57 - Bijlage NL.IMRO.1674.1233BRABERSSTR-0301 ruimtelijke onderbouwing.pdf
Tekst van het document
4.8 Mobiliteit en parkeren Mobiliteit Vanuit oogpunt van een goede ruimtelijke ordening mag er geen sprake zijn van een onevenredige publieks- en/of verkeersaantrekkende werking van de gevraagde functie. Bestaand In de bestaande situatie is sprake van een detailhandelsvestiging met bijbehorende ondergeschikte functies zoals kantoorruimte op de verdieping en opslag. Het totale oppervlak van de detailhandelsvestiging bedraagt circa 1.764 m2 bedrijfsvloeroppervlak (bvo). Tevens is in de bestaande situatie één appartement aanwezig. De verkeersgeneratie voor de detailhandelsvestiging met
Definitief
29
Ruimtelijke onderbouwing Dr Brabersstraat
bijbehorende ondergeschikte functies is gezien de omvang en mengvorm gekenschetst als commerciële dienstverlening. De verkeersgeneratie hiervoor kent een bandbreedte van 6,3 tot 8,6 vervoersbewegingen per 100 m2 bvo. Uitgaande van de worst-case benadering bedraagt voor de detailhandelsvestiging de verkeersgeneratie daarmee (1.764 / 100) x 8,6 = 152 motorvoertuigbewegingen per etmaal. Voor appartementen wordt als uitgangspunt gehanteerd een verkeersgeneratie van 6 motorvoertuigbewegingen per etmaal. De totale verkeersgeneratie in de bestaande situatie bedraagt daarmee 158 motorvoertuigbewegingen per etmaal. Nieuw De gevraagde functie betreft het toevoegen van 25 wooneenheden aan een centrum-stedelijke omgeving. Hierbij wordt als uitgangspunt gehanteerd dat elk appartement 6 motorvoertuigbewegingen per etmaal genereerd, wat neerkomt op een totale verkeersgeneratie van 25 x 6 = 150 motorvoertuigbewegingen per etmaal. Ten opzichte van de bestaande situatie leidt de toekomstige situatie tot een kleine afname in verkeersgeneratie. Daarmee is er in dit bestaand milieu geen sprake van een onevenredige toename in publieks- en/of verkeersaantrekkende werking. Hiermee wordt de gevraagde ontwikkeling aanvaardbaar geacht. Parkeren Het gemeentelijk parkeerbeleid is vastgelegd in de Nota Parkeernormen. Hierin is per functie de parkeernorm opgenomen.
Bestaand In de bestaande situatie is sprake van een detailhandelsvestiging met een omvang van circa 1.764 m2 bedrijfsvloeroppervlak (bvo) en een vrije sector huurappartement. Op basis van het gemeentelijk parkeerbeleid geldt voor een winkel binnen het hoofdwinkelcentrum een parkeernorm van 3 parkeerplaatsen per 100 m2 bvo. Voor het appartement binnen de centrumring geldt een parkeernorm van 1,30 parkeerplaats per woning. De parkeerbehoefte in de bestaande situatie bedraagt daarmee voor de detailhandelsvestiging (1.764 / 100) x 3 = 52,92 parkeerplaatsen en voor het appartement 1,30 parkeerplaatsen. Dit leidt tot een totale parkeerbehoefte van 54,22 (afgerond 54) parkeerplaatsen. Nieuw In navolging van diverse transformatieopgaven (winkels naar woningen) in het autoluwe gebied van Roosendaal, is de parkeernorm voor woningen bij transformatieopgaven naar beneden bijgesteld. Woningen met parkeergelegenheid op eigen terrein genereren extra verkeersbewegingen door het autoluwe gebied. De extra verkeersbewegingen tasten het autoluwe karakter van het gebied aan en zorgen voor leefbaarheids- en veiligheidsproblemen. Dit is niet wenselijk. Bovendien is er capaciteit om abonnementen af te nemen in de particuliere parkeergarages. De parkeernorm wordt gesteld op een maximum norm van 0,15 parkeerplaatsen per woning. Als de ontsluiting plaatsvindt via het autoluwe gebied, zullen er niet
Definitief
30
Ruimtelijke onderbouwing Dr Brabersstraat
meer parkeerplaatsen worden toegestaan. Hiernaast zal de ontwikkelaar nog wel in overleg met de gemeente een mobiliteitsplan moeten opstellen waarin wordt ingegaan op de verwachte parkeerbehoefte en hoe de ontwikkelaar verwacht dat dit in de toekomst zal worden opgelost. In de nieuwe situatie worden 25 appartementen binnen de centrumring gerealiseerd. Op basis van de parkeernormering bij een transformatie binnen het autoluwe gebied bedraagt de parkeerbehoefte 0,15 parkeerplaatsen per woning. Dit leidt tot een maximale totale parkeerbehoefte van 25 x 0,15 = 3,75 (afgerond 4) parkeerplaatsen. Met Parkeer Beheer Roosendaal is overeengekomen dat ten behoeve van de opvang van deze parkeerbehoefte in de nabijgelegen parkeergarages parkeerplaatsen te huur worden aangeboden. Parkeer Beheer Roosendaal houdt rekening met de parkeerbehoefte als gevolg van voorliggende ontwikkeling. Hiervoor is reeds een reservering gemaakt binnen de bestaande parkeervoorzieningen. Hiermee is het realiseren van parkeerplaatsen buiten eigen terrein verzekerd. Het aspect parkeren vormt daarmee geen belemmering voor het voorliggende plan.
4.9 Archeologie In het plan is sprake van behoud en hergebruik van een bestaande kelder. Hiermee is er geen sprake van ingrepen in de bodem dus ook geen verstoring van eventueel aanwezige archeologische waarden. In het vigerende bestemmingsplan is aan de gronden de dubbelbestemming ‘Waarde - Archeologie 1’ toegekend. De archeologische waarden ter plaatse betreffen sporen en relicten die zich onder het maaiveld bevinden en van belang zijn voor de kennis van de historie en ontwikkeling van stad en omgeving. De dubbelbestemming ‘Waarde - Archeologie 1’ waarborgt dat dergelijke sporen niet ongezien verloren kunnen gaan. Zij dienen in situ behouden te worden en, alleen als het niet anders kan, door middel van onderzoek (opgravingen) ex situ behouden te blijven. De plicht hiertoe ligt bij de ontwikkelaar van de ruimtelijke ingreep en is afhankelijk van onder meer diepte en oppervlak van de bodemverstoring. Het perceel Dr Brabersstraat 4-10 ligt in een zone met een hoge archeologische verwachting. Het betreft hier de oudste bewoonde kern van Roosendaal. In voorliggende ontwikkeling is echter sprake van een hergebruik van een bestaande kelder. Binnen het volume van de kelder zijn er geen archeologische sporen meer aanwezig. Er zijn verder geen (grote) bodemingrepen voorzien. Naar verwachting zal er geen archeologisch onderzoek nodig zijn.
Definitief
31
Ruimtelijke onderbouwing Dr Brabersstraat
5 Maatschappelijke uitvoerbaarheid Op de voorliggende procedure voor omgevingsvergunning voor afwijken van het bestemmingsplan is de Uniforme Openbare Voorbereidingsprocedure conform afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht van toepassing. Dit houdt in dat het ontwerpbesluit voor de duur van zes weken voor een ieder ter inzage wordt gelegd. Daarbij wordt de mogelijkheid geboden om zienswijzen op het plan in te dienen.
Definitief
32
Ruimtelijke onderbouwing Dr Brabersstraat
6 Financiële haalbaarheid Bij de vaststelling van een ruimtelijk besluit ten behoeve van een ontwikkeling heeft de gemeente de wettelijke verplichting om de kosten, die de gemeente moet maken om deze ontwikkeling mogelijk te maken, te verhalen op de eigenaar/ontwikkelaar. Voorliggende ruimtelijke ontwikkeling wordt mogelijk gemaakt met een omgevingsvergunning op basis van de uitgebreide procedure ex artikel 2.12, lid 1, onder a, onder 3 van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht. De kosten die de gemeente daarvoor moet maken worden verhaald op basis van de bepalingen in de legesverordening. Tevens is tussen de gemeente en de initiatiefnemer een anterieure overeenkomst gesloten waarin het kostenverhaal is geborgd. Aan het wettelijk verplichte kostenverhaal wordt daarmee voldaan.
Definitief
33