1 - De Bulkenaar_vastgesteld_1_Bijlagen bij toelichting_Bijlage 3 Landschappelijk inri.pdf
Tekst van het document
BULKENAAR VOORLOPIG ONTWERP
VO Landschapspark de Bulkenaar
Juli 2021
2
Inhoud 1. Inleiding
5
2. Samenvatting raamwerk
7
3. Plan
15
Landschapsmosaiek Raamwerk
VO plankaart Topografie Water Ecologie Gezondheid
8 10
16 18 20 22 24
4. Principes landschap
27
5. Principes paden
67
6. Gebruik
89
7. Relatie tot ziekenhuiskavel
107
8. Fasering
115
Aannames Gebiedsdoorsnedes Beek Beekdal Bosrand Plantage Landschapskamers
Hiërarchie Kruisingen en verbijzonderingen Meubilair Verlichting Randen Raamwerk als organiserend principe Spelregels Van stakeholder naar shareholder Basis uitrusting Uitgangspunten Zicht omgeving
3
28 30 32 38 44 52 58
68 72 80 84 86
90 92 102 104 108 110
Bijlagen
Plankaart Analyse Ingekomen ideeën
121 122 123 136
Wouw
ROOSENDAAL
Zorg
Landschapspark
A58
Haiink
4
Tolberg
1. Inleiding
Aanpak
Met de komst van het Bravis ziekenhuis naar de Bulkenaar ontstaat de kans om een innovatief, aantrekkelijk en duurzaam landschapspark te ontwikkelen waar gezondheid, natuurbeleving en recreëren centraal staan. Er ligt een doordachte gebiedsvisie van de Gemeente Roosendaal die de ambities voor het gebied beschrijft en de belangrijkste thema’s benoemd; Duurzame verstedelijking, innovatief zorglandschap, infrastructuur, mobiliteit, landschap en recreatie.
is een uitwerking van die structurerende lijnen. In dit VO wordt ingezoomd op de inrichting, sfeer en beleving van cruciale lijnen en plekken van het landschappelijke raamwerk.
Op basis van de gebiedsvisie, en de input van omwonenden, is het ruimtelijk casco voor het park ontwikkeld. Dit raamwerk zet de toon en visie van het landschapspark, gestoeld op een grondige analyse van het verleden, heden en de toekomst van de Bulkenaar. Het raamwerk schetst de globale indeling, onderdelen en het karakter van de verschillende landschapstypen die in het park terug zullen komen. Wij zien het landschapspark als een daadwerkelijk ecosysteem, waarbij natuur, ecologie, water, mobiliteit, zorg en mens samen meer is dan een optelsom van losse onderdelen. We zoeken naar synergiën om van het landschapsplan daadwerkelijk een park van de toekomst te maken. Daar is ook een adaptief proces voor nodig, met ruimte voor nieuwe inzichten. Gericht op uitvoering maar tegelijkertijd een living lab voor het landschapspark van de toekomst. Met ruimte voor experiment en echte participatie, co-creatie tot na de oplevering. Realistisch en doelgericht, maar ook open en kritisch. Een park dat groeit. Het ruimtelijk casco vormt geen dichtgetimmerd blauwdrukplan, maar legt wel de cruciale structurerende lijnen vast. Dit Voorlopig Ontwerp (VO)
5
Als eerste wordt het ruimtelijk raamwerk samengevat, om kort en bondig op te halen over welke structuren en landschapstypen we het gaan hebben. Als tweede volgt het integrale inrichtingsplan, waar een aantal lagen uitgelicht wordt die van groot belang zijn voor de landschappelijke rijkdom en gebruik van het Bulkenaarpark. Als derde wordt het raamwerk uitgewerkt in principe doorsnedes, beplanting en beheer van de belangrijkste landschappelijke lijnen. Deze zijn geordend per landschapstype. Hier is telkens het perspectief vanaf ooghoogte leidend: ‘wat zie je als voetganger?’ Testen in 3D helpen om deze vraag te beantwoorden. Als vierde wordt ingegaan op de padenstructuur van het park. Hier zijn de paden en bijzondere plekken ontworpen met nadruk op de beleving van het park op ooghoogte. Als vijfde wordt gekeken naar de gebruikslaag: de invulling van het raamwerk. Welke activiteiten kunnen wel/niet in het park, en zo ja waar? Hoe zorgen we dat dit een park voor en door de bewoners wordt? Vervolgens wordt ingegaan op de afstemming tussen park en ziekenhuiskavel. Formeel gezien heeft deze kavel een andere bestemming en
heeft straks een andere eigenaar dan het park. Wel is de gedeelde ambitie van Bravis en gemeente om een zorgvuldige landschappelijke inpassing van het ziekenhuis te bewerkstelligen. Deze afstemming zal meer vaart krijgen wanneer er een architect voor het ziekenhuis aangesteld is. Voor nu zijn enkele uitgangspunten voor de inpassing opgesteld vanuit het oogpunt van het landschapspark. Ook zijn zichtstudies gedaan om goed in kaart te brengen wat de ruimtelijke gevolgen zijn van het ziekenhuisvolume en hoe daar mee om te gaan in het parkontwerp. Dit zal ook omwonenden inzicht verschaffen in wat er in hun directe omgeving zal veranderen en hoe het park daar op in wil spelen. Als laatste wordt kort stilgestaan bij de fasering, waar een gesloten grondbalans en het snel vormen van massa in de bomen de belangrijkste uitgangspunten zijn. Dit VO zal de komende maanden verder ontwikkeld worden tot Definitief Ontwerp (DO). Tijdens het gehele proces, en daarna, staan we open voor ideëen en initiatieven van bewoners, om te zorgen dat dit echt hun park wordt. Het landschappelijke raamwerk vormt slechts de kaders, maar de bewoners geven het park straks een hart.
De Bulkenaar: van gebiedsvisie naar inrichting, wegens werkzaamheden geopend!
6
SAMENVATTING RAAMWERK 7
2
2. Samenvatting raamwerk
Landschapsmosaiek
Het landschappelijk raamwerk uit de eerste fase zet de toon voor het park: het omschrijft de visie, ambities en karakter van de typen landschappen die in het park terugkomen. Die visie is gestoeld in een uitvoerige analyse van historische, huidige en toekomstige kwaliteiten van het gebied. Het gaat niet alleen om het terugbrengen van verloren landschappen, maar ook het herinterpreteren of vernieuwen van die waardes. Deze verschillende lagen worden samen verbeeld in het landschapsmosaiek: Een rijk pallet aan landschappen, sferen en kwaliteiten die naast elkaar kunnen bestaan, maar ook elkaar mogen overlappen om een nieuwe kleur te maken. In het nieuwe Bulkenaarpark zullen de meest interessante plekken zich voordoen waar verschillende lagen samenkomen, net als in het landschap eromheen.
1870 1915
NU
1960
Bos
Zorgpark
Recreatief landschapspark
Beekvallei
Landschapskamers
Landschaps mosaiek
Het overlappen van de verschillende tijdslagen geeft het uitgangspunt van het nieuwe park. 8
5.3 PUNTEN Verbijzonderingen en programma op belangrijke knooppunten in het gebied
5.2 LIJNEN Nieuwe en historische lijnen vormen het raamwerk van het park
RECREATIEF LANDSCHAPSPARK ZIEKENHUISCAMPUS
5.1 VLAKKEN Deelgebieden brengen verscheidenheid van karakters in het landschapspark
LEGENDA kamers zorglandschap
BEEKDAL
bos bomengrid / kwekerij beekloop LANDSCHAPSKAMERS
BOS
houtwallen en singels rietkragen sloten
9
2. Samenvatting raamwerk De studies in het ruimtelijk raamwerk leidde tot een eerste kaart met globale verdeling van ‘wat komt waar’ en ruimtelijke principes van de verschillende landschapstypen in het toekomstige park. Belangrijkste landschappelijke onderdelen zijn: • Het hestellen van de oude beekarm • Het maken van het beekdal in de noordwestelijke hoek van het gebied • Het aanplanten van de bosrand, met verschillende typen bos afhankelijk van de landschappelijke omstandigheden • Het versterken van de kleinschalige landschapskamers • Het aanplanten van een bomengrid waar de meeste parkrecreatie zal plaatsvinden • Het afstemmen tussen park en ziekenhuis, waardoor er geen duideljke grens te merken is tussen zorg en park. Deze kaart is het uitgangspunt voor de verdere uitwerking in het inrichtingsplan.
10
Raamwerk kaart
Beek
Beekdal
HEDEN X VERLEDEN
11
LANGE LIJNEN
VAN NAT NAAR DROOG
2. Samenvatting visie
VARIATIE IN STROKEN
12
Bosrand
VAN DROOG NAAR NAT
Landschapskamers
OMSLOTEN KAMERS
PADEN LOPEN DOOR DE KAMER
Zorglandschap
VLAKKEN BINNEN LANDSCHAPPELIJKE LIJNEN
13
Plantage
MOSAIEK VAN VOLUMES DIE OPWEGEN TEGEN VOLUME ZIEKENHUIS
DIVERSITEIT BINNEN STRAK GRID
WIJKERS EN BLIJVERS
14
PLAN 15
3
3. Plan
VO plankaart
De VO plankaart is een uitwerking van de raamwerkkaart uit de vorige fase. Op basis van meer gedetailleerde informatie over bodem, water, hoogte, grondbalans, bestaande bomen en andere informatie zijn deze schets en de bijbehorende ontwerpprincipes aangescherpt en verder uitgewerkt. De visie, beoogde landschappelijke kwaliteiten en globale indeling staan nog steeds. Ook zijn alle ruimtelijke ambities in 3D getest en op maat gemaakt voor de Bulkenaar. Het resultaat is een divers landschapspark, waar flora, fauna en de mens in een rijke groene omgeving van de natuur kan genieten.
VO plankaart: een preciezere uitwerking van het landschappelijk raamwerk. 16
Kijkje in de keuken: een tussentijds beeld van het 3d model waarmee ontworpen is. 17
3.1 Topografie Het terrein van de Bulkenaar kent een aantal kenmerkende, maar subtiele, hoogteverschillen. Duidelijk te zien op de kaart is de hogere zandrug die door het gebied loopt. Ook is in het noordwesten een lager deel te zien waar vroeger de beek liep. We willen de landschappelijke logica van deze plek in stand houden en versterken om de natuurlijke rijkdom die vroeger in het gebied zat beter leesbaar te maken. De bewerkingen van de topografie die voorgesteld worden zijn: 1. Het terugbrengen van de beekarm die in het gebied lag. 2. De noordwesthoek die al lager ligt, afgraven tot dichter bij het grondwater om een beekdal met natte natuur te realiseren. 3. Op de zandruggen houtwallen ophogen als randen voor de landschapskamers 4. In het gebied wordt gewerkt met een gesloten grondbalans. Eventuele overschot aan grond na het afgraven van de beek, het beekdal of uit andere delen van de gebiedsontwikkeling kan gebruik worden voor het egaliseren van de ziekenhuiskavel of een deel van het bos op te hogen.
HUIDIGE HOOGTES 3-4m 4-5m 5-6m 6-7m
18
BEOOGD GRONDWERK >0,5m ophogen <0,5m ophogen <0,5m afgraven >0,5m afgraven
19
3.2 Watersysteem Integraal met het landschapspark, wordt ook het watersysteem van het park gerealiseerd. Dit watersysteem draagt zijn steentje bij aan de klimaatbestendigheid van de Bulkenaar. De nieuwe beekarm vangt al het regenwater op dat in het gebied valt en voert het af richting de Spuitendonksebeek. Water vanaf de daken van het toekomstige ziekenhuis, andere verharde oppervlakken en overtollig regenwater uit de Tolbergvijver, kunnen opgevangen worden in de centrale watergang. Zo zal het niet tot
HUIDIGE GRONDWATER PEILEN
wateroverlast zorgen, maar juist bijdragen aan de natuurontwikkeling van het beekdal. De natte natuur werkt zo als spons voor zijn omgeving, die water op kan nemen bij overschot en water terug kan geven bij droogte. Een stuw bij de onderdoorgang van de snelweg regelt dat er voldoende water is bij zowel piekbuien als droogte.
TOEKOMSTIG WATERSYSTEEM
Tolbergvijver
Centrale sloot (B watergang) Daken ziekenhuis
Wadi’s/greppels Beekdal Sloten
Beek (A watergang)
Greppels
20
WATERSYSTEEM BIJ PIEKBUIEN
WATERSYSTEEM BIJ DROOGTE
Overstort regenwater Tolbergvijver
Geen overstort regenwater
Afvoer daken ziekenhuis Overstort richting Spuitendonkse beek
Vasthouden water in beekdal met stuw onder snelweg
Greppels vallen droog Natte natuur zone als buffer Stuw buffert beekwater
21
Stuw houdt deel beekwater langer vast
3.3 Ecologie De bodem en het water zorgen samen voor de basisomstandigheden waar de natuur zich ontwikkelt. Met elke verschillende verhouding tussen het maaiveld en het grondwater, ophogen en afgraven, ontstaan kansen voor een ander soort landschap. Door hiermee te ontwerpen, in combinatie met de intensiteit van het natuurbeheer, ontstaat landschappelijke en ecologische rijkdom.
Overzicht verschillende landschapstypen die voorkomen uit de samenkomst tussen bodem, water en beheer 22
Verwachte flora en fauna per landschapstype 23
3.4 Gezondheid Behalve een mooi natuurlijk landschap, wordt de Bulkenaar ook een park waar zorg en gezondheid centraal staan. Het doel is om een goede integratie tussen zorg en park, ziekenhuis en landschap te realiseren. Het denken in positieve gezondheid helpt daarbij. Bij positieve gezondheid is gezond zijn meer dan alleen ‘niet ziek’ zijn. Het gaat om een bredere kwaliteit van leven, waar het Bulkenaar park goed aan bij kan dragen. De uitgangspunten van positieve gezondheid zijn vertaald naar ruimtelijke aspecten waaronder bijvoorbeeld de aanwezigheid van ontmoetingsplekken, gezond voedsel, ruimte voor sport en spel, inclusief en voor alle leeftijden ontwerpen en ruimte voor rust. Voor het park wordt bij oplevering, na de afronding van het ziekenhuis en na 5 jaar ingebruikname ambities gesteld ten aanzien van de bijdrage aan de positieve gezondheid. Zo groeit de bijdrage aan gezondheid mee met de groei van het park.
Dagelijks functioneren • Afstand tot basisvoorzieningen • Bereikbaarheid openbaar vervoer • Beloopbaarheid en actief transport
Sociaal maatschappelijk participeren • Levendige publieke ontmoetingsplekken • Functiemenging • Activiteiten op buurtniveau
Kwaliteit van leven • Groen, water, landschap en natuur • Toegang tot gezond voedsel • Cultuurhistorische elementen
Positieve gezondheid, een ruimtelijke vertaling - Thomas Steensma 24
Lichamelijke gezondheid • Ruimte voor sport en speelplaatsen • Toegankelijke voorzieningen zorg en ondersteuning • Voorzieningen voor specifieke gezonheidsproblemen
Mentaal welbevinden • Variatie in leeftijd • Verscheidenheid in (woning)typologiën • Omgang met leegstand
Zingeving • Ruimte voor educatie • Ruimte voor cultuur • Ruimte voor contemplatie
Natuurspelen
Plukbos voor en door de wijk
Plek voor sport en ontmoetingen
Ambitie positieve gezondheids score na oplevering park (blauw), na oplevering ziekenhuis (groen) en 5 jaar na ingebruikname totaal (geel) 25
Samen genieten van het landschap of helpen bij het onderhoud
26
PRINCIPES LANDSCHAP 27
4
4. Principes landschap
Aannames grond en water
Elk landschapstype is uitgewerkt in detaildoorsnedes. Deze doorsnedes vormen de principes voor dat specifieke landschappelijke element. Om die principes te ontwikkelen, moesten er soms aannames gedaan worden met betrekking tot het grondwater. In de kaarten hiernaast is te zien welke doorsnede op welke data gebaseerd is. Aangezien de huidige peilbuizen aan de rand van het gebied zijn, zal de werkelijke grondwaterstand in het midden van het gebied kunnen afwijken van de huidige data. Wanneer meer gedetailleerde informatie beschikbaar is, kan het zijn dat deze doorsnedes aangepast worden.
Lokatie doorsnedes en welke grondwaterstanden zijn aangenomen 28
Lokatie doorsnedes en huidig maaiveld
29
Beoogde ingrepen maaiveld
4. Principes landschap
Gebiedsdoorsnedes
a
B West oost doorsnede Bulkenaarsestraat
b a b
30
N-Z doorsnede W-O doorsnede
Singels
Bos
Beek
A Noord zuid doorsnede
snelweg
ontsluitingsweg
Plantage
GHG en GLG Huidig maaiveld
31
broekbos
Houtwal
natte graslanden
Plantage
Greppel
bos
Landschapskamers
beek
bos
Plantage
Landschapskamers
Houtwal
Plantage
32
4.1 Beek
Principes
1a
1b 1a Principe profiel - beek door beekdal 1b Principe profiel - beek door bos
33
4.1 Beek 1A BEEK DOOR BEEKDAL • • • • •
1 zijde flauwe ecologische oever en 1 steile oever 2,5m vrij voor beheer Beek 1m onder GLG - altijd water Profiel binnen eisen A-watergang Nieuw maaiveld van beekdal 20cm boven GHG
BEHEER
•
Voorzien van beheerstrook van 2.5m aan beide zijden van de beek; Natuurlijke oever tweejaarlijkse maaicyclus; Stijle oevers, jaarlijkse maaien; Twee tot vierjaarlijks schonen van de watervegetatie en/of baggeren indien de capaciteit van de beek beperkt wordt door beplanting/verlanding; Mogelijkheid om te voormalen (het voortijdig laten zakken van stuw bij de snelweg om ruimte te maken voor komend regenwater).
Huidig mv: 4.40+nap Nieuw mv: 3.90+nap GHG 3.71+nap
1:3
1:8
GLG 2.60+nap
1.00
• • • •
18.40
0.50
Nieuw mv: 5.20+nap
Huidig mv: 4.70+nap GHG 4.62+nap 2.91
1:3 GLG 2.79+nap
2.50
34
6.90
8.73
0.50
8.73
2.50
18.40
0.50
6.90
1B BEEK DOOR BOS Beide zijden beek steile oevers 2.5 m vrij voor beheer Profiel ligt onder GLG, dus altijd water in de beek Profiel ligt onder GHG, bij regen niet buiten oevers treden Profiel binnen eisen A-watergang In principe huidig maaiveld aanhouden, evt deel bos ophogen met 0,5m ivm grondbalans.
BEHEER •
Nieuw mv: 5.20+nap
Huidig mv: 4.70+nap GHG 4.62+nap 1:3
Voorzien van beheerstrook van 2.5m aan beide zijden van de beek
2.91
• • • • • •
GLG 2.79+nap
2.50
35
8.73
0.50
8.73
2.50
4.1 Beek De beek kenmerkt zich door een combinatie van zachte, ecologische oevers en steile oevers. De ecologische oevers worden extensief beheert ten opzichte van de steile oevers, ten behoeve van het zo min mogelijk verstoren van het leefgebied van diverse soorten. Door het beheer ontstaan er ook andere omstandigheden voor plantgroei. Langs de beek komen af en toe bomen kenmerkend voor dit natte natuurtype die de beek herkenbaar maken van een afstand. Deze houden minimaal 2.5m afstand tot de insteek beek voor onderhoud.
36
Beplanting en beheer
BOMEN
Salix fragilis
Alnus glutinosa
Betula pendula
Salix cinerea
Myrica gale
Prunus spinosa
Crataegus monogyna
fluctuerende waterpeilen
oeverbeplanting
natte graslanden
begaanbare oeverwallen
ONDERGROND
HEESTERS
Salix alba
37
4.2 Beekdal
Principes
1a
1b
1c
1a Principe profiel - Sloten 1b Principe profiel - Rij wilgen 1c Principe profiel - Singels
38
2.50
1.00
2.50
1A SLOOT • • • •
huidig maaiveld al heel dicht op GHG, niet verder afgraven. Sloot boven GLG, dus niet altijd water Kruidenlaag doorzetten min 3m uit insteek Aangrenzend natte graslanden
BEHEER
Greppel en zoom dient jaarlijks gemaaid te worden en maaisel af te voeren.
Huidig mv: 4.60+nap GHG 4.39+nap
0.50
•
1:3
GLG 2.49+nap
3.00
1.00 1.01 1.00
3.00
0.50
Huidig mv: 5.10+nap 1:3 GHG 4.08+nap GLG 2.55+nap
3.00
39
1.50
1.00
1.50
3.00
4.2 Beekdal 1B RIJ WILGEN ICM SLOOT • • •
Beekdal afgraven tot 20cm boven GHG Profiel tussen GLG en GHG, dus niet altijd water. Ene zijde steile gemaaide randen, andere zijde flauwe ecologische randen
• • •
Knotten op minimaal 1.5 meter hoogte; knotten één maal in de vijf jaar; Greppel/sloot en zoom dient jaarlijks gemaaid te worden en maaisel af te voeren.
Huidig mv:4.30+nap Nieuw mv: 3.90+nap GHG 3.71+nap
1:3
1:5
GLG 2.60+nap
1.50
huidig mv: 4.50+nap
40
3.60
1.00
6.50
1.30
BEHEER
GLG 2.49+nap
3.00
huidig mv: 4.50+nap
1C SINGEL NAT • •
Huidig maaiveld als dicht op GHG, niet verder afgraven. Enkel of dubbele rij bomen
BEHEER • •
Singel tussen de 10-12 jaar afzetten (terugsnoeien tot 20cm boven maaiveld) Kleinschalig werken waarbij niet alle singels tegelijk een onderhoudsbeurt krijgen (t.b.v. ecologie en landschappelijk / ruimtelijkheid karakter)
Huidig mv: 4.50+nap
Huidig mv: 4.50+nap
GHG 4.39+nap
GHG 4.39+nap
GLG 2.49+nap
GLG 2.49+nap
3.00
41
5.00
4.2 Beekdal Het beekdal wordt in principe afgegraven tot 20cm boven GHG tenzij het huidige maaiveld al lager is. Door de kleine afstand tussen maaiveld en grondwater kunnen wilgen en nat grasland ontstaan. Afhankelijk van de functie in het watersysteem worden het beheer wordt oevers en sloten meer ecologisch of strakker bemaaid. Om deze weides geschikt te maken als leefgebied voor diverse soorten weidevogels dient er rekening te houden met mogelijke broedtijden en behoudt van potentieel broedgebied en voedselbronnen, waarbij systemisch beheer in delen wordt uit gevoerd.
42
Beplanting en beheer
BOMEN
Alnus glutinosa
Betula pubescens
Betula pendula
Salix cinerea
Salix viminalis
Salix caprea
Corylus avellana
rietland & water
watergangen van verschillende afmeting
natte graslanden
hooilanden
ONDERGROND
HEESTERS
Salix alba
43
44
4.3 Bosrand
Principes
1a 1b
1c
1a Principe profiel - Broekbos 1b Principe profiel - Bosrand 1c Principe profiel - Loofbos
45
4.3 Bosrand 1A BROEKBOS • • • •
Als er extra grond nodig is voor bijvoorbeeld het egaliseren van de ziekenhuiskavel, kan een deel van het bosgebied afgegraven worden en als broekbos ontwikkeld worden. Maaiveld afgraven tot 20cm boven GHG Brede bosstroken met smalle sloten Geen ondergroei op ooghoogte (zicht)
• • •
Dunning dient plaats te vonden wanneer boomkronen gesloten worden en wijkers de groei van blijvers gaan belemmeren; aanplant van mantel van heesters om het bosgebied; opslag van bomen in deze matelzone verwijderen om uitbreiding van het bos tegen te gaan.
Huidig mv: 4.20+nap Nieuw mv: 3.90+nap GHG 3.71+nap
1:3
GLG 2.60+nap
1.50
46
0.50
BEHEER
1.00
1.50
14.00
1B BOSRAND • •
Van afgegraven broekbos (20cm boven GHG) tot bos op huidig maaiveld Flauwe rand zorgt voor brede overgangszone met veel lichtinval en diverse beplanting
BEHEER
• •
Dunning dient plaats te vonden wanneer boomkronen gesloten worden en wijkers de groei van blijvers gaan belemmeren; aanplant van mantel van heesters om het bosgebied; opslag van bomen in eze matelzone verwijderenom uitbreiding van het bos tegen te gaan.
Huidig mv: 5.25+nap 1:5
Nieuw mv: 3.90+nap
1.35
•
GHG 3.71+nap GLG 2.60+nap
6.75
Huidig mv: 5.25+nap
GHG 3.71+nap GLG 2.60+nap
6.00
47
GLG 2.60+nap
4.3 Bosrand
6.75
1C LOOFBOS • • •
Huidig maaiveld behouden, evt als benodigd vanuit grondbalans kan er een deel van het bosgebied opgehoogd worden. Bomen 6m uit elkaar (2x zo dicht als het parkgrid) geen ondergroei, doorzicht onder bomen
BEHEER • • • • •
48
Selectief snoeien en opkronen van boomvormers en ope n heesters voor een opener structuur; Dunning dient plaats te vinden wanneer boomkronen gesloten worden en wijkers de groei van blijvers gaan belemmeren; Selectief uitmaaien/trekken verstorings heesters en kruiden; aanplant van mantel van heesters om het bosgebied; opslag van bomen in deze matelzone verwijderen om uitbreiding van het bos tegen te gaan.
Huidig mv: 5.25+nap
GHG 3.71+nap GLG 2.60+nap
6.00
Beplanting en beheer Ook in het bosgebied wordt veel diversiteit nagestreeft: nat en droog bos, met wijkers en blijvers, en een brede en diverse rand op de overgang van hoog naar laag. Ook zou het initiatief van het voedselbos een onderdeel uit kunnen maken van dit gebied. Als de basis van het bos staat, zal het beheer vooral richten op het open houden van de ondergroei om de zichten onder de boomkronen open te houden.
49
4.3 Bosrand
laten groeien
wijker
blijver en wijker bomen bij aanplant
50
dunnen voor natuurlijk beeld
blijver
blijver en wijker bomen na 5-10 jaar
blijver en wijker bomen na 20-25 jaar
na verwijderen wijkers
BOMEN
Betula pubescens
Populus nigra
Quercus robur
Pinus sylvestris
Salix cinerea
Prunus spinosa
Corylus avellana
Sorbus aucuparia
Amelanchier lamarkii
moerasvegetatie
divers milieu door wisseling waterpeil
bosrand
open plek(ken) in bos
droge bos ondergrond
ONDERGROND
HEESTERS
Alnus glutinosa
51
52
4.4 Plantage
Principes
1b
1c
1a
1a Principe profiel - Parkbos 1b Principe profiel - Overgang open plek 1c Principe profiel - Watergang
53
4.4 Plantage 1A PARKBOS • • • •
Huidig maaiveld 12m tussen bomen (2x zo veel ruimte tussen bomen als in bos) geen ondergroei voor doorzicht Verschillende typen bomen voor divers beeld en orientatie in het grid
BEHEER •
• •
•
Dunnen tijdens ontwikkelingsfase zodat boomkronen elkaar niet gaan raken en wijkers in geleidelijke stappen verwijderd worden; Bomen dienen gesnoeid te worden voor een hoogstam uitstaling; Tijdens de ontwikkeling van de bomenweide(hoogstam) zodanig dunnen dat de volwassen bomen uiteindelijk voldoende ver uit elkaar staan om voldoende licht op de bodem vrij te houden voor een grazige vegetatie; Om het kruidig grasland in stand te houden wordt verschralingsbeheer toegepast. Één a twee maal per jaar maaien en het maaisel afvoeren.
Huidig mv: 5.20+nap
GHG 4.08+nap
GLG 2.55+nap
12.00
Huidig mv: 5.20+nap
GHG 4.08+nap GLG 2.55+nap
54
36.00
12.00 GLG 2.55+nap
12.00
1B OPENING IN BOOMGRID • • •
In het grid kunnen ‘gaten’ geknipt worden voor programma in open plekken Gat in grid minimaal 2 bomen minimaal 2 bomen tot volgende open plek
Huidig mv: 5.20+nap
GHG 4.08+nap GLG 2.55+nap
Huidig mv: 5.20+nap Huidig mv: 5.20+nap
GHG 4.08+nap GHG 4.08+nap
36.00
GLG 2.55+nap GLG 2.55+nap
1C WATERGANG • • •
12.00
36.00
Centrale watergang door het parkbos Profiel binnen eisen B-watergang 1 steile en 1 flauwe oever
BEHEER •
Jaarlijks maaien en afvoeren van maaisel om de wadi niet dicht te laten groeien
1.12
Huidig mv: 5.20+nap GHG 4.08+nap
1:3
1:5
1.12
Huidig mv: 5.20+nap
1:3
1:5
GHG 4.08+nap GLG 2.55+nap Huidig mv: 5.20+nap GLG 2.55+nap GHG 4.08+nap
3.36 55
GLG 2.55+nap
2.00 36.00
5.60
4.4 Plantage De plantage zal bestaan uit 2 ruimtelijke structuren. Historische landschappelijke lijnen zullen aangezet worden met rijen van robuuste grote bomen. Daartussen ontstaan vlakken met kleinere, bijzondere bomen met mooie bloeiperiodes, vruchten of kenmerkende herfstkleuren. Deze indeling brengt diversiteit, herkenbaarheid en orientatie naar de plantage en geeft elke maand weer een andere beeld. Ook is de mix van bomen goed geschikt om snel een redelijke massa te laten ontstaan. Uit het grid kan af en toe een stuk ‘geknipt’worden voor de inpassing van programma. Tussen de bomen blijft het open grasland toegankelijk voor recreatief parkgebruik.
56
Beplanting en beheer
inpassen programma
hoofdstructuur geinspireerd op historische lijnen
vlakken van sierlijke kleine bomen
Alnus glutinosa
Acer campestre
Fraxinus excelsior
Liquidambar styraciflua
Populus alba
Acer platanoides ‘Royal Red’
Acer rubrum
Amelanchier laevis
Alnus cordata
Malus sylvestris
Populus alba ‘Piramidalis’
Populus tremula
Tilia cordata
Tilia platyphyllos
Quercus robur
Malus evereste
Prunus avium
Prunus cerasifera ‘Nigra’
Pyrus calleryana ‘Chanticleer’
Sorbus aucuparia
57
58
4.5 Landschapskamers
1d
1c 1b
1a
59
1a 1b 1c 1d
Principe profiel - Houtwal Principe profiel - Singels Principe profiel - Berm Principe profiel - Greppel
4.5 Landschapskamers
Principes BEHEER
1A HOUTWAL • •
•
Huidig maaiveld ophogen om houtwal te vormen Beplanten met bomen en onderbegroeiing. Samen met de wal blokkeert deze structuur het doorzicht.
• •
Houtwal tussen de 15-25 jaar afzetten (terugsnoeien tot 20cm boven maaiveld); (Tussentijdig overhangende takken dienen wel weggesnoeit te worden); Kleinschalig werken waarbij niet alle houtwallen tegelijk een onderhoudsbeurt krijgen (t.b.v. ecologie en landschappelijk / ruimtelijkheid karakter).
Huidig mv: 6+nap
1:3
1:3
Huidig mv: 6+nap
ap
4.50
GHG 4.62+nap
GHG 4.62+nap
GLG 2.79+nap
GLG 2.79+nap
1.50
60
3.00
1.50
2.25
6.00
2.25
0.75
nap
0.50
6+nap
BEHEER
1B SINGEL
•
•
Huidig maaiveld of licht ophogen Alleen enkele of dubbele bomenrijzonder ondergroei Wel doorzicht behouden
• •
Huidig mv: 6+nap
Singels tussen de 15-25 jaar afzetten (terugsnoeien tot 20cm boven maaiveld); (Tussentijdig overhangende takken dienen wel weggesnoeit te worden); Kleinschalig werken waarbij niet alle singels tegelijk een onderhoudsbeurt krijgen (t.b.v. ecologie en landschappelijk /ruimtelijkheid karakter).
Huidig mv: 6+nap
GHG 4.62+nap
GHG 4.62+nap
GLG 2.79+nap
GLG 2.79+nap
0.80
61
1:4
0.20
• •
4.00
0.80
4.50
4.5 Landschapskamers BEHEER
1C BERM • • •
•
Huidig maaiveld ophogen, gelijk aan houtwal. Alleen struiken/kleine bomen Beplanting en wal ontnemen het doorzicht
•
0.75
•
1:3
Huidig mv: 6+nap
GHG 4.62+nap
GLG 2.79+nap
2.25
62
5.00
2.25
Houtwal tussen de 6-15 jaar afzetten (terugsnoeien tot 20cm boven maaiveld); (Tussentijdig overhangende takken dienen wel weggesnoeit te worden); Kleinschalig werken waarbij niet alle houtwallen tegelijk een onderhoudsbeurt krijgen (t.b.v. ecologie en landschappelijk / ruimtelijkheid karakter).
1:3
3.00
1.00 1.01 1.00
•
Greppel en zoom dient jaarlijks gemaaid te worden en maaisel af te voeren.
3.00
0.50
Huidig mv: 5.10+nap 1:3
Huidig mv: 5.10+nap 1:5
GHG 4.08+nap
GHG 4.08+nap
GLG 2.55+nap
GLG 2.55+nap
3.00
1.50
1.00
1.50
2.50
3.00
Huidig mv: 4.60+nap GHG 4.39+nap 63
GLG 2.49+nap
1:3
1.00
2.50
0.50
• •
GHG richting 4.39+nap Greppel voor afvoer van regenwater centrale watergang Brede oeverzones met beplanting 2.49+nap Boven GHG, enkel voor afvoer enGLG infiltratie van regenwater
0.50
•
BEHEER
Huidig mv: 4.60+nap
0.50
1D GREPPEL
4.5 Landschapskamers Bij de landschapskamers draait het vooral de beplanting van de randen. Met houtwallen, singels, bermen of greppels worden grenzen van de kamers gecreëerd die al dan niet het doorzicht belemmeren. Ontwerpend met deze landschappelijke elementen kunnen bijvoorbeeld gewenste zichten opengehouden worden en andere zichten juist kleiner gemaakt worden. Ook zorgt het type beplanting voor een netwerk van beschutte plekken voor dieren. Om de kleinschalig landbouw niet te belemmeren dienen deze beplantingsranden in toom gehouden te worden door beheer waarbij deze elementen omstebeurt teruggezet zullen worden. Hierdoor zullen de doorzichten in het eindstadia constant verschuiven, maar de elementen dienen nooit in hun totaliteit gesnoeid te worden om de ecologische waarden niet te hinderen.
64
Beplanting en beheer
BOMEN
Acer campestre
Fraxinus excelsior
Quercus robur
Prunus spinosa
Frangula alnus
Euonymus europaeus
Crataegus monogyna
wadi
droog grasland
bloemrijke weides
houtwallen
ONDERGROND
HEESTERS
Salix alba
65
66
PRINCIPES PADEN 67
5
5.1 Padenstructuur
Hierarchie paden
De padenstructuur bestaat uit 3 typen paden: • De primaire paden zijn breed, verhard en toegankelijk voor iedereen inclusief beheerwagens. Deze paden verbinden de belangrijkste routes uit de omgeving: de snelfietsroute, het fietspad langs de nieuwe ontsluitingsweg en de verbinding naar andere groenstructuren van Tolberg. • Secundaire paden zijn minder breed maar nog steeds verhard voor soepel gebruik door fiets en voetganger. Deze maken het makkelijk om ook vanuit Haiink het park te bereiken of door te steken naar de Tolbergvijver of de wijk in. • De tertaire paden zijn informeler, maar nog steeds toegankelijk voor voetgangers en mindervaliden. Deze paden zijn smal en slingeren door de verschillende landschapstypen. De padenstructuur houdt nu al mogelijkheden open tot het doortrekken van de paden op de kavel van het ziekenhuis. Daarnaast worden er ook aanleidingen gemaakt om te gaan struinen door de natuur en de bezoekers hun eigen olifantenpaadjes te laten maken. Zo kan iedereen op verschillende manieren alle landschappelijke rijkdom van het park bereiken, terwijl de grotere paden zorgen voor een efficiente doorstroom van fietsers en voetgangers.
Primaire paden (3.5m) Secundaire paden (2.0m) Tertiaire paden (1.0m) Struinpaden
68
PRIMAIR
SECUNDAIR
TERTIAIR
•
• •
• • •
• • •
69
Hoofdroutes door het park gekoppeld aan programma Geschikt voor onderhoudsvoertuigen Fiets- & voetpaden 3,5m breed
Fiets- & voetpaden 2,0m breed
Voetpaden Niet altijd even herkenbaar 1,0m breed
5.1 Padenstructuur
Materialen
INSPIRATIE AGRARISCHE PADEN UIT OMGEVING
70
VERTALING NAAR PARKPADEN
MATERIALEN
KRUISINGEN
Hoofdmateriaal, SITU-beton (vormgegeven met dilitatievoegen)
Kruising twee primaire paden
Halfverharding langs secondaire paden
Kruising secundair en tertiair pad
71
Kruising primair en secondair pad
Pad tot aan bestemmingsplangrens ziekenhuiskavel
5.2 Kruisingen en verbijzonderingen PAD KRUIST MET HOUTWAL Primair
Secundair
Tertiair
Keermuurtje houtwal van materiaal met aardse tonen
Mogelijkheid tot integreren ecologische maatregelen
Houtwal heeft voorrang over struinpaden.
72
PAD KRUIST MET GREPPEL/WADI Primair
Secundair
Tertiair
73
5.2 Kruisingen en verbijzonderingen Op de plekken waar de paden en de landschappelijke elementen elkaar kruisen gebeurt iets bijzonders. Dit zijn de plekken waar uitzichtpunten, rustpunten, bruggen of kruisingen net een verbijzondering krijgen in de uitwerking.
Uiteindes Doorsnijding met houtwal Bruggen Kruising met waterelementen
74
UITKIJK
75
EINDPUNT
5.2 Kruisingen en verbijzonderingen
BEEK PLATFORM
76
Zelfde materialisatie. Elementen lokken struinen buiten de paden/ langs de beek uit (Renaturation of the River Aire)
77
5.2 Kruisingen en verbijzonderingen BRUG Slanke simpele brug die wegvalt tegen het landschap. Natuurlijke oever loopt door onder de brug
78
79
5.3 Meubilair Meubilair wordt geclusterd en heeft een duidelijk herkenbare materialisering. Zo ontstaat een familie van objecten met dezelfde vormgeving: rustig en herkenbaar. Het meubilair wordt ingezet op verschillende plekken, met verschillende doelen. Langs de paden komen bankjes, in het recreatievere centrale deel van het park komen speelobjecten en een lange buurttafel en in het natuurlijke westelijke deel komen objecten die de natuurbeleving stimuleren. Vanwege het natuurlijke karakter van het park wordt in eerste instantie niet in afvalbakken voorzien. Na het realiseren van het ziekenhuis kan nogmaals worden beoordeeld of de frequentie aan gebruik dan wel om afvalbakken vraagt.
meubilair dient niet uitbundig op te vallen (in park langs de Kleine Aa)
Natuurbeleveings elementen buurttafel banken plek natuurlijke speeltuin speel boomstronken
gebruik maken van natuurlijk robuust meubilair, voorzien van verfijnde afwerking voor prettige gebruikname.
80
verdiept trapveldje
BANKEN LANGS PADEN
NATUURBELEVINGS ELEMENTEN
NATUURLIJK SPELEN
Banken langs de paden in het groen
BUURTTAFEL
81
SPEELBOMEN IN BOS
5.3 Meubilair VOGELKIJKSCHERM
82
BOOMKRONEN PLATFORM
83
5.4 Verlichting De snelweg en het ziekenhuis zullen veel licht aan de grenzen van het park leveren. Mede daarom blijven de lichtvoorzieningen in het parkgebied zo beperkt mogelijk ten behoefte van de ecologie. Hoofdpaden (fietsverbinding & verbinding ziekenhuis/Tolberg) zouden op een bijzondere manier verlicht kunnen worden als dit ecologisch verwaarloosbaar invloed heeft. Na de komst van het ziekenhuis, en daarmee de toename aan gebruik (ook ivm nachtdiensten), opnieuw beoordelen of er voor de sociale veiligheid meer verlichting nodig is.
Voorzien van Attiva 1202 Polar LED silver street/.breedstralend kegelarmatuur (comfort gemeente Roosendaal), mastafstand nader te bepalen
Bestaand licht snelweg Uitgangspunt onsluitingsweg, niet verlichten Voorzien van Attiva 1202 Polar LED silver street/.breedstralend kegelarmatuur (comfort gemeente Roosendaal), mastafstand nader te bepalen Bij ontwikkeling van het ziekenhuis het hoofdpad naar ziekenhuis voorzien van dezelfde verlichtingsarmaturen
84
85
5.5 Randen Langs alle randen van het park liggen nu wegen. Deze krijgen door de veranderende infrastructurele situatie een ander gebruik. Voor de omgang met de randen van het park zijn 3 strategiën bepaald, afhankelijk van de verkeerssituatie:
C. BESTAANDE WEG WEL AANPASSING VANUIT VERKEER
A. NIEUWE WEGEN Er worden in het gebied 2 nieuwe wegen toegevoegd: de ontsluitingsweg richting het ziekenhuis en de zuidelijke verbindingsweg. Deze zijn nog in het ontwerpproces, geleid door Arcadis. Vanuit het park zijn in de raamwerkfase ruimtelijke principes opgesteld voor deze wegen. De koende tijd zal de landschappelijke inpassing nog verder besproken worden. B. BESTAANDE WEG, GEEN AANPASSING PROFIEL NODIG VANUIT VERKEER Langs de zuidelijke randen van het gebied lopen huidige wegen met een simpel wegprofiel. Deze wegen zullen waarschijnlijk minder verkeer krijgen in de nieuwe situatie. Verkeerskundig gezien volstaat het huidige profiel dus en heeft een mooi, landelijk profiel. De enige ingreep zal hier zijn om langs de randen een bomenrij aan te planten in soorten die passen bij het landschapspark. C. BESTAANDE WEG, WEL AANPASSING PROFIEL NODIG VANUIT VERKEER Tussen het park en de Tolbergvijver loopt een huidige weg waar wel aanpassingen vanuit verkeer verwacht zijn. Hier moet bijvoorbeeld de busverbinding naar het ziekenhuis langs komen. Zodra de verkeerskundige eisen voor deze nieuwe situatie duidelijk zijn, zullen er principes opgesteld worden voor de landschappelijke inpassing, die de oversteekbaarheid van parkgebruikers richting de tolbergvijver waarborgt.
86
A. NIEUWE WEGEN
B. BESTAANDE WEG GEEN AANPASSING VANUIT VERKEER
A Nieuwe wegen
B Bestaande weg (geen aanpassing vanuit verkeer)
C Bestaande weg (wel aanpassing vanuit verkeer)
• •
• • •
•
•
Ontwerp van arcadis Nieuwe wegen geen eigen landschappelijke entiteit, gaan op in landschapspark Precieze landschappelijke inpassing in overleg met arcadis
Basis is goed Vergroenen profiel Meenemen in park ontwerp
+
+ + ZICHT OP GROEN
ECOLOGISCHE BERM
87
VERGROENING WEGPROFIEL
Af te stemmen na duidelijkheid over nieuwe verkeerssituatie en wegprofiel
88
GEBRUIK EN PROGRAMMERING 89
6
6.0 Raamwerk als organiserend principe Het landschappelijk raamwerk werkt als een organiserend principe voor de invulling van het park. Deze invulling van gebruik en programmering is niet vooraf vastgelegd en kan meeveranderen met de behoeftes en wensen van de gebruikers en omwonenden. Het landschap blijft staan ondanks de veranderende invulling. Landschapspark de Bulkenaar heeft een overkoepelende identiteit waar alle toekomstige programmering en initiatieven aan moeten voldoen. Daarbinnen kan een heleboel, maar niet alles kan overal. De verschillende landschapstypen geven een zonering van de verschillende activiteiten aan. Aangezien de precieze programmering zal ontwikkelen over tijd en er ook na de aanleg van het park nog nieuwe initiatieven kunnen komen, zijn er spelregels opgezet waaraan de initiatieven getoetst kunnen worden. Deze spelregels geven de thematische en ruimtelijke randvoorwaarden aan voor zowel het park als geheel en de verschillende parkzones.
90
LANDSCHAPPELIJK RAAMWERK
GEBRUIK
ROBUUST
FLEXIBEL
‘HARDWARE’
‘SOFTWARE’
1. OVERKOEPELENDE IDENTITEIT PLANTAGE LANDSCHAPSPARK DE BULKENAAR
2. SPELREGELS PER ZONE
BEEKDAL
LANDSCHAPSKAMERS
LANDSCHAPSKAMERS
PLANTAGE
BOSRAND BOSRAND
91
BEEKDAL
6.1 Spelregels
Overkoepelende identiteit
THEMATIEK PROGRAMMA
Natuurwaarden
Ecologisch landschaps beheer
Kleinschalige natuurrecreatie
Lokale producten
Gezondheid
Ontspanning
Alle leeftijden
RUIMTELIJKE VOORWAARDEN
Landschappelijke structuren blijven in stand
Bereikbaar voor fiets of voetganger
P Geen horeca of andere bestemmingen
92
Geen activiteiten met grote groepen
Geen overlast voor omwonenden
Geen extra infrastructuur
Geen extra parkeren
Voor en door de buurt
WEL: GROEN, GEZOND EN LANDSCHAPPELIJK
NIET: STADSPARK/PRETPARK 93
6.1 Spelregels
Landschapskamers
THEMATIEK PROGRAMMA
Voedsel
Bloemen en kruiden
Schapenweide/ kleine grazers
Insecten vriendelijk
Ecologisch natuurbeheer
RUIMTELIJKE VOORWAARDEN
Begrenzing kamer blijft in stand
Open zicht in kamer
Geen nieuwe gebouwen
94
Plekken langs paden
Geen kassen
Open en toegankelijk
Geen invulling die zicht belemmert
Kleinschalig recreatief
Pluktuin
Picknicken in het veld
Heerenboeren, lokale en duurzame voedselproductie voor Roosendaal
Bulkenaarse honing
Insectenhotel bouwen
Gezamelijk onderhoud houtwallen en singels 95
Groenonderhoud door grazers
Natuureducatie
Onderdeel van grotere wandelroutes
Bulkenaarse kruidenthee
6.1 Spelregels
Plantage
THEMATIEK PROGRAMMA
Sport
Spel
Gezondheid
Jong en oud
Fruit- en noten bomen
Buurtactiviteiten
RUIMTELIJKE VOORWAARDEN
Gebruik ruimte tussen bomen
Kleine uitsnede bomengrid mogelijk
Open zicht onder bomen
Kleine objecten mogelijk
?
Geen nieuwe gebouwen
96
Geen grote uitsnedes uit bomengrid
Geen hekken of afscheidingen
Halfverdiept mogelijk
Bulkenaarse jam en stroop
Natuurspeelelementen
Hardloopclubjes
Bulkenaarse cider
Buurttafel
Gezamelijk onderhoud bomengrid 97
Bulkenaarse Burendag
Trapveldje
Buiten groepslessen sportschool
Fruitplukdagen
6.1 Spelregels
Bosrand
THEMATIEK PROGRAMMA
Natuurwaarden
Natuurbeheer
Bomen
Hout(bewerking)
Voedsel
Natuurspelen
RUIMTELIJKE VOORWAARDEN
Gebruik ruimte onder de bomen
Gebruik ruimte in de bomen
Natuurlijke materialen
Bomen wijken niet voor activiteit
98
Kleine gebouwtjes bespreekbaar
Natuureducatie
Natuurrecreatie
Bos excursies
Gezamelijke onderhoud bos
Voedselbos
Tijdelijke (hout)kunst route door het bos
Speelobjecten die wegvallen in omgeving
Georganiseerde wandelingen met gids 99
Uitkijkplatform in de bosrand
Houtbewerking
Natuurspelen
Producten van gerooide boomstammen
6.1 Spelregels
Beekdal
THEMATIEK PROGRAMMA
Water
Natuur
Natuurbeheer
Uitzicht
Vogels
RUIMTELIJKE VOORWAARDEN
Weids open zicht
Geen nieuwe gebouwen of elementen
100
Tijdelijk, zonder ruimtelijke inpact
Geen rustverstorende activiteiten
Geen invulling die zicht belemmert
Ontspanning
Natuureducatie
Wilgen en riet