Bijlage 1 Erfgoednota 2025.pdf
Tekst van het document
ERFGOEDNOTA 2025
ERFGOED IN POSITIE
INHOUD
5
6
9
11
VOORWOORD
SAMENVATTEND
AANHAKEN BIJ LANDELIJK BELEID
ERFGOED IS MEER DAN MONUMENTEN
21
23 27
29 31
33
MATERIEEL EN IMMATERIEEL ROOSENDAAL
ERFGOED INZETTEN BIJ TOEKOMSTIGE ONTWIKKELINGEN
ERFGOED EN INWONERSBETROKKENHEID
DE BASIS VOOR DE OPGAVEN VANUIT DE OMGEVINGSVISIE
UITGANGSPUNTEN VOOR BELEID
13
ROOSENDAAL HET LANDSCHAP, DE DORPEN EN DE STAD
ERFGOED EN DUURZAAMHEID
19 DE VERBONDEN STAD
37 39 43 45 48 ERFGOED EN TOERISME EN RECREATIE
2
ERFGOED EN DE SLEUTEL TOT SUCCES
SAMENHANGENDE BELEIDSTERREINEN
ERFGOED IN PROGRAMMA’S
BIJLAGE
3
1 VOORWOORD
1
Voor u ligt de nieuwe Erfgoednota voor de gemeente Roosendaal. Deze nota vervangt de bestaande beleidsnota Toekomst voor het Verleden die dateert uit 2007. Deze nota richtte zich op monumenten, archeologie en monumentaal groen. De nieuwe nota draagt het woord Erfgoed in zich, en is daarmee breder van opzet. Erfgoed zijn zaken die wij mensen waarderen, waarmee we ons identificeren en die we dus willen bewaren en doorgeven aan toekomstige generaties. Daarbij kan het gaan om gebouwen, maar ook om voorwerpen, verhalen en gebruiken en tradities. Erfgoed draagt bij aan de waarde van iedere gemeente, van iedere stad en van ieder dorp. Het zorgt voor eigenheid en identiteit. En het kan, mits goed ingezet, bijdragen aan het oplossen van andere maatschappelijke vraagstukken. Van monumenten naar erfgoed: dat is de ontwikkeling die de afgelopen jaren is ingezet. Beleidsmatig is de grootste verandering op 1 januari van dit jaar ingegaan: de Omgevingswet. Deze wet is een bundeling van 26 wetten. Gemeenten wordt gevraagd integraal te kijken naar planvorming, nieuwe ontwikkelingen en initiatieven. Participatie is daarbij een verplichting. Vooraf met elkaar om tafel om daarna versneld het besluitvormingsproces te kunnen doorlopen is uitgangspunt bij deze nieuwe werkwijze. Binnen deze nieuwe werkwijze speelt erfgoed nadrukkelijk een rol.
Voorbeelden van wat Roosendaals erfgoed is, komen in deze nota aan de orde. Wat de waarde van erfgoed is en het belang ervan, laten we in deze nota zien. De nota geeft inzicht in hoe erfgoed kan worden ingezet. Om een zo goed mogelijk resultaat te krijgen, is politiek en bestuurlijk draagvlak noodzakelijk. Vroegtijdige inbreng van kennis en kunde over erfgoedwaarden bij planinitiatieven is nodig om te zorgen voor een goede afweging bij ontwikkelings- en vergunningverleningsprocessen. Daarnaast is voor een goed erfgoedbeleid maatschappelijk draagvlak van groot belang. Samenwerking met en participatie door organisaties met kennis en kunde op het gebied van erfgoed is een van de uitgangspunten. Veel erfgoed is van inwoners en bedrijven en niet van de overheid. Dat geldt zeker ook voor immaterieel erfgoed, dat vaak alleen door de inzet van vrijwilligers kan blijven voortbestaan. Daarom is een goed contact met de eigenaren, de eigenlijke hoeders van ons erfgoed, essentieel. Met deze nota wil het College van B&W van Roosendaal ervoor zorgen dat Erfgoed in positie is, komt en blijft. De Omgevingsvisie Roosendaal, de verbonden stad, is daarbij de bestuurlijke leidraad. Investeren in die kwaliteit betekent ook inzetten op bestaande kwaliteiten. Erfgoed heeft die kwaliteit, het is er al. Het is bovendien duurzaam van zichzelf.
Investeren in en stimuleren van de mensen die die kwaliteit blijvend willen borgen, is de uitdaging. Of dat nu inwoners, investeerders, bestuurders, ambtenaren of uitvoerders zijn: alleen samen kunnen we effectief zorgdragen voor het Roosendaals erfgoed! Paul de Beer
4
Wethouder
5
2 SAMENVATTEND
- Programma beschermde Stads- en Dorpsgezichten. Om de samenhang van gebieden
2
zoals de historische binnenstad, waardevolle wijken en de kernen van de dorpen beter te beschermen zullen gemeentelijke stads- en dorpsgezichten worden aangewezen. Middels dit programma wordt een set regels ontworpen om de betreffende gebieden
De gemeente Roosendaal is een toekomstgerichte gemeente met veel ambitie.
in het Omgevingsplan op te nemen.
Inwoners en de gemeente hechten waarde aan haar erfgoed. Dat blijkt onder meer uit de Omgevingsvisie en diverse beleidsvisies op onderdelen, maar ook uit de inzet en
- Programma landschap, parken, groen en water. Hiermee wordt in elk geval nadere
betrokkenheid van instellingen zoals museum en archief en particuliere organisaties als
uitwerking gegeven aan de Parkenvisie uit 2024, maar ook gekeken wordt naar
de Heemkundekringen.
landschap tussen de dorpen, historische tuinen en ander groen en water.
Erfgoed is meer dan monumenten. Het behoud van erfgoed is verbonden met opgaven en uitdagingen in de samenleving, zoals verduurzaming, ruimtelijke ontwikkelingen, het
- Kerken in beeld. Deze analyse geeft richting aan de toekomst van religieus erfgoed binnen de gemeente, met als focus herbestemming.
bevorderen van een goed leefklimaat en het welzijn van inwoners en bezoekers. - Immaterieel erfgoed. Hierbij wordt samen met inwoners en organisaties gewerkt aan De uitgangspunten voor het erfgoedbeleid zijn vastgesteld in de Omgevingsvisie. Naast
beleid voor immaterieel erfgoed, met als uitgangspunt het Oirschots model.
de reguliere taken is de ambitie vervat in een aantal programma’s. Erfgoedbeleid heeft raakvlakken met veel andere beleidsterreinen, dit is ook al opgenomen in verschillende visies.
- Archeologie. De waardenkaart van Roosendaal wordt geüpdatet. Er is een waardenkaart en een beleidskaart. De kaart sluit aan bij de grensgemeenten zodat er geen onlogische verschillen ontstaan. De beleidsregels dienen te worden vertaald in
Erfgoed is niet van de overheid. Het is van eigenaren, die zich inzetten voor behoud,
het Omgevingsplan.
maar ook van inwoners die zich bezighouden met de historie en identiteit van de stad en de dorpen. Het is bovendien van waarde voor bezoekers, waarbij de uitdaging is om het beleid zo vorm te geven dat erfgoed voor economie en toerisme kan worden ingezet.
TIEN PRINCIPES VORMEN DE SLEUTEL VOOR EEN SUCCESVOL ERFGOEDBELEID: 1.
Behoud door ontwikkeling.
2.
Volwaardige en tijdige belangenafweging.
3.
Herbestemming als uitgangspunt.
4.
Erfgoedbehoud betekent maatwerk.
5.
Erfgoedbehoud is meer dan afvinken.
6.
Restauratie volgens richtlijnen ERM.
7.
Toezicht en handhaving.
8.
Benut erfgoed voor leefbaarheid en economie van inwoners en bezoekers.
9.
Erfgoed is breder dan monumenten, archeologie en groen.
10.
Erfgoed verbindt: het gesprek voeren we samen.
Investeren in de toekomst. Er is op veel terreinen rond erfgoed werk aan de winkel. Met een zevental programma’s werkt Roosendaal aan een meer volwaardig erfgoedbeleid: - Programma Wederopbouw. Gebouwen uit de periode 1945-1965 zijn onderzocht en gewaardeerd, en zullen als gemeentelijk monument worden aangewezen of met gevelwandwaarde worden benoemd. - Programma Post ’65: Een aantal gemeenten is gestart met de inventarisatie en waardering van erfgoed van na 1965. In navolging hiervan wil de gemeente peilen welke objecten of gebieden op haar grondgebied van bijzondere waarde zijn.
6
7
3 AANHAKEN BIJ LANDELIJK BELEID
3
Deze Erfgoednota is niet een op zichzelf staande nota. De nota is gebaseerd op de vastgestelde uitgangspunten in de Omgevingsvisie. Deze worden in deze nota verder uitgewerkt. De Omgevingswet die op 1 januari 2024 is ingegaan bundelt een groot aantal wetten tot één. Veel bekende terminologieën zijn daarbij veranderd. We spreken niet meer van planvorming bij de ruimtelijke ordening, maar van initiatieven binnen de fysieke leefomgeving. Alle bestemmingsplannen zijn opgegaan in een (tijdelijk) omgevingsplan. En het zijn regels die inzicht geven hoe we omgaan met initiatieven en plannen. Gemeenten moeten in het Omgevingsplan rekening houden met het belang en het behoud van cultureel erfgoed. Erfgoed in de fysieke leefomgeving vormt dus één van de domeinen die bij ontwikkelingen in de fysieke leefomgeving een rol spelen. En erfgoed is meer dan monumenten alleen. Daarom is het van belang de verschillende vormen van erfgoed te definiëren en te beschrijven. Voor iedere vorm van erfgoed kunnen verschillende beleidsmaatregelen worden genomen, bijvoorbeeld om te waarderen, te behouden, te versterken, te ondersteunen of te promoten. Naast de Omgevingswet vormt de Erfgoedwet de wettelijke basis voor de omgang met erfgoed dat van nationaal belang is. De Erfgoedverordening van Roosendaal vormt de grondslag voor de geldende regelgeving voor erfgoed van gemeentelijk belang.
Met betrekking tot archiefvorming en -beheer zijn de Archiefwet en de Archiefverordening leidend. Immaterieel erfgoed kan worden erkend door bijschrijving op de Inventaris Immaterieel Erfgoed. Voor roerend erfgoed bestaat de mogelijkheid tot opname in Registers. Participatie, het samen doen, is bij nieuwe initiatieven een vereiste. Dat kan op allerlei vlakken, van inventarisatie van waardevolle gebouwen tot inwonersbetrokkenheid bij herontwikkelingsplannen. Omdat formele doorlooptijden van procedures korter zijn geworden, zal veel zich afspelen in de voorfase. Met elkaar bijtijds om tafel om inzicht te krijgen in bestaande waarden, ieders wensen en belangen is daarom van groot belang.
8
9
4 ERFGOED IS MEER DAN MONUMENTEN
4
Erfgoed zijn zaken die mensen waarderen, waarmee ze zich identificeren en die ze willen bewaren voor toekomstige generaties. Als fundament van een maatschappij is erfgoed dus niet iets van het verleden, maar juist ook toekomstgericht. We kunnen erfgoed onderverdelen in materieel en immaterieel erfgoed. Onder materieel erfgoed verstaan we roerende en onroerende zaken. Onroerende zaken zijn gebouwen, maar ook gebieden, zoals parken of landschappen. Soms zijn ze wettelijk beschermd als monument, maar vaak ook niet. Ze maken deel uit van onze leefomgeving, en zijn daardoor belangrijk voor bewoners en bezoekers. Onder roerend erfgoed verstaan we materiele voorwerpen. Dat kunnen museumstukken zijn maar ook heel gewone tastbare herinneringen, zoals gebruiksvoorwerpen. Ook foto’s en andere archiefstukken zijn roerend erfgoed. Een bijzondere categorie roerend erfgoed is mobiel erfgoed. Daaronder verstaan we bijvoorbeeld historische vaartuigen of treinen. Immaterieel erfgoed is de schakel tussen heden, verleden en toekomst. Het is cultuur van nu, geeft een gevoel van verbondenheid met vorige generaties en is tegelijkertijd ook toekomstgericht omdat mensen het willen doorgeven aan volgende generaties. Daarbij kan je denken aan gewoonten, gebruiken en tradities. Roosendaal kent er een aantal, waarvan carnaval en kermis de oudste en meest bekende zijn.
Archeologie is de wetenschap die alle aspecten van samenlevingen uit het verleden bestudeert aan de hand van de materiële resten die de mens in het verleden heeft achtergelaten in en op de bodem. Roosendaal heeft één Archeologisch Rijksmonument (Het kasteel van Wouw). Er zijn voldoende argumenten te geven om ook enkele objecten gemeentelijke archeologische monumenten te maken, zoals de ondergrond van de Sint Janskerk en de ondergrond van de kerk van Nispen of het kasteel Moerendaal in Nispen. De historische identiteit van Roosendaal en zijn dorpen vormt mede de basis voor een toekomst waarin de inwoners van de gemeente zich thuis voelen. Roosendaal is een toekomstgerichte gemeente en heeft veel ambities op dit vlak. Bouwen op én met het verleden creëert waarde voor de toekomst: zeker ook elders in Noord-Brabant zijn daarvan ijzersterke voorbeelden te vinden. Ook in steden waar veel is verdwenen, zien we de trend dat erfgoed wordt benut als basis voor vernieuwing: succesvolle projecten zijn bijvoorbeeld het Spoorzonegebied in Tilburg, Strijp S in Eindhoven of de KVL in Oisterwijk. Jongere gebouwen van na 1965 worden met de inwoners in kaart gebracht, zoals in Tilburg. Landschap wordt versterkt door naast natuurwaarden ook erfgoedwaarden te koesteren en te tonen, met fietsroutes langs bijvoorbeeld molens en waterwegen.
10
11
5 ROOSENDAAL HET LANDSCHAP, DE DORPEN EN DE STAD
5
Roosendaal is een uitgestrekte gemeente die verschillende landschappen met elkaar verbindt: in het westen Heerle en Wouw, zanddorpen die zowel aan de zuid- als aan de noordzijde overgaan in (voormalig) veen. Van oorsprong waren deze overgangen van zandwelvingen naar veengronden erg aantrekkelijk voor bewoning. Ze werden donken genoemd. In het oosten ligt de stad Roosendaal: een laagte in een landschap dat gekenmerkt werd door talloze samenvloeiende waterlopen en veengronden. De waterlopen zijn bijna onzichtbaar gemaakt en het veen is al lang geleden afgegraven. De omgeving van Wouw lijkt het vroegst bewoond te zijn geweest. In West-Brabant is Wouw ook de enige plaats die lijkt op een Oost-Brabants dorp. De kerk en het marktplein zijn bijzonder, het versterken van het erfgoed (kasteel-kerk-molen) kan hier een positieve invloed hebben. Het Kasteel van Wouw is vanaf 2024 aangesloten bij de Zuiderwaterlinie en West-Brabantse Waterlinie. Het verhaal van het kasteel, de historische verbondenheid met het Markizaat in Bergen op Zoom en de verbinding met Steenbergen via het Beekdal biedt voldoende aanknopingspunten hiervoor. Ten zuiden van Wouw is Wouwse Plantage bijzonder, omdat dit dorp ooit onder meters veen lag. Het veen werd uitgemoerd en de dorre grond met bos beplant.
Het is de oudste bosplantage van Nederland met nog verborgen relicten van een groot buitenverblijf van de markiezen. Nu koesteren wij de bossen. Enkele malen per jaar is dit bijzondere landgoed opengesteld voor wandelaars. Oorspronkelijk was het gebied echter vernat. Moerstraten ligt op de overgang naar de veengronden van Steenbergen en Kruisland. Ook daar zijn de waterlopen bijna onherkenbaar. De ‘straat’ van Moerstraten is zelf ooit een waterloop (moervaart) geweest. Roosendaal-stad is gesticht vanuit de nederzettingen Kalsdonk, Hulsdonk en Langdonk. Het is echter nog een open vraag of die nederzettingen er al in de 12de eeuw waren, of dat ze zelf ook gesticht werden in het midden van de 13de eeuw als centra om het veen te ontginnen. In 1268 duikt de naam Rosendale voor het eerst op in een akte. In de middeleeuwen werd turf via de Roosendaalse haven uitgevoerd naar Holland, Zeeland, Vlaanderen en Antwerpen. De Vliet stond toen nog in open verbinding met de Noordzee. De Roosendaalse schippers ondernamen ook regelmatig tochten overzee naar Engeland en Frankrijk.
12
13
De Tachtigjarige Oorlog (1568 – 1648) maakte een einde aan de vooruitgang. Roosendaal en Wouw hadden zwaar te lijden van de rondtrekkende troepen. De Franse overheersing door de troepen van Keizer Napoleon droeg ook niet bij aan de vooruitgang. Wel werd
Joss Hopstaken (Heemkundekring Roosendaal):
5
het dorp Roosendaal in 1809 tot stad verheven, met als motivatie ‘de uitgestrektheid en de volkrijkheid’. In 1854 legde een Belgische maatschappij de spoorlijn naar Antwerpen aan. Dat bleek een geweldige impuls voor Roosendaal. Aansluitingen met Rotterdam, Vlissingen en Breda maakten van het station Roosendaal een echt spoorknooppunt. Douanekantoren en expeditiebedrijven vestigden in de buurt van het grensstation. Om de groei van Roosendaal op te vangen, werd in 1907 een groot stationscomplex in gebruik genomen. Het erfgoed van het spoor is nog steeds van belangrijke betekenis voor de stad, evenals van de bedrijven die door de betere ontsluiting van de gemeente werden gesticht. De producten van een aantal fabrieken werden landelijk bekend, zoals de borstels van Vero, snoep en drop van RedBand, een borrel van Wenneker en tl-buizen van Philips. Hele
“Erfgoed is voor mij verbinding. Verbinding tussen vroeger, nu en de toekomst. Maar vooral verbinding tussen mensen, nabij en verder weg. En dat dankzij het ontastbare zoals verhalen en gewoonten maar ook door het tastbare, in welke vorm dan ook, in onze omgeving.”
generaties groeiden op met Liga koeken uit Roosendaal. Het nog tastbare maar ook het immateriële erfgoed van deze bedrijven is het waard om te koesteren: het draagt bij aan de identiteit van stad en gemeente. Helaas is bij de bouw van de naoorlogse wijken van Roosendaal bijna geen aandacht geschonken aan het gebouwde erfgoed en het landschap. Sommige wijken zoals Langdonk werden op een tekenvel ontworpen en al het oude werd uitgewist. Mede omdat de A58 de stad doorsnijdt en het spoor een minder belangrijke rol speelt zien we dat stad en landschap soms beperkt met elkaar in verbinding staan. Ook maken delen van Roosendaal een wat rommelige indruk wat betreft ruimtelijke ordening door de vele sloop-nieuwbouw activiteiten in de afgelopen decennia. Tegelijkertijd biedt dat ook een kans: het contrast is spannend! Het jongste gebouwde erfgoed biedt daarenboven ook nieuwe, vaak nog onontdekte kwaliteiten. Nieuwe generaties waarderen anders: het gesprek hierover met inwoners is van belang. Roosendaal heeft qua landschap en historische kenmerken voldoende aanknopingspunten om het erfgoed te laten herleven. Uitgangspunt is wel dat hier er in toekomstig beleid beter rekening mee wordt gehouden. Zo kan erfgoed onder meer worden benut bij het herstructureren van naoorlogse wijken en terugbrengen van groen en water.
Bij de voorgenomen bouw van een nieuw commandocentrum in Nispen is het zaak vooraf een goede analyse te maken van de aanwezige landschappelijke kwaliteiten van dorp en beekdal. Landschap is een leidende kwaliteit, de historische geografie dient bij grootschalige planvorming altijd nader te worden onderzocht en gewaardeerd. Het benutten en versterken dient een van de uitgangspunten te zijn bij planinitiatieven.
14
15
Mariska Wagemakers (Openluchttheater Nispen): “Bij erfgoed denk ik, wonende te Nispen aan, de kerk als herkenningspunt in de wijde omgeving. Als baken voor licht, bezinning en samenkomst. Cultureel erfgoed, carnaval; in Nispen groots juist in het kleine. De harmonie, twee toneelverenigingen, voetbal, tennis en hardlopers. Het Openluchttheater Nispen wat mensen uit de hele omgeving samenbrengt. Erfgoed zit in de welwillende inwoners van het dorp, van de buurt, wijk en Stad.....”
6 DE VERBONDEN STAD
6
De Omgevingsvisie van de gemeente Roosendaal is door de Raad het kader vastgesteld voor de richting en het beleid dat de gemeente Roosendaal de komende jaren wil opzetten, uitvoeren of faciliteren De Verbonden Stad hanteert drie leidende principes: Stad en dorpen van menselijke maat, Balans tussen mens en natuur en Ruimte voor talent en ondernemerschap. Er zijn deelopgaven op het gebied van ruimte, natuur en milieu, sociaal, verkeer en mobiliteit. De opgaven gelden voor zowel de stad, de dorpen als het buitengebied. De omgevingsvisie geeft ook richting aan het proces: de gemeente wil actief samenwerken met inwoners, ondernemers, verenigingen en lokale samenwerkingspartners en -verbanden. In de Omgevingsvisie wordt in hoofdstuk 2 uitgebreid ingegaan op de historische ontwikkeling van Roosendaal. Behalve de historie en de groei van de stad wordt ook de ontwikkeling van de dorpen beschreven.
IN DE OMGEVINGSVISIE WORDEN DE DORPEN ALS VOLGT BESCHREVEN: De dorpen van Roosendaal hebben van oorsprong een heel eigen ontwikkelingsgeschiedenis. Elk dorp heeft een eigen verhaal, een eigen karakteristiek en een eigen identiteit. De geschiedenis van de stad Roosendaal begint in Nispen, de oudste plaats binnen de huidige gemeente Roosendaal. De naam Nispen als plaatsaanduiding komt voor het eerst voor in 1157. Ook nu nog wordt Nispen gezien en genoemd als het moederdorp van Roosendaal. Het dorp is tot in de late Middeleeuwen een grote parochie geweest, waar ook Roosendaal en het Belgische Essen (en Kalmthout, red) deel van uitmaakten. De lange geschiedenis heeft geleid tot een intiem en vriendelijk dorp met kenmerkende linten en een aantrekkelijk buitengebied. In het centrum van Nispen bevinden zich de zichtbaar gemaakte fundamenten van het voormalig kerkgebouw; in cultuur-historisch opzicht verdient zeker ook de molen Van Aerden als rijksmonument een vermelding. Wouw is het grootste dorp, met het grootste voorzieningenaanbod en de meeste bedrijvigheid. Het dorp Wouw stamt uit 1232. Het dorp heeft met de Sint Lambertuskerk, het voormalig kasteel van Wouw en de Markt enkele indrukwekkende cultuurhistorische dragers. De opbouw van het dorp is duidelijk aanwezig met de markt en de kerk als dorpshart en de oude wegen naar Roosendaal en Bergen op Zoom.
Daaromheen is een aantal rustige woonwijken gebouwd.
16
17
6
Heerle is een oude gemeenschap (vanaf de 13e eeuw). Het is van oorsprong een dorp dat zich langs de Herelsestraat heeft ontwikkeld. Ook in dit dorp zijn enkele woonwijken aangebouwd waardoor het dorp iets forser van omvang is geworden. Heerle is een echt woondorp met een sterke agrarische binding. Wouwse Plantage heeft een minder ver teruggaand verleden, maar daarom geen minder interessante ontstaansgeschiedenis. Het dorp is ontwikkeld vanuit het Landgoed Wouwse Plantage, mede in relatie tot de bosbouwactiviteiten. Het dorp bestaat hoofdzakelijk uit één lint, waaraan later nog wel enkele woongebieden zijn aangebouwd. Moerstraten wordt voor het eerst vermeld in 1357, maar heeft erg geleden onder de bevrijding in 1944. Moerstraten bevindt zich te midden van landbouwgebied op laaggelegen zandgrond. Ten zuidoosten bevindt zich Landgoed Altena, een
WOUWSE PLANTAGE
MOERSTRATEN
WOUW
HEERLE
waterwingebied met jong bos.
Op deze korte omschrijving is uiteraard veel aan te vullen. Vanuit archeologisch oogpunt wordt gewezen op de fundamenten van kasteel Moerendaal die ten noorden liggen van het dorp Nispen. Ook de stichtingsdatum van het dorp Wouw is arbitrair: de plek werd al bewoond in de Ijzertijd (500 v. Chr.) en in de Romeinse tijd. Op veel plaatsen in de omgeving zijn ook sporen uit de 11e en 12e eeuw gevonden. Als we uitgaan van de fysieke leefomgeving dan ontbreekt het immaterieel erfgoed eveneens. Het landschap verdient hier ook een steviger aanvullende omschrijving.
DE DORPEN VAN ROOSENDAAL NISPEN
18
19
7 DE BASIS VOOR DE OPGAVEN VANUIT DE OMGEVINGSVISIE
7
In de Omgevingsvisie gaat het veel over ontwikkelingen, trends en opgaven. Voor erfgoed is die opgave reeds geformuleerd en door de Raad vastgesteld:
‘beschermen en zichtbaar maken cultuurhistorisch erfgoed’ De gemeente voert een monumentenbeleid dat erop gericht is monumentale bouwkunst uit het verleden te beschermen en te behouden. Daarbij wordt met alle perioden van de ontwikkeling van Roosendaal rekening gehouden. Een belangrijke periode is de Wederopbouwperiode. In deze naoorlogse periode (19451965) kreeg Roosendaal een enorme groeispurt. Maar ook ouder erfgoed krijgt de nodige aandacht, zoals het Kasteel van Wouw waarvan de contouren opnieuw zichtbaar zijn gemaakt, voor historische elementen in de oude stad zoals de Sint Jan of voor erfgoedcomplexen als klooster Mariadal met bijbehorende kloostertuin, de restanten van kasteel Moerendaal en landgoed Wouwse Plantage. De gemeente heeft een programma om alle beschikbare informatie over het cultureel erfgoed, zoals Rijks- en gemeentelijke monumenten bij elkaar te brengen en eenvoudig te kunnen raadplegen. Het verhaal van het ontstaan van Roosendaal, met het daarbij
Laura Hondebrink (Stichting Erfgoedcentrum Tongerlohuys):
20
“Erfgoed is het levende geheugen van een gemeenschap. Het is dat wat ons verbindt – met elkaar, met wie we zijn en waar we vandaan komen. Denk aan iconische plekken zoals de Sint Jan en het Tongerlohuys, bijzondere objecten in musea, maar ook aan persoonlijke verhalen over het leven van vroeger. Erfgoed is voor mij iets dynamisch: het is de kunst om het oude met het nieuwe te verweven, zodat het relevant blijft voor volgende generaties.”
behorende culturele erfgoed in voorwerpen en foto’s, wordt zichtbaar via Stichting erfgoedcentrum Tongerlohuys in museum Tongerlohuys. Daar is ook het gemeentelijk historisch archief, dat wordt beheerd door het West-Brabants Archief, te raadplegen in het Historisch Informatie Punt. De gemeente houdt rekening met aanwezige cultuurhistorische waarden en in de grond aanwezige of te verwachten monumenten. Dit doen we door archeologische verwachtingswaarden te duiden en deze te beschermen in ruimtelijke plannen (zoals in de toekomst het omgevingsplan). (Zie overzicht cultuurhistorische waarden op pagina 29)
21
8 MATERIEEL EN IMMATERIEEL ROOSENDAAL
8
Naast het landschap, dat de drager is van alle ontwikkelingen, ontleent Roosendaal haar identiteit mede aan de beschermde rijksmonumenten en gemeentelijke monumenten, maar evenzoveel aan een reeks beeld ondersteunende en beeldbepalende panden, beschermde straatwanden, monumentale parken. Tegelijkertijd is er ook nog veel niet beschermd. De vraag die de gemeente met de inwoners wil beantwoorden is wat zeker zou moeten worden behouden en waarom.
De Omgevingsvisie van Roosendaal (pagina 30) geeft een mooie vogelvlucht van dit beschermde cultuurhistorisch erfgoed en de ruimtelijke kwaliteit in de stad: Roosendaal kent geen overdaad aan cultuurhistorisch gebouwd erfgoed, maar het is er wel. Rijksmonumenten vinden we voornamelijk in het centrum: het Raadhuis, het herenhuis aan de Bloemenmarkt, waar nu het fractiehuis is gevestigd, de Sint Jan, het hofje Mariagaard en het Tongerlohuys zijn bekende en in het oog springende voorbeelden. Maar ook de voormalige Nederlandse Hervormde Kerk, de Douaneloods, het Seinhuis en het Station, het Emile van Loonhuis, de Watertoren, de Molen aan de Wouwseweg en de Cleyne Cat zijn opgenomen in het Rijksmonumentenregister. Verder zijn ook de Ludwigstraat met zijn vele Hurkspanden, het voormalige Essent-gebouw aan de Kade en het voormalig klooster Mariadal noemenswaardig. Roosendaal kent in en om het centrum een aantal fraaie parken met een hoge ruimtelijke kwaliteit: het Emile van Loonpark, Park Vrouwenhof met twee monumentale villa’s en het Burgemeester Coenenpark aan de Parklaan. Een behoorlijk deel van de bebouwde omgeving van de stad wordt ingenomen door bedrijventerreinen, vooral aan de noordelijke en oostelijke zijde. Hoewel de laatste jaren veel is verbeterd aan de inrichting en uitstraling van deze terreinen, is de aard van de bebouwing toch vooral grootschalig en zakelijk.
Daarmee is de entree van de stad via deze gebieden minder uitnodigend. Roosendaal beschikt echter ook over industrieel erfgoed dat wel vaak kwaliteit heeft. In Roosendaal vinden we nog mooie voorbeelden terug, zoals de Wennekerfabriek die aan de spoorlijn ligt.
Van het roerend erfgoed worden veel belangrijke gegevens bewaard in het West Brabants Archief. Het Tongerlohuys beheert bijzondere voorwerpen en draagt actief bij aan het vertellen van het verhaal van Roosendaal. Veel roerend erfgoed wordt daarnaast bewaard door inwoners. De Heemkundeverenigingen spelen bij het bewaren, onderzoeken en tentoonstellen daarin een belangrijke verbindende rol.
22
23
Als stad van verbinding is het station van Roosendaal en omgeving een historisch gegeven. Met de historische locloods en het daar soms aanwezige historisch materieel is
8
ook mobiel erfgoed van het spoor vertegenwoordigd binnen de gemeente. Het immaterieel erfgoed van Roosendaal bestaat uit vele gebruiken en tradities, waarvan sommigen qua omvang en belang uitstijgen boven andere, meer kleinschalige gebruiken. Naast de carnaval en de kermis (Roosendaal kent naast de Septemberkermis ook een nostalgische kermis) is ook de wielerkoers, afstammend van de Volksronde die startte in 1975, kenmerkend. Roosendaal is bovendien vanouds een marktstad waarbij op maandag en zaterdag de ambulante bijdraagt aan een levendig centrum.
Jacqo van Gastel (Stichting Carnaval Roosendaal): “Carnaval in Tullepetaonestad: Als er één activiteit tot het (im)materiele erfgoed van de gemeente Roosendaal hoort is dat natuurlijk wel het grootste feest dat we elk jaar weer met elkaar vieren. Tullepetaonen ontmoeten elkaar en delen de mooie en ook minder mooie dingen in het leven met een lach en een traan met elkaar. De jeugd leert hoe te vieren, volwassenen en senioren laten zien hoe dat moet en wat erbij komt kijken. Tradities, gebruiken en gewoonten, gewortelde vriendschappen en familiebanden, vaak al generaties lang. We doen ut saomen, mee onze oogeid voorop ! Hoe waardevol is zo’n feest van broederschap, gelijkheid en de omgekeerde wereld in deze toch wat donkere maatschappelijke tijd.”
24
25
9 UITGANGSPUNTEN VOOR BELEID
9
Beschermen en zichtbaar maken van cultuurhistorisch erfgoed gaat niet vanzelf. Het werkveld betreft reguliere taken binnen de vergunningverlening maar ook beleidsmatige taken die nadere uitwerking vragen. In de Omgevingsvisie staan de vastgestelde uitgangspunten voor het beleid als volgt geformuleerd: - Ontwikkelingen zijn gericht op behoud, bescherming en duurzame ontwikkeling van erfgoedwaarden. - Om cultuurhistorische waarden, zijnde de historisch-geografische, archeologische en historisch groenwaarden te beschermen zal voor diverse locaties en gebieden nader cultuurhistorisch onderzoek noodzakelijk zijn. - Het aanpassen van een gebouwd monument dient zorgvuldig te gebeuren met behulp van een restauratiedeskundige. Een goede aanpassing, met een passend gebruik van het pand, zal de levensloop van het monument aanzienlijk verlengen. - Naarmate een plan meer invloed heeft op de identiteit van de gemeente zullen er meer aspecten worden betrokken bij de beoordeling en zal er zo nodig zorgvuldiger worden gewogen. - Van een bouwwerk dat voldoet aan de monumentale waarde en/of redelijke eisen van welstand mag worden verwacht dat het een positieve bijdrage levert aan de kwaliteit van de openbare (stedelijke of landschappelijke) ruimte. Daarbij worden hogere eisen gesteld naarmate de openbare betekenis van het bouwwerk of de omgeving groter is.
In deze Erfgoednota gaan we nader in op de uitwerking van deze uitgangspunten.
26
27
10 ERFGOED INZETTEN BIJ TOEKOMSTIGE ONTWIKKELINGEN
10
De gemeente Roosendaal is een toekomstgerichte gemeente met veel ambitie. Roosendaal wil veel stappen zetten op het gebied van bouwen, wonen en werken. Landelijk is er sprake van een verduurzamingsopgave en de gemeente wil daarnaast een kwaliteitsimpuls geven aan diverse gebieden, zowel in de stad als in het landelijk gebied. In Roosendaal zijn in de afgelopen 50 jaar ook veel cultuurhistorische elementen zoals oude landwegen, vaarten en boerderijen verloren gegaan. De wijken (zoals bijvoorbeeld Langdonk) werden op een tekentafel ontworpen en alle oude elementen die wij nu onder erfgoed zouden scharen, werden daarbij uitgewist. Het nieuwe beleid kiest bewust een andere richting. Het behoud en de (door)ontwikkeling van erfgoed is verbonden met deze opgaven en uitdagingen die spelen in de samenleving. Soms leidt dat tot discussie, waarbij kort gewin moet worden afgezet tegen langere termijn investeringen en opbrengst. De waarde van erfgoed is niet altijd direct meetbaar in geld, maar wel in het welzijn van mensen en hoe men de omgeving beleeft. Veel voorbeelden laten zien dat erfgoedbehoud loont. Erfgoed biedt kansen voor versterking van de identiteit, en levert met behoud, ontwikkeling en herbestemming een bijdrage aan een vitalere stad en gemeente.
En ook al leeft soms het gevoel dat er veel is verdwenen, de trots op dat wat succesvol is behouden is wat uiteindelijk overheerst. Slopen doe je maar één keer. Uitgangspunt vanuit de Omgevingsvisie is dat ontwikkelingen zijn gericht op behoud, bescherming en duurzame ontwikkeling van erfgoedwaarden. In het gemeentelijk planvormingsproces is daarom vroegtijdige ambtelijke inbreng van kennis over erfgoed een vereiste. Veel erfgoed is nog niet beschermd. Hoewel bescherming een doel is vanuit de optiek van erfgoedbehoud is het vooral van belang dat bijtijds de cultuurhistorische waarden worden onderzocht en ingebracht. Op basis daarvan kan een afgewogen keuze worden gemaakt of behoud wenselijk is of niet en hoe met bestaande cultuurhistorische (erfgoed)waarden verder wordt omgegaan.
28
29
11 ERFGOED EN DUURZAAMHEID
11
Roosendaal besteedt veel aandacht aan duurzaamheid. Vanwege hun vaak hoge leeftijd zijn monumenten op zichzelf (vanuit circulariteit) al duurzaam. Het Klimaatakkoord van Parijs, de hoge energieprijzen en veranderende wet-en regelgeving maakt dat veel eigenaren aan de slag willen met verduurzaming hun monument. Verduurzaming kent twee belangrijke thema’s, enerzijds energiebesparing, anderzijds het materiaalgebruik en bijbehorende circulariteit. Voor de gebouwde omgeving, met name het erfgoed, is juist deze combinatie een grote uitdaging. Er zijn eigenaren die kijken naar richtwaarden en op deze manier willen zorgen dat het pand overal aan voldoet. Maar, als het doel enkel en alleen de BENG-eisen voor nieuwbouw zijn en daar géén flexibiliteit wat betreft de eindkwaliteit in zit, kan het soms lastig zijn of op zijn minst zeer kostbaar worden een bestaand pand op dat niveau te brengen. Wordt er daarentegen met een pragmatische blik gekeken naar de mogelijkheden voor energetische verbeteringen, dan zijn er vaak tal van mogelijkheden en kansen om eenvoudig een optimum te bereiken. Maatwerk is hierbij belangrijk. Vanuit het kwaliteitsaspect materiaal is het behouden van het bestaande een bewuste strategie. Deze benadering is bij opdrachtgevers nog niet altijd vanzelfsprekend. Ieder gebouw moet daarom worden beoordeeld op zijn integrale kwaliteit.
Hoe ziet het eruit, wat zijn de monumentwaarden, wat is het comfort, hoe is het energetisch en wat is de potentie van de plattegrond. Een echt duurzaam gebouw heeft op al die vlakken kwaliteit. Begrip en overleg zijn naast wet- en regelgeving essentieel om de juiste keuze te maken op basis van argumenten. Niet alles kan overal en altijd, maar vaak kan er wel veel dat ook effect heeft. Het afwegingskader ‘verduurzaming van monumenten, afwegingskader voor verduurzaming’ van de Rijksdienst voor Cultureel Erfgoed (RCE) is een goede richtlijn om te hanteren. In het belang van de energietransitie en klimaatadaptatie maakt de gemeente Roosendaal het voor eigenaren van monumenten makkelijker om zonnepanelen- en collectoren te plaatsen. Plaatsing wordt onder voorwaarden vergunningvrij. Mits voldaan wordt aan een aantal plaatsings-eisen, waaronder het niet zichtbaar zijn vanaf de openbare weg, mogen deze op gemeentelijke monumenten worden aangebracht. Eigenaren van woningen die advies willen over verdere mogelijkheden kunnen terecht op de website duurzaamrsd.nl. of de website van de stichting Energietransitie Roosendaal (steroosendaal.nl) Via de website monumenten.nl en met een zelfscan kunnen eigenaren van monumenten ook terecht bij specifieke deskundigen die samenwerken met het Nationaal Restauratie Fonds.
Via de website van de gemeente zijn er verwijzingen naar regelingen en subsidies voor verduurzaming van woonhuizen.
30
31
12 ERFGOED EN INWONERSBETROKKENHEID
12
Inwoners, maar ook bezoekers van Roosendaal hechten waarde aan erfgoed. Ook al is in Roosendaal in het verleden veel gesloopt, dat wat er staat wordt gezien als waardevol. Dat wordt zeker gezien door de particuliere erfgoedorganisaties. Het meeste erfgoed is in particulier bezit. En daarvoor moet wel worden gezorgd. Onderhoud, restauratie, verduurzaming en herbestemming is een zaak van eigenaren en toekomstige gebruikers. De gemeente kan en wil hierbij nadrukkelijk faciliteren. Naast de gemeente, museum Het Tongerlohuys en het West-Brabants Archief zijn in Roosendaal een aantal particuliere organisaties actief op het erfgoedgebied. De Vrijheijt van Rosendaele, De Heerlijckheid Nispen en De Vierschaer Wouw vormen het cultuurhistorisch geweten vanuit de bewoners van stad en dorpen. Behalve veel kennis over het verleden is hun vertegenwoordiging van belang als het gaat over de inbreng over de toekomst van onze gemeente. Het Hurks Genootschap zet zich in voor het gebouwde erfgoed van de Roosendaalse architect Jacques Hurks. De kwaliteit van zijn werk maakt dat ook voor niet-Roosendalers op dit gebied in de stad nog veel te ontdekken is. Het Comité Open Monumentendag zorgt voor de jaarlijkse openstelling van een aantal bijzondere monumenten. De Stichting Kasteel van Wouw zet zich specifiek in voor dit bijzondere (deels archeologische) monument.
Modelspoorvereniging Post B zet zich in voor erfgoed rondom het spoor. De gemeente wil de Heemkundekringen faciliteren bij de realisering van een erfgoedcentrum om de historie van Wouw en vondsten bij het kasteel van Wouw te kunnen tonen in wisselexposities. Dit geeft nieuwe (toeristische) ontwikkelkansen. In het nieuw leven inblazen van het Erfgoedoverleg ziet de gemeente een manier om tijdig in gesprek te komen met organisaties over de uitvoering van het beleid en nieuwe ontwikkelingen. De inbreng van organisaties rond nieuwe programma’s is een onderwerp dat in elk geval aan de orde kan komen. Hoewel er veel eigenaren zijn die erfgoed zelf koesteren en beheren, zijn er ook waarvoor het beheer of behoud moeilijker is. Veel particuliere eigenaren van monumenten worstelen met het duurzaamheidsvraagstuk. Anderen hebben moeite met de instandhouding. Voor eigenaren van grotere monumenten vormt herbestemming vaak een probleem. Hoewel er wetten, regels en richtlijnen zijn vormt in veel gevallen de advisering maatwerk. Niet alles kan bij ieder monument, en niet iedere ingreep blijkt op lange termijn even duurzaam. Voorlichting, tijdig overleg en meedenken is van belang om individuele vraagstukken op te lossen en frustratie achteraf te voorkomen.
32
33
De gemeente heeft ambtelijke capaciteit voor bouwplan- en subsidiebeoordeling ondergebracht bij Vergunningen. Samenwerking met de ambtenaar Ruimte, Wonen
12
Grond is van belang. Bestuurlijke handhaving is een middel dat kan worden ingezet als moedwillige vernieling of verwaarlozing aan de orde is. Dit vergt capaciteit bij de groep Fysieke Leefomgeving.
34
35
13 ERFGOED EN TOERISME EN RECREATIE
13
Niet voor niets staat een aantal kenmerkende gebouwen op de souvenirs die de VVV Roosendaal in haar winkel presenteert. De belangrijke monumenten zijn iconen en vormen landmarks voor de gemeente. Erfgoed levert een belangrijke bijdrage een identiteit en herkenbaarheid, en biedt kansen voor toerisme en recreatie. Topmonumenten staan er echter niet alleen. Ze vormen een onderdeel van stad en dorp, en worden verbonden door het landschap. De geschiedenis brengt de gebouwen tot leven. Vrijwilligers houden molens draaiend, vertellen verhalen over stad en streek en brengen hun trots over op bezoekers. Ondernemers profiteren van een mooie gevelwand, als decor voor hun activiteiten of als unique selling point voor hun producten. Een mooie stad zorgt voor een langere verblijfsduur. Mede daarom is de verwevenheid van erfgoed met andere beleidsinitiatieven zoals R.O.O.S. van groot belang. Ook waardevolle wijken en de ontsluiting van het landelijke buitengebied kunnen een bron vormen voor een aangenamer en langer verblijf van bezoekers van buiten. De initiatieven van de Stichting Brabantse Wal vormen een goede basis om bij aan te sluiten om zo de bekendheid en waardering van dit deel van het buitengebied van de gemeente te vergroten en te versterken.
Niet in de laatste plaats is de aansluiting bij het project Zuiderwaterlinie, met het Kasteel van Wouw, een positieve ontwikkeling voor toerisme en recreatie. Erfgoed biedt de basis voor dag- en verblijfsrecreatie, samen met een goed aanbod aan winkels, horeca, evenementen en kunst- en cultuur. Het inzetten op en handhaven van ruimtelijke kwaliteit en het ontwikkelen van routes en andere vormen van beleving biedt kansen.
36
37
14 ERFGOED EN DE SLEUTEL TOT SUCCES
14
Inwoners, eigenaren en bezoekers zijn essentieel voor de waardering en het behoud van erfgoed. De gemeente faciliteert hun inzet en betrokkenheid en stimuleert de aandacht voor erfgoed. In een toekomstgerichte gemeente waar veel ontwikkelingen gaande zijn is bijtijds op de hoogte en betrokken zijn van essentieel belang. Tien principes voor een succesvol erfgoedbeleid.
1. BEHOUD DOOR ONTWIKKELING
Jan-Hein Sloesen (CultuurCluster):
Erfgoed is geen statisch gegeven. Erfgoed is dynamisch, met gevoel voor bestaande waarden, tradities en kwaliteiten. Nieuwe ontwikkelingen moeten omarmd worden om erfgoed een nieuwe toekomst te geven. Daarbij is de balans tussen behoud en vernieuwing essentieel.
“Vaak wordt de vraag gesteld wat erfgoed is, en “waarom dat nu toch zo belangrijk is?” Ik omschrijf erfgoed als ‘het DNA van onze samenleving’: dat wat we uit het verleden hebben overgeërfd, waaraan we waarde hechten en betekenis geven en willen behouden en doorgeven aan toekomstige generaties. Bij erfgoed draait het om de gemeenschap, om Roosendaal dus. Er is een verandering gaande waarbij de focus verschuift van experts die bepalen wat cultureel erfgoed is, naar betrokkenheid van de gemeenschap. Deze erfgoednota juicht deze beweging, net als ik, toe. Want Roosendaals-erfgoed, is ook jouw DNA!”
2. ERFGOED VERDIENT EEN VOLWAARDIGE EN TIJDIGE BELANGENAFWEGING Daarom is het van belang een erfgoedmedewerker tijdig te laten aansluiten bij de Omgevingskamer. Het is immers daar waar de eerste planinitiatieven worden besproken en gewogen.
3. HERBESTEMMING ALS UITGANGSPUNT Bij monumenten en erfgoed van belang is herbestemming uitgangspunt. Creativiteit en flexibiliteit zijn voorwaarden naast zorgvuldige omgang met de vast te stellen cultuurhistorische waarden, die de basis vormen voor het behoud en de versterking van de lokale identiteit.
4. ERFGOEDBEHOUD BETEKENT MAATWERK Om de juiste keuzes te maken is soms nader onderzoek noodzakelijk. Daarbij kan het gaan om inventarisaties en waardenbepalingen, interieur- of kleurhistorisch onderzoek. Hetzelfde geldt voor verduurzaming: niet alles kan overal, maar vaak kan er wel veel.
5. ERFGOEDBEHOUD IS MEER DAN AFVINKEN BIJ VERGUNNINGBEOORDELING Het tijdig geven van voorlichting en advies zijn belangrijk. Daarom is de inzet van en erfgoedmedewerker die tijdig in gesprek kan gaan met eigenaren of betrokkenen van belang.
6. RESTAURATIE VOLGENS RICHTLIJNEN Goede erfgoedzorg betekent verantwoord werken aan monumenten, archeologie en groen. De Rijksoverheid biedt veel richtlijnen voor beleidsregels, ook op het gebied van de uitvoering van restauraties. De stichting Erkende Restauratiekwaliteit Monumentenzorg (ERM) biedt beoordelings- en uitvoeringsrichtlijnen. Roosendaal hanteert deze als uitgangspunt bij (complexe) restauraties.
38
39
7. TOEZICHT EN HANDHAVING De Raad van Roosendaal geeft aan toezicht en handhaving een hoge prioriteit. Een
14
handhavingsbeleid met voldoende capaciteit en middelen is nodig om in te zetten op handhaving bij (bewuste) verwaarlozing. Deze wettelijke taak vergt inzet maar draagt bij aan een betere kwaliteit van de stad en naar verwachting een positieve ontwikkelingsmentaliteit.
8. BENUTTEN Erfgoed vormt mede de basis van de identiteit van Roosendaal. Het grote voordeel: het is er al. Erfgoed kan en moet meer worden benut voor de leefbaarheid van inwoners, maar ook bij economische en toeristische ontwikkelingen.
9. ERFGOED IS BREDER DAN MONUMENTEN, ARCHEOLOGIE EN GROEN Ga met elkaar het gesprek aan over de waardering, het behoud, de bescherming of het stimuleren van andere vormen van erfgoed zoals immaterieel erfgoed en roerend en mobiel erfgoed.
10. VERBINDEN: DE VERBONDEN STAD Dat is ook voor de relatie tussen inwoners en overheid op het gebied van erfgoed van belang. Het Erfgoedoverleg tussen gemeente en erfgoedpartners zal onder meer worden benut om met elkaar in gesprek te gaan over het beleid en de uitvoering van programma’s en initiatieven.
40
41
15 SAMENHANGENDE BELEIDSTERREINEN
15
Het voeren van een consistent Erfgoedbeleid sluit ook in Roosendaal aan op doelen en ambities. In een aantal visies en plannen van de gemeente is erfgoed al onderdeel van de uitgangspunten.
‘Cultuur en erfgoed vertelt het verhaal. Herwaardering van historisch erfgoed is van belang voor een betere leefbaarheid. Cultuur en erfgoed maakt de ambitie en uitstraling van de stad zichtbaar’, aldus het Ontwikkelplan Rondje Roosendaal, later omgedoopt tot Roosendaals Ontwikkelprogramma voor Onze Stad (R.O.O.S.) dat is vastgesteld in 2022.
Met een nieuwe duurzame invulling kan cultureel erfgoed behouden blijven en weer een waardevolle functie in de stad vervullen. In de zoektocht naar een herbestemming van het erfgoed staat voorop dat de nieuwe invulling moet aansluiten bij het karakter van het pand en de omgeving. Een duurzame invulling biedt zowel economische als maatschappelijke meerwaarde voor het erfgoed en de omgeving. (Uit: R.O.O.S., p. 12) Ook in de beleidsnota Public Art, over kunst in de Openbare Ruimte, is veel aandacht voor erfgoed, het DNA van Roosendaal en de collectie op straat. Deze collectie draagt bij aan de identiteit en kwaliteit van de stad: ‘Roosendaal is een historische stad met veel kwalitatief hoogstaande kunstwerken. Veel van deze kunstwerken dragen bij aan de geschiedenis en het verhaal van de stad Roosendaal. Als je goed om je heen kijkt en met Roosendalers praat, kun je het verhaal van Roosendaal leren kennen. Denk maar aan de turfvaart, de kandijfabriek van Van Gilse, snoepwarenfabrikant Red Band of de vestiging van Philips. Toch lijken we de kunstwerken die bijdragen aan het historische verhaal van Roosendaal soms een beetje te vergeten. We vertellen ons verhaal daarom opnieuw, op verschillende plekken in de stad.
Via leuke wandelroutes langs kunstwerken, een digitale vindplaats voor alle kunstwerken en met een sterke marketingcampagne vertellen we het verhaal van Roosendaal.’ (pagina 10) Vanuit het sociaal domein, cultuur en erfgoed kan storytelling een goed middel zijn om bij te dragen aan meer bewustwording bij jongeren over de geschiedenis van Roosendaal. De verhalenbank van het museum zou daarbij een meer prominente plek kunnen krijgen. Vanuit het beleidsveld erfgoed kunnen initiatieven worden genomen, maar even zo goed kunnen er vanuit andere beleidsterreinen koppelingen worden gelegd met erfgoed en de bij gemeente, archief, archeoloog en heemkundekringen aanwezige kennis. Tenslotte wordt opgemerkt dat tegelijkertijd met deze nota wordt gewerkt aan de cultuurnota. Ook hier liggen logische verbanden, onder meer op het gebied van immaterieel en fysiek erfgoed.
42
43
16 ERFGOED IN PROGRAMMA’S
16
Met de invoering van de Omgevingswet is er sprake van een tijdelijk Omgevingsplan. De komende jaren zal door de gemeente worden toegewerkt naar een definitief omgevingsplan, dat vanaf 2032 wettelijk verplicht is. Eén van de opgaven is de opname van de archeologische verwachtingskaarten in het Omgevingsplan. Daarnaast zal in programma’s worden gewerkt aan verdere invulling van het Omgevingsplan met inventarisaties en beleidsregels. Om vroegtijdig een goede afweging te kunnen maken over het belang van erfgoed is het noodzakelijk thematisch en voor diverse gebieden nader cultuurhistorisch onderzoek te laten verrichten. In deze nota zijn ze geformuleerd als programma’s. Zeven onderwerpen worden hieronder beschreven, de volgorde, opzet, budgettering en uitwerking dient nader te worden bepaald en uitgewerkt.
WEDEROPBOUW De gemeente Roosendaal kent bijzondere gebouwen uit de periode 1945-1965. De inventarisatie is afgerond. Het vervolg is informeren van betrokkenen en de plaatsingsprocedure starten om een selectie te kunnen aanwijzen als gemeentelijk monument. Een ander deel kan mogelijk met gevelwandwaarde worden benoemd.
POST ’65 Van de stedenbouwkundige en architectonische ontwikkelingen van Roosendaal is nog weinig onderzocht. Toch is ook deze periode inmiddels van belang omdat gebouwen en gebieden aan renovatie of vervanging toe zijn. Tijdig weten of en zo ja wat er aan erfgoedwaarden is, is daarom van belang. De inventarisatie en waardering van erfgoed van na 1965 is bij een aantal gemeenten en de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed al wel gestart. In navolging hiervan wil de gemeente Roosendaal onderzoeken welke objecten of gebieden op haar grondgebied van bijzondere waarde zijn. Dit in samenwerking met deskundigen én lokale organisaties.
STADS- EN DORPSGEZICHTEN De karakteristieke dorpsgezichten gaan langzaam verloren door bouwwerken toe te laten die niet passen in de bestaande context. In Wouw bijvoorbeeld is hier discussie over. Om de samenhang van gebieden zoals de historische binnenstad van de stad Roosendaal, waardevolle wijken en de kernen van de dorpen beter te beschermen zullen gemeentelijke stads- en dorpsgezichten worden aangewezen. Een motie vanuit de Gemeenteraad vormt de basis voor dit programma. Doel is om een met inbreng van de Commissie Ruimtelijke Kwaliteit en participatief een set regels te ontwerpen die het behoud van karakteristieke kenmerken borgen. De gebieden en de regels worden opgenomen in het Omgevingsplan.
44
45
LANDSCHAPPEN, PARKEN, GROEN EN WATER Roosendaal heeft veel bijzondere parken, waarvoor in 2024 een Parkenvisie is vastgesteld.
16
Middels een programma wordt vanuit het domein Erfgoed in elk geval nadere uitwerking gegeven aan deze visie. Een drietal parken, te weten Het Emile van Loonpark, het Coenenpark en het Vrouwenhof komen voor gemeentelijke monumentenbescherming in aanmerking. Daarnaast is deskundige inbreng op erfgoedgebied bij gemeentelijke beheerplannen gewenst. Naast een digitale bomenlijst voor waardevolle bomen zal in dit programma verder uitwerking worden gegeven aan waardevol historisch groen en -groenstructuren in onder meer het buitengebied. Met dit programma moet het gesprek worden aangegaan hoe cultuurhistorisch waardevol landschap, groen en water beter geborgd kan worden en hoe natuur- en ecologische waarden samengaan met cultuurhistorische waarden. Behoud, versterking en het beter toegankelijk maken vormen hier de uitgangspunten.
KERKEN IN BEELD Roosendaal kent veel religieus erfgoed. In 2024 wordt het lopende onderzoek naar dit erfgoed gepresenteerd in de vorm van de analyse Kerken in Beeld. Deze analyse bevat onder meer handvatten voor de omgang met vrijkomende en vrijgekomen kerken en kloosters, waarbij herbestemming van de beschermde monumenten een van de uitgangspunten vormt.
IMMATERIEEL ERFGOED Roosendaal kent bijzondere evenementen als carnaval, de kermis en de wielerkoers. De gemeente Oirschot heeft als eerste gemeente in Nederland specifiek beleid ontwikkeld rond immaterieel erfgoed. Om de waardevolle immateriële tradities in stand te houden wil de gemeente Roosendaal hiervan leren en oriënteert de gemeente zich de komende jaren samen met inwoners en de organisaties die hier een rol in spelen op de mogelijkheden om immaterieel erfgoed te erkennen en ondersteunen.
ARCHEOLOGIE Er is een archeologische waardenkaart en een beleidskaart. Dit is indertijd gekoppeld aan de cultuurhistorische waardekaart en beleidskaart. Beide zijn input voor het omgevingsplan. Er wordt gewerkt aan de oplevering van de archeologische waardenkaart van Roosendaal met daarbij behorende beleidsregels en onderzoeks speerpunten. De kaart sluit aan bij de grensgemeenten zodat er geen onlogische verschillen ontstaan. De beleidsregels dienen te worden vertaald in het Omgevingsplan. De cultuurhistorische waardekaart en het beleid dienen vervolgens ook te worden geactualiseerd.
Karel Loeff, augustus 2024
46
47
BIJLAGE ARCHEOLOGIEBELEID EN DE WAARDENKAART: VOORUITBLIK
B
De waardenkaart van Roosendaal wordt geüpdatet en zal hopelijk half september 2024 gereed zijn. Er is een waardenkaart en een beleidskaart. De waarden op de waardenkaart (5 zoneringen) worden op de beleidskaart tot 2 waarden teruggebracht, hoog en middelhoog. De kaart sluit aan bij de grensgemeenten zodat er geen onlogische verschillen ontstaan. Archeologische waarden worden beschermd tegen ingrepen wanneer die ingrepen dieper zijn dan 50 cm EN groter dan 50 m2 (bij hoge waarde) en 50 cm EN 100 m2 (bij middelhoge waarde). In het verleden is hier raar mee gehandeld zodat er nu bestemmingsplannen compleet zonder archeologie zijn en plannen waarbij archeologie alleen bij verstoringen boven de 500 m2 in het geding is. Het toekomstige beleid moet uiteraard eenduidig zijn. In het beleid wordt getracht om de angst van de agrarische sector voor archeologie (ZLTO in het bijzonder) weg te nemen; vergroting van agrarische bouwvlakken is vaak mogelijk zonder archeologisch onderzoek, en archeologie verhindert geen normaal gebruik van akkerland. Het beleid benoemt een aantal speerpunten van onderzoek, bijvoorbeeld het ontstaan van Roosendaal in de 13de eeuw en de veenontginningen. Maar het schaalt ook enkele thema’s omlaag, zoals onderzoek naar sporen uit de 19de eeuw.
D’Ouwe Sok (foto voorpagina) Voor het 750-jarig jubileum van Roosendaal, ontwierpen kunstenaars Léon Vermunt en
48
Roosendaal heeft één Archeologisch Rijksmonument (Het kasteel van Wouw). Er zijn
Ruben van de Ven dit beeld van een ouwe sok. Het idee erachter is dat men kostbaarheden
voldoende argumenten te geven om ook enkele objecten gemeentelijke archeologische
nog weleens bewaard in een oude sok. De kostbaarheden die in deze sok zitten bestaan uit
monumenten te maken. Bijvoorbeeld de ondergrond van de Sint Janskerk en de
5 metalen capsules. De capsules zitten vol met brieven, foto’s en bijzonderheden die inwoners
ondergrond van de kerk van Nispen. Of het kasteel Moerendaal in Nispen. Dit dient nader
mochten aanleveren. Wanneer Roosendaal 800 jaar bestaat (2068) worden de tijdscapsules
onderzocht te worden.
opengemaakt en zal de inhoud ervan worden tentoongesteld.
Tenslotte zal er een hoofdstuk aandacht schenken aan de bestudering van het
Maar er was meer wat de Roosendalers mochten aanleveren: de vorm van het beeld bestaat
archeologische erfgoed. Er zijn onlangs richtlijnen geformuleerd voor onderzoek
uit 400 bronzen driehoeken, die stuk voor stuk door de inwoners, in was zijn vormgegeven.
van archeologisch erfgoed in West-Brabant. Doel daarvan is om de kwaliteit van
Elke driehoek vertelt hiermee een klein verhaal over de Roosendaalse identiteit. Alle driehoeken
archeologisch onderzoek (vrijwel volledig door bedrijven uitgevoerd) te verhogen. Deze
zijn door de kunstenaars verzameld, in brons gegoten en aan elkaar gelast. Dit gebeurde in de
richtlijnen worden ook in het lokale beleid verwerkt, zoals bij de buurgemeenten.
bronsgieterij van Vermunt in Wouwse Plantage.
49