21bb6426 Inspreekbijdrage Natuurmonumenten - RES 1.0 Rdam
Tekst van het document
Inspraaktekst Natuurmonumenten RES 1.0 Rotterdam-Den Haag d.d. 19 mei 2021 Commissie EDEM, Gemeente Rotterdam Willemijn Nagel, medewerker Public Affairs, Natuurmonumenten, dank voor gelegenheid om in te spreken. Ik doe dat namens de > 120.000 leden van Vereniging Natuurmonumenten in Zuid-Holland in de vorm van deze tekst.
Natuurmonumenten feliciteert de RES-regio Rotterdam Den Haag met de totstandkoming van de RES 1.0. Er is veel werk verzet en dat is een compliment waard. Met name het principe van streven naar energie-efficiëntie en energiebesparing. Daarnaast het benutten van daken en parkeerplaatsen in stedelijk gebied voor zonne-energie op 40% van het geschikte dakoppervlak. We denken dat hier nog meer kansen liggen. In Zuid-Holland schieten de distributiecentra als paddenstoelen uit de grond. Al deze daken zouden vanzelfsprekend vol moeten liggen met zonnepanelen. Geen nieuwe doos meer zonder dak vol zon. Dat geldt ook voor andere bedrijfspanden en de haven van Rotterdam. Hier ligt een uitgelezen kans voor de gemeente om dit actief te stimuleren. Wij hebben er al eerder voor gepleit om beschermde natuurgebieden, zoals Natura 2000 gebieden en NNN-gebieden, te ontzien. Wij zijn dan ook blij dat de RES Rotterdam – Den Haag ervoor heeft gekozen om Natura2000 gebieden en NNN-gebieden uit te sluiten van zoeklocaties voor grootschalige wind en zon. Graag zien we dan ook dat dit correspondeert met de kaarten in de RES 1.0. Wij begrijpen het dilemma van de RES-regio’s om niet op voorhand te veel gebieden uit te sluiten om zo de mogelijkheden voor het behalen van de energiedoelstellingen zo groot mogelijk te houden.
Anderzijds heeft u als overheden, en vanavond als gemeente Rotterdam, een verantwoordelijkheid voor ons landschap en onze natuur. Dat open landschap en de natuur zijn kwetsbaar, maar ook zo van levensbelang. Iedereen heeft in het afgelopen coronajaar gemerkt hoe ongelooflijk belangrijk het is om open en aantrekkelijke groengebieden in de directe omgeving te hebben. De behoefte aan meer natuur in de eigen omgeving is in deze provincie het grootst, zo blijkt
uit onderzoek. Laten we dus heel zuinig zijn op ons open landschap. Het kan beide, ik ben daarvan overtuigd: voldoen aan de energie-opgave en onze waardevolle landschappen en natuurgebieden sparen. Dat geldt ook voor de ommelanden van Rotterdam en wel in het bijzonder voor het Bijzonder Provinciaal Landschap Midden-Delfland (BPL), waarvan u als gemeente partner in bent. Het doel van het BPL is om de open ruimte, cultuurhistorie en natuur te behouden voor de agrariër en de recreant. Als je dan naar de kaarten van deze RES kijkt, zijn er toch een aantal zoekgebieden ingetekend voor windturbines en zon vlak aan de randen van deze gebieden. Of zelfs in het BPL, bijvoorbeeld ten noorden van Schiedam waar de weidevogelgebieden van Noord-Kethel liggen en landgoed de Tempel wordt ontwikkeld in samenwerking met de gemeente en Natuurmonumenten. De investeringen zijn hiervoor o.a. gedaan ter compensatie van de tweede Maasvlakte met PMR-middelen. Wij vragen u deze arcering aan te passen in de RES 1.0. (zie omcirkeld gebied in onderstaande figuur, vergeleken met de kaart van het BPL daaronder).
Wij zeggen niet dat er niets kan, maar we vragen u om voor dit soort kwetsbare locaties en gebieden ontwerpprincipes op te stellen. We ondersteunen op dit punt graag de aanbevelingen die de KNNV heeft gedaan voor Midden-Holland en stellen voor om die ook voor de andere regio’s te hanteren. Eén van die ontwerpprincipes is om onderzoek naar effecten op beschermde soorten te doen. Wij pleiten ervoor om dit onderzoek uit te voeren met alle partners van de Landschapstafel Midden-Delfland, bijvoorbeeld voor de effecten op de weidevogels en het landschap in Midden-Delfland. Tot slot zouden wij willen aanbevelen om ons als terreinbeheerder, maar ook als natuurvereniging met vele leden in Zuid-Holland, bij de verdere uitwerking van de zoeklocaties, nauwer te betrekken in het proces. We hebben tot nu toe geen directe betrokkenheid gehad; wij danken de Zuid-Hollandse Natuur- en Milieufederatie bij deze voor hun constructieve inbreng die zij namens onze organisatie hebben gedaan, en zouden het op prijs stellen wanneer wij bij de uitwerking op gebiedsniveau direct als belanghebbende worden betrokken. Ik dank u. Willemijn Nagel, Natuurmonumenten