CConstaterende datRoosendaal
Koppel je AI →
Document · PDF

3 TAM-omgevingsplan Oude Centrum REGELS

Gemeenteraad 15 oktober 2026, gemeente RoosendaalBij agendapunt: 6a: Raadsvoorstel Vaststelling TAM-omgevingsplan Oude Centrum1.573 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

TAM-omgevingsplan Oude Centrum Regels Pre-ambule Dit TAM-omgevingsplan is een verwerking van de voorbeschermingsregels van het besluit van 22 mei 2025 gericht op toevoegen van een regelkwalificatie aan enkele functies en activiteiten in het centrum en vormt juridisch een nieuw hoofdstuk (hoofdstuk 22H) van het omgevingsplan van de gemeente Roosendaal. Dit hoofdstuk is op grond van artikel 11.1, tweede lid, van het Besluit elektronische publicaties bekend gemaakt en digitaal beschikbaar gesteld via de landelijke voorziening ruimtelijke plannen (www.ruimtelijkeplannen.nl) en vervolgens vanaf de ontwerp omgevingsplanwijziging automatisch ontsloten in het nieuwe omgevingsloket, regels op de kaart (Omgevingsloket, Regels op de kaart). Een concept TAM-omgevingsplan wordt niet ontsloten in het omgevingsloket, omdat het omgevingsloket deze fase niet faciliteert. Dit omgevingsdocument wordt opgenomen als deel van het omgevingsplan (hierna: dit deel). De in dit deel weergegeven hoofdstukken moeten gelezen worden als paragrafen van hoofdstuk '22H' van het omgevingsplan van de gemeente Roosendaal. In de artikelkop van de in dit deel weergegeven artikelen moet na het woord 'Artikel', na de spatie en direct voor het artikelnummer ‘22H’ gelezen worden.

In de kop van de bijlagen bij het in dit deel weergegeven hoofdstuk moet na het woord 'Bijlage', na de spatie en direct voor het nummer van de bijlage ‘22H’ gelezen worden. Een TAM-omgevingsplan is een wijziging van een deel van het gemeentelijke omgevingsplan, waarbij voor het verbeelden van het TAM-omgevingsplan in de viewer, gebruik is gemaakt van de oude technische standaard voor het plantype bestemmingsplan, zoals die gold voor de invoering van de Omgevingswet. Hierdoor komt de legenda niet helemaal overeen met de benaming van de koppen in de juridische regels. Zo worden bestemmingen in de regels beschreven als functies. Dubbelbestemmingen en/of gebiedsaanduidingen worden in de regels waarden- en beperkingengebieden genoemd.

Hoofdstuk 1 Inleidende regels Artikel 1 Begripsbepalingen In deze regels wordt verstaan onder: 1.1 plan het TAM-Omgevingsplan 'Oude Centrum' met identificatienummer NL.IMRO.1674.0015TAMOPOUDCENTR-0401 van de gemeente Roosendaal; 1.2 het TAM-omgevingsplan tijdelijke alternatieve maatregel om een wijzigingsbesluit voor het omgevingsplan op te stellen met gebruikmaking van de IMRO-standaard; 1.3 aanduiding Een geometrisch bepaald vlak of figuur, waarmee gronden zijn aangeduid, waar ingevolge de regels, regels worden gesteld ten aanzien van het gebruik en/of het bebouwen van deze gronden; 1.4 aanduiding grens De grens van een aanduiding indien het een vlak betreft; 1.5 bestaande situatie a. Bouwwerken, zoals aanwezig op het tijdstip van de ter inzagelegging van het ontwerp omgevingsplan, dan wel mogen worden gebouwd krachtens een vóór dat tijdstip aangevraagde vergunning; b.

Het gebruik van grond en opstallen, zoals aanwezig op het tijdstip dat het omgevingsplan rechtskracht heeft gekregen; 1.6 gebouw Een bouwwerk, dat een voor mensen toegankelijke overdekte, geheel of gedeeltelijk met wanden omsloten ruimte vormt; 1.7 wonen Het gehuisvest zijn in een woning/wooneenheid, zoals omschreven in onderhavige begripsbepalingen; 1.8 woning Een (gedeelte van een) gebouw, dat dient voor de huisvesting van één afzonderlijke huishouding, niet zijnde een bijzondere woonvorm, en/of voor de huisvesting van maximaal twee personen die geen huishouding met elkaar voeren. Artikel 2 Toepassingsbereik 2.1 Geometrische begrenzing De regels in dit hoofdstuk (22H) zijn van toepassing op de gronden van de werkingsgebieden, waarvan de geometrisch bepaalde planobjecten zijn vervat in het gml-bestand met identificatienummer NL.IMRO.1674.0015TAMOPOUDCENTR-0401, zoals beschikbaar gesteld in de landelijke voorziening voor ruimtelijke plannen (www.ruimtelijkeplannen.nl) en vervolgens vanaf de ontwerp omgevingsplanwijziging automatisch ontsloten is in het nieuwe omgevingsloket, regels op de kaart (Omgevingsloket, Regels op de kaart). 2.2 Integratie omgevingsplan gemeente Roosendaal 2.2.1 Integratie bruidsschat a.

De regels in hoofdstuk 22 (zonder lettertoevoeging) van het omgevingsplan gemeente Roosendaal zijn van overeenkomstige toepassing op de locatie van dit TAM-omgevingsplan. b. Als de regels uit hoofdstuk 22 (zonder lettertoevoeging) van het omgevingsplan gemeente Roosendaal op enig moment een andere plek in de structuur krijgen, blijven de regels van overeenkomstige toepassing met inachtneming van de daarop doorgevoerde wijzigingen. 2.2.2 Voorrangsregels specifieke bepalingen TAM-omgevingsplan In afwijking van het bepaalde in 2.2.1 zijn de bepalingen in de volgende artikelen van het omgevingsplan gemeente Roosendaal niet van toepassing, voor zover het bepaalde in die artikelen in strijd is met de regels in dit TAM-omgevingsplan: a. de bepalingen in paragraaf 22.2.7.3; b. de bepalingen in afdeling 22.3. 2.2.3 Integratie ruimtelijke regels omgevingsplan tijdelijk deel 1. Op de locatie bedoeld in 2.1 zijn de regels in dit hoofdstuk (22H) van het omgevingsplan aanvullend op de regels in de besluiten als bedoeld in artikel 4.6, eerste lid, onder a, b, c, g, h, i, j, k, l of m, van de Invoeringswet Omgevingswet, bedoeld in het derde lid. 2. De regels van het omgevingsplan gemeente Roosendaal onverminderd van toepassing op de locatie zoals bedoeld in 2.1, voor zover de regels in dit TAM-omgevingsplan deze regels niet hebben gewijzigd.

In geval van strijdigheid prevaleren de regels uit dit TAM- omgevingsplan boven de regels uit het tijdelijk deel omgevingsplan als bedoeld in artikel 4.6, eerste lid, onder a, b, c, g, h, i, j, k, l of m, van de Invoeringswet Omgevingswet, bedoeld in het derde lid. Hoofdstuk 2 Functies en activiteiten Artikel 3 Aanvullende regels Oude Centrum 3.1 Vergunningplicht wonen op de begane grond of centrumvoorziening 1. Het is verboden zonder omgevingsvergunning de volgende activiteiten nieuw te verrichten of bestaand legale activiteiten uit te breiden op de begane grond binnen de gebiedsaanduiding: a. ‘overige zone - vergunning 1’: wonen op de begane grond; b. ‘overige zone - vergunning 2’: detailhandel; c. ‘overige zone - vergunning 3’: i. kantoren; ii. maatschappelijk; iii. dienstverlening; iv. ambachtelijk bedrijfsactiviteit in de milieucategorie 1 & 2; v. detailhandel; en vi. horeca. 2. Een omgevingsvergunning als bedoeld in het eerste lid wordt verleend als wordt voldaan aan de aanvullende beoordelingsregels, zoals opgenomen in artikel 3.3. 3.2 Uitzondering vergunningplicht wonen op de begane grond of centrumvoorziening De vergunningplicht zoals opgenomen in artikel 3.1, eerste lid onder c geldt niet voor aan huis gebonden beroepen, ondergeschikte activiteiten én activiteiten bij een bestaande of vergunde woning, mits: a.

de activiteit wordt uitgevoerd door de bewoner van de woning; en b. wordt voldaan aan de andere in het omgevingsplan geldende regels. 3.3 Beoordelingsregels omgevingsvergunning wonen op de begane grond of centrumvoorziening 1. In de gebiedsaanduiding ‘overige zone - vergunning 1’ gelden de volgende beoordelingsregels: a. er op de verdiepingen al bewoning plaatsvindt; b. gedurende een periode van ten minste 5 jaar geen ander gebruik heeft plaatsgevonden; c. er sprake is van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat; en d. de activiteit levert geen onevenredige aantasting van: i. het straat- en bebouwingsbeeld; ii. het karakter van het omliggende gebied; iii. de gebruiksmogelijkheden van aangrenzende gronden en bouwwerken. 2. In de gebiedsaanduiding ‘overige zone - vergunning 2’ gelden de volgende beoordelingsregels: a. gedurende een periode van ten minste 5 jaar geen ander gebruik heeft plaatsgevonden; b. de activiteit vindt uitsluitend op de begane grond plaats; c. de activiteit levert een bijdrage aan het voorzieningenniveau in de buurt; d. de activiteit niet leidt tot een ontwrichting van de detailhandelssituatie; e. er wordt voldaan aan de Nota parkeernormen, zoals deze van kracht is op het moment dat een aanvraag om een omgevingsvergunning wordt ingediend; en f. de activiteit levert geen onevenredige aantasting van: i. het straat- en bebouwingsbeeld; ii.

het omliggende woonkarakter; iii. de woon- en leefsituatie; iv. de verkeersveiligheid; v. de gebruiksmogelijkheden van aangrenzende gronden en bouwwerken. 3. In de gebiedsaanduiding ‘overige zone - vergunning 3’ gelden de volgende beoordelingsregels: a. gedurende een periode van ten minste 5 jaar geen ander gebruik heeft plaatsgevonden; b. de activiteit vindt uitsluitend op de begane grond plaats; c. de activiteit levert een bijdrage aan het voorzieningenniveau in de buurt; d. de detailhandelsactiviteit niet leidt tot een ontwrichting van de detailhandelssituatie; e. een ambachtelijke bedrijfsactiviteit bedraagt niet meer dan 100 m2 bvo; f. er wordt voldaan aan de Nota parkeernormen, zoals deze van kracht is op het moment dat een aanvraag om een omgevingsvergunning wordt ingediend; en g. de activiteit levert geen onevenredige aantasting van: i. het straat- en bebouwingsbeeld; ii. het omliggende woonkarakter; iii. de woon- en leefsituatie; iv. de verkeersveiligheid; v. de gebruiksmogelijkheden van aangrenzende gronden en bouwwerken. Hoofdstuk 3 Algemene regels Artikel 4 Anti-dubbeltelbepaling Grond die eenmaal in aanmerking is genomen bij het toestaan van een bouwplan waaraan uitvoering is gegeven of alsnog kan worden gegeven, blijft bij de beoordeling van latere bouwplannen buiten beschouwing. Hoofdstuk 4 Overgangs- en slotregels Artikel 5 Overgangsrecht 1.

Het gebruik van grond en bouwwerken dat bestond op het tijdstip van inwerkingtreding van dit TAM-omgevingsplan en hiermee in strijd is, mag worden voortgezet. 2. Het is verboden het met het omgevingsplan strijdige gebruik, bedoeld in het bepaalde in lid 1 te veranderen of te laten veranderen in een ander met dat plan strijdig gebruik, tenzij door deze verandering de afwijking naar aard en omvang wordt verkleind. 3. Indien het gebruik, bedoeld in lid 1, na het tijdstip van inwerkingtreding van het plan voor een periode langer dan een jaar wordt onderbroken, is het verboden dit gebruik daarna te hervatten of te laten hervatten. 4. Lid 1 is niet van toepassing op het gebruik, dat reeds in strijd was met het voorheen geldende omgevingsplan op de locatie, daaronder begrepen de overgangsbepalingen van dat plan. Artikel 6 Slotregel Deze regels worden aangehaald als: Regels van het TAM-omgevingsplan Oude Centrum.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.roosendaal.nl/api/v1/meetings/1960/documents/55148