CConstaterende datRotterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

21bb2626 Bijlage 8 behorende bij 21bb2626 - Rotterdam Hornbach Driemanssteeweg Ecologische quickscan

Gemeenteraad 29 april 2021, gemeente RotterdamBij agendapunt: 18. Het voorstel tot vaststelling van het bestemmingsplan ‘Driemanssteeweg 15’.3.453 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

erl Buro Ma L a n

d s c

h a p

,

l o E c o

g i e

&

ant

t e R u i m

l i j k e

O rd

e n i n

g

B M- R APPOR T 2019

Rotterdam Hornbach Driemanssteeweg Ecologische quickscan

J. va n Suijle kom, 15 juli 2019

Inhoud Blz 1

Inleiding

3

1.1

Algemeen

3

1.2

Methode / doel

3

1.3

Beschrijving van het plangebied en de ingrepen

3

2

Wet- en regelgeving

4

2.1

Wet natuurbescherming

4

3

Bronnenonderzoek

8

3.1

Data uit de Nationale Databank Flora en Fauna (NDFF)

8

3.2

Gebiedsbescherming

8

4

Resultaten van het veldonderzoek

8

4.1

Algemeen

8

4.2

Beschermde soorten: resultaten en verwachting

8

5

Conclusie

10

Literatuur

11

I m p re ss i e v a n h e t plangebied F oto ’s : B u ro M a e r l a n t 13-06-2019.

Rotterdam Hornbach Driemanssteeweg Ecologische quickscan

2

1 Inleiding 1.1 Algemeen In opdracht van Hornbach Nederland heeft Buro Maerlant een ecologische quickscan uitgevoerd ten behoeve van de beoogde ontwikkeling van het plangebied Hornbach Driemanssteeweg te Rotterdam. Het veldonderzoek werd uitgevoerd op 13 juni 201g. Men is voornemens het plangebied te ontwikkelen voor de realisatie van een bouwmarkt waarvoor een ruimtelijke procedure wordt doorlopen.

1.2 Methode / doel De ecologische quickscan bestaat uit een veldonderzoek en de verslaglegging daarvan. Tijdens het veldonderzoek is het plangebied onderzocht op de aanwezigheid van diersporen zoals uitwerpselen, krab- en graafsporen, en is de vegetatie bekeken. Tevens zijn waarnemingen van aanwezige diersoorten gedaan. Op basis van expert-judgement is een inschatting gemaakt van het mogelijke voorkomen van beschermde soorten. Dit is afgewogen tegen de toekomstige ontwikkelingen. Doel van het onderzoek is een goed onderbouwde inschatting te geven, zodat kan worden gehandeld conform de Wet natuurbescherming.

1.3 Beschrijving van het plangebied en de ingrepen Het plangebied is gelegen op een industrieterrein direct ten noorden van de A15 in deelwijk Charlois te Rotterdam (zie figuur 1). Er was sprake van een geheel verhard terrein, dat in gebruik was door een autogroothandel met een werkplaats en kantoor, in een deels afgebroken gebouw. Men is voornemens in het plangebied een Hornbach bouwmarkt te realiseren. Voor dit doel wordt een ruimtelijke procedure doorlopen. Fi guur 1 Gl obal e begrenz i ng v an het pl angebi ed (rood). B ron l ucht f ot o: Googl e.

Rotterdam Hornbach Driemanssteeweg Ecologische quickscan

3

Wet- en regelgeving 2.1 Wet natuurbescherming Per 1 januari 2017 is de nieuwe Wet natuurbescherming in werking getreden. Deze wet vervangt drie wetten: de Natuurbeschermingswet 1998, de Boswet en de Flora- en faunawet. De Europese Habitatrichtlijn en de Vogelrichtlijn zijn in deze wet geïmplementeerd. Bevoegdheden inzake ontheffingen en vrijstellingen komen met deze wet te liggen bij de provincie. In sommige situaties is het Rijk bevoegd gezag. Soortbescherming: drie beschermingsregimes De Wet natuurbescherming kent inzake soortbescherming drie aparte beschermingsregimes: voor soorten van de Vogelrichtlijn, van de Habitatrichtlijn inclusief het Verdrag van Bern en het Verdrag van Bonn en voor andere nationaal beschermde soorten. Per beschermingsregime gelden aparte verbodsbepalingen en bijbehorende vereisten voor vrijstelling of ontheffing van de verboden (zie onderstaande tabel). Tab el 1 Ver bod sb e p a l i n g e n We t n atuu r b e s c h e r m i n g . B ron: b ro c h u re so o r t b e s cher m i n g b i j r u i m t e l i j k e ingrepe n , M i n i s t e r i e v a n E con om i sc h e Z a k e n .

Beschermingsregime soorten

Beschermingsregime soorten

Beschermingsregime andere

Vogelrichtlijn § 3.1 Wn

Habitatrichtlijn § 3.2 Wn

soorten § 3.3 Wn

Art 3.1 lid 1

Art 3.5 lid 1

Art 3.10 lid 1a

Het is verboden in het wild

Het is verboden soorten in hun

Het is verboden soorten opzettelijk

levende vogels opzettelijk te

natuurlijke verspreidingsgebied

te doden of te vangen

doden of te vangen.

opzettelijk te doden of te vangen

Art 3.1 lid 2

Art 3.5 lid 4

Art 3.10 lid 1b

Het is verboden opzettelijk

Het is verboden de voortplan-

Het is verboden de vaste voort-

nesten, rustplaatsen en eieren

tingsplaatsen of rustplaatsen

plantingsplaatsen of rustplaatsen

van vogels te vernielen of te

van dieren te beschadigen of te

van dieren opzettelijk te beschadi-

beschadigen, of nesten van

vernielen

gen of te vernielen

Art 3.1 lid 3

Art 3.5 lid 3

Niet van toepassing

Het is verboden eieren te

Het is verboden eieren van

rapen en deze onder zich te

dieren in de natuur opzettelijk te

hebben

vernielen of te rapen

Art 3.1 lid 4 en lid 5

Art 3.5 lid 2

Het is verboden vogels op-

Het is verboden dieren opzette-

zettelijk te verstoren, tenzij de

lijk te verstoren

vogels weg te nemen

Niet van toepassing

verstoring niet van wezenlijke invloed is op de staat van instandhouding van de desbetreffende vogelsoort Niet van toepassing

Art 3.5 lid 5

Art 3.10 lid 1c

Het is verboden plantensoorten

Het is verboden plantensoorten in

in hun natuurlijke verspreidings-

hun natuurlijke verspreidingsgebied

gebied opzettelijk te plukken en

opzettelijk te plukken en te ver-

te verzamelen, af te snijden, te

zamelen, af te snijden, te ontworte-

ontwortelen of te vernielen

len of te vernielen

Rotterdam Hornbach Driemanssteeweg Ecologische quickscan

4

Ontheffing en vrijstelling Op basis van een ontheffing of een vrijstelling is overtreding van de verbodsbepalingen in principe mogelijk. Aangetoond dient te worden dat er sprake is van geen andere bevredigende oplossing (alternatief), er sprake is van een door de wet genoemd belang (bijvoorbeeld volksgezondheid of openbare veiligheid) en de ingreep geen afbreuk doet aan de gunstige instandhouding van de soort. Nieuw in de wet is dat voor alle soorten de mogelijkheid wordt geboden te werken volgens een goedgekeurde gedragscode. Indien aan bovenstaand wordt voldaan geldt een vrijstelling als aantoonbaar wordt gewerkt volgens een goedgekeurde gedragscode. De verbodsbepalingen zijn gericht op het individu, echter wordt bij de beoordeling of kan worden afgeweken van de bepalingen gekeken naar de gunstige instandhouding van de soort. De zorgplicht blijft in de Wet natuurbescherming evenwel van toepassing, óók voor niet beschermde soorten, dit houdt in dat iedereen voldoende zorg in acht neemt voor alle planten en dieren en de leefomgeving. Overtreding van de zorgplicht is niet strafbaar gesteld, echter kan hierop door toepassing van bestuursdwang worden gehandhaafd. Jaarronde bescherming vogels Nesten van vogels zijn doorgaans alleen beschermd tijdens het broedseizoen.

Van een beperkt aantal vogelsoorten zijn nesten ook in de niewe wet buiten het broedseizoen en dus jaarrond beschermd (zie tabel 2). Categorie

Omschrijving Jaarrond beschermde nesten

Ta b e l 2 B e sc h e r m i n g sc a tegori e ë n n e s t e n , w a a rop d e v e r b o d sb e p a l i ngen v a n a r t i k e l 3 . 1 en 3. 5 W n b v a n t o e p a s s i n g z i j n : J a a r ro n d (1 t/ m 4 ) o f t i j d e n s h e t b ro e d se i z o e n ( c a t eg o r i e 5 ).

1

Nesten die, behalve gedurende het broedseizoen als nest, buiten het broedseizoen in gebruik zijn als vaste rust- en verblijfplaats (voorbeeld: steenuil).

2

Nesten van koloniebroeders die elk broedseizoen op dezelfde plaats broeden die daarin zeer honkvast zijn of afhankelijk zijn van bebouwing of biotoop. De fysiekke voorwaarden voor de nestplaats zijn vaak zeer specifiek en limitatief beschikbaar (voorbeeld: roek, gierzwaluw en huismus).

3

Nesten van vogels, zijnde geen koloniebroeders, die elk broedseizoen op dezelfde plaats broeden en die daarin zeer honkvast zijn of afhankelijk van bebouwing. De (fysieke) voorwaarden voor de nestplaats zijn vaak zeer specifiek en limitatief beschikbaar (voorbeeld: ooievaar, kerkuil en slechtvalk).

4

Vogels die jaar in jaar uit gebruik maken van hetzelfde nest en die zelf niet of nauwelijks in staat zijn een nest te bouwen (voorbeeld: boomvalk, buizerd en ransuil). Niet jaarond beschermde nesten Let op: onderbouwing en eventueel nader onderzoek echter gewenst. Indien sprake is van zwaarwegende feiten of ecologische omstandigheden, zijn ook deze nesten beschermd.

5

Nesten van vogels die weliswaar vaak terugkeren naar de plaats waar zij het jaar daarvoor hebben gebroed of de directe omgeving daarvan, maar die wel over voldoende flexibiliteit beschikken om, als de broedplaats verloren is gegaan, zich elders te vestigen (voorbeeld: boerenzwaluw, ekster, groene specht en spreeuw.

Rotterdam Hornbach Driemanssteeweg Ecologische quickscan

5

Van alle categorieën vogels in hierboven genoemde tabel is het belangrijk aan- of afwezigheid van nesten / territoria aan te tonen en sprake is van een mogelijk effect. Via een omgevingscheck en eventueel nader onderzoek is dit mogelijk. Voor categorie 5 - soorten is een potentie inschatting doorgaans voldoende. Gebiedsbescherming In de Wet natuurbescherming is gebiedsbescherming op vergelijkbare wijze geregeld als de voormalige Natuurbeschermingswet 1998. Ook in de Wet natuurbescherming wet beoogt men bescherming van gebieden die nationaal en internationaal van belang zijn. Het betreft de bescherming van gebieden op Nederlands grondgebied die vanuit de Europese Habitatrichtlijn en Vogelrichtlijn zijn aangewezen. Gezamenlijk vormen deze gebieden een Europees netwerk: Natura 2000. De status van beschermde natuurmonumenten is bij de inwerkingtreding van de nieuwe wet komen te vervallen. Het merendeel van de voormalig beschermde gebieden maken onderdeel uit van het Natuurnetwerk Nederland en zijn op deze wijze beschermd. Ingrepen en effecten In de Wet natuurbescherming is bepaald, dat handelingen of projecten die mogelijk schadelijk invloed hebben op Natura 2000-gebieden vergunningsplichtig zijn. Door middel van toetsing wordt bepaald of sprake is van effecten,en zo ja in welke mate dit is. Toetsing vindt plaats in drie fasen:

» » orientatiefase of voortoets; » » verstorings- en verslechteringstoets (bij mogelijke negatieve, maar géén significant negatieve effecten);

» » passende beoordeling (kans op significant negatieve effecten). Als uit de verstorings- en verslechteringstoets blijkt, dat sprake is van mogelijk negatieve effecten dient in een aanvullende toetsing een effectbeoordeling plaats te vinden en is een vergunning nodig. Het bevoegd gezag (de provincie en in sommige situaties het Ministerie) verleent een vergunning onder strikte voorwaarden, waarbij met voldoende mitigerende en compenserende maatregelen de instandhoudingsdoelstellingen zijn gewaarborgd.

Rotterdam Hornbach Driemanssteeweg Ecologische quickscan

6

3 Bronnenonderzoek 3.1 Data uit de Nationale Databank Flora en Fauna (NDFF) Voor het onderzoek zijn de gegevens uit de NDFF middels quickscanhulp opgevraagd. Het betreft waarnemingen van beschermde soorten krachtens de Wet natuurbescherming binnen een straal van 0 tot 5 km ten opzichte van het plangebied. Dit is exclusief algemene beschermde soorten waarvoor bij ruimtelijke ingrepen een provinciale vrijstelling geldt. De gegevens zijn in de onderstaande tabel weergegeven (tabel 4). Da t a u i t d e N D F F : waarnemingen s tr i k t e r b e s c h e rmd e so o r t e n i n de omgeving van het plangebied, ex c l u s i e f a l g e m e n e soorten waarvoor ee n p ro v i n c i a l e vrijstelling geldt. © N D F F - q u i c k s c a nhulp.nl 15-07-2019.

Soort Blaasvaren Glad biggenkruid Smalle raai Steenmarter Gevlekte witsnuitlibel Bever Gewone dwergvleermuis Gewone grootoorvleermuis Laatvlieger Ruige dwergvleermuis Tweekleurige vleermuis Watervleermuis Boomvalk Buizerd Gierzwaluw Grote Gele Kwikstaart Havik Huismus Kerkuil Ooievaar Ransuil Roek Slechtvalk Sperwer Steenuil Wespendief Zwarte Wouw Alpenwatersalamander Schubvaren Gewone zeehond Rivierrombout Meervleermuis Noordse woelmuis Rosse vleermuis

Soortgroep Vaatplanten Vaatplanten Vaatplanten Zoogdieren Insecten - Libellen Zoogdieren Zoogdieren Zoogdieren Zoogdieren Zoogdieren Zoogdieren Zoogdieren Vogels Vogels Vogels Vogels Vogels Vogels Vogels Vogels Vogels Vogels Vogels Vogels Vogels Vogels Vogels Amfibieën Vaatplanten Zoogdieren Insecten - Libellen Zoogdieren Zoogdieren Zoogdieren

Bescherming wnb-andere soorten wnb-andere soorten wnb-andere soorten wnb-andere soorten wnb-hrl wnb-hrl wnb-hrl wnb-hrl wnb-hrl wnb-hrl wnb-hrl wnb-hrl wnb-vrl wnb-vrl wnb-vrl wnb-vrl wnb-vrl wnb-vrl wnb-vrl wnb-vrl wnb-vrl wnb-vrl wnb-vrl wnb-vrl wnb-vrl wnb-vrl wnb-vrl wnb-andere soorten wnb-andere soorten wnb-andere soorten wnb-hrl wnb-hrl wnb-hrl wnb-hrl

Afstand 0 - 1 km 0 - 1 km 0 - 1 km 0 - 1 km 0 - 1 km 0 - 1 km 0 - 1 km 0 - 1 km 0 - 1 km 0 - 1 km 0 - 1 km 0 - 1 km 0 - 1 km 0 - 1 km 0 - 1 km 0 - 1 km 0 - 1 km 0 - 1 km 0 - 1 km 0 - 1 km 0 - 1 km 0 - 1 km 0 - 1 km 0 - 1 km 0 - 1 km 0 - 1 km 0 - 1 km 1 - 5 km 1 - 5 km 1 - 5 km 1 - 5 km 1 - 5 km 1 - 5 km 1 - 5 km

Bij de uitwerking van de resultaten van het veldonderzoek (zie hier onder) wordt een verwachting uitgesproken in hoeverre deze beschermde soorten ín het plangebied aanwezig kunnen zijn en in hoeverre effecten zijn te verwachten.

3.2 Gebiedsbescherming Het plangebied is gelegen op een industrieterrein direct ten noorden van Rijksweg A15, en op ruime afstand (> 3 km) van Natura 2000-gebieden. Zones (grasland en bos) op een afstand van circa 2-3 km meter ten zuidwesten van het plangebied maken onderdeel uit van Natuurnetwerk Nederland (of NNN). De ingrepen en toekomstige activiteiten zijn locatiegebonden en vinden plaats in een reeds zeer drukke omgeving. Effecten op beschermde gebieden in de omgeving kunnen door de situering van het plangebied en de aard van de activiteiten redelijkerwijs worden uitgesloten.

Rotterdam Hornbach Driemanssteeweg Ecologische quickscan

7

4 Resultaten van het veldonderzoek 4.1 Algemeen Het veldonderzoek werd uitgevoerd in de vroege middag van 6 september 2018, het was bewolkt, droog, bij een temperatuur van circa 18 °C, enige wind. Biotopen In het plangebied waren de volgende biotopen aanwezig:

» » Vrijwel volledig verhard terrein (asfalt en beton) met verspreid enkele relatief jonge bomen (exoten, niet gedetermineerd), dat werd gebruikt voor het stallen van auto’s en gedeeltlijke demontage/sloop. Het terrein was aan de randen voorzien van een hekwerk en een singel met jonge inheemse bomen en struiken.

» » Bedrijfspand opgetrokken uit betonelementen met glaspuien. Een deel van het pand is in het verleden afgebroken en bestond uit een restant dat in vervallen staat verkeerde. Regen en wind hadden plaatselijk vrij spel. Het pand was in gebruik als kantoor en werkplaats.

» » Het terrein was voorzien van lichtmasten. » » Het plangebied is gelegen op een industrieterrein met de daarbij behorende actviteiten. 4.2 Beschermde soorten: resultaten en verwachting Planten In de omgeving zijn blijkens de data van de NDFF (tabel 4) diverse strikter beschermde vaatplanten aangetroffen. Dit betreft onder meer een tweetall beschermde muurplanten. Het plangebied was op enkele plukjes gras na geheel verhard en heeft daarom met name potenties voor aan verharding gebonden muurplanten. Er zijn geen beschermde muurplanten in het plangebied aangetroffen. Muren waren grotendeels beschilderd en/of gaaf en op voorhand ook geen geschikte groeiplaats. Enkele ruw betonnen delen waren niet begroeid. Tussen de verhardingen waren enkele plukjes gras aanwezig. Hier werden geen beschermde vaatplanten aangetroffen. De aanwezigheid van beschermde vaatplanten kan redelijkerwijs worden uitgesloten. Zoogdieren algemeen In het plangebied werden geen sporen van grondgebonden zoogdieren waargenomen. Potenties ontbraken door het huidige gebruik ook geheel. Binnen een straal van 1km van het plangebied is blijkens de database van de NDFF de steenmarter waargenomen. Dit betreft vrij zeker een losse waarneming, daar de steemarter een meer oostelijke verspreiding heeft in Nederland. Sporen van de steenmarter werden niet aangetroffen.

De bebouwing zelf is beoordeeld als ongeschikt voor de steenmarter doordat rustige beschutte plekken ontbraken. Het merendeel van de bebouwing was daarnaast ontoegankelijk voor de steenmarter. De aanwezigheid van de steenmarter of overige strikter beschermde grondgebonden zoogdieren kan redelijkerwijs worden uitgesloten.

Rotterdam Hornbach Driemanssteeweg Ecologische quickscan

8

Vleermuizen Verblijfplaatsen In de omgeving van het plangebied zijn diverse soorten vleermuizen waargenomen, waaronder de gewone dwergvleermuis, de ruige dwergvleermuis en de minder algemene tweekleurige vleermuis. De meeste soorten uit tabel 4 zijn in meer of mindere mate gebouwbewonend, al is dit voor de rosse vleermuis eerder een zeldzaamheid. Binnen de context van het plangebied worden in eerste instantie de gewone dwergvleermuis, de ruige dwergvleermuis en de laatvlieger verwacht. De bebouwing is beoordeeld als ontoegankelijk en ongeschikt voor vleermuizen. Het merendeel van het pand was opgetrokken uit glas en of nauw aansluitende betonelementen. Een deel van het pand was door sloop in vervallen staat. Hier hadden regen en wind vrij spel. Het gebouw stond in een open omgeving met veel lichtmasten, wat de omgeving voor vleermuizen ook weinig interessant maakte. De aanwezigheid van verblijfplaatsen van vleermuizen kan redelijkerwijs worden uitgesloten. Foerageergebied en vliegroutes Als foerageergebied heeft het plangebied weinig te bieden. Nabij randen (singels) kúnnen dieren eventueel jagend worden verwacht. Essentiële functies worden in deze context niet verwacht. Structeren die kunnen dienen als vliegroute waren niet aanwezig. In deze context worden geen vliegroutes en/of belangrijk foerageergebied verwacht.

Vogels Algemene tot uiterst algemene soorten, flexibel in nestplaatskeuze (nesten categorie 5) In het plangebied werden tijdens het veldbezoek naast stadsduiven enkele algemene vogels aangetroffen als de ekster en de merel. In de aanwezige spaarzame beplantingen (jong bomen) kúnnen vogels tot broeden komen. Er werd één vervallen nest van de ekster aangertoffen. De bebouwing zelf was grotendeels ongeschikt voor broedvogels. De scholekster broedt echter op op platte daken, waardoor de theoretische kans bestaat dat deze broedend aanwezig is. Daar voor de scholekster ruimschoots alternatieven zijn, is jaarronde bescherming niet aan de orde. Ingrepen buiten de broedperiode zijn zonder meer mogelijk. In de singels nabij de randen kunnen diverse soorten tot broeden komen. Effecten worden eveneens voorkomen door met de broedperiode rekening te houden. Jaarrond beschermde soorten (nesten, categorie 1 t/m 4) In de nabije omgeving zijn blijkens data uit de NDFF diverse jaarrond beschermde vogels aangetroffen, onder meer enkele soorten roofvogels, uilen en soorten als de gierzwaluw, de huismus en de grote gele kwikstaart. De bebouwing is voor holenbroeders zoals de gierzwaluw, de grote gele kwikstaart en de huismus beoordeeld als ontoegankelijk en ongeschikt. Dit mede door het ontbreken van toegankelijke ruimten.

Nesten van jaarrond beschermde soorten zijn niet aangetroffen en worden op basis van het type habitat ook niet verwacht.

Rotterdam Hornbach Driemanssteeweg Ecologische quickscan

9

Overige soortgroepen Voor de overige door de Wet natuurbescherming strikter beschermde soortgroepen ontbreekt mede door de afwezigheid van water en landbiotoop geschikt leefgebied.

5 Conclusie Conclusie Soorten In het onderzoeksgebied, of binnen de invloedssfeer van de werkzaamheden, zijn de volgende potentiële strikter beschermde natuurwaarden aangetroffen:

» » Algemene broedvogels, inclusief de scholekster, (niet jaarrond beschermd). Beschermde gebieden / nieuwe Wet natuurbescherming Het plangebied ligt niet in beschermde gebieden krachtens Natura 2000, EHS / de Provinciale Verordening. Er is voldoende aannemelijk gemaakt, dat effecten van de plannen op beschermde gebieden in de ruimere omgeving uitgesloten zijn.

Advies Doordat de kans bestaat dat broedende vogels in de nabijheid van de werkzaamheden aanwezig zijn, wordt aanbevolen de werkzaamheden aan en nabij de bebouwing uit te voeren buiten het broedseizoen (ná half juli en vóór half maart). Hetzelfde geldt de eventuele verwijdering van bomen en/of overige opgaande beplantingen. Indien een ter zake deskundige heeft vastgesteld, dat geen nesten aanwezig zijn, is het ook mogelijk binnen deze periode te werken. Het verstoren van broedende vogels is conform de Wet natuurbescherming niet toegestaan.

Rotterdam Hornbach Driemanssteeweg Ecologische quickscan

10

Literatuur Broekhuizen, S., B. Hoekstra, V. van Laar, C. Smeenk, en J.B.M. Thissen, 1992. Atlas van de Nederlandse zoogdieren. KNNV Uitgeverij, Utrecht. Diepenbeek, A. van, 1999. Veldgids Diersporen (tweede druk, 2003). KNNV Uitgeverij, Utrecht. Meijden, R. van der, 2005. Heukel’s flora van Nederland. Wolters-Noordhoff, Groningen.

Internet » » Google maps » » http://pzh.b3p.nl/viewer/app/NNN » » h t t p : / / w w w. n a t u u r i n d e g e m e e n t e . n l / a a n d e s l a g m e t d e n a t u u r w e t / w p - c o n t e n t / u p loads/2016/12/Soortenbescherming_bij_ruimtelijke_ingrepen_1.3_15122016.pdf

» » www.nederlandsesoorten.nl » » http://www.rvo.nl/onderwerpen/agrarisch-ondernemen/beschermde-planten-dieren-en-natuur/flora-en-faunawet-ffw/ontheffing-vrijstelling/soortenstandaard

Rotterdam Hornbach Driemanssteeweg Ecologische quickscan

11

Buro Maerlant Dorpsstraat 17 4271 AA Dussen T 085 877 86 85 E info@BuroMaerlant.nl I www.BuroMaerlant.nl KvK 69667705

Rotterdam Hornbach Driemanssteeweg Ecologische quickscan

12

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=RotterdamRaad&id=96962116-bdc2-4888-9a51-003251cade21