Rotterdam beperkt blijft tot maximaal 50% van de door Stedin gevraagde kapitaalinjectie, wordt er voldaan aan het criterium van cofinanciering. Rekening houdend met de totale investeringssom die Stedin in Rotterdam wil doen, is de gemeentelijke hefboom zelfs groter.
Blad: 2/2 Datum: 21 mei 2021
Op basis van de beschikbare informatie vindt de adviescommissie dat de beoogde kapitaalstorting in Stedin voldoet aan de door de raad vastgestelde uitgangspunten voor de aanwending van de verkoopopbrengst Eneco. Een kapitaalstorting in Stedin heeft een laag risicoprofiel, past bij de beleidsinhoudelijke doelstellingen op het gebied van de energietransitie en sluit aan op belangrijke aspecten van de concept-omgevingsvisie. Wel meent de adviescommissie dat een eventuele kapitaalstorting aan een aantal voorwaarden moet voldoen: De kapitaalinjectie van de gemeente Rotterdam moet hoofdzakelijk bedoeld zijn om de energietransitie veilig te stellen, zodat Stedin de daarvoor benodigde investeringen op korte en lange termijn kan blijven doen. Regulier onderhoud van het netwerk moet Stedin ten alle tijde vanuit de reguliere begroting dekken; dit onderhoud mag geen onderdeel zijn van de gevraagde kapitaalstorting. Het toezicht van de gemeente als aandeelhouder op Stedin moet goed geborgd zijn. Het vergroten van het financieel belang van de gemeente in Stedin vraagt om een kritische en professionele aandeelhoudersrol die toeziet op de juiste besteding en investeringsstrategie van Stedin.
De adviescommissie stelt voor dat de gemeente kritisch blijft monitoren en jaarlijks in haar beheerverslag expliciet rapporteert hoe Stedin de gevraagde kapitaalstorting inzet en dat de investeringen vooral ten goede komen aan het belangrijkste argument voor de kapitaalstorting: het veiligstellen van de energietransitie. Een kapitaalstorting nu, mag niet automatisch leiden tot een kapitaalstorting in de toekomst. Uit de geleverde documentatie blijkt dat het mogelijk is dat Stedin in de toekomst een aanvullende kapitaalbehoefte kan hebben. De adviescommissie is van mening dat op dat moment de gemeente opnieuw een eigen afweging moet kunnen maken, ook als dit in de praktijk betekent dat Stedin deze behoefte anders niet opgevuld krijgt. Het is cruciaal om dit bij het begin van het besluitvormingsproces met Stedin te communiceren en dit expliciet onderdeel te maken van de verdere besluitvorming. Tot slot meent de adviescommissie dat onderzoek nodig is naar de vraag hoe het wettelijk mogelijk is te maken dat andere investeerders dan overheden op termijn eigen vermogen in Stedin kunnen inbrengen. Het uitgeven van cumulatief prefererente aandelen met een laag risicoprofiel kan voor veel investeerders, bijvoorbeeld pensioenfondsen, een interessante investering zijn. De noodzaak voor een volledige publieke financiering van Stedin kan daarmee vervallen of verkleinen.
De adviescommissie ziet voor de gemeente Rotterdam, als grootste aandeelhouder, een zichtbare en prominente voortrekkersrol in een lobby richting het Rijk om dit mogelijk te maken. Aanvullend op deze lobby adviseert de commissie u om, zoals uw beleidskader ook stelt, elke 7 jaar een moment van heroverweging te organiseren. Het gaat daarbij om het opnieuw bekijken van de vraag of het bezit van de cumulatief preferente aandelen nog wenselijk of noodzakelijk is. Als dat níet wenselijk of noodzakelijk is, moet de gemeente de vrijheid hebben om de aandelen te verkopen, eventueel ook aan andere publieke aandeelhouders, als de lobby richting het Rijk niet tot de gewenste resultaten heeft geleid.