09. Werkplein begroting 2023 en jaarstukken 2021.pdf
Tekst van het document
Etten-Leur
48
Begroting 2026 specificatie gemeentelijke bijdrage Productkosten WERK & PARTICIPATIE: P-Budget: WWB klassiek P-Budget: Nieuw Wajong P-Budget: Nieuw begeleiding INKOMEN: Bijstandsverlening/P-wet Pwet vorderingen debiteuren IOAW bestedingen Verhaal normen IOAW IOAZ bestedingen BBZ uitkeringen BBZ baten BBZ uitkeringen Declarabel BBZ baten Declarabel Invorderingskosten Buig Externe controlekosten (sociaal rechercheur) Onderzoekskosten Loonkostensubsidie INKOMENSONDERSTEUNING: Bijzondere bijstand Vorderingen debiteuren bijzondere bijstand Collectieve ziektekosten Uitkering maatsch. Part. Webshop Externe adviezen INBURGERING: Inburgeringsvoorzieningen Uitvoeringskosten Totaal programmakosten Uitvoerings- en organisatiekosten Bedrijfsvoeringskosten Uitvoeringskosten Participatiewet Totaal bedrijfsvoeringskosten Totaal gemeentelijke bijdrage 2026 Voorschot btw Totaal gemeentelijke voorschot incl. btw 2026
Etten-Leur
Halderberge
Moerdijk
Roosendaal
Rucphen
Zundert
Totaal
529.177 110.531 336.294
336.222 83.462 285.533
227.213 117.298 247.462
1.953.731 250.387 980.329
245.010 72.184 352.157
53.122 36.092 107.868
3.344.474 669.954 2.309.642
10.786.684 171.736633.693 13.56053.225 61.473 12.65665.089 18.0809.040 43.393 31.641 1.165.267
6.849.339 106.376484.653 8.39963.906 38.077 7.83940.317 11.1995.600 26.878 19.599 683.891
7.157.703 121.011721.122 9.55534.452 43.316 8.91845.864 12.7406.370 30.576 22.295 786.173
28.225.403 420.2491.695.047 33.183148.905 150.429 30.971159.278 44.24422.122 106.185 77.427 2.731.717
4.792.463 76.120342.190 6.01066.147 27.247 5.61028.850 8.0144.007 19.233 14.024 588.819
3.251.293 54.356218.476 4.29255.048 19.457 4.00620.601 5.7232.861 13.734 10.015 456.323
61.062.884 949.8484.095.182 75.000421.682 340.000 70.000360.000 100.00050.000 240.000 175.000 6.412.190
994.531 89.321776.504 185.415 5.825
681.568 55.327361.547 88.368 3.608
622.473 62.939270.992 79.175 4.105
2.499.270 218.5761.318.053 51.444 14.255
376.394 39.591234.811 2.582
233.388 28.271162.572 21.793 1.844
5.407.624 494.0253.124.478 426.195 32.219
449.231 154.777 16.086.436
301.206 103.141 10.267.775
380.800 119.190 10.701.415
774.566 294.361 40.705.684
234.577 70.587 7.335.939
222.213 67.923 4.857.972
2.362.592 809.979 89.955.222
2.898.576 77.252 2.975.828
1.852.837 52.186 1.905.024
2.103.305 53.187 2.156.492
7.155.941 174.439 7.330.380
1.387.082 40.334 1.427.416
950.378 25.057 975.435
16.348.120 422.455 16.770.575
19.062.264 125.302 19.187.566
12.172.799 80.096 12.252.895
12.857.908 90.923 12.948.831
48.036.064 309.343 48.345.407
8.763.355 59.962 8.823.317
5.833.407 41.084 5.874.491
106.725.796 706.710 107.432.507
49
Beleidsindicatoren Verplichte indicatoren in het kader van het BBV. Het gaat om de indicatoren opgenomen in de regeling van de Minister Van Binnenlandse Zaken van 24 maart 2016. De indicatoren per gemeente en voor heel Nederland zijn te vinden op waarstaatjegemeente.nl: Beleidsindicatoren
Nederland
Werkplein
679,3
609,2
658,6
68,4%
67,9%
2,00%
2,00%
Banen (per 1.000 inw oners) Netto arbeidsparticipatie (% w erkzame beroepsbevolking t.o.v potentiële beroepsbevolking) Werkloze jongeren (% aantal inw oners 1622 jaar) Personen met een bijstandsuitkering (per 1.000 inw oners) Huishoudens met een bijstandsuitkering (% van totaal aantal huishoudens) Lopende re-integratievoorzieningen (personen per 1.000 inw oner 15-64 jaar)
34,9
Etten-Leur Halderberge
Moerdijk
Roosendaal
Rucphen
Zundert
Data gegevens
507
765,2
652,4
371,1
492,3
2020
69,3%
68,3%
70,0%
65,8%
66,8%
69,9%
2020
2,00%
2,00%
1,00%
2,00%
1,00%
2,00%
2020
24,7
22,2
20
34,3
21,4
15,5
2021
5,2%
3,9%
3,8%
3,4%
2,9%
5,2%
2,9%
2,0%
2021
13,3
8,5
8,5
7,9
7,1
11,6
4
6
2019-Q4
Gegevens zijn afkomstig uit Waarstaatjegemeente.nl. Bestuur en Organisatie Omvang formatie (fte) * Omvang formatie per 1.000 inw oners **** Formatie vast * Formatie flexibel ** Ondersteunende diensten Formatie projecten Bezetting (fte) *** Apparaatskosten (per 1.000 inw oners) Externe inhuur Externe inhuur als % van de loonsom Overhead % van de totale lasten
2020
2021
2022
2023
127,56 0,55 117,99 11,57 11,84 29,98 171,38 € 58.482 € 3.050.584 30% 4,9%
129,56 0,56 117,99 11,57 11,84 29,98 171,38 € 59.120 € 3.236.364 32% 5,8%
151,20 0,65 138,79 12,41 11,84 25,13 188,17 € 63.482 € 3.011.743 28% 6,1%
180,56 0,77 172,56 8,00 11,84 0,00 192,40 € 66.908 € 697.640 5% 10,3%
De omvang van de formatie is licht toegenomen van 0,65 per 1.000 inwoners naar 0,77. Dit komt doordat de inhuur voor re-integratie activiteiten omgezet is naar reguliere dienstverbanden. Daarmee daalt de externe inhuur van 28% naar 5%. Demografische gegevens: Leeftijdsopbouw (per 1-3-2022) aantal klanten <18
Totaal 0
18-26
406
27-39
1166
40-49
1027
50-64
1976
65+
198
Totaal
4773
50
(Meerjaren) balans 2022-2025 Activa
Ultimo 2023
Ultimo 2024
Ultimo 2025
Ultimo 2026
Vaste Activa Materiële vaste activa Investeringen met een economisch nut Financiële vas te activa Overige langlopende leningen Totaal vas te activa
Passiva
284.079
124.683
122.942
284.079
124.683
122.942
234.633 Totaal vas te passiva Vlottende Passiva
Uitzettingen met een rentetypische looptijd korter dan 1 jaar
Netto-vlottende schulden met een rentetypische looptijd korter dan één jaar Banksaldi
Liquide middelen Kassaldi Banksaldi
Ultimo 2024
Ultimo 2025
Ultimo 2026
284.079
124.683
122.942
234.633
Vaste Pas siva Eigen vermogen 234.633 Gerealiseerd resultaat
Vlottende activa
Vorderingen op openbare lichamen Vorderngen cliëntdebiteuren
Ultimo 2023
10.500.000 10.500.000 10.500.000 10.500.000 Overlopende passiva Nog te betalen bedragen gemeenten ivm vorderingen cliëntdebiteuren Nog te betalen bedragen Werkplein Vooruit ontvangen bedragen Overige overlopende passiva
10.500.000 10.500.000 10.500.000 10.500.000
Overlopende activa Nog te ontvangen bedragen Vooruitbetaalde bedragen Overige overlopende activa Overige nog te ontvangen bedragen, en de vooruitbetaalde bedragen die ten laste van volgende begrotingsjaren komen Totaal vlottende activa
10.500.000 10.500.000 10.500.000 10.500.000 Totaal vlottende passiva
10.784.079 10.624.683 10.622.942 10.734.633
Totaal Activa
10.784.079 10.624.683 10.622.942 10.734.633 Totaal Passiva
10.784.079 10.624.683 10.622.942 10.734.633
Op basis van het besluit begroting en verantwoording (BBV) voor decentrale overheden wordt een balans in de begroting opgenomen. Omdat het Werkplein slechts op een beperkt gebied werkzaam is kunnen er in de balans slechts beperkt gegevens worden opgenomen. De gegevens die zijn opgenomen zijn de vaste activa (investeringen). De activa worden gefinancierd uit het rekeningcourant saldo op de bank. Een toe- of afname van de investeringen leidt derhalve tot een toe- of afname van het banksaldo. Bij de investeringen (activa) is geen sprake van nieuwe investeringen. De boekwaarde neemt af vanwege afschrijvingen. Daarnaast zijn de vorderingen op cliënten (terugvorderingen uitkeringen regulier en als gevolg van fraudeonderzoek) opgenomen als schuld aan de gemeenten. Daartegenover staat een vordering op de gemeenten voor een gelijk bedrag.
51
Locatie Etten-Leur Roosendaalseweg 4 4875 AA Etten-Leur Locatie Roosendaal Dunantstraat 80 4701 GZ Roosendaal Postbus 59 4870 AB Etten-Leur
Gemeente Roosendaal T.a.v. de gemeenteraad Postbus 5000 4700 KA Roosendaal
Kenmerk Contactpersoon Afdeling Doorkiesnummer Uw brief van Onderwerp
: : J.M. Dekker : Besturing en Control : 06-11870576 : : Aanbieding Jaarstukken 2021 Werkplein Hart van West-Brabant
Etten-Leur, 13-04-2022
Geacht college, Hierbij bieden wij u de jaarstukken 2021 aan van het Werkplein Hart van West-Brabant. De jaarstukken 2021 zijn in het Algemeen Bestuur van 11 april vastgesteld. Procedure In de Wet gemeenschappelijke regelingen is bepaald dat het dagelijks bestuur de jaarrekening en de daarbij behorende documenten binnen twee weken na vaststelling ter kennisname toezendt aan de gemeenteraden van de deelnemende gemeenten. Deze stukken die u hierbij aantreft zijn onder voorbehoud van goedkeuring door de accountant. De accountantscontrole loopt vanwege de controle van de Tijdelijke overbruggingsregelingen zelfstandig ondernemers (Tozo) enige vertraging op. Het controlerapport en de goedkeurende verklaring van de accountant worden nagezonden. Inhoudelijk De jaarstukken 2021 geven inzicht in de resultaten op het gebied van Werk en Participatie, Inkomen en Inkomensondersteuning en de besteding van de kosten van bedrijfsvoering. Er is sprake van een positief resultaat op alle onderdelen van in totaal € 3.105.832. Door het algemeen bestuur is op 11 april besloten om deze jaarstukken 2021 onder voorbehoud van goedkeuring door de accountant vast te stellen. Tevens is besloten om van het voordelig resultaat bedrijfsvoeringskosten een bedrag van € 428.700 voor het Werkplein beschikbaar te houden.
Met dit bedrag kunnen in 2022 en 2023 de controleactiviteiten en invorderingen Tozo worden uitgevoerd. Van het voordelig resultaat van het programma Werk en Participatie is besloten om een bedrag van € 457.749 te bestemmen voor de uitvoering van projecten voor beheersing van het bestand. De rest van het positieve resultaat van in totaal € 2.219.382 wordt met de gemeenten afgerekend. Voor eventuele vragen of nadere toelichting kunt u contact opnemen met dhr. Dekker, teamhoofd Besturing en Control. Hij is telefonisch bereikbaar op 06-11870576 of via email arjan.dekker@werkpleinhartvanwest-brabant.nl. Hoogachtend, Het Dagelijks Bestuur van het Werkplein Hart van West-Brabant namens deze,
De heer M. Does Directeur Het Werkplein Hart van West-Brabant is een samenwerking van de gemeenten Etten-Leur, Halderberge, Moerdijk, Roosendaal, Rucphen en Zundert. E: info@werkpleinhartvanwestbrabant.nl I www.werpleinhartvanwest-brabant.nl
Jaarstukken 2021
Dankzij een bedrijfsbezoek georganiseerd door het WSP kon ik laagdrempelig kennismaken met potientele werkgevers
1
Inhoudsopgave
1 INLEIDING ............................................................................................................................................. 4
2 JAARVERSLAG ....................................................................................................................................... 6 2.1 Terugblik 2021 ................................................................................................................................ 6 2.1.1. Missie en visie ................................................................................................................... 6 2.1.2. Organisatieontwikkelingen ............................................................................................... 6 2.1.3. COVID-19 .......................................................................................................................... 7 2.1.4 Voorbereidingen Wet inburgering .................................................................................... 8 2.1.5 Ketensamenwerking .......................................................................................................... 8 2.1.6 Programmatisch werken ................................................................................................... 9 2.1.7 Financieel ........................................................................................................................... 9 2.2 Strategische doelstellingen...........................................................................................................
12 2.2.1 Inleiding ........................................................................................................................... 12 2.2.2 Aanvragen levensonderhoud .......................................................................................... 12 2.2.3 Beschut werk en garantiebanen ...................................................................................... 13 2.2.4 Plaatsingen Werkgeversservicepunt ............................................................................... 14 2.2.5 Gebruik minimaregelingen .............................................................................................. 15 2.2.6 Doorlooptijden aanvragen............................................................................................... 16 2.2.7 (Lokale) ondersteuning en netwerken ............................................................................ 17 2.2.8 Wat mag het kosten? ...................................................................................................... 18 2.3 Algemene dekkingsmiddelen ........................................................................................................ 27 2.4 Paragrafen ..........................................................................................................................
28 2.4.1 Paragraaf Financiering ..................................................................................................... 28 2.4.2 Paragraaf Bedrijfsvoering ................................................................................................ 29 2.4.3 Paragraaf Weerstandsvermogen en Risicobeheersing.................................................... 33 2
2.4.4 Informatie t.b.v. paragraaf verbonden partijen gemeenten ........................................... 36 2.4.5 Paragraaf Rechtmatigheid ............................................................................................... 36
3 JAARREKENING ....................................................................................................................................... 3.1 Grondslagen voor waardering en resultaatbepaling .................................................................... 38 3.2 Balans en toelichting..................................................................................................................... 41 3.2.1 Toelichting op de balans .................................................................................................. 41 3.3 Overzicht baten en lasten ................................................................................................... 47 3.3.1 Toelichting kosten bedrijfsvoering .................................................................................. 48 3.3.2 Incidentele baten en lasten ............................................................................................. 53 3.3.3 Begrotingsrechtmatigheid ............................................................................................... 55 3.4 Informatie wet normering bezoldiging topfunctionarissen publieke en semipublieke sector (WNT) ....................................................................................................................................................
56 3.5 Verantwoording taakvelden jaarrekening 2021 ........................................................................... 57 3.6 SISA-bijlage bij de jaarrekening .................................................................................................... 58 3.7 Controleverklaring ........................................................................................................................ 61 3.8 Bijlagen ......................................................................................................................................... 62 3.8.1 Staat van personele sterkte ............................................................................................. 62 3.8.2 Staat van geactiveerde kapitaaluitgaven ........................................................................ 63 3.8.3 Specificatie gemeentelijke bijdragen jaarrekening 2021 ................................................ 63
3
Inleiding Voor u liggen de jaarstukken 2021 van de Gemeenschappelijke Regeling ISD Werkplein Hart van WestBrabant (hierna Werkplein). Met het jaarverslag en jaarrekening leggen wij verantwoording af aan het Algemeen Bestuur van het Werkplein over de verschillen tussen begroting en daadwerkelijke resultaten in prestaties en financiën. De cijfers tot en met het vierde kwartaal 2021 worden in de verschillende programma’s in het jaarverslag verder toegelicht.
Jaarverslag Uitdagingen in 2021 We kijken wederom terug op een bijzonder jaar. Een jaar waarin we flinke stappen hebben gezet in de organisatieontwikkeling. We staan aan de vooravond van de overgang van ontwikkeling naar doen. Maar ook een jaar waarin corona helaas weer een prominente rol in nam. We hebben ons volledig ingezet om de ondernemers die werden geraakt door corona te ondersteunen met de tijdelijke steunmaatregelen vanuit het Rijk (Tozo en TONK). Maar daarnaast zijn we natuurlijk blijven doen waar we voor zijn. We hebben onze inwoners zo goed mogelijk ondersteund in hun route naar een glimlach. Resultaten 2021 Na een stijgende trend in het bestand kent het Werkplein voor 2021 een daling. Deze is te verklaren als gevolg van de meevallende economische gevolgen van de Corona crisis. In de 2de Bestuursrapportage 2021 hebben wij de gemeenteraden gemeld voor 2021 een stijging van het bestand te voorzien van 2,1%. Deze voorspelling is gelukkig niet uitgekomen. Het Werkplein heeft 2021 afgesloten met een bestandsdaling van 1,2%. Ten opzichte van de eindstand per 31 december 2020 is sprake van een daling van 48 dossiers voor de zes
gemeenten gezamenlijk. De uitgaven voor wat betreft de uitkeringen (Buig) zijn voor vier van de zes gemeente ruim binnen het rijksbudget gebleven. Alleen bij Rucphen en Zundert is sprake van een lichte overschrijding. Daarnaast kunnen we melden dat alle aanvragen voor een uitkering of bijzondere bijstand binnen de wettelijke termijnen zijn afgewikkeld. Gezien de druk die uitvoering van TOZO maatregelen ook in 2021 het Werkplein heeft opgeleverd zijn we trots op deze prestatie. Exploitatie 2021 De exploitatie van het Werkplein bestaat uit twee onderdelen: de programmakosten en de kosten van bedrijfsvoering. De programmakosten Werk en Participatie, Inkomen (met uitzondering van de kosten van Tozo die geheel door het Rijk wordt vergoed) en Inkomensondersteuning (met uitzondering van de kosten van TONK) worden volledig gedekt door gemeentelijke bijdragen. De gepresenteerde saldi worden derhalve volledig verrekend met de gemeenten. Voor het voordelige resultaat op de bedrijfsvoeringskosten wordt een gedeeltelijke bestemming voorgesteld in hoofdstuk 2.1.7.
4
2021 is uiteindelijk afgesloten met een bestandsdaling van 1,2%. In de bijgestelde begroting werd nog rekening gehouden met een stijging van 2,1%. Dit leidt tot een overschot op het programma inkomen van € 894.654. De lasten van de Tozo regeling zijn apart verantwoord. Hiervoor was € 7.285.158 begroot, uiteindelijk is € 5.051.264 uitgegeven. Deze kosten worden volledig door het Rijk vergoed. Bij het programma inkomensondersteuning is sprake van een kleine overschrijding van € 67.305. Dit komt door hogere kosten van bewindvoering. Programma Werk en Participatie sluit met een positief resultaat van € 1.324.244. Dit komt met name doordat er flink minder leerwerktrajecten en maatwerktrajecten zijn ingezet vanwege de beperkingen van Corona. Voor het voordelige resultaat op de Programma Werk en Participatie wordt een gedeeltelijke bestemming voorgesteld in hoofdstuk 2.1.7. Bij de afzonderlijke programma’s wordt een nadere toelichting op het saldo gegeven. De exploitatie van de kosten van bedrijfsvoering sluit dit jaar af met een positief saldo van € 985.135. Dit positieve resultaat wordt toegelicht In hoofdstuk 3.3. Coronavirus De beperkingen vanwege COVID-19 (Corona) had ook in 2021 een behoorlijke impact op ons allemaal. Voor de aanpak van COVID-19 hebben wij ons aan de landelijke maatregelen van het Rijk geconformeerd. Dit raakt veel beleidsterreinen van onze organisatie.
Voor een groot gedeelte van de dienstverlening aan
onze inwoners, met name op het gebied van Participatie heeft dit tot flinke beperkingen geleid. Daarnaast hebben wij adequaat de uitvoering van de landelijke maatregelen, zoals Tozo en TONK, ter hand genomen. Ook hebben we gezorgd voor zoveel mogelijk continuïteit van de reguliere werkzaamheden en van noodzakelijke (digitale) besluitvorming. Opzet en reikwijdte jaarstukken 2021 In deze jaarstukken worden de gerealiseerde cijfers van 2021 vergeleken met de begroting na wijziging. Dat betreft de cijfers zoals vermeld in de 2e begrotingswijziging 2021 die tegelijkertijd met de 2e Bestuursrapportage 2021 is opgesteld. In het jaarverslag en de programma’s zijn de toelichtingen zoveel mogelijk integraal opgenomen om een beeld van het totaal te kunnen geven. De jaarstukken worden aan het Dagelijks en Algemeen bestuur ter besluitvorming voorgelegd. Het Algemeen Bestuur stelt de jaarstukken in haar vergadering van 11 april 2022 vast. Opbouw jaarstukken 2021 De jaarstukken zijn opgebouwd uit vier hoofdstukken. De Inleiding met een algemeen beeld. In hoofdstuk 2 gaan we in het jaarverslag inhoudelijk in op de verschillende onderdelen van het Werkplein. In hoofdstuk 2.2 de strategische doelstellingen en 2.2.8 de programma verantwoording. In hoofdstuk 3 treft u de jaarrekening 2021 en de daarbij behorende bijlagen aan.
5
Jaarverslag Jaarverslag
2.1 Terugblik 2021 2.1.1. Missie en visie In 2021 hebben we aan de hand van de door het Werkplein en gemeenten gezamenlijk opgestelde programmaplaat gewerkt. De strategische doelstellingen daarin dienden als leidraad voor de inspanningen van gemeenten en het Werkplein in 2021. In de bestuursrapportages afgelopen jaar hebben we ieder kwartaal stil gestaan bij deze doelstellingen en de behaalde resultaten. Eind 2021 hebben gemeenten en het Werkplein de visie en doelstellingen in de programmaplaat verder verfijnd. In deze opdracht wordt de visie op de rol van het Werkplein in 2022 als volgt omschreven: “Wij vertrouwen in de talenten en kwaliteiten van onze inwoners. Daarom stimuleren wij iedereen om deze te ontwikkelen, met als doel werk, en als dat (nog) niet lukt, wel meedoen in de samenleving. Dat doen we samen met de inwoner, collega’s en partners op basis van maatwerk.” Deze visie sluit goed aan op de maatschappelijke bewegingen van het centraal stellen van de inwoner, en niet het proces. Evenals onze organisatieontwikkeling waar het Werkplein de menselijke maat als uitgangspunt hanteert. 2.1.2. Organisatieontwikkelingen Vanaf 2019 zijn we de weg van de vergroening in geslagen. Minder focus op het proces, des te meer op onze inwoners. Het doel is om te ontwikkelen van een proces- en taakgerichte organisatie naar een inwoner- en resultaatgerichte organisatie.
De medewerkers van het Werkplein zijn actief betrokken bij de ontwikkeling van de nieuwe koers van het Werkplein. Deze ontwikkelingen zetten we niet in zonder reden. De opgave in de Participatiewet is dat we inwoners aanspreken op hun zelfredzaamheid. Echter, wij zien in praktijk dat inwoners die gebruikmaken van onze diensten steeds vaker problematiek op meerdere leefgebieden hebben. Ook zien we de maatschappelijke wens om de inwoner centraal te stellen, en niet de dienst. Dit vraagt om een verdergaande samenwerking binnen het sociaal domein. Hier zien wij mooie kansen met de gebiedsgerichte werkwijze die we in 2022 gaan uitrollen. Begin 2021 hebben we onze nieuwe organisatievisie opgeleverd. Samengevat wordt de opgave voor het Werkplein om uit te gaan van de talenten en kwaliteiten van medewerkers. Proces en inhoud van de ondersteuning worden maatwerk. Onze medewerkers krijgen veel regelruimte om met de inwoner best 6
passende keuzes te maken. Samenwerking met collega’s in het sociaal domein wordt de norm. Door beter het effect te meten van wat we doen en een continue dialoog hierover verwachten we dat de kwaliteit van onze dienstverlening zal toenemen, en meer inwoners naar vermogen mee kunnen doen in de samenleving. Om deze visie ook daadwerkelijk tot leven te brengen is er veel werk verzet afgelopen jaar. Aan de hand van de verschillende thema’s uit de visie zijn medewerkers van het Werkplein in estafettes deze uit gaan werken aan de hand van een aantal fictieve personages. De daaruit opgeleverde groendrukken (diagnose, ontwikkeling, werkpunt, advies inwoners en leiderschap) vormden de basis voor de uitwerking van de nieuwe (hoofd)structuur bij het Werkplein. Om alle collega’s en partners zoveel mogelijk te betrekken zijn gedurende het jaar allerlei bijeenkomsten en communicatienetwerken georganiseerd. We zijn op expeditie gegaan, hebben inspiratiefestivals beleefd, hebben in estafetteteams een concretiseringsslag gemaakt, door middel van intervisie ervaringen gedeeld en met onze Expeditiejournaals houden we de collega’s en partners op de hoogte. Daarnaast is er een externe toetsingscommissie van deskundigen die meekijkt en feedback geeft op de plannen.
De basis staat er maar om daadwerkelijk de overstap naar de nieuwe structuur te kunnen maken moeten nog veel onderdelen van de nieuwe organisatie verder worden uitgewerkt. Het komende jaar werken we vooral aan de implementatie hiervan. Denk hierbij aan het plaatsingsproces, leerplein, (sturing op) resultaat, leidende principes, huisvesting, dienstverlening, ontmoeten, regels en vorming van teams. 2.1.3. COVID-19 Ook afgelopen jaar was corona onderdeel van ons dagelijks leven. Het ging met ups en downs evenals de daaropvolgende lockdowns. Het Werkplein heeft tot 1 oktober 2021 met grote inzet de Tijdelijke Overbruggingsregeling Zelfstandig Ondernemers (Tozo)-regeling uitgevoerd. Daarnaast is in 2021 de regeling Tijdelijke Ondersteuning Noodzakelijke Kosten (TONK) opgetuigd en uitgevoerd door de medewerkers van het Werkplein. Beide regelingen zijn per 1 oktober komen te vervallen. Hiervoor in de plaats zijn de voorwaarden van de bijstand voor zelfstandigen (Bbz) tijdelijke versoepeld (tot 1 april 2022). Het Werkplein en haar medewerkers hebben afgelopen jaren een grote flexibiliteit en veerkracht getoond om deze steeds wisselende regelingen goed uit te voeren en in te spelen op de behoeften van onze inwoners. Dit in combinatie met onzekere tijden en werken op afstand is een prestatie van formaat.
Het Werkplein heeft ook het afgelopen jaar de landelijke adviezen omtrent fysieke contacten en thuiswerken gevolgd. Inmiddels zijn we meer gewend aan het werken op afstand en zijn de digitale hulpmiddelen in het werk geïntegreerd. De noodzakelijke dienstverlening is het hele jaar in fysieke vorm aangeboden. Andere vormen van dienstverlening hebben gedeeltelijk of geheel op afstand plaats gevonden (telefonisch/digitaal). Als gevolg van de onzekere economische verwachtingen zijn de bestandsontwikkelingen meermaals bijgesteld. Uiteindelijk heeft de economie zich goed weten te herstellen en is de vraag naar personeel hoog. Het CPB heeft in juni en september landelijk een bijgestelde prognose gegeven. Aan de hand van deze bijgestelde prognoses is de begroting voor 2021 twee maal naar beneden bijgesteld. Bij het opmaken van de jaarcijfers komen we tot een nog wat scherpere daling van het bijstandsbestand dan eerder verwacht. We sluiten 2021 af met een bestand dat 1,2% lager is dan op 31 december 2020 tegenover een eerder verwachte stijging van 2,1%. 7
2.1.4 Voorbereidingen Wet inburgering Op 1 januari 2022 is de nieuwe Wet Inburgering in werking getreden. In voorbereiding daarop hebben de zes Werkplein gemeenten eind 2020 besloten om de uitvoering van de nieuwe wet bij het Werkplein weg te leggen. Gedurende 2021 hebben gemeenten en het Werkplein gezamenlijk een intensief traject doorlopen om voor te bereiden op de inwerkingtreding van deze nieuwe wet. Onder leiding van een externe projectleider zijn drie werkgroepen aan de slag gegaan. Werkgroep regelgeving (beleidsregels, verordening en aanpassen GR) en het beleidsplan (begroting); Werkgroep inkoop en aanbesteden. Inkoop en aanbesteden van de leerroutes, participatietrajecten en maatschappelijke begeleiding (financiële ontzorging. MAP en PVT); Werkgroep organisatie heeft zich bezig gehouden met de voorbereidingen op de uitvoering van de nieuwe wet. Denk hierbij aan werkprocessen, de functie en taken van de regiehouder, ICT etc. Inmiddels zijn er veel partners rondom de Wet Inburgering waar we mee samenwerken. Er zijn twee taalaanbieders gecontracteerd voor de uitvoering van de leerroutes (inburgeringstraject) van onze inwoners. Vluchtelingenwerk heeft een grote rol in de maatschappelijke begeleiding van de statushouders in de zes gemeenten. In de uitvoering van de Wet Inburgering spelen veel partners een belangrijke rol.
De regiehouders zijn in 2021 al gestart kennis te maken met partners in de drie gebieden. Er zijn afspraken gemaakt over rol- en taakverdeling om de inburgeraar samen zo goed mogelijk te ondersteunen bij het integreren in onze gemeenten. 2.1.5 Ketensamenwerking In het afgelopen jaar is hard gewerkt aan de inhoud van de Ketensamenwerking Werkplein, ISD en WVS, waarbij Corona het ons niet altijd even makkelijk heeft gemaakt. Op operationeel niveau is waar mogelijk invulling gegeven aan de Ketensamenwerking via de proeftuinen. Ook zijn op tactisch en strategisch niveau goede stappen gemaakt, o.a. tijdens de gezamenlijke heidag, waarbij gekeken is naar wat de Ketensamenwerking nu moet zijn en vooral wat het moet toevoegen voor onze inwoners. In de 3 proeftuinen is volop geëxperimenteerd met aangepaste werkwijzen. Zo’n 40 inwoners in totaal (9 gemeenten) zijn uitgenodigd voor gesprekken binnen de proeftuin Intensieve Start, Doelgroep C en Beschut Werk/Arbeidsmatige dagbesteding. De gesprekken met inwoners zijn in gezamenlijkheid gevoerd, meestal op locatie bij WVS. Zowel tijdens als vlak na deze gesprekken zijn direct passende trajecten ingezet. Voor inwoners met een indicatie Beschut Werk zijn voorschakeltrajecten ingezet om samen met de inwoner en zijn netwerk te ervaren welke werkplek, werkzaamheden en omstandigheden passend zijn in de huidige situatie.
Soms is dat inderdaad Beschut Werk gebleken, in andere gevallen werd dagbesteding passender gevonden. Hierin wordt steeds intensiever samengewerkt tussen klantmanager, WVS en WMO consulenten. In 2022 worden de ervaringen van inwoners en medewerkers binnen de proeftuinen gebundeld tot 1 aanpak, waar individueel maatwerk het uitgangspunt blijft. Vanuit zowel nieuwe instroom als bestaand bestand (Doelgroep C) worden in de loop van 2022 ca. 300 inwoners (200 Werkplein HvWB) uitgenodigd om middels deze aanpak te worden begeleid richting werk. Naast de proeftuinen is ook gezamenlijk gewerkt aan een koersdocument voor het publieke groenbedrijf. Dit koersdocument is akkoord bevonden door alle gemeenten. In 2022 wordt begonnen met de 8
uitwerking en implementatie van de aangepaste koers. Ook dit gebeurt in samenwerking met de drie organisaties. 2.1.6 Programmatisch werken In 2021 hebben de gemeenten en het Werkplein gezamenlijk een start gemaakt met programmatisch werken. Aan de hand van deze methode zijn we in gesprek gegaan om gezamenlijk de visie, doelen en resultaten voor het Werkplein vast te leggen. In een gezamenlijk proces zijn we gekomen tot een formulering van strategische doelstellingen voor de langere termijn, operationele doelstellingen en daaraan gekoppeld de inspanningen die nodig zijn om de resultaten te bereiken. Eind 2021 zijn we tot een aanscherping van de visie en doelstellingen gekomen die goed aansluiten bij de uitdagingen waar gemeenten en Werkplein voor staan de komende jaren. Hierbij staan vijf strategische doelstellingen centraal: 1. Meer inwoners zijn zelfredzaam. 2. Meer inwoners krijgen passende ondersteuning. 3. Minder inwoners leven in armoede. 4. We werken meer samen in het sociaal domein. 5. Werkgevers benutten beter de talenten en kwaliteiten van inwoners. Hieraan zijn de indicatoren (per jaar) en inspanningen (per jaar) voor gemeenten en Werkplein gekoppeld. 2.1.7 Financieel De jaarrekening vertoont ten opzichte van de gewijzigde begroting 2021 een positief beeld. In totaliteit blijft een bedrag van € 3.105.832 over. Programma's
Werk en Participatie Inkomen Inkomensondersteuning Bedrijfsvoering Totaal
Jaarrekening Begroting Jaarrekening Saldo 2020 2021 na 2021 wijziging € 4.218.329 € 5.209.582 € 3.916.234 € 1.293.348 € 59.012.447 € 62.480.345 € 61.585.691 € 894.654 € 8.029.908 € 7.689.742 € 7.757.047 -€ 67.305 € 9.200.634 € 13.857.555 € 12.872.420 € 985.135 € 80.461.318 € 89.237.224 € 86.131.391 € 3.105.832
Bij bijna alle programma’s is sprake van positieve resultaten. Alleen bij programma Inkomensondersteuning is sprake van een klein nadelig resultaat. Voor het voordelige resultaat op de Programma Werk en Participatie wordt een gedeeltelijke bestemming voorgesteld in dit hoofdstuk. De rest van de resultaten worden evenals voorgaande jaren verrekend met de gemeenten (in dit geval terugbetaald). Bij de kosten van bedrijfsvoering wordt jaarlijks het resultaat ter bestemming aan het algemeen bestuur voorgelegd. Omdat dit jaar sprake is van bijzondere omstandigheden, waaronder de uitvoering van de Tozo-regeling, zal er voor bepaalde onderdelen een voorstel voor een resultaatsbestemming worden gedaan. Voor een uitgebreide analyse van het resultaat verwijzen wij u naar de drie programma’s in hoofdstuk 2.2.8 en voor de bedrijfsvoeringskosten naar hoofdstuk 3 paragraaf 3. Bestemming resultaat Voor de bedrijfsvoering stellen wij het volgende voor: >Voor de uitvoering van de Tozo-regelingen vloeien er nog werkzaamheden voort die in 2022 en verdere 9
jaren uitgevoerd moeten worden. Denk hierbij aan de achteraf controles die in het 1e en 2e kwartaal 2022 plaatsvinden en de terugvorderingsactiviteiten van ten onrechte of te hoog verstrekte uitkeringen levensonderhoud of bedrijfskredieten. Hiervoor vragen we de volgende middelen beschikbaar te stellen: • controle en terug- en invorderingsmaatregelen Tozo 1 -5 € 428.700 in 2022 -2024. Kosten uitvoering Tozo 2022-2024 Raming Inhuur t.b.v. controle, archivering, bezwaar en invordering € 363.700 Bereikbaarheid en communicatie (hulp ondernemers) € 30.000 Accountant € 15.000 Overige kosten (adviezen IMK) € 20.000 Totaal € 428.700
Al met al wordt gevraagd van het voordelig resultaat op de bedrijfsvoeringskosten ad € 985.135 een bedrag van € 428.700 voor de genoemde activiteiten te bestemmen. Na resultaatsbestemming wordt het resultaat als volgt aan de gemeenten terugbetaald: Resultaat bedrijfsvoering na resultaatsbestemming 2021 per gemeente Etten-Leur Halderberge Moerdijk Roosendaal Rucphen Zundert Totaal
Bijdrage
€ 100.605 € 62.316 € 70.890 € 246.188 € 44.592 € 31.843 € 556.435
Voor het voordelige resultaat op de Programma Werk en Participatie wordt een gedeeltelijke bestemming voorgesteld ad € 457.749. De drie hieronder genoemde projecten in het kader van beheersing en zo mogelijk daling van het bestand zouden in 2021 al starten maar vanwege capaciteit zijn deze projecten pas laat in 2021 van start gegaan. Resultaat te bestemmen voor projecten Intensivering nazorg Project bestandsbeheersing Project B-unit Totaal
Raming € 50.000 € 100.000 € 307.749 € 457.749
Na resultaatsbestemming wordt het resultaat als volgt aan de gemeenten terugbetaald: Resultaat Programma Werk en Particpatie na resultaatsbestemming 2021 per gemeente Etten-Leur Halderberge Moerdijk Roosendaal Rucphen Zundert Totaal
Bijdrage
€ 151.079 € 93.580 € 106.456 € 369.700 € 66.964 € 47.818 € 835.598
10
Besluit 1. Wij stellen het Algemeen Bestuur voor om het jaarverslag 2021 en de jaarrekening 2021 vast te stellen. 2. Wij stellen het Algemeen Bestuur voor om het niet bestede budget programmakosten te verrekenen met gemeenten. 3. Wij stellen voor het voordelig resultaat bedrijfsvoeringskosten € 985.135 als volgt te bestemmen: -controle en terug- en invorderingsmaatregelen Tozo 1 - 5 € 428.700 in 2022 - 2024 -aan gemeenten terug te storten € 556.435. 4. Wij stellen voor het voordelig resultaat van Programma Werk en Participatie € 457.749 te bestemmen voor de bovengenoemde projecten. Het Dagelijks Bestuur van de Gemeenschappelijke Regeling ISD Werkplein Hart van West-Brabant, Hoogachtend, Marko Does
Hoogachtend, René van Ginderen
Secretaris/Directeur
Voorzitter
Vastgesteld door het algemeen bestuur van de Gemeenschappelijke Regeling ISD Werkplein Hart van West-Brabant in zijn vergadering van 11 april 2022, Hoogachtend, Marko Does
Hoogachtend, René van Ginderen
Secretaris/Directeur
Voorzitter
11
2.2 Strategische doelstellingen 2.2.1 Inleiding De D6 gemeenten en het Werkplein hebben eind 2020 afgesproken om in de periode 2021 tot en met 2024 op de volgende strategische doelstellingen in te zetten: Zo min mogelijk inwoners zijn afhankelijk van een uitkering; Inwoners in het doelgroepenregister hebben een (betaalde) baan; Inwoners ontvangen laagdrempelige integrale ondersteuning bij hun ontwikkeling naar werk; Minder inwoners leven in armoede; Inwoners ontvangen tijdig en rechtmatig uitkeringen en/of inkomensondersteunende maatregelen; Inwoners hebben laagdrempelig toegang tot bemiddeling naar werk en inkomensondersteuning; Inwoners waarvoor werk (voorlopig) niet haalbaar is worden voor hun ondersteuning naar zelfredzaamheid overgedragen. In de volgende paragrafen laten we zien welke ontwikkelingen het Werkplein (in samenwerking met gemeenten en partners) op deze strategische doelstellingen hebben gerealiseerd. 2.2.2
Aanvragen levensonderhoud Draagt bij aan doelstelling 1: ‘Zo min mogelijk inwoners zijn afhankelijk van een uitkering’
In 2021 zien we het aantal aanvragen sterk teruglopen. Met name begin 2020 was er een piek in het aantal aanvragen die direct verband hielden met de Corona-maatregelen. Dat vlakt af in 2021. Niet alleen in het aantal aanvragen maar ook in het aantal uitkering dat met 1,2% gedaald is. Aantal aanvragen Etten-Leur Halderberge Moerdijk Roosendaal Rucphen Zundert Totaal
2020 247 166 188 623 118 86 1428
2021 189 141 141 481 80 66 1098
Aantal aanvragen: 2020 vs 2021
12
Bestandsontwikkeling 2021 D6 gemeenten gemeenten gezamenlijk 4100 4050 4000 3950 3900
Bestandsontwikkeling 2021 per gemeente 2000 1500 1000 500 0
Gemeente
Etten-Leur
Halderberge
Moerdijk
Roosendaal
Rucphen
Zundert
Verschil Verschil (%)
31-12-2020 710
jan-21 709
feb-21 721
mrt-21 723
apr-21 728
mei-21 726
jun-21 714
jul-21 702
aug-21 697
sep-21 696
okt-21 692
nov-21 693
dec-21 697
-13
-1,8%
Halderberge
447
445
451
455
462
456
463
467
460
456
454
456
456
9
2,0%
Moerdijk
499
496
495
505
506
509
507
509
496
489
497
494
500
1
0,2%
Roosendaal
1848
1846
1850
1846
1837
1839
1841
1836
1804
1797
1788
1806
1814
-34
-1,8%
Rucphen
334
330
331
335
333
334
327
330
335
332
322
319
318
-16
-4,8%
Zundert
210
209
210
212
213
215
211
207
209
209
210
214
215
5
2,4%
Totaal
4048
4035
4058
4076
4079
4079
4063
4051
4001
3979
3963
3982
4000
-48
-1,2%
Etten-Leur
2.2.3
Beschut werk en garantiebanen Draagt bij aan doelstelling 2: ‘Inwoners in het doelgroepenregister hebben een (betaalde) baan’
Iedere gemeenten krijgt jaarlijks een taakstelling met daaraan gekoppeld een budget voor de plaatsing van inwoners met een beschut werken indicatie. Alle inwoners met een beschut werken indicatie die kunnen werk zijn aan het werk bij WVS of een andere werkgever.
13
Beschut werk* D6 Etten-Leur Halderberge Moerdijk Roosendaal Rucphen Zundert
Taakstelling 2020 Taakstelling 2021 105 123 15 18 13 15 11 13 45 52 16 19 5 6
Plaatsingen 2021 111 20 12 8 52 14 5
De gemeente Etten-Leur heeft een hoger aantal plaatsingen dan de taakstelling. Het totaal aantal uur dat deze inwoners werken valt wel binnen de taakstelling. Voor wat betreft garantiebanen geldt een taakstelling van 100 plaatsen in 2021. Deze doelstelling is met 118 plaatsingen ruimschoots bereikt. 2.2.4
Plaatsingen WerkgeversServicepunt Draagt bij aan doelstelling 1 en 3: ‘Zo min mogelijk inwoners zijn afhankelijk van een uitkering’ en ‘Inwoners ontvangen laagdrempelige integrale ondersteuning bij hun ontwikkeling naar werk’ WSP 2021 2020
D6 537 507
Het aantal gerealiseerde plaatsingen per jaar
Ondanks dat het WerkgeversServicepunt (WSP) een lagere personeelsbezetting had in 2021 is het totaal aantal gerealiseerde plaatsingen in 2021 vergelijkbaar met 2020. Ter vergelijking, in 2021 zijn de plaatsingen beschut werk onderdeel van het totaal aantal plaatsingen WSP. In de dagelijkse praktijk is corona voor het tweede jaar op rij een belemmerende factor geweest. Fysieke bedrijfsbezoeken waren niet altijd mogelijk, minder instroom van jobready kandidaten, en een toename van inwoners met een langere afstand tot de arbeidsmarkt in combinatie met minder ondersteuning op ontwikkeling vanwege beperkende coronamaatregelen stelde het WSP voor uitdagingen. Kijkend naar de resultaten heeft het WSP wederom een topprestatie geleverd en is onverminderd door gegaan met plaatsingen van onze inwoners waardoor zij zoveel als mogelijk de stap naar betaald werk kunnen maken. Om te zorgen voor een optimale match van vraag en aanbod is het WSP in 2021 sectorgericht gaan werken. Dit heeft geleid tot voorschakeltrajecten in de logistiek, zorg en horeca. In de perioden dat het mogelijk was, heeft het WSP zoveel mogelijk inwoners meegenomen naar werkgevers.
14
2.2.5
Gebruik minimaregelingen
Draagt bij aan doelstelling 4: ‘Minder inwoners leven in armoede’
Bijzondere bijstand Aantal aanvragen Aantal toegekende aanvragen
2021 5.121 4.277
2020 5.100 3.918
Van de 4.277 toegekende aanvragen had 73% van de aanvragers een Werkplein-uitkering. Collectieve zorgverzekering Aantal deelnemers
1e kwartaal 2021 1e kwartaal 2020 7.273 7.392
In 2021 daalde het aantal deelnemers met 406 naar 6.867 op 1 december 2021. Belangrijkste redenen voor deze daling zijn: premieachterstand, overlijden en de uitgevoerde inkomens-controle. Overig gemeentelijk minimabeleid Het gaat hierbij om tegemoetkomingen voor maatschappelijke participatie (o.a. bezoek pretpark, bioscoop, dierentuin, theater, sportbeoefening etc.), schoolkosten, vakantieactiviteit en tijdschriftenregeling.
Aantal aanvragen Aantal toegekende aanvragen Aantal ambtshalve continueringen
2021 1.070 786 724
2020 1.046 727 691
Van de huishoudens die deze voorziening in 2021 hebben ontvangen had 84% een Werkplein-uitkering. Bij vier van de Werkpleingemeenten verloopt de uitvoering via een webwinkelsysteem. Inwoners krijgen dan elk kalenderjaar een winkeltegoed waarmee zij zelf producten en diensten kunnen kopen/afnemen bij de aangesloten leveranciers. In 2021 is van het totaal toegekende budget (=€ 436.670) feitelijk € 288.725 (=66%) verbruikt. Door de coronamaatregelen zijn er perioden geweest dat pretparken, 15
bioscopen e.d. tijdelijk minder bezoekers mochten ontvangen, of zelfs tijdelijk helemaal moesten sluiten. Loketfunctie aanvragen persoonlijke lening Kredietbank Rotterdam In 2021 hebben we 52 aanvragen ontvangen tegenover 87 in 2020. Deze daling kan te maken met ontevredenheid over de dienstverlening van Plangroep en Kredietbank Rotterdam (zijn uitvoerders voor onderdelen van de schuldhulpverlening en verstrekking consumptieve kredieten). Om die reden wordt sinds het 4e kwartaal 2021 veel minder doorverwezen naar Plangroep en Kredietbank Rotterdam voor hulpverlening. Afwikkeling kinderopvangtoeslagaffaire Door de kinderopvangtoeslag (KOT)-affaire hebben gemeenten en Werkplein in 2021 een aantal extra werkzaamheden verricht. De werkzaamheden van het Werkplein bestonden uit: Controle of gedupeerden een uitkering in het kader van de Participatiewet (Pw) ontvingen. De door de Belastingdienst uitgekeerde compensatiebedragen moeten immers vrijgelaten worden bij de bijstandsverlening. In 2021 zijn 325 huishoudens met een Pw-uitkering als gedupeerde aangemerkt. Onderzoek naar recht op pauzering van de incasso en kwijtschelding van vorderingen. In 2021 heeft het Werkplein bij 26 debiteuren de incasso gepauzeerd en daarnaast is bij 24 debiteuren al besloten om de openstaande vorderingen buiten invordering te stellen. Het totaal buiten invordering gestelde bedrag is € 74.726,16.
Onderzoek naar verstrekte bijzondere bijstand in de kosten van bewindvoering. Aan gedupeerden van de KOT-affaire heeft het Werkplein in 2020 € 39.217 en in 2021 € 33.368 aan bijzondere bijstand in deze kosten verstrekt. De gemeenten hebben recht op Rijksvergoeding van voor de hierboven vermelde werkzaamheden en gemaakte kosten. De totale tijdsinzet van het Werkplein is voor 2021 berekend op 556 uur. Deze ureninzet maakt onderdeel uit van de verantwoorde bedrijfsvoering kosten. Op grond van drie ministeriele regelingen z.g. specifieke uitkeringen (SPUK), compenseert het Rijk de Werkpleingemeenten voor de aan (mogelijk) gedupeerde ouders en hun gezinnen geleverde brede ondersteuning en voor de kwijtschelding van publieke vorderingen. De verantwoording en declaratie van die kosten bij het Rijk loopt via de jaarrekening met bijbehorende Single information Single audit-systematiek (SiSa) van de werkpleingemeenten. 2.2.6
Doorlooptijden aanvragen Draagt bij aan doelstelling 5: ‘Inwoners ontvangen tijdig en rechtmatig uitkeringen en/of inkomensondersteunende maatregelen’
Hieronder staan de doorlooptijden weergegeven van de aanvragen binnen het Werkplein Hart van WestBrabant. Er zijn met de gemeenten geen termijnen afgesproken waar binnen aanvragen afgehandeld moeten worden. Wel is er de wettelijke termijn van 8 weken en een interne streeftermijn van vier weken. Aanvragen levensonderhoud zijn in beginsel complexer en de doorlooptijden daardoor ook langer.
16
2.2.7
(Lokale) ondersteuning en netwerken Draagt bij aan doelstelling 3, 6 en 7: ‘Inwoners ontvangen laagdrempelige integrale ondersteuning bij hun ontwikkeling naar werk’, ‘Inwoners hebben laagdrempelig toegang tot bemiddeling naar werk en inkomensondersteuning (KTO) en organisatieontwikkeling’ en ‘inwoners waarvoor werk (voorlopig) niet haalbaar is worden voor hun ondersteuning naar zelfredzaamheid overgedragen’
Organisatieontwikkeling In hoofdstuk 2.1 zijn we al uitgebreid ingegaan op de organisatieontwikkeling in het afgelopen jaar. Alle teams van het Werkplein zijn onderdeel van de vergroening. Doordat er vanuit de hele organisatie mee wordt gedacht over de ontwikkelingen binnen het Werkplein en het maatschappelijke speelveld voelt ook iedereen de nut en noodzaak van veranderingen. Deze worden dan ook breed gedragen binnen de organisatie. Op deze manier verandert het DNA en daarmee samenhangende werkwijze van het Werkplein wezenlijk ten opzichte van de afgelopen jaren. En dit komt uiteindelijk vooral onze inwoners ten goede. Klanttevredenheidsonderzoek Klantbeleving is van grote invloed op de kwaliteit van de dienstverlening. In 2021 heeft het Werkplein voor de eerste keer twee klanttevredenheidsonderzoeken uitgevoerd onder bijstandsgerechtigden. De eerste meting in juni en de tweede in november. Deze laatste meting is aangevuld met een aantal verdiepende vragen. We hebben inwoners onder andere gevraagd mee te denken wat hen zou kunnen helpen om de bijstandstuitkering in de toekomst niet meer nodig te hebben. Concrete interventies die genoemd worden, zijn het volgen van een opleiding of training, het uitvoeren van vrijwilligerswerk of het verkrijgen van mentale hulp.
De meerderheid zegt tevreden te zijn over de diensten van het Werkplein en men vindt een ‘luisterend oor’ bij de begeleiding naar werk. De telefonische bereikbaarheid beoordeelt men met het cijfer 7.6.. In 2022 wordt bekeken hoe opvolging kan worden gegeven aan aangedragen verbetermogelijkheden. 17
Pilots Met de komst van de Participatiewet is er een steeds grotere groep inwoners bij het Werkplein met veelal complexe problematieken en zo’n grote afstand tot de arbeidsmarkt dat zij veelal niet bemiddelbaar naar werk zijn. De afgelopen jaren hebben we samen met de gemeenten verschillende pilots opgezet. In deze pilots in Halderberge, Roosendaal en Rucphen hebben we (een gedeelte) van de doelgroep op verschillende manieren benaderd met verschillende samenwerkings- partners. De ervaringen en uitkomsten van deze pilots helpen ons bij de verdere vergroening van het Werkplein. Het helpt ons om ook binnen de organisatie- ontwikkelingen de juiste keuzes te maken. Onze inwoners staan centraal waarbij we een integrale benadering willen. Hoe kunnen we onze inwoners het beste ondersteunen bij hun ontwikkeling richting werk, participatie of de juiste zorg -of hulpverlening. Het belangrijkste van alles is dat professionals elkaar weten te vinden als het nodig is. Kijk naar de inwoner wat nodig is. Bij de een kan dat zijn om samen met de meedenkcoach op huisbezoek te gaan bij de ander kan dat een gezamenlijke overdracht op het Werkplein zijn.
2.2.8 Wat mag het kosten? Programma Werk en Participatie De inzet binnen het programma Werk en Participatie is zowel gefinancierd vanuit de reguliere exploitatiebegroting (qua personele inzet) als vanuit de re-integratiemiddelen binnen het participatiebudget. De re-integratiemiddelen zijn in de kern middelen die het Werkplein heeft ingezet om de re-integratie van inwoners te versnellen, te bevorderen dan wel mogelijk te maken. Het Rijk maakt een verdeling tussen de beschikbare middelen; klassieke bijstand en nieuw Wajong en nieuw Begeleiding. De Werkpleingemeenten hebben bepaald dat het Werkplein de beschikking heeft over 80% van het gemeentelijke participatiebudget (klassiek) en 100% met betrekking tot het onderdeel nieuwe doelgroepen. De achtergebleven 20% van het Participatiebudget kan door gemeenten ingezet worden voor projecten of aanpakken gericht op participatie voor inwoners die bij het Werkplein bekend zijn. In 2021 waren de totale kosten minus baten van re-integratie activiteiten € 3.916.234. Dat is € 1.293.347 minder dan de gewijzigde begroting. Voor het voordelige resultaat op de Programma Werk en Participatie wordt een gedeeltelijke bestemming voorgesteld in hoofdstuk 2.1.7. ad € 457.749. Dit resultaat geeft een totaal aan bijdragen van de gemeenten van € 4.373.984.
18
Programma werk
Jaarrekening 2020
Begroting Jaarrekeni 2021 na ng 2021 wijziging
Verschil
Lasten Werkgeversbenadering € 1.031.566 € 680.659 € 579.081 € 101.577 Trainers € 184.028 € 150.257 € 154.196 € -3.939 Inhuur klantmanagers( wsp, jongeren, 50+, Fia) € 578.464 € 521.137 € 639.518 € -118.381 Diagnostische tool/Matchcare Szeebra € 98.083 € 110.000 € 97.694 € 12.306 Statushouders € 250.989 € 318.024 € 324.586 € -6.562 Inburgering € 88.385 € 419.315 € 324.496 € 94.819 Maatschappelijk Participeren € 389.917 € 371.798 € 323.880 € 47.918 Individuele trajecten/Maatwerk € 349.029 € 440.000 € 323.861 € 116.139 Leerwerktrajecten WVS € 240.408 € 510.910 € 139.142 € 371.769 Proeftuinen ketensamenwerking € 110.000 € 89.026 € 20.974 Praktijkervaringsplekpolis € 7.030 € 7.000 € 7.150 € -150 Extra inzet fraudepreventie € 149.381 € 104.245 € 98.406 € 5.839 Beschut werken € 864.375 € 877.800 € 824.842 € 52.958 Beschut werk reiskosten € 35.000 € 37.630 € -2.630 Jobcoaching € 102.538 € 160.000 € 149.542 € 10.458 Loonwaardemetingen € 33.000 € 39.092 € -6.092 Intensivering nazorg € 50.000 €0 € 50.000 Garantiebanen € 223.148 € 277.392 € 247.606 € 29.785 Nader te bepalen inzet € 0 € 199.088 € 0 € 199.088 Project bestandsbeheersing € 100.000 € 0 € 100.000 Project B-unit € 338.647 € 30.898 € 307.749 Social return op investment (SROI) € 20.346 € 97.554 € 104.764 € -7.209 Totaal lasten 4.577.688 5.911.826 4.535.409 1.376.417 Baten 250.628 € 185.374 € 187.529 € 2.155 Statushouders
Inburgering € 88.385 € 419.315 € 326.881 € -92.434 Social return op investment (SROI) € 20.346 € 97.554 € 104.764 € 7.209 Totaal baten 359.359 702.243 619.174 -83.070 Saldo van lasten en baten 4.218.329 5.209.582 3.916.234 1.293.347 Bijdragen gemeenten Etten-Leur € 632.788 € 809.215 € 658.136 € 151.079 Halderberge € 459.878 € 573.482 € 479.902 € 93.580 Moerdijk € 349.566 € 478.796 € 372.340 € 106.456 Roosendaal € 2.240.453 € 2.672.274 € 2.302.574 € 369.700 Rucphen € 436.751 € 523.075 € 456.110 € 66.964 Zundert € 98.893 € 152.740 € 104.922 € 47.818 Totaal bijdragen gemeenten € 4.218.329 € 5.209.582 € 4.373.984 € 835.598 Resultaat (te bestemmen) € 457.749 € 457.749 Tabel: Programma Werk en Participatie 2021
Verschillenanalyse In totaliteit is er een bedrag van € 3.916.234 in 2021 ingezet voor re-integratie activiteiten. Dat geeft een resultaat van € 1.293.347. Wij hebben een deel van dit resultaat bestemd voor een drietal projecten. Hieronder wordt een toelichting op de grote verschillen tussen de begroting na wijziging 2021 en de jaarrekening 2020 en 2021 gegeven. Resultaat te bestemmen Wij hebben een deel van het totaal resultaat bestemd voor Project B-Unit (€ 307.749), voor Project Bestandsbeheersing (€ 100.000) en voor Intensivering nazorg (€ 50.000). In totaal wordt een bedrag van 19
€ 457.749 bestemd om in 2022 in te zetten. Deze projecten zijn wegens omstandigheden niet (of laat) in 2021 opgestart. De verwachting is dat dit in 2022 gaat gebeuren. Werkgeversbenadering (€ 101.577) De kosten voor de werkgeversbenadering vallen ruim 1 ton lager uit dan begroot. Dit komt doordat één ingehuurde medewerker van het WSP binnen het budget van inhuur klantmanagers is verantwoord. Per saldo dus nagenoeg gelijk. Inhuur klantmanagers (WSP, jongeren, 50+, FIA) (- € 118.381) De inhuurkosten waren in 2021 hoger dan verwacht. Een werkgeversadviseur is onder deze post verantwoord. Dit leidt tot een voordeel bij werkgeversdienstverlening. Daarnaast heeft er uitleen naar de regio plaats gevonden waarbij de kosten van inhuur hoger waren dan de baten. Inburgering (€ 94.819) Voor de invoering van de nieuwe Wet Inburgering zijn in overleg met gemeenten uitvoeringskosten beschikbaar gesteld. Het betreft de kosten van een projectleider, een beleidsmedewerker voor de inzet in het project, kosten van communicatie en inkoop. Voor deze kosten hebben gemeenten een bijdrage van het Rijk gekregen. In de voorbereiding op de invoering van de nieuwe wet is een raming van de kosten gemaakt. Deze waren hoger dan de daadwerkelijke kosten in 2021. Tegenover de lasten staan gelijke baten vanuit de gemeenten.
Trajectbegeleiders Werkplein Actief ( € 47.918) De formatie bij Werkplein Actief was de eerste helft van 2021 niet volledig. Er is kritisch gekeken naar het nut om in coronatijd (waarbij volledige inzet niet mogelijk was) de formatie aan te vullen. Hierdoor vallen de lasten lager uit dan begroot. Individuele trajecten / Maatwerk ( € 116.139) Vanwege de coronabeperkingen in 2021 zijn er minder trajecten (en kosten die daarmee verband houden) ingezet dan vooraf begroot. Leerwerktrajecten WVS ( € 371.769) Vanwege de coronabeperkingen in 2021 zijn er veel minder leerwerktrajecten bij de WVS ingezet dan vooraf begroot. Proeftuinen ketensamenwerking (€ 20.974) De kosten voor de inhuur van de projectleider ketensamenwerking zijn lager uitgevallen dan begroot. Beschut werken (€ 52.958) Het gaat hier om de begeleidingsvergoeding die per beschut werken wordt betaald. Deze is iets lager dan begroot vanwege een iets lagere inzet op begeleiding. De kosten in 2021 zijn ook lager in vergelijking met 2020. Bij een aantal gemeenten zijn gedurende het jaar mensen verhuisd of uitgevallen waardoor de begeleidingskosten gedurende het jaar kunnen fluctueren.
20
Garantiebanen (€ 29.785) Vanwege interne personele wisselingen en overgang naar een vast dienstverband zijn de kosten garantiebanen lager dan begroot. Intensivering nazorg (€ 50.000) Dit is onderdeel van het project bestandsbeheersing waar in 2021 een voorstel aan de gemeenten voor is gedaan. Vanwege de krapte op de arbeidsmarkt is het nog niet gelukt om dit project op te starten. Inmiddels heeft team werk en participatie zicht op formatie waardoor we verwachten dat dit project, na een aantal interne verschuivingen, vanaf juni kan starten. Deze middelen maken derhalve deel uit van het resultaat dat bestemd is voor inzet in 2022. Nader in te vullen (€ 199.088) Er heeft zich geen kostenpost voorgedaan die we uit dit budget hebben moeten financieren en dus valt dit bedrag vrij. Project bestandsbeheersing (€ 100.000) In 2021 was € 100.000 beschikbaar voor de onderdelen parttimewerk en extra inzet op verduurzaming WSP plaatsingen. Vanwege de krappe arbeidsmarkt is het nog niet gelukt om in 2021 extra personeel in te huren voor deze projecten. Inmiddels heeft team werk en participatie zicht op formatie waardoor we verwachten dat dit project, na een aantal interne verschuivingen, vanaf juni kan starten. Ook deze middelen maken deel uit van het resultaat dat bestemd is voor inzet in 2022.
Project B-unit (€ 307.749) Eind 2021 is gestart met dit project als onderdeel van de maatregelen bestandsbeheersing. Dit loopt door in 2022. Ook deze middelen maken deel uit van het resultaat dat bestemd is in te zetten in 2022. Programma Inkomen Onze inzet binnen het programma Inkomen wordt zowel gefinancierd vanuit de reguliere exploitatiebegroting (qua personele inzet) als vanuit de BUIG-middelen. Deze laatste kosten worden 1op-1 op klantniveau verrekend met de gemeenten waarvoor deze kosten gemaakt worden c.q. wiens inwoners het betreffen. De besteding van het budget over 2021 waarover het Werkplein kon beschikken is weergegeven in onderstaande tabel.
21
Programma inkomen
Jaarrekening 2020
Begroting 2021 na wijziging
Jaarrekening 2021
Verschil
Lasten Pwet BBZ BBZ (declarabel)
53.242.958 255.386 203.143
56.144.189 200.000 100.000
55.309.645 335.702 5.500
834.545 -135.702 94.500
IOAW/IOAZ
4.533.796
4.610.871
4.135.471
475.400
81.277
175.575
56.593
118.982
23.630 135.215 1.716.205 18.804.721 78.996.331
51.130 175.000 2.144.278
18.892 185.093 2.427.375
63.601.044
62.474.271
32.238 -10.093 -283.098 1.126.773
Onderzoeks- en advieskosten BBZ Invorderingskosten Externe controlekosten Loonkostensubsidie Tozo 1, 2 en 3 Totaal lasten Baten Baten debiteuren Pwet Baten debiteuren IOAW/IOAZ Baten debiteuren BBZ Baten debiteuren BBZ declarabel Baten Tozo 1, 2 en 3 Totaal baten Saldo van lasten en baten Bijdragen gemeenten Etten-Leur Halderberge Moerdijk Roosendaal Rucphen Zundert Totaal bijdragen gemeenten
827.318 74.397 78.828 198.622 1.677.016 2.856.180 76.140.151
875.037 75.661 120.000 50.000
869.645 15.201 92.443 -88.709
1.120.699 62.480.345
888.580 61.585.691
5.392 60.460 27.557 138.709 232.119 894.654
13.075.701 8.563.664 9.883.483 33.078.296 6.806.592 4.732.415 76.140.151
10.852.509 7.026.673 7.516.242 28.606.745 5.135.652 3.342.524 62.480.345
10.676.482 6.874.517 7.412.469 28.296.055 5.056.405 3.269.763 61.585.691
176.027 152.156 103.772 310.690 79.247 72.762 894.654
Tabel: Programma Inkomen 2021
Verschillenanalyse in hoofdlijnen Het programma inkomen valt in zijn geheel iets lager uit dan de gewijzigde begroting 2021. Aan het begin van de Coronacrisis was de verwachting dat het uitkeringsbestand in zijn geheel zou toenemen. In de loop van 2021 bleek dat de economie zich sneller heeft hersteld dan werd verwacht. Dit hangt voor een groot deel samen met de maatregelen die op Rijksniveau zijn genomen. Participatiewet Buig (€ 835.545) In de gewijzigde begroting is gerekend met een toename van het bestand met 2,1%. Uiteindelijk is het uitkeringsbestand over 2021 met 1,2% gedaald. Dat is een positieve ontwikkeling die overigens niet alleen bij het Werkplein zichtbaar is. De verklaring hiervoor is te vinden in de gunstige economische ontwikkeling in 2021. Dit bedrag valt nog iets positiever uit dan in de eerdere gewijzigde begroting van 2021. BBZ (€ -135.702) en BBZ (declarabel) (€ 94.500) In de gewijzigde begroting zijn we ervan uitgegaan dat deze kosten lager zouden uitvallen dan het vorige jaar. Bij de BBZ is de verklaring voor de hogere uitgaven te vinden in het stopzetten van de Tozo-regeling. Per 1 oktober 2021 is de Tozo-regeling gestopt en zijn de voorwaarden van de BBZ versoepeld. Daardoor zien we vanaf oktober 2021 het aantal uitkeringsdossiers bijna verdrievoudigen. Dit was op voorhand niet te voorzien.
In de wetswijziging is opgenomen dat deze uitkeringen na drie maanden weer stoppen. Bij de 22
BBZ declarabel zien we dat er weinig leningen zijn verstrekt. Deze post is klein en daardoor moeilijk voorspelbaar. Een grote lening heeft een grote invloed op het resultaat. Een deel van die leningen is natuurlijk ook verschoven richting de Tozo. IOAW / IOAZ (€ 475.500) IOAW en IOAZ laten een sterk dalende lijn zien in 2021. Als we kijken naar het aantal uitkeringen dan zien we in januari 287 dossiers IOAW/IOAZ. Dit daalt gedurende het hele jaar tot 245, dat is een daling van ongeveer 14,6 procent. De uitstroom is ongeveer gelijk aan vorig jaar, maar er zijn er veel minder mensen in de IOAW/IOAZ ingestroomd zijn dan vorig jaar. Onderzoeks- en advieskosten BBZ (€ 118.982) We zien de kosten voor de BBZ stijgen. De kosten BBZ stijgen door gebruik van de versoepelde BBZ in de laatste drie maanden van 2021. Voor de versoepelde BBZ hebben we specifieke afspraken gemaakt over het toepassen van een levensvatbaarheidsonderzoek. Daardoor zien we dat de onderzoek- en advieskosten niet evenredig meestijgen. Loonkostensubsidie (€ -283.098) Het aandeel loonkostensubsidie valt hoog uit. Enerzijds vanwege de taakstellingen met betrekking tot beschut werk anderzijds vanwege het groeiende aantal garantiebanen. Dit is het gevolg van de uitvoering van de doelstelling en gemaakte afspraken met de gemeenten. Dit bedrag wordt ieder jaar hoger omdat er jaarlijks meer mensen geplaatst worden.