CConstaterende datRoosendaal
Koppel je AI →
Document · PDF

b_NL.IMRO.1674.2150VERBINDINGSWEG-0401_tb17.pdf

Gemeenteraad 21 november 2024, gemeente RoosendaalBij agendapunt: 7a: Raadsvoorstel Gewijzigd vaststellen bestemmingsplan Verbindingsweg Tolberg2.323 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

MEMO Datum

:

14 december 2023

Bestemd voor

:

Gemeente Roosendaal

Van

:

Stantec B.V.

Projectnummer

:

20220287/ 327200315

Betreft

:

M.e.r.-aanmeldnotitie Verbindingsweg Tolberg te Roosendaal

1.0

INLEIDING

De wijk Tolberg in het zuidwesten van Roosendaal kent al jaren problemen met de bereikbaarheid. De wijk is ingesloten door de spoorlijn Roosendaal – Antwerpen en de Rijksweg A58. De huidige spoorwegovergang is zeer storingsgevoelig, waardoor deze soms langdurig gesloten zijn. Om de overlast van deze sluiting, met verkeersdrukte als gevolg, te verminderen én om de veiligheid van het oversteken van het spoor te verbeteren, is een wijziging van de situatie noodzakelijk. In het kader van het verbeteren van deze ontsluiting is gekozen voor de aanleg van een nieuwe randweg, tussen De Bulkenaar en Tolberg. De ontwikkeling is op basis van het huidige bestemmingsplan niet toegestaan. Om deze reden is een nieuw juridisch-planologisch kader noodzakelijk. Hiervoor wordt een bestemmingsplanprocedure doorlopen. Onderdeel van de procedure is een m.e.r.-beoordeling, waarvoor deze aanmeldnotitie is opgesteld.

2.0

AANLEIDING

De milieueffectrapportage beoordeling (m.e.r.-beoordeling) is een procedure met als hoofddoel om het milieubelang volwaardig te laten meewegen bij de voorbereiding en vaststelling van plannen en besluiten. De verplichting tot het volgen van deze procedure, is geregeld in hoofdstuk 7 van de Wet Milieubeheer (Wm) en in het Besluit m.e.r. Van belang zijn de volgende artikelen: 1

In artikel 7.2 Wm wordt het doorlopen van de m.e.r.-procedure gekoppeld aan bepaalde in het Besluit m.e.r. opgenomen plannen en besluiten die verbonden zijn aan de eveneens in het Besluit m.e.r. weergegeven activiteiten. Het Besluit m.e.r bevat hiertoe bijlagen, waarbij vooral de onderdelen C en D van belang zijn. Onderdeel C bevat activiteiten, plannen en besluiten waarvoor het maken van een m.e.r. verplicht is. Activiteiten, plannen en besluiten waarvoor een m.e.r.-beoordeling benodigd is, staan in onderdeel D. Voor beide onderdelen worden per activiteit de drempelwaarden beschreven.

2

In artikel 7.2a Wm wordt het doorlopen van de m.e.r.-procedure gekoppeld aan een activiteit waarvoor op grond van artikel 2.8, eerste lid, van de Wet natuurbescherming een passende beoordeling moet worden gemaakt. Een passende beoordeling hoeft niet opgesteld te worden wanneer op voorhand significant negatieve effecten op Natura 2000-gebieden kunnen worden uitgesloten.

Bezoekadres Hoevestein 20b 4903 SC OOSTERHOUT www.stantec.com/nl

KVK Haaglanden 27 18 43 23 BNP Paribas 22 76 53 920 IBAN NL75BNPA0227653920 BIC BNPANL2A Stantec BV is ISO 9001:2015, ISO 14001:2015, ISO 45001:2018 en VCA** gecertificeerd

In onderdeel C 1.2 is de aanleg van een autosnelweg of autoweg en in onderdeel C 1.3 de aanleg van een weg met vier of meer rijstroken als activiteit genoemd. In onderdeel D is alleen de wijziging of uitbreiding van een autosnelweg of autoweg (onderdeel D 1.1.) dan wel van een weg bestaande uit vier of meer rijstroken of verbreding van een weg tot een weg met vier of meer rijstroken (onderdeel D 1.2) als activiteit opgenomen. De nieuwe verbindingsweg betreft in ieder geval geen autosnelweg en evenmin een weg bestaande of vier of meer rijstroken. Beoordeeld is verder of de verbindingsweg moet worden gekwalificeerd als een autoweg. Daar is geen sprake van. Om als autoweg aangemerkt te worden dient de weg onder andere door verkeerslichten geregelde kruispunten te bevatten. De kruispunten op de verbindingsweg hebben dat niet. De ontwikkeling is niet m.e.r.-plichtig. Op grond van het voorgaande wordt geconcludeerd dat het bestemmingsplan verbindingsweg Tolberg geen activiteit mogelijk maakt zoals opgenomen in de onderdelen C en D van de bijlage van het Besluit m.e.r.. Daarmee is een verdere toetsing aan het Besluit m.e.r niet nodig. Voor het bestemmingsplan behoeft dan ook geen MER te worden opgesteld op grond van het Besluit m.e.r. In het kader van goede ruimtelijke ordening heeft het college wel besloten om een vormvrije m.e.r (aanmeldnotitie) op te stellen.

In de vormvrije m.e.r. wordt getoetst of een activiteit belangrijke nadelige gevolgen voor het milieu kan hebben. Een vormvrije m.e.r. kan leiden tot twee conclusies: 1. Belangrijke nadelige gevolgen voor het milieu zijn uitgesloten; er is geen m.e.r. of m.e.r.beoordeling noodzakelijk; 2. Belangrijke nadelige gevolgen voor het milieu zijn niet uitgesloten; er moet een m.e.r.beoordeling plaatsvinden of er kan direct worden gekozen voor een m.e.r. De criteria waaraan moet worden getoetst, zijn opgenomen in artikel 2 lid 5 Besluit m.e.r. jo. artikel 7.16, lid 2 en 3 Wet milieubeheer. Hierbij moet rekening worden gehouden met onderstaande drie hoofdcriteria van bijlage III bij de m.e.r.-richtlijn: 1. Een beschrijving van de fysieke kenmerken van de gehele activiteit en voor zover van belang, van sloopwerken; 2. Een beschrijving van de locatie van de activiteit, met bijzondere aandacht voor de kwetsbaarheid van het milieu in de gebieden waarop de activiteit van invloed kan zijn; 3. Een beschrijving van de waarschijnlijk belangrijke gevolgen die de activiteit voor het milieu kan hebben.

3.0

TOETSING

In dit hoofdstuk wordt getoetst of op basis van de criteria die zijn genoemd in bijlage III van de EEGrichtlijn milieueffectbeoordeling (zie hiervoor) een m.e.r.-beoordeling uitgevoerd dient te worden. De onderstaande vorm vrije m.e.r. is opgesteld op basis van de onderzoeken die zijn uitgevoerd in het kader van de aanpassing van het bestemmingsplan om de in de inleiding beschreven ontwikkeling te realiseren.

Stantec | MEMO mer 20220287/ 327200315 2

3.1

KENMERK VAN HET PROJECT

De ontwikkeling betreft een aanpassing van het bestemmingsplan om de realisatie van een nieuwe verbindingsweg mogelijk te maken. In de huidige situatie heeft het plangebied de bestemmingen Agrarisch, Natuur en Water. Deze worden (deels) omgezet naar de bestemmingen Groen, Natuur en Verkeer en Water.

Luchtfoto anno 2022 met in rood de globale begrenzing van het plangebied.

Omvang van het project

De omvang van het project betreft het realiseren van een nieuwe verbindingsweg tussen het gebied ‘De Bulkenaar’ en de wijk Tolberg in Roosendaal. Dit is inclusief inpassing van groen in en rondom het plangebied.

Cumulatie met andere projecten

Nee, er is geen sprake van andere projecten en/of activiteiten die plaatsvinden in de nabijheid van de ontwikkellocatie, waardoor cumulatie van effecten kan optreden.

Gebruik van natuurlijke hulpbronnen

Onder natuurlijke hulpbronnen worden onder andere niet vernieuwbare bronnen, zoals fossiele brandstoffen verstaan, maar ook vernieuwbare bronnen, zoals hout, rubber, drinkwater en zuurstof.

Productie van afvalstoffen

Voor de realisatie van het project worden waar mogelijk natuurlijke hulpbronnen gebruikt maar dit is kwantitatief van dien aard dat het doorlopen van een milieueffectrapportage niet aan de orde is. Door de realisatie van het project zal de hoeveelheid afval (papier/karton, restafval en GFT-afval) op de locatie niet toenemen.

Stantec | MEMO mer 20220287/ 327200315 3

Verontreiniging en hinder

Risico van ongevallen

• Bodem: door de aard van het project is er een verwaarloosbaar risico op bodemverontreiniging. Dit betreft vervuiling afkomstig van de auto’s die over de nieuwe weg rijden. Met de ontwikkeling wordt geen grote, vervuilende industrie mogelijk gemaakt. • Geluid: Het bestemmingsplan maakt geen geluidgevoelige functies in het kader van de Wgh mogelijk. Door Stantec B.V. is een akoestisch onderzoek uitgevoerd. Hieruit blijkt dat het verkeer op de nieuwe verbindingsweg ter plaatse van de bestaande woningen niet leidt tot een overschrijding van de hoogst toelaatbare geluidbelasting. Binnen de reconstructiegebieden is wel een toename van afgerond 2 dB of meer, maar dit kan door het kiezen van geluidreducerend asfalt worden verminderd. Een hogere waarden-besluit is daarom niet aan de orde. • Trillingen: Het eindresultaat van het voorgenomen project leidt niet tot ernstige trillingshinder. • Luchtkwaliteit: Het voorgenomen project leidt niet tot verslechtering van de luchtkwaliteit. Het plan omvat geen risicovolle inrichtingen waardoor externe veiligheidsrisico’s voor de omgeving niet opportuun zullen zijn. Vanuit bestaande risicobronnen liggen geen PR 10-6 contouren of invloedsgebieden over het plangebied, waardoor daar ook geen risico’s van zijn te verwachten.

Conclusie kenmerken van het project Geconcludeerd wordt dat relevante verontreinigingen en hinder als gevolg van het toekomstig gebruik van het plangebied niet aan de orde zijn dan wel van te verwaarloze orde zijn. Er zijn geen kenmerken van het project die aanleiding geven voor het doorlopen van een m.e.r.-procedure.

3.2

PLAATS VAN HET PROJECT

De locatie bevindt zich deels in de kern van Roosendaal, in de wijk Tolberg, ter plaatse van de Willem Dreesweg. Van daaruit loopt de nieuwe weg door het buitengebied richting het westen naar ‘De Bulkenaar. Criteria Bestaand grondgebruik

Toets In de huidige situatie bestaat de projectlocatie voornamelijk uit agrarische gronden en de al bestaande weg (Willem Dreesweg). De nieuwe weg doorkruist ook een natuurgebied. Door de realisatie van de ontwikkeling zal het verhard oppervlak toenemen. Echter zal dit niet in die mate zijn dat dit tot nadelige gevolgen of effecten leidt.

Relatieve rijkdom, kwaliteit en regeneratievermogen van de natuurlijke hulpbronnen in het gebied

De projectlocatie ligt niet binnen een als waardevol aangeduid gebied. Er is geen sprake van grote rijkdom aan natuurlijke hulpbronnen.

Stantec | MEMO mer 20220287/ 327200315 4

Het opnamevermogen van het natuurlijke milieu, met in het bijzonder aandacht voor: • Gevoelige gebieden (wetlands, kustgebieden, bergen bosgebieden, reservaten en natuurparken, Habitaten Vogelrichtlijngebieden • Gebieden waarin bij communautaire wetgeving vastgestelde normen inzake milieukwaliteit reeds worden overschreden

De stikstofdepositie is beschouwd in de stikstofmemo van Antea. Uit de berekeningen blijkt dat er geen sprake is van een toename van stikstofdepositie. De projectlocatie ligt niet binnen of in de omgeving van gebieden waar bij communautaire wetgeving vastgestelde normen inzake milieukwaliteit reeds worden overschreden.

•

Gebieden met bevolkingsdichtheid

hoge

Een deel van het plangebied ligt aan de rand van de kern van Roosendaal. Dit deel betreft de aanpassing van de bestaande weg. Het nieuw aan te leggen deel van de weg ligt in het buitengebied en daarmee niet in een gebied met een hoge bevolkingsdichtheid.

•

Landschappen van historisch, cultureel of archeologisch belang

Er liggen geen (cultuur-)historische gebieden onder het plangebied. Er is wel sprake van herkenbare historische hoofdstructuurlijnen. Deze blijven gehandhaafd.

een

In onderdeel A van de bijlage bij het Besluit m.e.r is bepaald wat verstaan wordt onder een gevoelig gebied. Als gevoelig gebied zijn gebieden aangewezen die beschermd worden op basis van de natuurwaarden, landschappelijke waarden, cultuurhistorische waarden en waterwingebieden. Deze zijn vermeld in de tabel hieronder. Gevoelig gebied

Toets

Beschermd natuurmonument

Nee, de projectlocatie betreft geen beschermd natuurmonument.

Habitat- en Vogelrichtlijngebieden

Nee, de projectlocatie ligt niet binnen een dergelijk gebied.

Watergebieden van internationale betekenis

Nee, de projectlocatie ligt niet binnen een dergelijk gebied.

NNN (voorheen EHS)

Ja, de projectlocatie ligt voor een klein deel in de NNN nabij de kleine Aa. Dit gebied wordt financieel gecompenseerd. Ter plaatse van de Rissebeek ligt een gedeelte van het tracé (brug) binnen het NNB. Omdat de beek diep in het landschap gesneden ligt, is het te verwachten dat het daadwerkelijke ruimtebeslag op de beek in de praktijk niet op zal treden omdat de brug geheel over de beek en haar oevers heen gaat. Nee, de projectlocatie ligt niet binnen een dergelijk gebied.

Landschappelijk waardevol gebied Waterwinlocaties,

waterwingebieden

en

Nee, de projectlocatie ligt niet binnen een

Stantec | MEMO mer 20220287/ 327200315 5

grondwaterbeschermingsgebieden

dergelijk gebied.

Door erfgoedwet beschermd rijksmonument

Nee, de projectlocatie betreft geen beschermd rijksmonument.

Belvedere-gebied

Nee, de projectlocatie ligt niet binnen een dergelijk gebied.

Conclusie locatie van het project De locatie van het project geeft geen aanleiding voor het doorlopen van een m.e.r.-procedure.

3.3

KENMERKEN VAN HET POTENTIËELE EFFECT

De effecten van het project op het plangebied en de directe omgeving zijn onderzocht voor een scala aan (mogelijk relevante) thema’s en aspecten. In alle gevallen zullen potentiële effecten enkel lokaal optreden, in of direct aangrenzend aan het plangebied. Ten aanzien van indirecte effecten als verzuring en vermesting door stikstofdepositie, blijkt dat er geen sprake is van significant negatieve effecten omdat de aangevraagde activiteiten niet leiden tot een toename van de stikstofdepositie ter plaatse van stikstofgevoelige habitattypen in omliggende Natura 2000-gebieden. In de stukken die zijn opgesteld in het kader van de aanpassing van het bestemmingsplan voor deze ontwikkeling, zijn de milieueffecten in beeld gebracht en beoordeeld. Op basis daarvan is onderbouwd dat de aangevraagde activiteiten een goede ruimtelijke ordening betreffen en op de locatie toelaatbaar worden geacht. Criteria Bereik van het effect (geografische zone en grootte van de getroffen bevolking)

Toets Er zijn geen effecten te verwachten die uit te drukken zijn in geografische zone en/of grootte van de getroffen bevolking.

Grensoverschrijdend karakter van het effect

Nee, gezien de ligging in de gemeente Roosendaal. Landsgrenzen zijn niet dichtbij in de buurt.

Orde van grootte van het effect

Er zijn geen effecten te verwachten.

Waarschijnlijkheid van het effect

Er zijn geen effecten te verwachten.

Duur, frequente en de omkeerbaarheid effect

Er zijn geen effecten te verwachten.

Conclusie potentieel effect De potentiële effecten van het project geven geen aanleiding voor het doorlopen van een m.e.r.procedure.

Stantec | MEMO mer 20220287/ 327200315 6

4.0

CONCLUSIE EN ADVIES

Het doel van deze vormvrije m.e.r. is om het milieubelang een volwaardige plaats in de besluitvorming te geven, door in een vroeg stadium te onderzoeken en te beoordelen of de voorgenomen activiteiten en het gebruik belangrijke nadelige milieugevolgen kunnen hebben. In het kader van goede ruimtelijke ordening heeft het college besloten om een vormvrije m.e.r (aanmeldnotitie) op te stellen. De conclusie van deze vormvrije m.e.r. is dat het plan, rekening houdend met de kenmerken van het project, de locatie van het project en de potentiële effecten, geen belangrijke nadelige gevolgen heeft voor het milieu, voor de kenmerken van het gebied zelf en voor het woon-en leefmilieu in de omgeving. Er worden geen belangrijke negatieve effecten verwacht vanwege de ligging van het plangebied ten opzichte van gevoelige gebieden en de kenmerken en de potentiële effecten van de ontwikkeling.

Stantec | MEMO mer 20220287/ 327200315 7

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.roosendaal.nl/api/v1/meetings/1657/documents/45110