21bb4275 Bijlage 3 behorende bij 21bb4272 over Rapport Gemeente Rotterdam Tussenrapportage evaluatie inzet POH J&G in de Rotterdamse huisartsenpraktijken
Tekst van het document
1.
Rapport Gemeente Rotterdam Samenvatting Tussenrapportage evaluatie inzet POH J&G in de Rotterdamse huisartspraktijken
Onderzoek en Business Intelligence
1
Colofon Gemeente Rotterdam, afdeling Onderzoek en Business Intelligence (OBI)
2
Datum: Auteur(s):
15 maart 2021 Alex Hekelaar, Sarah Boer en Özcan Erdem
Vragen:
onderzoek@rotterdam.nl
Inhoudsopgave 1 Inleiding
5
2 Resultaten
6
3 Conclusies
9
4 Aandachtspunten
10
3
4
1 Inleiding
1 Inleiding De Praktijkondersteuner Huisartsen Jeugd & Gezin
Bijzondere aandacht gaat daarbij uit naar de gevolgen
(POH J&G) werkt binnen de huisartsenpraktijk aan
van de Covid-19 pandemie.
het bevorderen van de samenwerking tussen huisarts, wijkteam en jeugdgezondheidszorg, behandelt zelf lichte (psychosociale en gezins-) problematiek én
Hier volgen de belangrijkste resultaten, conclusies en aanbevelingen uit het onderzoek.
verwijst gericht door naar de specialistische jeugdhulp (in het bijzonder J-GGZ). Dit zou moeten leiden tot beter passende hulpverlening aan jeugdigen tot 18 jaar met psychosociale problematiek en hun ouders. De veronderstelling is dat vroeg signalering van problematiek en meer samenwerking met laagdrempelige wijkgerichte hulp (wijkteam, basis ggz en CJG) op den duur minder verwijzingen naar specialistische jeugdhulp vanuit de huisartsenpraktijken tot gevolg gaan hebben. De tussenrapportage bevat de eerste resultaten van een meerjarig onderzoek naar de (ervaren) effecten van de inzet van POH J&G in Rotterdamse huisartspraktijken. De totale looptijd van het onderzoek naar de POH J&G is maart 2020 t/m september 2022. De rapportage dient als input voor de uitwerking van het effectonderzoek en de projectverantwoording. Maar ook ter lering: om verbeteringen aan te brengen in de organisatie en uitvoering van de inzet van de POH J&G bij de Rotterdamse huisartsen. Het effectonderzoek maakt onderdeel uit van het ZonMw project “POH Jeugd & Gezin de ontwikkeling van een wijkgerichte methodiek (ToolBOX) en effectonderzoek”. De onderzoeksafdeling van de gemeente Rotterdam (O&BI) voert het effectonderzoek uit i.s.m. het Erasmus MC, onderdeel huisartsgeneeskunde.
Op basis van een beknopt literatuuronderzoek, een online enquête onder huisartsen (respons=66%, n=19) en POH J&G (respons=70%, n=14) en verdiepende interviews met deelnemende huisartsen (n=4), POH J&G (n=5), een wijkteamleider en een wijkmanager, bieden we een eerste inzicht in de uitgangspunten van en de ervaringen die zijn opgedaan met de inzet van de POH J&G in de Rotterdamse huisartspraktijken.
1 Inleiding
5
2 Resultaten Op basis van de project- en beleidsdocumenten en de
onderzoek en de respondenten in algemene zin wel
interviews ontstaat er een beeld van gedeelde visie
een hoger bereik tot gevolg hebben.
en uitgangspunten POH J&G vanuit de projectleiding en medewerkers, deelnemende huisartsen en de uit-
Tenslotte wordt de POH J&G ingezet voor het over-
voerders van de functie POH J&G.
bruggen van de tijd dat een jeugdige na verwijzing
Kort gezegd houdt deze visie in dat de POH J&G door
moet wachten op hulp vanuit de tweedelijns j-ggz.
haar deskundigheid en inzet eraan kan bijdragen dat
Het bieden van deze zogenaamde overbruggings-
patiënten onder de 18 jaar met psychosociale proble-
zorg is geen oorspronkelijk doel van de inzet van de
matiek passende hulp krijgen
POH J&G, zeker niet waar het zwaardere en meer
De POH J&G kan hiervoor zorgen door het maken van
langdurige vormen van zorg betreffen, maar is meer
een goede inschatting van de problematiek en wat er
uit nood geboren. De POH J&G dient eraan bij te dra-
voor (extra) hulp nodig is, zelf begeleiden en bieden
gen dat het contact met de patiënt blijft behouden,
van lichte behandelingen en zo nodig gericht verwij-
een vinger aan de pols wordt gehouden, en proble-
zen naar ketenpartners zo laag mogelijk in de lijn. Dit
matiek vermindert of escalatie hiervan wordt voorko-
laatste, het uitoefenen van neerwaartse druk, vraagt
men.
het kunnen samenwerken rondom en normaliseren, en ontzorgen van kind-, jeugd- en gezinsproblema-
Bij het toetsen van de interventietheorie o.b.v. de on-
tiek.
derzoeksliteratuur en de eerste empirische resulta-
Zodoende zou de POH J&G ervoor zorgen dat bij psy-
ten uit ons onderzoek hebben we weliswaar kunnen
chosociale problematiek vanuit de huisartspraktijk
vaststellen dat betrokkenen vaak positief zijn over de
minder vaak wordt verwezen naar de tweedelijns
POH-Jeugdfunctie en de meerwaarde ervan zien.
jeugd-ggz.
Echter of de inzet van de Praktijkondersteuner Jeugd leidt tot minder onnodige verwijzingen naar de twee-
Het veronderstelde effect hiervan is een afname van
delijns j-ggz heeft men in onderzoek nog niet kunnen
het gebruik en de kosten van tweedelijns j-ggz zorg
aantonen. Belangrijke redenen zijn de kwaliteit en
voor deze groep patiënten. De POH J&G en huisart-
beschikbaarheid van gegevens.
sen vinden dit laatste beleidsdoel overigens duidelijk
Ook bij bepaalde aannames in de interventietheorie
minder belangrijk. Voor hen staat de kwaliteit van de
ontbreken ‘harde cijfers’. Zoals hoe vaak huisartsen
patiëntenzorg, het zorgen voor passende hulp, cen-
onterecht doorverwijzen naar tweedelijns j-ggz. Bo-
traal: de juiste hulp op het juiste moment.
vendien zijn er aanwijzingen dat hierbij andere factoren naast een gebrek aan middelen (kennis en tijd) bij
Een derde doel van de inzet van de POH J&G, naast
de huisarts een rol spelen. Zoals de druk die patiën-
het bijdragen aan passende hulp en terugdringen
ten uitoefenen om wel of niet verwezen te worden,
doorverwijzingen tweedelijns j-ggz, is het eerder en
het functioneren van het wijknetwerk en de tweede-
laagdrempeliger bereiken van moeilijk bereikbare
lijns jeugdhulp, en veranderingen in de omvang en
doelgroepen. Er worden twee specifieke doelgroepen
aard van de problematiek van de jongerenpopulatie.
benoemd: jongeren van ouder(s) met psychiatrische problematiek en/of verslaving (KOPP KVO) en van ouders met een licht verstandelijke beperking (LVB). Dit doel blijkt echter veel minder gedeeld te worden en prioriteit te krijgen van POH J&G en huisartsen. Toch kan de inzet van de POH J&G volgens
6
2 Resultaten
Kenmerken inzet POH J&G
Passende hulp
Gemiddeld werken de POH J&G 7,6 uur per week op
Volgens huisartsen is de grootste meerwaarde van
een huisartspraktijk. Zij geven aan ongeveer 4
de inzet van de POH J&G het kunnen bieden van pas-
nieuwe cliënten per week te krijgen aangemeld. Som-
sende hulp aan jongeren en hun ouders (80%), het
mige POH J&G rapporteren minder aanmeldingen.
overbruggen van wachtlijsten van de specialistische
Covid-19, een gebrek aan bekendheid met het aan-
jeugd-GGZ (70%) en het zorgen voor aansluiting van
bod bij de doelgroep of de zwaarte van de problema-
alle zorg- en hulpverlening rond het gezin (70%). De
tiek van de doelgroep worden hiervoor als redenen
POH J&G vinden zelf ook dat hun grootste meer-
genoemd. Het eerste contact tussen de POH J&G en
waarde zit in het kunnen bieden van passende hulp
de client vindt vrijwel altijd plaats binnen twee we-
aan jongeren en hun ouders (93%). Volgens hen dra-
ken na aanmelding.
gen zij verder in grote mate bij aan de vroegtijdige
De begeleiding van de POH J&G bestaat het vaakst
signalering van psychosociale en psychosomatische
uit ondersteuning bij psychosociale en-/of psychoso-
problematiek (80%), het versterken van de eigen
matische problemen (68%), het geven van psycho-
kracht van de jongere (73%) en het verminderen van
educatie (66%) of overbruggingshulp (51%).
de werkdruk van de huisarts (73%).
Minder aandacht gaat uit naar het bieden van opvoedondersteuning (37%) en het minst vaak wordt er
Bijna helft afgesloten zonder doorverwijzing
nazorg geboden (20%).
Bijna de helft van de hulpverlening door de POH J&G
Ruim een kwart (29%) van de POH J&G werkte in
(45%) wordt volgens eigen zeggen afgesloten zonder
2020 een aantal maanden thuis vanwege de Covid-
dat er doorverwijzing plaatsvindt. Als wordt doorver-
19 pandemie. Bijna de helft (46%) heeft in die periode
wezen dan wordt dat het vaakst gedaan naar de
nog face-to-face consulten gevoerd. Wel zijn alle
jeugd-GGZ (specialistisch: 30%, basis: 20%). De wijk-
POH J&G (ook) gebruik gaan maken van telefonische
teams volgen hierna (17%).
consulten en is bijna de helft (46%) gebruik gaan maken van beeldbellen.
Tabel 1 Gemiddeld aandeel begeleidingstrajecten waarbij naar een ketenpartner wordt doorverwezen (meerdere antwoorden mogelijk)
Huisartsen zeer tevreden Voor alle werkzaamheden die de POH J&G uitvoert,
Vraagverheldering en/of begeleiding zonder doorver-
gaf minimaal 75% van de huisartsen aan hiermee
wijzing
(zeer) tevreden te zijn. Ook over de behaalde resulta-
45%
Doorverwijzing specialistische jeugd-GGZ
30%
Doorverwijzing basis jeugd-GGZ
20%
Doorverwijzing naar wijkteam
17%
Doorverwijzing naar CJG
9%
Doorverwijzing naar maatschappelijk werk
4%
Doorverwijzing naar verslavingszorg
3%
ten zijn huisartsen tevreden. Hiervoor geven zij een gemiddeld rapportcijfer van een 7,6. Zowel de huisartsen als de POH J&G waarderen hun onderlinge samenwerking met een ruime 8. Huisartsen waarderen de POH J&G om haar deskundigheid en laagdrempeligheid. Zij voelen zich ontzorgd en vinden de POH J&G een waardevolle schakel in de samenwerking met de ketenpartners. Het overgrote deel van de huisartsen (90%) zou ook andere huisartsen aanraden een POH J&G in te zetten in de praktijk (de overige 10% zou dat misschien doen).
Doorverwijzing naar instelling voor verstandelijk beperkten
2 Resultaten
3%
7
Wachttijden tweedelijns j-ggz
Werkomstandigheden
Huisartsen laten weten altijd (90%) of vaak (10%) ge-
Huisartsen en de POH J&G zijn vooral tevreden over
confronteerd te worden met wachtlijsten van meer
de praktische voorzieningen die de huisartspraktijk
dan een maand voor de specialistische jeugd-GGZ.
biedt voor de inzet van de POH J&G. Hierbij valt te
Allen ervaren dit als een (zeer) groot probleem. Van
denken aan ICT- en communicatiemiddelen, een
de POH J&G loopt 53% altijd en 28% vaak aan tegen
goede werkplek en mogelijkheden om informatie
wachtlijsten van meer dan een maand; 13% geeft aan
vast te leggen, uit te wisselen en te beschermen.
dat dit regelmatig het geval is en 7% dat dit soms zo
De POH J&G laten weten dat zij minder tevreden zijn
is. Van degenen die aangeven dat dit regelmatig tot
over het scholings- en cursusaanbod, begeleidings-
altijd het geval is, ervaart 93% dit als een (zeer) groot
mogelijkheden op het werk en de beschikbaarheid
probleem.
van ondersteunende materialen zoals protocollen en instrumenten. Er is vooral behoefte aan bijscholing
Samenwerking
op het gebied van GGZ-problematiek (79%) en cul-
De POH J&G laten zich veel positiever uit over de sa-
tuursensitief werken (50%). Het overgrote deel (85%)
menwerking met de ketenpartners dan de huisartsen.
zou daarnaast graag vaker contact willen hebben
Zo is 60% van de POH J&G en maar 35% van de huis-
met andere POH J&G in Rotterdam.
artsen tevreden over de samenwerking met het wijkteam. Het minst vaak tevreden zijn de POH J&G over
Gevolgen COVID-19
de samenwerking met Veilig Thuis. De huisartsen zijn
Meer dan de helft van de huisartsen (60%) ziet een
het vaakst ontevreden over de samenwerking met de
afname in vroegtijdige signalering van problemen bij
specialistische jeugd-ggz (25%).
de doelgroep als gevolg van de pandemie. Een verge-
De POH J&G zijn van mening dat sinds zij bij de huis-
lijkbaar aandeel van de POH J&G (64%) constateert
artspraktijk werken meer wordt samengewerkt met
een toename in de zwaarte van de problematiek
de ketenpartners. Bij de basis jeugd-ggz zien de POH
waarmee cliënten bij de POH J&G worden aange-
J&G gemiddeld gezien de grootste toename. Ook de
meld. Beide groepen hebben de indruk dat angst-
kwaliteit van de samenwerking is volgens hen verbe-
klachten en stress in gezinnen door de pandemie zijn
terd, met name met het cjg en de specialistische
toegenomen, maar dat patiënten langer wachten en
jeugd-ggz.
pas hulp zoeken als problemen (dreigen te) escale-
Uit de interviews blijkt dat er niettemin ruimte is voor
ren.
verbetering in de samenwerking tussen de huisartspraktijken en de ketenpartners in de wijk. Met sommige wijkteams wordt bijvoorbeeld nauwelijks samengewerkt en de communicatie rondom patiënten verloopt niet optimaal. Het CJG wordt wisselend mee samengewerkt en wordt niet altijd door huisartsen als een belangrijke partner gezien. Er is ruimte voor meer en betere samenwerking met Veilig Thuis.
8
2 Resultaten
3 Conclusies 1.
Positieve ervaringen, meerwaarde
j-ggz (op korte termijn) mogelijk beperkt
De huisartsen en POH J&G zijn overwegend
door:
(zeer) positief over de onderlinge samenwer-
o
king en ervaren een duidelijk meerwaarde van de functie zoals die in de praktijk is inge-
een tekort aan aanbod tweedelijns j-ggz: (lange) wachtlijsten en wachttijden.
o
een verwachte toename in de vraag naar
vuld. De belangrijkste ervaren meerwaarde is
tweedelijns j-ggz a.g.v. coronapandemie
de bijdrage die de POH J&G levert aan het
onder patiënten tot 18 jaar,
bieden van passende hulp aan de jongeren en hun ouders.
o
een mogelijke toename van het bereik onder de doelgroep patiënten onder de 18 jaar.
2.
Beperkte empirische onderbouwing We vinden in ons onderzoek o.b.v. de ervaringen die in Rotterdam en elders zijn opgedaan voldoende ‘bewijs’ om te kunnen zeggen of de uitgangspunten van de inzet van de POH J&G al of niet aannemelijk zijn. Maar het ‘harde’ empirisch bewijs ontbreekt vooralsnog en maakt deel uit van het effectonderzoek waarvoor de basis is gelegd. Dit krijgt het komende jaar uitvoering. Het is o.b.v. de onderzoeksliteratuur en de resultaten van het empirisch onderzoek aannemelijk dat de inzet van de POH J&G in de Rotterdamse huisartspraktijken bij jongere patienten tot 18 jaar die kampen met psychosociale en gezinsproblematiek bijdraagt aan: o
voorkomen van doorverwijzingen naar de tweedelijns j-ggz
o
verbeteren van de kwaliteit van de jeugdhulp aan jongeren met psychosociale problematiek en
o
ontlasten en ontzorgen van de huisarts.
Het is echter onzeker of hiermee ook de projectdoelen zullen worden gerealiseerd. Naast dat er vanuit de onderzoeksliteratuur redenen zijn om twijfels te hebben over preventie als werkzaam mechanisme tegen toenemend gebruik en stijgende kosten van de tweedelijns jeugdhulp, wordt het effect van de inzet POH J&G op het terugdringen van het gebruik en de kosten van de tweedelijns
3 Conclusies
9
4 Aandachtspunten Waar het gaat om de verdere ontwikkeling van de
registratie. Het zou daarom moeten gaan om een
functie POH J&G komen de volgende aandachtspun-
eenvoudig monitoringsinstrument dat aansluit bij het
ten naar voren:
werkproces van de POH J&G en haar ondersteunt bij het leveren van passende hulp aan patiënten.
Zorgen voor kaders De ruimte die de huisartsen en de praktijkondersteu-
Corona: aanpak intensief en creatief
ners hebben om zelf invulling te geven aan de functie
Het blijkt dat door corona(maatregelen) het gevaar
POH J&G wordt als positief ervaren. Het biedt hen de
bestaat dat signalen worden gemist en de doelgroep
mogelijkheid tot het leveren van maatwerk. Echter,
te laat in beeld komt. Er komen minder patiënten naar
tegelijkertijd blijkt er behoefte aan kaders en richtlij-
de huisartsenpraktijk omdat zij hun bezoek uitstellen
nen.
en de digitale communicatie heeft haar beperkingen
Kaders m.b.t. de taken en verantwoordelijkheden van
in vergelijking met het face to face contact.
de POH J&G. Bijvoorbeeld op het gebied van signale-
Daarom is het van belang dat juist tijdens de corona-
ren en aanpak huiselijk geweld en kindermishande-
pandemie men in de huisartspraktijk intensief en cre-
ling, bij het bieden van overbruggingszorg en het be-
atief te werkt gaat om binnen de beperkende moge-
vorderen van de samenwerking met het wijknetwerk.
lijkheden de jongeren en hun ouders zoveel mogelijk
Richtlijnen bijvoorbeeld over wanneer sprake is van
fysiek te blijven zien en in contact met hen te blijven.
een succesvol traject en wanneer een traject kan
Bijvoorbeeld door in de buitenlucht af te spreken, tij-
worden afgesloten, in hoeverre het organiseren van
dens het (telefonisch) spreekuur ook vragen te stel-
de samenwerking met de ketenpartners, nazorg en
len over de gezinssituatie, het meermalig nabellen in
afschaling behoren tot het takenpakket van de POH
geval van no show, en via beveiligde apps laagdrem-
J&G, en wanneer er wel of niet moet worden verwe-
pelig contact te houden met patiënten.
zen naar een wijkteam. Hoewel digitale communicatiemiddelen duidelijk hun Opvoedondersteuning, nazorg en specifieke doel-
beperkingen hebben, blijken ze in de praktijk wel de-
groepen
gelijk ook mogelijkheden te bieden om laagdrempe-
De opvoedondersteuning en nazorg dienen in het
lig in contact te blijven met jongeren en ouders. Dit
project meer aandacht te krijgen. Hetzelfde geldt
kan bijvoorbeeld door te appen of te beeldbellen (op
voor het vroegsignaleren en in zorg krijgen van moei-
de mobiele telefoon). Het is belangrijk om de digitale
lijk bereikbare doelgroepen.
mogelijkheden verder uit te zoeken en te benutten.
Sturen op resultaten
Organisatie wijknetwerk
Er is weinig zicht en er wordt weinig gestuurd op de
Het zorgen voor goede afspraken over de samenwer-
resultaten van de inzet van de POH J&G in de huis-
king met de verschillende organisaties en het onder-
artspraktijk. Daarvoor zijn richtlijnen, registraties/in-
houden hiervan, vraagt specifieke vaardigheden en
strumenten en feedbackgesprekken nodig. Voor de
kost veel tijd.
ontwikkeling van de functie en het effectiviteitson-
Een overweging is om de POH J&G te ondersteunen
derzoek is het aan te bevelen dat de POH J&G instru-
bij het organiseren van de wijkgerichte samenwer-
menten gebruiken waarmee ze de effectiviteit van de
king door de inzet van bijvoorbeeld een wijkmanager,
door hen geboden hulp kunnen monitoren. Gezien
coördinator of soortgelijke functie.
het laagdrempelige en laagfrequentie karakter van deze hulp moet wel voorkomen worden dat er onevenredig veel tijd gaat zitten in evaluatie en
10
4 Aandachtspunten
Organiseren van het leren
digitale communicatiemiddelen zoals beeldbellen, e-
Op dit moment zijn de mogelijkheden om te leren on-
mailen en appen.
voldoende. In algemene zin is er behoefte aan kennis
De ervaren voordelen van bijvoorbeeld WhatsApp is
op het gebied van ggz-problematiek, opvoedonder-
dat je in een groepsapp gemakkelijk en snel ant-
steuning en werken met moeilijk bereikbare groepen
woord kan krijgen van andere professionals op je vra-
zoals bepaalde migrantengroepen.
gen. In het contact met patiënten biedt het de moge-
Belangrijk is het nader inventariseren van de kennis-
lijkheid om laagdrempelig de vinger aan de pols te
behoefte en aanwezige kennis bij de POH J&G-mede-
houden.
werkers.
Vanwege de coronapandemie dient bijzondere aandacht uit te gaan naar het leren gebruiken van digi-
Op verschillende plekken is namelijk de nodige (prak-
tale middelen om problemen vroegtijdig te signale-
tijk)kennis aanwezig maar onvoldoende zichtbaar en
ren, de doelgroep te bereiken, te begeleiden en waar
toegankelijk. Zo bieden moederorganisaties die POH
mogelijk te behandelen.
J&G detacheren de mogelijkheden tot deelname aan cursussen, opleidingen en intervisiebijeenkomsten.
Betrekken wijkteams bij projectorganisatie
Deze voorzieningen zijn voor de andere POH J&G
Er zijn nog altijd problemen in de samenwerking tus-
echter niet toegankelijk.
sen de wijkteams en de POH J&G. Belangrijk is dat
De POH J&G blijken vanuit hun achtergrond over
wijkteams en huisartspraktijken gezamenlijk eenslui-
specifieke deskundigheid te beschikken die in hun
dende afspraken maken over de samenwerking, zo-
huidige functie als POH J&G van pas blijkt te komen,
als de wijze van aanmelden, terugkoppelen en com-
zoals kennis van de organisatie en werkwijze van de
municatie in bredere zin. Belangrijk aandachtspunt
jeugdbeschermingsketen, 2e lijn j-ggz, wijkteams en
is hoe en welke informatie over cliënten wordt uitge-
j-gz (m.n. CJG), maar ook specifieke (ervarings) ken-
wisseld, waarbij ook aan de AVG-eisen wordt vol-
nis met diverse soorten instrumenten voor signale-
daan.
ring, diagnose en behandeling. Soms gaat het ook om
De oplossing overstijgt daarmee het uitvoeringsni-
‘practiced based’ kennis zoals ervaring met het sa-
veau. Het is daarom aan te bevelen de wijkteams ac-
menwerken met partners in de wijk.
tiever te betrekken bij de organisatie van de uitrol.
Het is van belang het leren te organiseren, d.w.z. zor-
Inzicht en aanpak wachttijden tweedelijns j-ggz
gen dat de POH J&G gebruik kunnen maken van el-
De lange wachttijden voor de tweedelijns jeugd GGZ
kaars deskundigheid en waar nodig gebruik kunnen
vragen bijzondere aandacht. Op dit moment wordt
maken van aanvullende scholing en trainingen. Zorg-
dit als de belangrijkste belemmering ervaren voor het
impuls houdt zich in het kader van de functieontwik-
kunnen bieden van passende hulp aan de doelgroep.
keling binnen het ZonMw project hiermee bezig en
De wachttijden vormen een risico voor de psychoso-
organiseert een opleidingsaanbod gericht op de in-
ciale gezondheid en ontwikkelingskansen van de
houdelijke ontwikkeling van de functie.
doelgroep. Bovendien is op basis van de ervaren gevolgen van de coronapandemie in 2021 geen afname
Hierop aansluitend is van belang dat de POH J&G be-
in de vraag naar tweedelijns j-ggz te verwachten.
schikken over een gemakkelijk te benaderen ‘Toolbox’ met methodieken en instrumenten die zij nodig hebben om hun werk optimaal te kunnen uitvoeren. Het ontwikkelen van een dergelijke ‘Toolbox’ maakt tevens onderdeel uit van het ZonMw project. De POH J&G blijken in verschillende mate gebruik te maken en vaardig te zijn in het toepassen van
4 Aandachtspunten
11
Kennis voor een sterk Rotterdams beleid Onderzoek en Business Intelligence is een afdeling binnen de gemeente Rotterdam. De afdeling verzamelt informatie en doet onderzoek voor het maken en uitvoeren van beleid door de gemeente Rotterdam. Het onderzoek gaat over onderwerpen als gezondheid, zorg, onderwijs, reïntegratie, demografie, ruimtelijke ordening en veiligheid. Soms is de gemeentelijke organisatie het onderwerp, vaker gaat het over de stad en haar bewoners. Het doel is steeds om met deze verzamelde kennis het beleid en de bedrijfsvoering van de gemeente te verbeteren. Auteurs
Alex Hekelaar
Sara Boer
Özcan Erdem
Rotterdam.nl
12
4 Aandachtspunten