CConstaterende datRotterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

21bb10837 Afdoeningsvoorstel college toezegging 21bb5910 en reactie op initiatiefnotitie 21bb2906 over onbekommerd parkeren in de wijk - kwijtschelding parkeerbelasting

Gemeenteraad 9 november 2021, gemeente RotterdamBij agendapunt: 7.3.6 Verordening kwijtschelding gemeentelijke belastingen 2022.1.084 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Gemeente Rotterdam

Bezoekadres: Stadhuis Coolsingel 40 3011 AD Rotterdam Postadres: Postbus 70012 3000 KP Rotterdam Website: www.rotterdam.nl E-mail: bbo@rotterdam.nl Inlichtingen: D. Bergsma Telefoon: 06-13156842

Aan de Gemeenteraad

Portefeuillehouder: J. Bokhove Cluster: Cluster Stadsbeheer Ons kenmerk: 21bb10837 Uw kenmerk: Datum: B&W 14 september 2021 Betreft: Reactie op initiatiefnotitie ‘Onbekommerd parkeren in de wijk kwijtschelding parkeerbelasting’ en afdoening toezegging

Onderwerp: Reactie initiatiefnotitie ‘Onbekommerd parkeren in de wijk - kwijtschelding parkeerbelasting’ (21bb2906) en afdoening toezegging (21bb5910). Op welke gronden deze briefŶ/Waarom nu voorgelegd? Op 29 april 2021 heeft raadslid Segers-Hogendoorn (CDA) de initiatiefnotitie ‘Onbekommerd parkeren in de wijk - kwijtschelding parkeerbelasting’ (21bb2906) aan uw raad aangeboden. Ook heeft wethouder Bokhove met betrekking tot deze notitie op 29 april 2021 een toezegging gedaan (21 bb5910). Hierover heeft u op 29 juni 2021 een tussenbericht ontvangen waarin staat dat het ons niet lukt om binnen de gestelde termijn een reactie te geven, aangezien het voorstel op verschillende aspecten beoordeeld en afgewogen moet worden, o.a. op uitvoeringsaspecten en de financiële impact (21bb7491). Middels deze brief ontvangt u onze reactie op het initiatiefvoorstel, inclusief de afdoening van de gedane toezegging. Relatie met het coalitieakkoord/collegewerkprogramma/begroting/eerder aangenomen moties en gedane toezeggingen: » Nota Betaald parkeren in Rotterdam (december 2019) » Verordening parkeerregulering en parkeerbelastingen 2021 Toelichting: De initiatiefnotitie stelt voor het (gedeeltelijk) kwijtschelden van parkeerbelasting voor minima mogelijk te maken.

Het voorstel is om de bewonersparkeervergunning, gedeeltelijk kwijt te kunnen schelden voor degenen die ook kwijtschelding van gemeentelijke belastingen (OZB-gebruikersdeel en afvalstoffenheffing) kunnen aanvragen. Er wordt gesteld dat dit positief zou kunnen uitwerken op het draagvlak voor uitbreiding van betaald parkeren onder bewoners.

Blad:

2/4

Hieronder gaan wij in op de omvang van de doelgroep, uitvoeringsaspecten en het te verwachten effect van de het voorstel.

Potentiële doelgroep In 2020 kregen in totaal 38.962 bewoners kwijtschelding van de OZB en/of ASH. De wettelijke criteria hiervoor zijn dat men niet boven de gestelde inkomensgrens en vermogensgrens komt. Wij hebben berekend dat van deze bewoners 4.135 personen beschikken over een parkeervergunning. Deze personen komen in aanmerking voor kwijtschelding van de parkeerbelasting (10,60Zo). Voor 2021 en 2022 is de inschatting dat dit aantal iets hoger zal liggen vanwege de gevolgen van COVID-19, namelijk circa 4.500. De eventuele toekomstige uitbreiding van betaald parkeren is in deze prognose niet meegenomen. Uitvoerbaarheid van het voorstel Het initiatiefvoorstel is getoetst op juridische haalbaarheid, financiële en personele consequenties en uitvoerbaarheid. Juridisch is het voorstel haalbaar. Dit vereist echter een wijziging van de 'Verordening kwijtschelding gemeentelijke belastingen’. De gemeenteraad is hiervoor het bevoegd gezag. Normaliter stelt de gemeenteraad de belastingverordeningen vast op voorstel van het college van B&W waarop zij eventueel moties en/of amendementen kunnen indienen. Nu een andere weg is gekozen is het aan uw raad om op basis van het voorliggende initiatiefvoorstel en de reactie van het college hierover het debat te voeren en eventueel te besluiten tot een wijziging van de verordening en de aanwending van middelen in de begroting.

Om het voorstel te kunnen implementeren, is tevens een aanpassing van het belastingsysteem noodzakelijk. Dit vereist de ontwikkeling van een nieuw proces. Naar verwachting kost het ontwikkelen en invoeren daarvan 0,2 fte capaciteit gedurende 6 maanden. Dit is uit te voeren binnen de bestaande capaciteit. De toetsing op inkomen en vermogen in het kwijtscheldingsproces blijft bij invoering van het voorstel gelijk. Wel is in dat proces extra toetsing van de bewonersparkeervergunning nodig. Deze toets moet handmatig worden uitgevoerd. Uitgaande van 10 minuten werk per verzoek, vergt dat omgerekend zo’n 1 fte extra capaciteit1. Ter illustratie een aanslag gemeentelijke heffingen wordt éénmaal per jaar opgelegd, veruit het grootste deel van deze aanslagen wordt opgelegd in het eerste kwartaal.

1 De norm van tien minuten, die wordt gehanteerd bij het verwerken van de aanvraag, geldt in die gevallen waar de toets op inkomen en vermogen reeds heeft plaatsgevonden bij de toetsing voor kwijtschelding van de afvalstoffenheffing. Indien de toets op inkomen en vermogen nog niet heeft plaatsgevonden (lees: voor nieuwe kwijtscheldingsgerechtigden) staat de norm op 45 minuten per aanvraag.

Blad:

3/4

Voor een belangrijk deel van deze aanslagen - in principe gaat het hoofdzakelijk om de aanslag afvalstoffenheffing - vindt automatische kwijtschelding plaats na toetsing bij het inlichtingenbureau. Deze mensen hoeven dus geen kwijtschelding aan te vragen. Aan het voorstel kleven uitvoeringskwesties die het geheel complex maken. Hierbij moet gedacht worden aan restituties wanneer iemand zijn parkeervergunning tussentijds opzegt en mogelijke verrekeningen. De vermogensgrens bij kwijtschelding ligt op f2.269,-. Dit wil zeggen dat een motorvoertuig een maximale dagwaarde mag hebben gelijk aan dit bedrag. Bij de vermogenstoets wordt daarom de zogenaamde ‘kentekencheck’ gedaan. In deze prijsklasse gaat het voornamelijk om voertuigen met een hogere uitstoot en die minder duurzaam zijn. Hierdoor kan gesteld worden dat het voorstel milieutechnisch een negatieve invloed heeft. Wanneer iemand tussentijds een hoger inkomen krijgt of een motorvoertuig met een hogere dagwaarde aanschaft verliest deze persoon in principe het recht op kwijtschelding en dient een verrekening over de resterende periode plaats te vinden. Dit verschilt met de andere gemeentelijke belastingen, omdat deze slechts eenmaal per jaar worden geheven.

Verwacht effect van het voorstel Het initiatiefvoorstel verlaagt de kosten van autobezit voor ongeveer 4500 Rotterdammers met f7,34 per maand. Gezien dit kleine aantal is geen groot effect op het draagvlak voor de invoering van betaald parkeren te verwachten. De wettelijk verplichte vermogenstoets maakt dat slechts zeer weinig autobezitters in aanmerking kunnen komen voor de regeling. Een kwijtscheldingsregeling voor de parkeerbelasting voor bewonersvergunningen is technisch mogelijk, maar uitvoeringstechnisch ingewikkelder dan de kwijtschelding voor OZB of afvalstoffenheffing. Daardoor zijn de uitvoeringslasten van dit initiatiefvoorstel relatief hoog, in relatie tot de baten voor de doelgroep. Om deze redenen ontraadt het college voorliggend initiatiefvoorstel.

Financiële en juridische consequenties/aspecten: De verwachte financiële consequenties bedragen naar verwachting jaarlijks circa f400.000,- in derving van parkeerinkomsten. De eventuele toekomstige uitbreiding van betaald parkeren is in deze prognose niet meegenomen. De uitvoering van kwijtschelding zoals voorgesteld in de initiatiefnotitie vergt naar schatting 1 fte extra, boven op de bestaande capaciteit. Het gaat hier om een jaarlijks bedrag van circa f122.000,-. Het initiatiefvoorstel is juridisch getoetst. Daaruit blijkt dat het juridisch mogelijk is de parkeerbelasting onder het regime van kwijtschelding te brengen. Hiervoor is een wijziging van de ‘Verordening kwijtschelding gemeentelijke belastingen nodig’.

Blad:

4/4

Wij vertrouwen erop u hiermee voldoende te hebben geïnformeerd en beschouwen iqg 21bb5910 hiermee als afgedaan.

Burgemeester en Wethouders van Rotterdam, ie secretaris,

V.J.M.

De burgei

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=RotterdamRaad&id=0f143448-97ef-4b02-956f-00b772ac2dcd