12. Gebundelde formats (regionale) zienswijzen
Tekst van het document
De IU Sociale Infrastructuur is bedoeld voor het creeëren van landelijk 10.000 extra banen. In totaal is met beide budgetten (voor 2027) een bedrag gemoeid van € 919.681. • Na vervallen van het lage inkomens voordeel is voor de SW in de rijksbijdrage Wsw een compensatie opgenomen. Voor de medewerkers beschut werk wordt de compensatie aan de gemeenten uitgekeerd via het participatiebudget beschut werk. In de begroting 2027 is er vanuit gegaan dat de compensatie volledig aan WVS wordt uitgekeerd. • Vanaf 1 juli 2026 wordt de compensatie voor de betaling van de transitievergoedingen bij uitdiensttreding wegens langdurige ziekte afgeschaft. WVS ontving jaarlijks een bedrag aan compensatie. Nu die komt te vervallen betekent dit een flinke financiële aderlating van € 600.000. • Er wordt rekening gehouden met instroom van medewerkers vanuit de Participatiewet (met behoud van uitkering, met en zonder loonkostensubsidie, alsmede instroom van beschut werk conform de landelijke berekeningen). • Er wordt rekening gehouden met een (lichte) stijging van het aantal regulier personeel vanwege uitstroom van SW-medewerkers (die vervangen dienen te worden door regulier personeel), alsmede de invulling van nieuwe functies in verband met de omvorming tot werk ontwikkelbedrijf en tijdelijke extra krachten vanwege de impulsprojecten.
• Er wordt rekening gehouden met een iets hogere omzet / toegevoegde waarde van derden, gebaseerd op het operationeel resultaat van 2025. Op basis van de werkelijke resultaten over 2025 wordt de gemeentelijke omzet iets lager ingeschat dan in 2026. WVS geeft hiermee rekenschap en invulling aan de kaders en richtlijnen die door de gemeenteraden zijn meegegeven. Regionaal wordt voorgesteld wordt dan ook om geen zienswijze kenbaar te maken.
Gemeente Roosendaal wijkt daarvan af en wil als gemeente wel een zienswijze meegeven, zoals is meegegeven bij de richtlijnen bij de Kadernota 2027. Deze zienswijze is omschreven en opgenomen bij beslispunt 2. Mede naar aanleiding van deze zienswijze heeft de WVS onderstaand tekst opgenomen in begeleidende brief bij de ontwerp-begroting 2027: Vanzelfsprekend doen wij er alles aan om de gemeentelijke bijdrage in 2027 zo laag mogelijk te houden. WVS zal hierin zeker zijn eigen verantwoordelijkheid oppakken voor zover het de eigen bedrijfsvoering betreft, maar of het lukt om de gemeentelijke bijdrage niet veel te laten stijgen ten opzichte van het niveau in 2026, is mede afhankelijk van de besluitvorming op andere beleidstafels waarop WVS nauwelijks invloed heeft. Wij wijzen u er op dat u het (negatieve) resultaat van WVS dient te beoordelen tegen het totale financiële resultaat wat in de samenwerking met het Werkplein en de ISD Brabantse Wal wordt behaald. WVS heeft zich ontwikkeld tot een werk ontwikkelbedrijf voor de partners ISD en Werkplein. Mede dankzij de activiteiten die WVS voor het Werkplein en de ISD uitvoert is in 2025 in ons werkgebied een besparing op de uitkeringen gerealiseerd van € 1.380.000,- en een maatschappelijke besparing van € 248.400,-.
Gemeentelijke bijdrage Om te komen tot een sluitende begroting bedraagt de totale gemeentelijke bijdrage voor de negen WVS-gemeenten € 6.260.000 dit zal gedekt moeten worden uit de gemeentelijke bijdrage van € 3.507 per geplaatste Wsw-medewerker, beschut werker en participant. 5.
Financieel overzicht De gemeentelijke bijdrage aan de WVS wordt verantwoord binnen programma 3 “werken en ondernemen” en beleidsveld “B302 Bestaanszekerheid” / E080 Sociale werkvoorziening”.
Jaarrekening 2025 GR
Totaal GR Bijdrage apparaatskosten gemeente Roosendaal
Realisatie 2025
Resultaat 2025
€ 4.530.000 € 1.297.695
€ 830.000
Resultaat bestemming toevoeging een eigen reserve GR € 500.000
Resultaat bestemming terug naar gemeenten € 330.000
€ 94.409
Het positief resultaat 2025 wordt deels teruggegeven aan de deelnemende gemeenten. Voor de gemeente Roosendaal gaat het om een teruggave van € 94.409. Deze wordt verantwoord in de realisatie van 2026 of toegelicht in de jaarrekening 2025. Tussentijdse begrotingswijziging 2026 Er is vooralsnog geen tussentijdse begrotingswijziging ontvangen vanuit de WVS. Ontwerpbegroting 2027 Hieronder is de meerjarige bijdrage voor de gemeente Roosendaal opgenomen op basis van de (ontwerp) begroting 2027. (Herziene) Begroting 2026
Ontwerp begroting 2027
Meerjarenbegroting 2028
Meerjarenbegroting 2029
Meerjarenbegroting 2030
Totaal Gemeentelijke bijdragen – Begroting WVS 2027 Begroting gemeente Roosendaal 2026 Begroting WVS 2027 Verschil
€ 5.492.000
€ 6.260.000
€ 5.916.344
€ 5.521.509
€ 5.076.997
€ 1.570.460
€ 1.731.166
€ 2.168.104
€ 2.435.899
€ 2.435.899
€ 1.570.460
€1.778.050
€ 1.680.440
€ 1.568.294
€ 1.442.038
€0
€ -46.884
€ +487.664
€ +866.605
€ +993.861
De financiële consequenties vanaf 2027 worden meegenomen in de Programmabegroting 2027.
6.
7.
Naast de gemeentelijke bijdragen betalen we nog drie uitkeringen, die wij vanuit het Rijk ontvangen, een op een door aan de WVS, namelijk : • Integratie-uitkering Participatiewet, rijkbijdrage WSW; • Integratie-uitkering Participatie: Sociale infrastructuur; • Decentrale uitkering Impulsbudget Sociale Infrastructuur; Deze middelen zijn nu al naar aanleiding van de septembercirculaire 2025 al juist opgenomen in onze meerjarenbegroting. Overige aandachtspunten Niet van toepassing. De zienswijze Gelet op bovenstaande aandachtspunten, wordt het volgende voorgesteld: 1.
Kennis te nemen van de conceptjaarrekening 2025
2. De volgende zienswijze over de (ontwerp)begroting 2027 naar voren te brengen: Gemeenten worden op dit moment geconfronteerd met allerhande financiële uitdagingen. Voor de toekomst is nog steeds veel onzeker over de financiering van gemeenten door het rijk. Dit komt onder meer door dat het ravijnjaar is ‘verschoven’ van 2026 naar 2028. De financiële positie van veel gemeenten, en dus ook van de gemeente Roosendaal, staat hierdoor onder druk, waardoor de mogelijkheden beperkt zijn. Het vorenstaande heeft ook gevolgen voor, de financiering van, gemeenschappelijke regelingen. Gelet op het vorenstaande vragen wij u dan ook om rekening te blijven houden met de financiële uitgangspositie van de gemeenten, de deelnemersbijdrage niet dan wel beperkt te verhogen en, bij onvoorziene kosten of uitgaven gedurende het begrotingsjaar, binnen de deelnemersbijdragen te blijven zoals deze door u in de voorliggende (ontwerp)begroting is gevraagd.