20251218- Notulen van de raadsvergadering van 18 december 2025
Tekst van het document
Als we gaan kijken hoe we dan rekenen, passen we geen depreciatie toe maar aftopping. Dat is niet aangeraden door de experts, dus het lijkt, als de VVD roept: experts, experts, experts, dat we draagvlak hebben. Maar u doet dat selectief en ik wil echt vragen om daar voorzichtig mee te zijn, want u doet nu net alsof er een enorm gedragen voorstel ligt door de experts. Dat is het niet. Dit is een voorstel voor het college dat wij moeten beoordelen en moeten kijken of we dat een goed voorstel vinden en een juiste politieke afweging. De VOORZITTER (de heer De Waard): Mijnheer Van Dommelen. De heer VAN DOMMELEN (vvd): Het is niet waar wat u zegt, mijnheer Dekkers, via de voorzitter. De residuele grondwaardemethode is een veel gebruikte methode voor erfpacht problematiek. Het gaat er namelijk om dat je opstal en grond moet splitsen. Hoe je er ook naar kijkt, dat moet je splitsen. Daar is die methode heel gebruikelijk voor. Een korting van
raadsvergadering van 18 december 2025
Notulen pagina
2708
tussen de 25 en de 40 procent is heel normaal. Het enige dat aangepast is, dat ben ik met u eens, is de aftopping. Daar kom ik zo meteen op terug, dat heb ik ook in de commissie gezegd. Verder is wat er voorgesteld is, een heel gebruikelijk voorstel in deze wereld van erfpacht. De VOORZITTER (de heer De Waard): Dank u wel, de heer Van Dommelen. De VOORZITTER (de heer De Waard): Mevrouw Kockelkoren heeft het volgende amendement ingediend. Amendement A. Historische grondwaarde voor alle erfpachters, zonder voorwaarden van vervreemding of toedeling “De gemeenteraad van Rotterdam, in vergadering bijeen op 18 december 2025 ter bespreking van agendapunt 6.3 Erfpachtkwestie; Besluit Artikel Vl: "Specifieke uitgangspunten voor het erfpachtproject"; te wijzigen in: Artikel VI. "Specifieke uitgangspunten voor het erfpachtproject", waarbij de tekst van lid 1 als volgt komt te luiden: 1. alle eigenaren van een woning op erfpacht met een tijdelijk contract één projectaanbieding te doen met daarin drie opties: (i) om hun tijdelijk contract om te zetten naar eigendom of eeuwigdurende erfpacht, (ii) om de canon aanvullend af te kopen tegen de historische grondwaarde, of (iii) om na afloop of expiratie van hun huidige contract periodiek canon te betalen; a. Dit geldt ook voor eigenaren die hun pand in de loop van het project verwerven en waarvoor al een projectaanbieding is verstrekt.
Voor deze erfpachters wordt aan het einde van het project een "veegronde" georganiseerd; b. Het aanbod om aanvullend af te kopen tegen de historische grondwaarde wordt aan alle eigenaren van een woning op erfpacht gedaan, zonder voorwaarden over vervreemding, toedeling en tijdvak. Verder gelden de eerder gestelde voorwaarden voor deze regeling; c. Het aanbod dat de erfpachters ontvangen bevat naast de bedragen voor opties i en ii een schatting van de verschuldigde periodieke canon na afloop of expiratie van het contract; en gaat over tot de orde van de dag.” w.g. A. Kockelkoren, R.G.C. Segers-Hoogendoorn, S. Reitema, L.P.A. Dekkers, P.J.H.D. Verkoelen, T.J. Vonk, R.T.J. van der Velden en T.S.J. Coskun Toelichting Erfpacht moet betaalbaar, begrijpelijk en transparant zijn voor Rotterdammers. De indieners van dit amendement zien in het voorstel van het college onvoldoende transparantie en begrijpelíjkheid. Erfpachters krijgen in dat voorstel vanaf januari 2026 twee opties voorgelegd: afkopen met een aftopping op 60% van de huidige grondwaarde, of canon gaan betalen. Met dit amendement voegen we daar helder en transparant een derde optie aan toe: aanvullend afkopen op basis van de historische grondwaarde, zonder omslachtige voorwaarden. Uit het meest recente advies van Pels Rijcken (d.d.
11 december 2025) blijkt dat ook zittende erfpachters onder bepaalde voorwaarden gebruik kunnen maken van de historische grondwaarde-regeling. Dat lijkt vooral te kunnen bij een scheiding, maar de adviezen hierover gaan uit van interpretaties van de Algemene Bepalingen die onzeker zijn.
raadsvergadering van 18 december 2025
Notulen pagina
2709
De indieners van dit amendement vinden dit absoluut niet begrijpelijk en transparant. We kunnen erfpachters niet op pad sturen met deze onduidelijkheid. Om erfpacht begrijpelijk en transparant te maken en extra ongelijkheid te voorkomen, is het noodzakelijk om deze mogelijkheid aan alle erfpachters aan te bieden, zonder de voorwaarden over vervreemding of toedeling. Daarom stellen wij voor om de optie 'aanvullend afkopen tegen de historische grondwaarde' op te nemen in de aanbieding die alle erfpachters krijgen gedurende het erfpachtproject. Het amendement is voldoende ondersteund en maakt deel uit van de beraadslagingen. De VOORZITTER (de heer De Waard): Dan gaan we door naar de volgende spreker, dat is de heer Dekkers. Het woord is aan u. De heer DEKKERS (volt): Voorzitter, net voordat Rotterdam het jaar afsluit en we feestdagen gaan vieren met vrienden en familie, staan we vandaag stil bij een belangrijk onderwerp: erfpacht. Zo'n 30.000 gezinnen in de stad zullen te maken krijgen met een besluit dat vandaag wordt genomen en de rekenmethodiek achter erfpacht, die we vandaag vaststellen, kan ervoor zorgen dat onze Rotterdammer fijne feestdagen of een klotenkerst tegemoet gaat. Daarom vraagt dit onderwerp vandaag om zorgvuldigheid, maar ook om politieke moed.
Voorzitter, erfpacht is ooit ingevoerd met een helder en sociaal doel: Rotterdammers met een kleine portemonnee toch toegang geven tot een koopwoning. De gemeente bleef eigenaar van de grond en de bewoner kon een huis kopen. Woonzekerheid stond centraal. Vandaag zien we het tegenovergestelde: erfpacht zorgt voor onrust, onzekerheid en slapeloze nachten. De gemeente lijkt het verkrijgen van zo veel mogelijk erfpachtinkomsten centraal te stellen en legt de aanbevelingen van Boeg en Verbeter met een paar zinnen naast zich neer. De VOORZITTER (de heer De Waard): U hebt een interruptie. De heer De Haan. De heer DE HAAN (d66): Voorzitter, ik teken er toch wel echt protest tegen aan dat u zegt dat de meeste inkomsten binnenhalen het doel zou zijn. Als we hier echt een tijd met elkaar mee bezig zijn, serieus mee bezig zijn, en daar hebben we de tijd voor genomen. Dat is ook, omdat de nodige zaken uit de kast zijn gevallen. Maar als daar nu een aftopping uit uitkomt van eerst 40 procent, we gaan de canonrente naar beneden bijstellen, we zorgen ook, in het ergste geval, dat we ook die canon even on hold kunnen gooien. Dan vind ik dat wel heel grote woorden. Ik vind dat het voorstel wel degelijk rekening houdt met de zorgen die er zijn en met de financiële zorgen die er zijn bij de erfpachters. De VOORZITTER (de heer De Waard): De heer Dekkers.
De heer DEKKERS (volt): Voorzitter, daar verschillen we van mening. We hadden het net al over depreciatie en aftopping. Doordat we kiezen voor aftopping, dat is een keuze waardoor het ons minder gaat kosten en dus ik zie in de afweging die we maken echt elke keer dat we toch ook het geld en de begroting belangrijk meewegen en ik zal die balans echt graag anders willen leggen. De VOORZITTER (de heer De Waard): De heer De Haan. De heer DE HAAN (d66): Als het geld alleen de overweging was geweest, waren we nooit met een voorstel gekomen. Dan hadden we gezegd: laten we lekker doorgaan op de oude voet. Dan hadden we uitstekend kunnen cashen, als gemeente, en dan waren we niet met een voorstel gekomen. Dan hadden we daar ook niet best ook de nodige tijd voor genomen en met elkaar in discussie gegaan, omdat we wel degelijk vinden dat er iets moet gebeuren. Ik vind het echt heel grote woorden van u, de heer Dekkers.
raadsvergadering van 18 december 2025
Notulen pagina
2710
De VOORZITTER (de heer De Waard): De heer Dekkers. De heer DEKKERS (volt): Voorzitter, dan hadden er waarschijnlijk al rechtszaken gelopen. Ik denk dat we ook niet uitsluiten dat we dat traject nog ingaan. Ik denk dat we echt op de grens lopen van wat we moeten doen en dat we daar ook een erg risico lopen. Maar goed, daar maken wij dus een andere afweging. De VOORZITTER (de heer De Waard): De heer De Haan. De heer DE HAAN (d66): Dan nog 1 keer: dan vindt u dus bijvoorbeeld die aftopping die de eerste 5 jaar geldt van 40 procent, de kas vullen van de gemeente Rotterdam? De VOORZITTER (de heer De Waard): De heer Dekkers. De heer DEKKERS (volt): Voorzitter, ik vind dat niet de kas vullen van de gemeente Rotterdam. Ik vind dat een correctie in een aanbieding die we nooit hadden mogen doen in het verleden. De VOORZITTER (de heer De Waard): De heer De Haan. De heer DE HAAN (d66): Fijn dat al de grote woorden een stukje genuanceerder worden, zo in de loop van uw betoog. Dank u wel daarvoor. De VOORZITTER (de heer De Waard): De heer Dekkers, u kunt doorgaan. De heer DEKKERS (volt): Voorzitter, vorig jaar heeft dit college de erfpachters de stuipen op het lijf gejaagd met voorstellen met daarin met daarin astronomische bedragen. Er zijn voorstellen uitgestuurd van meer dan 70.000 euro voor een appartement van 70 vierkante meter.
Door dit nieuwe voorstel van het college wordt er een tijdelijke aftopping toegepast op dit bedrag. De rekening blijft echter zo'n 45.000 euro voor een appartement. Dat is heel veel geld, dat vind ik echt. Tegelijkertijd hebben alle Rotterdammers ook recht op de historische grondwaarderegeling, als je tenminste aan de juiste voorwaarden voldoet. Er loopt al een correctie, omdat deze deal in het verleden niet goed is uitgevoerd. Tevens komen veel Rotterdammers niet in aanmerking voor de HGW-deal, omdat ze inmiddels in de tweede 50 jaar van hun erfpachttermijn zitten. Verkoop je echter je huis of appartement, dan heeft de nieuwe bewoner wel recht op de historische grondwaarderegeling. Snapt u het nog? Voorzitter, naast het ingewikkelde en moeilijk uitlegbare voorstel van het college zitten we dus met de situatie dat we een ongelijk speelveld creëren voor de mensen in onze stad. Wij vinden dat niet rechtvaardig. Buren in vergelijkbare woningen met vergelijkbare inkomens worden geconfronteerd met aanbiedingen die tienduizenden euro's uit elkaar liggen. Dit college biedt de Rotterdamse erfpachter in de week voor kerst een wel zeer interessant gespreksonderwerp voor aan de kersttafel.
Moet ik scheiden van mijn partner om een betere aanbieding te krijgen en mijn huis te kunnen behouden? Moet ik mijn woning aan mijn kind verkopen om zo een betere aanbieding te krijgen? Of als ik nou het huis van de buurman koop en hij koopt mijn woning, zijn we dan allebei voordeliger uit? Op het moment dat een raadsvoorstel dit soort vragen oproept, zijn we van mening dat het geen goed voorstel is. Daarom steunt Volt de amendementen en de moties van GroenLinks tot raadslid Verkoelen die de voorwaarden van de verdeling en toedeling schrappen en inzetten op een aanbieding op basis van historische grondwaarde, zonder voorwaarden, voor alle erfpachters. Dank u wel.
raadsvergadering van 18 december 2025
Notulen pagina
2711
De VOORZITTER (de heer De Waard): Dank u wel, de heer Dekkers. Dan gaan wij door naar de volgende spreker, dat is de heer Van Dommelen. De heer VAN DOMMELEN (vvd): Voorzitter, de afgelopen periode heb ik tijdens bewonersavonden intensief met erfpachters gesproken. Ik heb hun teleurstelling gehoord, hun boosheid soms ook. Dat raakt mij ook. In de vele debatten die we sinds 2024 gevoerd hebben, stond voor mij steeds 1 punt centraal: bewoners moeten een eerlijke prijs betalen voor de grond onder hun woning. Tijdens de bewonersavonden die ik georganiseerd heb, kreeg ik logischerwijs altijd de vraag: wat is een eerlijke prijs? Het antwoord is: dat weet ik niet. Bewoners moeten betalen voor wat de grond onder hun woning waard is, niet meer en niet minder. Ook ik vond dat de gemeente te veel geld voor de grond vroeg. Een afprijzing was op zijn plaats. Hoe hoog die afprijzing moest zijn, dat kon niet door mij worden vastgesteld, ook niet door u, maar door onafhankelijke experts. Laat ik u in herinnering brengen dat de raad om een onderzoek heeft gevraagd. Als de uitkomst u niet bevalt, is het wel heel makkelijk om dan vervolgens te zeggen: het moet veel lager. De raad heeft erom gevraagd, om dat onderzoek. Het oordeel was: een afprijzing van 25 tot 40 procent.
In de commissie heb ik verteld dat ik het te verdedigen vind dat de wethouder kiest voor een aftopping in plaats van een depreciatie. Veertig procent aftopping zorgt voor een eerlijke prijs. Dat is dus niet wat ik zeg, dat is wat experts zeggen. In die zin komt het voorstel van de wethouder tegemoet aan uitgangspunt nummer 1 van de VVD. Er zijn vandaag partijen, we hebben ze gehoord, die zullen voorstellen om meer korting te geven en dat is hun goed recht. Dat gun ik elke bewoner, individueel, van harte. Maar deze voorstellen gaan de grond goedkoper maken dan dat die waard is. De aftopping is overigens niet het enige dat in het voorstel van de wethouder staat. Een deskundigen procedure waarmee bewoners hun aanbod kunnen betwisten, een uitstelregeling voor wie de canon niet kan betalen en het opnieuw correct uitvoeren van de historische grondwaarderegeling, wat een correctie is op een tegemoetkoming uit de jaren ‘80 om de markt weer open te gooien. Ik steun de motie van Leefbaar die vraagt om duidelijkheid over die regeling, ook in de aanbieding. Dat komt bovenop eerdere verbeteringen, zoals het vrijgeven van de taxatierapporten en het verlagen van de canonrente. Het voorstel dat er nu ligt, zal voor sommige erfpachters teleurstellend zijn, maar ik benadruk dat het wel wezenlijk anders is dan waar we vandaan komen in 2024.
Er zijn, wat mij betreft, nog een paar punten die beter moeten. Zo vind ik het niet uitlegbaar dat bewoners op het moment dat de aanbiedingen worden verstuurd nog geen duidelijkheid krijgen over de hoogte van de canon. De wethouder heeft aangegeven een verlaging van de canon te willen onderzoeken. Daarom dien ik een motie in om per 1 januari een korting van 25 procent op de canon toe te passen. Daarnaast vind ik dat bewoners standaard, tegelijkertijd met het aanbod, hun taxatierapport moeten ontvangen. Ik ben blij dat de wethouder heeft toegezegd hier werk van te maken. Is het voorstel hiermee perfect? Nee, zeg ik eerlijk, maar het is wel een gebalanceerd voorstel. Het doet recht aan erfpachters en aan de stad. Het voorkomt dat mensen hun huis uit moeten. Het biedt keuzevrijheid, afkopen, converteren of canon betalen en het brengt hopelijk rust en voorspelbaarheid. Dank u wel. De VOORZITTER (de heer De Waard): De heer Van Dommelen heeft het volgende amendement ingediend. Amendement B. Canonverlaging “De gemeenteraad van Rotterdam, in vergadering bijeen op 18 december 2025, ter bespreking van het Raadsvoorstel over Vaststelling uitgangspunten erfpachtbeleid; besluit: Artikel I. Beperken canon voor woningen na afloop of expiratie van hun huidige contract
raadsvergadering van 18 december 2025
Notulen pagina
2712
1. Er is een groep bewoners met een huis op erfpachtgrond die niet overgaat tot afkoop en conversie, maar ervoor kiest om periodiek canon te betalen na afloop of expiratie van huidige contract. Om deze groep tegemoet te komen wordt onderzocht op welke wijze een reductie van 25% kan worden toegepast op de berekeningssystematiek van de nieuwe periode. Dit wordt nog juridisch onderzocht; te wijzigen in: Artikel l. Beperken canon voor woningen na afloop of expiratie van hun huidige contract 1. Er is een groep bewoners met een huis op erfpachtgrond die niet overgaat tot afkoop en conversie, maar ervoor kiest om periodiek canon te betalen na afloop of expiratie van huidige contract. Om deze groep tegemoet te komen wordt een reductie van 25% op de canon doorgevoerd; en gaat over tot de orde van de dag.” w.g. D.J. van Dommelen, T. de Haan en R.N. Dahoe Toelichting: Met dit amendement wordt de canonverlaging van 25% bij aanvang van het erfpacht project doorgevoerd. Hierdoor kunnen bewoners een goede afweging maken tussen conversie, afkoop of het betalen van canon. Het amendement is voldoende ondersteund en maakt deel uit van de beraadslagingen. De VOORZITTER (de heer De Waard): Dan gaan we door naar de volgende spreker. Dat is de heer Dahoe. De heer DAHOE (denk): Dank u wel, voorzitter. Het meeste is vandaag al gezegd en in voorgaande debatten.
Voor DENK draait dit debat uiteindelijk op 1 vraag: krijgen erfpachters een aanbod dat begrijpelijk, transparant en menselijk is? We zien dat de wethouders stappen hebben gezet die kunnen helpen en tegemoet komen aan wat wij van ze vragen: lagere afkoopsommen, uitstel bij betaling, wanneer er echt een schrijnende situatie is, herstel van fouten, verbeteren van de communicatie. Dat waarderen wij. Tegelijkertijd zien we hoe ingewikkeld het erfpachtsysteem is geworden. Voor DENK hoeft het niet ingewikkelder, maar juist simpeler. Een helder uitlegbaar aanbod en informatie die beschikbaar is voor iedereen. Voorspelbare woonlasten voor iedereen, transparante berekening en altijd met oog voor de menselijke maat. Daarom zullen we ook een aantal moties steunen die hier verder aan bijdragen en vereenvoudigen, zoals het 1 loket waarbij je via 14 010 en online uitlegbaar inzicht kunt krijgen. Die zullen we steunen. DENK kiest voor duidelijkheid boven complexiteit en voor menselijke maat. Dank u wel. De VOORZITTER (de heer De Waard): Dank u wel, de heer Dahoe. Dan gaan we door naar de volgende spreker, de heer De Haan. De heer DE HAAN (d66): Dank u wel, voorzitter. Het heeft lang geduurd, maar er ligt dan nu eindelijk toch een voorstel, zelfs een raadsvoorstel, waar we vandaag een oordeel over moeten vellen.
Van collegebesluit naar raadsbesluit eindelijk op de agenda en waar we duidelijkheid mee scheppen. Ongetwijfeld niet tot ieders zin, maar het creëert wel duidelijkheid na een lange periode waarin veel mensen, erfpachters, niet wisten waar ze aan toe waren. Het voorstel bestaat uit een drieslag: een aftopping, de eerste periode 40 procent, daarna 25 procent, een canon die 50 jaar verder loopt met een inmiddels doorgevoerde korting naar 3,06 procent, dat was al eerder besloten en met zonet ook wat de heer Van Dommelen aangaf, een verdere korting van 25 procent daarbovenop. Tot slot ook nog een
raadsvergadering van 18 december 2025
Notulen pagina
2713
vangnet: maatwerk met uitstel en pas canonbetaling bij verkoop. Vervelend als je het liefst eigenaar wil worden, maar toch ben ik ook blij dat we hiermee duidelijk maken dat niemand zijn huis uit hoeft. Dan is er nog dat vierde punt, we hebben daarnet flink ook met de heer Roskam over gesproken: de historische grondwaarde, een regeling uit 1988 die, daar zijn we het over eens, nog geldt, maar die ook nog voorwaarden heeft waarmee de regeling destijds is opgetuigd. Ik denk dat we allemaal in deze zaal hebben geworsteld met het dossier. Het duurde lang, er kukelden gedurende de rit verrassingen uit kast, iets wat het proces geen goed heeft gedaan. Daar zijn we het, volgens mij, allemaal over eens en we hebben ook echt een opgave in de communicatie hierover richting de erfpachters, richting de Rotterdammers. Erfpacht is helaas niet gemakkelijk, was het maar zo. Dan is ook de vraag: waar doe je goed aan, waar doe je recht aan? Ook omdat in die verstrengelde mix van opstal en van grond in de afgelopen jaren fors zijn gestegen. Iets waar je als erfpachter niet altijd lang zelf die invloed op hebt. Dus ik vind het ook goed dat we daar bijvoorbeeld in die maatregel van de aftopping oog voor hebben en in die korting op de canon. Maar als gemeente hebben we ook andere belangen in het oog te houden en daar een afweging in te maken bij onze keuzes.
De afgelopen periode heb ik ook scenario's langs zien komen waarbij de grond in erfpacht, als je het doorredeneert en doorrekent, bijna om niet wordt weggegeven. Het heeft mij ook wel verbaasd, het gemak waarmee sommige partijen voor een deel daarin meegaan. Uiteraard terecht het belang van de erfpachter in hun achterhoofd, maar ook voorbijgaand aan een ander belang, want je neemt daarmee ook een flinke hypotheek op de toekomst, op toekomstige generaties. Het staat uiteraard niet zo in de boeken en al helemaal nog niet opgeschreven in de toekomstige begrotingen, dat is zo. Daarmee is het uiteraard ook wel makkelijk rekenen en beloven. Maar als je het doorredeneert, leveren we daarmee toch ook fors in op onze toekomstige investeringscapaciteit. Ik gun de erfpachters een goede regeling, maar ik gun de Rotterdammers zeker ook toekomstperspectief. De VOORZITTER (de heer De Waard): U hebt een interruptie van de heer SegersHoogendoorn. De heer SEGERS-HOOGENDOORN (cda): Voorzitter, het verbaast me wel dat de heer De Haan dit argument gebruikt, want hij zegt net zelf in zijn interruptie naar mij dat ik gelijk heb als het gaat over waar komt dat miljard vandaan? Hij zegt zelf ook dat dat een fictief bedrag is.
Maar daarin is het ook weer selectief shoppen, want nu is ieder voorstel dat ruimhartiger is dan wat ons college hier voorstelt, dat is volgens u dan financieel onhaalbaar en legt een hypotheek op toekomstige generaties terwijl u net zelf toegeeft dat dat miljard aan inkomsten en dat zogenaamde verdienvermogen van de toekomst hartstikke boterzacht is en fictief. De VOORZITTER (de heer De Waard): Mijnheer De Haan. De heer DE HAAN (d66): Ik zeg niet dat het boterzacht is. Ik zie wel degelijk dat bedrag van dat miljard staan, maar dat was de hypothetische situatie dat iedereen daarvan gebruik zou gaan maken. Dat ben ik met u eens, dat zal niet gebeuren. Maar u zult het zeker met me eens zijn dat als er een dusdanige gunstige regeling zal ontstaan, dat we wel degelijk een enorme hoeveelheid aan inkomsten gaan mislopen. De VOORZITTER (de heer De Waard): De heer Segers-Hoogendoorn. De heer SEGERS-HOOGENDOORN (cda): Dat is dus maar de manier waarop je daarnaar kijkt. Want mijn stelling is juist: als je een gunstige regeling neerlegt, gaan veel meer mensen er gebruik van maken, waardoor je veel meer inkomsten hebt, in ieder geval op de korte en middellange termijn, waardoor je ook de mogelijkheid hebt om je begroting erop aan te passen. Dat hebben meerdere partijen hier al gezegd: we zijn aan het worstelen met een baat
raadsvergadering van 18 december 2025
Notulen pagina
2714
die heel lang ingeboekt is. Dus dat is tegelijkertijd een verhaal dat je kunt vertellen. U kiest er hier voor om 1 kant van het verhaal te vertellen, daarmee te zeggen: iedereen die komt met een ruimhartigere regeling is iemand die een hypotheek op toekomstige generaties legt. Dat bestrijd ik en ik zou het ook mooi vinden als de heer De Haan zegt dat dat inderdaad niet klopt. De VOORZITTER (de heer De Waard): Dank u wel, de heer Segers-Hoogendoorn. De heer Roskam met een interruptie op de heer Segers-Hoogendoorn. De heer ROSKAM (lr): Ik denk dat ik het wel een stukje eens ben met de heer SegersHoogendoorn. Dit valt buiten de meerjarenbegroting, dit zijn inderdaad fictieve baten. Dat ben ik met u eens. De aanname is ook ongeveer dat 10 of 11 procent van de mensen gaat converteren, dus dat die ingaan op dit aanbod. Dus in zekere zin klopt uw redenatie. Het miljard, daar zal ik ook eerlijk zijn, kan ik ook niet plaatsen. Je kunt een dikke duim berekening doen: als iedereen HGW doet, heb je 200 miljoen binnen, om en nabij, stel, in de loop van 5 jaar. Dus het zijn allemaal fictieve bedragen. Het zijn wel grote bedragen, dat zal ik ook toegeven. Maar daarom dat ik ook denk en vind: laten we in eerste instantie kijken naar waar mensen recht op hebben, wat de regelingen zijn, dat dat allemaal goed uitgevoerd gaat worden. Daarna kunnen we weer verder gaan.
Daarom hebben we ook vorige keer die regeling risicovolle projecten ingediend met de heer Biljoen, omdat je er dan grip op blijft houden, dan blijf je kijken, dan kan je bijsturen. Maar inderdaad, dat miljard, ik kan hem ook niet plaatsen. Ik kan wel rondrekenen naar 1 miljard, maar ieder bedrag is even valide. De VOORZITTER (de heer De Waard): Dank u wel, heer Roskam. De heer De Haan. De heer DE HAAN (d66): Laat ik hem dan aan de wethouder stellen, wat diens inschatting is als, dat is ook een beetje naar aanleiding van het amendement dat u hebt ingediend, wat daarvan de financiële gevolgen ongeveer zouden zijn. Het hoeft helemaal niet exact richting dat miljard, zeg ik richting de heer Segers-Hoogendoorn, maar het gaat wel degelijk effect hebben. De VOORZITTER (de heer De Waard): Mijnheer Segers-Hoogendoorn. De heer SEGERS-HOOGENDOORN (cda): Waarmee ik dus concludeer dat dat deel van het verhaal van de heer De Haan dus inderdaad niet meer geldt. Dus het deel van zijn betoog, waarbij hij zegt: iedere ruimhartige regeling is uiteindelijk een hypotheek leggen op toekomstige generaties. Dat klopt niet. Dat geeft de heer De Haan nu toe, dus het is wel mooi dat we dan in ieder geval een zuiverder debat gaan voeren. De wethouder mag van mij daar antwoord op geven, maar tegelijkertijd: we weten allemaal dat alles fictief is. De VOORZITTER (de heer De Waard): Mijnheer De Haan.
De heer DE HAAN (d66): De heer Segers-Hoogendoor, dat is meestal uw trucje: de spreker woorden in de mond leggen en zeggen dat het volledig fictief is. Het is niet fictief, want er zijn wel degelijk consequenties en het heeft wel degelijk zijn effect op onze investeringscapaciteit. Daarmee citeer ik ook uit de brief die de wethouder daarover heeft geschreven. Daar zijn wel degelijk ook bedragen in opgesteld. Het zou u ook sieren als u daar ook rekenschap aangeeft. De VOORZITTER (de heer De Waard): De heer Segers-Hoogendoorn. De heer SEGERS-HOOGENDOORN (cda): Nu daagt de heer De Haan me natuurlijk uit, maar dat is nu onze rol hier in de raad. Ik zeg dat toch nog maar weer: wij hebben die controlerende
raadsvergadering van 18 december 2025
Notulen pagina
2715
rol. Prima, de cijfers die het college heeft geleverd. Vervolgens gaan wij zelf ons daarin verdiepen, toch? Dat mag ik ook van u verwachten. Ik zeg: kom niet met het argument bij mensen die een ruimhartigere regeling neerleggen dat dat een hypotheek op toekomstige generaties is. Dat kunt u niet hard maken. Mijn conclusie is dat dat inderdaad klopt. U kunt dat niet hardmaken, dan kunt u met allerlei fictieve bedragen de zaal in strooien. Maar ik kan net zo goed beredeneren dat het op de langere termijn eerder een positief effect heeft in financiële zin en in ieder geval iets wat ruimhartiger is voor mensen die nu in de penarie zitten. De VOORZITTER (de heer De Waard): Mijnheer De Haan. De heer DE HAAN (d66): Andersom kunt u het ook niet richting mij zo uitleggen. U kunt ook niet aangeven waarom het helemaal 0 zou zijn. Het heeft wel degelijk een effect op onze toekomstige investeringscapaciteit. Daarmee vind ik het dus ook wel belangrijk dat dat het eerlijke verhaal is. Hoe we bijvoorbeeld als stad, ik noem maar eens wat, om te blijven investeren in sociale initiatieven. Wat is dan ook ons rentmeesterschap richting de toekomst waard? Ik vraag dan ook richting mevrouw Verkoelen: wat is J van Jongeren in JOU, als je daar geen oog voor hebt en voor toekomstige generaties. De VOORZITTER (de heer De Waard): U hebt een interruptie van de heer SegersHoogendoorn.
De heer SEGERS-HOOGENDOORN (cda): Voorzitter, ik maak hier echt bezwaar tegen. Dus u hebt uw termijn zo opgesteld. Maar ik vraag u om hem nu aan te passen. Nu gaat u zelfs het woord ‘rentmeesterschap’ deze zaal ingooien. Dan weet u zeker dat ik opsta. We constateren met zijn allen dat we zowel in de plus als in de min met totaal fictieve bedragen rekenen hier, dus kom niet met het argument dat een ander voorstel meteen een negatief financieel effect heeft. Dat kunt u niet hard maken en dat kan dus ook geen onderdeel zijn van uw betoog. De VOORZITTER (de heer De Waard): Mijnheer De Haan. De heer DE HAAN (d66): Net zo goed als u zelf ook niet hard kan maken dat het geen enkel effect heeft, mijnheer Segers-Hoogendoorn. De VOORZITTER (de heer De Waard): Mevrouw Kockelkoren. Mevrouw KOCKELKOREN (gl): Voorzitter, dan komen we weer bij de kern van het verhaal. Vindt u het belangrijk dat er een betaalbare regeling voor de erfpachters uitkomt of vindt u het belangrijker dat de inkomsten hoger worden voor de gemeente Rotterdam in de toekomst? Dat is precies de politieke afweging die wij hier moeten maken. Dan is het niet nodig om te zeggen dat alle voorstellen die de oppositie doet gemakkelijk is, het gaat om die belangenafweging. Wij hebben nu heel duidelijk kleur bekend dat dat ook de afweging kan zijn om voor erfpachters een betaalbaardere regeling neer te leggen.
Dat is geen fictieve regeling, want dat doet de heer Van Dommelen dan voorkomen van iedereen kan wel iets verzinnen. Dat is een regeling die de gemeente Rotterdam zelf in het leven heeft geroepen. De VOORZITTER (de heer De Waard): Mijnheer Van Dommelen. De heer VAN DOMMELEN (vvd): Ik zou benieuwd zijn, als ik nou zou voorstellen dat we voortaan ontwikkelingsgrond voor een betaalbare prijs aan ontwikkelaars geven, want het heeft toch geen waarde, heeft toch geen toekomstig inkomen, inkomensbron is niet belangrijk. We geven het weg aan ontwikkelaars, daarmee geven we niets weg voor de gemeente Rotterdam. Wat zou u dan zeggen?
raadsvergadering van 18 december 2025
Notulen pagina
2716
De VOORZITTER (de heer De Waard): Mevrouw Kockelkoren. Mevrouw KOCKELKOREN (gl): Dan bent u niet zo heel slim bezig, maar dat is helemaal niet waar we het nu over hebben. We hebben nu een regeling, die we zelf als gemeente in het leven hebben geroepen, die niet goed is uitgevoerd de afgelopen jaren, waardoor heel veel mensen in de problemen zijn gekomen. Dan ligt er nu een voorstel voor van de wethouder om dat te repareren en dan zeggen wij: dat voorstel om het repareren is nog onvoldoende. Dat is wat we simpelweg zeggen en dat is een politieke keuze. De VOORZITTER (de heer De Waard): Mijnheer Van Dommelen. De heer VAN DOMMELEN (vvd): We hebben het de hele tijd over de waarde van grond, daar heeft de heer De Haan het ook over. Jullie zitten dat iedere te ontkennen, dat grond geen waarde heeft. Dan zeg ik: grond voor een ontwikkelaar heeft kennelijk wel waarde, maar erfpachtgrond heeft geen waarde. Natuurlijk heeft dat waarde voor de gemeente. Ik snap niet dat we dat maar blijven ontkennen. De VOORZITTER (de heer De Waard): Mevrouw Kockelkoren. Mevrouw KOCKELKOREN (gl): Voorzitter, dat ontkent dus ook helemaal niemand. De VOORZITTER (de heer De Waard): Dank u wel, mevrouw Kockelkoren. Mijnheer Dekkers. De heer DEKKERS (volt): Voorzitter, ik wil daarop aanvullen dat we die waarde ook heel goed ten dienste maken.
Je hebt de eerste 50 jaar dat er betalingen binnenkomen, een tweede 50 jaar en dan heb je nog een keer overdracht, dus mensen gaan 3 keer langs start. Dan is het heel goed om af te wegen: wat is sociaal en moreel om dit te doen? Zeker als er al een regeling ligt die voor heel veel mensen, of misschien niet, want dat weten we niet precies met dat toebedeling en verdeling, kan dienen. Dus ik denk dat we daar heel goed mee omgaan. De VOORZITTER (de heer De Waard): Dank u wel, de heer Dekkers. Mijnheer De Haan, u mag verder gaan. De heer DE HAAN (d66): Heel kort, want ik had, daar triggerde ik natuurlijk de heer SegersHoogendoorn mee, met zijn rentmeesterschap, wat ik niet had mogen zeggen. Sorry, mijnheer Segers-Hoogendoorn. Mevrouw Verkoelen had ik natuurlijk ook nog met de jongeren gevraagd, waar die voor stonden. Toen had ik tot slot nog, inderdaad, mijn verbazing willen uiten richting GroenLinks en Partij van de Arbeid. Mevrouw Kockelkoren had het had het net over het huishoudboekje. Het is ook ons huishoudboekje waar we allerlei goede zaken met de stad mee doen. Het heeft mij toch echt ook wel in de afgelopen periode verbaasd dat we het zo weinig over het collectieve belang hebben gehad van wat we daarmee zouden kunnen doen en wat we daarmee ook voor de toekomst zouden kunnen doen. Dat we alleen maar op die manier voor huizenbezitters gaan.
De VOORZITTER (de heer De Waard): Dank u wel, de heer De Haan. We gaan door naar de volgende spreker en dat is mevrouw Verkoelen. Mevrouw VERKOELEN (50plus): Voorzitter, de kern van dit erfpachtdossier is dus ook niet technisch, de kern is hartstikke politiek en moreel. In 2002 is in Rotterdam iets fundamenteels gebeurd: wat een levensbehoefte is, wonen, is toen door Leefbaar Rotterdam, VVD en ook overigens het CDA, toen in de coalitie omgevormd tot een investeringsproduct. Niet openlijk, niet na een principieel raadsbesluit, maar sluipenderwijs via beleidswijzigingen
raadsvergadering van 18 december 2025
Notulen pagina
2717
en uitvoeringskeuzes en zelfs met stukken die deze raad nooit heeft mogen zien. Tot 2002 was erfpacht een beschermingsinstrument. Het risico van grondwaardestijging lag bij de overheid, niet bij het huishouden en toen kwam 2002. Wonen was niet meer een recht, maar een rendement, niet meer een zekerheid, maar een risicoverdeling. Residuele berekeningen deden hun intrede. Marktwaarde werd leidend. Het huishouden werd behandeld als een investeerder. Voorzitter, de raad heeft nooit besloten dat wonen een marktproduct met bijbehorende marktrisico's moest worden. Maar dat is wel gebeurd door Leefbaar, VVD en het CDA in 2002. Die lijn wordt tot op de dag van vandaag doorgetrokken. Ook dit college blijft redeneren vanuit die markt. De inwoner wordt gezien als iemand die moet meebewegen met modellen, rentes en grondprijzen, niet als iemand die wil wonen, onderhouden, verbouwen en leven. Voor mensen die hun huis hebben afbetaald en dachten veilig te wonen, voelt dit als een zware straf achteraf. Voorzitter, de VVD denkt mee, maar blijft vanuit het beleggersperspectief beredeneren. Een kortinkje hier, 25 procent, hoorden we net, een plafonnetje daar, zonder de methodiek te veranderen.
Leefbaar Rotterdam doet voorkomen voor de erfpachters op te komen, maar doet helemaal niets, ondanks het HGW-verhaal in de commissie van de heer Roskam en ook nog eens herhaald hier, maar dik kloppend op de borst: we zijn zo geweldig, hoorden we zojuist dat er geen enkele wijziging komt in het voorstel, ook al probeert Leefbaar dat voortdurend te verkopen, maar het is niet het geval. Zo dreigt opnieuw wat al 20 jaar gebeurt: de markt wint, de gewone man en vrouw betalen. Voorzitter, de oplossing is heel simpel, maar doelbewust ingewikkeld gemaakt door het college. Canon, dames en heren, is huren. Conversie is wijzigen en residureel rekenen is: wat blijft er over? Simpeler kan het niet, maar rond die simpele begrippen is een woud gebouwd van contracten en uitzonderingen. Niet in de belangen van de bewoners, maar wel van de politiek en de markt. Voorzitter wonen is geen investering. Een huis is geen aandeel. De waardestijging van een woning is geen winst. Echt niet. Ik hoorde het de heer Van Dommelen net weer zeggen, flauwekul. Een huis is nooit, de grond is nooit de winst. Konden we het maar allemaal terugdraaien. Ik zal u zeggen, veel mensen zouden zeggen: ik ga met die onbetrouwbare overheid niet meer in zee. Die hebben hun hele hebben en houwen op grond gebouwd waarvoor ze nu afgerekend worden.
De waardestijging van een woning is geen winst die door de overheid binnengeharkt mag worden. Het mag niet. Die waarde zit in levens, niet in spreadsheets. Daarom dien ik amendementen in met de heel simpele reden: wonen in een levensbehoefte, de historische grondwaardelogica moet terug als norm, zodat het marktrisico niet langer bij bewoners ligt. Verder maken we ons keihard een noodzakelijk onderscheid tussen wonen en commercieel vastgoed. Jammer dat de heer Van Dommelen wegloopt, want daar wil ik wel degelijk ... Ah, u bent er nog, daar wil ik wel degelijk rekening mee houden. Wie investeert, de markt, die draagt een risico. Een marktpartij die op grond een huis, een pand zet, dat weet u beter dan ik, is geen cent waard, dat pand. Daar gaat het helemaal niet om. Het gaat voor hen om hele andere zaken, waar ze staan. Wie woont, de inwoner, verdient gewoonweg bescherming. Dat moet je van het begin af aan doen. Ten slotte borgen we dat niemand door deze overgang financieel klem wordt gezet of zijn huis moet verkopen. Voorzitter, de kiem van deze crisis, ik herhaal het nog maar een keer, is in 2002 gelegd door Leefbaar Rotterdam, VVD en het CDA. De verantwoordelijkheid om haar te herstellen, ligt vandaag bij een coalitie van de Leefbaar, VVD, D66 en DENK mag ook meedoen. Die heb ik weinig gehoord, maar mag meedoen. Stop met je rijk rekenen aan huiseigenaren.
Stop met het afwentelen van marktrisico's. Ga weer voor je bewoners staan. Dat is geen coulance, dat is recht doen. Daar heb ik 5 amendementen voor. De VOORZITTER (de heer De Waard): Mevrouw Verkoelen heeft de volgende amendementen ingediend. Amendement C. Functiescheiding erfpacht: historische grondwaarde leidend voor wonen deel I 'wonen is een levensbehoefte'
raadsvergadering van 18 december 2025
Notulen pagina
2718