7a-Eigenstandige motie bevorderen mentale gezondheid jongeren 2.pdf
Tekst van het document
EIGENSTANDIGE MOTIE Bevorderen mentale gezondheid jongeren 2 De gemeenteraad van Roosendaal in vergadering bijeen op 19 juni 2025, gehoord hebbende de beraadslagingen. Constaterende dat: • 53% van de jongvolwassenen (16 tot en met 25 jaar) in Roosendaal hun mentale gezondheid ervaart als matig tot (zeer) slecht, wat duidt op een structureel probleem onder een grote groep jongeren; • 32% van de jongvolwassenen in Roosendaal serieus heeft overwogen om een einde aan hun leven te maken, wat de urgentie van passende hulp en preventie onderstreept; • 31% van de jeugd (12 tot 18 jaar) in Roosendaal psychische klachten ervaart, waarmee al op jonge leeftijd mentale druk en klachten zichtbaar worden; • Zowel jongeren als jongvolwassenen regelmatig stress (46% jongvolwassenen) en prestatiedruk ervaren, met name door verwachtingen vanuit zichzelf, ouders en het onderwijs; • Zowel uit regionale onderzoeken als gesprekken met professionals blijkt dat deze cijfers waarschijnlijk een onderschatting zijn van de daadwerkelijke problematiek, doordat niet alle jongeren hun klachten melden of hulp zoeken.
• (1) Door huisartsen de behoefte is geuit aan een overzicht van de soorten zorg die aangeboden wordt aan jongeren met betrekking tot mentale gezondheid en door welke aanbieders die wordt aangeboden; • (2) Een vaste contactpersoon (jeugdprofessional) tijdens het behandeltraject zeer wenselijk is; • (3) De wachtlijsten voor psychische hulp aan jongeren lang zijn; • (4) Er bij zorginstellingen behoefte is aan transparantie van andere zorginstellingen over hun behandelmethodes en het delen daarvan met elkaar; • (5) Het wenselijk is om blijvend aandacht te besteden aan suïcide; • (5) Het wenselijk is om blijvend aandacht te besteden aan mentale gezondheid; • (6) Het wenselijk is dat er door zorgaanbieders meer wordt geïnvesteerd in het preventieve stuk, in plaats van in de zorg; • (7) Er behoefte is aan werkervaringsplekken voor cliënten om hen verder te helpen in hun ontwikkeling (het vinden van een doel om naartoe te werken); • (8) Jeugdprofessionals soms jongeren te laat doorverwijzen naar de GGZ, wat kan zorgen voor verergering van de problematiek; • (9) Het voor docenten moeilijk kan zijn om, als een leerling geen hulp zoekt maar wel nodig heeft, te achterhalen wat daar achter zit; • (10) Veel jongeren worden geconfronteerd met complexe echtscheidingen van ouders; • (10) Jongeren, wanneer zij hierdoor emotionele en gedragsproblemen ontwikkelen, een ‘stempel’ krijgen terwijl
zij feitelijk een slachtoffer van het gezin/de omgeving zijn; • (11) Sommige ouders hun kinderen steeds weer laten onderzoeken en testen bij zorginstellingen als zij zich niet kunnen vinden in een gestelde diagnose; • (11) De gemeente een zorgvraag die aan de gemeente wordt voorgelegd kan beoordelen, kan beoordelen of zorg terecht wordt verleend maar geen maximum kan stellen aan het aantal zorgvragen; • (12) De werkwijze van gemeenten in Brabant in de basis alleen binnen West-Brabant-West uniform is; • (13) Binnen de gezondheidszorg het beeld leeft dat een voor het 18e jaar aangevraagd zorgarrangement klaar moet zijn voordat de leeftijd van 18,5 jaar wordt bereikt en dat, wanneer dit niet het geval is, de tweede helft van het arrangement niet vergoed wordt;
• •
(14) Binnen het onderwijs niet bij iedereen (medewerkers en jongeren uit Roosendaal) bekend is dat Inwonersondersteuning Roosendaal op diverse locaties in de gemeente spreekuren houdt voor elke vraag die een inwoner, en dus ook een jongere, van Roosendaal heeft; (15) Het wenselijk is dat onderwijsinstellingen onderling en zorgaanbieders onderling goed met elkaar samenwerken.
Overwegende dat: • (1) Een goed overzicht van de soorten zorg die aangeboden wordt aan jongeren met betrekking tot mentale gezondheid en door welke aanbieders die wordt aangeboden een positieve bijdrage levert aan het vinden van de juiste zorg; • (2) Het college de werkgever is van de jeugdprofessionals; • (2) Om te komen tot vaste contactpersonen eerst de gemeentelijke arbeidsmarkt moeten worden verbeterd; • (3) Uit gesprekken met zorgprofessionals is gebleken dat een voorziening ter overbrugging van de wachtlijst wenselijk is en dat die overbrugging gevonden zou kunnen worden in door de gemeente aan te stellen praktijkondersteuners GGZ jeugd; • (4) Transparantie van zorginstellingen over hun behandelmethodes en het delen daarvan met andere zorginstellingen onderlinge kennis vergroot, de kans op de juiste zorg vergroot en zorg beter meetbaar maakt; • (5) Blijvend aandacht besteed kan worden aan suïcide door samen met maatschappelijke partners de Week van de Suïcide Preventie te organiseren; • (5) Blijvend aandacht besteed kan worden aan mentale gezondheid en kennis en ervaringen kan beter gedeeld worden tussen zorgverleners en betrokken partijen door respectievelijk de Week van de Mentale Gezondheid en bijeenkomsten zoals netwerkavonden of een infomarkt te organiseren; • (6) Dat het college dit binnen de huidige afspraken niet af kan dwingen; • (7) In beleidsnota's met
betrekking tot onderwijs of arbeidsmarkt kan worden voorzien in werkervaringsplekken voor cliënten; • (8) De gemeente altijd probeert de juiste zorg op het juiste moment te bieden maar het nadrukkelijk benoemen dat dit nagestreefd wordt een bijdrage kan leveren aan een verhoogde focus hierop bij de jeugdprofessionals; • (9) Dat een cursus c.q. training docenten ondersteuning kan bieden om goed te kunnen luisteren maar dat deskundigheidsbevordering van docenten de verantwoordelijkheid is van de onderwijsinstellingen; • (9) Dat de gevraagde deskundigheid ook extern gezocht en ingekocht zou kunnen worden en het wenselijk zou zijn als de gemeente daarvoor middelen beschikbaar stelt; • (10) Ouders als actoren in het gezin/de omgeving nodig zijn om tot een oplossing te komen; • (10) Spring Jeugdhulp ondersteuning biedt bij echtscheidingsproblematiek maar dat deze hulpverlening niet breed bekend is binnen de gezondheidszorg en het onderwijs; • (11) Kinderen door dit shopgedrag onnodig lang van hulp verstoken blijven; • (11) Dit shopgedrag veel kosten met zich meebrengt; • (12) Dat vanwege de verschillen in werkwijze van deelregio’s jongeren binnen die verschillende deelregio’s meer of andere hulp geboden krijgen; • (12) Dat als de werkwijze van gemeenten in heel Brabant in de basis uniform zou zijn dit efficiëntievoordeel oplevert voor zorgaanbieders die in heel Brabant zorg
aanbieden; • (13) Het wenselijk is dat dit onjuiste beeld rechtgezet wordt om zo het te snel afronden van een arrangement, en daarmee in te leveren op de kwaliteit daarvan, te voorkomen; • (14) Het wenselijk is dat jongeren weten dat ze met elke vraag terecht kunnen bij Inwonersondersteuning Roosendaal;
•
(15) Beter samenwerken tussen onderwijsinstellingen onderling en zorgaanbieders onderling niet afgedwongen kan worden maar dat deze organisaties wel gestimuleerd kunnen worden om tijdens de, door de driehoek onderwijs-gemeente-zorg te organiseren gezamenlijke studiedag, die samenwerking onder te loep te nemen en daaraan te werken.
Besluit: Het college te verzoeken: - (1) Periodiek een nieuwsbrief aan huisartsen te verzorgen met daarin de soorten zorg en door welke aanbieders die wordt aangeboden. - (2) De mogelijkheden tot samenwerking met onderwijsinstellingen op te zoeken om jonge talenten al vroeg te enthousiasmeren voor een carrière in het publieke domein; - (2) Het werk van de gemeente beter te profileren en daarmee potentiële werknemers te laten zien hoe uitdagend en betekenisvol dit werk kan zijn; - (2) Zodra de arbeidsmarkt aangetrokken is als gevolg van de inspanningen onder 2 en 3 te gaan werken met vaste contactpersonen (jeugdprofessionals); - (3) Te onderzoeken of, met een door de gemeente aan te stellen praktijkondersteuner GGZ Jeugd de wachtlijst overbrugd kan worden; - (3) De raad uiterlijk eind 2025 over de uitkomst van dat onderzoek te informeren; - (3) Als uit dat onderzoek zou blijken dat dit het geval is, in het tweede kwartaal van 2026 voor de duur van een pilot van één jaar, een praktijkondersteuner aan te stellen en aan de raad daarvoor een incidenteel dekkingsvoorstel te doen; - (4) Bij de organisatie van de studiedag er zorg te dragen dat aanbieders gemotiveerd worden om tijdens de door de driehoek onderwijs-gemeente-zorg te organiseren gezamenlijke studiedag behandelmethodes met elkaar te delen; - (5) Samen met maatschappelijke partners jaarlijks de Week van de Suïcide
Preventie Jeugd in september en de Week van de Mentale Gezondheid Jeugd in juni te organiseren, waarbij in de gemeente initiatieven worden opgezet, inclusief bijzondere initiatieven vanuit bewoners; - (5) Cofinanciering (50/50) daarbij als uitgangspunt te nemen; - (5) De daarvoor begrote kosten voor de gemeente, zijnde €15.000, te dekken uit bestaande budgetten die worden ingezet voor de bevordering van Mentale Gezondheid onder jongeren; - (6) Te onderzoeken of (meer) op preventie gestuurd kan worden door voorschriften daartoe op te nemen in een subsidiebeschikking of bepalingen op te nemen in een overeenkomst en de raad daarover eind 2025 te informeren; - (7) Bij de eerstvolgende herziening van beleidsnota's met betrekking tot onderwijs of arbeidsmarkt te voorzien in werkervaringsplekken voor cliënten; - (8) Er zorg voor te dragen dat het uitgangspunt bij te verlenen zorg altijd is: de juiste zorg op het juiste moment; - (9) De inzet van de NPO middelen te evalueren, in het bijzonder waar dat het (inkopen van) specifieke deskundigheid betreft teneinde, wanneer het (inkopen van) specifieke deskundigheid succesvol is gebleken, te bezien of dat voortaan door de gemeente bekostigd kan worden; - (10) In samenwerking met Spring Jeugdhulp te werken aan een bredere bekendheid binnen de gezondheidszorg en het onderwijs van de ondersteuning die zij bieden bij
echtscheidingsproblematiek; - (11) Te onderzoeken wat de juridische mogelijkheden zijn om het aantal zorgvragen in relatie tot dezelfde problematiek te beperken tot een first en een second opinion en het resultaat daarvan uiterlijk het derde kwartaal van 2025 aan de raad terug te koppelen; - (11) Wanneer uit dat onderzoek blijkt, dat het niet mogelijk is om het aantal zorgvragen in relatie tot dezelfde problematiek te beperken tot een first en een second opinion, in de gesprekken met de ouders te sturen op maximaal een first en een second opinion; - (12) De wens om de werkwijze binnen Brabant in basis uniform te laten zijn onder de aandacht te brengen bij het Zorg Informatie & Inkoop Team;
-
-
(13) Dat in het werk te stellen wat nodig is zodat binnen de gezondheidszorg het juiste beeld bestaat ten aanzien van de duur van een voor het 18e jaar aangevraagde arrangementen; (14) Dat in het werk te stellen wat nodig is zodat binnen het onderwijs bij iedereen (medewerkers en jongeren uit Roosendaal) bekend is dat Inwonersondersteuning Roosendaal op diverse locaties in de gemeente spreekuren houdt voor elke vraag die een inwoner, en dus ook een jongere, van Roosendaal heeft; (15) Bij de door de driehoek onderwijs-gemeente-zorg te organiseren gezamenlijke studiedag, aandacht te vragen voor het onder de loep nemen en werken aan de onderlinge samenwerking.
En gaat over tot de orde van de vergadering. Namens, GroenLinks, Chahira Mediani CDA, Nicole Roeken VLP, Mike de Waard Roosendaalse Lijst, René van Broekhoven PvdA, Björn Rommens