Bijlage notitie richtlijn gemeentelijke bijdrage bij humanitaire rampen.pdf
Tekst van het document
No
e Richtlijn gemeentelijke bijdrage bij humanitaire rampen
Inleiding Vorig jaar deden zich situa es voor, waarbij de vraag opkwam om (namens de gemeente Roosendaal) vanuit solidariteit met de getroffen landen en/of de bevolking, bij te dragen aan de hulpverlening bij de interna onale humanitaire rampen, geldelijk danwel materieel. De gemeenteraad hee verzocht om een protocol/richtlijn inzake gemeentelijke financiële bijdrage bij rampen met de bedoeling om meer eenduidigheid aan te brengen wanneer wel of niet wordt bijgedragen door de gemeente alsmede de hoogte en de voorwaarden van bijdragen. Zodat hieraan kan worden getoetst indien er humanitaire rampen plaatsvinden. Wanneer verstrekt de gemeente Roosendaal een bijdrage bij rampen? Vlak nadat een ramp zich voordoet, spelen er veel zaken in korte jd die bij een afweging inzake de verstrekking van een bijdrage meespelen: de omvang en impact van de ramp, de media-aandacht, een na onale ac e of lokaal par culier ini a ef, de eventuele lokale banden met het getroffen gebied, de jdsdruk om ‘iets te doen’ en het draagvlak hiervoor onder de lokale bevolking. Meerdere emo es spelen een rol, die de kwaliteit van besluitvorming kunnen beïnvloeden. Noodhulp bij interna onale humanitaire rampen is geen gemeentelijke taak, maar wordt uitgevoerd door het ministerie van Buitenlandse Zaken en hulporganisa es.
In beginsel wordt dan ook voorgesteld om geen gemeentelijke financiële of materiële bijdrage te verstrekken bij een humanitaire ramp. De gemeente hee als taak om de gemeentekas te bewaken. Het ondersteunen van par culiere ini a even voor lokale inzamelingsac es moet wel mogelijk zijn. Een bijdrage vanuit de gemeente kan financieel dan wel materieel zijn. Indien op basis van bovenstaande de raad, in bepaalde gevallen, toch besluit dat zij over wenst te gaan tot financiële steun, dan kan onderstaande richtlijn gehanteerd worden om eenduidigheid aan te brengen bij het nemen van dit besluit. In dat geval kunnen de volgende kaders worden gehanteerd: 1. Er is sprake van een omvangrijke interna onale humanitaire ramp; 2. Er is voor deze ramp een na onale ac e door de Samenwerkende Hulporganisa es georganiseerd; 3. De inwoners van Roosendaal zijn betrokken of voelen zich verbonden met de (slachtoffers van de) ramp;
Ad 1: Defini es: Een interna onale humanitaire ramp is een acute omvangrijke crisissitua e, die leidt tot een zodanige ontwrich ng van de infrastructuur in een gebied, dat er enige jd of langdurig niet kan worden voorzien in de basisbehoe en van de inwoners en waarbij direct noodhulp geboden is. De ramp is van natuurlijke of menselijke oorsprong, zoals bijvoorbeeld oorlogen, hongersnood, bevolkingsverplaatsingen, vluchtelingenstromen of epidemieën. Langslepende conflicten (zoals bijvoorbeeld de situa e in de Gaza strook) worden uitgesloten van een gemeentelijke bijdrage. De geboden noodhulp is beperkt in jd, ruimte en omvang. Zij hee als doel te voldoen aan primaire levensbehoe en van de bevolking die wordt geconfronteerd met de ramp. Ook kan een deel van de hulp bestemd zijn voor de wederopbouw direct na de ramp.
Ad 2: De Samenwerkende Hulporganisa es (SHO, ook bekend onder ‘Giro 555’) vormen een landelijk samenwerkingsverband van acht Nederlandse hulporganisa es (CARE Nederland, Cordaid, Kerk in Ac e, Nederlandse Rode Kruis, Oxfam Novib, Plan Interna onal, Save the Children, S ch ng Vluchteling, Terre des Hommes, UNICEF Nederland en World Vision). De SHO starten een hulpac e wanneer het getroffen gebied of getroffen land zelf niet in staat is om de bestrijding van de ramp te bekos gen. Bij grote rampen werken zij samen in een na onale ac e met als doel:
geld inzamelen op een gezamenlijk bankrekeningnummer; informa e geven over de humanitaire situa e in het rampgebied; hulp aan mensen in het getroffen gebied samen met andere (lokale en interna onale) organisa es zo goed mogelijk afstemmen; samen rapporteren over de bestedingen van de opbrengst van een Na onale Ac e.
De SHO hebben geen rechtspersoonlijkheid en besteden en verantwoorden de hulpgelden niet zelf. Dat is de taak van de individuele organisa es die deelnemen aan een Na onale Ac e van de SHO. Ad 3. Betrokkenheid kan bestaan doordat de ramp plaatsvindt in het land van herkomst van een etnische bevolkingsgroep binnen de gemeente. Er kan ook sprake zijn van een grote humanitaire ramp die grote gevolgen hee , maar waarbij er minder raakvlak is met (delen van) de Roosendaalse samenleving. Door de grote impact (bijv. aardbeving, tsunami) kunnen er plaatselijke ini ateven ontstaan waarbij de gemeente kan worden gevraagd om een bijdrage te doen of deze ini a even mede te ondersteunen. De wijze van verstrekking van de bijdrage Naast de dienst in de vorm van het verlenen van vergunningen voor inzamelac es (onder de daarvoor geldende voorwaarden) kan de gemeente een financiële bijdrage verstrekken. Als het gaat om een financiële bijdrage wordt het college op verzoek van het presidium verzocht om een financiële bijdrage te doen. Dit kan door middel van een bijdrage per inwoner. Bijdrage per inwoner Een bijdrage per inwoner bedraagt maximaal € 1,00 per inwoner van de gemeente Roosendaal. Het college handelt op verzoek van het presidium en brengt hiertoe een voorstel in. Dit kan een dona e zijn in geldelijke dan wel materiële vorm.
Betaling en verantwoording De gemeentelijke bijdrage wordt gestort op de landelijke bankrekening van de SHO. De bij SHO aangesloten hulporganisa es zijn in het bezit van het CBF-keur1. Vanuit het oogpunt van kwaliteit en effec viteit van de geboden hulp biedt dit keurmerk een waarborg dat het beschikbaar gestelde geld goed besteed wordt. Verantwoording vindt plaats door de bij SHO aangesloten organisa es in hun publieke jaarverslagen. Deze organisa es rapporteren over de inkomsten van na onale ac es en hanteren daarbij een uitgebreid financieel reglement. Ook rapporteren zij centraal aan de SHO, zodat
1 Het Centraal Bureau Fondsenwerving is een onafhankelijke stichting die toezicht houdt op de inzameling van
geld voor goede doelen. Sinds 1996 verleent het CBF een keurmerk aan fondsenwervende instellingen. Elk fonds dat in aanmerking wil kome n voor een CBF-Keur moet aan dezelfde criteria voldoen en dezelfde procedure doorlopen. Wanneer een instelling het CBF-Keur heeft ontvangen, kan de donateur erop vertrouwen dat er verantwoord met de gift wordt omgegaan.
een beeld ontstaat van de geboden hulp en besteding van middelen. Dit document voldoet aan bij regelgeving van het Centraal Bureau Fondsenwerving (CBF).