CConstaterende datRotterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

21bb578 Raadsvoorstel over vaststelling Verordening AOW- en Jeugdtegoed Rotterdam 2021

Gemeenteraad 18 februari 2021, gemeente RotterdamBij agendapunt: 20.2 Het voorstel tot vaststelling van de Verordening AOW- en Jeugdtegoed Rotterdam 2021.2.923 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Rotterdam, 19 januari 2021.

21bb000578

Aan: de gemeenteraad

Onderwerp: Vaststelling Verordening AOW- en Jeugdtegoed Rotterdam 2021.

Gevraagd besluit: Samenvattend stellen wij u voor: De Verordening AOW- en Jeugdtegoed Rotterdam 2021 vast te stellen. Waarom dit voorsteiî/Waarom nu voorgelegd? Op 20 februari 2020 heeft u de Verordening AOW- en Jeugdtegoed Rotterdam 2020 vastgesteld en op 18 juni 2020 heeft u de eerste wijziging op deze verordening vastgesteld. Tevens ligt momenteel een tweede wijziging van de Verordening AOW- en Jeugdtegoed Rotterdam 2020 bij uw Raad voor. De verordening heeft tot doel om AOW-gerechtigden met een laag inkomen en kinderen die ouders hebben met een laag inkomen, een tegoed te verstrekken. Met dit tegoed kunnen zij producten kopen om deel te kunnen nemen aan activiteiten die maatschappelijke participatie bevorderen dan wel mogelijk maken. De huidige verordening heeft een looptijd van 1 maart 2020 tot 1 maart 2021. Door het vaststellen van de verordening AOW- en Jeugdtegoed Rotterdam 2021 die met dit raadsvoorstel aan u ter besluitvorming wordt voorgelegd, wordt een nieuwe grondslag gecreëerd voor de periode van 1 maart 2021 tot 1 maart 2022.

Relatie met het coalitieakkoord/collegewerkprogramma/eerder aangenomen moties en gedane toezeggingen: Coalitieakkoord Nieuwe energie voor Rotterdam (pagina 23) Beleidskader armoedeaanpak, Uit de Knoop 2019-2022 Toelichting: De regeling heeft tot doel om AOW-gerechtigden en kinderen die in een gezin leven met een kleine beurs, volwaardig mee te kunnen laten doen in Rotterdam. Vanwege de beperkte middelen lopen deze doelgroepen het risico dat ze worden buitengesloten omdat de financiële middelen ontbreken. Kinderen die opgroeien in gezinnen met een laag inkomen hebben vaak geen middelen om volledig deel te kunnen nemen aan activiteiten op het gebied van school, sport en cultuur. Zij kunnen daardoor worden uitgesloten van leeftijdgenoten en een achterstand oplopen in hun ontwikkeling. AOWgerechtigden lopen het risico om te vereenzamen en in een isolement te raken. Onder participatiebevordering wordt in elk geval begrepen het kunnen deelnemen aan sportieve, sociale, culturele en educatieve activiteiten.

Registratienummer cluster: 21M000179 Portefeuillehouder: drs. M.K.A. Grauss Steller: Maurits Bijleveld, 0653447492

pagina 1

De regeling van het AOW- en Jeugdtegoed bestaat uit het koppelen van een financieel tegoed aan de Rotterdampas. Met de Rotterdampas kan de Rotterdammer, met korting, deelnemen aan diverse sociaal-culturele activiteiten. Door de koppeling van een financieel tegoed aan de Rotterdampas wordt de doelgroep extra gestimuleerd om deel te nemen aan deze activiteiten. Voor de minima doelgroep is de Rotterdampas verkrijgbaar voor C 5,-. Voor kinderen is de Rotterdampas gratis indien de ouder een Rotterdampas heeft. De doelgroep heeft hiermee een extra financieel tegoed om te besteden ten behoeve van participatie. Hiermee wordt de Rotterdampas tevens een betaalkaart. De betaalkaart is te gebruiken in geselecteerde Rotterdamse vestigingen van retailers en het openbaar vervoer (RET) en alleen te besteden aan producten die de participatie van Rotterdammers die tot de doelgroep behoren stimuleren. Het zijn producten die passen bij de doelstelling van deze regeling. De verordening voor 2021 is nagenoeg gelijk aan de verordening 2020, maar wijkt op twee onderdelen hiervan af. 1. In de Verordening AOW- en Jeugdtegoed 2020 is bepaald dat de aanvrager een inkomen van ten hoogste ^^0% c.q. 1300/) van het wettelijk sociaal minimum (WSM) heeft in de maand voorafgaand aan de datum van aanvraag.

In de Verordening AOW- en Jeugdtegoed 2021 wijzigt dit in tenminste de eerste en uiterlijk de derde maand voorafgaand aan de datum van de aanvraag. De reden voor deze wijziging is dat het voor de belanghebbenden eenvoudiger wordt de aanvraag te doen. In de praktijk heeft een aanvrager namelijk niet altijd de beschikking over een inkomensverklaring (loonstrook, uitkeringsspecificatie, pensioenopgave) die maximaal één maand oud is ten tijde van de aanvraag. Dit leidde in de uitvoeringspraktijk vaak tot vertragingen omdat extra informatie aangeleverd moet worden of zelfs afwijzing van de aanvraag, indien ook dan geen recente inkomensverklaring (minder dan een maand oud) overlegd werd. Door deze verruiming van de termijn is het voor de belanghebbende eenvoudiger een aanvraag te doen. 2. Bij de invoering van het AOW- en Jeugdtegoed in 2015 werd voor het Jeugdtegoed geen onderscheid gemaakt naar de hoogte van het tegoed, de maximale inkomensnorm van de ouders en de leeftijd van het kind. Sindsdien is het Jeugdtegoed te onderscheiden in een Kindteqoed (kinderen tussen 4 en 12 jaar ontvangen een tegoed van C 275 indien hun ouders een inkomen hebben van maximaal 110o7o van het WSM) en het Jonqerenteqoed (jongeren tussen 12 en 18 jaar ontvangen een tegoed van C 500 indien hun ouders een inkomen hebben van maximaal 13007o van het WSM).

Dit willen we ook tot uitdrukking brengen in de Verordening AOW- en Jeugdtegoed 2021. Dat betekent dat we in de definities van de Verordening AOW- en Jeugdtegoed 2021 nu het begrip kind introduceren (kind dat op 1 maart 2021 vier jaar of ouder is, maar op 1 maart 2021 nog niet de leeftijd van twaalf jaar heeft bereikt) en het begrip jongere (jongere die op 1 maart 2021 twaalf jaar of ouder is, maar op 1 maart 2021 nog niet de leeftijd van achttien jaar heeft bereikt). Het begrip Jeugdtegoed blijft overigens in stand als overkoepelende term voor het Kindtegoed en het Jongerentegoed.

Registratienummer cluster 21M000179 Portefeuillehouder: drs. M.K.A. Grauss Steller: Maurits Bijleveld, 0653447492

pagina 2

In de communicatie en het aanvraagproces leidt dit onderscheid tot een vereenvoudiging van onze informatie over de regelingen en toegankelijkere aanvraagformulieren. In 2021 geldt een tegoed voor het: AOW-tegoed C 450 per jaar Kìndtegoed C 275 per jaar Jeugdtegoed C 500 per jaar

inkomensgrens 1100Zo WSM inkomensgrens 110o7o WSM inkomensgrens 130o7oWSM

Financiële en juridische consequenties/aspecten: De benodigde middelen voor het AOW- en Jeugdtegoed 2021 passen binnen het hiertoe beschikbare budget. De huidige verordening heeft een looptijd van 1 maart 2020 tot 1 maart 2021. Door het vaststellen van de Verordening 2021 die met dit raadsvoorstel aan u ter besluitvorming wordt voorgelegd, wordt een nieuwe grondslag gecreëerd voor de periode van 1 maart 2021 tot 1 maart 2022. Het bijl

nde ontwerpbesluit bieden wij u hierbij ter vaststelling aan. Burgemeester en Wethouders van Rotterdam, De burge

V.J.M. Roożi

•outaleb

Bijlage(n): Ontwerpbesluit

Registratienummer cluster: 21M000179 Portefeuillehouder: drs. M.K.A. Grauss Steller: Maurits Bijleveld, 0653447492

pagina 3

Ontwerpbesluit

Verordening AOW* en Jeugdtegoed Rotterdam 2021 De raad van de gemeente Rotterdam, gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van 19 januari 2021; (raadsvoorstel nr.; raadsstuk; gelet op de artikelen 108, 149 en 156 van de Gemeentewet; overwegende dat: - het sinds 1 januari 2015 niet meer mogelijk is om aan groepen AOW-gerechtigden met een laag inkomen en kinderen van ouders die een laag inkomen hebben, een categoriale inkomenstoeslag te verstrekken op grond van de Participatiewet; - deze doelgroepen vaak financieel beperkt zijn in hun mogelijkheden tot maatschappelijke participatie; - de raad van de gemeente Rotterdam deze doelgroepen wil blijven stimuleren en faciliteren om te participeren in de maatschappij; - de Verordening AOW- en Jeugdtegoed Rotterdam 2020 geldt tot 1 maart 2021; besluit: Artikel 1 Definities In deze verordening en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder: - AOW-gerechtigde: persoon die op 1 maart 2021 de leeftijd heeft bereikt waarop hij aanspraak kan maken op een uitkering op grond van de Algemene Ouderdomswet en als ingezetene staat ingeschreven in de Basisregistratie Personen in Rotterdam; - doelgroep: AOW-gerechtigden met een laag inkomen en kinderen en jongeren die ouders hebben met een laag inkomen; - inkomen: inkomen als bedoeld in artikel 31, 32 en 33 van de Participatiewet; - kind: kind dat op 1 maart 2021

vier jaar of ouder is, maar op 1 maart 2021 nog niet de leeftijd van twaalf jaar heeft bereikt en als ingezetene staat ingeschreven in de Basisregistratie Personen in Rotterdam; - jongere: jongere die op 1 maart 2021 twaalf jaar of ouder is, maar op 1 maart 2021 nog niet de leeftijd van achttien jaar heeft bereikt en als ingezetene staat ingeschreven in de Basisregistratie Personen in Rotterdam; - laag inkomen: inkomen van ten hoogste 11007o van het wettelijk sociaal minimum voor ouders van kinderen en voor AOW-gerechtigden en inkomen van ten hoogste 130oZo van het wettelijk sociaal minimum voor ouders van jongeren, in tenminste de maand van de aanvraag en uiterlijk de derde maand voorafgaand aan de maand van de aanvraag, waarbij als wettelijk sociaal minimum wordt uitgegaan van: a. voor gehuwden: lOCP/o van de bijstandsnorm voor gehuwden; b. voor alleenstaanden: 70oZo van de bijstandsnorm voor gehuwden; c. voor alleenstaande ouders: ľCP/o van de bijstandsnorm voor gehuwden, plus de ‘kop’ voor alleenstaande ouders, de zogenaamde alo-kop; Rotterdampas: stadspas, uitgegeven door de gemeente Rotterdam, die een persoon in Rotterdam kan aanvragen en die de mogelijkheid biedt om met reductie deel te nemen aan participatie bevorderende activiteiten; Registratienummer cluster: 21MO00179 Portefeuillehouder: drs. M.K.A. Grauss Steller: Maurits Bijleveld, 0653447492

pagina 4

-

tegoed: AOW- of jeugdtegoed dat op grond van deze verordening kan worden verstrekt aan personen die tot de doelgroep behoren.

Artikel 2 Reikwijdte verordening Deze verordening heeft betrekking op de verstrekking van een tegoed voor de bevordering van noodzakelijke maatschappelijke participatie van de doelgroep. Artikel 3 Bevoegdheden college 1. Het college besluit op de aanvraag voor een tegoed. 2. Ten behoeve van de uitvoering van deze verordening kan het college nadere regels vaststellen ten aanzien van in ieder geval: a. de doelgroep; b. de uiterste aanvraagdatum; c. de door de aanvrager te overleggen gegevens; d. de voorwaarden om in aanmerking te komen voor een tegoed; e. de berekening van het inkomen; f. de toekenning van het tegoed; g. het wijzigen of intrekken van het besluit op de aanvraag; h. de besteding van het tegoed. Aanvraag Artikel 4 1. De aanvraag voor een tegoed wordt ingediend op een door het college vastgesteld aanvraagformulier. 2. Het college kan een tegoed ook ambtshalve verstrekken. Artikel 5 Verstrekken van het tegoed 1. Het college verstrekt het tegoed aan: a. de AOW-gerechtigde met een laag inkomen; b. de ouder van het kind of de jongere, welke ouder een laag inkomen heeft. 2. Het tegoed wordt beschikbaar gesteld door middel van storting op de Rotterdampas. Artikel 6 Hoogte tegoed 1. Het AOW-tegoed bedraagt C 450,- per huishouden, bedoeld in artikel 3, derde lid, van de Participatiewet. 2. Het jeugdtegoed bedraagt: a. f 275,- voor een kind; b. C 500,- voor een jongere.

Artikel 7 Bestedingsduur tegoed 1. Het tegoed kan uitsluitend worden besteed gedurende de geldigheidsduur van de Rotterdampas waarop het tegoed is gestort. 2. Een eventueel saldo van een tegoed op de Rotterdampas vervalt met ingang van de dag waarop de in het eerste lid genoemde periode is verstreken. Artikel 8 Hardheidsclausule Het college kan in bijzondere gevallen ten gunste van de AOW-gerechtigde, het kind of de jongere afwijken van artikel 5, eerste lid, van deze verordening als toepassing hiervan gelet op het belang dat dit artikel beoogt te beschermen naar het oordeel van het college tot onbillijkheden van overwegende aard leidt.

Registratienummer cluster: 21M000179 Portefeuillehouder: drs. M.K.A. Grauss Steller: Maurits Bijleveld, 0653447492

pagina 5

Artikel 9 Inwerkingtreding en duur 1. Deze verordening treedt in werking op de eerste dag van de maand, volgend op de maand van bekendmaking in het Gemeenteblad. 2. Deze verordening vervalt op 1 maart 2022. Artikel 10 Citeertitel Deze verordening wordt aangehaald als: Verordening AOW- en Jeugdtegoed Rotterdam 2021. Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van [datum]. De griffier,

De voorzitter,

Registratienummer cluster: 21M000179 Portefeuillehouder: drs. M.K.A. Grauss Steller: Maurits Bijleveld, 0653447492

pagina 6

Toelichting op de verordening AOW- en Jeugdtegoed 2021 Algemene toelichting Met de inwerkingtreding van de Participatiewet op 1 januari 2015 zijn de categoriale regelingen bijzondere bijstand voor AOW-gerechtigden en kinderen van ouders met een minimuminkomen komen te vervallen. De wetgever heeft zich op het standpunt gesteld dat het generieke inkomensbeleid voorbehouden dient te zijn aan het rijk. De Participatiewet richt zich alleen op de participatie van personen vanaf 18 jaar tot de AOW-gerechtigde leeftijd, waarbij participatie gekoppeld is aan werkaanvaarding en sociale activering. De participatie van AOW-gerechtigden en kinderen is geen doel binnen de Participatiewet. De Gemeente Rotterdam is van mening dat juist voor de doelgroepen AOW-gerechtigden met een laag inkomen en kinderen van ouders die een laag inkomen hebben, maatschappelijke participatie van groot belang is. Daarom is voor deze doelgroepen een regeling opgezet: het AOW- en Jeugdtegoed. De regeling houdt in dat een financieel tegoed wordt gekoppeld aan de Rotterdampas van Rotterdammers die tot de doelgroep behoren. Omdat deze regeling niet uitgevoerd kan worden op basis van de Participatiewet, zoals hierboven toegelicht, is deze verordening gebaseerd op artikel 108, eerste lid en 149 van de Gemeentewet.

In artikel 108, eerste lid Gemeentewet is de autonome verordenende bevoegdheid van het gemeentebestuur geregeld. In artikel 149 van de Gemeentewet is bepaald dat de raad de verordeningen maakt die hij in het belang van de gemeente nodig oordeelt. In de verordening wordt een aantal bevoegdheden met betrekking tot de verstrekking van het AOW- en jeugdtegoed door de raad ter nadere regeling gedelegeerd aan het college. Deze bevoegdheden van het college worden uitgewerkt in de door het college vast te stellen nadere regels en beleidsregels. Artikelsgewijze toelichting Artikel 1 Definities In dit artikel zijn enkele begrippen omschreven die in deze verordening voorkomen. Ten aanzien van enkele begrippen is aangesloten bij de definities uit de Participatiewet. Doelgroep Sinds 1 januari 2015 is het niet meer mogelijk om op basis van de Participatiewet een categoriale regeling bijzondere bijstand te treffen ten behoeve van AOW'ers en kinderen. Op grond van de autonome verordenende bevoegdheid van de raad is het wel mogelijk om deze doelgroepen door middel van het verstrekken van een tegoed, te stimuleren om te participeren in de samenleving. Laag inkomen Voor de inkomensgrenzen is aansluiting gezocht bij de inkomensgrenzen die gelden voor de bijzondere bijstand (Participatiewet).

Om voor een tegoed in aanmerking te kunnen komen, mag het inkomen in de maand voorafgaand aan de aanvraag niet hoger zijn dan 11007o dan wel 13007o van het toepasselijk wettelijk sociaal minimum en is daarmee aan de bovenkant begrensd.

Registratienummer cluster: 21M000179 Portefeuillehouder: drs. M.K.A. Grauss Steller: Maurits Bijleveld, 0653447492

pagina 7

Tegoed Het tegoed wordt beschikbaar gesteld op de Rotterdampas van de belanghebbende (de AOW-gerechtigde, het kind en de jongere). Als de belanghebbende geen Rotterdampas heeft, moet deze pas eerst worden aangevraagd. Zonder Rotterdampas is het niet mogelijk om het recht te effectueren. Reikwijdte verordening Artikel 2 De verordening heeft tot doel AOW-gerechtigden met een laag inkomen en kinderen of jongeren die ouders hebben met een laag inkomen, zo volwaardig mogelijk te kunnen laten participeren. Vanwege de smalle beurs lopen de AOW-gerechtigden en kinderen of jongeren die behoren tot de doelgroep het risico dat zij niet of onvoldoende participeren omdat de financiële middelen ontbreken. Kinderen of jongeren die opgroeien in gezinnen met een laag inkomen hebben vaak geen middelen om deel te kunnen nemen aan activiteiten op het gebied van school, sport en cultuur. Zij kunnen daardoor aansluiting missen en een achterstand oplopen in hun ontwikkeling. AOW-gerechtigden lopen het risico om te vereenzamen en in een isolement te geraken. Onder participatiebevordering wordt in elk geval begrepen het kunnen deelnemen aan sportieve, culturele en educatieve activiteiten. Door middel van een tegoed op de Rotterdampas is het mogelijk om bepaalde producten aan te schaffen die noodzakelijk zijn om mee te kunnen doen aan deze activiteiten.

Het gaat hier om een aantal productgroepen die passen bij de doelstelling, zoals sportartikelen, schoolspullen en hobbyartikelen. Over de besteding van het tegoed aan de producten uit de betreffende productgroepen, zijn afspraken gemaakt met winkels. De productgroepen zijn opgenomen in beleidsregels. Artikel 5 Verstrekken van het tegoed Als een belanghebbende aan de criteria voldoet wordt het tegoed beschikbaar gesteld op de Rotterdampas van de belanghebbende. Onder belanghebbende worden de AOWgerechtigden, de jongeren en de kinderen verstaan die in aanmerking komen voor een tegoed. Om de toekenning van het tegoed te kunnen effectueren, is het bezit van een Rotterdampas dan ook noodzakelijk. Heeft de belanghebbende nog geen Rotterdampas dan moet hij deze eerst aanvragen. Rotterdammers met een laag inkomen betalen een relatief laag bedrag voor een Rotterdampas. De algemene voorwaarden van de Rotterdampas zijn van toepassing. Artikel 6 Hoogte tegoed Jongeren van 12 tot en met 17 jaar ontvangen een hoger tegoed dan kinderen van vier tot en met 11 jaar. De reden is dat er dat jongeren van 12 tot en met 17 jaar in het algemeen gesproken meer financiële middelen nodig hebben voor de noodzakelijke participatie dan kinderen van vier tot en met 11 jaar. Kinderen en jongeren moeten op 1 maart 2021 voldoen aan de gestelde leeftijdscriteria.

Artikel 7 Bestedingsduur tegoed Het tegoed dat op de pas wordt gestort kan alleen worden besteed tijdens de bestedingsperiode. Het saldo dat na deze periode op de pas overblijft, vloeit terug naar de gemeente. Het tegoed kan niet in geld worden omgezet.

Registratienummer cluster: 21MO00179 Portefeuillehouder: drs. M.K.A. Grauss Steller: Maurits Bijleveld, 0653447492

pagina 8

Artikel 8 Hardheidclausule In deze verordening is een hardheidsclausule opgenomen om, in gevallen waarin toepassing van artikel 5 van deze verordening - gegeven de doelstelling en de strekking van deze verordening - een ‘onbillijkheid van overwegende aard zou opleveren’, een onderdeel van die regeling buiten toepassing te laten of daarvan af te wijken. Met andere woorden: de hardheidsclausule ziet op situaties die niet voorzien zijn bij het vaststellen van de verordening en waarin het niet redelijk zou zijn om geen tegoed te verstrekken, ook al wordt niet geheel voldaan aan het bepaalde in de verordening.

Registratienummer cluster: 21M000179 Portefeuillehouder: drs. M.K.A. Grauss Steller: Maurits Bijleveld, 0653447492

pagina 9

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=RotterdamRaad&id=25a933e9-c0d3-4a40-bb00-cc73aeeb2cb7