CConstaterende datRoosendaal
Koppel je AI →
Document · PDF

Nota zienswijze Verbindingsweg Tolberg geanonimiseerd.pdf

Gemeenteraad 21 november 2024, gemeente RoosendaalBij agendapunt: 7a: Raadsvoorstel Gewijzigd vaststellen bestemmingsplan Verbindingsweg Tolberg15.743 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

5.5 Binnen de bestemming ‘Verkeer’ is meer mogelijk dan alleen de daadwerkelijke wegverharding. Op deze gronden is naast de daadwerkelijke weg alles toegestaan dat onderdeel uitmaakt van de weg, zoals middengeleiders, bermen, rotondes, oversteekplaatsen enz. Het vastgestelde wegontwerp laat zien waar welke verhardingsbreedte daadwerkelijk wordt toegepast. Daarnaast is naar aanleiding van de zienswijze de wegas opgenomen en een aanduiding voor langzaamverkeer om de liggen van de weg te borgen. Tevens is een afwijking opgenomen om de as van de weg te verschuiven mits is aangetoond dat er geen sprake is van een overschrijding van de hoogst toelaatbare geluidbelasting. 5.6 Het is onjuist dat de bestemming ‘Verkeer 14’ meter betreft op de smalste delen. Op verschillende punten is de bestemming Verkeer veel smaller. De breedte van de bestemming varieert vanwege bijvoorbeeld verkeersveiligheidsmaatregelen bij oversteekplaatsen en voor het realiseren van voorzieningen voor bushaltes. Buiten de kom geldt een hogere maximumsnelheid waar meer ruimte nodig is voor een verkeersveilig wegontwerp. Hier is het Handboek wegontwerp gebiedsontsluitingswegen van het CROW als uitgangspunt gehanteerd. Verder wordt verwezen naar de beantwoording onder 5.5. 5.7 Het bereikbaar maken van de ziekhuislocatie is niet een van de afwegingen voor de verbindingsweg.

In 2009 is echter al onderzocht hoe de wijk Tolberg beter kan worden ontsloten. De conclusie uit het rapport Beter Bereikbaar Tolberg is dat een zuidelijke ontsluiting parallel aan de A58 effectief is om de verkeerdruk bij de overwegen en in het centrum te verminderen. 5.8 Het doel van de verbindingsweg is het ontsluiten van Tolberg richting de A58. Directheid van de verbinding draagt bij aan het gebruik van de verbindingsweg vanuit Tolberg. Voor de nut en noodzaak van de verbindingsweg wordt verwezen naar antwoord 1.5, 1.12 en 1.14.

22

5.9

5.10

5.11 5.12 5.13

5.14

5.15

5.16

5.17

De voorkeursvariant is een optimalisatie van de 2b (Verbindingsweg tussen Afslag Wouw en Willem Dreesweg mét spoortunnel). Deze variant is opnieuw doorgerekend, inclusief kruispunten, in het rapport Verkeersonderzoek ‘Tracestudie Tolberg’ Voorkeursalternatief van 10 november 2022. Het rapport is als bijlage opgenomen bij de toelichting. 9 Maart 2020 is de opleverdatum van het rapport. Het onderzoek is daarvoor reeds uitgevoerd. De eerste lockdown was vanaf 15 maart 2020 van kracht. Het onderzoek is daarom wel representatief. Zie antwoord 1.5, 3.4 en de beantwoording onder indiener 11. Zie reactie 11. De (dubbel)bestemming ‘Waarde-Ecologie’ is overgenomen uit het vigerende bestemmingsplan ‘Buitengebied Roosendaal-Nispen. Naar aanleiding van de zienswijze is in de bestemming ‘Natuur’ en ‘Verkeer’ een voorwaardelijke verplichting opgenomen. Voor de ontwikkeling van de verbindingsweg is er in het ontwerp bestemmingsplan voor gekozen om geen geluidwerende voorzieningen toe te passen. Een nadere verplichting hiertoe is daarom ook niet opgenomen in de regels. De regels zijn zoveel mogelijk overgenomen vanuit het vigerende bestemmingsplan. Om de geluidbelasting op een groot aantal woningen nabij de verbindingsweg te reduceren en het aantal vast te stellen hogere waarden aanzienlijk te verminderen is ervoor gekozen om alsnog stil asfalt toe te passen.

Door het toepassen van het stil asfalt zijn geen hogere waarden meer noodzakelijk. Om de toepassing van dit stille asfalt te waarborgen is in de regels een voorwaardelijke verplichting opgenomen. De reactie van reclamant is juist. Naar aanleiding van de reactie is een doelmatigheidstoets uitgevoerd. Op basis van dat onderzoek is gebleken dat het kostentechnisch doelmatig is om op delen van de verbindingsweg stiller asfalt aan te brengen. De toepassing van stil asfalt is meegenomen in het nieuwe akoestische onderzoek. Ten behoeve van de toepassing, het beheer en de instandhouding van dit stille asfalt is een voorwaardelijke verplichting in de planregels opgenomen. De naamgeving van de varianten wordt door elkaar gebruikt. Variant 2 is een tracé parallel aan de A58, langs Tolberg en sluit aan op het kruispunt ThorbeckelaanRietgoorsestraat. Het verschil tussen a en b is dat er geen (a) of wel (b) een spoortunnel op de Willem Dreesweg wordt gerealiseerd. Het voorkeursalternatief is een optimalisatie van 2b maar wordt abusievelijk 2a genoemd in het rapport. De optimalisatie bestaat uit een iets andere ligging met aanvullende sluipverkeer werende maatregelen. De onderzoeken zijn uitgevoerd op basis van de maatregelen die in het model zitten. Er is dus geen sprake van een onderzoek op basis van een verkeerd model.

In het akoestisch onderzoek dat bij het ontwerpbestemmingsplan is bijgevoegd was basis van een expert judgement, aangegeven dat de woningen beschikken over een geluidluwe gevel. In het nieuwe akoestisch onderzoek, waarbij is uitgegaan van stil asfalt, dat is uitgevoerd blijkt dat geen hogere grenswaarden meer nodig zijn. Bij het vaststellen van hogere waarden is het (vaak) nodig om aan te tonen dat die woningen toch beschikken over een geluidluwe zijde. Omdat het vaststellen van hogere waarden nu niet nodig zijn, is het verplicht beschikken over een geluidluwe zijde vanuit akoestisch oogpunt niet meer aan de orde.

23

5.18 De stelling over geluidluwe gevel in paragraaf 6.6 van het akoestisch onderzoek is niet conform het gemeentelijk beleid. Dit wordt in het rapport aangepast. Waar de classificatie als 'goed' is aan te merken, betreft het een cumulatieve geluidbelasting van maximaal 50 dB (zonder aftrek art. 110g Wgh). Bij het toetsen of een gevel als geluidluw wordt aangemerkt, zoals benoemd in het gemeentelijk beleid, wordt de aftrek uit artikel 110g Wgh wel toegepast. Voor wegen met een rijsnelheid van 50 km/uur bedraagt de aftrek 5 dB, voor wegen met een snelheid van 80 km/uur is een variabele aftrek van toepassing tussen 2 en 4 dB. Na aftrek van de waarde uit artikel 110g Wgh wordt voldaan aan de voorkeursgrenswaarde van 48 dB(A). 5.19 Zoals ook bij punt 5.17 is aangegeven wordt het akoestisch onderzoek aangevuld met extra toetspunten om de aanwezigheid van een geluidluwe gevel te kunnen beoordelen. In het akoestisch onderzoek zijn in bijlage 2 alle wegen benoemd die zijn betrokken in het onderzoek. Daarin zijn de wegen benoemd die vanuit de Wgh benodigd zijn te onderzoeken en ook de wegen, die vanuit een goede ruimtelijke ordening zijn meegenomen in het onderzoek. 5.20 Zie reactie 3.20. 5.21 Naar aanleiding van de zienswijze is voor een aantal woningen in het akoestisch onderzoek extra punten opgenomen voor de buitenruimte.

De conclusie uit dit onderzoek is dat sprake is van aanvaardbaar geluidniveau van de buitenruimte. 5.22 Eerder is besloten om andere geluidbronnen, zoals railverkeerslawaai, niet in het onderzoek mee te nemen. De gemeente heeft, naar aanleiding van de zienswijze, voor de vaststelling van het bestemmingsplan besloten om dit toch alsnog te doen. Het akoestisch onderzoek is op dit onderdeel aangepast. 5.23 Zie antwoord 5.10 5.24 Voor trillingen van voertuigen geldt dat voertuigen die rijden ter hoogte van de rotondes langzaam rijden en vaak moeten stoppen vanwege voorrang voor het verkeer op de rotonde. De voertuigen anticiperen hier namelijk op; er kunnen en mogen geen grote snelheidsverschillen optreden nabij de rotonde. Op de rotonde zal een snelheid van 20 tot 30 kilometer per uur maximaal haalbaar zijn waardoor de aanstootkrachten laag zijn en daarmee ook de trillingen richting de woningen. Voor de twee verkeersplateaus, die conform de CROW publicatie 344 “Richtlijn drempels, plateaus en uitritten” ontworpen worden, zijn de opgewekte trillingen minimaal. Het betreffen immers plateaus en geen drempels. Verder dient de op- en afrit sinusvormig te zijn.

De kortste afstand van de plateaus tot de woningen binnen het project bedraagt 20 meter en rekening houdend met het bovenstaande worden er geen (of zeer weinig) voelbare trillingen verwacht en zal geen schade aan woningen veroorzaakt worden. Aan het spoor zelf wordt niets gewijzigd. Voor de realisatie van de tunnel wordt een voorwaardelijke verplichting ten aanzien van trillingen opgenomen omdat de technische uitwerking van de ondertunneling nog niet bekend is. 5.25 Ten aanzien van lichthinder voor de inspreker geldt dat er geen nieuwe lichthinder ontstaat als gevolg van de realisatie van de verbindingsweg. Voor bestaande woningen blijft (indien aanwezig) lichthinder bestaan. Indien eventuele bestaande hagen die momenteel zorgen voor afscherming van de lichthinder dienen te worden verwijderd, dan zal hiervoor een alternatief worden aangeboden. Ten aanzien van de te realiseren verlichting op de verbindingsweg wordt opgemerkt dat hiervoor nog een lichtplan moet worden opgesteld. Dit volgt bij de uitwerking van de verbindingsweg, hierbij wordt rekening gehouden met de omgeving en omliggende woningen.

24

5.26 De gemeente is van mening dat bij de verrichte onderzoeken is uitgegaan van de maximale planologische mogelijkheden. Niet duidelijk is waarom reclamant van mening is waarom daaraan niet voldaan zou zijn. 5.27 De gemeente en reclamant verschillen van standpunt ten aanzien van of wel of niet een milieueffectrapportage moet worden opgesteld. De zienswijze geeft geen aanleiding om het standpunt van de gemeente te herzien. 5.28 Beide wegen zijn planologisch vastgelegd in bestemmingsplannen. Wijzigingen naar aanleiding van de reactie De reactie geeft aanleiding om het bestemmingsplan aan te passen: • Op de verbeelding is een aanduiding langzaam-verkeer opgenomen, tevens is deze opgenomen in de regels. • De toelichting van het bestemmingsplan is aangepast; de paragraaf over de IOV is aangescherpt • In de bestemming ‘Natuur’ en ‘Verkeer’ is een voorwaardelijke verplichting opgenomen. • Er is een regel toegevoegd om het stil asfalt te borgen. • In de regels is een voorwaardelijke verplichting opgenomen voor de spoortunnel.

• Het akoestisch onderzoek is aangepast: o Extra toetspunten zijn opgenomen o Stelling over geluidsluwe gevel is aangepast op basis van het gemeentelijke beleid o Er zijn andere geluidsbronnen meegenomen (cumulatie) o Er is een doelmatigheidstoets uitgevoerd o Er is in het akoestisch onderzoek gerekend met de toepassing van stil asfalt 2.2.6 Indiener 6 Samenvatting 6.1 De beoogde vormgeving van de weg in het plan voldoet niet aan het veilig kunnen bedienen van de drie functies (verblijven, ontsluiten en stromen), waardoor het bestemmingsplan niet voldoet aan de eisen die gesteld kunnen worden aan een zorgvuldig uit te voeren bestemmingsplan. 6.2 In de inspraaknotitie is aangegeven dat reclamant uit oogpunt van de functie “verblijven” met de verwachte verkeersintensiteit niet meer op een normale manier gebruik kan maken van de uitritvergunning. Reclamant heeft becijferd dat er straks iedere 3 seconde een auto gaat passeren. In de nota “inspraak en vooroverleg” is bij punt 6.4 aangeven dat er inderdaad sprake is van een toename van de verkeersintensiteit, waardoor er met name tijdens de drukste uren (10% van etmaal) sprake is van een toename van de wachttijd. In het antwoord wordt verwezen naar de methode Harders en geconcludeerd dat de theoretische wachttijd beperkt blijft tot 1520 seconden.

Een toelichting op de methode Harders en een berekening van de wachttijd ontbreekt in het antwoord. De praktijk laat echter zien dat we nu al, ook buiten de drukste uren, regelmatig meer dan 20 seconden moeten wachten voordat we onze uitrit kunnen verlaten. Dat komt ook omdat de boogstralen zodanig zijn vormgegeven dat we gebruik moeten maken van twee weghelften om de uitrit te kunnen verlaten. Het bij 6.4, uit de nota inspraak, gegeven antwoord is dan ook, zonder toelichtende berekeningen/ tellingen/waarnemingen ter plekke niet serieus te nemen

25

6.3

6.4

“De conclusie waarom met een vormvrije m.e.r. kan worden volstaan is pertinent onjuist. Toename van een verkeersintensiteit, zonder additionele milieumaatregelen leidt altijd tot belangrijke nadelige gevolgen voor milieu en nog meer voor het woonen leefmilieu van de bewoners aan de weg. Volgens de normen van de GGD moet een weg met de beoogde verkeersintensiteit minimaal 50 meter van woonhuizen liggen. De afstand tot de woning van reclamant is destijds vastgelegd op 15 meter en voldoet daarmee niet aan de huidige normen. In de raadsvergadering van 21 december 2023 heeft de gemeenteraad unaniem een motie aangenomen waarin is geconcludeerd dat de huidige invulling van het wegdeel Willem Dreesweg-Rietgoorsestraat (de flessenhals) niet voldoet aan de functie van verblijf. Bewoners moeten op een veilige manier gebruik kunnen maken van de weg. De gemeenteraad heeft in de motie vastgelegd dat ze het niet eens is met de huidige invulling van de flessenhals in het bestemmingsplan. Het plan voldoet niet aan de eisen die gesteld mogen worden aan een bestemmingsplan. De raad heeft daarmee expliciet aangegeven dat het voorgenomen bestemmingsplan in deze vorm niet voldoet en niet verder in procedure moet worden genomen.

Reactie 6.1 In het bestemmingsplan wordt enkel geregeld dat de weg planologisch kan worden aangelegd. In de toelichting wordt de ontwikkeling gemotiveerd. Hiermee wordt voldaan aan de zorgvuldige (belangen)afweging. Ten aanzien van het ontwerp wordt opgemerkt dat de verbindingsweg en daarmee ook het stuk van de weg bij reclamant is ontworpen volgens de richtlijnen duurzaam veilig. In het rapport Tracéstudie Tolberg (9-3-2020) wordt gesteld dat de oversteekbaarheid en bushaltes in de huidige situatie niet zouden voldoen bij een toename van de verkeersintensiteit. In het ontwerp zijn maatregelen genomen voor het verbeteren van de oversteekbaarheid (rotondes) en zijn er haltekommen toegevoegd waarmee de weg verkeersveilig is. 6.2 Zoals eerder is aangegeven, is er voor uitwegen geen toetsingscriterium. De berekening met de methode van Slop en Harders, waarmee wachttijden bij kruispunten wordt berekend en bepaald of deze acceptabel zijn, laat zien dat voor voorrangskruispunten geen maatregelen nodig zijn. We zien niet in waarom voor uitwegen een strenger criterium moet worden gehanteerd. 6.3 De stelling dat een toename van de verkeersintensiteit altijd tot belangrijke nadelige gevolgen voor het milieu zou leiden is onjuist. Bovendien leidt de aanleg van de verbindingsweg als zodanig niet tot een toename van de verkeersintensiteiten.

Het gaat om het zorgen voor een betere doorstroming van het bestaande verkeer in het buitengebied. De ontwikkeling is getoetst aan de wettelijk geldende normen. Hieruit blijkt dat de weg voldoet. Volledigheidshalve wordt opgemerkt dat de normen van de GGD geen wettelijke normen zijn. 6.4 In de motie heeft de Raad het college verzocht om: 1. Met de bewoners aan de Thorbeckelaan (tussen de Willem Dreesweg en de Rietgoorsestraat) in gesprek te gaan en de uitwerking van de verbindingsweg Tolberg met hen te bespreken, 2. Samen met hen te verkennen hoe het verkeerskundig ontwerp van dit weggedeelte kan worden geoptimaliseerd, 3. Het gezamenlijk gedragen resultaat hiervan zoveel mogelijk mee te nemen richting de vaststelling van het bestemmingsplan ‘Verbindingsweg Tolberg’.

26

Inmiddels heeft het college deze opdracht uitgevoerd en is een aangepast ontwerp aan de bewoners voorgelegd en opgenomen in het bestemmingsplan. Hiervoor was het nodig om de bestemming verkeer op enkele punten iets te verbreden. Daarnaast is de toelichting hierop aangepast.

Wijzigingen naar aanleiding van de reactie De reactie geeft aanleiding om het bestemmingsplan aan te passen. • De verbeelding is aangepast op basis van het ontwerp van de ‘flessenhals’. • Er is advies opgevraagd bij de GGD, deze is als bijlage bij deze nota opgenomen.

2.2.7 Indiener 7 (Stichting Achmea Rechtsbijstand) Samenvatting 7.1 Hoewel toezeggingen aan de omwonenden en aan de raad zijn gedaan over het uitvoeren van de Quick Scan en ondanks de aanbevelingen van de Commissie Ombudsman en de brieven van Reclamant, heeft Reclamant tot zijn spijt moeten vaststellen dat het college nog niet de daad bij het woord heeft gevoegd. Tot heden is nog geen volledige Quick-Scan verricht of is anderszins inzichtelijk gemaakt dat de aangedragen oplossingen voor een goede ontsluiting van de wijk Tolberg minder passend zijn dan het voorliggende plan. Het is altijd de bedoeling geweest dat de onderzoeken ook gericht zouden zijn op varianten zonder de verbindingsweg. 7.2 Tot op heden ontbreekt nog een gedegen onderzoek naar (al meerdere keren) aangedragen alternatieven (zoals variant 13). Reclamant verzoekt uw raad om die reden dringend om alsnog de onderzoeken te verrichten alvorens tot besluitvorming over te gaan. Het besluit is thans nog niet met de vereiste zorgvuldigheid voorbereid.

7.3 Reclamant verzoekt, gelet op de uitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State van 17 juni 2015, ECLI;NL:RVS;2015;1889 om alsnog nader onderzoek te doen naar de gevolgen van AI/AO-ritten van en naar het ziekenhuis ten aanzien van het woon- en leefklimaat van Reclamant, aangezien de verbindingsweg als een van de aanrijroutes van het ziekenhuis gebruikt zal worden. 7.4 Bij stagnatie en filevorming op de A58 vanuit het zuiden en nabij de Stok wordt veelvuldig gebruik gemaakt van de route Antwerpseweg, Willem Dreesweg, Thorbeckelaan, Rietgoorsestraat, Plantagebaan (of andersom) om het vastgelopen verkeer te ontlopen. Door de aanleg van de verbindingsweg zal naar en vanaf de afslag Wouw al dit sluipverkeer over de verbindingsweg gaan. Reclamant verzoekt met het oog op een zorgvuldige besluitvorming, alsnog onderzoek naar sluipverkeer te verrichten. 7.5 Ingevolge artikel 3.1.1a van het Besluit ruimtelijke ordening kan bij de vaststelling van een bestemmingsplan in ieder geval gebruik worden gemaakt van gegevens en onderzoeken die niet ouder zijn dan twee jaar. De verkeersgegevens zijn thans meer dan vijf jaar oud. Het onderzoek is meer dan drie jaar oud. In de toelichting wordt niet gemotiveerd waarom nu nog aan deze verouderde gegevens kan worden vastgehouden.

Onduidelijk is hoe deze tellingen zich verhouden met de plannen voor het nieuwe ziekenhuis en in het verlengde daarvan de invloed van de verkeersgeneratie van deze plannen op de nieuwe verbindingsweg. Hierbij wordt ook verwezen naar het conceptverslag van de Stab (12 januari 2024).

27

7.6

Reclamant vraagt zich af hoe bewoners van het traject tussen de Thorbeckelaan, vanaf de afslag Rietgoorsestraat, en de Willem Dreesweg veilig de Thorbeckelaan op kunnen rijden omdat dit niet inzichtelijk is gemaakt, aangezien het verkeersonderzoek ontbreekt en niet bij de toelichting is gevoegd. In de Nota inspraak en vooroverleg wordt nog verwezen naar het Gemeentelijk Verkeer en Vervoersplan 2015-2025. Ook dit document, dat overigens geen onderdeel uitmaakt van voorliggende toelichting, bevat geen zorgvuldige onderbouwing van de daadwerkelijke problematiek. 7.7 Reclamant is van mening dat het plan in strijd is met artikel 3.46 van de lOV omdat geen recent onderzoek is uitgevoerd waaruit de noodzaak voor een ingrijpend project als voorliggend voortvloeit. 7.8 Reclamant wijst erop dat in het door de raad vastgestelde bestemmingsplan “Bulkenaar"’ uit 2022 juist tot het oordeel is gekomen dat ook met de komst van het ziekenhuis er sprake is van een voldoende afwikkeling van het verkeer. Een deugdelijke motivering voor de komst van voorliggend plan en de behoefde daaraan ontbreekt om die reden ten onrechte. 7.9 Volgens Reclamant is er over een lengte van 1.600 tot 1.900 meter wel sprake van een autoweg zoals aangewezen in categorie 1.2 van onderdeel C van de bijlage bij het Besluit m.e.r. en moet daarom nog steeds een milieueffectrapport worden opgesteld.

Dit is vooralsnog ten onrechte niet gedaan. 7.10 Reclamant vraagt andere mogelijke locaties te zoeken, waar geen of minder planschade is en dit plan niet vast te stellen. Reactie 7.1 Zie reactie 1.2 7.2 Zie reactie 1.2 7.3 De Regionale Ambulance Voorziening, die de ambulancedienst uitvoert, heeft geen uitrukpost bij het ziekenhuis. De meeste ambulance ritten komen vanaf elders in de regio. De uitspraak, waar door reclamant naar wordt verwezen, heeft betrekking op een brandweerkazerne met ambulancedienst op korte afstand van een woning. Daar is hier geen sprake van. Verder geldt volgens artikel 2.22 van het Activiteitenbesluit milieubeheer het volgende: 1. Bij het bepalen van het maximaal geluidsniveau LAmax, bedoeld in de artikelen 2.17, 2.17a, 2.19, 2.19a dan wel 2.20, blijft buiten beschouwing het geluid als gevolg van het uitrukken van motorvoertuigen ten behoeve van ongevallenbestrijding, spoedeisende medische hulpverlening, brandbestrijding en gladheidbestrijding en het vrijmaken van de weg na een ongeval. 2.

Het bevoegd gezag kan maatwerkvoorschriften stellen met betrekking tot het treffen van technische en organisatorische maatregelen ten aanzien van het uitrukken van motorvoertuigen ten behoeve van ongevallenbestrijding, spoedeisende medische hulpverlening, brandbestrijding en gladheidbestrijding en het vrijmaken van de weg na een ongeval, indien dat bijzonder is aangewezen in het belang van het milieu. De hulpdiensten hebben een algemeen maatschappelijk belang. Kenmerkend voor deze diensten is dat zij regelmatig moeten uitrukken en daarbij (op en buiten het terrein van de inrichting) gebruik moeten maken van optische- en geluidssignalering. Het is niet de bedoeling het uitrukken van deze voertuigen onmogelijk te maken doordat voldaan moet worden aan geluidsnormen. Voorts is het niet zo dat direct in de omgeving van de aanrijroutes naar het ziekenhuis woningen op zeer korte afstand zijn gelegen. 28

7.4

In de tracéstudie uit 2020 is onderzocht welke oplossingen het meest effectief zijn voor het verlagen van de verkeersdruk in Tolberg en omgeving, dat heeft geleid tot voorliggend tracé. Daarnaast is bij het ontwerpen van een weg het gebruikelijk dat de situatie op het drukste moment van een gemiddelde dag als uitgangspunt wordt gehanteerd. Mogelijke toenames als gevolg van calamiteiten of anderszins in de omgeving worden hier niet in meegenomen. Zie ook antwoord 5.16 7.5 Zie antwoord 1.4. Daarnaast wordt opgemerkt dat het concept advies van de STAB geen betrekking heeft op onderhavig bestemmingsplan. 7.6 De ontsluitingsweg is ontworpen volgens de richtlijnen duurzaam veilig. Het is niet noodzakelijk om een beleidsstuk op te nemen als bijlage bij een bestemmingsplan. Beleidsstukken zijn online raadpleegbaar . 7.7 Zie antwoord 1.6. 7.8 Zie antwoord 1.7 7.9 Zie antwoord 1.8 7.10 Zie antwoord 1.12 Wijzigingen naar aanleiding van de reactie De reactie geeft aanleiding om het bestemmingsplan aan te passen. • Er is advies opgevraagd bij de GGD, deze is als bijlage bij deze nota opgenomen. • De toelichting van het bestemmingsplan is aangepast; de paragraaf over de IOV is aangescherpt. 2.2.8 Indiener 8 (Stichting Natuurlijk Betrokken Tolberg) Samenvatting 8.1 De problematiek met de spoorwegovergangen dient allereerst door Prorail te worden opgelost.

Als de gemeente toch iets wil doen aan de wachttijd voor een gesloten spoorwegovergang, dan is ondertunneling van het spoor de aangewezen oplossing. De situatie was voor de gemeente blijkbaar niet urgent genoeg, want afgelopen jaren is nooit eerder budget beschikbaar gesteld. Er was blijkbaar geen verkeerscongestieprobleem dan wel een te verwachten congestieprobleem met betrekking tot de ontsluiting van Tolberg. 8.2 De nut en noodzaak van de Verbindingsweg Tolberg is niet aangetoond middels berekeningen en is ook niet aanwezig. De huidige ontsluiting via de Antwerpsestraat naar de aansluiting op de A58 is prima om het verkeer van en naar Tolberg af te wikkelen, nu en in de toekomst. Vanuit de bereikbaarheid en ontsluiting van de wijk Tolberg geredeneerd, los van de spoorwegovergangen, is geen nieuwe, extra weg nodig naar de A58. In geen enkel document van de gemeente wordt de noodzaak hiervan aangetoond. 8.3 Uit het verkeers- en vervoersplan blijkt dat de verbindingsweg niet nodig is voor de bereikbaarheid van het ziekenhuis. Reclamant vraagt zich af waarom dan wel nu met spoed een bestemmingsplan in procedure moet worden gebracht. 8.4 Het ontwerpbestemmingsplan voldoet inhoudelijk niet aan de vier criteria die zijn genoemd in artikel 3.46 van de Interim Omgevingsverordening Brabant.

8.5 De Stichting is van mening dat wel sprake is van een autoweg aangezien op de weg diverse rotondes zijn gesitueerd. Daarom is het plan wel MER-plichtig.

29

8.6

8.7

8.8

8.9

8.10

8.11

8.12

8.13

De stichting heeft een variant aangedragen die niet nader is onderzocht door gemeente maar is afgewezen op basis van maximumsnelheid in relatie tot de hoekigheid. De stichting heeft bewust een hoekige variant aangedragen, omdat enkel het plaatsen van het bord 50 niet voldoende is om aan te geven dat de bebouwde kom ingereden wordt. Uit het oogpunt van verkeersveiligheid is het zaak dat bij de voetgangers- en fietsersoversteek niet harder gereden kan worden dan 50 km per uur. Daarom moet ook niet gekozen worden voor een weg in één vloeiende lijn. Een snelheid van 80 km/u is niet wenselijk. Door de rotondes en de oversteekplaatsen moet het verkeer telkens afremmen en weer optrekken, dit leidt tot onnodige (geluid)hinder. 60 km/u leidt tot een veel rustiger verkeersgedrag. Er is voor gekozen om vanuit het westen bezien, de bebouwde kom bij de kruising met de oversteek Roosendaalswegje te laten beginnen. Echter is in de feitelijke situatie op dat punt niets dat dat motiveert. Volgens de stichting is 60 km/u veel logischer en dient de bebouwde kom pas te beginnen bij de rotonde Thorbeckelaan/Jagersberg. De verbindingsweg in combinatie met de ondertunneling van het spoor is een ideale sluiproute als er sprake is van opstoppingen, congestie op het knooppunt De Stok. Ten onrechte is de kans daarop en de omvang daarvan niet onderzocht.

Het bestemmingsplan is in procedure gebracht met als onderliggend motief, in openbare raadsvergaderingen meermalen door raadsleden naar voren gebracht, dat de verbindingsweg er moet liggen als het ziekenhuis in gebruik wordt genomen. In het bestemmingsplan De Bulkenaar staat dat de verbindingsweg niet nodig is voor de bereikbaarheid van het nieuwe ziekenhuis. De stichting vraagt zich af waarom ze dan beiden wel gelijk in gebruik moeten worden genomen? Het bestemmingsplan is met spoed in procedure gebracht met als motief om de Omgevingswet voor te zijn. Nergens heeft de stichting kunnen lezen welke onderzoeken in het kader van de Omgevingswet dan een andere aanpak of opnieuw uitgevoerd dienen te worden. De stichting heeft samen met meerdere bewonersgroepen een rapport opgesteld: “Het moet en kan beter”. Het beloofde onafhankelijke onderzoek naar de inhoud van het rapport heeft nog geen resultaat opgeleverd. De stichting is van mening dat er niet is geparticipeerd, omdat het plan al in beton was gegoten.

Reactie 8.1 Voor de tunnel onder het spoor is de gemeente inderdaad afhankelijk van Prorail. Zij dragen een deel van de kosten. Inmiddels is hier overeenstemming over bereikt. De tunnel lost echter slechts een deel van het probleem op. Los van de tunnel blijft de realisatie van de verbindingsweg noodzakelijk. 8.2 De gemeente gaat er vanuit dat reclamant Antwerpseweg bedoeld. Voor het antwoord op de nut en noodzaak wordt verwezen naar antwoord 1.6. 8.3 Niet duidelijk is waarop reclamant doelt met spoed. De gemeente is al sinds 2008 bezig met deze ontwikkeling. Het voorontwerpbestemmingsplan heeft vanaf 19 juni 2023 ter inzage gelegen. De inspraakreactie zijn vervolgens beantwoord en op 18 december is het ontwerpbestemmingsplan ter inzage gelegd. Zoals altijd door de gemeente aangegeven is er geen sprake van een directe relatie tussen de verbindingsweg en het ziekenhuis. Hiervan is nog steeds geen sprake. 8.4 Zie antwoord 1.5, 3.4 en de beantwoording onder indiener 11. 8.5 Zie reactie 1.7 30

8.6

8.7

8.8

8.9 8.10

8.11 8.12 8.13

Een van de uitgangspunten is dat het wegontwerp moet voldoen aan de principes van Duurzaam Veilig. De ‘hoekige’ variant zoals door reclamant is aangeleverd voldoet niet aan deze principes en is daarom niet verder onderzocht. Zie verder reactie 1.11 De verbindingsweg wordt gerealiseerd om verkeer op de omliggende wegen te verminderen. Wegen zijn in het GVVP gecategoriseerd naar gebruik en functie. De meeste wegen in het gebied hebben een verblijfsfunctie en hebben primair het doel om erven te ontsluiten. Binnen de kom zijn dat de 30km/u wegen en buiten de kom zijn dat 60km/u wegen. Daarnaast zijn er wegen met een verkeersfunctie (de 50 en 80 km/u wegen). Deze wegen hebben primair als doel om het verkeer af te wikkelen. Deze wegen hebben vaak ook hogere intensiteiten. De verbindingsweg heeft als doel om het verkeer van Tolberg af te wikkelen op het hoofdwegennet en is daarom een gebiedsontsluitingsweg van 50 km/u (binnen bebouwde kom) en 80 km/u (buiten bebouwde kom). Wanneer een maximale snelheid van 60 km/u (buiten bebouwde kom) wordt toegepast, is het verschil tussen binnen- en buiten bebouwde kom beperkt. Dat levert ook onduidelijkheid op bij de weggebruiker over de functionaliteit van de weg. Bovendien is de verbindingsweg daardoor minder effectief voor het afwikkelen van het verkeer, waardoor de verkeerdruk in de omgeving blijft.

Het uitgangspunt is dat de verbindingsweg buiten bebouwde 80 km is en niet 60 km/u zoals aangehaald in de zienswijze. Vanuit verkeersveiligheid is het wenselijk om bij de fietsoversteekplaats al een lagere maximumsnelheid toe te passen en dus daar de bebouwde kom te laten starten. Zie reactie 7.4. De raad heeft de term “verbindingsweg” genoemd, echter bedoeld is de ontsluitingsweg van het ziekenhuis. Dat is de weg die langs de A58 loopt. Voor de verbindingsweg Tolberg geldt, zoals ook aangeven in bestemmingsplan “De Bulkenaar”, dat deze niet gelijk in gebruik hoeft te worden genomen met het ziekenhuis. Zie antwoord 4.1. Zie antwoord 1.2 Er hebben meerdere participatie bijeenkomsten plaatsgevonden. Allereerst heeft overleg plaatsgevonden over de verschillende varianten van de verbindingsweg Tolberg. Bewoners hebben naar aanleiding van dit overleg zelf 13 varianten ingezonden, die door de gemeente ook zijn meegewogen. Nadat de keuze van het tracé is bepaald, was tijdens de volgende bewonersbijeenkomsten het inderdaad niet meer mogelijk om tracéwijzigingen voor te stellen. Dat wil echter niet zeggen dat niet is geparticipeerd.

Wijzigingen naar aanleiding van de reactie De reactie geeft aanleiding om het bestemmingsplan aan te passen. • De toelichting van het bestemmingsplan is aangepast; de paragraaf over de IOV is aangescherpt

31

2.2.9 Indiener 9 Samenvatting 9.1 In de toegezonden “Nota inspraak en vooroverleg” wordt ingegaan op het algemene thema “Participatie”. Op het punt participatie is naar de mening van de reclamant door de gemeente en projectgroep ernstig tekortgeschoten. Reclamant herhaalt daarom nogmaals zijn eerder ingediende reactie op dit onderdeel. 9.2 Er wordt gesteld dat Reconstructiegebied 1 (aansluiting Verbindingsweg Tolberg – Huijbergseweg) een aanpassing betreft aan bestaande wegen. Hierdoor is de conclusie conform afbeelding 3.2 (pagina 12) dat er geen bestaande woningen aanwezig zijn. Dit staat haaks op de informatie in afbeelding 3.1 (pagina 11) waar duidelijk te zien is dat er woningen in de zone van 250m liggen van de nieuwe verbindingsweg. De conclusie op pagina 29: “Binnen reconstructiegebied 1 zijn geen bestaande woningen of geluidgevoelige terreinen aanwezig. Dit reconstructiegebied is daarom verder buiten beschouwing gelaten.” is niet correct en dient opnieuw getoetst te worden. 9.3 De beantwoording in “Nota inspraak en vooroverleg” pagina 32, reactie 12.4, is niet voldoende en verwarrend. Hier wordt aangegeven dat er voor reconstructiegebied 1 een geluidzone van 250m van toepassing is. Dit is dezelfde afstand als de geluidzone van de nieuwe verbindingsweg.

En toch valt ons perceel wel binnen de 250m van de nieuwe verbindingsweg maar niet binnen dezelfde 250m van reconstructiegebied 1? De afstand van reconstructiegebied 1 tot aan ons perceel en woning is exact hetzelfde als de afstand tot aan de nieuwe verbindingsweg. De conclusie dat er geen bestaande woningen aanwezig zijn in reconstructiegebied 1 is onjuist en moet herzien worden. 9.4 Meerder malen heeft reclamant aangegeven dat een snelheid van 80km/uur niet wenselijk is, dit punt is ondersteund door alle bewonersgroepen die zijn geconsulteerd. Alsnog blijft de gemeente vasthouden aan een snelheid van 80km/uur met als argument; “omdat dit mag bij het type weg” en “deze snelheid bevordert de doorstroom”. Deze argumentatie is op zijn zachtst gezegd onbevredigend en geeft aan dat de participatie bijeenkomsten geen toegevoegde waarde hebben. Reclamant heeft een argumenten opgenomen om de snelheid van de nieuwe verbindingsweg tot een maximum van 60km/uur te houden. Op basis van deze argumenten kan worden geconcludeerd dat er voldoende redenen zijn waarom de nieuwe verbindingsweg al bij het ontwerp en inrichting een maximum snelheid van 60km/uur moet krijgen. Graag ziet reclamant dat deze klemmende wens van de directe bewoners wordt opgenomen in het bestemmingsplan.

9.5 Reclamant is zeer benieuwd hoe men tot de volgende conclusie is gekomen “De mogelijkheid om een rondje te wandelen, fietsen of om hard te lopen wordt door de komst van de verbindingsweg niet beperkt”. De Huijbergseweg zal namelijk onderbroken worden door de verbindingsweg, landbouwsluizen en mogelijke rotonde. Dit is feitelijk een beperking van de huidige verbinding en mogelijkheden om het huidige rondje “Bulkenaar” te doen. Mensen zullen ervoor kiezen om voor de rotonde weer terug richting Roosendaal te gaan. De verbindingsweg is net zo zeer een splitsing van de gebieden als dat de huidige A58 dit is die dwars door Roosendaal gaat. Reclamant is benieuwd hoe de verbinding tussen buurtschap Haiink en Roosendaal in stand kan blijven en hoe dit wordt ingepast in het bestemmingsplan.

32

9.6 9.7

9.8

9.9

Reclamant vraagt zich af wat de nut en noodzaak is van de verbindingsweg. De conclusie in paragraaf 4.11 is niet correct, aangezien op kruispunt 2 het verkeer wordt afgewikkeld middels verkeerslichten. Daarom is de ontwikkeling niet zondermeer vrijgesteld van een M.E.R. beoordeling. Reclamant ontvangt graag de onderliggende onderbouwing in welke mate de Huijbergseweg een belangrijke verbinding is. Er wordt nergens een onderzoek of cijfers vermeld waarop deze constatering is gebaseerd. Als reactie is in de “Nota inspraak en vooroverleg” op pagina 33 (reactie 12.9) het volgende geantwoord; ”De tekst in de toelichting wordt verduidelijkt.” Reclamant ziet echter geen verduidelijking terug in het bestemmingsplan en heeft ook nog steeds geen cijfers/aantallen mogen ontvangen. Daarnaast valt het hierbij wel op dat de wens van “meerdere agrariërs” zonder meer wordt overgenomen maar de wens van “meerdere bewoners” ten aanzien van de maximumsnelheid (zie punt 3 van dit document) zonder pardon wordt genegeerd.

Reactie 9.1 Zie reactie 8.13. 9.2 Op basis van de Wet geluidhinder moet zowel het geluid als gevolg van de nieuwe weg als ten gevolge van de reconstructie van de bestaande weg berekend worden. Hierbij horen twee verschillende zones en de daarbij behorende afstanden. Daardoor zit er ook een verschil in de twee afbeeldingen. In de zonering van het wegverkeerslawaai (geluidszone nieuwe weg) liggen bestaande woningen, waaronder ook de woning van reclamant. Deze woningen zijn dan ook meegenomen in het akoestisch onderzoek. De woningen liggen echter buiten de toetsingsafstand van de reconstructiezone. De conclusie in het akoestisch onderzoek zoals bijgevoegd bij het ontwerpbestemmingsplan (pag. 29) is dan ook correct. 9.3 Zie reactie 9.2. Volledigheidshalve wordt opgemerkt dat het reconstructiegebied 1 uitsluitend daar ligt waar de Huijbergseweg wordt gewijzigd en niet wordt bepaald vanuit de verbindingsweg. Het reconstructiegebied 1 is daarmee als volgt bepaald: Aan weerzijden van de Huijbergseweg is 250 meter uitgezet ter plaatse van alleen dat deel van de weg (Huijbergseweg) dat daadwerkelijk wordt gewijzigd. Zie afbeelding.

33

9.4 9.5

9.6 9.7 9.8

9.9

Zie reactie 8.7 en 8.8. De verbindingsweg wordt gerealiseerd om verkeer op de omliggende wegen te verminderen. De rotonde en de te realiseren oversteekplaatsen zorgen er juist voor dat de verbinding tussen buurtschap Haiink en Roosendaal in stand blijft. De bestaande wegen vanuit de kern Roosendaal richting buurtschap Haiink blijven in stand. De mogelijkheid om een rondje te wandelen, fietsen of om hard te lopen wordt door de komst van de verbindingsweg niet beperkt. Zie reactie 1.6 en 1.14 Zie reactie 1.7 De onderbouwing vloeit niet voort uit een onderzoek of cijfers. Dat de Huijbergseweg een belangrijke verbinding is vloeit voort uit de feitelijke situatie omdat hier meerdere agrarische bedrijven/percelen zijn gesitueerd. Abusievelijk is de toelichting op dit punt niet aangescherpt. Bij de vaststelling is dit alsnog gebeurd. Het uitgangspunt is dat (bedrijfs)percelen bereikbaar moet zijn en blijven. De wens van de snelheidsverlaging is door de gemeente wel degelijk beoordeeld en meegenomen in de belangenafweging (zie reactie 8.7). Dat bewoners daarin niet in het gelijk zijn gesteld staat daar los van.

Wijzigingen naar aanleiding van de reactie De reactie geeft aanleiding om het bestemmingsplan aan te passen. • Paragraaf ‘Verkeer en Infrastructuur’ onder kopje ‘Kruispunt 4: Passage Huijbergseweg’ van de toelichting is aangescherpt. 2.2.10 Indiener 10 Samenvatting 10.1 Op basis van onder andere het ontbreken de nut en noodzaak en de onevenredige planschade die dit veroorzaakt aan de woonwijk van reclamant maakt reclamant bezwaar tegen het ontwerp bestemmingsplan. Voor onderbouwing hiervan verwijs reclamant naar de reeds op 25 januari 2024 door u ontvangen reactie van Stichting Natuurlijk Betrokken Tolberg. 10.2 Reclamant maakt bezwaar tegen het niet uitvoeren van een m.e.r.. Voor de onderbouwing hiervan verwijst reclamant naar de reactie van Natuurlijk Betrokken Tolberg. Reactie 10.1 Verwezen wordt naar de volledige reactie bij indiener 8. 10.2 Zie reactie 1.7 Wijzigingen naar aanleiding van de reactie De reactie geeft aanleiding om het bestemmingsplan aan te passen • De toelichting van het bestemmingsplan is aangepast; de paragraaf over de IOV is aangescherpt.

34

2.2.11 Indiener 11 (Provincie Noord-Brabant) Samenvatting 11.1 In verband met de aanpassing van een rotonde aan de oostzijde van het plangebied wordt een beperkt deel van het NNB aangetast. De Provincie verzoekt in de toelichting bij het plan meer in te gaan op de voorwaarden voor een kleinschalige herbegrenzing zoals uitgewerkt in artikel 3.21 IOV. 11.2 Tevens verzoekt de Provincie een voorwaardelijke bepaling op te nemen in de planregels voor de borging van de natuurcompensatie. 11.3 De Provincie verzoekt artikel 4.3.1. zodanig te formuleren dat sprake is van een voorwaardelijke verplichting. Reactie 11.1 In paragraaf 2.2.2 van de toelichting is nader ingegaan op de voorwaarden van de kleinschalige herbegrenzing. 11.2 Naar aanleiding van de zienswijze is een voorwaardelijke bepaling opgenomen in artikel 6 om de compensatie van natuurgronden te borgen. 11.3 Artikel 4.3.1 is gewijzigd, zodat sprake is van een voorwaardelijke verplichting ten aanzien van gebruik. Wijzigingen naar aanleiding van de reactie De reactie geeft een aanleiding om het bestemmingsplan aan te passen • De toelichting van het bestemmingsplan is aangepast; de paragraaf over de IOV is aangescherpt. • Artikel 5.3.1 en 6.3.1 is toegevoegd in de regels on de natuurcompensatie te borgen. • Artikel 4.3.1.

is als volgt geformuleerd: binnen 3 jaar na het in gebruik zijn van de verbindingsweg dient de landschappelijke inpassing, zoals opgenomen in Bijlage 1 bij deze regels, gerealiseerd te zijn.

35

BIJLAGE 1 ADVIES VAN GGD

36

BIJLAGE 2 TRILLINGEN

37

BIJLAGE 3 VERSLAG VAN DE HOORZITTING

38

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.roosendaal.nl/api/v1/meetings/1657/documents/45117