CConstaterende datRotterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

21bb6350 Collegebrief over Voortgang Inkoop Maatschappelijke ondersteuning en Jeugdhulp

Gemeenteraad 8 juli 2021, gemeente RotterdamBij agendapunt: 17. Het voorstel tot vaststelling van de inkoopstrategie Wijkteams, alsmede de inkoopstrategie Jeugdhulp, alsmede de brief van burgemeester en wethouders over de voortgang aanbesteding Welzijn en WMO-maatwerkondersteuning.6.878 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Bezoekadres: Stadhuis Coolsingel 40 3011 AD Rotterdam Postadres: Postbus 70012 3000 KP Rotterdam Website: www.rotterdam.nl E-mail: bbo@rotterdam.nl Inlichtingen: D. Verhof Telefoon: 0614890265

Aan de Gemeenteraad

Portefeuillehouders: S. de Langen en J. Bokhove Cluster: Cluster Maatschappelijke Ontwikkeling Ons kenmerk:21MO02612 – 21bb6350 Datum: B&W 25 mei 2021 Betreft: Voortgangsbrief Inkoop Maatschappelijke ondersteuning en Jeugdhulp

Onderwerp: Inkoop Maatschappelijke ondersteuning en Jeugdhulp Op welke gronden deze brief?/Waarom nu voorgelegd? In het beleidsplan ‘Heel de Stad’, door uw raad besproken en vastgesteld op 28 januari 2021 en 4 februari 2021, heeft uw Raad de ambities vastgelegd ten aanzien van maatschappelijke ondersteuning en jeugdhulp in Rotterdam. Tussen 2022 en 2023 start de nieuwe inkoopperiode voor de vier grote inkoopsporen:  Welzijn;  Wmo-maatwerkondersteuning;  Wijkteams;  Jeugdhulp (deels lokaal, deels regionaal ingekocht). De vier grote inkoopsporen vervullen een belangrijke rol in het realiseren van de ambities en doelen van Heel de Stad. Samen vormen de inkoopsporen belangrijke schakels in de totale gemeentelijke inzet op maatschappelijke ondersteuning en jeugdhulp. Op 28 januari 2021 en 4 februari 2021 heeft uw raad de “Kadernotitie Inkoopstrategieën Heel De Stad - Overkoepelende uitgangspunten voor de inkoopstrategieën van de inkoopsporen Welzijn, Wmo-Maatwerkondersteuning, Wijkteams en Jeugdhulp” (hierna: Kadernotitie) besproken en vastgesteld, evenals de “Inkoopstrategie Welzijn” en de “Inkoopstrategie Wmo-maatwerkondersteuning”. De inkoopstrategieën voor Wijkteams en Jeugdhulp ontvangt u medio 2021, zoals is toegelicht in de Kadernotitie.

Voor deze inkoopsporen vormt naast ‘Heel de stad’ de Regiovisie 'Nabij en Passend', welke door uw raad is besproken en vastgesteld op 29 april jl., een belangrijk kader. Bij de inkoop van Wijkteams en Jeugdhulp is ook nadrukkelijke aandacht voor de aanbevelingen uit het rapport ‘Een kind is geen kavel’. Middels deze brief informeren wij u over de voortgang van de inkoopsporen. Daarnaast wordt u gevraagd een aantal moties en toezeggingen af te doen.

Blad:

2/17

Relatie met het coalitieakkoord/collegewerkprogramma/begroting/eerder aangenomen moties en gedane toezeggingen: In deze raadsinformatiebrief ontvangt u afdoeningsvoorstellen van de hieronder genoemde moties en toezeggingen en wordt u geïnformeerd over de volgende moties en toezeggingen in het kader van de Inkoop van maatschappelijke ondersteuning en jeugdhulp. U wordt verzocht om: - De volgende moties en toezeggingen als afgedaan te beschouwen:         

Motie 21bb1384 Huizen van de wijk van de wijk (SP – A. van Zevenbergen, e.a.); Motie 21bb1376 Elke bewoner gelijk in Huizen van de wijk (D66 – I. van Wifferen, e.a.); Motie 21bb1366 Welzijn is erop afgaan (Leefbaar Rotterdam – M. van Elck); Motie 21bb1350 Jongerenwerk is maatwerk (Leefbaar Rotterdam – C. AafjesVan Aalst); Motie 21bb1360 Goed plan zo’n implementatieplan (Leefbaar Rotterdam – M. van Elck, e.a.); Motie 20bb15019 Eén zorg- en begeleidingsplan (Leefbaar Rotterdam – M. van Elck, e.a.); Toezegging 21bb1654 Zorg en Welzijn – bewoners en organisaties; Toezegging 21bb1653 Zorg en welzijn warme overdracht; Toezegging 20bb14703 Voortgang Welzijnswerk – Bergpolder.

- Kennis te nemen van de voortgang van de volgende moties en toezeggingen:     

Motie 21bb1378 Innovatieve Inkoop Welzijn en Zorg (GroenLinks – L. Roest, e.a.); Motie 21bb1368 Spotlight op right to cooperate (D66 – I. van Wifferen, e.a.); Motie 21bb1355 Financiering vanuit welzijn voor sociale (sport)initiatieven (CDA – C. Eskes, e.a.); Toezegging 21bb000582 Inkoopstrategie Zorg en Welzijn – proces opstellen jaarplannen; Toezegging 21bb1655 Kadernotitie Inkoopstrategieën – uitleg jaarplannen.

Toelichting Hieronder volgt voor elk van de vier inkoopsporen een toelichting. 1. Welzijn Van strategie naar uitwerking

Blad:

3/17

Op 28 januari 2021 heeft uw Raad de Inkoopstrategie voor Welzijn vastgesteld. Hieronder volgt een korte samenvatting. Met de inkoopstrategie voor Welzijn willen we de maatschappelijke impact van het welzijnswerk in Rotterdamse wijken vergroten. Dat doen we door de inzet van het welzijnswerk meer te concentreren waar het meeste verschil gemaakt kan worden. Drie prioriteitsgroepen krijgen daarbij extra aandacht. Voor kinderen, tieners en jongeren die opgroeien in gezinnen met achterstanden willen we meer toekomstperspectief bieden en hun talenten stimuleren. Voor ouderen biedt welzijn ondersteuning aan ouderen dichtbij, in de eigen buurt en draagt Welzijn bij aan langer gezond en veilig thuis wonen. Voor kwetsbare bewoners draagt Welzijn bij aan het vergroten van de veerkracht wanneer zij extra ondersteuning nodig hebben. Daarnaast kiezen we ervoor om vraagstukken en oplossingen steeds meer te benaderen vanuit het perspectief van de Rotterdammer in de wijk. Daarom brengen we in de Gebiedsopdrachten meer focus én differentiatie aan op wat er nodig is in de wijken. De focus op deze drie prioriteitsgroepen betekent niet dat Welzijn daarom niets meer doet voor overige Rotterdammers. Welzijn blijft een algemeen toegankelijke voorziening en geeft ruimte aan initiatieven van bewoners in wijken.

Wel zijn strategische keuzes noodzakelijk om de impact op de langere termijn te kunnen vergroten. Dit doen we door meer in te zetten op preventie, meer maatwerk per wijk, meer focus op zwakkere wijken (en dus minder op sterke wijken), meer ruimte voor bewonersinitiatief en participatie, meer gefocuste inzet op basis van de systematiek van de Wijkprogrammering en informatie over effectiviteit, verdere aanscherping van de rol en taken van Welzijn, meer ruimte voor lange termijn doelen met langere looptijden van de contracten, en meer aandacht voor de samenwerking met partners in het wijknetwerk en andere domeinen. Op basis van de inkoopstrategie is de inkoopopdracht Welzijn uitgewerkt. Wij kunnen u melden dat de inkoopopdracht Welzijn op 23 april 2021 is gepubliceerd. Dat betekent dat geïnteresseerde partijen de aanbestedingsdocumenten kunnen downloaden via ons aanbestedingsplatform1, en zich vóór 28 juni 2021 kunnen aanmelden voor deelname aan de aanbesteding. Procedure, planning en verloop aanbesteding De gemeenteraad heeft met de motie 21bb001378 (Innovatieve Inkoop Welzijn en Zorg), het college opgedragen om op de korte termijn te onderzoeken of er binnen de aanbestedingsprocedure voor Welzijn nieuwe, innovatieve vormen mogelijk zijn, zoals de ‘concurrentiegerichte dialoog’ en hierover voor de zomer aan de raad te rapporteren.

Daarnaast draagt de gemeenteraad middels deze motie het college op om voor de lange termijn de ervaringen van de nieuwe inkoopvorm te evalueren en om ervaringen van andere gemeenten met andere inkoopvormen van Zorg en Welzijn te onderzoeken en de gemeenteraad hierover uiterlijk in 2024 te rapporteren. Voor de uitvoering van dit laatste onderdeel van deze motie doen wij u aan het einde van deze paragraaf een procesvoorstel. 1

https://hub.negometrix.com/today/5033

Blad:

4/17

Met betrekking tot het eerste onderdeel van de motie – de aanbestedingsprocedure voor Welzijn – is het allereerst belangrijk om vast te stellen dat de gemeenteraad op 28 januari jl. heeft besloten dat voor alle vier de inkoopsporen de aanbestedingsprocedure voor Sociale en andere specifieke diensten (SAS) wordt toegepast (cf. Kadernotitie Inkoopstrategie Heel de Stad). De SAS-procedure biedt meer vrijheid om de inrichting van het inkoopproces naar eigen inzicht vorm te geven zodat optimaal kan worden aangesloten bij de behoefte. Bij het maken van de afweging voor de inrichting van de aanbesteding hebben we als belangrijke uitgangspunten gehanteerd: kiezen voor lokaal maatwerk en ook ruimte creëren voor kleine lokale aanbieders. Op grond hiervan hebben wij de SASprocedure zo ingevuld, dat de wijk gedurende de hele opdrachtperiode via het ‘Heel de Stad budget’, Right to Cooperate en het jaarplan invloed heeft en niet slechts op 1 moment vooraf. We creëren hiermee ruimte en invloed voor lokale initiatieven in alle gebieden gedurende gehele opdrachtperiode en de randvoorwaarden voor deze vernieuwing zijn vastgelegd in de inkoopdocumenten die ten grondslag liggen aan de opdracht.

Zo is in de Selectieleidraad specifiek een paragraaf aan Right to Cooperate gewijd waarin is opgenomen dat in principe alle welzijnsdoelen en onderdelen van het jaarplan van de welzijnsaanbieder onderdeel zijn van Right to Cooperate. Hiermee borgen we dat de welzijnsaanbieders continue meebewegen op de lokale behoefte van een wijk. Daarnaast hebben we hebben er bewust voor gekozen om in de procedure de selectie-eisen en criteria zodanig op te stellen dat het onderscheidend vermogen van lokale aanbieders goed naar voren kan komen. Een belangrijk onderscheidend vermogen van lokale aanbieders is specifieke kennis over thema’s die spelen in een wijk en beschikken over ervaring in de aanpak hiervan. Daarom is ervoor gekozen om in de selectiefase per perceel kennis en ervaring op wijkspecifieke thema’s als een belangrijk selectiecriterium te gebruiken. Daarnaast maken we het voor kleine aanbieders mogelijk om hun kennis te combineren met die van partners, zodat zij kunnen voldoen aan de gestelde geschiktheidseisen. Voorts hebben we de procedure verlengd en een tweede fase ingericht, waarin we in dialoog gaan met de twee best passende partijen per gebied, alvorens over te gaan tot beoordeling en gunning van de opdracht aan één partij per gebied.

Het doel van het voeren van dialogen in de dialoog-/offertefase is om aanbieders zo goed mogelijk in staat te stellen om een aanbod te doen dat het beste aansluit op de uitvraag van de gemeente en de behoefte in het gebied. We spelen opnieuw in op lokaal maatwerk door wijkanalyses als grondslag voor offertes te gebruiken. Bij de totstandkoming van de wijkanalyses hebben wij de wijkraden en gebiedscommissies geconsulteerd. Samenvattend verloopt de aanbestedingsprocedure voor Welzijn als volgt:  In fase 1 (selectiefase: april – juli 2021) selecteert de gemeente per gebied twee partijen en nodigt hen uit voor fase 2. De selectie vindt plaats op basis van een inhoudelijke beoordeling op diverse (gebied)specifieke selectiecriteria (hieronder volgt toelichting).  In fase 2 (dialoog-/offertefase: september – december 2021) vinden met twee geselecteerde partijen per gebied op basis van hun offerte gesprekken plaats waarna de finale aanbieding van de partijen plaats vindt op basis van een

Blad:

5/17

vooraf bepaald en objectief beoordelingskader. Per gebied krijgt één partij de opdracht gegund. Het streven is dat in december 2021 duidelijk is welke aanbieders de welzijnsopdrachten in de gebieden mogen uitvoeren. Na de aanbesteding volgt de implementatiefase (januari – maart 2022) waarbij de focus ligt op een warme en soepele overdracht (indien aan de orde) en implementatie van de nieuwe welzijnsopdracht. Op basis van een plan van aanpak voor de implementatie borgen en realiseren we de overdrachtsafspraken tussen de eventuele nieuwe en oude aanbieder. Hierbij betrekken en informeren we uitvoerende organisaties, partners van het wijknetwerk en stakeholders. In het Programma van Eisen hebben we geborgd dat een (nieuwe) gegunde partij meewerkt aan warme en professionele overdracht van/naar deze welzijnsaanbieder, waarbij de continuïteit van de ondersteuning is gewaarborgd. Gestelde eisen en criteria in fase 1: Selectiefase Alle partijen die voldoen aan de gestelde geschiktheidseisen en kwaliteits- en uitvoeringseisen kunnen deelnemen aan de aanbesteding. De gemeente hecht er waarde aan dat de welzijnsopdrachten in de gebieden worden uitgevoerd door kundige en bekwame partijen die goed passen bij de behoeften en uitdagingen in de gebieden.

Om u een beeld te geven van de eisen die de gemeente stelt, lichten wij de verschillende categorieën eisen toe en geven daarbij enkele voorbeelden:  Uitsluitingsgronden: Uitsluitingsgronden voorkomen dat de gemeente contracten afsluit met niet-integere, onbetrouwbare aanbieders. Voorbeelden van uitsluitingsgronden zijn deelneming aan een criminele organisatie, fraude, omkoping en het niet nakomen van fiscale verplichtingen.  Geschiktheidseisen: eisen die bepalen of een aanbieder technisch geschikt en voldoende bekwaam is om de opdracht uit te voeren. In de aanbesteding van Welzijn toetst de gemeente of de aanbieder voldoet aan de kerncompetenties (zoals het hebben van ervaring met Welzijnswerk met de 3 prioriteitsgroepen) die nodig zijn voor een goede uitvoering van de opdracht.  Minimumeisen: in het Programma van Eisen worden minimumeisen gesteld waaraan alle aanbieders die deelnemen aan de aanbesteding én tijdens de uitvoering van de opdracht moeten voldoen. Het betreft bijvoorbeeld eisen aan de programmering in de wijken, eisen aan de opleiding van in te zetten personeel, eisen rondom de dienstverlening in de Huizen van de Wijk en rondom de samenwerking met partijen in het wijknetwerk.  Selectiecriteria: Met behulp van selectiecriteria kunnen aanbieders hun onderscheidend vermogen tonen en brengen we een ranking aan tussen de aanbieders.

We beoordelen op basis van de selectiecriteria welke twee aanbieders de meeste relevante ervaring hebben in relatie tot de welzijnsopdracht in het betreffende gebied. De selectiecriteria die gesteld worden zien bijvoorbeeld toe op de problematiek, kenmerken en uitdagingen van het gebied (op basis van de wijkanalyse), op het jongerenwerk, tienerwerk en kinderwerk, op samenwerking met bewonersinitiatieven en wijknetwerkpartners. Aanbieders kunnen met behulp van referenties laten zien

Blad:

6/17

dat zij over de juiste competenties beschikken die de gemeente relevant acht voor de welzijnsopdracht. Op basis van de hiervoor genoemde aanbestedingsprocedure voor de Inkoop van Welzijn en de uitwerking hiervan naar de Selectieleidraad stellen wij u voor om het eerste deel van de motie 21bb001378 (Innovatieve Inkoop Welzijn en Zorg) als afgedaan te beschouwen. De motie als geheel kan nog niet worden afgedaan, omdat de evaluatie van de inkoopvorm nog volgt (zie de toelichting op het tweede deel van de motie onderaan deze paragraaf). Publicatie Aanbestedingsdocumenten Op 23 april 2021 is de aanbesteding Welzijn gestart en heeft de gemeente de aanbestedingsdocumenten gepubliceerd op het aanbestedingsplatform Negometrix. Belangrijke onderdelen van de aanbestedingsdocumenten zijn de Selectieleidraad en het Programma van Eisen. De Selectieleidraad geeft een beschrijving van de doelen van de opdracht en het verloop van de aanbestedingsprocedure. Het Programma van Eisen is hierboven toegelicht. Het College is van mening dat de formuleringen en eisen in de Selectieleidraad en het Programma van Eisen antwoord geven op het verzoek van de Raad met betrekking tot de afdoening van een aantal moties en toezeggingen die hieronder zijn toegelicht.

- In motie 21bb1384 (Huizen van de wijk van de Wijk) verzoekt de Gemeenteraad partijen van het wijknetwerk te betrekken bij de ontwikkeling en het gebruik van de Huizen van de Wijk en tevens gebruik van andere locaties in de wijken voor de uitvoering van het welzijnswerk en partijen actief te betrekken bij de programmering. In het Programma van Eisen hebben wij vastgelegd dat een Huis van de Wijk er primair voor wijkbewoners is en dat de programmering van een Huis van de Wijk mede afgestemd moet worden op de vraag en behoefte van de wijk en het aanwezige aanbod in de wijk. Elk Huis van de Wijk dient een weerspiegeling te zijn van de samenstelling van de wijk. De programmering dient tot stand te komen met betrokkenheid van de verschillende doelgroepen, zodat een passend en gevarieerd aanbod ontstaat voor alle wijkbewoners (jong en oud). Naast het Huis van de Wijk onderzoekt de welzijnsaanbieder in samenspraak met partners in de wijk ook de mogelijkheden van programmering op locaties elders, die plekken van een wijk waar de doelgroep graag komt. In het werkplan van de aanbieder dient deze duidelijk te maken op welke wijze men partijen in het wijknetwerk bij de ontwikkeling en het gebruik van de Huizen van de Wijk betrekt.

- In motie 21bb1376 (Elke bewoner gelijk, in het Huis van de Wijk) wordt het college verzocht om duidelijk en transparant te maken op welke wijze bewoners kosteloos gebruik kunnen maken van de Huizen van de Wijk; duidelijk en transparant te maken wat de huurtarieven zijn voor maatschappelijke organisaties; tevens op te nemen waar bewoners terecht kunnen wanneer er sprake is van ongelijke behandeling in het Huis van de Wijk; hierover te communiceren op de websites van de Huizen van de Wijk.

Blad:

7/17

In het Programma van Eisen verplichten wij de Welzijnsaanbieder om breed en duidelijk over elk Huis van de Wijk en de programmering/activiteiten te communiceren. Alle informatie moet goed te vinden zijn op de website. Deze website dient goed toegankelijk te zijn voor alle wijkbewoners. Uiteraard is informatie over de kosten voor gebruik onderdeel van de informatie. Het gebruik van het Huis van de Wijk is voor wijkbewoners. De voorwaarden voor verhuur aan maatschappelijke organisaties zijn vastgelegd als onderdeel (in de bijlagen) van de Overeenkomst met de toekomstige gegadigde welzijnsaanbieders. Het Programma van Eisen kent een algemene eis over een klachtenregeling, die dus ook van toepassing is op het gebruik van het Huis van de Wijk. Deze eis stelt dat de welzijnsaanbieder beschikt over een schriftelijk vastgelegde, eenvoudig toegankelijke, en onafhankelijke klachtenregeling, en dat hij deelnemers aan welzijnsactiviteiten op de hoogte stelt over deze regeling, wijzigingen in de regeling, de mogelijkheden tot een dispuut, recht en inspraakmogelijkheden en de mogelijkheid om een klacht in te dienen bij de Rotterdamse Gemeentelijke Ombudsman. - In motie 21bb1366 (Welzijn is erop afgaan) verzoekt u het college het ‘er op afprincipe’, waarmee welzijn zo veel als mogelijk achter de voordeur moet komen, op te nemen in de uitwerking van de aanbesteding.

In het Programma van Eisen hebben wij daarom als één van de kernactiviteiten voor alle welzijnsaanbieders de eis opgenomen: “Rotterdammers opzoeken”. Deze eis stelt dat de welzijnsaanbieder Rotterdammers ondersteunt door hen actief op vindplaatsen op te zoeken, hun eigen vermogen aan te spreken, talenten te laten ontdekken, contacten met het (sociale) netwerk te stimuleren, sociale netwerken te vergroten en mensen te motiveren om zoveel mogelijk een stap vooruit te zetten. Voor de doelgroepen wordt dit in andere eisen specifiek uitgewerkt. Bij de doelgroepen langer thuiswonende ouderen en kwetsbare Rotterdammers is de eis opgenomen dat de welzijnsaanbieder een vindplaatsgerichte en outreachende werkwijze hanteert om de doelgroep in beeld te krijgen. De huisbezoeken 75+, die als eis in het bestek zijn opgenomen, zijn een voorbeeld van een activiteit waar Welzijn achter de voordeur komt. Voor het werken met jeugdigen in de wijken dienen de welzijnsaanbieders tijdig risico’s te signaleren en hierbij verbinding te leggen naar leefwereld op straat, met ouders thuis, de school en de ‘online’ leefwereld. - In motie 21bb1350 (Jongerenwerk is maatwerk) verzoekt u het college om in iedere wijk één (of meerdere) vaste jongerenwerker(s) te positioneren. Het College heeft dit verzoek op meerdere manieren een plek gegeven in de inkoop van Welzijn.

In het Programma van Eisen is voor ieder gebiedsperceel een minimale formatie-eis opgenomen, zowel voor het kinderwerk en tienerwerk, als voor het jongerenwerk en wij stellen ook kwaliteitseisen over onder meer de opleiding van deze werkers. Hiermee voorkomen we de huidige situatie dat in een bepaald gebied geen passend jongerenwerk beschikbaar is. De formatie in het Programma van Eisen is voldoende om vanuit Welzijn in alle wijken aanwezig te zijn met inzet gericht op preventie en talentontwikkeling. Omdat de behoefte aan jongerenwerk niet in alle wijken in dezelfde mate aanwezig is, geven we (in lijn met de gebiedsanalyses die onderdeel zijn van het bestek) prioriteit aan de inzet in kwetsbare wijken. Hier hebben meer jongeren meer behoefte aan inzet vanuit het jongerenwerk. We streven ernaar juist

Blad:

8/17

voor die wijken voldoende inzet aan jongerenwerk beschikbaar te hebben en maken met de aanbieders afspraken over het inzetten van vaste gezichten in (in ieder geval) de kwetsbare wijken. Deze afspraken worden opgenomen in het werkplan van de aanbieder. De motie geeft voorts in de overwegingen mee dat welzijnsorganisaties moeite hebben om jongeren te bereiken. Zowel in de Selectieleidraad, als in het Programma van Eisen stellen we extra voorwaarden aan de inspanningen om het bereik te vergroten: onder meer verwachten we van toekomstige aanbieders dat zij allemaal werken volgens een methodische aanpak van het Jongerenwerk (zoals die is beschreven door het NJI2). Het investeren in duurzame relaties krijgt prioriteit en begint al vanaf 4 jaar (met de aanwezigheid van kinderwerk in de wijken) en we maken de koppeling met het Onderwijs (als vindplaats voor het jongerenwerk) steviger. Tenslotte zien we dat de gebiedsgrenzen die we hanteren, een belemmering zijn voor het bereiken van jongeren. Daarom worden alle toekomstige welzijnsaanbieders verplicht om deel te nemen aan een stedelijk samenwerkingsverband waarin ook de gemeente zelf deelneemt.

Onderdeel van de opdracht aan dit samenwerkingsverband is het samenwerken van jongerenwerk over gebiedsgrenzen heen en het realiseren van een stadsbreed online platform dat jongeren gemakkelijk en op een aansprekende manier ondersteunt om hulp te vinden en in contact te komen met jongerenwerkers. Op deze manier denken we dat we de ondersteuning van jongeren dichter bij de jongeren en hun wereld (thuis, school, straat en online) kunnen organiseren, dat contacten meer duurzaam zullen zijn en dat we ook op een meer preventieve manier het bereik onder jongeren vergroten. - Met toezegging 21bb1654 (Zorg en Welzijn – bewoners en organisaties) heeft de wethouder van Volksgezondheid, Zorg, Ouderen en Sport voor de inkoop van Welzijn aan u toegezegd dat bewoners en welzijnsaanbieders onder gelijkwaardigheid kunnen samenwerken en dat Right to Cooperate van toepassing is op de gehele welzijnsopdracht. In het Programma van Eisen is opgenomen dat ten aanzien van Right to Cooperate de welzijnsaanbieder op basis van het principe van gelijkwaardigheid samenwerkt met lokale initiatieven van bewoners(netwerken) en/of andere lokale maatschappelijke partijen. Het gaat hierbij om het bundelen van initiatieven en netwerken die gezamenlijk bijdragen aan het realiseren van de maatschappelijke wijkopgaven en doelstellingen uit het beleidsplan “Heel de stad”.

In de Selectieleidraad, waarin de inhoud van de welzijnsopdracht wordt beschreven, is een paragraaf aan Right to Cooperate gewijd. Daarin is opgenomen dat in principe alle welzijnsdoelen en onderdelen van het jaarplan van de welzijnsaanbieder onderdeel zijn van Right to Cooperate. Voor de zomer ontvangt u een voorstel waarin de definitieve uitvoeringsregels van Right to Cooperate en het proces voor het opstellen van het jaarplan zijn uitgewerkt. - Met toezegging 21bb1653 (Zorg en welzijn warme overdracht) heeft de wethouder van Volksgezondheid, Zorg, Ouderen en Sport u toegezegd zorg te dragen voor het borgen van een warme overdracht. Dit naar aanleiding van de motie 50plus over ‘Langzaam maar zeker’. Deze toezegging hebben wij vastgelegd in de uitwerking van 2

https://www.nji.nl/nl/Download-NJi/Publicatie-NJi/Wat-is-jongerenwerk-infographic.pdf

Blad:

9/17

de implementatiefase. Hierin ligt de focus op een warme en soepele overdracht en implementatie.. In het Programma van Eisen hebben we allereerst geborgd dat de(nieuwe) gegunde partij verplicht is om mee te werken aan warme en professionele overdracht van/naar deze welzijnsaanbieder, waarbij de continuïteit van de ondersteuning is gewaarborgd. We stellen per gebied een implementatieplan op waarin de huidige aanbieder aangeeft: - welke bewoners(initiatieven) hij ondersteunt en faciliteert; - welke programmering in Huizen van de Wijk om continuering vraagt; - welke afspraken er zijn met betrekking tot beheer en gebruik van Huizen van de Wijk en welke vrijwilligers betrokken zijn; - wie de stakeholders, initiatiefnemers en wijknetwerkpartners voor Welzijn in het gebied aanwezig zijn en welke lopende afspraken er zijn. Onder regie van de gemeente worden vervolgens in de implementatiefase per gebied introductiebijeenkomsten georganiseerd waarbij de kennisuitwisseling tussen de nieuwe en oude aanbieders plaatsvindt en introductie, kennismaking en warme overdracht van vrijwilligers, bewoners(initiatieven) en stakeholders centraal staan. - Met toezegging 20bb14703 (Voortgang Welzijnswerk – Bergpolder) heeft de wethouder van Volksgezondheid, Zorg, Ouderen en Sport u toegezegd te overwegen of er bij de nieuwe welzijnsopdracht een extra Huis van de Wijk moet komen in Bergpolder.

We hebben in afstemming met de Gebiedsorganisatie, voor de wijken Liskwartier en Bergpolder, ervoor gekozen een satelliet van het Huis van de Wijk te realiseren in het pand Willibrordusstraat 72-74. Dit is het pand waar voorheen de bewonersorganisaties Bergpolder en Liskwartier gebruik van hebben gemaakt. De welzijnspartij die de opdracht gegund krijgt dient dit pand te beheren en exploiteren als Huis van de wijk/satelliet. Er is onvoldoende budget en noodzaak om voor zowel Bergpolder als Liskwartier een Huis van de Wijk/satelliet te realiseren. De locatie die nu is gekozen is het meest geschikt om voor beide wijken als Huis van de Wijk/satelliet te functioneren. In de wijk Bergpolder ligt ook nog de locatie Tijenflat. Wij hebben Wilskracht Werkt de opdracht gegeven (onderdeel van de subsidieverlening) deze locatie te beheren. Het is een kleine ontmoetingsruimte waar ook spreekuren worden gehouden. Op basis van de beschrijving van de verschillende eisen en criteria die zijn opgenomen in de aanbestedingsstukken voor Welzijn stellen wij voor om de volgende moties en toezeggingen formeel af te doen:  Motie 21bb1384 Huizen van de wijk van de wijk (SP – A. van Zevenbergen, e.a.);  Motie 21bb1376 Elke bewoner gelijk in Huizen van de wijk (D66 – I. van Wifferen, e.a.);  Motie 21bb1366 Welzijn is erop afgaan (Leefbaar Rotterdam – M.

van Elck);  Motie 21bb1350 Jongerenwerk is maatwerk (Leefbaar Rotterdam – C. AafjesVan Aalst);  Toezegging 21bb1654 Zorg en Welzijn – bewoners en organisaties;  Toezegging 21bb1653 Zorg en welzijn warme overdracht;  Toezegging 20bb14703 Voortgang Welzijnswerk – Bergpolder.

Blad:

10/17

Voortgang moties en toezeggingen Tot slot wordt u verzocht kennis te nemen van de voortgang van de volgende moties en toezeggingen:  Motie 21bb1378 Innovatieve Inkoop Welzijn en Zorg (GroenLinks – L. Roest, e.a.);  Motie 21bb1368 Spotlight op right to cooperate (D66 – I. van Wifferen, e.a.);  Motie 21bb1355 Financiering vanuit welzijn voor sociale (sport)initiatieven (CDA – C. Eskes, e.a.);  Toezegging 21bb000582 Inkoopstrategie Zorg en Welzijn – proces opstellen jaarplannen.  Toezegging 21bb1655 Kadernotitie Inkoopstrategieën – uitleg jaarplannen. In het tweede deel van de motie 21bb001378 (Innovatieve Inkoop Welzijn en Zorg) draagt u het college op om de ervaringen die we met deze vorm van aanbesteden opdoen goed te evalueren en om hierbij ook ervaringen met andere inkoopvormen bij andere gemeenten te onderzoeken. Hierover doen wij u het volgende procesvoorstel. We starten met de evaluatie van het inkoopproces van Welzijn in 2023, zodra het eerste jaar na het sluiten van de nieuwe overeenkomsten achter ons ligt en we reeds enig zicht hebben op de effecten. Bij dit evaluatieonderzoek betrekken we zowel interne als externe stakeholders. Ook inventariseren we de ervaringen van andere gemeenten met andere inkoopvormen van maatschappelijke ondersteuning en welzijn. Het college rapporteert hierover aan de gemeenteraad in de eerste helft van 2024.

Motie 21bb1368 (Spotlight op Right to Coöperate) betreft de samenwerking met bewoners(initiatieven) en lokale partners in Right to Cooperate. De basis hiervoor hebben wij gelegd in de Selectieleidraad en het Programma van Eisen: de welzijnsaanbieder is verplicht om op basis van het principe van gelijkwaardigheid samen te werken met lokale initiatieven van bewoners(netwerken) en/of andere lokale maatschappelijke partijen. De definitieve regels en procedures voor het opstellen en uitvoeren van Right to Cooperate en de procesuitlijning van het jaarplan leggen wij voor het zomerreces aan u voor. De welzijnsaanbieder is verplicht om deze procedure en regels uit te voeren. Met toezegging 21bb582 (Inkoopstrategie Zorg en Welzijn – proces opstellen jaarplannen) heeft de wethouder van Volksgezondheid, Zorg, Ouderen en Sport u toegezegd, onder voorbehoud dat dit juridisch is toegestaan, de commissie te informeren over het proces van het opstellen van jaarplannen en hij geeft inzicht in of er vacuüm ontstaat na stopzetten van Couleur Locale en nieuwe keuzes voor initiatieven. Voor het zomerreces wordt u geïnformeerd over de wijze waarop bewoners actief kunnen worden benaderd om deel te nemen aan het opstellen van de jaarplannen en initiatieven in het kader van Right to Cooperate.

Hierin zullen wij ook de motie 21bb1355 (Financiering vanuit welzijn voor sociale (sport)initiatieven) en de toezegging 21bb1655 (Kadernotitie Inkoopstrategieën – uitleg jaarplannen) betrekken.

Blad:

11/17

2. Wmo-maatwerkondersteuning Meer dan 30.000 Rotterdammers ontvangen Wmo-maatwerkondersteuning – denk aan hulp in het huishouden, dagbesteding of zelfs verblijf met ondersteuning onder toezicht. Dat we aanbieders hiervoor selecteren die niet alleen voldoen aan onze minimumeisen, maar ook echt met de gemeente samen willen werken aan de doelen zoals gesteld in Heel de Stad is van groot belang. In de nieuwe inkoop Wmomaatwerkondersteuning zijn alle opdrachtomschrijvingen, contractuele bepalingen en eisen opnieuw bekeken en aangescherpt om zo de beste ondersteuning voor Rotterdammers te kunnen inkopen. Van strategie naar uitwerking Op 4 februari 2021 heeft uw Raad de Inkoopstrategie Wmo-maatwerkondersteuning vastgesteld. Op basis daarvan is de inkoopopdracht Wmo-maatwerkondersteuning uitgewerkt. Hieronder geven wij een korte toelichting op hetgeen we aanbesteden en hoe het proces er de komende tijd uitziet. We houden vijf aanbestedingen: 1. Ondersteuning aan cliëntgroep Ouderen en somatiek Dit gaat om individuele en/of groepsbegeleiding bij het zelfstandig wonen voor Rotterdammers met een beperking als gevolg van ouderdomsklachten of een lichamelijke aandoening die nog kan genezen of verbeteren. Denk bijvoorbeeld aan dagbesteding of begeleiding bij het doen van de thuisadministratie. 2.

Ondersteuning aan cliëntgroep LB (lichamelijk beperkten), VB (verstandelijk beperkten) en/of (O)GGZ extramuraal (geestelijke gezondheidsproblematiek) Dit gaat om individuele en/of groepsbegeleiding bij het zelfstandig wonen voor Rotterdammers met een blijvende lichamelijke beperking, een verstandelijke beperking en/of een psychische of psychosociale beperking. Denk bijvoorbeeld aan begeleiding bij het aanbrengen van structuur in iemands dag of bij het vergroten van zijn sociale vaardigheden. 3. Ondersteuning aan cliëntgroep VB en/of (O)GGZ intramuraal en semimuraal Dit gaat over individuele en/of groepsbegeleiding voor Rotterdammers met een verstandelijke beperking en/of een psychische of psychosociale aandoening die (nog) niet zelfstandig kunnen wonen. Denk aan beschermd wonen of geclusterd wonen met begeleiding bij het opdoen van woonvaardigheden. De ondersteuning aan cliënten uit de cliëntgroep (O)GGZ intra- en semimuraal koopt de gemeente in mede namens de gemeenten Albrandswaard, Barendrecht, Capelle aan den IJssel, Krimpen aan den IJssel, Lansingerland en Ridderkerk. 4. Huishoudelijke ondersteuning Dit gaat om huishoudelijke hulp (schoonmaken, wassen, boodschappen) voor Rotterdammers met alle soorten beperkingen die belemmeringen ondervinden in het uitvoeren van deze taken. 5.

Enkelvoudige dagbesteding Dit gaat om groepsbegeleiding van Rotterdammers uit de doelgroep Ouderen en somatiek en cliënten met een verstandelijke beperking of psychische of

Blad:

12/17

psychosociale aandoening. De dagbesteding is gericht op bijvoorbeeld het behoud of ontwikkelen van bepaalde vaardigheden (zoals werknemersvaardigheden), een zinvolle daginvulling of om de mantelzorger te ontlasten. Voor deze doelgroepen is een meer gevarieerd aanbod van dagbesteding noodzakelijk. Dagbesteding zit daarnaast voor alle doelgroepen ook in de reguliere aanbestedingsopdracht. Gestelde eisen De gemeente gunt een overeenkomst aan alle partijen die voldoen aan de in de aanbestedingsdocumenten gestelde geschiktheidseisen, kwaliteitseisen en selectiecriteria. De verwachting is dat eind 2021 bekend is welke aanbieders vanaf 1 juli 2022 (ingangsdatum nieuwe contracten) Wmo-maatwerkondersteuning aan Rotterdammers mogen leveren. Om u een beeld te geven van de eisen die de gemeente stelt, lichten wij de verschillende categorieën eisen toe en geven daarbij enkele voorbeelden:  Uitsluitingsgronden: Uitsluitingsgronden voorkomen dat de gemeente contracten afsluit met niet-integere, onbetrouwbare aanbieders. Voorbeelden van uitsluitingsgronden zijn deelneming aan een criminele organisatie, fraude, omkoping en het niet nakomen van fiscale verplichtingen.  Geschiktheidseisen: eisen die bepalen of een aanbieder technisch geschikt is om de opdracht uit te voeren.

Hier wordt onder andere om ervaring gevraagd met het bieden van de betreffende ondersteuning aan cliënten uit de cliëntgroep van de desbetreffende aanbesteding.  Minimumeisen: in het programma van eisen worden minimumeisen gesteld waar alle aanbieders die zich inschrijven aan moeten voldoen. Het betreft bijvoorbeeld eisen aan de opleiding van in te zetten personeel, eisen rondom evalueren van de ondersteuning of samenwerking met andere (zorg)aanbieders. Conform motie 20bb15019 (Eén zorg- en begeleidingsplan) is en blijft één ondersteuningsplan vanuit de gemeente de standaard. Aanbieders moeten een leveringsplan maken voor een cliënt. Dit plan moet worden afgestemd met andere betrokken aanbieders, en als gemeente benadrukken we dat we het wenselijk vinden dat cliënten op basis van één gezamenlijk plan worden ondersteund. De Wmo-aanbieders wordt gevraagd met de cliënt te kijken waar afstemming nodig is en deze ook te zoeken met andere betrokken aanbieders zoals de wijkverpleging of een psycholoog.  Selectiecriteria: Met behulp van selectiecriteria beoordelen we de kwaliteit van de aanbieding (offerte) die een aanbieder doet. In de aanbestedingen voor Wmo-maatwerkondersteuning doen we dat op twee aspecten: 1. We toetsen de kwaliteit van dienstverlening aan de hand van een casus.

Hierbij kijken we bijvoorbeeld naar de methodieken die een aanbieder inzet en de manier waarop hij samenwerkt met andere relevante partijen. 2. We toetsen de mate waarin de aanbieder is voorbereid om de gevraagde opdracht te implementeren en uit te voeren.

Blad:

13/17

Conform motie 21bb1360 (Goed plan zo’n implementatieplan) verwachten van iedere aanbieder die zich inschrijft een gedegen implementatieplan welke door de gemeente wordt beoordeeld. Om gegund te worden moet elke aanbieder voldoen aan de eisen die wij stellen aan een gedegen implementatieplan en de mate waarin zij in staat zijn de opdracht te implementeren. De inschrijving van de aanbieder wordt door een beoordelingsteam beoordeeld. Aanbieders die voldoen aan alle eisen en een voldoende scoren op de selectiecriteria krijgen een contract met de gemeente voor het leveren van Wmomaatwerkondersteuning. Op basis van de beschrijving van de verschillende eisen en criteria die zijn opgenomen in de aanbestedingen voor Wmo-maatwerkondersteuning stellen wij voor om de volgende moties formeel af te doen:  Motie 21bb1360 Goed plan zo’n implementatieplan (Leefbaar Rotterdam – M. van Elck, e.a.);  Motie 20bb15019 Eén zorg- en begeleidingsplan (Leefbaar Rotterdam – M. van Elck, e.a.). Tarieven Op basis van de op 4 februari jl. door uw raad vastgestelde kaders voor de tarieven, zoals opgenomen in de Kadernotitie inkoopstrategieën Heel de stad, zijn nieuwe tarieven voor Wmo-maatwerkondersteuning opgesteld. Deze nieuwe tarieven zijn geconsulteerd bij aanbieders en extern onafhankelijk getoetst om er zeker van te zijn dat zij passend zijn.

Ook is artikel 5.4 uit het Uitvoeringsbesluit Wmo2015 (de Algemene Maatregel van Bestuur reële prijs Wmo2015) in acht genomen. Deze maatregel stelt dat tarieven een goede verhouding moeten weerspiegelen tussen de eisen die de gemeente stelt aan de kwaliteit van Wmo-maatwerkondersteuning en de prijs die zij betaalt voor het bieden van diezelfde Wmo-maatwerkondersteuning. Planning De aanbestedingen voor Wmo-maatwerkondersteuning zijn gestart op 20 mei 20213. Vanaf mei tot eind augustus kunnen geïnteresseerde aanbieders zich inschrijven. De gunningsperiode loopt van september tot november 2021. De nieuwe overeenkomsten gaan in per 1 juli 2022. Voor de start van de overeenkomst is hiermee een ruime implementatieperiode van 6 maanden gepland. Looptijd van de Overeenkomst Op 10 februari heeft de wethouder Volksgezondheid een brief gestuurd aan de commissie ZOCS met daarin een aanpassing op de in de Kadernotitie voorgestelde ingangsdatum en looptijd voor de overeenkomsten van Wmomaatwerkondersteuning. In deze brief is per abuis opgenomen dat de 3 Semi- en intramuraal: https://hub.negometrix.com/today/5726

Extramuraal: https://hub.negometrix.com/today/5710 Dagbesteding: https://hub.negometrix.com/today/5593 Huishoudelijke ondersteuning: https://hub.negometrix.com/today/5598 Ouderen en Somatiek: https://hub.negometrix.com/today/5592

Blad:

14/17

overeenkomsten een initiële looptijd zullen hebben van 4 jaar. Vanwege de start van de contracten halverwege het jaar, op 1 juli 2022, is de initiële looptijd echter 4 jaar en 6 maanden. Er zijn daarna verlengingsopties van een keer 2 jaar en twee keer 1 jaar. 3. Wijkteams De inkoopstrategie Wijkteams wordt momenteel uitgewerkt. Onlangs heeft uw raad een brief ontvangen (kenmerk 21bb6908) waarin wij ingaan op de oorzaken van de toenemende druk op de wijkteams en de jeugdhulp en maatregelen die wij hiertoe nemen. In de inkoopstrategie van wijkteams gaan wij uitgebreid in op de maatregelen die we in de inkoop willen treffen om een reële en flexibele formatie voor de wijkteams in de komende jaren te realiseren. In de inkoopstrategie wordt de samenhang met de regionale en lokale inkoopstrategieën van jeugdhulp geborgd. Beide onderdelen zijn immers communicerende vaten in het stelsel. Ter voorbereiding van de inkoopstrategie Wijkteams worden diverse consultatiesessies georganiseerd met aanbieders om voorgenomen keuzes te kunnen toetsen en om input voor de inkoopstrategie op te halen. Het voornemen is om de inkoopstrategie op 23 juni 2021 te bespreken in de commissie Zorg, Onderwijs, Cultuur en Sport. Voorafgaand zal een technische sessie voor de commissieleden worden georganiseerd, waarin ook het inkoopspoor Jeugdhulp wordt toegelicht.

De start van de aanbesteding staat gepland in het derde kwartaal van 2021. De verwachting is dat begin 2022 bekend is welke aanbieders de professionals voor de Rotterdamse wijkteams mogen leveren. De nieuwe overeenkomsten gaan in per 1 juli 2022. Voor de start van de overeenkomst is een implementatieperiode gepland. 4. Jeugdhulp Jeugdhulp wordt zowel door de gemeente Rotterdam ingekocht (lokaal ingekochte opdrachten), als door de Gemeenschappelijke Regeling Jeugdhulp Rotterdam (GRJR; regionaal ingekochte opdrachten). De GRJR stelt de inkoopstrategie voor regionaal ingekochte jeugdhulp op en deze is op 16 april jl. vastgesteld door het Algemeen Bestuur van de GRJR. Voor Rotterdam is de regionale inkoopstrategie en de concrete uitwerking welke hulp lokaal en regionaal ingekocht wordt van belang voor een goede aansluiting en een dekkend jeugdhulpaanbod. De inkoopstrategie Jeugdhulp (lokaal) wordt momenteel uitgewerkt. Ter voorbereiding van de inkoopstrategie worden diverse consultatiesessies georganiseerd met aanbieders om voorgenomen keuzes te kunnen toetsen en om input voor de inkoopstrategie op te halen. Het voornemen is om beide inkoopstrategieën (lokaal en regionaal) op 23 juni 2021 te bespreken in de commissie Zorg, Onderwijs, Cultuur en Sport. Zoals hierboven

Blad:

15/17

aangegeven zal voorafgaand daaraan een technische sessie voor de commissieleden worden georganiseerd. Zowel de lokale als de regionale inkoopstrategie Jeugdhulp zullen in de technische sessie worden behandeld. De start van de aanbestedingen staat gepland in het eerste kwartaal van 2022. De verwachting is dat medio 2022 bekend is welke aanbieders Jeugdhulp in Rotterdam en in de regio gaan leveren. De nieuwe overeenkomsten Jeugdhulp (lokaal en regionaal) gaan in per 1 januari 2023. Voor de start van de overeenkomsten is een implementatieperiode van zes maanden gepland. Uitzondering hierop zijn de Onderwijs-Zorgarrangementen. Deze overeenkomsten lopen af per 1 augustus 2022. Samenhang looptijden De samenhang in de looptijd van de inkoopsporen is in onderstaand schema te zien. Voor Jeugdhulp is in verband met de lopende besluitvorming binnen de Gemeenschappelijke Regeling Jeugdhulp Rijnmond nog geen definitief beeld te geven. Gemeenteraad periode 1 2022 Welzijn Wmo Jeugdhulp Wijkteams

2023

2024

2025

Gemeenteraad periode 2

Gemeenteraad periode 3

2026

2030

2027

2028

5-¾ jaar

Optie

4 ½ jaar 3 of 4 jaar 3 ½ jaar

2029

Optie

Optie

Optie

Optie

Optie

2031

2032

2033

Optie

Optie

Optie

Optie

Optie

Financiële en juridische consequenties/aspecten Financiën Rotterdam heeft, net als andere gemeenten, door exogene ontwikkelingen (zoals de groei van de bevolking, de vergrijzing en de coronacrisis) te maken met oplopende kosten voor maatschappelijke ondersteuning en jeugdhulp. Vanuit financieel perspectief is er nog wel sprake van onzekerheden in de inkomsten (verdeelmodellen van rijksbudget) en uitgaven (stijgende vraag door bijvoorbeeld introductie abonnementstarief eigen bijdrage Wmo). Daarnaast zien we een stijgende vraag naar ondersteuning waardoor op diverse plekken in het stelsel wachttijden oplopen. Over de toenemende druk op de wijkteams en de jeugdhulp hebben wij u onlangs een brief toegezonden (kenmerk 21bb6908). De inkoop van maatschappelijke ondersteuning en jeugdhulp vanaf 2022 dient te worden gerealiseerd in deze context.

Blad:

16/17

We zien dat het budget dat het Rijk beschikbaar stelt onvoldoende meegroeit met deze ontwikkelingen. Eind april hebben we vanuit het Rijk extra middelen gekregen om de wachttijden in de jeugdhulp aan te pakken (zie ook de hierboven genoemde brief, waarin we ingaan op de inzet van deze middelen). Dit is een stap in de goede richting, echter zijn deze middelen eenmalig. Wij vinden dat het Rijk ons structureel financieel beter in staat moet stellen om passende zorg en ondersteuning te kunnen blijven bieden aan Rotterdammers die dat nodig hebben en acteren hier ook op richting het Rijk. Om Rotterdammers ook de komende jaren te kunnen blijven voorzien van de benodigde hulp en ondersteuning, wordt vanaf de 1e herziening 2020 toegewerkt naar een structurele herijking van het financieel kader voor maatschappelijke ondersteuning en jeugdhulp. Bij opvolgende voorjaarsretraites wordt op basis van het actuele beeld telkens 2-3 jaar vooruitgekeken. Het college zal op basis hiervan het budget verder herijken. Met de hier geschetste omslag in de meerjarenfinanciering van maatschappelijke ondersteuning en jeugdhulp zet het college een stabiele aanpak neer voor de komende jaren. Daarnaast bevat het beleidsplan ‘Heel de stad’ maatregelen die een dempende werking hebben op de uitgaven of leiden tot meer efficiency. De intensiveringen en ombuigingen zijn per saldo budgetneutraal.

Bij de inkoop van maatschappelijke ondersteuning vanaf 2022 is de gemeente gehouden aan artikel 5.4 van het Uitvoeringsbesluit Wmo 2015 (dit wordt ook wel de “AMvB reële prijs Wmo 2015” genoemd). Een vergelijkbaar artikel in het Besluit Jeugdwet is in de maak en wordt nog dit jaar verwacht. Voor de nieuwe contractperiode past de gemeente de AMvB’s toe en stelt reële tarieven vast waarmee aanbieders van maatschappelijke ondersteuning en jeugdhulp in staat worden gesteld om de benodigde kwaliteit te leveren. De herijking van de diverse kostencomponenten van de tarieven leidt naar verwachting tot hogere tarieven dan nu het geval is. Dit is mede het resultaat van indexatie van de tarieven hetgeen conform de AMvB noodzakelijk is. Het college heeft in de Najaarsretraite 2020 besloten om vanaf 2021 het OVA-percentage voor het zorgdomein te hanteren bij de jaarlijkse indexatie van de begroting. Voor de inkoop van maatwerkondersteuning Wmo 2015 is het financiële effect berekend op structureel ca. € 12 mln (prijspeil 2021). Voor de inkoop van wijkteams en jeugdhulp is het financiële effect nog niet te berekenen. De financiële effecten zullen bij komende voorjaarsretraites worden betrokken bij de actualisatie van de meerjarenprognose zorg, zoals hiervoor beschreven.

Juridisch De inkoopstrategieën passen als volgt in de Wmo2015 en de Jeugdwet:  Op grond van de Wmo2015 en de Jeugdwet heeft de gemeenteraad het beleidsplan ‘Heel de stad’ vastgesteld.

Blad:

17/17

De wijze waarop vervolgens de inkoop wordt gerealiseerd (de concrete inkoopstrategieën) op basis van het beleidsplan is een bevoegdheid van het college. Op grond van de Wmo2015 en de Jeugdwet stelt de gemeenteraad bij verordening de regels vast die noodzakelijk zijn voor de uitvoering van het beleidsplan en de wijze waarop is ingekocht. Concreet zal daartoe in 2021 een voorstel ter wijziging van de Verordening maatschappelijke ondersteuning en jeugdhulp Rotterdam 2018 aan de gemeenteraad worden voorgelegd voor de wijzigingen die betrekking hebben op de inkoop Wmo-maatwerkvoorzieningen, Welzijn en Wijkteams. In een later stadium volgt een wijzigingsvoorstel voor de Jeugdhulp. Tot die tijd geldt de huidige Verordening voor de gemeentelijke uitvoering van de Wmo2015 en de Jeugdwet. De in de inkoopstrategieën en aanbestedingsbestekken voorgenomen wijzigingen zullen terugkomen in de wijzigingsvoorstellen van de huidige Verordening, Nadere regels en Beleidsregels maatschappelijke ondersteuning en jeugdhulp Rotterdam 2018. De ingangsdata van de nieuwe contracten lopen synchroon met de wijzigingen in de Rotterdamse regelgeving.

Burgemeester en Wethouders van Rotterdam, De secretaris,

De burgemeester,

V.J.M. Roozen

A. Aboutaleb

Bijlage: geen

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=RotterdamRaad&id=af49277a-6ed6-4053-a321-b464ea334345