05b - 62 - Onderzoek natuurwaarden bebouwing Parabaan 16 Roosendaal_Definitief_Ecogroen_.pdf
Tekst van het document
Onderzoek natuurwaarden bebouwing Parabaan 16 Roosendaal Beoordeling van effecten op beschermde natuurwaarden
Rijksvastgoedbedrijf, Directie Vastgoedbeheer
Definitief
Onderzoek natuurwaarden bebouwing Parabaan 16 Roosendaal Beoordeling van effecten op beschermde natuurwaarden
16-231
9 november 2017
Definitief
Ir. R. (Rutger) Olthof
Ir. A. (Adriaan) van Gelder
Rijksvastgoedbedrijf, Directie Vastgoedbeheer
© Ecogroen bv Alles uit deze uitgave mag worden vermenigvuldigd en/of openbaar gemaakt, mits onder vermelding van bron en status. Olthof. R. (2017). Onderzoek natuurwaarden bebouwing Parabaan 16 Roosendaal. Beoordeling van effecten op beschermde natuurwaarden. Rapport 16-231. Ecogroen bv Zwolle.
Inhoud Samenvatting
1
1.
Inleiding 1.1 Aanleiding en doel van het onderzoek 1.2 Leeswijzer
2 2 2
2.
Methode 2.1 Plangebied 2.2 Algemene werkwijze onderzoek 2.3 Vleermuisonderzoek 2.4 Onderzoek overige soorten
3 3 3 4 5
3.
Resultaten 3.1 Vleermuizen 3.2 Overige beschermde soorten
6 6 6
4.
Geraadpleegde bronnen
9
Bijlagen Bijlage 1 - Aangetroffen nestlocaties Huismus
Samenvatting Aanleiding en voorgenomen ontwikkelingen Het Rijksvastgoedbedrijf heeft het voornemen om het perceel aan de Parabaan 16 in Roosendaal te verwerven. Concrete vervolgplannen als renovatie- of sloopwerkzaamheden ontbreken. Dergelijke werkzaamheden gaan mogelijk gepaard met effecten op beschermde natuurwaarden. Ecogroen heeft beoordeeld of het voornemen conflicteert met de wettelijke bescherming van natuurwaarden. Voorliggend rapport beschrijft de methodiek en het resultaat van het uitgevoerde onderzoek.
Soortbescherming • In het plangebied zijn geen (vaste) verblijfplaatsen van vleermuizen vastgesteld. Schade aan onmisbare vliegroutes en foerageergebieden van vleermuizen is niet te verwachten. • In het plangebied is één jaarrond beschermde nestlocatie van Huismus aangetroffen. Overige jaarrond beschermde nesten ontbreken. • In het plangebied zijn enkele algemeen voorkomende broedvogels van bebouwing en struweel aangetroffen en of te verwachten zoals Merel, Ekster, Kauw, Spreeuw en Houtduif. • In het plangebied zijn geen flora, amfibieën, grondgebonden zoogdieren, reptielen, vissen en ongewervelden aangetroffen of te verwachten die bescherming genieten binnen de provincie Noord-Brabant.
Eindconclusies en aanbevelingen • Voor het verwijderen van jaarrond beschermde nesten van Huismus is het aanvragen van een ontheffing Wet natuurbescherming noodzakelijk. • Bij de planning van renovatie- of sloopwerkzaamheden dient rekening te worden gehouden met de broedperiode van Huismus om zo verstoring in de meest kwetsbare perioden te voorkomen. • Voorafgaand aan de renovatie- of sloopwerkzaamheden moet de bebouwing ongeschikt gemaakt worden voor het nestelen van Huismus. De meest geschikte periode voor uitvoering van de werkzaamheden is van oktober tot en met februari (weersafhankelijk). • Er dienen ruim voor aanvang van de werkzaamheden minimaal twee alternatieve verblijfplaatsen voor Huismus gerealiseerd te worden. • Alle bovenstaande maatregelen moeten plaatsvinden in overleg met en onder begeleiding van een vogeldeskundige. • Bij de geplande ingrepen kunnen enkele exemplaren en verblijfplaatsen van beschermde grondgebonden zoogdieren met een provinciale vrijstelling verloren gaan. • Werkzaamheden die broedbiotopen van alle aanwezige vogels beschadigen dienen te allen tijde te worden voorkomen. Voor het broedseizoen wordt geen standaardperiode gehanteerd, maar is het van belang of nesten of eieren van broedvogels worden beschadigd of vernield, ongeacht de datum.
Onderzoek natuurwaarden bebouwing Parabaan 16 Roosendaal
01
1. Inleiding 1.1 Aanleiding en doel van het onderzoek Het Rijksvastgoedbedrijf heeft het voornemen om het perceel aan de Parabaan 16 in Roosendaal te verwerven. Concrete vervolgplannen als renovatie- of sloopwerkzaamheden ontbreken. Dergelijke werkzaamheden gaan mogelijk gepaard met effecten op beschermde natuurwaarden. Destijds is door een ecoloog van Defensie vastgesteld dat de woning geschikt is voor Huismus, Gierzwaluw en vleermuizen. Ecogroen heeft beoordeeld of het voornemen conflicteert met de wettelijke bescherming van natuurwaarden. Voorliggend rapport beschrijft de methodiek en het resultaat van het uitgevoerde onderzoek.
1.2 Leeswijzer De voorliggende rapportage is gebaseerd op veldonderzoek, bekende verspreidingsgegevens (zie hoofdstuk 4 Geraadpleegde bronnen) en ecologische principes. In hoofdstuk 2 is de gehanteerde onderzoeksmethodiek per soortgroep toegelicht. Op basis van de verzamelde informatie volgt een korte beschrijving van te verwachten effecten op beschermde soorten (hoofdstuk 3). Daarnaast is beschreven of en zo ja welke mitigerende (verzachtende of inpassings-) maatregelen nodig zijn om overtreding van de Wet natuurbescherming te voorkomen.
Onderzoek natuurwaarden bebouwing Parabaan 16 Roosendaal
02
2. Methode 2.1 Plangebied Het plangebied ligt centraal in Roosendaal en wordt omgeven door stedelijk gebied. Het plangebied wordt begrensd door de Burgermeester Schneiderlaan en het militaire terrein ‘Engelbrecht van Nassau Kazerne’. Het plangebied bestaat uit een aanwezige woning, schuur, tuin en verharding in de vorm van parkeerterrein. Het terrein wordt verworven door Defensie. Het te verwerven perceel heeft kadastraal nummer 7838. Binnen het plangebied is geen oppervlaktewater aanwezig.
Figuur 2.1 Ligging plangebied (rood omlijnd). Bron luchtfoto: Bing Maps.
2.2 Algemene werkwijze onderzoek Voorliggende ecologische toetsing is gebaseerd op aanvullend onderzoek naar Huismus, Gierzwaluw en vleermuizen. Het aanvullend onderzoek naar Huismus, Gierzwaluw en vleermuizen is uitgevoerd conform de kennisdocumenten van de betreffende soorten (BIJ12, 2017a, 2017b & 2017c). Voor vleermuizen is het kennisdocument van Gewone dwergvleermuis of vleermuisprotocol 2017 aangehouden. Een ecoloog van het Ministerie van Defensie heeft beoordeeld dat aanwezige bebouwing geschikt is voor Huismus, Gierzwaluw en vleermuizen. Ten aanzien van mogelijke renovatie- of sloopwerkzaamheden is
Onderzoek natuurwaarden bebouwing Parabaan 16 Roosendaal
03
aanvullend onderzoek uitgevoerd naar Huismus, Gierzwaluw en vleermuizen. Van alle relevante waarnemingen zijn verspreidingskaarten in GIS gemaakt. In tabel 2.1 staat een overzicht van de uitgevoerde veldbezoeken. Onderstaand worden de onderzoeken apart toegelicht. Tabel 2.1 Overzicht velddata, weersomstandigheden en accent soortgroep Datum
Weersomstandigheden
Accent soortgroepen
5 mei 2017 (ochtend)
Half bewolkt, zwakke wind, ca.
Huismus
9 graden 15 mei 2017 (ochtend)
Half bewolkt, weinig wind, ca.
Huismus
15 graden 13 juni 2017 (avond)
Half bewolkt, weinig wind, ca.
Gierzwaluw en vleermuizen
16 graden 30 juni 2017 (avond)
Bewolkt, windkracht 3, ca. 22
Gierzwaluw
graden 11 juli 2017 (avond)
Bewolkt, zwakke wind, ca. 18
Gierzwaluw
graden 15 juli 2017 (ochtend)
Bewolkt, weinig wind, ca. 10
Vleermuizen
graden 25 augustus 2017 (avond)
Bewolkt, weinig wind, ca. 18
Vleermuizen
graden 17 september 2017 (avond)
Half bewolkt, weinig wind, ca.
Vleermuizen
11 graden
2.3 Vleermuisonderzoek Aanvullend vleermuisonderzoek Tijdens de veldbezoeken is gelet op vliegroutes en foerageergebied, maar lag de focus op het vaststellen van (vaste) verblijfplaatsen. Onderstaand worden de bezoeken toegelicht. Onderzoek kraamverblijfplaatsen (en zomerverblijfplaatsen) Voor het inventariseren van kraamverblijfplaatsen van vleermuizen zijn twee bezoeken uitgevoerd in de periode 15 mei -15 juli, met minimaal 10 dagen tussen de bezoeken. Voor Gewone dwergvleermuis zijn in deze periode twee bezoeken vereist, waarvan minimaal één vroeg ochtendbezoek. Op 13 juni (avondbezoek) en 15 juli (ochtendbezoek) 2017 zijn de veldbezoeken uitgevoerd voor kraamen zomerverblijfplaatsen. Daarbij is gelet op uit- en invliegende vleermuizen en plekken met veel activiteit van vleermuizen (vroeg in de avond). Vervolgens is tot middernacht of in het geval van een ochtendbezoek tot zonsopkomst doorgegaan met het onderzoek tot de eerste vleermuizen weer terugkeren naar hun (kraam)verblijfplaats en weer zwermende/ invliegende dieren kunnen worden gevonden.
Onderzoek natuurwaarden bebouwing Parabaan 16 Roosendaal
04
Onderzoek paarverblijfplaatsen/baltsterritoria (en zomerverblijfplaatsen) In de paarperiode (15 augustus tot en met 1 oktober) heeft onderzoek plaatsvonden naar baltsterritoria (van rondvliegende baltsende exemplaren) van Gewone dwergvleermuis en paarverblijfplaatsen (exacte verblijfplaatsen) van deze soort. Ook bij deze bezoeken zit er minimaal 10 dagen tussen beide bezoeken. Op 25 augustus (avondbezoek) en 17 september (avondbezoek) 2017 is gekeken naar baltslocaties en paarverblijfplaatsen. Aan het begin van het bezoek is gelet op middernachtzwermen van Gewone dwergvleermuis, een aanwijzing voor belangrijke winterverblijfplaats van de soort. Naarmate het lichter wordt, keren vleermuizen terug naar hun paar- of zomerverblijfplaats, maar voordat ze naar binnen gaan cirkelen ze vaak minutenlang rond de ingang van hun verblijfplaats. In het geval van een paarverblijfplaats wordt daarbij ook luidkeels gebaltst. Alle bezoeken zijn door één persoon uitgevoerd onder gunstige weersomstandigheden (zie tabel 3.1).
2.4 Onderzoek overige soorten Op voorhand werden binnen de soortgroep amfibieën, reptielen, vissen en insecten en weekdieren geen beschermde soorten verwacht, gezien het ontbreken van geschikt leefgebied. Huismussenonderzoek Voor Huismus zijn minimaal twee veldbezoeken uitgevoerd in de periode van 1 april tot 15 mei 2017 met een tussenperiode van minimaal 10 dagen. Hierbij is met name gelet op territoriaal gedrag (zang, balts) en nestelgedrag van Huismus. De veldbezoeken zijn op 5 mei en 15 mei 2017 uitgevoerd. De bezoeken zijn uitgevoerd bij gunstige weersomstandigheden (zon en weinig wind) in de ochtenduren. Gierzwaluwonderzoek Voor Gierzwaluw zijn drie inventarisatiemomenten in de periode 1 juni tot 15 juli 2017 uitgevoerd bij goed weer en in de avonduren. Op 13 en 30 juni en 3 juli 2017 is een inventarisatie uitgevoerd voor het vaststellen van (vaste) verblijfplaatsen.
Onderzoek natuurwaarden bebouwing Parabaan 16 Roosendaal
05
3. Resultaten 3.1 Vleermuizen Verblijfplaatsen Uit het aanvullend onderzoek naar vleermuizen is gebleken dat binnen het plangebied geen (vaste) verblijfplaatsen van vleermuizen aanwezig zijn. Er zijn enkel foeragerende en passerende vleermuizen waargenomen. Het nemen van vervolgstappen ten aanzien van vaste verblijfplaatsen voor vleermuizen is niet aan de orde. Foerageergebied en vliegroute Het plangebied vormt mogelijk foerageergebied voor vleermuissoorten als Laatvlieger en Gewone dwergvleermuis. Tijdens de veldbezoeken zijn foeragerende exemplaren van Gewone dwergvleermuis waargenomen. Er is geen sprake van onmisbaar foerageergebied, gezien de ruime aanwezigheid van alternatief foerageergebied in de directe omgeving van het plangebied. Voorbeelden zijn aanwezige houtwallen, het terrein in de oksel van de kruisende wegen Burgermeester Schneiderlaan en Kortendijksestraat en overige bebouwing met bijbehorende tuinen. Het plangebied maakt vanwege het ontbreken van lijnvormige structuren geen deel uit van een onmisbare vliegroute. Wel wordt de bomenrij aan de zuidzijde van de Burgermeester Schneiderlaan mogelijk gebruikt als vliegroute. Tijdens de veldbezoeken zijn hier meerdere vleermuizen passerend waargenomen, waaronder soorten als Gewone dwergvleermuis en Watervleermuis.
Van onmisbare vliegroutes is geen sprake doordat er in het plangebied geen (onmisbare) opgaande lijnvormige structuren verwijderd worden die van belang kunnen zijn als vliegroute. Vervolgstappen voor vliegroutes en foerageergebieden van vleermuizen zijn niet aan de orde.
3.2 Overige beschermde soorten Vogels In het plangebied zijn potentiële nestlocaties aangetroffen van vogels waarvan de nesten jaarrond beschermd zijn. Het betreft nestplaatsen van Huismus. Huismus Uit aanvullend onderzoek naar Huismus is gebleken dat er één broedlocatie van Huismus in het plangebied aanwezig is (zie bijlage 1). Het jaarrond beschermde nest bevindt zich in de zuidelijke gevel van de woning. Dergelijke verblijfplaatsen worden in de Wet natuurbescherming gezien als vaste verblijfplaats en zijn daarom strikt beschermd. Als gevolg van mogelijke renovatie- of sloopwerkzaamheden gaat deze jaarrond beschermde nestplaats van Huismus verloren en is het aanvragen van een ontheffing noodzakelijk. Vervolgstappen • Voor het verwijderen van jaarrond beschermde nesten is het aanvragen van een ontheffing Wet natuurbescherming noodzakelijk. Deze ontheffingsaanvraag dient vergezeld te gaan van een activiteitenplan waarin staat beschreven welke mitigerende maatregelen worden genomen om schade aan nestlocaties van Huismus te voorkomen. • Bij de planning van renovatie- of sloopwerkzaamheden dient rekening gehouden te worden met de broedtijd van Huismus om verstoring in de meest kwetsbare periode te voorkomen. De meest
Onderzoek natuurwaarden bebouwing Parabaan 16 Roosendaal
06
•
• •
geschikte periode voor het uitvoeren van de werkzaamheden is van oktober tot en met februari (weersafhankelijk). Door renovatie- of sloopwerkzaamheden gaat één nestlocatie van Huismus verloren. Dit betekent dat, conform de kennisdocumenten minimaal 2 verblijfplaatsen voor aanvang van de werkzaamheden gerealiseerd moeten worden in de vorm van bijvoorbeeld huismussennestkasten. Bij uitvoering van de werkzaamheden in de periode tussen half juli en half december, is het wel van belang om na te gaan of nog bewoonde nesten aanwezig zijn. Bovenstaande maatregelen dienen te worden uitgevoerd in overleg met een vogeldeskundige.
Gierzwaluw Uit het aanvullend onderzoek naar Gierzwaluw is gebleken dat binnen het plangebied geen jaarrond beschermde nesten van Gierzwaluw aanwezig zijn. Het nemen van vervolgstappen ten aanzien van Gierzwaluw is niet aan de orde. Overige broedvogels Door de aanwezigheid van bebouwing en beplantingsstruwelen in het plangebied is broedbiotoop aanwezig voor algemene vogelsoorten zoals Merel, Koolmees, Kauw, Houtduif, Turkse tortel, Ekster, Spreeuw en Roodborst. Voor alle inheemse vogelsoorten geldt een verbod op handelingen die soorten, nesten, eieren of vaste rust- of verblijfplaatsen beschadigen of verstoren. Voor werkzaamheden met schadelijke effecten op broedvogels wordt veelal geen ontheffing verleend, omdat het uitvoeren van de werkzaamheden buiten het broedseizoen over het algemeen een goed alternatief vormt. In het kader van de Wet natuurbescherming wordt voor het broedseizoen geen standaardperiode gehanteerd, omdat deze per soort en vaak per jaar kan verschillen. Van belang is of een broedgeval wordt verstoord, ongeacht de datum. Voor de meeste soorten kan de periode tussen half maart en eind juli worden aangehouden als broedseizoen.
Bij uitvoering van de werkzaamheden in de periodes tussen half februari - half maart en half juli - half november, adviseren we na te gaan of nog bewoonde nesten van de vroeg of laat in het seizoen broedende Houtduif aanwezig zijn binnen het plangebied. Grondgebonden Zoogdieren Bij overige grondgebonden zoogdieren wordt onderscheidt gemaakt in drie categorieën met een verschillende beschermingsregime. Soorten van Habitatrichtlijn en de Verdragen van Bern en Bonn Vaste verblijfplaatsen van zoogdieren die zijn opgenomen op Habitatrichtlijn en de Verdragen van Bern en Bonn (zoals Otter) worden op basis van terreinkenmerken, het veldbezoek, en bekende verspreidingsgegevens (NDFF, 2017) uitgesloten. Vervolgstappen voor deze soorten zijn niet aan de orde. Nationaal beschermde soorten (zonder provinciale vrijstelling) Verblijfplaatsen van nationaal beschermde soorten zonder provinciale vrijstelling (zoals Das, Boommarter en Steenmarter) worden op basis van terreinkenmerken, het veldbezoek en bekende verspreidingsgegevens (NDFF, 2017) uitgesloten. Vervolgstappen voor deze soorten zijn niet aan de orde.
Onderzoek natuurwaarden bebouwing Parabaan 16 Roosendaal
07
Sinds 1 oktober 2017 kennen ook de kleine marterachtigen Bunzing, Hermelijn en Wezel geen vrijstelling meer in de Provincie Noord-Brabant (Provincie Noord-Brabant 2016). Gezien de ligging van het terrein midden in de stad, het terreingebruik en terreinkenmerken worden kleine marterachtigen binnen het plangebied niet verwacht. Mogelijk komen ze incidenteel voor aan de randen van het plangebied om te foerageren. Vervolgstappen voor deze soorten worden niet noodzakelijk geacht. Nationaal beschermde soorten (met provinciale vrijstelling) In het plangebied zijn vaste verblijfplaatsen van grondgebonden zoogdiersoorten aangetroffen en/of te verwachten. Dit zijn onder andere Egel, Mol en Huisspitsmuis. Bij de geplande ingrepen kunnen enkele exemplaren van deze grondgebonden zoogdieren geschaad worden. In voorliggende situatie geldt in de provincie Noord-Brabant automatisch vrijstelling van de verbodsartikelen uit de Wet natuurbescherming, waardoor het nemen van vervolgstappen voor deze zoogdieren niet aan de orde is. Overige soortgroepen Op basis van het uitgevoerde onderzoek, de terreingesteldheid van het plangebied en bekende verspreidingsgegevens concluderen we dat geen voortplanting of vaste verblijfplaatsen van strikt beschermde vissen, amfibieën, reptielen, insecten en weekdieren te verwachten is.
Onderzoek natuurwaarden bebouwing Parabaan 16 Roosendaal
08
4. Geraadpleegde bronnen Literatuur Dienst Regelingen (2009). Aangepaste lijst jaarrond beschermde vogelnesten ontheffing Flora- en faunawet ruimtelijke ingreep. Ministerie van I&M (2012). Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte. Ministerie van LNV (2009). Besluit van de Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit van 28 augustus 2009, 25344, houdende vaststelling van geactualiseerde Rode lijsten flora en fauna. Ministerie van EZ (2015). Besluit van de Minister van Economische zaken van 15 oktober 2015, DGAN-PDJNG / 15129301, houdende vaststelling van geactualiseerde Rode lijsten flora en fauna. Staatsblad van het koninkrijk der Nederlanden (2016). Jaargang 2016, Nr. 34. Wet van 16 december 2015, houdende regels ter bescherming van de natuur (Wet natuurbescherming). Vleermuisvakberaad Netwerk Groene Bureaus, Zoogdiervereniging (2017) Vleermuisprotocol 2017, maart 2017. www.netwerkgroenebureaus.nl en www.zoogdiervereniging.nl
Internet Ministerie van EZ (http://mineleni.nederlandsesoorten.nl) Ministerie van EZ (2016). (https://www.rijksoverheid.nl/onderwerpen/natuur-en-biodiversiteit/inhoud/nieuwe-natuurwet) Bij12 (2017a). Kennisdocument Huismus Passer domesticus. Versie 1.0, juli 2017. Bij12 (2017b). Kennisdocument Gierzwaluw Apus apus. Versie 1.0, juli 2017. Bij12 (2017c). Kennisdocument Gewone dwergvleermuis Pipistrellus pipistrellus. Versie 1.0, juli 2017. NDFF Uitvoerportaal (https://ndff-ecogrid.nl). Geraadpleegd 3 oktober 2017. Provincie Noord-Brabant (2016). Provinciale Omgevingsverordening, geconsolideerde versie, geldend vanaf 11-10-2016. Ravon.nl (website met soortinformatie over reptielen, amfibieën en vissen) Zoogdiervereniging.nl (website met soortinformatie over zoogdieren)
Onderzoek natuurwaarden bebouwing Parabaan 16 Roosendaal
09
Bijlagen
Bijlage 1 - Aangetroffen nestlocaties Huismus