05. Legesverordening 2026.pdf
Tekst van het document
€ 450,95
b. voor de beoordeling van een archeologisch bodemrapport:
€ 450,95
c. voor de beoordeling van een geluid- of luchtrapport betreffende de geluid- of luchtbelasting:
€ 450,95
d. voor de beoordeling van een akoestisch rapport betreffende de interne en externe geluidwering of nagalm van een bouwwerk:
€ 450,95
e. voor de beoordeling van een ecologisch onderzoeksrapport:
€ 450,95
f. voor de beoordeling van een milieueffectrapportage (MER):
€ 8.223,00
g. voor de beoordeling van een niet in de voorgaande onderdelen genoemd rapport:
€ 450,95
Artikel 2.51 Advies 1. Onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk bedraagt het tarief, als een daartoe aangewezen bestuursorgaan of andere instantie advies moet uitbrengen over de aanvraag om een omgevingsvergunning of een ander besluit op grond van de Omgevingswet: a. voor een advies van de gemeenteraad conform 4.21 lid 1 Omgevingsbesluit: b. voor een advies van de Commissie voor de milieueffectrapportage: het bedrag dat deze commissie in rekening brengt op grond van de door de minister van Infrastructuur en Waterstaat laatstelijk goedgekeurde tariefstelling. c. voor een advies in andere gevallen dan bedoeld in onderdeel a en b: het bedrag van de voorafgaand aan het in behandeling nemen van de aanvraag tot het verlenen van een omgevingsvergunning aan de aanvrager meegedeelde kosten, blijkend uit een begroting die door het college van burgemeester en wethouders is opgesteld. 2. Als een begroting als bedoeld in het eerste lid, onderdeel c, is uitgebracht, wordt een aanvraag in behandeling genomen op de vijfde werkdag na de dag waarop de begroting aan de aanvrager ter kennis is gebracht, tenzij de aanvraag voor deze vijfde werkdag schriftelijk is ingetrokken. Artikel 2.52 Instemming 1.
Onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk bedraagt het tarief, als een aanvraag om een omgevingsvergunning of een ander besluit op grond van de Omgevingswet betrekking heeft op een activiteit waarvoor de beslissing op de aanvraag op grond van artikel 16.16 van de Omgevingswet instemming behoeft van een bestuursorgaan: Het bedrag dat dit bestuursorgaan aan rechten zou heffen als het voor de activiteit waarvoor instemming wordt verzocht zelf bevoegd gezag zou zijn. 2. Het bedrag bedoeld in het eerste lid wordt voorafgaand aan het in behandeling nemen van de aanvraag aan de aanvrager meegedeeld. De aanvraag wordt dan in behandeling genomen op de vijfde werkdag na de dag waarop het verschuldigde bedrag aan de aanvrager ter kennis is
kosteloos
gebracht, tenzij de aanvraag voor deze vijfde werkdag schriftelijk is ingetrokken. Paragraaf 2.13 Vermindering Artikel 2.53 Vermindering na omgevingsoverleg (conceptverzoek en verken je idee) 1. Als de aanvraag om een omgevingsvergunning bedoeld in artikel 2.2, aanhef en onderdeel b, en zoals nader omschreven in de paragrafen 2.3 tot en met 2.8, is voorafgegaan door een aanvraag om omgevingsoverleg (conceptverzoek en verken je idee) als bedoeld in artikel 2.2, aanhef en onderdeel a, en zoals nader omschreven in paragraaf 2.2, waarop de aanvraag om de omgevingsvergunning betrekking heeft, bestaat onder de in het tweede lid genoemde voorwaarden aanspraak op vermindering van de voor het in behandeling nemen van de aanvraag om de omgevingsvergunning verschuldigde leges. De vermindering bedraagt:
100%
van de voor het omgevingsoverleg op grond van artikel 2.4, eerste lid onder a tot en met f geheven leges. 2. Voor de toepassing van het eerste lid wordt de aanvraag om een omgevingsvergunning gedaan: a. voor dezelfde activiteit of activiteiten als waarop het omgevingsoverleg betrekking had; b. in overeenstemming met de uitkomsten van het omgevingsoverleg; en c. binnen 6 maanden na het laatste omgevingsoverleg of, als het omgevingsoverleg volgens afspraak leidt tot een kennisgeving aan de aanvrager, na de dagtekening van de kennisgeving. Artikel 2.54 Vermindering bij meervoudige aanvraag (gereserveerd) Paragraaf 2.14 Teruggaaf Artikel 2.55 Tarief bij aanvraag en oordeel geen omgevingsvergunning nodig Als het college van burgemeester en wethouders op grond van een aanvraag tot het verlenen van een omgevingsvergunning oordeelt dat voor de voorgenomen activiteit geen omgevingsvergunning is vereist, is een tarief verschuldigd van:
€ 213,80
Artikel 2.56 Teruggaaf als aanvraag verder buiten behandeling wordt gelaten Als na toepassing van artikel 4:5 van de Algemene wet bestuursrecht een aanvraag buiten behandeling wordt gelaten, bestaat aanspraak op teruggaaf. De teruggaaf bedraagt: Van de voor de activiteit waarvoor de aanvraag is gedaan verschuldigde leges, waarbij een minimaal legesbedrag verschuldigd blijft van:
75% € 75,00
Artikel 2.57 Teruggaaf als gevolg van intrekking aanvraag omgevingsvergunning of maatwerkvoorschrift bij reguliere en uitgebreide procedure Als een aanvrager zijn aanvraag om een omgevingsvergunning of aanvraag om een maatwerkvoorschrift geheel of gedeeltelijk intrekt terwijl het college van burgemeester en wethouders daarover nog geen besluit heeft genomen, bestaat aanspraak op teruggaaf van een deel van de leges. De teruggaaf bedraagt: a. bij gehele of gedeeltelijke intrekking op verzoek van het bevoegd gezag na de indiening van de aanvraag
75%
van de voor de activiteit waarvoor de aanvraag is ingetrokken verschuldigde leges; b. bij gehele of gedeeltelijke intrekking binnen een week na de indiening van de aanvraag bestaat geen aanspraak op teruggaaf, maar is een vast tarief verschuldigd van: Artikel 2.58 Teruggaaf als gevolg van intrekking aanvraag omgevingsvergunning of maatwerkvoorschrift bij uitgebreide voorbereidingsprocedure (gereserveerd) Artikel 2.59 Teruggaaf als gevolg van intrekking verleende omgevingsvergunning voor bouw- of milieubelastende activiteiten (gereserveerd) Artikel 2.60 Teruggaaf als gevolg van het weigeren van een omgevingsvergunning voor bouw- of milieubelastende activiteiten (gereserveerd) Artikel 2.61 Geen teruggaaf legesdeel modaliteiten In afwijking van de voorgaande artikelen van deze paragraaf wordt geen teruggaaf verleend van het legesdeel dat betrekking heeft op de modaliteiten genoemd in paragraaf 2.12.
€ 297,45
Artikel 2.62 Minimumbedrag voor teruggaaf Een bedrag wordt niet teruggegeven als dit minder bedraagt dan:
€ 51,05
HOOFDSTUK 3 DIENSTVERLENING VALLEND ONDER DE DIENSTENRICHTLIJN EN NIET VALLEND ONDER HOOFDSTUK 2 Paragraaf 3.1 Openbare inrichtingen Artikel 3.1 Exploitatie openbare inrichting Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van: a. een aanvraag om een vergunning op grond van artikel 3 van de Alcoholwet: b. een aanvraag tot het verlenen van een vergunning als bedoeld in
€ 411,30 € 411,30
artikel 2:28 van de Algemene Plaatselijke Verordening (vergunning voor de exploitatie van een openbare inrichting): c. een aanvraag tot het verlenen van een vergunning als bedoeld in
€ 411,30
artikel 2:29 van de Algemene plaatselijke verordening (sluitingstijden): d. een aanvraag tot het verlenen van een ontheffing als bedoeld in artikel 35 van de Alcoholwet:
€ 164,85
e. een aanvraag tot het verlenen van een vrijstelling van de exploitatievergunningplicht als bedoeld in artikel 2:28 lid 7 van de Algemene Plaatselijke Verordening: een aanvraag tot het verlenen van een vergunning voor het uitoefenen f. van een bedrijf als bedoeld in artikel 2:40i van de Algemene
€ 164,85 € 411,30
plaatselijke verordening: Artikel 3.2 Bijschrijven/afvoeren leidinggevende Het tarief voor het bijschrijven/afvoeren van een leidinggevende ten behoeve van een vergunning als bedoeld in artikel 3.1.b en 3.1.d, zonder dat er iets veranderd is:
€ 164,85
Artikel 3.3 Wijzigen lokaliteiten Het tarief voor het wijzigen van lokaliteiten ten behoeve van een vergunning als bedoeld in artikel 2:28 van de Algemene Plaatselijke Verordening:
€ 164,85
Paragraaf 3.2 Seksbedrijven Artikel 3.4 Vergunning seksbedrijf 1. Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een vergunning of om de wijziging of verlenging van een vergunning als bedoeld in artikel 3:3 van de Algemene plaatselijke verordening:
€ 5.013,20
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het bijschrijven/afvoeren van een leidinggevende ten behoeve van 2. een vergunning als bedoeld in artikel 3.3, lid 1, zonder dat er iets anders veranderd is (en niet meer dan 3 jaar is verstreken sinds de laatste vergunning is verleend):
€ 164,85
Paragraaf 3.3 Winkeltijdenwet Artikel 3.5 Ontheffing winkeltijden Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om: a. een ontheffing als bedoeld in artikel 4 van de Verordening winkeltijden:
€ 164,85
b. wijziging van een in onderdeel a bedoelde ontheffing:
€ 164,85
Paragraaf 3.4 Organiseren evenement of markt Artikel 3.6 Organiseren evenement (Gereserveerd) Artikel 3.7 Organiseren markt (Gereserveerd) Paragraaf 3.5 Standplaatsen Artikel 3.8 Marktstandplaatsvergunningen en andere vergunningen op markt 1. Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om: a.
een vaste-standplaatsvergunning als bedoeld in de artikelen 6, 7, 8 en 9 van de Marktverordening gemeente Roosendaal:
Artikel 3.9 Overige administratieve dienstverlening markt (Gereserveerd)
€ 164,85
Paragraaf 3.6 Huisvestingswet 2014 Artikel 3.10 Onttrekkingsvergunning Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een vergunningaanvraag om woonruimte aan de bestemming tot bewoning te onttrekken of onttrokken te houden, als bedoeld in artikel 21, eerste lid, aanhef en onder a van de Huisvestingswet 2014 en artikel 3 van de Huisvestingsverordening Gemeente Roosendaal 2023-2027:
€ 255,25
Artikel 3.11 Omzettingsvergunning a.
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een vergunningaanvraag om een zelfstandige woonruimte in onzelfstandige woonruimten om te zetten of omgezet te houden, als bedoeld in artikel 21, eerste lid, aanhef en onder c, van de Huisvestingswet 2014 en artikel 3 van de Huisvestingsverordening Gemeente Roosendaal 2023-2027:
€ 663,65
b. Het tarief voor het in behandeling nemen van een wijziging van de tenaamstelling van een omzettingsvergunning, als bedoeld in artikel 21 onder c van de Huisvestingswet 2014 en artikel 3 van de Huisvestingsverordening gemeente Roosendaal 2023-2027, bedraagt per adres: c.
€ 255,25
Voor aanvragen om een vergunning als bedoeld in artikel 21 van de Huisvestingswet en artikel 3 van de Huisvestingsverordening Gemeente Roosendaal 2023-2027, die na het in behandeling nemen vergunningvrij blijken te zijn, worden geen leges geheven.
Artikel 3.12 Verhuurvergunning opkoopbescherming Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een vergunningaanvraag om een zelfstandige woonruimte binnen een periode van vier jaar na de datum van inschrijving in de openbare registers van de akte van levering van deze woonruimte in gebruik te geven, als bedoeld in artikel 41 eerste lid van de Huisvestingswet 2014 en artikel 8 van de Huisvestingsverordening Gemeente Roosendaal 2023-2027.
€ 765,75
Paragraaf 3.7 Venten en straatartiesten Artikel 3.13 Venten Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een vergunning als bedoeld in artikel 5:15 van de Algemene plaatselijke verordening:
€ 164,85
Artikel 3.14 Straatartiesten Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een vergunning als bedoeld in artikel 2:9 van de Algemene plaatselijke verordening:
€ 164,85
Paragraaf 3.8 In dit hoofdstuk niet benoemd besluit Artikel 3.15 Niet benoemd besluit op aanvraag Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een andere, in dit hoofdstuk niet benoemde vergunning, ontheffing of andere beschikking:
Behorende bij raadsbesluit van 18 december 2025. De griffier van de gemeente Roosendaal,
€ 164,85