CConstaterende datRoosendaal
Koppel je AI →
Document · PDF

05. RAV begroting 2024 en jaarstukken 2022.pdf

Gecombineerde Commissie Ruimte en Bestuur 22 juni 2023, gemeente RoosendaalBij agendapunt: 6: Raadsvoorstel Zienswijzen begrotingen 2024 Gemeenschappelijke Regelingen30.173 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 4

Met het Elisabeth Tweesteden Ziekenhuis en het Bravis Ziekenhuis zijn afspraken gemaakt over het gezamenlijk opleiden van verpleegkundigen die daarna (in een duobaan) inzetbaar zijn op zowel SEH, IC en ambulancezorg. In 2024 zal verkend worden of verdere uitrol bij andere ziekenhuizen mogelijk is. Naast deze projecten draagt het verder ontwikkelen van de strategische personeelsplanning bij aan een gerichte en effectieve manier om te sturen op de optimale bezetting van onze organisatie. Ook investeren we in pilots voor loopbaanpaden voor ambulancechauffeurs en is er een plan van aanpak opgesteld rondom het bevorderen van het werkgeluk en de vitaliteit van werknemers wat in 2024 verder zal worden uitgerold om onze medewerkers te blijven binden en boeien. 4.3

Informatievoorziening/automatisering

De RAV Brabant MWN voert taken uit binnen de zorgketen en de veiligheidsketen. De informatievoorziening en automatisering van de RAV is dan ook voornamelijk gericht op optimalisatie van de primaire processen binnen deze ketens. Voor netwerkbeheer en kantoorautomatisering neemt de RAV diensten af van HSC/ICA. In 2023 zijn de belangrijkste projecten de vervanging van het navigatiesysteem, het implementeren van geautomatiseerde feedback vanuit ziekenhuizen, informatiegestuurd werken, de implementatie van software ter ondersteuning van zorgevaluatiebegeleiding en verdere inrichting van de afdeling Bedrijfsvoering waar informatiemanagement & ICT onder is gebracht. Daarnaast is er continue aandacht voor de doorontwikkeling van business intelligence, het digitale ritformulier en nieuwe informatiebehoefte als gevolg van zorgdifferentiatie, mobiele zorg en zorgcoördinatie. In 2023 en 2024 wordt gewerkt aan gegevensuitwisseling tussen patiënt en zorgverlener, gegevensuitwisseling tussen zorgaanbieders onderling, het toekomstbestendig maken van identificatie van de zorgverlener, optimale waarde creatie ondersteunen voor de patiënt, de keten en het personeel. Er is continue aandacht voor informatiebeveiliging, cybersecurity & privacy, compliant zijn en compliant blijven. Ook worden pilots met nieuwe, slimme medische apparatuur, nieuwe software verwacht welke ondersteund dienen te worden.

4.4

Financiën

Een van de hoofdverantwoordelijkheden van dit onderwerp is de “planning & control” met als taak het verzorgen van de verschillende informatieproducten inclusief analyse en advisering. Een andere verantwoordelijkheid is die voor de financiële administratie. Taken zijn dan onder meer het inrichten van de administratie (voldoen aan eisen BBV en behoeften organisatie) en het verwerken van de financiële mutaties.

BEGROTING 2024 RAV BRABANT MWN

pagina 20

Ook Treasury valt onder de verantwoordelijkheden van Financiën. Taken zijn onder andere het (mede) opstellen van het Treasurystatuut, het daaraan uitvoering geven en daarover in het hoofdstuk Financiën rapporteren. In de loop van 2023 zal het risicomanagement van de RAV opgepakt worden, om dit naar een hoger niveau te tillen. 4.5

Facilitaire zaken en huisvesting

Facilitaire zaken richt zich op integrale beheersing van (en dienstverlening in en om) organisatiehuisvesting en –huishouding, ter ondersteuning van de gebruikers met ruimte, middelen, diensten en bescherming, resulterende in optimale productiviteit en kostenbeheersing voor de organisatie. De hoofdtaken op het facilitair terrein liggen voor de RAV bij: - coördinatie (groot) onderhoud; - contractmanagement; - ondersteunen van huisvestingsprojecten; - ondersteunen inkoop en aanbesteding; - ondersteunen logistieke handelingen. Het huisvestingsbeleid van de RAV wordt materieel in hoge mate bepaald door het landelijk referentiekader. Daarnaast geldt voor huisvesting en de daarvan afgeleide kosten zoals energie, schoonmaak, (groot) onderhoud en huur dat dit moet worden gerealiseerd binnen de strakke budgetkaders c.q. normen van NZa en zorgverzekeraars. Vooral de zorgverzekeraars in hun rol van zorginkopers hanteren daarbij steeds vaker het instrument van de benchmark voor de bepaling van deze budgetkaders.

4.6

Informatie- en archiefbeheer

De RAV is bij de inrichting van zijn informatiebeheer gehouden aan de Archiefwet 1995 (indien in werking getreden 1 januari 2024, vervangen door de nieuwe Archiefwet 2024). Het doel is informatie zo te beheren dat het duurzaam toegankelijk is, de bedrijfsvoering wordt ondersteund en de risico’s beheerst zijn. Eén keer in de twee jaar vindt er een toetsing plaats door de toezichthouder (stadsarchivaris gemeente ’s-Hertogenbosch). In 2024 wordt de weg die is ingeslagen ten tijde van het Programma Informatiehuishouding in control in 2022 verder gecontinueerd. De kwartaaloverleggen van het Strategisch Informatie Overleg (SIO) zijn een meerwaarde voor alle moederorganisaties. Kennis wordt uitgedragen en onderling vindt directe afstemming plaats. Team HSC Informatiebeheer heeft met de site-eigenaren in MS365 reguliere auditgesprekken. Verslaglegging hiervan vindt plaats met borging van de PDCA-cyclus. Alle informatie wordt geborgd in het kwaliteitssysteem Zenya. Ondertussen is gebleken dat de minimale digitale vaardigheidstrainer een goede stap voorwaarts is geweest om de medewerkers in de organisatie beter bewust te laten zijn van de afspraken over opslag, archivering etc. Elke nieuwe medewerker krijgt de training bij indiensttreding bij de organisatie. Alle andere medewerkers krijgen de training 1x in de 3 jaar en worden daarop beoordeeld.

Indien de nieuwe archiefwet 1 januari 2024 van kracht gaat, wordt er door team HSC Informatiebeheer voor zorggedragen dat alle fysieke en digitale bestanden over de tijdsperiode 2006-2016 worden overgebracht naar het Stadsarchief van de gemeente ’s-Hertogenbosch. Bij inwerkingtreding van de nieuwe Archiefwet geldt namelijk een overbrengingstermijn van 10 jaar.

BEGROTING 2024 RAV BRABANT MWN

pagina 21

4.7

Indicatoren

BEGROTING Kengetallen

JRR 2022

2023

2024

2025

2026

2027

aantal FTE (excl. FLO)

623,0

629,2

660,3

660,3

660,3

660,3

overhead: Totale kosten % van totale lasten

12,1%

11,9%

11,8%

11,8%

11,8%

11,8%

externe inhuur: kosten als % van totale loonsom

6,2%

5,1%

4,0%

4,0%

3,8%

3,8%

externe inhuur: totale kosten inhuur x € 1.000

3.739

3.340

2.480

2.554

2.631

2.710

BEGROTING 2024 RAV BRABANT MWN

pagina 22

5

PARAGRAAF FINANCIERING EN TREASURY

Het doel van deze paragraaf is om informatie te verstrekken over het treasurybeleid en de beheersing van de financiële risico’s. Treasury is het besturen en beheersen van, het verantwoorden over en het toezicht houden op de financiële geldstromen, de financiële posities en de hieraan verbonden risico’s. Treasury houdt zich bezig met risico’s die samenhangen met alle huidige en toekomstige kasstromen. Deze risico’s komen voort uit zowel de financieringsbehoefte, als uit de mutaties van de bestaande portefeuilles zoals (vervroegde) aflossingen, herfinanciering en renteaanpassing. In het BBV is opgenomen dat de paragraaf financiering van de begroting en jaarstukken inzicht moet geven in:  De rentelasten;  Het renteresultaat;  De wijze waarop rente wordt toegerekend aan investeringen;  De financieringsbehoefte. In de Wet Financiering decentrale overheden (Wet Fido) worden de kaders aangegeven voor de inrichting en uitvoering van de treasuryfunctie. Op basis van de Wet Fido wordt hieronder nader ingegaan op de kasgeldlimiet en renterisiconorm. Kasgeldlimiet De kasgeldlimiet stelt dat de gemiddelde netto-vlottende schuld van een decentraal overheidsorgaan in een bepaald kwartaal niet hoger mag zijn dan een wettelijk bepaald percentage (8,2%). In de onderstaande tabel staat de positie van de RAV. Hierin is in 2024 te zien dat de vlottende schulden onder de kasgeldlimiet blijven.

Begroot 2024

Prognose 2022

7.435

6.465

7.735

7.735

Schuld in rekening-courant

-

-

Gestorte gelden door derden korter dan 1 jaar

-

-

Overige geldleningen, niet zijnde vaste schuld

11.818

11.818

19.553

19.553

Omschrijving Omvang kasgeldlimiet

1 Toegestane kasgeldlim iet in procenten van de grondslag in een bedrag

2 Om vang v lottende korte schuld Opgenomen gelden korter dan 1 jaar

3 Vlottende m iddelen Contante in kas

-

4

Tegoeden in rekening-courant

-

140

Overige uitstaande gelden korter dan 1 jaar

23.919

21.501

23.919

21.645

Totaal netto-vlottende schuld (2-3)

-4.366

-2.092

Toegestane kasgeldlimiet

7.435

6.465

11.801

8.557

4 Toets kasgeldlim iet

Ruim te (+) c.q. ov erschrijding (- )

BEGROTING 2024 RAV BRABANT MWN

pagina 23

Renterisiconorm De renterisiconorm heeft als doel de rentegevoeligheid van de portefeuille van leningen met een looptijd van een jaar of langer te beperken. Dit komt er op neer dat het renterisico in een bepaald jaar niet meer mag bedragen dan een wettelijk bepaald percentage van het begrotingstotaal. In onderstaand overzicht wordt de relatie gelegd tussen renterisico en renterisiconorm. Het overzicht laat zien dat er voldoende ruimte is ten opzichte van de renterisiconorm.

Omschrijving

2024

2025

2026

2027

nvt

nvt

nvt

nvt

Renterisico 1

Renteherzieningen op leningen o/g

2

Betaalde aflossingen

1.100

1.700

1.700

1.700

3

Renterisico (1+2)

1.100

1.700

1.700

1.700

4

Rente-risiconorm

18.134

18.620

19.158

19.708

17.034

16.920

17.458

18.008

nvt

nvt

nvt

nvt

90.670

93.099

95.792

98.542

20%

20%

20%

20%

18.134

18.620

19.158

19.708

5a Ruimte onder renterisiconorm (4 > 3) 5b Overschrijding rente-risiconorm (3 > 4)

Renterisiconorm 4a Begrotingstotaal 4b Percentage regeling 4

Berekende rente-risiconorm (4a * 4b)

Schatkistbankieren Vanaf 2013 is de Wet Fido gewijzigd, waarbij het verplicht schatkistbankieren door decentrale overheden is ingevoerd. Het verplicht schatkistbankieren houdt in dat de RAV haar overtollige liquide middelen en beleggingen aan moet houden bij het ministerie van Financiën en niet langer bij private partijen/banken onder kan brengen. De RAV is begin 2014 begonnen met het Schatkistbankieren. Leningen Op 30 oktober 2019 is er een lening aangegaan ter vervanging van de lening in 2010 en 2011 en ter financiering van een gedeelte van de vaste activa. De verwachting is dat er in 2024 een lening noodzakelijk is van 6 miljoen ter financiering van de activa. Omschrijving

Lening nummer

Lening BNG Totaal opgenomen leningen

40.113272

BEGROTING 2024 RAV BRABANT MWN

Ingangs- Looptijd datum

30-102019

10 jaar

Rente %

Hoofd som

saldo eind 2024

0,038% 11.000.000

5.500.000

11.000.000

5.500.000

pagina 24

Renteschema

Schema renteberekening 2024

2024

2024

x € 1.000 x € 1.000 Externe rentelasten over de korte en lange financiering Externe rentebaten Saldo

208 -

Rente van projectfinanciering moet aan het betreffende taakveld toegerekend worden Aan taakvelden toe te rekenen rente

-71

Rente eigen vermogen Rente over voorzieningen Totaal rentetoerekening intern Aan taakvelden (programma's incl. overzicht Overhead) toe te rekenen rente (renteomslag)

208

137 137

Boekwaarde vaste activa per 1 januari

27.791

Berekende en gekozen renteomslagpercentage

0,49%

Werkelijk aan taakvelden(incl. overhead) toegerekende rente

Renteresultaat op het taakveld treasury

BEGROTING 2024 RAV BRABANT MWN

137

0

pagina 25

6 PARAGRAAF WEERSTANDSVERMOGEN EN RISICOBEHEERSING Het weerstandsvermogen bestaat uit de relatie tussen:  De weerstandscapaciteit, zijnde de middelen en mogelijkheden waarover de GR RAV Brabant Midden-West-Noord beschikt of kan beschikken om niet begrote kosten te dekken, zijnde de reserves en voorzieningen;  Alle risico’s waarvoor geen maatregelen zijn genomen en die van materiële betekenis kunnen zijn in relatie tot de financiële positie. In 2015 is het Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten (BBV) aangepast. Op basis hiervan neemt de RAV een aantal verplichte financiële kengetallen op in de paragraaf weerstandsvermogen van de begroting en het jaarverslag. 6.1

Beleid omtrent reserves en voorzieningen en risico’s

De nota Reserves en Voorzieningen is vastgesteld door het Algemeen Bestuur van de GR RAV Brabant Midden-West-Noord. Uitgangspunt is dat, indien er in totaliteit een negatieve reserve ontstaat, dit binnen een termijn van drie jaar wordt teruggebracht tot een positief saldo. De paragraaf risico’s brengt in beeld wat de belangrijke risico’s zijn en hoe we daarmee omgaan. Daarbij richten we ons op zowel de uitgaven- als de inkomstenkant. De stand van de reserves is voldoende voor de dekking van de in paragraaf 6.3 benoemde en gekwantificeerde risico’s. 6.2 Reserves en voorzieningen (in duizenden euro’s) Prognose 31-12-24

Prognose 31-12-22

Algemene reserve Reserve Aanvaardbare Kosten (NZa) Reserve onderhoud panden Reserve reorganisatie Totaal reserves

902 12.310 415 742 14.369

902 12.310 415 742 14.369

Voorziening verlofsaldi/tijdsparen Totaal voorzieningen

2.864 2.864

2.234 2.234

Totaal reserves en voorzieningen

17.233

16.603

6.3

Inventarisatie van de risico’s

De meest significante risico’s worden benoemd. De significante risico’s, vaak ook met een financiële impact worden gesignaleerd door gesprekken vanuit Control met de portefeuillehouders in de organisatie. Verder is er vanaf 2019 een BCM (Business Continuity Management) beleid, waarbij de processen binnen de RAV worden doorlopen en risico’s en acties worden benoemd. Binnen de planning & control cyclus houden we de vinger aan de pols en treffen we maatregelen bij financiële knelpunten. We informeren het bestuur daarover via de bestuursrapportages. Op een moment dat de RAV een risico loopt dat we niet binnen de reguliere begroting kunnen opvangen moeten we de reserves aanspreken of moeten deze als buffer dienen.

BEGROTING 2024 RAV BRABANT MWN

pagina 26

Risico

Kans

Maatregel

Verwacht risico Verwacht risico (bedrag in miljoen (bedrag in miljoen €) €) 2020 2024

Budgettering NZa, lager dan de werkelijke kosten

landelijk overleg vanuit AZN, midden/laag lokaal overleg met de zorgverzekeraars

0

0

Prestatiecontract

midden/laag

sturing management/ in begroting reeds opnemen

0

0

ICT

laag

continu beveiligingsmaatregelen treffen

0

0

Persoonlijk levensfasebudget uren

laag

verplichting opgenomen

0

0

midden/laag

landelijk overleg om deze verplichting landelijk op te nemen

0

0

0,00

0,00

Tijdspaarregeling TOTAAL

Budgettering NZa lager dan de werkelijke kosten De ambulanceopbrengsten worden verkregen via budget van het ministerie van VWS. Ambulancezorg Nederland onderhandelt samen met zorgverzekeraars Nederland met NZa over het budget indien dit op een bepaald onderdeel niet toereikend is. In 2019 was daar sprake van, mede door de loonontwikkeling binnen de ambulancesector (flinke loonstijging vanwege de nieuwe CAO/door FWG worden daarnaast nog de salarissen van de ambulanceverpleegkundigen hoger ingeschaald). Het was dan ook de vraag of dit in de toekomst volledig gedekt gaat worden door NZa, want de toename moet ook passen binnen het macro budget van VWS, dat beschikbaar is voor ambulancezorg. In 2020 is er door NZa boekenonderzoek verricht naar de werkelijke loonkosten en de overige personeelslasten. Dit heeft erin geresulteerd dat NZa deze budgetten vanaf 2021 heeft opgehoogd. Dit betekent dat het risico dat in 2019 was geraamd op ca 3,7 miljoen gereduceerd kan worden tot nihil. Prestatiecontract Landelijk is door zorgverzekeraars afgesproken dat de laatste 2,5% van het initieel toegekende budget voor spreiding en beschikbaarheid (maximaal ca. € 1.100.000) afhankelijk wordt gesteld van vooraf overeengekomen prestaties. Het te realiseren percentage A1-overschrijdingen is landelijk de belangrijkste prestatie-indicator met 1,25% van de maximale korting van 2,5%.

Voor de overige 1,25% worden per budgetjaar lokaal afspraken gemaakt. De kans dat de RAV deze lokaal overeengekomen prestatieafspraken niet behaalt is erg klein. Er worden haalbare afspraken gemaakt waarop de RAV invloed heeft om ze ook te kunnen realiseren. In de begroting wordt voortaan rekening gehouden met mogelijke kortingen. ICT De afhankelijkheid van ICT kan de continuïteit van de bedrijfsvoering in gevaar brengen. Door het steeds opener karakter van de ICT stijgt het risico van het gebruik van privacygevoelige informatie. Ook stellen de overheid en de ketenpartners hogere veiligheidseisen; de data moet voldoende beveiligd zijn. Daarnaast moet de RAV met ingang van 2018 voldoen aan de NEN-normering voor de zorg en aan accountantseisen. Technisch hebben we al veel geregeld, want sinds 2018 zijn we voor de NEN 7510 norm gecertificeerd. Het informatiebeveiligingsmanagementsysteem (ISMS) Van het

BEGROTING 2024 RAV BRABANT MWN

pagina 27

HSC is ingericht en gecertificeerd. Daarnaast zijn er afspraken tussen HSC en RAV gemaakt, waarin o.a. de continuïteit van het bedrijfsproces met betrekking tot ICT is opgenomen. Persoonlijk levensfasebudget uren Het Persoonlijk Levensfasebudget (PLB) is een voorziening ten behoeve van het bevorderen van de duurzame inzetbaarheid van de werknemer gedurende zijn loopbaan. Het PLB biedt de werknemer de mogelijkheid een evenwichtige balans te vinden tussen werk en privé. Voor de RAV worden 10.000 uren als een normaal volume gezien, de meerdere uren worden als verplichting op de balans gezet. Tijdspaarregeling Medio 2021 is landelijk de tijdspaarregeling overeengekomen met de Vakbonden. De werknemer wordt in de gelegenheid gesteld om tijd te sparen, om die gespaarde tijd later tijdens de gehele loopbaan naar eigen wens als doorbetaalde tijd op te kunnen nemen. Dit draagt bij aan een goede balans tussen werken en privé. Bij AZN wordt nog onderzocht of de verplichting die gaat ontstaan aan de medewerkers landelijk wordt opgenomen, of dat dit bij de afzonderlijke RAV’s blijft. Indien deze verplichting bij de RAV Brabant MWN niet op de balans verantwoord kan worden vanwege de BBV-regels en het landelijk niet wordt opgenomen, dan wordt deze in deze risicoparagraaf ingeschat en benoemd. Vanaf 2022 wordt vooralsnog de verplichting op de balans opgenomen.

De conclusie is dat gezien de genoemde risico’s het weerstandsvermogen voldoende is om de risico’s op te vangen. Kengetallen De hieronder vermelde kengetallen geven een eenvoudiger inzicht in de financiële positie van de RAV. BEGROTING Kengetallen

JRR 2022

2023

2024

netto schuldquote

7,1%

9,4%

7,9%

netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen

7,1%

9,4%

7,9%

solvabiliteitsratio

32,8%

28,1%

29,8%

BEGROTING 2024 RAV BRABANT MWN

pagina 28

7 STAAT VAN BATEN EN LASTEN 2024 (x 1000 euro)

Jaarrekening 2022 Lasten

Baten

Saldo

Begroting 2023 Lasten

Baten

Begroting 2024

Saldo

Lasten

Baten

Saldo

44

2.227

2.260

Ambulancezorg a) MKA Brabant Noord

1.797

1.936

139

2.160

2.204

33

a) MKA M.W. Brabant

2.674

2.913

239

3.082

3.379

297

3.225

3.469

244

b) RAV Brabant Noord

22.619

26.264

3.645

24.715

28.309

3.594

26.284

30.035

3.751

c) RAV M. W. Brabant

41.989

47.726

5.737

45.870

52.221

6.351

48.254

54.906

6.652

Subtotaal Programma

69.079

78.839

9.760

75.827

86.113

10.286

79.990

90.670

10.680

Overhead

9.571

0

-9.571

10286

0 -10.286

10.680

-

-10.680

Mutatie reserves

-

107

107

0

0

0

-

-

-

Totaal resultaat

78.650

78.946

296

86.113

86.113

0

90.670

90.670

0

Begroting 2023 is conform vastgestelde beleidsbegroting 2023 en incl. de 1e begr wijz. conform AB vergadering 5-7-2023.

BEGROTING 2024 RAV BRABANT MWN

pagina 29

8 INVESTERINGSBEGROTING 2024 (x 1000 euro)

(x 1000 euro)

Investerings begroting 2024

Gebouwen (Medisch) inventaris/opleidingsmateriaal/automatisering Wagenpark

0 100 873

Totaal investeringsbegroting 2024 RAV Brabant-MWN

973

BEGROTING 2024 RAV BRABANT MWN

pagina 30

BIJLAGE 1 STAAT VAN VASTE ACTIVA 31-12-2024 Omschrijving van de Kapitaalsuitgaven

Aanschafwaarde begin

Investeringen

2024

2024

Desinvesteringen 2024

Aanschafwaarde einde

Cumulatieve

Afschrijvings

Vrijval

Boekwaarde

Boekwaarde

afschrijvingen

kosten

afschrijving

begin

einde

2024

2024

2024

2024

2024

2024

Gronden en terreinen

2.526.403

-

-

2.526.403

-

-

-

2.526.403

2.526.403

Gebouwen

17.937.525

-

-

17.937.525

5.022.951

520.323

-

12.914.573

12.394.250

Wagenpark

20.215.641

873.504

-

21.089.145

11.525.732

2.692.346

-

8.689.909

6.871.067

Inventaris

950.918

50.000

-

1.000.918

497.010

98.260

-

453.908

405.648

Medische inventaris

6.138.239

50.000

-

6.188.239

4.410.403

419.719

-

1.727.836

1.358.117

Automatisering

1.391.356

-

-

1.391.356

746.667

333.275

-

644.689

311.414

Kleding

1.000.000

-

-

1.000.000

166.666

333.334

-

833.334

500.000

50.160.081

973.504

-

51.133.585

22.369.429

4.397.257

-

27.790.652

24.366.899

Totaal

Begroting 2024 RAV BRABANT MWN Bijlagen

pagina 31

BIJLAGE 2: STAAT VAN RESERVES EN VOORZIENINGEN Naam

Saldo aan Vermeerbegin van deringen dienstjaar 01.01.2023 in 2023

Verminderingen in 2023

Saldo aan Vermeereinde van deringen dienstjaar 31.12.2023 in 2024

Verminderingen in 2024

Saldo aan einde van dienstjaar 31.12.2024

Reserves Algemene reserve Algemene bedrijfsreserve

902.326

Subtotaal algemene reserve

902.326

Reserve aanvaardbare kosten RAV Brabant Noord RAV Midden/West Brabant MKA Brabant Noord MKA Midden/West Brabant Subtotaal reserve aanv. kosten Bestemmingsreserves reserve onderhoud panden Reorganisatiereserve Subtotaal bestemmingsreserves

902.326 0

0

902.326

5.285.297 4.911.297 234.344 1.878.013

0

-49.000 -22.000 -57.000 128.000

5.236.297 4.889.297 177.344 2.006.013

12.308.951

0

0

12.308.951

415.146 742.261

902.326 0

0

0

902.326

-70.000 70.000

5.236.297 4.889.297 107.344 2.076.013

0

12.308.951

415.146 742.261

415.146 742.261

1.157.407

0

0

1.157.407

0

0

1.157.407

14.368.684

0

0

14.368.684

0

0

14.368.684

Voorzieningen Voorziening verlofsaldi/tijdsparen

2.234.139

315.000

2.549.139

315.000

Totaal Voorzieningen :

2.234.139

315.000

0

2.549.139

315.000

0

2.864.139

16.602.823

315.000

0

16.917.823

315.000

0

17.232.823

Totaal reserves :

Totaal reserves + voorzieningen :

Begroting 2024 RAV BRABANT MWN Bijlagen

pagina 32

2.864.139

BIJLAGE 3: MEERJARENRAMING RAV BRABANT MIDDEN-WEST-NOORD (x 1000 euro) Begroting Raming Raming Raming Raming 2024 2025 2026 2027 2028 € € € € € Bedrijfsopbrengsten Opbrengsten uit tarieven Mutatie financieringsoverschot/tekort

87.039 0

89.936 0

92.372 0

94.929 0

97.704 0

Wettelijk budget aanvaardbare kosten

87.039

89.936

92.372

94.929

97.704

Overige opbrengsten Gemeentelijke bijdrage

3.631 0

3.486 0

3.564 0

3.612 0

3.508 0

Som der bedrijfsopbrengsten

90.670

93.422

95.936

98.542 101.212

Bedrijfslasten Salarissen en sociale lasten FLO-kosten/regeling bezwarende beroepen Personeel derden Overige personeelskosten Kapitaallasten Huisvestingskosten Doorbelasting Het Service Center / GGD Toevoeging voorzieningen Overige bedrijfskosten

55.555 2.909 2.480 2.536 4.324 2.320 0 315 9.344

57.245 2.688 2.554 2.612 4.454 2.390 0 322 9.624

58.984 2.652 2.631 2.690 4.587 2.461 0 329 9.913

60.777 2.592 2.710 2.771 4.725 2.535 0 333 10.210

62.618 2.368 2.791 2.854 4.867 2.611 0 343 10.517

Som der bedrijfslasten

79.783

81.888

84.248

86.654

88.969

10.887

11.534

11.688

11.888

12.243

208 10.679

214 10.997

221 11.324

227 11.661

234 12.008

Resultaat uit gewone bedrijfsuitoefening

0

323

143

0

0

Gerealiseerd tot.saldo van baten en lasten

0

323

143

0

0

Incidentele baten (mutatie reserve panden) Incidentele lasten

0 0 0

0 323 0

0 143 0

0 0 0

0 0 0

Structurele begrotingssaldo

0

0

0

0

0

Financiële baten en lasten Overhead

Toelichting Er is een indexering toegepast van 3% op basis van recente indexgegevens. Er worden geen incidentele baten en lasten verwacht.

Begroting 2024 RAV BRABANT MWN Bijlagen

pagina 33

BIJLAGE 4: PROGNOSEBALANS PER 31-12-2024 1-1-2024

31-12-2024

Materiële vaste activa Financiële vaste activa Vlottende activa

27.791.000 0 15.280.000

24.367.000 0 23.919.000

Totaal activa

43.071.000

48.286.000

Reserves Voorzieningen Langlopende schulden Vlottende passiva

14.369.000 2.549.000 6.600.000 19.553.000

14.369.000 2.864.000 11.500.000 19.553.000

Totaal passiva

43.071.000

48.286.000

Activa

Passiva

Begroting 2024 RAV BRABANT MWN Bijlagen

pagina 34

BIJLAGE 5: EXPLOITATIEREKENING 2024 PER AFDELING Begr

Begr

Begr

Begr

Begr

Begr

Progn.

MKA

MKA

RAV

RAV

Totaal

Totaal

Totaal

BN

MWB

BN

MWB

RAV

RAV

RAV

2024

2024

2024

2024

2024

2023

2022

€

€

€

€

€

€

Opbrengsten uit tarieven

2.246

3.455

28.873

52.465

87.039

81.992

72.142

Wettelijk budget aanvaardb. kosten

2.246

3.455

28.873

52.465

87.039

81.992

72.142

Overige opbrengsten

14

14

1.162

2.441

3.632

4.122

6.697

Vrijval voorzieningen

0

0

0

0

0

0

0

2.260

3.469

30.035

54.906

90.671

86.114

78.839

Bedrijfsopbrengsten

Som der bedrijfsopbrengsten Bedrijfslasten Salarissen en sociale lasten

1.752

2.445

20.907

36.996

62.100

57.920

50.713

FLO-kosten/regeling bezw. beroepen

0

0

874

2.035

2.909

3.424

5.727

Personeel derden

0

52

545

1.970

2.566

3.340

3.739

Overige personeelskosten

133

230

1.206

2.057

3.626

3.519

3.104

Kapitaallasten

8

13

1.565

2.809

4.395

3.497

2.735

Huisvestingskosten

0

0

745

1.706

2.450

2.379

2.144

Doorbelasting Het Service Centrum

20

32

663

1.145

1.859

1.660

1.572

Toevoeging voorzieningen

0

0

130

185

315

315

298

Overige bedrijfskosten

418

628

3.323

5.873

10.242

9.944

8.575

Som der bedrijfslasten

2.331

3.399

29.957

54.776

90.462

85.998

78.607

-70

70

78

130

208

116

232

0

0

78

130

208

116

43

-70

70

0

0

0

0

189

Buitengewone baten

0

0

0

0

0

0

0

Buitengewone lasten

0

0

0

0

0

0

0

Buitengewoon resultaat

0

0

0

0

0

0

0

-70

70

0

0

0

0

189

Financiële baten en lasten Resultaat uit gewone bedrijfsuitoef.

Resultaat uit gewone bedrijfsuitoefening Incidentele baten (mut. res. onderh. panden) Incidentele lasten Structurele begrotingsruimte

0

0

0

0

0

0

-107

-70

70

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0

296

Onderstaand worden de grootste afwijkingen toegelicht. Toelichting baten De opbrengsten uit tarieven zijn ten opzichte van de begroting 2023 met € 5.047.000 gestegen. Dit wordt voornamelijk veroorzaakt door loon- en prijsindexering (€ 3.178.000) en door toename van de S&B middelen voor paraatheiduitbreidingen (€ 1.869.000). Begroting 2024 RAV BRABANT MWN Bijlagen

pagina 35

Ten opzichte van de conceptjaarrekening 2022 is er een stijging van € 14.897.000 onder andere vanwege de loon- en prijsindexeringen 2023/2024 ad € 6.319.000 en omdat er extra landelijk budget is vrijgekomen voor paraatheiduitbreidingen ad € 5.069.000. Verder is meer budget voor de initiële scholing ad € 1.571.000 en de overige loonkosten ad € 853.000. Tevens is er door de gestegen ritten/gereden kilometers en de toegestane uitbreiding van het wagenpark budgetuitbreiding van € 888.000. De overige opbrengsten dalen in 2024 met € 490.000 ten opzichte van de begroting 2023 door een lagere vergoeding vanuit het Ministerie van VWS vanwege lagere FLO kosten. Ten opzichte van de conceptjaarrekening 2022 is er een daling van de overige opbrengsten van € 3.065.000, met name vanwege een lagere vergoeding vanuit het ministerie van VWS voor de FLO kosten/overgangsregeling bezwarende beroepen, omdat de FLO kosten flink lager zijn en omdat er minder detacheringsopbrengsten worden verwacht. Toelichting lasten De salarissen en sociale lasten (inclusief personeel derden) nemen ten opzichte van de begroting 2023 toe met € 3.406.000. Dit wordt voornamelijk veroorzaakt door de indexering van de loonkosten (€ 1.838.000) en door uitbreiding van het ambulancepersoneel ten behoeve van de paraatheiduitbreidingen (€ 1.568.000).

Ten opzichte van de conceptjaarrekening 2022 is er een stijging van € 10.214.000, dat grotendeels veroorzaakt wordt door een toename van de formatie vanwege paraatheiduitbreidingen ad € 4.007.000 en vanwege de indexering 2023/2024 van de loonkosten ad € 5.071.000. Verder neemt ORT/overwerk toe met € 533.000, vooral ook door de paraatheiduitbreidingen en is er een toename van de loonkosten van ondersteunende diensten met € 458.000. De FLO-kosten/regeling bezwarende beroepen worden jaarlijks ingeschat op basis van personeel dat gebruik kan maken van de regeling bezwarende beroepen, de premies voor de levensloopregeling en versterkt ouderdomspensioen en de fiscale boetes die hierop rusten. De verwachting is dat de kosten in 2024 met € 515.000 afnemen ten opzichte van de begroting 2023. Ten opzichte van de conceptjaarrekening 2022 dalen de kosten met € 2.818.000. In 2022 waren de FLO kosten extra hoog omdat er in december 2022 een extra afkoop van de VOP-regeling heeft plaatsgevonden De baten vanuit het ministerie van VWS zijn daardoor ook lager (zie overige opbrengsten). De overige personeelskosten nemen ten opzichte van de begroting 2023 toe met € 107.000. Dit wordt voornamelijk door indexering veroorzaakt. Ten opzichte van de conceptjaarrekening 2022 is er een toename van € 522.000.

Dit wordt naast de prijsindexering voornamelijk veroorzaakt door een te verwachte toename van de reiskosten van personeel en de Arbokosten. Verder is er een stijging van de opleidingskosten. De initiële scholing wordt voortaan meer intern verzorgd, die op deze rubriek begroot worden, maar in de realisatiecijfers zijn die verantwoord bij de salariskosten. De kapitaallasten nemen met € 889.000 toe ten opzichte van de begroting 2023. Dit wordt voornamelijk veroorzaakt door hogere afschrijvingslasten bij de ambulances vanwege flinke prijsstijgingen en uitbreidingen van het wagenpark. Verder zijn de investeringen van de kleding in de begroting 2023 voor een half jaar opgenomen vanwege de aanschaf medio 2023, in 2024 wordt dit vervolgens voor een heel jaar afgeschreven. Ten opzichte van de conceptjaarrekening 2022 is er een stijging van € 1.660.000, door met name hogere investeringen in ambulances, kleding, navigatieapparatuur, communicatieapparatuur en medische apparatuur. De huisvestingskosten stijgen ten opzichte van de conceptjaarrekening 2022 met € 306.000, dit wordt ook vooral veroorzaakt door de prijsindexering en de hogere kosten voor energie, schoonmaak en onderhoud van de gebouwen. Verder zijn er hogere huurlasten vanwege uitbreidingen in de loop van 2022 van de Ambulanceposten in Den Bosch, Tilburg, Wagenberg en Wijk en Aalburg. Begroting 2024 RAV BRABANT MWN Bijlagen

pagina 36

De doorbelasting van Het Service Centrum stijgen met € 199.000 ten opzichte van de begroting 2023, met name vanwege de prijsindexering en doordat de verdeelsleutel van het HSC wordt aangepast, wat een reële kostenstijging bij de RAV veroorzaakt. Ten opzichte van de conceptjaarrekening 2022 stijgen de kosten met € 287.000, dit wordt ook vooral veroorzaakt door de prijsindexering en doordat de verdeelsleutel van het HSC wordt aangepast en wat een reële kostenstijging bij de RAV veroorzaakt. De toevoegingen aan voorzieningen betreft een dotatie aan de voorziening PLB-uren (persoonlijk levensfase budget) en de voorziening tijdsparen. De overige bedrijfskosten zijn € 298.000 hoger dan de begroting 2023. Dit wordt voornamelijk veroorzaakt door de prijsindexering. Ten opzichte van de conceptjaarrekening 2022 stijgen de kosten met € 1.668.000, dit wordt ook vooral veroorzaakt door hogere kosten voor vrije marge projecten € 846.000 (inclusief kosten voor zorgcoördinatie), de prijsindexering € 586.000 en hogere kosten voor medische verbruiksgoederen en medisch apparatuur € 204.000.

Begroting 2024 RAV BRABANT MWN Bijlagen

pagina 37

BIJLAGE 6: BEGROTING 2024 NAAR TAAKVELDEN (in duizenden euro's) Jaarrekening 2022

Begroting 2024

Begroting na wijziging 2023

Lasten 0.1 Bestuur 0.10 Mutatie reserves 0.11 Resultaat van de rek. van baten en lasten 0.4 Overhead 0.5 Treasury

Baten

Lasten

Baten

Lasten

Baten

47

-

55

-

55

-

-

107

-

-

-

-

-

-

-

-

10.286

-

10.680

-

296 9.571

-

44

-

116

-

208

-

7.1 Volksgezondheid/Ambulancezorg

68.989

78.840

75.656

86.113

79.727

90.670

Totaal resultaat

78.947

78.947

86.113

86.113

90.670

90.670

Begroting 2024 RAV BRABANT MWN Bijlagen

pagina 38

BIJLAGE 7 GEBRUIKTE AFKORTINGEN

ACE

Accredited Center of Excellence

AED

Automatische externe defibrillator

AI

Artificial Intelligence

ALS

Advanced Life Support

AMBAC

Academie voor ambulancezorg

AQUA

Advanced Quality Assurance

AVG

Algemene verordening gegevensbescherming

AZN

Ambulancezorg Nederland

BBV

Besluit begroting en verantwoording

BCM

Business Continuïty Management

BLS

Basic Life Support

BMH

Bachelor medische hulpverlening

BN

Brabant-Noord

BNG

Bank Nederlandse gemeenten

BURAP

Bestuursrapportage

CAO

Collectieve arbeidsovereenkomst

CSZ

College sanering ziekenhuisvoorzieningen

CVA

Cerebrovasculair accident

CZO

College zorgopleidingen

DIA

Directe inzet ambulance

EDQ

Emergency Dispatcher Quality

EED

Energy Efficiency Directive

EHGV

Eerste hulp, geen vervoer

FIDO

(Wet) Financiering decentrale overheden

FLO

Functioneel leeftijdsontslag

FWG

Functiewaardering gezondheidszorg

GGD

Gemeenschappelijke gezondheidsdienst

Begroting 2024 RAV BRABANT MWN Bijlagen

pagina 39

GGZ

Geestelijke gezondheidszorg

GHOR

Geneeskundige hulpverlening bij ongevallen en rampen

GR

Gemeenschappelijke regeling

HBO

Hoger beroepsonderwijs

HBO-V

Hoger beroepsonderwijs – Verpleegkunde

HR

Human Resources

HSC

Hét servicecentrum

IC

Intensive Care

ICA

Informatie, communicatie en automatisering

ICT

Informatie- en communicatietechnologie

IH

Informatiehuishouding

ISMS

Information Security Management System

J&V

Justitie en Veiligheid

KTO

Klanttevredenheidsonderzoek

LMS

Landelijke meldkamersamenwerking

LSP

Landelijk schakelpunt

MARAP

Managementrapportage

MJOP

Meerjarenonderhoudsplanning

MKA

Meldkamer ambulancezorg

MO

Moederorganisatie

MWB

Midden- en West-Brabant

MWN

Midden-West-Noord

NEDAB

Niet-economische dienst van algemeen belang

NEN

Nederlandse norm

NIVEL

Nederlands instituut voor onderzoek van de eerstelijnsgezondheidszorg

NZa

Nederlandse zorgautoriteit

PA

Physician Assistent (in ambulancezorg)

PCI

Percutane coronaire interventies

PLB

Persoonlijk levensfasebudget

ProQA

Professional Quality Assurance

Begroting 2024 RAV BRABANT MWN Bijlagen

pagina 40

RAK

Reserve aanvaardbare kosten

RAV

Regionale ambulancevoorziening

SEH

Spoedeisende eerste hulp

SIO

Strategisch informatieoverleg

SZW

Sociale zaken en werkgelegenheid

UWV

Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen

VVO

Verpleegkundige vervolgopleiding

VVT

Verpleeg- en verzorgingstehuizen en thuiszorg

VWS

Volksgezondheid, welzijn en sport

VS

Verpleegkundig specialist (in ambulancezorg)

WAV

Wet ambulancezorgvoorzieningen

WGR

Wet gemeenschappelijke regelingen

ZCV

Zorgcoördinatievoorzieningen

ZEB

Zorgevaluatiebegeleiding/begeleider

ZIO

Zorg, innovatie en opleiding

Begroting 2024 RAV BRABANT MWN Bijlagen

pagina 41

BIJLAGE 8 KWALITEITSKADER AMBULANCEZORG 1.0 In 2018 heeft Ambulancezorg Nederland (AZN) het landelijk kwaliteitskader ambulancezorg 1.0 ontwikkeld, in samenwerking met de beroepsvereniging V&VN Ambulancezorg, de Nederlandse Vereniging van Medisch Managers Ambulancezorg, de Nederlandse Vereniging van Ziekenhuizen, Landelijk Netwerk Acute Zorg, GGD GHOR Nederland, InEen, Zorgverzekeraars Nederland, Patiëntenfederatie Nederland en het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport. Het kwaliteitskader ambulancezorg bevat een samenhangende set van 26 inhoudelijke en procesmatige kwaliteitssignalen. Deze zijn gebaseerd op de zeven uitgangspunten van goede ambulancezorg. Deze uitgangspunten zijn uitgebreid beschreven in de Nota goede ambulancezorg, het basiskwaliteitsdocument van de ambulancesector. Daarnaast stimuleert het kwaliteitskader het proces van leren en verbeteren binnen de ambulancezorg. Het kwaliteitskader is in december 2019 aangeboden aan Zorginstituut Nederland (ZiN). In maart 2020 is het kwaliteitskader ambulancezorg opgenomen in het register van ZiN. Sinds 2020 werkt de sector aan de implementatie en doorontwikkeling van het kwaliteitskader. Leren en verbeteren staan in dit proces centraal. De resultaten worden jaarlijks beschreven in een rapportage.

In drie jaar tijd wordt toegewerkt naar een versie 2.0 van het kwaliteitskader, met een volledige set van signalen, definitieve streefwaarden voor de eerste 13 signalen en een nieuw implementatieplan voor de daarop volgende jaren. Naarmate het kwaliteitskader zich de komende jaren ontwikkelt, zal de RAV Brabant MWN meer indicatoren opnemen in haar begroting. Meer informatie over het kwaliteitskader is te vinden op de website van AZN. Hier is ook het rapport met de resultaten over het jaar 2020 te downloaden.

Begroting 2024 RAV BRABANT MWN Bijlagen

pagina 42

In onderstaande tabel is weergegeven in hoeverre de indicatoren van het Kwaliteitskader Ambulancezorg 1.0 zijn opgenomen in de begroting 2024 van de RAV Brabant MWN, en waar zij terug te vinden zijn in het document. De laatste categorie ‘Wat mogen onze medewerkers van ons verwachten?’ is als aanvulling door ons toegevoegd, omdat wij van mening zijn dat het onderwerp ‘Medewerkers’ in het kwaliteitskader niet breed genoeg terugkomt. Zwart: Deze signalen zijn geoperationaliseerd door AZN (worden landelijk uitgevraagd) Rood: Deze signalen zijn nog niet geoperationaliseerd door AZN (worden nog niet landelijk uitgevraagd) Blauw: Deze signalen zijn door de RAV Brabant MWN zelf ontwikkeld, als aanvulling op het kwaliteitskader

Wat mag de patiënt van ons verwachten? De patiënt wordt op tijd geholpen

Kwaliteitskader: pijler

Kwaliteitskader: signaal

Plaats in de begroting

1. Bereikbare en beschikbare zorg

1a. A1-inzetten responstijd % 1b. A1-inzetten mediane responstijd 2a. A2-inzetten responstijd % 2b. A2-inzetten mediane responstijd 3. B-inzetten: inzetten brengen 4. CVA doorlooptijd A1 5a. STEMI doorlooptijd 45 minuten 5b. STEMI doorlooptijd 60 minuten

§ 2.3 Programma RAV BN § 2.4 Programma RAV MWB

De patiënt wordt correct bejegend

2. Patiënt centraal

6a. Patiëntervaring spoedeisende zorg, algemeen 6b. Patiëntervaring spoedeisende zorg, clusters 6c. Patiëntervaring niet-spoedeisende zorg, algemeen 6d. Patiëntervaring niet-spoedeisende zorg, clusters

De patiënt ontvangt de best passende zorg, die veilig is en van de hoogst mogelijke kwaliteit

2. Patiënt centraal

7a. Mobiel zorgconsult en opnieuw ambulancezorg binnen 24 uur 7b. Mobiel zorgconsult en opnieuw ambulancezorg binnen 72 uur Evaluatie mobiel zorgconsult: in 2024 worden 800 patiënten telefonisch benaderd voor evaluatie van de hulpverlening

Begroting 2024 RAV BRABANT MWN Bijlagen

pagina 43

§ 2.3 Programma RAV BN § 2.4 Programma RAV MWB

3. Veilige zorg

4. Professionaliteit

Begroting 2024 RAV BRABANT MWN Bijlagen

8. Infectiepreventie 20. Medische technologie 21. Effectieve inzet verschillende deskundigheden Naleving ProQA: in 94% van de 112meldingen wordt het ProQA-protocol gevolgd 9. Landelijk assessment 10. Ziekteverzuim 15. Implementatie fundament bekwaamheidsbeleid Zorgevaluatie (ZEB): elke ambulanceverpleegkundige heeft 2 ZEBgesprekken per jaar

5. Samenwerken

16. Ketenpartnerstevredenheid 17. Multitraumapatiënten naar de juiste zorgplek 22. Kwaliteit en interoperabiliteit medische dossiers 23. Werkdiagnose prehospitaal sluit aan op de diagnose SEH

6. Continu verbeteren

11a. Pijnmeting traumapatiënten 11b. Pijnmedicatie traumapatiënten 18 Leveren wetenschappelijke bijdrage 24 Thematisch aandacht voor zorgaspecten

pagina 44

§ 2.1 Programma MKA BN § 2.2 Programma MKA MWB

2.3 Programma RAV BN § 2.4 Programma RAV MWB

Wat mag de maatschappij van ons verwachten? Wij streven naar optimale dienstverlening en bedrijfsvoering

Kwaliteitsmodel: pijler

Kwaliteitsmodel: signaal

Plaats in de begroting

7. Basis op orde

12. Gecertificeerd kwaliteits- en veiligheidsmanagementsysteem 13. Informatiebeveiliging

4. Paragraaf Bedrijfsvoering

Wij gaan verantwoord om met onze middelen en zetten deze efficiënt in

7. Basis op orde

25. Financiële weerbaarheid

5. Paragraaf Financiering en treasury 6. Paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing

Wij gaan verantwoord om met het milieu

7. Basis op orde

26. Duurzaamheid (Maatschappelijk verantwoord ondernemen)

3. Paragraaf Onderhoud Kapitaalgoederen 4.5 Paragraaf Bedrijfsvoering: Facilitaire zaken en huisvesting

Wij zijn voorbereid op rampen en crises

7. Basis op orde

19. Voorbereid op rampen en crises

4. Paragraaf Bedrijfsvoering

Wat mogen onze medewerkers van ons verwachten? Wij stimuleren en ondersteunen onze medewerkers in hun vakbekwaamheid, ontwikkeling en vitaliteit

Kwaliteitsmodel: pijler

(Eigen) signaal

Plaats in de begroting

n.v.t.

Ontwikkeling en vitaliteit

§ 4.2 Personeel

Wij zorgen voor een prettige en veilige werkomgeving

n.v.t.

Arbeidsomstandigheden en inspraak

§ 4.2 Personeel

Begroting 2024 RAV BRABANT MWN Bijlagen

pagina 45

Aan de Raden van de gemeenten die deelnemen in de GR Regionale Ambulancevoorziening (RAV) Brabant Midden-West-Noord

Kenmerk: Behandeld door:

Arie van Tilborg

Onderwerp:

Aanbiedingsbrief Jaarstukken 2022

Datum:

12 april 2023

E-mail:

a.tilborg@ravbrabantmwn.nl

Geachte Raad, Hierbij ontvangt u ter informatie de door de accountant goedgekeurde jaarstukken 2022 van de RAV Brabant MWN. De jaarstukken zijn vastgesteld door het Dagelijks Bestuur in haar vergadering van 5 april 2023 en zullen door het Algemeen Bestuur worden vastgesteld in haar vergadering van 5 juli 2023. De jaarstukken zijn te downloaden vanaf onze website: https://www.ravbrabantmwn.nl/organisatie2022/jaarstukken/

Met vriendelijke groet,

J. de Waard, directeur

Bijlagen: •

De jaarstukken 2021 zijn gepubliceerd op de website van de RAV (www.ravbrabantmwn.nl) bij het onderdeel Organisatie en aldaar te downloaden: link naar jaarstukken.

RAV Brabant Midden-West-Noord Postbus 3024 5003 DA Tilburg 085 044 22 00

www.ravbrabantmwn.nl info@ravbrabantmwn.nl

JAARSTUKKEN 2022 Regionale Ambulance Voorziening BRABANT MIDDEN-WEST-NOORD

INLEIDING Voor u ligt de jaarrekening 2022 van de RAV Brabant Midden-West-Noord. Met deze jaarrekening leggen wij verantwoording af aan het Algemeen Bestuur van de RAV over de verschillen tussen begroting en werkelijkheid in prestaties en financiën. De exploitatie van de RAV sluit af met een positief resultaat van € 220.797,=. Het Algemeen Bestuur van de RAV is bevoegd om de jaarrekening 2022 vast te stellen. ‘s-Hertogenbosch, 5 april 2023 A.M.A. van Drunen Waarnemend voorzitter van het Dagelijks Bestuur

Regionale Ambulancevoorziening Brabant Midden-West-Noord Jaarstukken 2022

Dhr. J. de Waard Secretaris

pagina 1

INHOUDSOPGAVE

1

2

BELEIDSVERANTWOORDING .................................................................. 4

1.1 1.2 1.3 1.4 1.5 1.6

Doelstelling en activiteiten ..........................................................................4 Ontwikkelingen..........................................................................................6 Realisatie beleid ........................................................................................6 Vooruitzichten ...........................................................................................9 Financiële gang van zaken 2022 ................................................................ 10 Risicomanagement 2022 .......................................................................... 12

PARAGRAFEN ...................................................................................... 13

2.1 2.2 2.3 2.4 2.5 2.6 2.7

Paragraaf inkoop ..................................................................................... 13 Paragraaf onderhoud kapitaalsgoederen ..................................................... 13 Paragraaf bedrijfsvoering .......................................................................... 14 Paragraaf personeel ................................................................................. 18 Paragraaf financiering .............................................................................. 19 Paragraaf weerstandsvermogen en risicobeheersing ..................................... 20 Beleidsindicatoren.................................................................................... 22

JAARREKENING ......................................................................................... 24 3 GRONDSLAGEN ................................................................................... 25 3.1 3.2

4 5 6 7 8 9

Algemene grondslagen ............................................................................. 25 Specifieke grondslagen van waardering ...................................................... 25

BALANS PER 31 DECEMBER 2022 .......................................................... 27 TOELICHTING OP DE BALANS PER 31 DECEMBER 2022 ............................ 28

5.1 5.2

Activa .................................................................................................... 28 Passiva ................................................................................................... 32

NIET IN DE BALANS OPGENOMEN VERPLICHTINGEN ............................... 36 OVERZICHT VAN BATEN EN LASTEN OVER 2022 ..................................... 37 TOELICHTING OP OVERZICHT VAN BATEN EN LASTEN 2022 ..................... 38

8.1 8.2

Wet normering bezoldiging topfunctionarissen ............................................. 43 Begrotingsrechtmatigheid 2022 ................................................................. 45

OVERIGE GEGEVENS ........................................................................... 47 9.1 9.2 9.3

Resultaatbestemming ............................................................................... 47 Bestuursverklaring ................................................................................... 48 Controleverklaring van de onafhankelijke accountant ................................... 49

BIJLAGEN Bijlage 1 Bijlage 2 Bijlage 3 Bijlage 4 Bijlage 5 Bijlage 6 Bijlage 7 Bijlage 8 Bijlage 9 Bijlage 10 Bijlage 11 Bijlage 12

Staat van vaste activa ............................................................................51 Staat van reserves en voorzieningen ........................................................53 Staat van langlopende schulden ..............................................................54 Bestuurssamenstelling ............................................................................55 Outputrapportage ..................................................................................56 Specificatie financieringsverschil ..............................................................62 Kostenverdeelstaat van Het Service Centrum ............................................63 Overzicht van baten en lasten over 2022 per afdeling ................................64 MKA Brabant-Noord ...............................................................................65 MKA Midden- en West-Brabant ................................................................68 RAV Brabant-Noord ................................................................................71 RAV Midden- en West-Brabant.................................................................75

Regionale Ambulancevoorziening Brabant Midden-West-Noord Jaarstukken 2022

pagina 2

JAARVERSLAG

Regionale Ambulancevoorziening Brabant Midden-West-Noord Jaarstukken 2022

pagina 3

1

BELEIDSVERANTWOORDING

1.1

Doelstelling en activiteiten

De GR RAV Brabant Midden-West-Noord is op 31 oktober 2005 opgericht. Tot en met 31 december 2005 waren alle ambulance- en meldkameractiviteiten ondergebracht bij de GGD Hart voor Brabant en de GROGZ West-Brabant. Per 1 januari 2008 is al het personeel, dat voorheen nog gedetacheerd werd vanuit de GGD Hart voor Brabant en de GROGZ West-Brabant, ondergebracht in de GR RAV Brabant Midden-West-Noord. Verder is per 1 januari 2008 de activa, passiva en het personeel van Ambulancedienst Timmermans BV overgenomen door de RAV Midden- en West-Brabant. De Gemeenschappelijke Regeling Regionale Ambulance Voorziening Brabant Midden-WestNoord heeft tot doel het verlenen of doen verlenen van ambulancezorg. Zij tracht dit doel te bereiken met alle wettelijke toegestane middelen die daaraan naar haar mening kunnen bijdragen.

De GR RAV Brabant Midden-West-Noord heeft tot taak: ▪ Het instellen en instandhouden van een Regionale Ambulancevoorziening ten behoeve van het werkgebied Midden- en West-Brabant en Brabant-Noord; ▪ Het instandhouden van een meldkamer ambulancezorg ten behoeve van het werkgebied Midden- en West-Brabant en Brabant-Noord; ▪ Het vaststellen en (doen) uitvoeren van het meerjarenbeleid van de regio’s Midden- en West-Brabant en Brabant-Noord; ▪ Het (doen) leveren van een bijdrage aan de Geneeskundige Hulpverlening bij Ongevallen en Rampen ten behoeve van de Veiligheidsregio Midden- en West-Brabant en de Hulpverleningsdienst Brabant-Noord.

Regionale Ambulancevoorziening Brabant Midden-West-Noord Jaarstukken 2022

pagina 4

Governancecode zorg 2017

De zeven principes

Geef aan of u volledig voldoet aan Zo nee, leg uit waarom wordt het principe (ja/nee)* afgeweken

Principe 1 - Goede zorg De maatschappelijke doelstelling en ligitimatie van de zorgorganisaties is het bieden van goede zorg aan cliënten ja Principe 2 - Waarden en normen De raad van bestuur en raad van toezicht hanteren waarden en normen die passen bij de maatschappelijke positie van de zorginstelling ja Principe 3 - Invloed belanghebbenden De zorgorganisatie schept randvoorwaarden en waarborgen voor adequate invloed van belanghebbenden ja Principe 4 - Inrichting governance De raad van bestuur en raad van toezicht zijn een ieder verantwoordelijk voor de governance van de zorgorganisatie ja Principe 5 - Goed bestuur De raad van bestuur bestuurt de zorgorganisatie gericht op haar maatschappelijke doelstelling ja Principe 6 - Verantwoord toezicht De raad van toezicht houdt toezicht op de maatschappelijke doelstelling van de zorgorganisatie ja Principe 7 - Continue ontwikkeling De raad van bestuur en raad van toezicht ontwikelen permanent hun professionaliteit en deskundigheid ja Is de organisatie (naast de Governancecode zorg) onderworpen aan een andere code of wordt deze vrijwillig toegepast? Zo ja, welke code? nee

Regionale Ambulancevoorziening Brabant Midden-West-Noord Jaarstukken 2022

nvt

pagina 5

1.2

Ontwikkelingen

In het afgelopen jaar is er een voorzichtige start gemaakt met ‘terug naar normaal’ na de COVID-pandemie. COVID is nog op de achtergrond, naar niet meer allesoverheersend aanwezig. Onze medewerkers hebben zich in de COVID-tijd tot het uiterste ingezet om het kwaliteitsniveau dat patiënten van ons gewend zijn te blijven leveren. We zijn er trots op dat dit gelukt is, maar we zien ook de gevolgen van de crisistijd. Niet alleen bij de collegae die nog kampen met Long Covid klachten, maar ook bij anderen. Het ziekteverzuim nam af, maar zakte nog niet terug naar het niveau van vóór de COVID-crisis. De samenleving en het zorglandschap in Nederland veranderen in snel tempo. Dé uitdaging voor de toekomst is om kwaliteit, toegankelijkheid en betaalbaarheid van (acute) zorg voor iedereen te garanderen, bij een toenemende vraag naar spoedzorg en een groter wordend tekort aan zorgmedewerkers. In september 2022 verscheen het Integraal Zorgakkoord (IZA), een samenwerkingsplan van VWS en een groot aantal zorgpartners, waarin zij afspraken vastlegden over het realiseren van meer passende, preventiegerichte, duurzame en gedigitaliseerde zorg in ons land.

In vervolg daarop verscheen de Kamerbrief Beleidsagenda Toekomstbestendige Acute Zorg, waarin de minister van VWS een aantal acties presenteert die voortbouwen op de afspraken in het IZA, rondom de volgende drie kernpunten: Kwaliteit en toegankelijkheid van de zorg, Zorgcoördinatie en Samenwerking in de regio. Bovengenoemde publicaties bevatten een aantal zaken die van direct belang zijn voor de ambulancesector zoals: acute zorg aan huis, ontwikkeling van zorgcoördinatie, bestrijden van personeelstekort, verbetering van (digitale) informatieoverdracht tussen ketenpartners en onderzoek naar innovatieve technologische en digitale oplossingen. Dit alles vereist de bereidheid van alle ketenpartners om intensief samen te werken, buiten de eigen kaders te denken en over drempels te stappen. Kwaliteitskader Ambulancezorg 1.0 In de Kamerbrief wordt ook aandacht besteed aan het Kwaliteitskader Ambulancezorg 1.0, een model dat door de ambulancesector zelf ontwikkeld is en dat is opgebouwd uit 26 indicatoren om de kwaliteit van de geboden ambulancezorg breed te kunnen meten. Tijdigheid is hiervan slechts een onderdeel en niet langer de enige gehanteerde prestatienorm.

Een aantal van de 26 indicatoren wordt inmiddels landelijk gemeten, uitgevraagd en gebenchmarkt Nieuwe urgentie-indeling spoedvervoer De eenzijdige focus op de niet medisch relevante aanrijtijden wordt langzaamaan vervangen door een bredere manier van kwaliteitsmeting. Een ontwikkeling die hierop aansluit is de nieuwe urgentie-indeling die naar verwachting in de loop van 2023 zal worden ingevoerd. De nieuwe indeling kent zeven in plaats van drie urgentieniveaus en onderscheidt niet alleen spoedeisende en niet-spoedeisende ambulancezorg, maar ook meldkamerzorg. Het doel van de nieuwe urgentie-indeling is dat in geval van echte spoed, in levensbedreigende situaties waarin tijd er echt toe doet, sneller bij de patiënt te zijn en in gevallen waarin dat mogelijk is, iets meer tijd te nemen voor de triage, zodat de patiënt direct op de juiste plek terecht komt en de best passende zorg krijgt. Met behulp van de nieuwe urgentie-indeling is de RAV Brabant MWN beter in staat de juiste zorg op de juiste plaats te realiseren.

1.3

Realisatie beleid

Prestatiecontracten zorgverzekeraars Conform de nieuwe bekostigingssystematiek voor de ambulancezorg, die in 2014 werd ingevoerd, is de te leveren beschikbaarheid de basis voor het te ontvangen budget en niet meer de productie. Het door de NZa aan de RAV toegekende budget is het maximumbudget waarover in het lokaal overleg met de zorgverzekeraars moet worden onderhandeld. Bij deze onderhandelingen worden door zorgverzekeraars en RAV jaarlijkse prestatieafspraken overeengekomen. Regionale Ambulancevoorziening Brabant Midden-West-Noord Jaarstukken 2022

pagina 6

Landelijk is door zorgverzekeraars afgesproken dat de laatste 2,5% van het initieel toegekende budget voor spreiding en beschikbaarheid afhankelijk wordt gesteld van vooraf overeengekomen prestaties. Het te realiseren percentage A1-overschrijdingen is landelijk de belangrijkste prestatie-indicator met 1,25% van de maximale korting van 2,5%. Voor de overige 1,25% worden per budgetjaar lokaal afspraken gemaakt. In 2022 werden voor beide RAV’s afspraken gemaakt over een drietal prestatieindicatoren: responstijd urgentie A1, responstijd urgentie A2 en de nalevingsscore op de protocollen van het meldkameruitvraagsysteem ProQA. •

• •

Responstijd urgentie A1: Met een realisatie van 92,8% werd de afspraak op de responstijden A1 over 2023 met de zorgverzekeraars in Brabant-Noord deels behaald. De RAV Midden- en West-Brabant behaalde een percentage van 89,2% en voldeed hiermee eveneens niet aan de prestatieafspraak. Responstijd urgentie A2: \Brabant-Noord scoorde 98,3% en Midden- en West-Brabant 97,1%. Hiermee werd in beide regio’s de prestatieafspraak (95% binnen 30 minuten aangereden) ruim behaald. ProQA nalevingsscore: de RAV Brabant-Noord behaalde in 2022 95% nalevingsscore en de RAV Midden- en West-Brabant 97%. De prestatieafspraak van 94% werd daarmee door beide RAV’s behaald.

Als gevolg van het deels behalen van de prestatieafspraken kreeg de RAV Brabant-Noord een korting van 0,625% en de RAV Midden- en West-Brabant een korting van 1,25% op het budget.

Productie en prestaties De regio Brabant-Noord realiseerde een verbetering van 0,3% op de aanrijtijden urgentie A1 (van 92.5% naar 92,8%). In de regio Midden- en West-Brabant bleef de prestatie in vergelijking met vorig jaar nagenoeg gelijk. Er was een kleine verslechtering van 0,2% (van 89,4% naar 89,2%). Paraatheid In de regio Midden- en West-Brabant zijn in 2022 de volgende paraatheidaanpassingen gerealiseerd: Per 01-01-2022

Uitbreiding VS*-diensten Tilburg op werkdagen van 8 naar 15 uur per dag (van dagdienst naar dag- en late dienst, van 07:00 tot 22:00 uur)

Per 01-02-2022

Uitbreiding VS*-diensten Tilburg op weekenddagen van 8 naar 15 uur per dag (van dagdienst naar dag- en late dienst, van 07:00 tot 22:00 uur) Uitbreiding VS*-diensten Breda 7 dagen per week, 8 uur per dag (7 dagdiensten van 10:00 uur tot 18:00 uur)

Per 01-02-2022

*) VS = Verpleegkundig Specialist Ambulancezorg In de regio Brabant-Noord zijn in 2022 de volgende paraatheidsuitbreidingen gerealiseerd: Per 01-01-2022 Per 01-02-2022

Uitbreiding diensten Middencomplex-vervoer Den Bosch op 5 werkdagen (5 dagdiensten van 09:00 tot 18:00 uur) Kleine uitbreiding van VS*-dienst Den Bosch 7 dagen per week van 14 naar 15 uur (langere dagdienst)

*) VS = Verpleegkundig Specialist Ambulancezorg

Regionale Ambulancevoorziening Brabant Midden-West-Noord Jaarstukken 2022

pagina 7

Toekomstvisie: Ambulancezorg vanuit het hart In onze toekomstvisie is optimale waardecreatie voor de patiënt het streven. Dit willen wij bereiken door de juiste zorg te leveren, op de juiste plaats en het juiste moment. We brengen de patiënt naar de zorg óf, als dat beter past, de zorg naar de patiënt door werkelijk mobiele zorg te leveren. Zorgdifferentiatie biedt hierbij verschillende niveaus van zorg die beter aansluiten op de specifieke vraag van de patiënt. Verpleegkundig specialisten ambulancezorg in het primair proces: In de ambulancezorg ter plaatse werden, naast de standaardzorg door reguliere ambulanceteams, meer mogelijkheden geboden in behandeling en diagnosestelling door de inzet van verpleegkundig specialisten in ons primaire proces. In 2022 werd de inzet van onze verpleegkundig specialisten uitgebreid. Naast de regio Tilburg en ’s-Hertogenbosch worden zij nu ook ingezet in de regio rondom Breda. Laag en Midden-Complex vervoer: Eind 2022 is onze divisie Laag- en Midden-Complexe ambulances op volledige sterkte gebracht. Het streven was om per 1 januari 2023 95% van al het planbaar vervoer (urgentie B2) weg te rijden met LMC-ambulances. Dat doel is nog niet behaald. Per 31 december 2022 wordt in MWB gemiddeld 93% van het vervoer met urgentie B gereden door de LMC-divisie, en in BN gemiddeld 80%.

Zorgcoördinatie: In het voorjaar van 2022 werd de pilot Zorgcoördinatie in de Bossche regio afgesloten. In deze pilot werkte de RAV Brabant MWN intensief samen met het Jeroen Bosch Ziekenhuis, de HAP Huisartsenposten Oost-Brabant, Brabant Zorg (VVT), Vivent (VVT), Farent (sociaal domein) en Reinier van Arkel (GGZ). Deze pilot was één van de tien landelijke pilots die door VWS gefinancierd werden om de mogelijkheden van zorgcoördinatie te verkennen. Een belangrijke conclusie uit de evaluatie van deze pilots is dat het onderling delen van informatie cruciaal is, meer nog dan het daadwerkelijk fysiek bij elkaar zitten van de verschillende zorgverleners. Zorgevaluatie: De in 2015 gestarte thematische zorgevaluaties (in het kader van het project Patiëntveiligheid van binnenuit) werd in 2020 voortgezet. Speciaal hiervoor getrainde verpleegkundigen scoren de ritten van collega’s en koppelen deze scores terug door middel van evaluatiegesprekken. Doel is door het verkrijgen van (zelf)inzicht in de kwaliteit van het verpleegkundig/medisch handelen, de kwaliteit van zorg en dus de patiëntveiligheid verder te vergroten. De evaluatie van ambulancechauffeurs, die in 2020 stil kwam te liggen als gevolg van de COVID-crisis, kon ook in 2022 nog niet worden herstart, omdat de beschikbare capaciteit van ambulancechauffeurs nodig was voor inzet in het primair proces.

Kwaliteitskader 1.0 Op het moment van opstellen van deze jaarstukken zijn de landelijke scores op het kwaliteitsmodel 1.0 nog niet verwerkt. De benodigde data wordt in januari/februari uitgevraagd, en de definitieve rapportage wordt tegen de zomer van 2023 verwacht. De rapportage over het jaar 2021 wees uit dat de RAV Brabant Midden-West-Noord op alle indicatoren van het model gemiddeld scoort, zonder opvallende uitschieters naar boven of beneden. In de komende jaren zullen een aantal prestatie-indicatoren uit het kwaliteitsmodel in de begroting worden opgenomen, voorzien van streefwaarden/doelstellingen.

Knelpunt personeel Een van de grootste uitdagingen van de acute zorgsector in de komende jaren is te kunnen blijven beschikken over voldoende vakbekwaam personeel. Voor de ambulancesector is er schaarste met name bij ambulanceverpleegkundigen en verpleegkundig centralisten. De RAV Brabant MWN zoekt al sinds een aantal jaren een oplossing in aanpassing van de instroomcriteria en functiedifferentiatie. Sinds 2019 worden BMH-afgestudeerden, na voltooiing van een intern traineeship, ingezet als ambulanceverpleegkundige. In oktober 2019 startte onze interne opleiding tot ambulanceverpleegkundige voor HBO-Vafgestudeerden, in samenwerking met de RAV Groningen. Deze opleiding duurt 18 maanden en leidt circa 20 ambulanceverpleegkundigen per jaar op. Regionale Ambulancevoorziening Brabant Midden-West-Noord Jaarstukken 2022

pagina 8

Op de meldkamer in Bergen op Zoom werden in 2022 voor het eerst niet-verpleegkundig centralisten ingezet, binnen de kaders van een landelijke pilot. Bij een positieve evaluatie volgt de meldkamer in ‘s-Hertogenbosch in 2023. Een andere oplossing voor het knelpunt personeel is alternatieve paraatheidsuitbreiding van het aantal ambulances voor Laag en Midden-Complex vervoer (LMC). Voor LMCambulances is het minder lastig om geschikt personeel te vinden, en zij rijden een groot deel van het besteld vervoer weg waardoor de spoedzorg wordt ontlast. Naast het reguliere laag- en middencomplex vervoer nemen zij ook het vervoer van personen met verward gedrag voor hun rekening. In zowel Midden- en West-Brabant als in BrabantNoord werd in 2022 het aantal LMC-ambulances uitgebreid. Daarnaast is er veel aandacht voor samenwerking tussen ketenpartners op het gebied van werving en opleiding. Met een aantal ziekenhuizen in ons werkgebied zijn afspraken gemaakt over het gezamenlijk opleiden van verpleegkundigen die daarna (in een duobaan) inzetbaar zijn op zowel SEH als ambulance.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.roosendaal.nl/api/v1/meetings/1433/documents/38556