CConstaterende datRoosendaal
Koppel je AI →
Document · PDF

32-2021 BIJLAGE Toetsingskader Roosendaal Natuurstad-gecomprimeerd.pdf

Commissie 9 september 2021, gemeente RoosendaalBij agendapunt: 6: Raadsmededeling 32-2021 Roosendaal Natuurstad12.814 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

• Bij een slecht doorlatende bodem kan beter geen water afstromen op het gras omdat dit moeilijk kan infiltreren en voor plassen zorgt. TOEPASBAAR BIJ: lage grondwaterstand hoge grondwaterstand

smal straatprofiel breed straatprofiel

Binnenstedelijk gebied Buitengebied

goed doorlatende bodem slecht doorlatende bodem

Private buitenruimte Openbare buitenruimte

INVLOED OP:

Afbeelding van ...

Beplantingsvakken/stroken | 81

Afbeelding van atelier GROENBLAUW Afbeelding van Amar Sjauw En Wa

Waardplanten voor bijen en vlinders. Een waardplant is een plant waarop dieren iets vinden dat ze nodig hebben zoals voedsel of een plek om zich voort te kunnen planten. Veel rupsen van vlinders leven maar op een handvol soorten planten of zelfs maar op één soort plant. Een goede variatie is belangrijk om de diversiteit van bijen en vlinders te vergroten. De brandnetel is bijvoorbeeld zo’n belangrijke plant. Laat dus enkele brandnetels staan tijdens het beheer. Dit kan gemakkelijk in het midden van een brede groenstrook waar mensen er geen last van hebben. Brandnetels trekken de volgende vlinders aan: dagpauwoog, kleine vos, atalanta, landkaartje. Klimop is de waardplant van het boomblauwtje. Er zijn ook andere waardplanten voor vlinders. Denk aan de vlinderstruik, diervilla, lijsterbes uit de ‘Beplantingskeuzelijst Roosendaal’. Of de winterheide, judaspenning en herstaster, door de vlinderstichting aangegeven als waardplanten voor vlinders. De score geldt voor een projectgebied waarin minstens 15% is ingericht als beplantingsvakken/stroken TIPS EN AANDACHTSPUNTEN • Kies planten die vroeg bloeien en planten die laat bloeien, om zo lang mogelijk bij te dragen aan voedsel voor bijen en vlinders. • Een goede variatie is belangrijk om de diversiteit van bijen en vlinders te vergroten. • De vlinderstichting heeft een lijst gemaakt met waardplanten voor vlinders.

https:// www.vlinderstichting.nl/vlinders/tuinieren-voor-vlinders/vlinderplanten TOEPASBAAR BIJ: lage grondwaterstand hoge grondwaterstand

smal straatprofiel breed straatprofiel

goed doorlatende bodem slecht doorlatende bodem

Private buitenruimte Openbare buitenruimte

INVLOED OP:

Afbeelding van Atelier Dreiseitl Amar Sjauw en Wa

82 | Beplantingsvakken/stroken

Binnenstedelijk gebied Buitengebied

Bes- en vruchtdragers Bes- en vruchtdragers brengen kleur in het straatbeeld en dienen als voedsel voor vogels, bijen en vlinders. De meeste dieren hebben meer aan inheemse soorten als voedsel. Zo is bijvoorbeeld de vogelbes voedsel voor 32 verschillende soorten inheemse vogels. De vergelijkbaar decoratieve vuurdoorn uit het Middellandse Zeegebied biedt slechts voedsel aan 4 inheemse soorten. De score geldt voor een projectgebied waarin minstens 15% is ingericht als beplantingsvakken/stroken. TIPS EN AANDACHTSPUNTEN • Vogelbescherming heeft een tabel met bij vogels populaire bessen op een rij gezet. Denk aan de meidoorn, rozenbottel, klimop, kardinaalsmuts of een krentenboompje. Kijk voor meer informatie op https://www.vogelbescherming.nl/in-mijn-tuin/ tuininrichting/populaire-bessenstruiken-bij-vogels

TOEPASBAAR BIJ: lage grondwaterstand hoge grondwaterstand

smal straatprofiel breed straatprofiel

Binnenstedelijk gebied Buitengebied

goed doorlatende bodem slecht doorlatende bodem

Private buitenruimte Openbare buitenruimte

INVLOED OP:

Beplantingsvakken/stroken | 83

Afbeelding van Amarvan Sjauw En Wa Afbeelding Kristina V.

(Vorm)bomen Een boom zorgt voor schaduw, verdamping, prettig straatbeeld en leefmilieu voor vogels en insecten. Hoe groter de bladmassa, de kroongrootte, hoe meer effect. Een boom kan solitair geplaatst worden of in een rij. Een vormboom is een boom die door middel van begeleiding en snoei goed in vorm gehouden kan worden. De boomkroon zal zich door de één- á tweejaarlijkse snoei niet vrij ontwikkelen. Een vormboom kan om die reden toegepast worden op plaatsen waar een boom wel gewenst is maar door de beperkte ruimte deze zich niet tot haar natuurlijke vorm kan ontwikkelen. De score geldt voor 3 bomen per 50 meter straatlengte. Er wordt uitgegaan van een boom van 1e of 2e orde boom. TIPS EN AANDACHTSPUNTEN • Elke boom heeft eigen eisen aan de omgeving. Kies daarom voor de juiste boom op de juiste plek. Een boom langs een weg moet bijvoorbeeld bestand zijn tegen strooizout. Een hoger gelegen plek vraagt om een boom die goed tegen droogte kan. In de bijlage is een overzicht weergegeven van soorten met eigenschappen zoals effect op verkoeling, biodiversiteit, bestandheid tegen strooizout, natte en droge periodes, en meer. Ook kan de ‘Beplantenkeuzelijst Roosendaal - bomen’ geraadpleegd worden. • Vaak wordt er onder een boom onderbegroeiing geplaatst. Dit levert extra punten op. Kijk hiervoor in de matrix bij de maatregelen onder beplantingsvakken.

TOEPASBAAR BIJ: lage grondwaterstand hoge grondwaterstand

smal straatprofiel breed straatprofiel

goed doorlatende bodem slecht doorlatende bodem

Private buitenruimte Openbare buitenruimte

INVLOED OP:

Afbeelding van Atelier Nanda Dreiseitl Sluijsmans

84 | Bomen

Binnenstedelijk gebied Buitengebied

Bomen voor insecten, bijen en vlinders Bomen zijn in het algemeen waardevol voor de biodiversiteit. Maar vooral inheemse en fruitdragende soorten bieden voedsel aan veel soorten fauna. Een reden voor het toepassen van inheemse soorten is dat deze beter op elkaar afgestemd zijn. Als het zou lukken om meer inheemse bomen en heesters aan te planten zou dat veel meer vogels, vlinders, hommels en ander insecten leefruimte bieden. Bomen voor insecten zijn vaak bomen die bloeien. Dit zorgt voor een wisselend straatbeeld met de seizoenen. De score geldt voor 3 bomen per 50 meter straatlengte. Er wordt uitgegaan van een boom van 1e of 2e boom. TIPS EN AANDACHTSPUNTEN • Elke boom heeft eigen eisen aan de omgeving. Kies daarom voor de juiste boom op de juiste plek. In de bijlage is een overzicht weergegeven van soorten met eigenschappen zoals effect op verkoeling, biodiversiteit, bestandheid tegen strooizout, natte en droge periodes, en meer. Ook kan de ‘Beplantenkeuzelijst Roosendaal - bomen’ geraadpleegd worden. • Vaak wordt er onder een boom onderbegroeiing geplaatst. Dit levert extra punten op. Kijk hiervoor in de matrix bij de maatregelen onder beplantingsvakken. • Om de biodiversiteit verder te versterken kan in de omgeving van een boom voor bijen en vlinders ook een insectenhotel geplaatst worden.

Kijk hiervoor bij de maatregel ‘Insectenhotel’ TOEPASBAAR BIJ: lage grondwaterstand hoge grondwaterstand

smal straatprofiel breed straatprofiel

goed doorlatende bodem slecht doorlatende bodem

Private buitenruimte Openbare buitenruimte

Binnenstedelijk gebied Buitengebied

INVLOED OP:

Bomen | 85

Afbeelding Amar Sjauw En Wa Afbeelding vanvan gemeente Roosendaal

Hoogstam fruitbomen In parken, bermen en op weides kunnen hoogstamfruitbomen (liefst oude rassen) worden toegepast. Fruitbomen bieden door hun nectar (tijdens de bloei) en vruchten (als deze blijven hangen als ze rijp zijn) voedsel aan veel insecten, vlinders en vogels. Natuurlijk kunnen ook de stadsbewoners de vruchten oogsten. De score geldt voor 3 bomen per 50 meter straatlengte. Er wordt uitgegaan van een boom van 2e of 3e orde boom. TIPS EN AANDACHTSPUNTEN • Elke boom heeft eigen eisen aan de omgeving. Kies daarom voor de juiste boom op de juiste plek. Een boom langs een weg moet bijvoorbeeld bestand zijn tegen strooizout. Een hoger gelegen plek vraagt om een boom die goed tegen droogte kan. In de bijlage is een overzicht weergegeven van soorten met eigenschappen zoals effect op verkoeling, biodiversiteit, bestandheid tegen strooizout, natte en droge periodes, en meer. Ook kan de ‘Beplantenkeuzelijst Roosendaal - bomen’ geraadpleegd worden. • Vaak wordt er onder een boom onderbegroeiing geplaatst. Dit levert extra punten op. Kijk hiervoor in de matrix bij de maatregelen onder beplantingsvakken. • Om de biodiversiteit verder te versterken kan in de omgeving van een boom voor bijen en vlinders ook een insectenhotel geplaatst worden of voor vogels een nestkast. Kijk hiervoor bij de maatregel ‘Insectenhotel’ en ‘Nestkasten’.

TOEPASBAAR BIJ: lage grondwaterstand hoge grondwaterstand

smal straatprofiel breed straatprofiel

goed doorlatende bodem slecht doorlatende bodem

Private buitenruimte Openbare buitenruimte

INVLOED OP:

Atelier Dreiseitl Afbeelding van opMAAT

86 | Bomen

Binnenstedelijk gebied Buitengebied

Bomenlaan of bomenrij Een bomenrij wordt meestal aangeplant om een lijnstructuur te versterken. Een bomenrij geeft een straat meer allure en de bebouwing letterlijk een hogere vastgoedwaarde. Een bomenlaan, een straat met aan weerszijde bomen, kan deel uitmaken van de groene infrastructuur van de stad. Goede groene verbindingen bieden leefruimte aan veel flora en fauna maar versterken ook de leefkwaliteit van de stadsbewoner. De bomenrij kan bestaan uit één soort of uit meerdere verschillende soorten bomen die op een vaste afstand tot elkaar staan. Om ziektes en plagen te voorkomen van de bomen is het beter om meer afwisseling in soorten aan te brengen. De keuze van de soort boom wordt bepaald door de beschikbare (ondergrondse) ruimte, de bodemgesteldheid en de uitstaling die gewenst is met betrekking tot bijvoorbeeld licht, schaduw, bladkleur en bloeiperiode. De score geldt voor een enkele bomenrij over 80% van de gehele straat (laan: beide zijden). TIPS EN AANDACHTSPUNTEN • Elke boom heeft eigen eisen aan de omgeving. Kies daarom voor de juiste boom op de juiste plek. In de bijlage is een overzicht weergegeven van soorten met eigenschappen zoals effect op verkoeling, biodiversiteit, bestandheid tegen strooizout, natte en droge periodes, en meer. Ook kan de ‘Beplantenkeuzelijst Roosendaal - bomen’ geraadpleegd worden. • Vaak wordt er onder een boom onderbegroeiing geplaatst.

Dit levert extra punten op. Kijk hiervoor in de matrix bij de maatregelen onder beplantingsvakken. TOEPASBAAR BIJ: lage grondwaterstand hoge grondwaterstand

smal straatprofiel breed straatprofiel

goed doorlatende bodem slecht doorlatende bodem

Private buitenruimte Openbare buitenruimte

Binnenstedelijk gebied Buitengebied

INVLOED OP:

Bomen | 87

Afbeelding Amar Sjauw En Wa Afbeelding vanvan atelier GROENBLAUW

Boomgroepen als coolspots

Bomen hebben, van alle type groen, het grootste verkoelende effect op het stadsklimaat. Dat komt door de schaduwvorming van het kroonoppervlakte. Hierdoor vermindert rechtstreekse zonnestraling op het aardoppervlak, waardoor het maaiveld minder opwarmt. Een minder warm oppervlak straalt ’s nachts ook minder warmte uit an de omgeving. Door verdamping van de bladeren wordt ook de luchttemperatuur in directe omgeving van een boom lager. Wanneer een aantal bomen bij elkaar staan, is dit effect dusdanig goed te ervaren, dat we van een coolspot spreken. Deze koele plekken in het stedelijk gebied zijn te maken door een aantal bomen (minimaal 3) bij elkaar te planten. De bomen vormen op termijn een min of meer gesloten bladerdak. Hierdoor ontstaat onder de bomen een aangename verblijfsplek op warme dagen. Om een boomgroep te kunnen maken moet er voldoende (ondergrondse) groeiruimte zijn. Boomgroepen kunnen geplaatst worden in parken, op pleinen, op speelplekken en op plekken in de straat waar wat meer ruimte is. De score geldt voor een boomgroep van minimaal 3 bomen van de 2e of 3e orde. TIPS EN AANDACHTSPUNTEN • Elke boom heeft eigen eisen aan de omgeving. Kies daarom voor de juiste boom op de juiste plek. In de bijlage is een overzicht weergegeven van soorten met eigenschappen zoals effect op verkoeling, biodiversiteit, bestandheid tegen strooizout, natte en droge periodes, en meer.

Ook kan de ‘Beplantenkeuzelijst Roosendaal - bomen’ geraadpleegd worden. • Houd bij het planten van groen onder de bomen rekening met de schaduwrijke omgeving. Stinzenplanten zijn voorjaarsbloeiers en doen het daarom goed onder bomen. TOEPASBAAR BIJ: lage grondwaterstand hoge grondwaterstand

smal straatprofiel breed straatprofiel

goed doorlatende bodem slecht doorlatende bodem

Private buitenruimte Openbare buitenruimte

INVLOED OP:

Afbeelding Afbeelding van van Atelier pxhereDreiseitl

88 | Bomen

Binnenstedelijk gebied Buitengebied

Aangename zitplekken in de zon en schaduw Het toevoegen van zitplekken in de openbare ruimte draagt bij aan de verblijfskwaliteit. Zitplaatsen zullen zo geplaatst moeten worden, dat deze een fijne plek zijn op frisse en op hete dagen. Bankjes kunnen bijvoorbeeld onder bomen of begroeide pergola’s geplaatst worden, zodat mensen in de zomer koelte kunnen opzoeken. Een bankje tegen een bakstenen muur, of uit de wind kan juist in het vroege voorjaar al een fijne plek zijn om buiten te verblijven. Zitplekken kunnen ook worden gecombineerd met beweegaanleidingen, randen van groenbakken en hoogteverschillen in het maaiveld. De score geldt voor elke aangename verblijfsplek waar keuze is tussen zitplekken in de zon en in de schaduw.

TOEPASBAAR BIJ: lage grondwaterstand hoge grondwaterstand

smal straatprofiel breed straatprofiel

goed doorlatende bodem slecht doorlatende bodem

Private buitenruimte Openbare buitenruimte

Binnenstedelijk gebied Buitengebied

INVLOED OP:

Gezondheid en bewegen | 89

Afbeelding van van Amar Amar Sjauw Sjauw en En Wa Wa Afbeelding

Beweegaanleidingen Een groene buitenruimte is de ideale plek om te sporten en te bewegen. Door beweegaanleidingen aan te leggen wordt dit extra gestimuleerd. Beweegaanleidingen kunnen fitnessapparaten, parcours of simpele hoogteverschillen zijn. Beweegaanleidingen zijn er voor volwassenen en kinderen en kunnen goed gecombineerd worden met het inrichten van een verblijfsplek of als onderdeel van een wandelroute. De score geldt voor het aanleggen van één parcours of cluster met (3 tot 5 objecten) beweegaanleidingen.

TOEPASBAAR BIJ: lage grondwaterstand hoge grondwaterstand

smal straatprofiel breed straatprofiel

goed doorlatende bodem slecht doorlatende bodem

Private buitenruimte Openbare buitenruimte

INVLOED OP:

Afbeelding van Atelier Dreiseitl Jessie van der Have

90 | Gezondheid en bewegen

Binnenstedelijk gebied Buitengebied

Wandelroutes verbinden of creëren voor ommetje Een stad kent van nature groene plekken en routes. Door deze met elkaar te verbinden voor voetgangers, worden aantrekkelijke routes gecreëerd voor een ommetje. Het stimuleren van beweging draagt bij aan een gezonde samenleving. Het toevoegen van zitplekken langs deze routes maakt de route ook toegankelijk voor ouderen die af en toe een rustplaats nodig hebben. De score geldt voor het creëren van een doorlopend ommetje van 1 km. TIPS EN AANDACHTSPUNTEN • Het verbinden van routes en groengebieden maakt het extra aantrekkelijker om de plekken die erlangs liggen te gebruiken. Het maken van een verbinding maakt losse investeringen in verblijfsplekken dus extra waardevol.

TOEPASBAAR BIJ: lage grondwaterstand hoge grondwaterstand

smal straatprofiel breed straatprofiel

goed doorlatende bodem slecht doorlatende bodem

Private buitenruimte Openbare buitenruimte

Binnenstedelijk gebied Buitengebied

INVLOED OP:

Gezondheid en bewegen | 91

Afbeelding van van Amar Sjauw Wa Afbeelding Emile vanEnAelst

Berm met grassen Door bermen slechts één of twee keer per jaar te maaien zullen de aanwezige grassen en ook de wilde bloeiende planten de kans krijgen om uit te groeien. Door het maaisel kort te laten liggen kan het zaad van de wilde planten in de bodem terechtkomen. Door niet alles tegelijk te maaien en steeds stukken grasland te laten staan kan je bermen creëren met veel variatie (sinusbeheer). Het hogere gras geeft bescherming en kan fungeren als stepping stones voor de dieren; dit is voor veel vlinders, inheemse bijen, vogels, zoogdieren en amfibieën heel aantrekkelijk. Ook kunnen ze er het gehele jaar door voedsel en schuilplekken vinden. De score geldt voor een berm over 80% van de gehele straat. TIPS EN AANDACHTSPUNTEN • Bij bermen die direct langs een fiets- en of voetpad liggen is het verstandig om de eerste ca. 60 cm wel kort gemaaid te houden, dit in verban met teken die vaak in de overhangende grassen zitten.

TOEPASBAAR BIJ: lage grondwaterstand hoge grondwaterstand

smal straatprofiel breed straatprofiel

goed doorlatende bodem slecht doorlatende bodem

Private buitenruimte Openbare buitenruimte

INVLOED OP:

Afbeelding van Atelier Dreiseitl atelier GROENBLAUW

92 |Bermen in het buitengebied

Binnenstedelijk gebied Buitengebied

Berm met kruidenmengsels voor insecten Bermen die ingezaaid worden met specifieke (inheemse) kruidenmengsels worden toegepast op die plekken waar extra beleving in de vorm van kleur en geur belangrijk zijn. De inheemse kruidenmengsels met bloemen zijn goed voor de wilde bijen en heel veel inheemse insecten. De gemeente Zundert heeft een zadenmengsel ontwikkeld dat als referentie gebruikt kan worden. Voorbeelden hieruit zijn Boekweit, Bolderik, Gele ganzenbloem, Gipskruid, Korenbloem, Klein streepzaad en Echte kamille. Zie de volledige lijst in de bijlage. De score geldt voor een berm over 80% van de gehele straat.

TOEPASBAAR BIJ: lage grondwaterstand hoge grondwaterstand

smal straatprofiel breed straatprofiel

Binnenstedelijk gebied Buitengebied

goed doorlatende bodem slecht doorlatende bodem

Private buitenruimte Openbare buitenruimte

INVLOED OP:

Bermen in het buitengebied | 93

Afbeelding van van Amar Amar Sjauw Sjauw En En Wa Wa Afbeelding

Berm met bomen Afhankelijk van de afmetingen van de berm is het mogelijk om bomen in een berm te planten. Bomen hebben een groot effect als het om verkoeling gaat, doordat ze schaduw en verdamping veroorzaken. Hoe groter de bladmassa, het kroonoppervlak, hoe meer effect. Bomen bieden leefruimte aan veel vogels en insecten. Een boom in een berm langs een fiets- of voetpad zorgt voor schaduw en verkoeling voor voorbijgangers op warme dagen. Welke soort bomen toepasbaar zijn hangt af van de maat van de berm (ondergrondse groeiruimte), en de eisen die de boom stelt aan de ondergrond. Indien een berm langs een weg ligt waar in de wintermaanden strooizout gebruikt wordt, is het belangrijk dat de boom hier tegen kan. In de bijlage is een overzicht weergegeven van soorten met eigenschappen zoals effect op verkoeling, biodiversiteit, bestandheid tegen strooizout, natte en droge periodes, en meer. De score geldt voor een berm over 80% van de gehele straat waarbij 3 bomen per 50 meter zijn geplaatst. TIPS EN AANDACHTSPUNTEN • De berm kan ingezaaid worden met een mengsel voor onderbegroeiing die bestand is tegen de schaduw en de concurrentie om voedsel en water onder de boom. Dit levert een extra punt op voor biodiversiteit. Dit staat in weergegeven in de matrix.

• Is een berm noordzuid georiënteerd, houd er dan rekening mee dat het effect van de schaduw minder is op het heetste moment van de dag. TOEPASBAAR BIJ: lage grondwaterstand hoge grondwaterstand

smal straatprofiel breed straatprofiel

goed doorlatende bodem slecht doorlatende bodem

Private buitenruimte Openbare buitenruimte

INVLOED OP:

Afbeelding van Atelier Dreiseitl Nanda Sluijsmans

94 |Bermen in het buitengebied

Binnenstedelijk gebied Buitengebied

Geveltuin Het verwijderen van een rij tegels langs de gevel zorgt ervoor dat regenwater dat van de gevel afstroomt kan infiltreren en helpt mee om een groener straatbeeld te creëren. Ook kan het water van een afgekoppelde regenpijp in een geveltuintje worden opgevangen. Door klimplanten in de geveltuin te plaatsen, blijft het begroeide deel van de gevel in de zomer koel. Je kunt kiezen voor ‘eetbaar groen’ of vogel- en vlindervriendelijke soorten. De score geldt voor een geveltuin over 60% van de gehele straat (weerszijden). TIPS EN AANDACHTSPUNTEN • Plant eventuele klimplanten zover mogelijk van de gevel af zodat de wortels meer water opvangen, hoe dichter tegen de gevel hoe droger het is. Let hier ook op bij de keuze van de beplanting. • Sluit aan bij de richtlijnen van Roosendaal, zoals maximaal 30 cm van de gevel af, maximaal 30 cm de grond in en minimaal 1,50 meter stoep overhouden. • Bied bij de herinrichting van de straat het aanleggen van een geveltuin aan.

TOEPASBAAR BIJ: lage grondwaterstand hoge grondwaterstand

smal straatprofiel breed straatprofiel

goed doorlatende bodem slecht doorlatende bodem

Private buitenruimte Openbare buitenruimte

Binnenstedelijk gebied Buitengebied

INVLOED OP:

Bewoners | 95

Afbeelding Amar Sjauw En Wa Afbeelding vanvan atelier GROENBLAUW

Regenton De regenton is de meest eenvoudige en makkelijk te installeren regenwaterbuffervoorziening voor het benutten van regenwater. Het regenwater zal in de meeste gevallen gebruikt worden voor het begieten van planten. Regentonnen zijn er in allerlei vormen en maten tot ca. 200 liter. De regenton moet voorzien worden van een overstort en het is aan te raden om een bladvang te plaatsen. Door de beperkte opslagcapaciteit is het rendement voor tijdelijke opslag beperkt maar de regenton is goed voor het verhogen van het waterbewustzijn. Bij sterke neerslag zal de ton snel overstorten. De score geldt voor het koppelen van regentonnen aan 50% van de regenpijpen aan de achterzijde van de woningen.

TOEPASBAAR BIJ: lage grondwaterstand hoge grondwaterstand

smal straatprofiel breed straatprofiel

goed doorlatende bodem slecht doorlatende bodem

Private buitenruimte Openbare buitenruimte

INVLOED OP:

Afbeelding van Atelier Dreiseitl Tuinbranche Nederland

96 |Bewoners

Binnenstedelijk gebied Buitengebied

Groene gevel Groene gevels houden de gevel koel in de zomer en de niet-bladverliezende soorten isoleren in de winter. Groene gevels bieden ook ruimte aan flora en fauna. Er zijn verschillende manieren om een groene gevel aan te leggen; met zelfklimmende planten of met een klimconstructie. Een groene gevel kan gerealiseerd worden bij een openbaar gebouw, particuliere bebouwing, maar ook bij elektriciteithuisjes of bushokjes. De score geldt voor groene gevels over 60% van de gehele straat (weerszijden). TIPS EN AANDACHTSPUNTEN • Plaats de planten zo mogelijk iets van de gevel af zodat de wortels meer ruimte hebben en makkelijker aan water kunnen komen, hoe dichter tegen de gevel hoe droger het is. • Let bij de keuze van de beplanting op de mate van droogte en de oriëntatie op de zon. • Geef regelmatig water tijdens lange periodes van droogte.

TOEPASBAAR BIJ: lage grondwaterstand hoge grondwaterstand

smal straatprofiel breed straatprofiel

goed doorlatende bodem slecht doorlatende bodem

Private buitenruimte Openbare buitenruimte

Binnenstedelijk gebied Buitengebied

INVLOED OP:

Bewoners | 97

Afbeelding van van Monique Amar Sjauw En Wa Afbeelding Hoogland

Groen- of natuurdak Er zijn verschillende soorten groene daken: een lichtgewicht sedum kruidendak, natuurdak, en extra waterbergende retentiedaken. Op bestaande daken kan, vanwege het extra gewicht, meestal alleen een sedum/kruidendak worden toegepast. Een natuurdak met verschillende hoogtes van de groeilaag heeft al wat meer gewicht en een retentiedak vormt een nog grotere belasting. Een natuurdak heeft een gevarieerde beplanting en een in hoogte variërende substraatlaag: deze is nodig om ook grotere beplanting zoals kruiden en heesters te laten groeien. Onder de substraatlaag bevindt zich een drainagelaag of drainagesysteem, een wortelkerende laag en een waterkerende laag en hieronder de dakconstructie en isolatie. Een natuurdak levert dan ook een bijdrage aan de stedelijke biodiversiteit. Een retentiedak heeft extra ruimte voor het vasthouden van regenwater en is hierdoor zwaarder. Alle groendaken houden regenwater vast, dragen bij aan het minder opwarmen van het dak. Natuurdaken en retentiedaken kunnen gerealiseerd worden op nieuwe gebouwen hier kan rekening gehouden worden met de zwaardere belasting. De score geldt voor een groendak over 60% van de platte daken van schuren en uitbouwen. TIPS EN AANDACHTSPUNTEN • Een groendak moet met een overstort aangesloten worden op de regenwaterafvoer.

• Wanneer de constructie niet voldoende sterk is om het gewicht van een natuurdak (100-300 kg/m2) te dragen, kan gekozen worden voor een sedumdak (80-130 kg/m2). TOEPASBAAR BIJ: lage grondwaterstand hoge grondwaterstand

smal straatprofiel breed straatprofiel

goed doorlatende bodem slecht doorlatende bodem

Private buitenruimte Openbare buitenruimte

INVLOED OP:

Afbeelding van Atelier Dreiseitl Afbeeldingsbron De Dakdokters

98 |Bewoners

Binnenstedelijk gebied Buitengebied

Groene erfafscheiding Voor erfafscheiding kan gekozen worden voor groen in plaats van een hekwerk, schutting of muur. Een groene afscheiding kan in de vorm van een heg, begroeide hekwerken, bossages of pergola. Groene erfafscheidingen dragen bij aan een koelere omgeving doordat de bladeren water verdampen. Zoals alle vormen van beplanting zorgen ze door de betere doorworteling van de ondergrond ook voor meer opnamecapaciteit van regenwater in de ondergrond. Groene erfafscheidingen zijn beter voor de biodiversiteit: hagen en struiken bieden schuilplaatsen en voedsel aan veel soorten vogels en insecten. De score geldt voor een tweezijdige groene erfafscheiding over 60% van de gehele straat (weerszijden). TIPS EN AANDACHTSPUNTEN • Houd rekening met vraat van dieren. Het kan niet overal. Eventueel kan pleksgewijs worden ingeplant (denk aan de kruidentuin/entree) of aan de buitenzijde van het hekwerk (straatkant).

TOEPASBAAR BIJ: lage grondwaterstand hoge grondwaterstand

smal straatprofiel breed straatprofiel

goed doorlatende bodem slecht doorlatende bodem

Private buitenruimte Openbare buitenruimte

Binnenstedelijk gebied Buitengebied

INVLOED OP:

Bewoners | 99

Afbeelding van van Amar SjauwAnholts En Wa Afbeelding Tatjana

Nestkasten Een nestkasten voor vogels om te schuilen en om een nestje in te maken, dragen bij aan een aantrekkelijk leefgebied voor vogels. De plek is wel belangrijk. De vogels moeten zich veilig voelen, dus een rustige locatie die veilig aan te vliegen is, is cruciaal. Verder is het belangrijk dat een nestkastje niet in de volle zon hangt en beschut is tegen de wind. Katten mogen er niet bij kunnen. Een nestkast kan op een muur of aan een boom worden bevestigd. Elke vogel heeft eigen wensen. Mussen zitten graag in een kolonie bij elkaar. Mezen zijn gauw bang. Zij zoeken een plek met bomen of struiken in de buurt. Zwaluwen broeden onder oude dakpannen. Hiervoor kun je gewone dakpannen vervangen voor en zwaluwdakpan. Nestkastjes, of vogelhuisjes, zijn er in vele vormen en maten, en in diverse uitvoeringen voor de verschillende soorten vogels. Zo is een kastje met een opening van 26-28 mm gunstig voor verschillende soorten mussen. Een opening van 32 mm is voor de koolmees en boomklever geschikt, 35 mm voor de bonte vliegenvanger en de veld- en huismus. Een opening van 48 mm is voor bijvoorbeeld het roodstaartje goed. De score geldt voor 3 nestkasten over 50 meter, mits goed geplaatst.

TOEPASBAAR BIJ: lage grondwaterstand hoge grondwaterstand

smal straatprofiel breed straatprofiel

goed doorlatende bodem slecht doorlatende bodem

Private buitenruimte Openbare buitenruimte

INVLOED OP:

Atelier Dreiseitl Afbeelding van Uitvindershof Den Haag

100 |Bewoners

Binnenstedelijk gebied Buitengebied

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.roosendaal.nl/api/v1/meetings/1170/documents/30350