CConstaterende datRotterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

21bb3888 Raadsvoorstel over Vaststelling Eerste wijziging Verordening Beheer Ondergrond Rotterdam ten behoeve van verwerking hemelwater

Gemeenteraad 27 mei 2021, gemeente RotterdamBij agendapunt: 10.2 Het voorstel tot wijziging van de Verordening Beheer Ondergrond Rotterdam.1.844 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Rotterdam, 30 maart 2021.

21bb003888

Aan: de gemeenteraad

Onderwerp: Vaststelling Eerste Wijziging Verordening Beheer Ondergrond Rotterdam ten behoeve van verwerking hemelwater.

Gevraagd besluit: Samenvattend stellen wij u voor de gewijzigde Verordening Beheer Ondergrond Rotterdam (VBOR) met aanpassingen ten behoeve van de verwerking van hemelwater door particulieren vast te stellen, waarmee aan het vergunnen van een rioolaansluiting bij nieuwe bouwwerken en nieuwe terreinverharding met meer dan 500 m2 verharding een waterbergingseis wordt gesteld. Waarom dit voorstelî/Waarom nu voorgelegd? Rotterdam streeft ernaar om in de toekomst zo weinig mogelijk hemelwater naar de rioolwaterzuivering af te voeren en de overlast bij extreme neerslag te reduceren. Dit zijn belangrijke strategische principes uit het Gemeentelijk Rioleringsplan (GRP 2021-2025) en het Rotterdams Weerwoord. Een maatregel uit het GRP 2021-2025 is ae particulieren daarbij actiever te betrekken door het verplicht stellen van de aanleg van waterberging bij nieuwbouw. Relatie met het coalitieakkoord/collegewerkprogramma/eerder aangenomen moties en gedane toezeggingen: De aanleg van waterberging op particulier terrein draagt bij aan het voorkomen van wateroverlast in de stad en heeft daarmee een relatie met de collegetarget om het percentage panden dat geen verhoogde kans op wateroverlast heeft bij hevige regenval te verhogen. Toelichting: In de openbare ruimte heeft de gemeente Rotterdam een inspanningsplicht om hemelwater in te zamelen, af te voeren en te verwerken.

Op particulier terrein is de eigenaar in eerste instantie zelf verantwoordelijk voor de verwerking van het hemelwater (art. 3.5 van de Waterwet). Als particulieren dat om redenen niet kunnen, mogen ze het aanbieden aan de gemeente In Rotterdam is het min of meer de gewoonte dat particulieren hun hemelwater lozen in het openbaar vuilwaterriool. Ongeveer 600Zo van de ruimte in onze stad is echter particulier eigendom. Om zo weinig mogelijk hemelwater naar de zuivering af te voeren en overlast bij extreme neerslag te reduceren, is het voor de toekomst essentieel dat private percelen actief worden betrokken bij het bergen van hemelwater, c.q. het scheiden van vuil afvalwater en 'schoon’ hemelwater. Daarbij zijn twee situaties te onderscheiden, te weten bestaande situaties en nieuwbouw.

Registratienummer cluster: 21/0005541 Portefeuillehouder: drs. B. Wijbenga-van Nieuwenhuizen Steller: B.C. de Wildt, 06 53312054

pagina 1

Bestaande situaties De nadruk ligt bij bestaande situaties niet op het verplichten van voldoende waterberging. De benodigde ruimte is zelden voorhanden of vraagt grote investeringen. De nadruk ligt op het scheiden van vuil afvalwater en 'schoon’ hemelwater bij rioolvervangingsprojecten van de gemeente. De Wet milieubeheer (artikel 10.32a) geeft de gemeente de bevoegdheid bij verordening regels te stellen ten aanzien van het lozen van hemelwater middels de hemelwaterverordening. Voor bestaande situaties biedt de hemelwaterverordening een werkbaar instrument. Hiervoor loopt parallel aan dit wijzigingsbesluit een apart besluitvormingsproces. Nieuwbouw Het geschikte moment om de omschakeling voor het aanleggen van waterberging door particulieren in te voeren is bij nieuwbouwprojecten (zowel woningbouw als gebouwen met andere functies, zoals kantoor- en bedrijfspanden). Bovengenoemde hemelwaterverordening achten we daarvoor minder geschikt als instrument Het daadwerkelijk handhaven van het lozingsverbod kan pas op het moment dat tot lozing wordt overgegaan. Dat is voor een nieuwbouwproject na de oplevering. We treffen daarmee de nieuwe bewoners en voor doelmatige maatregelen is het dan veel te laat. We kiezen er daarom voor om de VBOR als instrument in te zetten.

Hierin wordt al de publiekrechtelijke vergunning van het tot stand brengen, wijzigen en verwijderen van een rioolaansluiting geregeld. Op het moment dat ontwikkelaars en bouwers een rioolaansluitvergunning aanvragen, kan de toetsing voor het aanleggen van voldoende waterberging plaatsvinden. Door effectieve communicatie zal echter al in eerder stadium de verplichting van deze berging bij de ontwikkelaars en bouwers bekend worden gemaakt. Een alternatief instrument dat in het begin van het bouwproces kan worden toegepast is het bestemmingsplan. Het bestemmingsplan gaat bij inwerkingtreding van de nieuwe Omgevingswet (naar verwachting 1 januari 2022) van rechtswege op in het Omgevingsplan. Het regelen van de verplichting kan pas daarna. Het proces om het nieuwe Omgevingsplan integraal vorm te geven is echter nog in bewerking en zal naar verwachting de nodige tijd in beslag nemen. Tot die tijd biedt aanpassing van de VBOR een effectieve oplossing. We verplichten de aanleg van een waterberging van 50 mm per uur bij nieuwbouwprojecten vanaf 500 m2 verharding. Dit sluit aan bij de (niet verplichtende) gemeentelijke vuistregel die nu al voor het bouwen in stadswijken wordt gehanteerd en ook is opgenomen in het Convenant Klimaatadaptief Bouwen van de provincie. Er is gekozen voor 500 m2 omdat het dan de grotere bouwprojecten beslaat en geen individuele bouwkavels.

Bij grotere projecten wordt in overleg met de ontwikkelaars en bouwers gekeken hoe de berging op een doeltreffende manier kan worden aangelegd. Door het verplicht te stellen ontstaat eenduidigheid voor ontwikkelaars en bouwers. In het GRP 2021-2025 is opgenomen dat het college van B&W een omgevingsvergunning kan verlenen om de maatregelen voor hemelwater in de directe omgeving of binnen de hydraulische eenheid te nemen in plaats van op eigen terrein.

Registratienummer cluster: 21/0005541 Portefeuillehouder: drs. B. Wijbenga-van Nieuwenhuizen Steller: B.C. de Wildt, 06 53312054

pagina 2

Dit in overeenstemming met het kaderstellend Programma van Eisen Water van de gemeente en afgestemd met de beheerder van de openbare ruimte. Dit biedt de mogelijkheid om samen met ontwikkelaars en bouwers te komen tot de meest doeltreffende maatregelen voor het totale private en publieke gebied. Financiële en juridische consequenties/aspecten: Er zijn geen financiële consequenties voor de gemeente. Juridisch aspect is dat de voorschriften uit de VBOR moeten worden getoetst en gehandhaafd. Door middel van doelgerichte communicatie zal de verplichting tot waterberging in een vroegtijdig stadium bekend worden gemaakt. Hierdoor kunnen ontwikkelaars en bouwers al in de ontwerpfase rekening houden met de voorschriften.

Hm bijbehorende ontwerpbesluit bieden wij u hierbij ter vaststelling aan. Burgemeester en Wethouders van Rotterdam, 'e secretaris

De burge

V.J.M.

, Aboutaleb

Bijlage(n): Niet van toepassing

Registratienummer cluster: 21/0005541 Portefeuillehouder: drs. B. Wijbenga-van Nieuwenhuizen Steller: B.C. de Wildt. 06 53312054

pagina 3

Ontwerpbesluit

De Raad van de gemeente Rotterdam, gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van 30 maart 2021; gelet op artikel 10.32a van de Wet Milieubeheer; besluit: tot vaststelling van de Eerste wijziging van de Verordening Beheer Ondergrond Rotterdam Artikel I De Verordening Beheer Ondergrond Rotterdam wordt als volgt gewijzigd: A Er wordt onder paragraaf 3. Rioolaansluitingen over het verplicht stellen van waterberging bij nieuwbouw, een nieuw artikel toegevoegd. Het artikel luidt als volgt: Artikel 20 Waterberging 1. Met het oog op het beperken van wateroverlast wordt bij een te realiseren bouwwerk of terreinverandering hemelwater niet naar de gemeentelijke riolering afgevoerd of aan de openbare ruimte aangeboden, tenzij een hemelwaterberging is aangebracht en in stand gehouden. 2. Het eerste lid (artikel 20.1) geldt niet als de totale oppervlakte van nieuwe bouwwerken en nieuwe terreinverharding op het perceel minder is dan 500 m2. 3. Het college van burgemeester en wethouders kan in een omgevingsvergunning afwijken van lid 1, als bij nieuwbouw de maatregelen voor hemelwater in de directe omgeving of binnen de hydraulische eenheid genomen worden in plaats van op eigen terrein. Dit in overeenstemming met het kaderstellend Programma van Eisen Water van de gemeente en afgestemd met de beheerder van de openbare ruimte. 4.

De minimale capaciteit van de hemelwaterberging is 50 mm ten opzichte van het oppervlak van het nieuw aan te brengen bouwwerk en terreinverharding. 5. De hemelwaterberging wordt zo ontworpen en in stand gehouden dat: a. deze binnen 50 uur na de neerslaggebeurtenis weer volledig beschikbaar is; b. maximaal 2 mm per uur wordt geloosd op de gemeentelijke riolering. 6. Het is toegestaan om een hoeveelheid hemelwater boven de 50 mm, die niet kan worden opgevangen op het eigen perceel, direct aan te bieden aan de openbare ruimte. B Het oorspronkelijke artikel 20 wordt door invoeging van een nieuw artikel 20 doorgenummerd in artikel 21. Onder lid 2.c. wordt toegevoegd: 5. aanvullend van de aan te leggen waterberging bedoeld in artikel 20 het ontwerp van de waterberging en de wijze waarop aan de vereisten van beschikbaarheid en lediging wordt voldaan.

Registratienummer cluster: 21/0005541 Portefeuillehouder: drs. B. Wijbenga-van Nieuwenhuizen Steller: B.C. de Wildt, 06 53312054

pagina 4

Het artikel wordt daarmee ais volgt: Artikel 21 Verkrijgen van de vergunning 1. De aanvraag voor een vergunning bedoeld in artikel 19, eerste lid wordt door of namens de rechthebbende ingediend bij het college door middel van een daartoe door het college vastgesteld aanvraagformulier. 2. Bij de aanvraag worden de volgende gegevens door de rechthebbende vermeld: a. indien van toepassing, de ligging van het aan te sluiten dan wel aangesloten bouwwerk aan de hand van straat en huisnummer of, indien nog geen huisnummer is toegekend, aan de hand van het kadastraal nummer van het betreffende perceel en een situatieschets van 1:1000 of grotere schaal; b. de aard en hoeveelheid van het af te voeren afvalwater, hemelwater en grondwater; c. van de aan te sluiten of te wijzigen rioolaansluiting ten minste de volgende gegevens: 1. de exacte locatie van het aansluitpunt; 2. het toe te passen duidelijke verschil in kleur of symbolen tussen de verschillenoe soorten stedelijk afvalwater; 3. materiaal van de leiding; en 4. diameter van de leiding; 5. aanvullend van de aan te leggen waterberging, bedoeld in artikel 20, het ontwerp van de waterberging en de wijze waarop aan de vereisten van beschikbaarheid en lediging wordt voldaan. C Het oorspronkelijke artikel 21 wordt door doorgenummerd in artikel 22. Onder lid wordt toegevoegd: b.

niet aan de vereiste waterberging conform artikel 20 wordt voldaan. Het artikel wordt daarmee als volgt: Artikel 22 Weigeren van de vergunning 1. De vergunning, bedoeld in artikel 19, eerste lid wordt geweigerd: a. indien de rioolaansluiting of de wijziging daarvan vanwege technische, juridische, milieutechnische of milieu-economische redenen bezwaarlijk is; b. indien niet aan de vereiste waterberging, bedoeld in artikel 20, wordt voldaan. 2. De -ioolaansluiting is in ieder geval bezwaarlijk indien: a. rechthebbende niet kan voldoen aan de technische eisen die opgenomen zijn in de in artikel 3 bedoelde nadere regels; b. de rioolaansluiting een lozing voor afvalwater of bronneringswater betreft, waarvoor krachtens de geldende milieuwetgeving een vergunning benodigd is, maar waarvoor deze niet is verleend, of waarbij niet aan de geldende regels is voldaan; c. de rioolaansluiting bedoeld is voor de lozing van niet verontreinigd grondwater, dat zonder bezwaar op het oppervlaktewater of bodem kan worden aangesloten. D Oorspronkelijke artikelen 22 t/m 29 worden doorgenummerd in artikel 23 t/m 30 en worden niet inhoudelijk gewijzigd.

Registratienummer cluster 21/0005541 Portefeuillehouder: drs. B. Wijbenga-van Nieuwenhuizen Steller: B.C. de Wildt, 06 53312054

pagina 5

Artikel II Dit besluit treedt in werking op de eerste dag na dagtekening in het Gemeenteblad. Deze eerste wijziging van de verordening met betrekking tot hemelwaterberging is niet van toepassing op: * bouwwerken en projecten die voor 1 januari 2022 een omgevingsvergunning hebben aangevraagd; » tenders en ontwikkelovereenkomsten die binnen zesentwintig weken na inwerkingtreding van de verordening zijn afgesloten. Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van De griffier,

De voorzitter,

Registratienummer cluster: 21/0005541 Portefeuillehouder: drs. 8. Wijbenga-van Nieuwenhuizen Steller: B.C. de Wildt, 06 53312054

pagina 6

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=RotterdamRaad&id=58512359-ca7c-40ef-97d2-59bf22ba31d4