CConstaterende datRotterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

20240314- Notulen van de raadsvergadering van 14 maart 2024

Gemeenteraad 4 april 2024, gemeente RotterdamBij agendapunt: Vaststelling van de notulen van de raadsvergadering van 14 maart 2024.61.278 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 6 van 7

Ik probeer wel ook aan te geven dat het zowel voor mensen met een sociaal- of minimuminkomen als voor die middengroep onvoorstelbaar moeilijk is en dat we voor al deze groepen willen bouwen. En dat het nog een hoop tijd zal vragen om de voorraad helemaal op peil te krijgen, dat ben ik met u eens. Dus dat even overall, want ik wil ook wel voorkomen dat het beeld ontstaat dat het college erop uit is om minder corporatiebezit in Rotterdam te hebben. Dat is niet het geval. Wij hebben gezegd dat we dat minimaal op peil willen houden. Daar doen wij alles aan. Dat zit deels in nieuwbouw, maar deels ook in het optoppen, het splitsen, kamerverhuur mogelijk maken. We hebben ook nog de Silja, dat ons natuurlijk voor de statushouders, de gekoppelde statushouders helpt om woonruimte te creëren. Dus we trekken van alles uit de kast. Ook flexibele woningbouw, waarvan we er 2000 willen realiseren de komende periode, om juist te zorgen dat ook op andere manieren die woonruimte groter wordt. En dat zullen vooral woonruimten zijn voor mensen met een smalle beurs. Dus daarvoor zetten we alles op alles, maar mijn grootste hoop is nog wel gevestigd op de Wet betaalbare huur.

Op het moment dat we ook die instrumenten hebben om ook echt te handhaven op de hoge huren, zal ook die verdamping, waar ik u ook vaak over hoor praten, die 3000 woningen per jaar, die eigenlijk door die mutatie in de particuliere voorraad in prijs gaan stijgen en dan dus te duur worden voor de inkomensgroep waarvoor we ze eigenlijk nodig hebben, daar kunnen we ook echt mee aan de slag met de Wet betaalbare huur. Dat zien we nu natuurlijk ook in de pilot in Carnisse, waarin het toch al in 400 gevallen tot een huurverlaging heeft geleid en we zijn nog maar net bezig. Dus ik denk dat die instrumenten ons nog veel meer gaan helpen. Tegelijkertijd zetten we ook in op al die andere zaken zoals flexibel wonen et cetera. Het neemt niet weg dat het een ongelofelijk stevige klus is om aan al die vragen te voldoen. Last but not least is de Woonvisie natuurlijk niet alleen maar meer betaalbare woningen realiseren. Het gaat ook over die vitale wijken, die toekomstbestendige wijken, om te zorgen dat het prettig, fijn wonen is in Rotterdam. En dat is niet alleen een huis, dat is ook je omgeving, dat gaat ook over voorzieningen, over buitenruimte, over elkaar ontmoeten, zodat we een prettige en leefbare stad zijn, ook op de toekomst voorbereid. Daar gaat deze woonvisie ook over.

Daar spreken we misschien wat minder vaak over, maar dat staat er wel degelijk in, en is denk ik iets wat ook ontzettend belangrijk is, nog los van alle inzet op duurzaamheid en de inzet tegen discriminatie op de woningmarkt. Ik hoorde mevrouw Vlasblom ook aangeven: we discrimineren nog op de woningmarkt. Nou, deze woonvisie is daar echt op tegen. De Rotterdamwet artikel 8 wordt ook niet meer ingezet, dus wat mij betreft is discriminatie op de woningmarkt echt einde verhaal. Dat even als inleidende beschieting. De VOORZITTER. Mevrouw Vlasblom. Mevrouw VLASBLOM (bij1). Kijk, ik kan hier nu een betoog gaan houden over waarom de delen van de Rotterdamwet die nog wel actief zijn heel problematisch zijn. Dan ga ik weer beginnen over systematisch racisme bij de politie en dan wordt iedereen weer boos. Maar goed, dat zijn nog heel belangrijke dingen die ervoor zorgen dat de Rotterdamwet nog heel uitsluitend werkt en heel stigmatiserend werkt. En het is dus niet goed genoeg om alleen artikel 8 eruit te slopen, in uw termen. Dus als die Rotterdamwet helemaal verdwijnt, zijn we in ieder geval al met iets goeds bezig.

raadsvergadering van 14 maart 2024

Notulen pagina

380

De VOORZITTER. U kunt verdergaan wethouder. Mevrouw ZEEGERS (d66) (wethouder). Ja, daar kunnen we inderdaad nog een heel apart debat over voeren, zeker. We gebruiken hem nu natuurlijk ook voor voorkeursbeleid voor bepaalde doelgroepen en in het kader van overlast, maar niet meer discriminatie of aanpak in het kader van sociaaleconomische en inkomenseffecten. Goed, maar laat ik snel overgaan op de amendementen en moties die u heeft ingediend. Het zijn er zestig, dus ik probeer het natuurlijk heel snel te doen, maar het zal enige tijd kosten. De eerste is een amendement, amendement A, 'Een sociale woonvisie'. U geeft aan om een ander percentage segmentering te hanteren in de Woonvisie, namelijk 80% betaalbaar, 40% sociaal, 40% midden. Daar hebben wij inderdaad andere afspraken over gemaakt, dus deze zal ik ontraden. Dan amendement B van de SP, 'Geen doekjes voor het bloeden'. Daarin zegt u dat u geen flexibele woningen wilt. Dat is juist een van onze oplossingen om ook tijdelijk al in huisvesting te voorzien voor al die mensen die op zoek zijn naar een woning, dus die zal ik ontraden. De 'Rotterdamse leegstandsaanpak', amendement C. U geeft aan een leegstandsverordening in te zetten met een boete op leegstand, en een leegstandsheffing.

Nou, zoals aangegeven in de Woonvisie wil ik echt eerst goed gericht onderzoek voordat je precies weet welke maatregelen je precies gaat doen, dus deze zal ik ook ontraden. De heer COŞKUN (sp). Voorzitter. De VOORZITTER. De heer Coşkun. De heer COŞKUN (sp). Voorzitter, kijk, het is niet nieuw hè, dat leegstandsprobleem. Rotterdam heeft veel meer leegstand dan gemiddeld in andere steden. En als je geen stok achter de deur hebt, dan ga je dat niet oplossen. U kunt onderzoeken tot u een ons weegt, maar daarmee ga je die leegstand, die schrijnend is bij zoveel woningnood, niet aanpakken. Dus u moet toch op enige manier zeggen: als we leegstand constateren, gaan we die bezitters flink aanpakken. Mevrouw ZEEGERS (d66) (wethouder). Dat ben ik zeker met u eens. Tegelijkertijd wil je ook wel goed weten waarom die leegstand er is. In sommige gevallen frictie. Ik kan u verzekeren dat we ook als Rotterdam leegstand hebben, omdat wij woningen opkopen. Die staan soms ook leeg, omdat we die dan willen samenvoegen en vergroten. En dan moet er nog een onderhoudsslag overheen. Bij corporaties, op het moment dat een pand gesloopt wordt en mensen worden uitverhuisd, dan staat zo’n pand natuurlijk ook leeg vanwege de sloop. Dus je wilt precies kijken wat nu echt de redenen zijn van die leegstand.

Maar ik ben het met u eens, als het langdurig leegstaat moeten we daar echt wel maatregelen voor nemen. Zo staat het ook in de Woonvisie. Maar ik wil wel eerst even weten waar het lek precies zit voordat we precies weten welke maatregelen we daarvoor gaan nemen. Dan de motie 'Onderzoek de mogelijkheden tot heroprichting van een gemeentelijk woningbedrijf'. Daarvoor hebben wij de wooncorporaties actief in Rotterdam. Dat zijn er inmiddels een behoorlijk aantal, met wie we goed samenwerken, dus ik zie dat als geen noodzaak om een woonbedrijf op te richten. Dan heeft u de motie 'Niet zomaar slopen en altijd goed renoveren'. U geeft aan dat er niet meer gesloopt mag worden. Het is een heel lang dictum, ik zal het niet proberen samen te vatten, maar wij hebben in de prestatieafspraken afgesproken met de corporaties: het is behoud, tenzij. Omdat we het met u eens zijn, ook die architectonische waarde, erfgoedwaarde, is onderdeel van de identiteit van een wijk. Het is ook belangrijk om dingen te behouden. Tegelijkertijd zien we ook dat soms wat betreft de kosten van dat behoud, corporaties daar wel tegenaan lopen, dat dat dan zo bedragen worden van € 100.000,00 tot € 200.000,00 om de renovatie te doen, terwijl sloop/nieuwbouw dan echt een kostenefficiëntere maatregel is, en ze ook meer kunnen doen voor dezelfde euro’s.

Het is dus altijd wel een afweging en dat proberen we echt goed te doen, samen met de corporaties, zodat je sloop alleen daar doet waar het het minst pijnlijk is. Maar deze motie zo stellig, die wil ik dan ontraden. U geeft ook aan structurele en onafhankelijke professionele bewonersorganisatie ondersteuning. Daar heb ik ook veel gesprekken over gehad met mensen die actief zijn in de woningbouwopgave. Ook initiatiefnemers als Recht op de stad. Het is mijn stellige overtuiging dat wij per wijk, per project goed moeten kijken hoe je bewoners ondersteunt en helpt. Zoals bijvoorbeeld nu in Bloemhof, waar we met een ingrijpend traject bezig zijn om naar de woningvoorraad te kijken, gaan we ook kijken hoe we een onafhankelijke ondersteuning voor die bewoners zelf kunnen inhuren. In andere gevallen, als ik bijvoorbeeld kijk naar de plannen rond Feyenoord City, hebben we een uitgebreid participatietraject in gang gezet, waarvoor heel veel koffiekarren, ondernemers bij betrekken et cetera, en dan regelen we het weer op een andere

raadsvergadering van 14 maart 2024

Notulen pagina

381

manier. Dat heeft wel geleid bij de bestemmingsplannen die we daarvoor ter inzage hebben gelegd dat er vrijwel geen zienswijzen zijn, in ieder geval niet van bewoners. Dus in die zin denk ik dat het maatwerk is per project dat je moet doen, en niet een geïnstitutionaliseerd systeem van one size fits all. Dus zo kijk ik naar die participatie en bewonersondersteuning, dus vandaar dat ik deze vorm wil ontraden. De motie 'Nodig het GOH uit voor het bestuurlijk overleg tussen de wethouder en de woningbouwcorporaties'. Daar hebben we het in de commissie ook over gehad. GOH is de koepel van huurdersorganisaties. Daar spreek ik af en toe mee. We zijn ook met hen in overleg over het Sociaal Statuut. Maar een bestuurlijk overleg is een bestuurlijk overleg, en daar moeten alle verschillende belangen tegen elkaar worden afgewogen en dat vind ik dan niet de plek van een huurdersorganisatie om daar dan ook bij aan te schuiven, omdat er dan ook andere onderdelen zijn waar rekenschap van gegeven moet worden. De motie 'Voorkom machtsmisbruik antikraakbureaus'. U geeft aan om geen antikraakbureaus, leegstandsbeheerders meer in te schakelen op het moment dat woningen leeg staan. Ook deze zal ik ontraden. Wij hebben inderdaad dat wij antikraak of leegstandsbeheerders inhuren om dat leegstandsbeheer op een goede manier te doen.

Er is niet lang geleden ook het contract met een van hen opgezegd omdat die het niet goed deed. Maar het is wel een vak apart, dus wij vinden het wel belangrijk om als er leegstand is en we doen er nog tijdelijke verhuur, dat er dan een leegstandsbeheerder is, dat er leegstandsbeheer is. De VOORZITTER. Mevrouw Vlasblom. Mevrouw VLASBLOM (bij1). Ja, dank voorzitter. Ik … dat u dat goed wilt regelen met een leegstandsbeheerder. Maar de vorige keer in de commissiebehandeling zei u ook al: ja, met de schimmelproblematiek, en veel dingen die in slechte staat zijn in heel veel panden. Ja, ze hebben een gebruikersovereenkomst, dus niet bepaald dezelfde rechten als huurders, dus hoe rijmt dat dan? Want de mensen die daar wonen hebben niet bepaalde rechten, dus we kunnen dan toch beter het in eigen beheer nemen en ervoor zorgen dat we goed zorgen voor de huurders in plaats dat al deze mensen die een wat kleinere beurs hebben en gedwongen zijn antikraak te wonen in allemaal schimmelpanden zitten die half uit elkaar vallen? En dat we daar nog mee samenwerken als gemeente is toch een beetje vreemd? De VOORZITTER. Wethouder. Mevrouw ZEEGERS (d66) (wethouder). Bij leegstandsbeheer dat wij zelf doen, kijken we altijd wel of de kwaliteit van de woning voldoende is om in de verhuur of in leegstandsbeheer te plaatsen, dus als het goed is zouden die woningen voldoende van kwaliteit moeten zijn.

Het zal qua label misschien niet helemaal A zijn, of misschien nog een E-label hebben of iets dergelijks, maar wij doen wel de toets: is iets verhuurbaar? Anders zouden wij daar geen leegstandsbeheerder op zetten. De VOORZITTER. Mevrouw Vlasblom. Mevrouw VLASBLOM (bij1). Maar waarom wordt er dan niet gewoon met normale huurovereenkomsten gewerkt en geven we die mensen niet gewoon normale rechten? De VOORZITTER. Wethouder. Mevrouw ZEEGERS (d66) (wethouder). Ja, dit is een vorm, het zijn tijdelijke huurovereenkomsten. Het is een gebruikersovereenkomst, omdat de bedoeling van leegstandsbeheer is dat waarschijnlijk zo’n pand uiteindelijk een andere bestemming krijgt, gesloopt wordt of dat er iets anders mee gaat gebeuren. Dus je wilt dat dan niet leeg laten staan, dus laat je iemand er tijdelijk in wonen, maar op het moment dat we overgaan tot sloop of transformatie of wat dan ook het plan is, dan moet deze huurder er natuurlijk uit, omdat we dat dan van plan zijn te gaan doen. Dat is dus de reden dat je niet, want bij het formele huurrecht kun je mensen natuurlijk niet zomaar van de ene op de andere dag eruit plaatsen, dus dit is een construct om toch leegstaande panden wel bewoonbaar te laten zijn, maar dan wel tijdelijk en met minder rechten. Mensen betalen dan natuurlijk ook een veel lager bedrag.

Dan motie 6, 'Behoud sociale voorraad', dat de afname van de sociale woningvoorraad in alle wijken onwenselijk is. Daarvan hebben we natuurlijk ook andere afspraken gemaakt. We zijn er zeker voor dat de sociale voorraad zoveel mogelijk blijft in alle wijken, in welvarende wijken en ook in minder welvarende wijken. Maar in een aantal gevallen zal er toch overgegaan worden tot sloop omdat de kwaliteit gewoon beneden de maat is, dan wel liberalisatie of verkoop. Dat zijn allerlei mogelijkheden

raadsvergadering van 14 maart 2024

Notulen pagina

382

die de corporatie nog steeds heeft. En zoals ik ook in de volgende motie zal beantwoorden, wat ons betreft kijken we zoveel mogelijk om sociale voorraad te behouden, zeker in de rijkere wijken, om het maar zo te zeggen, echt ervoor te zorgen dat daar de sociale voorraad zeker op peil blijft. Daar voeren wij ook de gesprekken over. Dan motie 7, 'Sturen op sociale huurwoningen minimaal op peil houden'. Daarin word ik verzocht om periodiek te rapporteren over die afname van de sociale voorraad, door waardestijging, verkoop et cetera, en ook met maatregelen te komen hoe we dan toch die sociale voorraad minimaal op peil houden. Een motie van GroenLinks, PvdA en ChristenUnie. Die motie wil ik oordeel raad geven. Ik wil daar wel bij zeggen dat wij niet alles inzichtelijk kunnen maken, zeker bij de particuliere voorraad moeten wij wel de gegevens hebben om dat goed te kunnen doen. Daar hebben we een landelijk huurregister voor nodig. Een van onze lobbypunten waar we al heel erg lang voor lobbyen, zodat het transparant is hoe die huurmarkt eruitziet. Dus we hebben wel die gegevens nodig. De gegevens die we hebben zullen we in ieder geval betrekken bij de rapportage, dus deze kan ik oordeel raad geven met die kanttekening. Dan de motie 'Meer sociale huurwoningen nodig'. Daarbij zegt u eigenlijk het aandeel nieuw te bouwen sociale woningen uit te breiden naar 35%.

We hebben in ons coalitieakkoord opgenomen dat we werken naar 25% sociale woningbouw, dus om die reden zal ik deze al moeten ontraden. U geeft ook aan dat wij de potentiële sociale particuliere voorraad van 10% niet langer mee moeten tellen. Nou, in ons woonakkoord hebben we ook gezegd: we houden ons vast aan de landelijke definitie. Op het moment dat de particuliere voorraad aan die landelijke definitie voldoet, wil ik hem meetellen, want dat is ook zoals de landelijke definitie is. Maar goed, het waren twee dictums, dus in beide gevallen moet ik deze motie ontraden. Dan de motie 'Bewoners aan zet'. Aan de ene kant een heel sympathiek idee, want u zegt: wij gebruiken ook die wijkhubs om dat gesprek goed te voeren met de stad over projecten die plaatsvinden, herstructurering of welke projecten dan ook. Natuurlijk gaan we dat doen. Wat wel heel belangrijk is te realiseren, dat zit ook in Wijk aan zet, is dat woningbouw echt een stedelijke afweging is en dus niet op wijkniveau wordt bepaald. We nemen alle input mee, dat proberen we ook echt zoveel mogelijk een plek te geven in de plannen, maar uiteindelijk vindt de afweging stedelijk plaats. Zo zitten ook de bevoegdheden erin. Waar nodig gaan we wel per wijk een vertaling maken. We zijn bezig met handelingsperspectieven.

Dat doen we vooral in NPRZ-gebied en daar betrekken we natuurlijk de bewoners op allerlei verschillende manieren bij. Zo is het wel. Maar ik denk dat het wel belangrijk is om helder te zijn dat alle afwegingen op stedelijk niveau plaatsvinden. En ik weet niet of ik de motie op deze manier echt goed kan lezen. Aangezien het voor mij nog onvoldoende duidelijk is hoe u dat nu precies bedoelt, ontraad ik hem voorlopig, tenzij u in de tweede termijn kunt aangeven dat u het eens bent met mijn interpretatie, dan is het natuurlijk een ander verhaal. De motie 'Stimuleer innovatieve woonvormen'. U vraagt een revolverend gemeentelijk fonds in te stellen voor leningen tegen lage rente om wooncoöperaties te helpen de financiering rond te krijgen. Die zal ik ook ontraden. Wij hebben wel in een eerder debat, volgens mij was dat bij het grondbeleid, aangegeven dat we erfpacht in twee gevallen gaan inzetten voor collectieve woonvormen. We hebben er ook in het coalitieakkoord afspraken over gemaakt dat we collectieve woonvormen willen stimuleren. We hebben recentelijk nog bij het Robbenoordplein ook aangegeven dat we daar met CPO aan de slag willen. In Merwe-Vierhavens gaan we pilots doen met collectieve woonvormen, dus we proberen van alles om dat recht te trekken. Alleen een revolverend fonds gaan wij daarvoor niet inzetten.

Dat heeft ook financiële consequenties waar ik nu geen dekking voor heb. Dan motie 12, 'Van leegstand naar bewoonbaar'. U verzoekt leegstanden een nieuwe bestemming te geven en een leegstandsverordening op te stellen en die per 1 januari in te laten gaan. Dat zal ik in eerste instantie ontraden, tenzij wij daar op een later moment toch nog een bepaalde aanpassing aan kunnen geven. Ik denk dat het goed is dat we met leegstandsaanpak een goede aanpak verzinnen. Een verordening kan daar een rol in spelen. Daar ben ik niet per definitie tegen. Tegelijkertijd heb ik gezegd dat ik wel eerst goed wil onderzoeken wat en hoe we dat gaan doen en waar die ook relevant is. Dus tot die tijd ontraad ik deze motie. Dan motie 13, 'Steun voor woningeigenaren bij het isoleren van woningen', een campagne op te zetten voor subsidies en leningen voor isolatie en verduurzaming en daar nog allerlei zaken bij te betrekken en ook nog te lobbyen. Dat doen we natuurlijk heel graag, dus deze kan ik oordeel raad geven. We doen daar al heel veel in, in het kader van onze klimaataanpak. We hebben inmiddels ook een energieloket dat geopend wordt en we hebben allerlei maatwerk waarin we deze hulp ook bieden. Maar iedere campagne die we daar nog voor kunnen inzetten is hartstikke goed, dus oordeel raad wat mij betreft. Dan motie 14 van Leefbaar Rotterdam, 'Doorstroming moet geen hogere woonlasten betekenen'.

U wilt dat wij onderzoeken welke mogelijkheden er zijn dat mensen bij doorstroming niet met hogere woonlasten worden geconfronteerd. U zegt in uw dictum dat de vraag is om dat te garanderen. Dat garanderen gaat mij te ver. Als ik het zo kan lezen dat het in ieder geval onderzocht wordt en te kijken wat er allemaal mogelijk is, dan kan ik zeggen oordeel raad. Garanderen is dan net iets wat niet mogelijk is, wat niet in mijn bevoegdheden ligt. Motie 15, 'Help ouderen naar

raadsvergadering van 14 maart 2024

Notulen pagina

383

passende woonruimte in hun wijk en buurt'. Daarbij vraagt u ook om te kijken welke knelpunten er zijn voor ouderen om passende woonruimte te vinden en hoe we dat kunnen wegnemen, om ervoor te zorgen dat ouderen ook goed in hun wijk kunnen blijven wonen. Dat kan ik oordeel raad geven. We doen daar al veel in, want we vinden het natuurlijk belangrijk, zeker voor ouderen, dat ze ook in hun buurt kunnen blijven wonen en ieder steuntje in de rug daarbij is van harte welkom. Het scheelt uiteraard per wijk wat er al dan niet mogelijk is. Maar we zullen ons daar zeker voor willen inzetten. Dan de motie 'Houd voorraad sociale huurwoningen op peil'. Dat is de zoveelste bij deze titel. U stelt vast om ook te kijken naar die liberalisaties van corporatiewoningen en hoe we er nu voor zorgen dat we daar het goede gesprek over voeren. Is dat in alle gevallen wel nodig, kan het niet op een andere manier, en hoe voeren we die gesprekken nu toch en dat we daar aanvullende afspraken over maken. Dat is wat u aan mij vraagt en daarover terug te koppelen. Dat lijkt mij prima uitvoerbaar, dus dat is oordeel raad. Dan de motie 'Laat zien wat je verkoopt aan sociaal vastgoed'. U vraagt daarbij dat er meer transparantie moet komen bij de verkoop van vastgoed door woningbouwcorporaties en dat ik dat voorleg aan de woningbouwcorporaties. Op zich kan ik dat natuurlijk doen, dat gesprek voeren.

Het is wel zo dat de openheid van informatie echt aan de corporaties zelf is. Er is wel het een en ander openbaar, maar zij gaan wel over de mate waarin zij nog verder openbaarheid willen betrachten. Dus wellicht dat niet alle informatie op tafel kan komen, maar we kijken hoever we komen, dus oordeel raad. Dan de motie 'Eerst zelfbewoning en dan misschien beleggers'. U wilt dat als woningbouwcorporaties hun woningen gaan verkopen dat het dan wel gaat naar mensen die daar dan zelf gaan wonen en niet aan particulieren. Dat kan ik oordeel raad geven. Dat is zeker iets waar wij ook heel erg op inzetten. We hebben het ook al deels zo afgesproken met de corporaties in de prestatieafspraken. Zelfbewoningsplicht, antispeculatie bij verkoop en liberalisatie en dat gesprek wil ik zeker nogmaals voeren om te kijken wat we daarin nog meer kunnen doen. De VOORZITTER. De heer Segers-Hoogendoorn. De heer SEGERS-HOOGENDOORN (cda). Even een beetje van de techniek, als deze wethouder bedoelt oordeel raad, bedoelt ze eigenlijk: ik omarm de motie, want ik vind dat eigenlijk fraaier eerlijk gezegd. Nee, ik weet dat het iets anders is, maar ik hoor niets omarmd worden en alleen maar oordeel raad. Mevrouw ZEEGERS (d66) (wethouder). Ja, ik heb al heel lang geleden gezegd dat ik altijd alles oordeel raad geef. Dat is aan u.

Ja, maar goed, ik kan dit gesprek nog een keer voeren, maar al mijn oordeel raden zijn gewoon oordeel raad, en het ontraden is ontraden, omdat ik denk dat die niet uitvoerbaar is. Omarmen, ik ga deze hele discussie niet opnieuw voeren. Dat hebben we een jaar geleden gedaan. Dan het amendement van de ChristenUnie, GroenLinks en SP om de term absolute omvang te wijzigen in relatieve omvang. Die ontraad ik, want in onze woonvisie kiezen we wel voor dat Meer Evenwichtscenario, zodat we in de regio ook zorgen voor voldoende sociale woningbouw, omdat we zien dat we in Rotterdam verreweg het grootste aandeel daarvan hebben en het ook goed is om dat te spreiden. De VOORZITTER. De heer Vonk. De heer VONK (cu). Ja voorzitter, daar concludeer is dus uit dat u ook zegt: het aandeel sociaal gaat met deze visie dalen. Want het absolute blijft absoluut, dus relatief zal het gaan dalen. Dat is wat er dus in de visie staat. Ik zoek even de bevestiging, omdat er wel wat verwarring over was in de raad. En is er dan ook nog een ondergrens bij, is dan mijn vraag. Want de stad gaat groeien, en bij elk huis dat u realiseert, daalt het aandeel sociaal als het absoluut gelijk blijft. Zit daar nog een ondergrens aan? De VOORZITTER. Wethouder. Mevrouw ZEEGERS (d66) (wethouder). De ondergrens is … (geluid valt even weg, 4.51.26). Ja, we hebben natuurlijk een uitgangspositie.

Dat staat ergens in de eerste hoofdstukken van de Woonvisie. Dat is die 50%, ik zeg even 50%, maar ik heb het niet helemaal scherp. Die staat in ieder geval ergens in de inleiding of hoofdstuk 1. Dat is de omvang zoals die was. Dat was in de eerste versie van de Woonvisie 40% sociaal corporatiebezit, 10% particulier. Inmiddels is het 39%, doordat er een andere rekenmethode is. Maar ik zou zeggen, die 50% die we toen hebben neergezet is dus het absolute aantal, dat toen het absolute aantal was, dat is dan de ondergrens. U vraagt dat hè, is dit het absolute deel of is het het relatieve deel? Het is het absolute deel. Dus dan gaat het relatieve deel natuurlijk dalen, dat begrijp ik. Dan het amendement ''Proberen' is geen ambitie'. Dat zal ik ook ontraden om

raadsvergadering van 14 maart 2024

Notulen pagina

384

voornoemde redenen. Dan de motie 'Geef Rotterdammers meer zeggenschap over wonen en bouwen'. U vraagt een woonconferentie te organiseren en dan een wijkgericht woonplan. Nou, wij zijn dus bezig met verschillende, per wijk ook andere plannen om die gebiedsontwikkelingen, die woningbouwprojecten vorm te geven met de bewoners. Met name in Rotterdam-Zuid werken we met handelingsperspectieven. In andere wijken doen we dat weer op andere manieren. Maar als we kijken naar hoe we nu gebiedsontwikkelingen doen, hebben we natuurlijk een heel nieuw besluitvormingsmodel. Dat is werken met gebiedsambitiedocumenten, projectambitiedocumenten, en die bespreken we in gebieden, in wijken met bewoners, ondernemers, iedereen die daar wat over wil zeggen. En zo hebben we nu met elkaar afgesproken dat te doen. Dus we doen al veel in wijken, en een woonconferentie is daar dan weer bovenop en we denken hier nu al goed invulling aan te geven, dus deze zal ik dan ook ontraden, omdat we dan te veel dingen naast elkaar organiseren en dat gaat elkaar niet versterken. Dan de motie 'Sociaal bouwen in rijke wijken'. Daarbij zegt u, ik moet af en toe even snel samenvatten van: wat is hiervan ook weer het dictum, u wilt kijken hoe, met corporaties in kaart brengen waar en hoeveel sociale huur kan worden toegevoegd in wijken die nu achterblijven qua sociale woningen. Dat gesprek wil ik zeker aangaan.

Dat is geen enkel punt, dat doe ik graag, want ik denk dat dat ook heel erg belangrijk is. Sterker nog, ik heb recentelijk al zo’n gesprek gevoerd, zeker bijvoorbeeld Hillegersberg, 110-Morgen is een wijk met behoorlijk wat sociale woningbouw. Hoe gaan we daar verder nog om met de sociale woningbouw? Dus die gesprekken, daar ben ik helemaal voor. Maar ik zie het niet nu, want u geeft ook aan dat daar grond verworven moet worden dan wel geholpen moet worden, en dat wil ik echt per situatie bekijken, dus dat wil ik niet gelijk als lijn neerzetten. We moeten kijken wat nodig is en vaak is het helemaal niet nodig dat wij grond kopen zodat de corporatie daarop kan bouwen. Of we hebben de grond al of de corporatie heeft al positie, dus ik zie daar nu nog geen aanleiding om extra gronden daarvoor te verwerven. Dat doen we natuurlijk af en toe wel. In Rotterdam-Zuid hebben we wel WVG en doen we soms dat soort zaken wel, maar als algemene lijn zou ik dat niet willen hanteren. Vandaar dat ik deze ontraad. Dan het amendement 'Verkamering? Niet ten koste van leefbaarheid'. U vraagt eigenlijk of ik de zin die staat over de regels voor kamerverhuur wil aanpassen op een manier dat de verplichte kamerverhuurvergunning niet versoepeld wordt als daardoor de leefbaarheid in het geding komt.

We zijn nu bezig om een model te ontwikkelen om dat te doen en natuurlijk speelt die leefbaarheid daarbij een rol, maar ik wil de zin in de Woonvisie niet op die manier stellen, omdat mijn primaire doel is woonruimte te realiseren, en dat hoor ik u ook allemaal zeggen. En een van de belangrijkste en meest goedkope manieren is kamerverhuur. Dus ik wil daar geen strobreed in de weg leggen, dus vandaar dat ik deze ontraad. Dan motie 21, 'Verleid empty nestors met een aantrekkelijk woningaanbod'. Dat is denk ik eigenlijk toch meer iets voor mijn collega, wethouder Buijt, maar ik ben er nu al mee bezig, dus ik maak hem ook maar gelijk af. In het plan 'Goud van oud' zijn we daar ook heel erg mee bezig. Thuisplusflats organiseren, woonzorgconcepten realiseren. Er is al behoorlijk wat planaanbod geschikt voor mensen die op leeftijd zijn, dus een extra drietal pilots is wat dat betreft niet nodig en vandaar dat ik deze ontraad. Dan hebben we de motie 'Meer gevelbehoud en optoppen', om toch meer naar die cultuurhistorische waarde te kijken. Dat is motie 22, over gevelbehoud en optoppen in oude stadswijken, om die balans goed te doen met die cultuurhistorische waarde. Dat is oordeel raad, want dat kan ik goed uitvoeren.

Dan de motie 'Handen uit de mouwen, tijd om te gaan bouwen' van de Partij voor de Dieren en heel veel andere partijen, om een werkgroep samen te stellen om te kijken op welke manier de gemeente Rotterdam woningen met een huurprijs tot € 1.100,00 DAEB kan verklaren en ook te onderzoeken hoe dan die leningen moeten worden georganiseerd en wat daar dan de financiële consequenties voor zijn. De behoefte aan zo’n onderzoek begrijp ik heel goed. Wij lobbyen ook, ik ben al in Europa geweest om dat kracht bij te zetten, onze minister doet dat, om die middenhuur, dus tot € 1.100,00 in de DAEB te krijgen, zodat die geborgde leningen ook mogelijk zijn. Ik wil u er wel op wijzen dat op het moment dat wij eigenstandig daar een eigen project van maken dat onze financiële consequenties dan behoorlijk groot zullen zijn. Maar laten we dat gezamenlijk onderzoeken, dus daar ben ik helemaal niet tegen. Oordeel raad wat mij betreft. Dan motie 24, 'Een voorbeeld uit Maassluis'. U vraagt een vergelijkbaar model als de gemeente Maassluis te ontwikkelen om nieuwbouw van koopwoningen langdurig betaalbaar te maken. Nu is het natuurlijk heel goed als die koopwoningen langdurig betaalbaar zijn. U verwijst echter wel naar erfpacht en startersleningen. Een aantal middelen die wij daarvoor niet willen inzetten gezien het gebrek aan dekking dat we daarvoor hebben en de financiële consequenties.

Op zich ben ik wel bereid om te kijken hoe we dan Koopstart en het Nationaal Fonds Betaalbare Koopwoningen daarvoor kunnen inzetten. Dus als u bereid bent uw motie aan te passen dan is het oordeel raad wat mij betreft, maar wel met die kanttekening, anders is het toch ontraden. Dan motie 25, 'Woningnood, vergeet het laaghangend fruit niet'. U zegt een escalatieteam voor vijf kleinschalige projecten, om die van de grond te krijgen. Ik wil daarbij wel de kanttekeningen maken dat wij nu voor de komende twee

raadsvergadering van 14 maart 2024

Notulen pagina

385

jaar met de corporaties afspraken hebben gemaakt voor 1600 woningen. We overprogrammeren ook, omdat we zien dat niet ieder plan altijd even snel van de grond komt, en van die 1600 woningen zitten er 44 projecten die kleine projecten zijn. Dus het is niet zo dat wij alleen maar heel grote gebiedsontwikkelingen met elkaar afspreken. We doen ook behoorlijk wat kleine projecten. Dat neemt niet weg dat wij zo’n escalatieteam best kunnen inzetten. Innovatie in werkwijze is denk ik altijd goed, maar laten we het bij vijf doen, omdat de capaciteit bij de gemeente Rotterdam behoorlijk afneemt en we het dus ook een beetje behapbaar moeten houden, maar wat mij betreft dus oordeel raad. Dan hebben we de motie 'Meer ruimte'. Op zich zijn wij er natuurlijk altijd voorstander van dat er met meer coulance en creativiteit kan worden omgegaan met gemeentelijke regels, maar het lastige is wel dat die gemeentelijke regels allemaal raadsbeslissingen zijn. Dus u vraagt dan dat ik zelf een beetje ga zitten shoppen in beleid dat door de raad is vastgesteld. Dat vind ik zelf een beetje lastig zonder uw instemming daarmee. Ik kan bijvoorbeeld zeggen: ik ga nergens meer parkeerplaatsen neerzetten of ik kan betaalbaarheidseisen versoepelen of ik kan alle welstandscriteria overboord gooien. Het zijn allemaal beleidskaders die door uw raad zijn vastgesteld.

Dus het zou mij eigenlijk meer helpen als u wat concreter bent waar u dan vindt dat wij flexibeler moeten zijn. Ik kan natuurlijk bij deze motie zeggen: oordeel raad, maar ik vraag me af wat voor soort afdoening ik hiervan moet maken. Dus mijn uitnodiging is eigenlijk om wat concreter te zijn waar u dan vindt dat wij flexibeler zouden moeten zijn. Dan de motie 'Doorstroom van senioren'. U zegt: afspraken te maken met de Maaskoepel om belemmeringen weg te nemen voor ouderen en u geeft ook aan huurbehoud en voorkeur voor wijk of buurt. Dat is eigenlijk een motie die wel lijkt op de motie van Leefbaar Rotterdam, waar ik net ook over sprak. Misschien kunt u hierin samen optrekken. Afspraken maken met de Maaskoepel vind ik te ver gaan. Ik kan in gesprek gaan met de corporaties, net zoals ik dat met de motie van Leefbaar Rotterdam doe. Dan is hij dus ook oordeel raad, maar met die gedachte. Als u die gedachte kan ondersteunen dan kan ik dit goed uitvoeren. Maar mogelijk is een combinatie met de motie van Leefbaar Rotterdam ook een mooie. Dan heb ik twee moties, een aantal over de kostendelersnorm worden beantwoord door collega Versnel, dus die sla ik even over. Dan heb ik hier motie 32, bij verkenning nieuwe maatregelen rondom betaalbaarheid stemmen we af met marktpartijen, bijvoorbeeld het Platform Ontwikkeling Rotterdam. U vindt dat we dat ook met corporaties moeten afstemmen.

Op zich stemmen wij dat soort zaken ook af met corporaties, dus ik ben even op zoek naar waarom, want wij spreken zowel dingen af met de corporaties als met de marktpartijen. Dit amendement wil ik even aanhouden, omdat ik me niet goed heb kunnen verdiepen in de veelheid van mijn documenten waar dit precies over gaat. Want ik denk: wij maken die afspraken ook met elkaar, zowel met de POR als met de corporaties. De corporaties zitten ook in de POR, dus daar is eigenlijk helemaal geen verschil in, dus ik ben even op zoek naar wat u hier precies mee bedoelt. Betaalbare woningen worden door corporaties gedaan, maar ook door marktpartijen, zeker voor middensegmentwoningen zijn we helaas echt vooral aangewezen op marktpartijen. We hebben afgesproken per jaar 200 middensegmentwoningen door corporaties te laten bouwen. Het mag ook meer zijn, daar ben ik helemaal niet op tegen, maar dit is wat we met hen hebben afgesproken, ook op hun verzoek. Dus we hebben alle partijen nodig om juist in dat middensegment te bouwen. Motie 33, 'Vergroot de sociale voorraad'. U geeft eigenlijk aan dat er door de corporaties meer gebouwd zou moeten worden dan wij nu hebben afgesproken in de prestatieafspraken, ga ik even van uit. Wij hebben nu al meer afgesproken, namelijk 1600 per jaar, terwijl er echt in de afgelopen, ik heb het erop nageslagen, meer dan 900 per jaar is er niet gebouwd door corporaties.

Wij vragen nu 1600 per jaar. Hopen daarbij uit te komen op die 880, maar nog meer lijkt mij niet een haalbaar verhaal. Wat wij ook zeggen is dat op de bestaande plannen die wij hebben de focus moet liggen om die nu uit te voeren. Wat ik veel merk is dat ook corporaties maar ook marktpartijen heel vaak komen met nog weer nieuwe plannen, en ik heb gezegd: echt de focus op bestaande plannen, bestaande vergunningen, bestaande bestemmingsplannen en daar gaan bouwen. Want we hebben die woningen nu nodig. Dus daar moet wat mij betreft ook de belangrijkste aandacht naartoe. Dan motie 34, 'Sociaal-juridische ondersteuning'. Daar geeft u aan, het is iets meer het vlak van mijn collega mevrouw Mohamed-Hoesein over die sociaal-juridische ondersteuning bij mensen die uit huis gezet dreigen te worden, om daar nog meer in te doen. Die moet ik helaas ontraden. Er is al een convenant preventie huisuitzettingen. Daar worden al afspraken gemaakt. Er is een wijkteam dat mensen helpt. Sociaal raadslieden die daarbij helpen. Het juridisch loket, dus we hebben daar voor mensen die vanwege huurachterstanden in de problemen komen een achtervang georganiseerd, dus voor nog meer inzet daarop ontbreken ook de financiële middelen, dus die moet ik daarom ontraden. Dan de motie 'Voorkom ruimtelijke segregatie en te hoge woonlasten door te stoppen met Passend Toewijzen'.

Dan vraagt u eigenlijk ook om in het kader van die diverse en gemengde wijken te kijken of verdringing kan worden tegengegaan door, een heel technisch verhaal. Ik denk dat het belangrijk is dat ik zeg, u wilt eigenlijk meer dat de duurdere woningen van de sociale voorraad ook beschikbaar

raadsvergadering van 14 maart 2024

Notulen pagina

386

zijn voor mensen met een wat smallere beurs voor wie dit te groot of te duur is en daar dan ook die aftoppingsgrens in neer te zetten. Dat geef ik oordeel raad, want wij kunnen goed in gesprek gaan met corporaties om dat te bewerkstelligen. Het is ook in lijn met het rapport Veerkracht in corporatiebezit, dus daar werken we graag aan mee. De motie 'Voorkom dakloosheid als gevolg van huisuitzettingen'. Natuurlijk is dit een schrijnend probleem. Ik merk in de opsomming van al deze moties dat je een beetje in een cadans terechtkomt, terwijl het natuurlijk ook gaat over mensen die in verschrikkelijke omstandigheden leven en waarvoor je als gemeente natuurlijk ook een heel goed vangnet wil en ook eigenlijk wil zorgen dat iedereen een dak boven zijn hoofd heeft. Alleen lopen we toch ook aan tegen problemen die daar zijn. Wat ik al eerder heb gezegd, op basis van huurachterstanden voorkomen we dat echt door het inzetten van al onze sociale vangnetten die we organiseren. Er is ook een meldpunt van alles in gang gezet, maar het doel is niet helemaal tot nul te komen bij huisuitzettingen als gevolg van de Wet Damocles. Dat is niet het specifieke doel. Wel op het moment dat er sociale problematiek aan de hand is, willen we zoveel mogelijk ook ondersteuning bieden. Want het is uiteraard een schrijnende situatie. Dan de motie 'Geen hotels maar Housing First'.

Die is van mijn collega-wethouder Buijt, dus die sla ik even over. Dan motie 38, 'Kraken gaat door', Rotterdam uitroepen tot kraakvriendelijke stad. We hebben het ook specifiek gehad in de commissie over de kraakvriendelijke stad. Die zal ik toch ontraden, omdat wij het kraken niet als iets zien wat nastrevenswaardig is in onze gemeente. De VOORZITTER. Mevrouw Vlasblom. Mevrouw VLASBLOM (bij1). Ja, dan toch heel even een vraag voorzitter, namelijk, u wilt nog heel veel onderzoeken doen naar leegstand en waar het door komt, voordat het beboet gaat worden. Maar kraken, daar heeft u wel al specifiek een mening over. Dat schuurt een beetje met Wet kraken en leegstand, dus leegstand niet meteen aanpakken, eerst nog onderzoeken. Maar kraken vindt u dan wel moeilijk. Kunt u dat een beetje uitleggen? De VOORZITTER. Wethouder. Mevrouw ZEEGERS (d66) (wethouder). Ja, wat ik daarmee bedoel, op zich vind ik leegstandsbeheer prima, dat we mensen een tijdelijke gebruikersovereenkomst geven om in een bepaalde woning te wonen. Daar staat dan ook een vergoeding tegenover. Dan hoeven ze natuurlijk minder te betalen. Dus op zich die woonruimte benutten omdat mensen op zoek zijn naar een woning, ook al is het geen ideale woning, dat vind ik een heel goed idee. Alleen is kraken natuurlijk een stap verder.

Dan betaal je helemaal niks en is er ook geen relatie tussen de eigenaar van dat pand en de kraker. En dat is iets wat we niet willen bewerkstelligen in de stad. Op motie 40 gaat mijn collega de heer Buijt zo meteen in. De VOORZITTER. Mevrouw Kockelkoren. Mevrouw KOCKELKOREN (gl). Ja voorzitter, nog even terug op dat kraken. Kijk, u zegt aan de ene kant: wij zien de leegstand toenemen, maar ik wil eerst onderzoeken hoeveel het is en wat dan het juiste instrument is, maar u wilt geen leegstandsverordening en u wilt ook niet helpen om bewoonbaar maken door middel van kraken beter mogelijk te maken. Dus ik vind dat een weinig actieve houding voor het beter benutten van de bestaande voorraad, namelijk leegstaande panden bewoonbaar te houden en te maken. Of begrijp ik dat dan verkeerd? De VOORZITTER. Wethouder. Mevrouw ZEEGERS (d66) (wethouder). Nou, ik denk niet dat wij een weinig actieve houding hebben. We zijn natuurlijk heel erg bezig ook met optoppen en al die zaken om die verkamerregeling te versoepelen, dus wij zijn heel erg bezig met het beter benutten van de bestaande voorraad. We kijken ook naar actief leegstandsbeheer in behoorlijk wat van die leegstaande panden, het merendeel wordt bewoond met tijdelijke bewoning van de woningen die in het bezit zijn van de gemeente Rotterdam. Er is natuurlijk ook nog leegstand van anderen hè.

Maar voor zover ik dat kan zien voor de gemeente Rotterdam heb ik daar zicht op en daar is het merendeel verhuurd, soms nog tijdelijke verhuur. Maar een deel staat ook leeg, omdat we daarvan zeggen: of die gaan we binnenkort slopen, of die zijn eigenlijk onbewoonbaar. En dat is ook wat u zegt, u wilt niet dat er in onbewoonbare woningen toch mensen gehuisvest worden. Dus het is die zoektocht waar we in zitten. Maar van kraken zeg ik: het is wel goed om een relatie te hebben tussen de eigenaar van het pand en degene die in die woning zit. En

raadsvergadering van 14 maart 2024

Notulen pagina

387

dat is bij kraken natuurlijk niet zo. Maar dat je gewoon afspraken maakt en ook een vergoeding vraagt, vind ik niet vreemd. De VOORZITTER. Mevrouw Vlasblom. Mevrouw VLASBLOM (bij1). Er zijn ontzettend veel voorbeelden waarin krakers onbewoonbare panden weer bewoonbaar maakten. Er is net een nieuwe documentaire uit van Hotel Mokum, en Mokum kraakt. Ik zou aanraden om die te kijken, een mooi kraakpand op de Marnixstraat in Amsterdam. Verder heb je ook heel veel buurtbewoners die het fijn vinden in plaats van dat ze heel lege straten hebben of lege panden om zich heen, dat er eindelijk weer wat leven in de brouwerij komt. Bovendien, wat al een paar van ons eerder noemden, die bankslapers worden gewoon niet goed genoeg geholpen met deze woonvisie, dus kraken is daarin gewoon een essentieel middel, want het is toch pervers om gebouwen leeg te laten staan om in afwachting te zijn, terwijl er een enorme woningcrisis is. Ik kan het niet met elkaar rijmen voorzitter. De VOORZITTER. Wethouder. Mevrouw ZEEGERS (d66) (wethouder). Nou, ik ben het helemaal met u eens en ik ga die documentaire zeker kijken, want alle ideeën zijn natuurlijk welkom. En we hebben natuurlijk ook heel vaak dat we wel panden in bruikleen, in zelfbeheer geven aan bewoners, bewonersgroepen. Dat gebeurt natuurlijk wel, maar dan is er altijd wel een afsprakenkader waarin je dat doet.

En dan is er altijd wel een huurovereenkomst of een gebruikersovereenkomst, zoiets dergelijks. De eigenaar van een pand heeft rechten, en op het moment dat die woning dus wordt vrijgegeven voor gebruik, dan ben ik daar helemaal voorstander van. Dus daar kijk ik niet anders naar. Kraken is eigenlijk een onwettelijke actie, dus dat kan ik als wethouder natuurlijk ook niet promoten. De VOORZITTER. Mevrouw Kockelkoren. Mevrouw KOCKELKOREN (gl). Ja voorzitter, het gaat erom dat je dus panden leeg laat staan, dat het steeds meer panden zijn die leeg staan en dat je een drukmiddel nodig hebt, hetzij door een leegstandsverordening, beboeten of kraken, om die eigenaren ertoe te dwingen die panden gewoon beschikbaar te stellen en niet jarenlang leeg te laten staan. En ik zei net: ik vind het een weinig actieve houding en dan bedoel ik dat u dat drukmiddel nu niet wilt inzetten. Alle moties die we daarover indienen wilt u niet omarmen, dus dat bedoelde ik met: waarom wilt u dat onderzoeken en niet overgaan tot zo’n drukmiddel inzetten? De VOORZITTER. Er zit ook nog een strafrechtelijk element aan dit verhaal. Dat kan ik u gelijk meegeven maar misschien ook later. Noemt u maar wat u wilt. Zal ik er iets over zeggen? Dat is misschien wel handig. Ja, dan ga ik er even bij staan. De heer ABOUTALEB (burgemeester).

De bestendige strafrechtelijke praktijk is dat wanneer een pand gekraakt is, er ook niet zomaar strafrechtelijk tot ontruiming wordt overgegaan. Het is zo dat de jurisprudentie aanwijst dat eerst de eigenaar van dat pand voldoende moet aantonen dat er urgentie is om te ontruimen en die urgentie kan zijn dat het pand onmiddellijk of binnen afzienbare tijd een bestemming krijgt. Of dat er een plan is om te verbouwen of het anders in te richten. Als de eigenaar daartoe in staat is, dat kan aantonen, dan kun de officier van justitie, daar heeft de gemeente ook geen say in, autonoom besluiten tot strafrechtelijk ontruimen na twee weken. Dus een aanzeggingstermijn van twee weken. Dat is de praktijk zoals wij die nu kennen. Slaagt de eigenaar van dat pand er niet in om met een plan van aanpak te komen voor dat pand, zal in veel gevallen de officier van justitie niet het strafrechtelijk instrument van ontruimen inzetten. Misschien handig dat u dit weet. Maar hier heeft de gemeente noch de wethouder een rol in, uitsluitend de officier van justitie. Ook niet de driehoek en ook niet de burgemeester. Alleen de officier van justitie heeft er een rol in om tot ontruiming over te gaan. Als de eigenaar van het pand er niet in slaagt om aan te tonen dat hij onmiddellijke plannen heeft met dat pand, dan wordt niet ontruimd. De VOORZITTER. Mevrouw Vlasblom, met deze toelichting kunt u verder.

Mevrouw VLASBLOM (bij1). Dank voorzitter, ik ken deze toelichting al, en het is ook niet waar ik naar vraag. Mijn vraag is namelijk of u kunt lobbyen naar het rijk toe tegen het kraakverbod, of u het

raadsvergadering van 14 maart 2024

Notulen pagina

388

gesprek aan kunt gaan met de driehoek om niet te snel over te gaan tot ontruiming, om Rotterdam symbolisch zeg maar uit te roepen tot kraakvriendelijke stad, net zoals wat uw collega van de PvdA in Utrecht ook al heeft gedaan. Utrecht is nu een kraakvriendelijke stad, heeft de burgemeester gezegd en omarmd. Dus als zij dat kunnen, kunnen wij dat toch ook? Ik bedoel, ik snap dat u niet soort van tegen de wet in wilt, natuurlijk, maar ik snap wel, ik bedoel, u kunt het wel doen. Utrecht heeft het al gedaan, dus waarom Rotterdam niet? Mevrouw ZEEGERS (d66) (wethouder). Ja, ik zal dan ook even. Technisch kun je natuurlijk alles doen, maar het is ook niet een wens om dat te doen. Dat is dan denk ik een wat eerlijker antwoord, dat wij aangeven, op het moment. Ik ben het helemaal met mevrouw Kockelkoren eens en ik denk mogelijk ook met u dat we meer moeten doen aan die leegstand en daar steviger op ingrijpen. Voor mij is nog even de vraag of een verordening nu het juiste instrument is, en hoe die verordening er precies uit moet zien. Ik ben er niet op tegen, ook omdat ik zie dat die leegstand, of het toeneemt waag ik te betwijfelen, maar het is er. Dat hoeven we denk ik niet onder stoelen of banken te steken. En dat is zonde, want er zijn mensen op zoek naar een woning en daar zijn woningen. Dus ik ben het helemaal eens met uw hartenkreet.

Tegelijkertijd wil ik kraken dan niet promoten, maar wel zorgen dat die woningen zoveel mogelijk benut kunnen worden. Daar wil ik mij zeker voor inzetten. De VOORZITTER. Mevrouw Kockelkoren. Mevrouw KOCKELKOREN (gl). Ja, en dan blijft dus wel mijn constatering staan dat de actie op dit moment dan ontbreekt. Dus u vindt het wel belangrijk, alleen ontbreekt de actie. En dan zou ik graag nog eventjes voor de tweede termijn in gesprek gaan of we niet dan toch iets in een actie om kunnen zetten, want onderzoeken terwijl we allemaal weten dat het probleem groot is en dat we die panden eigenlijk willen benutten, dat vind ik gewoon doodzonde, gezien de urgentie die we allen in dit debat voelen. De VOORZITTER. U kunt verdergaan wethouder. Mevrouw ZEEGERS (d66) (wethouder). Nee, helemaal goed hoor, ik neem deze uitgestoken hand zeker graag aan. Wat ik heb aangegeven is dat ik op zich een – kijk, we hebben het hier over een woonvisie, dus het is niet een actielijstje. We zetten hier neer hoe we kijken naar die woningmarkt. En ik denk echt, op basis van echt goed maatregelen onderzoeken, waar en hoe die leegstand er is, en dan maatregelen nemen, dat vind ik gewoon een verstandigere route, maar laten we het er straks nog eventjes over hebben. Dan de motie 'Wethouder Wonen medeverantwoordelijk voor dakloosheidbeleid'.

Dat is een keuze van het college hoe dat te organiseren en wij vinden het heel erg belangrijk dat de wethouder Wonen en bouwen gaat over dat er voldoende woningen zijn. Dat is mijn taak, mijn zorg. En mijn collega de heer Buijt is verantwoordelijk voor de dakloosheid in zijn algemeenheid. Daar zitten ook nog andere aspecten aan en ik denk dat het heel goed is dat iemand die ook vanuit Zorg kan kijken, de verantwoordelijkheid daarin kan nemen. Dus het is een keuze van het college hoe de taken te verdelen, maar ik kan me ook heel goed vinden in deze taakverdeling. Dan de motie 'Urgentieverklaringen', een motie van BIJ1. U geeft aan om daklozen eigenlijk een heel grote urgentieverklaring te geven, of eigenlijk primair urgenter verklaren. Ja, dat is een van de grootste, moeilijkste puzzels die ik als wethouder ervaar. Dat is hoe we nu de beschikbare woningvoorraad goed verdelen. We hebben in onze afspraken staan, in de Woonvisie ook: 45% van alle vrijkomende sociale woningen gaan naar regulier woningzoekenden en 55% naar mensen die een bepaalde vorm van urgentie hebben. Dus dat is het merendeel van de woningen. Nou, als we zeggen dat er 4000, 5000 woningen per jaar vrijkomen, dan gaat er dus minder dan de helft naar regulier woningzoekenden. Mensen die anders bij hun ouders thuis moeten blijven wonen of iets, dus dat is minder dan de helft.

Dus mensen met een urgentie is iets meer dan de helft. Daar zitten natuurlijk ook mensen met dakloosheid tussen, maar ook statushouders, mensen wiens huis bijvoorbeeld gesloopt wordt en die geherhuisvest moeten worden. Mensen in een scheiding. Mensen uit beschermd wonen. Moeders die in vechtscheidingen zitten. Al deze mensen met urgentie zitten allemaal te vechten om diezelfde woonruimte. En natuurlijk vind ik het belangrijk dat daklozen daar ook een plek in krijgen, maar dat gaat dan ten koste van een van die andere mensen. En dat is het grote, er is schaarste. En om nu te zeggen: daklozen gaan voor op de statushouders, de mensen uit beschermd wonen of de regulier woningzoekenden, dat is een heel lastige puzzel. Wij hebben hem zo in de Woonvisie neergezet: 45%55%. En in die categorieën de oplossing te zoeken.

raadsvergadering van 14 maart 2024

Notulen pagina

389

De VOORZITTER. Mevrouw Vlasblom. Mevrouw VLASBLOM (bij1). Ja, ik snap het niet helemaal. Ik snap het, iedereen inderdaad, deze mensen hebben inderdaad heel veel urgentie, maar wat is er urgenter dan het feit dat je geen fysiek dak boven je hoofd hebt, dus dan verdienen zij toch ook om in dat rijtje te staan? Want u maakt een beetje een rare vergelijking wat mij betreft. De VOORZITTER. Ik wil de wethouder verzoeken iets korter te reageren op de moties, want wij zijn al wel echt een tijd bezig. Misschien mag het iets korter. Mevrouw ZEEGERS (d66) (wethouder). Ik doe mijn best, maar volgens mij zeg ik per motie niet zoveel. Ja, ik moet er toch even antwoord op geven. Daklozen doen ook mee in deze verdeelsystematiek. Het is niet dat zij daarbuiten vallen. Maar goed, ik zal sneller gaan. Motie 43, 'Creatieve denkkracht actief betrekken', oordeel raad. Motie 44, 'Zürich en Berlijn coöperatief lekker bezig!' Dat gaat over dat coöperatief wonen, proberen dat te realiseren. Dat heb ik eerder al aangegeven. U roept op om hier verder onderzoek naar te doen, te vergelijken met Zürich en Berlijn. Daarin is veel meer geld beschikbaar dan wij hier hebben, dus die onderzoeken gaan niet leiden tot meer coöperatief wonen. De VOORZITTER. Mevrouw Elfilali. Mevrouw ELFILALI (volt). Voorzitter, ik vraag niet om een onderzoek, ik vraag om een gesprek, dus dat is iets anders.

En ik zou iets meer duiding willen hebben over de vorige motie, over die creatieve denkkracht. Want dat ging wel heel snel. De VOORZITTER. Wethouder. Mevrouw ZEEGERS (d66) (wethouder). Ja, ik vraag toch wel even iets meer tijd voor de moties. Ik moet natuurlijk ook gemotiveerd zeggen waarom ik iets ontraden vind of niet. De VOORZITTER. Zeker, maar ik vroeg in zijn algemeenheid om iets korter te zijn. Mevrouw ZEEGERS (d66) (wethouder). Maar ik kan eigenlijk niet korter zijn, want het zijn er gewoon veel. Even kijken, 'Creatieve denkkracht actief betrekken', oordeel raad zei ik, dus wat mij betreft een goed idee. Dan de motie 'Zürich en Berlijn coöperatief lekker bezig'. Dan zegt u in gesprek te gaan met Berlijn en Zürich om te onderzoeken welke structuren zij hebben, te onderzoeken welke lessen wij daarbij hebben. We hebben net een heel onderzoek afgerond rond coöperatief wonen, dus vandaar dat ik zeg: laten we gewoon aan de slag gaan met die mogelijkheden die we zien en wat mij betreft hoeven we dan geen nieuw onderzoek te doen. Vandaar dat ik aangeef dit te ontraden. Dan de motie 'Rijk en gemeente samen kletsen met de nieuwe Europese commissie'. Dat is een goed idee. U geeft aan om samen met rijk en de Rabobank op te zoeken, te kijken of we die coöperatieve woonvormen in Europees verband, dat er een betere oplossing voor komt, ook financieel.

Ik moet wel een slag om de arm houden over onze capaciteit om dit te doen, dus graag haken wij aan bij bestaande en lopende trajecten, maar dat ga ik zeker doen. Dat is dus oordeel raad. Dan motie 46, 'Luister ook naar de zwijgende meerderheid', om inderdaad ook de toekomstige woningzoekenden een stem te geven in plannen en in allerlei participatietrajecten dat ook te organiseren. Dat is oordeel raad, dat kunnen we zeker doen. Dan de motie 'Sturen op acceptabele woonlasten'. U geeft aan dan het uitgangspunt van Nibud te hanteren voor het aanbod van woningen in het middensegment. Zoals we ook hebben aangegeven in het Woonakkoord, houd ik mij graag aan landelijke definities en ga geen eigen onderzoek of traject daarvoor in gang zetten, dus daarvan zeg ik: ontraden. Dan de motie 'Help de corporaties van de vennootschapsbelasting af.' U roept op om een lobby te doen daarvoor. Dat doen we al in G4-verband, dus oordeel raad, maar het is al iets wat wij doen omdat wij vanuit G4-verband het ook al belangrijk vinden om die armslag voor de corporaties groter te maken. Dan motie 49, 'Onafhankelijke huurderondersteuning in het sociaal statuut'. Daar heb ik al het een en ander over gezegd, dus dat is ontraden.

Ik wil die participatie echt op maat maken en niet een geïnstitutionaliseerd verhaal, omdat je per project goed wil kijken wat daar de meest zinvolle manier is om bewoners’ stem te horen en mee te nemen in alle plannen. Dan motie 48, 'Een sociale stad is in evenwicht'. Daarbij zegt u dat we afstand moeten nemen van het Meer Evenwicht-scenario. Ja, dat zal ik ontraden, omdat we echt vinden dat de regio ook aan zet is om meer sociale woningen te bouwen. We hebben er meer nodig, de regio moet dat ook doen. Rotterdam is degene met echt een heel erg

raadsvergadering van 14 maart 2024

Notulen pagina

390

groot percentage sociale woningbouw, en ook andere gemeenten kunnen voor hun inwoners een sociale woning bouwen, dus dat is wel hoe we dat graag zien in regionaal verband. We hebben die afspraken ook regionaal gemaakt, dus ook de regio heeft dat onderstreept. Dan de motie 'Beter benutten, behoud kleine woningen'. Te stoppen met WVG, met het doel om die samen te voegen en te vergroten. Dat is de oproep die u doet. Daar zal ik zeggen: ontraden. Dat hele samenvoegen en vergroten is een belangrijk onderdeel in ons NPRZ-uitvoeringsprogramma, waarin we zeggen: we willen die sociale stijgers in Zuid een plek geven en dus ook dat daar gezinnen en zo meer kunnen wonen. Dus het is tegenstrijdig met een uitvoeringskader dat u ook heeft vastgesteld en waar ik mij dus ook aan gebonden voel, namelijk het NPRZ-uitvoeringsprogramma. Dus vandaar ontraden. Dan het amendement 'Particulier sociaal niet meetellen'. Ook dat moet ik ontraden. Wij gebruiken de landelijke definities. Daar zit particuliere sociale voorraad ook in. Zo is dat ook landelijk vastgesteld. En er wonen ook mensen met een sociaal inkomen in die voorraad. Ik bestrijd niet de stelling dat die voorraad afneemt, maar we kunnen hem nog wel meenemen, omdat dat conform de landelijke definitie ook zo kan. Dan motie 52, 'Wonen is meer dan een dak boven je hoofd'.

Op zich, u vraagt ook de referentiewaarde mee te nemen bij ontwikkelingen. Als het gaat om grote ontwikkelingen, want dat is het niveau waarop we dat doen, we gaan niet bij een optopproject gelijk kijken: moet er een school bij? Maar als het wat groter is, dan zullen we dat zeker doen en zullen we daarvan ook weergave doen, mocht dat niet gelukt zijn. Want dat was volgens mij dat u dat graag wilde en een vinger aan de pols houden. Dus als ik hem zo kan lezen, dan is het wat mij betreft oordeel raad. Dan de motie 'Meedoen of afhaken'. U vraagt ook om een Rotterdams DNA voor hoe we hier ontwikkelen, wat is de houding van een ontwikkelaar op het moment dat die actief is in Rotterdam, en hoe gaat die dat doen. Daar hebben wij met het POR, het Platform Ontwikkeling Rotterdam en de corporaties al afspraken over hoe we dat doen, maar dat kunnen we zeker wel in een bepaalde vorm ook neerzetten met elkaar. Over het tweede dictum zou ik graag nog even met u willen overleggen. Want dit zou je zo kunnen lezen dat wij alleen nog maar zaken doen met partijen die dat DNA ondertekenen, en dat is iets wat mij net te ver gaat. Want daar gaan we niet over. Daar zit gewoon ook een vrije markt, en ook al bent u daar geen voorstander van, zo hebben we wel te werken, dus die nuance zou ik wel graag terug willen zien. De VOORZITTER. De heer Segers-Hoogendoorn. De heer SEGERS-HOOGENDOORN (cda).

Nou, dank. De kern van wat ik met die motie wil bereiken is volgens mij iets wat best wel breed gedeeld was, ook in de hele aanloop naar het Woonakkoord. Je zet zelf een visie neer, je zet zelf neer: zo willen wij het doen in Rotterdam. En je wilt eigenlijk alleen met die partijen werken die dat dan dus ook zo doen. Dat is eigenlijk wat u ook zegt in reactie op het eerste dictum. We moeten het er dan inderdaad over hebben, want als we dat niet tastbaar maken in iets, dan is het eigenlijk alleen maar een loze uitspraak. Dus daar moeten we elkaar dan ergens op vinden. Want het zou niet zo moeten zijn dat clubs die dat ook expliciet niet onderschrijven, dat we daar wel zaken mee doen. Want dat is nu precies wat we willen bereiken met zo’n woonvisie. De VOORZITTER. Wethouder. Mevrouw ZEEGERS (d66) (wethouder). Ja, een woonvisie is natuurlijk ontzettend breed, en als het gaat om woningbouwprojecten dan hebben wij natuurlijk gewoon dat wij tenders maken waarin samenwerking wordt beklonken of anterieure overeenkomsten. Daarin maken wij afspraken met elkaar. Maar daar kunnen wij niet een hele woonvisie in verankeren, dat is heel erg lastig om dat te doen. Dus ik denk dat het goed is om met hen in gesprek te gaan, van: zo doen wij het hier in Rotterdam. Maar het juridisch afdwingbaar maken is zeer afhankelijk van de afspraken die je maakt.

Dus als u zoekt naar een juridisch haakje over hoe wij dan alleen met die partijen kunnen samenwerken die dat onderschrijven, dan vind ik dat lastig. Dus ik sta open voor een gesprek zo meteen, als u daar nog over wilt nadenken, maar daar moeten we denk ik even wat op zien te vinden. Want de gedachte vind ik heel sympathiek en goed, dus daar werk ik graag aan mee. Dan DENK Rotterdam, motie 54, 'Een campagne huurintimidatie en woningmarktdiscriminatie'. We zijn natuurlijk bezig met die pilot tegen discriminatie en u vraagt mij daar ook echt actief mee aan de slag te gaan en terug te koppelen. Dat kan heel goed, dus dat is oordeel raad. Dan vraagt u ook dringende uitbreiding van woningsplitsing in heel Rotterdam. U zegt ook: minder regeldruk en kijken wat er allemaal mogelijk is om dat wat soepeler te krijgen. Ook dat is goed uitvoerbaar en die geef ik oordeel raad. Dan de moties van 50PLUS, motie 56, 'Ontwikkeling coöperatieve pilotwijk Woonhof Wielewaal'. Ik heb ook het boekje ontvangen van de mensen en het is natuurlijk ontzettend knap hoe mensen daar over hun eigen wijk nadenken. Tegelijkertijd is de realiteit ook wel zo dat BPD en Woonstad al daar de

raadsvergadering van 14 maart 2024

Notulen pagina

391

afspraken over hebben gemaakt, een bestemmingsplan is vastgesteld en dat het aan hen is om dat project verder te doen. Daar kunnen wij verder niet tussen treden. Dat is financieel al helemaal zo geregeld, dus het is een plan dat ik in die zin niet kan doordrukken bij die partijen. Dan de motie 'Gebruik concrete instrumenten voor echt betaalbaar wonen'. U wilt actief grondbeleid inzetten. Heel specifiek heeft u zo een zestal punten, die deels te maken hebben met het grondbeleid, namelijk het aanschaffen van grond en WVG. Dat doen we in sommige gevallen wel en in sommige gevallen niet. U geeft ook aan dat daar programmeringsafspraken dan in opgenomen zouden moeten worden en dat doen wij niet in het grondbeleid, dus in die zin moet ik deze dan ontraden. Ook zegt u dat we concrete belastinginstrumenten moeten inzetten om betaalbaar wonen te realiseren. Deze moet ik ook ontraden omdat ik daar geen financiële dekking voor heb. Dan het terugdraaien van de sociale grondprijs. Ook die is net vastgesteld in de nieuwe vorm, dus die zal ik ook ontraden. Dan 'Stop met het schenden van het recht op adequate huisvesting'. Deze moet ik heel even weer lezen. U vraagt mij zolang er een tekort is aan sociale huurwoningen te stoppen met de verkoop. Nou, de verkoop van sociale huurwoningen is niet altijd een probleem.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=RotterdamRaad&id=ac422ce4-2124-4881-81f9-d2eca42f8bbe