1691389-E-VNG-Wijziging Model Verordening individuele inkomenstoeslag
Tekst van het document
Vereniging van Nederlandse Gemeenten Nassaulaan 12 Den Haag | Postbus 30435 | 2500 GK Den Haag 070 - 373 83 93 | info@vng.nl | vng.nl 1/2 Geachte leden van college en gemeenteraad, Met deze ledenbrief informeren wij u over een kleine wijziging in de Model Verordening individuele inkomenstoeslag. Wij adviseren u deze wijziging in de eigen verordening over te nemen. Aanleiding Op 1 januari 2027 treedt fase 3 van de Participatiewet in balans in werking. In deze fase wordt het voor gemeenten mogelijk om de individuele inkomenstoeslag niet alleen op aanvraag toe te kennen, maar ook ambtshalve. Het is gewenst de Model Verordening individuele inkomenstoeslag op dit punt aan te vullen. Wijziging van de Model Verordening individuele inkomenstoeslag De wijziging in de Model Verordening individuele inkomenstoeslag is hieronder kort benoemd. Deze wijziging is toegelicht in de was-wordt-tabel die als bijlage 2 bij deze brief is gevoegd. Met de wijziging wordt in de modelverordening geëxpliciteerd dat naast de toekenning op aanvraag ook ambtshalve toekenning van een individuele inkomenstoeslag tot de mogelijkheden behoort. We hebben van de gelegenheid gebruikgemaakt om een kleine technische verbetering door te voeren. Zo is in de verordening de term ‘verzoek’ vervangen door ‘aanvraag’ om beter aan te sluiten bij de wetstekst.
Omdat het een kleine wijziging betreft die verder voor zich spreekt, is er geen implementatiehandleiding opgesteld en bijgevoegd. Bijlagen Deze ledenbrief bevat 4 bijlagen: Bijlage 1 – Raadsbesluit Wijziging Model Verordening individuele inkomenstoeslag Bijlage 2 – Was-wordt-tabel Wijziging Model Verordening individuele inkomenstoeslag Bijlage 3 – Model Verordening individuele inkomenstoeslag met wijzigingen bijhouden Bijlage 4 – Model Toelichting Verordening individuele inkomenstoeslag met wijzigingen bijhouden Aan de leden Onderwerp Wijziging Model Verordening individuele inkomenstoeslag Datum 9 juli 2026 Ons kenmerk U202600340 Lbr. 26/022 Bijlage(n) 4 Vereniging van Nederlandse Gemeenten 2/2 Meer informatie De geconsolideerde teksten van de VNG-modellen (met de bijbehorende toelichtingen) zijn te raadplegen via de Kennisbank Decentrale Regelgeving. Vragen Voor vragen over deze ledenbrief kunt u terecht bij het Klantcontactcentrum van de VNG, via 070- 3738393 of e-mail: info@vng.nl. Met vriendelijke groet, Vereniging van Nederlandse Gemeenten dr. mr. L.K.
Geluk Algemeen directeur Vereniging van Nederlandse Gemeenten Nassaulaan 12 Den Haag | Postbus 30435 | 2500 GK Den Haag 070 - 373 83 93 | info@vng.nl | vng.nl 1/3 Bijlage 1: Model Raadsbesluit tot wijziging Verordening individuele inkomenstoeslag (gewijzigd model, juli 2026) Leeswijzer Dit VNG modelwijzigingsbesluit biedt verschillende mogelijkheden tot aanpassing aan de lokale situatie van een gemeente. Deze worden expliciet gemaakt door blokhaken en een korte instructie in blauw. Deze zijn ook eenvoudig te vinden door te zoeken (Ctrl+F) op een blokhaak ([) in de tekst. - [invullen: …] of [invullen: iets] = door gemeente in te vullen, zie bijvoorbeeld artikel I. - [kies optie: iets OF iets] = door gemeente te kiezen, zie bijvoorbeeld artikel II. Het model is opgemaakt in de Word-importstijlen van KOOP. Het model kan hierdoor na aanpassing eenvoudig worden geüpload in DROP voor publicatie. Zie voor meer informatie: DROP | Decentrale Regelgeving en Officiële Publicaties | Voor overheden | KOOP Kennis- en exploitatiecentrum officiële overheidspublicaties. Voorafgaand aan het aanbieden aan de gemeenteraad en het uploaden moeten de keuzes zijn gemaakt en moeten deze leeswijzer, de blauwe teksten en de kop- & voettekst zijn verwijderd. Vereniging van Nederlandse Gemeenten 2/3 Nadere uitleg en instructies zijn opgenomen in de implementatiehandleiding die hoort bij dit model.
Bij dit model hoort ook een model toelichting in de vorm van een was/wordt tabel met toelichting voor de gemeenteraad. Besluit van de raad van de gemeente [invullen: naam gemeente ] tot wijzigin g van de Verordening individuele inkomenstoeslag [invullen: naam gemeente en eventueel jaartal ] (Verordening individuele inkomenstoeslag [invullen: naam gemeente en eventueel jaartal ]) De raad van de gemeente [invullen: naam gemeente]; gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van [invullen: datum en nummer]; gelet op artikel 8, eerste lid, aanhef en onderdeel b, en tweede lid, van de Participatiewet ; gezien het advies van de [invullen: naam commissie]; besluit: Artikel I De [invullen: citeertitel Verordening individuele inkomenstoeslag] wordt als volgt gewijzigd: A. Artikel 2 komt te luiden: Artikel 2. Verlening 1. De individuele inkomenstoeslag kan, overeenkomstig artikel 36, eerste lid, van de Participatiewet, ambtshalve of op aanvraag worden verleend. Vereniging van Nederlandse Gemeenten 3/3 2. Een aanvraag wordt ingediend middels een door het college vastgesteld formulier. Artikel II Dit besluit [kies optie: treedt in werking op OF treedt in werking op de dag na publicatie en werkt terug tot en met] 1 januari 2027. Aldus vastgesteld in de openbare raadsvergadering van [invullen: datum].
De voorzitter, De griffier, Vereniging van Nederlandse Gemeenten Nassaulaan 12 Den Haag | Postbus 30435 | 2500 GK Den Haag 070 - 373 83 93 | info@vng.nl | vng.nl 1/3 Bijlage 2: Model Was-wordt-tabel wijzigingsbesluit Verordening individuele inkomenstoeslag (gewijzigd model, juli 2026) Leeswijzer Deze VNG modeltoelichting was-wordt-tabel bij wijzigingsbesluit biedt verschillende mogelijkheden tot aanpassing aan de lokale situatie van een gemeente. Deze worden expliciet gemaakt door blokhaken en een korte instructie in blauw. Deze zijn ook eenvoudig te vinden door te zoeken (Ctrl+F) op een blokhaak ([) in de tekst. - [invullen: …] of [invullen: iets] = door gemeente in te vullen, zie bijvoorbeeld het opschrift. Voorafgaand aan het aanbieden aan de gemeenteraad moeten de keuzes zijn gemaakt en moeten deze leeswijzer, de blauwe teksten en de kop- & voettekst zijn verwijderd. Deze modeltoelichting sluit aan bij het model wijzigingsbesluit. Als op onderdelen andere keuzes gemaakt worden dan in het model wijzigingsbesluit zijn gemaakt, dan sluit deze toelichting mogelijk niet aan, en moet de toelichting dus worden aangepast op de gemaakte keuzes. De modeltoelichting kan worden gebruikt als toelichting aan de gemeenteraad bij het voorstel tot vaststelling van het wijzigingsbesluit.
De toelichting wordt niet door de raad vastgesteld en daarom ook niet gepubliceerd in het gemeenteblad met het wijzigingsbesluit. Vereniging van Nederlandse Gemeenten 2/3 Toelichting bij het besluit van de raad van de gemeente [invullen: naam gemeente] tot wijziging van de Verordening individuele inkomenstoeslag [invullen: naam gemeente en eventueel jaartal] (Verordening individuele inkomenstoeslag [invullen: naam gemeente en eventueel jaartal]) De was-wordt-tabel maakt zichtbaar wat er concreet wijzigt in de verordening ten opzichte van de huidige verordening doordat te wijzigen passages naast elkaar zijn geplaatst, waarbij wijzigingen in de bestaande tekst zijn gecursiveerd en wijzigingen in de nieuwe tekst vet zijn gedrukt. Waar nodig volgt er een nadere toelichting op de wijziging(en). Artikel I, onderdeel A. Artikel 2 komt te luiden: Bestaande tekst Nieuwe tekst Artikel 2. Indienen verzoek Een verzoek als bedoeld in artikel 36, eerste lid, van de Participatiewet, wordt ingediend middels een door het college vastgesteld formulier. Artikel 2. Verlening 1. De individuele inkomenstoeslag kan, overeenkomstig artikel 36, eerste lid, van de Participatiewet, ambtshalve of op aanvraag worden verleend. 2. Een aanvraag wordt ingediend middels een door het college vastgesteld formulier.
De Participatiewet in balans heeft artikel 36, eerste lid, van de Participatiewet dusdanig gewijzigd dat het college aan een persoon ook Vereniging van Nederlandse Gemeenten 3/3 ambtshalve een individuele inkomenstoeslag kan verlenen. Voorheen was de individuele inkomenstoeslag alleen op aanvraag verkrijgbaar. Het eerste lid maakt duidelijk dat het college de bevoegdheid heeft om zowel ambtshalve als op aanvraag tot verlening over te gaan, maar verandert niets aan datgene dat al in de wet is geregeld. Het tweede lid bepaalt dat de aanvraag moet worden ingediend met een door het college vastgesteld formulier. Het gaat dan om een schriftelijke aanvraag (artikel 4:1 van de Awb) die wordt ondertekend door de aanvrager en ten minste de naam en het adres van de aanvrager bevat, de dagtekening en een aanduiding van de beschikking die wordt gevraagd (artikel 4:2, eerste lid, van de Awb). De aanvrager verschaft ook de gegevens en bescheiden die voor de beslissing op de aanvraag nodig zijn en waarover hij redelijkerwijs de beschikking kan krijgen (artikel 4:2, tweede lid, van de Awb). Het verplichte gebruik van een aanvraagformulier zorgt voor een efficiëntere afhandeling van aanvragen en voorkomt dat noodzakelijke gegevens voor de beoordeling van het recht op de individuele inkomenstoeslag bij de aanvraag ontbreken. Daarmee wordt de aanvrager ontlast.
Vereniging van Nederlandse Gemeenten Nassaulaan 12 Den Haag | Postbus 30435 | 2500 GK Den Haag 070 - 373 83 93 | info@vng.nl | vng.nl 1/4 Bijlage 3: Model Verordening individuele inkomenstoeslag (gewijzigd model, juli 2026) Leeswijzer Deze VNG modelverordening biedt verschillende mogelijkheden tot aanpassing aan de lokale situatie van een gemeente. Deze worden expliciet gemaakt door blokhaken en een korte instructie in blauw. Deze zijn ook eenvoudig te vinden door te zoeken (Ctrl+F) op een blokhaak ([) in de tekst. - [invullen: …] of [invullen: iets] = door gemeente in te vullen, zie bijvoorbeeld artikel 3. - [kies optie: iets OF iets] = door gemeente te kiezen, zie bijvoorbeeld artikel 1. - [(bijvoorbeeld: iets)] = een voorbeeld ter illustratie of uitleg voor gemeente, zie bijvoorbeeld artikel 3. Het model is opgemaakt in de Word-importstijlen van KOOP. Het model kan hierdoor na aanpassing eenvoudig worden geüpload in DROP voor publicatie. Zie voor meer informatie: DROP | Decentrale Regelgeving en Officiële Publicaties | Voor overheden | KOOP Kennis- en exploitatiecentrum officiële overheidspublicaties. Vereniging van Nederlandse Gemeenten 2/4 Voorafgaand aan het aanbieden aan de gemeenteraad en het uploaden moeten de keuzes zijn gemaakt en moeten deze leeswijzer, de blauwe teksten en de kop- & voettekst zijn verwijderd.
Nadere uitleg en instructies zijn opgenomen in de implementatiehandleiding die hoort bij dit model. Bij dit model hoort ook een model toelichting voor de gemeenteraad. Besluit van de raad van de gemeente [invullen: naam gemeente ] tot vaststelling van de Verordening individuele inkomenstoeslag [invullen: naam gemeente en eventueel jaartal ] (Verordening individuele inkomenstoeslag [invullen: naam gemeente en eventueel jaartal ]) De raad van de gemeente [invullen: naam gemeente]; gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van [invullen: datum en nummer]; gelet op artikel 8, eerste lid, aanhef en onderdeel b, en tweede lid, van de Participatiewet ; gezien het advies van de [invullen: naam commissie]; besluit vast te stellen de volgende verordening: Verordening individuele inkomenstoeslag [invullen: naam gemeente en eventueel jaartal] Artikel 1. Begrippen In deze verordening wordt verstaan onder: - inkomen: totaal van het inkomen, bedoeld in artikel 32 van de Participatiewet, en de algemene bijstand; - peildatum: datum waartegen een persoon individuele inkomenstoeslag aanvraagt; - referteperiode: periode van [kies optie: drie OF vijf] jaar voorafgaand aan de peildatum. Artikel 2.
Indienen verzoek Vereniging van Nederlandse Gemeenten 3/4 Een verzoek als bedoeld in artikel 36, eerste lid, van de Participatiewet, wordt ingediend middels een door het college vastgesteld formulier. Artikel 2. Verlening 1. De individuele inkomenstoeslag kan, overeenkomstig artikel 36, eerste lid, van de Participatiewet, ambtshalve of op aanvraag worden verleend. 2. Een aanvraag wordt ingediend middels een door het college vastgesteld formulier. Artikel 3. Langdurig laag inkomen Een persoon heeft een langdurig laag inkomen als bedoeld in artikel 36, eerste lid, van de Participatiewet als gedurende de referteperiode het in aanmerking te nemen inkomen niet hoger is dan [invullen: percentage (bijvoorbeeld: 110)] procent van de toepasselijke bijstandsnorm. Artikel 4. Hoogte individuele inkomenstoeslag 1. Een individuele inkomenstoeslag bedraagt per kalenderjaar: a. [invullen: bedrag (bijvoorbeeld: € 500)] voor een alleenstaande; b. [invullen: bedrag (bijvoorbeeld: € 600)] voor een alleenstaande ouder; c. [invullen: bedrag (bijvoorbeeld: € 700)] voor gehuwden. 2. Als een van de gehuwden is uitgesloten van het recht op individuele inkomenstoeslag ingevolge de artikelen 11 of 13, eerste lid, van de Participatiewet, komt de rechthebbende echtgenoot in aanmerking voor een individuele inkomenstoeslag naar de hoogte die voor hem als alleenstaande of alleenstaande ouder zou gelden. 3.
Voor toepassing van het eerste en tweede lid is de situatie op de peildatum bepalend. Vereniging van Nederlandse Gemeenten 4/4 4. De bedragen genoemd in het eerste lid worden jaarlijks geïndexeerd overeenkomstig de ontwikkelingen van de consumentenprijsindex volgens het Centraal Bureau voor de Statistiek. De bedragen worden naar boven afgerond op hele euro’s. Artikel 5. Intrekken oude verordening De [invullen: citeertitel ‘oude’ verordening langdurigheidstoeslag] wordt ingetrokken. Artikel 6. Inwerkingtreding en citeertitel 1. Deze verordening treedt in werking op 1 januari 2015. 2. Deze verordening wordt aangehaald als: Verordening individuele inkomenstoeslag [invullen: naam gemeente en eventueel jaartal]. Aldus vastgesteld in de openbare raadsvergadering van [invullen: datum]. De voorzitter, De griffier, Vereniging van Nederlandse Gemeenten Nassaulaan 12 Den Haag | Postbus 30435 | 2500 GK Den Haag 070 - 373 83 93 | info@vng.nl | vng.nl 1/10 Bijlage 4: Model Toelichting bij Verordening individuele inkomenstoeslag (gewijzigd model, juli 2026) Leeswijzer Deze VNG modeltoelichting biedt verschillende mogelijkheden tot aanpassing aan de lokale situatie van een gemeente. Deze worden expliciet gemaakt door blokhaken en een korte instructie in blauw. Deze zijn ook eenvoudig te vinden door te zoeken (Ctrl+F) op een blokhaak ([) in de tekst.
- [invullen: …] of [invullen: iets] = door gemeente in te vullen, zie bijvoorbeeld het percentage in het algemeen deel van de toelichting. Voorafgaand aan het aanbieden aan de gemeenteraad moeten de keuzes zijn gemaakt en moeten deze leeswijzer, de blauwe teksten en de kop- & voettekst zijn verwijderd. Als op onderdelen andere keuzes gemaakt worden dan in de modelverordening zijn gemaakt, dan sluit deze toelichting mogelijk niet aan, en moet de toelichting dus worden aangepast op de gemaakte keuzes. De modeltoelichting kan worden gebruikt als toelichting aan de gemeenteraad bij het voorstel tot vaststelling van de verordening. De toelichting wordt niet door de raad vastgesteld en daarom ook niet gepubliceerd in het gemeenteblad met de verordening. Vereniging van Nederlandse Gemeenten 2/10 Toelichting bij het besluit van de raad van de gemeente [invullen: naam gemeente] tot vaststelling van de Verordening individuele inkomenstoeslag [invullen: naam gemeente en eventueel jaartal] (Verordening individuele inkomenstoeslag [invullen: naam gemeente en eventueel jaartal]) Algemeen Aan de bijstand ligt het uitgangspunt ten grondslag dat het normbedrag, bedoeld ter voorziening in de algemeen noodzakelijke kosten van het bestaan met inbegrip van een component reservering, in beginsel toereikend is.
Toch kan de financiële positie van mensen die langdurig op een minimuminkomen zijn aangewezen onder druk komen te staan als er na verloop van tijd geen enkel perspectief lijkt te zijn om door inkomen uit arbeid het inkomen te verhogen. Om die reden is bij de invoering van de Wet werk en bijstand (hierna: WWB) in 2004 de langdurigheidstoeslag in het leven geroepen. Sinds 1 januari 2009 is de langdurigheidstoeslag gedecentraliseerd. Ook is de langdurigheidstoeslag sinds die datum een bijzondere vorm van (categoriale) bijzondere bijstand. Per 1 januari 2015 vervangt de individuele inkomenstoeslag de langdurigheidstoeslag. Sindsdien is het verlenen van de toeslag geen gebonden bevoegdheid meer, maar een discretionaire bevoegdheid. Dit betekent dat het college een individuele inkomenstoeslag kan verlenen als een persoon voldoet aan de voorwaarden daarvoor. Het college kan in beleidsregels aangeven welke groepen niet in aanmerking komen voor individuele inkomenstoeslag en in welke gevallen personen uitzicht hebben op inkomensverbetering. Hierbij kan bijvoorbeeld worden gedacht aan personen aan wie in de referteperiode een maatregel is opgelegd wegens een schending van een arbeidsverplichting of een re-integratieverplichting of aan personen die uit 's Rijks kas bekostigd onderwijs volgen.
Vereniging van Nederlandse Gemeenten 3/10 Vast te leggen regels in verordening De individuele inkomenstoeslag is niet gerelateerd aan bepaalde kosten. Het is een inkomensondersteunende maatregel voor bepaalde personen die langdurig een laag inkomen hebben en daarbij, gelet op de omstandigheden van die persoon, geen uitzicht hebben op inkomensverbetering (artikel 36, eerste lid, van de Participatiewet). Bij verordening moeten regels vastgesteld worden over het verlenen van een individuele inkomenstoeslag als bedoeld in artikel 36 van de Participatiewet. Deze regels moeten in ieder geval betrekking hebben op de wijze waarop invulling wordt gegeven aan de begrippen ‘langdurig’ en ‘laag inkomen’. Op grond van deze verordening is geen sprake van een laag inkomen bij een inkomen hoger dan [invullen: percentage] procent van de toepasselijke bijstandsnorm. Daarnaast moet bij verordening de hoogte van de individuele inkomenstoeslag bepaald worden. Het college kan in (wetsinterpreterende) beleidsregels aangeven wanneer sprake is van 'geen uitzicht op inkomensverbetering'. Gelet op de tekst van artikel 8, tweede lid, van de Participatiewet hoeft dit criterium niet te worden vastgelegd in de verordening. Bij de beoordeling van het criterium 'geen uitzicht op inkomensverbetering' moet het college rekening houden met de omstandigheden van de persoon.
In artikel 36, tweede lid, van de Participatiewet is bepaald dat tot die omstandigheden in ieder geval worden gerekend: - de krachten en bekwaamheden van de persoon, en - de inspanningen die de persoon heeft verricht om tot inkomensverbetering te komen. Overgangsrecht Vereniging van Nederlandse Gemeenten 4/10 Per 1 januari 2015 vervangt de individuele inkomenstoeslag de langdurigheidstoeslag. Het is niet nodig om in deze verordening overgangsrecht op te nemen met betrekking tot eerder verstrekte langdurigheidstoeslagen, omdat artikel 78z van de Participatiewet voorziet in algemeen overgangsrecht met betrekking tot de wijzigingen in de Participatiewet als gevolg van de inwerkingtreding van de Invoeringswet Participatiewet en de Wet maatregelen WWB op 1 januari 2015. De individuele inkomenstoeslag en voorheen de langdurigheidstoeslag worden immers toegekend tegen een peildatum. Zaken die na de peildatum gebeuren hebben geen betekenis voor het recht op een dergelijke toeslag. Wie op een datum gelegen voor 1 januari 2015 op basis van de toepasselijke verordening recht had op langdurigheidstoeslag, behoudt dat onverkort, ongeacht of hij voldoet aan de voorwaarden die per 1 januari 2015 zijn gesteld in artikel 36 van de Participatiewet en deze verordening.
Toekenning van het recht op individuele inkomenstoeslag tegen een datum gelegen op of na 1 januari 2015 is uitsluitend mogelijk als wordt voldaan aan de in artikel 36 van de Participatiewet en deze verordening opgenomen voorwaarden. Wijziging leefvorm De leefvorm (alleenstaande, alleenstaande ouder of gehuwd) van een persoon kan wijzigen binnen de referteperiode. Dit is bijvoorbeeld het geval indien gehuwden individuele inkomenstoeslag aanvragen, maar zij over een gedeelte van de referteperiode als alleenstaande moeten worden aangemerkt. Personen moeten dan ook over dat deel van de referteperiode aan de voorwaarden voldoen om voor individuele inkomenstoeslag in aanmerking te komen. Gehuwden moeten immers zowel gezamenlijk als afzonderlijk aan de voorwaarden voldoen. Vereniging van Nederlandse Gemeenten 5/10 Artikelsgewijs Enkel die bepalingen die verdere toelichting behoeven, worden hieronder nader toegelicht. Artikel 1. Begrippen Begrippen die al zijn omschreven in de Participatiewet, Algemene wet bestuursrecht (hierna: Awb) of de Gemeentewet worden niet afzonderlijk gedefinieerd in deze verordening. Deze zijn vanzelfsprekend van toepassing op deze verordening. Inkomen Met inkomen wordt bedoeld het inkomen zoals bedoeld in artikel 32 van de Participatiewet.
In afwijking hiervan wordt algemene bijstand voor de beoordeling van het recht op individuele inkomenstoeslag ook in aanmerking genomen als inkomen. Bijzondere bijstand kan niet als inkomen in aanmerking worden genomen. Aangezien individuele inkomenstoeslag een vorm van bijzondere bijstand is, is het niet nodig expliciet te bepalen dat een eerder verstrekte individuele inkomenstoeslag buiten beschouwing moet worden gelaten bij de vaststelling van het inkomen. Het wordt niet wenselijk geacht een eerder verstrekte individuele inkomenstoeslag in aanmerking te nemen als inkomen, omdat dit het ongewenst effect kan hebben dat een persoon geen recht op een individuele inkomenstoeslag heeft omdat hij een te hoog inkomen heeft gehad in de referteperiode vanwege een eerder verstrekte toeslag. Wat voor een eerder verstrekte individuele inkomenstoeslag geldt, dat geldt Vereniging van Nederlandse Gemeenten 6/10 ook voor een eerder verstrekte langdurigheidstoeslag op grond van de WWB zoals die luidde voor 1 januari 2015. Peildatum De peildatum is de datum waartegen een persoon individuele inkomenstoeslag aanvraagt (artikel 1 van deze verordening).
Het gaat om de datum waarop een persoon langdurig een laag inkomen heeft, geen in aanmerking te nemen vermogen heeft als bedoeld in artikel 34 van de Participatiewet en, gelet op de omstandigheden van die persoon, geen uitzicht op inkomensverbetering heeft. De peildatum komt meestal overeen met de meldingsdatum. De peildatum kan in beginsel niet liggen voor de dag waarop een persoon zich heeft gemeld om individuele inkomenstoeslag aan te vragen, tenzij sprake is van bijzondere omstandigheden. Dit volgt uit artikel 44, eerste lid, van de Participatiewet en de jurisprudentie rondom artikel 44 van de Participatiewet. Referteperiode Verder is bepaald wat onder de referteperiode moet worden verstaan: een periode van [invullen: aantal] maanden voorafgaand aan de peildatum. Zie ook de toelichting bij artikel 3 onder ‘Langdurig’. Artikel 2. Verlening De Participatiewet in balans heeft artikel 36, eerste lid, van de Participatiewet dusdanig gewijzigd dat het college aan een persoon ook ambtshalve een individuele inkomenstoeslag kan verlenen. Voorheen was de individuele inkomenstoeslag alleen op aanvraag verkrijgbaar. Het Vereniging van Nederlandse Gemeenten 7/10 eerste lid maakt duidelijk dat het college de bevoegdheid heeft om zowel ambtshalve als op aanvraag tot verlening over te gaan, maar verandert niets aan datgene dat al in de wet is geregeld.
Het tweede lid bepaalt dat de aanvraag moet worden ingediend met een door het college vastgesteld formulier. Het gaat dan om een schriftelijke aanvraag (artikel 4:1 van de Awb) die wordt ondertekend door de aanvrager en ten minste de naam en het adres van de aanvrager bevat, de dagtekening en een aanduiding van de beschikking die wordt gevraagd (artikel 4:2, eerste lid, van de Awb). De aanvrager verschaft ook de gegevens en bescheiden die voor de beslissing op de aanvraag nodig zijn en waarover hij redelijkerwijs de beschikking kan krijgen (artikel 4:2, tweede lid, van de Awb). Het verplichte gebruik van een aanvraagformulier zorgt voor een efficiëntere afhandeling van aanvragen en voorkomt dat noodzakelijke gegevens voor de beoordeling van het recht op de individuele inkomenstoeslag bij de aanvraag ontbreken. Daarmee wordt de aanvrager ontlast. Artikel 2. Indienen verzoek De Wet maatregelen WWB heeft artikel 36, eerste lid, van de Participatiewet dusdanig gewijzigd dat een persoon een verzoek tot verlening van individuele inkomenstoeslag kan indienen. Voorheen was de langdurigheidstoeslag alleen op aanvraag verkrijgbaar. Onder aanvraag wordt verstaan: een verzoek van een persoon, een besluit te nemen (artikel 1:3, derde lid, van de Awb). Een aanvraag dient in beginsel schriftelijk te worden ingediend (artikel 4:1 Awb).
Om onduidelijkheid te voorkomen over de wijze waarop het verzoek moet worden ingediend, bepaalt artikel 2 van deze verordening dat het verzoek moet worden gedaan middels een door het college vastgesteld formulier. Een verzoek wordt dan gezien als een aanvraag zoals bedoeld in afdeling 4.1.1 van de Awb. Het gaat dan om een schriftelijke aanvraag (artikel 4:1 van de Awb) die wordt ondertekend door de aanvrager en ten minste de Vereniging van Nederlandse Gemeenten 8/10 naam en het adres van de aanvrager bevat, de dagtekening en een aanduiding van de beschikking die wordt gevraagd (artikel 4:2, eerste lid, van de Awb). De aanvrager verschaft ook de gegevens en bescheiden die voor de beslissing op de aanvraag nodig zijn en waarover hij redelijkerwijs de beschikking kan krijgen (artikel 4:2, tweede lid, van de Awb). Een mondeling verzoek kan hiermee dus niet worden aangemerkt als een verzoek om individuele inkomenstoeslag zoals bedoeld in artikel 36 van de Participatiewet. Artikel 3. Langdurig laag inkomen Van belang bij het bepalen wat een langdurig laag inkomen is, is wat onder ‘langdurig’ en onder ‘laag’ wordt verstaan. Langdurig De door de gemeenteraad vastgestelde langdurige periode voorafgaand aan de peildatum, wordt aangeduid als referteperiode. De referteperiode is vastgesteld in artikel 1 van deze verordening.
Laag inkomen Een inkomen is laag als het niet hoger is dan [invullen: percentage] procent van de toepasselijke bijstandsnorm. De vraag of het inkomen van een persoon gedurende de referteperiode niet hoger is dan het langdurig lage inkomen van [invullen: percentage] van de toepasselijke bijstandsnorm, zal niet al te rigide mogen worden beoordeeld. Een marginale overschrijding van dit lage inkomen moet worden genegeerd (CRvB 19-08-2008, nrs. 06/1163 WWB e.a., Vereniging van Nederlandse Gemeenten 9/10 ECLI:NL:CRVB:2008:BE8918 en CRvB 15-02-2011, nr. 08/5141 WWB, ECLI:NL:CRVB:2011:BP5532). Gaat het inkomen van een persoon gedurende (een deel van) de referteperiode de toepasselijke bijstandsnorm maandelijks met ongeveer € 5 of meer te boven, dan is geen sprake meer van een marginale overschrijding van de bijstandsnorm die niet aan toekenning van een individuele inkomenstoeslag in de weg staat. Er is immers geen sprake van een incidentele geringe overschrijding van de bijstandsnorm of van te verwaarlozen bedragen van enkele eurocenten (CRvB 27-03-2012, nr. 10/2488 WWB, ECLI:NL:CRVB:2012:BW0068 en CRvB 31-07-2012, nr. 12/1825 WWB, ECLI:NL:CRVB:2012:BX7178). Artikel 4. Hoogte individuele inkomenstoeslag Bij de hoogte van de individuele inkomenstoeslag wordt onderscheid gemaakt tussen een alleenstaande, een alleenstaande ouder en gehuwden.
Gehuwden Bij gehuwden moet in het oog worden gehouden dat het recht op individuele inkomenstoeslag de gehuwden gezamenlijk toekomt. Worden personen op de peildatum als gehuwden aangemerkt, dan moeten beide gehuwden voldoen aan de voorwaarden van artikel 36, eerste lid, van de Participatiewet. Voldoet een van hen niet aan deze voorwaarden, dan bestaat voor beiden geen recht op individuele inkomenstoeslag (CRvB 13- 07-2010, nr. 08/2345 WWB, ECLI:NL:CRVB:2010:BN2529). Is een van de echtgenoten uitgesloten van het recht op individuele inkomenstoeslag, anders dan vanwege het niet voldoen aan de Vereniging van Nederlandse Gemeenten 10/ 10 voorwaarden van artikel 36, eerste lid, van de Participatiewet, dan komt de rechthebbende partner wel in aanmerking voor een individuele inkomenstoeslag. Het gaat hier om een partner die op een van de in artikelen 11 of 13, eerste lid, van de Participatiewet genoemde gronden geen recht heeft op bijstand. Als slechts een partner recht heeft op individuele inkomenstoeslag, komt deze rechthebbende partner in aanmerking voor een individuele inkomenstoeslag naar de hoogte die voor hem als alleenstaande of alleenstaande ouder zou gelden. Dat is geregeld in het tweede lid. Indexering In het vierde lid is een indexeringsbepaling opgenomen.
Deze bepaling voorkomt dat de verordening telkens opnieuw moet worden vastgesteld, enkel voor indexatie van de bedragen. Het is van belang de nieuwe bedragen (na indexatie) duidelijk te communiceren.