20260416- Notulen van de raadsvergadering van 16 april 2026
Tekst van het document
Notulen raadsvergadering Notulen van de raadsvergadering van 16 april 2026 Notulen van de raadsvergadering van 16 april 2026 (ochtendzitting) Voor de agenda wordt verwezen naar volgnummer 7 Voorzitter: mevrouw drs. C.J. Schouten Tegenwoordig zijn 45 leden, namelijk de heer G.G. van Dijk, de heer E. Başoğlu, mevrouw Z.P. Coşkun, mevrouw C.A. Engels, mevrouw A. Kockelkoren, de heer M.H. Biljoen, de heer E.P.J. Verweij, mevrouw S. Reitema, de heer S. Soytekin, de heer B. Doğan, de heer D.J. van Dommelen, de heer R.G.C. Segers-Hoogendoorn, mevrouw J.M. de Bruijn, mevrouw M.Y. Morkoç, de heer Ö. Kaya, mevrouw M. Laamairi, de heer D.M. Hamhuis, de heer N.L. Redelinghuys, de heer T.B. Versnel, de heer D.H. Monge Vega, de heer J.M.D. de Waard, mevrouw M.E. van Dijk, de heer I.P. Duin, mevrouw I. van der Meer, de heer T. Roskam, de heer M. Verhoef, de heer G.F.E. Koster, mevrouw M.S. Abrahamse, de heer T. de Haan, mevrouw C.M. Zeegers, de heer L.P.A. Dekkers, de heer F. Achbar, de heer S.M. Bonte, de heer S. Leewis, mevrouw J.L. Baán, de heer T.J.D. Isaack, mevrouw J.M. Nunnely, mevrouw A.J.A. Maassen, de heer J.P. Postma, de heer K.J.P van Eikeren, de heer J. Jaspar, mevrouw S.L. Rojer, mevrouw V.A. Bruin, de heer R. Buijt en de heer J.C. Siemons Namens het college zijn tegenwoordig: de heer R.A.C.J. Simons, de heer P.J.P. LansinkBastemeijer, de heer F. Achbar en mevrouw C.M.
Zeegers Griffier: mevrouw I.C.M. Broeders, met dien verstande dat zij van 12.01 uur tot 12.06 uur is waargenomen door de heer W. de Bel 1.1
Opening.
De VOORZITTER: Ik open deze raadsvergadering en heet u allen hartelijk welkom. Ook welkom aan alle gasten. Er zijn er veel vandaag en dat is ook omdat een aantal burgerraadsleden zo meteen benoemd gaan worden. Degenen die op afstand onze vergadering volgen, de vertegenwoordigers van de media en onze medewerkers. Er zijn geen berichten van verhindering. 1.2
Toelating van burgercommissieleden.
De VOORZITTER: Dan gaan wij meteen over naar de toelating van de burgercommissieleden. Ik ga dat toelichten hoe we dat gaan doen, want het zijn er 21. Het zijn er best wel veel en we gaan het dan ook in 3 groepen doen, want anders past het hier allemaal niet voor de desk hier. We gaan het zo meteen in 3 groepen doen. Daar zit geen rangorde of wat dan ook in, dat is gewoon puur om het praktisch op deze manier te doen. Maar ik heb natuurlijk ook de commissie tot onderzoek van de geloofsbrieven gevraagd om een onderzoek in te stellen naar de geloofsbrieven van de burgercommissieleden en ik neem aan dat de commissie haar werkzaamheden al heeft verricht. Dan is het woord aan de voorzitter, mevrouw Kockelkoren, om daar verslag over uit te brengen. Het woord is aan mevrouw Kockelkoren. Mevrouw KOCKELKOREN (pro): Voorzitter, zoals gebruikelijk heeft de commissie geloofsbrieven het werk gedaan en de geloofsbrieven onderzocht. Ik deel u mee dat de raadsvergadering van 16 april 2026
Notulen pagina
591
commissie de geloofsbrieven heeft onderzocht van de heer Amoureus, de heer Van Beek, mevrouw Bijleveld, mevrouw Bouwer-Van Schie, de heer Budding, de heer Van Dam, mevrouw Graafmans, de heer Hovens Greve, de heer Karlas, mevrouw Laki, de heer Van Lanschot, de heer Van Leeuwen, mevrouw Lynch, mevrouw Mol, de heer Roijackers, de heer La Rose, mevrouw Stal, de heer Van der Toorn, de heer J.J. de Vries, de heer T.F. de Vries, de heer Wempe en de heer Van Zonneveld, die door de verschillende fracties zijn aangewezen als burgercommissielid. De commissie heeft de geloofsbrieven en de daarbij behorende bescheiden onderzocht en in orde bevonden. De commissie adviseert de genoemde personen toe te laten als burgercommissielid voor de raadsperiode 2026-2030 voor zover het lidmaatschap van de commissies zonder onderbreking voortduurt. Aldus, voorzitter. De VOORZITTER: Hartelijk dank voor dit verslag. Ik stel u voor het advies van de commissie tot onderzoek van de geloofsbrieven over te nemen. Ik ga de namen toch een keer herhalen, want dat hoort er ook nog weer een keer bij.
De heer Amoureus, de heer Van Beek, mevrouw Bijleveld, mevrouw Bouwer-Van Schie, de heer Budding, de heer Van Dam, mevrouw Graafmans, de heer Hovens Greve, de heer Karlas, mevrouw Laki, de heer Van Lanschot, de heer Van Leeuwen, mevrouw Lynch, mevrouw Mol, de heer La Rose, de heer Roijackers, mevrouw Stal, de heer Van der Toorn, de heer J.J. de Vries, de heer T.F. de Vries, de heer Wempe en de heer Van Zonneveld toe te laten als burgercommissielid van uw raad. Mevrouw Bouwer-Van Schie is niet aanwezig en zij zal in de volgende vergadering worden beëdigd. 1.3
Beëdiging van burgercommissieleden.
De VOORZITTER: Dan gaan we nu over tot de beëdiging. Voor zover mogelijk verzoek ik u ook om te gaan staan, ook de aanwezigen op de publieke tribune. Dan verzoek ik de griffier in deze volgorde de volgende burgercommissieleden ook naar voren te brengen en hier voor mij plaats te nemen. De heer Amoureus, de heer Van Dam, de heer Van Lanschot, mevrouw Mol, de heer La Rose, mevrouw Stal en de heer T.F. de Vries. U heeft allen aangegeven om de eed af te leggen, dat klopt? Ik zal eerst de tekst oplezen van de eed, vervolgens noem ik uw naam en kunt u de eed afleggen. U weet hoe dat moet, met twee vingers omhoog en met de woorden zo waarlijk helpt mij God almachtig. De raad heeft besloten tot uw toelating als burgercommissielid. Alvorens uw functie te kunnen uitoefenen, legt u overeenkomstig artikel 4 negende lid van de commissieverordening de eed of de verklaring en belofte af en u heeft aangegeven de eed af te leggen. Na het voorlezen van de tekst door mij verzoek ik u inderdaad de voorste vingers van uw rechterhand op te steken en uit te spreken: zo waarlijk helpe mij God almachtig. Ik zweer dat ik om tot burgercommissielid benoemd te worden, rechtstreeks nog middellijk, onder welke naam of welk voorwendsel ook, enige gift of gunst heb gegeven of beloofd.
Ik zweer dat ik om iets in het ambt te doen of te laten, rechtstreeks nog middellijk, enig geschenk of enige belofte heb aangenomen of zal aannemen. Ik sfeer dat ik getrouw zal zijn aan de grondwet, dat ik de wetten zal nakomen en dat ik mijn plichten als burgercommissielid van een commissie naar eer en geweten zal vervullen. De heer Amoureus. De heer AMOUREUS (cu): Zo waarlijk helpe mij God almachtig. De VOORZITTER: De heer Van Dam. De heer VAN DAM (cu): Zo waarlijk helpe mij God almachtig. De VOORZITTER: De heer Van Lanschot. De heer VAN LANSCHOT (d66): Zo waarlijk helpe mij God almachtig. De VOORZITTER: Mevrouw Mol.
raadsvergadering van 16 april 2026
Notulen pagina
592
Mevrouw MOL (cda): Zo waarlijk helpe mij God almachtig. De VOORZITTER: De heer La Rose. De heer LA ROSE (cu): Zo waarlijk helpe mij God almachtig. De VOORZITTER: Mevrouw Stal. Mevrouw STAL (50plus): Zo waarlijk helpe mij God almachtig. De VOORZITTER: De heer T.F. de Vries. De heer DE VRIES (cda): Zo waarlijk helpe mij God almachtig. De VOORZITTER: Dan mag ik u van harte feliciteren. Dan kunt u eerst teruggaan naar uw plek, want dan doen we zo meteen weer de benoeming van de volgende burgercommissieleden. (Applaus.) Dan vroeg verzoek ik de griffier om in deze volgorde de volgende burgercommissieleden naar voren te brengen en hier voor mij plaats te nemen. De heer Van Beek, mevrouw Bijleveld, de heer Budding, mevrouw Graafmans, de heer Hovens Greve, de heer Karlas en mevrouw Laki. U heeft alle aangegeven de verklaring en de belofte af te leggen, dat klopt? Dan zal ik ook weer eerst het formulier voorlezen en dan zullen we zo ook de ronde doen. De raad heeft besloten tot uw toelating als burgercommissielid. Alvorens uw functie te kunnen uitoefenen, legt u overeenkomstig artikel 4 negende lid van de commissieverordening de eed of de verklaring en belofte af. U heeft aangegeven de verklaring en belofte af te leggen. Na het voorlezen van de tekst door mij verzoek ik u uit te spreken: dat verklaar en beloof ik.
Ik verklaar dat ik om tot burgercommissielid benoemd te worden, rechtstreeks nog middellijk, onder welke naam of welk voorwendsel ook, enige gift of gunst heb gegeven of beloofd. Ik verklaar en beloof dat ik om iets in dit ambt te doen of te laten, rechtstreeks nog middellijk, enig geschenk of enige belofte heb aangenomen of zal aannemen. Ik beloof dat ik getrouw zal zijn aan de grondwet, dat ik de wetten zal nakomen en dat ik mijn plichten als burgercommissielid van een commissie naar eer en geweten zal vervullen. De heer Van Beek. De heer VAN BEEK (pvdd): Dat verklaar en beloof ik. De VOORZITTER: Mevrouw Bijleveld. Mevrouw BIJLEVELD (bij1): Dat verklaar en beloof ik. De VOORZITTER: De heer Budding. De heer BUDDING (sp): Dat verklaar en beloof ik. De VOORZITTER: Mevrouw Graafmans. Mevrouw GRAAFMANS (volt): Dat verklaar en beloof ik. De VOORZITTER: De heer Hovens Greve. De heer HOVENS GREVE (sp): Dat verklaar en beloof ik. De VOORZITTER: De heer Karlas. De heer KARLAS (bij1): Dat verklaar en beloof ik. raadsvergadering van 16 april 2026
Notulen pagina
593
De VOORZITTER: Mevrouw Laki. Mevrouw LAKI (sp): Dat verklaar en beloof ik. De VOORZITTER: Dan mag ik u hartelijk feliciteren en vraag ik u ook uw plek weer in te nemen. (Applaus.) Dan verzoek ik nu de griffier om in deze volgorde de volgende burgercommissieleden naar voren te brengen en hier voor mij plaats te nemen. De heer Van Leeuwen, mevrouw Lynch, de heer Roijackers, de heer Van der Toorn, de heer J.J. de Vries, de heer Wempe en de heer Van Zonneveld. Het moet wel in de goede volgorde, anders dan raak ik in de war. De raad heeft besloten tot uw toelating als burgercommissielid. Alvorens uw functie te kunnen uitoefenen, legt u overeenkomstig artikel 4 negende lid van de commissieverordening de eed of de verklaring en de belofte af. U heeft aangegeven de verklaring en de belofte af te leggen. Na het voorlezen van de tekst door mij verzoek ik u uit te spreken: dat verklaar en beloof ik. Ik verklaar dat ik om tot burgercommissielid benoemd te worden, rechtstreeks nog middellijk, onder welke naam of welk voorwendsel ook, enige gift of gunst heb gegeven of beloofd. Ik verklaar en beloof dat ik om iets in het ambt te doen of te laten, rechtstreeks nog middellijk, enig geschenk of enige belofte heb aangenomen of zal aannemen.
Ik beloof dat ik getrouw zal zijn aan de grondwet, dat ik de wetten zal nakomen en dat ik mijn plichten als burgercommissielid van een commissie naar eer en geweten zal vervullen. De heer Van Leeuwen. De heer VAN LEEUWEN (pvdd): Dat verklaar en beloof ik. De VOORZITTER: Mevrouw Lynch. Mevrouw LYNCH (bij1): Dat verklaar en beloof ik. De VOORZITTER: De heer Roijackers. De heer ROIJACKERS (50plus): Dat verklaar en beloof ik. De VOORZITTER: De heer Van der Toorn. De heer VAN DER TOORN (pvdd): Dat verklaar en beloof ik. De VOORZITTER: De heer J.J. de Vries. De heer DE VRIES (fvd): Dat verklaar en beloof ik. De VOORZITTER: De heer Wempe. De heer WEMPE (volt): Dat verklaar en beloof ik. De VOORZITTER: De heer Van Zonneveld. De heer VAN ZONNEVELD (lr): Dat verklaar en beloof ik. De VOORZITTER: Dan mag ik ook u van harte feliciteren. (Applaus.) Uiteraard wens ik iedereen alle wijsheid en ook plezier toe als burgercommissielid. Ik schors, zodat u ook alle nieuwe burgercommissieleden kunt feliciteren. (De vergadering is geschorst.) (Heropening.) raadsvergadering van 16 april 2026
Notulen pagina
594
1.4
Mededelingen.
De VOORZITTER: Dan heropen ik de vergadering en aan de orde zijn de mededelingen. Mevrouw Bruin heeft aangegeven een initiatiefnotitie te willen indienen en het woord is aan mevrouw Bruin. U krijgt maximaal 5 minuten, u kent het protocol, om uw voorstel toe te lichten. Mevrouw BRUIN (lr): Voorzitter, mijn stem is nog niet de oude, souvenirtje van een leuke tweedaagse die we hebben gehad. Voorzitter, vandaag dien ik een initiatiefnotitie in met als titel ‘Kijk een woonfabriek!’. Over 1 ding zijn we het in deze raad allemaal eens, Rotterdam heeft een wooncrisis. Jongeren zitten vast op zolderkamers, stellen die uit elkaar willen, kunnen nergens heen en ouderen die willen doorstromen, blijven noodgedwongen zitten waar ze zitten. Dat is niet zomaar een probleem, dat is een systeem wat vastloopt. Laten we eerlijk zijn, ondanks alle goede bedoelingen hebben we als gemeente op dit moment simpelweg te weinig grip. We praten, we sturen bij, we maken afspraken, maar de echte knoppen zitten vaak ergens anders. Die zitten bij de ontwikkelaars, die zitten bij de corporaties, die zitten bij partijen met hun eigen belangen, tempo en prioriteiten. Dat wringt, want als overheid zijn we wel verantwoordelijk voor de stad als het gaat om betaalbaarheid, kwaliteit en het tempo.
Voorzitter, de kern van deze notitie en het verzoek is dan ook simpel, willen we blijven toekijken of willen we meer sturen? Leefbaar Rotterdam kiest voor dat laatste en wij zeggen, het is tijd dat de gemeente weer serieus de regie oppakt op de woningmarkt. Niet door alles zelf te doen, maar wel door een positie te nemen waarin je kunt ingrijpen, versnellen en afdwingen als dat nodig is. Daarom komen wij met deze initiatiefnotitie ‘Kijk een woonfabriek!’. Een oproep om te onderzoeken of Rotterdam opnieuw kan werken met een gemeentelijk woonbedrijf. Een woonbedrijf 2.0. Voorzitter, laat ik daar meteen ook helder over zijn. Dit is geen ideologisch sprongetje, maar het is gewoon een praktische vraag. Want we hebben dit eerder gedaan, Rotterdam heeft een woonbedrijf gehad. Een tijd waarin de gemeente niet alleen langs de zijlijn stond, maar zelf bouwde, ontwikkelde en verhuurde. Ook vandaag zien we voorbeelden waar gemeenten meer grip hebben. De vraag is niet of het kan. De vraag is, werkt het voor Rotterdam anno nu? Precies dat willen wij laten onderzoeken. Grondig, feitelijk, zonder vooringenomen uitkomst. Voorzitter, we vragen het college om 3 scenario's uit te werken. Een licht model waarin we vooral beter regie voeren en samenwerken willen versterken. Een middelzwaar model waarin de gemeente ook zelf actief meedoet in de ontwikkeling.
Een zwaarder model waarin Rotterdam weer echt een ontwikkelende partij wordt. Heel belangrijk, we willen ook kijken hoe werkgevers kunnen bijdragen. Want als bedrijven schreeuwen om personeel maar dat personeel geen woning kan vinden, dan hebben we daar als stad ook een rol in. Voorzitter, dit voorstel vraagt vandaag niet om miljoenen, het vraagt niet om een besluit tot oprichting, het vraagt om iets redelijks. Doe het onderzoek, breng die opties in beeld en geef deze raad de informatie om echt de keuze te kunnen maken. Want doorgaan op de huidige weg betekent vooral meer van hetzelfde en dat kunnen we ons simpelweg niet meer permitteren. Voorzitter, als wij vinden dat wonen echt belangrijk is dan hoort daar ook bij dat je als gemeente niet machteloos aan de zijlijn blijft staan. Daar hoort regie bij, daar hoort lef bij, daar hoort soms ook bij zelf doen. Laten we in ieder geval de vraag durven stellen, kan en gaat Rotterdam weer bouwen aan haar eigen toekomst? Dank u wel. De VOORZITTER: Dank. Wij vragen het college om een advies en geleiden de initiatiefnotitie ‘Kijk een woonfabriek! Woonbedrijf Rotterdam 2.0 - Meer regie, meer woningen en betere kwaliteit’ door naar de commissie Bouwen en Wonen. Dan heeft de heer Bonte ook aangegeven een initiatiefnotitie te willen indienen. Dan krijgt hij ook het woord om binnen maximaal 5 minuten het voorstel toe te lichten.
Het woord is aan de heer Bonte. De heer BONTE (lr): Dank, voorzitter. De Rotterdamse haven is de banenmotor van Nederland, maar bedrijven als LyondellBasell, Tronox, Indorama en Westlake hebben recent raadsvergadering van 16 april 2026
Notulen pagina
595
fabrieken gesloten. Een verlies van ruim 1.000 haven banen en miljarden aan duurzame investeringen zijn uitgesteld. We hebben te maken met hoge energiekosten hier in Nederland, netcongestie in Rotterdam en de-industrialisatie. Dat tij moeten verkeren. We hebben dringend behoefte aan een ‘Deltaplan Energie Rotterdam’ gericht op actie, lokale samenwerking en versnelling en daarom deze initiatiefnotitie. Ruim 500.000 banen zijn direct of indirect afhankelijk van de haven en vooral de basischemie is cruciaal. Door een sterke verwevenheid met energie, industrie en logistieke sectoren kan een vertrek van de basischemie 100.000 banen kosten. Daarnaast is de basischemie noodzakelijk in de productie van kunststoffen van onder andere medische hulpmiddelen, computers, elektronica, bouw en infrastructuur en voor bijna alles wat we allemaal dagelijks gebruiken. De afgelopen 4 jaar is ongeveer 20 procent van de chemische productiecapaciteit vertrokken uit Nederland. We worden voor deze grondstoffen en eindproducten straks volledig afhankelijk van China. Veel bedrijven staan nu op het punt een besluit te nemen over nieuwe investeringen. Het kwartje kan nog steeds de goede kant op vallen, maar Nederland is kwetsbaar door die hoge energie- en netwerkkosten. Die zijn hoger en duurder dan in andere Europese landen.
Maar er is hoop, steeds meer mensen beseffen de noodzaak van een sterke industrie. Er zijn mooie projecten gaande in Rotterdam, zoals Porthos voor de CO2-afvang, een nieuwe biobrandstoffabriek en Holland Hydrogen 1, de nieuwe waterstoffabriek. Voorzitter, terwijl bestaande chemiebedrijven het lastig hebben, werken nieuwkomers aan duurzame alternatieven. In veel gevallen zijn jonge bedrijven afhankelijk van de gevestigde partijen, bijvoorbeeld als afnemer. Het is zaak om nieuw en bestaand goed op elkaar te laten aansluiten. Een mooi voorbeeld daarvan is Pryme in de Botlek. Zij maken van gerecycled plastic pyrolyse olie, maar dat leveren zij wel aan de kraker van Shell. Als Shell daarmee zou stoppen, dan is dat een probleem. Dat is geen denkbeeldig scenario, want ook SABIC sloot een kraker in Geleen en DOW in Terneuzen. Leefbaar Rotterdam stelt voor om te komen tot een realistische en uitvoerbare energiestrategie waarin betaalbaarheid, betrouwbaarheid en duurzaamheid in balans zijn. Voor het behoud van ons economisch fundament, zoals het chemiecluster, versterking van onze energiezekerheid en versnelling van innovatie. Het gaat uiteindelijk om het behoud van onze werkgelegenheid, havenbanen, voorzitter, voor schoonmakers, procesoperators, ingenieurs advocaten, chauffeurs, horeca, dienstverlening. Iedereen in Rotterdam heeft hiermee te maken.
Want zonder betaalbare en betrouwbare energie geen industrie. Zonder industrie, geen werkgelegenheid. Zonder werkgelegenheid, geen weerbaarheid en geen bestaanszekerheid. Wat Leefbaar Rotterdam betreft, nu invoeren van een lager industrietarief voor energie. Zorg voor een level playing field. Ook nu geen ETS, maak pas op de plaats met Europees klimaatbeleid en zet een capaciteitsmarkt op in Rotterdam voor regelbaar vermogen. Dat wil zeggen, een energiecentrale op gas. Je kunt niet alles op zon en wind en gebruik ook kolen als buffer in geval van nood. Start nu eindelijk eens met kernenergie. Hierbij dien ik deze initiatiefnotitie in ‘Deltaplan Energie Rotterdam’ om de aanzet te geven tot het debat in de commissie Leefomgeving en Economie. We gaan ervoor dat de gemeenteraad richting het college een startnotitie vraagt ‘Deltaplan Rotterdam Energie’ en deze te voorzien van concrete KPI’s, financiële onderbouwing en een governancestructuur. Een actieplan voor het behoud van basischemie verder uit te werken en daarover halfjaarlijks te rapporteren aan de raad. Dank u wel, voorzitter. (Applaus.) De VOORZITTER: Hartelijk dank. Dan vragen wij het college om een advies en geleiden de initiatiefnotitie ‘Deltaplan Energie Rotterdam’ door naar de commissie Leefomgeving en Economie. 2.
Vaststelling van de agenda voor de raadsvergadering van 16 april 2026.
De VOORZITTER: Dan zijn wij aangekomen bij de vaststelling van de agenda voor de raadsvergadering van 16 april 2026. Ik zal de agenda met u doornemen en aan het eind zal ik u ook de gelegenheid geven om nog aanvullende opmerkingen te maken. Er zijn vanuit de raad 4 verzoeken ontvangen voor een regulier debat. De eerste is ‘Vertrek van Unilever uit raadsvergadering van 16 april 2026
Notulen pagina
596
Rotterdam’ door de VVD, maar dat is inmiddels weer ingetrokken door de indiener en zal worden omgezet in een regeling van werkzaamheden. Dan ‘Waarschuwing vertraging havenverkeer’ van VVD en PRO, ‘Stemming in de Eerste Kamer over asielwetten’ door de ChristenUnie en ‘De gevaarlijke omstandigheden op de Silja door PRO en de Partij voor de Dieren. Ik stel voor deze te behandelen als agendapunt 6.2 tot met 6.4. Ik kijk rond of dat daar draagvlak voor is? Dat is het geval, dan is dat hierbij besloten. Er zijn vanuit de raad 2 verzoeken ontvangen voor een kort bespreekpunt. De eerste is ‘Zuid moet vooruit. Van speelstad naar betaalbare Woonstad door PRO en de tweede is ‘Openbaar vervoer moet veilig’ door PRO. De heer Koster. De heer KOSTER (lr): Voorzitter, ten aanzien van het eerste punt zou ik graag na de eerste termijn van de raad een besloten deel van de vergadering willen. Ik hoop dat u dat toestaat. De VOORZITTER: Ik kijk rond of dat de raad dat ook toestaat, want het is uiteindelijk aan de raad om te besluiten. Het verzoek is om na de eerste termijn van de raad, voor de beantwoording door het college, het besloten gedeelte te starten van de vergadering. Ik kijk rond. De heer Van Eikeren.
De heer VAN EIKEREN (pro): Dan zou mijn vraag wel zijn aan de heer Koster, wat het doel is van het besloten deel? Dat is denk ik wel goed om dat toe te lichten waarom we dat dan doen? Omdat natuurlijk in oktober vorig jaar ook een besloten sessie is geweest over speelstad waarin alle kluisstukken ook besproken zijn. Misschien dat hij dat nog dan kan toelichten. De VOORZITTER: De heer Koster. De heer KOSTER (lr): Ik wil in de beslotenheid een aantal vragen stellen en die zijn mogelijk relevant voor de veiling die volgende week is. Ik wil dat in beslotenheid doen met de wethouder. Het lijkt mij niet zinvol dat ik nu mijn vragen op tafel ga leggen, want dan hebben we in de openbaarheid toch wel een deel van de beslotenheid. Ik reken echt op het begrip en ik kijk de raad breed rond dat u daar begrip voor heeft. De VOORZITTER: Volgens mij vroeg de heer Van Eikeren ook niet om de vragen al te gaan stellen, maar gewoon meer de reden erachter. Maar de reden erachter is dat de heer Koster aangeeft dat hij een aantal vragen heeft die mogelijk een vertrouwelijk karakter kunnen hebben. Maar dan is het goed, want hij zegt dat zijn vragen ook vertrouwelijk zijn. Ik wil de echte check hebben, is dan het hele debat vertrouwelijk? De heer KOSTER (lr): Nee, het gaat natuurlijk ook om de antwoorden die de wethouder kan geven.
De VOORZITTER: De vragen in de eerste termijn van de raad wilt u openbaar en vanaf dan een besloten gedeelte. De heer KOSTER (lr): Daarna weer openen in de openbaarheid en dan ronden we het debat wat mij betreft af. De VOORZITTER: Is het verzoek helder? Hoe kijkt de raad daartegenaan? Ik zie daar geen bezwaar tegen. Dan zullen we overeenkomstig het voorstel van de heer Koster na de eerste termijn van de raad een besloten gedeelte laten aanvangen. Ik zal daar tegen die tijd ook aangeven wat dan de procedure is, want daar zitten wat praktische consequenties aan vast en die neem ik dan op dat moment met u door. Dan stel ik voor deze 2 verzoeken te behandelen als agendapunt 8.1 … De heer Biljoen heeft nog een vraag. (Er wordt buiten de
raadsvergadering van 16 april 2026
Notulen pagina
597
microfoon gesproken.) Dit is 8.1 en de volgende ‘Openbaar vervoer moet veilig’ wilde ik voorstellen om als agendapunt 8.2 te agenderen. U heeft daar een vraag over. De heer BILJOEN (pro): Dank, voorzitter. Inderdaad een vraag. Mijn vraag heel ongebruikelijk is om dit korte bespreekpunt om te zetten in een motie vreemd aan de orde van de dag. Ik heb dit al met de woordvoerders besproken, maar ik moet het toch ook aan u voorzitter meegeven. Ik wil hem heel graag als motie vreemd bespreken en een breder gesprek hierover in de commissie doen. De VOORZITTER: Ik ga heel formeel reageren, want de motie vreemd zou gisterenmiddag al aangemeld moeten zijn geweest. Dat is niet het geval. U komt nu met het voorstel om een motie vreemd in te dienen. Procedureel moeten wij daar ook een negatief advies op geven. Ik ken de inhoud van de motie niet, ik kan ook nog niet bepalen of dat die wel of niet beleidsarm is. Maar uiteindelijk is het dan de raad om te bepalen of dat een motie, waarvan nogmaals ik de inhoud nog niet ken, of dat hij dan ook passend is bij motie vreemd aan de orde van de dag en zonder debat daarover te voeren. De heer Segers-Hoogendoorn. De heer SEGERS-HOOGENDOORN (cda): Ik zou zeggen coulance in dit geval, omdat het natuurlijk de omzetting van een aanvraag voor een debat zou zijn geweest. In die zin zou ik de raad willen oproepen, wees daar coulant in.
Ik denk wel dat er inderdaad echt goed de weging plaats moet vinden of het inderdaad beleidsarm is, want anders maken we van de motie vreemd natuurlijk een stomp middel. De VOORZITTER: De reden het omzetten van een debat naar een motie vreemd, daar is de motie vreemd niet voor bedoeld. Daar wil ik wel de nadruk op leggen. Het is wel een creatieve manier om met de motie vreemd op orde van de dag om te gaan. Dat zou dan denk ik nog ook wel goed zijn om daar een keer een gesprek over te voeren hoe we dat doen. Maar nogmaals, het is aan raad om te beoordelen hoe hier nu mee om te gaan. De heer Segers-Hoogendoorn. De heer SEGERS-HOOGENDOORN (cda): Daarom gebruikte ik bewust het woord coulance, want dat impliceert sowieso al dat we afwijken van wat we in dit huis met elkaar afspreken. Maar dat is alleen mijn oproep aan de raad om het als middel toe te staan nu, maar we moeten wel die beleidsarm wegen. De VOORZITTER: Anderen? Ik heb het idee dat de rest van de raad het allemaal prima vindt om dit zo om te zetten in een motie vreemd aan de orde van de dag. Dan is dat hierbij ook besloten. Dan stel ik voor om nogmaals het agendapunt ‘Zuid moet vooruit. Van speelstad naar betaalbare woonstad’ 8.1 als agendapunt op te voeren en het agendapunt ‘Openbaar vervoer moet veilig’ af te voeren, maar dat bij een motie vreemd aan de orde van de dag de mogelijkheid geven om een motie in te dienen.
Aldus besloten. Dan is er nog een motie vreemd ontvangen, dat is de motie ‘Rotterdamse trots: viering van migratie en diversiteit’ van de Partij voor de Dieren en anderen. Deze heeft al een negatief behandeladvies gegeven, omdat hij niet beleidsarm is. Dan wenst mevrouw Coşkun, de indiener, nog een korte toelichting te geven. Mevrouw COŞKUN (pvdd): Dank u wel, voorzitter. Ik snap niet zo goed waarom wij een negatief advies hebben gekregen. Het is zo'n lieve motie. De motie roept niet op een debat, vraagt ook niet een debat. Ik kan u verzekeren dat u zeker geen debat gaat horen. Maar het is begin van een nieuwe raadsperiode. Het is bedoeld om een goede uitspraak van de raad te vragen dat wij diversiteit en migratie omarmen in deze stad en niet als vloekwoord gebruiken. Daarom is het ingediend.
raadsvergadering van 16 april 2026
Notulen pagina
598
De VOORZITTER: Dank voor de toelichting. Overigens doen wij niet aan lieve of niet lieve moties, alle moties zijn mij lief. Dat is niet een criterium. Maar ik kijk rond in de raad hoe dit zo gewogen wordt. De heer Buijt. De heer BUIJT (lr): Ik hecht in deze, niet alleen in deze, maar in het algemeen zeker wel waarde aan het advies wat gegeven is. Tot nu toe hebben we ons daar volgens mij altijd aan gehouden. Er is geconstateerd dat dit oproept tot debat. Ik zou ook willen voorstellen, laten we de lijn en het advies aanhouden. Zeker omdat net al een uitzondering gemaakt is en dat we ook daar nog over gaan praten. Voor het vervolg zou ik in deze zeggen, laten we het advies volgen en deze motie niet in stemming brengen. De VOORZITTER: Mevrouw Zeegers. Mevrouw ZEEGERS (d66): Ik sluit mij gewoon aan bij de woorden van de heer Buijt. De VOORZITTER: Ik stel voor dat we gaan stemmen, want vanaf nu gaan er allemaal denk ik meningen gegeven worden. Ik denk dat mijn indruk is dat er gestemd moet worden om te kijken of dat deze motie vreemd aan de orde van de dag kan worden ingediend. Als u daar voor bent, bent u voor. Als u daartegen bent, bent u tegen. De heer SOYTEKIN (denk): Voorzitter, excuus. Ik wil best stemmen hoor, maar het is denk ik wel goed om dan heel kort ook aan te geven waarom ik voor of tegen ga stemmen. Ik sta heel erg sympathiek tegenover deze motie.
Sterker nog, ik wilde hem ook mede indienen. Ik zag pas later inderdaad het negatief behandeladvies van de griffie. Dat is een beetje discutabel vind ik zelf, maar ik volg het advies wel. Daarom zal mijn fractie tegen deze behandeling stemmen om de motie vandaag niet in stemming te brengen. De VOORZITTER: Hartelijk dank. U kunt stemmen. Het voorstel om deze motie in te dienen als motie vreemd bij de orde van de dag in te dienen is met 30 stemmen verworpen. Zijn er nog leden die iets anders willen opmerken met betrekking tot de agenda? Dat is niet het geval, dan is de agenda hierbij vastgesteld. Dan kom ik nu bij de spreektijd voor vandaag, gezien de agenda stel ik voor om die op 2 uur te zetten. We gaan nu kijken wie de nieuwe mevrouw Verkoelen gaat worden. De heer Buijt stond eerder, de heer Buijt heeft het woord. De heer BUIJT (lr): Ik laat graag de eer aan de heer Versnel. Want ik weet niet of hij mevrouw Verkoelen gaat spelen, maar ik ga de anti-mevrouw Verkoelen spelen. Dan laat ik de eer aan de heer Versnel. De VOORZITTER: De heer Versnel. De heer VERSNEL (vvd): Heel veel dank, collega. Wij vinden 2 uur echt wel heel erg veel voor het heel beperkte aantal onderwerpen dat wij op de agenda hebben. Laten we deze raadsperiode ook op een goede manier beginnen, namelijk met een oefening ook in de zelfbeperking die je nu eenmaal altijd moet hebben.
Ik vind een uur echt ruim genoeg, maar laten we dan nog een compromis sluiten anderhalf. Zo zitten wij ook in de wedstrijd, we willen graag elkaar tegemoetkomen. Maar 2 uur is echt veel te veel. De VOORZITTER: Mevrouw Zeegers. Mevrouw ZEEGERS (d66): Eens. De VOORZITTER: Kijk ik nog een keer naar de heer Buijt, want ik weet niet wat zijn bod wordt nu. De heer Buijt wenst het woord niet meer? (Er wordt buiten de microfoon gesproken.) Het voorstel is om de spreektijd terug te brengen naar anderhalf uur. We stelden raadsvergadering van 16 april 2026
Notulen pagina
599
2 uur voor, om hem op anderhalf uur te zetten. Ik zie daar redelijk veel instemming mee, dan is hiermee besloten dat we de spreektijd op anderhalf uur zetten. Het stemvenster is aan het einde van de vergadering. We zullen altijd nog schorsen voor het stemvenster indien dat ook nodig is voor fractieoverleg. Er is rond 12.45 uur een lunch beschikbaar op de omloop. Afhankelijk nu van de tijd die we bezig zijn, zouden we ook nog met elkaar nog wat drinken. Hoe dan ook gaan we wat met elkaar drinken, hoe laat dat is, moeten we bekijken zo meteen. 3.
Vaststelling van de notulen van de openbare raadsvergadering van 30 maart en 1 april 2026.
De VOORZITTER: Dan komen we bij de vaststelling van de notulen van de openbare raadsvergadering van 30 maart en 1 april 2026. Wenst iemand nog het woord naar aanleiding van deze notulen? Dat is niet het geval. Dan stel ik voor deze vast te stellen. 4.
Mededeling van de ingekomen stukken aan de raad en de commissies, zoals genoemd op de digitale doorlopende lijst 2026 week 14 en 15.
De VOORZITTER: Dan de mededeling van de ingekomen stukken aan de raad en de commissies, zoals genoemd op de digitale doorlopende lijst 2026 week 14 en 15. Ik stel u voor de behandelwijze zoals vermeld bij het desbetreffende stuk vast te stellen. Als u een opmerking heeft met betrekking tot een bepaald stuk, dan verzoek ik u ook het bijbehorende BB-nummer te noemen dat bij het stuk staat. Ik zie dat de heer Başoğlu staat, hij heeft het woord. De heer BAŞOĞLU (sp): Dank u wel, voorzitter. Ik zie een document op de lijst van ingekomen stukken week 14. Het gaat om 26bb001924 ‘Collegebrief over Ondertekenen PFAS brief gericht aan de EU. Er staat voor kennisgeving aannemen, maar graag doorgeleiden naar de commissie Leefomgeving en Economie. Op de lijst van ingekomen stukken week 15 staat een document over schriftelijke vragen mijnheer Coşkun over het verdwijnen van Kringloopwinkel Het Goed aan de Mariniersweg. Hier staat bij voor kennisgeving aannemen, graag ook doorgeleiden naar de commissie Leefomgeving en Economie. De VOORZITTER: Waarvan akte. Mevrouw Morkoç. Mevrouw MORKOÇ (pro): Dank u wel, voorzitter. Ik heb 2 schriftelijke vragen die ik door wil geleiden naar de commissie Leefomgeving en Economie. Dat is over de verkorte voedselketens, 26bb001902 en de schriftelijke vragen veilige buitenruimte voor vrouwen, 26bb002552. Dank u wel. De VOORZITTER: Hartelijk dank.
Dat is genoteerd. Anderen nog? Dat is niet het geval. Dan stel ik vast dat hiermee met de opmerkingen die gemaakt zijn de lijst van ingekomen stukken is vastgesteld. 5.
HAMERSTUKKEN
De VOORZITTER: Er zijn geen hamerstukken. 6.
REGULIERE DEBATTEN
6.2
Debat over ‘Waarschuwing vertraging havenverkeer’, aangevraagd door het lid Engels e.a.
raadsvergadering van 16 april 2026
Notulen pagina
600
De VOORZITTER: Dan gaan we meteen door naar de reguliere debatten. Dan beginnen we agendapunt 6.2 het debat over ‘Waarschuwing vertraging havenverkeer’. Het is aangevraagd door het lid Engels en anderen, maar het is ook de maidenspeech van mevrouw Engels. Mevrouw ENGELS (vvd): Dank u wel, voorzitter. Vandaag sta ik hier voor het eerst als raadslid van de Rotterdamse gemeenteraad en dat doe ik met trots. Trots op onze stad, op haar inwoners en op de haven die Rotterdam al generaties lang verbindt met de wereld. De haven is van enorme waarde voor onze stad, voor onze economie, voor onze werkgelegenheid en voor de positie van Rotterdam als internationale stad. Een stad die trots is op haar haven moet ervoor zorgen dat die haven bereikbaar blijft. Als wijkraadslid heb ik de afgelopen jaren mij al mogen inzetten voor de bereikbaarheid van mijn wijk Hillegersberg en met het behoud van tramlijn 4 is dat ook zeker gelukt. Ik ben daarom ook echt enorm blij dat ik dit onderwerp nu ook in deze gemeenteraad op mij mag nemen. Want voor mij is mobiliteit een ontzettend belangrijk thema, omdat goede bereikbaarheid Rotterdam heel veel kansen biedt. Kansen voor ondernemers die willen groeien, voor Rotterdammers die snel naar hun werk gaan en voor een stad met levendige wijken en een bruisend centrum. Mobiliteit raakt ons allemaal iedere dag.
Voorzitter, juist daarom zijn de signalen over de bereikbaarheid van onze haven zo serieus. In het AD werd onlangs opnieuw duidelijk dat de druk op de wegen rond Rotterdam verder gaat oplopen, met meer files en langere reistijden tot gevolg. Dit signaal kunnen wij niet negeren. Want als de haven minder goed bereikbaar wordt, raakt dat onze concurrentiepositie, onze economie en het dagelijks functioneren van onze stad. Maar uiteindelijk is de vraag, wat gaan wij hiermee doen? Daarom heb ik de volgende vragen aan het college. Als eerste hoor ik graag van de wethouder Economie hoe hij de economische risico's inschat als de bereikbaarheid van de haven verder onder druk komt te staan? Wat betekent dat voor onze concurrentiepositie, voor werkgelegenheid en voor het vestigingsklimaat van onze stad? Daarnaast voor de wethouder Mobiliteit, erkent de wethouder dat de bereikbaarheid van de haven en de stad de komende jaren verder onder druk komt te staan? Ligt er op dit moment een samenhangende aanpak om de haven bereikbaar te houden? Zo ja, wie neemt daarin de regie? Ziet de wethouder daar een rol voor zichzelf in? Welke maatregelen kan het college op korte termijn nemen om de druk op de belangrijke verkeersaders, zoals bijvoorbeeld de A15, te verlichten? Voorzitter, het baart ons zorgen omdat een belangrijk deel van de knelpunten op Rotterdams grondgebied liggen en wij dadelijk ook als
Rotterdam daar de gehele rekening voor moeten gaan betalen. Om dat te voorkomen dienen we vandaag een motie in waarin we het college vragen om met het Rijk, de provincie en medeoverheden in gesprek te gaan om de lasten zo eerlijk mogelijk te gaan verdelen. Tot zover. (Applaus.) De VOORZITTER: Mevrouw Engels heeft de volgende motie ingediend. Motie 1. Eerlijke verdeling van lasten rondom havenbereikbaarheid “De gemeenteraad van Rotterdam, in vergadering bijeen op 16 april 2026, ter bespreking van agendapunt 6.2 Waarschuwing vertraging havenverkeer; constaterende dat; - onderhoud, bereikbaarheidsknelpunten en infrastructurele opgaven in en rondom Rotterdam grote financiële en maatschappelijke gevolgen kunnen hebben voor de stad; - een deel van deze opgaven het Rotterdamse belang overstijgt en ook raakt aan regionale, provinciale en nationale verantwoordelijkheden; overwegende dat; - Rotterdam niet onevenredig belast moet worden met de gevolgen en kosten van opgaven die meerdere overheden aangaan;
raadsvergadering van 16 april 2026
Notulen pagina
601
-
het college zich actief moet inzetten om de lasten voor Rotterdam zo veel mogelijk te beperken; daarbij een actieve opstelling richting het Rijk, de provincie en de regio noodzakelijk is;
verzoekt het college; - met de rijksoverheid, provincie en medeoverheden in gesprek te treden om te komen tot een zo evenwichtig mogelijke verdeling van de financiële en maatschappelijke lasten, - om de financiële impact op hoofdzakelijk bedrijven in en rondom Rotterdam alsmede de gemeente tot een minimum te beperken; en gaat over tot de orde van de dag.” w.g. C.A. Engels De motie is voldoende ondersteund en maakt deel uit van de beraadslagingen. De VOORZITTER: Dan is nu het woord aan mevrouw Morkoç. Mevrouw MORKOÇ (pro): Dank, voorzitter. Dank aan de VVD voor het aanvragen van dit debat. De zorgen over vastlopende bereikbaarheid delen wij zeker. De situatie is al een tijd zorgelijk en het wordt alleen maar erger als we dit niet serieus nemen. Het gaat over de toekomst van onze haven en dat heeft effect op heel Rotterdam, maar ook heel Nederland en ook heel Europa. Tegelijkertijd is deze situatie ook een kans om die transitie op verkeer aan te pakken, ook wel de Modal Shift. Voorzitter, dit is geen probleem dat Rotterdam alleen oplost. Dit vraagt samenwerking met het Rijk, met de provincie en havenbedrijfsleven waar iedereen een steentje moet bijdragen. Dan is de vraag vooral, waar werken we naartoe? Ik heb rondgekeken, ik heb gekeken naar Hamburg, onder andere naar de haven daar.
Daar sturen ze expliciet op een shift van 80 procent van het vervoer via duurzame en efficiënte modaliteiten in 2030. Dat is geen vrijblijvende ambitie, daar zijn ze keihard op aan het werk. Dat is richtinggevend op beleid en investeringen die worden afgestemd. Mijn vraag aan het college is, wat voor doel heeft Rotterdam? As de wethouder geen doel heeft, dat kan, waarom niet? Wat is onze stip op de horizon voor die verdeling tussen weg, spoor en water? Als de vraag al wordt gesteld, zijn we te laat, vind ik. Voorzitter, er wordt straks gevraagd om een heleboel onderzoeken. Ik heb het gevoel dat al deze onderzoeken al geweest zijn en al ergens op een plankje liggen. Graag bij de beantwoording van de moties daar ook op in gaan. Wat is echt van toegevoegde waarde nu om deze letterlijke knelpunten te verhelpen? Wat ons betreft gaan we die knelpunten eerst goed in kaart brengen, voor zover dat niet al gedaan is, weten waar de infrastructuur faalt, wat de economische impact is en waarom het blijkbaar niet hoger op de agenda staat bij ons, het Rijk en de provincie. Dank u wel. De VOORZITTER: Hartelijk dank. Dan gaan we eerst door naar de heer De Waard. De heer DE WAARD (lr): Dank u wel, voorzitter. Terechte aanvraag van mevrouw Engels en complimenten voor haar maidenspeech, dat heeft ze hartstikke leuk gedaan. Ik heb me voorgenomen om vandaag efficiënt te gaan vergaderen.
Ik hoop dat iedereen zich daar ook gewoon een voorbeeld aan gaat nemen, gewoon lekker kort en krachtig. Want we hebben allemaal natuurlijk het AD artikel kunnen lezen en er zijn gewoon zorgen over de economie, over de haven, maar vooral ook over de bereikbaarheid. U kent natuurlijk Leefbaar Rotterdam, wij maken ons ook zorgen over de bereikbaarheid. Vooral met het voertuig ook voor het centrum, maar dat is een hele andere discussie. Het gaat nu over de haven natuurlijk in relatie met de economie, laten we ook gewoon lekker daarop focussen. De zorgen zijn ook onderstreept in de maidenspeech van mevrouw Engels. Ik sluit mezelf aan bij die vragen. Aansluitend heb ik ook twee perfecte, prachtige moties samengesteld. Allereerst ‘Regeren is
raadsvergadering van 16 april 2026
Notulen pagina
602
vooruitzien’ waar we in beeld willen brengen wanneer welke kritieke infrastructuur tegen het einde van de houdbaarheidsdatum aanlopen, wat we daar ook op kunnen doen en wie daar verantwoording in neemt. De tweede motie is ‘Hou samen de Rotterdamse haven na 2035 ook bereikbaar’. Want het is natuurlijk nu een zorg, maar ook voor de toekomst. Laten we ook vooruitkijken. Tot zover, voorzitter. Dank u wel. De VOORZITTER: De heer De Waard heeft de volgende moties ingediend. Motie 2. Hou samen de Rotterdamse Haven na 2035 bereikbaar “De gemeenteraad van Rotterdam, in vergadering bijeen op 14 april 2026, ter bespreking van agendapunt 6.2 Waarschuwing vertraging havenverkeer; constaterende dat; - door toenemende verkeerscongestie van en naar het havengebied en infrastructuur dat tegen het einde van haar levensduur loopt actie nodig is om economische schade te voorkomen; - zonder ingrijpen in 2035 de vertraging meer dan een uur zal betreffen; - het futureproof maken van de infrastructuur in en om het havengebied en de A15 een gemeenteoverstijgend belang dient; overwegende dat; - een stijgende bevolking in Rotterdam en buurgemeenten en de mogelijkheid voor uitbreiding van de haven in de toekomst nog meer druk op de infrastructuur zullen leggen, wat zowel Rotterdam als omliggende gemeenten raakt; - voor een doelgerichte langetermijn aanpak samenwerking tussen Rijkswaterstaat, de Provincie
en omliggende gemeenten nodig is; - Deltalinqs doormiddel van een quickscan met meer dan 20 experts van overheid, bedrijfsleven en kennisinstellingen 6 aanbevolen innovaties heeft gepresenteerd die noodzakelijk zijn om congestie te verminderen; - ontwikkeling van infrastructuur veel tijd kost, dus vroeg handelen noodzakelijk is; verzoekt het college; - gezien de uitkomsten en aanbevelingen van de quickscan uitgevoerd door deltalinqs samen met medeoverheden en het Rijk nader onderzoek te doen naar wat ervoor nodig is de haven ook na 2035 in voldoende mate bereikbaar te houden; - aan de hand van de uitkomsten samen met het havenbedrijf, het Rijk en de Provincie toe te werken naar een lange termijn visie voor de bereikbaarheid en vitaliteit voor de haven; en gaat over tot de orde van de dag.” w.g. J.M.D. de Waard Motie 3. Regeren is vooruitzien “De gemeenteraad van Rotterdam, in vergadering bijeen op 14 april 2026, ter bespreking van agendapunt 6.2 Waarschuwing vertraging havenverkeer; constaterende dat; - diverse kritieke infrastructuren tegen het einde van de technische levensduur lopen; - toenemende drukte van en naar het havengebied tot verkeerscongestie leidt in het havengebied en op de A15;
raadsvergadering van 16 april 2026
Notulen pagina
603
-
recente vervoersprognoses laten zien dat de vertragingen in de spits richting 2035 kunnen oplopen tot meer dan een uur; actie nodig is om economische schade door toenemende verkeerscongestie van en naar het havengebied te voorkomen;
overwegende dat; - de verkeersdrukte in het gebied alsmaar zal toenemen door een stijgende bevolking zowel in Rotterdam als in omliggende gemeentes; - door uitbreiding van terminals in het havengebied en de mogelijkheid tot het ontwikkelen van een derde maasvlakte de drukte alsmaar meer zal stijgen; - toenemende verkeersdrukte leidt tot meer vertraging, wat leidt tot economische schade; - ook omliggende gemeentes geraakt worden door congestie op deze verkeersaders doordat veel woon-werkverkeer zich door dit gebied verplaatst; verzoekt het college; - in beeld te brengen wanneer welke kritieke infrastructuur tegen het einde van de houdbaarheidsdatum aanlopen; - te onderzoeken wat dit concreet voor gevolgen gaat hebben voor de bereikbaarheid van de haven; - in beeld te brengen wat de mogelijke economische schade is van alsmaar toenemende verkeerscongestie van en naar het havengebied via de A15; - met Rijkswaterstaat en omliggende gemeenten te onderzoeken welke actie nodig is om de toenemende verkeerscongestie van en naar de haven onder controle te houden en de infrastructuur rond het havengebied zowel op het gebied van onderhoud als vervoerscapaciteit futureproof te maken; en gaat over tot de orde van de dag.” w.g. J.M.D. de Waard De moties zijn voldoende ondersteund en maken deel uit van de beraadslagingen. De VOORZITTER: Dan mag nu de heer Dekkers.
De heer DEKKERS (volt): Voorzitter, dank voor uw coulance. Als we door de krantenkoppen heen lezen over een haven die dreigt vast te lopen en een bloedbad op de wegen, komen we uit bij een gedegen rapport van KPMG. Hierin zien we dat de vervoersprognoses laten zien dat de vertraging op de snelwegen in de spits de komende 5 tot 10 jaar gaat oplopen van 30 minuten naar een uur. Daarnaast zien we ook een aantal hele mooie oplossingsrichtingen. Een super ecocombi, onderhoud spreiden, relevante data delen met partijen in de keten, autonoom rijden in de nacht in combinatie met hubs in het achterland, betalen naar gebruik en zelfs de metro uitbreiden in Voorne-Putten. Hier zijn we helemaal fan van. Wij zijn wel benieuwd kijkend naar de maatregelen of de wethouder kan aangeven hoe hij hierin staat en of we hier ook mee aan de slag kunnen? Voorzitter, daarnaast eind vorig jaar nog in december dienden we een motie in ‘Openbaar vervoer naar de haven’. Waarin we opriepen om met de Havenvisiepartners in gesprek te gaan en zich in te spannen om in 2050 structureel ov-aanbod naar de haven gerealiseerd te hebben. Deze motie heeft het niet gehaald. Ik ben wel benieuwd, voorzitter, als de wethouder nu kijkt naar dat KPMG-rapport, zien we nu wel de meerwaarde om in te zetten op structureel ov naar de haven? Dank u wel. De VOORZITTER: Hartelijk dank. Dan is nu het woord aan de heer Başoğlu.
raadsvergadering van 16 april 2026
Notulen pagina
604
De heer BAŞOĞLU (sp): Dank u wel, voorzitter. Als de bereikbaarheid van de haven de komende jaren echt zo hard onder druk komt te staan, dan moeten we nu stoppen met doen alsof we dit oplossen door alleen slimmer met vrachtwagens om te gaan. Het echte probleem is dat we te afhankelijk zijn geworden van wegvervoer, terwijl de overstap naar spoor, binnenvaart en goed openbaar vervoer achterblijft. De SP wil daarom weten, is de wethouder het met ons eens dat de oplossing niet vooral moet zitten in meer of langere vrachtwagens, maar juist in harde keuzes voor spoor, binnenvaart en beter ov van en naar het havengebied? Want anders blijven we dweilen met de kraan open. Tot zover. De VOORZITTER: Hartelijk dank. Zijn er nog anderen die het woord wensen? De heer Segers-Hoogendoorn. De heer SEGERS-HOOGENDOORN (cda): Dank, voorzitter. Heel kort. In principe is het natuurlijk helemaal geen nieuws wat er in de krant stond. We weten al heel lang dat het dichtslibt en dat het ergens een keer gaat dichtslibben. Nu de handen omhoog dat het ook daadwerkelijk gebeurt, dit is geen nieuws. Het vraagt vooral helemaal geen onderzoeken of rapporten, want die liggen er. De heer Dekkers verwees er ook al naar. Laten we alsjeblieft daar geen tijd aan voorspellen.
Het gaat om investeringen, zijn partijen bereid om te investeren? Dat betekent in ieder geval ook Den Haag, mogelijkerwijs Brussel, partijen in de haven en de gemeente zelf. Dat is volgens mij de kwestie. Ben je bereid om te investeren in die bereikbaarheid? Dan zal dat ook een ander soort mobiliteit moeten zijn dan die nu dichtslibt. Dat zou ik willen meegeven. Het betekent rammelen aan de poorten in Den Haag, zorgen dat er investeringen in ov loskomen. Ten slotte, voorzitter, zou ik in dit specifieke geval ook echt willen oproepen, kijk ook eens een keer naar openbaar vervoer over water. Daar wordt altijd gezegd dat het ingewikkeld en duur is, ik geloof er geen snars van. Volgens mij is Rotterdam een stad die dit makkelijk exploitabel kan maken als je het maar wil en ook dat vraagt weer investeringen. Neem alsjeblieft ook expliciet vervoer over water mee. Dank De VOORZITTER: Hartelijk dank. Mevrouw Maassen. Mevrouw MAASSEN (d66): Voorzitter, ook D66 maakt zich natuurlijk zorgen om de toenemende onbereikbaarheid rondom de haven. De haven is een hele belangrijke economische motor van onze stad. Ik deel de opvattingen van de sprekers hier voor mij, we moeten kijken naar hoe de bereikbaarheid van de haven over het asfalt goed blijft en daarin natuurlijk ook de ov-verbindingen meenemen.
Maar ik vraag ook aan de wethouder, wordt er ook gekeken naar andere vormen van bereikbaarheid van de haven, namelijk over het water? Er ligt ook heel veel spoor wat naar de haven toe leidt, wordt dat ook betrokken in de bereikbaarheid van de haven? Hoe we dat kunnen verbeteren? Want het hoeft niet altijd alleen maar over de weg te gaan, we kunnen ook met de trein en ook over het water de haven bereiken. Zeker omdat het steeds drukker wordt op onze Rotterdamse wegen lijkt dat een hele goede oplossing om ervoor te zorgen dat ook die wegen wat worden ontlast. Dank u wel. De VOORZITTER: Hartelijk dank. Mevrouw Morkoç heeft een vraag? Want het was niet duidelijk of u nog een keer wat wilde zeggen, of dat een vraag had aan mevrouw Maassen? Mevrouw MORKOÇ (pro): Ik had een vraag aan mevrouw Engels door het pleidooi van mijnheer Segers-Hoogendoorn over de motie die zij heeft ingediend, als het mag? De VOORZITTER: Ja, dat mag. Het is een hele bijzondere figuur. Het is wennen deze raad. Mevrouw MORKOÇ (pro): Ik kan het toelichten. De heer Segers-Hoogendoorn heeft net een pleidooi voor meer investeringen. Ik keek nog een keertje naar die motie van de VVD en in het tweede dictum staat dat de VVD financiële impact voor de gemeenten en bedrijven in en rondom Rotterdam zo minimaal mogelijk willen beperken. Terwijl dit probleem, vind ik en raadsvergadering van 16 april 2026
Notulen pagina
605
vindt blijkbaar de heer Segers-Hoogendoorn, juist vraagt om meer investeringen. Ik zou mevrouw Engels willen vragen om dat toe te lichten. De VOORZITTER: Mevrouw Engels. Mevrouw ENGELS (vvd): Dank u, voorzitter. Ik denk dat juist onze motie erom gaat dat we niet willen dat onevenredig de rekening bij Rotterdam komt liggen, dat dat de hoofdstrekking is. Qua investeringen willen we natuurlijk altijd erover praten wat we kunnen doen om dat beter te maken. Maar voor nu, de strekking van de motie is echt het financiële risico voor Rotterdam beperken. Dank u. De VOORZITTER: Hartelijk dank. Mevrouw Morkoç. Mevrouw MORKOÇ (pro): Dan blijven mijn twijfels toch dat als je op die manier ingaat, de mogelijkheden om de investering te verhogen weer heel beperkend worden. Dat had ik niet verwacht van de VVD om er zo naar te kijken. De VOORZITTER: Dan geef ik nu het woord aan de heer Soytekin en dan aan mevrouw Coşkun. De heer SOYTEKIN (denk): Dank, voorzitter. Veel is al gezegd. Want als die haven vast gaat lopen, dan is dat een probleem voor heel Rotterdam, voor de economie en voor de mensen die daar werken. Voor DENK is het natuurlijk ook geen nieuw onderwerp. We hebben hier al eerder moties over ingediend om die bereikbaarheid van de haven te verbeteren.
Bijvoorbeeld door te vragen om een integrale aanpak binnen die Havenvisie en concrete oplossingen voor het vervoer van en naar de havengebieden, met daarin ook specifieke aandacht voor werknemers die daarnaartoe moeten gaan. We zien dat er ook echt wel stappen worden gezet, er wordt gewerkt aan oplossingen. Maar we zien ook dat deze aanpak nog in ontwikkeling is en dat er gewacht wordt op resultaten van verschillende pilots en onderzoeken et cetera. De vraag is, wanneer gaan we die moties volledig afdoen? Want die druk op de bereikbaarheid neemt alleen maar verder toe, terwijl die onderhoudsopgave en groei van vervoer alleen maar meer wordt. Het is nogmaals niet alleen een logistiek probleem, maar het is een probleem voor heel Rotterdam. Wanneer kunnen we resultaten verwachten onder andere van de moties? Hoe gaat het college ervoor zorgen dat we op korte termijn ook echt kunnen doorpakken en kunnen werken aan structurele oplossingen? Dank. De VOORZITTER: Hartelijk dank. Mevrouw Coşkun. Mevrouw COŞKUN (pvdd): Dank je wel, voorzitter. Het bereikbaar houden van de haven is voor Partij voor de Dieren ook heel belangrijk. Maar het is net gezegd ook, voor wie? We zijn het met VVD en SP eens dat de haven bereikbaar moet zijn, vooral voor de mensen die daar werken.
Niet voor de vrachtwagens die steeds meer spullen van de ene kant van de wereld naar de andere kant van de wereld verhuizen, met alle nadelen voor ons klimaat en leefomgeving. Wij zien daarom dit probleem niet als een verkeersprobleem, maar een gevolg van een economisch model dat de eindeloze groei van de goederenstromen als uitgangspunt neemt. Er is een grens aan de groei van de haven, vinden wij. We kunnen niet alleen maar groeien zonder het oplossen van logistieke optimalisatie, maar met een andere haveneconomie met meer regionale producten, inzetten op spoor en water in plaats van wegverkeer en misschien nog niet gevallen, stevige kilometerheffing. De voorstellen van PRO en het CDA voor duurzame investeringen omarmen we. Maar ik geloof dat de aanvragers van dit debat verschillend daarover denken. Wat wordt het? Meer asfalt van de VVD of gaan we de lijn van PRO volgen om bijvoorbeeld ruimte geven om vervuilende industrie te belasten, alternatieven over het water te faciliteren en de haven via openbaar vervoer bereikbaar maken voor werknemers en niet voor de vrachtwagens? Dank je wel. raadsvergadering van 16 april 2026
Notulen pagina
606
De VOORZITTER: Hartelijk dank. Zijn er nog anderen die het woord wensen? De heer Siemons. De heer SIEMONS (50plus): Dank u wel, voorzitter. De vraag aan de VVD is, ik hoor dat het geld van het Rijk en van de gemeente eventueel moet komen. Maar wat voor plannen zijn er? De A15 staat natuurlijk regelmatig bomvol met vervoer van containers en mijn vraag is, hoe gaan we dat oplossen? Hoe krijgen we de containers sneller naar de Maasvlakte bijvoorbeeld? Wat zijn de oplossingen voor die problemen? De VOORZITTER: Dank u wel. Anderen nog die het woord wensen? Dat is niet het geval. Dan gaat wethouder Simons heb ik begrepen als eerste antwoorden. De heer SIMONS (wethouder): Dank u, voorzitter. Als wethouder Haven doet het me natuurlijk deugd, samen met collega Lansink, dat het eerst reguliere debat van deze raadsperiode over de haveneconomie en bereikbaarheid gaan. Ook een zeer goede en terechte aanvraag. Er zijn een paar vragen gesteld over het economische aspect, de anderen zal mijn collega beantwoorden. De vraag, heeft het invloed op het investeringsklimaat en concurrentiepositie? Het antwoord is ja. Het investeringsklimaat is natuurlijk uit vele onderwerpen opgebouwd, maar dit is er 1 van die natuurlijk niet positief gaat uitwerken. Maar gelukkig gebeuren er ook dingen. Het eerste is heb ik samen met de wethouder Lansink gedaan.
We hebben een grote pilot met het bedrijfsleven gestart in november om de bereikbaarheid van de haven voor de werknemers te vergroten. Dat doen we met vanpooling voor de volcontinue, carpooling voor de reguliere werkzaamheden en een hopper, een busje op afroep, voor de rest. Er hebben zich al 10 bedrijven aangesloten. Dat heeft ook nog een ander voordeel, dat veel jongeren die in de haven willen werken geen vervoer of geen auto hebben. Dat is veelbelovend. Bedrijven zijn ook wel enthousiast en doen ook gewoon mee. Want zij beseffen ook, je kunt wel roepen, er moet een metro komen of allerlei vormen van openbaar vervoer, maar als daartoe besloten wordt, gaat dat gewoon heel lang duren. We kunnen nu ook een deel van het probleem oplossen. Tweede oplossing die er is en waar ook aan gewerkt wordt, ook een aantal van u heeft dat genoemd, is de Modal Shift. Daar praten we al 20, 30 jaar over. Een Modal Shift is dat er meer van de weg naar de binnenvaart en naar het spoor moet. Maar als je naar de grafieken kijkt, die zijn gewoon een horizontale lijn, dus we schieten er niet veel op. Dat heeft gewoon te maken dat er wordt gekozen als een container 1 euro koper is op een truck in plaats van op spoor, dan kiezen we voor de truc. Dat moet gewoon een keer doorbroken worden. De voormalige minister Robert Tieman was daar ook hard mee bezig.
Daar lopen ook gesprekken over en daar heeft de Rijksoverheid wel een rol om dat ook aantrekkelijk te maken of misschien wel wat af te dwingen dat er meer gebruikt wordt van de binnenvaart en van het spoor. Het ligt er, het is er, het wordt onvoldoende gebruikt. Dan een derde punt wat ik wil maken, wat ook gaat helpen. We hebben heel veel enorme containerschepen erbij van 24.000 containers. Dat is natuurlijk enorm, kun je bijna niet meer voorstellen. Als je ernaast staat, kijk je echt zo omhoog en dan vraag je af, hoe is het allemaal mogelijk? Maar het gevolg daarvan is dat die op de kade worden gezet en daarna naar het achterland moeten voor een groot deel. Het probleem is dat hier de haven 24/7 werkt, maar dat achterland waar de containers naartoe moeten vaak alleen van 9 tot 5 werken. Daar worden nu ook allerlei gesprekken mee gevoerd zodat die containers ook bijvoorbeeld 's nachts naar de bestemming kunnen en niet alleen in de spits en overdag als het al veel te druk is. Er zijn verschillende lijnen waaraan gewerkt worden. Wij als Rotterdam hebben ook onze verantwoording gepakt met die pilot voor de Botlek. Als dat een succes wordt, is het ook de bedoeling dat dat verder wordt uitgebreid. Ook een niet te onderschatten belang voor onze jongeren om de haven ook bereikbaar te maken om daar te gaan werken.
Volgens mij zijn dat alle vragen die op het economisch vlak zijn gesteld. De rest zal mijn collega beantwoorden. De VOORZITTER: Hartelijk dank. Dan is nu het woord aan de heer Lansink-Bastemeijer. raadsvergadering van 16 april 2026
Notulen pagina
607
De heer LANSINK-BASTEMEIJER (wethouder): Dank u wel, voorzitter. Wat leuk dat ik het laatste debat van uw vorige raad deed en het eerste debat van deze nieuwe raad. Dank voor de eer. Voorzitter, ik ben bijzonder blij met deze aanvraag voor dit debat. Want het is een uitdaging die we de komende 10 jaar op ons af zien komen, die van een grootheid is die we niet hebben gekend, niet in Nederland en niet in Rotterdam. De komende 10 jaar gaan wij werken met RWS, Rijkswaterstaat aan vernieuwing van het asfalt van de A20. Hetzelfde geldt voor de A15. De Haringvlietbrug gaan we onderhouden. De Van Brienenoordbrug, enorme hoeveelheid werk, gaan we vervangen en de Beneluxtunnel wordt aangepakt. Dat allemaal rond onze ruit, dat is een immense opgave. Dat komt allemaal tegelijkertijd, omdat veel van deze infrastructuur ook in dezelfde periode is gemaakt. Ik maak mij daar de afgelopen maanden druk om, omdat we dit in goede banen gaan leiden. Ik ga u nu al zeggen, het zal geen vraag zijn of we overlast gaan krijgen, maar de vraag zal zijn, hoeveel? Dat is een belangrijke constatering. Want dat dit pijn gaat doen, dat is mij meer dan duidelijk. Dat is ook de reden waarom ik veelvuldig overleg heb met mijn collega's van Rijkswaterstaat, van de provincie, van omliggende steden.
Ik ben bijzonder goed in overleg met de wethouder en de burgemeester, samen met de burgemeester overigens, van Dordrecht. Want ook daar speelt het nodige wat afstraalt ook op onze gemeente. De Papendrechtse brug zal ik maar als voorbeeld noemen. Dat komt allemaal naar ons toe, de Papendrechtse brug al over enkele maanden. Weet dat we daarin echt met elkaar in verschillende overheidslagen aan de gang zijn. Dat gaat allemaal via een vehikel wat wij noemen, Zuid-Holland Bereikbaar. Maar dat Zuid-Holland Bereikbaar heeft echt nog wel wat support nodig. Ik ben er hard aan het werken om naar gebiedstafels te komen. Een gebiedstafel waar ik zelf ook voorzitter van wil zijn, zodat ik ook echt de mensen naar me toe kan trekken die ik nodig heb om maatregelen te kunnen nemen die noodzakelijk zijn. Ik zal u ook maar aangeven, ik sluit geen enkele maatregel uit. U heeft allen hele goede voorbeelden gegeven van wat zou kunnen. Ik durf daar en ik wil daar op dit moment geen enkele keuze in maken, want ik denk dat wij letterlijk heel veel scenario's op de plank moeten hebben liggen. Dat we de komende twee maanden heb ik nog nodig om te bepalen welke maatregelen we dan ook echt gaan doorvoeren. Welke maatregelen we op middellange termijn gaan doorvoeren en welke zaken we op de plank blijven houden als al die maatregelen die wij bedenken toch nog geen effect hebben.