CConstaterende datRotterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

21bb4739 Raadsvoorstel over Vaststelling Regionale Energiestrategie (RES 1.0) Rotterdam Den Haag

Gemeenteraad 27 mei 2021, gemeente RotterdamBij agendapunt: 11. Het voorstel tot vaststelling van de Regionale Energiestrategie RES 1.0 Rotterdam Den Haag.2.453 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Rotterdam, 20 april 2021.

21bb004739

Aan: de gemeenteraad

Onderwerp: Vaststelling Regionale Energiestrategie (RES 1.0) Rotterdam Den Haag.

Gevraagd besluit: Samenvattend stellen wij u voor: De Regionale Energiestrategie (RES 1.0) Rotterdam Den Haag vast te stellen.

Waarom dit voorstelî/Waarom nu voorgelegd? De Regionale Energiestrategie (RES 1.0) Rotterdam Den Haag wordt met positief advies van het college ter vaststelling aangeboden aan de raad. Volgens de richtlijn van het Nationaal Programma RES (NP RES) moet de raad vóór 1 juli 2021 de RES 1.0 vaststellen.

Relatie met het coalitieakkoord/collegewerkprogramma/eerder aangenomen moties en gedane toezeggingen: -

-

Coalitieakkoord 2018-2022, Nieuwe Energie voor Rotterdam Raadsakkoord Energietransitie (19bb822) Energieperspectief 2050 - Energiestrategie regio Rotterdam Den Haag (19bb20714) Energiestrategie regio Rotterdam Den Haag - Regionale Prioriteiten, (19bb20715)

Toelichting: De RES 1.0 beschrijft de regionale invulling van de (inter)nationale CCVenergiedoelen. Onze lokale invulling aan de energietransitie krijgt vorm in het Rotterdams Duurzaamheidskompas en het Rotterdams Klimaatakkoord. Daar komen alle duurzaamheidsambities van Rotterdam samen. De stappen die wij als gemeente zetten op weg naar een klimaatneutrale samenleving in 2050, zijn overgenomen in de RES 1.0. Daarmee hebben wij ons beleid en onze ambities ook regionaal verankerd. Voorafgaand aan het opstellen van de RES 1.0 heeft het college de gebiedscommissies, wijkraden en wijkcomités gevraagd te adviseren op de Concept RES (20bb5189). Op basis daarvan heeft het college in juni 2020 een eerste concept zienswijze opgesteld. De Concept RES en de concept zienswijze zijn op 2 september 2020 besproken in de commissie voor Energietransitie, Duurzaamheid, Economie en Mobiliteit (EDEM) en in de raadsvergadering van 10 september 2020. U heeft met enkele moties de zienswijze aangescherpt.

Registratienummer cluster: BS21/00515 Portefeuillehouder: A. Bonte Steller: T.B.A. Tax

pagina 1

Het college heeft de zienswijze op 29 september 2020 aan de RES-regio Rotterdam Den Haag gestuurd (20bb11609). Op 28 januari jl. heeft de RES-regio een reactie hierop gestuurd en heeft het college u ingelicht van opvatting te zijn dat de door de RES-organisatie voorgestelde wijze van verwerking van de punten recht doet aan de Rotterdamse zienswijze op de concept RES (20bb19101). In de afgelopen periode zijn de zienswijzen van alle 28 partners in de regio verwerkt in de RES 1.0. Hieronder vindt u de beantwoording van de regio op de Rotterdamse zienswijze, inclusief een verwijzing waar dit verwerkt is in de RES 1.0. #

Verwijzing RES 1.0 Paragraaf 2.3, Voor realisatie van de gezamenlijke doelen De regio onderschrijft het belang van participatie bij het creëren van draagvlak. In de 7.1, 8.1, in de regionale energiestrategie is verder draagvlak zeer belangrijk. Wij hechten dan RES 1.0 zal nadrukkelijk aandacht worden verweven in ook veel waarde aan zorgvuldig opgezette besteed aan verschillende doelgroepen, hele en goede participatietrajecten voor alle verschillende niveaus van participatie en de document mogelijkheden dit te stimuleren. Daarmee is projecten binnen de energietransitie. Wij verwachten dat dit in de RES 1.0 stevig tot communicatie en participatie primair aan uitdrukking komt. gemeenten. De regio kan daarbij een faciliterende rol spelen.

Zienswijze gemeente Rotterdam

Antwoord RES-regio

2

Rotterdam ziet voor de toepassing van zon op gevels en zon op/langs infrastructuur een grotere rol weggelegd dan nu wordt voorzien in de Concept RES. Rotterdam is hier een groot pleitbezorger van omdat we de potentie van deze bronnen nodig hebben om uiteindelijk te kunnen voldoen aan de verwachte elektriciteitsvraag in 2050. Daarnaast maken deze toepassingen slim gebruik van de schaarse ruimte in onze stedelijke omgeving wat nodig is om ruimtelijke kwaliteit te kunnen blijven waarborgen.

De regio onderschrijft de opvatting dat zon Paragraaf 8.3 langs infrastructuur een belangrijke rol moet innemen en daarom brengen wij dit in de RES 1.0 maximaal tot uitdrukking. Tevens benoemen wij ook de kansen voor wind langs infrastructuur. Wel moet rekening gehouden worden met het feit dat we voor de uitvoering van zon en wind langs infrastructuur afhankelijk zijn van andere partijen, zoals bijvoorbeeld Rijkswaterstaat. Daarnaast zullen we structureel monitoren welke technieken ver genoeg zijn om een significante rol te spelen in het energiesysteem. Zodra technieken zoals zon op gevels - ver genoeg zijn, nemen we ze mee in de tweejaarlijkse actualisatie van de RES.

3

Wij zien windturbines in de duinen als onwenselijk. In de Concept RES is bij Hoek van Holland een zoekgebied voor windenergie opgenomen. Voor een deel van dat zoekgebied zien wij potentie voor windturbines (langs de strekdam), maar de duinen bij Hoek van Holland vinden we ongeschikt als locatie voor het plaatsen van windturbines. We verzoeken u de duinlocatie uit het zoekgebied te schrappen.

We zien potentie voor het ontwikkelen van windenergie in Hoek van Holland. Het zoekgebied wordt in de RES 1.0 breed aangegeven. Binnen het brede zoekgebied zal in het proces dat volgt op de vaststelling van de RES 1.0 door de gemeente nauwkeurig in beeld worden gebracht welke locaties daarvoor het meest geschikt zijn. In dat zoekproces toetsen we ook nadrukkelijk aan ecologische randvoorwaarden. Duingebieden vinden we geen geschikte locaties voor windmolens. We delen dus uw opvatting dat windmolens in het duingebied bij Hoek van Holland onwenselijk zouden zijn.

1

Registratienummer cluster: BS21/00515 Portefeuillehouder: A. Bonte Steller: T.B.A. Tax

Paragraaf 7.3 en paragraaf 8.3

pagina 2

Antwoord RES-regio

#

Zienswijze gemeente Rotterdam

4

In het Energieperspectief 2050 is repowering meegenomen. Ook in de verhaallijn bedrijventerreinen is in de concept RESrekening gehouden met energieopwekking, al is dat regionaal beperkt tot zonne-energie. Dat neemt niet weg dat er lokaal breder gekeken kan worden en windmolens tevens inpasbaar zijn. Het realiseren van kleine windmolens is op dit moment nog geen onderdeel van de scope van de RES-aanpak maar kan dat zeker zijn in de gemeentelijke aanpak. Productie die daaruit voortkomt telt mee in de regionale ambitie en monitoring. Indien daarin ontwikkelingen zijn, zowel in techniek als kansen voor grootschalige toepassing nemen we dat mee in de tweejaarlijkse actualisatie van de RES. Rotterdam ziet het echter als gemiste kans Bij de totstandkoming van de opdracht van de dat het havenindustrieel complex buiten de RES is expliciet gekozen om de energievraagreikwijdte van de RES valt, aangezien daar kant van het HIC buiten beschouwing te laten de grootste uitdaging in onze regio ligt om (1. Vanwege disproportionele omvang, 2. te vergroenen. In de uitwerking van de Vanwege eigen aanpak/proces aan de klimaattafel Industrie en de te vormen Cluster RES 1.0 zien we graag de relatie met de energiestrategie (CES). Wel is afgesproken verduurzamingsopgave van het havenindustrieel complex terugkomen.

om de uitwisseling van energie en de regionale meenwaarde mee te nemen in de RES, dat wordt o.a. op de thema's warmte en brandstoffen expliciet en intensief gedaan.

5

6

7

Naast het zoeken naar nieuwe locaties voor windparken maken ook repowering en wind op industrieterreinen een belangrijk onderdeel uit van het realiseren van de ambities voor de regio. Voor individuele windmolens zijn de Rotterdamse industrieterreinen ook potentiegebied. In het traject naar de RES 1.0 moet er ook aandacht komen voor ondersteuning van ondernemers om kleinschalige windmolens te realiseren.

Wij vragen de vogeltrek en andere milieuaspecten zo vroeg als mogelijk mee te wegen bij het aanwijzen van windlocaties in de zoekgebieden. Daarnaast willen wij dat er in het traject naar de RES 1.0 onderzocht wordt of er aangesloten kan worden bij initiatieven die aanvaringen tussen vogels en windmolens tijdens de vogeltrek proberen te voorkomen. De restwarmte die wij in Rotterdam ter beschikking hebben moet zo goed en snel mogelijk in de rest van de regio ingezet kunnen worden. Vanuit de gemeente Rotterdam vinden wij het belangrijk dat er samenhang komt tussen de bestaande en toekomstige transportleidingen in de regio en dat er afspraken gemaakt worden hoe we hierin met elkaar samenwerken.

Verwijzing RES 1.0 Paragraaf 8.3

Bijv. paragraaf 3.3, paragraaf 5.1, paragraaf 8.2.2 en paragraaf 8.4

In de RES 1.0 (en daarna) zullen we bij de concretisering van de zoekgebieden vogeltrek en andere milieuaspecten nadrukkelijk meewegen, zodat bij de uitwerking per gebied een integrale afweging kan worden gemaakt waar alle betrokken partijen, technische inzichten en initiatieven worden meegenomen.

Paragraaf 8.3, Figuur 8.27a

In de RES 1.0 zal het gebruik van restwarmte een belangrijke plek innemen. Uiteindelijk is het wel aan gemeenten zelf om te bepalen op welke manier en wanneer ze deze restwarmte gaan benutten. Alle gemeenten in de regio zijn meegenomen bij de onderzoeken die nu in het kader van de RES 1.0 plaatsvinden naar de kansen van bovengemeentelijke warmteuitwisseling. In het onderzoek worden de bestaande leidingen als uitgangspunt genomen, waarbij restwarmte uit de haven naast Aardwarmte de belangrijkste bron is. Er wordt nog wel onderzocht of we beter in kaart kunnen brengen hoeveel warmte er in 2050 beschikbaar zal zijn voor gebruik in de

Paragraaf 3, paragraaf 8.2, paragraaf 8.5

Registratienummer cluster: BS21/00515 Portefeuillehouder: A. Bonte Steller: T.B.A. Tax

pagina 3

#

Zienswijze gemeente Rotterdam

Antwoord RES-regio

Verwijzing RES 1.0

gebouwde omgeving. 8

9

10

Voor ons vormen de Rotterdamse visie duurzame biomassa en het SER-advies “biomassa in balans” het vertrekpunt om de inzet van biomassa in de RES te beschrijven. Vanuit de visie en het advies wordt de voorkeur gegeven aan het benutten van (duurzame) biomassa als grondstof in plaats van brandstof. We zien dat uitgangspunt graag vertaald in de RES 1.0. Door de sterke uitgangspositie van de Rotterdamse haven met onder meer de huidige energiestromen en de ervaring met de productie van waterstof, het werk dat is verricht in het kader van het Rotterdams Klimaatakkoord en de samenwerking met het Havenbedrijf en andere regionale partijen, is Rotterdam goed gepositioneerd om een zeer sterke waterstofhub te worden in Noordwest-Europa. Wij vertalen deze ambitie graag naar de RES 1.0. De Concept RES beschrijft de inzet van groengas als duurzame transitiebrandstof. Wij werken in het traject naar de RES 1.0 graag samen aan een verdere definiëring van groengas, waarbij we ingegaan op de vervaardiging, gebruik van natuurlijke bronnen en de (indirecte) uitstoot van koolstofdioxide.

Wij onderschrijven de uitgangspunten van het Duurzaamheidskader Biogrondstoffen gezien deze voortbouwt op het SER-advies ‘Biomassa in Balans', waarbij biomassa zoveel mogelijk wordt ingezet voor een hoogwaardige toepassing (als biogrondstof) en niet/ zo min mogelijk als laagwaardige toepassing, zoals het verbranden van hout voor de opwekking van elektriciteit en warmte.

Paragraaf 5.2

Het Havengebied maakt formeel geen onderdeel uit van de RES, maar is voor de ontwikkelingen rondom waterstof wel degelijk relevant. We zullen deze kansen prominenter naar voren laten komen in de RES 1.0.

Paragraaf 5.1, uitgebreider omschreven in paragraaf 8.4

Paragraaf 5.2 De zorgen over de duurzaamheid van de bronnen voor biomassa zijn terecht. De Rijksoverheid werkt hierom met een duurzaamheidskader voor de inzet van biomassa. Zij hanteren hierbij de volgende inzet: Het kabinet kiest voor een verantwoorde inzet van biogrondstoffen met een voortvárende aanpak voor tijdige afbouw van de stimulering van laagwaardige toepassingen zoals het verbranden van hout voor de opwekking van elektriciteit en warmte, met een focus op toepassing in sectoren waar op middellange termijn geen alternatieven beschikbaar zijn zoals lucht- en scheepvaart, en voor opschaling van hoogwaardige toepassingen zoals de chemie. In de RES 1.0 zullen we aansluiten bij deze definitie.

11

Gelet op de afnemende biodiversiteit, vragen we aandacht voor de ambitie om met beleidskeuzes in de RES biodiversiteit niet te verstoren en waar mogelijk te verbeteren.

De regio herkent en onderkend het belang van biodiversiteit in de energietransitie. Het maakt onderdeel uit van een scala aan aspecten die een rol kunnen spelen bij energieprojecten. Bij de ontwikkeling van (schone) energieprojecten moet biodiversiteit vanzelfsprekend een rol spelen en onderdeel vormen van de zorgvuldige afwegingen die gemeenten maken rond projecten. Het is uiteindelijk aan gemeenten zelf te bepalen in welke mate dat wordt gedaan.

Paragraaf 7.3.5 (frame 1), paragraaf 8.3.4 (frame 1)

12

De reductie van de C02-uitstoot is het voornaamste doel van de energietransitie.

Wij zijn het met u eens dat de reductie van C02-uitstoot en fijnstof positieve

Paragraaf 2.1

Registratienummer cluster: BS21/00515 Portefeuillehouder: A. Bonte Steller: T.B.A. Tax

pagina 4

13

Verwijzing RES 1.0

Zienswijze gemeente Rotterdam

Antwoord RES-regio

Deze en onder andere fijnstofreductie hebben ook aanzienlijk positieve gezondheidseffecten. Daarnaast kan er met de energietransitie ook bijgedragen worden aan het terugdringen van energiearmoede wanneer er gewaakt wordt over de betaalbaarheid. Naast de opgave en de stappen in de energietransitie die worden voorgesteld in de RES, zouden ook positieve neveneffecten sterker benadrukt moeten worden. Vanwege klimaatverandering wordt ingeschat dat de vraag naar koeling (explosief) zal toenemen wat een groot effect kan hebben op (o.a.) de behoefte aan schoon opgewekte elektriciteit. Wij vinden dat hittestress en koeling een prominentere rol moet krijgen in het hoofdstuk Warmte van de RES 1.0.

gezondheidseffecten kent, dit vormt de basis van de transitie die we doormaken. In de Concept-RES kwam dit aan bod in algemene bewoordingen. In de RES 1.0 zullen we nadrukkelijker aandacht besteden aan de positieve neveneffecten van de energietransitie.

#

Geen Koeling is een onderbelicht onderwerp in de RES, terecht dat u dit onderwerp aankaart. We verwijzing. zetten dit onderwerp op de agenda voor de RES 2.0. Hittestress is overigens voor een groot deel een lokale aangelegenheid, met de eigen ruimtelijke inrichting (meer groen minder stenen/asfalt) kan de stad hitte-eiland effecten fors verminderen. Ook de bouw van woningen en de aanleg van groene daken verminderen de hittestress in de stad.

Na behandeling en vaststelling van de RES 1.0 in uw raad en door de overige partijen, wordt de RES 1.0 verzonden aan het NP RES. Het RES-traject kent een doorlooptijd tot 2030 en wordt in een cyclus van minimaal 2 jaar geüpdatet. In 2023 volgt de RES 2.0 welke een nadere uitwerking en mogelijke herziening van de RES 1.0 is. Over de RES 2.0 vindt, net als bij de RES 1.0, weer besluitvorming plaats.

Financiële en juridische consequenties/aspecten: N.v.t. Het bijbi

nde ontwerpbesluit bieden wij u hierbij ter vaststelling aan. Burgemeester en Wethouders van Rotterdam,

De secretaris

De burgemeester,

V.J.M. Ro«

loutaleb

Bijlage(n): 1.

RES 1.0 Rotterdam Den Haag

Registratienummer cluster: BS21/00515 Portefeuillehouder: A. Bonte Steller: T.B.A. Tax

pagina 5

Ontwerpbesluit

De Raad van de gemeente Rotterdam, gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van 20 april 2021; (raadsvoorstel nr. *vult Stadhuis in*);

besluit: de hierbij behorende RES 1.0 Rotterdam Den Haag vast te stellen. Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van *vult griffie in* De griffier,

De voorzitter,

Registratienummer cluster: BS21/00515 Portefeuillehouder: A. Bonte Steller: T.B.A. Tax

pagina 6

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=RotterdamRaad&id=567cc0d3-6b13-414f-b4a2-b1cd98103aa9