Toelichting raadsvoorstel Afhandeling integriteitsschending.pdf
Tekst van het document
Toelichting raadsvoorstel aan de raad van de gemeente Roosendaal
Aanleiding Op 19 augustus 2025 zijn 2 geheime onderzoeksrapporten aan de raad verstrekt. Dit is gebeurd door plaatsing daarvan achter een digitaal slotje in de vergaderapplicatie. In de e-mail waarin raadsleden werden geattendeerd op de plaatsing van de onderzoeksrapporten stond o.a.: ‘Deze onderzoeksrapporten worden alleen met de raad gedeeld en zijn geheim tot na de presentatierondes morgenavond’. De presentaties van de 2 onderzoeksrapporten zouden op 20 augustus 2025 vanaf 19:00 plaatsvinden. Deze werkwijze was met de fractievoorzitters overeengekomen in het presidium van 5 juni 2025 om te voorkomen dat het debat vooraf aan de presentatie al in de media gevoerd zou worden. De raad is door een e-mail van de griffier op 3 juli 2025 geïnformeerd over het feit dat alléén de raad een dag voor de presentaties de onderzoeksrapporten zou ontvangen en dat dit onder geheimhouding zou gebeuren. In zowel de onderzoeksrapporten zelf, door middel van een watermerk, als in de bestandsnamen daarvan stond in hoofdletters dat de onderzoeksrapporten geheim waren. Wettelijk kader Op grond van artikel 89, lid 2 Gemeentewet dient een verplichting tot geheimhouding in acht te worden genomen door allen die van de informatie kennis dragen.
Op grond van artikel 2:5 van de Algemene wet bestuursrecht is eenieder die is betrokken bij de uitvoering van de taak van een bestuursorgaan en daarbij de beschikking krijgt over gegevens waarvan hij het vertrouwelijke karakter kent of redelijkerwijs moet vermoeden, en voor wie niet reeds uit hoofde van ambt, beroep of wettelijk voorschrift ter zake van die gegevens een geheimhoudingsplicht geldt, verplicht tot geheimhouding van die gegevens. Op grond van artikel 4.2 van de Gedragscode voor (burger)raadsleden van de gemeente Roosendaal is een raadslid dat de beschikking krijgt over gegevens waarvan hij het geheime of vertrouwelijke karakter kent of redelijkerwijs moet vermoeden, verplicht tot geheimhouding van die gegevens, behalve als de wet hem tot mededeling verplicht. Op grond van artikel 4.4 van de Gedragscode voor (burger)raadsleden van de gemeente Roosendaal gaat een raadslid prudent om met mondelinge en schriftelijke informatie die hij ontvangt. Hij maakt die niet openbaar c.q. geeft die niet door aan anderen zonder instemming van de afzender. Bij twijfel over de bedoeling van de afzender informeert hij hier eerst naar.
Op grond van artikel 272, lid 1 van het Wetboek van Strafrecht is degene die enig geheim waarvan hij weet of redelijkerwijs moet vermoeden dat hij uit hoofde van ambt, beroep of wettelijk voorschrift dan wel van vroeger ambt of beroep verplicht is het te bewaren die verplichting opzettelijk schendt strafbaar1. Op 20 augustus 2025, om 9:43, publiceert BN de Stem online een artikel over (de inhoud van) één van de onderzoeksrapporten waarbij de redactie stelt dat zij over het onderzoeksrapport beschikt. In de loop van de dag worden online over beide onderzoeksrapporten meer artikelen gepubliceerd, ook door andere media die eveneens stellen over de onder de onderzoeksrapporten te beschikken. De raad heeft op 19 september 2019 onder de naam ‘Gentle agreement over de handhaving van de integriteit van de politiek’ unaniem besloten om een procedure vast te stellen die voorschrijft hoe met een dergelijke melding om moet worden gegaan 2. Met de vaststelling is ten aanzien van de geldigheidsduur geen einddatum bepaald, noch is besloten tot intrekking ervan waarmee dit protocol vigerend is en toegepast dient te worden. Op 21 augustus 2025 doet vanwege het in de media verschijnen van geheime informatie een raadslid, op grond van die Gentle agreement, een melding bij de burgemeester van een vermoeden van niet integer handelen.
1 Of daadwerkelijk sprake is van een strafbaar feit is ter beoordeling aan het openbaar ministerie en/of
de strafrechter. 2 Een gentle agreement over de handhaving van de integriteit van de politiek
Toelichting raadsvoorstel aan de raad van de gemeente Roosendaal
Eveneens op 21 augustus 2025 vraagt de burgemeester in een e-mail aan (burger)raadsleden of zij er mee in kunnen stemmen dat hij extern en technische onderzoek in zet om te kijken wie er heeft gelekt. In de dagen die volgen na die e-mail stemmen álle (burger)raadsleden daar in met een extern en technisch onderzoek. In diezelfde e-mail roept de burgemeester degene die zich aangesproken voelt op, zich bij hem te melden. Geen van de (burger)raadsleden meldt zich bij de burgemeester. De burgemeester heeft vervolgens eind augustus een vooronderzoek ingesteld zoals bedoeld op pagina’s 4 en 5 van het protocol. Dat vooronderzoek hield in dat door de gemeentelijke informatiebeveiligingscoördinator op serverniveau is bekeken of de 2 onderzoeksrapporten met gebruikmaking van de server buiten de vergaderapplicatie omgeving zijn gebracht. Dat was het geval. Op basis van die bevindingen heeft de burgemeester op 4 september 2025 een integriteitsonderzoek zoals bedoeld op pagina’s 4 en 5 van het protocol in laten stellen door Invictus. Op 23 september 2025 heeft Invictus een rapport aan de burgemeester opgeleverd met als titel ‘Onderzoeksrapport gelekte rapportages gemeente Roosendaal’.
Uit dit rapport bleek dat raadslid De Backer op 19 augustus 2025 om 21:04 het éne en om 21:11 het ándere onderzoeksrapport van zijn door de gemeente voor zijn raadswerk beschikbaar gestelde e-mailadres naar zijn privé e-mailadres heeft doorgestuurd. Op 13 oktober 2025 heeft de burgemeester in een e-mail (burger)raadsleden laten weten dat door Invictus een onderzoek is uitgevoerd en dat Invictus heeft vastgesteld dat, met gebruikmaking van gemeentelijke hard- en software, 2 geheime onderzoeksrapporten naar buiten zijn gebracht en door wie. De burgemeester roept in dezelfde e-mail nogmaals degene die zich aangesproken voelt op om zich bij hem te melden. Daags na die mail meldt raadslid De Backer bij de burgemeester. Raadslid De Backer geeft aan dat hij op 19 augustus 2025 rond 21:00 de 2 rapporten naar zijn privé mailadres heeft doorgestuurd, omdat hij ze dan in plaats vanaf zijn iPad vanaf zijn PC kon lezen, wat hij prettiger vindt. Raadslid De Backer geeft aan dat hij eind van die middag door iemand van buiten de raad, die hem regelmatig van advies voorziet, was gebeld en door hem was gevraagd of hij de onderzoeksrapporten met deze adviseur kon delen. Raadslid De Backer verklaart gezegd te hebben dit niet te kunnen doen omdat de onderzoeksrapporten geheim zijn. Raadslid De Backer geeft aan dat deze adviseur diezelfde dag ’s avonds bij hem thuis langskwam.
Raadslid De Backer zit op dat moment vanaf zijn PC één van de onderzoeksrapporten te lezen. De adviseur vraagt raadslid De Backer of hij dat onderzoeksrapport mag lezen. Raadslid De Backer stemt daar mee in waarop de adviseur achter de PC plaatsneemt. Raadslid De Backer geeft aan dat hij vervolgens meerdere malen de ruimte waarin de PC staat verlaat waardoor de adviseur alleen achter de PC achterblijft. Daags nadat in de media artikelen worden gepubliceerd over de onderzoeksrapporten wordt opgemerkt dat bij de sent items van zijn privé e-mail 2 e-mails staan die aan de adviseur zijn gemaild. In elk van deze e-mails zat 1 van de 2 onderzoeksrapporten. Raadslid De Backer ontkent deze mails te hebben verzonden. Op 15 oktober 2025 laat raadslid De Backer de burgemeester weten dat hij tegen deze adviseur aangifte van computervredebreuk gaat doen. Door deze aangifte ontstaat, naast het onderzoekspoor op basis van het protocol een ander onderzoekspoor, namelijk het strafrechtelijke. De officier van justitie laat de burgemeester weten dat, gelet op de waarheidsvinding in het opsporingsonderzoek en het daar aan verbonden onderzoeksbelang, het niet wenselijk is dat de onderzoeksresultaten uit het onderzoek door Invictus en het feit dat er door raadslid De Backer aangifte is gedaan tegen de adviseur breder wordt gedeeld.
Dit omdat het strafrechtelijk onderzoek en de waarheidsvinding daardoor geschaad zou kunnen worden. In de periode die daarop volgt informeert de burgemeester met regelmaat bij de officier van justitie of er nog steeds bezwaren bestaan, hetgeen tot 2 maart 2026 het geval is. Op die datum laat de officier van justitie aan de burgemeester weten dat gelet op de stand van het opsporingsonderzoek en het daar aan verbonden onderzoeksbelang, er géén bezwaren meer bestaan tegen het breder delen van de onderzoeksresultaten van Invictus en van het feit dat door raadslid De Backer aangifte is gedaan.
Toelichting raadsvoorstel aan de raad van de gemeente Roosendaal
Op 5 maart 2025 heeft de burgemeester een extra presidiumvergadering uitgeroepen en gebruik gemaakt van de mogelijkheid die het protocol biedt om het presidium te informeren over de onderzoeksresultaten. Vervolgens heeft de burgemeester raadslid De Backer in het kader van hoor en wederhoor in de gelegenheid gesteld om zelf aan het presidium te vertellen wat zijn mogelijke aandeel is geweest in het in de media verschijnen van artikelen over de (inhoud van de) onderzoeksrapporten. Nadat raadslid De Backer dat had gedaan heeft hij de presidiumvergadering verlaten. De burgemeester heeft vervolgens gebruik gemaakt van de mogelijkheid die het protocol biedt om, vlak voordat de stap naar de openbaarheid wordt gezet, met het presidium te klankborden over de onderzoeksresultaten, de vraag hoe te handelen en een eventueel sanctieadvies. Gelet op de standpunten die het presidium daarover tijdens die presidiumvergadering heeft ingenomen heeft de burgemeester vervolgens voor 12 maart 2026 een extra raadsvergadering uitgeroepen voor de behandeling van een raadsvoorstel dat ziet op de afhandeling van de melding van een vermoeden van niet integer handelen.
Beoogd effect Afhandeling van een melding van een vermoeden van niet integer handelen conform de daarvoor door de raad vastgestelde procedure.
Argumenten Op grond van artikel 170, lid 2 van de Gemeentewet rust op de burgemeester de wettelijke plicht om de bestuurlijke integriteit van de gemeente te bevorderen. In het door het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties vastgestelde ‘Handboek integriteit voor politieke ambtsdrager van decentrale overheden’ 3 wordt o.a. in paragraaf 4.5 aangegeven dat de resultaten van een onderzoek naar buiten worden gebracht en dat daarover in de raad wordt gedebatteerd. Ook het protocol schrijft op pagina 5 voor dat, als uit onderzoek blijkt dat een raadslid zich niet integer heeft gedragen, de burgemeester aan de raad via een raadsvoorstel een sanctievoorstel doet. Over dat raadsvoorstel alsmede de bevindingen van het onderzoek, wordt conform het protocol in het openbaar gedebatteerd. Overwegingen Gelet op de onderzoeksresultaten kan worden vastgesteld dat sprake is van een integriteitsschending. Door het handelen van raadslid De Backer heeft de adviseur kennis kunnen nemen van 2 onderzoeksrapporten die op het moment dat hiervan kennis werd genomen, geheim waren. Raadslid De Backer heeft daarmee gehandeld in strijd met de artikelen 89, lid 2 van de Gemeentewet, 2:5 van de Algemene wet bestuursrecht en 4.2 en 4.4 van de Gedragscode voor (burger)raadsleden van de gemeente Roosendaal. Wanneer sprake is van een schending kan door de raad een sanctie worden opgelegd.
De mogelijke sancties zijn opgenomen in het protocol. Een sanctie dient proportioneel te zijn. Bij het bepalen ervan spelen de aard van de schending en de context waarbinnen de schending heeft plaatsgevonden een belangrijke rol. Context De context van de schending was dat er vanwege bestuurlijke en maatschappelijke onrust in opdracht van de raad extern onderzoek was gedaan naar de bestuurscultuur en de uitkoop van de Poolse supermarkt. Aan deze onderzoeken hebben raadsleden, (oud)wethouders, (oud)burgemeesters, (oud)medewerkers en een ondernemer op vrijwillige basis meegewerkt. Met het presidium was afgesproken dat de (resultaten van de) onderzoeksrapporten naar buiten zouden worden gebracht, éérst door presentatie daarvan op 20 augustus 2025 door de onderzoekers en direct na afloop daarvan door plaatsing van de onderzoeksrapporten op de website van de gemeenteraad. Voor deze volgorde werd gekozen omwille van zorgvuldigheid jegens de mensen die hadden meegewerkt aan het onderzoek, in het bijzonder de mensen die vinden dat hen door de bestuurscultuur onrecht is aangedaan, of omdat zij onderwerp waren van het onderzoek. Deze volgorde had moeten voorkomen 3 Handboek integriteit - voor politieke ambtsdragers van decentrale overheden
Toelichting raadsvoorstel aan de raad van de gemeente Roosendaal
dat deze mensen de uitkomsten van de onderzoeken, zonder neutrale duiding door de onderzoekers en mogelijk ongenuanceerd, gekleurd of selectief, uit de media moesten vernemen of dat aan hen vragen over de onderzoeksresultaten zouden worden gesteld zonder dat zij zelf al kennis van de onderzoeksresultaten hebben kunnen nemen. Alleen de raad zou 24 uur vooraf, onder geheimhouding, beschikken over de onderzoeksrapporten zodat die zich mede gelet op het belang van het onderwerp en de vooraf niet uit te sluiten publiciteit, goed en gedegen voor kon bereiden op de (enige) mogelijkheid tot het stellen van vragen aan de onderzoekers na afloop van de presentaties van de onderzoeksrapporten. Zwaarte Niet alle schendingen zijn even zwaar. Schendingen die de zuiverheid van de besluitvorming raken, zoals belangenverstrengeling, corruptie en misbruik van informatie, raken aan de kerntaak van politici en zijn om die reden aan te merken als het ernstigst. Door deze schendingen zijn de gevolgen voor burgers en het vertrouwen van burgers in het openbaar bestuur het meest in het geding. Bij dergelijke schendingen passen in de regel dan ook de zwaarste sancties. Een te lichte sanctie die volgt op een ernstige schending kweekt mogelijk onbegrip en brengt het risico met zich dat de geloofwaardigheid wordt aangetast; hetzelfde geldt voor een te zware sanctie op een lichte schending.
Omstandigheden Meegewogen moet worden of er sprake is van verzwarende of verzachtende omstandigheden. Raadslid De Backer heeft na de tweede oproep van de burgemeester zich gemeld bij de burgemeester en openheid van zaken gegeven over wat zijn mogelijke aandeel is geweest in het in de media verschijnen van artikelen over de (inhoud van de) onderzoeksrapporten. Raadslid De Backer heeft daarover op 5 maart 2026 ook aan het presidium openheid van zaken gegeven. Raadslid De Backer heeft aangegeven dat hij de adviseur de onderzoeksrapporten niet had moeten laten lezen. En hij heeft aangegeven dat hij naïef is geweest door er op te vertrouwen dat de adviseur geen misbruik zou maken van de toegang die hij zich kon verschaffen tot zijn PC, door hem alleen te laten in de ruimte waarin die stond. Raadslid De Backer heeft tegen de adviseur aangifte gedaan van computervredebreuk. Raadslid De Backer heeft aangegeven dat hij nooit heeft gewenst dat de onderzoeksrapporten bij de media terecht zouden komen en betreurt dat ook. Raadslid De Backer heeft aan zowel het presidium als aan de burgemeester spijt betuigd voor hetgeen is gebeurd. Raadslid De Backer neemt daarmee volledige verantwoordelijkheid voor zijn handelen en toont zelfreflectie.
Daar staat tegenover dat de inhoud van de onderzoeksrapporten politiek zeer gevoelig waren wat ieder raadslid bekend was, voor ieder raadslid duidelijk was dat deze onderzoeksrapporten geheim waren en het raadslid De Backer bekend was dat de adviseur kennelijk kennis had van het feit dat de onderzoeksrapporten onder geheimhouding aan de leden van de raad waren verstrekt en hij kenbaar had gemaakt de onderzoeksrapporten in te willen zien. Deze laatste omstandigheden maken dat raadslid De Backer uiterste voorzichtigheid geboden was. Mogelijke sancties Er zijn verschillende algemene sancties die aan de orde kunnen zijn als reactie van de raad op een integriteitschending, het protocol noemt onder andere: • aanspreken; • publiek excuus vragen; • afkeuring door partijen; • motie van treurnis; • motie van afkeuring; • motie van wantrouwen. Al deze sancties hebben een politiek karakter en het zou daarom niet passend zijn als een burgemeester, die boven de partijen moet staat, één van deze sancties zou adviseren. Het staat raadsleden wel vrij om zelf middels een motie of amendement aan de raad een dergelijke sanctie voor te stellen. Passender voor een burgemeester is dat hij een sanctievoorstel doet dat naar zijn aard past bij de
Toelichting raadsvoorstel aan de raad van de gemeente Roosendaal
integriteitschending. Op grond van artikel 89, lid 5 van de Gemeentewet kan bij het handelen in strijd met de geheimhouding de sanctie worden opgelegd van het uitsluiten van het ontvangen van geheime informatie voor de duur van maximaal 3 maanden. Deze sanctie is bedoeld als periode waarbinnen er een afkoeling en normalisering van de verhoudingen kan plaatsvinden, zonder een te ingrijpende inbreuk te maken op het functioneren van het betrokken raadslid. Sanctievoorstel Al het voorgaande overwegende wordt voorgesteld om raadslid De Backer voor de duur van twee maanden uit te sluiten van het ontvangen van geheime informatie.
Communicatie Dit besluit zal op de reguliere wijze worden gepubliceerd en gecommuniceerd.
Bijlagen -
Ontwerp besluit