CConstaterende datRotterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

21bb13454 Collegebrief over Toekomst Rotterdamse wijkbasisbaan

Gemeenteraad 2 december 2021, gemeente RotterdamBij agendapunt: 24. De toekomst van de Rotterdamse wijkbasisbaan1.080 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Bezoekadres: Stadhuis Coolsingel 40 3011 AD Rotterdam Postadres: Postbus 70012 3000 KP Rotterdam Website: www.rotterdam.nl E-mail: bbo@rotterdam.nl Inlichtingen: Nico van Wijk Telefoon: 06-12972796 Portefeuillehouder: Richard Moti Cluster: Maatschappelijke Ontwikkeling Ons kenmerk: 21MO04364 21bb13454

Aan de Gemeenteraad Datum: B&W 2 november 2021 Betreft: Toekomst Rotterdamse wijkbasisbaan

Onderwerp: Collegestandpunt toekomst Rotterdamse wijkbasisbaan Op welke gronden deze brief?/Waarom nu voorgelegd? Op 13 september informeerde wethouder Moti u via een wethoudersbrief over het ‘monitoronderzoek experiment wijkbasisbanen’ (kenmerk 21bb11389). Hierin zegde de wethouder toe om begin november een collegebrief toe te sturen over de toekomst van de Rotterdamse wijkbasisbaan met daarbij een reactie van het college op het initiatiefvoorstel. Relatie met het coalitieakkoord/collegewerkprogramma/begroting/eerder aangenomen moties en gedane toezeggingen: - Raadsinformatiebrief Sterker door … Mensenwerk (kenmerk 20bb7683) - Beleidskader Mensenwerk (kenmerk 19bb16744) - Initiatiefvoorstel wijkbasisbaan (kenmerk 20bb1257) - Kaders experiment (wijk)basisbaan (kenmerk 20MO02875) - Haalbaarheidsonderzoek Rotterdamse wijkbasisbaan (20bb18511) - Wethoudersbrief Moti Monitoronderzoek Rotterdamse wijkbasisbaan (21bb11389) Toelichting: In het begin van 2021 is in Rotterdam een kleinschalig experiment van start gegaan om ervaringen op te doen met wijkbasisbanen. SEOR heeft in opdracht van de gemeente een monitoronderzoek uitgevoerd 1. Daarnaast heeft de gemeente zelf met BredeRaad010, de Cliëntenraad W&I, de betrokken werkgevers en de andere G4 gemeenten gesproken over de toekomst van de wijkbasisbanen.

Hieruit komt eensluidend naar voren dat de wijkbasisbaan bij kan dragen aan verbetering van werknemersvaardigheden, zelfvertrouwen en structuur in het leven van de deelnemers. 1

SEOR | De Rotterdamse wijkbasisbaan: monitoronderzoek van een nieuwe manier van denken

Blad:

2/4

Eerdere onderzoeken en ervaringen in andere steden, zoals in Groningen, geven eenzelfde beeld. Zo signaleert het Sociaal Cultureel Planbureau dat de kwaliteit van werk niet alleen gaat om het hebben van een baan en de hoogte van een inkomen, maar ook het welzijn van mensen raakt 2. Het bevestigt het eerdere advies van de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid (WRR) om mensen met een uitkering een basisbaan te geven, vanuit de gedachte dat werk psychologisch en sociaal zeer belangrijk is voor mensen 3. Uit een ander SCP-onderzoek blijkt dat mensen met een arbeidsbeperking minder vaak een beroep doen op geestelijke gezondheidszorg en Wmo-ondersteuning als zij werk hebben 4. Ook deze bevindingen onderstrepen het belang van een succesvolle arbeidstoeleiding van mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt. Niet alleen voor henzelf maar ook voor de samenleving als geheel. Het is duidelijk dat wijkbasisbanen persoonlijke en maatschappelijke waarde kunnen hebben. Daarnaast hebben de werkzaamheden die worden uitgevoerd directe maatschappelijke waarde. Hierbij gaat het niet om de persoonlijke betekenis van werk, maar om de waarde van de werkzaamheden voor de wijk. Deze dragen bij aan een betere leefbaarheid in de wijk.

Daarnaast kunnen de werkzaamheden leiden tot betere dienstverlening bij organisaties die actief participeren in projecten waar kwetsbare burgers in de stad de vruchten van kunnen plukken 5. Verder concludeert SEOR dat de opzet van de wijkbasisbaan bij toekomstige opschaling nog wel aandacht vraagt. Er zal scherper gekeken moeten worden naar de afbakening van de doelgroep. In potentie is de doelgroep voor wijkbasisbanen groot. Het is nog onvoldoende duidelijk wie binnen deze groep het meeste baat hebben bij een wijkbasisbaan. Daarnaast is het van belang om de rol van werkgevers nader uit te werken. Gedurende het experiment bleek het niet eenvoudig werkgevers te verleiden om deel te nemen. Uit de monitor blijkt dat er draagvlak is voor wijkbasisbanen. Met name de financiële bijdrage voor het aanvullen van het gat tussen de bijstand en de werkgeverslasten van een wijkbasisbaan vormden voor veel werkgevers een te grote drempel. De cliëntenraden benadrukken het van belang te vinden dat mensen met een wijkbasisbaan er financieel niet op achteruit gaan. Zij adviseren het aantal basisbanen pas op te schalen als deze ook duurzaam kunnen worden ingezet.

2

SCP | De veranderende wereld van werk WRR | Het betere werk 4 SCP | De brede baten van werk 5 SEOR | De Rotterdamse wijkbasisbaan: monitoronderzoek van een nieuwe manier van denken 3

Blad:

3/4

De belangrijkste belemmering vormt de financierbaarheid. Uit het experiment, de monitor en gesprekken komt naar voren dat de gemeente Rotterdam het opschalen van de wijkbasisbaan niet alleen kan. Andere gemeenten die met vormen van basisbanen werken komen tot dezelfde conclusie. De kosten van de wijkbasisbaan zijn substantieel hoger dan de uitgaven op de bijstand. Voor deze doelgroep worden geen re-integratiemiddelen meer ingezet en hierop is bovendien bezuinigd. Wijkbasisbanen leiden daarmee tot flink hogere kosten. Op landelijk niveau kunnen basisbanen wel tot additionele baten leiden in de vorm van besparing op de uitkeringen en extra inkomsten uit premies en belastingen. Daarnaast mag worden verondersteld dat de positieve effecten van het hebben van een baan leiden tot lagere aanspraken op zorg- en welzijnsvoorzieningen en daling van daarmee samenhangende kosten. Ook deze besparingen kunnen niet lokaal worden ingeboekt. De gemeente Rotterdam ziet de persoonlijke en maatschappelijke waarde van meedoen en de wijkbasisbanen kunnen daaraan bijdragen. Er zijn structurele middelen nodig en hiervoor doen we een beroep op het Rijk. Daarnaast moeten wij de gelegenheid krijgen om te onderzoeken welke vorm van wijkbasisbanen het best werkt.

Hierbij gaat het onder andere om het afbakenen, vinden van en werken met de juiste doelgroep en de wijze waarop werkgevers kunnen worden betrokken. Daarnaast moet onderliggende regelgeving nieuwe vormen van werk en beloning mogelijk maken. Daarom hebben wij, samen met de gemeenten Den Haag, Amsterdam en Utrecht, het Rijk gevraagd naar eventuele mogelijkheden om experimenteerruimte en additionele middelen. De additionele middelen die nodig zijn kunnen gedeeltelijk worden gedekt uit maatschappelijke baten en positieve economische effecten van basisbanen en uit besparingen op de kosten van uitkeringen. Na driekwart jaar experimenteren weten we dat wijkbasisbanen grote persoonlijke en maatschappelijke waarde hebben. Tegelijkertijd is duidelijk geworden dat we, kijkend naar de middelen die we als gemeente krijgen om de Participatiewet uit te voeren, de wijkbasisbanen niet structureel kunnen bekostigen. Daarvoor moeten we een beroep doen op het Rijk. Daarnaast kunnen de maatschappelijke baten een rol kunnen spelen bij de lokale financiering. Denk hierbij aan de financiering van maatschappelijke activiteiten maar bijvoorbeeld ook aan het verzilveren van lokale maatschappelijke baten. De toekomst van de wijkbasisbaan in Rotterdam is mede afhankelijk van de uitkomst van de lobby. Het huidige experiment zullen we om die reden dus afbouwen.

Waar zicht is op doorstroom of waar werkgevers duurzaam willen blijven bijdragen zal naar een overgangsregeling worden gekeken.

Blad:

4/4

Financiële en juridische consequenties/aspecten: Niet van toepassing.

Burgemeester en Wethouders van Rotterdam, De secretaris,

De burgemeester,

V.J.M. Roozen

V.P.G. Karremans, l.b.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=RotterdamRaad&id=ab5e211d-1207-4896-97e3-402dd58bd8fd