07a - 31-2023 Herijking onderzoek nascheiding huishoudelijk afval.pdf
Tekst van het document
Raadsmededeling
Datum:
6 juni 2023
Zaaknummer: 722489
Van:
het college van burgemeester en wethouders, portefeuillehouder Wethouder Koenraad
Aan:
de raad van de gemeente Roosendaal
Steller:
ing. B.P.L. Raeijmaekers
Kopie aan: Onderwerp:
Herijking onderzoek nascheiding huishoudelijk afval
Bijlage:
1: 230411 Notitie Bronscheiden vs nascheiden, Roosendaal (def) (original) 2: 210107 Onderzoek Van bronscheiden naar nascheiden, Roosendaal (def).pdf (original)
Kennisnemen van De notitie Bronscheiden vs nascheiden, Roosendaal (Bijlage 1). Dit is een herijking van het onderzoek uit 2020 naar de mogelijkheden voor nascheiding in de gemeente Roosendaal (Bijlage 2), beide uitgevoerd door Urgert IMC. In opdracht van Saver N.V. Inleiding Op 1 februari 2017 is het contract voor de verbranding van restafval ingegaan. Dit contract heeft een duur van 5 jaar, en kan met 2 maal 3 jaar worden verlengd. Indien wordt gekozen voor verlenging, dan moeten de deelnemende gemeenten minimaal 1,5 jaar voorafgaand hiervoor tekenen. In mei 2020 is het contract voor de verwerking van restafval tussen Saver met afvalverwerker Suez verlengd van 31 januari 2022 tot en met 31 januari 2025. Deze verlenging is getekend door alle 9 deelnemende gemeenten die zijn aangesloten bij dit contract. In 2021 is Suez overgenomen door het bedrijf PreZero. Voor augustus 2023 moet worden besloten of er van de laatste mogelijkheid voor verlening gebruik wordt gemaakt. Informatie/kernboodschap Uit de herijking van het onderzoek blijkt dat het nu niet interessant is om over te gaan naar nascheiding. Deze conclusie is getrokken op basis van de volgende bevindingen: • Bij een keuze voor nascheiding stijgen de kosten voor de huishoudens gemiddeld met ongeveer €30 per jaar.
• Er wordt nu jaarlijks 4,5 kg meer plastic, blik en drinkpakken gescheiden per persoon ingeleverd dan met nascheiding haalbaar is. • Nascheiding leidt tot minder zuivere grondstofstromen, welke moeilijker zijn te verkopen en hergebruiken. Het voordeel van nascheiding is dat bewoners geen kunststof zakken meer los op straat aanbieden. Dit voorkomt dat zakken scheuren en er zwerfafval veroorzaakt wordt. Dit voordeel weegt echter niet op tegen de genoemde nadelen. Binnen het huidige contract voor de verwerking van restafval is nascheiding reeds mogelijk. Er mag een zogenaamde “bewerkingsstap” worden uitgevoerd alvorens het resterende restafval voor verbranding wordt aangeboden aan PreZero. Het is dus toegestaan om al het restafval (of een deel ervan) door een andere partij te laten nascheiden, zolang het overblijvende restafval maar naar PreZero wordt gebracht. Als Roosendaal hiervan gebruik wil maken moet dat 1 jaar van tevoren worden aangegeven aan PreZero.
Consequenties Het contract voor de verwerking van restafval tussen Saver met afvalverwerker Prezero wordt verlengd van 31 januari 2025 tot en met 31 januari 2028. Er is vroeg besloten over deze verlenging omdat er bij opzegging een nieuwe Europese aanbesteding moet worden gehouden. Deze neemt veel tijd in beslag. Bij een nieuwe aanbesteding was de verwachting dat de prijs voor restafval met 75% tot 100% zou stijgen. Deze verwachting wordt in de bijgevoegde notitie beschreven op pagina 11. Hierdoor zou het tarief van de afvalstoffenheffing fors stijgen. De ontwikkelingen op het gebied van nascheiding worden nauwlettend gevolgd. Zodra nascheiding wel interessant lijkt te zijn wordt dit wederom onderzocht. Eventuele mogelijkheden hiervoor worden meegenomen in de nog voor te bereiden aanbesteding voor de verwerking van restafval vanaf 1 februari 2028. Communicatie N.v.t.
Vervolg(procedure) N.v.t. Bijlagen 1. Notitie ‘Bronscheiden vs. nascheiden’ ontwikkelingen 2019 - 2022 Roosendaal (2023) 2. Rapport ‘Van bronscheiden naar nascheiden’ (2020) Afsluiting en ondertekening Wij vertrouwen erop U hiermede voldoende te hebben geïnformeerd. Hoogachtend, Burgemeester en wethouders van Roosendaal, De plv. (loco) secretaris,
De burgemeester,
Bronscheiden vs. nascheiden van verpakkingsafval Notitie over de ontwikkelingen in de periode 2019 -2022 voor de gemeente Roosendaal
W. Urgert MSc. maart 2023 definitief
Inhoud Inhoud...................................................................................................................................................................................2 Samenvatting en conclusie..................................................................................................................................3 1.
2.
3.
4.
5.
Inleiding .................................................................................................................................................................... 5 1.1
Aanleiding van deze notitie .............................................................................................................. 5
1.2
Strekking van deze notitie .................................................................................................................. 6
1.3
Leeswijzer ....................................................................................................................................................... 6
Resultaten met restafval en PBD ............................................................................................................. 7 2.1
2019 versus 2022 ........................................................................................................................................7
2.2
Recente resultaten in Haarlemmermeer (stedelijkheidsklasse 2) ...................... 8
2.3
Hybride scheidingsmodel .................................................................................................................. 9
Financiën.................................................................................................................................................................. 11 3.1
Opbrengsten van uitgesorteerde kunststoffen ................................................................. 11
3.2
Vergoedingen voor bronscheiden en nascheiden ......................................................... 11
3.3
Verwerkingskosten restafval............................................................................................................ 11
3.4
Effecten op de begroting van Saver (2019 versus 2022) ............................................ 12
Circulariteit ............................................................................................................................................................ 13 4.1
Statiegeld op kleine PET-flesjes en drinkblikjes ............................................................... 13
4.2
Nascheidingstechnieken ................................................................................................................... 14
4.3
Nascheidingsrendement .................................................................................................................. 14
4.4
Kwaliteit van sorteren en nascheiden ..................................................................................... 14
4.5
Ontwikkelingen met nascheiding (privaat en publiek) .............................................. 15
Milieudruk ............................................................................................................................................................... 16
Bronnenlijst ..................................................................................................................................................................... 17
Pagina 2 van 17
Samenvatting en conclusie Saver heeft naar aanleiding van een onderzoek uit 2020 genaamd “Onderzoek naar de verschillen tussen bronscheiden en nascheiden van Plastic verpakkingen, Blik en Drankenkartons in de gemeente Roosendaal” een verkenning uitgevoerd. De verkenning behandelt de vraag of als er met de kennis van nu opnieuw naar de vraagstelling van toen wordt gekeken, er nieuwe inzichten zouden ontstaan. Deze notitie beantwoord deze vraag. Daarbij is net als in 2020 gekeken naar deze onderwerpen: resultaten, financiën, en circulariteit. Vastgesteld is dat in 2022 circa 6,6 kg meer PMD per inwoner is brongescheiden dan in 2019. De hoeveelheid restafval is in deze periode gedaald van 143 kg naar 112 kg per inwoner, waarmee de Vang-doelstelling best goed in beeld komt. Het is twijfelachtig of deze betere resultaten worden gehaald als fijn restafval en PMD bij elkaar worden gevoegd. Of het hybride model zoals nu wordt beproefd in Schiedam voor de gemeente Roosendaal een verdergaande verbetering op de resultaten zal geven kan op basis van de huidige verkenning niet worden gesteld. Er grijpen diverse logistieke, juridische en economische aspecten aan. Bovendien missen daarvoor nog feitelijk gerealiseerde cijfers.
De relatief kleine wijzigingen in de gerealiseerde inzamelresultaten en de schaarse openbare cijfers over bronscheiding en nascheiding geven de inschatting dat op het vlak van milieudruk anno 2022 er weinig verandering te verwachten is ten opzichte van 2019. Ditzelfde geldt voor relatief kleine wijzigingen in de gerealiseerde inzamelresultaten en de vergoedingenstructuur. De verwachting is dat een abrupte overgang van bronscheiden naar nascheiden ook anno 2022 leidt tot een stijging van de afvalstoffenheffing. Beleidswijzigingen vergen naarmate zij ingrijpender zijn voor de inwoners meer voorbereidingstijd en ze worden lastiger om te implementeren. Ingrijpend betekent bijvoorbeeld dat inzamelfrequenties veranderen, dat men de afvalstoffen anders
Pagina 3 van 17
moet gaan aanbieden of dat afval aanbieden duurder wordt. Een beleidswijziging wordt doorgaans niet gemakkelijk teruggedraaid omdat dit als inconsistent wordt beschouwd. Een denkbare kostenverhoging zit op het vlak van het verbranden van restafval. Het huidige gunstige verbrandingscontract loopt nog grofweg vijf jaar door. Dit is op zich een goed richtpunt voor het ontwikkelen van een visie en beleidstheorie op de afvalinzameling in de gemeente.
Pagina 4 van 17
1.
Inleiding
Saver heeft in het laatste kwartaal van 2020 voor elk van haar toen deelnemende gemeenten een verkenning uitgevoerd naar de gevolgen van een abrupte overgang van het bronscheiden van Plastic verpakkingen, Blik en Drankenkartons (PBD) naar het nascheiden ervan. De eindrapportage is in december 2020 aan uw gemeente aangeboden onder de naam “Onderzoek naar de verschillen tussen bronscheiden en nascheiden van Plastic verpakkingen, Blik en Drankenkartons in de gemeente Roosendaal”. De samengevatte uitkomst uit dit rapport was dat een abrupte overgang van bronscheiden naar nascheiden op dat moment zou leiden tot minder hergebruik van kunststoffen en een vrijwel gelijkblijvende uitstoot van CO2. De kosten voor de afvalstoffenheffing zouden stijgen met circa € 30 per huishouden per jaar. De inzameling, sortering en hergebruik van kunststoffen is een turbulent dossier waarin ontwikkelingen elkaar snel opvolgen. In de afgelopen jaren is de sorteercapaciteit voor zowel bron- als nascheiding toegenomen., Verondersteld wordt dat verbeteringen zijn doorgevoerd op installaties om het rendement te vergroten, hoewel gesteld moet worden dit niet makkelijk te meten is en het ook niet duidelijk is of dit daadwerkelijk wordt aangegrepen. 1.1
Aanleiding van deze notitie
Saver verzorgt de integrale afvalinzameling binnen uw gemeente en is daarmee verantwoordelijk voor de inzameling van het PBD. Saver volgt de ontwikkelingen in het kunststofdossier op de voet. Zij heeft daartoe contact met diverse stakeholders zoals ketenorganisaties, productenvertegenwoordigers en verwerkers. Ook neemt zij deel aan de publiekrechtelijke organisatie Regie Kunststoffen Nederland (RKN) die voor meer dan honderd Nederlandse gemeenten de inzameling en sortering van het PBD faciliteert.
Pagina 5 van 17
1.2
Strekking van deze notitie
Saver heeft dezelfde auteur van voornoemde notitie gevraagd om voor de vier toen deelnemende gemeente een toegankelijke notitie te schrijven waarin – voor zover mogelijk en relevant – wordt gespiegeld aan de situatie die eind 2020 is geconstateerd en vastgelegd. Hierbij worden deze inhoudelijke punten van toen – resultaten, financiën, circulariteit en milieudruk aan de orde gesteld. 1.3
Leeswijzer
Met deze notitie wordt getracht op een toegankelijke wijze beeld te geven van de huidige stand van zaken binnen het PBD dossier en wat dit voor uw gemeente betekent. Daarbij wordt gespiegeld aan het eerder genoemde onderzoek uit 2020. Er is gekozen om niet de voorgaande rekenexercitie te herhalen maar om in te gaan op verschillen en overeenkomsten daarop in de huidige tijd. De termen ‘Bronscheiden van PBD’ en Nascheiden van PBD’ worden ten gunste van de leesbaarheid in deze notitie verkort tot ‘bronscheiden’ en ‘nascheiden’. In den lande worden de begrippen laagbouw en hoogbouw gebruikt voor respectievelijk woningen met een tuin en voor gestapelde woningen. Deze begrippen worden ook hier gebruikt. De lezer moet in het achterhoofd houden dat met hoogbouw niet altijd hoge flats worden bedoeld. Woningen in de binnenstad of duplexwoningen vallen ook onder deze definitie. Het verschil zit feitelijk tussen het wel of niet kunnen stallen van een inzamelmiddel (zak/minicontainer) op eigen perceel. Met kopjes zijn de verschillende onderwerpen benoemd. De kopjes worden weergegeven in een inhoudsopgave. Als de lezer deze notitie als pdf leest, dan kan op de inhoudsopgave worden geklikt en dan wordt direct de tekst onder het aangeklikte kopje getoond. Als er percentages worden genoemd dan gaat het om gewichtsprocenten, tenzij anders benoemd.
Bij deze notitie is enkel gebruik gemaakt van openbare bronnen. Een overzicht hiervan is opgenomen in de bronnenlijst. De conclusie is overgenomen in de samenvatting, aan het begin van deze notitie.
Pagina 6 van 17
2. Resultaten met restafval en PBD 2.1
2019 versus 2022
Het aantal ton PBD en het aantal ton restafval uit 2022 zijn vergeleken met de aantallen uit 2019. Ook het aantal huishoudens uit deze twee jaren is vergeleken. Dit geeft de uitkomst in de onderstaande tabel. Tabel 1. Overzicht van de totale tonnen PBD en fijn restafval (2019 en 2022).
Roosendaal
Eenheid
2019
2022
Verschil
Huishoudens
aantal
34.300
35.114
+2,4%
PBD via bronscheiding
ton
1.712
2.205
+28,8%
Totaal fijn restafval
ton
12.742
10.914
-14,4%
Deze aantallen uitgedrukt per inwoner wordt in tabel 2 weergegeven. Voorts is ter vergelijking in tabel 2 de Vangdoelstelling voor huishoudelijk afval gegeven.1 Tabel 2. Ingezameld PBD en fijn restafval uitgedrukt in kg per inwoner (2019 en 2022). Ter vergelijking is de landelijke Vangdoelstelling opgenomen.
Roosendaal
Eenheid
2019
2022
PBD via bronscheiding
kg/inwoner
22,2
28,6
Totaal fijn restafval
kg/inwoner
143,2
112,8
Vang-HHA 100,0
Hoewel het aantal huishoudens in deze periode is gegroeid met ruim 2%, is de totale hoeveelheid restafval afgenomen met ruim 14% en is de totale hoeveelheid brongescheiden PBD gestegen met bijna 29%. Roosendaal presteert hiermee beter dan het gemiddelde van de eigen stedelijkheidsklasse (22 kg PBD per inwoner). De Vangdoelstelling voor huishoudelijk afval (VANG-HHA) gaat over het maximum aantal kilogram per huishouden per jaar. Deze doelstelling is bepaald op 100 kg per inwoner in 2020. Die doelstelling is in dat jaar en daarna nog niet gehaald. In veelal
1
De Vangdoelstelling doelstelling omvat zowel fijn restafval en grof restafval en heeft geen
onderverdeling tussen deze twee soorten. Feitelijk is de Vang-doelstelling voor fijn restafval dus nog lager.
Pagina 7 van 17
kleinere, landelijke gemeenten met een langdurige diftargeschiedenis, wordt wel minder dan 100 kg per inwoner ingezameld. Over heel Nederland is te zien dat inspanningen om beter afval te scheiden leiden tot een daling van de hoeveelheid restafval per inwoner. De landelijke praktijk wijst uit dat inzameling van PBD bij laagbouwwoningen met minicontainers of met zakken hogere bronscheidingsresultaten opleveren dan met wijkcontainers. Gekeken naar de zuiverheid van het PBD lijkt de methode met PBDzakken aan huis de minste verontreiniging te geven, gevold door PBD wijkcontainers en daarna de PBD-minicontainer. Hierbij moet worden gesteld dat de resultaten binnen elkaars foutmarge kunnen bevinden en dat de resultaten door externe factoren kunnen zijn beïnvloed zoals omgekeerd inzamelen en diftar. Een recent voorbeeld van resultaten in een vergelijkbare gemeente met Stedelijkheidsklasse 2 – de gemeente Haarlemmermeer – wordt hieronder uitgeschreven. 2.2
Recente resultaten in Haarlemmermeer (stedelijkheidsklasse 2)
Haarlemmermeer heeft een vergelijkbare bebouwde omgeving als Roosendaal en valt ook onder stedelijkheidsklasse 2. Haarlemmermeer heeft in 2017 samen met bewonerswerkgroepen een drietal proeven doorlopen voor haar visie op afvalinzameling in de toekomst. Op deze wijze is bijgedragen aan bewustwording en draagvlakvergroting voor het te ontwikkelen afvalbeleid. De uitkomst samengevat: in 2018 zijn aan laagbouwwoningen minicontainers verstrekt voor Restafval, GFE en PBD. Een vierde minicontainer is voor tuinafval, dit is een vorm die nog niet vaak wordt toegepast maar vermoedelijk in samenspraak met de verwerker bedacht. Als in den lande een vierde minicontainer wordt verstrekt dan is deze meestal voor OPK. Voor de hoogbouw zijn milieuparkjes ontwikkeld. Haarlemmermeer heeft de gescheiden inzameling van PBD zien stijgen van 16 kg in 2018 naar 28 kilo in 2022 en Haarlemmermeer ziet nog ruimte voor verdergaande
Pagina 8 van 17
optimalisering. De hoeveelheid restafval is in deze periode gedaald van 200 naar 141 kilo. De resultaten uit dit voorbeeld komen sterk overeen met die van Roosendaal. 2.3
Hybride scheidingsmodel
In de ketenovereenkomst verpakkingen 2020-2029 is vastgelegd dat gemeenten per ‘inzamelwijk’ kunnen kiezen voor een bron- of nascheidingsvergoeding. Dit geeft gemeenten de mogelijkheid om te besluiten om in een hoogbouwwijk geen bronscheiding toe te passen en in een laagbouwwijk wel. Dit betekent dat gemeenten voor beide vormen van vergoeding in aanmerking kunnen komen, mits er van tevoren duidelijkheid is over welke routes PBD-arm en welke routes PBD-rijk afval bevatten. Dit is omdat Nedvang strikt wil voorkomen dat PBD-arm restafval gemengd wordt met PBD-rijk restafval, omdat dit zou kunnen leiden tot het uitkeren van dubbele vergoedingen. Het hybride scheidingsmodel wordt kansrijk geacht voor sterk stedelijke gemeenten omdat
het
de
voordelen
van
huis-aan-huis
inzameling
van
PBD-
zakken/minicontainers in de laagbouw heeft, én de voordelen van nascheiding in wijken waar bronscheiding om logistieke, ruimtelijke, sociale of andere redenen lastig is. Het hybride scheidingsmodel wordt beproefd in de gemeente Schiedam (stedelijkheidsklasse 1). In de laagbouw wordt ingezameld met PBD-minicontainers. Dit brongescheiden PBD wordt gesorteerd en Schiedam ontvangt hiervoor een inzamelvergoeding. In de hoogbouw gaat het PBD bij het restafval en deze mix wordt nagescheiden door Omrin. Voor dit deel ontvangt Schiedam een nascheidingsvergoeding. De onderhandeling over de definitieve uitvoering en de vergoedingenstructuur in de gemeente Schiedam is nog gaande. Op dit moment staan in de hoogbouwwijken nog PBD-verzamelcontainers voor PBD die zullen moeten worden omgebouwd voor een andere doelfractie. Schiedam zamelt ongeveer 33 kg per inwoner aan PBD in, wat ongeveer 4 tot 5 kg meer is dan Roosendaal haalt. De hoeveelheid fijn restafval per inwoner is in Schiedam fors hoger: met ongeveer 260 kg ruim het dubbele van Roosendaal.
Pagina 9 van 17
Omdat dit hybride model nog maar kort verloopt is er nog weinig data voorhanden om een meerjarig vergelijk met de voorgaande situatie te maken.
Pagina 10 van 17
3. Financiën 3.1
Opbrengsten van uitgesorteerde kunststoffen
Met ingang van 2019 zijn gemeenten niet meer verantwoordelijk voor het vermarkten (verkopen) van de uitgesorteerde verpakkingen. Dit was in het rapport van 2020 al belicht. Nedvang heeft deze rol teruggepakt en heeft daarmee de risico’s die met vermarkten gepaard gaan weggenomen. Het maakt geen verschil of een gemeente kiest voor bronscheiding, nascheiding of het hybride model. Zodra het verpakkingsmateriaal of restafval aan de verwerker is aangeboden en daar geaccepteerd, dan eindigt de verantwoordelijkheid voor de gemeente. Een nadeel is echter dat de regie over wat er vervolgens met het PBD gebeurt uit handen is gegeven en dat dit niet altijd in lijn is met wensen of beleid van gemeenten. 3.2
Vergoedingen voor bronscheiden en nascheiden
Vanuit het afvalfonds wordt een vergoeding gegeven voor het inzamelen van elke ton brongescheiden PBD. In 2022 is dat € 218 per ton. In 2021 was dit € 245 per ton. Het tarief wordt gradueel verlaagd omdat de verwachting van Nedvang is dat de inzameling efficiënter verloopt en daardoor goedkoper wordt. Voor nascheiden werd in 2020 € 8,90 per ton PBD-houdend restafval betaald. Een actueel bedrag is op dit moment nog niet bekend, maar in de wandelgangen wordt gerekend met € 10 per ton. Onder het kopje ‘Hybride scheidingsmodel’ wordt ingegaan op een situatie waarbij bron- en nascheiding worden gecombineerd binnen eenzelfde gemeente. 3.3
Verwerkingskosten restafval
Roosendaal neemt voor de verwerking van het restafval samen met de andere Saver-gemeenten deel in het contract dat Saver NV heeft met Suez, locatie Roosendaal (nu: PreZero). Het restafval wordt hier direct naar toe gebracht. Het contract kan worden uitgenut tot en met 31 januari 2028. De markttarieven bij heraanbesteding worden nog hetzelfde ingeschat als in 2020: grofweg € 40 per ton hoger dan het tarief van PreZero.
Pagina 11 van 17
In de rapportage van 2020 is vastgelegd dat Suez geen plannen heeft om nascheiding op deze locatie te ontwikkelen.
Ontwikkelingen met nascheiding
worden voorts beschreven onder het zogenaamde kopje verderop in deze notitie. 3.4
Effecten op de begroting van Saver (2019 versus 2022)
De gemeente heeft in 2022 ten opzichte van 2019 ca 500 ton PBD meer gescheiden ingezameld. De inzamelkosten die Saver hiervoor maakte bedroegen in 2022 € 93.374 hoger. Hiertegenover stond echter een hogere inzamelvergoeding uit het verpakkingsfonds van ca € 109.000 (gerekend met € 218 per ton) waarmee de netto kosten min of meer gelijk zijn gebleven. De 500 ton PBD die aan het restafval is onttrokken heeft een verlaging op de verbranding van het restafval opgeleverd van circa € 42.000. In het rapport van 2020 is vastgelegd dat een abrupte overgang van bronscheiden naar nascheiden zou leiden tot een stijging van de afvalbegroting van Roosendaal ten bedrage van ongeveer 1,1 miljoen euro per jaar. Of grofweg € 30 per huishouden. Dit bedrag was de optelling van wegvallende en geïntroduceerde kosten. Tussentijdse ontwikkelingen hebben niet geleid tot een noemenswaardige verandering hierin. Gesteld wordt dat ook op dit moment het nog financieel onaantrekkelijk is om tot nascheiden over te gaan.
Pagina 12 van 17
4. Circulariteit 4.1
Statiegeld op kleine PET-flesjes en drinkblikjes
Met ingang van 1 juli 2021 vallen kleine petflessen onder het statiegeldsysteem. Per 1 april 2023 geldt dit ook voor drinkblikjes. Dit bevordert het circulair hergebruik van deze flessen en blikjes echter de impact op het totaal aan PBD is relatief klein. De beleidsmaatregel
is om minder zwerfvuil te hebben en niet zozeer uit
duurzaamheid. De Afvalspiegel becijfert dat ongeveer 2,5% van het brongescheiden PBD bestaat uit kleine petflessen en 5% uit blik. Omdat blik ook in een verbrandingsoven bijna volledig wordt teruggewonnen is de discussie over het bronscheiden van blik bij Nedvang nog actueel. CE Delft geeft aan dat een statiegeldsysteem leidt tot de grootst reductie van uitstoot aan CO2, in vergelijking met verbranden of hergebruik na afvalinzameling. Wageningen University & Research (WUR) rapporteert dat van drankenkartons in 2022 tussen 24% en 36% is gerecycled en dat dit onder andere het gevolg is van het (destijds nog) ontbreken van een recycledoelstelling en van een gebrek aan interesse bij marktpartijen vanwege de hoge vervuilingsgraad ervan. Het ministerie van I&W wil via een regeling wel doelstellingen opleggen van 37% in 2024 naar 55% in 2030 en verder. In reactie op het statiegeld op kleine petflessen kiezen sommige producten soms voor het verruilen van petfles door drankenkartons. Desondanks lijkt er een structurele daling te zitten in de hoeveelheid op de markt gebrachte drankenkartons: 70 kton in 2013 naar 55 kton in 2020. Voor plastic verpakkingen zijn de Europese en Nederlandse doelstellingen voor recyclingresultaten
respectievelijk
22,5%
en
52%.
Afvalfonds
verpakkingen
rapporteert dat van alle plastic verpakkingen die op de markt zijn gekomen in 2020 (554 kton) in totaal 66% (358 kton) is hergebruikt. Het is niet duidelijk welke definitie daarbij wordt gehanteerd. Mondelinge navraag bij ketenpartijen lijkt uit te wijzen dat het feitelijk hergebruik in de ordegrootte van 35% is en dat bronscheiden daarbij beter scoort dan nascheiden door de hogere kwaliteit.
Pagina 13 van 17
4.2
Nascheidingstechnieken
Mechanische nascheiding is tot heden nog steeds de enige nascheidingstechniek die op grote schaal wordt toegepast. Bij mechanische nascheiding wordt het verpakkingsmateriaal uit de restafvalmix geblazen of gezeefd alvorens de restafvalmix in de verbrandingsoven verdwijnt. Andere technieken zijn natte nascheiding en chemische nascheiding. VNO-NCW heeft voor Chemische recycling een ambitieuze Roadmap Chemische Recycling kunststoffen 2030 ontwikkeld, maar initiatieven op dit vlak in Nederland zijn niet gevonden. In de Roadmap staat dat de ontwikkeltijd voor een fabriek met chemische recycling gemakkelijk tien jaar kan beslaan. 4.3
Nascheidingsrendement
In de rapportage uit 2020 zijn cijfers van de nascheidingsinstallatie van Omrin opgenomen uit 2018. Inmiddels zijn cijfers over 2021 bekend. Omrin rapporteert 16 kg per inwoner aan plastic verpakkingen en 2,6 kg aan drankenkartons. In 2018 betrof dit gezamenlijk 14 kg. Dit lijkt uit te wijzen dat in het proces en mogelijk in de keten er verbeteringen met nascheiding mogelijk zijn. Van AVR, Twence en Attero zijn geen actuele openbare gegevens gevonden. Duidelijk is dat Roosendaal met haar bronscheiding van PBD aanzienlijk beter scoort dan de nascheidingsinstallatie van Omrin. In de rapportage van 2020 is vastgelegd dat de olieprijs op dat moment relatief laag was met ~ $45,- per vat. De olieprijs heeft vanaf dan boven dit niveau gezeten, met een incidentele piek naar ~ $115,- per vat. Het is niet bekend of de hogere olieprijs tot een substantieel hogere vraag naar gebruikte kunststoffen voor verpakkingen heeft geleid. 4.4
Kwaliteit van sorteren en nascheiden
De output van de sortering en van de nascheiding blijft een black box. Er is weinig informatie te vinden die duiden hoeveel PMD er feitelijk na sortering of nascheiding echt wordt gebruikt. Vastgesteld is wel dat de nadelen van beide systemen nog altijd gestand doen en dat deze de mogelijkheid van hergebruik kunnen hinderen. De zuiverheid van brongescheiden kunststoffen is overwegend beter en de verdere verwerking ervan is in de keten daardoor makkelijker en waardevoller.
Pagina 14 van 17
4.5
Ontwikkelingen met nascheiding (privaat en publiek)
Ten opzichte van de beschouwing in 2020 zijn twee private ondernemingen gevonden die (mogelijk) nascheiding willen gaan ontwikkelen: EEW Energy in Delfzijl (Groningen) en Attero te Moerdijk. Een publiekrechtelijk initiatief voor nascheiding in de regio Noord-Brabant wordt onderzocht door CV Midwaste UA in samenwerking met HVC. Op dit moment is er geen zekerheid wanneer deze initiatieven worden gerealiseerd.
Pagina 15 van 17
5. Milieudruk In de rapportage uit 2020 is gekeken naar de uitstoot van CO2. Met de uitgangpunten van toen was de uitkomst dat met nascheiden minder plastic verpakkingsmateriaal en drinkenkartons uit het restafval gehaald zouden worden en dat dit overall zou leiden tot een vergelijkbare uitstoot van CO2. Die conclusie is voorzichtig gebracht omdat er nogal wat aannames zijn gedaan. Deze
berekeningen
zijn
niet
opnieuw
gemaakt.
De
verschillen
in
de
inzamelresultaten 2019 en 2022 zijn noemenswaardig maar in absolute zin ook niet heel groot. Het CE in Delft heeft in 2021 verwerkingsroutes van onder andere PMD in kaart gebracht en zij hebben in hun analyse de effecten van bron- en nascheiden niet apart verbijzonderd. Er is beperkt nieuwe openbare informatie gevonden op grond waarvan een verbetering van het feitelijk hergebruik van PBD kan worden gestaafd. De informatie die is gevonden geeft bovendien eveneens kleine verschillen weer. Tot slot is er het gegeven dat het PBD niet in de keten kan worden gevolgd, het is niet openbaar zichtbaar hoeveel PBD er na bronscheiden of nascheiden daadwerkelijk wordt gerecycled. Niet gerecycled plastic wordt– net als fijn restafval – alsnog verbrand.
Pagina 16 van 17
Bronnenlijst •
Ketenovereenkomst verpakkingen 2020-2029 (website VNG geraadpleegd voor het laatst maart 2023).
•
Van bronscheiden naar nascheiden, Onderzoek naar de verschillen tussen bronscheiden
en
nascheiden
van
Plastic
verpakkingen,
Blik
en
Drankenkartons in de gemeente Roosendaal (W. Urgert, 2020). •
Roadmap Chemische Recycling kunststoffen 2030 (Rebel Group i.o.v. VNONCW, 2020).
•
NV Irado, interview met de heer Van Steenes, manager Beleid & Advies (maart 2023).
•
Midwaste, interview met de heer De Jong, directeur Strategie en innovatie (maart 2023).
•
Klimaatimpact van afvalverwerkroutes in Nederland. CO2-kentallen voor recyclen en verbranden voor 13 afvalstromen (CE Delft, 20.190400.163, maart 2021).
•
Flyer recyclingresultaten 2020 (Afvalfonds Verpakkingen, ongedateerd).
•
Samenstelling ingezameld kunststof/PBD verpakkingen – het effect van inzamelsystemen.
•
Recycling van Nederlandse drankenkartons (Wageningen Food & Biobased Reasearch, april 2022).
•
Klimaatimpact van afvalverwerkroutes in Nederland (CE Delft, maart 2021)
•
Omrin
Digitaal
Jaarverslag
(online,
https://www.omrindigitaaljaarverslag.nl/2021/cijfers, geraadpleegd voor het laats in maart 2023).
Pagina 17 van 17
Van bronscheiden naar nascheiden Onderzoek naar de verschillen tussen bronscheiden en nascheiden van Plastic verpakkingen, Blik en Drankenkartons in de gemeente Roosendaal
W. Urgert MSc. Januari 2021 Definitieve versie.
Samenvatting Verpakkingsafval bestaat uit Plastic verpakkingen, Blik en Drankenkartons (afgekort: PBD). De gemeente Roosendaal heeft een bronscheidingssysteem voor PBD. Dit wil zeggen dat veel inspanning wordt gepleegd op het onttrekken van zo veel mogelijk PBD uit het restafval. In dit onderzoek is gekeken of het nascheiden van verpakkingsafval voor Roosendaal een behulpzame methode is om de hoeveelheid restafval per inwoner te verlagen. De onderzoeksvraag luidt: Is nascheiding van verpakkingsafval voor de gemeente Roosendaal een beter systeem, gelet op staand beleid, circulariteit, kosten, milieudruk en serviceniveau? Roosendaal kan met nascheiding iets hogere resultaten halen dan met bronscheiding. Nascheidingsinstallaties hebben een plafond voor wat betreft hun sorteerrendement, met bronscheiding kunnen hogere scheidingsresultaten worden gehaald omdat daarmee de potentie uit de sorteeranalyses verder kan worden benut. Met bronscheiding kunnen VANG-doelstellingen beter worden benaderd. Via Saver heeft Roosendaal momenteel gunstige verwerkingstarieven in een contract dat nog ruim zeven jaar lang kan worden uitgenut. Deze verwerker ligt op steenworp afstand van het werkgebied van Saver. Het contracteren van een andere verwerker leidt tot hogere kosten voor overslag en transport. Gerekend met de huidige kostenstructuur zijn ook hogere verwerkingskosten te verwachten.
De bijdrage vanuit Nedvang die Roosendaal ontvangt voor bronscheiden is aanzienlijk hoger dan de bijdrage voor nascheiding. Nascheiden geeft ongeveer evenveel CO2-uitstoot. De maatregel leidt waarschijnlijk tot een eenmalige afschrijving op containers. De uitkomsten van deze verkenning is dat nascheiden: 1) leidt tot een jaarlijkse kostenstijging van € 1.031.512,- tot € 1.089.970,-, wat overeenkomt met een bedrag van € 29,50 tot 31,80 per huishouden; 2) zorgt dat 2 kg per inwoner meer aan verpakkingen voor hergebruik worden afgezet, namelijk 24 kg per inwoner tegen de huidige 22 kg per inwoner1; 3) kan leiden tot minder zuivere monostromen en dat de markt aangeeft dat deze dan moeilijker af te zetten zijn; 4) de potentie van de nu in het restafval aanwezige 30 kg PBD per inwoner onbenut laat en dat daarmee ook een potentie voor een aanzienlijk hogere CO2-reductie onbenut blijft2; 5) mogelijk leidt tot bijvangst van andere grondstoffen in het restafval en dat deze bijvangst een nadelige invloed heeft op de scheidingsresultaten; 1
Er is gerekend met de cijfers van 2019. Dit betekent dat het resultaat van de hoeveelheden PBD in relatie tot 1x per 4 weken hierin niet is meegenomen. De hoeveelheid PBD is gestegen van 22 kg per inwoner naar ongeveer 28 kg. Dit is een sterke verbetering ten opzichte van het doorgerekende resultaat en werkt in het nadeel van nascheiding. 2
Er is gerekend met de cijfers van 2019. De potentie in het restafval is door invoering 1x per 4 weken restafval gedaald naar ongeveer 24 kg per inwoner.
Roosendaal – bronscheiden vs. nascheiden – januari 2021 – definitief
Pagina 2 van 30
6) leidt tot een nagenoeg gelijke uitstoot van CO2 als gekeken wordt naar de overslag, transport en verbranding. Nascheiding leidt tot verhoging van 80 ton CO2; 7) het huidige serviceniveau kan beïnvloeden omdat men vaker de minicontainer aan de straat moet zetten, of restafval moet wegbrengen naar een ondergrondse container.
Roosendaal – bronscheiden vs. nascheiden – januari 2021 – definitief
Pagina 3 van 30
Inhoud Samenvatting........................................................................................................................................... 2 1.
Inleiding ........................................................................................................................................... 6
2.
Vraagstelling .................................................................................................................................... 6
3.
Leeswijzer ........................................................................................................................................ 7
4.
Achtergronden over nascheiding .................................................................................................... 8 Fijn en grof restafval ............................................................................................................................ 8 Verpakkingsafval (PBD) ....................................................................................................................... 8 Nascheidingstechnieken...................................................................................................................... 8 Proeven met alternatieve manieren van nascheiding ........................................................................ 9
5.
Achtergronden .............................................................................................................................. 10 Gemeentelijk beleid .......................................................................................................................... 10 Afvalstoffenheffing ............................................................................................................................ 10 Huidige inzamellogistiek.................................................................................................................... 10 Overeenkomsten voor restafval en voor PBD ................................................................................... 11
6.
Achtergrond circulariteit ............................................................................................................... 14 Zuiverheid (monostromen) ............................................................................................................... 14 Zuiverheid (fysieke vervuiling) .......................................................................................................... 14 Rendement van het uitsorteren van brongescheiden kunststoffen ................................................. 15 Rendement volledig nascheiden vs. huidige bronscheiding van PBD ............................................... 16 Bijvangst ............................................................................................................................................ 17
7.
Effecten op kosten......................................................................................................................... 18 Inzameling ......................................................................................................................................... 18 Inzamelmiddelen ............................................................................................................................... 19 Overslag en aftransport..................................................................................................................... 20 Verwerking ........................................................................................................................................ 21 Inkomsten uit het Afvalfonds ............................................................................................................ 22 Samenvatting van kosten en besparingen ........................................................................................ 22 Variabele heffing op restafval ........................................................................................................... 23
8.
Effecten op Circulariteit................................................................................................................. 24 Verbranden........................................................................................................................................ 24 Bijdrage aan de bronscheidingsresultaten (VANG-doelstellingen) ................................................... 24
9.
Effecten op milieudruk .................................................................................................................. 25 Brandstofverbruik en CO2-uitstoot door de inzamelvoertuigen ....................................................... 25 Roosendaal – bronscheiden vs. nascheiden – januari 2021 – definitief
Pagina 4 van 30
Brandstofverbruik en CO2-uitstoot door het transport naar de nascheidingsinstallatie .................. 25 Brandstofverbruik en CO2-uitstoot door tussentijdse overslag ........................................................ 25 Verbruik en CO2-uitstoot door de mechanische handelingen .......................................................... 26 CO2-uitstoot door meer of minder verbranden van kunststoffen .................................................... 26 Potentie van bronscheiden ............................................................................................................... 26 10.
Serviceniveau............................................................................................................................. 27
11.
Conclusie ................................................................................................................................... 28
12.
Begrippen .................................................................................................................................. 29
13.
Gebruikte bronnen .................................................................................................................... 30
Roosendaal – bronscheiden vs. nascheiden – januari 2021 – definitief
Pagina 5 van 30
1. Inleiding Gemeente Roosendaal (verder Roosendaal of de Gemeente) committeert zich aan de landelijke norm als doelstelling voor de afvalinzameling: 75% afvalscheiding en maximaal 100 kg restafval per inwoner per jaar in 2020. Tegelijkertijd streeft Roosendaal naar efficiënt afvalbeheer en naar een zo hoog mogelijk serviceniveau voor haar inwoners. Roosendaal haalt deze ambitie nog niet; in 2019 is 168 kg restafval per inwoner ingezameld, waarvan 143 kg per inwoner klein restafval. Roosendaal hanteert voor de inzameling van PBD een zogenoemd bronscheidingssysteem. Dit betekent dat het PBD door de inwoners gescheiden worden aangeboden van het restafval. In 2019 is 22 kg per inwoner aan PBD gescheiden ingezameld. Dit is lager dan het landelijk gemiddelde van 27 kg per inwoner. De prestatie van Roosendaal komt overeen met het gemiddelde van stedelijkheidsklasse 2, waar Roosendaal toe behoort. Uit de laatst uitgevoerde sorteeranalyse van het fijn restafval (2019) blijkt dat nog ongeveer 24 gewichtsprocent van het fijn restafval bestaat uit PBD. Dat komt overeen met 34 kg per inwoner. Deze gewichtsverhouding verschilt onderling niet veel over de onderzochte deelgebieden Kortendijk, Hoogbouw, Centrum/Kalsdonk en Wouw. Inzameling Saver NV zamelt voor Roosendaal het PBD in. Dit doet zij op 2 manieren.
1) Aan huis met speciale plastic PBD-zakken, en; 2) Met verzamelcontainers die op strategische plekken in de gemeente staan. Van de 37 verzamelcontainers bestaat twee-derde uit ondergrondse perscontainers (25 stuks) en eenderde uit reguliere bovengrondse containers (12 stuks). Iets meer dan de helft van de totaal ingezamelde hoeveelheid PBD wordt aan huis opgehaald met behulp van zakken. Roosendaal verstrekt deze zakken deels gratis aan haar inwoners.
2. Vraagstelling Met de vier aandeelhoudende en tevens opdrachtgevende gemeenten Roosendaal, Bergen op Zoom, Halderberge en Woensdrecht streeft Saver NV naar een efficiënte en doelmatige afvalinzameling. Saver NV merkt op dat steeds vaker de vraag rijst in Nederlandse bronscheidingsgemeenten of nascheiding van verpakkingsafval beter zou zijn om de doelstelling op restafval te behalen. In dit onderzoek wordt voor Roosendaal gekeken of met de huidige stand der techniek en de huidige inzamelresultaten van Roosendaal nascheiding een betere optie kan zijn. Met dit onderzoek wordt de volgende vraag beantwoord: Is nascheiding van verpakkingsafval voor gemeente Roosendaal een beter systeem, gelet op staand beleid, circulariteit, kosten, milieudruk en serviceniveau?
Roosendaal – bronscheiden vs. nascheiden – januari 2021 – definitief
Pagina 6 van 30
De huidige verwerker Suez in Roosendaal heeft geen nascheidingscapaciteit en er is geen zicht op een ontwikkeling van een nascheidingsinstallatie op deze locatie. Indien Roosendaal kiest voor nascheiding dan moet hiervoor een andere contractpartij worden geselecteerd. Tenzij Roosendaal zelf participeert in een nascheidingsinstallatie moet hiervoor de markt worden betreden via een Openbare Europese aanbestedingsprocedure. De uitkomst hiervan kan uiteraard niet worden voorspeld. Om deze reden wordt op een aantal deelaspecten een realistische inschatting gemaakt of een bandbreedte benaderd. Dit geldt onder andere voor het aftransport van het ingezamelde restafval.
3. Leeswijzer Gevraagd is om een bondige notitie die feitelijk ingaat op de vraagstelling. De opbouw van dit document is dus beknopter dan een regulier onderzoeksrapport. Getracht is om de inhoud ook begrijpelijk te laten zijn voor lezers die niet diepgaand zij ingelezen in het kunststof dossier en daarom zijn technische begrippen zo veel mogelijk gemeden. Van berekeningen zijn de uitkomsten opgenomen en de totstandkoming van die uitkomsten zijn zo veel mogelijk uitgeschreven. Hoofdstuk 1 bevat een korte inleiding en hoofdstuk 2 gaat in op de onderzoeksvraag. In de hoofdstukken 4 tot en met 6 worden achtergrond gegeven. De effecten op kosten, circulariteit en milieudruk worden in de hoofdstukken 7, 8 en 9 belicht. Hoofdstuk 10 gaat kort in op het serviceniveau naar de inwoners van de gemeente. De conclusies worden gegeven in hoofdstuk 11 en zijn eveneens opgenomen in de samenvatting, aan het begin van het document. De inhoud van deze notitie kan op sommige lezers vrij technisch overkomen en nieuwe begrippen bevatten. Om hun tegemoet te komen is een begrippenlijst opgenomen (H 12). De geraadpleegde bronnen zijn ten gunste van de leesbaarheid beperkt in de tekst verwerkt. Een overzicht hiervan wordt gegeven in het laatste hoofdstuk (H 13). In het voorjaar van 2020 is de wereld getroffen door COVID-19.
De maatregelen die zijn getroffen hebben de maakindustrie wereldwijd geraakt en hebben gezorgd voor een sterke daling van de olieprijs. Deze verkenning maakt gebruik van veel cijfers uit 2019, voordat de uitbraak er was.
Roosendaal – bronscheiden vs. nascheiden – januari 2021 – definitief
Pagina 7 van 30
4. Achtergronden over nascheiding Voor de begripsvorming wordt hier achtergrondinformatie gegeven. Fijn en grof restafval Restafval bestaat uit fijn en grof restafval. Fijn restafval is het afval dat ontdaan is van alle scheidbare fracties en in de grijze minicontainer of ondergrondse containers voor restafval kan én mag worden gestopt. Grof restafval ontstaat op de milieustraat. De gemeentelijke doelstelling van 100 kg restafval per inwoner heeft betrekking op het fijn en grof restafval gezamenlijk. Bronscheiding van PBD en nascheiding van PD zijn enkel van toepassing op het fijn restafval. Verpakkingsafval (PBD) Voor verpakkingsafval worden verschillende termen gebruikt. Eigenlijk is de naam afval helemaal niet juist omdat we juist proberen om verpakkingen zo veel mogelijk circulair te gaan hergebruiken. Steeds vaker wordt daarom de term grondstof gebruikt. Rond het jaar 2010 kreeg de inzameling van Plastic verpakkingen (P) in Nederland vorm. Later zijn daar drankenkartons (D) aan toegevoegd en nog later ook metalen verpakkingen (M). Bij de snelle uitrol werd PMD (Plastic verpakkingen, Metalen en Drankenkartons) een begrip als verzamelnaam van verpakkingsmateriaal. Het verpakkend bedrijfsleven stelt dat zij enkel verantwoordelijkheid heeft als het gaat om verpakkingsmateriaal.
Om bij de bronscheiding verwarring met andere metalen voorwerpen te voorkomen wordt de M steeds vaker vervangen door de B van Blik. Dat geeft dan de afkorting PBD (Plastic verpakkingen, Blik en Drankenkartons) Bij de nascheiding speelt Blik eigenlijk geen rol omdat bij de verbranding van restafval het merendeel van de verpakkingen (metaal en aluminium) sowieso uit het restafval wordt gehaald. Daarom wordt bij nascheiding gesproken van PD (Plastic verpakkingen en Drankenkartons). Nascheidingstechnieken Er zijn momenteel drie technieken in beeld om verpakkingsafval uit het fijn restafval te scheiden: 1. Mechanische nascheiding. 2. Natte nascheiding. Een voorbeeld hiervan is het project REnescience uitgevoerd door Cure Afvalbeheer in de regio Eindhoven. Het Algemeen Bestuur van Cure Afvalbeheer heeft op 12 februari 2020 kenbaar gemaakt dat de businesscase definitief is gestaakt. Als redenen zijn genoemd dat de techniek zich tot op heden niet aantoonbaar heeft bewezen en dat het zonder concrete prijsstelling niet mogelijk was om een minimum van 120.000 ton huishoudelijk afval zeker te stellen. 3. Chemische of thermische nascheiding, waarbij bijvoorbeeld gebruik wordt gemaakt van vergassing, polymerisatie of pyrolyse. Veel van deze technieken zitten in de studiefase. Er zijn hiervan geen openbare resultaten gevonden die op deze verkenning kon worden toegepast.
Op dit moment is alleen de mechanische nascheiding in Nederland operationeel. In dit onderzoek wordt daarom alléén mechanische nascheiding beschouwd.
Roosendaal – bronscheiden vs. nascheiden – januari 2021 – definitief
Pagina 8 van 30
Proeven met alternatieve manieren van nascheiding Nascheiding heeft als nadeel dat de verpakkingen worden vermengd met andersoortige componenten van het huishoudelijk afval. Dit leidt tot de overdracht van vocht en verontreinigen op de verpakkingen. Bij de huidige nascheidingsinstallaties wordt alle restafval door een machine geleid, die primair ten doel heeft om alleen de verpakkingen te scheiden. Omdat de scheidingscapaciteit moet worden afgestemd op de totale hoeveelheid restafval kan dit een kostenverhogend effect hebben op het sorteertarief. Sommige Nederlandse gemeenten hebben proeven uitgevoerd om te bezien of deze nadelen kunnen worden beslecht. Twee voorbeelden worden hieronder uitgeschreven. Proef met anders inzamelen PBD Den Haag In Den Haag is in 2018 een eenjarige pilot gestart die zich richt op anders inzamelen van PBD in de hoogbouw in de wijk Waldeck. Hierbij werd het PBD tezamen met het fijn restafval ingezameld, echter het PBD moest dan in speciale, apart gekleurde zakken in de restafvalcontainer wordt gestopt. Er is beproefd of met behulp van kleurherkenning de gekleurde zakken uit het fijn restafval kunnen worden gehaald en of dit een verbetering is ten opzichte van gewoon mechanisch nascheiden. De pilot heeft na beëindiging geen opvolging gekregen.
De gemeente Den Haag heeft het volgende geconcludeerd: “De pilots om tot meer afvalscheiding te komen hebben vaak niet geleid tot substantieel meer afvalscheiding of tot minder vervuiling van de gescheiden afvalstromen met restafval.” Proef met inzamelen en nascheiden van PBD+ in Almere. Vanaf voorjaar 2017 loopt een proef onder ca 10.000 huishoudens van Almere met de inzameling van PBD+. Deze proef heeft als uitgangspunt dat gft, glas, papier en glas aan de bron worden gescheiden. Het PBD en het resterende restafval mogen dan bij elkaar (vandaar de naam PBD+). Het PBD+ is met de hand gesorteerd door medewerkers die aan een lopende band staan. De resultaten van de proef waren veelbelovend, namelijk minder dan 50 kg restafval per inwoner per jaar. De hoeveelheid gescheiden ingezameld gft in de proefwijken steeg van 80 kg naar 175 kg per inwoner. Voor PBD was de stijging van 20 kg naar 35 kg per inwoner. De overige stromen (glas papier en textiel stegen ook). Tot op heden loopt er in de gemeente een discussie over de toepassing van deze maatregel. Er zijn vraagtekens bij de representativiteit van de proefwijken en of deze resultaten zomaar doorgetrokken kunnen worden over de hele gemeente. Ook is er onzekerheid over de kostenopbouw als het op grote schaal wordt toegepast.
Op dit moment is er nog geen bestuurlijk besluit genomen om nascheiding via deze methode te gaan implementeren in de hele gemeente.
Roosendaal – bronscheiden vs. nascheiden – januari 2021 – definitief
Pagina 9 van 30
5. Achtergronden Gemeentelijk beleid Roosendaal committeert zich aan de landelijke norm als doelstelling voor de afvalinzameling: 75% afvalscheiding en maximaal 100 kg restafval per inwoner per jaar in 2020. De gemeente vindt een financiële prikkel een goed instrument om inwoners aan te sporen om beter te scheiden en heft afvalstoffenheffing volgens het systeem van diftar. Daarbij wordt een huishouden aangeslagen voor een vast tarief voor de afvalstoffenheffing, terwijl een variabele aanslag bestaat uit het in rekening brengen van een bedrag per inworp in de ondergrondse container of voor het laten legen van de minicontainer. Afvalstoffenheffing De afvalstoffenheffing voor huishoudens bestaat uit een vast en een variabel deel. Het vaste deel wordt aan elk huishouden belast. Het variabele deel wordt gevormd door een bijdrage voor de hoeveelheid restafval dat aangeboden wordt aan de inzameldienst. De tarieven die in 2020 worden gehanteerd zijn:
Vastrecht per bemeterde perceel 240-ltr. restafvalcontainer, per lediging 140 ltr. restafvalcontainer, per lediging Ondergrondse restafvalcontainer, per inworp 60 ltr. trommel Ondergrondse restafvalcontainer, per inworp 30 ltr. trommel Extra container
: : : : : :
€ 205,€ 6,60 € 3,85 € 1,10 € 0,55 € 40,-
Halvering inzamelfrequentie minicontainers restafval In het voorjaar van 2020 is nieuw afvalbeleid van kracht geworden. De frequentie van de inzameling van de grijze minicontainer is gehalveerd naar eens per vier weken. Doordat inwoners langer restafval moeten opsparen in hun container ontstaat een extra prikkel om meer grondstoffen uit het restafval te houden. Doordat elke lediging of storting geld kost, ontstaat een extra prikkel om zo veel mogelijk PBD uit het restafval te scheiden. Inwoners die gebruik maken van de ondergrondse container hebben enkel de financiële stimulans om minder restafval aan te bieden. Huidige inzamellogistiek Saver NV zamelt alle huishoudelijke afvalstoffen in die vrijkomen in de gemeente Roosendaal. Dit is met een dienstverleningsovereenkomst geregeld. De kosten die Saver hiervoor maakt worden aan Roosendaal in rekening gebracht. Veranderingen in de dienstverlening, zoals meer of minder inzet op een taak of dienst, hebben invloed op de exploitatie van Saver NV en daarmee ook op de vergoeding die Roosendaal aan Saver betaalt. Veranderingen in de dienstverlening bij andere deelnemende gemeenten kunnen ook leiden tot veranderingen in de vergoeding die Roosendaal aan Saver betaalt.
Kleinere gezamenlijke volumes geven een minder goede onderhandelingspositie en meer diversiteit bij de inzet van mensen en middelen in het verzorgingsgebied van Saver kan leiden tot lagere voordelen uit synergie. Hieronder beperkt de rapportage zich tot de inzameling van restafval en PBD.
Roosendaal – bronscheiden vs. nascheiden – januari 2021 – definitief
Pagina 10 van 30
Restafval Ongeveer 21% van de huishoudens woont in de gestapelde bouw. De andere 79% heeft een tuin. Bij woningen met een tuin wordt het restafval ingezameld met minicontainers. Roosendaal hanteert een inzamelfrequentie van 1 x 4 weken. Voor gestapelde woningen zijn in Roosendaal anno 2020 ongeveer 207 ondergrondse containers voor restafval beschikbaar die gemiddeld twee keer per week worden geleegd. Deze ondergrondse containers zijn van het type Translift die alleen met een specifiek voertuig kunnen worden geleegd. PBD In Roosendaal wordt PBD aan huis ingezameld met behulp van zakken. Deze frequentie ligt op 1 x per 2 weken. Daarnaast zijn er PBD-verzamelcontainers beschikbaar die naar behoefte worden geleegd. Er staan ongeveer 33 bovengrondse verzamelcontainers en 11 ondergrondse containers voor PBD. Ook op de milieustraat kan PBD worden achtergelaten. De containers voor PBD zijn onderlossende containers die met een kraanauto worden geleegd. De boekwaarde van ondergrondse PBD-perscontainers in 2020 is € 37.500,-. Van de overige PBD-containers resteert een kleine boekwaarde van € 1.950,-. Gratis zakken Roosendaal verstrekt gratis zakken aan alle inwoners, ongeacht of het huishoudens in de gestapelde bouw betreft of huishoudens met een tuin. De kosten voor het gratis verstrekken bedragen voor Roosendaal € 54.201,- per jaar.
Overeenkomsten voor restafval en voor PBD Nedvang (Afvalfonds) Voortkomend uit de afspraken die de landelijke overheid met de producenten heeft gemaakt in het kader van producentenverantwoordelijkheid betaalt het Afvalfonds in opdracht van Stichting Nedvang de inzameling en sortering van verpakkingsmateriaal. Bronscheiding Roosendaal krijgt met ingang van 1 januari 2021 een inzamelvergoeding van € 245,- voor elke (via bronscheiding) ingezamelde ton PBD. Deze vergoeding is bedoeld ter dekking van de kosten die de gemeente maakt voor de inzameling tot aan de sorteerinstallatie van Suez in de Rotterdamse Waalhaven. Suez maakt zelf contractafspraken met Nedvang (Afvalfonds) over de sortering van de brongescheiden kunststoffen en de verdere afzet daarvan. Nascheiding In een situatie waarbij Roosendaal zou nascheiden geeft Nedvang aan de gemeente met ingang van 1 januari 2021 een transportvergoeding van € 8,90 per ingezamelde ton (PBD-houdend) fijn restafval. Een combinatie van bronscheiding en nascheiding levert geen dubbele vergoeding op. Er wordt slechts een van de twee varianten vergoed.
Roosendaal – bronscheiden vs. nascheiden – januari 2021 – definitief
Pagina 11 van 30
Verwerkingsovereenkomst voor restafval Roosendaal neemt voor de verwerking van het restafval samen met de drie andere aandeelhoudende gemeenten deel in het contract dat Saver NV heeft met Suez (locatie Roosendaal). Het restafval wordt hier direct naar toe gebracht. Het contract tussen Saver en Suez is tot stand gekomen door middel van een openbare aanbesteding die voor en namens de vier deelnemende gemeenten. Het contract ziet toe op de verbranding van het restafval voor deze vier gemeenten. Het contract is onlangs verlengd en loopt door tot en met 31 januari 2025. Daarna kan nog een keer worden verlengd met een periode van drie jaar, waarmee de uiterlijke afloopdatum van het contract 31 januari 2028 is. In het contract met Suez is niet expliciet opgenomen hoeveel restafval door Saver op jaarbasis wordt aangeboden. Hiermee wordt Saver niet gebonden aan een aanleververplichting. Dit is gunstig als de samenstelling van het restafval verandert als gevolg van verbeterde afvalscheiding en daarmee de hoeveelheid aangeboden restafval minder wordt. Het gegeven dat er geen aanleververplichting is, geeft in beginsel ruimte voor het (deels) tussentijds uittreden van een gemeente uit de overeenkomst. In de overeenkomst is wel expliciet benoemd dat bewerkingsstappen niet mogen worden uitgevoerd.
Het machinaal uitsorteren van PBD of andere grondstoffen uit het restafval alvorens het aan Suez wordt aangeboden is dus niet toegestaan. De locatie van Suez in Roosendaal heeft niet de mogelijkheid tot het nascheiden van PBD uit het restafval. Zover bekend ontwikkelt Suez hiervoor ook geen plannen. Op dit moment zijn er in Nederland twee private partijen die kunnen nascheiden. Dit zijn Attero in Wijster, Groningen en de AVR in Rotterdam. Verder zijn er drie publieke partijen die nascheiding kunnen bieden: AEB in Amsterdam, HVC in Alkmaar en Omrin in Oudehaske. Verwerkingstarief voor restafval Het verwerkingstarief van Suez is €49,40 per ton (huidig prijspeil) waarop een verplichte verbrandingsbelasting wordt geheven ten bedrage van € 32,62 per ton. Het verwerkingstarief is gunstig geprijsd. Signalen wijzen erop dat in de huidige markt het verwerkingstarief € 40,- tot € 60,per ton hoger ligt (exclusief de verbrandingsbelasting). In ogenschouw moet worden genomen dat deze markt sterk kan fluctueren en dat het lastig is om voorspellingen te doen. De aanstaande Brexit kan bijvoorbeeld een effect hebben op de hoeveelheid geïmporteerd brandbaar afval uit Engeland. Minder import kan leiden tot meer verbrandingscapaciteit voor de eigen markt en daardoor leiden tot lagere tarieven.
Overslag van PBD bij Saver Hoewel het soortelijk gewicht van zuivere kunststoffen rond de 1000 kg/m3 zit is het soortelijk gewicht van ingezameld verpakkingsafval een stuk lager. Dit komt omdat er veel lucht zit ingesloten tussen de verpakkingen. De kraakperswagen comprimeert verpakkingsafval maar kan het niet sterker verdichten dan tot ca 130 kg/m3. Met als doel het aantal transporten naar Suez in de Waalhaven van Rotterdam te minimaliseren wordt alle PBD van de deelnemende gemeenten Roosendaal, Bergen op Zoom, Halderberge en Roosendaal – bronscheiden vs. nascheiden – januari 2021 – definitief
Pagina 12 van 30
Woensdrecht overgeslagen in de grote overslaghal op het vestigingsadres van Saver NV aan de Stepvelden 8 te Roosendaal. Dit totaal is Het PBD wordt hier met een krachtige wormpers tot balen gecomprimeerd en verladen in combi-vrachtwagens. Per rit wordt 20 ton PBD van de Stepvelden 8 naar de Waalhaven afgevoerd. Als dienst aan de gemeenten in de regio wordt ook het PBD van Etten Leur, Moerdijk, Rucphen, Zundert en Steenbergen en overgeslagen en getransporteerd naar Suez Rotterdam. Door een sluitende massabalans worden de gewichten per gemeente gegarandeerd. Saver ontvangt van Midwaste hiervoor een overslagvergoeding. Deze vergoeding biedt dekking op de vaste kosten van Saver. Deze kosten zijn kapitaalslasten op de investering in de pers en een dekking op de overslaghal.
Roosendaal – bronscheiden vs. nascheiden – januari 2021 – definitief
Pagina 13 van 30
6. Achtergrond circulariteit Het doel van de gescheiden inzameling van verpakkingsafval is om zo veel mogelijk materiaal zo hoogwaardig mogelijk te hergebruiken. In dit hoofdstuk wordt ingegaan op de onderdelen zuiverheid, scheidingsrendement en verbranden. Het aantal partijen in de markt die actief kunststofafval scheiden is klein en de markt is kostenintensief. Met andere woorden, het gaat om veel geld. De markt is om deze reden niet heel transparant over resultaten en de afzet. Wel is aangetoond aan de hand van een aantal publieke onderzoeken en een aantal interviews dat er verschillen te benoemen zijn. Deze worden hieronder behandeld. Zuiverheid (monostromen) Het sorteren van verpakkingen heeft ten doel om monostromen te creëren die kunnen worden verhandeld. DKR-normen Nedvang stelt dat het hen niet uitmaakt of er wordt nagescheiden of brongescheiden, zolang maar aan de zogenoemde DKR-normen wordt voldaan. Deze normen hebben de ketenpartners met elkaar afgesproken en zij vormen de basis voor de inzamelvergoedingen die gemeenten ontvangen en de sorteervergoedingen die sorteerders ontvangen. Alle Nederlandse sorteerinstallaties, zowel die ingericht zijn voor het sorteren van brongescheiden kunststoffen als voor nagescheiden kunststoffen, kunnen deze DKR-normen behalen. Er is op basis van DKR-normering geen voorkeur voor één van beide systemen.