CConstaterende datRotterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

20240314- Notulen van de raadsvergadering van 14 maart 2024

Gemeenteraad 14 maart 2024, gemeente Rotterdam61.278 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 7 van 7

In sommige gevallen is het ook gewenst door de huurder die hem wel wil kopen of komt het goed uit. Wij vinden het wel belangrijk om er zuinig mee te zijn, dus daarom hebben we daar ook die afspraken met de corporaties, maar helemaal stoppen gaat ons toch te ver. Dus aangezien u daartoe oproept moet ik het toch ontraden. Dan is er nog een motie over de kostendelersnorm en die zal de heer Versnel voor zijn rekening nemen. De VOORZITTER. Dan gaan we naar wethouder Buijt. De heer BUIJT (lr) (wethouder). Dank u wel voorzitter. Mijn lijst is gelukkig een stuk korter dan die van mijn collega. Die had er geloof ik 53. Als ik het goed is heb ik er vier. Drie van BIJ1 en één van GroenLinks. Ik zal met de moties van BIJ1 beginnen. Dat is allereerst 'Geen hotels maar Housing First'. Die wil ik ontraden. Juist in de gebouwen die omgebouwd worden tot woningen. Housing First is echt een definitieve woning en in die gebouwen is het vaak tijdelijk wonen, waar je een gezamenlijke ruimte hebt voor de keuken, soms zelfs gezamenlijke huiskamers, gezamenlijke douches, die je dus moet delen, gemeenschappelijk. Dat is heel vaak in dat soort ruimtes het geval. En bij Housing First is het echt dat je je eigen woning krijgt, dus die vinden wij niet geschikt om voor Housing First in te zetten. Die vinden we wel geschikt voor de opvang van bijvoorbeeld Oekraïners. Daarvoor gebruiken we ze.

Voor de opvang van statushouders. Dus die gebouwen worden deels ook soms voor een hotel gebruikt, maar ook heel vaak voor meer opvanggerichte doelgroepen en niet zozeer voor Housing First. In motie 39, 'Bankslapers', vraagt u eigenlijk het aantal bankslapers in kaart te brengen met een ETHOS Light-telling. Die ETHOS Light-telling komt eraan. Die is voor het eerste of het tweede kwartaal 2025 toegezegd, maar ze kunnen er maar een beperkt aantal doen. Rotterdam heeft ook een aanvraag ingediend, ik meen samen met Amsterdam. En wij zijn ingedeeld in het eerste kwartaal in 2025, dus die telling komt eraan. Dat is het eerste deel van uw motie. Het tweede deel gaat over een structurele oplossing voor bankslapers substantieel te verhogen. Dat is ook mijn ambitie, maar het speelveld is ook door mijn collega neergelegd, dat dat heel spannend is. Want er zijn heel veel groepen die voor heel weinig beschikbare woningen strijden. Op dit moment vallen de bankslapers niet onder de urgentiegroep, dus die vallen niet onder die 55%, maar die vallen nu nog onder die 45%. En waar je dus over van gedachten zou kunnen wisselen in de toekomst, maar op dit moment is daar niet het juiste moment en de plek voor, is of je kunt kijken of je van die 45% naar de regulier woningzoekenden waar die bankslapers onder vallen, daar ook een stukje in kunt reserveren specifiek voor de bankslapers.

Want ze zijn een onderdeel van de reguliere. Maar op dit moment is dat echt nog onderdeel van een nadere discussie op vele fronten, dus dat kan ik gewoon nu niet toezeggen. Ik ben het met u eens, uw berekening van elk jaar 100, dan ben je in 2074 een keer aan de beurt. Dat is inderdaad een soort karikatuur, maar feitelijk klopt die wel. Maar we voeren juist ook beleid om te zorgen dat er juist minder mensen bankslaper worden. Dus dat betekent dat we bijvoorbeeld gaan kijken hoe we mensen postadressen kunnen verstrekken en dergelijke, en daar helpen we ze nu ook bij. De VOORZITTER. Mevrouw Vlasblom. De heer BUIJT (lr) (wethouder). Dus we hopen dat die 5000 lager wordt, maar de burgemeester, de voorzitter geeft aan… De VOORZITTER. Zodra ik 'dus' hoor, denk ik: nu komt er herhaling. Mevrouw Vlasblom.

raadsvergadering van 14 maart 2024

Notulen pagina

392

Mevrouw VLASBLOM (bij1). Ja eigenlijk gewoon een heel korte vraag. Gewoon de techniek. Waarom valt een bankslaper niet onder de urgentie? Wat is daarmee de afweging geweest zeg maar? Ik ben daar toch best benieuwd naar. De heer BUIJT (lr) (wethouder). Ik ga proberen het kort te houden. Het is niet bekend wie echt een bankslaper is, want het is een schatting van 5000. En op een gegeven moment, als je iedereen urgent verklaart, dan is de urgentie ook niets meer waard, want dan zijn er meer urgenten dan woningzoekenden en blijft er geen enkele woning meer over voor de regulier woningzoekenden. Dus je moet op een gegeven moment ook een selectie maken wat je nog als urgent verklaart, want anders heeft het geen functie meer dat je urgent bent. Dus dat is de reden waarom bankslapers niet bij de groep urgenten zitten, want dan wordt de groep automatisch al hoger dan het aantal beschikbare huurwoningen. Dan uw laatste motie, 'Ambitie beëindigen dakloosheid in 2030'. Dat zeggen wij impliciet ook wel in ons plan Dakloosheid dat we vorig jaar hebben vastgesteld. Want dan zeggen wij: wij sluiten ons aan, ik weet het niet, maar impliciet heb ik inderdaad toen ook in het debat met mijnheer Vonk gezegd: ik vind het niet realistisch om die belofte nu te doen dat er in 2030 geen dakloosheid meer is.

Ik heb dat toen vergeleken met: ja, ik wil ook het liefst dat er geen kinderen meer honger hebben in de wereld en dat het nergens meer oorlog is, en ik wil ook dat er geen dakloosheid meer is, maar ik vind het niet fair om dat uit te spreken, want je weet gewoon dat dat een heel lovenswaardig streven is, maar niet realistisch. Dus daarom ontraad ik ook die motie. En de laatste motie is motie 11 van GroenLinks en anderen. De VOORZITTER. De heer Vonk nog over de vorige motie. De heer VONK (cu). Ja, want nu is de ambitie: in 2030 zo weinig mogelijk dakloosheid. Wat is nu daarvan de ambitie? Ik neem namelijk aan dat u volgend jaar ook wilt dat er zo weinig mogelijk daklozen op straat liggen. En in 2027 ook zo weinig mogelijk daklozen op straat. Dus wat zegt nu die ambitie voor ons als Rotterdam? De heer BUIJT (lr) (wethouder). Nou, wat we in ieder geval de komende jaren gaan doen, is zorgen dat we bij wijze van spreken de opvang ook gaan ombouwen naar kleinschaligheid. Dat het al sowieso minder heftig is. Maar wij weten ook gewoon dat het probleem an sich niet zomaar even is op te lossen met de huidige aantallen die er nu zijn. Het is wel een ambitie. Natuurlijk willen we het liefst niemand dakloos hebben. Maar om nu te zeggen: in 2030 zijn er geen daklozen meer, dat vinden we gewoon niet realistisch. Dus daar zit gewoon de discrepantie in. De VOORZITTER. De heer Vonk.

De heer VONK (cu). Wat u dan vervolgens doet is een nietszeggende zin opschrijven. We willen zo weinig mogelijk daklozen. Maar dat wilt u nu ook al en dat wilt u volgend jaar ook, dus ook in 2030. Het zegt helemaal niks. Dat is mijn punt. Dus vervang hem dan door een betere zin en dan zou ik zeggen: u sluit al aan op die ambitie, zegt u zelf, van het Nationaal Actieplan Dakloosheid in uw eigen plan. Schrijf dat dan ook gewoon in deze visie, want dat is uiteindelijk wel waar je naartoe wilt. Het is geen target, maar het is wel een ambitie. De VOORZITTER. Wethouder. De heer BUIJT (lr) (wethouder). Wij hebben nu gekozen voor deze zinsnede en daar staan we ook voor. Ik vind het een beetje een woordenspel worden, want er is geen enkele dakloze geholpen met een zin die wij opschrijven. Wij proberen gewoon vast te houden aan een realistische werkelijkheid. De motie van GroenLinks vraagt: kunnen we de doorstroomtijd vanuit de opvang naar drie maanden terugkrijgen? Dat is ook altijd het streven geweest om die te hebben. Die is momenteel vierenhalf à vijf maanden. En dan meer woning first daarvoor in de plaats. Dat zou betekenen dat we ongeveer honderd woningen moeten gaan onttrekken aan het huidige aanbod, en dat zou dan betekenen dat het ten koste gaat van andere doelgroepen, zoals mensen met medische urgentie, zoals mensen die in scheiding liggen, zoals statushouders.

En op dit moment is die keuze niet gemaakt. We doen er alles aan, even voor ieders duidelijkheid, 25% van alle sociale woningen gaat naar mensen uit de opvang, dus dat zijn in principe mensen die dakloos raken, in de opvang komen en uitstromen. Die stromen gemiddeld na vierenhalf à vijf maanden uit. Ons doel is om dat inderdaad in drie maanden te doen, maar door de woningkrapte lukt dat op dit moment onvoldoende. De oplossing honderd extra

raadsvergadering van 14 maart 2024

Notulen pagina

393

woningen woning first, die moeten wel onttrokken worden aan de woningvoorraad, het gaat ten koste van anderen. Dat kunnen we op dit moment echt niet waarmaken en daarom wil ik deze motie ook ontraden voorzitter. De VOORZITTER. Mevrouw Kockelkoren. Mevrouw KOCKELKOREN (gl). Ja voorzitter, ik vind dit wel zo langzamerhand een bijzondere redenering worden, want er zijn nu twee wethouders die zeggen: wij kunnen niet meer mensen toewijzen. Wij kunnen niet meer doen voor dakloze mensen, want we hebben te weinig sociale woningen. Nou, dat is precies het punt waar wij met alle partijen de hele eerste termijn aan hebben gespendeerd. We maken te weinig sociale huurwoningen. En als u dan vervolgens dat als argument gebruikt om onze voorstellen van tafel te vegen, dan begrijp ik echt niet meer waar we mee bezig zijn. Dat betekent dus gewoon dat er te weinig sociale woningen worden gebouwd. Toch? De VOORZITTER. Wethouder. Mevrouw ZEEGERS (d66) (wethouder). Ja, dat klopt ook. Kijk, onze ambitie is 880 per jaar. Dat hebben we vorig jaar gehaald, maar het jaar daarvoor niet. Dus die zou je er dan weer bij optellen. Dus dat heb ik ook niet ontkend. Er moet ook meer gebouwd worden. Daar zijn we het denk ik allemaal met elkaar over eens. De VOORZITTER. Dan ga ik naar wethouder Versnel. Mevrouw Kockelkoren. Mevrouw KOCKELKOREN (gl).

Ja, ik denk dat het voor Rotterdammers nu helemaal onbegrijpelijk wordt, want we zijn het inderdaad allemaal eens dat er meer gebouwd moet worden. Ons gaat het erover dat er dus te weinig sociale woningen worden gebouwd, waardoor je bezig bent met verdeling in schaarste. En wij zeggen: geacht college, bouw nu meer sociale woningen, zodat je dus aan die dakloze mensen beter een woning kunt geven, zodat je die mensen die noodgedwongen in een sociale huurwoning moeten, eerder aan de beurt kan laten komen. En dan zegt u: nee, want daar hebben we een coalitieafspraak over. En daar zit gewoon het pijnpunt. De VOORZITTER. Mevrouw Zeegers. Mevrouw ZEEGERS (d66) (wethouder). Nou, ik denk toch dat u mij wat woorden in de mond legt. Ik heb namelijk niet gezegd, ik heb aangegeven wat ik net ook zei: er wordt te weinig sociaal gebouwd, midden gebouwd, ook in de hogere segmenten, maar dat zit meer op kwalitatief niveau, er is nog steeds een woonbehoefte die niet vervuld wordt. Maar we hebben het hier vooral even over de betaalbare bouw. Ik erken volledig dat dat te weinig productie heeft. Er zitten honderdduizend problemen, daar hoeven we allemaal niet op in te gaan. Dat heb ik niet ontkend. We hebben gezegd: we hebben een percentageverdeling van 25%-40%. Daar werken we naartoe. 40% voor het middensegment en dan daarboven nog, het hogere segment.

Dus we werken naar die 65% betaalbaarheid toe. Daar zitten we nu nog niet, maar daar willen we wel zo snel mogelijk komen. Sterker nog, het gaat niet alleen om die percentages, het gaat ook om de aantallen. Sterker nog, het gaat nog veel meer om de aantallen, want 25% van 3000 is minder dan 25% van 4000. Onze ambitie in het coalitieakkoord was eigenlijk 4000 woningen per jaar. Dus ik ben het er helemaal mee eens dat wij ook per saldo meer woningen willen bouwen. Daarbij zeg ik ook: wij willen ook van die particuliere voorraad zoveel mogelijk binnen de prijsklasse laten houden. Daarvoor hebben we die Wet betaalbare huur nodig. Dat vind ik ook. We hebben nog veel meer woningen nodig. Flexwoningen, optoppen, al die zaken meer. Dus we doen beter benutten van de bestaande voorraad, om de massa groter te krijgen. Dus dat ben ik helemaal met u eens. Daar heb ik ook nooit iets anders over gezegd. De VOORZITTER. De heer Engberts. De heer ENGBERTS (pvda). Twee dingen. Voorzitter, de wethouder hoeft niet te wachten op de Wet betaalbare huur. De Wet goed verhuurderschap en onze pilot in Carnisse kan ook gewoon worden uitgebreid en dan kunnen we nu al aan de slag. En waarom doen we dat dan niet? De VOORZITTER. Wethouder.

raadsvergadering van 14 maart 2024

Notulen pagina

394

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=RotterdamRaad&id=283ef510-9f2f-4203-a74c-bce8849bf78d