CConstaterende datRotterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

20250626- Notulen van de raadsvergadering van 26 juni 2025

Gemeenteraad 15 juli 2025, gemeente RotterdamBij agendapunt: Vaststelling van de notulen van de openbare raadsvergaderingen van:60.072 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 4 van 6

De VOORZITTER: Bedankt voor deze bijdrage, mevrouw Verkoelen, maar we komen er niet nog meer uit. Ik wil even terug naar het onderwerp van het debat, want we gaan, denk ik, echt nu alle kanten op en uiteindelijk heeft mevrouw Bruin hier een initiatiefnotitie, met anderen, die ze hier staat te verdedigen en daar mogen af en toe ook nog wat andere bespiegelingen bij komen. Dat snap ik helemaal. Maar laten we ons nu vooral even richten op het initiatiefvoorstel, wat daarin staat, het betoog van mevrouw Bruin daarbij en dat we daar proberen ook de vragen die kant op te gaan. Anders ben ik de hele kluts kwijt, zelfs omdat er meer woordvoerders bij Leefbaar ook nog zijn op dit dossier. Dus dan weet ik het helemaal niet meer. De heer Verweij mag nog even reageren op mijn opmerking richting de heer De Haan en dan wil ik de heer Dekkers en de heer Segers-Hoogedoorn. De heer VERWEIJ (vvd): Voorzitter, de vraag is welke groep is hier nou eerst? Dat bespreken we per groep. Zodra er een goede alternatieve oplossing voor een groep gevonden kan worden, noem het flexwoningen, noem het AZC Plus, waar je alvast kan werken, waar je alvast kan integreren, ben ik daar een groot voorstander van.

Maar het idee dat je nooit bij een groep mag aankomen om een urgentieregeling aan te tasten, om de voorgang toe te schroeven, op grond van het enige argument, misschien komt hierna een andere groep aan de beurt, dat is flauwekul. Die discussie hebben we dan wel weer. Dus ik kan geen antwoord geven op de vraag: wie komt hierna? Dat bespreken we als we volgende discussiegroep gaan bespreken. De VOORZITTER: De heer De Haan, concluderend. De heer DE HAAN (d66): Nou, concluderend, dat is mij toch te makkelijk. Dan lichten we 1 groep eruit en dan ben ik het heel erg eens met de heer Segers-Hoogendoorn: dan hebben we een zondebok te pakken. De VOORZITTER: De heer Dekkers. De heer DEKKERS (volt): Voorzitter, er zijn nog nooit geen wachtrijen geweest voor sociale woningbouw. Dus als we 1 groep achteraan zetten, dan komt deze groep nooit aan de beurt. Als we dan ook kijken wat de wooncoöperaties over dit wetvoorstel zeggen, dan zeggen ze: we zijn daar kritisch over, 16 gemeenten hebben al een gezamenlijke reactie geformuleerd die zeggen: dit is onmenselijk en een schijnoplossing. Dus als we 1 groep continu achteraan raadsvergadering van 26 juni 2025

Notulen pagina

1225

zetten, komt deze groep nooit aan de beurt. Dus dan creëren we weer een nieuw probleem. Dus die groep wordt steeds groter, dan moeten we nieuwe opvangcentra gaan plaatsen, dus we moeten daar wat mee. Dus mijn vraag is, voorzitter, voor mevrouw Bruin: hoe gaan we met de consequenties om dat we voor deze groep geen oplossing hebben? De VOORZITTER: Mevrouw Bruin. Mevrouw BRUIN (lr): We hebben voor deze groep net zo'n goede oplossing als al die andere reguliere zoekenden. Dus het is gewoon een groot probleem en daar is geen oplossing voor. De VOORZITTER: De heer Dekkers. De heer DEKKERS (volt): Dit is een aanvullende vraag. U zegt: dit is een probleem en daar is geen oplossing voor, dus we accepteren dat die omvang van het probleem gaat toenemen, omdat deze urgente groep, die sluiten we uit om te helpen. Kortom, nog meer duurdere kosten voor de belastingbetaler, want we moeten misschien wel opvangcentra gaan openen, dingen lopen uit de hand, mensen komen op straat. U wilt dus cout que cout voor de bühne het probleem dat we al hebben nog groter maken. De VOORZITTER: Mevrouw Bruin. Mevrouw BRUIN (lr): Dat is een mooi frame. Het probleem is natuurlijk een landelijk iets, de instroom, maar de oplossing is, en dat is het helemaal met bouwen en wonen, is gewoon bouwen, bouwen, bouwen en wonen, wonen, wonen. Maar daar zijn we met zijn allen bij. De VOORZITTER: U vervolgt uw betoog.

Mevrouw BRUIN (lr): Daar was ik mee bezig. Dank u wel, voorzitter. Nieuwbouw. We zijn verder tevreden over de implementatie van het initiatiefvoorstel van Rotterdammers eerst in de verordening, zo ook bij het toepassen ervan bij nieuw betaalbare koop. Tot zover. Voorzitter, dan nu de verordening samenstelling woningvoorraad, want dat is het andere onderwerp wat we hebben staan. We kunnen niet vaak genoeg benadrukken dat er een groot probleem gaande is in de woningmarkt. Een probleem waarvoor we op korte termijn geen duurzame oplossingen zien. Daarom zijn we genoodzaakt veel al snel goed te vinden aan de oplossingen die worden voorgesteld aan de bestaande voorraad. Maar waar wij ons altijd druk om maken, is de leefbaarheid, de verdichting neemt toe. Maar wat betekent dat voor de druk op voorzieningen zoals scholen, medische ondersteuning en het verkeer? Hoe kunnen wij grip krijgen op leefbaarheid per project? Wethouder, kunt u ons geruststellen? De wijkraden Lombardijen en Rozenburg hebben aangegeven ook overlast te ervaren van opkoop, verkamering en met name van arbeidsmigranten. Is dit bekend bij de wethouder en wat kunnen wij ermee? Tot zover. Dank u wel. De VOORZITTER: Mevrouw Bruin heeft de volgende motie ingediend. Motie 1.

Voorrang voor Rotterdammers “De gemeenteraad van Rotterdam, in vergadering bijeen op 26 juni 2025 ter bespreking van het agendapunt 'Woonruimtebemiddeling en woningvoorraad'; constaterende dat; - de woningnood in Rotterdam ongekend hoog is, met inmiddels ruim 100.000 mensen ingeschreven als woningzoekende;

raadsvergadering van 26 juni 2025

Notulen pagina

1226

-

-

Rotterdam desondanks nog altijd wettelijk gedwongen wordt om aanzienlijke aantallen statushouders een sociale huurwoning toe te wijzen, waarbij zij nog altijd een voorrangspositie hebben ten opzichte van reguliere woningzoekenden; het kabinet het wetsvoorstel naar de Raad van State heeft gestuurd om de voorrang voor statushouders op grond van het feit dat ze statushouder zijn te schrappen, om zo een gelijk speelveld te creëren tussen statushouders en andere mensen die een sociale huurwoning zoeken; het kabinet tevens heeft aangekondigd de wettelijk verplichte taakstellingen voor gemeenten voor het huisvesten van statushouders te willen schrappen;

overwegende dat; - veel Rotterdammers die al hun hele leven een bijdrage leveren aan onze samenleving achteraan in de rij geplaatst worden of minder keus hebben voor een woning in onze gemeente; - het een zeer oneerlijke situatie is dat Rotterdammers met urgentie en reguliere woningzoekenden achtergesteld worden in woningtoewijzing; - deze oneerlijke situatie eindelijk rechtgezet moet worden; spreekt uit; - het wetsvoorstel om een einde te maken aan de voorrangspositie voor statushouders te steunen; - dat dit wetsvoorstel zo snel mogelijk van kracht moet worden; - dat de wettelijke taakstellingen voor gemeenten ten aanzien van het huisvesten van statushouders zo snel mogelijk geschrapt dienen te worden; en gaat over tot de orde van de dag.” w.g. V.A. Bruin, S. Ceulemans, A.R. Oostdijk en P.J.H.D. Verkoelen De motie is voldoende ondersteund en maakt deel uit van de beraadslagingen. De VOORZITTER: Dan is nu het woord aan mevrouw Vogelaar. Mevrouw VOGELAAR (pvda): Voorzitter, na jaren van neoliberaal woonbeleid waarin de gereedschapskist voor de volkshuisvesting is leeggeschud, is de PvdA-fractie verheugd dat we weer kiezen voor actieve sturing en regie op de volkshuisvesting. Dat we onze gereedschapskist weer aan het vullen zijn met instrumenten die ons in staat stellen om weer actief te kunnen sturen, als raad en als college.

Want, voorzitter, het blijft zo zuur dat Rotterdammers met elkaar moeten concurreren om een betaalbaar goed huis. De PvdA Rotterdam kan zich dan ook grotendeels vinden in de verordeningen die vandaag voorliggen. Voor de verordening samenstelling woningvoorraad hebben wij nog wel een vraag voor de wethouder. Wil zij onderzoeken in hoeverre een verhuurdersvergunning op lokaal niveau complementair kan zijn aan de wet betaalbare huur die wij natuurlijk nu op nationaal niveau hebben? Want volgens de PvdA-fractie kan dit een effectief instrument zijn in die gereedschapskist, waarmee we nog meer grip krijgen op de particuliere huurmarkt. Voorzitter, verdichting is nodig om het tekort aan woningen terug te dringen. Laten we er gezamenlijk voor waken dat dit niet ten koste gaat van de kwaliteit van wonen. Want een studio van 50 vierkante meter is prima geschikt voor een alleenstaande of voor eventueel een stel, het zou voor mij persoonlijk al wel aan de krappe kant zijn, denk ik, maar niet voor een gezin. Daar zijn die woningen natuurlijk ook niet voor bedoeld, maar we lopen wel het risico dat gezinnen zich gedwongen voelen om een te kleine woning te betrekken, omdat dit het enige betaalbare aanbod is.

raadsvergadering van 26 juni 2025

Notulen pagina

1227

De VOORZITTER: De heer Verweij. De heer VERWEIJ (vvd): Ik krijg antwoord in de laatste paar slotseconden. Ik ga even zitten en ik ga er wat langer over nadenken. De VOORZITTER: Dan mag mevrouw Vogelaar. Mevrouw VOGELAAR (pvda): Ik wilde vervolgen met graag een reactie van de wethouder, maar als de heer Verweij daar ook nog een reactie op wil geven, dan zie ik die graag tegemoet. Tot slot, voorzitter, afgelopen jaar heeft de PvdA-fractie al meermaals gepleit voor urgentie of directe middeling voor bankslapers. Zij vallen nu tussen wal en schip. Twee maanden geleden dienden wij hierover nog een motie in om maatwerk te bieden voor kwetsbare bankslapers, zodat directe bemiddeling naar of urgentie voor een sociale huurwoning in individuele gevallen toegepast kan worden. Helaas haalde die motie het niet en vandaag, ik doe een klein voor voorschot op wat de heer Vonk misschien zo gaat zeggen, die gaat een voorstel doen en ik hoop van harte dat deze motie het vandaag wel haalt. De VOORZITTER: Dan heeft de heer Verweij het woord, omdat het gewoon zijn termijn is, maar hij mag ook natuurlijk ook nadenken over de vraag van mevrouw Vogelaar. De heer VERWEIJ (vvd): Ik gooi wel eens een drankje omver. Voorzitter, we gaan vandaag 2 dingen bespreken. We gaan het tekort opnieuw weer een keer herverdelen en we gaan ook het tekort voor een klein beetje oplossen. Ik begin met het goede nieuws.

Het college stelt voor om de beperkende, benauwende regels rondom splitsen iets te versoepelen en dit gaat daadwerkelijk helpen om het woningtekort een beetje terug te brengen. Marktpartijen kunnen namelijk leegstaande of verouderde woningen renoveren, splitsen, opknappen, opnieuw in de verhuur zetten en zo bijdragen aan een verbetering en uitbreiding van de woningvoorraad. Splitsen zorgt voor meer woningen, splitsen kost de gemeente geen geld, splitsen is sneller dan nieuwbouw en het is dus eigenlijk krankzinnig dat de gemeente Rotterdam zo lang zo streng heeft gereguleerd. Ook als deze versoepeling geen tienduizenden woningen oplevert, zo naïef ben ik ook niet, staat deze versoepeling ook voor iets principieels. Het staat voor iets groters, want het woningtekort wordt namelijk niet veroorzaakt door neoliberalisme, door Stef Blok of de doorgeslagen marktwerking. Het woningtekort wordt veroorzaakt door benauwende, beklemmende overheidsbemoeienis, door mensen die denken dat meer regels de oplossing is in plaats van de oorzaak van alle problemen. De VOORZITTER: Mevrouw Vogelaar heeft over deze opmerking weer na kunnen denken. Dus u hebt het woord. Mevrouw VOGELAAR (pvda): Ik heb er heel even over na kunnen denken en ook of het verstandiger was om te blijven zitten, voorzitter, maar ik ga toch happen.

Kan de heer Verweij dan een reflectie geven over hoe de woningmarktkrapte van vandaag is ontstaan, gelet op alle maatregelen die er zijn genomen de afgelopen 15 jaar, onder andere de leiding van de heer Blok. De VOORZITTER: De heer Verweij. De heer VERWEIJ (vvd): In 30 seconden, voorzitter. De VOORZITTER: Tenzij u er langer over doet. De heer VERWEIJ (vvd): Laat ik de hand in eigen boezem steken. Wat ik mijn partij kwalijk neem, is het afschaffen van regie op rijksoverheidsniveau. We zijn ervan uitgegaan dat raadsvergadering van 26 juni 2025

Notulen pagina

1228

gemeentes wel zouden doorgaan met nieuwbouw, maar omdat we eigenlijk steeds maar weer luisteren naar bezwaar makende omwonenden en niet naar de groep woningzoekenden, hebben we onvoldoende snelheid gemaakt met het bouwen van nieuwe woningen, grootschalige projecten, er zijn partijen die dat tegenhouden, en dat had de rijksoverheid het moeten doordrukken. Jij gaat hoeveelheid x bouwen, dat ga je leveren. Ik houd je eraan. Dat neem ik mijn partij kwalijk. De VOORZITTER: Mijnheer Van Campenhout. De heer VAN CAMPENHOUT (bij1): Dank u, voorzitter. Ik had een heel praktische vraag, want we gaan straks heel veel splitsen. Heel veel woningen zijn al niet geschikt voor meer personen dan ze voor gemaakt zijn. Krijgen we straks nog meer schimmelproblemen, krijgt mevrouw Bruin het nog drukker? Hoe gaan we daar dan straks mee om als die woningen niet bepaald geschikt zijn voor het grote aantal mensen die ze straks gaan huisvesten? De VOORZITTER: De heer Verweij. De heer VERWEIJ (vvd): Renovatie en splitsen gaat samen. Dus als je een woning splitst, dan verbeter je hem ook, omdat het dan een betere huurprijs oplevert. Dus het idee dat je juist meer schimmelwoningen krijgt, het tegenovergestelde is waar.

Juist door ondernemers die investeren in vastgoed toe te staan om te splitsen, om het te verbeteren, om te zorgen voor betere isolatie, heb je uiteindelijk minder schimmelwoningen zonder dat de corporaties daarin geld hoeven investeren. Dus je bereikt minder schimmelwoningen zonder dat dat geld kost. De VOORZITTER: Mevrouw Kockelkoren. Mevrouw KOCKELKOREN (gl): Voorzitter, ik heb een andere vraag aan de heer Verweij. Hij deed een heel pleidooi voor meer woningen splitsen om dus meer woningen te veroorzaken. Daar kan ik mij erg in vinden, in dat pleidooi. Ik vroeg mij dan ook af: wij gaan zo meteen een amendement indienen om ook op Zuid het mogelijk te maken om woningen te splitsen. Want ik vind het zonde dat we voor een heel stadsdeel zeggen: daar staan we dat niet toe, als wij op zoek zijn naar die extra woningen. Zou u daar op mee willen gaan? De VOORZITTER: De heer Verweij. De heer VERWEIJ (vvd): Voorzitter, ik heb om 2 redenen aarzeling. De eerste zit in de juridische onderbouwing, want je moet inderdaad wel, geloof ik, ook per gebied kunnen onderbouwen waarom je regels wel of niet versoepelt. Ik vraag me af of dat in dat amendement voldoende is afgedekt om de toelichting bij zo’n verordening. Super technisch, maar wel relevant.

Het tweede deel is de volgende: op Zuid maken we gebruik van het samenvoegen van woningen, omdat we juist daar zeggen van goh, in de samenstelling van de wijk zouden we daar meer gezinswoningen willen hebben. Dus het voelt enerzijds heel gek om dan overheidsgeld te steken in het samenvoegen en groter maken van woningen en anderzijds marktpartijen toe te staan om het weer op te knippen. Dus daar heb ik mijn aarzeling over. De VOORZITTER: Mevrouw Kockelkoren. Mevrouw KOCKELKOREN (gl): Voorzitter, het eerste argument. Volgens mij moet je vooral beargumenteren waarom je het niet zou willen doen, waarom je niet zou splitsen, dus het juridische argument wat u gaf. Het tweede argument snap ik. GroenLinks is er ook al langer voorstander van om die subsidie voor samenvoegen en vergroten te stoppen. Alleen wij dachten dat dit niet het juiste moment was om dat aan te kaarten, aangezien we het nu raadsvergadering van 26 juni 2025

Notulen pagina

1229

hebben over een verordening. Dus dat zou meer iets zijn voor bij de voorjaarsnota, want dat gaat dan ook over het subsidiëren van samenvoegen en vergroten op Zuid. Dus daar ben ik het met u eens. Alleen ik dacht van: we hebben nu het momentum om een stap te zetten en ook splitsen mogelijk te maken op Zuid en daardoor ervoor te zorgen dat we veel meer woningen toevoegen. Ik zou het dus mooi vinden als de VVD dat mee wil overwegen om dat te steunen. De VOORZITTER: De heer Verweij. De heer VERWEIJ (vvd): Overwegen zal ik zeker doen. Ik heb iets langer de tijd nodig om na te denken hoe ik denk dat Zuid eruit moeten zien. Ik denk dat het juist goed is voor een wijk waar gezinnen vandaan verhuizen in plaats van naartoe verhuizen, dat je het woonbeleid daar ook op aanpast, dat meer mensen het aantrekkelijk vinden om op Zuid te gaan wonen. Een van de wethouders is dat onlangs nog gaan doen. Wil ik aanmoedigen. Dus daarom aarzel ik om dit nu te ondersteunen. Maar ik sta er niet helemaal onwelwillend tegenover. De VOORZITTER: U vervolgt uw betoog. De heer VERWEIJ (vvd): Ik gaf al aan: niet Stef Blok, maar juist die verstikkende regulering, dat is de oorzaak van het woningtekort. Iedere regel die kan worden versoepeld om de woningnood tegen te gaan, die moet worden versoepeld.

Ik denk dat partijen die tegen deze versoepeling zouden stemmen, dat die eigenlijk het recht verspelen om nog te spreken van een wooncrisis. Dit is namelijk een volstrekt voor de hand liggende maatregel, bijna zonder nadelen, en als je die maatregel al niet durft te nemen, welke dan nog wel en is het dan nog wel een crisis? Dan ga ik nu verder met het slechte nieuws, dat gaat over het verdelen van die schaarste. Want het college stelt daarnaast voor om de regels rond de benadeling aan te passen. Oh sorry, ik zeg nu benadeling, andere partijen noemen dat natuurlijk voorrang, maar het is heel belangrijk om te onthouden. Zodra je 1 partij op voorstand zet, zet je een andere woningzoekende op achterstand. Daar moeten we duidelijk over zijn. Ik heb opgeschreven in mijn spreektekst: als je daarop wijst, dan speel je mensen tegen elkaar uit, bedrijf je zondebokpolitiek. Ik vind het jammer dat die realiteitszin op die manier wordt neergezet, maar het is wel degelijk een onderdeel van voorrang dat iemand anders voorrang moet geven. Het college stelt voor om meer mensen op achterstand te zetten op basis van een gebrek aan lokale binding. Wij zijn daar principieel geen voorstander van. De overheid moet mensen in beginsel gelijkwaardig behandelen. Allen die zich in Nederland bevinden, worden in gelijke gevallen gelijk behandeld.

Ik was bij de onthulling van artikel 1 van de grondwet in het stadhuis. Allen die zich in Nederland bevinden, niet in Rotterdam bevinden. Alleen als het echt niet anders kan, dan pas mag de overheid onderscheid maken tussen mensen. Daar is nu echter geen sprake van, voorzitter, want de woningnood raakt iedereen. In onze ogen is het absurd om mensen op achterstand te zetten in de zoektocht naar een woning op basis van de postcode die ze 7 jaar geleden hebben gehad. De VOORZITTER: De heer Dekkers. De heer DEKKERS (volt): Voorzitter, ik heb toch een vraag aan de heer Verweij, want hij zegt eigenlijk: je mag de een niet bevoordelen, want dan benadeel je de ander en dat klinkt natuurlijk fantastisch. Maar eigenlijk zeg je daarmee: we zouden geen woningcoöperaties meer nodig moeten hebben, want iedereen zou een mooi huis moeten kunnen kopen. Dus als u het over realiteit hebt, dan zien we gewoon dat we een maatschappij hebben met verschillende groepen en sommige groepen hebben wat meer hulp nodig, daar hebben we woningcoöperaties voor, en andere groepen hebben nog meer urgente hulp nodig. Dus ik zou daar graag een reflectie op willen van de heer Verweij, want nu is het net alsof de markt alles kan oplossen. Ik denk dat dat niet het geval is.

raadsvergadering van 26 juni 2025

Notulen pagina

1230

De VOORZITTER: De heer Verweij. De heer VERWEIJ (vvd): Dank u wel, voorzitter. Natuurlijk urgentie in het geval van bijzondere gronden waarom je echt urgentie nodig hebt. Slachtoffers die uit een gewelddadige relatie komen, mensen die uit detentie komen, mensen die op straat wonen, noem een paar voorbeelden, die echt nergens anders heen kunnen. In dat geval vind ik het volstrekt geëigend om te zeggen: wij willen niet dat u op straat terechtkomt, dus u krijgt met enige goede grond voorrang. Als wij zeggen: u hebt de afgelopen 10 jaar tenminste 6 jaar in Rotterdam gewoond, op basis daarvan alleen krijgt u voorrang op een sociale woning ten nadele van iemand die in een andere gemeente woont, maar voor de rest geen enkele reden, een zwaarder recht heeft op wonen dan de persoon in Rotterdam, vind ik dat we op een heel rare manier aan het verdelen zijn in dat tekort, zonder daarvoor een goede rechtvaardiging te hebben, behalve: het bekt electoraal misschien een beetje lekker. De VOORZITTER: Mijnheer Dekkers. De heer DEKKERS (volt): Voorzitter, ik merk dat ik geen antwoord krijg op de vraag. Dus de heer Verweij geeft een voorbeeld waarom sommige groepen van hem wel voorrang moeten krijgen. Dan ben ik benieuwd: hoe kijkt u tegen mantelzorgers aan en alle andere groepen? Maar in uw betoog zegt u: het zou niet nodig moeten zijn om groepen te bevoordelen.

Daarna gaat u uitleggen dat dat voor sommigen wel is. Mijn vraag is dus: waarom wilt u dat voor deze groep, dus de statushouders, niet doen? Creëren we daar niet meer een groter probleem mee aan de achterkant? De VOORZITTER: Mijnheer Verweij. De heer VERWEIJ (vvd): Dank u, voorzitter. Wat ik heb willen zeggen, wat ik ook heb gezegd is: er zijn groepen voor wie de voorrang, of de urgentie, moet ik beter zeggen, echt rechtvaardig is namelijk: anders kom je op straat te staan of anders word je thuis in de gewelddadige relatie elke dag aangerand of in elkaar gerost. Dat is een goede reden om iemand urgentie te geven op een sociale huurwoning. In mijn ogen is het geen goede reden om te zeggen van ach, u woont al best een tijdje in die specifieke postcode, dus heeft u met voorganger recht op een woning in die specifieke postcode. Geen goede rechtvaardiging versus wel goede rechtvaardiging. Daar zit het onderscheid. De VOORZITTER: Mijnheer Dekkers. De heer DEKKERS (volt): Voorzitter, dus als statushouders, als die niet worden geholpen, op straat komen, dan is het wel een goed idee? Dus we moeten eerst het probleem echt nog wat groter maken voordat we gaan helpen? Dat is wat ik u hoor zeggen. De VOORZITTER: De heer Verweij. De heer VERWEIJ (vvd): Voorzitter, ik ben geen voorstander van statushouders op straat zetten. Geenszins.

Ik denk dat het belangrijk is om te kijken naar gemeenten waar ze al actief inzetten op flexwoningen om statushouders tijdig te betrekken in de samenleving, tijdig ergens onder te brengen. Dat hoeft dan niet altijd een nieuwe sociale huurwoning te zijn. Dat kan dan ook een flexwoning zijn. Als die mensen inderdaad terecht vluchten voor oorlog of voor vervolging, dan vind ik het niet bezopen om tegen die mensen zeggen: we hebben voor u een prachtig mooie nieuwe flexwoning, bijvoorbeeld bij het Toepad waar ze gebouwd gaan worden, maar u gaat niet met voorrang of met urgentie, op grond van het enige feit dat u statushouder bent, voorrang krijgen. De VOORZITTER: Afrondend de heer Dekkers. raadsvergadering van 26 juni 2025

Notulen pagina

1231

De heer DEKKERS (volt): Voorzitter, ik denk dat we er ook niet uit gaan komen, maar ik merk dat ik steeds meer verward raak, want voor sociale huur gaan we het niet doen, maar dan gaan we die paar flexwoningen die we gaan maken wel inzetten. Dan gaan we ook nog de spreidingswet toepassen. Zo wordt er van alles bijgehaald om maar te verhullen dat we een groep die urgentie heeft en die hulp nodig heeft, dat we die aan de kant schuiven en eigenlijk zeggen: we kijken er niet naar, we laten het probleem groter worden en dan doen we net alsof het er niet is. De VOORZITTER: Mevrouw Bruijn heeft nog een vraag aan de heer Verweij. Mevrouw BRUIN (lr): Ik hoor de heer Verweij een beetje zeggen dat hij het niet eens is met die lokale voorrang voor de wijk. Ik ben een beetje in de war, want de VVD, landelijk, die doet alsof ze voor mentale weerbaarheid en veilige wijken zijn. Die mentale weerbaarheid en die veilige wijken creëer je dus door een sterke gemeenschap, een gemeenschap die elke stoeptegel, elke opa, oma, kleinkind en buurtgek kent. Juist die weerbaarheid wordt dus gestut op die sociale samenhang waar wij dus voor pleiten. Dat is waar de Rotterdammers om vragen. Ik heb het gevoel dat u daar echt doof en blind voor bent.

Zelfs mijn favoriete wijkagent uit Mathenesse, Jurre Schaap, pleit daar ook voor in de stadskrant van de gemeenschap in een buurt en in een wijk is zo belangrijk voor eigenlijk deze nare tijden waar we nu ook in zitten en waar we misschien naartoe gaan. Ik begrijp dat niet zo goed, de heer Verweij. De VOORZITTER: De heer Verweij. De heer VERWEIJ (vvd): Voorzitter, ik begrijp het volgende niet. In het argument van mevrouw Bruin ligt besloten dat iemand die van buiten Rotterdam komt per definitie een grotere bedreiging is voor de veiligheid en de leefbaarheid van Rotterdam dan iemand die hier al een tijdje woont. Dat argument verwerp ik. Ik ben zelf ook een import Rotterdammer, ik denk dat driekwart van deze raad misschien een import Rotterdammer is. Het idee dat je per definitie geen bijdrage levert aan sociale cohesie als je van buiten komt en dat je dat alleen maar kan doen als je van binnen komt, dat is echt een soort middeleeuwse opvatting die ik ver van mij werp. De VOORZITTER: Mevrouw Bruin. Mevrouw BRUIN (lr): We draaien hem weer om: wij stellen per definitie dat iemand die uit die wijk komt van toegevoegde waarde is. Dus net wat anders dan wat u zegt. De VOORZITTER: Mijnheer Verweij. De heer VERWEIJ (vvd): En ik zeg dat dat niet waar is. Het is niet zo dat als je ergens allang woont, dat je dan definitie van toegevoegde waarde bent voor die wijk. Dat is gewoon niet zo.

De VOORZITTER: U vervolgt uw betoog. De heer VERWEIJ (vvd): Voorzitter, het bevreemdt mij dan ook dat zelfs linkse partijen tegenwoordig voorstander lijken te zijn voor een eigen volk eerst beleid als het electoraal een beetje lekker lijkt te landen. Als er dan toch mensen op achterstand worden gezet ten gunste van anderen, dan willen wij dit ... De VOORZITTER: Mevrouw Kockelkoren wil hier graag op reageren. Mevrouw KOCKELKOREN (gl): Voorzitter, ik word een beetje moe van al die dingen die je de hele tijd in de mond worden gelegd en waar je dan weer spreektijd aan moet besteden. Het raadsvergadering van 26 juni 2025

Notulen pagina

1232

gaat erover dat wij waarde hechten aan gemeenschappen. Gemeenschappen in buurten en wijken, mensen die naar elkaar omkijken, mantelzorgers die in huis A wonen, dat is een huis dat niet meer passend is, omdat iemand zelf slecht ter been wordt, maar wil nog wel steeds omkijken naar de buurvrouw en zoekt een passende woning in de wijk. Dat is het bouwen aan buurten, wijken en gemeenschappen wat wij belangrijk vinden en dat staat helemaal los van die betichtingen die u daaraan wil verbinden. De VOORZITTER: Mijnheer Segers-Hoogendoorn op dit punt. De heer SEGERS-HOOGENDOORN (cda): Voorzitter, ik zat er een beetje op te kauwen van zou het een beetje een te grote uitspraak zijn om te zeggen tegen de heer Verweij dat de VVD eigen volk eerst wel heel situationeel uitlegt. Want het vorige voorbeeld ging natuurlijk heel duidelijk om alleen de statushouder eruit te halen, de buitenlander. En nu gaat het daar juist niet over. Maar goed, hij gebruikt die woorden nu zelf. Ik denk, de heer Verweij, via de voorzitter. Het zou u, denk ik, sieren, en uw partij ook, dat u niet alleen in die neoliberale spiegel eens goed gaat kijken. Want het is niet die regelzucht, een regel staat ergens voor. Dat zou juist uw staatkundige partij heel goed moeten begrijpen: een regel staat ergens voor.

Het zijn niet die regels geweest, het is uw vrije markt die de woningmarkt om zeep heeft geholpen en het zou u ook sieren om eens even in die eigen volk eerst spiegel te kijken en dan misschien, zoals net, even na te denken, misschien heel even te gaan zitten en dan een goed verhaal te houden. De VOORZITTER: De heer Verweij. De heer VERWEIJ (vvd): Ik moet er wel om grinniken, omdat ik elke keer dit verwijt krijg als ik voor mijn gevoel gewoon een goede uitleg weet te geven waar ik ergens voor sta. Maar ik ga nu eerst reageren op mijnheer Segers- Hoogendoorn, die zegt van goh, waarom is uw partij nu zo situationeel? We hebben het nu over een specifiek voorstel op basis van lokale binding, voorrang, ja of nee. Ik zeg: slecht idee om deze en deze redenen en ik krijg daar een soort niets zeggend vaag verhaal over, over ga eens in de neoliberale spiegel kijken. Daar kan ik niet op reageren. Waar ik wel op kan reageren is mevrouw Kockelkoren. De VOORZITTER: De heer Segers-Hoogendoorn. De heer SEGERS-HOOGENDOORN (cda): Volgens mij was het helemaal niet warrig.

Dan ga ik u gewoon een rechtstreekse vraag stellen: waarom mag met voorrangsbeleid, wat voor u achterrangsbeleid is of wat dan ook, de statushouder niet meer die status hebben, want dat is de reden waarom u die ene groep eruit haalt, en waarom vindt u niet dat we inderdaad gemeenschappen in deze stad moeten kunnen beschermen als dat heel duidelijk aan de orde is omdat het hechte gemeenschappen zijn? Dat mag u mij dan eens gaan uitleggen hoe consistent dat is. De VOORZITTER: De heer Verweij. De heer VERWEIJ (vvd): Voorzitter, iemand die een verblijfsstatus heeft gekregen omdat die vluchtelingen of asielzoeker is, die is net nieuw onderdeel geworden van de Nederlandse samenleving. Ik vind het niet raar, ik vind het goed te verdedigen dat we tegen die mensen niet onmiddellijk alle sociale voorzieningen aanbieden. Maar aanbieden van we hebben voor u een prachtig mooie nieuwe flexwoning. Daar bent u veilig, daar bent u beschermd, dan bent u weg van het oorlogsgeweld. Dat gunnen we u. We willen dat u onderdeel wordt van de samenleving, maar we gaan u niet op gelijk niveau zitten met iemand die als 60 jaar hier belasting heeft betaald en nu geen woning kan vinden omdat zijn echtscheiding door is.

Het idee dat je dus op die manier onderscheid maakt tussen mensen die al heel lang in Nederland wonen en al heel lang een bijzondere zorgplicht hebben van onze overheid, dat is mij het raadsvergadering van 26 juni 2025

Notulen pagina

1233

verschil. De VOORZITTER: De heer Segers-Hoogendoorn. De heer SEGERS-HOOGENDOORN (cda): Afrondend, voorzitter. Ik concludeer dan dat de VVD echt in klassen denkt. De VVD denkt echt nog heel klassiek in klassen. Want wat u namelijk doet met zo'n statushouder is zeggen: u hebt een verblijfsvergunning, u wilt toch ook, dat willen de meeste partijen in dit land, dat mensen die hier rechten hebben en die hier terecht ook naartoe zijn gevlucht omdat ze bijvoorbeeld vervolgd worden in eigen land, dat die uiteindelijk onderdeel moeten kunnen gaan uitmaken van die samenleving. Dat doe je niet, en dat weet u zelf dondersgoed, waar staan die flexwoningen? Allemaal aan de randen, een beetje tegen sportvelden aan, misschien af en toe eens op een industrieterrein. Die maken geen onderdeel uit van een samenleving, al was het alleen maar omdat ze in een flexwoning zitten en daarmee niet die status hebben van een normale woning. Dus u ze die mensen daarmee meteen al op achterstand, waar u zelf zo tegen pleit, om onderdeel uit te kunnen maken van de van de samenleving. De VOORZITTER: De heer Verweij. De heer VERWEIJ (vvd): Voorzitter, als de heer Segers-Hoogendoorn nu verdedigt dat een wijk als Nesselande een soort vervreemde achterstandswijk is waar niemand komt behalve een industrieterrein, dan vindt u mij niet naast zich.

De VOORZITTER: We gaan hem ook even afronden, want ik wil ook door met het debat gewoon nu. De laatste opmerking van de heer Segers-Hoogendoorn. De heer SEGERS-HOOGENDOORN (cda): Afrondend. Wat de heer Verweij zegt: als dingen electoraal lekker in de mond liggen, dan moet u ook niet de helft van mijn verhaal pakken. Ik zei: ook een flexwoning is niet voor niets een flexwoning. Dat is dus geen vaste woning. We willen mensen onderdeel uit laten maken van deze samenleving. Waarom zou dan de één een flexwoning krijgen en de ander een serieuze woning? Dat is wat ik zeg. Dat is het andere deel van mijn verhaal. Het zou u ook sieren om daarop te reageren en niet alleen te zeggen dat die plekken waar die flexwoningen staan aan de randen van de stad zijn. De VOORZITTER: De heer Verweij. De heer VERWEIJ (vvd): Ik heb daarop gereageerd. Het antwoord bevalt hem blijkbaar niet. De VOORZITTER: Dan gaat u door. De heer SEGERS-HOOGENDOORN (cda): Dat is niet waar, voorzitter. Mevrouw Kockelkoren had ook een vraag gesteld, over die gemeenschap. Mijn standpunt is dus dat je niet per definitie een betere bijdrage levert aan een gemeenschap als je ergens al lang woont. Rotterdam is juist een stad, als je hier woont, is er één regel: dan ben je er fucking trots op, dan draag je bij aan de stad. Het is niet zo dat je alleen maar als je al hier woont een bijdrage levert.

Dus het idee dat je pas een bijdrage levert aan zo'n gemeenschap als we mensen hier houden en niet mensen van buiten toestaan om te komen, dat vind ik een verkeerde gedachte. Ik moet snel tot een afronding komen. Als je dan al voorrang gaat geven, vind ik op basis van verdiensten, op basis van belang voor onze stad, vind ik een beter criterium. Ik heb daarom geprobeerd om een voorstel te doen om militairen meer voorrang te geven. Wat blijkt nou? Juridisch gezien is het lastig om te onderbouwen dat militairen een cruciaal beroep hebben. Kunt u het geloven? Ik heb erover nagedacht, het is blijkbaar best ingewikkeld om dat te onderbouwen, terwijl er gewoon marechaussee staan te beveiligen bij Rotterdam Airport, bij het treinstation, dus ik ga dit nog de komende periode verder uitzoeken, verder raadsvergadering van 26 juni 2025

Notulen pagina

1234

onderbouwen. Ik hoef nog geen toezegging van de wethouder. Ik wil zelf uitpluizen hoe het zit. Maar als je op basis van verdienste iemand vooruitschuift, dat vind ik een legitieme reden. Maar ik vind het niet een legitieme reden: waar heb jij de afgelopen 10 jaar gewoond? Op basis daarvan krijgt u wel of niet een voorrang. Langzaam maar zeker kom ik tot een afronding. Voor- en nadelen aan de voorstellen. Wij gaan voor beide voorstemmen, omdat ik uiteindelijk niet zie dat er genoeg ruimte is of steun voor een verbetering van het voorstel. Dus goed en slecht nieuws, onderaan de streep. De VOORZITTER: Hartelijk dank. Dan is nu het woord aan mevrouw Kockelkoren. Mevrouw KOCKELKOREN (gl): Voorzitter, de beide raadsvoorstellen kunnen we ons goed in vinden. Wij hebben 2 aanpassingsvoorstellen. Eén, wij constateren dat we een ongelooflijk groot woningtekort hebben en met nieuwbouw alleen kunnen we dat woningtekort niet oplossen. Dus wij vinden dat je alle instrumenten uit de kast moet halen om meer woonruimte te realiseren. Daarom vinden wij dat de uitzondering om op Rotterdam-Zuid woningen niet te kunnen splitsen, dat dat een beperking oplevert voor het vergroten van de woningvoorraad.

Daarom hebben wij een amendement ‘meer woningen op Zuid’ om ook daar het splitsen van woningen mogelijk te maken met uiteraard de kwaliteitseisen van minimaal 50 vierkante meter, zoals dat ook in de rest van Rotterdam geldt, zodat we ook zorgen voor kwalitatief goede woningen. Het tweede voorstel is dat wij een motie hebben ‘meer woningen voor jongeren’. Dat is omdat jongeren nog veel moeilijker aan een woning komen dan andere groepen. 60 procent van de woningzoekenden is, in het sociale segment, jonger dan 35 jaar. Wij hebben een voorstel om in de prestatieafspraken met corporaties af te spreken dat meer woningen specifiek gelabeld worden voor jongeren tot en met 26 jaar. Dit is een voorstel dat naast het goede voorstel wat zo door de heer Vonk wordt ingediend, kan bestaan, omdat die beiden op verschillende manieren proberen meer woonruimte voor jongeren te creëren. De VOORZITTER: Mevrouw Bruin heeft een vraag daarover. Mevrouw BRUIN (lr): Ik wil er wel even op reageren, want wat GroenLinks nu doet, is gewoon NPRZ-programma ondermijnen. Deze termijn hebben we daar, volgens mij, 80 miljoen euro voor opzij gezet en dat gaat met uw voorstel down the drain en dat vind ik zonde. De VOORZITTER: Mevrouw Kockelkoren.

Mevrouw KOCKELKOREN (gl): Voorzitter, ik ben, sinds ik in deze raad zit, aan het duwen op het op een effectieve, doelmatige manier gelden inzetten voor het verbeteren van bewoners op Rotterdam-Zuid. Ik vind deze maatregel niet langer dat doel dienen in een wooncrisis waar mensen op straat slapen, op een bank slapen, überhaupt geen huis hebben, is dit niet een doelmatige besteding van die middelen. De VOORZITTER: Mevrouw Kockelkoren heeft het volgende amendement ingediend. Amendement A. Meer woningen op Zuid “De gemeenteraad van Rotterdam, in vergadering bijeen op 26 juni 2025 ter bespreking van agendapunt 7.1 Woonruimtebemiddeling en woningvoorraad; Besluit: - het ontwerpbesluit Verordening Samenstelling woningvoorraad 2025 conform het voorstel van burgemeester en wethouders vast te stellen, met uitzondering van artikel 2.3.2 lid 2 en bijlage 1; en gaat over tot de orde van de dag.” raadsvergadering van 26 juni 2025

Notulen pagina

1235

w.g. A. Kockelkoren Toelichting Tijdens een woningcrisis moet de gemeente in de hele stad sturen op het realiseren van extra woningen, zeker ook in de bestaande wijken. Daarom vinden wij het onverantwoord om het splitsen van woningen in bepaalde wijken onmogelijk te maken. Dat is wat er nu gebeurt in een groot deel van Zuid. Om te zorgen voor extra woningen op Zuid, stellen wij voor om woningsplitsing in deze wijken mogelijk te maken. Gesplitste woningen in deze wijken moeten dan voldoen aan een oppervlakte van minimaal 50 vierkante meter, zoals dat ook in de rest van Rotterdam het geval is. Op deze manier zorgen we voor extra betaalbare woningen voor Rotterdammers. De strengere regel voor wijken op Zuid (Charlois, Carnisse, Tarwewijk, Afrikaanderwijk, Feijenoord, Hillesluis, Bloemhof en Vreewijk) staat in lid 2 van Artikel 2.3.2. Daarom stellen wij voor om dat lid te schrappen. Het amendement is voldoende ondersteund en maakt deel uit van de beraadslagingen. De VOORZITTER: Mevrouw Kockelkoren heeft de volgende motie ingediend. Motie 2.

Meer woningen voor jongeren “De gemeenteraad van Rotterdam, in vergadering bijeen op 26 juni 2025 ter bespreking van agendapunt 7.1 Woonruimtebemiddeling en woningvoorraad; constaterende dat; - in het sociale segment 60% van de woningzoekenden jonger is dan 35; - slechts 40% van de sociale huurwoningen wordt toegewezen aan deze groep, zoals blijkt uit het RIGO-onderzoek; overwegende dat; - dit mede veroorzaakt wordt doordat het voor jongeren lastiger is om wachttijd op te bouwen; - het leven van veel jongeren 'on hold' staat doordat zij geen woning kunnen vinden; - het onwenselijk is dat je leeftijd bepaalt hoe veel kans je maakt op een passende woning; verzoekt het college; - in de prestatieafspraken met corporaties af te spreken dat meer woningen (in totaal 15%) specifiek gelabeld worden voor jongeren t/m 27 jaar; en gaat over tot de orde van de dag.” w.g. A. Kockelkoren, M.E. Vogelaar, T.J. Vonk en T.S.J. Coşkun De motie is voldoende ondersteund en maakt deel uit van de beraadslagingen. De VOORZITTER: Dan is het woord aan de heer De Haan. De heer DE HAAN (d66): Dank u wel, voorzitter. Op 21 mei hadden we een prima bespreking in de commissie over het pakket van onderwerpen wat nu van vandaag voorligt.

Ik moet bij het sleutelen aan de verordening woonruimtebemiddeling altijd een beetje denken aan het Instagramaccount Rotterdamse memes, hoe daarbij als terugkerend thema iedereen Rotterdammer wil zijn, ook als je niet uit Rotterdam komt, maar uit Capelle, uit Vlaardingen, uit Barendrecht of uit Ridderkerk. Maar eigenlijk zit dat account met al die memes van jongeren die graag Rotterdammer zouden willen zijn eigenlijk niet zo heel gek ver naast de

raadsvergadering van 26 juni 2025

Notulen pagina

1236

waarheid. Niet alleen hebben ze vaak Rotterdamse roots via hun ouders of een generatie eerder vertrokken uit Rotterdam. Rotterdam was niet altijd makkelijk en soms moet of moest je het even buiten de stad zoeken. Ik snap dan ook heel goed hoe graag je ook weer in die stad wil zijn, hoe je in Rotterdam wil wonen. Dus ik schrok in eerste instantie ook een klein beetje van de insteek van het initiatiefvoorstel van Leefbaar Rotterdam: woningen alleen voor Rotterdammers. Hoe eerlijk is dat voor anderen van buiten Rotterdam? Het druist ook wel een klein beetje in tegen mijn eigen liberale ideeën over hoe Rotterdam voor mij ook een emancipatiemachine is, de Rotterdamse dream: hier komen, hier groeien, hier het kunnen maken. Maar toen ik me iets meer verdiepte in die woonruimtebemiddeling, de opzet daarvan, zag ik ook toch wel iets meer van de nuance en misschien ook wel het pragmatisme erin. Hoe we met die schaarste om moeten gaan, hoe het belangrijk is om ook voor die zoekende Rotterdammer in diens wijk plek te bieden. Je zag dat belang bijvoorbeeld ook recent in Feijenoord, waar een deel van de flexwoningen voor jongeren uit de wijk was bestemd. Dat perspectief, ook dat is belangrijk. Dan is het uiteindelijk de belangen wegen tussen die verschillende groepen.

Dat is, zoals geschetst, niet altijd maar makkelijk, maar die ruimte die er nu is, hoe het ook in de verordening zijn plek heeft gekregen, die is, wat D66 betreft, ook in orde, zeker ook voor statushouders en met een speciale vermelding voor jongeren. Ik heb zonet ze niet voor niets een aantal keren genoemd. Er ligt vandaag, volgens mij, ook een voorstel voor die dat belang nog eens iets extra benadrukt en wat D66 betreft, is het belangrijk om daarnaar te kijken. Dan tot slot een ander punt van het pakket wat nu voorligt uit de samenstelling woningvoorraad: splitsing. Want hoe vaak we het wel niet hebben over bouwen, segmenteren, over het proberen te halen van targets. Er ligt een enorme schat voor onze ogen: de bestaande voorraad. Het splitsen van een stukje daarvan, biedt uitstekende mogelijkheden om die bestaande voorraad beter te benutten. We zagen al de voordelen van bij het iets gemakkelijker maken van het verkameren voor bijvoorbeeld studenten. Fijn dat ze ook rond dit punt ook nog even de moeite namen om in te spreken. Splitsing biedt in zekere zin natuurlijk ook verlichting voor starters. Ook daar werden we bij het inspreken op gewezen. Dan zijn er ook nog eens een keer de verhuurders, een deel daarvan, nu ook verenigd die dat op een goede manier willen doen en dat ook best overtuigend aantonen. Kortom, laten we dit doen.

Niet als ‘…’ voor alle problemen op de woningmarkt, maar alle beetjes helpen. Dank u wel. De VOORZITTER: Hartelijk dank. Dan is het woord aan de heer Vonk. De heer VONK (cu): Voorzitter, hoe verdelen we de schaarse, betaalbare woningen als je midden in een wooncrisis zit en hoe maken we meer woonruimte binnen de bestaande voorraad? Dat zijn de feitelijke vragen die voorliggen als we spreken over de woonruimtebemiddeling en de woningvoorraad. Steeds meer mensen hebben steeds minder uitzicht op een goede betaalbare en passende woning. Sommige partijen kiezen dan voor eigen volk, voor eigen soort mensen, voor de mensen die net zo zijn als jij. De ChristenUnie kiest in de eerste plaats voor de mensen voor wie de toegang het meest ver weg lijkt, de urgentie het grootste en de impact van geen huis het hoogst. Voorzitter, we kunnen ons voor een groot deel vinden in de voorstellen vanuit het college, maar vanwege de genoemde focus willen we vandaag aandacht vragen voor twee groepen. Allereerst de jongeren. Voor jongeren is de kans op een woning sinds 2019 bijna gehalveerd, voor jongeren onder de 23 jaar is die kans nog maar 2,9 procent. Wie geen voorrang heeft op die woningmarkt is eigenlijk kansloos, zegt hoogleraar Peter Boelhouwer. Geen huis betekent geen eigen plek, geen thuis, geen begin kunnen maken met je leven op eigen benen.

Veel van de mentale problemen en financiële zorgen bij jongeren gaan over wonen en de gevolgen zijn groot en langdurig. Wat een talent gaat hieraan verloren. Daarom ons pleidooi om het contingent woningen, dat specifiek aan jongeren verhuurd wordt, te vergroten, waardoor de kans op een woning voor jongeren toeneemt. Dat doen we straks aan het eind met de motie ‘geef jongeren meer kans op een woning’. Na de jongeren, een tweede groep: de jongeren, en dan vooral de jongeren die nu als bankslaper rondzwerven in onze stad. Bankslapen put je netwerk uit raadsvergadering van 26 juni 2025

Notulen pagina

1237

totdat je geen netwerk meer hebt. En dan beland je verder in de problemen en op straat. Geen huis zonder hulp vanuit de raad. De gevolgen zijn te groot en te langdurig. Voorzitter, daarom ons pleidooi om toch deze jongeren toe te voegen aan de categorie urgenten in de vorm van een pilot, want we moeten iets proberen. Een vergelijkbaar voorstel werd ook al in andere steden omarmd. Dat is straks de motie ‘experiment urgentie voor bankslapers’. Ten slotte mijn laatste opmerking, voorzitter, en dat gaat over het splitsen van de woningen. Geen motie, maar wel een opmerking. We snappen de noodzaak en zijn voor versoepeling. Maar op Zuid zijn nog schaarse plekken waar ook gezinnen een betaalbare woning kunnen vinden en dat moeten we koesteren en niet opnieuw in handen laten vallen van beleggers en investeerders die ze op komen splitsen en winst pakken. Daarom steun voor het voorstel van het college om die kostbare plekken te beschermen. De VOORZITTER: De heer Vonk heeft de volgende moties ingediend. Motie 3.

Experiment urgentie voor bankslapers “De gemeenteraad van Rotterdam, in vergadering bijeen op 26 juni 2025 ter bespreking van de verordening woonruimtebemiddeling; constaterende dat; - dakloosheid in Nederland blijft toenemen (van 26.600 in 2022 naar 33.000 in 20241); - deze bovenstaande cijfers zich slechts nog beperken tot CBS-cijfers en niet tot de volledige ETHOS Light-doelgroep2; - er in Rotterdam zowel daklozen zijn die gebruik maken van een plek in de Maatschappelijke Opvang (MO), als daklozen die geen gebruik (hoeven/kunnen) maken van de MO; - het huidige beleid met betrekking tot het toewijzen van woningen aan dakloze mensen in Rotterdam enkel gericht is op mensen die in een opvanginstelling verblijven, en niet op dakloze mensen die geen gebruik maken van opvang; - er aan dakloosheid een vaak niet kloppend stigma hangt, aangezien 40% van de daklozen jonger is dan 28 jaar, 20% zelfs onder de 18 jaar, 30% vrouw, waarvan een derde met een of meerdere kinderen leeft3; - het voorkómen van opname in de maatschappelijke opvang een besparing oplevert tot €85.000 per persoon per jaar4; overwegende dat; - we momenteel in onze gemeente te weinig aandacht hebben voor dakloze mensen die geen gebruik maken van de opvang en tevens door gebrek aan een vaste woon- of verblijfplaats worden uitgesloten van een urgentieaanvraag; verzoekt het college; - in Q4 van 2025 een voorstel aan de

raad voor te leggen met daarin nadere regels voor een te ontwikkelen experiment Urgentie voor bankslapers, waarbij wordt gewaarborgd dat er geen misbruik kan worden gemaakt van de regeling en de woningen echt ten goede komen aan de doelgroep; - dit experiment gericht te laten zijn op de ETHOS Light doelgroep in Rotterdam, met uitzondering van de groep die uitstroomt uit een opvang- of begeleidingsinstelling; - binnen deze groep prioriteit te geven aan eenoudergezinnen, jongeren en jongvolwassenen tot 28 jaar; - zich ervoor in te zetten dat er jaarlijks 250 woningen in Rotterdam beschikbaar komen voor dit experiment, en dat dit ook in de prestatieafspraken met de woningcorporaties wordt benoemd;

raadsvergadering van 26 juni 2025

Notulen pagina

1238

-

na maximaal een jaar na de start van het experiment de gemeenteraad te informeren over de voortgang en de behaalde successen; na afloop van het experiment te realiseren dat deze ETHOS Light doelgroep structureel onderdeel wordt van de voorrangsregeling van de huisvestingsverordening in onze regio, desnoods enkel voor Rotterdam;

en gaat over tot de orde van de dag.” w.g. T.J. Vonk, A. Kockelkoren, M.E. Vogelaar, L.P.A. Dekkers en T.S.J. Coşkun 1

https://www.cbs.nl/hl-nl/nieUS/202S/05/33-duizend-mensen-dakloos-begin-2024 https://www.cbs.nl/nlnl/nieuw2023/39/26-6-duizend-dakloze-mensen-begin-2022/ethos 3 https://www.mensenrechten.nl/actueel/weblogs/toegelicht/2024/tweede-ethos-telling-veel-verborgen-dakloosheid-ondervrouwen-jongeren-en-kinderen 4 https://sociaal.net/achtergrond/dakloosheid-oplossen-door-housing-first-niet-duurder/ 2

Motie 4. Geef jongeren meer kans op een woning “De gemeenteraad van Rotterdam, in vergadering bijeen op 26 juni 2025 ter bespreking van de Verordening woonruimtebemiddeling; constaterende dat; - jongeren zich vanaf hun 18e gratis kunnen inschrijven, maar dat het vele jaren duurt voordat jongeren een redelijke kans maken op een huurwoning; - jongeren relatief gezien te weinig aan bod komen als het gaat om woningtoewijzing op basis van inschrijfduur; - in de afgelopen jaren de kans op een huurwoning voor jongeren gehalveerd is; overwegende dat; - meer woningen verhuren aan jongeren voorkomt dat ze vele jaren op de wachtlijst staan; - loting geen gouden middel is, maar dat het de hele groep woningzoekenden wel een gelijke kans geeft op een huurwoning; verzoekt het college; - bij de totstandkoming van de Prestatieafspraken 2026/2027 als gemeentelijk standpunt naar voren te brengen het noodzakelijk te vinden dat de corporaties o het aandeel sociale verhuringen aan jongeren tot 23 jaar verhogen tot ten minste 10% van het totaal; o het aantal woningen dat beschikbaar komt via loting jaarlijks stapsgewijs verhogen met 2%-punt; en gaat over tot de orde van de dag.” w.g. T.J. Vonk, A. Kockelkoren, M.E. Vogelaar, R.G.C. Segers-Hoogendoorn, L.P.A. Dekkers, T. de Haan en T.S.J. Coşkun De moties zijn voldoende ondersteund en maken deel uit van de beraadslagingen.

De VOORZITTER: De heer Dahoe. De heer DAHOE (denk): Dank u wel, voorzitter. Vandaag hebben we het over een onderwerp dat voor veel Rotterdammers erg dichtbij komt: namelijk een kans op een betaalbare woning. Voor DENK staat het vast: wonen is een grondrecht. Het is pijnlijk om te zien dat juist in deze stad duizenden mensen, starters, gezinnen, ouderen jarenlang moeten wachten op een woning. Woningnood is urgent en de druk op de woningvoorraad is torenhoog. Voorzitter, als raadsvergadering van 26 juni 2025

Notulen pagina

1239

het water aan de lippen staat, moeten we niet alleen kijken wie het eerst mag drinken, maar vooral: hoe kunnen we die kraan verder opendraaien? Deze verordening woningruimtebemiddeling 2025 biedt wel aanknopingspunten. We zien een aantal positieve ontwikkelingen, namelijk: het toewijzingsbeleid wordt transparanter en rechtvaardiger, er komt meer ruimte voor lokale binding, iets wat binnen de nieuwe wet ook wettelijk mogelijk is en er wordt serieuzer gekeken naar maatwerk voor urgente groepen. Maar zoals ook de provincie aangeeft: deze verordening lost niet schaarste zelf op. Het vraagt om bouwen, transformeren en slimmer omgaan met wat we al hebben. Voorzitter, in dat kader wil ik ook stilstaan bij de splitsingsverordening. We zijn blij dat het college onze eerdere motie heeft meegenomen om het makkelijker te maken en de informatie makkelijker te vinden op de website. Dat is goed meegenomen. Een gesplitste woning kan het verschil maken voor een starter, een student of een alleenstaande ouder en als die ouder daar ook weer een grotere woning voor inlevert, ontstaat er ook weer meer ruimte voor een jong gezin. Voorzitter, laten we pragmatisch kijken. In onder andere Charlois en Feijenoord wordt ook gewerkt aan het vergroten van de woningen en dat is zeker prima. We vragen de wethouder wel om deze uitzondering goed te blijven monitoren en tot hoelang dit nodig is.

We hebben woningen nodig in alle segmenten en een differentieel aanbod is overal noodzakelijk. Tot slot, voorzitter, laten we het debat over woonruimte bemiddeling geen wedstrijd maken tussen groepen Rotterdammers. De echte tegenstander is het tekort. Dus DENK pleit voor solidariteit, maatwerk en echte oplossingen. Dank u wel. De VOORZITTER: Veel dank. Dan was mevrouw Verkoelen. Mevrouw VERKOELEN (50plus): Dank u wel, voorzitter. Ik zou het bijna niet gaan durven, mijn betoog. Urgentie, framen, voorrang: het gaat allemaal aan de orde komen, zonder bok niet, mijnheer Segers Hoogendoorn, dat is een term die ik niet prettig vind. Jongeren, ouderen, statushouders, daklozen: ze hebben allemaal ruimte nodig en overigens zijn statushouders voor mij ook Nederlanders. Laat ik dat ook voor opstellen, niets anders dan dat. Natuurlijk moeten we oog hebben voor al die woningzoekenden in onze stad. Natuurlijk verdienen ze het. Ik zal ze nog een keer noemen: jongeren, statushouders, daklozen noem ze maar op, allemaal onze zorg. Maar nu komt het framen: laten we eerlijk zijn. Wie is steeds weer de klos? Juist, onze ouderen, onze ouderen. Elke crisis opnieuw zijn zij het makkelijkste slachtoffer. Of het nu gaat om pensioenen korten of de AOW ontkoppelen van het minimumloon, of bezuinigingen op het openbaar vervoer. Ouderen lijken wel de melaatsen van onze samenleving.

Voorzitter, volgens het schaarste rapport van RIGO bedraagt het woningtekort in de regio Rotterdam ruim 36.500 woningen. Vooral in de sociale huursector is de situatie nijpend en het zal niemand verbazen dat ouderen het hardst getroffen worden. Zij wachten jarenlang op geschikte, betaalbare woningen die aansluiten bij hun levensfase. Voorzitter, het is absurd dat ouderen gedwongen worden in te grote huizen te blijven wonen, simpelweg omdat er geen passend alternatief is. Eerst slopen we de seniorenwoningen, hebben we gedaan, en bejaardentehuizen, 800 stuks weg, om vervolgens te beweren dat ouderen weer te groot wonen. Het lijkt een vicieuze cirkel waarin onze ouderen steeds opnieuw worden weggezet als tweederangsburgers. Het lijken die statushouders wel. De VOORZITTER: De heer Vonk. De heer VONK (cu): Toch even een korte vraag, want ik heb het RIGO-rapport ook gezien en daar zien we dat de ouderen, maar misschien heb ik het anders geïnterpreteerd dan u, de groep zijn die het meeste kans heeft op een woning. Meer dan 17 procent. Niemand heeft zoveel kans op een woning als de oudere en hij is ook nog eens de laatste jaren gestegen. Dus dat is een heel ander verhaal dan wat u nu aan het houden bent. Mevrouw VERKOELEN (50plus): Dat klopt, maar daar gaan ze niet naartoe, want ze zijn te duur, ze worden te klein, ze komen niet op de plek die zij zich wensen.

Het op alle mogelijke raadsvergadering van 26 juni 2025

Notulen pagina

1240

manieren. Dan kun je wel zeggen dat er wel ruimte voor ze is, maar ga al die ouderen vragen hoeveel het ze overkomt dat ze niet in de wijk kunnen blijven wonen waar ze graag willen wonen, waar ze alle zorg hebben. Dat staat niet in dit rapport. Als je naar andere cijfers kijkt, zie je echt dat we tekortkomen en we hebben het ook met elkaar geconstateerd. We kwamen seniorenwoningen tekort. Dat is de boodschap. Voorzitter, door juist te investeren in betaalbare, aangepaste seniorenwoningen, brengen we de broodnodige doorstroming op gang. Wanneer ouderen verhuizen naar kleinere, gelijkvloerse woningen, komen grotere huizen vrij voor gezinnen en starters. Een win-winsituatie voor de gehele woningmarkt. Mijn oproep aan het college is dus ook helder: maak ouderenhuisvesting eindelijk eens een prioriteit. Ouderen verdienen meer dan louter loze beloftes. Zij verdienen respect en praktische oplossingen. En, voorzitter, laten we er voor een keer eens voor zorgen dat onze ouderen niet opnieuw weer aan het kortste eind trekken. Tot zover. Ik heb een motie daarover. Het leek net op een statushoudersverhaal. De VOORZITTER: Mevrouw Verkoelen heeft de volgende motie ingediend. Motie 5.

Wonen op maat voor ouderen! “De gemeenteraad van Rotterdam, in vergadering bijeen op 26 juni 2025 ter bespreking van de verordening woonruimtebemiddeling; constaterende dat; - ouderen vaak jarenlang moeten wachten op passende huisvesting; - er een tekort is aan betaalbare, geschikte en aangepaste woningen voor ouderen; - veel ouderen momenteel noodgedwongen in te grote of ongeschikte woningen blijven wonen vanwege het gebrek aan alternatieven; overwegende dat; - het vergroten van het aandeel seniorenwoningen zorgt voor een betere doorstroming op de woningmarkt; - ouderen passende huisvesting verdienen die aansluit bij hun levensfase en zorgbehoeften; - door het vrijmaken van grotere woningen voor gezinnen en starters, investeren in ouderenhuisvesting indirect ook jongere woningzoekenden ten goede komt; verzoekt het college; - in de prestatieafspraken met woningcorporaties vast te leggen dat minimaal 10% van het totale aanbod sociale huurwoningen specifiek beschikbaar gesteld wordt voor ouderen; - met woningcorporaties overeen te komen om jaarlijks een toename van minimaal 2%punt te realiseren in het aantal woningen dat geschikt gemaakt wordt voor senioren; en gaat over tot de orde van de dag.” w.g. P.J.H.D. Verkoelen De motie is voldoende ondersteund en maakt deel uit van de beraadslagingen. De VOORZITTER: Zijn er nog anderen die het woord wensen? Niemand.

Dan kijk ik naar de wethouder. Mevrouw ZEEGERS (wethouder): Dank u wel, voorzitter. Het is een belangrijk onderwerp waar we het hier over hebben. Ik wil wel eventjes de heer Dahoe citeren die zei: de echte tegenstander is het tekort aan woningen. Ik denk dat we dat eigenlijk met u allen wel delen,

raadsvergadering van 26 juni 2025

Notulen pagina

1241

die conclusie, hoe schrijnend het is dat mensen geen eigen huis hebben. Dat is iets wat ons allen deelt, de behoefte om daar oplossingen voor te verzinnen. Ik hoor u ook niet anders dan daar altijd bij mij op aan te dringen om daar werk van te maken. Dat voel ik met u mee. We willen die bouw en natuurlijk eigenlijk nog veel verder stimuleren dan we al doen. Als het aan ons ligt, gaan we natuurlijk nog veel meer bouwen dan dat we jaarlijks voor elkaar krijgen. Juist omdat die hoge nood enorm is. Ik krijg wekelijks mailtjes van mensen die op zoek zijn. De voorbeelden die u hier noemt in de raad zijn mij bekend. Dus we kennen het probleem en we zoeken met zijn allen naar die oplossingen. Ik ben ook blij dat we daar met zijn allen zij aan zij staan. Vandaag liggen er dus 2 verordeningen voor. Eentje voor de verdeling van de woningen die er zijn en de ander om toch nog wat meer woningen door te voeren, te krijgen of door te splitsen en verkameren is natuurlijk ook een oplossing die we daarvoor hebben. Dat even op voorhand. Ik denk dan even alle moties af te gaan. Leefbaar Rotterdam, u hebt een oproep die aan de gemeenteraad gericht is. Ik hou me daar even buiten, dat is aan uw raad. Dan GroenLinks en meerdere partijen.

Ik moet nog wel eventjes een vraag ook beantwoorden van Leefbaar Rotterdam, of het bekend is dat de wijkraad Lombardije en Rozenburg problemen hebben gesignaleerd ten aanzien van de huisvesting van EUarbeidsmigranten. Uiteraard is deze problematiek breder in de stad, meerdere wijken waarin dat speelt. Ook dat is schrijnend. Arbeidsmigranten die in kelderboxen met heel veel mensen in kelderboxen liggen, er geen alternatief is, op straat worden gezet, als ze geen baan meer hebben. Dus die problematiek is ons zeer bekend. Ik denk ook dat het heel belangrijk is dat wij alternatieve huisvestingsconcepten gaan realiseren voor EU-arbeidsmigranten. Want zoals het nu gaat, is het voor de mensen zelf verschrikkelijk, maar ook voor de mensen die eromheen wonen. Want het roept ook gevoelens van onveiligheid op die voor niemand fijn zijn. Die problematiek is zeer bekend. Alternatieve huisvestingsconcepten zijn, denk ik, zeer gewenst. Op dit moment handhaven we wel op illegale kamerbewoning. Maar je moet natuurlijk ook zorgen dat er gewoon huisvesting is voor die mensen die anders op straat komen te staan. Dus zeker doen we daar ons werk in. Maar ik denk het belangrijkste werk is ook daar goede huisvesting voor te regelen.

Dan vanuit de PvdA: u vraagt ook het onderzoek over een verhuurdersvergunning, is dat nog mogelijk om ook nog iets te doen rond die betaalbaarheid van woningen? We hebben natuurlijk de verhuurdersvergunning in Carnisse gehad. Die vergunning is komen te vervallen met de introductie van de wet betaalbare huur. Dus die kunnen we niet meer inzetten. We gaan wel die verhuurdersvergunning evalueren. Daarop zou eventueel kunnen worden geconstateerd, niet alleen, want de verhuurdersvergunning ging natuurlijk over de huurprijs van de woning, terwijl bijvoorbeeld in Amsterdam er een huurdersvergunning is op basis van de huisvestingsverordening die gaat over het inkomen van degene die in die betaalbare woning terechtkomt, dus in die middenhuurwoning. In Amsterdam hebben ze daar op basis van de huisvestingsverordening een huurdersvergunning ingevoerd om te kijken van hebben we hier ook passend toewijzen in het middensegment. Dat hebben wij niet nu in Rotterdam. Dat vraagt ook nu te veel capaciteit, kan ik ook niet zomaar invoeren en we hebben bovendien ook die verordening niet. Maar ik kan wel kijken in de evaluatie van die verhuurdersvergunning die in Carnisse is gedaan, hoe dit aspect daarin wordt meegenomen. Dus dat als antwoord op uw vraag. De VOORZITTER: Mevrouw Vogelaar. Mevrouw VOGELAAR (pvda): Voorzitter, dank aan de wethouder voor deze beantwoording.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=RotterdamRaad&id=a0ce8bb2-390b-42d2-8a9a-81061e45b3af