06. Gebundelde stukken RBL.pdf
Tekst van het document
CONCEPT VERSIE
Jaarstukken 2024 RBL West-Brabant Regionaal Bureau Leren
1 januari 2024 – 31 december 2024
Beoogde vaststelling door het bestuur van RBL West-Brabant op 25 juni 2025.
> Inhoudsopgave 1.
Inleiding .......................................................................................................................................................... 3
2.
Programmaverantwoording ........................................................................................................................... 4
3.
Paragrafen ...................................................................................................................................................... 7
4.
Samenvatting van de financiële effecten bij de jaarstukken 2024 ................................................................. 9
5.
Balans per 31 december 2024 ........................................................................................................................ 9
6.
Programmarekening 2024| Uitvoering Leerplichtwet ................................................................................. 12
7.
Verdeling van het positieve resultaat in de jaarrekening RBL 2024 ............................................................. 17
Jaarrekening 2024 | Regionaal Bureau Leren West-Brabant
|2
1. Inleiding In de regio West-Brabant werken zestien gemeenten samen aan het voorkomen en terugdringen van verzuim en schooluitval. De Gemeenschappelijke Regeling Programma Schoolverzuim en Voortijdig Schoolverlaten is beter bekend onder de naam Regionaal Bureau Leren (RBL) West-Brabant. Vanuit het RBL zetten wij ons dagelijks in om elke jongere de ontwikkelkansen te bieden die bij hem of haar past. Elk kind op een passende ontwikkelplek is dan ook het streven waar wij ons iedere dag voor inzetten. Dat gaat niet altijd vanzelf. Samen met de scholen en ketenpartners in de regio zetten we onze tijd, aandacht en steeds vaker maatwerk in om dit voor elkaar te krijgen. Voor u liggen onze jaarstukken van 2024. Hiermee brengen wij verslag uit van onze werkzaamheden in het afgelopen jaar inclusief de financiële consequenties daarvan. De activiteiten die wij in 2024 hebben uitgevoerd, staan beschreven in het jaarverslag 2023-2024. Dit verslag geeft inzicht in de activiteiten over het schooljaar 2023/2024 en dekt hiermee niet alle inzet die in 2024 heeft plaatsgevonden. U vindt dit jaarverslag als losse bijlage. In 2024 is het verzuim onder de leer- en kwalificatieplichtige jongeren gestabiliseerd. Bij alle soorten verzuim zien we dit jaar de stijging van afgelopen jaren stabiliseren, maar blijven de aantallen dus onverminderd hoog.
Het aantal Voortijdig Schoolverlaters zien we daarentegen nog steeds stijgen. Specifiek de groep nieuwkomers (bijvoorbeeld vluchtelingen en arbeidsmigranten) kiezen er vaker voor om te gaan werken, zonder dat zij een startkwalificatie hebben. Tegelijkertijd is de rol van leerplichtambtenaar en doorstroomcoach in transitie: van het handhaven van de leerplicht naar het beschermen van het leerrecht. Deze veranderende rol heeft ervoor gezorgd dat het afgelopen jaar op verschillende plekken binnen het RBL de ogen ook naar binnen gericht geweest zijn. Er is opnieuw afgewogen welke taken uitgevoerd dienen te worden en welke mankracht daarvoor nodig is. Er zijn dan ook verschillende stappen genomen om dit beter in balans te brengen. Het Gemeenschappelijk Orgaan van de Gemeenschappelijke Regeling Programma Schoolverzuim en Voortijdig Schoolverlaten,
B E S L U I T: De jaarrekening over 2024 voor het Programma Schoolverzuim en Voortijdig Schoolverlaten vast te stellen. Aldus schriftelijk te besluiten, ten tijde of na de bestuursvergadering van 25 juni 2025.
Dhr. A.M.A. van Drunen Voorzitter
Jaarrekening 2024 | Regionaal Bureau Leren West-Brabant
|3
2. Programmaverantwoording Het openbaar lichaam heeft tot doel het behartigen van de belangen van de deelnemende gemeenten op het gebied van de uitvoering van de Leerplichtwet 1969 en de Regionale Meld- en coördinatiefunctie en kent slechts één programma:
2.1 Programma 1: Uitvoering leerplichtwet (Bedragen x € 1) LASTEN
Rekening 2024
Begroting 2024
Rekening 2023
Personeel
€ 2.046.187
€ 2.123.227
€ 2.093.635
Kosten overig
€ 964.058
€ 986.904
€ 818.505
Totaal lasten
€ 3.010.245
€ 3.110.131
€ 2.912.140
Rekening 2024
Begroting 2024
Rekening 2023
Jaarlijkse bijdragen gemeenten
€ 2.556.764
€ 2.556.746
€ 2.253.086
Overige inkomsten (diverse)
€ 542.184
€ 553.385
€ 598.360
€ 3.098.948
€ 3.110.131
€ 2.851.446
- € 88.704
€-
€ 60.693
€ -
€-
€-
-
-
-
BATEN
Totaal baten Aanvullende bijdrage gemeente RESULTAAT NA BESTEMMING Mutaties reserves
In dit programma zijn alle activiteiten van de Gemeenschappelijke Regeling ondergebracht. De lasten hebben betrekking op: De inzet van personeel van gemeente Breda; Scholing en opleiding; Het onderhoud van het regionaal leerlingenadministratiesysteem; De huisvestingskosten; De communicatiemiddelen en; Regionale bijeenkomsten en overige. De baten bestaan uit de bijdragen van de aangesloten gemeenten, VSV programmamiddelen en eventuele compensatie vanuit het UWV voor ziekte. De begroting en jaarstukken zijn exclusief BTW opgesteld. Als gevolg van de toekenning door de Belastingdienst van de transparantieregeling is de werkelijke betaalde BTW voor de deelnemende gemeenten volledig compensabel.
2.2 Toelichting op de taakuitvoering De schooltijd van de meeste kinderen en jongeren verloopt zonder grote problemen. Maar soms is extra ondersteuning nodig. Om de bijdrage van gemeenten hieraan zo goed mogelijk te organiseren werken zestien West-Brabantse gemeenten vanaf 2012 samen binnen het Regionaal Bureau Leren West-Brabant (RBL WestBrabant). Samenwerking is noodzakelijk en een gezamenlijke verantwoordelijkheid. Goede samenwerking tussen onderwijs, hulpverlening, partners arbeidstoeleiding, gemeenten en diverse andere partners is van groot belang. Samenwerking enerzijds tussen de leerplichtambtenaren in de gehele regio en anderzijds tussen de diverse partners in de regio is een goede basis voor verdere intensievere samenwerking om te werken aan onze kernwaarden, visie en missie. Onze mensen werken voor de gehele regio West-Brabant en zijn daar ook te vinden; in de verschillende gemeenten en op de verschillende scholen. We zoeken het contact en zijn in gesprek met de jeugd waar het om én over gaat! Het RBL is een stevige gesprekspartner in de regio en een groot belangenbehartiger van het tegengaan van schoolverzuim en voortijdig schoolverlaten onder WestBrabantse jongeren van 5 tot 23 jaar. Jaarrekening 2024 | Regionaal Bureau Leren West-Brabant
|4
Na een aantal jaren van stijging van het aantal verzuimmeldingen, zien we in 2024 deze stijging stabiliseren. De aantallen blijven hiermee onverminderd hoog. Bij absoluut verzuim blijft het vinden van een passende onderwijsplek voor Oekraïense vluchtelingen en andere nieuwkomers een grote rol spelen. Ook de wachtlijsten bij speciaal onderwijs hebben zijn weerslag op dit type verzuim. Bij relatief verzuim, dat vooral voorkomt bij MBO, speciaal onderwijs en voortgezet speciaal onderwijs, zien we dat de complexe problematiek van de jongeren een belangrijke rol speelt in de oorzaak en dus ook in het oplossen van het verzuim. Het lukt minder vaak om een jongere terug te leiden naar de school waar hij/zij vandaan kwam, doorverwijzing naar hulpverlening komt vaker voor en ook gebeurt het vaker dat een dossier aan het einde van het schooljaar nog lopend is omdat (nog) geen passende oplossing voor handen is. De doelgroep Voortijdig Schoolverlaters zien we in 2024 daarentegen wel stijgen. Dit komt vooral door nieuwkomers (vluchtelingen, arbeidsmigranten en buitenlandse studenten) die ervoor kiezen om te gaan werken.
In de regio werken de leerplichtambtenaren, doorstroomcoaches en administratief medewerkers van het RBL samen aan onze gezamenlijke missie: ‘Iedere West-Brabantse jongere zonder startkwalificatie zit op een passende school, is op weg naar een startkwalificatie, of wordt begeleid naar de voor hem of haar hoogst haalbare startpositie in de maatschappij’.
De diverse inhoudelijke activiteiten die door het RBL zijn uitgevoerd om invulling te geven aan de missie staan beschreven in het Jaarverslag 2023-2024 over schooljaar 2023-2024.
Jaarrekening 2024 | Regionaal Bureau Leren West-Brabant
|5
2.3 Beleidsindicatoren Speerpunt
Thuiszitters
Sluitend vangnet jongeren 12 tot 23 jaar
Indicator Relatief schoolverzuim (aantal personen met WP Relatief Verzuim in een schooljaar) Aantal langdurig relatief verzuimers (aantal jongeren zonder geldige reden >4 wkn school niet bezoeken) Aantal absoluut verzuimers (aantal personen met WP Absoluut Verzuim in een schooljaar) Aantal personen met vrijstelling om medische / psychosociale redenen (art. 5 onder a) of vanwege bezwaren tegen richting (art. 5 onder b) Aantal nieuwe VSV’ers; 18 t/m 22 jarigen die gedurende het schooljaar uitschrijven op school zonder startkwalificatie Aantal oud VSV’ers: alle 18 t/m 22 jarigen die vóór het lopende schooljaar in beeld zijn gekomen door uitschrijven op school zonder startkwalificatie Aantal vangnetcases PRO-VSO (regio) Aantal vangnetcases (regulier, regio)
Specifieke doelgroepen
Aantal bereikte jongeren via de NEET-aanpak (nieuw) Aantal bereikte jongeren met ‘OnMyWay’
Bron indicator
Werkelijk 2022
Begroot 2024
Werkelijk 2024
Jaarverslag 23-24
2917*
3.100
3.475
Jaarverslag 23-24
72*
80
134
Jaarverslag 23-24
435*
400
722
Jaarverslag 23-24
329*
275
392
1.379**
1.380
1.594
3.231**
3.000
3.663
18****
90
48
64 ***
80
170
323*****
425
578
51*****
51
X
Jaarverslag 23-24
Jaarverslag 23-24 Jaarverslag 23-24 Jaarverslag 23-24 Jaarverslag 23-24 Jaarverslag 23-24
*data zijn van schooljaar 2021/2022 ** op peildatum 5-10-2022 *** kalenderjaar 2022 (jan-sep) **** kalenderjaar 2022 (okt-dec) *****kalenderjaar 2022 (jan-dec)
2.4 Resultaatbestemming Het resultaat over 2024 bedraagt € 88.704 positief en is ontstaan doordat vrijwel alle kosten lager zijn uitgevallen dan begroot. Dit positieve resultaat wordt conform de afgesproken verdeelsleutel aan de aangesloten regiogemeenten teruggegeven.
Jaarrekening 2024 | Regionaal Bureau Leren West-Brabant
|6
3. Paragrafen 3.1 Lokale heffingen Niet van toepassing.
3.2 Weerstandsvermogen en risicobeheersing Het weerstandsvermogen is een maatstaf om te beoordelen of de gemeenschappelijke regeling in staat is om nadelige (financiële) gevolgen van risico’s op te vangen zonder dat daarbij de continuïteit in de uitvoering van taken in gevaar komt. Het weerstandsvermogen bestaat uit de verhouding tussen de weerstandscapaciteit, zijnde de middelen waarover de Gemeenschappelijke Regeling kan beschikken om niet begrote kosten, als ook alle risico’s waarvoor nog geen voorzieningen zijn gevormd, te kunnen dekken. De deelnemende gemeenten hebben aangegeven dat het niet wenselijk is dat een Gemeenschappelijke Regeling weerstandsvermogen opbouwt. Bij een gemeenschappelijke regeling staan de deelnemende gemeenten financieel garant. De Gemeenschappelijke Regeling Programma Schoolverzuim en Voortijdig Schoolverlaten heeft dan ook geen weerstandscapaciteit opgebouwd en kan bij de manifestatie van risico’s of niet begrote kosten niks zelfstandig opvangen. Het ziekteverzuim is ook in 2024 onverminderd hoog (13,5%) en blijft ook dit jaar een stuk hoger dan het landelijk gemiddelde van 5,2% (CBS). De uitgevallen teamleider heeft hier een groot aandeel in. Daarnaast vindt het verzuim ook in de uitvoering plaats. Oorzaken voor het verhoogde ziekte verzuim zijn hoge werkdruk en persoonlijke omstandigheden.
Om de minimale wettelijke taken uit te voeren is vervanging van dit verzuim noodzakelijk. Naar verwachting zorgt de extra formatie die per 1-8-2024 beschikbaar is gekomen om de basis op orde te brengen voor een positieve impuls op dit risico. Een presentatie van financiële kengetallen, conform de wet- en regelgeving BBV, heeft voor RBL weinig toegevoegde waarde. Er is geen eigen vermogen (solvabiliteit van 0%) en er zijn geen langlopende schulden (leningen). De kortlopende schulden worden gefinancierd met de gemeentelijke bijdragen en de regionale VSV gelden.
3.3 Onderhoud kapitaalgoederen De gemeenschappelijke regeling heeft geen beschikking over kapitaalgoederen.
3.4 Financiering De financiering van de taken van de gemeenschappelijke regeling, de jaarlijkse exploitatie, geschiedt middels jaarlijkse bijdragen van de deelnemende gemeenten op basis van aantallen leerlingen. Aanvullende activiteiten worden op basis van project-/programma financiering bekostigd vanuit bijvoorbeeld de regionale VSVmiddelen.
3.5 Bedrijfsvoering De gemeenschappelijke regeling Programma Schoolverzuim en Voortijdig Schoolverlaten heeft geen eigen personeel in dienst. De uitvoering van de taken geschiedt middels “inhuur” van personeel van de gemeente Breda. In een afgesloten dienstverleningsovereenkomst met de gemeente Breda zijn afspraken gemaakt omtrent onder meer huisvesting, facilitaire zaken, basiswerkplek, financiële administratie, financieel advies, planningen control cyclus, personele zorg en documentbeheer.
3.6 Verbonden partijen Voor de 16 deelnemende gemeenten is de Gemeenschappelijke Regeling Programma Schoolverzuim en Voortijdig Schoolverlaten een verbonden partij. De Gemeenschappelijke Regeling zelf kent geen verbonden partijen.
3.7 Grondbeleid Niet van toepassing.
Jaarrekening 2024 | Regionaal Bureau Leren West-Brabant
|7
3.8 Wet normering topinkomens Er zijn geen functionarissen binnen de gemeenschappelijke regeling die in aanmerking komen voor de uitgangspunten van de Wet normering topinkomens. Er zijn geen bezoldigings- en ontslagvergoedingen uitgekeerd, aangezien de Gemeenschappelijke Regeling geen mensen in dienst heeft.
Jaarrekening 2024 | Regionaal Bureau Leren West-Brabant
|8
4. Samenvatting van de financiële effecten bij de jaarstukken 2024 Het operationele resultaat bedraagt € 88.704 positief. Dit betreft een saldo van € 3.010.245 aan lasten en € 3.098.948 aan baten. Het positieve resultaat is ontstaan doordat vrijwel alle kosten lager zijn uitgevallen voor het RBL dan begroot. In hoofdstuk 7 is de verdeling van het resultaat per deelnemende gemeente weergegeven.
5. Balans per 31 december 2024 ACTIVA (Bedragen x € 1)
31 december 2024
A. Vaste activa 1. Materiële vaste activa 2. Financiële vaste activa Totaal vaste activa B. Vlottende activa 3. Vorderingen 3.1 Vorderingen op openbare lichamen 3.2 Overige vorderingen Vorderingen op regio n.a.v. verlies 4. Liquide middelen 4.1 Bank- en girosaldi 5. Overlopende activa 5.1 Overige nog te ontvangen bedragen Totaal vlottende activa
-
€ 2.089.240
-
TOTAAL PASSIVA (Bedragen x € 1)
31 december 2023
-
-
-
€ 2.089.240 € 2.089.240
€ 2.079.414 € 60.693 -
€ 2.140.107
€ 2.089.240
31 december 2024
€ 2.140.107 € 2.140.107
31 december 2023
C. Vaste passiva 1. Eigen vermogen (resultaat vóór resultaatbestemming) 1.1 Algemene reserve 1.2 Bestemmingsreserves 1.3 Resultaat voor bestemming 2. Voorzieningen 2.1 Voorzieningen voor verplichtingen, verliezen en risico's Totaal vaste passiva D. Vlottende passiva 3. Kortlopende schulden 3.1 Bank- en girosaldi 3.2 Crediteuren 4. Overige schulden 4.1 Vooruit ontvangen bedragen 4.2 Schulden aan regio n.a.v. resultaat 2024 Totaal vlottende passiva
€ 2.000.5372 € 1.102.915 € 897.622
€ 2.080.639 € 1.222.671 € 857.967
€ 88.704 €0 € 88.704
TOTAAL Jaarrekening 2024 | Regionaal Bureau Leren West-Brabant
€ 59.468 € 59.468
€ 2.089.240
€ 2.140.107
€ 2.089.240
€ 2.140.107 |9
5.1 Toelichting Balans Waarderings- en resultaatbepalingsgrondslagen Deze jaarrekening is opgesteld in overeenstemming met de met Titel 9 Boek 2 BW (RJK-C1). De vlottende activa en vlottende passiva zijn gewaardeerd tegen de nominale waarde. Het boekjaar is gelijk aan het kalenderjaar en baten en lasten worden toegerekend aan de periode waarop deze betrekking hebben. Het stelsel van baten en lasten is toegepast, met inachtneming van het voorzichtigheidsbeginsel. De begroting en jaarstukken zijn exclusief BTW opgesteld. Door de Belastingdienst is aan de Gemeenschappelijke Regeling de transparantieregeling toegekend in het kader van de omzetbelasting. Dit houdt in dat de door de Gemeenschappelijke Regeling betaalde omzetbelasting doorgeschoven kan worden naar de deelnemende gemeenten. Zij kunnen deze doorgeschoven BTW terugvorderen bij het BTWcompensatiefonds. De compensabele BTW is naar rato van de ontvangen bijdragen van de bijdragen van de deelnemende gemeenten doorbelast naar de deelnemende gemeenten om te kunnen declareren bij het BTWcompensatiefonds.
ACTIVA (Bedragen x € 1)
31-12-2024
31-12-2023
B. 3. 3.1
€ 2.089.240
€ 2.140.107
€ 1.230.418
€ 1.092.372
€ 605.933 € 30.810 € 222.079
€ 748.501 € 103.995 € 84.448 € 50.098
€0
€ 60.693
€ 2.089.240
€ 2.140.107
3.2
4.
Vlottende activa Vorderingen De vorderingen op korte termijn zijn als volgt opgebouwd: Toelichting: Debiteuren; dit betreft de gemeentelijke deelnemersbijdragen Te vorderen compensabele BTW fiscaal jaar Deelnemersbijdrage 2e begrotingswijziging 2023 Debiteuren, VSV Middelen Ontvangst UWV 2023 Overige vorderingen: Vordering op regio gemeente n.a.v. operationeel verlies JR ‘23
Liquide middelen:
Totaal
Jaarrekening 2024 | Regionaal Bureau Leren West-Brabant
| 10
PASSIVA (Bedragen x € 1)
31-12-2024
31-12-2023
D. Vlottende Passiva 3. Kortlopende schulden Bank- en girosaldi: Dit betreft een tijdelijk negatief saldo omdat RBL (doorschuif) btw heeft voorgefinancierd. Crediteuren: Dit betreft hoofdzakelijk nog te betalen nota's van Breda aangaande ingeleend personeel en terug te betalen ISK bijdragen Vooruit ontvangen bedragen: ISK bijdrage Schuld aan regio gemeente n.a.v. operationeel resultaat JR ‘24
€ 2.089.240
€ 2.140.107
€ 1.102.915
€ 1.222.671
€ 897.622
€ 857.967
€0
€ 59.468
Totaal
€ 2.089.240
C. 1. 1.3
Vaste passiva Eigen vermogen (resultaat vóór resultaatbestemming) Saldo rekening van baten en lasten
€ 88.704 € 2.140.107
Niet in de balans opgenomen verplichtingen en activa: Afspraken en producten betreffende dienstverlening tussen RBL en gemeente Breda worden jaarlijks stilzwijgend verlengd.
Jaarrekening 2024 | Regionaal Bureau Leren West-Brabant
| 11
6. Programmarekening 2024| Uitvoering Leerplichtwet Lasten en Baten 2024
(Bedragen x € 1)
Rekening 2024
Begroting 2024
Rekening 2023
Taakveld 0.4 Overhead
3.5.1 Ingeleend en ingehuurd personeel Personeelskosten
€
567.413 €
538.447
€
490.737
Huisvesting en facilitair
€
179.323 €
193.327 €
172.962
Overige kosten
€
81.501 €
69.085 €
59.547
Personeelskosten
€
1.317.282 €
1.284.780 €
1.197.314
Inhuur
€
161.491 €
300.000 €
369.051
€
36.533
3.8 Overige goederen en diensten
Taakveld 4.3 Onderwijsbeleid en leerlingenzaken
3.5.1 Ingeleend personeel
ISK 3.5.2 VSV Personeels en projectkosten VSV
€
544.725 €
553.385 €
467.431
€
158.508 €
171.107 €
118.565
€
3.010.245 €
3.110.131 €
2.912.140
3.8 Overige goederen en diensten Jeugdvolgsysteem Totaal lasten
Jaarrekening 2024 | Regionaal Bureau Leren West-Brabant
| 12
Baten 4.3.2 Inkomensoverdrachten gemeente Jaarlijkse bijdragen gemeenten
€
2.556.764 €
2.556.746 €
2.163.571
ISK
€
36.533
Diverse opbrengsten
€
291
553.385 €
492.188
Intensivering RMC
€
89.515
Ontvangst UWV Ziekteverzuim
€
69.349
Bijdrage gemeenten Projectaanjager Aanvullende bijdrage gemeente Breda
VSV projecten beleidsuitvoering RBL
€
542.184 €
Totaal baten
€
3.098.948 €
3.110.131 €
2.851.446
Resultaat voor bestemming
€
88.704 €
-
€
-60.693
Resultaat voor bestemming
€
88.704
€
-60.693
Aanvullende bijdrage gemeente
€
-88.704
€
60.693
€
-
€
-0
Resultaatbestemming
Saldo na begrote storting en onttrekking
€
-
Te bestemmen resultaat
Jaarrekening 2024 | Regionaal Bureau Leren West-Brabant
| 13
6.1 Toelichting Programmarekening 2024 Personeelskosten (resultaat € 61.468 negatief) RBL West-Brabant heeft zelf geen medewerkers in dienst. De personele lasten bestonden uit de inleenkosten vanuit gemeente Breda. Om de totale personeelskosten in beeld te krijgen, moet in bovenstaande tabel gekeken worden naar Personeelskosten van zowel taakveld 0.4 Overhead als Personeelskosten 4.3 Onderwijsbeleid en leerlingenzaken. Onder de personeelskosten van taakveld 0.4 valt ook de inhuur die op gebied van overhead gemaakt is (inhuur teamleider). De totale begrote personeelskosten (dus inclusief inhuur teamleider) zijn € 1.823.227. De werkelijke kosten die hier tegenover staan zijn €1.884.695. Dit resulteert in en tekort van € 61.468. Dit resultaat komt tot stand omdat er enerzijds financiële ruimte is gecreëerd voor extra formatie per 1-8-2024. Deze extra formatie is gedeeltelijk pas later in 2024 geëffectueerd. Anderzijds zijn de inhuurkosten voor de ingehuurde teamleider hoger dan begroot omdat zij langer is aangebleven. Per saldo zijn deze kosten dus hoger dan begroot. Inhuur (resultaat € 138.509 positief) Het onderdeel inhuur betreft alleen de inhuur voor taakveld 4.3 Onderwijsbeleid en leerlingenzaken, met andere woorden de inhuur van het uitvoerend personeel.
Het begrote bedrag betreft € 300.000,- en was bedoeld voor inhuur ziekteverzuim en inhuur ter overbrugging van de extra formatie die in de loop van 2024 beschikbaar gesteld zou worden. De daadwerkelijke inhuurkosten op dit taakveld bedragen € 161.491. Het resultaat op begroot versus werkelijk is € 138.509 positief. Dit resultaat is tot stand gekomen doordat de inhuur voor ziektevervanging lager is dan begroot. Jeugdvolgsysteem (resultaat €12.599 positief) JVS is het jeugdvolgsysteem voor de regionale leerlingenadministratie van de 16 west Brabantse gemeenten. Het systeem is ingekocht bij Metaobjects Benelux B.V. Daarnaast wordt gebruik gemaakt van de expertise van applicatiebeheerders die in dienst zijn bij gemeente Breda. Het positieve resultaat komt met name doordat de doorbelasting van de kosten van applicatiebeheerders vanuit Breda iets lager is uitgevallen dan begroot. Huisvesting & facilitaire zaken (resultaat €14.004 positief) RBL West-Brabant is gehuisvest in Breda in een pand dat eigendom is van Gemeente Breda. De benodigde ruimte is berekend aan de hand van het aantal medewerkers en werkpleknormen. Ook facilitaire zaken zoals schoonmaak, postbezorging, ICT, werkplekbeheer, kopieer- en printfaciliteiten en advisering op het gebied van financiën en HRM worden afgenomen bij Gemeente Breda op basis van een dienstverleningsovereenkomst.
Door zuivere doorbelasting van interne kosten naar VSV projecten realiseren we een positief resultaat van €14.004. Overige kosten (resultaat €12.416 negatief) Er is in 2024 over het geheel een stijging aan overige kosten. Dit zijn o.a. opleidingskosten, reiskosten en huur van vergaderruimte. VSV-projecten (resultaat € 2.540 negatief) Dit zijn projecten waar het RBL de uitvoerende partij is in het kader van het VSV programma Iedereen op z‘n plek in West-Brabant. De totale kosten waren geprognotiseerd op € 553.385. De werkelijke kosten gerelateerd aan de VSV projecten bedragen: personeelskosten zijn € 447.777 bedrijfsvoeringkosten € 75.798 diverse kosten (On My Way en NEET) € 21.149. In het boekjaar 2024 heeft bij de VSV projecten per FTE een doorbelasting plaats gevonden van € 6.017,60 voor huisvesting en facilitaire kosten. Voor overhead medewerkers is er € 7.890,34 doorbelast. Naar aanleiding van de subsidie beschikking is een te verantwoorden VSV subsidie van € 326.882 in 2024 ontvangen. Hiervan is een bedrag van € 6.777 terugbetaald omdat hier geen kosten tegenover stonden. Tevens is vanuit de centrumgemeente Breda een extra bijdrage VSV gelden ontvangen van € 222.079.
Jaarrekening 2024 | Regionaal Bureau Leren West-Brabant
| 14
VSV Projecten 2024 Werkelijke kosten
Werkelijke ontvangst
Coördinatie Vangnet
€
71.382 €
72.384
On My Way
€
69.275 €
75.050
Verantwoorde NEET & Extra NEET
€
307.071 €
317.079
Vangnet PRO VSO
€
96.997 €
84.448
Totaal
€
544.724 €
548.961
Bijdrage ISK (Internationale Schakel Klas) (resultaat € 14.958) Het RBL heeft een tijdelijke opdracht aangenomen voor een project voor de ISK-leerlingen. Dit project is in juni 2023 gestart voor de duur van het schooljaar 2023/2024. Voor dit project is in 2023 in totaal €96.000 gefactureerd aan de gemeente Breda, Drimmelen, Moerdijk en Oosterhout waarvan € 59.486 is gereserveerd voor 2024. De loonkosten gerelateerd aan dit project bedragen voor 2024 €44.511. Het eindresultaat van € 14.958 zal verdeeld worden over de gemeentes Breda, Drimmelen, Moerdijk en Oosterhout. Gemeente
Bedrag
%
Terug
Gemeente Breda
€
66.028
69% €
10.288
Gemeente Oosterhout
€
24.112
25% €
3.757
Gemeente Moerdijk
€
2.930
3% €
457
Gemeente Drimmelen
€
2.930
3% €
457
Totaal
€
96.000
100% €
14.958
Gemeentelijke bijdragen en regio-ontvangsten De splitsing per gemeente luidt:
Niveau 1
Niveau 2
Niveau 2A
ISK
Totaal werkelijke opbrengsten
Alphen-Chaam
€ 54.566
€0
€0
€0
€ 54.566
Altena
€ 8.571
€ 51.632
€0
€0
€ 60.203
Baarle-Nassau
€ 5.136
€ 30.909
€0
€0
€ 36.045
Bergen op Zoom
€ 56.787
€0
€0
€0
€ 56.787
Breda
€ 170.135
€ 1.023.717
€0
€0
€ 1.193.852
Drimmelen
€ 22.249
€ 134.103
€0
€0
€ 156.352
Etten-Leur
€ 39.585
€0
€ 57.541
€0
€ 97.125
Geertruidenberg
€ 18.784
€ 113.166
€0
€0
€ 131.950
Halderberge
€ 25.256
€0
€0
€0
€ 25.256
Moerdijk
€ 31.106
€ 187.585
€0
€0
€ 218.691
Oosterhout
€ 47.079
€ 283.255
€0
€0
€ 330.334
Roosendaal
€ 64.997
€0
€0
€0
€ 64.997
Rucphen
€ 16.944
€0
€ 29.060
€0
€ 46.004
Steenbergen
€ 19.065
€0
€0
€0
€ 19.065
Woensdrecht
€ 17.334
€0
€0
€0
€ 17.334
Zundert
€ 16.891
€0
€ 31.290
€0
€ 48.181
Totaal
€ 614.484
€ 1.824.367
€ 117.891
€0
€ 2.556.742
Ontvangen bijdrage VSV projecten
€ 542.184
Reeds ontvangen in 2023 ISK-bijdrage 2024
€ 44.510
Totaal
Jaarrekening 2024 | Regionaal Bureau Leren West-Brabant
€ 3.143.436
| 15
Gemeentelijke bijdrage en regio ontvangsten De hoogte van de bijdrage per gemeente is gebaseerd op de landelijke normen van Ingrado (branchevereniging voor leerplichtambtenaren en RMC-trajectbegeleiders/ doorstroomcoaches). Deze normen gaan uit van een minimale personele capaciteit per aantal jongeren in verschillende leeftijdsgroepen. De werkelijke opbrengsten bedragen € 3.143.436. De extra baten zijn afkomstig van een bijdrage vanuit het regionale programma VSV voor de uitvoering van VSV projecten. Deze middelen zijn overgedragen aan het RBL vanuit Breda, die deze middelen beheert. De gemeentelijke bijdragen voor 2024 zijn conform de begroting gefactureerd.
Jaarrekening 2024 | Regionaal Bureau Leren West-Brabant
| 16
7. Verdeling van het positieve resultaat in de jaarrekening RBL 2024 Het positieve resultaat van € 88.704 wordt op onderstaande manier verdeeld: •
Het tekort op overige uitgaven (€ 12.416) en overschot op huisvesting en facilitair (€ 14.004) komt uit op een bedrag van €1.587 positief en wordt verdeeld op basis van de formatieplekken per niveau over de begrote aantal FTE’s (21,03). Niveau 1 2 2A Totaal Begrote FTE's 2024 % verdeling Bedrag
• •
4,9 23% € 370
14,97 71% € 1.130
1,16 6% € 88
21,03 100% € 1.587
Het overschot op JVS van €12.599 wordt verdeeld over de niveau 1 gemeenten. Het saldo op de personeel, VSV en inhuur kosten geeft een overschot € 74.449 en wordt verdeeld over de niveau 2 gemeenten.
7.1 Verdeling deel van het resultaat dat betrekking heeft op niveau 1 Niveau 1
Verdeelsleutel Aantal 5 t/m 22 jaar
Percentage
2024
Altena
12.375
8,88%
€ 1.152
Alphen-Chaam
1.941
1,39%
€ 181
Baarle-Nassau
1.165
0,84%
€ 108
Bergen op Zoom
12.893
9,25%
€ 1.200
Breda
38.604
27,70%
€ 3.592
Drimmelen
5.034
3,61%
€ 468
Etten-Leur
8.993
6,45%
€ 837
Geertruidenberg
4.253
3,05%
€ 396
Halderberge
5.740
4,12%
€ 534
Moerdijk
7.032
5,05%
€ 654
Oosterhout
10.684
7,67%
€ 994
Roosendaal
14.728
10,57%
€ 1.371
Rucphen
3.848
2,76%
€ 358
Steenbergen
4.326
3,10%
€ 403
Woensdrecht
3.927
2,82%
€ 365
Zundert
3.821
2,74%
€ 356
Totaal
139.364
100,00%
€ 12.969
Jaarrekening 2024 | Regionaal Bureau Leren West-Brabant
| 17
7.2 Verdeling deel van het resultaat dat betrekking heeft op niveau 2 Niveau 1
Verdeelsleutel Percentage Aantal 5 t/m 22 jaar
Altena
2024
0
0,00%
€0
Alphen-Chaam
1.941
2,82%
€ 2.137
Baarle-Nassau
1.165
1,70%
€ 1.283
0
0,00%
€0
Breda
38.604
56,18%
€ 42.500
Drimmelen
5.034
7,33%
€ 5.542
Etten-Leur
0
0,00%
€0
4.253
6,19%
€ 4.682
0
0,00%
€0
Moerdijk
7.032
10,23%
€ 7.742
Oosterhout
10.684
15,55%
€ 11.762
Roosendaal
0
0,00%
€0
Rucphen
0
0,00%
€0
Steenbergen
0
0,00%
€0
Woensdrecht
0
0,00%
€0
Zundert
0
0,00%
€0
68.713
100,00%
€ 75.648
Bergen op Zoom
Geertruidenberg Halderberge
7.3 Verdeling deel van het resultaat dat betrekking heeft op niveau 2a Niveau 2A
Verdeelsleutel divers
Percentage
2024
Altena
0
0,00%
€0
Alphen-Chaam
0
0,00%
€0
Baarle-Nassau
0
0,00%
€0
Bergen op Zoom
0
0,00%
€0
Breda
0
0,00%
€0
Drimmelen
0
0,00%
€0
Etten-Leur
2683
48,81%
€ 43
Geertruidenberg
0
0,00%
€0
Halderberge
0
0,00%
€0
Moerdijk
0
0,00%
€0
Oosterhout
0
0,00%
€0
Roosendaal
0
0,00%
€0
1355
24,65%
€ 22
Steenbergen
0
0,00%
€0
Woensdrecht
0
0,00%
€0
Zundert
1459
26,54%
€ 23
Totaal
5.497
100,00%
€ 88
Rucphen
Jaarrekening 2024 | Regionaal Bureau Leren West-Brabant
| 18
Uw kenmerk
Ons kenmerk
Datum 26 maart 2025
Uw brief
Behandeld door Cas Christiani ketenmanager Jeugd
Onderwerp 1ste Begrotingswijziging van de reeds vastgestelde begroting 2025
Afdeling Regionaal Bureau Leren
Informatie info@rblwest-brabant.nl 076-5298110 Bijlagen
-
Aan: De colleges en de raden van de gemeenten die deelnemen in de Gemeenschappelijke Regeling Programma Schoolverzuim en Voortijdig Schoolverlaten Geachte heer, mevrouw, Aanleiding Uw gemeente neemt deel aan de Gemeenschappelijke Regeling Programma Schoolverzuim en Voortijdig Schoolverlaten (RBL) West-Brabant. Op dit moment bestaat de GR uit zestien gemeenten die op 3 verschillende dienstverleningsniveaus samenwerken. Per 1 augustus 2025 verandert de samenstelling van de GR. De gemeenten Alphen-Chaam en Baarle-Nassau hebben te kennen gegeven uit de GR te treden. Daarnaast hebben de gemeenten Etten-Leur, Rucphen en Zundert te kennen gegeven vanaf deze datum de dienstverlening vanuit het RBL af te willen schalen en voort te willen zetten op niveau 1. Deze wijzigingen waren slechts deels verwerkt in de initiële begroting voor 2025 en zorgen nu voor een eerste begrotingswijziging op de Begroting 2025 van het RBL West-Brabant. Overeenkomstig het bepaalde in artikel 10 van de Gemeenschappelijke Regeling en de wettelijke bepalingen verzoeken wij u de begrotingswijziging voor te leggen aan uw gemeenteraad en ons binnen 10 weken, doch uiterlijk 20 juni 2025, schriftelijk te berichten hoe deze begroting door uw Raad is beoordeeld. Het Gemeenschappelijk Orgaan is voornemens om in de vergadering van 25 juni 2025 de begrotingswijziging definitief vast te stellen.
Begrotingswijziging inleiding Ten tijde van het opstellen van de begroting 2025 waren de plannen voor het uittreden en afschalen van de 5 eerder genoemde gemeenten weliswaar bekend, echter was het besluit hiertoe nog niet in alle gemeenten officieel genomen. Ook waren de details voor de uittreding en afschaling nog niet bekend. Dit heeft ervoor gezorgd dat, op verzoek van de betreffende gemeenten, in de Begroting 2025 alleen de afschaling van de gemeenten Etten-Leur, Rucphen en Zundert meegenomen is voor wat betreft het kostenplaatje van deze gemeenten. Dat wil zeggen dat in de Begroting 2025 is meegenomen dat deze gemeenten verschuiven naar dienstverlening op niveau 1. De personele afschaling per 1 augustus 2025 is dus in de Begroting 2025 opgenomen. Eventuele overige frictiekosten zijn niet meegenomen. De gevolgen van uittreding van de gemeenten Alphen-Chaam en Baarle-Nassau is evenmin verwerkt in de Begroting 2025. In het bestuurlijk overleg van 27 november 2024 heeft het bestuur ingestemd met de nota “Voorstel bestuur uittredings en afschalingskosten”. In deze nota zijn de verdere details voor wat betreft de gevolgen van de uittreding en afschaling uitgewerkt. Het bestuur heeft hiermee akkoord gegeven om uit te gaan van een ‘worst case scenario’.
Dat wil zeggen dat ervan uitgegaan wordt dat de personele consequenties van de uittreding en afschaling niet gecompenseerd worden door andere ontwikkelingen in het werkveld (zoals de komst van de nieuwe wet Van School Naar Duurzaam Werk). De frictiekosten die de uittredende en
GEERTRUIDENBERG/STEENBERGEN/ROOSENDAAL/RUCPHEN/ALTENA/DRIMMELEN/MOERDIJK/ZUNDERT/BREDA/ BERGEN OP ZOOM/ETTEN-LEUR/WOENSDRECHT/OOSTERHOUT/HALDERBERGE/ALPHEN-CHAAM/BAARLE-NASSAU
afschalende gemeenten betalen, zijn hier dan ook op gebaseerd. In voorliggende Eerste Begrotingswijziging 2025 zijn de verdere personele consequenties van de uittreding van de gemeenten Alphen-Chaam en Baarle-Nassau verwerkt. Ook zijn de te betalen frictiekosten van 5 betreffende gemeenten verwerkt. Begrotingswijziging inhoudelijk Deze begrotingswijziging geeft invulling aan de uittreding van de gemeenten Alphen-Chaam en Baarle-Nassau en aan de afschaling van de gemeenten Etten-Leur, Rucphen en Zundert. Uittreding gemeenten Alphen-Chaam en Baarle-Nassau Door het uittreden van de gemeenten Alphen-Chaam en Baarle-Nassau wordt de kostendruk vanaf 1 augustus 2025 verschoven naar andere gemeenten. De kosten voor de niveau 1 dienstverlening worden vanaf dan immers verdeeld over 14 gemeenten i.p.v. 16. De kosten de gemoeid gaan met de niveau 2 dienstverlening worden gedeeld met 5 gemeenten i.p.v. 7. In de initiële Begroting 2025 is voor wat betreft de personele afschaling vanwege de afschalende gemeenten gerekend met ingangsdatum van 31 augustus 2025. Dit moet echter 1 augustus 2025 zijn. Een correctie van deze kostenmutatie is in deze 1e Begrotingswijziging verwerkt.
De hierboven beschreven kostenverschuiving als gevolg van de uittreding en de correctie in de kostenverdeling als gevolg van de afschaling leidt tot correcties in de gemeentelijke bijdragen zoals beschreven in onderstaande tabel. Begroting 2025 na uittreding AC en BN Verschil in per 1-8-25 bijdrage € 38.824 € -27.732 € 66.980 € 638 € 24.019 € -17.156 € 69.690 € 664
Totaaloverzicht Alphen-Chaam Altena Baarle-Nassau Bergen op Zoom
Deelname RBL GR niveau 1 en 2 GR niveau 1 GR niveau 1 en 2 GR niveau 1
Initiële Begroting 2025 € 66.556 € 66.342 € 41.175 € 69.026
Breda Drimmelen Etten-Leur Geertruidenberg Halderberge Moerdijk
GR niveau 1 en 2 GR niveau 1 en 2 GR niveau 1 en 2a GR niveau 1 en 2 GR niveau 1 GR niveau 1 en 2
€ 1.319.548 € 173.195 € 93.676 € 145.085 € 30.923 € 240.501
€ € € € € €
1.348.899 177.047 89.594 148.312 31.221 245.850
€ 29.351 € 3.852 € -4.082 € 3.227 € 297 € 5.349
Oosterhout Roosendaal Rucphen Steenbergen Woensdrecht Zundert
GR niveau 1 en 2 GR niveau 1 GR niveau 1 en 2a GR niveau 1 GR niveau 1 GR niveau 1 en 2a
€ € € € € €
369.894 77.862 41.906 23.089 20.681 41.600
€ € € € € €
378.121 78.611 40.018 23.311 20.880 39.680
€ 8.228 € 749 € -1.887 € 222 € 199 € - 1.920
€ 2.821.056
€
2.821.056
Totaal
€
Frictiekosten voor uittreding en afschaling In de nota “Voorstel bestuur uittredings en afschalingskosten” is door het bestuur RBL ingestemd met de frictie- en desintegratiekosten waarmee gerekend wordt. Deze kosten bevatten in ieder geval, maar beperken zich niet tot, ww-verplichtingen. Deze kosten komen ten laste van de uittredende gemeenten. Voor de afschalende gemeenten zijn dezelfde uitgangspunten gehanteerd.
GEERTRUIDENBERG/STEENBERGEN/ROOSENDAAL/RUCPHEN/ALTENA/DRIMMELEN/MOERDIJK/ZUNDERT/BREDA/ BERGEN OP ZOOM/ETTEN-LEUR/WOENSDRECHT/OOSTERHOUT/HALDERBERGE/ALPHEN-CHAAM/BAARLE-NASSAU
0
Voor de betrokken gemeenten is het volgende kostenoverzicht van toepassing AlphenChaam
Baarle-Nassau
Etten-Leur
Rucphen
Zundert
Totaal
Teammanager
€ 6.696
€ 4.142
€ 6.033
€ 2.773
€ 2.809
€ 22.453
Doorstroomcoaches
€ 14.025
€ 8.677
€ 76.436
€ 35.131
€ 35.584
€ 169.853
Adm. Mdw.
€ 5.538
€ 3.427
€0
€0
€0
€ 8.965
JVS Contact
€ 3.146
€ 1.947
€0
€0
€0
€ 5.093
Huisvesting en overig
€ 2.610
€ 1.614
€ 2.802
€ 1.288
€ 1.305
€ 9.619
Post onvoorzien
€ 1.542
€ 954
€ 1.657
€ 761
€ 770
€ 5.684
Risico VSV Projecten
€ 2.493
€ 1.542
€0
€0
€0
€ 4.035
Proceskosten
€ 4.000
€ 4.000
€ 4.000
€ 4.000
€ 4.000
€ 20.000
Totaal
€ 40.050
€ 26.303
€ 90.928
€ 43.953
€ 44.468
€ 245.702
Bovengenoemde kosten worden in rekening gebracht bij de betreffende gemeenten en in mindering gebracht op de deelnemersbijdragen van de overige gemeenten. Deze vermindering vindt plaats in het jaar dat de kosten daadwerkelijk plaatsvinden. De verwachting is dat er na 2027 geen nadelige gevolgen meer zijn welke gecompenseerd dienen te worden. Voor 2025 heeft dit de volgende consequenties op de deelnemersbijdragen Niveau 1
Compensatie door betaalde uittreding- en afschalingsvergoeding 2025
Totale deelnemersbijdrage niveau 1
Alphen-Chaam Altena
€
6.062 66.063
€
917
€ €
3.750
Bergen op Zoom
€
961
€
68.729
Breda
€
2.871
€
205.128
Drimmelen
€
372
€
26.929
Etten-Leur
€
669
€
47.963
Geertruidenberg
€
312
€
22.558
Halderberge
€
424
€
30.797
Moerdijk
€
514
€
37.396
Oosterhout
€
797
€
57.509
Roosendaal
€
1.058
€
77.553
Rucphen
€
296
€
20.895
Steenbergen
€
316
€
22.995
Woensdrecht
€
281
€
20.599
Zundert Totaal
€
277
€
20.334
€
10.066
€
735.258
Baarle-Nassau
GEERTRUIDENBERG/STEENBERGEN/ROOSENDAAL/RUCPHEN/ALTENA/DRIMMELEN/MOERDIJK/ZUNDERT/BREDA/ BERGEN OP ZOOM/ETTEN-LEUR/WOENSDRECHT/OOSTERHOUT/HALDERBERGE/ALPHEN-CHAAM/BAARLE-NASSAU
Niveau 2
Compensatie door betaalde uittreding- en afschalingsvergoeding 2025
Alphen-Chaam Altena Baarle-Nassau Bergen op Zoom
Totale deelnemersbijdrage niveau 2
€
-
€
-
€ € € €
32.762 20.269 -
Breda Drimmelen Etten-Leur Geertruidenberg Halderberge Moerdijk
€ 57.390 € 7.437 € € 6.231 € € 10.280
€ 1.083.509 € 142.310 € € 119.212 € € 197.660
Oosterhout Roosendaal Rucphen Steenbergen Woensdrecht Zundert Totaal
€ 15.934 € € € € € -
€ € € € € €
€ 97.271
€ 1.899.604
303.882 -
Totale gevolgen in gemeentelijke bijdragen Wanneer de herverdeling van de kosten vanwege de uittreding en de compensatie vanwege de betaalde uittreding- en afschalingsvergoeding voor 2025 bij elkaar opgeteld worden, volgt het volgende totaalbeeld van de gemeentelijke bijdragen voor 2025
Totaaloverzicht Alphen-Chaam
Deelname RBL GR niveau 1 en 2
Nieuwe bijdrage Initiële bijdrage conform mutaties 1e conform Begroting Begrotingswijziging 2025 2025 € 66.556 € 38.824
Altena Baarle-Nassau Bergen op Zoom Breda Drimmelen Etten-Leur
GR niveau 1 GR niveau 1 en 2 GR niveau 1 GR niveau 1 en 2 GR niveau 1 en 2 GR niveau 1 en 2a
€ 66.342 € 41.175 € 69.026 € 1.319.548 € 173.195 € 93.676
€ 66.063 € 24.019 € 68.729 € 1.288.638 € 169.238 € 88.924
€ -279 € -17.156 € -297 € -30.911 € -3.956 € -4.752
Geertruidenberg Halderberge Moerdijk Oosterhout Roosendaal Rucphen
GR niveau 1 en 2 GR niveau 1 GR niveau 1 en 2 GR niveau 1 en 2 GR niveau 1 GR niveau 1 en 2a
€ € € € € €
145.085 30.923 240.501 369.894 77.862 41.906
€ € € € € €
141.770 30.797 235.056 361.391 77.553 39.722
€ € € € € €
-3.315 -126 -5.445 -8.503 -309 -2.184
Steenbergen Woensdrecht Zundert
GR niveau 1 GR niveau 1 GR niveau 1 en 2a
€ € €
23.089 20.681 41.600
€ € €
22.995 20.599 39.402
€ € €
-94 -82 -2.197
Totaal
€ 2.821.056
€ 2.713.719
Verschil in bijdrage € -27.732
€ 107.338
GEERTRUIDENBERG/STEENBERGEN/ROOSENDAAL/RUCPHEN/ALTENA/DRIMMELEN/MOERDIJK/ZUNDERT/BREDA/ BERGEN OP ZOOM/ETTEN-LEUR/WOENSDRECHT/OOSTERHOUT/HALDERBERGE/ALPHEN-CHAAM/BAARLE-NASSAU
De in 2025 te betalen uittreding- en afschalingsvergoeding door de uittredende en afschalende gemeenten zijn in bovenstaande tabel niet meegenomen voor de uittredende en afschalende gemeenten. Deze gemeenten worden hiervoor apart gefactureerd. Overige mogelijk aanvullende kosten RBL Naast de uittreding en afschaling ziet het RBL in 2025 nog een aantal zaken op zich afkomen. Omdat de hiermee gemoeide kosten (nog) niet inzichtelijk zijn en evenmin zeker is dat deze zaken zich zeker zullen voordoen in 2025, zijn deze punten niet meegenomen in deze 1e begrotingswijziging. In het kader van transparantie ziet het RBL het echter wel als haar taak om u alvast te informeren over deze zaken. Het betreft: WPG audit: 1x per 4 jaar is het verplicht een externe WPG audit uit te voeren. Dit geldt voor alle gemeenten die BOA’s in dienst hebben. Gemeente Breda heeft de BOA’s in dienst die werken voor alle niveau 2 gemeenten. Daarom is deze gemeente ook verantwoordelijk voor het uitvoeren van de WPG audit. De kosten die hiermee gepaard gaan, zullen worden doorberekend aan de betreffende niveau 2 gemeenten Opstellen gezamenlijke verwerkersovereenkomsten WPG / AVG: uit de uitgevoerde DPIA is gebleken dat een gezamenlijke verwerkingsverantwoordelijkenovereenkomst (conform art. 26 AVG) met de deelnemende gemeenten ontbreekt.
Ook zijn er nog geen afspraken vastgelegd over de verantwoordelijkheidsverdeling rondom WPG. Deze afspraken kunnen worden opgenomen in de op te stellen verwerkingsverantwoordelijkenovereenkomst. Het opstellen van dergelijke overeenkomsten vergt expertise die intern niet beschikbaar is bij het RBL, noch bij gemeente Breda. Hiervoor zal een externe partij ingeschakeld dienen te worden. (Toegankelijkheid) website RBL: vanuit verschillende wetgevingen worden er diverse eisen gesteld aan websites van overheidsinstellingen. Bijvoorbeeld ten aanzien van de toegankelijkheid en de mogelijkheden van de burgers om digitaal zaken (veilig) te regelen met de overheidsinstelling. Het RBL valt onder deze overheidsinstellingen. De huidige hosting partij biedt onvoldoende ondersteuning als het gaat om het inrichten van deze wettelijke verplichtingen. Onderzocht wordt of er andere partijen zijn die deze ondersteuning wel kunnen bieden. Daarnaast ontbreekt op dit moment de capaciteit binnen het RBL om de (her)inrichting van de website te ondersteunen. Mogelijke kosten die zich voordoen hebben betrekking op de overgang naar een andere hostingpartij, het ontwikkelen van oplossingen om aan de gestelde wetgevingen te voldoen en het inhuren van capaciteit om deze processen vanuit het RBL te begeleiden.
- Ondersteuning vanuit Juridische zaken gemeente Breda: in de huidige dienstverleningsovereenkomst is niets opgenomen over juridische ondersteuning vanuit gemeente Breda. In verband met onder andere klachtenafhandeling is hier (incidenteel) wel behoefte aan. De expertise hiervoor is binnen RBL zelf niet beschikbaar. Onderzocht wordt op welke manier deze juridische ondersteuning vorm gegeven kan worden en hoe de doorberekening van de kosten hiervoor ingericht kan worden.
Met vriendelijke groet,
A.M.A. van Drunen Voorzitter Bestuur Regionaal Bureau Leren West-Brabant
GEERTRUIDENBERG/STEENBERGEN/ROOSENDAAL/RUCPHEN/ALTENA/DRIMMELEN/MOERDIJK/ZUNDERT/BREDA/ BERGEN OP ZOOM/ETTEN-LEUR/WOENSDRECHT/OOSTERHOUT/HALDERBERGE/ALPHEN-CHAAM/BAARLE-NASSAU
Ontwerpbegroting 2026 RBL West-Brabant Regionaal Bureau Leren 1 januari 2026 – 31 december 2026
Beoogde vaststelling door het bestuur van RBL West-Brabant op 25 juni 2025
Ontwerp begroting 2025 | Regionaal Bureau Leren West-Brabant
Inhoudsopgave A.
Beleidsbegroting .............................................................................................................................................. 3 1.
Inleiding ..................................................................................................................................................... 3
2.
Programmaplan ......................................................................................................................................... 6
3.
Paragrafen ............................................................................................................................................... 12
4.
Samenvatting van de financiële effecten bij de begroting 2026 ............................................................. 13
B.
Financiële begroting 2026 ............................................................................................................................. 14 5.
Begrote balans per 31 december ............................................................................................................ 14
6.
Toelichting op Programmabegroting 2026 ............................................................................................. 17
Ontwerp begroting 2026 | Regionaal Bureau Leren West-Brabant
|2
A. Beleidsbegroting 1. Inleiding Voor u ligt de begroting voor 2026 van Regionaal Bureau Leren (RBL) West-Brabant, die is opgesteld aan de hand van de feitelijke informatie die op het moment van schrijven voorhanden was. RBL West-Brabant De Gemeenschappelijke Regeling Programma Schoolverzuim en Voortijdig Schoolverlaten is beter bekend onder de naam Regionaal Bureau Leren (RBL) West-Brabant. In onze regio werken we met veertien gemeenten nauw samen aan het voorkomen en terugdringen van verzuim en schooluitval. Met een team van bevlogen medewerkers van heel de RBL-regio maken wij ons hard voor de ontwikkeling van de West-Brabantse jongeren. Wij zetten ons elke dag in om te bereiken dat iedere West-Brabantse jongere op een passende school zit, een start kwalificatie heeft, of begeleid is naar de voor hem hoogst haalbare startpositie in de maatschappij. Wij willen iedere jongere de kans geven om zich optimaal voor te bereiden op zijn of haar toekomst. Daarbij trekken we zoveel mogelijk samen op met de scholen en netwerkpartners in de regio. De voorliggende begroting voor het jaar 2026 is opgesteld in de actuele context waarbij het RBL zich richt op de basis op orde binnen de beschikbare middelen ter beschikking gesteld door de 14 deelnemende gemeenten.
Bij het opstellen van de begroting heeft het RBL zoveel mogelijk rekening gehouden met de richtlijnen voor Gemeenschappelijke Regelingen die verschillende deelnemende gemeenten hebben opgedragen. Veranderende samenstelling van de deelnemende gemeente aan de GR De voorliggende begroting gaat uit van het gegeven dat het RBL de opdracht van de 14 gemeenten uitvoert binnen de dienstverleningsniveaus vastgesteld door het bestuur van het RBL. De deelnemende gemeenten nemen een diversiteit aan diensten af. Dit betekent dat samenwerking plaatsvindt op twee verschillende niveaus. Alle veertien deelnemende gemeenten werken samen op niveau 1. Zij voeren een centrale leerplicht- en Doorstroompunt-administratie. Daarnaast is de sturing en coördinatie op de Doorstroompunt-functie gezamenlijk vormgegeven. Wanneer wordt samengewerkt in begeleiding en toezicht op het gebied van leerrecht en kwalificatieplicht, spreken we van niveau 2. Alle jongeren van 5 tot 23 jaar (en mogelijk van 5 tot 27 jaar, mocht de wet VSNDW al zijn ingegaan) worden begeleid naar de juiste opleiding, zorg of werk. In West-Brabant werken op dit moment vijf gemeenten intensief samen op dit niveau. Dit zijn Breda, Moerdijk, Drimmelen, Geertruidenberg en Oosterhout. In 2024 hebben de niveau 2a gemeenten (Etten-Leur, Rucphen, Zundert) het RBL kenbaar gemaakt het hebben hun dienstverleningsniveau af te schalen naar niveau 1.
Daarnaast zijn de gemeenten Alphen-Chaam en Baarle-Nassau op hun verzoek uit de GR getreden. De effecten van deze keuzes voor het takenpakket en de formatie van het RBL treft u aan in deze conceptbegroting aan. Evenals de gevolgen van de afgesproken frictiekosten op de gemeentelijke bijdragen van de overige gemeenten. Nieuwe wet “van school naar duurzaam werk” Eind 2024 werd duidelijk dat de nieuwe wet “Van school naar duurzaam werk” (VSNDW) werd uitgesteld. Op het moment van het opstellen van deze conceptbegroting is nog niet helder hoe deze wet er precies uit gaat zien en wanneer deze exact ingaat. Wat we wel weten is dat de doelgroep van de doorstroomcoaches uitgebreid wordt naar jongeren tot 27 jaar in plaats van jongeren tot 23 jaar
Ontwerp begroting 2026 | Regionaal Bureau Leren West-Brabant
|3
zoals nu het geval is. Ook verandert de rol van doorstroomcoach van regievoerder naar begeleider. We erkennen het belang om zorg te dragen voor een goede begeleiding en de juiste zorg, aandacht en ontwikkelkansen. De veranderende rol van de leerplichtambtenaar en doorstroomcoach vragen om andere talenten en competenties. In 2025 hebben we hierop ingezet en experimenteerden we met de invulling van deze rol binnen de VSV-projecten. In lijn met de keuze van het bestuur van het RBL d.d. 27 november 2024 wordt in deze conceptbegroting 2026 uitgegaan van afstel van de wet VSNDW tot het moment dat inwerkingtreding van de wet zekerheid kent. Dat betekent dat een deel van de formatie van het RBL voor het jaar 2026 en 2027 als boven formatief wordt gezien. In het kader van goed werkgeverschap dient het RBL ten tijde van het opstellen van deze ontwerpbegroting voor het jaar 2026 en nog geen zekerheid over de inwerkingtreding van de wet het gesprek te voeren met de medewerkers over het traject om van werk naar werk te komen. Dat betekent dat vanaf het schooljaar 2025/2026 de formatie wordt afgebouwd. Mocht in het najaar van 2025 duidelijk worden dat de wet per 1 januari 2026 in werking treedt zal het proces van werving opnieuw starten om de benodigde formatie voor de uitvoering van de wettelijke taak uit te voeren.
Het RBL streeft ernaar de capaciteit op orde te hebben bij inwerkingtreding van de wet, echter gelet op de huidige arbeidsmarkt schatten wij in dat dit wellicht niet te realiseren is. Zodra er duidelijkheid is over de reikwijdte en inwerkingtreding van deze wet, zowel op inhoud als financieel, wordt deze door middel van een begrotingswijziging voorgelegd. Voortijdig Schoolverlaten De projecten onder het regionale programma Voortijdig Schoolverlaten (VSV) 2021-2025 zijn eind kalenderjaar 2025 afgerond. Er is inmiddels een nieuw regionaal programma gestart. Op het moment van het opstellen van deze begroting is vanuit het VSV programma aangegeven dat het RBL er vanuit dient te gaan dat er na het kalenderjaar 2025 geen aanvullende middelen naar het RBL komen om invulling te geven aan taken die tot op heden werden uitgevoerd als VSV-project, maar feitelijk behoren tot de opdracht die het RBL in de kern heeft in relatie tot voortijdig schoolverlaten. Het RBL bereidt zich dan ook voor op de afronding van de lopende projecten in het kalenderjaar 2025. Dat betekent tevens iets voor de formatie binnen het RBL betrokken bij deze taak. Het gaat hier om de Vangnetcoördinatoren PRO/VSO en VO/MBO, de NEET aanpak en On My Way.
Het RBL zal dit onderwerp agenderen voor de klankbordgroep ter bespreking hoe deze taakinvulling binnen de wettelijke taak op het voortijdig schoolverlaten in 2026 concreet vorm gaat krijgen. Financiën Wij volgen in basis de regionale financiële richtlijnen van de deelnemende gemeenten op. Deze richtlijnen geven aan dat er gestreefd dient te worden naar een stabilisering van de kosten en eventuele bespaaropties te onderzoeken. De 14 deelnemende gemeenten leveren een bijdrage in de kosten die het RBL maakt voor de uitvoering van de werkzaamheden voor niveau 1 en 2. Bij de realisering van het RBL als GR is ervoor gekozen om te werken met een dienstverleningsovereenkomst met de gemeente Breda. De daaruit voortkomende loon- en prijsindexeringen en facilitaire effecten dienen door het RBL te worden verwerkt. De indexering van de gemeentelijke bijdragen is gebaseerd op het prijsindexcijfer van de algemene prijsontwikkeling BBP uit de septembercirculaire 2024. Daarmee heeft het RBL te maken met prijs- en loonindexeringen. Aangezien het RBL geen reserves aanhoudt, moeten deze kosten worden doorberekend aan de deelnemende gemeenten. De indexering van de gemeentelijke bijdragen is gebaseerd op het prijsindexcijfers van de algemene prijsontwikkeling BBP (2026: 1,026%) en prijs overheidsconsumptie (beloning werknemers, 2026: 1,034%) uit de septembercirculaire 2024.
Deze begroting 2026 is opgemaakt met een post onvoorzien en een opslag ziekteverzuim van 7% om tegemoet te komen aan de wens om reëel te begroten. De Begroting 2026 is opgesteld op een moment dat er verschillende onzekerheden zijn die voor een belangrijk deel hierboven uitgebreider besproken zijn: Ontwerp begroting 2026 | Regionaal Bureau Leren West-Brabant
|4
1. Begrotingswijzinging 2025: In deze begroting zetten we de in de eerste begrotingswijziging van 2025 ingezette lijn voort. Op het moment van opstellen van de begroting 2026 ligt de begrotingswijziging voor bij de gemeenteraden voor een zienswijze. De begrotingswijziging 2025 is dus nog niet definitief vastgesteld. 2. Wet van School naar Duurzaam Werk: ondanks dat de geluiden steeds sterker worden dat deze wet in 2026 van kracht zal gaan is er nog geen definitieve datum vastgesteld. Derhalve wordt er in deze begroting uitgegaan van het scenario die door de klankbordgroep is geformuleerd, het zogenoemde ‘worst case scenario’, wat inhoudt dat deze wet niet meegenomen is in deze begroting voor 2026. 3. Formatie: voor de begroting van 2026 gaan we uit van een andere formatie dan in 2025. Dit betekent dat we ervan uitgaan er een vermindering van het aantal beschikbare fte optreedt vanwege 1) de uittreding en afschaling van de betreffende gemeenten in 2025 en 2) de vermindering van het aantal fte dat ten tijde van dit schrijven is ingezet op de VSV projecten, die tot het einde van 2025 lopen. Het is nog niet duidelijk hoe het nieuwe meerjarige VSVprogramma eruit komt te zien en welke vraag daarbij aan het RBL wordt gesteld en welke middelen daar vanuit het programma ter beschikking worden gesteld .
Vanwege deze onduidelijkheid zijn we in deze begroting uitgegaan dat er geen inkomsten zijn vanuit de VSVmiddelen. De actuele ontwikkeling maken dat het RBL in de aanloop naar het jaar 2026 met de deelnemende gemeenten in gesprek gaat over de opdracht van het RBL binnen de beschikbare middelen en de uitvoering van de taken aangaande leerrecht en kwalificatieplicht. Leeswijzer Deze begroting start met een samenvatting van de ambitie en speerpunten voor 2026 in de actuele context. Daarna belichten wij onze bedrijfsvoering en delen wij de verplichte paragrafen van de begroting. Tot slot nemen wij u mee in de financiële effecten van deze begroting en geven wij een doorkijk naar de komende jaren, met meerjarenperspectief van de verwachte deelnemersbijdragen. Het Gemeenschappelijk Orgaan van de gemeenschappelijke regeling Programma Schoolverzuim en Voortijdig Schoolverlaten.
B E S L U I T: De begroting 2026 voor het Programma Schoolverzuim en Voortijdig Schoolverlaten vast te stellen.
Dhr. A.M.A. van Drunen Voorzitter
Ontwerp begroting 2026 | Regionaal Bureau Leren West-Brabant
|5
2. Programmaplan 2.1 Programmaplan De Gemeenschappelijke Regeling Programma Schoolverzuim en Voortijdig Schoolverlaten heeft als doel het behartigen van de belangen van de deelnemende gemeenten op het gebied van de uitvoering van de Leerplichtwet 1969 en de Regionale Meld- en Coördinatiefunctie Voortijdig Schoolverlaten. Het jaar 2026 wordt het vijftiende kalenderjaar waarin de 14 West-Brabantse gemeenten met elkaar samenwerken binnen het Regionaal Bureau Leren West-Brabant. 2.2 Beleid en speerpunten 2026 RBL West-Brabant richt zich in 2026 op de volgende speerpunten en aandachtsgebieden:
Speerpunt 1 Inzet op preventie. Voorkomen van thuiszitters, (school)uitval en voortijdig schoolverlaten Onze kerntaak binnen RBL West-Brabant is het uitvoeren van de Leerplichtwet en het Doorstroompunt. Met een startkwalificatie op zak heeft een jongere een betere uitgangspositie om duurzaam in de maatschappij te landen dan zonder. Daarom proberen we schooluitval en verzuim zoveel mogelijk te voorkomen. Aandachtsgebied 1.1 Thuiszitters In 2023 zijn er regionaal met alle partners nieuwe afspraken gemaakt over de uitvoering van het vernieuwde regionale thuiszitterspact. De aandacht in het onderwijs verschuift van melden van afwezigheid naar sturen op aanwezigheid. We streven er samen met onze ketenpartners naar om zoveel mogelijk inclusief onderwijs te kunnen bieden zodat leerlingen zo thuis nabij mogelijk onderwijs kunnen volgen. Als er extra ondersteuning nodig is wordt dit zoveel mogelijk binnen de school vormgegeven. Al bij zorgwekkend (nog niet wettelijk) verzuim willen we met elkaar aan de slag gaan. We beperken het aantal en de duur van vrijstellingen op grond van artikel 5 lid a van de leerplichtwet (medische redenen) zo veel mogelijk. Bij kortdurende vrijstellingen streven we ernaar dat er een overeengekomen plan ligt, waarin is opgenomen hoe tijdens de duur van de vrijstelling wordt gewerkt aan de ontwikkeling van de jongere.
Aandachtsgebied 1.2 Preventie schoolverzuim en schooluitval in de overgang naar vervolgonderwijs en/of arbeid Onze ambitie is om samen met onze partners schoolverzuim en schooluitval verder te voorkomen. We zetten daarbij in op de overgangsmomenten naar vervolgonderwijs. De ervaring leert dat dit risicovolle momenten zijn voor kwetsbare leerlingen. Met elkaar zorgen we voor een warme overdracht tussen de verschillende vormen van onderwijs en monitoren we of een leerling goed aankomt. Als blijkt dat het ontwikkelperspectief van een jongere niet in het onderwijs ligt dragen we zorg voor een warme overdracht richting arbeid of een arbeidsvoorziening. Aandachtsgebied 1.3 Voorkomen voortijdig schoolverlaten Het aantal jongeren dat het onderwijs verlaat zonder startkwalificatie is in onze regio hoger dan het landelijk gemiddelde. Om deze trend te keren zetten we binnen de beschikbare middelen in op ondersteuning van 18+ die verzuimen. Om bij verzuim al ondersteuning en/of begeleiding te bieden wordt de kans op uitval kleiner. Met jongeren die het MBO zonder startkwalificatie dreigen te verlaten gaan de betreffende school, al dan niet met de aanwezigheid van een doorstroomcoach, actief in gesprek. Door het voeren van deze zogenaamde exitgesprekken kunnen deze jongeren beter begeleid worden richting een andere opleiding óf een duurzame plek op de arbeidsmarkt.
Samen met het voortgezet onderwijs zetten we in op het verminderen van het aantal jongeren dat zonder VO-diploma de overstap naar het MBO maakt. Uit onderzoek blijkt dat deze jongeren vaker ook het MBO zonder diploma verlaten. Ontwerp begroting 2026 | Regionaal Bureau Leren West-Brabant
|6
Speerpunt 2 Aansluiten op de ontwikkelbehoefte van het kind/de jongere Als een leerling uitvalt of uit dreigt te vallen zoeken we naar een passende oplossing. Dit is een gezamenlijke verantwoordelijkheid voor de school, leerrecht/doorstroompunt en andere partners. De nadruk ligt hierbij op de omstandigheden creëren die nodig zijn om een passend ontwikkel pad voor de leerling te realiseren. Bij voorkeur vindt dit zo thuis nabij mogelijk plaats. Jongeren die vastlopen op het speciaal onderwijs en/of praktijkonderwijs (pro), zijn kwetsbaar. Vaak kampen zij met problemen op meerdere leefgebieden. Deze jongeren worden actief begeleid en/of ondersteund door verschillende professionals vanuit onderwijs, zorg en/of participatie om hen zo te helpen aan een passende ontwikkelplek. Dit kan binnen of buiten het onderwijs zijn. De rol van het RBL beperkt zich tot het doorverwijzen naar de de juiste partijen. De gerichte doorverwijzingen en de mogelijkheden om mee te denken in maatwerkoplossingen worden bemoeilijkt, door het wegvallen van de rol van vangnetcoördinator(en).
Speerpunt 3 Zichtbaarheid van leerrecht/doorstroompunt op scholen en in het lokale netwerk Om invulling te kunnen geven aan bovengenoemde speerpunten is een goede samenwerking met verschillende ketenpartners cruciaal. We zetten hier dan ook vol op in. We versterken de zichtbaarheid van leerrecht/doorstroompunt op scholen en in het lokale netwerk. Dat doen we bijvoorbeeld door heldere samenwerkingsafspraken met scholen, samenwerkingsverbanden en andere samenwerkingspartners te maken. Jaarlijks voeren we startgesprekken met de scholen en sluiten we (risicogericht) aan bij multidisciplinaire overleggen. Op scholen met een hoog percentage kwetsbare leerlingen (pro, vso, mbo1, mbo 2) houden we op verschillende scholen verzuimspreekuren waar zowel jongeren, als hun ouders, als professionals gebruik van kunnen maken. In cluster Oost zijn we minder goed in staat om structurele verzuimspreekuren te voeren dan in de andere clusters omdat er in deze clusters voor gekozen is om zelf de dienstverlening op te pakken en er zodoende meer middelen beschikbaar zijn gesteld door de betrokken gemeenten. Op het MBO organiseren we sectorale overleggen om trends en ontwikkelingen met het ondersteuningsteam van de sector te bespreken zodat we met elkaar nog beter in staat zijn om jongeren in het onderwijs te houden.
Elke gemeente heeft een vast contactpersoon die het lokale zorglandschap kent en gemakkelijk schakelt met de betreffende beleidsadviseur.
Speerpunt 4 Samen met scholen en netwerkpartners werken aan een omslag van leerplicht naar leerrecht voor 18 min en van startkwalificatie naar ontwikkelperspectief voor 18 plus. De rol van leerrecht, kwalificatieplicht en het doorstroompunt komt het beste tot zijn recht wanneer er sprake is van een goede samenwerking met het onderwijs en ketenpartners in het zorg- en arbeidsmarktveld. De opgave om kinderen en jongeren een zo goed mogelijk ontwikkelperspectief te geven is immers een brede maatschappelijke opgave, waarin leerrecht/doorstroompunt een van de partijen is. We voorzien onze ketenpartners gevraagd (en ongevraagd) van advies om zo de best mogelijke omgeving te creëren waarin de kinderen/ jongeren zich zo optimaal mogelijk kunnen ontwikkelen. Binnen de ketensamenwerking heeft de leerplichtplichtambtenaar voor de leer- en kwalificatieplichtige leerlingen in de meeste gevallen een adviserende en indien nodig een handhavende rol. In de meeste gevallen ligt de regierol bij de school of bij een zorgpartner. Soms ligt de (proces)regierol wel bij de leerlichtambtenaar/doorstroomcoach, bijvoorbeeld wanneer er geen schoolinschrijving is. Bij complexe gevallen waarin een doorbraak geforceerd moet worden kunnen we gebruik maken van een opschalingsroute om een doorbraak te creëren waarin het belang van het kind centraal staat.