CConstaterende datRotterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

20240215- Notulen van de raadsvergadering van 15 februari 2024

Gemeenteraad 15 februari 2024, gemeente Rotterdam66.522 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 4 van 7

raadsvergadering van 15 februari 2024

Notulen pagina

200

doen, 'Gemeente moet zich houden aan wettelijke taak opvang zwerfdieren'. Als u daarmee akkoord gaat, vullen we dat gat van een half uur. En in de tussentijd overleg ik even met de Partij voor de Dieren of ze dat verder geen bezwaar vinden. Het lijkt mij niet, maar bij gebrek aan tegenbericht gaat u er maar van uit dat we daarmee beginnen en dan zal ik ook wethouder Karremans een seintje geven dat hij dan om 13.30 uur present is. De vergadering is geschorst. Ik wens u smakelijk eten. (De vergadering is geschorst.)

raadsvergadering van 15 februari 2024

Notulen pagina

201

raadsvergadering van 15 februari 2024

Notulen pagina

202

Notulen raadsvergadering Notulen van de raadsvergadering van 15 februari 2024 Notulen van de raadsvergadering van 15 februari 2024 (middagzitting) Voor de agenda wordt verwezen naar volgnummer 3. Voorzitter: de heer ing. A. Aboutaleb, met dien verstande dat het voorzitterschap van 17.40 uur tot 19.25 uur is waargenomen door mevrouw A. Kockelkoren Voor de presentielijst van deze vergadering wordt verwezen naar de ochtendzitting van deze vergadering Namens het college zijn tegenwoordig: de heer R. Buijt, de heer V.P.G. Karremans, de heer S. Kasmi, mevrouw N.D.Z.R. Mohamed-Hoesein, de heer M.J.W. Struijvenberg en mevrouw C.M. Zeegers Griffier: mevrouw I.C.M. Broeders, met dien verstande dat zij van 13.41 uur tot 14.07 uur en van 17.32 uur tot 17.40 uur is waargenomen door de heer W. de Bel Heropening De VOORZITTER. Goedemiddag en wederom hartelijk welkom bij deze vergadering. Ik heropen de vergadering en verzoek u uw plaatsen in te nemen en stilte te betrachten. 6.6

Debat 'Gemeente moet zich houden aan wettelijke taak opvang zwerfdieren', aangevraagd door het lid Van der Velden

De VOORZITTER. Ik ben de fractie van de Partij voor de Dieren dankbaar dat wij kunnen verschuiven in de agenda. Hartelijk dank. Agendapunt 6.6, het debat over 'Gemeente moet zich houden aan wettelijke taak opvang zwerfdieren', aangevraagd door het lid Van der Velden van de Partij voor de Dieren. Mijnheer Van der Velden, u heeft het woord. De heer VAN DER VELDEN (pvdd). Ja voorzitter, dank. En ook dank aan de gemeenteraad dat we dit onderwerp vandaag even kunnen bespreken. Kijk, voor ons als Partij voor de Dieren zijn alle mensen gelijkwaardig en vanzelfsprekend geldt voor onze partij dat alle dieren gelijkwaardig zijn en dat je daar geen onderscheid in moet maken. Nu was er onder andere een artikel in het Rotterdams Dagblad over een haan die gevonden was in een hotel, wat natuurlijk al heel raar is. Maar dat staat eigenlijk voor meer. Zes dierenrechtenorganisaties stuurden ook een brandbrief naar de gemeente. Maar terugkomend op het artikel in het Rotterdams Dagblad. Daarin zei de voorzitter van de dierenambulance dat er eigenlijk geen enkel dierenopvangcentrum in Rotterdam openstaat voor opvang van bijvoorbeeld hanen, kippen of kuikens en ook de kinderboerderijen niet. En dat is natuurlijk toch wel een heel zorgelijke ontwikkeling, vinden wij. Zeker omdat de wettelijke taak opvang van zwerfdieren voor gemeenten is belegd in het Burgerlijk Wetboek.

Dat houdt bijvoorbeeld in dat de gemeente verplicht is een gevonden dier gedurende twee weken te huisvesten en te onderhouden. En wij betalen er ook gewoon subsidie voor aan het dierenasiel c.q. de Dierenbescherming om dat te regelen. Met deze agendering willen wij vooral naar het college kijken omdat die immers afspraken heeft gemaakt met externe partijen over invulling van deze wettelijke taak. Dat brengt mij bij een aantal vragen die ik aan het college heb. Dat is: welke afspraken zijn er met de Dierenbescherming c.q. de dierenambulance? Hoe vult het college zijn wettelijke taak in? Ja, en het verbaast me, is er dan soms een lijst met dieren die niet in aanmerking zouden komen, gezien de uitspraken en ook de brandbrief? En voor de rest natuurlijk, hoe gaan we dat in de toekomst doen? Daarvoor heb ik in ieder geval al een motie gemaakt die ik graag zou willen indienen, met eigenlijk het verzoek aan het college met de uitvoerende externe partij afspraken te maken over de opvang van alle dieren die in aanmerking komen voor de wettelijke verplichte ondersteuning vanuit de gemeente. Tot zover voorzitter.

raadsvergadering van 15 februari 2024

Notulen pagina

203

De VOORZITTER. De heer Van der Velden heeft de volgende motie ingediend. Motie 1. Alle dieren zijn gelijk "De gemeenteraad van Rotterdam, in vergadering bijeen op 15 februari 2024, ter bespreking van het debat over 'Gemeente moet zich houden aan wettelijke taak opvang zwerfdieren', aangevraagd door het lid Van der Velden; constaterende dat: - de wettelijke taak tot opvang van zwervende dieren op straat voor gemeenten is geregeld in Artikel 8, lid 3 in Boek 5 van het Burgerlijk Wetboek; - in deze taak geen onderscheid wordt gemaakt tussen dieren: alle gehouden dieren komen in aanmerking als ze gevonden worden; voorts constaterende dat: - de gemeente haar wettelijke taak laat uitvoeren door een externe partij, te weten de Dierenbescherming; overwegende dat: - de huidige opvang goed is ingericht en ingesteld voor bepaalde diersoorten, maar niet voor alle; - een recent incident met een in Rotterdam aangetroffen haan zonder eigenaar of verblijfplaats die nergens in de stad voor opvang terecht kon, aantoont dat de wettelijke taak nog niet altijd naar behoren ingevuld wordt; verzoekt het college: - met de uitvoerende externe partij afspraken te maken over de opvang van alle dieren die in aanmerking komen voor wettelijke verplichte ondersteuning vanuit de gemeente; en gaat over tot de orde van de dag." w.g. R.T.J.

van der Velden De motie is voldoende ondersteund en maakt deel uit van de beraadslagingen. De VOORZITTER. Mijnheer Van Schaik. De heer VAN SCHAIK (lr). Ja, dank u wel voorzitter. Ook Leefbaar Rotterdam was verbijsterd kennisgenomen te hebben dat er een haan in een hotel was en vraagt zich dan ook af hoe die haan heeft ingecheckt. Er zijn toch medereizigers bekend die die haan hebben meegenomen, dus het moet dan niet zo moeilijk zijn om die eigenaar te vinden, maar mij lukt het niet. Het lukt mij wel om een haan hier in de raad te houden, maar die kraait niet. Voorzitter, Leefbaar Rotterdam begrijpt dan ook niet waarom er een negatief behandeladvies voor dit punt was. Gelukkig is het verdraaid dat het wel doorgaat. Maar waar het om gaat is, wij vinden het ook belangrijk om het nu te bespreken voor de Dierennota. Want in de Dierennota staat een aantal dingen vermeld, maar hierover staat nog niets vermeld, dus misschien kan dat nog even voor 6 maart erbij gezet worden, zodat we eigenlijk een complete nota hebben. Want wij weten inderdaad ook dat het dus een strafbaar feit is, dat wij in Rotterdam dit soort dieren opvangen, moeten opvangen en niet zomaar weg kunnen stoppen. We kunnen ze niet naar elders brengen. Wij moeten ze gewoon zelf opvangen. Nou, deze haan heeft half Rotterdam gezien en is vervolgens in Boskoop terechtgekomen.

Dan wil ik ook even de wethouder vast scherp maken. Het vervoer op pagina 14. Dat blijft moeilijk. Want u geeft aan dat er een vogelgriep zou heersen. Nou, er is helemaal geen vogelgriep in Rotterdam, dus dat snap ik al helemaal niet. En wat ik ook onbegrijpelijk vind is dat er geen mogelijkheid wordt geschapen bij onze kinderboerderijen waar we ze kunnen brengen. En als we daarnaar gaan kijken moet daar gewoon een oplossing zijn. Dus mijn vraag is ook aan de wethouder wat u gaat doen tot die duurzame oplossing er is, want u heeft het daar wel over in de Dierennota, en wat er op directe termijn kan gebeuren. Anders ben ik bang dat de volgende haan die gevangen gaat worden bij Jandino terecht gaat komen. De VOORZITTER. Mevrouw Morkoç.

raadsvergadering van 15 februari 2024

Notulen pagina

204

Mevrouw MORKOÇ (gl). Dank u wel voorzitter. Leefbaar Rotterdam constateert dat er geen sprake is van vogelgriep in Rotterdam. Zou dat kunnen worden toegelicht? De VOORZITTER. De heer Van Schaik. De heer VAN SCHAIK (lr). Ja, ik heb me er net nog even op Google in verdiept, maar ik ben het in ieder geval niet tegengekomen, maar misschien dat u het aan kunt geven. De VOORZITTER. Mevrouw Morkoç. Mevrouw MORKOÇ (gl). Natuurlijk voorzitter, we hebben gezien dat er gevallen waren van vogelgriep bij zowel de vogelopvang Karel Schot, maar we hebben het ook gezien bij de zwanenopvang ZuidHolland. De VOORZITTER. Wilt u daar nog iets op zeggen? Nee? Andere sprekers bij dit agendapunt? Ja. Mevrouw VAN WIFFEREN (d66). Voorzitter, hanen treffen wereldwijd elk jaar weer een heel droevig lot. Miljarden wereldwijd worden vrij snel na de geboorte vergast dan wel in de hakselaar gegooid. En er lijkt dan ook weinig liefdevol met deze dieren te worden omgegaan. Daarom kan ik me ook wel voorstellen dat als er dan zo’n haan niet wordt meegenomen door de dierenambulance, dat gedacht wordt: weer een haan, weer een dier dat er toch al zo slecht op staat in onze maatschappij. Maar mijn vraag is wel: komt het eigenlijk doordat het pluimvee is, dat mensen denken: nou ja, dat is eigenlijk de moeite niet.

Of komt het inderdaad door andere zaken zoals de vogelgriep dat zo’n dier niet mee kan worden genomen? Voor de rest wil ik me aansluiten bij de vragen van de heer Van der Velden van de Partij voor de Dieren, want hij heeft ze uitvoerig gesteld. Tot zover. De VOORZITTER. Dank. Mevrouw Morkoç. Mevrouw MORKOÇ (gl). Voorzitter, een groter gesprek over dierenwelzijn willen wij graag voortzetten in maart in de commissie, maar GroenLinks begrijpt wel de urgentie van dit debat. De gemeente heeft namelijk de taak om zwerfdieren op te vangen. En het is niet alleen de taak, maar we zouden het moeten zien als een verplichting vanuit onze menselijkheid om te willen zorgen voor dieren, te moeten zorgen voor dieren. Wij constateren dat er te weinig mogelijkheden zijn om kippen, hanen, hennen en kuikens op te vangen. Dat kan liggen aan de reële angst voor vogelgriep, aan het feit dat meerdere hanen niet samen kunnen in een kleine ruimte en zo wel meer redenen. We horen graag welke de wethouder heeft. Dank u wel. Dit terwijl de vogelopvang in Rotterdam ontzettend goed werk levert voor de tijdelijke opvang van wilde dieren. Simpelweg mist er dus een oplossing voor de langetermijnopvang van gedomesticeerde zwervende dieren. Er is geen sprake van niet willen, maar niet kunnen, en daar moeten we een oplossing voor bedenken.

We sluiten ons aan bij de vragen die hiervoor zijn gesteld, en als constructieve oplossing stellen wij voor om een rondetafelgesprek te organiseren met diverse organisaties. Bij dit gesprek is het belangrijk om het te hebben over wat er nodig is om deze dieren te beschermen. Bijvoorbeeld te kijken naar plaatsingsmogelijkheden van pluimvee. En hoe we educatie kunnen inzetten om dit, de dumping van dieren, ook te voorkomen. Hier hebben wij een motie voor. Dank u wel. De VOORZITTER. Mevrouw Morkoç heeft de volgende motie ingediend. Motie 2. Rond de tafel voor dierenopvang "De gemeenteraad van Rotterdam, bijeen op 15 februari 2024 ter bespreking van agendapunt Debat 'Gemeente moet zich houden aan wettelijke taak opvang zwerfdieren', aangevraagd door het lid Van der Velden; constaterende dat: - er weinig mogelijkheden zijn om kippen, hanen, hennen en kuikens op te vangen in Rotterdam; - er recent voorbeelden zijn geweest van dumping van gedomesticeerde dieren; overwegende dat:

raadsvergadering van 15 februari 2024

Notulen pagina

205

-

de wildopvang goed werk doet voor de opvang van wilde dieren, maar niet per definitie de plek is voor de opvang van zwervende gedomesticeerde dieren;

verzoekt het college: - een rondetafelgesprek te organiseren met organisaties die zich bezighouden met dierenopvang, waarin wordt besproken wat er nodig is om zwervende dieren te beschermen, waar nodig op te vangen en hoe educatie kan worden ingezet om dumping van dieren te voorkomen; en gaat over tot de orde van de dag." w.g. M.Y. Morkoç De motie is voldoende ondersteund en maakt deel uit van de beraadslagingen. De VOORZITTER. Mevrouw Abrahamse. Mevrouw ABRAHAMSE (vvd). Ja, dank u wel voorzitter. Laat ik vooropstellen dat ook wij als VVD tegen dierenmishandeling zijn en ook als je het dan hebt over zo’n haan die je in een hotelkamer vindt, dat moet niet kunnen. En hoe die er ook is gekomen, dat is dierenmishandeling. Maar als het gaat om een haan of een kuiken of een kip vinden in Rotterdam vragen we ons toch wel af hoe groot nu dit probleem is en hoe structureel ook dit probleem is. Want we hebben nu één artikel, één haan, maar zijn we hier nu echt een heel groot probleem aan het oplossen of hebben we het over twee, drie hanen in een jaar en dan denk ik: ga even naar de rand van Rotterdam. Er zijn genoeg boerderijen. Vraag aan zo’n boerderij of je hem dan daar kan brengen. Maak die afspraak en dan hoeven we niet een hele rondetafel of heel uitgebreide stukken weer te schrijven over iets dat eigenlijk heel snel kan worden opgelost. De VOORZITTER. De heer Van der Velden.

De heer VAN DER VELDEN (pvdd). Ja, dank u voorzitter. Ik neem aan dat u toch ook de brief heeft gezien van zes dierenrechtenorganisaties die een brandbrief sturen aan de gemeenteraad? Dus het lijkt mij niet dat het één geval is. Het zou u toch ook moeten aanspreken, dat de nood toch wel erg hoog is. Mevrouw ABRAHAMSE (vvd). Nou ja, er staat daar nergens dat het echt om tientallen dieren gaat. En ook al gaat het om vijf of zes in een jaar, volgens mij zijn er dan alsnog heel simpele oplossingen. En die brief gaat er ook met name over dat ze vervolgens als eten worden gebruikt. Maar er staat ook nergens in de wet dat dat niet mag. Dus dat is een heel ander probleem en een heel andere discussie dan: hoe gaan we nu een haan die we vinden opvangen en is dat nu echt een groot probleem? De VOORZITTER. Andere sprekers? De heer Van Schaik. De heer VAN SCHAIK (lr). Ja voorzitter, ik ageer even op de opmerkingen van mevrouw Abrahamse. Kijk, natuurlijk moeten we dit agenderen. Natuurlijk. Daarom zitten wij hier. En normaal was het een actua geweest, dan was dat mooier geweest, maar nu moeten we het tijdens de raad doen, want het is actueel. Maar ik hoor u nu wat zeggen, maar u was ook de partij die een motie vreemd aan de orde van de dag over een vlag op een brug wilde indienen. Dus ik snap dat niet helemaal. De VOORZITTER. Anderen? Ja, mevrouw Abrahamse. Mevrouw ABRAHAMSE (vvd).

Nou ja, volgens mij is een motie vreemd over bijvoorbeeld er is ergens een oorlog gaande en we willen steun betuigen, precies het middel dat je hiervoor gebruikt. Maar een volledig raadsdebat, en ik heb dat eigenlijk nog niet eens ter discussie gesteld. Nou ja, ik vraag me wel af, als er één nieuwsartikel is over één dier of we daar iedere keer een heel debat over moeten houden of dat we even een appje sturen naar de wethouder: goh, kunnen we dit niet eens wat beter regelen? De VOORZITTER. De heer Van Schaik.

raadsvergadering van 15 februari 2024

Notulen pagina

206

De heer VAN SCHAIK (lr). Nou, dat is dus precies de spijker op de kop wat ik bedoelde. Dat had u ook kunnen doen of uw woordvoerder die die vraag had gesteld. Die had inderdaad even gewoon een appje kunnen sturen. En dit geval wilden we gewoon bespreken, want dit is gewoon een actueel geval. En dat vinden wij gewoon belangrijk. Het gaat om dierenleed. De VOORZITTER. Anderen? Wethouder Karremans. De heer KARREMANS (vvd) (wethouder). Dank u wel voorzitter. Dierenwelzijn, we bespreken het natuurlijk eigenlijk vrij weinig in de raad en in de commissie, maar toevallig nu over twee weken. Dan zitten we in de commissie over de nieuwe Dierenwelzijnsnota. Daar staat ook wat in over dit onderwerp. Mijnheer Van Schaik vroeg, staat er wat over in de Dierenwelzijnsnota? Ja, dat is het geval. Dit is al een aandachtspunt voor ons. Maar ik ga u ook even meenemen in deze casus. Het geval is, die haan, ik weet niet of hij ingecheckt heeft, maar dat is zaak voor mijn collega die horeca doet. Het geval is dat er dumpingen van hanen plaatsvinden. Dat vindt vaker plaats, zo’n zeventig keer per jaar. Onze boswachters hebben daar ook mee te maken, ze worden ook wel eens uitgezet in het Kralingse Bos. Hanen vallen wel in de categorie, dus niet in het wild levende dieren, zoals ganzen, daar hebben we het hier ook wel eens over gehad.

Maar ze vallen in de categorie zwervende dieren met een vermeende eigenaar. En wat daar de regelgeving op is, is dat wij daar inderdaad een wettelijke taak voor hebben. Dat klopt helemaal. En de vraag van de heer Van der Velden is hoe wij die invullen. Daar hebben we afspraken over met de Dierenbescherming. Wat hier gebeurd is, is dat dat hotel gewoon waarschijnlijk heeft gegoogeld 'dierenambulance Rotterdam' en is terechtgekomen bij de DAR, de Dierenambulance Rotterdam. Maar we hebben in Rotterdam zes opererende dierenambulances. Iedereen kan een dierenambulance beginnen. Dat is gewoon op vrijwillige basis. Als de heer Tak en ik morgen een dierenambulance willen beginnen, kan dat. En dan kunnen wij gewoon met een busje, de heer Tak kennende een elektrisch busje, gewoon rond gaan rijden in de stad, dieren ophalen en onszelf een dierenambulance noemen. Dat is helemaal geen beschermde naam of titel, dus je hebt heel veel verschillende dierenambulances die actief zijn in Rotterdam. De Dierenbescherming is de organisatie met wie wij afspraken hebben gemaakt. Ook in antwoord op de vragen van de heer Van der Velden. Die opereren met de Dierenambulance Zuid-Holland-Zuid. Maar het punt is: dat hotel heeft de DAR gebeld. De DAR heeft niet doorverwezen naar de Dierenambulance Zuid-Holland-Zuid of naar de Dierenbescherming.

Was dat wel gebeurd, had dit waarschijnlijk niet eens het AD gehaald. Dan was het gewoon netjes opgelost, was er een oplossing gevonden voor die haan, want dat is waar wij ook de dierenambulance inderdaad voor betalen. Dan wordt die naar een dierenarts gebracht, dan wordt hij nagekeken, wordt hij veertien dagen lang opgevangen. We doen dat vaak bij Karel Schot omdat die daar mogelijkheden toe hebben. Maar mevrouw Morkoç zei dat wel terecht, ja, de vogelgriep is wel iets waar je niet lichtzinnig mee om kan gaan, want als dat inderdaad tot een contaminatie leidt, heeft dat effect op alle dieren in die opvang. Dat hebben we gezien bij de Houtsnip. Dat heeft ernstige gevolgen gehad voor die dieren daar. Dus dat willen we niet. En ik snap dat je daar wel voorzichtigheid over hebt, maar vaak wordt er een oplossing gevonden, vaak bij Karel Schot. Overigens is Karel Schot een voorbeeld voor de regio hè. Die doen het zo ontzettend goed, daar mogen we echt trots op zijn. Die vangen wilde vogels op uit de hele regio, maar de hele regio betaalt daar niet voor. Dat is een onderwerp van gesprek, maar we mogen wel echt met elkaar trots zijn op de opvang die we hebben en die helpen hier ook bij. Hetzelfde geldt voor Zwerfkatten Rijnmond.

Die zijn eigenlijk bedoeld voor echte zwerfkatten, in het wild levende katten, maar vangen ook zwervende katten met een vermeende eigenaar op, omdat zij natuurlijk gewoon uit een groot dierenhart dat willen doen. We geven ze ook subsidie en we hebben er ook een goede relatie mee. Het punt is dus: was de Dierenambulance ZuidHolland-Zuid gebeld in plaats van de Dierenambulance Rotterdam. Ik snap niet waarom de DAR niet heeft doorverwezen. Ik begrijp wel dat er enige wrevel zit tussen die organisaties. De DAR is weer een afscheiding van de Dierenambulance, zoals we dat in politiek ook wel eens kennen. Dat gebeurt wel eens, maar was dat gebeurd dan was er gewoon helemaal geen probleem geweest. Dan de vraag naar de oplossing. Want ik zei het al, zeventig hanen ongeveer per jaar. Van 69 heb ik geen krantenartikel in de krant gezien en wordt het gewoon netjes afgehandeld. De oplossing is natuurlijk het nieuwe dierenasiel, waar we gewoon mogelijkheden hebben om pluimvee, dus ook hanen, straks op te vangen voor die termijn van twee weken, om ze vervolgens ter adoptie aan te bieden. Want dat is de afspraak. Je hoort ze twee weken op te vangen. Dan kan de eigenaar zich melden. Meldt die zich niet, dan gaat hij een adoptieproces in en wordt hij aangeboden en dan kun je hem adopteren. Dat is hoe het systeem werkt. De VOORZITTER. De heer Van Schaik.

raadsvergadering van 15 februari 2024

Notulen pagina

207

De heer VAN SCHAIK (lr). Ja, ik wil even met u terug wethouder, want u doet er wel erg lichtzinnig en erg makkelijk over dat het de DAR is en u plaatst ze ook nog in een kwaad daglicht dat ze het niet zouden weten. Maar beroept u zich niet op aannames, want ik geloof namelijk niet dat het zo is. Dus ik vind dat u nu erg makkelijk de DAR in een hoekje drijft en eigenlijk gewoon uw verplichting om te zorgen dat die haan ergens onderdak krijgt, nu probeert af te schuiven, van: ja, de DAR wist niet waar die naartoe moest. Praten we niet meer met elkaar? Hebben we geen participatie meer? Ja, nee, dit irriteert me echt wethouder als u zo over de DAR praat, want zij doen ook heel veel goed werk. Het is onze taak die kip en die haan onderdak te geven. De VOORZITTER. Wethouder. De heer KARREMANS (vvd) (wethouder). Voorzitter, wij opereren zelf niet een dierenambulance. Er is niet een gemeentelijke dierenambulance. Daar hebben we afspraken over met de Dierenbescherming. De Dierenbescherming exploiteert de Dierenambulance Zuid-Holland-Zuid. De heer Van Schaik en ik kunnen ook morgen, in plaats van de heer Tak, kan ik ook samen met de heer Van Schaik een dierenambulance oprichten en gaan rijden. Maar als die vervolgens niet doorverwijzen naar de partijen die dat kunnen regelen en die wij ervoor hebben aangesteld, daar ben ik verder ook niet bij betrokken.

Dus het is voor mij niet een kwestie van verwijten of van vingertje wijzen, het is een kwestie van analyseren hoe dit tot stand is gekomen en waarom dit tot zoveel commotie heeft geleid. Want wij voldoen wel degelijk volledig aan onze wettelijke verplichting ten aanzien van de opvang van zwervend aangetroffen dieren met een vermeende eigenaar. Dus de suggestie die daarover gewekt is in de media en ook middels die brandbrief werp ik wel van me. En sterker nog, ik werk keihard aan de realisatie van dat nieuwe dierenasiel. Daar hoop ik echt snel mee van start te kunnen, want dan hebben we ook in Rotterdam weer een dierenasiel. En ik vind dat een stad als Rotterdam het aan haar stand verplicht is om gewoon een dierenasiel te hebben, want ik ben het helemaal eens met mijnheer Van der Velden en mevrouw Morkoç, het is een kwestie van menselijkheid hoe we omgaan met dieren. Dus dat moeten we gewoon goed regelen. Volgens mij heb ik alle vragen zo’n beetje wel beantwoord. Over de moties kan ik zeggen: ja, met deze uitleg hoop ik dat duidelijk is dat die moties eigenlijk overbodig zijn. Want ik heb continu gesprekken met dierenwelzijnsorganisaties. Dat doe ik met veel liefde, ook met bijvoorbeeld de dierenvoedselbank, waarbij we oplossingen proberen te vinden voor bijvoorbeeld een pand dat ze zoeken.

Daar ben ik zelf mee bezig, samen met de wethouder Armoede, omdat we dat belangrijk vinden. En uiteindelijk is dat dierenasiel dat we willen openen bij Neptunus, dus bij het Roel Langerakpark, uiteindelijk de oplossing voor die opvang daar. En ook op de motie van de heer Van der Velden zou ik zeggen: die invulling van de wettelijke plicht doen we eigenlijk zo, dus ook die motie is overbodig. De VOORZITTER. Mevrouw Morkoç. (Er wordt buiten de microfoon gesproken.) Was u eerder? Hoe kan ik u over het hoofd zien? Mevrouw Van Wifferen. Mevrouw VAN WIFFEREN (d66). Ik zit helemaal achterin. Maar de vraag is dus, de wethouder wil hier dus wel bevestigen dat in de toekomst hanen ook bij de nieuwe dierenopvang terechtkunnen en gaat hij ook in gesprek met die dierenambulances om zeg maar dat verdere haantjesgedrag in te dammen en gewoon door te verwijzen? De VOORZITTER. Wethouder. De heer KARREMANS (vvd) (wethouder). Dat is wel een beetje een ratjetoe. Dat ben ik met mevrouw Van Wifferen eens. Over dat laatste hè, want op die eerste vraag kan ik inderdaad bevestigend antwoorden. Daar is gewoon straks opvangmogelijkheid, ook voor pluimvee, dus ook voor hanen.

En met betrekking tot het feit als dat niet duidelijk is, want daar ga ik maar even van uit, dan zie ik natuurlijk wel een taak voor me om dat te verduidelijken en dat ook tegen alle dierenambulances en alle partijen die zich daarmee bezighouden te vertellen. Tegen alle Rotterdammers inclusief de gemeenteraad zeg ik natuurlijk: bel gewoon 114, red een dier. Dat is van de Dierenbescherming. Dan word je met de juiste persoon in contact gebracht en dan wordt dat netjes afgehandeld volgens de wettelijke verplichtingen die wij hebben. 114, red een dier. Sla hem op in je telefoon en daarmee kunnen we al een heel groot deel van deze problematiek ondervangen. De VOORZITTER. Mevrouw Morkoç.

raadsvergadering van 15 februari 2024

Notulen pagina

208

Mevrouw MORKOÇ (gl). Dank u wel voorzitter. Ik begrijp de antwoorden van de wethouder. Fijn dat hij er ook zo open in zit. Toch vind ik het heel belangrijk dat er misschien zelfs periodiek om de tafel wordt gezeten met deze organisaties om te kijken: joh, waar zitten problemen, waar lopen jullie tegenaan? Ik vind dat de wethouder een verbindende factor moet zijn hierin. En daarom zou ik toch zeggen, de motie roept op tot een rondetafelgesprek. Doe het een keertje, roep ze bijeen, kijk wat de problemen zijn, trek het misschien ook breder dan alleen pluimvee en de opvang en de lozing of de dumping ervan. De wethouder kan een verbindende factor zijn tussen deze organisaties. Ik denk dat het heel belangrijk is om daarin ook te beroepen op zijn menselijkheid. De VOORZITTER. De heer Van der Velden. De heer VAN DER VELDEN (pvdd). Ja, dank u voorzitter, ik wil wel graag meedenken voor de toekomst met de wethouder over het dierenasiel. Vandaar ook de vraag die ik nu heb. Nu betreft het kippen en hanen en hennen. Ik heb eigenlijk een vraag, want u moet natuurlijk voldoen aan de positieflijst. Is het dierenasiel straks toegerust eigenlijk op alle dieren om die op te vangen? Dus stel, er loopt hier een lama los, kan die daar ook? Ja, dat is tegenwoordig ook mode. We nemen allemaal maar zo’n lama. Zou die daar dan ook terechtkunnen? Ik noem maar een voorbeeld. De VOORZITTER. Wethouder.

De heer KARREMANS (vvd) (wethouder). Een lama weet ik niet. Een olifant weet ik ook niet. Dat zal ik even moeten nagaan. Maar ik denk dat het ook een mooie gelegenheid is om dat in de commissie met elkaar te bespreken. Ik neem die vraag dan alvast even mee richting de bespreking van de Dierenwelzijnsnota. Ik ben het overigens eens met het punt van mevrouw Morkoç dat ik een verbindende rol kan spelen als wethouder met de verantwoordelijkheid voor dierenwelzijn. Die probeer ik ook op te pakken. Ik heb geregeld contact met dierenwelzijnsorganisaties. De vraag is dan of dat samen moet. Ik wil kijken of daar animo voor is dan, bij die dierenwelzijnsorganisaties. Want ik zei er net al even iets over dat dat niet altijd per definitie makkelijk samen gaat. Dus als ik het zo kan afdoen met een toezegging dat ik even ga kijken of daar animo voor is en dat als daar nut en noodzaak toe is dat ik dat inderdaad op die manier oppak. Want ik ben er niet principieel op tegen als daar behoefte aan is om daar eens in de zoveel tijd een rondetafelgesprek over te voeren. Dat doe ik ook met de Bomenridders. Daar zit ik ook één keer per jaar minimaal. Dat doe ik met mensen die werken aan studentenoverlast in Kralingen. Dus ik praat met allerlei groepen en mensen, dat vind ik hartstikke leuk. Maar dan moet er wel nut en noodzaak en bereidheid zijn natuurlijk. De VOORZITTER. Mevrouw Morkoç.

Mevrouw MORKOÇ (gl). Voorzitter, met deze toezegging zijn wij tevreden en trekken wij onze motie terug. De VOORZITTER. Motie 2 van GroenLinks bij dit onderwerp wordt ingetrokken. Goed. Is er behoefte aan een tweede termijn? Er is geen behoefte aan een tweede termijn. Mijnheer Van Schaik. De heer SCHAIK (lr). Ja, dank u wel voorzitter. Ik had nog een onbeantwoorde vraag van de wethouder. Mijn vraag was of hij in ieder geval die toezegging die hij heeft gedaan, waar ik overigens nooit van had gehoord, op te nemen in de Dierenwelzijnsnota. En de onbeantwoorde vraag die ik had is ook de vraag om dit verhaal in de Dierenwelzijnsnota op te nemen. Dus het verhaal van de haan, waar u nu zegt dat dat dus bij het dierenasiel kan worden gebracht, om het zomaar te zeggen. Ik heb in al die jaren dat ik ermee bezig ben geweest, nooit gehoord dat daar ook pluimvee naartoe kan. Nou, prima als u dat geregeld hebt, ik zie dat als een toezegging en die wil ik dan ook graag in de Dierenwelzijnsnota terugzien. Want dan is het gelijk ook een wat completere Dierenwelzijnsnota. Dank u wel voorzitter. De VOORZITTER. Wethouder. De heer KARREMANS (vvd) (wethouder). Voorzitter, volgens mij staat het daar gewoon in. We hebben niet een hele lijst met die wel, die niet. Dus volgens mij hebben we het over hetzelfde.

Kijk, als de raad vindt dat de Dierenwelzijnsnota aangepast moet worden op die punten dan zou ik zeggen: laten we dat bespreken bij de behandeling van de Dierenwelzijnsnota. De raad is de baas hè, dus als de raad wil dat

raadsvergadering van 15 februari 2024

Notulen pagina

209

daar dingen worden veranderd, dan doe ik dat vanzelfsprekend trouw. Maar volgens mij staat het erin en kunnen we gewoon richting die bespreking. Het zou het wel makkelijk maken om alle wijzigingen in één keer door te voeren natuurlijk. Dus mijn voorstel zou zijn om het op die manier aan te pakken, maar volgens mij zijn we het inhoudelijk niet oneens met elkaar. De VOORZITTER. Goed. Op naar de Dierenwelzijnsnota in maart. Ik sluit dit punt over dierenwelzijn af. 7.4

Het voorstel tot vaststelling van het Integraal Huisvestingsplan Onderwijs 2024-2027

De VOORZITTER. Omdat wethouder Zeegers onderweg is maar er nog niet is wilde ik u voorstellen om de tijd optimaal te gebruiken en alvast het Integraal Huisvestingsplan met wethouder Kasmi te behandelen. Als dat uw goedkeuring kan dragen dan gaan we daarmee van start. Mevrouw Van Groningen. Mevrouw VAN GRONINGEN (vvd). Ja voorzitter, van de orde, want ik zie wel dat de onderwijswoordvoerders nog niet in de zaal zijn, dus misschien kunnen we daar dan even een oproep voor doen. De VOORZITTER. Jazeker, daarom zeg ik dat even zo, dus ik zou het fijn vinden als de onderwijswoordvoerders wel binnentreden. Ik mis volgens mij alleen de heer Biljoen. Ik hoop dat hij zo aankomt. Goed, dank voor de souplesse aan de kant van de raad. Agendapunt 7.4, het voorstel tot vaststelling van het Integraal Huisvestingsplan Onderwijs, was voorzien als tweeminutendebat. Op verzoek van de heer Biljoen is het nu een volwaardig debat en dus mag de heer Biljoen ook afsteken. De heer BILJOEN (gl). Voorzitter, dank, ik had verwacht dat we iets later begonnen, maar goed, fijn dat we toch nog iets eerder starten. Voorzitter, als het over onderwijs gaat dan moet het niet alleen maar gaan over hoe het alsmaar hoger en beter kan. Dan moeten we vooral ook kijken hoe we aan iedereen gelijke kansen kunnen bieden en hoe we alle soorten leraren en leerlingen waarderen.

En die waardering zit wat GroenLinks betreft ook in de huisvesting. Want onze kinderen, de generatie van de toekomst die op een gegeven moment ook hier waarschijnlijk in dit huis zal plaatsnemen, zit op dit moment fulltime in het primair en in het voortgezet onderwijs. En dat maakt het extra belangrijk om hierin te investeren. We zijn dan ook eigenlijk best wel tevreden met het Integraal Huisvestingsplan Onderwijs. De wethouder heeft zijn ervaringen die hij heeft opgedaan in het buitenland verwerkt in het document en daar ziet GroenLinks wel kansen. Maar voor we daar komen moeten we het wel eerst hebben over de hobbels. En dan begin ik met de planning. GroenLinks heeft de afgelopen dagen benut om gesprekken te voeren met scholen die op de lijst staan, op een vorige lijst stonden of het net niet hebben gehaald. En hoewel de Sectorkamer PO/VO een positief advies heeft afgegeven voor de prioritering van deze scholen vragen we ons toch af of dit middel nog wel het juiste instrument is. Want in de VIMIP 2023, dat is de voortschrijdende indicatie meerjareninvesteringsplanning, voor de mensen die thuis zitten, die overigens alweer driekwart jaar oud is, zien we dat projecten die bijvoorbeeld op de IHP-lijst van 2015 stonden, in 2024 nog steeds niet zijn opgeleverd.

En dat kan met allerlei zaken te maken hebben, maar is het eigenlijk niet een vorm van planningsoptimisme en is de wethouder het daarin met ons eens? En dan voorzitter, kan de wethouder misschien ook nog eens goed uitleggen hoe die prioriteringslijst nu tot stand komt? Want in de commissie gaf de wethouder aan dat er door middel van enquêtes een beeld of een globaal overzicht wordt opgehaald waar de behoefte ligt voor sloop, nieuwbouw of renovatie. Maar hoe werkt dat? En dat licht ik dan eigenlijk toe aan de hand van een klein voorbeeldje. Want misschien moeten we wel echt gaan kijken naar een ander systeem. Want in de gebiedsuitwerking lees ik dat er incidenteel zelfs scholen zijn die een urgentie uitspreken voor renovatie, sloop of nieuwbouw. Dit komt ook naar voren in de gesprekken die wij hebben gehad met verschillende scholen in de stad. Maar vervolgens zie ik dat deze niet op het lijstje komen te staan. Dus hoe worden deze afwegingen dan gemaakt? Het antwoord van de wethouder in de commissie was dat een onderwijsinstelling het dan over vier jaar nog een keertje kan proberen. Maar dat stelt ons in ieder geval niet gerust.

Dus voorzitter, wat gebeurt er eigenlijk met scholen die niet op de lijst komen of die misschien al heel lang op zo’n lijst staan en daar nog steeds geen concrete acties op worden uitgevoerd? Worden die begeleid of wat voor alternatieven worden er voor hen geboden? Maar ook voorzitter, wat nu als een kind thuiskomt en vertelt over de dag, hoe het was en zegt: het was zo heet in de klas, ik viel bijna flauw. Of: ik kon me vandaag weer niet concentreren omdat ik alles hoor van de

raadsvergadering van 15 februari 2024

Notulen pagina

210

leerlingen die in de klas naast mij zitten? Voorzitter, dat zijn voorbeelden die allemaal te maken hebben met de staat van een gebouw. En dan zal elke ouder of verzorger een afweging maken of het wenselijk is dat een kind nog wel acht jaar op zo’n onderwijslocatie blijft. En dat zie je dus in de praktijk gebeuren. Kinderen die naar een andere school verhuizen en ook onderwijzers die aan de slag gaan in nieuwere gebouwen. En dan komt de school onder de opheffingsnorm en is de conclusie misschien dus dat er ook een overschot is aan beschikbare ruimtes. Een soort vicieuze cirkel. En wat kan de wethouder dan doen om dit patroon te onderbreken? Dan voorzitter het raadsvoorstel zelf. De VOORZITTER. Ik neem dat u bedoelt het patroon te doorbreken? De heer BILJOEN (gl). Te doorbreken, ja. Voorzitter, dan het raadsvoorstel zelf. In het ontwerpbesluit vraagt u om het IHP vast te stellen, inclusief de vervangingsopgave. Wij willen daar graag bij helpen, maar het is nu niet duidelijk waar we nu ja tegen zeggen. In het plan staan ambities op bijvoorbeeld duurzaamheid ten behoeve van de BENG- naar ENG-norm, maar in de commissie gaf de wethouder aan dat er geen geld is en dat hij dat graag zou willen. Wij hebben het plan zorgvuldig doorgespit en constateren eigenlijk dat alle ambities vervlochten zijn in het document.

Het is ons dan ook niet duidelijk om welk bedrag het gaat waarmee u naar de voorjaarsretraite gaat. Welk bedrag heeft u dus nodig en wat nu als uw inspanningen niet genoeg zijn, wat gaat er dan gebeuren? Dan heb ik nog twee moties voorzitter. Een motie, 'Sla het GGD-advies over schone lucht niet in de wind', waarbij we vragen om de richtlijnen van het GGD-advies uit het advies 'Bescherming hooggevoelige groepen' ter harte te nemen en uitsluitend nieuwe scholen te bouwen op minstens 150 meter van bronnen van luchtverontreiniging als drukke verkeerswegen. Voorzitter, ik moet letten op de tijd dus ik ga hem niet verder inleiden. Dan heb ik nog een andere motie, 'Het huishoudboekje op orde, ook bij het IHP Onderwijs'. De VOORZITTER. De heer Biljoen heeft de volgende moties ingediend. Motie 1.

Huishoudboekje op orde, ook bij het IHP Onderwijs "De gemeenteraad van Rotterdam, bijeen op 15 februari 2024 ter bespreking van agendapunt 7.4 Het voorstel tot vaststelling van het Integraal Huisvestingsplan Onderwijs 2024-2027; constaterende dat: - binnen het IHP Onderwijs veel onduidelijk blijft over de financiële consequenties van het plan, zeker gezien het gat tussen de geschetste ambities, het beschikbare budget en de prioritering; - alleen duidelijk is dat het totale benodigde budget voor het uitvoeren van de wettelijke taak voor de aangewezen 34 projecten € 342 miljoen is; - de ambities die worden geschetst binnen het IHP Onderwijs, die verstrekkender zijn dan het uitvoeren van de wettelijke taak, binnen de huidige begroting niet van dekking zijn voorzien; overwegende dat: - deze ambities op o.a. het gebied van duurzame, energieneutrale scholen en inclusief onderwijs door heel het IHP Onderwijs zijn verweven en het plan een gezicht geven; - de wethouder heeft toegezegd bij de Voorjaarsnota 2024 met een voorstel voor aanvullende dekking te komen, o.a.

ten behoeve van de bekostiging van deze ambities; - nu onduidelijk is wat de geschatte kosten zijn van de ambities zoals ze zijn opgenomen in het IHP Onderwijs; - artikel 7 van de Financiële Verordening Rotterdam 2021 stelt: 'Het college mag alleen al dan niet meerjarige uitgaven of verplichtingen aangaan die passen binnen de beleidsmatige en financiële kaders van de vastgestelde programmabegroting en de daarbij behorende meerjarenraming.'; - aanbeveling 3 van het met algemene stemmen aangenomen raadsvoorstel tot overnemen aanbevelingen van de Commissie Onderzoek Rekening (COR) stelt: 'Het voorspellende vermogen en daarmee de grip op financiën moet worden vergroot. De COR adviseert hierbij om ook in concept-raadsbesluiten duidelijker aan te geven wat de financiële consequentie is en wat er hierdoor in de begroting verandert.'; verzoekt het college: - een uitgebreide financiële uitsplitsing bij het IHP Onderwijs te voegen die in ieder geval bevat: - een uitsplitsing van de kosten die optellen tot het reeds begrote bedrag van € 342 miljoen;

raadsvergadering van 15 februari 2024

Notulen pagina

211

-

- een uitsplitsing van de geschatte kosten voor de ambities die zijn opgenomen in het IHP Onderwijs, per ambitie; deze met de raad te delen voor de behandeling van de Voorjaarsnota 2024;

en gaat over tot de orde van de dag." w.g. M.H. Biljoen Motie 2. Sla het GGD-advies over schone lucht niet in de wind "De gemeenteraad van Rotterdam, bijeen op 15 februari 2024 ter bespreking van agendapunt 7.4 Het voorstel tot vaststelling van het Integraal Huisvestingsplan Onderwijs 2024-2027; constaterende dat: - Nederlandse GGD's gemeenten hebben oproepen om zich aan te sluiten bij het 'Schone Lucht Akkoord' en hooggevoelige groepen extra te beschermen tegen luchtverontreiniging; - Rotterdam dit Schone Lucht Akkoord heeft ondertekend; - in het IHP geen garantie is opgenomen dat er geen nieuwe scholen gebouwd zullen worden dicht bij hoofdverkeersroutes zoals wegen omdat dit 'onvermijdelijk' zou zijn; overwegende dat: - luchtverontreiniging kan leiden tot luchtwegaandoeningen zoals astma en zelfs tot longkanker, vooral bij kinderen en ouderen; - kinderen dus tot een risicogroep behoren als het gaat om negatieve gezondheidseffecten van luchtverontreiniging; - een aantal bronnen van luchtverontreiniging zijn aan te wijzen zoals drukke verkeerswegen, veehouderij, havens/vaarwegen en industriegebieden; - de gemeente de plicht heeft zich maximaal in te spannen om te voorkomen dat onze jongste inwoners negatieve gezondheidseffecten ondervinden vanwege de locatie van hun school; verzoekt het college: - de richtlijnen van de GGD's uit het 'Advies Bescherming Hooggevoelige Groepen'

ter harte te nemen en uitsluitend nieuwe scholen te bouwen op minstens 150 meter van bronnen van luchtverontreiniging zoals drukke verkeerswegen; en gaat over tot de orde van de dag." w.g. M.H. Biljoen De moties zijn voldoende ondersteund en maken deel uit van de beraadslagingen. De VOORZITTER. De heer Ceulemans. De heer CEULEMANS (lr). Ja voorzitter, ik kan het echt heel erg kort houden. Ik heb eigenlijk maar twee punten te melden. In de eerste plaats dat ik het altijd in die zin een ingewikkeld onderwerp vind, dat ik het heel erg uitvoering vind, en dat we eigenlijk iets wat met uitvoering te maken heeft en gewoon met vervangingsopgave, dat eigenlijk regulier beleid zou moeten zijn, politiek maken en dat we er dan vervolgens van alles van moeten vinden met elkaar. Nou ja goed, zo hebben we het kennelijk met elkaar ingekleed, maar ik denk dat we daar als raad ook op moeten reflecteren: is dit de manier waarop we willen gaan oordelen als raad over het al dan niet renoveren van schoolpanden? Dat is het eerste. En het tweede, dat heb ik ook in de commissie tegen de wethouder gezegd. Het is de tweede keer dat ik als raadslid een IHP behandel, en het is voor de tweede keer alsof ik een soort klimaat- en duurzaamheidsstuk aan het lezen ben in plaats van een stuk over onderwijshuisvesting. Het loopt erg door elkaar heen.

Er staan ook teksten in als: met dit IHP-plan dragen we bij aan de klimaatdoelen die Rotterdam onderschrijft of althans die we als Rotterdam moeten onderschrijven van landelijke en internationale klimaatafspraken. Ik vind dat erg verwarrend, ook omdat ik daardoor niet goed kan inschatten in hoeverre we nu aan een pand aan het sleutelen zijn omdat we aan een klimaatdoelstelling moeten voldoen of omdat het pand gewoon behoeft om gerenoveerd te worden. Nou, de wethouder heeft me in ieder geval gegarandeerd dat er op dit moment geen noodzakelijk onderhoud blijft liggen omdat we prioriteit geven aan het verduurzamen van panden. Dat vind ik goed. raadsvergadering van 15 februari 2024

Notulen pagina

212

Ik wil de wethouder wel vragen dat we in een volgend IHP of in een voortgang over het huidig IHP gewoon duidelijker het onderscheid neerzetten voor de raad: wat zijn we nu aan het doen aan regulier onderhoud aan een pand en wat zijn we aan het doen in het kader van klimaatmaatregelen en duurzaamheid? Want over dat tweede zijn wij zeer sceptisch terwijl het eerste bittere noodzaak is voor het onderwijs in Rotterdam. De VOORZITTER. Hartelijk dank. De heer Engberts. De heer ENGBERTS (pvda). Ja voorzitter, op school hoorde ik er niet zo goed bij, en misschien is het daarom dat ik mijn hele leven mij al bezighoud met de vraag hoe mensen nu eigenlijk worden buitengesloten. Misschien is het ook daarom dat als het over onderwijs gaat, ik daar nog preciezer op let en dus ook als we het over onderwijshuisvesting hebben. Want behalve over bouwkundige kwaliteit of dat het nu goed in de verf staat, het gaat voor mij ook over wat huisvesting bijdraagt aan de onderwijskwaliteit en aan onderwijs waar geen barrières worden opgeworpen. Ik ben daarom ook ongelofelijk blij met de toezegging in de brief die we gisteren kregen, om de NEN-norm voor toegankelijk bouwen, die nu in voorbereiding is, te proberen die verplicht te stellen en om daar middelen voor te vinden bij de Voorjaarsnota.

Daarmee maken we onze scholen gegarandeerd inclusief en toegankelijk en sluiten we kinderen met een beperking niet uit. Want onderwijshuisvesting doet ertoe, ook als het gaat om inclusie en verbinding. Daarom wil ik ook nogmaals, en we deden dat ook al eerder, aandacht vragen voor het samenbrengen van onderwijsniveaus in één gebouw. De jaren die jongeren doorbrengen in het voortgezet onderwijs zijn belangrijke jaren voor de persoonsvorming en socialisering. En juist in een divers samengestelde omgeving kunnen mensen leren van elkaar en leren om met elkaar om te gaan en gedeelde burgerschapsvaardigheden aan te leren. En huisvesting kan dat versterken of verminderen. Dat blijkt al jaren uit onderzoek. Wij selecteren in Nederland heel vroeg op onderwijsniveau. En een brede scholengemeenschap waar de verschillende onderwijsniveaus, concreet vmbo aan de ene kant, havo en vwo aan de andere kant, als dat in één gebouw zit, leidt dat tot meer ontmoetingen, meer contact, meer begrip en meer burgerschapsvaardigheden. Omgekeerd, waar het vmbo in een ander gebouw zit dan de havo en vwo, is die scheiding veel groter en is de kloof tussen de bubbels niet zo makkelijk te overbruggen. We hebben er al vaker voor gepleit en het is op ons verzoek ook door de wethouder besproken met de schoolbesturen, maar die hadden geen wensen hier.

Dat is ons toch wat te makkelijk en te snel, de schoolbesturen hadden geen wensen. Wij vinden het wel wenselijk om ernaar te streven om de verschillende schooltypen in één gebouw te brengen en zoveel mogelijk daarmee bruggen te slaan tussen de verschillende groepen. Daarom heb ik toch nogmaals een motie om daar opnieuw aandacht voor te vragen. De VOORZITTER. De heer Engberts heeft de volgende motie ingediend. Motie 3. Brede scholengemeenschap "De gemeenteraad van Rotterdam, in vergadering bijeen op 15 februari 2024 ter bespreking van 'Integraal Huisvestingsplan Onderwijs 2024-2027; constaterende dat: - Nederland internationaal gezien vrij vroeg jongeren groepeert naar onderwijsniveau; - scholen in landen die vroeg selecteren sterker onderling verschillen als het om de burgerschapscompetenties van leerlingen gaat; - kinderen van verschillende onderwijsniveaus vaak weinig contact met elkaar hebben; overwegende dat: - onderwijshuisvesting hier een belangrijke bijdrage aan kan leveren door in een brede scholengemeenschap de verschillende onderwijstypen ook in hetzelfde gebouw/complex te huisvesten1; - contact en interactie bijdragen aan emotionele en culturele toenadering van verschillende groepen leerlingen. - brede scholen het makkelijker maakt om leerlingen met sociale verschillen kennis te maken en burgerschapscompetenties aan te leren; verzoekt het college:

raadsvergadering van 15 februari 2024

Notulen pagina

213

-

in gesprek met schoolbesturen over onderwijshuisvesting dit bespreekbaar te maken en te kijken op welke manier hier invulling aan gegeven kan worden; hierover in het eerstvolgende IHP-onderwijs te rapporteren;

en gaat over tot de orde van de dag." w.g. G.J. Engberts 1

Samen of gescheiden naar school: De betekenis van sociale scheiding en ontmoeting in het voortgezet onderwijs I 2021 I Sociaal en Cultureel Planbureau (https://www.scp.nl/publicaties/publicaties/2021/02/04/samen-of-gescheiden-naar-school)

De motie is voldoende ondersteund en maakt deel uit van de beraadslagingen. De VOORZITTER. Mevrouw Van Groningen. Mevrouw VAN GRONINGEN (vvd). Ja, dank u voorzitter. Zoals in de commissie aangegeven ziet de Rotterdamse VVD een Rotterdam voor zich waar alle kinderen in gezonde, goed geventileerde en multifunctionele schoolgebouwen onderwijs kunnen genieten. Ja voorzitter, er is werk aan de winkel, want we weten ook dat heel veel schoolpanden echt verouderd zijn, en daarom is het goed dat we vandaag snel werk gaan maken van allerlei projecten die weer worden opgenomen in het Integraal Huisvestingsplan Onderwijs en uiteraard hoop ik dat we ook snel aan de slag gaan met die uit het verleden. Voorzitter, met onze motie 'Het onderwijs van de toekomst' hebben wij als Rotterdamse VVD een belangrijke bouwsteen gelegd voor het Integraal Huisvestingplan Onderwijs 2024-2027. Vanaf nu komt er extra aandacht voor multifunctionele schoolgebouwen. Daar zijn we heel erg blij mee. Het enige puntje op de i dat we nu nog moeten zetten is dat deze bouwsteen ook bestendigd wordt in het raadsbesluit dat wij vandaag nemen, zodat de gemeente Rotterdam in de toekomst waar mogelijk inzet op het realiseren van die multifunctionele schoolgebouwen. Daarom dienen we vandaag dit amendement in: 'Multifunctionele schoolgebouwen geborgd', om dit te borgen in het raadsbesluit.

Voorzitter, zoals gezegd weten we dat meer dan 50% van het scholenbestand ouder is dan 45 jaar en we weten ook dat we vaart moeten maken met al die gymzalen in Rotterdam. En hoe mooi zou het dan zijn dat we voor scholen die toe zijn aan een nieuw schoolgebouw en die ook nog dicht bij elkaar zitten een gezamenlijk schoolgebouw realiseren. De Rotterdamse VVD heeft in de commissie ook nadrukkelijk stilgestaan bij dit belang om efficiënter te bouwen, om kansen te bieden om in de nabije toekomst meer scholen in het IHP op te nemen. Want uiteindelijk verdient elk kind en elke leerkracht een goede schoolomgeving en een goed schoolgebouw. Ook zien we dat er nu scholen zijn die bijvoorbeeld heel erg groeien of scholen die krimpen. En daar is het schoolgebouw vaak helemaal niet voor bestemd. En door een gemeenschappelijk schoolgebouw kun je hier veel flexibeler mee omgaan. Daarom hebben we een vraag aan de wethouder of hij zou willen inventariseren of er scholen zijn die nog niet zijn opgenomen in een integraal huisvestingsplan die zich bijvoorbeeld in één gebied bevinden waar we dan een gemeenschappelijk of een gezamenlijk schoolgebouw voor kunnen bouwen. Dan kunnen we misschien twee of drie scholen in één gebied blij maken. En als we dan weten welke scholen dat zijn voorzitter, dan hoop ik ook dat u daar dan de gesprekken mee wilt voeren. Dank u wel voorzitter. De VOORZITTER.

Mevrouw Van Groningen heeft het volgende amendement ingediend. Amendement A. Multifunctionele schoolgebouwen geborgd "De gemeenteraad van Rotterdam, in vergadering bijeen op 15 februari 2024, ter bespreking van het Raadsvoorstel vaststellen IHP Onderwijs 2024 – 2027; besluit: het raadsvoorstel over de vijf lijnen voor onderwijshuisvesting onder punt 4 als volgt te wijzigen: 'De vijf lijnen voor het creëren van meerwaarde voor de stad middels onderwijshuisvesting vast te stellen, te weten: a. aansluiting bij het onderwijsbeleid; b. duurzame, toekomstbestendige en waar mogelijk multifunctionele schoolgebouwen; c. inpassing van gebouwen in de omgeving,

raadsvergadering van 15 februari 2024

Notulen pagina

214

d. koppeling van andere maatschappelijke voorzieningen aan het schoolgebouw (multifunctionaliteit); e. het stellen van eisen aan schoolgebouwen.'" w.g. D.A. van Groningen en J.M. Nunnely Toelichting De motie 'Het onderwijsgebouw van de toekomst' vraagt onder andere actief in te zetten op het bouwen van de multifunctionele schoolgebouwen van de toekomst daar waar het toegevoegde waarde heeft voor de stad. In het Masterplan Onderwijs is meervoudig sociaal gebruik het uitgangspunt. Dit is het perspectief bij alle nieuwbouw- en renovatieplannen, bij alle schuif operaties en bij het samenvoegen van (kleine) scholen. Juist gezien alle ontwikkelingen rondom het onderwijs zoals schoolzorgteams, inzet op voorschoolse educatie, het wegnemen van leerachterstanden of belemmeringen door bijvoorbeeld remedial teaching of logopedie of doorlopende schooldagen vragen om meer multifunctionele ruimtes in en rond de school. Door in onze vijf lijnen voor onderwijshuisvesting deze wens nadrukkelijk op te nemen wordt de kans op het succes voor multifunctionele schoolgebouwen voor de toekomst groter. Het amendement is voldoende ondersteund en maakt deel uit van de beraadslagingen. De VOORZITTER. Wie mag ik het woord geven? Mijnheer Soytekin. De heer SOYTEKIN (denk). Voorzitter, twee korte punten vanuit mijn fractie.

Toen ik nog in de commissie zat hebben we het wel eens eerder gehad over het IHP en toen heeft de wethouder in zijn brief aangegeven dat hij het wenselijk vindt de afstand tussen speciaal en regulier onderwijs zoveel mogelijk te verkleinen. Daarbij gaf hij aan: huisvesting onder één dak of in elkaars nabijheid en het delen van faciliteiten et cetera. Ik heb toen ook al aangegeven dat ik mij daar heel erg zorgen om maakte, sterker nog, ik ben er eigenlijk geen voorstander van. Leerlingen op het speciaal onderwijs hebben een andere leer- en huisvestingsomstandigheid en die hebben dat ook nodig. Dus ik voorzie daar grote problemen in als we die groepen leerlingen met elkaar gaan mengen. Ik vraag de wethouder daarom om een reactie hoe hij daarover denkt en of hij die problemen ook voorziet en wat hij daaraan zou kunnen gaan doen. Dan nog een tweede punt voorzitter, en dat is volgens mij in de commissie ook wel even besproken, maar ik wil dat punt toch wel even gemaakt hebben. Ik sluit me aan bij het vurig pleidooi van mevrouw Van Groningen over multifunctionele schoolgebouwen en wat ons betreft horen daar ook stilteruimtes bij. Het enige wat wij vragen aan de wethouder is: ga in gesprek met die besturen of op het moment dat je in gesprek bent met die besturen, kaart dit aan.

Geef aan: vergeet niet dat er ook leerlingen zijn die op de middelbare school zitten die behoefte hebben om zich soms even terug te trekken. Dus houd daar ook rekening mee. En ik zie dat de heer Ceulemans daarop wil reageren. De VOORZITTER. Mijnheer Ceulemans. De heer CEULEMANS (lr). Ja, dat klopt. Nee, ik vraag me af wat u hier nu wilt. Ik vroeg me het al af toen uw collega het in de commissie zei en ik vraag het me nu opnieuw af. Bij dit Integraal Huisvestingsplan zijn ingrepen nodig aan scholen. Scholen komen met die behoefte. En wilt u dan dat de gemeente scholen actief gaat wijzen op het belang van een gebedsruimte, is dat wat u voorstelt? De heer SOYTEKIN (denk). Ja kijk, op het moment dat ik hier een stilteruimte noem, maakt de heer Ceulemans daar automatisch een gebedsruimte van. Dat kan, je kunt het ook gebruiken als gebedsruimte. En het antwoord is eigenlijk ja. Ik zou het goed vinden als de wethouder in zijn gesprekken aandacht heeft voor de behoeften die er zijn om dat kenbaar te maken. De VOORZITTER. De heer Ceulemans. De heer CEULEMANS (lr). Ja, laten we geen spelletje spelen. Als u zegt stilteruimte bedoelt u niet een ruimte waar mensen in stilte kunnen gaan pimpampetten, u bedoelt dan gewoon een gebedsruimte in de praktijk voor islamitische leerlingen. Dat is natuurlijk waar het dan op neerkomt.

En we moeten toch niet met elkaar het pad op gaan dat de gemeente, de overheid, die neutraal hoort te zijn, scholen gaat wijzen op de noodzaak voor sommige leerlingen om te kunnen bidden in een ruimte. Op het moment

raadsvergadering van 15 februari 2024

Notulen pagina

215

dat je dat als gemeente gaat neerleggen bij schoolbesturen dan ben je toch totaal je boekje te buiten aan het gaan als gemeente. De VOORZITTER. De heer Soytekin. De heer SOYTEKIN (denk). Ja kijk, dit is zeg maar de wijze waarop de heer Ceulemans ernaar kijkt. En ik vind het prima, dat mag, op het moment dat je stilteruimte hoort dat je daar gebedsruimte van maakt, dus dat je daar automatisch op tegen bent. Maar een stilteruimte is per definitie multifunctioneel. Je kunt het gebruiken voor meerdere dingen, waaronder ook inderdaad het gebed, dat kan. Maar het kan ook zo zijn, en het is ook heel normaal, ook bij grote bedrijven zie je dat, dat er gewoon stilteruimtes zijn, dat mensen zich eventjes terug kunnen trekken en daar gebruik van maken, door bijvoorbeeld te mediteren. De VOORZITTER. Mevrouw Van Groningen. Mevrouw VAN GRONINGEN (vvd). Dank voorzitter, ik vraag me dan toch af waarom hier dan specifiek een stilteruimte voor nodig is. Een school heeft ook andere ruimtes. Volgens mij kun je die multiinzetbaar inzetten, als we het dan toch over multifunctionele schoolgebouwen hebben. Dus ik begrijp echt niet de noodzaak om dit bij schoolbesturen neer te leggen. De VOORZITTER. De heer Soytekin. De heer SOYTEKIN (denk). Kijk, als er ruimtes zijn die multifunctioneel gebruikt kunnen worden, dus ook als stilteruimtes, dan is dat natuurlijk prima.

Maar volgens mij is het in mijn beleving nu zo dat scholen daar iets te weinig aandacht voor hebben en dat mag best wel benoemd worden in gesprekken die de wethouder heeft. De VOORZITTER. Mevrouw Van Groningen. Mevrouw VAN GRONINGEN (vvd). Nou ja, ik vraag me af welk probleem we hier nu precies gaan oplossen. Volgens mij is het probleem er niet. En als scholen nieuwbouw hebben en ze willen daar wat extra ruimtes om bepaalde activiteiten te ontplooien prima, maar het lijkt me niet nodig om hier schoolbesturen dan actief op te gaan sturen. De VOORZITTER. Er zit geen vraag in. Dan ga ik naar mevrouw Nunnely. Mevrouw NUNNELY (d66). Dank u wel voorzitter. Volgens mij hebben wij dit in de commissie uitgebreid besproken en de wethouder heeft daar ook een heel duidelijk antwoord op gegeven, dat we het niet actief bij de schoolbesturen neerleggen, maar een inclusief schoolgebouw, dat we daar natuurlijk wel rekening mee kunnen houden. En volgens mij is dat uitgebreid aan de orde gekomen. De VOORZITTER. Dat is voor de wethouder straks. Mijnheer Ceulemans. De heer CEULEMANS (lr). Ja, dat klopt. Het is uitgebreid aan de orde gekomen. Maar ik ben de wethouder niet, ik ben een raadslid en ik hoor een mederaadslid een plan opperen waar ik heel erg tegen ben, dus volgens mij kan ik daar dan gewoon op reageren.

Want wat de heer Soytekin eigenlijk zegt, is: ik wil dat de overheid één type ruimte gaat promoten onder schoolbesturen. Want misschien zijn er wel andere leerlingen die een pingpongruimte willen hebben of zo, moet de gemeente dat dan ook actief onder de aandacht brengen? Nee, dat vraagt u niet. U vindt zelf principieel ideologisch dat er zo’n soort ruimte op een school zou moeten zijn. U wilt vervolgens in het kader van een onderwijshuisvestingsplan, dus ook nog helemaal geen samenlevingsplan of onderwijsbeleid, maar in het kader van een onderwijshuisvestingsplan wilt u dat de gemeente specifiek dat type ruimten onder de aandacht gaat brengen bij schoolbesturen, terwijl schoolbesturen zelf zoiets ook kunnen regelen als ze daar behoefte aan hebben. Dus volgens mij bent u ten eerste een probleem aan het oplossen dat er niet is, en ten tweede probeert u de rol van de overheid op te rekken tot proporties die we echt niet moeten willen, zeker niet op dit terrein. De VOORZITTER. Mevrouw Nunnely.

raadsvergadering van 15 februari 2024

Notulen pagina

216

Mevrouw NUNNELY (d66). Dank u wel voorzitter. We hebben het vandaag over een integraal huisvestingsplan, waar ook inclusieve ruimtes wordt benoemd, dus laten we alstublieft niet vooruitlopen zonder dat we die schoolbesturen dan ook zelf aan de orde hebben laten komen mijnheer Ceulemans. De VOORZITTER. Mijnheer Ceulemans tot slot. De heer CEULEMANS (lr). Toch ,afrondend van mijn kant, dat is precies wat ik zeg. Ik wil schoolbesturen niet voor de voeten lopen. Ik wil ook dus in het verlengde daarvan niet dat de overheid schoolbesturen gaat wijzen op het belang van een gebedsruimte. Dat wil ik niet. En ik ben het met u eens, het is raar dat we het bespreken in het kader van een IHP, maar ik ben er niet over begonnen. Ik reageer op een collega. De VOORZITTER. De heer Soytekin afrondend. De heer SOYTEKIN (denk). Ja, dank voorzitter. En om af te sluiten met de wijze woorden van de heer Ceulemans, die hij soms wel gebruikt, daar worden we het niet over eens ben ik bang. Want ik vind het wel van belang, en zeker ook als ik kijk naar het amendement van mevrouw Van Groningen. Daar wordt ook een maatschappelijk belang genoemd, daar zou ik hem zelf onder scharen. Ik houd het hierbij voorzitter. Dank. De VOORZITTER. Ik dacht dat u de laatste spreker was van de zijde van de raad. Toch niet. Dan gaan we naar mevrouw Nunnely. Mevrouw NUNNELY (d66). Dank u wel voorzitter.

Ik wil er graag mee beginnen dat we tevreden zijn of dat vele scholen tevreden zijn met het IHP, dus mijn complimenten ook aan alle mensen die hieraan gewerkt hebben. Toch heerst er nog enige onduidelijkheid over het IHP en met name over de inclusieve huisvesting, hoe wij dat gaan ondersteunen en hoe we dat gaan uitdragen. Ook een ambitie binnen het nieuwe Rotterdams onderwijsbeleid, dus ook de vraag aan de wethouder hoe dat eruit gaat zien. In de praktijk ervaren scholen obstakels met betrekking tot huisvesting wanneer we spreken over deze inclusieve scholen. Deze scholen hebben meer ruimte per leerling nodig dan standaard en we kampen natuurlijk ook met financiële uitdagingen, waarbij de bekostiging vanuit het samenwerkingsverband met de scholen ook een rol speelt. Daarnaast voorzitter is het IHP mijns inziens ambitieus en met name op de omvang maar ook de duurzaamheid. Maar tegelijkertijd vinden wij als fractie dat er toch nog wel een overzicht ontbreekt aan de hand van de vertragingen ten opzichte van het IHP 2019-2023 en een stukje evaluatie van IHP 2016-2019. Wij vragen de wethouder daar toch nog meer duidelijkheid over te geven. En natuurlijk, er staat heel veel in het rapport, maar misschien kan er toch nog in een klein kort overzicht daar inzage in gegeven worden.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=RotterdamRaad&id=0828e483-14ec-48ee-8df4-e53fc23015fe