21bb2312 Afdoeningsvoorstel wethouder Wijbenga-van Nieuwenhuizen toezegging 21bb592 over GRP 2021-2025 aantal m3 water
Tekst van het document
drs. B. Wijbenga-van Nieuwenhuizen Wethouder Handhaving, Buitenruimte, Integratie en Samenleven
Bezoekadres: Stadhuis Coolsingel 40 3011 AD Rotterdam Postadres: Postbus 70012 3000 KP Rotterdam
Commissie Bouwen, Wonen en Buitenruimte
Website: www.rotterdam.nl E-mail: bbo@rotterdam.nl Inlichtingen: M. Bunt Portefeuillehouder: Bert van Nieuwenhuizen Wijbenga Cluster: Cluster Stadsbeheer Ons kenmerk: SB 21/0002930 - 21bb002312 Uw kenmerk: 21bb592 Datum: 17 februari 2021 Betreft: Afdoening toezegging 21bb592
Geachte leden van de commissie Bouwen, Wonen en Buitenruimte, Tijdens de behandeling van het Gemeentelijk Rioleringsplan 2021-2025 in de commissie BWB van 13 januari jongstleden, heb ik toegezegd schriftelijk terug te komen op de vraag van de heer Rozema ten aanzien van de wijze waarop het watergebruik (aantal m3) in de gebruikersheffing in Amsterdam, Den Haag en Utrecht is verdisconteerd. Onderstaand ga ik hier graag op in. De rioolheffing kan van de eigenaar (aansluitrecht), van de gebruiker (afvoerrecht) of van allebei worden geheven zoals in Amsterdam, Den Haag en Utrecht. Alle drie hebben een eigenarenheffing met een vast bedrag per perceel aangevuld met een gebruikersdeel dat geheven wordt naar het aantal m3 water dat van het perceel wordt afgevoerd. Het water dat van het perceel wordt afgevoerd, wordt bepaald aan de hand van het waterverbruik. Deze gegevens worden aangeleverd door het waterleidingbedrijf. De leveringsadressen/meters zijn gekoppeld aan de gebruikers van en daarmee aan de objecten. Er kan een correctie plaatsvinden op het waterverbruik als het water niet wordt afgevoerd, maar bijvoorbeeld opgaat in het productieproces. Hiervoor krijgen de zogenaamde ‘grootverbruikers’ een aangiftebiljet toegestuurd, zodat zij dit kunnen aangeven. Bij Amsterdam wordt het gebruikersdeel geheven vanaf 300m3, bij Den Haag vanaf 500m3 en bij Utrecht vanaf 250 m3.
Het gemiddelde watergebruik in Nederland voor een 4persoonshuishouden ligt onder de 200 m3 Omdat dus weinig tot geen huishoudens in Amsterdam, Den Haag en Utrecht over de respectievelijke drempels komen, is een dergelijke tariefdifferentiatie in de praktijk voornamelijk voor bedrijven effectief, en is er voor gewone huishoudens feitelijk sprake van een vaste rioolheffing. De rioolheffing in Rotterdam is een eigenarenheffing waarbij onderscheid wordt gemaakt tussen woningen en niet-woningen. Woningen vallen onder het basistarief. De hoogte van de belasting voor niet-woningen is gebonden aan de waarde van het pand (WOZ-waarde). Nietwoningen betalen het basistarief en daar bovenop nog een bedrag dat is gebaseerd op de WOZ-waarde van het pand. Het grote voordeel van de huidige heffingsgrondslag is dat het een eenvoudig en robuust systeem is o.a. door de koppeling via de WOZ-administratie. Door voortzetting van de huidige werkwijze hebben we weinig administratieve lasten en perceptiekosten (w.o. kosten bezwaren, beroepsprocedures). Bijkomend voordeel is dat we met de huidige eigenarenheffing voor bijna de helft van de woningen in Rotterdam te maken hebben met eigendom van de woningcorporaties. Zij versleutelen dit in de huurgelden.
Blad:
2/2
Wijziging in het systeem van heffing leidt, naast de nodige aanloopkosten, naar verwachting tot een structurele stijging van de kosten, die over dezelfde stad verdeeld moeten worden. Ik vertrouw erop u hiermee voldoende te hebben geïnformeerd en beschouw de toezegging 21bb592 als afgedaan.
Met vriendelijke groet,
Drs. B. Wijbenga-van Nieuwenhuizen Wethouder Handhaving, Buitenruimte, Integratie en Samenleven