CConstaterende datRoosendaal
Koppel je AI →
Document · PDF

BPtb_4 Memo natuurcompensatie aanleg Snelfietsroute Roosendaal - Bergen op Zoom.pdf

Gemeenteraad 5 juni 2024, gemeente RoosendaalBij agendapunt: 5b: Voorstel 026 Gewijzigd vaststellen BP3.322 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Memo natuurcompensatie aanleg snelfietspad Roosendaal-Bergen op Zoom Rapport nr. 2022.023 Mei 2022

Taharo

Ecologisch advies Valleiweg 51 30911 DB Rhenen www.taharo.nl

Inhoudsopgave 1.

INLEIDING 1.1 Aanleiding en gebiedsbeschrijving

3 3

1.2 Doel

4

2.

BESCHERMING NATUURNETWERK BRABANT

6

3.

NATUURWAARDEN

7

3.1 Ligging NNB ten opzichte van het plangebied

4.

5.

EFFECTENBEOORDELING

7

11

4.1 Oppervlakteverlies 4.2 Versnippering

11 12

4.3 Verstoring

12

COMPENSATIEOPGAVE 5.1 Optie 1, financiele compensatie 5.2 Optie 2, actualisatie natuurdoeltype bij deelgebied 21-22

13 13 13

5.3 Beschrijving N12.02 Kruiden- en faunarijk grasland

15

2

1. INLEIDING 1.1 Aanleiding en gebiedsbeschrijving De gemeente Roosendaal is voornemens om aansluiting te realiseren aan de snelfietsroute F58 voor wat betreft het deel tussen Roosendaal en Bergen op Zoom. De route steden Roosendaal en Bergen op Zoom liggen hemelsbreed van centrum tot centrum 12 km uit elkaar, wat een ideale fietsafstand is. Gezien het feit dat de huidige fietsroutes verschillende vertragende en belemmerende factoren bezitten, is de realisatie van een kwalitatief hoogwaardige snelfietsroute tussen beide steden een uitstekende kans om het aantal fietsers tussen beide steden te vergroten. Uiteindelijk doel is om de steden Eindhoven, Tilburg, Breda, Etten-Leur, Roosendaal en Bergen op Zoom aan elkaar te verbinden. In het provinciaal ambitiedocument ‘Fiets in versnelling’ wordt door de provincie Brabant het belang van 9 prioritaire snelfietsroutes in de regio benadrukt, waaronder het traject de verbinding Bergen op Zoom-Roosendaal. Hiervoor is in september 2019 een bestuursovereenkomst getekend waarin de ambitie om gezamenlijk de snelfietsroute F58 te realiseren bekrachtigd is. Het nieuwe tracé van het ongeveer 8 km lange fietspad vertrekt vanuit de gemeentelijke grens met Bergen op Zoom ter hoogte van de Bergse baan richting het noordoosten.

Het vervolgt haar tracé over de landbouwpercelen rondom het bedrijventerrein de Wijper, vervolgens langs de zuidzijde van de spoorlijn en splitst ter hoogte van de Plantagebaan op in twee gedeeltes. Het zuidelijk gedeelte vervolgt haar weg richting de Oostlaarsestraat. De route naar Roosendaal vervolgt haar weg via de Plantagebaan, de Bulkstraat, de Vinkenbroeksestraat, de Wouwbaan en kruist middels een nieuwe tunnel de afslag naar de A17 richting de Wouwseweg (zie afbeelding 1 en 2) Een nauwkeuriger beschrijving van het tracé is te vinden op de website van de gemeente Roosendaal. (https://roosendaal.nl/snelfietsroute-f58/f58-het-trace) De snelfietsroute past op een paar delen van het tracé niet geheel binnen het bestemmingsplan, vandaar dat op die plekken een bestemmingsplanwijziging noodzakelijk is. Hiervoor zullen twee bestemmingsplanwijzigingen worden opgesteld, een voor het westelijk deel van de route binnen de gemeente Roosendaal, en een voor het oostelijk deel van het trace. Voor het oostelijk deel is inmiddels een voorontwerp bestemmingsplan ‘Snelfietsroute F58 – deel Oost’ opgesteld. Het westelijk deel zal later opgesteld worden.

Omdat de aanleg van deze fietsroute conflicteert met de bescherming van het NNB dienen de waarden van het NNB in beeld te worden gebracht, evenals de effecten die de snelfietsroute hierop kan hebben om tot een voorstel voor oplossingen te komen.

3

Hoewel er voor deze snelfietsroute twee bestemmingsplanwijzigingen zullen worden opgesteld, zal voor de natuurwaarden binnen het gehele traject een totaalplan gemaakt worden, omdat daarmee een voor de natuur meer robuuste situatie gecreëerd kan worden, dan wanneer men voor natuurcompensatie twee plannen opstelt. In voorliggend rapport wordt uiteengezet welke natuurwaarden in de huidige situatie aanwezig zijn op de locaties waar het tracé van de snelfietsroute het NNB raakt en doorkruist en wordt vervolgens geanalyseerd welke effecten de aanleg van de snelfietsroute hierop heeft. Vervolgens wordt een voorstel gedaan voor oplossingen van de knelpunten.

1.2 Doel Doel van het onderliggend onderzoek is in beeld te brengen welke effecten ontstaan op het NNB als gevolg van de aanleg van de snelfietsroute en voorstellen te doen voor de oplossing van ontstane knelpunten.

Figuur 1: overzicht van de aan te leggen snelfietsroute. De tracé-onderdelen zijn genummerd van 1 t/m 26. Onderdeel 7 en onderdeel 21-22 en 24 doorkruisen deels het NNB. Deze locaties zijn globaal aangegeven met een rode cirkel.

4

Figuur 2: visuele impressie van de snelfietsroute.

5

1. BESCHERMING NATUURNETWERK BRABANT Het Natuurnetwerk Brabant is onderdeel van het Natuurnetwerk Nederland. Het is een netwerk van deels bestaande en deels nieuwe natuurgebieden die door ecologische verbindingszones met elkaar verbonden zijn. Het netwerk wordt gevormd door kerngebieden, natuurontwikkelingsgebieden en ecologische verbindingszones met als doel natuurgebieden beter met elkaar en met het omringende agrarisch gebied te verbinden. Activiteiten in deze gebieden zijn alleen toegestaan als ze geen negatieve effecten hebben op de wezenlijke kenmerken of waarden of als deze kunnen worden tegengegaan met mitigerende maatregelen. Het Natuurnetwerk Nederland (voorheen Ecologische Hoofdstructuur, EHS) dat globaal is aangewezen in het Structuurschema Groene Ruimte, is op provinciaal niveau uitgewerkt en exact begrensd. Binnen de provincie Noord-Brabant is deze begrenzing uitgewerkt in het Natuurbeheerplan Noord-Brabant 2016 en de 2e partiele wijziging Natuurbeheerplan 2020. Het ruimtelijk beleid voor het Nationaal Natuurnetwerk (NNN) is erop gericht de wezenlijke kenmerken van de gebieden te ontwikkelen, herstellen en behouden. Plannen, projecten of handelingen zijn niet toegestaan indien deze de wezenlijke akenmerken of waarden van het gebied significant aantasten.

Wanneer er sprake is van aantasting van de wezenlijke kenmerken of waarden zijn er drie uitzonderingsregels vanuit de EHS. 1 Het ‘nee, tenzij'-regime: (nieuwe) plannen, projecten of handelingen zijn niet toegestaan indien deze de wezenlijke kenmerken of waarden van het gebied significant aantasten, tenzij er sprake is van een groot openbaar belang en er derhalve geen alternatieven beschikbaar zijn 2 De saldobenadering: Als een combinatie van plannen, projecten of handelingen per saldo tot een kwantitatieve en kwalitatieve verbetering van het NNB leidt 3 Kleinschalige ingrepen: in geval van een kleinschalige ingreep kan de grens van het NNB worden aangepast. De te beschermen ecologische waarden en kenmerken zijn per gebied vastgelegd in een beheertypekaart en een ambitiekaart. Beide kaarten vormen de kern van het Natuurbeheerplan, De beheertypekaart brengt in beeld wat de actuele situatie is, de ambitiekaart geeft de gewenste eindsituatie weer. Het aanleggen van een snelfietspad, waarbij delen van het NNB worden doorkruist vallen niet onder de uitzonderingsregel ‘Kleinschalige ingrepen’. De saldobenadering komt wellicht wel in aanmerking.

6

3. NATUURWAARDEN 3.1 ligging NNB t.o.v. plangebied

De ligging van het NNB ten opzichte van het plangebied is weergegeven in figuren 3 t/m 6. Uit deze figuren blijkt dat er enkele delen van de snelfietsroute het NNB doorkruisen.

N16.04 Vochtig bos met productie

Figuur 3: Detail figuur 1, deelgebied 7. De roze/groene lijn verbeeldt de toekomstige snelfietsroute

N03.01 Beek en Bron

Figuur 4: Detail natuurbeheerplan ter hoogte van deelgebied 7. Het NNB deel is met rode pijl aangegeven.

N15.02 Dennen-, eikenen beukenbos

N16.04 Vochtig bos met productie

N03.01 Beek en Bron Figuur 5: Detail figuur 1, deelgebied 21-22 en 24. De roze/groene lijn verbeeldt de toekomstige snelfietsroute. Bij deelgebied 24, het onderste deel van de rotonde, is ook een stukje NNB, daar waar de rotonde al ligt. Rechts in de figuur is het voorziene compensatiegebied (rood omlijnd).

Figuur 6: Detail natuurbeheerplan ter hoogte van deelgebied 21 en 22. En het natuurbeheerplan bij deelgebied 24. Het NNB deel is met rode pijlen aangegeven. Rechtsonder in de figuur is het voorziene compensatiegebied.

7

Beschrijving deelgebieden van het Natuurnetwerk Brabant die doorkruist worden door de snelfietsroute: Binnen deelgebied 7 doorkruist de snelfietsroute het NNB natuurdoeltype N16.04, Vochtig bos met productie, en N03.01, Beek en Bron. Het gaat hier om een strook aan de rand van een tamelijk natuurlijk bosje van ongeveer 2228 m² waarvan een strookje aan de noordkant zal verdwijnen met een opppervlakte van 323 m². Vervolgens wordt de Smalle Beek overgestoken. Hiervoor zal een kunstwerk gerealiseerd worden, in de vorm van een brug. Op deze locatie is de Smalle Beek ongeveer 2,5 meter breed. Hierdoor zal eveneens over nog ongeveer 12 m² een ingreep plaats vinden binnen het NNB. Samen verdwijnt er bij deelgebied 7 dus in totaal 335 m² aan NNB. De inrichting dit gebied valt buiten het voorontwerp bestemmingsplan ‘Snelfietsroute F58 – deel Oost’, maar wordt al wel meegenomen in de compensatieverplichting, om uiteindelijk versnippering te voorkomen, en nu met een totaalplan voor compensatie te werken. Hoe dit deel er uiteindelijk uit komt te zien is dus nog niet geheel zeker. Binnen deelgebied 21-22 zal een doorkruising van het NNB gebied, aangewezen als N15.02, Dennen-, eiken- en beukenbos plaatsvinden. Het gaat hier om een gebied wat waarschijnlijk recentelijk ingericht is, maar nog niet volgens de kwaliteiten van het natuurdoeltype N15.02, Dennen-, eiken en beuken bos’.

Momenteel is dit nog een open veld waarin een aantal bomenzijn ingeplant. De bomen die er staan, zijn strak in het gelid aangeplant en zijn maximaal 10 jaar oud. Hier zal een deel van dit gebied doorsneden worden. Hierdoor zal niet het gehele gebied, zoals het nu is ingericht, verloren gaan naar slechts een deel. Dit veld wordt geflankeerd door hoogspanningsmasten en hoogspanningsleidingen. In dit gebied ligt tevens een leidingenstraat van LSNED. Hierdoor zijn er een aantal beperkingen voor wat betreft natuuraanleg binnen deze strook. De begroeiing dient laag te blijven, en dermate open dat de leidingen te allen tijde bereikbaar blijven. Vandaar dat de doelstelling binnen het NNB voor dit gebied, namelijk bestemming N15.02 (dennen-, eiken en beukenbos) geen handige combinatie is, in combinatie met de hoogspanningsleidingen en de leidingenstraat in de grond. Om die reden is het aanleggen van het trace juist op deze locatie een gunstige, in combinatie met een compensatiegebied wat voor deze doelstellingen aanzienlijk betere kansen geeft. Het aanleggen van een fietspad hier, zal geen grote consequenties hebben voor de huidig aanwezige natuur. Er verdwijnt een strook extensief gemaaid grasland. Op zijn hoogst zal hierdoor maximaal 1770 m² mogelijk aangetast worden.

Binnen deelgebied 24 lijkt het alsof een klein deel van het NNB wat pal ten zuiden van de rotonde ligt doorsneden zal worden. Het gaat hier om maximaal 335 m² binnen het NNB. De rotonde, en het fietspad lagen hier echter al eerder dan de aanwijzing van het strookje NNB over het fietspad. Hier is een wijziging van het NNB aan de orde, zodanig dat het fietspad weer buiten de NNB ligt. Op de nieuwste kaardten is dit inmiddels aangepast. Van compensatie kan hier dus geen sprake zijn, omdat dit stukje ten onrechte aangewezen was als NNB.

8

Figuur 7 t/m 11 geven een impressie van de huidige situatie van met name de locaties in de buurt van trace delen in het oostelijk deel. Figuur 12 geeft een beeld van een deel van het huidige voorziene compensatiegebied.

Figuur 7: Detail rotonde, deel van het Natuurnetwerk Brabant, tracédeel fietspad 24

Figuur 8: Detail De Smalle Beek ter hoogte van tracédeel fietspad 24, met aan de linkerkant bos.

Figuur 9: Detail NNB (N15.02) ter hoogte van deelgebied 22. Er zijn enkele bomen aangeplant, en verder bestaat het gebied uit extensief gemaaid grasland. Hier zijn hoogspanningsleidingen en ligt een leidingenstraat in de grond.

Figuur 10: Detail NNB (N15.02) ter hoogte van deelgebied 21. Er zijn enkele bomen aangeplant, en verder bestaat het gebied uit extensief gemaaid grasland. Hier zijn hoogspanningsleidingen en ligt een leidingenstraat in de grond.

9

Figuur 11: De aanduiding van de leidingenstraat, langs de Smalle Beek en langs de hoogspanningsleidingen.

10

4. EFFECTENBEOORDELING De kernkwaliteiten van het NNB ter plaatse van de locaties 7, 21-22 en 24 worden aangetast door de voorgenomen plannen. De mogelijke effecten die op (kunnen) treden zijn: 1 Oppervlakteverlies: De aanleg van de snelfietsroute binnen de begrenzing van het NNB heeft tot gevolg dat de oppervlakte NNB die wordt ingenomen door de snelfietsroute vernietigd wordt 2. Versnippering: Doorsnijding van een NNB-gebied leidt tot versnippering. 3. Verstoring: De snelfietsroute heeft verandering van de verstoring tot gevolg, verstoring treedt op als gevolg van geluid en uitstraling van licht, en menselijke aanwezigheid.

4.1 Oppervlakteverlies Het fietspad wordt 4 meter breed, met aan beide kanten 0,5 meter als bufferstrook. Door de aanleg van het fietspad zal dus op meerdere plaatsen een strook van 5 meter breed aan het NNB worden onttrokken. Voor deelgebied 7 gaat het om oppervlakteverlies van een strook met een lengte van 67 meter door delen van een bosje (N16.04 vochtig bos met productie) en door de oevers en oversteek van de Smalle Beek (N03.01 Beek en bron) en dus om een oppervlakteverlies van in totaal in totaal 335 m². Voor deelgebied 21-22 gaat het om een extensief beheerd grasveld waar een aantal jonge bomen van ongeveer 10 jaar oud in staan, en waar beperkingen liggen voor natuurontwikkeling vanwege de hoogspanningsleidingen en de leidingenstraat in de grond (15.02, Dennen- eiken en beukenbos). Het fietspad door dit NNB gebied is een strook van in totaal 354 meter lang. Het gaat hier om een oppervlakte verlies van totaal 1770 m². En verder gaat het om een klein deel NNB langs de rotonde, bij deelgebied 24, waar momenteel al een rotonde ligt (N16.04 Vochtig bos met productie). Hier ligt al een fietspad op een strook van 67 meter lang. De kaart op deze locatie is niet correct en is in de nieuwste versies reeds gecorrigeerd. Het fietspad ligt hier dus niet binnen het NNB.

Het ogenschijnlijke oppervlakteverlies van 335 m², is dus fictief, en hoeft niet gecompenseerd te worden Opgeteld zullen er door de aanleg van het fietspad drie stroken van 4 à 5 meter breed verloren gaan met een totale lengte van 421 meter lang, en zal een maximaal oppervlakteverlies optreden van totaal ongeveer 2105 m² voor de twee overige deelgebieden samen.

11

4.2 Versnippering. Deelgebied 7 en deelgebied 24 liggen aan de rand van het NNB, hierdoor is er feitelijk geen sprake van doorkruising en dus ook niet van versnippering. Deelgebied 21-22 doorkruist de NNB wel, maar is momenteel niet ingericht volgens het geldend natuurdoeltype. Gezien het feit dat het niet mogelijk is om het huidige geldende natuurdoeltype (N15.02) te behalen, is voor een andere strategie gekozen en zal teruggegaan dienen te worden naar natuurdoeltype N00.01, waarbij versnippering niet aan de orde is. Indien dit deel later omgevomd wordt naar N12.02 Kruiden- en faunarijk grasland zal er uiteindelijk wel enigszins sprake zijn van versnippering, maar deze versnippering is niet van wezenlijke aard, gezien de mogelijke te verwachten soorten. Deze te verwachten soorten die horen bij een tamelijk open landschap, zullen het fietspad niet als een onneembare barrière ervaren.

4.3 Verstoring De verstoring bij deelgebied 7 is verhoudingsgewijs gering, momenteel is daar al sprake van een spoorlijn, die uiteindelijk meer verstoring geeft, dan voorbij fietsende mensen. Door de aanwezigheid van fietsers zal de verstoring niet wezenlijk toenemen ten opzichte van de huidige verstoring. Verstoring in deelgebied 21-22 is eveneens minimaal, bij de huidige inrichting is geen sprake van verstoring van wezenlijke aard, en een toename van verstoring door fietsers is in de toekomst ook niet te verwachten. Bij deelgebied 24 ligt al een fietspad, hier is met zekerheid geen toename van verstoring te verwachten. Omdat het om een snelfietspad gaat, bedoeld voor woon-werkverkeer, en niet om een recreatief fietspad, zal het minder gauw gebeuren dat fietsers ergens onderweg gaan stoppen en het gebied ingaan om te recreëren. Hierdoor is een toename van verstoring door aanwezigheid van fietsers feitelijk ook minder te verwachten dan wanneer het zou gaan om een recreatief fietspad. Hooguit komen er meer fietsers langs, maar die blijven wel op het pad.

12

5. COMPENSATIEOPGAVE Benodigde compensatie: 5.1 Optie 1, financiële compensatie Met een oppervlakteverlies van 2105 m² en een compensatiefactor van €10,00 komt de totale financiële compensatie uit op een bedrag van €21050,00.

5.2 Optie 2, actualisatie natuurdoeltype bij deelgebied 21-22 Gezien het feit dat het stuk NNB, wat doorsneden gaat worden door deelgebied 21-22 een bestemming heeft met natuurtype N15.02, Dennen-, eiken en beukenbos, maar dat hier eveneens een leidingenstraat en een hoogspanningsleiding door- en over dit gebied lopen, is het niet mogelijk om dit aangewezen natuurdoeltype ooit te bereiken. Onder hoogspanningsleidingen is het niet toegestaan om bomen te plaatsen. Hetzelfde geldt voor de leidingenstraat, deze dient vrij te blijven van wortels. Vandaar dat dit natuurdoeltype kansloos is, en feitelijk gewijzigd dient te worden. Vandaar dat het een optie is om voor dit deelgebied een wijziging van natuurdoeltype aan te vragen. Deze wijziging zal gevraagd moeten worden bij de provincie Brabant, van natuurdoeltype N15.02 naar natuurdoeltype N00.01, nog om te vormen landbouwgrond naar natuur (inrichting). Hierbij gaat het om een oppervlakte van 21.449 m² wat momenteel aangewezen is als N15.02, Dennen-, eiken en beukenbos en teruggebracht dient te worden naar dit beheertype N00.01, nog om te vormen landbouwgrond naar natuur (inrichting). In figuur 12 is aangegeven om welk gebied het gaat. Gunstig aspect daarbij is dat deze optie een fysieke compensatie binnen de gemeente Roosendaal mogelijk maakt.

Fysieke compensatie dient volgens provinciale verordening uitgevoerd te worden binnen het nog niet uitgevoerde deel van het NNB. Als dit gebied een bestemming heeft N00.01, dan geldt dat als een nog niet ingericht NNB gebied, en dan wordt daarmee deze grond geschikt voor fysieke compensatie. Daarna kan dit gebied vervolgens gebruikt worden als in te richten compensatiegebied. Een passende inrichting zou zijn N12.02, kruiden- en faunarijk grasland. Uiteraard wordt dit gebied doorsneden door het fietspad. Van deze 21499 m² is 1770 m² benodigd voor het fietspad wat door dit gebied gepland is, zodat er voor compensatie in totaal 9729 m² aan in te richten compensatiegebied overblijft. De totale compensatieverplichting is 2105 m², dus het omvormen van dit overige gebied overtreft ruimschoots de compensatieverplichting.

13

Figuur 12: Het deel van het NNB wat momenteel is aangewezen als N15.02, Dennen-, eiken en beukenbos is rood omlijnd. Het donkere blok daarin, is het deel wat gemeentelijke grond is en waar een deel van de fietsroute komt te liggen, en tevens een deel wat niet past binnen het huidige aangewezen, maar niet haalbare natuurdoeltype.

14

5.3 Beschrijving N12.02, Kruiden- en faunarijk grasland Algemene informatie Kruiden- en faunarijk grasland omvat graslanden die kruidenrijk zijn, maar niet tot de schraallanden vochtig hooiland, zilt grasland en overstromingsgrasland of glanshaverhooiland behoren. De vegetatie kan behoren tot allerlei verbonden van graslandvegetaties; ondermeer kamgrasvegetaties of de meer algemene witbolgraslanden. Diverse soorten ruigte en struweel kunnen in dit grasland voorkomen. Het grasland wordt meestal extensief beweid of gehooid en niet of slechts licht bemest. Het beheertype Kruiden- en faunarijk grasland kan voorkomen op diverse bodems van vochtig tot droog en heeft doorgaans een (matig) voedselrijk karakter. Kruiden- en faunarijk grasland komt in vrijwel alle landschapstypen voor. Toch is het areaal de laatste veertig jaar enorm afgenomen door de gangbare landbouwpraktijk: sterke bemesting gecombineerd met periodiek doodspuiten van de grasmat en opnieuw inzaaien met hoog productieve grasvariëteiten. De meeste overgebleven kruidenrijke graslanden liggen in overhoekjes van het agrarische gebied of komen voor in natuurgebieden. Daar kan kruidenrijk grasland een tijdelijk fase zijn als de benodigde abiotische omstandigheden voor schraallanden niet of nog niet gerealiseerd kunnen worden.

Kruiden- en faunarijk grasland wordt bij een goede kwaliteit gekenmerkt door variatie in structuur (ruigte en plaatselijk struweel, hogere en lage vegetatie) en een kruidenrijke graslandbegroeiing die rijk is aan kleine fauna. Gradiënten binnen (grond)waterpeil en voedselrijkdom zorgen voor diverse vegetatietypen. Kenmerkende of bijzondere soorten van schralere beheertypen ontbreken grotendeels binnen Kruiden- en faunarijk grasland, maar graslanden zijn vaak wel rijk aan minder zeldzame soorten. Het type is o.a. van belang voor vlinders en andere insecten, vogels en kleine zoogdieren Afbakening • Het betreft grasland, de grasachtigen (monocotylen) zijn dominant, maar kruiden (dicotylen) en mossen hebben een oppervlakteaandeel van tenminste.20% • Er wordt geen bemesting toegepast, met uitzondering van ruige stalmest (max. 20 ton per ha per jaar) of bekalking. • De graslanden zijn niet tot andere beheertypen te rekenen (zie afbakening andere graslanden). • Vrijwel jaarlijks in winter en voorjaar langdurig overstroomde weilanden worden niet tot dit beheertype maar tot Zilt- en overstromingsgrasland gerekend.

15

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.roosendaal.nl/api/v1/meetings/1675/documents/42472