CConstaterende datRotterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

20250626- Notulen van de raadsvergadering van 26 juni 2025

Gemeenteraad 26 juni 2025, gemeente Rotterdam60.072 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 6

Notulen pagina

1206

de gemeente onderzoek doet naar de hoeveelheid sigarettenpeuken in het zwerfafval en in de Tarwewijk een publiekscampagne heeft opgezet. Ik vraag me af: is dit onderzoek echt nodig? Wethouder, als u zelf, via de voorzitter, door de stad zou lopen, dan ziet u toch ook dat er gewoon overal peuken op straat liggen? Zou het dan niet beter zijn om dit geld te besteden aan het opruimen van de peuken met een peukenzuiger? Is de wethouder bereid dit toe te zeggen? Dan het voorstel. Ik dien hierbij een motie in om te onderzoeken wat er aan de hand is met de waterkwaliteit in onze singels. Er zijn de afgelopen tijd veel vogels overleden in Bloemhof en de oorzaak is nog niet vast gesteld. Om vogelsterfte te voorkomen, heb ik graag een motie voor een onderzoek. Dank u wel. De VOORZITTER: Mevrouw Morkoç heeft de volgende motie ingediend.

Motie 1 Wateronderzoek naar schoonr singelwater “De gemeenteraad van Rotterdam, in vergadering bijeen op 26 juni 2025 ter bespreking van agendapunt 8.3 Voortgangsrapportage 2024 Nota Samen SchoonR; constaterende dat; - in de singel aan de Lange Hilleweg in Bloemhof de laatste tijd veel dode vogels zijn gevonden; - uit onderzoek naar de overleden vogels blijkt dat zij geen vogelgriep of botulisme hadden, maar niet duidelijk werd waar zij wél aan zijn overleden; overwegende dat; - de gemeente een verantwoordelijkheid heeft voor schoon, gezond water in de singels en het voorkomen van vogelsterfte; - voor het nakomen van deze verantwoordelijkheid een onderzoek naar de waterkwaliteit in de Rotterdamse singels essentieel is; - schoon water in de singels een gedeelde verantwoordelijkheid is tussen de Waterschappen en de gemeente; verzoekt het college; - de waterkwaliteit in de singel aan de Lange Hilleweg te onderzoeken, in afstemming met het Waterschap Hollandse Delta; - de uitkomsten van dit onderzoek te benutten om de oorzaken van overmatige vogelsterfte in singels weg te nemen; en gaat over tot de orde van de dag.” w.g. M.Y. Morkoç, R.G.C. Segers-Hoogendoorn, T.S.J. Coşkun en M.E. Vogelaar De motie is voldoende ondersteund en maakt deel uit van de beraadslagingen. De VOORZITTER: De volgende is mevrouw Abrahamse. Mevrouw ABRAHAMSE (vvd): Dank u wel, voorzitter.

Ik hou me nu al meer dan 3 jaar bezig in deze gemeenteraad met een schonere stad en eerlijk gezegd, word ik er soms een beetje moedeloos van. Want wat je ook doet, er zijn altijd aso's die de rotzooi gewoon weer op straat gooien. Daar moet de gewone Rotterdammer voor betalen. Want ik kan je vertellen: de straten schoonmaken, dat gebeurt niet door een of andere tandenfee, maar door de mannen en de vrouwen van stadsbeheer, die keihard elke dag aan een schonere stad werken. Het ergert me dan nog meer als ik dan, net zoals afgelopen week, in een artikel van het NRC zie dat er mensen zijn die lachgasflessen in onze stad veroorzaken gewoon lekker aan het strand

raadsvergadering van 26 juni 2025

Notulen pagina

1207

zitten in Portugal en zich totaal niet druk maken over alle rotzooi die ze veroorzaken in onze stad. Ik hoop dat de wethouder snel manieren verzint om hen ook financieel aansprakelijk te stellen, in plaats van dat we dat nu als stad allemaal moeten oplossen. Daar heb ik ook vragen over gesteld, dus ik ben benieuwd naar die beantwoording. Maar ook als ik dan naar de voortgangsnota schoner kijk, dan zie ik dat gelukkig de wethouder er echt veel aan doet om onze stad schoon te maken. Maar blijf ik toch wel van mening dat die afvalaso's, dat daar niet tegenop te boksen valt. Wat ons betreft moeten er dus gewoon boetes worden gegeven, want de vervuiler moet betalen. Ik zou de wethouder ook willen vragen hoe het er nu voorstaat met onze motie over de zwerfvuilrepressiezones. Want ik denk dat het toch echt nodig is als we zien dat juist dat zwerfvuil nog een hardnekkig probleem blijft in onze stad. De VOORZITTER: Hartelijk dank. Dan is het woord aan mevrouw Bruin. Mevrouw BRUIN (lr): Voorzitter, over schoonR is al veel gezegd, maar we willen kort nog een aantal punten onder de aandacht brengen. Wie in Rotterdam rondloopt, wordt links en rechts ingehaald door vuil dat uit bakken is getrokken door statiegeldjagers. Leefbaar Rotterdam heeft hier eerder al aandacht voor gevraagd en pleitte toen voor de invoering van de gele donatiebakken.

Bakken die we, voor zover we weten, vrijwel gratis hadden kunnen krijgen. We zijn blij dat het college nu eindelijk een pilot gaat starten, zoals gevraagd in onze motie. Maar eerlijk is eerlijk, dit had toch ook veel eerder gekund? Andere steden zijn hier al lang mee aan de slag. Onze vraag aan de wethouder is dan ook: hebt u gebruikgemaakt van de praktijkkennis van die andere gemeentes? Zo ja, hoe en waarom hebben we dan niet, op dit moment, nog genoeg kennis om het over de hele stad uit te rollen? Voorzitter, in sommige steden, zoals in Middelburg, gaan ze alweer een stap verder. Daar worden die gele donatiebakken inmiddels ingehaald door innamemachines, ter grootte van een afvalbak, waar mensen direct hun 15 cent terug kunnen krijgen via een tikkie. Voelt de wethouder ervoor om dit te onderzoeken of dit systeem ook in Rotterdam toepasbaar is? En zo snel mogelijk. Voorzitter, dan tot slot. Wat ons betreft, moet het schoonhouden van de stad echt beter. Soms lijkt het alsof het beter is om die afvalbakken maar gewoon weg te halen, want het wordt toch een zooi. Het is echt een puinhoop, een vieze bende op straat. Dus Leefbaar Rotterdam verwacht van deze wethouder een concreet actieplan en niet een campagne die uitlegt dat je geen vuil uit de bakken mag halen, maar maatregelen die ervoor zorgen dat het vuil überhaupt in die bakken blijft.

De status quo handhaven kan wat ons betreft niet langer. Tot zover, voorzitter. De VOORZITTER: Hartelijk dank. Dan is het woord aan de heer De Haan. De heer DE HAAN (d66): Dank u wel, voorzitter. De stand en staat van onze buitenruimte gaan ons allemaal aan het hart, met de verschillende accenten en standpunten, die we ook zonet al deels hebben kunnen horen. Soms voelt het ook wel als vechten tegen de bierkaai. Ik ben op zich blij hoe de wethouder zich hier ook voor inzet en hoe we hier deels ook stappen in maken. En veel dank, natuurlijk, vooral ook voor al die mensen van het stadsbeheer die zich hier dag in dag uit voor inzetten. Vanuit D66 misschien nog één punt, dat is het punt van de doelstellingen van de CROW-scores in de aandachtswijken, die blijven achter, kunnen we lezen in de rapportage. Misschien is het ook wel goed om daar aandacht voor te blijven vragen, ook voor initiatieven van onderop, zoals gezamenlijke schoonmaakacties in de wijk, zoals die al op heel veel plekken in de stad zijn. Dank u wel. De VOORZITTER: Hartelijk dank. Dan is de heer Dahoe aan het woord. De heer DAHOE (denk): Dank u wel, voorzitter. Ik kan me daarbij aansluiten. Wij hopen dat de cijfers volgend jaar veel beter gaan zijn.

Ook krijgen wij van veel insprekers en wijken terug dat ze graag ook de wethouder af en toe in de wijk zien en dat het hun een gevoel geeft dat hun problemen serieus worden genomen in de wijk betreffende het vuil dat rondzwerft. Goed raadsvergadering van 26 juni 2025

Notulen pagina

1208

dat er heel veel vrijwilligers zijn, maar het moet natuurlijk gebeuren door stadsbeheer. Misschien zou u nog iets kunnen bewerkstelligen bij de wijkraden, zodat ze ook beter stadsbeheer kunnen vinden, want daar hebben ze nog wat moeite mee. Misschien kunt u daarnaar kijken. Dank u wel. De VOORZITTER: Dank. Zijn er nog anderen die het woord wensen? Mevrouw Vogelaar. Mevrouw VOGELAAR (pvda): Voorzitter, het ging al over natuurlijk alle mensen van stadsbeheer die dag in dag uit, dag en nacht bezig zijn om onze stad schoon te houden. Maar laten we niet vergeten dat er ook heel veel Rotterdammers hun eigen straatje en soms hun hele eigen buurt schoonvegen, omdat zij inderdaad zat zijn van al die troep op straat en omdat zij ook in de afgelopen jaren eigenlijk maar geen verbetering zien. Zij gaan gewoon heldhaftig door, week in, week uit, jaar in, jaar uit. Het is ook goed om te lezen dat in de aanpak bij nota schoonR er ook meer ondersteuning komt voor deze initiatieven vanuit bewoners en de wijk zelf.

Dus om dat verder aan te moedigen, dient de PvdA, en we hebben ook een paar medeondertekenaars, een motie in om ervoor te zorgen dat we vooral die bewoners gaan ondersteunen, dus dat we de vragen die zij hebben en de behoefte die zij hebben, centraal stellen en dat wij ook hen de waardering geven die zij verdienen voor het vrijwillige schoonhouden van onze stad, dat zij vaak al jaren ook als hun taak en plicht zien, terwijl we natuurlijk eigenlijk allemaal weten dat zij dat niet zelf zouden moeten doen, dat het meer een gezamenlijke verantwoordelijkheid zou moeten zijn. De VOORZITTER: Mevrouw Vogelaar heeft de volgende motie ingediend. Motie 2.

Dankzij stadspoetsers niet nog viesR “De gemeenteraad van Rotterdam, in vergadering bijeen op 26 juni 2025, ter bespreking van 'Voortgangsrapportage 2024 Nota Samen SchoonR'; constaterende dat; - de doelstellingen in de nota Samen SchoonR vooralsnog niet worden behaald of nog niet meetbaar zijn; - naast de gemeente ook Rotterdammers zelf verantwoordelijkheid dragen voor een schone buurt en stad; - het college per 2025 een team wijkbetrokkenheid is gestart met als doel om lokale initiatieven te ondersteunen; overwegende dat; - voor veel bewoners het rondslingerend afval in de buitenruimte een van hun grootste ergernissen is; - er in onze gemeente al talloze bewoners zijn die sinds jaar en dag zelf hun buurt of straat schoonhouden of acties organiseren om de stad schoon te houden en bewustwording te vergroten- dus een groot onbenut sociaal kapitaal; - deze stadspoetsers vaak tegen dichte deuren en kastje-muur problematiek aanlopen in hun contacten met de gemeente; - we vooral de daadkracht en energie van deze bewoners willen behouden en niet moeten ontmoedigen of dichtregelen; verzoekt het college om; - binnen de bestaande aanpak van de Nota Samen SchoonR de wijkbetrokkenheid primair te richten op laagdrempelige contactmogelijkheden met poetsende bewoners en vraaggestuurd ondersteuning te bieden;

raadsvergadering van 26 juni 2025

Notulen pagina

1209

-

een blijk van waardering te verzorgen voor bewoners die zich langdurig inzetten voor het schoonhouden van onze straten en buurten;

en gaat over tot de orde van de dag.” w.g. M.E. Vogelaar en M.S. Abrahamse De motie is voldoende ondersteund en maakt deel uit van de beraadslagingen. De VOORZITTER: De heer Segers-Hoogendoorn. De heer SEGERS-HOOGENDOORN (cda): Dank, voorzitter. Ik wil dat laatste betoog graag onderstrepen, want ik ben het daar helemaal mee eens en dus ook even reageren op wat de heer Dahoe zei van het is vooral het werk van het stadsbeheer. Ik zou zeggen: nee, het is onze eigen verantwoordelijkheid, ieders individuele verantwoordelijkheid om zijn eigen zooi op te ruimen en het is een maatschappelijke verantwoordelijkheid om onze stad schoon te houden. Uiteindelijk heeft ook stadsbeheer een rol, maar wel in die volgorde. Daar hecht ik wel aan. Daarom steun voor die motie. Ik sta daar volgens mij nog niet op, maar dat wil ik dan wel heel graag. Voorzitter, het is ook wel goed om hier nog even te zeggen dat bij de commissiebehandeling natuurlijk ook heel duidelijk werd ingesproken door de Zakkenvullers en door Zwerfie en dat die, denk ik, ook hier genoemd moeten worden als goede voorbeelden van dat maatschappelijk initiatief en zich vooral gesteund moeten voelen door de gemeente.

Dat zou dan ook mijn vraag zijn, voorzitter, aan de wethouder of het plan wat nu voorligt, waarin dat dus ook al een rol speelt, of het inspreken van de Zakkenvullers en Zwerfie in de commissie daar ook nog wat ander licht op heeft doen werpen voor de wethouder en misschien hier en daar wat extra inzet om inderdaad mensen die dat maatschappelijke initiatief ontplooien, ook echt het gevoel te geven dat de gemeente achter ze staat. De VOORZITTER: Mevrouw Morkoç. Mevrouw MORKOÇ (gl): Voorzitter, geheel eens met dit betoog. Nog een aanvulling: tijdens het inspreken had Zwerfie een lijst met aanvullende maatregelen meegeven aan de commissie en ik vraag me af of de wethouder daar ook kennis van heeft genomen ofwel wil nemen. Dank u wel. De VOORZITTER: Hartelijk dank. Zijn er nog anderen die het woord wensen? Ja. De heer Kind. De heer KIND (volt): Eén vraag ten aanzien van schoonR: een groot deel van de problemen waar we nu mee te maken krijgen, heeft natuurlijk te maken met een designfout in onze containers. Volgens mij hadden we ooit ruimere containers, daar zijn vervolgens kinderen ingevallen. Toen hebben we die bakken versmald en op dat moment pasten onze klikozakken niet meer in de containers. In ieder geval als ze helemaal vol zijn. Ik zie dat er aandacht voor is, maar nog steeds, de 60 liter klikozak, zoals ik hem ook ken, als die helemaal vol zit, dat is gewoon heel lastig.

Volgens mij leidt dat dus continu tot verstopte afvalcontainers. Nu zie ik in de brief dat de wethouder in gesprek gaat met supermarkten, onder andere. Ik ben benieuwd: hoe gaan we dat dan doen? En moet er dan ook niet iets met een andere afvalcontainer, in huis bijvoorbeeld. Moeten we niet op een andere manier gaan nudgen om dit in goede banen te leiden en ook op de langere termijn: moeten die afvalcontainers niet gewoon weer wat breder worden, wat makkelijker worden, net als onze klassieke klikobakken die we vroeger thuis hadden, die ook gewoon breder waren, waar de vuilniszakken makkelijker inpassen. Dus graag de vraag aan de wethouder: hoe gaan we daarmee om?

raadsvergadering van 26 juni 2025

Notulen pagina

1210

De VOORZITTER: Mevrouw Bruin. Mevrouw BRUIN (lr): Nog een aanvulling: wij hebben die insprekers gehoord, de Zakkenvullers van Bloemhof en omgeving en met Anneke Strasters hebben we ook nog gesproken. Wij gaan dus heel graag mee op die motie van de PvdA om deze initiatiefnemers te ondersteunen. De VOORZITTER: Dat is heel duidelijk overgekomen. Andere nog? Niet. Dan vraag ik de wethouder of hij meteen kan antwoorden. De heer LANSINK-BASTEMEIJER (wethouder): Dank u wel, mevrouw de voorzitter. Dank voor de woorden richting onze jongens en meiden van schone stad, maar ook van al die vrijwilligers die ik, overigens allen die u hebt genoemd, zijn allemaal bij mij op het stadhuis geweest. Dat geldt voor mevrouw Van Wanrooij, dat geldt voor Ivo, dat geldt voor mevrouw Strasters, die ik op werkbezoek heb ontmoet en die mij altijd weet te bereiken als het weer eens een keertje uit klauwen loopt. Al die mensen draag ik een ongelooflijk warm hart toe. Als ze me nodig hebben of ze hebben iets van mij nodig, dan staat mijn deur altijd open. Ik wil niet zeggen dat ik altijd gelijk het juiste antwoord voor hen heb, maar ik ben altijd bereid om met hen samen te kijken naar wat zij nodig hebben. Daar doen we ook al heel veel op.

Maar dat we in deze grote stad, die alleen maar aan het groeien is, met sterke verstedelijking, met een grote toeristische aantrekkingskracht, dat daarmee de uitdagingen elke dag alleen maar groter worden, dat is helder. Dat is ook de reden waarom het college een aantal weken geleden al heeft besloten om toch nog eens goed te kijken naar wat is de aanvullende inzet die nou op korte termijn, op middellange termijn, nodig is om er toch nog wat extra’s bovenop te doen? Ik zit nu midden in de planvorming om dat op korte termijn ook in het college te brengen. Want ook wij zien dat er nog een schepje bovenop moet. Maar dat betekent dus ook dat ik op zoek moet gaan naar aanvullende financiering, want binnen mijn huidige begroting lukt dat niet. Maar het betekent wel dat we er nog een schepje bovenop gaan doen. Dat zit hem dus vooral ook in best lastige stedelijke vraagstukken van een groeiende stad, een stevige verstedelijking, maar ook wijken, dat heb ik ook al eens naar aanleiding van vragen van de heer Vonk tijdens de jaarstukken aangegeven: we hebben ook gewoon wijken waar we continu aan het opvoeden zijn, continu aan het uitleggen zijn hoe het moet in Rotterdam, omdat gewoon een derde van wijken soms gewoon per jaar vernieuwt van bewoner en die dan weer toch weer opnieuw even door de wasstraat heen moeten. Dat is een enorme uitdaging voor deze stad.

We zijn geen dorp en hier gebeurt veel. Ik denk dat het tijd is om dat nog eens een keertje echt er even boven te gaan hangen en echt van een wat abstracter kader te voorzien van wat speelt er nou echt in dat vuildomein en hebben we niet gewoon extra inzet nodig? Daar zit ik nu middenin. Dus al uw vragen, emoties, roepen mij eigenlijk op om dat vooral ook stevig neer te zetten en met u te delen als ik dat rond heb. Dat ga ik natuurlijk ook doen. De vragen. Onderzoek naar peuken in restafval. Nou, in alle oprechtheid, dat ken ik niet, maar dan heb ik u waarschijnlijk verkeerd begrepen. Wat we wel hebben is inderdaad een peukencampagne in de Tarwewijk. Sterker nog: het Oude Noorden heeft mij daar ook toe opgeroepen, de wijkraad Oude Noorden. Sterker nog: ik wil verder gaan met die peukencampagne, omdat het ook een gedragsverandering in zich moet hebben. Je kunt het wel blijven opruimen, maar volgens mij is ook GroenLinks de partij die altijd gelooft in preventie. We moeten zo veel mogelijk van die peuken natuurlijk in een afvalbak hebben of in een vuilniszak hebben. Kennelijk moeten we mensen toch opvoeden dat het heel onverstandig is om die sigarettenpeuken maar op straat te gooien. Ja, het is niet anders. Het opruimen van sigarettenpeuken, is het meest intensieve werk wat onze reinigers hebben. En als we soms sommige straten zien, het lijkt of daar wel een tabaksfabriek staat.

Zo groot is het probleem in sommige wijken. De wijkraden roepen mij echt op om hier campagne op te voeren. U moet echt voor de grap eens met wijkraad Oude Noorden gaan praten, die daar mij continu op wijst en wat mij betreft ga ik die campagne, die we dus in Tarwewijk al hebben gedaan, ook wat verder uitrollen. Hoe staat het met de motie zwerfvuil repressiezone? Die zal raadsvergadering van 26 juni 2025

Notulen pagina

1211

ik na de zomer afdoen. Ik ga u wel al aangeven dat dat wel heel veel juridische beperkingen in zich heeft, maar dat zal ik u na de zomer laten weten. De VOORZITTER: Mevrouw Morkoç. Mevrouw MORKOÇ (gl): Voorzitter, het klopt helemaal dat wij het belangrijk vinden om preventief aan de slag te gaan en dat we het ook niet erg vinden als daar een campagne voor nodig is. Het gaat hier voor ons om de combinatie dat er een publiekscampagne is en een onderzoek, maar de wethouder geeft dan aan dat er geen onderzoek is naar de hoeveelheid peuken in het zwerfafval. Klopt dat dan? De heer LANSINK-BASTEMEIJER (wethouder): Ik ben er echt niet van bekend. Ik weet niet waar u dat gelezen heeft. Ik heb het nog even laten uitzoeken, maar ik ben er op dit moment niet van bekend. Maar als ik nog iets op mijn pad vind, zal ik daar nog eens even naar vragen en u daarover inlichten. Maar het is mij niet bekend, in ieder geval. Voelt de wethouder ervoor om ook in Rotterdam inzamelplekken te hebben voor statiegeldautomaten? Vandaag stond, volgens mij, in Rijnmond een uitgebreide rapportage over dat de miljoenste plastic fles is binnengehaald door een nieuwe inzamelfunctie met bulk in Keizerswaard. Overigens zijn er ook een aantal commerciële partijen, Eudokiaplein, weet ik zo even uit mijn hoofd, waar we dat gaan doen.

De minister heeft ook al wel aangegeven dat, dat zeg ik ook elke keer, het aantal innameplekken in Rotterdam wel stevig omhoog moet. Dat betekent, en dat blijf ik zeggen, dat is echt de verantwoordelijkheid ook van de mensen die dit soort van spullen aanbieden. Ik vind het onverantwoord en niet uit te leggen dat erbij bijvoorbeeld de Action en zo zijn er veel meer, er wel blikjes worden verkocht, wel plastic flesjes worden verkocht, maar dat die niet worden ingenomen. Dat vind ik eigenlijk niet de juiste manier. Dus u hebt wel de verantwoordelijkheid om het te verkopen, maar u neemt niet de verantwoordelijkheid, die er ook bij past, om te zorgen dat onze stad schoon blijft. Daar zit echt wel voor mij een principiële discussie. Maar omdat ik ook zie dat het zo ongelooflijk uit de klauwen loopt, zijn we met heel veel pilots bezig met betrekking tot het innemen van blikjes en plastic flesjes met statiegeld. De puinhoop en vieze bende op straat. Daar heb ik dus ook al aangegeven: we zijn nu midden in een wat breder plan om toch te kijken, wat hebben we nou extra nodig om daar nog substantieel in te verbeteren? Daarmee kom ik naar uw raad. Dus uw boodschap is mij meer dan helder binnengekomen. De CROW-scores blijven achter, vanuit D66 de vraag. De CROW-scores gaan in 2025 wel gestaag omhoog, kan ik u zeggen. We zetten in onze targetwijken echt alles op alles.

Toevallig was wethouder Simons laatst in de Tarwewijk en daar hebben de mensen ook echt wel aangegeven: het gaat echt substantieel beter nu met het opruimen aldaar, maar het betekent ook wel dat we daar heel massief inzetten. Daar is ongekende inzet van onze mensen nodig om het daar schoon te krijgen. Maar we zien er wel van resultaat, maar de vraag is wel, dan kom ik weer terug aan de meer meta-analyse: hoe lang kun je dat volhouden, die inzet, die massieve inzet? Dat is wel de vraag en het dilemma waar ik als bestuurder voor sta. Insprekers en bewoners geven aan dat ze de wethouder ook graag in de wijken zien. Ik zit zelfs in een werkgroep schoon bij het Oude Noorden. Zij komen ook bij mij op bezoek. Ik heb Het Schone Festival geopend, ik ben ook in Delfshaven daarvoor geweest. Als ze me uitnodigen of ik hoor iets, dan ben ik er. Ik voel me niet erg afstandelijk en ik ben bijzonder benaderbaar. Zou de wethouder nog iets kunnen bewerkstelligen, zodat de wijkraden SB beter kunnen vinden? De echte manier, zoals we dat zouden moeten doen, want ik vind niet dat we daar allerlei uitzonderingen moeten maken, is dat dat echt via de wijknetwerkers moet gebeuren. Die staan dan weer goed in contact met de SB.

Ik heb wel in een aantal wijkraden gezegd: als je nou het gevoel hebt dat dat niet goed loopt en je loopt tegen een systeemfalen aan, dan moet je echt mij erbij betrekken, want dan is het mijn pakkie-an. Maar in de basis moet het op de manier werken, zoals we dat met elkaar hebben afgesproken. Maar als ze echt tegen muren aanlopen, heb ik al in verschillende wijkraden aangegeven, want ik ben veel in de wijkraden, dan moeten ze me altijd bellen om te kijken of ik dat proces weer eventjes de goede richting op kan duwen. Is het inspreken van raadsvergadering van 26 juni 2025

Notulen pagina

1212

Zakkenvullers en Zwerfie nog van invloed geweest? Ik heb dat al aangegeven. Toevalligerwijs, voor het inspreken had ik nog met Zwerfie ook een bijzonder goed contact waarin we continu met elkaar uitwisselen: wat willen zij, wat kunnen wij, wat doen wij? Ik zie dat als een heel warm en collegiaal contact waar we elkaar ook hebben aangesproken op het feit, ik wil graag dat Zwerfie en anderen echt mijn weerstand zijn. Ik vind dat belangrijk. Je moet als bestuurder je eigen weerstand organiseren. Dus Zwerfie kwam na dat inspreken naar mij toe en zij zeiden van was ik niet te kritisch? Ik zeg: je kunt niet kritisch genoeg zijn, dat hebben we nodig in deze stad, bewoners die zich kritisch voorhouden ten opzichte van de gemeente. Daar heb ik me als bestuurder gewoon tegenover te verhouden. Dus wat mij betreft, verander ik niets aan mijn aanpak. Mijn deur staat altijd open, ik ben altijd bereid om naar mensen te gaan in de wijk en te luisteren hoe we het beter kunnen doen. Heeft de wethouder kennisgenomen van de lijst acties van Zwerfie en wat zijn de reacties daarop? Dat is volgens mij de lijst met allerlei moties die niet zijn omarmd. Die ken ik. Daar heb ik ook het goede gesprek over met Zwerfie en u weet ook hoe ik op bepaalde moties heb gereageerd. Volt dan, grote zakken, vastzittende containers.

Dat gesprek met supermarkten hebben we vooral in de tussenfase, want we zijn een heel nieuw design aan het maken voor de restafvalbakken. Dat betekent dus ook dat je op een andere manier je zak erin moet doen, van bovenaf. Daar zit zelfs een trappedaal op, want dat vonden mensen heel belangrijk, zodat je niet met je handen aan zo’n vies ding moet zitten. Nu hebben we de laatste testen gedaan en zijn het eigenlijk richting een aanbesteding voor een fabrikant. Dus komt uw kant op. Dan de moties. Even kijken. Nummer 1 is van GroenLinks en anderen over wateronderzoek naar schoner singelwater. Ik heb daar ook al een aantal schriftelijke vragen over beantwoord. Feitelijk, de waterkwaliteit is een verantwoordelijkheid van het hoogheemraadschap, van de waterschappen. Wij moeten natuurlijk wel gewoon de singel schoonhouden, maar de waterkwaliteit is echt iets van de waterschappen. Ik zou dit eigenlijk niet op 1 singel of waterstukje binnen Rotterdam willen richten, maar op het complete en ik weet dat u daar in een eerdere versie ook naartoe itereerde, maar het zijn eigenlijk toch wat overbodige moties die ik van u heb gekregen, omdat wij werken naar de Kaderrichtlijn Water. Dat is Europese wetgeving waarin er strenge eisen worden gesteld aan de waterkwaliteit en daar hebben wij ons gewoon tegenover te verhouden.

Daar zijn we nu ook samen met de Alliantie Waterkracht mee bezig om daar een programma voor op te stellen en einde van het jaar stuur ik u ter informatie de inspanningen met betrekking tot de waterkwaliteit in onze stad op. Dus in die zin vind ik hem echt overbodig. De VOORZITTER: U hebt nog een motie. U mag hem wat korter maken ook, wethouder, want u bent echt best lang aan het woord. Mevrouw Morkoç. Mevrouw MORKOÇ (gl): Voorzitter, ik vind het allesbehalve een overbodige motie, want in een half jaar zijn er 25 vogels overleden in 1 singel. Ik vraag specifiek aan de wethouder: de vogels zijn onderzocht, het is geen botulisme, het is geen vogelgriep. Wat is het dan wel? De wethouder wil wachten op misschien volgende beleidsstukken, maar ondertussen zullen er steeds meer vogels doodgaan. Ik denk dat het een goed idee zou zijn om eens te kijken naar het water en dat ook op een heel korte termijn, zodat er niet onnodig vogels hoeven te sterven daar. De VOORZITTER: De wethouder. De heer LANSINK-BASTEMEIJER (wethouder): Dat ben ik met u eens. Daarom dring ik daar ook op aan bij de waterschappen, dat doen we gewoon al, maar het is wel een verantwoordelijkheid van een waterschap om zich te verhouden ten opzichte van de waterkwaliteit. Laten we nou niet allerlei verantwoordelijkheden naar ons toe trekken die niet van ons zijn.

Dat hebben wij ook al wel eens in ons coalitieakkoord opgeschreven, volgens mij. Waarin we zeggen: als een andere overheid het laat liggen, dat wil niet zeggen dat wij daar weer inspringen. Dat zou ons ook heel veel geld kosten. Ieder zo zijn raadsvergadering van 26 juni 2025

Notulen pagina

1213

verantwoordelijkheid en dat ik daarop aandring bij de waterschappen, dat mag u van mij aannemen. Ik hoop dat u dat ook wil. Maar dat is wel de juiste lijn. In dit geval dringen wij daar dus ook op aan dat daar gewoon een onderzoek komt. Overigens, in dat gebied zijn er ook pijlpunten op chemische stoffen. Dus het is ook weer niet zo dat daar nooit wordt gecontroleerd. De VOORZITTER: Heel kort, mevrouw Bruin. Mevrouw BRUIN (lr): Ja, heel kort. We hebben een technische sessie gehad over de Kaderrichtlijn Water. Daar is de vraag gesteld. We kregen een plattegrondje en daar de stonden singels absoluut niet op. Dus ik vind het prima dat u met een onderzoek gaat komen, maar ik wil wel dat u toezegt aan mevrouw Morkoç dat u die singel van de Zakkenvullers, dat u die singel daar wel in meeneemt. De VOORZITTER: De wethouder. De heer LANSINK-BASTEMEIJER (wethouder): Daar vallen alle wateren in die we samen met onze waterschappen beheren. Ik heb u al aangegeven dat ik sowieso aan blijf dringen op de waterschappen dat de waterkwaliteit wordt onderzocht. Daarmee vind ik de motie overbodig. De VOORZITTER: Mijnheer Van Campenhout heeft ook nog een vraag. De heer VAN CAMPENHOUT (bij1): Dank u, voorzitter. U wilt een verhelderende vraag, u wilt misschien niet de waterkwaliteit controleren. Dat kan ik misschien snappen, omdat die verantwoordelijkheid elders ligt.

Maar kunt u misschien wel een onderzoek doen naar de oorzaak waarom juist daar zoveel vogels zijn gestorven? De heer LANSINK-BASTEMEIJER (wethouder): We doen daar al onderzoek naar kadavers. Dat hebben we onlangs ook gedaan en het bleek geen botulisme te zijn. Dat hebben we overigens ook met de wijk zo gedeeld, met ook mevrouw Van Wanrooij hebben we dat ook gedeeld. Het is geen botulisme. Wat we wel weten, is dat er in Nederland sprake is van mogelijkerwijze een parasiet bij zwanen, maar we weten nog niet of dat in dit geval nou het geval is. Maar het is dus een wat breder verhaal dan alleen maar Bloemhof, zo lijkt het. Daar ben ik ook geen deskundige in. Maar dat wij daar onderzoek naar hebben gedaan, we hebben de afgelopen vogels gewoon onderzocht. Bij botulisme moet dat overigens echt binnen een bepaalde tijd, want na een bepaalde vergaanstaat, zeg maar, van een zwaan, kun je dat niet meer uit zo’n kadaver halen. We waren nu een paar keer op tijd om dat vast te stellen en dat was geen botulisme. We zijn natuurlijk ook zelf heel erg benieuwd waar de oorzaak ligt, maar vooralsnog is het een groot vraagstuk. Stadspoetsers niet nog viezer, kan ik omarmen. De VOORZITTER: Hartelijk dank. Zijn er nog vragen, opmerkingen, nabranders? Dat is niet het geval. Dan heb ik 2 toezeggingen gehoord.

De wethouder heeft toegezegd dat de pilot peukencampagne uit de Tarwewijk verder uitgerold wordt in de stad. De wethouder zet zich in om het schoonniveau verder omhoog te krijgen via een aanvullende financiering en hij koppelt de uitkomst hiervan terug aan de raad. Ja, eens? Dan zijn we hiermee aan het eind gekomen van agendapunt 8.3. Dan gaan wij schorsen voor de lunchpauze. Let u even op de volgorde, als u nog even aandacht heeft, want we beginnen zo meteen met het initiatiefvoorstel van mevrouw Reitema. Daarna gaan we naar agendapunt 7.1, want wethouder Zeegers is weer binnen en dan vervolgen we met 8.4. Mevrouw VERKOELEN (50plus): Dat was overigens de wethouders ook duidelijk geweest als ze vanmorgen gezeten hadden, want hadden ze de agenda meegekregen.

raadsvergadering van 26 juni 2025

Notulen pagina

1214

De VOORZITTER: Zullen we 13:45 doen, dan zijn we eerder klaar. Mevrouw VERKOELEN (50plus): Graag. Toch geen uur? De VOORZITTER: We schorsen tot 13:45. (De vergadering is geschorst.)

raadsvergadering van 26 juni 2025

Notulen pagina

1215

raadsvergadering van 26 juni 2025

Notulen pagina

1216

Notulen raadsvergadering Notulen van de raadsvergadering van 26 juni 2025 Notulen van de raadsvergadering van 26 juni 2025 (middagzitting) Voor de agenda wordt verwezen naar volgnummer 10 Voorzitter: mevrouw drs. C.J. Schouten, met dien verstande dat het voorzitterschap van 16.15 uur tot 16.56 uur is waargenomen door mevrouw A. Kockelkoren en van 16:56 uur tot 17:04 uur door de heer De Waard Voor de presentielijst van deze vergadering wordt verwezen naar de ochtendzitting van deze vergadering Namens het college zijn tegenwoordig: mevrouw C.M. Zeegers, de heer R.A.C.J. Simons, de heer P.J.P. Lansink-Bastemeijer Griffier: mevrouw I.C.M. Broeders Heropening 1.4

Mededelingen

Initiatiefvoorstel Reitema ea over Rotterdam strijdt samen tegen femicide De VOORZITTER: Ik heropen de vergadering. Aan de orde is het initiatiefvoorstel van mevrouw Reitema en anderen, zeg ik er ook eventjes bij. We hebben gezegd dat die na de lunch komt, zodat alle indieners erbij kunnen zijn. Dus ik geef als eerste het woord aan mevrouw Reitema. Mevrouw REITEMA (pvda): Voorzitter, 1 op de 8 dagen, 1 op de 8 dagen wordt in Nederland een vrouw vermoord door haar partner of ex-partner en dat beestje noemen wij bij de naam: femicide. Vrouwenmoord. Het doden van een vrouw vanwege geslacht, vaak in de context van een intieme relatie, het is de meest voorspelbare vorm van moord. Rotterdam is koploper als het gaat om het aantal gevallen van femicide in Nederland. De signalen zijn er vaak al, de red flags, maar die worden niet of te laat gesignaleerd. Als stad mogen we niet accepteren dat vrouwen vermoord worden, terwijl er eerder kansen waren om in te grijpen. Tegelijkertijd weten we ook: er gebeurt al heel veel in Rotterdam. Het OM heeft hier een speciale officier van justitie voor vrijgemaakt en we hebben Filomena in onze stad en we zien dat er gewoon aandacht voor is.

Maar is dit genoeg of kunnen we toch meer doen om deze meest voorspelbare moord te voorkomen? Wij staan hier als groep raadsleden, van links tot rechts, van coalitie tot oppositie, van zorgwoordvoerders tot veiligheidswoordvoerders, partijoverstijgend en wij zeggen: ja, we kunnen meer doen. Anderhalf jaar geleden richtte ik deze werkgroep op en al snel werd de groep gevuld met enthousiaste kameraden die samen de schouders hieronder wilden zetten. Erik Verweij van de VVD, die ook medekartrekker is van deze werkgroep, Mina Morkoç van GroenLinks, Caroline Aafjes-van Aalst van Leefbaar Rotterdam, Elika Rehim Zadeh van DENK, Imane Elfilali van Volt, opgevolgd door Luuc Dekkers en Ingrid van Wifferen van D66. Samen hebben we dus flink de schouders eronder gezet en in anderhalf jaar hebben wij de aanpak femicide in Rotterdam onder de loep genomen. We hebben werkbezoeken afgelegd, aandacht gevraagd voor activiteiten en die ook bezocht. We hebben ook een technische sessie georganiseerd en eigenlijk nog veel meer. raadsvergadering van 26 juni 2025

Notulen pagina

1217

Maar we hebben ook gekeken dus: wat ligt er al wel en deze initiatiefnota is het slotstuk waarin wij onze bevindingen delen en concrete aanbevelingen doen. We hebben ook ontzettend veel hulp gehad van de griffie en van onze fractieondersteuners, daarvoor veel dank. Want wat een werk is er verzet en wat een prachtig resultaat en vormgeving. Dank je wel, Stella. De cijfers liegen niet en ook achter elk cijfer schuilt een leven: een vrouw, een moeder, een dochter en vriendin, vaak met kinderen, families en een netwerk dat voor altijd getekend achterblijft. De maatschappelijke impact is groot en rijkt veel verder dan het individuele drama. Femicide is niet alleen een vrouwenprobleem, het is een probleem van ons allemaal en wij willen de urgentie van het probleem breed maatschappelijk en politiek agenderen, het bewustzijn over de signalen en de dynamieken van partnergeweld vergroten en structurele stappen zetten om vrouwenlevens te beschermen. Dat vraagt om een omslag in denken en doen, van reactief handelen naar vroegtijdige preventie, van zwijgen naar signaleren en vooral van individuele verantwoordelijkheid naar collectieve actie. Wij als raadsleden, met deze werkgroep, doen die stap naar voren en strijden samen tegen femicide. De heer VERWEIJ (vvd): Dank u wel, voorzitter. Ik zal het kort houden.

Ik ben blij en dankbaar dat collega Sarah Reitema het initiatief heeft genomen voor deze werkgroep. Ik ben ook trots op het resultaat dat wij als werkgroep hebben neergezet. Voor mij heeft het jaar 2018 een blijvende impact gehad, want dat was het jaar waarin maar liefst drie vrouwen in vrij korte tijd om het leven zijn gekomen: Humeyra, Bianca en Sarah. In datzelfde jaar is niet ver van mijn huis vandaan een vrouw op beestachtige wijze verkracht en heeft ze dat maar net aan kunnen overleven, in de Kralinger Esch. Dat jaar is voor mij dan ook het jaar dat de ogen zijn geopend voor de omvang en de urgentie van het probleem van geweld tegen vrouwen en hoe belangrijk het ook is dat iedereen de schouders eronder zet om hier een eind aan te maken. Ik vind dan ook dat ongeveer de helft van de samenleving, de mannelijke helft, zich actiever zou moeten inzetten om dit probleem aan te pakken. Het is niet voldoende dat de meeste mannen wel grenzen respecteren, het is voldoende als ook alle mannen of de meeste mannen zich in gaan zetten, actief, om geweld tegen vrouwen de kop in te drukken. De belangrijkste taak van de overheid is in mijn ogen om mensen te beschermen, om mensen veilig te houden.

Als wij er als overheid niet in slagen om de meest voorspelbare moord tegen te gaan, wat zijn we dan als overheid in vredesnaam aan het doen? Deze werkgroep was dan ook een mooie start, voorzitter, maar absoluut niet het einde. Het is mijn vurige wens dat dit voorstel een startschot is, een aanloop naar een effectievere en ambitieuzere aanpak van geweld tegen vrouwen. Dank u wel. Mevrouw MORKOÇ (gl): Dank, Sarah en Erik, voor het trekken van deze werkgroep. Voorzitter, de Rotterdamse gemeenteraad laat vandaag zien waartoe we in staat zijn wanneer partijpolitiek overstegen wordt. Het is niet de eerste keer dat we als raad de handen ineenslaan voor het aankaarten van de kwetsbare positie van de vrouw. Op initiatief van deze raad vieren we sinds 2 jaar Internationale Vrouwendag op het stadhuis. We agenderen straatintimidatie, we maken ons sterk voor een veilige buitenruimte voor de vrouw. We praten over veilig uitgaan en nog veel meer. We weten dat al deze maatregelen hard nodig zijn, want we weten dat vrouwenrechten niet vanzelfsprekend zijn en zolang dat zo is, moeten we ze blijven bevechten. Dus nu zetten we als werkgroep, bestaande uit verschillende partijen, opnieuw een stap. Met dit voorstel spreken we uit: we willen voorkomen in plaats van rouwen.

Het had je moeder kunnen zijn, je zus, je vriendin, je buurvrouw, je collega, je mede Rotterdammer, zoals Humeyra was voor ons allemaal. Geweld tegen vrouwen, vrouwenmoord, raakt ons allemaal. Met dit initiatiefvoorstel zeggen wij: het is tijd om vooruit te gaan. We willen het bewustzijn vergroten, slachtoffers voorkomen en potentiële daders, vaak mannen, eerder tegenhouden. Laten we samen het signaal afgeven dat Rotterdam geen voorbeeldstad wil zijn in femicide, maar juist in het beschermen van vrouwen. Dank u wel.

raadsvergadering van 26 juni 2025

Notulen pagina

1218

Mevrouw AAFJES-VAN AALST (lr): Het enige positieve wat we over femicide en huiselijk geweld kunnen zeggen, is dat deze hardnekkige problematiek de afgelopen jaren maatschappelijk en politiek enorm veel aandacht heeft gekregen. Dat is hard nodig, sterk nog: het is belangrijk dat deze aandacht geen vlaag of trend is, maar dat we deze vasthouden. Daarom ben ik blij met dit initiatiefvoorstel waarbij politieke partijen van allerlei kleuren de handen ineen hebben geslagen. We hebben een vuist gemaakt tegen dit hardnekkige probleem. Niet om dan te bedenken dat we het Ei van Columbus hebben gevonden, niet omdat het rijk geen aandacht heeft voor dit probleem en niet omdat dit college geen aandacht heeft voor femicide en huiselijk geweld, integendeel, we dienen dit in omdat we kansen zien en deze kansen moeten gegrepen worden. We zien kansen in het nog beter onder de aandacht brengen van de rode vlaggen die tot femicide kunnen leiden. Het nog voortvarender samenwerken van gemeenten, hulporganisaties en politie, het hebben van aandacht voor plegers. Het kan allemaal van levensbelang zijn. Dat er veel aandacht voor femicide is, is goed. Tegelijkertijd volgen ontwikkelingen elkaar snel op en is er nog niet altijd precedent voor zaken.

Daarom wil ik in lijn met dit initiatiefvoorstel de burgemeester, het college, op het hart drukken echt de randen op te zoeken wat het bestrijden van het huiselijk geweld betreft en niet terugdeinzen voor eventuele reprimandes van de rechtspraak. De heer DEKKERS (volt): Femicide is geen tragisch toeval. Het is vaak het eindpunt van een patroon van structureel geweld tegen vrouwen, vaak aangekondigd en vaak genegeerd. Voor Volt is het volkomen helder: dit is geen puur zorgvraagstuk, maar een veiligheidsissue waarbij moet worden ingezet op vroegsignalering en samenwerking tussen instanties. In vele landen als Frankrijk en Turkije zien we na femicide regelmatig massale protesten. Eind vorig jaar gingen in Italië zelfs meer dan 100.000 mensen de straat op, dat nadat Giulia met meer dan 60 messteken door haar ex-vriend was vermoord. Hier in Nederland blijft het nog te vaak stil, ook na schrijnende gevallen. Daarom is het goed dat wij vandaag die stilte doorbreken en ons wederom uitspreken, want in Nederland worden meer dan 40 vrouwen per jaar vermoord vanwege hun geslacht door hun partner, ex-partner of naaste familie. Door te erkennen, zolang vrouwen zich niet veilig voelen en niet veilig zijn, is niemand echt vrij. Mevrouw VAN WIFFEREN (d66): Femicide is een heel hardnekkig probleem en ook met deze initiatiefnota gaan we het niet in één keer oplossen.

Maar het is ook een, wat eerder al gezegd wordt, het is ook een voorspelbare moord en we moeten ervoor zorgen dat mensen niet denken dat ze kunnen beschikken over het leven van vrouwen en dat we het blijven benoemen als femicide, maar dat we ook de risico's goed in beeld hebben. Bijvoorbeeld als vrouwen het gevoel hebben dat ze niet weg kunnen uit een relatie doordat ze bijvoorbeeld financieel afhankelijk zijn, of door kinderen, of door hun werk, of noem maar op. Het is daarom heel belangrijk dat we hier aandacht voor blijven vragen. Ik wil zeker Sarah Reitema bedanken voor het trekken van deze groep en ik hoop dat we toch met dit initiatiefvoorstel bij kunnen dragen aan een stukje meer veiligheid voor vrouwen. De VOORZITTER: Hartelijk dank ook voor het initiatiefvoorstel Rotterdam strijdt samen tegen femicide. U weet hoezeer het onderwerp mij ook aan het hart gaat. Ook dank voor dit initiatiefvoorstel. Ik ga het zeker met heel veel nadruk onder de aandacht brengen van het college en ook om een advies vragen. We geleiden het initiatiefvoorstel Rotterdam strijdt samen tegen femicide door naar de commissie ZWCS.

Ik wil toch ook nog even zeggen: wij zijn hier best vaak verdeeld in dit huis, maar dit is, vind ik, politiek op zijn best: als er een onderwerp is wat ons allemaal aangaat, dat we dan ook al onze verschillen even opzij leggen en dan gewoon met elkaar de schouders eronder zetten. Laat dat een voorbeeld zijn voor heel veel andere onderwerpen. Veel dank.

raadsvergadering van 26 juni 2025

Notulen pagina

1219

7.1

Woonruimtebemiddeling en woningvoorraad

De VOORZITTER: Dan gaan wij door met de agenda. Ik moet zelf even bladeren. Agendapunt 7.1, woonruimte bemiddeling en woningvoorraad. Dat is de initiatiefnotitie van mevrouw Bruin: Rotterdammers eerst bij een sociale huurwoning, het voorstel tot vaststelling van de verordening woonruimtebemiddeling regio Rotterdam 2025 en het voorstel tot vaststelling van de verordening samenstelling woningvoorraad 2025. Haar naam werd al even genoemd: mevrouw Bruin staat al klaar. U hebt het woord. Mevrouw BRUIN (lr): Voorzitter. Eerst mijn complimenten aan Robert Simons voor het initiatiefvoorstel Rotterdammers eerst bij sociale huurwoningen. De heer Simons voelde toen, jaren geleden al, haarfijn aan dat dit nodig was en dat het goed zou landen, want inmiddels is het voorstel uitgevoerd en staat het vandaag niet meer als een voorstel, maar als een nota op de agenda. De titel zegt het al: wij willen Rotterdammers eerst. Wij wilden die grote wens van Rotterdamse woningzoekenden om zoveel mogelijk in hun eigen omgeving te blijven, in uitvoering brengen. Dat die wens groot is, bleek ook uit de reacties van onder andere de wijkraden Feijenoord en Bloemhof. Zij gaven aan: binding met de wijk is belangrijk om de sociale cohesie, het gemeenschapsgevoel te versterken.

Leefbaar maakte zich ook nog eens zorgen om onze senioren, die noodgedwongen, door medische of andere redenen, ver weg uit hun vertrouwde omgeving moesten verhuizen. Hun persoonlijke situaties, de regels, de procedures en de schaarste in woningen, maakten het voor deze groep moeilijker in plaats van makkelijker om in hun wijk te blijven. Inmiddels lijkt tot onze vreugde ook die wens grotendeels in uitvoering te zijn. Dank. Voorzitter, dan nu de verordening woonruimtebemiddeling. Voor ik begin aan mijn vragen, wil ik één ding zeggen: woonruimtebemiddeling lost de schaarste niet op, het is slechts een instrument om het beschikbare aanbod te verdelen. De echte oplossing tegen schaarste is simpelweg meer woningen creëren. Het participatieproces. Het proces om input te leveren verliep via het Samenwerkingsverband Wonen regio Rotterdam, waarin tegenwoordig 13 gemeentes, Ridderkerk is eruit, gezamenlijk afspraken maken over de verdeling van sociale woningen, het zogenaamde regioakkoord. We hebben allemaal die uitnodigingen gehad. Zo zijn er in januari bijeenkomsten geweest waar alleen Leefbaar Rotterdam, voor zover ik weet, aanwezig was en uit al die andere gemeentes waren anderen aanwezig. Dus ik heb ook in de commissie de vraag gesteld aan de raad: paste het niet in jullie agenda’s? Waar waren jullie? Het is een gemiste kans.

Het was een moment geweest om al invloed te hebben en om ook andere ideeën op te halen. Een ander onderwerp. Voorrang statushouders. In het begeleidend schrijven wordt aangegeven dat de verordening wordt aangepast zodra er een verbod komt op de voorrang van statushouders. Het kabinet heeft recent aangekondigd om met een verbod te komen op de voorrang van statushouders. Wat ons betreft is dat verbod een goede zaak. Het is onverklaarbaar dat een Rotterdammer die al tientallen jaren in deze stad woont met zijn partner, jarenlang moet wachten op een huis, terwijl een gevluchte, alleenstaande man die al een x-aantal landen, veilige landen, heeft doorkruist, voorrang krijgt op die Rotterdamse woningzoekende. Wat ons betreft moeten wij, de politiek, onze steun uitspreken aan dit voornemen en aan het feit dat deze wet er gaat komen. Dan laten wij zien dat wij klaarstaan voor onze inwoners en de juiste politieke keuze maken. Voorzitter, het huisvesten van statushouders en de voorrang die wij gaan geven op die groep, staat los van elkaar. We moeten schaarste verdelen op de manier waarop dat nu ook te verantwoorden is.

Daarom dienen wij samen met Forum voor Democratie en mevrouw Verkoelen een motie in waarin wij de raad het volgende vragen: steun uit te spreken aan het wetsvoorstel om een einde te maken aan die voorrangspositie van statushouders, 2, uit te spreken dat het wetsvoorstel zo snel mogelijk van kracht moet worden, 3, uit te spreken dat die wettelijke taakstellingen voor gemeentes ten aanzien van het huisvesten van statushouders zo snel mogelijk geschrapt gaat worden. De VOORZITTER: Mevrouw Vogelaar.

raadsvergadering van 26 juni 2025

Notulen pagina

1220

Mevrouw VOGELAAR (pvda): Voorzitter, het zal u niet verbazen dat wij vanuit de PvdAfractie en ik vermoed ook meerdere partijen hier in de raad, ons niet kunnen vinden in de politieke uitspraken van mevrouw Bruin. Zij mag dat natuurlijk doen vanuit haar partij en haar ideologie, maar ik wil ook het tegengeluid laten horen dat juist die schaarste op de woningmarkt ook statushouders raakt, dat die hele asielketen verstopt zit en dat het afschaffen van voorrang van statushouders niet helpt. De VOORZITTER: De heer De Haan. De heer DE HAAN (d66): Dank u wel, voorzitter. Dank ook, mevrouw Vogelaar, voor deze aftrap hierop. Het zal u niet verbazen dat ook D66 hier ernstig tegen is. Het leidt ook ernstig de aandacht af waar het probleem daadwerkelijk zit: dat is een tekort op de woningvoorraad. Het doet voorkomen alsof Rotterdam wordt overspoeld door statushouders die de woningen wegkapen van Rotterdammers. Dat is onzin. Ik denk dat het belangrijk is dat we met elkaar omkijken ook naar verschillende kwetsbare groepen en als we hieraan gaan schaven, wat is dan de volgende groep die we die we uit moeten sluiten van de urgentie? Zijn het dan senioren, zijn het dan jongeren? Een tweede punt wat ik ook een wat premature vind: u geeft natuurlijk ook terecht aan dat het een voorstel is wat nu in de Kamer zit.

Het zal u niet verbaasd hebben dat het kabinet nu is gevallen, dat dit kabinet een demissionaire status heeft. Het voorstel ligt slechts bij de Raad van State. In afwachting daarvan: ik denk dat het verstandig is, in deze misschien wat politiek turbulente tijden, om wellicht even te wachten tot er een nieuw kabinet is en daar uiteindelijk een uitspraak voor te wachten, in plaats van nu al prematuur in deze demissionaire status daarop te gaan duwen. De VOORZITTER: De heer Dekkers. De heer DEKKERS (volt): Voorzitter, dank u wel. Ik heb wel een vraag aan mevrouw De Bruin, want als we kijken naar de stukken van het college dan zien we dat we percentages toekennen aan verschillende groepen. Dus 45 procent zetten we in voor regulier woningzoekenden, 25 procent gaat naar kwetsbare Rotterdammers en 30 procent gaat naar de overige urgenten. Hier vallen ook de statushouders onder. Ik denk dat het mooie percentages zijn en mijn vraag voor mevrouw De Bruin is eigenlijk: die 30 procent, wilt u daaraan tornen of zegt u: nee, dat is gewoon een goed percentage voor de overige urgenten, inclusief de statushouders? De VOORZITTER: Dat was een vraag. Dus ik kijk even naar mevrouw Bruin of ze die kan beantwoorden. Mevrouw BRUIN (lr): Aan die percentages willen wij niet tornen, maar wij zijn voor het verbod voorrang statushouders en mijn naam is Bruin en niet De Bruin.

De VOORZITTER: Mijnheer Van Campenhout. De heer VAN CAMPENHOUT (bij1): Ik kan me aansluiten bij de vorige sprekers dat wij ons daar natuurlijk niet onder kunnen vinden. Wij vinden dat hier vluchtelingen of mensen met een status onterecht geframed worden. Dus mocht de motie zich voordoen, dan zullen wij natuurlijk niet meestemmen. De VOORZITTER: De heer Dahoe. De heer DAHOE (denk): Dank u wel, voorzitter. Het zal u niet verbazen dat ik mij hier ook niet in kan vinden en me grotendeels aansluit bij wat er al gezegd is. Mijn vraag is: wat voegt deze spreekt-uit motie nou eigenlijk toe?

raadsvergadering van 26 juni 2025

Notulen pagina

1221

De VOORZITTER: Wilt u daar gelijk een antwoord of is dat een retorische vraag? Dat meen ik serieus, die vraag. U wilt een antwoord. Mevrouw Bruin. Mevrouw BRUIN (lr): DENK vraagt mij waarom wij een verbod willen op voorrang statushouders. Dat is puur omdat er heel veel Rotterdammers zijn die nu in de wacht staan op huurwoningen. Afgelopen jaren ben ik bij heel veel mensen thuis geweest, ook onder andere in Vreewijk, meen ik mij te herinneren dat daar een huis staat waar 3 generaties Rotterdammers al jarenlang wonen, een moeder, haar dochter, haar kleinkinderen, die niet door kunnen stromen. En u kiest er dus voor om die mensen dus nog langer te laten wachten? Dat is wat ik wat ik hoor. De VOORZITTER: Mevrouw Kockelkoren. Mevrouw KOCKELKOREN (gl): Voorzitter, wat ik hoor en wat veel Rotterdammers horen, is dat we te weinig betaalbare woningen hebben. Wat Leefbaar Rotterdam doet is daarvoor de schuld leggen bij een groep mensen die daar niets aan kan doen. Wie daar wel wat aan kan doen, is Leefbaar Rotterdam door meer sociale betaalbare woningen te bouwen. En wat gebeurt er de afgelopen tijd? Te weinig op dat vlak. Daar hebben we bij de woonvisie, 2 jaar geleden, al een stevig debat over gehad waarin wij aangaven: geacht college, jullie maken gewoon te weinig betaalbare woningen, gezien de doelgroep die daar aanspraak op wil maken.

Nu draait u het om en zegt u van nou, dan moeten we maar wat minder van die doelgroepen hebben. Ik vind het echt de omgekeerde wereld en ik vind dat de schuld neerleggen bij kwetsbare Rotterdammers die wij gewoon hier een plek moeten bieden. Ik spreek daar ook Leefbaar Rotterdam op aan: ga gewoon wat doen aan het realiseren van meer betaalbare woningen. Wat doet u daar nou aan? De VOORZITTER: Mijnheer Verweij. De heer VERWEIJ (vvd): Voorzitter, mevrouw Bruin heeft het niet gehad over de schuld ergens neerleggen. Het is, denk ik, belangrijk om dat scherp te hebben. Mevrouw Bruin stelt vast: als er statushouders voorrang krijgen op een sociale huurwoning, dan gaat een ander gezin op achterstand komen te staan. In die zin een onterecht frame, geen sprake van is. Dat is gewoon een feitelijke vaststelling. Het idee dat je, zodra je ergens tegen een voorrangsregeling bent, dat je iemand de schuld geeft, dat je iemand er dan van verwijt dat hij de oorzaak is van. Geen sprake van, dat heeft mevrouw Bruin ook niet gezegd. De VOORZITTER: Misschien dat mevrouw Bruin zelf ook nog wil reageren, want de vraag was eigenlijk aan Leefbaar gericht. Wil mevrouw Bruin nog reageren? Mevrouw BRUIN (lr): Volgens mij stelden zij een vraag over de bouwproductie, het achterblijven met bouwen en volgens mij staat mijn woordvoerder bouwen al klaar om daar op te interrumperen.

Dus ere wie ere toekomt, uiteindelijk. De VOORZITTER: Ik ben het nu kwijt, want u bent degene die namens Leefbaar het woord voert. Mevrouw BRUIN (lr): Nee, ik ben de woordvoerder wonen en ook op een woonverordening, en dat gaat over wonen, maar als het gaat over bouwproducties. De VOORZITTER: Dit is echt hogere wiskunde voor mij. Mevrouw Kockelkoren wil hier wellicht nog op reageren. Mevrouw KOCKELKOREN (gl): Kijk, voorzitter, het gaat erom dat hier nu het voorstel wordt gedaan om de voorrangsregel aan te passen en een bepaalde groep uit te sluiten daarvan. raadsvergadering van 26 juni 2025

Notulen pagina

1222

Terwijl, uiteindelijk ga je dit probleem van tekorten aan betaalbare huisvesting, waar heel veel groepen in dezelfde woningen willen, niet oplossen door bepaalde groepen te zeggen van jij krijgt geen voorrang meer, je gaat het alleen maar oplossen door de taart groter te maken. Dus dat is ook mijn antwoord op de heer Verweij. Er wordt wel degelijk gezegd, want daardoor kan iemand anders geen woning vinden. Het is niet daardoor, je moet gewoon zorgen dat je voldoende betaalbare woningen maakt. Mijn pleidooi ging bij de woonvisie niet over de afspraak die is gemaakt en dat die niet worden ingevuld. In mijn beleving was de afspraak en het doel al veel te laag voor al die mensen die in Rotterdam naar een betaalbare woning aan het zoeken zijn. De VOORZITTER: Ik geef toch even het woord aan de heer Verhoef en dan ga ik naar de heer Segers-Hoogendoorn. De heer VERHOEF (lr): Dank u wel, voorzitter. Ja, wat is genoeg dan, vraag ik aan mevrouw Kockelkoren, via de voorzitter, want in ons coalitieakkoord staat gewoon 65 procent betaalbare woningen. Hoeveel wilt u er dan? 100 procent? U weet zelf dat dat ook geen mogelijkheid is. De VOORZITTER: Mevrouw Kockelkoren. Mevrouw KOCKELKOREN (gl): U begon deze periode met 20 procent sociaal, dat is nu aan het einde van de rit opgeplust naar 25 procent sociaal, terwijl een veelvoud daarvan behoefte heeft aan een sociale woning.

Niet voor niets zijn de wachttijden gigantisch. Niet voor niets zitten er mensen, met name tussen de 20 en de 30 jaar, klem zonder een woning. De VOORZITTER: Mijnheer Verhoef. De heer VERHOEF (lr): De grootste oorzaak daarvoor is het gebrek aan doorstroming. Dus u kunt wel 40 procent sociale huur neer willen gaan zetten, maar die grote groep, die middenhuur, daar is natuurlijk ook behoefte aan, want dan kunnen die sociale stijgers gewoon doorstromen en dan komen die sociale woningen vrij. De VOORZITTER: De heer Segers-Hoogendoorn. De heer SEGERS-HOOGENDOORN (cda): Voorzitter, dank. We hebben in onze Nederlandse taal een woord voor het debat, eigenlijk, wat Leefbaar Rotterdam nu aanzwengelt, gesteund door de VVD, net bij monde van de heer Verweij, en dat heet zondebokpolitiek. Dat is echt wat dit is, in de puurste vorm. Het is echt wat het is, want het debat wat gevoerd zou moeten worden, is het debat wat de heer Dekkers terecht aanwijst. Hij zegt: we hebben meerdere percentages voor verschillende groepen met kansen op de woningmarkt en daar moet je het dan met elkaar over hebben. Wat hier gebeurt, is: er wordt 1 groep en dat is ook nog eens een tamelijk kwetsbare groep, vaak ook een groep, letterlijk, zonder stem, die hier uitgelicht wordt. Dat is echt de puurste vorm van zondebokpolitiek.

Het zou fijn zijn als we gewoon het debat zouden kunnen voeren en daar kunnen we wel een serieus verhaal over hebben met elkaar. Daar zijn ook verschillen van meningen over, over die percentages. Dus de vraag van de heer Dekkers is, wat mij betreft, tot nu toe, qua interrupties, de enige terechte vraag die hier in het midden ligt. Niet er 1 doelgroep uitlichten en die de schuld van alles geven. Want dat is ook wat je doet met al die mensen, al die Rotterdammers waar u het over hebt die nu wachten op een huis. U zet daar 1 persoon, 1 doelgroep tegenover en daar komt het door en u weet zelf dat dat niet de waarheid is. De VOORZITTER: Wilt u daarop reageren, mevrouw Bruin?

raadsvergadering van 26 juni 2025

Notulen pagina

1223

Mevrouw BRUIN (lr): Daar wil ik wel op reageren, want ik draai hem om. De heer SegersHoogendoorn maakt een zondebok van een heel andere grote groep Rotterdammers die ik net noemde en over kwetsbaarheid en weerbaarheid gesproken, die groep waar we het over hebben, waar wij dat voorrang van weg willen halen, zo kwetsbaar en weerbaar zijn ze ook weer niet. Zij doorkruisen allerlei landen, alleen, komen hier aan. Dus aan u de vraag: hoe kwetsbaar is die groep? Ik vind ze krachtig, hoor. De VOORZITTER: Mijnheer Segers-Hoogendoorn. De heer SEGERS-HOOGENDOORN (cda): Voorzitter, hier wordt eens te meer duidelijk dat als het hier in de raad gaat over vluchtelingen, asielzoekers, statushouders, dat iedereen alles altijd op 1 hoop gehoord. Ook mevrouw Bruin weet weer niet waar ze het over heeft. Als iemand een status krijgt in dit land, dan zeggen wij tegen die persoon: u bent terecht gevlucht, meestal voor vervolging in het land waar u vandaan komt. Dat is wat deze mensen zijn. Daarom krijgen ze een status en daarom zeggen wij in dit fatsoenlijke land, volgens mij: daarom krijgt u ook een plek op de woningmarkt. Dus mevrouw Bruin weet niet waar ze het over heeft, voorzitter, en nogmaals, ik zou willen zeggen: het feit dat u het omdraait, betekent dat u mijn hele verhaal niet begrepen hebt. Dit debat gaat uiteindelijk over die percentages. Daar moeten we het met elkaar over hebben.

Percentages in de bouw en ook percentages van verschillende groepen die een plek krijgen op de woningmarkt. Zolang u er 1 groep uithaalt en dat steeds centraal zet in uw betoog, bent u bezig met zondebokpolitiek. Daarom zeg ik: dat woord is precies wat het is. De VOORZITTER: Mevrouw Bruin. Mevrouw BRUIN (lr): Daar wil ik op reageren, want de heer Segers-Hoogendoorn luistert en hoort niet wat ik zeg. Ik heb het niet over de status van statushouders, daar hebben we het niet over. Daar hebt u het over. Ik heb het over de kwetsbaarheid en de weerbaarheid van deze groep en daar hoor ik u nu over. De VOORZITTER: Echt de laatste keer, want ik heb niet helemaal de indruk dat jullie hieruit gaan komen. Maar u mag daar nog een keer op reageren en dan ga ik door met de heer De Haan. De heer SEGERS-HOOGENDOORN (cda): Laatste keer, ik heb het al gezegd: als je een status krijgt, dan zeggen wij dus: u bent terecht gevlucht voor vervolging in het land waar u vandaan komt. Dat is waarom ze kwetsbaar zijn. U zou toch ook niet willen vluchten als u hier vervolgd werd? De VOORZITTER: Ik ga maar door met de heer De Haan. De heer DE HAAN (d66): Dank u wel. Toch nog een vraag ook aan de heer Verweij, die zei: er wordt geen schuldige aangewezen. Ik zeg u daarbij: door het licht op de statushouder te richten, wordt wel degelijk gesuggereerd waar het probleem zit.

Daarbij de vraag aan u: dat is de eerste groep. De schaarste zal daarmee niet verdwijnen, die zal blijven. Wie is voor u dan de volgende groep waaraan gezaagd moet worden, aan de groep van urgenten die geen toegang meer zou moeten krijgen tot die woningen? De heer VERWEIJ (vvd): Voorzitter, ik begin met een puntje van orde. Dat is een interruptie, dus dan krijg ik eventjes iets meer tijd om te reageren, toch of niet? De VOORZITTER: U krijgt nu 30 seconden om te reageren op de vraag van de heer De Haan.

raadsvergadering van 26 juni 2025

Notulen pagina

1224

De heer VERWEIJ (vvd): Ik draai de vraag om, voorzitter. Iedere keer als ik zeg van joh, het is niet wijs om deze specifieke groep voorrang te geven, want je zet er mensen mee op achterstand, dan is het verwijt: je bent een zondebok aan het bedrijven, je wijst die groep aan, je bent mensen tegen elkaar uit aan het spelen, krijg ik van mevrouw Kockelkoren te horen. Het punt is: als je mensen voorrang geeft, zet je andere mensen op achterstand. Zodra linkse partijen als het CDA, maar ook andere linkse partijen dat gaan begrijpen en daar eerlijk over zijn, dan kunnen we een redelijke discussie hebben. Zolang we blijven hangen in ach, die mensen zijn zwak, geef ze toch voorrang, daar zit geen nadeel aan vast, dan kunnen we geen eerlijke discussie hebben. De VOORZITTER: Ik ga even proberen wat orde in dit debat te krijgen. Want de heer De Haan stelt een vraag aan de heer Verweij en de heer Verweij gaat reageren richting de heer Segers-Hoogendoorn. Ik zou willen voorstellen dat de heer Verweij antwoordt op de vraag van de heer De Haan. Mevrouw VERKOELEN (50plus): Een punt van orde. Voorzitter, dan moet u eerlijk zijn, dan had u na het CDA de heer Verweij het woord moeten geven, want het CDA sprak de heer Verweij namelijk aan en toen ging u door naar Leefbaar. Dat is waarom de heer Verweij nu interrumpeert daarop.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=RotterdamRaad&id=b5252f83-d604-4563-b39d-998888ba69b2