6192 Gemeente Roosendaal - Jaarstukken 2023 DEFINITIEF.pdf
Tekst van het document
Lokale heffingen De tarieven van de lokale heffingen zijn in 2023 verhoogd met 2,8% (dit is de gemiddelde inflatie van de voorgaande 3 jaar). Uitzondering op de verhoging van de tarieven vormen de reclamebelasting en de parkeergelden; deze zijn niet geïndexeerd. Ook de tarieven voor de OZB zijn in 2023 eenmalig niet geïndexeerd. De tarieven voor de rioolen afvalstoffenheffing worden bepaald op basis van de gesloten financiering. Voor een nadere toelichting per belastingsoort wordt verwezen naar de paragraaf lokale heffingen.
Algemene Uitkering Gemeentefonds Algemene uitkering De septembercirculaire 2023 vormt de basis voor de begroting 2023. De uitkomsten van de septembercirculaire zijn namelijk via de Najaarsbrief 2023 verwerkt in de begroting. Op basis van de septembercirculaire is de algemene uitkering begroot op € 157.893.000. Na de septembercirculaire is de decembercirculaire 2023 verschenen. De resultaten van deze circulaire zijn niet in de jaarschijf 2023 van de begroting verwerkt. Over 2023 ontstaat ten opzichte van de begroting een voordelig verschil van € 1.358.000. Dit verschil is opgebouwd uit drie delen: > In 2023 is een bedrag van € 92.000 ontvangen via de algemene uitkering, dat nog betrekking heeft op 2021. > In 2023 is een bedrag van € 361.000 ingehouden op de algemene uitkering, dat nog betrekking heeft op het jaar 2022. > Over 2023 ontstaat ten opzichte van de septembercirculaire 2023 een voordelig verschil van € 1.627.000. Dit verschil wordt vooral veroorzaakt door de extra middelen die de gemeente bij de decembercirculaire 2023 heeft ontvangen. Het verschil kan worden verklaard door een aanpassing van de aantallen van onderliggende maatstaven waarop de algemene uitkering is gebaseerd.
Integratie Uitkering Participatie Met ingang van 2023 is er nog maar één integratie-uitkering (IU) binnen het Gemeentefonds, de IU Participatie. Ook hiervoor vormt de septembercirculaire 2023 de basis voor de begroting. De daadwerkelijke ontvangsten van de IU Participatie zijn gelijk aan het begrote bedrag.
108
109
6 Vennootschapsbelasting Juyst Belastingadviseurs heeft in opdracht van de gemeente Roosendaal de rapportage over de fiscale positie ten behoeve van de vennootschapsbelasting (VPB) opgesteld.
6
FINANCIEEL OVERZICHT BETALEN & FINANCIEREN
Uit deze rapportage blijkt dat de definitieve aanslag VPB 2019 de meest recente opgelegde definitieve aanslag is. Deze aanslag is conform de aangifte opgelegd. De aangifte VPB 2022 is de meest recente aangifte die bij de Belastingdienst is ingediend en sluit met een te ontvangen bedrag aan VPB van € 2.000. In deze aangifte zijn de volgende ondernemingen behandeld: 1.
Het grondbedrijf: vormt geen belaste onderneming.
Rekening 2022
Primitieve begroting 2023
Begrotingswijzigingen 2023
Gewijzigde begroting 2023
Rekening 2023
-110
134
-461
-327
446
Uitkeringen gemeentefonds
0
0
0
0
0
4.086
2.786
-1.003
1.783
2.601
de jurisprudentie. Voor 2023 is door de Belastingdienst een voorlopige aanslag VPB
Algemene lasten en baten
van € 34.000 opgelegd.
Belastingen
1.509
1.470
79
1.549
1.591
Dit is afgestemd met de Belastingdienst. 2.
Reclame: ingeschatte resultaat is in de aangifte opgenomen.
3.
Opwekking energie middels zonnepanelen m.b.t. de Gewenten
Beleidsveld X € 1.000 Lasten
en het Huis van Roosendaal zijn verantwoord. 4.
Straatparkeren: is vrijgesteld.
Er lopen bezwaren tegen de aanslagen VPB en deze zien op de reclameactiviteiten. Deze bezwaren worden aangehouden tot hierover meer duidelijkheid ontstaat in
Treasury
Resultaten
Verbonden partijen
32.912
22.669
43.676
66.345
67.412
38.397
27.059
42.291
69.350
72.050
264
535
-276
259
679
Uitkeringen gemeentefonds
172.254
167.830
8.521
176.351
177.710
Algemene lasten en baten
1.610
1.414
-83
1.331
1.365
Belastingen
15.317
15.574
-315
15.259
15.590
Resultaten
41.853
20.304
70.124
90.428
83.636
Totaal
231.298
205.657
77.971
283.628
278.980
Saldo
-192.901
-178.598
-35.680
-214.278
206.930
Stortingen in reserves
6.444
218
47.595
47.813
47.640
Onttrekkingen aan reserves
6.191
577
48.015
48.592
48.252
Totaal
Binnen dit programma is sprake van een aantal verbonden partijen. Deze verbonden partijen richten zich vooral op financiële dienstverlening. Het gaat om Belasting
Baten
samenwerking West-Brabant (BWB), NV Bank Nederlandse Gemeenten (BNG), NV Brabant Water en deelnemingen uit het voormalige Essent. In de paragraaf Verbonden Partijen wordt uitgebreid ingegaan op deelname in alle verbonden partijen.
110
Treasury
111
P
PARAGRAFEN
P
PARAGRAFEN Paragraaf 1. Lokale Heffingen Toelichting tarieven 2023 De tarieven van de lokale heffingen zijn in 2023 verhoogd met 2,8% (dit is de gemiddelde inflatie van de afgelopen 3 jaar). Uitzonderingen op de verhoging van de tarieven vormen de reclamebelasting, de parkeergelden en de OZB; deze zijn in 2023 niet verhoogd. De gesloten financieringen hebben een eigen regime voor de jaarlijkse aanpassingen van het tarief: > Riolering: op basis van het huidige Verbreed Gemeentelijk Rioleringsplan 2020-2023 (VGRP) is de stijging - boven de inflatiecorrectie - in 2023 bepaald op 0,6%. Rekening houdend met het inflatiepercentage van 2,8% betekent dit dus een stijging van het tarief in 2023 met 3,4%. > Reiniging is 100% kostendekkend.
Onroerende zaakbelastingen De gedragslijn in Roosendaal is dat de OZB alleen stijgt met de inflatie. We corrigeren normaal gesproken het tarief van de OZB voor een waardestijging of -daling van een onroerende zaak. Bij de tariefbepaling voor 2023 is door de gemeenteraad echter besloten om de tarieven voor de OZB niet te laten stijgen met het inflatiepercentage. Dit betekent dat de tarieven alleen zijn aangepast vanwege een waardestijging of waardedaling van een onroerende zaak. Indien sprake is van een waardestijging wordt het tarief neerwaarts bijgesteld, zodat er per saldo -ten opzichte van 2022- sprake is van een gelijkblijvend bedrag aan te betalen OZB. De gemiddelde waardestijging bij woningen was voor 2023 geraamd op 15%; de geraamde gemiddelde waardestijging voor niet-woningen was 2,63%. Dit houdt in dat het tarief voor woningen in 2023 verlaagd is met 15% en het tarief voor niet-woningen met 2,63% verlaagd is ten opzichte van 2022.
Afvalstoffenheffing De afvalstoffenheffing is een heffing ter dekking van kosten van beheer van huishoudelijke afvalstoffen. De heffing komt ten laste van gebruikers van percelen waarvoor de gemeente een inzamelverplichting voor huishoudelijk afval heeft. Voor de afvalstoffen heffing geldt - naast het beginsel van 100% kostendekking - het principe van ‘de vervuiler betaalt’.
Kwijtscheldingen Op het beleidsveld Voorzieningen minima worden de kosten van kwijtscheldingen verantwoord. Kwijtschelding wordt o.a. verleend voor de afvalstoffenheffing. In 2023 is voor een bedrag van € 776.000 aan kwijtschelding afvalstoffenheffing verleend. Hierin is € 110.000 begrepen over eerdere jaren. Dit betekent een kwijtschelding van 7,9% op
112
de totale opbrengst afvalstoffenheffing.
113
P
P Rioolheffing
Compensabele BTW Sinds de invoering van het BTW compensatiefonds (BCF) mag de BTW op de kosten
Rioolheffing wordt opgelegd aan gebruikers van percelen van waaruit water direct of
van de reiniging worden betrokken in het tarief van de afvalstoffenheffing.
indirect wordt afgevoerd op de gemeentelijke riolering. Met betrekking tot de rioolheffing
Overhead
is het Verbreed Gemeentelijk RioleringsPlan (VGRP) kaderstellend geweest. Hierin is
Naast de directe kosten wordt een bedrag aan indirecte kosten toegerekend aan
vastgelegd dat de financiële systematiek voldoet aan de eisen van solide financiën.
de kosten van de reiniging. Onder de indirecte kosten vallen de kosten van overhead.
Gestreefd wordt naar een ideaalcomplex, waarbij de investeringen volledig worden gedekt
Deze kosten worden verantwoord op een apart beleidsveld Overhead in programma 1.
uit de gespaarde bedragen. In het VGRP is een extra stijging - boven de inflatiecorrectie - van 0,6% voorzien in 2023. Rekening houdend met het inflatiepercentage van 2,8% betekent dit dus een stijging van het tarief in 2022 met 3,4%.
Reiniging (bedragen x € 1.000)
Lasten 2023
Baten 2023
Huisvuilinzameling en -verwijdering
8.072
Opruimen clandestiene stortplaatsen
286
Heffing en invordering
183
Kwijtscheldingen
776
BTW Overhead
Kwijtscheldingen Op het beleidsveld Voorzieningen minima worden de kosten van kwijtscheldingen verantwoord. Kwijtschelding wordt o.a. verleend voor de rioolheffing. In 2023 is voor een bedrag van € 906.000 aan kwijtschelding verleend. Hierin is € 36.000 begrepen over eerdere jaren. Dit betekent een kwijtschelding van 6,7% op de totale opbrengsten
1.700
rioolheffingen.
163
Opbrengst afvalstoffenheffing
9.815
Opbrengst monostromen
1.321
Compensabele BTW
Dividend SAVER
100
Sinds de invoering van het BTW compensatiefonds (BCF) mag de BTW op de kosten
Totaal
11.180
Kostendekkendheid reiniging
11.236
van de riolering worden betrokken in het tarief van de rioolheffing.
100,5%
Overhead Reiniging betreft een gesloten financiering. In de begroting was uitgegaan van per saldo
Naast de directe kosten wordt een bedrag aan indirecte kosten toegerekend aan
een onttrekking aan de voorziening van € 528.000.
de kosten van de riolering. Onder de indirecte kosten vallen de kosten van overhead.
In 2023 zijn de kosten lager gebleken dan geraamd, waardoor een voordeel op
Deze kosten worden verantwoord op een apart beleidsveld Overhead in programma 1.
de gesloten financiering ontstaat van € 56.000. Dit voordeel wordt in de voorziening gestort. De daadwerkelijke mutatie op de voorziening betreft daarmee dus een storting van € 56.000. De analyse van de verschillen ten opzichte van de begroting 2023 is opgenomen in de financiële toelichtingen van programma 4. Bij de behandeling van de belastingvoorstellen voor 2024 heeft de gemeenteraad de motie ‘Correctie Voorziening Reiniging’ aangenomen. Deze motie houdt in dat een bedrag van € 250.000 vanuit de voorziening reiniging exploitatiesector terug wordt gestort in de Algemene Reserve. Deze middelen worden vervolgens onttrokken aan de Algemene Reserve en in de Bestemmingsreserve Investeringsfonds gestort ten behoeve van het Collegeprogramma “Zij aan Zij”. Deze mutatie is verwerkt in de jaarstukken 2023.
114
115
P
P Riolering (bedragen x € 1.000)
Lasten 2023
Baten 2023
Reclamebelasting – bedrijventerreinen
Riolering algemeen
4.915
Basisrioleringsplan
123
De reclamebelasting voor de bedrijventerreinen Borchwerf I en Majoppeveld wordt
Rioleringsbeheer
1.617
geheven met ingang van het belastingjaar 2016.
Pompgemalen en persleidingen
1.293
De reclamebelasting wordt geheven door middel van een vast bedrag van € 275
Heffing en invordering Kolken en lijngoten
197
per vestiging, vermeerderd met € 3 per € 1.000 WOZ-waarde boven een WOZ-waarde
1.252
van € 115.000, met een maximum per vestiging van € 1.500. Na aftrek van de kosten
Grondwaterbeheerplan
155
van heffing en invordering is de opbrengst bestemd voor de Stichting Ondernemersfonds
Kosten straatreiniging
460
Roosendaal voor de uitvoering van het activiteitenplan.
Kosten waterkering
34
BTW
1.839
Kwijtscheldingen
906
Overhead
223
Toeristenbelasting Toeristenbelasting wordt geheven van natuurlijke personen die binnen de gemeente
Opbrengst rioolheffingen Totaal
13.526 13.014
Kostendekkendheid riolering
13.526 103,9%
Riolering betreft een gesloten financiering. In 2023 bedraagt de storting in de voorziening
of openbaar lichaam verblijf houden maar niet als ingezetene in de gemeentelijke basis administratie van persoonsgegevens zijn ingeschreven. Het tarief per overnachting bedroeg in 2023 € 1,24.
Parkeerbelastingen
riolering in totaal € 4.006.000. Dat betekent dat de hoogte van de voorziening per saldo met ruim € 4 miljoen toeneemt. In de begroting was uitgegaan van een storting van in
In de Kadernota 2017 is besloten om de tarieven niet verder te verhogen. Het tarief
totaal € 4.528.000. De daadwerkelijke mutatie op de voorzieningen is dus lager.
voor de naheffingsaanslag parkeerbelastingen is voor 2023 door het Ministerie vastgesteld
De hoogte van de voorziening rioleringsinvesteringen is per eind 2023 beoordeeld.
op € 72,90.
Aangezien deze voorziening hoger is dan het noodzakelijke spaarsaldo en de reservering voor de nog af te ronden investeringen is het meerdere van € 463.000 overgeheveld
Markten
naar de voorziening resultaten rioolexploitatie. De analyse van de verschillen ten opzichte van de begroting 2023 is opgenomen in de financiële toelichtingen op programma 4.
Precariobelasting
Markten (bedragen x € 1.000) Kosten markten -/- terugontvangen energiekosten
Lasten 2023
Baten 2023 94
BTW
6
Overhead
15
Afschrijving voorzieningen t.b.v. markten
6
Totale kosten
Deze belasting wordt geheven voor het hebben van voorwerpen onder, op of boven
Opbrengst marktgelden
gemeentegrond. In 2023 is het tarief met 2,8% verhoogd.
Kostendekkendheid
121 64 52,9%
Reclamebelasting – binnenstad Reclamebelasting wordt opgelegd aan degene van wie, dan wel ten behoeve van wie, reclameobjecten worden aangetroffen. De reclamebelasting wordt geheven door middel van een vast bedrag per vestiging. Het bedrag van de belasting is afhankelijk van de locatie: € 400 in tariefgebied A en € 250 in tariefgebied B. Na aftrek van de kosten van heffing en invordering is de opbrengst bestemd voor het Binnenstadsfonds.
116
117
P
P Leges
Overzicht opbrengsten
Leges zijn rechten die de gemeente kan heffen in verband met verstrekte (administratieve)
Belastingsoort (bedragen x € 1.000)
diensten. In een aantal gevallen gaat het om tarieven met wettelijke beperkingen
Leges publiekszaken (incl. rijksleges)
(bijvoorbeeld paspoorten), maar als rode draad loopt het uitgangspunt van maximaal kostendekkende tarieven door de tarieventabel. Leges (bedragen x € 1.000)
Lasten 2023
Verhaalbare lasten
Baten 2023
260
13.464
13.526
Parkeerbelasting
1.525
1.305
1.602
189
140
192 108 485
Afvalstoffenheffing
9.858
11.068
9.815
Leges omgevingsvergunningen
2.432
1.332
2.262
494
494
Burgerlijke stand
24
24
71
Paspoorten
120
120
272
Identiteitskaarten
77
77
131
Rijbewijzen
49
49
239
Eigen verklaringen
Leges openbare orde veiligheid
38
69
55
OZB woningen
8.456
8.628
8.113
OZB niet woningen eigendom
3.636
3.698
3.721
OZB niet woningen gebruik
2.107
2.140
2.217
Toeristenbelasting
304
193
242
Reclamebelasting - binnenstad
141
168
168
78
Reclamebelasting - bedrijventerreinen
428
450
467
37
Precariobelasting
23
Totaal belastingdomein
17 57
Uittreksels persoonsregister Gehandicapten parkeerkaarten 11
Leegstandswet
82
62
117
442
43.899
44.305
44.813
7
Telecommunicatie
377
Overige
Kwijtscheldingsbeleid De gemeente Roosendaal heeft een kwijtscheldingsnorm vastgesteld van 100%.
16
16
2.144
1.967
Kostendekkendheid Titel I
1.334 67,9%
Kwijtschelding wordt verleend voor de afvalstoffenheffing en de rioolheffing. Kwijtscheldingsaanvragen worden door de Belastingsamenwerking West-Brabant in behandeling genomen en verder afgewerkt. De kwijtscheldingslasten worden conform het BBV verantwoord onder het product
Titel 2 – Dienstverlening fysieke leefomgeving 1.717
1.717
BTW
31
31
Overhead
581
581
2.329
2.329
Totaal
12.860
105
Overhead externe dienstverlening
Omgevingsvergunningen
Rioolheffing
405
48
Totaal
64
73
941
BTW
1.334
98
420
95
11
925
71
Naheffingsaanslagen parkeren
941
Overige leges burgerzaken
1.299
Parkeervergunningen werkers
Kosten externe dienstverlening
57
Rekening 2023
130
Overhead BRP
Naturalisaties
Begroting 2023
Marktgelden
Parkeervergunningen burgers
Titel 1 – Algemene dienstverlening Kosten basisregistratie personen (BRP)
Rekening 2022
Kostendekkendheid Titel II
2.262
minimabeleid, waarvan zij onderdeel uitmaken (zie Programma 3 Werken & Ondernemen). In de berekening van de tarieven van de afvalstoffenheffing en rioolheffing is met deze kwijtscheldingen rekening gehouden.
2.262 97,1%
Overzicht kwijtscheldingen: Kwijtscheldingslasten
Titel 3 – Dienstverlening Europese dienstenrichtlijn
Belastingsoort
Horeca
216
216
Evenementen en markten
316
316
0
Rioolheffing
Standplaatsen e.d.
113
113
15
Afvalstoffenheffing
Overige
54
54
0
Totale kwijtscheldingslasten
2
2
Overhead
BTW
161
161
Totaal
862
862
Kostendekkendheid Titel III
Totaal leges (titel 1 t/m 3) Kostendekkendheid leges totaal
40
5.158
903.462
Rekening 2022 921.684
Begroting 2023
Rekening 2023
771.000
906.061
872.335
686.695
949.000
776.471
1.775.797
1.608.379
1.720.000
1.682.531
Toelichting: 55 6,4%
5.335
Rekening 2021
3.651 70,8%
In de werkelijke kwijtscheldingsbedragen zijn kwijtscheldingen over voorgaande jaren opgenomen. In 2023 is € 146.000 over eerdere jaren kwijtgescholden. In 2023 zijn 3.729 kwijtscheldingsverzoeken ontvangen, waarvan er 2.871 zijn toegewezen. Per 31 december waren er geen verzoeken meer in behandeling. In 2022 waren er 3.903 kwijtscheldingsverzoeken ontvangen, waarvan er 2.787 zijn toegewezen.
118
119
P
P Tarieven 2023
Paragraaf 2. Weerstandsvermogen en Risicobeheersing
In onderstaande tabel is een overzicht opgenomen van de belangrijkste
Algemeen
en meest voorkomende tarieven: In deze paragraaf worden de gemeentelijke risico’s financieel vertaald en afgezet tegen Belastingsoort
de beschikbare weerstandscapaciteit om risico’s af te kunnen dekken. De weerstands
2021
2022
2023
- tarief eigenaren woningen
0,0989%
0,0931%
0,0791%
het weerstandsvermogen minimaal 1,0 moet zijn.
- tarief eigenaren niet-woningen
0,1786%
0,1805%
0,1757%
Dit beleid is vastgelegd in de nota ‘risicomanagement en weerstandsvermogen’.
- tarief gebruikers niet-woningen
0,1262%
0,1275%
0,1241%
Deze nota is in 2023 geactualiseerd.
€ 245
€ 245
€ 245
capaciteit wordt afgestemd op het risicoprofiel van de gemeente, waarbij de ratio voor
Onroerende zaakbelastingen
Afvalstoffenheffing vast bedrag per perceel Variabel tarief
Top 10 risico’s Elk jaar wordt een geactualiseerd risicoprofiel met de Top 10 van risico’s opgenomen
Per lediging van - 240-liter restafvalcontainer
€ 6,60
€ 6,60
€ 6,60
- 140-liter restafvalcontainer
€ 3,85
€ 3,85
€ 3,85
- per inworp ondergrondse container van 60 liter
€ 1,10
€ 1,10
€ 1,10
- per inworp ondergrondse container van 30 liter
€ 0,55
€ 0,55
€ 0,55
in deze paragraaf. 1. Jeugdzorg (structureel risico) Jeugdzorg is een open-einde-regeling waardoor overschrijding tot de risico’s behoort. Ook het woonplaatsbeginsel brengt een financieel risico met zich mee.
Rioolheffing - basistarief per jaar
€ 330,97
€ 339,24
€ 350,77
Maatregelen/ontwikkelingen > De contracten voor Niet Vrij Toegankelijke Zorg (NVTZ) zijn per juli 2023 opnieuw aanbesteed. In de loop van 2023 bleken zorgen van en om zorgaanbieders terecht.
Parkeerbelasting - parkeren in gebied A, per uur
€ 2,10
€ 2,10
€ 2,10
Faillissement van enkele aanbieders was onvermijdelijk en dit heeft gevolgen voor het
- parkeren in gebied B, per uur
€ 1,50
€ 1,50
€ 1,50
landschap. Tevens worden hiermee hiaten in het huidige landschap en de financiering
- nachttarief parkeergarage
€ 0,80
€ 0,80
€ 0,80
hiermee scherper en urgenter. > Door vroegtijdige signalering van problematiek kan met relatief lichte hulpverlening de juiste ondersteuning worden geboden, gemiddelde hulp wordt goedkoper, omdat er een effectievere inzet is van het voorliggend veld en de jeugdprofessional. Daarnaast wordt nog steeds strak gestuurd op het gebruik van hoogcomplexe (dure) zorg. > Hoewel het aantal gecontracteerde aanbieders grotendeels voldoende is om te voorzien in een inhoudelijk dekkend landschap, is het vinden en behouden van voldoende gekwalificeerd personeel voor veel aanbieders een uitdaging. Hierdoor zijn wachtlijsten niet te vermijden. > De bezorgdheid om met name jongeren in het VO en beroepsonderwijs die kampen met psychosociale problematiek is nog steeds groot. Het bereiken van deze jongeren is lastig, hierin wordt extra ingezet vanuit de Vrij toegankelijke zorg. > Het aantal jongeren en kinderen dat een beroep doet op ondersteuning vanuit de gemeente stijgt nog steeds met ruim 7%, maar het beroep op Niet Vrij Toegankelijke Zorg stijgt aanzienlijk minder (2,5%). > De Hervormingsagenda is in juni 2023 door alle partijen ondertekend. Uitgangspunt van deze agenda is een structurele besparing van 374 miljoen, waarvan 220 miljoen haalbaar wordt geacht en 154 miljoen met meer onzekerheden omgeven.
120
121
P
P 2. WMO (structureel risico) De WMO is een open-einde-regeling waardoor overschrijding tot de risico’s behoort.
5. Onderwijshuisvesting (structureel risico) Uit landelijke benchmarks blijkt dat de kosten voor de bouw van nieuwe scholen stijgen. Door het grote aantal te vernieuwen scholen in de vastgestelde HPO’s kan dit extra
Maatregelen/ontwikkelingen
kosten met zich meebrengen. Het risico bestaat dat de huidige middelen voor
> Er ontstaat een toenemende druk op budgetten WMO als gevolg van de bezuinigingen
onderwijshuisvesting niet voldoende zijn. Dit geldt met name voor het primair
op beschermd wonen. De verdergaande vergrijzing vergroot daarbij het aantal
onderwijs (PO).
zelfstandig wonende inwoners met een ondersteuningsvraagstuk. Daarnaast zien we ook dat er een gebrek is aan geschikte woningen om langer zelfstandig thuis
Maatregelen/ontwikkelingen
te kunnen blijven wonen.
> Landelijk worden de ontwikkelingen gevolgd. Mogelijk zal er ook op landelijk niveau
> Vanaf 2023 is er een nieuwe overeenkomst voor de maatwerkvoorziening Wmo begeleiding. Hier zullen risicobeperkende maatregelen in worden meegenomen, maar de verwachting is dat vanwege de autonome ontwikkelingen een kostenstijging
worden nagedacht over de financiering van scholen, wat invloed kan hebben op het gemeentefonds. > De investeringen in nieuwe schoolgebouwen in de laatste HPO’s zijn erg hoog.
onontkoombaar is. Voorbeelden van autonome ontwikkelingen zijn toenemende
Mede vanwege de hoge indexering van de landelijk stijgende normbedragen voor
vervoerskosten, CAO-ontwikkelingen en uitstroom van cliënten uit Beschermd Wonen
bouw van scholen, gebaseerd op de VNG-norm, budgetkrapte in de gehanteerde
naar Wmo begeleiding.
kostenkengetallen én de stijgende kosten van bouwmaterialen, bestaat het risico
> Vanaf 2023 is er een nieuwe overeenkomst voor de maatwerkvoorziening Wmo begeleiding. hierin zullen risicobeperkende maatregelen worden meegenomen.
dat de beschikbare middelen voor onderwijshuisvesting PO in de begroting niet meer toereikend zijn.
Vanwege autonome ontwikkelingen (o.a. CAO-ontwikkelingen en vervoerskosten) lijkt een kostenstijging onontkoombaar. > De eigen bijdrage is in 2024 landelijk vastgesteld voor Wmo-voorzieningen op € 20,60
6. B eheer openbaar groen en klimaatverandering (structureel risico) Het bestrijden van exoten (Eikenprocessierupsen, dennenprocessierupsen,
maand. De invoering van het abonnementstarief heeft een aanzuigende werking gehad.
Japanse Duizendknoop) wordt steeds meer regulier werk. Het risico bestaat dat de
Om de Wmo houdbaar te houden heeft het kabinet besloten om voor alle Wmo-
overlast groter wordt en dat dit extra kosten met zich mee gaat brengen om de overlast
voorzieningen waar nu het abonnementstarief voor geldt, een inkomensafhankelijke
te beperken. Daarnaast kan klimaatverandering leiden tot langdurige droge periodes.
eigen bijdrage in te voeren. De wijziging gaat per 1 januari 2026 in.
Om het huidige groenassortiment te behouden, zullen extra maatregelen nodig zijn.
3. Kosten bouw- en woonrijp maken Bravis valt duurder uit (incidenteel risico)
Maatregelen/ontwikkelingen
Met het bestemmingsplan De Bulkenaar is in februari 2022 het exploitatieplan vast
> Meer eiken worden preventief gespoten en er komen steeds meer natuurlijke vijanden.
gesteld. Het tekort op het exploitatieplan is door kredieten afgedekt. De opbrengsten
Eerst ontstaat er een soort plaag, vervolgens zie je dat de natuur zich langzaam maar
(uitgifteprijs voor de gronden Maatschappelijk) zijn vastgelegd en gemaximeerd in de anterieure overeenkomst met Bravis. De kostenkant is onderhevig aan macro
zeker herstelt. > Een andere exoot is de dennenprocessierups; deze is in aantocht vanuit het zuiden.
economische ontwikkelingen, welke kunnen leidden tot forse prijsstijgingen (tot meer
Dennen hebben we alleen in bosstroken staan, maar deze rups heeft meer brandharen.
dan 10%).
Impact nog niet bekend. > Japanse duizendknoop is een echt probleem; om de locaties structureel
4. Algemene Uitkering gemeentefonds valt lager uit dan begroot (structureel risico)
Japanse duizendknoop vrij te maken ( op sommige locaties minimaal 150 cm diep
Via de decembercirculaire 2024 zijn gemeenten geïnformeerd over de hoogte van
grond uitwisselen) hebben we minimaal € 50.000- € 100.000 nodig uitgaande van
de algemene uitkering voor de komende jaren. Er zijn op dit moment nog forse
de huidige locaties.
onzekerheden over de meerjarige financiering van gemeenten via het Gemeentefonds, vooral na 2026.
> Mogelijke oplossingen voor de droogte zijn dat Waterschappen het water langer vast moeten houden, maar ook moet nagedacht worden over ander groen en minder diversiteit in soorten (vooral soorten uit het Middellands zeeklimaat, maar die hebben
Maatregelen/ontwikkelingen
het ook weer moeilijk in de winters).
> Het Rijk heeft de compensatie voor jeugd nog niet structureel toegekend aan gemeenten. > Inmiddels zijn er nieuwe verkiezingen geweest. De formatie voor een nieuw kabinet verloopt stroef. Dit zorgt ervoor dat er nog steeds geen duidelijkheid is over de financiering van gemeenten. Duidelijk is wel dat het Rijk voor een bezuinigingsopgave staat. Of en in hoeverre dit ook gemeenten gaat raken weten we op dit moment niet.
122
123
P
P 7. S tijging aantal bijstandsklanten (structureel risico)
Toelichting op het weerstandsvermogen
Als het aantal bijstandsklanten meer stijgt (of minder daalt) dan begroot, nemen zowel de uitkeringslasten als de uitvoeringskosten bij het Werkplein toe. Door bijvoorbeeld
Risicoprofiel
faillissementen, instroom statushouders enzovoorts kan het aantal bijstandsklanten onverwachts snel toenemen.
Het risicoprofiel voor de jaarrekening 2023 is tot stand gekomen door voor alle organisatieonderdelen de risico’s in het desbetreffende werkveld te bepalen.
Maatregelen/ontwikkelingen
Aan elke risicovolle gebeurtenis is een kans en een financiële waarde toegekend.
> In de vastgestelde begroting 2024 van het Werkplein is uitgegaan van een daling van
Omdat niet alle risico’s zich maximaal en/of gelijktijdig zullen voordoen, is een zogeheten
het klantenbestand van 1,4% in 2023 en een stijging van het bestand met 1,4% in 2024.
statistische Monte Carlo risico-simulatie uitgevoerd. Daarmee is berekend hoe groot
Daarna is uitgegaan van een stabiel bestand (stijging van 0%).
de weerstandscapaciteit is die minimaal benodigd is om met een waarschijnlijkheid van
> Door allerlei mondiale, landelijke en regionale ontwikkelingen bestaat altijd een risico
90% de gevolgen van zich eventueel voordoende risico’s af te kunnen dekken.
dat de BUIG-middelen niet in lijn meer zijn met de daadwerkelijke ontwikkelingen in de bijstand. > Om het risico dat de BUIG-middelen niet in lijn zijn met de werkelijke ontwikkelingen in de bijstand werken we vanaf 2022 met een egalisatiereserve participatie.
In totaal zijn voor de organisatie 79 risico’s in beeld gebracht, waarvan 68 met een geldgevolg. In onderstaande tabel is per vakje het aantal risico’s geclassificeerd naar risicobedrag en de kans dat een risico zich zal voordoen. Het risicoprofiel is een momentopname.
8. Data wordt gegijzeld door cybercriminelen (incidenteel risico) > Als cybercriminelen toegang krijgen tot ons netwerk en data versleutelen, dan kunnen ze om losgeld vragen om de data weer vrij te geven.
Geld
Netto
x > € 1.000.000
10
5
1
€ 500.000 < x < € 1.000.000
8
2
1
Maatregelen/ontwikkelingen
€ 200.000 < x < € 500.000
4
6
1
2
> De recente hack van de gemeente Hof van Twente in december 2020 heeft tot
€ 50.000 < x < € 200.000
2
4
x < € 50.000
11
5
Geen geldgevolgen
5
1
3
1
1
10%
30%
50%
70%
90%
een schade van vele miljoenen geleid. > Er is continu aandacht voor bewustwording onder medewerkers voor informatiebeveiliging. > Technisch wordt met autorisaties enzovoorts het risico verder verkleind.
Kans
2 1 3
> Extra technische beveiligingsmaatregelen op de mailserver om de kans dat mailtjes met “foute links en bijlagen” doorkomen te minimaliseren.
De benodigde weerstandscapaciteit
> Netwerksegmentering: bij infectie of versleuteling, wordt slechts een deel van het netwerk geraakt. > Opslag van data verspreiden: door onder meer toepassing van SaaS wordt de opslag
Indien alle geïdentificeerde gemeentelijke risico’s zich gelijktijdig en in maximale omvang voor zouden doen, is een bedrag van € 47,2 miljoen benodigd. Dit zal in de praktijk echter
van data verspreid over meerdere locaties en meerdere leveranciers. Als één leverancier
niet het geval zijn, zodat het reserveren van dit maximale bedrag niet noodzakelijk is.
gehackt wordt, wordt alleen die data versleuteld.
De risicosimulatie toont aan dat met een waarschijnlijkheid van 90% een bedrag van € 11,5 miljoen voldoende is om de geïdentificeerde risico’s in financiële zin te kunnen
9. Grondverwerving Bulkenaar duurder (incidenteel risico)
afdekken (= benodigde weerstandscapaciteit).
Grondverwerving De Bulkenaar is gestart ten behoeve van de aanleg van het Bravis ziekenhuis. Het risico bestaat dat de gemeente een hogere grondprijs moet betalen
De beschikbare weerstandscapaciteit
door een uitspraak van een rechter bij de onteigeningsprocedures dat er sprake is van Maatschappelijke gronden.
De beschikbare weerstandscapaciteit bestaat uit middelen waarover de gemeente beschikt om niet begrote kosten, die onverwacht en substantieel zijn, te dekken zonder
10. Terugloop parkeeropbrengsten (structureel risico)
dat dit ten koste gaat van de uitvoering van bestaande taken. De beschikbare weerstands-
De afname van de parkeervraag de afgelopen jaren werd versterkt door de coronacrisis.
capaciteit bestaat uit de volgende componenten:
Hoewel de parkeervraag zich enigszins heeft hersteld, is het nog steeds onduidelijk welke structureel effect dit heeft.
Maatregelen/ontwikkelingen > Er wordt steeds meer online gewinkeld, de vraag naar fysieke winkels neemt af.
124
125
P
P A. De vrij aanwendbare algemene reserves (incidenteel karakter) Deze bestaan uit:
De beschikbare weerstandscapaciteit ziet er voor de gemeente Roosendaal Stand
31-12-2024
Algemene reserve
€
17.079.000
Algemene saldireserve
€
0
Totaal
€
17.079.000
B. De vrij aanwendbare bestemmingsreserves (incidenteel karakter) Bestemmingsreserves zijn vrij aanwendbaar voor zover deze niet zijn belast met verplichtingen aan derden, respectievelijk wanneer zij niet de functie hebben van een egalisatiereserve. Indien een risicogebeurtenis zich voordoet heeft
per 31-12-2023 als volgt uit: Begroting 2023 (per 31-12-2023)
Jaarrekening 2023 (per 31-12-2023)
Structureel karakter Onbenutte belastingcapaciteit (OZB)
289.320
281.000
Post Onvoorzien
150.000
150.000
439.320
431.000
Kapitalisatiefactor structurele beschikbaarheid Subtotaal weerstandscapaciteit exploitatie
2,5
2,5
1.098.300
1.077.500
de gemeenteraad de mogelijkheid om de bestemming van de reserve te wijzigen ter dekking van het risico. De volgende (delen van) bestemmingsreserves worden
Incidenteel karakter
als vrij aanwendbaar aangeduid:
Vrij aanwendbare algemene reserves:
15.815.700
17.079.000
Vrij aanwendbare bestemmingsreserves:
20.989.700
38.211.000
Subtotaal weerstandscapaciteit vermogen
36.805.400
55.290.000
Totale weerstandscapaciteit
37.903.700
56.367.500
Stand 31-12-2024 Bestemmingsreserve Roosendaal spreekt, Roosendaal Doet € 281.000 Bestemmingsreserve Grondexploitatie € 5.850.000 Bestemmingsreserve Duurzaamheid € 256.000 Bestemmingsreserve Participatie € 2.581.000 Bestemmingsreserve Investeringsfonds € 28.743.000 Aanpak snelweg A58 € 500.000 Totaal
€
38.211.000
De beoordeling van het weerstandsvermogen Het weerstandsvermogen wordt uitgedrukt in de volgende ratio en bedraagt
C. De onbenutte belastingcapaciteit (structureel karakter)
per 31 december 2023:
De onbenutte belastingcapaciteit is het verschil tussen de werkelijk opgelegde en de maximaal te heffen Onroerend Zaak Belasting (OZB). De raad heeft de mogelijkheid om in geval van een calamiteit de financiële gevolgen te dekken met een verhoging
Ratio weestandsvermogen =
Beschikbare weerstandscapaciteit Benodigde weerstandscapaciteit
=
€ 56,4 mln € 11,5 mln
= 4,9
van de OZB. Conform de beleidsnota ‘risicomanagement en weerstandsvermogen’ is dit 2% van de in 2023 opgelegde aanslagen = 2% x € 14.050.259 = € 281.000.
In de nota ’beleid risicomanagement en weerstandsvermogen’ is het streefgetal voor het weerstandsvermogen vastgesteld op een minimale waarde van 1,0. De ratio van
D. De post onvoorzien in de programmabegroting (structureel karakter)
het weerstandsvermogen per 31 december 2023 voldoet met de waarde 4,9 ruimschoots
De post onvoorzien staat structureel in de begroting, is € 150.000 en wordt
aan deze norm en is hiermee gestegen ten opzichte van de 3,3 bij de begroting 2023.
ook als weerstandscapaciteit aangemerkt. Het is een structureel opgenomen
Verklaring hiervan valt te verklaren doordat de beschikbare weerstandscapaciteit is
begrotingspost, waartegenover geen directe uitgaven geraamd staan en die ingezet
toegenomen van € 37,9 miljoen naar € 56,4 miljoen, dit komt met name door een hogere
wordt voor onvoorziene, incidentele tegenvallers.
stand van de Algemene reserve en de Bestemmingsreserve Investeringsfonds. Een groot aantal bestemmingsreserves zijn op nul gezet, waarmee de BR Investeringsfonds gevoed is.
Kapitalisatiefactor Gezien de structurele beschikbaarheid en de mogelijkheid om de onbenutte belasting
De belangrijkste wijzigingen in de Top 10 risico’s ten opzichte van de begroting 2023 zijn:
capaciteit en de post onvoorzien structureel in te zetten ter dekking van risico’s wordt
> De toegenomen verkopen en bestaande opties bij Majoppeveld hebben dat risico
conform de beleidsnota ‘risicomanagement en weerstandvermogen’ een kapitalisatie factor toegepast van 2,5.
aanzienlijk verlaagd, waardoor het niet meer in de Top 10 staat. > Het risico op de stijging van het aantal bijstandsklanten is naar beneden bijgesteld, vanwege de krapper wordende arbeidsmarkt. > Het risico met betrekking tot onderwijshuisvesting is lager geworden, omdat er in 2023 een correctie op de verstrekte kredieten heeft plaatsgevonden vanwege gestegen bouwkosten. > Voor het risico ‘Overschrijding Beschermd Wonen’ heeft de financiële herverdeling voor onze regio voordelig uitpakt. Het risico is kleiner en valt uit de Top 10.
126
127
P
P > Nieuw ten opzichte van de begroting 2023 in de Top 10 is het risico ‘Beheer openbaar
De kengetallen zullen altijd in samenhang moeten worden bezien, omdat ze alleen
Groen kost meer vanwege overlast exoten en klimaatverandering’. Om het huidige
gezamenlijk en in hun onderlinge verhouding een goed beeld kunnen geven van
beleid te volgen en het openbaar groen op het huidige niveau te behouden wordt
de financiële positie van de gemeente. Hoe de kengetallen berekend moeten worden,
verwacht dat dit de komende jaren extra lasten met zich mee gaat brengen.
is vastgelegd in een ministeriële regeling (26 oktober 2015, nr. 2015-0000611752).
> Nieuw ten opzichte van de begroting 2023 in de Top 10 is het risico ‘Kosten bouw- en woonrijp maken Bravis valt duurder uit’. Opbrengsten liggen vast, maar de kostenkant kan leidden tot forse prijsstijgingen.
Jaarrekening 2023 Kengetallen:
> Nieuw ten opzichte van de begroting 2023 in de Top 10 is het risico ‘Grondverwerving Bulkenaar duurder’. Uitspraak van een rechter kan de Maatschappelijke functie en daarmee de grondprijs beïnvloeden.
Let op: Voorzichtigheid blijft geboden! Voor de duidelijkheid: de hoogte van de weerstandsratio zegt niets over eventuele vrije ruimte binnen de begroting. Onder elke bestemmingsreserve liggen immers plannen.
Verloop van de kengetallen Rekening 2022
Begroting 2023
Rekening 2023
Begroting Begroting Begroting Begroting 2024 2025 2026 2027
netto schuldquote
37%
67%
38%
71%
78%
84%
85%
netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen
36%
67%
38%
71%
78%
84%
85%
solvabiliteitsratio
32%
27%
30%
18%
16%
13%
11%
structurele exploitatieruimte
0%
7%
5%
0%
1%
-3%
-1%
Aanwending van deze reserves voor het afdekken van risico’s die zich voordoen,
grondexploitatie
14%
11%
15%
5%
4%
2%
2%
heeft consequenties voor de huidige onderliggende plannen.
belastingcapaciteit
104%
108%
99%
104%
104%
104%
104%
Kengetallen Beoordeling kengetallen Het besluit tot wijziging van het BBV is in mei 2015 aangepast vastgesteld. Er dienen kengetallen opgenomen te worden in de paragraaf weerstandsvermogen en risico
Netto schuldquote
beheersing (Artikel 11 BBV). Het betreft:
De netto schuldquote geeft de hoogte van de schulden aan in relatie tot de jaarlijkse
> netto schuldquote & netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen;
inkomsten en geeft hierdoor een indicatie van de flexibiliteit van de begroting.
> solvabiliteitsratio;
Signaal: Het provinciaal toezichtskader geeft aan dat indien dit kengetal lager is
> grondexploitatie;
dan 90% dat het als ‘minst risicovol’ wordt gezien. Dit is in Roosendaal het geval.
> structurele exploitatieruimte; > belastingcapaciteit.
Solvabiliteitsratio
Het Gemeenschappelijk financieel Toezichtkader (GTK) is een provinciaal toezichtskader
De solvabiliteit geeft de verhouding tussen het eigen en vreemd vermogen aan. Het geeft
waarin signaleringswaarden staan hoe de in deze paragraaf genoemde kengetallen
daarmee een indicatie of een gemeente haar bezit zeer zwaar belast met schuld.
te interpreteren. Het betreft geen normering, de invoering van de set van vijf kengetallen
Signaal: Het provinciaal toezichtskader geeft aan dat een kengetal tussen de 20% en 50%
is voornamelijk bedoeld om de financiële positie voor raadsleden inzichtelijker te maken.
als ‘neutraal’ kan worden gezien. Dat is op dit moment het geval. Structureel gezien daalt de solvabiliteitsratio, in samenhang met de andere kengetallen leidt dit niet direct tot
Signaleringswaarden financiële kengetallen (GTK 2020) Waarderingscijfer
Minst risicovol
Neutraal
noodzakelijke actie.
Meest risicovol
Structurele exploitatieruimte Dit kengetal geeft aan in hoeverre structurele lasten ook gedekt worden met structurele
Netto schuldquote
<90 %
90-130 %
>130 %
Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen
<90 %
90-130 %
>130 %
Solvabiliteitsratio
>50 %
20-50 %
<20 %
‘minst risicovol’ kan worden gezien. In Roosendaal is dit het geval nu het geval. Er zijn
Grondexploitatie
<20 %
20-35 %
>35 %
op dit moment nog forse onzekerheden over de meerjarige financiering van gemeenten
Structurele exploitatieruimte (begroting)
>0 %
0%
<0 %
via het Gemeentefonds, vooral na 2026.
Belastingcapaciteit
<95 %
95-105 %
>105 %
baten. Signaal: Het provinciaal toezichtskader geeft aan dat een kengetal boven de 0% als
Het gebruik en het vaststellen van de berekeningswijze van de kengetallen heeft geen functie als normeringinstrument in het kader van het financieel toezicht door de provincies. De invoering van de set van vijf kengetallen is voornamelijk bedoeld om de financiële positie voor raadsleden inzichtelijker te maken. De kengetallen vormen een verbinding tussen de verschillende aspecten die de raad in de beoordeling van
128
de financiële positie kan betrekken.
129
P
P Grondexploitatie
Paragraaf 3. Financiering
Dit kengetal geeft aan hoe groot de grondpositie (waarde van de grond) is ten opzichte van de totale geraamde baten. Het is lastig om een norm te bepalen voor dit kengetal.
In deze paragraaf wordt inzicht gegeven in de wijze waarop Roosendaal haar activiteiten
Wel geeft het aan of een gemeente veel geld heeft gestopt in haar grondexploitatie,
in 2023 heeft gefinancierd.
dit geld dient namelijk nog wel terugverdiend te worden. De laatste jaren ligt met name de focus op het ontwikkelen van beschikbare gronden, daarnaast zijn de gronden
Wij staan voor een transparante en duurzame wijze van financiering van onze activiteiten.
afgewaardeerd naar actuele boekwaarden.
Als doelen zijn daarbij geformuleerd:
Signaal: het provinciaals toezichtskader geeft aan dat als dit kengetal onder de 20% zit,
> Het verzekeren van duurzame toegang tot financiële markten tegen acceptabele
dat het dan kan worden gezien als ‘minst risicovol’. In Roosendaal is dit het geval.
condities; > Het beschermen van het gemeentelijk vermogen en resultaat tegen financiële risico’s,
Belastingcapaciteit: woonlasten meerpersoonshuishouden De woonlasten zijn voor de gemeente de belangrijkste eigen belastinginkomst. De hoogte van deze woonlasten geeft aan in hoeverre de gemeente relatief hoog zit met de woonlasten ten opzichte van de WOZ-waarden, in vergelijking met andere gemeenten.
zoals rente-, koers-, krediet- en liquiditeitsrisico’s; > Het minimaliseren van de interne en externe kosten bij het beheren van geldstromen en financiële posities; > Het optimaliseren van de banksaldi en renteresultaten.
Signaal: het provinciaals toezichtskader geeft aan dat als dit kengetal tussen de 95% en 105% zit, dat dit als ‘neutraal’ kan worden gezien. Dit is in Roosendaal het geval.
Deze doelen zijn binnen de kaders van de Wet Financiering Decentrale Overheden
In paragraaf 2 Lokale heffingen wordt het tarief toegelicht.
(wet fido), Wet Houdbare Overheidsfinanciën (HOF) en Wet verplicht Schatkistbankieren (vSB), respectievelijk de limieten en richtlijnen van het Treasury statuut gerealiseerd.
Conclusie: De kengetallen tonen in totaliteit een goede financiële positie met weinig risico. Er is geen noodzaak om op basis van deze kengetallen beheersmaatregelen
Kasgeldlimiet
te treffen.
Renterisico vlottene schuld Het financieren van de gemeentelijke activa en exploitatie door middel van kortlopende geldleningen heeft twee voordelen: er kan snel worden ingespeeld op mutaties in de financieringsbehoefte en bij een normale rentestructuur - waarin het aantrekken van lange geldleningen duurder is dan korte geldleningen - is het een relatief goedkope financieringsvorm. Tegenover deze voordelen staat echter het nadeel van de korte rentevastheid, waardoor de gemeentelijke huishouding gevoelig wordt voor schommelingen in de rentestand. Om deze rentegevoeligheid te beperken heeft de wetgever de kasgeldlimiet ingesteld. Deze limiet stelt een maximum aan de omvang van de netto vlottende schuld, die de gemeente mag hebben. Er is sprake van een overschrijding van de kasgeldlimiet wanneer het kwartaalgemiddelde van de netto vlottende schuld gedurende een kwartaal hoger is dan de berekende limiet. Als de limiet drie opeenvolgende kwartalen wordt overschreden, dan moet dit worden gemeld bij de toezichthouder. Het percentage voor de limiet is bepaald op 8,5% van de begrotingsomvang met een minimum van € 300.000. In onderstaande tabel is de toegestane kasgeldlimiet in euro’s berekend. Omschrijving (Bedragen x € 1.000)
Primitieve begroting 2022
Gewijzigde begroting 2022
Primitieve begroting 2023
Gewijzigde begroting 2023
Omvang Programmabegroting
272.350
274.849
283.129
398.352
Toegestane kasgeldlimiet (8,5%)
23.150
23.362
24.066
33.860
Zoals in voorgaande tabel is te zien, bedroeg de kasgeldlimiet in 2023 (afgerond) € 33,9 miljoen. Het verloop van de netto vlottende schuld ten opzichte van de kasgeldlimiet is in de volgende tabel weergegeven. Hieruit kan worden opgemaakt dat de kasgeldlimiet in 2023 niet is overschreden.
130
131
P
P Omschrijving (Bedragen x € 1.000)
Realisatie 2023
Vaste schuld
1 kwartaal
2 kwartaal
3e kwartaal
4e kwartaal
e
e
1.
Toegestane kasgeldlimiet in euro’s
33.860
33.860
33.860
33.860
Mutaties vaste schuld
2.
Vlottende schuld < 1 jaar
32.074
34.863
27.500
26.423
Vaste schuld ontstaat wanneer geldleningen worden aangegaan met een rente
3.
Vlottende middelen < 1 jaar
3.048
6.958
10.585
3.807
4.
Toets kasgeldlimiet: Totaal netto vlottende schuld = (2) Vlottende schuld -/- (3) vlottende middelen
29.026
27.905
16.915
22.616
5.a
Ruimte (+)
4.835
5.955
16.945
11.244
5.b
Overschrijding (-)
typische looptijd van één jaar of langer. Daartoe wordt overgegaan wanneer de liquiditeitsplanning aangeeft dat er sprake is van een structurele financieringsbehoefte. In onderstaande tabel is het verloop van vaste leningen o/g weergegeven. Omschrijving (Bedragen x € 1.000)
Renteschema
Stand per 1 januari
Aflossingen
op te nemen.
b
De externe rentebaten
-/-
290 1.833
c1
De rente die aan de grondexploitatie moet worden doorberekend
-/-
361
c2
De rente van projectfinanciering die aan het betreffende taakveld moet worden toegerekend
-/-
0
98.000
86.875
In de Wet fido is onder andere de renterisiconorm met betrekking tot de vaste schuld opgenomen. Deze norm dient decentrale overheden aan te zetten tot het spreiden van hun lange termijn renterisico door bij het samenstellen van de leningenportefeuille door
begrotingstotaal van het betreffende jaar. 1.472
Rente over eigen vermogen
+/+
-
d2
Rente over voorzieningen (gewaardeerd op contante waarde)
+/+
-
e
De aan taakvelden toegerekende rente (renteomslag)
-/-
2.259
f
Renteresultaat op het taakveld Treasury
Totaal aan taakvelden toe te rekenen rente
Onderstaande tabel geeft de ontwikkeling van het renterisico in 2023 aan. Uit deze tabel blijkt dat we in 2023 onder de renterisiconorm zijn gebleven.
1.472 (Bedragen x € 1.000)
Rekening 2022
-/- 787 Berekening renterisiconorm Totaal lasten Renterisiconorm (20 %)
Financieringssaldo In de financiering van de gemeentelijke investeringen wordt deels door interne en deels door externe middelen voorzien.
Financieringssaldo (B-A)
-/- 11.125
normstelling. De renterisiconorm is bij ministeriële regeling vastgesteld op 20% van het
d1
B. Financiering: Interne financieringsmiddelen (reserves en voorzieningen) Externe financieringsmiddelen (langlopende geldleningen en waarborgsommen) Totaal financieringsmiddelen (B)
-/- 6.050
middel van de verschillende rente typische looptijden rekening te houden met deze
Aan taakvelden toe te rekenen externe rente
A. Investeringen: Grondexploitatie Overige investeringen Totaal investeringen (A)
98.000
Renterisico vaste schuld 2.123
Saldo rentelasten en rentebaten
Boekwaarde (Bedragen x € 1.000)
104.050
Stand per 31 december
Renteschema 2023 (Bedragen x € 1.000) De externe rentelasten over korte en lange financiering
2023
Nieuwe lening
Op basis van het Besluit Begroting en Verantwoording is onderstaand renteschema
a
2022
Rekening balansstand 1-1-2022
Rekening balansstand 31-12-2022
Rekening balansstand 31-12-2023
43.190 200.849 244.039
41.800 225.975 267.422
44.579 239.331 280.889
125.723
137.795
139.982
104.050 229.773
98.000 235.795
86.875 226.857
-/- 14.266
-/- 33.148
-/- 53.043
Primitieve begroting 2023
Gewijzigde begroting 2023
321.107 64.221
283.129 56.626
398.352 79.670
Berekening renterisico Renteherzieningen Aflossingen Renterisico
0 6.050 6.050
0 11.125 11.125
0 11.125 11.125
Ruimte onder de rente risiconorm
58.171
45.501
68.545
Per 31 december 2023 bedraagt het financieringstekort € 53,0 miljoen.
132
133
P
P Vorderingen (Bedragen x € 1.000)
Vaste uitzettingen
31-12-2022
31-12-2023
Saldo debiteuren
Voorziening oninbaarheid en dwangsommen
2.599
610
5.362
Mutaties vaste uitzettingen
Saldo debiteuren
Voorziening oninbaarheid en dwangsommen
Vaste uitzettingen zijn door de gemeente verstrekte geldleningen met een rente
Debiteuren algemeen
648
typische looptijd van één jaar of langer. Dergelijke leningen worden enerzijds verstrekt in
Debiteuren belastingen
2.621
666
2.644
728
het kader van de publieke taakuitoefening, anderzijds in perioden waarin sprake is van
Debiteuren sociale zaken
2.632
1.221
2.359
1.287
een liquiditeitenoverschot. Dit laatste komt echter niet of nauwelijks voor. In onderstaand
Totaal
7.852
2.497
10.365
2.663
overzicht staan de partijen vermeld aan wie door de gemeente Roosendaal in het verleden geldleningen zijn verstrekt, alsmede de restantschuld en de ontstaansgrond
Wet Houdbare Overheidsfinanciën (Wet HOF)
van de leningen. De in de wet HOF vastgestelde macronorm wordt door vertaald naar individuele Geldnemer
Leningen Participatie Wet
Bedragen x € 1.000
Ontstaansgrond
31-12-2022
31-12-2023
350
443
van het maximale aandeel in het EMU-saldo. Uitvoering Participatie Wet
Krediethypotheken Participatie Wet
84
73
Uitvoering Participatie Wet
Leenbijstand BBZ
543
405
Uitvoering Participatie Wet
Stimuleringsleningen Woon-Werk locaties
87
81
Volkshuisvesting
Startersleningen Roosendaal
11.563
12.863
Volkshuisvesting
Startersleningen Nieuwbouw dorpen
0
0
Volkshuisvesting
Startersleningen Huurwoningen Alwel
118
84
Volkshuisvesting
Duurzaamheidsleningen Roosendaal
581
465
Volkshuisvesting
1.918
2.854
Volkshuisvesting
43
133
Volkshuisvesting
600
600
Deelneming in NV
15.887
18.001
Stimuleringsleningen Verzilverleningen Monumentenfonds NV Totaal
gemeenten in de vorm van een individuele referentiewaarde, die een indicatie geeft
Hieronder is de berekening van het EMU-saldo opgenomen voor de gemeente Roosendaal. Berekening EMU-saldo (Bedragen x € 1.000)
Rekening 2023
Exploitatiesaldo vóór toevoeging aan c.q. onttrekking uit reserves (zie BBV, artikel 17c)
-/- 7.019
Bij: Mutatie voorzieningen
9.205
Af: Mutatie (im)materiële vaste activa Mutatie voorraden (incl. bouwgronden in exploitatie) Verwachte boekwinst bij verkoop effecten en verwachte boekwinst bij verkoop (im) materiële vaste activa
14.582 48
Berekend EMU-saldo
-/- 12.444
Debiteurenrisico op verstrekte leningen Aan het voor langere tijd verstrekken van middelen aan derden kleeft het gevaar dat deze
Wet verplicht Schatkistbankieren (Wet vSB)
derden op een onvoorzien moment niet meer aan hun aflossingsverplichting kunnen voldoen.
De Wet vSB (zonder leenfaciliteit) houdt in dat decentrale overheden - en door hen
Ten aanzien van geldleningen die verstrekt zijn in het kader van de publieke taak speelt het
opgerichte gemeenschappelijke regelingen - al hun overtollige liquide middelen en
debiteurenrisico een ondergeschikte rol. Bij de besluitvorming is aan het maatschappelijk
beleggingen moeten aanhouden bij de schatkist van ministerie van Financiën. Er is
belang van het verstrekken van dergelijke leningen een hogere prioriteit toegekend dan
een vrijstellingsgrens voor het afstorten van overtollige liquide middelen. Dit is het bedrag
aan het daarmee samenhangende financiële risico. Een constatering, die overigens ook
dat buiten de schatkist mag worden gehouden.
geldt ten aanzien van gegarandeerde geldleningen.
Als het gemiddelde kwartaalbedrag van de positieve tegoeden minder is dan een vastgesteld percentage van het begrotingstotaal bij aanvang van het boekjaar, mag dit
Debiteurenrisico op openstaande vorderingen
op de eigen bankrekeningen blijven staan. Per 1 januari 2023 is het gemiddelde
Naast langlopende vorderingen zijn er ook kortlopende vorderingen. Het gaat hierbij
kwartaalbedrag voor Roosendaal: 2,00% van € 339,9 miljoen = € 6,798 miljoen
om drie groepen debiteuren. Voor ieder van deze groepen is een inschatting gemaakt
De kwartaalgemiddelden van de in 2023 buiten de schatkist gehouden positieve liquide
van de mate van oninbaarheid van deze posten. Dit omdat de ervaring leert dat er altijd
middelen zijn in onderstaande tabel opgenomen. Hieruit blijkt dat in 2023
debiteuren zijn die hun vordering niet of niet volledig betalen. Voor het deel waarvan wij
de vrijstellingsgrens schatkistbankieren niet is overschreden.
denken dat dit niet meer zal worden ontvangen, zijn voorzieningen gevormd. Het saldo van de voorziening is dus niet gerelateerd aan de hoogte van het totale debiteurensaldo; het saldo van de voorziening is gebaseerd op de ingeschatte risico’s.
Omschrijving (Bedragen x € 1.000)
In onderstaande tabel is het saldo van de debiteuren weergegeven. Ook is te zien voor
Op dagbasis buiten Rijksschatkist gehouden middelen
welk deel een voorziening vanwege oninbaarheid is gevormd.
Kwartaal 2
Kwartaal 3
Kwartaal 4
531
849
2.365
688
Drempelbedrag
6.798
6.798
6.798
6.798
Ruimte onder drempelbedrag
6.267
5.949
4.433
6.110
-
-
-
-
Overschrijding van het drempelbedrag
134
Kwartaal 1
135
P
P Paragraaf 4. Onderhoud Kapitaalgoederen
Groen
Inleiding
Groen betreft het beheer en onderhoud van openbaar groen, bossen en natuurterreinen.
Een groot deel van het gemeentelijke vermogen wordt geïnvesteerd in het beheer
Actuele stand van zaken/ontwikkelingen
en onderhoud van onze kapitaalgoederen: groen, grijs (verhardingen, openbare
In 2023 hebben we voorbereidingen getroffen om ons groen onderhoud in een integraal
verlichting, verkeersvoorzieningen, straatreiniging en onkruidbestrijding), blauw
onderhoudsbestek weg te zetten. Hierbij wordt de gemeente Roosendaal op beeld
(water en riolering), civieltechnische kunstwerken en speelvoorzieningen.
kwaliteit onderhouden.
Onderhoud en tijdige vervanging van deze kapitaalgoederen is een belangrijke taak
We hebben gezien dat bij recente offerteaanvragen in 2023 de prijzen significant zijn
van de gemeente. Zorgvuldig beheer is nodig om kapitaalvernietiging te voorkomen
gestegen. Deze stijging wordt veroorzaakt doordat het groeiseizoen, en daarmee
en om de veiligheid van onze infrastructuur te waarborgen. Ook onderhouden we kunst
samenhangend de maaiperioden langer zijn geworden. Ook zijn er grote
in de openbare ruimte en deze kunst gaan we digitaal ontsluiten om de identiteit van
personeelstekorten bij de aannemers, en zorgt de verduurzaming van het materieel voor
Roosendaal blijvend te versterken.
prijsstijgingen, daar de aanschaf van elektrische machines veel hoger is. Een aantal aannemers heeft al aangegeven niet te zullen inschrijven indien wordt gegund op laagste
Het totale bestand aan kapitaalgoederen waarvoor de gemeente verantwoordelijk
prijs. De verwachting voor het integrale bestek, dat in 2024 op de markt wordt gezet,
is duiden we aan met de term areaal. Het beheer en onderhoud van het areaal voeren
is dat de begroting aangepast dient te worden.
we uit aan de hand van de door de gemeenteraad vastgestelde kaders ten aanzien van
De klimaatveranderingen dwingen ons om de openbare ruimte klimaatbestendig in te
onderhouds- en kwaliteitsniveaus. De feitelijke planning van het beheer en onderhoud
richten en te onderhouden; er is groen toegevoegd en er zijn waterpartijen toegevoegd.
is opgenomen in de Beheerkalender.
Bij het toevoegen van groen en bij het vervangen van versleten groen hebben we oog voor het gebruik van andersoortig groen, zoals kruidenmengsels of gazons met daarin
Een algemene tendens die we hebben gezien in 2023 is dat de kosten voor het
extra bomen. Met name kruidenmengsels dragen bij aan het verbeteren van
onderhoud structureel zijn gestegen. Dit wordt veroorzaakt door hogere materiaalkosten,
de biodiversiteit.
tekort aan personeel, verduurzaming materieel. Vooraf was de hoogte van deze stijging niet voorzien.
Grijs
In 2023 zijn we overgestapt naar een nieuw onderhoudsbeheerssysteem, van GBI
Verhardingen
naar iAsset, hierbij ervaren we nog veel technische mankementen. Onze areaalgegevens
Verhardingen betreft het beheer en onderhoud van verhardingen bestaande uit
die we hier in deze paragraaf noemen zijn daarom wisselend afkomstig uit ons oude
elementen, asfalt, half-verhard en onverhard.
systeem GBI of uit ons nieuwe systeem iAsset.
Actuele stand van onderhoud/ontwikkelingen We hebben voorbereidingen getroffen om een integraal onderhoudsbestek op de markt
In de Beheerkalender 2023-2027 zijn de noodzakelijk uit te voeren grijsprojecten
te zetten.
opgenomen. In 2023 zijn de projecten uit de jaarschijf 2023 uitgevoerd volgens de door de raad vastgestelde kaders ten aanzien van onderhouds- en kwaliteitsniveaus. In 2023
Leerwerkbedrijf WVS heeft een plek gekregen in deze plannen en zelf hebben we
is de Beheerkalender geactualiseerd en aangevuld met planjaar 2028, daarmee is
ook meer plaatsen beschikbaar gesteld binnen Openbare Werken voor arbeidskrachten
beheerkalender 2024-2028 vastgesteld.
met een afstand tot de arbeidsmarkt, met een beperking of voor arbeidskrachten vanuit een leer-werktraject.
Openbare verlichting Openbare verlichting betreft lichtmasten/armaturen en voorzieningen voor bijvoorbeeld
De opzet van dit integrale bestek is dat de gemeente Roosendaal op beeldkwaliteit
het aanlichten van bijzondere gebouwen.
zal worden onderhouden. Hierbij zal op basis van meldingen onderhoud worden gepleegd aan het groen, zal er straatreiniging worden uitgevoerd, maar ook
Actuele stand van onderhoud/ontwikkelingen
onkruidbestrijding worden gedaan en zullen waar nodig afvalbakken worden geleegd.
Het jaarplan 2023 is goedgekeurd. Vanwege diverse marktontwikkelingen is er door de onderhoudsaannemer een nieuwe uitvraag van (led)armaturen opgestart. Hiervan vindt de afronding plaats in 2024. Aspecten zoals duurzaamheid, circulariteit en toekomst bestendigheid worden meegenomen in de keuze van nieuwe standaard ledarmaturen. Deze nieuwe uitvraag heeft ertoe geleid dat de geplande vervangingen van 2023, alsook die van 2022, worden opgenomen in het jaarplan van 2024.
136
137
P
P Verkeersvoorzieningen
Onkruidbestrijding
Verkeersvoorzieningen betreft onder meer bebording, bewegwijzering, geleide systemen
Onkruidbestrijding betreft de bestrijding van onkruid op verhardingen binnen
en verkeersregelinstallaties (VRI’s).
de bebouwde kom.
Actuele stand van onderhoud/ontwikkelingen
Actuele stand van onderhoud/ontwikkelingen
Technisch gezien zijn de VRI’s in Roosendaal redelijk gedateerd en hiertoe is een
Het onkruid op verhardingen wordt bestreden door inzet van hete lucht, borstels,
vervangingsprogramma vastgesteld dat vanaf 2022 wordt uitgevoerd. De VRI’s worden
een waterunit en bosmaaiers. Verhardingen waar weinig gebruik van wordt gemaakt
vervangen door zogenaamde intelligente VRI’s (iVRI’s). Een iVRI is een regelinstallatie die
en die moeilijk te onderhouden zijn, zijn vervangen door groen of door printbeton.
kan communiceren met voertuigen en fietsers. Het vervangingsprogramma is zo goed als
De verwachting is dat de kosten voor het onderhoud zullen stijgen. Recente offerte
mogelijk afgestemd op de ruimtelijke ontwikkelingen in Roosendaal.
aanvragen hebben al een significante prijsstijgingen laten zien. Deze stijging wordt deel
Bij nieuwe iVRI’s worden LED-armaturen toegepast. De lampen hiervan gaan langer mee
veroorzaakt door de algemene tendens van stijgingen, maar ook doordat groeiperiodes
en hoeven niet elk jaar vervangen te worden. In het kader van duurzaamheid en
langer zijn geworden, daarmee is de periode van onderhoud langer geworden.
kostenbesparing worden armaturen van de bestaande VRI’s ook vervangen door LED-
In 2023 zijn voorbereidingen gedaan om een integraal onderhoudsbestek op de markt
armaturen. In 2023 hebben we de VRI installatie van Molenstraat/Brugstraat vervangen en
te zetten waarmee we Roosendaal op beeldkwaliteit gaan onderhouden. Hierdoor zullen
zijn voorbereidingen getroffen om de VRI installaties van Jan Vermeerlaan/Burgemeester
losse meldingen voortaan binnen het integraal bestek opgepakt worden.
Freijterslaan en kruispunt Antwerpseweg/Boulevard/Burgerhoutsestraat in 2024 te vervangen.
Blauw
Straatreiniging
Water
Straatreiniging betreft het vegen van straten.
Water betreft de volgende onderdelen die onder de gemeentelijke verantwoordelijkheid vallen:
Actuele stand van onderhoud/ontwikkelingen
> De ontvangstplicht voor drijfvuil, baggerspecie en maaisel van de watergangen die
Voor de reiniging van straten is met Saver een dienstverleningsovereenkomst gesloten.
in beheer en onderhoud zijn bij het Waterschap (categorie A watergangen);
Saver veegt de straten op basis van een vaste frequentie; iedere straat in Roosendaal
> Het onderhoud van de overige watergangen (categorie B en C watergangen);
wordt circa zes keer per jaar geveegd. Digitaal wordt bijgehouden wanneer welke straat
> Het onderhoud van vijvers en andere waterpartijen (inclusief oeverzones, beschoeiingen
is geveegd.
en retentievoorzieningen); > Vaarwegbeheer voor de haven (vaardiepte op orde);
Voor ontvangen meldingen rijdt iedere dag een zogenaamde ‘hotspotwagen’.
> Beheer van (berm-)sloten.
Deze wagen veegt eerst het centrum van Roosendaal en rijdt daarna langs de ontvangen meldingen in de buurten en dorpen; iedere buurt en/of dorp komt
Actuele stand van zaken/ontwikkelingen
om de week aan de beurt.
Het Waterschap is verantwoordelijk voor het beheer van het oppervlaktewater, zowel voor de waterkwaliteit als voor de waterkwantiteit. Voor het onderhoud is onderscheid
Bij de veegwagen rijdt een gehele ronde een onkruidbestrijdingsmachine mee als proef
gemaakt in afvoerende functie binnen het regionale watersysteem. In 2023 zijn
met als doel een betere kwaliteit te leveren en de meldingenstroom te verminderen.
vijverpartijen in parken op ad hoc basis gebaggerd, dit zal in de toekomst meer structureel
In 2023 zijn voorbereidingen gedaan om een integraal onderhoudsbestek op de markt te
opgepakt gaan worden.
zetten waarmee we Roosendaal op beeldkwaliteit gaan onderhouden. Hierdoor zullen de losse meldingen voortaan binnen het integraal bestek opgepakt worden, de vaste
Riolering
frequentie door Saver zal blijven.
Riolering betreft het beheer en onderhoud van de voorzieningen voor het afvalwater, hemelwater en grondwater.
Actuele stand van zaken/ontwikkelingen De focus van het rioleringsbeheer is in de planperiode van het VGRP vooral gericht op: > Het in stand houden van het huidige areaal; > Het voorkomen van wateroverlast en bevorderen van klimaatadaptatie; > Het beperken van de stijging van de rioolheffing; > De samenwerking in de Water- en Klimaatkring West-Brabant.