21bb3498 Beantwoording vragen Hoogwerf over Leefbaar vraagt wethouder om grondiger te werk te gaan na fikse kritiek vanuit de Joodse gemeenschap
Tekst van het document
Rotterdam, 16 maart 2021.
21bb003498
Onderwerp: Beantwoording van de schriftelijke vragen van het raadslid T. Hoogwerf (Leefbaar Rotterdam) over ‘Leefbaar vraagt wethouder om grondiger te werk te gaan na fikse kritiek vanuit de Joodse gemeenschap’.
Aan de Gemeenteraad. Op 8 maart 2021 stelde mevr. T. Hoogwerf (Leefbaar Rotterdam) ons schriftelijke vragen over ‘Leefbaar vraagt de wethouder om grondiger te werk te gaan na fikse kritiek vanuit de Joodse gemeenschap’. Inleidend wordt gesteld: ‘Wethouder Bert Wijbenga heeft zijn informatie niet op orde en sloeg tijdens zijn toelichting in de gemeenteraad de plank behoorlijk mis’, dat is de reactie vanuit de Joodse gemeenschap op de uitspraken van wethouder Bert Wijbenga tijdens het debat van vorige week naar aanleiding van de zoveelste gewelddadige daad tegen de Joodse begraafplaats. Leefbaar drukt de wethouder op het hart om in deze gevoelige kwestie geen half werk te leveren, en alles op alles te zetten om antisemitisme aan te pakken. Vorige week vroeg Leefbaar Rotterdam een debat aan in de gemeenteraad over de wederom ingegooide ruiten bij een Joodse begraafplaats in Rotterdam. Wethouder Wijbenga reageerde in drie stappen. Eerst stond hij stil bij het gepleegde feit: ‘In zes stapjes is een toenemende mate van vernieling aan die afscheiding toegebracht, eerst graffiti, daarna een breuk, daarna een gat … in die tussentijd is de schade niet hersteld … in die optelsom van vernielingen zie je dat de afscheiding er nu slecht uitziet.’ Maar volgens de Joodse gemeenschap kloppen deze uitspraken niet, omdat de ruiten in de laatste 2,5 jaar maar liefst vijf maal vervangen zijn.
Vervolgens stond Wijbenga stil bij het beveiligen van Joodse objecten. Hij benadrukte dat de beveiliging van ‘hoog niveau’ is. Dit statement wordt echter ook tegengesproken vanuit de Joodse gemeenschap. Zij vinden dat deze beveiliging zeker niet goed loopt. Een zeer pijnlijke constatering.
00000
Ten derde begon de wethouder over het structureel aanpakken van antisemitisme. Vanuit de Joodse gemeenschap horen wij: ‘Er is geen contact met de gemeente, ook niet met andere geloofsgenootschappen vanuit onze gemeenschap. Alleen de synagogen worden bewaakt bij diensten (maar niet altijd), de begraafplaatsen totaal niet’. Daarnaast zeiden ze dat de wethouder inderdaad gelijk had over dat er geen melding of aangifte is gedaan: ‘Misschien omdat er toch niets mee gedaan wordt.’ Leefbaar vindt dat het de verkeerde kant opgaat. De gemeente hoort zij aan zij te staan met de Joodse gemeenschap, maar hun reactie op de wethouder stemt ons zeer droevig. Wijbenga beloofde een pakket aan maatregelen te nemen om Jodenhaat tegen te gaan. Wij willen de wethouder daarbij echt op het hart drukken dat hij nu absoluut geen half werk moet te leveren. Dit is namelijk een zeer gevoelig kwestie, waarbij wij als
Registratienummer dienst: 00000 Portefeuillehouder: Steller: R. Lemmen raadsstuk
raadsvergadering van: pagina 1
dd-mm-jjjj
gemeente grondig te werk moeten gaan. Het is niet wenselijk als het vertrouwen van de Joodse gemeenschap in de gemeente Rotterdam beschadigd raakt. Hun vraagtekens bij de antwoorden van Wijbenga helpen daar niet bij. We moeten alles op alles zetten om de daders te pakken en te zorgen dat antisemitisme niet meer voorkomt. Dit mag nooit zonder gevolgen blijven.’ Hieronder volgen de vragen en mijn beantwoording: Vraag 1: Vindt u dat u het vertrouwen van de Joodse gemeenschap in de gemeente Rotterdam heeft geschaad? Zo nee, waarom niet? Antwoord: Tijdens de actualiteitenraad op 4 maart jl. heeft wethouder Wijbenga aangegeven wat het college, in samenwerking met politie en andere partners, doet om de joodse gemeenschap in Rotterdam te beschermen en welke inzet zij pleegt om antisemitisme te bestrijden. Hierover is veelvuldig contact met vertegenwoordigers van de joodse gemeenschap. Het college staat achter de beantwoording die wethouder Wijbenga uw raad heeft gegeven. Het college bestrijdt antisemitisme in samenhang met andere thema’s als racisme, emancipatie, discriminatie LHBTIQA+, islamfobie, afvalligheid en het koloniale en slavernijverleden. Het samenlevingsbeleid gaat over al die thema’s en groepen mensen en problemen met acceptatie en veiligheid. Op scholen, bij professionals, vrijwilligers, in dialogen, webinars en trainingen in de stad, voorlichting aan nieuwkomers.
Dit alles in aanvulling op het veiligheidsbeleid. Binnen de intersectionele aanpak van Relax is er ook verbijzondering naar thema. Antidiscriminatiebureau RADAR en de Anne Frank Stichting werken bijvoorbeeld samen aan het contact tussen voetbalsupporters en de joodse gemeenschap, en geven interactieve voorlichtingen op scholen. Aanvullend is na bespreking van antisemitisme in het raadsdebat van 6 juni 2019 toegezegd een belevingsonderzoek te doen naar antisemitisme in Rotterdam. De reden was dat gezien de relatief kleine omvang van de gemeenschap, cijfers niet alles zeggen en incidenten, waar dan ook in Nederland, door de hele gemeenschap gevoeld worden. Het belevingsonderzoek wordt begin tweede kwartaal van dit jaar opgeleverd en meegenomen in de voortgangsrapportage van Relax. Tot slot is er bestuurlijk verschillende keren per jaar contact met vertegenwoordigers uit de gemeenschap, zoals bij religieuze vieringen of wanneer met meerdere religieuze en levensbeschouwelijke stromingen bijeenkomsten zijn. Bijvoorbeeld bij de (netwerk)bijeenkomsten van de Coalitie Rotterdammers voor Mekaar. Ook is er contact met mensen die joodse verhalen komen brengen op scholen en op events als Loods24. In het kader van de beveiliging van de joodse gemeenschap is er, naast contact met de gemeente, regulier contact met verschillende functionarissen van de politie, waaronder de wijkagent.
00000
Bij incidenten of momenten zoals deze, waarbij er ruis op de lijn lijkt te zijn, wordt natuurlijk ook contact gezocht met vertegenwoordigers en sleutelpersonen. Het college vindt dat we een goede relatie met de joodse geloofsgemeenschappen hebben en willen dat graag zo houden. Vraag 2: Hoe verklaart u de reactie vanuit de Joodse gemeenschap? Vindt u hun kritiek op uw antwoorden (uw drie punten) terecht?
Registratienummer dienst: 00000 Portefeuillehouder: Steller: R. Lemmen raadsstuk
raadsvergadering van: pagina 2
dd-mm-jjjj
Antwoord: Het college betreurt het dat het niet op de hoogte was van de vernielingen, want dan was het college vanzelfsprekend naast de organisatie gaan staan. Over de kritiek op de drie genoemde punten wil het college het volgende zeggen: Over het recent gepleegde feit heeft wethouder Wijbenga aangegeven dat in verschillende stappen (graffiti, breuk, gat) een toenemende mate van vernieling is toegebracht aan de afscheiding, en dat de schade tussen deze stappen niet is hersteld. Deze informatie is aan de politie gegeven op 2 maart jl. door de beheerder van de begraafplaats. Van het feit dat de ruiten in de laatste 2,5 jaar eerder vervangen zijn, waren politie en gemeente eerder niet op de hoogte, omdat geen melding of aangifte van de eerdere vernielingen is gedaan. Van de recente vernieling is onduidelijk wanneer deze precies is gepleegd. Vooralsnog is er geen indicatie dat er sprake was van een antisemitisch motief. Over de beveiliging van joodse instellingen kan worden aangeven dat er verschillende beveiligingsmaatregelen zijn genomen om de joodse gemeenschap te beschermen tegen geweld en aanslagen. Uitgangspunt is dat het weerstandniveau van de joodse locaties passend is bij de geldende dreiging en het risico. Dit maakt ook dat genomen maatregelen niet overal gelijk hoeven te zijn.
Bij dit incident gaat het om een historische begraafplaats, die sinds 1820 niet meer in gebruik is en alleen nog wordt beheerd. Over de invulling van veiligheidsmaatregelen op andere plekken worden in het openbaar geen uitspraken gedaan. Op basis van informatie van inlichtingen- en veiligheidsdiensten worden dreiging en risico scherp gemonitord en worden maatregelen waar nodig herzien. Tussen vertegenwoordigers van de joodse geloofsgemeenschappen, politie en Koninklijke Marechaussee is veelvuldig contact over de uitvoering van de beveiligingsmaatregelen, en de beveiliging is tot op heden ook naar tevredenheid uitgevoerd. Tijdens het actualiteitendebat is tot slot aangegeven wat het college doet om antisemitisme te bestrijden (zie ook het antwoord op vraag 1). Zowel over de recente vernieling als in algemene zin over veiligheid en beveiliging is er veelvuldig contact tussen de joodse geloofsgemeenschappen en de gemeente en politie. Naar aanleiding van de recente vernieling bij de joodse historische begraafplaats aan de Oostzeedijk hebben verschillende functionarissen van de politie contact gehad met dhr. Den Hoedt, voorzitter van de Joodse Gemeenschap Rotterdam (NIG), en de beheerder van de begraafplaats. Ook de directeur Veiligheid van de gemeente heeft voor en na de actualiteitenraad van 4 maart jl. contact gehad met dhr. Den Hoedt.
De wijkagenten die een joodse begraafplaats in hun werkgebied hebben zijn van deze en eerdere vernielingen op de hoogte gesteld, zodat zij hier extra alert op kunnen zijn. Vraag 3: Hoe verklaart u dat het vertrouwen vanuit de Joodse gemeenschap zo laag is? Antwoord: Het college hecht aan een goede verstandhouding met de joodse gemeenschap. Het college neemt uw signaal serieus. Daarom neemt wethouder Wijbenga het initiatief om op korte termijn met de voorzitters van beide joodse geloofsgemeenschappen te spreken. Overigens is door de voorzitter van de Joodse Gemeente Rotterdam al aangegeven dat het vertrouwen tussen de joodse gemeenschappen en de gemeente niet geschaad is.
00000
Vraag 4: Wat gaat u doen om het negatieve gevoel binnen de Joodse gemeenschap, dat is ontstaan na het debat, weg te nemen? Antwoord:
Registratienummer dienst: 00000 Portefeuillehouder: Steller: R. Lemmen raadsstuk
raadsvergadering van: pagina 3
dd-mm-jjjj
Door de politie is aangifte opgenomen van de vernieling. Daarnaast is een verzamelaangifte opgenomen van eerdere vernielingen. Verder zal wethouder Wijbenga, zoals bij het antwoord op vraag 3 al aangegeven, het initiatief nemen om op korte termijn met de voorzitters van de joodse geloofsgemeenschappen te spreken. Over de vervanging van de afscheiding bij de joodse historische begraafplaats aan de Oostzeedijk en welke preventieve mogelijkheden daar zijn wordt nog verder gesproken tussen dhr. Den Hoedt, gemeente en politie. Vraag 5: Het vertrouwen in het doen van aangifte blijkt binnen de Joodse gemeenschap zeer laag te zijn, waardoor zij (nog) geen aangifte hebben gedaan. Wat gaat u, als college, doen om dit vertrouwen te herstellen? Wilt u, als gemeente Rotterdam, desnoods zelf aangifte doen? En zo alles op alles zetten om de daders te achterhalen en straffen? Antwoord: Omdat geen melding of aangifte is gedaan van de vernieling van ruiten bij de joodse historische begraafplaats aan de Oostzeedijk waren politie en gemeente hiervan niet op de hoogte, en moesten wij dit via de media vernemen. Ook van eerdere, soortgelijke vernielingen is geen aangifte of melding gedaan. Van de recente vernieling bij de historische begraafplaats aan de Oostzeedijk is er vooralsnog geen serieuze indicatie (zoals bekladding) dat er sprake was van een antisemitisch motief.
Het college betreurt het dat het bestuur van de Joodse Gemeente Rotterdam onvoldoende vertrouwen had in het doen van aangifte van deze en eerdere vernielingen. Na de recente vernieling heeft politie op 1 maart jl. contact gehad met dhr. Den Hoedt, waarbij ook gesproken is over het belang van aangifte doen. Niet alleen kan dan mogelijk een onderzoek worden gestart, ook geeft het de politie inzicht waarmee een criminaliteitsbeeld van dergelijke vernielingen gevormd kan worden. Afgesproken werd dat alsnog aangifte gedaan zou worden, deze is op 8 maart door politie opgenomen. Daarnaast is een verzamelaangifte opgenomen van eerdere vernielingen. Vraag 6: Kunt u de vragen, gezien de urgentie, zo snel mogelijk beantwoorden? Antwoord: Ja.
00000
Burgemeester en Wethouders van Rotterdam, De secretaris,
De burgemeester,
V.J.M. Roozen
A. Aboutaleb
Registratienummer dienst: 00000 Portefeuillehouder: Steller: R. Lemmen raadsstuk
raadsvergadering van: pagina 4
dd-mm-jjjj
00000
Registratienummer dienst: 00000 Portefeuillehouder: Steller: R. Lemmen raadsstuk
raadsvergadering van: pagina 5
dd-mm-jjjj