Toelichting rvs 10e wijziging GR BWB.pdf
Tekst van het document
Toelichting raadsvoorstel aan de raad van de gemeente Roosendaal Aanleiding Het Algemeen Bestuur van de Belastingsamenwerking West-Brabant heeft in zijn vergadering van 4 april 2025 besloten de 10 e wijziging van de Gemeenschappelijke Regeling Belastingsamenwerking West-Brabant met een positief advies te onderschrijven. Het voorstel tot wijziging van de Gemeenschappelijke Regeling Belastingsamenwerking West-Brabant omvat een aantal wijzigingen uit niet eerder verwerkte zienswijzen uit de procedure rondom de negende wijziging van de GR. Op 7 april heeft het Dagelijks Bestuur van de Belastingsamenwerking West-Brabant de 10e wijziging van de Gemeenschappelijke Regeling Belastingsamenwerking West-Brabant toegezonden. Het college wordt in de gelegenheid gesteld om over het conceptbesluit en de bijbehorende ontwerptekst van de Gemeenschappelijke Regeling een zienswijze in te dienen. Het is gebruikelijk dat het college ook uw raad in de gelegenheid stelt een zienswijze in te dienen bij een wijziging van een gemeenschappelijke regeling. Met de 10e wijziging van de Gemeenschappelijke Regeling Belastingsamenwerking West-Brabant wordt de regeling aangepast met een aantal wijzigingen uit niet eerder verwerkte zienswijzen uit de procedure rondom de 9e wijziging van de Gemeenschappelijke Regeling.
Wij kunnen instemmen met de ontwerptekst en stellen uw raad dan ook voor om geen zienswijze in te dienen. Beoogd effect De Gemeenschappelijke Regeling Belastingsamenwerking West-Brabant te wijzigingen met een 10 e wijziging. Argumenten 1.1. De regeling is aangepast a.d.h.v. eerder ingediende zienswijzen over de negende wijziging De ontwerptekst is in het voortraject uitvoerig bekeken door diverse juristen van verschillende deelnemers en de beleidsjuristen van de BWB. De voorgestelde wijzigingen volgen uit eerdere zienswijzen van diverse deelnemers en zijn voornamelijk gericht op transparantie en efficiëntie van de regeling. De belangrijkste veranderingen worden hierna opgesomd. Artikel 11 Actieve informatieplicht, lid 3 In de huidige regeling wordt van de deelnemers verwacht dat zij zelf aangegeven hoe ze geïnformeerd willen worden. Dit past niet binnen een actieve informatieplicht. Art. 11.3 wordt daarom gewijzigd in: “De actieve informatieplicht aan de gemeenteraden en het algemeen bestuur van het Waterschap behelst een tijdige en compacte informatievoorziening, toegespitst op wat voor de raden en het algemeen bestuur relevant is”. Artikel 14 Samenstelling en verkiezing, lid 1 en 2 De samenstelling van het dagelijks bestuur wordt uitgebreid van vier naar vijf leden.
Het vijfde lid is afkomstig uit een gemeente < 50.000 inwoners of een gemeente tussen 50.000 en 100.000 inwoners. Dit betekent dat kleinere deelnemers een grotere stemverhouding krijgen. Artikel 18 Bevoegdheden van het dagelijks bestuur, onder c Artikel 29 Ambtelijke organisatie, lid 3 Na de tiende wijziging is het benoemen, schorsen of ontslaan van de directeur niet langer een bevoegdheid van het algemeen bestuur, maar van het dagelijks bestuur. Artikel 30 Vaststellen begroting, lid 9 Dit artikel ziet toe op de zienswijze procedure bij een wijziging van de begroting. In de huidige regeling is bepaald dat iedere stijging van de deelnemersbijdrage voor één of meer deelnemers een zienswijzeprocedure vraagt, ook als de totaalbijdrage van alle deelnemers gelijk blijft. Dus ook bij een verschuiving in bijdragen tussen een aantal deelnemers als gevolg van gewijzigde aantallen. Deze werkwijze is niet altijd efficiënt en kost zowel ambtelijk als bestuurlijk veel tijd. Zeker wanneer er geen financieel belang is voor één of meerdere deelnemers. Om dit tegen te gaan worden situaties waarbij de omvang van de totale bijdragen van de deelnemers, gelijk blijft of wordt verlaagd vanaf de tiende wijziging uitgesloten van een zienswijzeprocedure.
1
Toelichting raadsvoorstel aan de raad van de gemeente Roosendaal Lid 9 geeft nu aan dat een zienswijze procedure niet van toepassing is op “besluiten tot wijziging van de begroting waarbij de omvang van de totale bijdragen van de deelnemers, gelijk blijft of wordt verlaagd”. Artikel 37 Uittreding, lid 8 Lid 8 gaat over het schadebedrag bij uittreding. Dit is driemaal de jaarbijdrage in de huidige regeling. Dit wordt nu aangepast naar 100% van de bijdrage in jaar 1, 66% van de bijdrage in jaar 2 en 33% van de bijdrage in jaar 3 (na indexering van de kosten). 1.2. Het Algemeen bestuur adviseert positief Het Algemeen Bestuur van de Belastingsamenwerking West-Brabant heeft in zijn vergadering van 4 april 2025 besloten om in te stemmen met het voorstel en het conceptbesluit aan de deelnemers voor te leggen. Omdat er al een positief advies van het AB onder ligt, wat tevens is besproken in de ambtelijke regiegroep, is de verwachting dat er door de andere deelnemers geen zienswijzen zijn c.q. worden ingediend. 2.1. Het is een wettelijke verplichting De wet, en dan in bijzonder artikel 1 van de Wet gemeenschappelijke regelingen, bepaalt dat het college voor het wijzigen van een GR uw gemeenteraad in de gelegenheid moet stellen om zijn wensen en bedenkingen kenbaar te maken over de ontwerpregeling.
Kanttekening 1.1 Het doorlopen proces Op 4 april 2025 stemde het Algemeen Bestuur ermee in om het wijzigingsvoorstel inzake de 10 e wijziging van de Gemeenschappelijke Regeling Belastingsamenwerking West-Brabant voor zienswijze voor te leggen aan de deelnemers. Op grond van de Wet Gemeenschappelijke Regelingen geldt voor dergelijke zienswijzeprocedures een termijn van acht weken. Geconstateerd werd echter dat in de besluitvormingscyclus van de deelnemers niet tot nauwelijks binnen deze termijn tot formele besluitvorming gekomen kon worden. Uit navraag bleek dat de formele vaststelling van de zienswijzen door het merendeel van de raden en het algemeen bestuur van het waterschap pas eind juni kon plaatsvinden. Hierdoor werd een deel van de formele zienswijzen naar verwachting pas ná 26 juni aangeleverd. Dit betekende dat het voor het Dagelijks Bestuur niet mogelijk was om tijdig een volledig afgeronde en bestuurlijk gedragen versie van de Gemeenschappelijke Regeling voor te leggen aan het Algemeen Bestuur voor de vergadering van 4 juli 2025. Gevolg hiervan is dat het voorstel met de definitieve tekst van de 10e wijziging van de Gemeenschappelijke Regeling Belastingsamenwerking West-Brabant in de vergadering van 7 november 2025 aan het Algemeen Bestuur zal worden voorgelegd. Financiën Niet van toepassing.
Communicatie De Gemeenschappelijke Regeling Belastingsamenwerking West-Brabant wordt door de regiefunctionaris in ieder geval over de volgende zaken geïnformeerd: - Over het feit dat het traject alsnog is opgepakt en de bijbehorende planning. - Na besluitvorming door het college over de uitkomsten hiervan. - Na besluitvorming door de raad over de uitkomsten hiervan. Deze correspondentie zal, zoals door de Gemeenschappelijke Regeling zelf verzocht, per e-mail geschieden. Participatie Niet van toepassing.
2
Toelichting raadsvoorstel aan de raad van de gemeente Roosendaal Vervolg Mocht uw raad toch wensen of bedenkingen hebben dan worden deze kenbaar gemaakt aan het Dagelijks Bestuur van de Gemeenschappelijke Regeling Belastingsamenwerking West-Brabant. Nadat het bestuur een definitieve gewijzigde Gemeenschappelijke Regeling heeft opgesteld wordt deze aan de colleges van de deelnemende gemeenten aangeboden. Nadat het college dan een voorgenomen besluit over de gewijzigde regeling heeft genomen moet uw raad om toestemming worden gevraagd. Vervolgens kan het college de wijzigingen definitief vaststellen. Wanneer tenslotte alle deelnemende gemeenten hebben ingestemd, treedt de gewijzigde regeling, na bekendmaking ervan, in werking. Bijlagen 1. Brief 10e wijziging GR BWB gemeente Roosendaal 2. Concept 10e wijziging GR BWB 3. AB besluit 10e wijziging GR BWB
3