CConstaterende datRoosendaal
Koppel je AI →
Document · PDF

04. OMWB begroting 2024 en jaarstukken 2022.pdf

Gecombineerde Commissie Ruimte en Bestuur 22 juni 2023, gemeente RoosendaalBij agendapunt: 6: Raadsvoorstel Zienswijzen begrotingen 2024 Gemeenschappelijke Regelingen37.775 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 5

4.2.2 Financieel technische uitgangspunten De volgende financieel-technische uitgangspunten zijn in de begroting inclusief meerjarenraming gehanteerd: Baten - V  oor 2024 wordt vanuit de extrapolatie van de werkprogramma’s 2023 een werkpakket verwacht van ca. 349.700 declarabele uren; - e  r geldt een kostendekkend, gemiddeld tarief, dat gelijk is voor deelnemers en niet-deelnemers; - b  asis voor het financieringsmodel voor de deelnemende gemeenten is de MWB-norm; met inbegrip van de effecten volgend uit de evaluatie uitgevoerd in het najaar van 2021.

<<

<

OMWB Begroting 2024

20

>

Lasten

Het onderdeel ‘Informatievoorziening’ is reeds in de Begroting 2022 verwerkt

- C  onform de (herziene) september-circulaire 2022 is rekening gehouden

in de kosten van Bedrijfsvoering. De overige onderdelen zijn opgenomen onder

met een gemiddelde loonkostenstijging van 4,2% ten opzichte van 2023;

Primair proces. ‘Vergunningverlening’ is opgenomen in de salariskosten, terwijl

- c  onform de (herziene) september-circulaire 2022 is rekening gehouden met

‘Kosteneffectiviteit fase 1’ en ‘fase 2’ zijn weergegeven onder ‘Algemene kosten’,

een gemiddelde prijsstijging van 2,4% ten opzichte van 2023;

‘Van goed naar beter’.

- e  xtrapolatie van de werkprogramma’s 2023 vraagt een benodigde formatie voor het primaire proces van circa 269 fte;

De besparingen van € 528.000 in 2023 en van € 400.000 in 2024 zijn het effect

- d  e personeelsformatie voor het primaire proces bedraagt 247 fte, dit betreft

van projecten opgestart in 2022. Het bedrag van € 528.000 betreft enerzijds

het plafond van 240 fte vermeerderd met 7 fte voor de ‘Specifieke uitkering

een besparing van € 478.000 opgenomen onder algemene kosten en een

extra ondersteuning toezicht en handhaving energiebesparingsplicht’. De

bedrag van € 50.000 als gevolg van het niet invullen van functies door verdere

‘overbrugging’ naar 269 fte gebeurt met inhuur van derden;

digitalisering en automatisering van werkzaamheden. In 2024 betreft het een

- er wordt rekening gehouden met een declarabiliteitsnorm van 1.300 uur per fte;

besparing van € 400.000 die is opgenomen onder de algemene kosten.

- het BBV schrijft voor dat kosten van bedrijfsvoering (in BBV-termen ‘Overhead’) afzonderlijk worden begroot en verantwoord. Volgens de definitie van het BBV

Teneinde de besparingen structureel binnen de dienst te verankeren, zijn op

worden tot de bedrijfsvoering gerekend “Alle kosten die samenhangen met de

voorhand ‘investeringen’ noodzakelijk. In onderhavige begroting, en die van

sturing en ondersteuning van de medewerkers in het primaire proces”;

2023 zijn de volgende maatregelen doorgevoerd:

- d  e formatieomvang van bedrijfsvoering bedraagt 59 fte; - o  m mogelijke tegenvallers adequaat te kunnen opvangen, wordt rekening gehouden met een post onvoorzien van € 150.000. Deze post staat ter

Maatregelen Kosten-

2023

2024

2025

2026

250

-

-

-

effectiviteit onderzoek Bedragen x € 1.000

beschikking van het Dagelijks Bestuur.

Kosteneffectiviteit - initieel

- de structurele effecten van het principeakkoord cao SGO 2023 zijn verwerkt.

Kosteneffectiviteit - structureel

200

200

200

200

Totaal investeringen

450

200

200

200

4.2.3 Maatregelen kosteneffectiviteitsonderzoek ‘Van goed naar beter’ Volgens afspraak met het Algemeen Bestuur zijn in de begroting 2024 en meerjarenraming 2025-2027 de maatregelen volgend uit het kosteneffec­

Met deze maatregelen wordt een structurele kostenreductie van € 1,5 miljoen

tiviteitsonderzoek ‘Van goed naar beter’ verder uitgewerkt. De volgende

gerealiseerd met behoud van de uitvoeringskwaliteit. Sterker nog, naar ver-

kosten­besparingen zijn in de cijfers verwerkt.

wachting neemt de kwaliteit toe. In de Begroting 2022 is berekend dat zonder

Maatregelen Kosteneffectiviteit onderzoek Bedragen x € 1.000

2022

Vergunningverlening

-150

-150

-

-

-300

Informatievoorziening

-500

-

-

-

-500

-

-528

-

-

-528

-

-400

-

-400

-678

-400

-

-1.728

Kosteneffectiviteit fase 1

<<

<

OMWB Begroting 2024

2024

2025

Totaal

deze maatregelen de deelnemersbijdrage voor het jaar 2025 4% (€ 1,3 miljoen) hoger zou uitvallen.

Kosteneffectiviteit fase 2 Totaal kostenbesparingen

2023

-650

21

>

Het overzicht van de lasten Primair proces is als volgt: 4.3 Begroting 2024 en meerjarenraming 2025-2027 Het overzicht van baten is als volgt: Baten Bedragen x € 1.000

Begroting* 2023

Begroting 2024

2025

2026

2027

Lonen & salarissen

23.381

24.340

25.289

25.750

307

315

322

329

335

Overige personeelskosten

264

477

495

507

517

424

3.470

4.114

3.587

3.207

3.294

3.374

25.979

26.888

Programmadeel 2: Advies en Projecten

9.627

11.737

11.978

12.428

12.863

13.313

Programmadeel 3: Collectieve taken

1.624

1.824

1.859

1.929

1.996

2.066

Totaal Personele kosten

Programmadeel 4: Buiten werkprogramma

2.827

1.730

1.771

1.838

1.902

1.969

Afschrijvingskosten

Programmadeel 4: Overige exploitatiebaten

601

610

610

610

610

610

Specifieke uitkeringen Omgevingsdiensten

97

1.664

1.145

672

672

-

35.618

41.730

41.553

42.577

44.022

44.846

-113

-75

-42

-42

-42

-42

Gerealiseerd resultaat

2027

22.364

25.101

Totaal lasten

2026

245

24.191

Totaal reserves

2025

19.298

24.166

Onttrekkingen reserves

Begroting 2024

Reiskosten 20.842

Stortingen reserves

Begroting* 2023

Personele kosten

Programmadeel 1: Vergunningverlening, Toezicht en Handhaving

Totaal baten

Realisatie 2022 Primair proces

Meerjarenraming Realisatie 2022

Meerjarenraming

Lasten Bedragen x € 1.000

-

-

-

-

-

-

-113

-75

-42

-42

-42

-42

34.921

41.654

41.511

42.535

43.981

44.804

583

-

-

-

-

-

Personeel niet in loondienst Detacheringsinkomsten

-73

-

-

-

-

-

23.204

27.262

27.778

28.377

29.429

29.882

Afschrijvingskosten

82

79

128

129

129

134

Totaal Afschrijvingskosten

82

79

128

129

129

134

104

106

109

111

113

Huisvesting en organisatiekosten Huisvesting en facilitaire kosten Tractie

72 -

-

-

-

-

-

Automatisering

23

23

20

21

21

20

Algemeen beheer

12

18

18

19

19

20

107

145

145

149

151

152

Totaal Huisvesting en organisatiekosten

Kosten primaire werkzaamheden verricht door derden Laboratoriumkosten Milieumetingen Totaal Kosten primaire werkzaamheden verricht door derden

1.588

1.751

1.793

1.836

1.871

1.906

549

610

610

610

610

610

2.137

2.361

2.403

2.446

2.481

2.516

Algemene kosten

* dit betreft de 1e begrotingswijziging 2023

<<

<

OMWB Begroting 2024

‘Van goed naar beter’

-

-478

-878

-878

-878

-878

Totaal Algemene kosten

-

-478

-878

-878

-878

-878

25.530

29.369

29.576

30.222

31.312

31.807

Totaal lasten Primair proces

22

>

Het overzicht van de lasten Bedrijfsvoering is als volgt: Lasten Bedragen x € 1.000

Op grond van het BBV wordt inzicht verschaft in de structurele en incidentele baten en lasten voor de OMWB. In het volgende overzicht wordt dit weergegeven

Meerjarenraming Realisatie 2022

Begroting* 2023

Begroting 2024

2025

2026

(bedragen x € 1.000): 2027

2024

Bedrijfsvoering Personele kosten Lonen & salarissen

4.567

5.654

6.096

6.346

6.593

6.850

Reiskosten

111

232

238

244

248

253

Overige personeelskosten

688

1.271

1.267

1.297

1.322

1.347

Personeel niet in loondienst

392

423

-

-

-

-

Detacheringsinkomsten

-42

-

-

-

-

-

5.715

7.580

7.600

7.886

8.163

8.450

Afschrijvingskosten

151

81

85

79

79

39

Totaal Afschrijvingskosten

151

81

85

79

79

39

Totaal Personele kosten

2025

2026

2027

Baten

Lasten

Baten

Lasten

Baten

Lasten

Baten

Lasten

Structureel

41.553

41.511

42.577

42.535

44.022

43.981

44.846

44.804

Incidenteel

-

-

-

-

-

-

-

-

Afschrijvingskosten

Huisvesting en organisatie Huisvesting en facilitaire kosten

1.030

1.200

1.229

1.258

1.282

1.306

Tractie

57

92

94

96

98

100

Algemeen beheer

415

794

555

569

579

590

Automatisering

2.068

2.383

2.216

2.269

2.312

2.356

Totaal Huisvesting en organisatie

3.570

4.469

4.094

4.192

4.272

4.353

Totaal lasten Bedrijfsvoering

9.436

12.130

11.780

12.158

12.514

12.842

Overig Diverse baten en lasten

<<

<

-45

-

-

-

-

-

Onvoorzien

0

150

150

150

150

150

Vennootschapsbelasting

1

5

5

5

5

5

Subtotaal

-45

155

155

155

155

155

Totaal Overig

-45

155

155

155

155

155

Totaal lasten

34.921

41.654

41.511

42.535

43.981

44.804

OMWB Begroting 2024

* dit betreft de 1e begrotingswijziging 2023

23

>

5.

Toelichting op de begroting 2024 In dit onderdeel wordt een toelichting gegeven op de belangrijkste verschillen tussen de 1e begrotingswijziging 2023 en 2024. Aan het einde van dit hoofdstuk wordt inzicht gegeven in de beschikbare declarabiliteit en de te hanteren functionele tarieven voor het begrotingsjaar 2024. 5.1 Toelichting op de baten De baten van de OMWB bestaan voor het voornaamste deel uit bijdragen van onze deelnemers voor diensten en producten die zij afnemen. De baten zijn in beginsel gebaseerd op de omvang van de werkprogramma’s 2023. Daarbij ziet de OMWB de laatste jaren een toename van het aantal verzoektaken en taken buiten het werkprogramma. In bijlage 1 zijn de bijdragen voor 2024 en verder per deelnemer gespecificeerd. In het ‘Overzicht van baten’, opgenomen in hoofdstuk 4, is een reductie van € 400.000 opgenomen. Het betreft het effect van de tweede fase van het kosteneffectiviteitsonderzoek. Conform paragraaf 4.2.3. zijn voor 2024 verdere maatregelen uit het kosteneffectiviteitsonderzoek verwerkt, welke structureel doorwerken in de bijdragen van deelnemers. Zonder deze maatregelen zou de bijdrage over 2025 4% (€ 1,3 miljoen) hoger uitvallen. Ook de effecten van de evaluatie van de MWB-norm, uitgevoerd in het najaar van 2021, zijn in de bijdragen van de deelnemers verwerkt.

<<

<

OMWB Begroting 2024

24

>

5.2 Toelichting op de lasten

ding. De kosten van deze vergoeding zijn onder de post ‘Overige personele

Voor de begroting 2024 worden de ramingen van de kosten vergeleken met die van

kosten’ opgenomen;

de 1 begrotingswijziging 2023. Waar nodig zijn de verschillen nader toegelicht. e

Personeelslasten

Begroting* 2023

Begroting 2024

Bedragen x € 1.000

arbo, werving & selectie, personeelsvereniging en werkkleding;

Personele kosten 22.364

23.381

Reiskosten

307

315

Overige personeelskosten

477

495

Personeel niet in loondienst

4.114

3.587

-

-

27.262

27.778

Detacheringsinkomsten Totaal Personele kosten

Overige personeelslasten: • Kosten die hieronder geschaard worden, betreffen onder andere: opleidingen,

Primair proces

Lonen & salarissen

• indexering: 2,4%.

* dit betreft de 1e begrotingswijziging 2023

• indexering: 2,4%. Personeel niet in loondienst: • De formatie is gebaseerd op 247 fte. Het werkaanbod ligt circa 28.600 uur hoger dan met deze formatie bewerkstelligd kan worden, dit betreft circa 22 fte. Aanvullend wordt een deel van de formatie ingevuld door inhuur van externe medewerkers. De laatste jaren heeft de OMWB samen met de andere Brabantse omgevingsdiensten fors geïnvesteerd in arbeidsmarktpositionering. Dit betaalt

Lonen & salarissen:

zich inmiddels terug in de werving van medewerkers. Hoewel daarmee een

De mutatie in de salariskosten wordt als volgt gespecificeerd:

trendbreuk gerealiseerd is, overstijgt deze nog niet de krapte op de arbeids-

• Basis voor deze post vormt de bezetting begin 2023 en de daarmee verwachte

markt uit de voorbije jaren. Tenslotte zal het verlies aan declarabiliteit (mede als

salariskosten voor 2023; • voor de indexering is rekening gehouden met 4,2%, waarbij een actualisatie van de begroting 2023 heeft plaats gevonden voor het principeakkoord cao SGO 2023; • in correlatie met hetgeen vermeld in paragraaf 5.1 inzake de beoogde

gevolg van de harmonisatie verlofrechten zoals geregeld in de cao 2021-2022 en extra verlof uit het principeakkoord cao SGO 2023) worden belegd bij inhuurkrachten. Afschrijvingskosten

Begroting* 2023

Begroting 2024

Bedragen x € 1.000

efficiency binnen het onderdeel ‘Vergunningverlening’ is € 150.000 in

Primair proces

mindering gebracht op de corresponderende salariskosten.

Afschrijvingskosten Afschrijvingen

79

128

Reiskosten:

Totaal Afschrijvingskosten

79

128

• Met het loslaten van het thuiswerkadvies is de verwachting dat de reiskosten

* dit betreft de 1e begrotingswijziging 2023

in 2024 weer zullen toenemen. Eerdere uitvraag leert echter dat veel medewerkers een hybride invulling van hun werkweek voor ogen hebben. Deels

Afschrijvingskosten:

wensen ze hun werkzaamheden op kantoor of een decentrale werkplek uit te

• Meerjarig zijn de afschrijvingskosten in beeld gebracht bij het meerjaren­

voeren en deels vanuit huis. Een tegemoetkoming voor dit laatste is geregeld in het principeakkoord cao SGO 2023 in de vorm van een thuiswerkvergoe-

investeringsprogramma (zie paragraaf 6.2); • als gevolg van zuiverdere boekingsgangen zijn de afschrijvingskosten enerzijds onder Primair proces en anderzijds onder Bedrijfsvoering verantwoord.

<<

<

OMWB Begroting 2024

25

>

Huisvesting en organisatie

Begroting* 2023

Begroting 2024

Algemene kosten

Begroting* 2023

Begroting 2024

‘Van goed naar beter’

-478

-878

Totaal Algemene kosten

-478

-878

Bedragen x € 1.000

Bedragen x € 1.000

Primair proces

Primair proces

Huisvesting en organisatie Huisvesting en facilitaire kosten

Algemene kosten 104

106

-

-

Automatisering

23

20

Algemeen beheer

18

18

145

145

Tractie

Totaal Huisvesting en organisatie

De besparing van € 878.000 is het effect van projecten opgestart in 2022 onder de noemer ‘Van goed naar beter’. In aansluiting op meldingen elders in deze begroting is deze post (nog) niet specifiek toe te wijzen aan de overige

Huisvesting en organisatie:

standaard rubrieken. Vandaar de keuze voor deze generieke post. In de loop

• Als gevolg van zuiverdere boekingsgangen zijn de kosten voor ‘Huisvesting

van het begrotingsjaar zal verdere duiding en verfijning plaats vinden. U wordt

en facilitaire kosten’, ‘Automatisering’ en ‘Algemeen beheer’ enerzijds onder Primair proces en anderzijds onder Bedrijfsvoering verantwoord;

hierover via de verschillende rapportagelijnen geïnformeerd. Lasten

• voor de raming van de kosten voor ‘Huisvesting en facilitaire kosten’, ‘Automatisering’ en ‘Algemeen beheer’ is aansluiting gezocht bij de lagere realisatiecijfers uit 2022 en eerder;

Begroting* 2023

Begroting 2024

5.654

6.096

232

238

Overige personeelskosten

1.271

1.267

Personeel niet in loondienst

423

-

Bedragen x € 1.000 Bedrijfsvoering Personele kosten

• indexering van 2,4%.

Lonen & salarissen Reiskosten

Overige kosten

Begroting* 2023

Begroting 2024

Bedragen x € 1.000

Detacheringsinkomsten

Primair proces

Totaal Personele kosten

Overige kosten Laboratoriumkosten Milieumetingen Totaal Overige kosten

1.751

1.793

610

610

2.361

2.403

De Overige kosten worden als volgt gespecificeerd: • De ‘Laboratoriumkosten’ kennen de laatste jaren een gestage groei. De kosten voor luchtkwaliteitsmetingen/e-Noses zijn onder deze post opgenomen; • de kosten voor milieumetingen worden gecompenseerd door de provincie Noord-Brabant en hebben derhalve een neutraal resultaateffect.

<<

<

OMWB Begroting 2024

-

7.580

7.600

Afschrijvingskosten Afschrijvingskosten

81

85

Totaal Afschrijvingskosten

81

85

Huisvesting en organisatie 1.200

1.229

Algemeen beheer

Huisvesting en facilitaire kosten

794

555

Automatisering

2.383

2.216

Tractie Totaal Huisvesting en organisatie

* dit betreft de 1e begrotingswijziging 2023

-

Totaal lasten Bedrijfsvoering

92

94

4.469

4.094

12.130

11.780 26

>

Er is een verschuiving van de kosten voor personeel niet in loondienst naar de kosten van lonen & salarissen. De verwachting is dat er vaste medewerkers geworven kunnen worden voor de functies binnen Bedrijfsvoering waar in 2023 nog medewerkers voor ingehuurd worden. Algemeen beheer: • Indexering van 2,4%; • onder deze rubriek zijn jaarlijks terugkerende kosten opgenomen voor het kwaliteitsmanagementsysteem; onderdeel van het Kosteneffectiviteitsonderzoek. De jaarlijks terugkerende kosten hiervan bedragen € 200.000 waarvan € 133.000 is opgenomen in de kosten voor lonen & salarissen. De kosten van Bedrijfsvoering worden conform het BBV afzonderlijk in de

Automatisering:

begroting verantwoord.

De daling in automatiseringskosten is in lijn met eerdere berichten. De resultaten van de grootschalige implementaties, transities en ontwikkelingen uit

De salariskosten bevinden zich op een vergelijkbaar niveau als de 1e begrotings­

voorbije jaren vinden hun beslag binnen de organisatie.

wijziging 2023: • Voor de indexering is rekening gehouden met 4,2%, waarbij een actualisatie van de begroting 2023 heeft plaatsgevonden voor het principeakkoord cao SGO 2023; • voor een aantal functies waarvoor nu extern personeel wordt ingehuurd,

De overige kosten van bedrijfsvoering zijn geïndexeerd met 2,4%. Overig Diverse baten en lasten

-

150

5

5

Subtotaal

155

155

Totaal Overig

155

155

Totaal lasten

41.654

41.511

Onvoorzien

medewerkers;

Vennootschapsbelasting

aangetrokken. De kosten hiervan bedragen € 133.000. Overige personeelskosten:

Begroting 2024

150

wordt ervan uitgegaan dat deze in 2024 ingevuld worden met vaste • als onderdeel van het Kosteneffectiviteitsonderzoek is een Kwaliteitsmanager

Begroting *2023

Bedragen x € 1.000

* dit betreft de 1e begrotingswijziging 2023

• Indexering van 2,4%. Onvoorzien Personeel niet in loondienst:

Voor de verplichte post ‘Onvoorzien’ is vanuit het Dagelijks Bestuur in de

Voor de verdere doorontwikkeling van datamanagement en -beheer is inhuur

begroting een bedrag opgenomen van € 150.000. Dit bedrag is ongewijzigd

van specialistische kennis en ervaring essentieel. De kosten worden geschat

ten opzichte van de 1e begrotingswijziging 2023 en wordt toereikend geacht.

op € 150.000. Deze kosten zijn opgenomen onder de kosten automatisering.

<<

<

OMWB Begroting 2024

27

>

5.3 Declarabiliteit

effecten afzonderlijk inzichtelijk gemaakt. Het gemiddelde, voorcalculatorische

De met de deelnemers afgestemde werkprogramma’s 2023 hebben als basis

tarief voor 2024 bedraagt afgerond € 108,75 (gemiddeld tarief van de 1e begro-

gediend voor de begroting 2024. Het werkaanbod is daarmee geraamd op

tingswijziging 2023 bedraagt € 106,70).

ca. 349.700 declarabele uren.

Omschrijving

bedrag per uur

effect

In de begroting is rekening gehouden met een formatie van 306 fte, waarvan

Tarief 2023

247 fte in het primaire proces. Rekening houdend met een declarabiliteit van

Indexatie 2024 o.b.v. MEV

3,84%

€ 110,80

€ 4,10

1.300 uur per fte, is ca. 321.100 uur beschikbaar aan declarabele uren.

Kwaliteitsmanagement impuls budget

€ -250.000

€ 110,07

€ -0,73

Cultuur & Leiderschapstraject

€ -50.000

€ 109,92

€ -0,15

Besparingen Kosteneffectiviteit 2024

€ -400.000

€ 108,75

€ -1,18

De declarabiliteitsnorm van 1.300 uur per fte kent de volgende opzet: Bruto-netto-berekening Beschikbare uren (52 weken x 36 uur)

Tarief 2024

€ 108,75

Totaal uren 1.872

Verlof en feestdagen

274

Verzuim

103

Niet-declarabele uren (o.a. overleg, opleiding, kwaliteitsmanagement, uren key users en OR/BHV) Totaal Declarabele uren

€ 106,70

195 1.300

In onderstaande tabel zijn de functionele, voorcalculatorische tarieven voor het begrotingsjaar 2024 opgenomen, in vergelijking met de 1e begrotingswijziging 2023. Aanpassing van de tarieven heeft plaats gevonden aan de hand van de relatieve stijging van het gemiddelde, voorcalculatorisch uurtarief van 2024 (€ 108,75) ten opzichte van de 1e begrotingswijziging 2023 (€ 106,70) tegen 1,92%.

De ruimte tussen zowel werk- als additioneel aanbod en beschikbare uren­

Conform de oorspronkelijke Begroting 2023 kent de tabel een compacte opzet.

capaciteit wordt gerealiseerd met inzet van externe inhuur.

In de praktijk is gebleken dat de eerdere, veelheid aan gedifferentieerde tarieven niet gehanteerd wordt. Indikking van de lijst is ook ingegeven vanuit doelmatig-

5.4 Tarief ontwikkeling De OMWB hanteert in de begroting een gemiddeld, voorcalculatorisch uurtarief voor de geraamde bijdragen van deelnemers. De facturatie (afrekening ten opzichte van de bevoorschotting) vindt plaats tegen de gedifferentieerde nacal-

heid. Functioneel voorcalculatorische

Begroting 2024

Begroting 2023*

uurtarief

uurtarief

uurtarieven Milieu

culatorische tarieven, gebaseerd op de functionele inschaling van de uitgevoer-

MBO

€

89,20

€

87,50

de werkzaamheden.

HBO

€

109,30

€

107,25

€

129,55

€

127,10

Specialisten

In de begroting 2024 is voor de tariefsaanpassing rekening gehouden met de

* dit betreft de 1 begrotingswijziging 2023 e

indexaties volgens de september-circulaire 2022 (herziene versie d.d. 21 sep-

<<

<

tember 2022), de beoogde besparing uit het kosteneffectiviteitsonderzoek

Tarieven buiten kantoortijd: Als kantoortijden hanteren we de maandagen

‘Van goed naar beter’, het vervallen van de kosten van het Cultuur & Leider-

tot en met de vrijdagen van 7.00 tot 22.00 uur. Alle overige tijdstippen zijn

schapstraject en het vervallen van de initiële investering van de kwaliteits­

buiten kantoortijd. We hanteren een opslagpercentage van 30% op de tarieven

management impuls. In de tabel bovenaan de rechterzijde zijn de verschillende

voor werkzaamheden buiten kantoortijd.

OMWB Begroting 2024

28

>

6.

Uiteenzetting financiële positie Op grond van het BBV dient in de begroting en jaarrekening een uiteenzetting van de financiële positie van de dienst opgenomen te worden. Hierna wordt ­zowel de geprognosticeerde balans gepresenteerd als inzicht in verwachte investeringen en gehanteerde afschrijvingstermijnen. Ook wordt het verloop van de reserves weergegeven. In bijlage 2 is het overzicht per taakveld opgenomen. 6.1 Geprognosticeerde balans In onderstaand overzicht is de geprognosticeerde begin- en eindbalans weergegeven voor zowel het begrotingsjaar als de meerjarenraming. In deze meerjarige geprognosticeerde balans is primair uitgegaan van bestaand beleid, aangevuld met verwachte (vervangings)investeringen. Activa

Begroting

Begroting

Begroting

Begroting

Bedragen x € 1.000

2024

2025

2026

2027

Materiële vaste activa

1.416

1.208

1.076

903

Totaal vaste activa

1.416

1.208

1.076

903

Vorderingen op openbare lichamen

279

279

279

279

Uitzettingen rijksschatkist

2.129

2.129

2.129

2.129

Uitzettingen met looptijd < 1 jaar

2.408

2.408

2.408

2.408

991

991

991

991

Overige en overlopende vlottende activa

3.719

3.859

3.994

4.134

TOTAAL ACTIVA

8.534

8.466

8.469

8.436

Liquide middelen (banksaldi)

<<

<

OMWB Begroting 2024

29

>

Passiva

Bij vervanging van activa wordt nut en noodzaak afgewogen. Niet altijd kan

Begroting

Begroting

Begroting

Begroting

Bedragen x € 1.000

2024

2025

2026

2027

vervanging plaatsvinden tegen de geraamde aanschafwaarden, wat betekent

Algemene reserve

2.092

2.092

2.092

2.092

dat de werkelijke lasten kunnen afwijken van de in de tabel opgenomen

Bestemmingsreserve meetstations

1.056

1.098

1.140

1.182

-

-

-

-

bedragen. Substantiële afwijkingen melden we bij de bestuurs­rapportages.

Eigen vermogen

3.148

3.190

3.232

3.274

Voorzieningen

602

602

602

602

Vaste schulden

-

-

-

-

Resultaat boekjaar vóór bestemming

Voor activering van investeringen wordt vanaf 2022 een ondergrens van € 1.000 (was voorheen € 10.000) gehanteerd. Vervangingen of aanschaffingen onder deze grens verantwoorden we in de exploitatie. Met het vaststellen van de begroting worden ook de vermelde afschrijvingstermijnen voor investeringen vastgesteld. De afschrijvingen vinden - eveneens vanaf 2022 - plaats bij

Vlottende schulden < 1 jaar

ingebruikname van het actief (was het jaar volgend op activering). Vanwege

453

453

453

453

Overlopende passiva

4.331

4.221

4.182

4.107

niet materieel. Het financiële beleid is overeenkomstig aangepast.

TOTAAL PASSIVA

8.534

8.466

8.469

8.436

6.3 Afschrijvingstermijnen

de teruglopende investeringen is de financiële impact van beide veranderingen

Bij investeringen worden de volgende afschrijvingstermijnen gehanteerd: 6.2 (Vervangings-)investeringen 2024

Tabel met de gehanteerde afschrijvingstermijnen

In 2024 zal een aantal bedrijfsmiddelen opnieuw aangeschaft of vervangen moeten worden. Het uitgangspunt is dat het Algemeen Bestuur met het vaststellen van de begroting 2024 goedkeuring verleent aan het onderstaande overzicht van (vervangings-)investeringen. Investeringen Bedragen x € 1.000 Huisvesting

<

2024

2025

2026

2027

40

50

-

-

-

Automatisering

-

50

-

-

-

Communicatiemiddelen

-

-

-

-

-

150

-

-

-

-

Wagenpark

<<

2023

Technische apparatuur

575

-

-

75

-

Totaal

765

100

-

75

-

OMWB Begroting 2024

Jaren

Huisvesting

10

Automatisering

5

Communicatiemiddelen

3

Wagenpark

7

Technische apparatuur

15

30

>

6.4 Staat van reserves Het verwachte verloop van de reserves is als volgt: Staat van reserves 2024 - 2027 Bedragen x € 1.000

Algemene reserve

Reserve Meetstations

Stand per 1-1-2024

2.092

1.014

Mutatie 2024 Stand per 1-1-2025 Mutatie 2025 Stand per 1-1-2026 Mutatie 2026 Stand per 1-1-2027 Mutatie 2027 Stand per 1-1-2028

-

42

2.092

1.056

-

42

2.092

1.098

-

42

2.092

1.140

-

42

2.092

1.182

Algemene reserve De stand van de Algemene Reserve bedraagt naar verwachting per 1-1-2024 € 2.092.000 (voor resultaatbestemming 2022). Reserve Meetstations De stand van de reserve meetstations bedraagt naar verwachting per 1-1-2024 € 1.014.000. Het saldo van opbrengsten en kosten van de meetstations wordt per jaareinde toegevoegd (bij een positief saldo) of onttrokken (bij een negatief saldo) aan de reserve. Komende jaren loopt dit saldo jaarlijks nog op; daarna zal de reserve teruglopen en wordt een evenwicht in kosten en opbrengsten verwacht. Oorzaak hiervan is dat kosten als gevolg van investeringen pas in latere jaren via de afschrijvingen ten laste van de reserve worden gebracht.

<<

<

OMWB Begroting 2024

31

>

B x.

Bijlagen Bijlage 1. Specificatie bijdrage per deelnemer Specificatie bijdrage 2024 Gemeente

Totaal

345.872

80.788

43.652

470.312

731.601

190.706

81.798

1.004.105

Baarle-Nassau

377.339

59.875

38.313

475.527

Bergen op Zoom

887.615

706.637

58.956

1.653.208

Breda

1.676.539

595.680

139.949

2.412.168

Dongen

309.126

120.068

36.083

465.276

Drimmelen

434.843

226.477

62.496

723.815

Etten-Leur

443.466

65.257

52.750

561.472

Geertruidenberg

393.432

114.901

36.763

545.097

Gilze en Rijen

369.712

105.741

49.862

525.316

Goirle

214.873

51.253

26.196

292.322

Halderberge

483.867

219.919

57.916

761.702

Heusden

394.952

111.696

43.353

550.000

Hilvarenbeek

493.428

190.865

48.960

733.252

Loon op Zand

264.838

140.293

44.376

449.507

Moerdijk

1.199.931

637.042

78.154

1.915.127

Oisterwijk

523.148

283.984

57.691

864.823

Oosterhout

910.347

253.215

84.409

1.247.971

Roosendaal

861.395

532.129

93.452

1.486.975

Rucphen

278.781

194.706

38.468

511.954

420.998

149.068

54.152

624.218

Tilburg

1.899.113

1.051.911

152.716

3.103.740

Waalwijk

707.406

286.747

58.387

1.052.540

Woensdrecht

267.125

126.878

32.272

426.276

Totaal gemeenten

Provincie

Totaal bijdrage 2024

OMWB Begroting 2024

P3

Altena

Zundert

<

P2

Alphen-Chaam

Steenbergen

<<

P1

410.640

253.463

72.006

736.109

15.300.385

6.749.298

1.543.129

23.592.813

8.890.722

5.228.339

664.855

14.783.916

24.191.107

11.977.638

2.207.984

38.376.729

32

>

Algemene toelichtingen bijlage 1:

De bijdrage per deelnemer, met inbegrip van effecten volgend uit het kosten­

• De bedragen zijn in beginsel gebaseerd op de bestuurlijk goedgekeurde

effectiviteitsonderzoek en de evaluatie MWB-norm, ziet er meerjarig als volgt uit:

werkplannen voor 2023. Deze zijn geïndexeerd op basis van het gemiddelde uurtarief 2024. Aanvullend is recentelijk een uitvraag naar bijgestelde inzichten bij de deelnemers gedaan. De resultaten hiervan zijn verwerkt in de tabel op voorgaande pagina;

Alphen-Chaam

• de bijdragen zijn gecorrigeerd voor de effecten van het kosteneffectiviteitsonderzoek en de evaluatie van de MWB-norm, uitgevoerd in het najaar van 2021; • In de bedragen is geen rekening gehouden met de bijdragen voor het project ‘Van inrichting naar MBA’, het project ‘Zeer Zorgwekkende stoffen’ (ZZS), het behandelen van aanvragen bouw en het anonimiseren van bodem­ onderzoeken bij de invoer in Squit/iBis”. De hiervoor noodzakelijke bedragen komen bovenop de deelnemersbijdragen;

2025

2026

2027

487.995

505.075

522.753 1.116.066

1.004.105

1.041.859

1.078.324

Baarle-Nassau

475.527

493.407

510.676

528.550

Bergen op Zoom

1.653.208

1.715.369

1.775.406

1.837.546

Breda

2.412.168

2.502.865

2.590.465

2.681.132

Dongen

465.276

482.771

499.668

517.156

Drimmelen

723.815

751.031

777.317

804.523

Etten-Leur

561.472

582.584

602.974

624.078

Geertruidenberg

545.097

565.592

585.388

605.877

Gilze en Rijen

525.316

545.068

564.145

583.890

292.322

303.313

313.929

324.917

inclusief SSIB (in totaliteit 349.070). De uitvoering van SSIB vindt plaats

Halderberge

761.702

790.342

818.004

846.635

door de ODBN. De OMWB draagt derhalve deze vaste bijdrage af aan de

Heusden

550.000

570.680

590.654

611.327

collega-omgevingsdienst;

Hilvarenbeek

733.252

760.822

787.451

815.012

Loon op Zand

449.507

466.408

482.733

499.628

de hand van de bestuurlijk vast te stellen werkprogramma’s. Bij de eerste

Moerdijk

1.915.127

1.987.136

2.056.685

2.128.669

bestuursrapportage 2024 wordt dit financieel vertaald en vastgelegd door

Oisterwijk

864.823

897.340

928.747

961.253

Oosterhout

1.247.971

1.294.895

1.340.216

1.387.124

Roosendaal

1.486.975

1.542.885

1.596.886

1.652.778

Rucphen

511.954

531.204

549.796

569.039

Steenbergen

624.218

647.688

670.357

693.820

Tilburg

3.103.740

3.220.441

3.333.156

3.449.817

Waalwijk

1.052.540

1.092.116

1.130.340

1.169.902

Woensdrecht

426.276

442.304

457.784

473.807

Zundert

736.109

763.786

790.519

818.187

Totaal gemeenten

23.592.813

24.479.902

25.336.699

26.223.483

Provincie

14.783.916

15.339.791

15.876.684

16.432.368

Totaal bijdrage

38.376.729

39.819.694

41.213.383

42.655.851

• de definitieve invulling van deze bijdragen per deelnemer vindt plaats aan

middel van een begrotingswijziging als daar aanleiding toe is.

<

Altena

2024 470.312

Goirle

• de bedragen voor programma 3 betreffen de bijdragen van de deelnemers

<<

Meerjarige bijdrage deelnemers Gemeente

OMWB Begroting 2024

33

>

Bijlage 2. Overzicht van geraamde baten en lasten per taakveld Baten en lasten per taakveld Alle bedragen x € 1.000

<

Lasten

Bestuur en ondersteuning

0.4

Bedrijfsvoering

0.5

Treasury

-

-

0.8

Overige baten en lasten

-

150

-

-

692

11.881

0.9

Vennootschapsbelasting

-

5

0.10

Mutaties reserves

-

42

0.11

Resultaat van de rekening van baten en lasten

-

-

7.

Volksgezondheid en milieu

-

-

7.4

Milieubeheer

40.861

29.475

41.553

41.553

Saldo van baten en lasten op taakvelden

<<

Baten

0.

OMWB Begroting 2024

34

>

Lijst van veel gebruikte afkortingen en termen binnen de OMWB AB

Algemeen Bestuur

OR

Ondernemingsraad

DB

Dagelijks Bestuur

GO

Georganiseerd Overleg

AO

Ambtelijk Overleg

PNB

Provincie Noord-Brabant

MT

Management Team

AM

Accountmanagement

ATO

Afdelingsteam Overleg

TM

Teammanagers

MD

Management Development

TB

Technisch Beraad

SSiB

Samen Sterk in Brabant

HoO

Huis op Orde

BRZO

Bedrijf Risico Zware Ongevallen

P&C

Planning & Control

Gemeenschappelijke Regeling

NIG

Niet-inrichtinggebonden taken

MWB-norm

Midden- en West-Brabant Norm

GR Burap

Bestuursrapportage

Marap

Maandrapportage

SBK

Termijnrapportages

VVGB

Omgevingsdienst

LPF

T1 (ect.) OD

<

Level Playing Field

Regionale Uitvoeringsdienst

WP

Werkprogramma

IB

CT

Collectieve Taken

WNT

Wet Normering Topinkomens

Vergunningverlening Toezicht & Handhaving

BBV

Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten

BV

Vergunningverlening, Toezicht, Handhaving, Klachten, Advies Inrichtingenbestand

VV

Vergunningverlening

T&H

Toezicht & Handhaving

Wgr

Wet Gemeenschappelijk Regeling

P1

Wettelijke basistaken

DVO

Dienstverleningsovereenkomst

P2

Verzoektaken

ODBN

Omgevingsdienst Brabant Noord

P3

Collectieve Taken

ODZOB

Omgevingsdienst Zuidoost-Brabant

P4

Buiten Werkprogramma

BOR

Besluit Omgevingsrecht

GUK

Gemeenschappelijk Uitvoeringskader

FAG

Financiële Adviesgroep

ROK

Regionaal Operationeel Kader

RUN

Regionaal Uitvoeringsniveau

IOV

Impuls Omgevingsveiligheid

OW

Omgevingswet

IPO

Interprovinciaal provinciaal overleg

BPO

Brabants Programma Omgevingsveiligheid

3D

<<

Verklaring van geen Bedenkingen

RUD

VTH

VTHKA

Sociaal Beleidskader

ITV

Bedrijfsvoering

Intensieve Veehouderij

3-Directeuren Overleg

OMWB Begroting 2024

35

>

Omgevingsdienst Midden- en West-Brabant

Postbus 75 5000 AB Tilburg 013 206 01 00 info@omwb.nl www.omwb.nl

<<

<

OMWB Begroting 2024

Ontwerp Eerste begrotingswijziging 2023

Datum 11 april 2023

Ontwerp 1e begrotingswijziging 2023

1

Inleiding Op 13 juli 2022 is door het Algemeen Bestuur de begroting 2023 inclusief meerjarenraming 2024-2026 vastgesteld. Voor u ligt de Ontwerp 1e begrotingswijziging 2023.

Ontwerp 1e begrotingswijziging 2023

2

Toelichting 1e begrotingswijziging 2023 Deze begrotingswijziging is een gevolg van de huidige (prijs)ontwikkelingen, het werken met een reëler tarief, de bestuurlijke goedgekeurde aanpassingen van de werkprogramma’s door deelnemers en het principeakkoord cao SGO (samenwerkende gemeentelijke organisaties) 2023. Zoals al in de kadernota 2024 is aangekondigd, hebben bovenstaande ontwikkelingen een behoorlijke impact op de eerder vastgestelde begroting. De inflatie op zichzelf en de daarmee samenhangende compenserende maatregelen zoals een forse verhoging van de cao-lonen leiden tot een fikse verhoging van de personeelslasten. Tegelijkertijd zien we dat verlofharmonisatie en het principeakkoord cao SGO 2023 leiden tot 4 extra vrije dagen, wat direct gevolgen heeft voor de declarabiliteit van medewerkers. Bij het vaststellen van de begroting voor 2023 waren deze ontwikkelingen nog niet te voorzien, dan wel waren op dat moment nog niet concreet genoeg te kwantificeren om te verwerken in de begroting. Gezien het grote effect van deze ontwikkelingen op de financiën van de OMWB nemen we deze nu wel op in de 1e begrotingswijziging 2023, zodat de correctie zo snel mogelijk kan worden doorgevoerd.

De noodzaak tot reëler begroten heeft als oorzaak dat de afgelopen jaren er een taakverschuiving naar meer specialistisch werk heeft plaatsgevonden waar relatief duurdere medewerkers op in worden gezet. Het begrote tarief is hierdoor niet meer in lijn met de daadwerkelijke tarieven. Overigens heeft deze wijziging voor de deelnemers minder impact omdat er altijd afgerekend wordt tegen werkelijk tarief. De landelijke trend van hoger ziekteverzuim is helaas voor de OMWB ook realiteit. Het in de begroting opgenomen percentage van 4,5% is niet haalbaar. We gaan in de hernieuwde begroting uit van een streefpercentage van 5,5%. Al deze ontwikkelingen leiden ertoe dat het rekentarief voor 2023 stijgt van € 97,00 naar € 106,70. In de verdere uitwerking zal dieper op de diverse ontwikkelingen worden ingegaan. Bijlage I bevat een geactualiseerd overzicht van de bijdrage per deelnemer. Door de latere bestuurlijke behandeling van de 1e Begrotingswijziging (ter vaststelling in het AB van 6 september) als gevolg van wijzigingen in het vergaderschema, zal in oktober een aanvullende voorschotnota aan de deelnemers verstuurd worden.

Ontwerp 1e begrotingswijziging 2023

3

Eerste begrotingswijziging 2023 Werkprogramma De benodigde urencapaciteit die voortvloeit uit de werkprogramma’s heeft de laatste jaren een gestage groei gekend. Voor 2023 wordt een werkpakket verwacht van ongeveer 353.600 uur, waarbij rekening is gehouden met de actualiteit, zoals stikstof. Qua tariefstelling geldt dat deze kostendekkend, en voor deelnemers als nietdeelnemers gelijk is. Het gemiddelde begrote tarief is het vertrekpunt voor de begroting 2023 en bedraagt € 106,70. In de volgende paragraaf wordt een verdere uiteenzetting van het tarief gegeven. Tarief Uitgangspunt is een realistische begroting. Voor de tariefbepaling voor 2023 is het gemiddelde uurtarief per 1 december 2022 van € 98,75 genomen. Waar voorheen het voorcalculatorisch tarief het vertrekpunt was, is nu uitgegaan van dit nacalculatorische tarief. Aanleiding hiervoor is dat het voorcalculatorisch tarief en het gemiddelde nacalculatorische tarief in de loop der jaren steeds meer uit elkaar zijn komen te liggen. Door nu het nacalculatorisch tarief als vertrekpunt te nemen, komen deze meer in lijn met elkaar. Het gemiddeld voorcalculatorisch tarief wordt gebruikt bij het opstellen van het werkprogramma, het nacalculatorisch tarief bij de afrekening met de deelnemers.

Het verschil tussen beide werd de laatste jaren steeds groter, waardoor planning (werkprogramma) en realisatie (afrekening) ver uit elkaar kwamen te liggen. In de jaarrekeningen van 2020 en 2021 is hierover ook gerapporteerd. Er is voor gekozen om in 2023 het verschil te overbruggen omdat het een groter verschil/ probleem werd. Gezien het feit dat de afrekeningen al tegen nacalculatorisch tarief plaatsvonden zal het financiële nadeel wellicht minder gevoeld worden. De oorzaak van het toenemende verschil tussen het voorcalculatorische en gemiddelde nacalculatorische tarief, is de verschuiving in het soort werkzaamheden. De nadruk is de afgelopen jaren steeds meer op specialistisch werk komen te liggen, dat in de regel een hoger tarief kent. Op het nacalculatorische tarief is vervolgens een correctie doorgevoerd naar actuele inzichten, gegeven de recente mondiale en nationale ontwikkelingen. De percentages toegepast in de oorspronkelijke begroting 2023 zijn immers niet meer passend gebleken. De verschillende onderdelen worden hierna toegelicht. Indexatie – Loonstijging en prijsstijging Er is inmiddels een principeakkoord cao SGO bereikt voor 2023.

In deze begrotingswijziging gaan wij uit van de loonstijging uit het principeakkoord en de prijsstijging uit de Macro Economische Verkenning 2023, die is gepubliceerd in de (herziene) september-circulaire 2022 van het Centraal Planbureau. De loonstijging bedraagt, voor de OMWB, gemiddeld 7,2% (2,3% toegepast in de oorspronkelijke begroting 2023) en de prijsstijging voor overheidsconsumpties bedraagt 5,9% (1,5% toegepast in de oorspronkelijke begroting 2023). Dit betekent een flinke stijging ten opzichte van de oorspronkelijke begroting. (Harmonisatie) verlofrechten In de cao SGO 2021-2022 (zoals vastgesteld op 27 januari 2022) is de hervorming van verlofrechten vastgelegd, geldend met ingang van 1 januari 2023. De impact van deze hervorming is in het tarief verwerkt. In het principeakkoord voor de cao SGO 2023 is daarnaast een extra verlofdag voor medewerkers opgenomen. Deze extra verlofdagen hebben een negatief effect op de te realiseren declarabele uren. Ziekteverzuim Het ziekteverzuim bij de OMWB vertoont al enige tijd een stijgende trend. Deze trend is landelijk. In de voorgaande jaren werd in de berekening van het tarief gerekend met 4,5%. Dit percentage is niet haalbaar. De gestage stijging gaat ook in 2023 door, al lijkt er een kentering ingezet te zijn waardoor het huidige ziekteverzuimpercentage rond 6,1% schommelt.

We monitoren het ziekteverzuim nauwlettend waarbij we de inzet van het beleid en de bijbehorende instrumenten intensiveren. Zo heeft er in samenwerking met de bedrijfsarts een intensief onderzoek plaatsgevonden naar aard en herkomst van ziektegevallen. Voor 2023 en 2024 houden we rekening met een streefpercentage van 5,5%. Dit wordt ook in het tarief verwerkt. Kosteneffectiviteit In de vergadering van het Algemeen Bestuur van 1 juli 2020 heeft een aantal deelnemers gevraagd of het mogelijk is de kosten van de dienst omlaag te brengen met behoud van kwaliteit van producten en dienstverlening. Eind 2020 is met verschillende interne werkgroepen naar het vraagstuk kosteneffectiviteit gekeken. Dit leidde tot een inschatting van het potentieel om kosteneffectiever te gaan werken en een grote hoeveelheid maatregelen om dat potentieel te realiseren. Op basis van deze uitkomsten van het onderzoek, dat nauwkeurig getoetst is door een Ontwerp 1e begrotingswijziging 2023 4

extern adviesbureau, is een besparingspotentieel van netto € 1.500.000 (€ 1.700.000 bruto besparingen -/– € 200.000 investeringen) op een totaalbedrag van € 35.500.000), fasegewijs te verwezenlijken voor 1 januari 2025, haalbaar en realistisch. Besparingen Kosteneffectiviteitsonderzoek bedragen x € 1.000

2022

2023

2024

2025

Vergunningverlening

-150

-300

-300

-300

Informatievoorziening

-500

-500

-500

-500

Kosteneffectiviteit fase 1

0

-500

-500

-500

Kosteneffectiviteit fase 2

0

0

-400

-400

-650

-1.300

-1.700

-1.700

Totaal kostenbesparingen

De totale besparing is in 2023 € 1.300.000. In de begroting 2022 is reeds een besparing van € 650.000 opgenomen. In 2023 wordt een tranche van € 650.000 ingeboekt. In het exploitatieoverzicht van het primaire proces is een besparing van € 478.000 opgenomen onder de algemene kosten. De concreter toe te wijzen besparingen zijn verwerkt in de overige rubrieken. Deze besparing heeft per saldo een drukkend effect op het uurtarief voor 2023 van € 1,92. Schematische weergave van het tarief Omschrijving

Toelichting

Bedrag per uur

Nacalulatorisch tarief 01-12-2022 Indexering 2023 en cao-verhoging 2023

€ 98,75 Gemiddeld 7,2% loonstijging en 5,9% prijsstijging

€ 6,79

Harmonisatie verlofrechten

€ 1,61

Ziekteverzuim van 4,5% naar 5,5%

€ 1,47

Besparingen Kosteneffectiviteit 2023

€ -650.000

€ -1,92

Tarief 2023

€ 106,70

In onderstaande tabel zijn de functionele, herziene tarieven voor het begrotingsjaar 2023 opgenomen, in vergelijking met de oorspronkelijke begroting 2023. Aanpassing van de tarieven heeft plaatsgevonden aan de hand van de relatieve stijging van het gemiddelde uurtarief uit deze eerste begrotingswijziging 2023 (€ 106,70) ten opzichte van de oorspronkelijke begroting (€ 97,00) tegen 10%. Conform de oorspronkelijke begroting 2023 kent de tabel een compacte opzet. In de praktijk is gebleken dat de eerdere, veelheid aan gedifferentieerde tarieven niet gehanteerd wordt. Indikking van de lijst is ook ingegeven vanuit doelmatigheid. Functioneel voorcalculatorische uurtarieven

2023 Begroting na 1e wijziging uurtarief

2023 Begroting voor wijziging uurtarief

MBO

€ 87,50

€ 79,55

HBO

€ 107,25

€ 97,50

Specialisten

€ 127,10

€ 115,55

Milieu

Tarieven buiten kantoortijd: Als kantoortijden hanteren we de maandagen tot en met de vrijdagen van 7.00 tot 22.00 uur. Alle overige tijdstippen zijn buiten kantoortijd. We hanteren een opslagpercentage van 30% op de tarieven voor werkzaamheden buiten kantoortijd.

Ontwerp 1e begrotingswijziging 2023

5

Exploitatie 2023 Op basis van bestuurlijk vastgestelde werkprogramma’s van de deelnemers en het herziene tarief voor 2023 is de omzet P1 tot en met P3 bijgesteld met € 4.374.000. Hieronder staat aangegeven binnen welk programma de bijstelling heeft plaatsgevonden. Binnen ‘Programmadeel 4: Buiten werkprogramma’ vindt een indexatie plaats op basis van de gemiddelde prijsstijging voor overheidsconsumpties. De Specifieke uitkeringen Omgevingsdiensten betreffen een ‘Specifieke uitkering extra ondersteuning toezicht en handhaving energiebesparingsplicht’ van € 1.146.000 en een ‘Specifieke uitkering Omgevingsdiensten inzet interbestuurlijk programma VTH’ van € 518.000. De totale omzet is naar verwachting dus € 6.070.000 hoger dan oorspronkelijk begroot. Baten (bedragen x € 1.000)

2023 Begroting voor wijziging

2023 Mutaties 1e wijziging

2023 Begroting na 1e wijziging

Programmadeel 1: Vergunningverlening, toezicht en handhaving Programmadeel 2: Advies en projecten

21.241

2.925

24.166

10.453

1.284

11.737

Programmadeel 3: Collectieve taken structureel

1.659

165

1.824

Programmadeel 4: Buiten werkprogramma

1.658

72

1.730

650

-40

610

0

1.664

1.664

35.660

6.070

41.730

Programmadeel 4: Overige exploitatie Specifieke uitkeringen Omgevingsdiensten Totaal baten

Hieronder wordt als eerste ingegaan op de lasten voor het primair proces, daarna volgen de lasten bedrijfsvoering en de overige lasten. Lasten (bedragen x € 1.000)

Primair proces Personeelslasten Lonen & salarissen Reiskosten Overige personele kosten Personeel niet in loondienst Detacheringsinkomsten Subtotaal

2023 Begroting voor wijziging

2023 Mutaties 1e wijziging

2023 Begroting na 1e wijziging

18.861 364 256 3.165 0 22.645

3.503 -57 221 949 0 4.616

22.364 307 477 4.114 0 27.262

92 92

-13 -13

79 79

71 87 17 25 200

33 -87 6 -7 -55

104 0 23 18 145

Overige kosten Laboratoriumkosten Milieumetingen Subtotaal

1.658 650 2.308

93 -40 53

1.751 610 2.361

Algemene kosten Van goed naar beter Subtotaal

-478 -478

0 0

-478 -478

24.766

4.601

29.369

Afschrijvingen Afschrijvingen Subtotaal Huisvesting en organisatie Huisvesting en facilitaire kosten Tractie Automatisering Algemeen beheer Subtotaal

Totaal lasten Primair proces

Ontwerp 1e begrotingswijziging 2023

6

Toelichting Salarissen en Inhuurbudgetten: De kosten voor lonen en salarissen zijn toegenomen ten opzichte van de oorspronkelijke begroting 2023 door een loonstijging vanuit het principeakkoord cao SGO 2023, een actualisatie op basis van de huidige bezetting en door extra formatie voor werkzaamheden voorvloeiend uit de ‘Specifieke uitkering extra ondersteuning toezicht en handhaving energiebesparingsplicht’. In de oorspronkelijke begroting is rekening gehouden met een loonstijging van 2,3%. In deze eerste begrotingswijziging is naar de meest recente inzichten de huidige bezetting als basis gehanteerd, welke vervolgens is geïndexeerd met een gemiddelde loonstijging van 7,2% uit het principeakkoord cao SGO 2023. Door deze indexatie nemen de salariskosten met € 840.000 toe. De actualisatie op basis van de huidige bezetting zorgt voor een toename van de kosten van lonen en salarissen van € 1.694.000, bestaande uit formatie-uitbreiding en periodieke ophogingen. Voor de werkzaamheden voortvloeiend uit de ‘Specifieke uitkering extra ondersteuning toezicht en handhaving energiebesparingsplicht’ is 7 fte (€ 588.000) extra opgenomen.

De toename van kosten voor personeel niet in loondienst wordt voornamelijk veroorzaakt door een daling van de declarabiliteitsnorm van 1.328 uur per fte naar 1.300 uur per fte als gevolg van de harmonisatie van verlofrechten, hoger ziekteverzuim en extra verlof als onderdeel van het principeakkoord tussen werkgevers en bonden. Het verlies in aantal declarabele uren wordt opgevangen met de inzet van ingehuurd personeel. Toelichting Reiskosten: Er is een nieuwe balans ontstaan tussen thuis en fysiek op kantoor werken (het zogeheten hybride werken). Als gevolg hiervan is er sprake van minder reisbewegingen en dus lagere reiskosten. Tegelijkertijd leidt deze beweging tot hogere thuiswerkvergoedingen. We verwachten daarom een verschuiving van de reiskosten naar de overige personele kosten voor een bedrag van € 75.000. Hiervan heeft (naar rato van de begroting) € 57.000 betrekking op het primair proces. Toelichting Overige personele kosten: Als gevolg van de ‘Specifieke uitkering extra ondersteuning toezicht en handhaving energiebesparingsplicht’, nemen de overige personele kosten toe. Het betreft onder andere opleidingskosten en kosten voor werving en selectie; met een totaalbedrag van € 130.000. Aanvullend heeft er een actualisatie vanuit het opleidingsplan plaatsgevonden.

Ook stijgen de verwachte kosten voor de thuiswerkvergoeding, zoals opgenomen onder de toelichting van de reiskosten. Toelichting Afschrijvingen: In het kader van een nauwkeurigere toerekening van kosten, vindt een verschuiving plaats van afschrijvingen van bedrijfsvoering naar afschrijvingen van het primair proces. Daarnaast is de afschrijvingslast aangesloten bij de aanwezige activa en hun resterende looptijd en is rekening gehouden met actuele inzichten voor investeringen voor het boekjaar 2023. Toelichting Huisvesting en organisatie: De kosten van energie zijn de afgelopen periode enorm gestegen. De uitgaven om kantoorruimte van voldoende licht, warmte en koeling te voorzien nemen daardoor sterk toe. Dit betekent dat de oorspronkelijk begrote servicekosten onvoldoende zijn om deze kosten in 2023 te dekken en heeft ophoging van de begroting plaatsgevonden met ongeveer 25% ten opzichte van het kostenniveau van 2022. Daarnaast heeft een indexering plaatsgevonden op de huurkosten. Toelichting tractiekosten: Er heeft een verschuiving plaatsgevonden van de tractiekosten van het primair proces naar de tractiekosten van bedrijfsvoering. Hiermee sluiten we beter aan op de regels van de Commissie BBV.

Toelichting kosten Automatisering: De verhoging van de verwachte kosten voor automatisering heeft betrekking op de automatiseringskosten voor de ‘Specifieke uitkering extra ondersteuning toezicht en handhaving energiebesparingsplicht’. Deze kosten worden gedekt vanuit de betreffende uitkering. Toelichting kosten Algemeen beheer: Naar actuele inzichten is er een aanpassing gedaan op de te verwachten kosten voor algemeen beheer. Daarnaast heeft een verschuiving van kosten van primair proces naar kosten van bedrijfsvoering plaatsgevonden. Hierdoor is er een daling zichtbaar ten opzichte van de oorspronkelijke begroting. Toelichting Laboratoriumkosten: Als gevolg van de indexatie van ‘opbrengsten van kosten’ (binnen programmadeel 4 ‘Buiten werkprogramma’), zijn de te verwachten laboratoriumkosten naar boven bijgesteld. Deze bijstelling heeft een resultaatneutraal effect. Ontwerp 1e begrotingswijziging 2023 7

De lasten van Bedrijfsvoering laten de volgende opbouw zien: Lasten (bedragen x € 1.000) Bedrijfsvoering Personeelslasten Lonen & salarissen Reiskosten Overige personele kosten Personeel niet in loondienst Detacheringsinkomsten Subtotaal

2023 Begroting voor wijziging

2023 Mutaties 1e wijziging

2023 Begroting na 1e wijziging

4.850 250 1.178 351 0 6.629

804 0 -18 0 93 72 0 951

5.654 232 1.271 423 0 7.580

130 130

-49 -49

81 81

Huisvesting en organisatie Huisvesting en facilitaire kosten Tractie Automatisering Algemeen beheer Subtotaal

1.014 0 1.921 971 3.906

186 92 462 -177 563

1.200 92 2.383 794 4.469

Totaal lasten Bedrijfsvoering

10.664

1.465

12.130

Afschrijvingen Afschrijvingen Subtotaal

Toelichting Salarissen en Inhuurbudgetten: Aanpassing van de oorspronkelijke begroting heeft plaatsgevonden op basis van de huidige bezetting en de indexering van 7,2% uit het principeakkoord cao SGO 2023. Door de indexatie nemen de salariskosten met € 186.000 toe. De actualisatie op basis van de huidige bezetting zorgt voor een toename van de kosten van lonen en salarissen van € 488.000. Daarnaast vindt er een verschuiving plaats van de kosten van de kwaliteitsmanager van het budget ‘Van goed naar beter’ opgenomen onder de kosten van algemeen beheer naar kosten van lonen en salarissen voor een bedrag van € 125.000. De toename van kosten voor personeel niet in loondienst wordt voornamelijk veroorzaakt door de ‘Specifieke uitkering interbestuurlijk programma VTH’. Zo wordt er een data engineer ingehuurd ter ondersteuning. Toelichting Reiskosten: Zoals reeds bij de toelichting op het primair proces vermeld, is er een nieuwe balans ontstaan tussen thuis en fysiek op kantoor werken. Als gevolg hiervan is er sprake van minder reisbewegingen en dus lagere reiskosten. Daartegenover staan echter hogere thuiswerkvergoedingen. We verwachten dat er een verschuiving plaatsvindt van reiskosten naar overige personele kosten voor een bedrag van in totaal € 75.000. Hiervan heeft (naar rato van de begroting) € 18.000 betrekking op de bedrijfsvoering.

Toelichting Overige personele kosten: Het mobiliteitsbudget is geïndexeerd op basis van de oorspronkelijke begroting 2022 en niet op basis van de realisatie 2022. Dit is in lijn met voorgaande jaren. Daarnaast heeft een verschuiving plaatsgevonden vanuit de reiskosten naar de overige personele kosten. Voor verdere onderbouwing van deze verschuiving wordt verwezen naar de toelichting zoals opgenomen bij de reiskosten. Toelichting Afschrijvingen: Zoals reeds vermeld bij het primair proces vindt - in het kader van een nauwkeurigere toerekening van kosten - een verschuiving plaats van afschrijvingen van bedrijfsvoering naar afschrijvingen van het primair proces. Daarnaast is de afschrijvingslast aangesloten bij de aanwezige activa en hun resterende looptijd en is rekening gehouden met actuele inzichten voor investeringen voor het boekjaar 2023. Toelichting Huisvesting en facilitaire kosten: Gemeente Tilburg huurt de zesde etage van het gebouw aan de Spoorlaan tot en met juni 2023 van de OMWB. Daarna valt de opbrengst van de verhuur weg. Zoals bij het primair proces reeds vermeld, zijn de kosten van energie enorm gestegen. Dit betekent dat de huidige begrote servicekosten onvoldoende zijn om deze kosten in 2023 te dekken en heeft ophoging van de begroting plaatsgevonden met ongeveer 25% ten opzichte van het kostenniveau van 2022.

Daarnaast heeft een indexering plaatsgevonden op de huurkosten. Ontwerp 1e begrotingswijziging 2023

8

Toelichting Tractie: Zoals reeds in de toelichting op het primair proces vermeld, vindt er een verschuiving plaats van de tractiekosten naar bedrijfsvoering. Hiermee sluiten we beter aan op de regels van de Commissie BBV. Daarnaast heeft een indexatie van de verwachte kosten plaatsgevonden. Toelichting kosten Algemeen beheer: Zoals reeds vermeld bij de toelichting op de kosten van lonen en salarissen heeft er een verschuiving plaatsgevonden van de kosten van de kwaliteitsmanager van het budget ‘Van goed naar beter’ (opgenomen onder de kosten van algemeen beheer) naar de kosten van lonen en salarissen van € 125.000. Daarnaast wordt een besparing verwacht op de kosten voor algemeen beheer van afgerond € 50.000. Toelichting kosten Automatisering: De automatiseringskosten zijn geïndexeerd op basis van de realisatie 2022. Daarnaast is er sprake van tijdelijke inhuur ter versterking van het team Informatievoorziening. De Overige lasten zijn als volgt opgenomen: Lasten (bedragen x € 1.000)

2023 Begroting voor wijziging

2023 Mutaties 1e wijziging

2023 Begroting na 1e wijziging

Overig Diverse baten en lasten Onvoorzien Vennootschapsbelasting Subtotaal

0 150 5 155

0 0 0 0

0 150 5 155

Totaal lasten Overig

155

0

155

Toelichting: Voor de overige lasten zijn er geen afwijkingen te melden. Het resultaat wordt dan als volgt weergegeven: Resultaat bedragen x € 1.000

2023 Begroting voor wijziging

2023 Mutaties 1e wijziging

2023 Begroting na 1e wijziging

Totaal baten

35.660

6.070

41.730

Totaal lasten

35.585

6.070

41.655

Resultaat

75

0

75

Stortingen reserves

75

0

75

Onttrekkingen reserves

0

0

0

75

0

75

0

0

0

Totaal reserves Gerealiseerd resultaat

Ontwerp 1e begrotingswijziging 2023

9

(Vervangings-)investeringen 2023 In 2023 zal een aantal bedrijfsmiddelen opnieuw aangeschaft of vervangen moeten worden. Daarnaast zijn we in het kader van een nog af te sluiten nieuwe overeenkomst, voornemens om te investeren in twee nieuwe meetstations. Het uitgangspunt is dat het dagelijks bestuur met het vaststellen van de eerste begrotingswijziging 2023 goedkeuring verleent aan het onderstaande overzicht (vervangings-)investeringen. Investeringen bedragen x € 1.000

2022

Huisvesting

2023

2024

2025

2026

100

40

50

0

0

Automatisering

0

0

50

0

0

Communicatiemiddelen

0

0

0

0

0

Wagenpark

40

150

0

0

0

Technische apparatuur

0

575

0

0

75

140

765

100

0

75

Totaal

Bij vervanging van activa wordt nut en noodzaak afgewogen. Niet altijd kan vervanging plaatsvinden tegen de geraamde aanschafwaarden, wat betekent dat de werkelijke lasten afwijken van de in bovenstaande tabel opgenomen jaarlasten. Substantiële afwijkingen melden we bij de bestuursrapportages. Voor activering van investeringen wordt vanaf 2022 een ondergrens van € 1.000 (was voorheen € 10.000) gehanteerd. Vervangingen of aanschaffingen onder deze grens verantwoorden we in de exploitatie. Met het vaststellen van de begrotingswijziging worden ook de afschrijvingstermijnen voor investeringen vastgesteld. De afschrijvingen vinden - eveneens vanaf 2022 - plaats bij ingebruikname van het actief (was het jaar volgend op activering). Vanwege de teruglopende investeringen is de financiële impact van beide veranderingen niet materieel. Het financiële beleid is overeenkomstig aangepast. Afschrijvingstermijnen Bij investeringen worden de volgende afschrijvingstermijnen gehanteerd: Tabel met gehanteerde afschrijvingstermijnen

Aantal jaren

Automatisering

5

Huisvesting

10

Communicatiemiddelen

3

Vervoersmiddelen

7

Technische apparatuur

15

Overheveling budgetten/onttrekking reserve Vanuit de jaarrekening 2022 vindt geen budgetoverheveling plaats naar 2023.

Ontwerp 1e begrotingswijziging 2023

10

Bijlage I Specificatie bijdrage per deelnemer In onderstaande tabel zijn de herziene deelnemersbijdragen per programma opgenomen voor 2023. Hierbij zijn de volgende uitgangspunten gehanteerd: De bedragen zijn gebaseerd op de bestuurlijk goedgekeurde werkprogramma’s voor 2023; de bedragen zijn geïndexeerd op basis van het herziene tarief uit de eerste begrotingswijziging; de bijdragen zijn gecorrigeerd voor de effecten van het kosteneffectiviteitsonderzoek en de evaluatie van de MWB-norm, uitgevoerd in het najaar van 2021; de bijdragen voor programma 3 betreffen de bijdragen van de deelnemers inclusief SSIB (in totaliteit 335.000). De uitvoering van SSIB vindt plaats door de ODBN. De OMWB betaalt derhalve deze vaste bijdrage door aan de collega-omgevingsdienst. De effecten van de verhoging van de werkprogramma’s en de indexatie op basis van het herziene tarief zijn opgenomen in de tabel daaronder. Deelnemersbijdrage 2023 na 1e wijziging Gemeente

P1

P2

P3

Totaal

Alphen-Chaam

367.997

78.656

42.606

489.259

Altena

822.535

181.133

80.035

1.083.702

Baarle-Nassau

367.718

57.983

37.368

463.069

Bergen op Zoom

857.376

679.425

57.622

1.594.424

Breda

1.754.985

584.469

137.091

2.476.545

Dongen

295.582

116.738

35.180

447.499

Drimmelen

473.233

219.462

61.095

753.791

Etten-Leur

408.474

60.337

51.534

520.345

Geertruidenberg

421.667

109.834

35.848

567.349

Gilze en Rijen

351.538

100.912

48.700

501.150

Goirle

222.988

49.218

25.479

297.685

Halderberge

533.342

213.793

56.602

803.736

Heusden

416.350

259.600

42.313

718.263

Hilvarenbeek

460.807

184.040

47.815

692.661

Loon op Zand

277.413

135.971

43.316

456.701

Moerdijk

1.154.658

619.243

76.459

1.850.359

Oisterwijk

453.747

270.842

56.382

780.971

Oosterhout

800.506

235.607

82.596

1.118.710

Roosendaal

790.000

514.469

91.469

1.395.938

Rucphen

296.841

116.412

37.520

450.772

Steenbergen

459.282

142.899

52.909

655.090

Tilburg

2.006.370

1.032.114

149.618

3.188.102

Waalwijk

660.845

272.788

57.065

990.698

Woensdrecht

241.153

123.573

31.442

396.168

Zundert

546.315

247.163

70.426

863.905

15.441.722

6.606.678

1.508.491

23.556.891

8.723.851

5.130.209

565.469

14.419.529

24.165.573

11.736.887

2.073.960

37.976.420

Totaal gemeenten Provincie Totaal bijdrage 2023

Ontwerp 1e begrotingswijziging 2023

11

Verloop deelnemersbijdrage 1e wijziging 2023 Gemeente

Oorspronkelijke begroting

Verhoging werkprogramma

Aanpassing tarief

Eerste begrotingswijziging

Alphen-Chaam

446.036

-346

43.569

489.259

Altena

819.649

166.443

97.609

1.083.702

Baarle-Nassau

424.034

-2.152

41.188

463.069

Bergen op Zoom

1.403.849

46.536

144.039

1.594.424

Breda

2.170.726

81.587

224.231

2.476.545

Dongen

407.650

76

39.773

447.499

Drimmelen

643.028

43.145

67.617

753.791

Etten-Leur

418.275

55.675

46.395

520.345

Geertruidenberg

493.056

23.625

50.668

567.349

Gilze en Rijen

458.547

-2.047

44.650

501.150

Goirle

272.482

-951

26.153

297.685

Halderberge

626.411

105.168

72.158

803.736

Heusden

465.000

188.876

64.388

718.263

Hilvarenbeek

606.605

23.996

62.060

692.661

Loon op Zand

386.738

29.353

40.609

456.701

Moerdijk

1.680.144

2.910

167.305

1.850.359

Oisterwijk

696.172

14.710

70.088

780.971

Oosterhout

1.017.918

0

100.792

1.118.710

Roosendaal

1.227.468

42.476

125.994

1.395.938

Rucphen

381.171

29.532

40.070

450.772

Steenbergen

564.175

32.270

58.645

655.090

Tilburg

2.899.183

0

288.918

3.188.102

Waalwijk

764.629

136.915

89.154

990.698

Woensdrecht

385.494

-24.433

35.106

396.168

Zundert

703.902

82.375

77.628

863.905

Totaal gemeenten

20.362.342

1.075.741

2.118.808

23.556.891

Provincie

13.325.016

-131.354

1.225.866

14.419.529

Totaal bijdrage 2023

33.687.358

944.387

3.344.675

37.976.420

Ontwerp 1e begrotingswijziging 2023

12

Omgevingsdienst Midden- en West-Brabant

Jaarstukken 2022

geheel document digitaal gewaarmerkt voor identificatiedoeleinden R.B. www.omwb.nl

14 april 2023 >

Inhoudsopgave 1. Voorwoord

3

3. Jaarrekening

34

2. Jaarverslag

4

3.1

Balans ultimo boekjaar

35

3.2

Het overzicht van baten en lasten

37

2.1

Inleiding

4

3.3

Toelichtingen

40

2.2

Het resultaat 2022

5

3.3.1 Grondslagen voor waardering en resultaatbepaling

40

2.3

Toelichting op het resultaat 2022

5

3.3.2 Toelichting op de balans per 31 december 2022

43

2.4

Programmaverantwoording

7

3.3.3 Toelichting op het overzicht van baten en lasten 2022

48

3.3.4 Kengetallen

51

2.4.1 P  rogrammadeel 1: Vergunningverlening, toezicht en handhaving (basistaken)

8

<<

<

52 52

2.4.3 Programmadeel 3: Collectieve taken

23

3.5

Publicatieverplichting op grond van de WNT

53

2.4.4 Programmadeel 4: Overige exploitatielasten en –baten

23

3.6

Verantwoordingsinformatie Specifieke Uitkeringen (SiSa)

55

2.4.5 Specifieke uitkering Omgevingsdiensten

23

en de post Onvoorzien 2.5

3.3.5 Toelichting op de baten

15

2.4.6 K  osten van Bedrijfsvoering, Vennootschapsbelasting

Bijlage 1: Kwaliteitscriteria 2.2

56

23

Paragrafen

24

2.5.1 Weerstandsvermogen en risicobeheersing

24

2.5.2 Financiering

27

2.5.3 Bedrijfsvoering - plannen en resultaten

29

2.5.4 Wet open overheid (Woo)

33

OMWB Jaarrekening 2022

3.4

Overzicht baten en lasten per taakveld 2022

2.4.2 Programmadeel 2: Adviezen en projecten

2

>

1.

Voorwoord Voor u liggen de jaarstukken 2022 van de Omgevingsdienst Midden-­en West-Brabant (hierna OMWB). De jaarstukken vormen het sluitstuk van de Planning & Control-cyclus en bestaan uit de volgende onderdelen: •

het jaarverslag 2022, bestaande uit de programmaverantwoording en de paragrafen;

•

de jaarrekening 2022, bestaande uit de balans, het overzicht van baten en lasten over het boekjaar en de toelichtingen.

Met dit jaarverslag en de jaarrekening verantwoordt de OMWB zich aan zijn deelnemers over het gevoerde beleid van het afgelopen jaar.

<<

<

OMWB Jaarrekening 2022

3

>

2.

Jaarverslag 2.1 Inleiding Het jaar 2022 was voor de Omgevingsdienst Midden- en West-Brabant (OMWB) wederom een druk jaar. De vele verschillende thema’s die verbonden zijn aan een veilige, schone en duurzame leefomgeving, staan hoog op de politiek-bestuurlijke agenda. De werkdruk is fors en de dynamiek is groot. De OMWB blijft ondertussen onverminderd in staat om bij deze maatschappelijke opgaven een steeds belangrijkere rol te vervullen. De dienst sluit het boekjaar 2022 naar tevredenheid af met een positief financieel resultaat van €583.000. Dat komt voor een groot deel door incidentele opbrengsten maar ook was er sprake van een productief laatste kwartaal. Daarnaast ontstond het afgelopen jaar een nieuwe balans tussen thuis en fysiek op kantoor werken. Als gevolg hiervan is natuurlijk bespaard op reiskosten van personeel maar tegelijkertijd leidt deze beweging ook tot hogere thuiswerkvergoedingen. Het streven naar data- en informatiegestuurd werken is één van de speerpunten bij de doorontwikkeling van de OMWB naar een professionele organisatie. Hoe beter het ons lukt om data te vertalen naar waardevolle informatie en inzichten, hoe beter we kunnen bijdragen aan een schone, veilige en duurzame leefomgeving. We zullen de komende jaren dan ook blijven investeren in de ontwikkeling van de juiste kennis, competenties en (ICT-)structuren.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.roosendaal.nl/api/v1/meetings/1433/documents/38555