04. OMWB begroting 2024 en jaarstukken 2022.pdf
Tekst van het document
4.2.2 Financieel technische uitgangspunten De volgende financieel-technische uitgangspunten zijn in de begroting inclusief meerjarenraming gehanteerd: Baten - V oor 2024 wordt vanuit de extrapolatie van de werkprogramma’s 2023 een werkpakket verwacht van ca. 349.700 declarabele uren; - e r geldt een kostendekkend, gemiddeld tarief, dat gelijk is voor deelnemers en niet-deelnemers; - b asis voor het financieringsmodel voor de deelnemende gemeenten is de MWB-norm; met inbegrip van de effecten volgend uit de evaluatie uitgevoerd in het najaar van 2021.
<<
<
OMWB Begroting 2024
20
>
Lasten
Het onderdeel ‘Informatievoorziening’ is reeds in de Begroting 2022 verwerkt
- C onform de (herziene) september-circulaire 2022 is rekening gehouden
in de kosten van Bedrijfsvoering. De overige onderdelen zijn opgenomen onder
met een gemiddelde loonkostenstijging van 4,2% ten opzichte van 2023;
Primair proces. ‘Vergunningverlening’ is opgenomen in de salariskosten, terwijl
- c onform de (herziene) september-circulaire 2022 is rekening gehouden met
‘Kosteneffectiviteit fase 1’ en ‘fase 2’ zijn weergegeven onder ‘Algemene kosten’,
een gemiddelde prijsstijging van 2,4% ten opzichte van 2023;
‘Van goed naar beter’.
- e xtrapolatie van de werkprogramma’s 2023 vraagt een benodigde formatie voor het primaire proces van circa 269 fte;
De besparingen van € 528.000 in 2023 en van € 400.000 in 2024 zijn het effect
- d e personeelsformatie voor het primaire proces bedraagt 247 fte, dit betreft
van projecten opgestart in 2022. Het bedrag van € 528.000 betreft enerzijds
het plafond van 240 fte vermeerderd met 7 fte voor de ‘Specifieke uitkering
een besparing van € 478.000 opgenomen onder algemene kosten en een
extra ondersteuning toezicht en handhaving energiebesparingsplicht’. De
bedrag van € 50.000 als gevolg van het niet invullen van functies door verdere
‘overbrugging’ naar 269 fte gebeurt met inhuur van derden;
digitalisering en automatisering van werkzaamheden. In 2024 betreft het een
- er wordt rekening gehouden met een declarabiliteitsnorm van 1.300 uur per fte;
besparing van € 400.000 die is opgenomen onder de algemene kosten.
- het BBV schrijft voor dat kosten van bedrijfsvoering (in BBV-termen ‘Overhead’) afzonderlijk worden begroot en verantwoord. Volgens de definitie van het BBV
Teneinde de besparingen structureel binnen de dienst te verankeren, zijn op
worden tot de bedrijfsvoering gerekend “Alle kosten die samenhangen met de
voorhand ‘investeringen’ noodzakelijk. In onderhavige begroting, en die van
sturing en ondersteuning van de medewerkers in het primaire proces”;
2023 zijn de volgende maatregelen doorgevoerd:
- d e formatieomvang van bedrijfsvoering bedraagt 59 fte; - o m mogelijke tegenvallers adequaat te kunnen opvangen, wordt rekening gehouden met een post onvoorzien van € 150.000. Deze post staat ter
Maatregelen Kosten-
2023
2024
2025
2026
250
-
-
-
effectiviteit onderzoek Bedragen x € 1.000
beschikking van het Dagelijks Bestuur.
Kosteneffectiviteit - initieel
- de structurele effecten van het principeakkoord cao SGO 2023 zijn verwerkt.
Kosteneffectiviteit - structureel
200
200
200
200
Totaal investeringen
450
200
200
200
4.2.3 Maatregelen kosteneffectiviteitsonderzoek ‘Van goed naar beter’ Volgens afspraak met het Algemeen Bestuur zijn in de begroting 2024 en meerjarenraming 2025-2027 de maatregelen volgend uit het kosteneffec
Met deze maatregelen wordt een structurele kostenreductie van € 1,5 miljoen
tiviteitsonderzoek ‘Van goed naar beter’ verder uitgewerkt. De volgende
gerealiseerd met behoud van de uitvoeringskwaliteit. Sterker nog, naar ver-
kostenbesparingen zijn in de cijfers verwerkt.
wachting neemt de kwaliteit toe. In de Begroting 2022 is berekend dat zonder
Maatregelen Kosteneffectiviteit onderzoek Bedragen x € 1.000
2022
Vergunningverlening
-150
-150
-
-
-300
Informatievoorziening
-500
-
-
-
-500
-
-528
-
-
-528
-
-400
-
-400
-678
-400
-
-1.728
Kosteneffectiviteit fase 1
<<
<
OMWB Begroting 2024
2024
2025
Totaal
deze maatregelen de deelnemersbijdrage voor het jaar 2025 4% (€ 1,3 miljoen) hoger zou uitvallen.
Kosteneffectiviteit fase 2 Totaal kostenbesparingen
2023
-650
21
>
Het overzicht van de lasten Primair proces is als volgt: 4.3 Begroting 2024 en meerjarenraming 2025-2027 Het overzicht van baten is als volgt: Baten Bedragen x € 1.000
Begroting* 2023
Begroting 2024
2025
2026
2027
Lonen & salarissen
23.381
24.340
25.289
25.750
307
315
322
329
335
Overige personeelskosten
264
477
495
507
517
424
3.470
4.114
3.587
3.207
3.294
3.374
25.979
26.888
Programmadeel 2: Advies en Projecten
9.627
11.737
11.978
12.428
12.863
13.313
Programmadeel 3: Collectieve taken
1.624
1.824
1.859
1.929
1.996
2.066
Totaal Personele kosten
Programmadeel 4: Buiten werkprogramma
2.827
1.730
1.771
1.838
1.902
1.969
Afschrijvingskosten
Programmadeel 4: Overige exploitatiebaten
601
610
610
610
610
610
Specifieke uitkeringen Omgevingsdiensten
97
1.664
1.145
672
672
-
35.618
41.730
41.553
42.577
44.022
44.846
-113
-75
-42
-42
-42
-42
Gerealiseerd resultaat
2027
22.364
25.101
Totaal lasten
2026
245
24.191
Totaal reserves
2025
19.298
24.166
Onttrekkingen reserves
Begroting 2024
Reiskosten 20.842
Stortingen reserves
Begroting* 2023
Personele kosten
Programmadeel 1: Vergunningverlening, Toezicht en Handhaving
Totaal baten
Realisatie 2022 Primair proces
Meerjarenraming Realisatie 2022
Meerjarenraming
Lasten Bedragen x € 1.000
-
-
-
-
-
-
-113
-75
-42
-42
-42
-42
34.921
41.654
41.511
42.535
43.981
44.804
583
-
-
-
-
-
Personeel niet in loondienst Detacheringsinkomsten
-73
-
-
-
-
-
23.204
27.262
27.778
28.377
29.429
29.882
Afschrijvingskosten
82
79
128
129
129
134
Totaal Afschrijvingskosten
82
79
128
129
129
134
104
106
109
111
113
Huisvesting en organisatiekosten Huisvesting en facilitaire kosten Tractie
72 -
-
-
-
-
-
Automatisering
23
23
20
21
21
20
Algemeen beheer
12
18
18
19
19
20
107
145
145
149
151
152
Totaal Huisvesting en organisatiekosten
Kosten primaire werkzaamheden verricht door derden Laboratoriumkosten Milieumetingen Totaal Kosten primaire werkzaamheden verricht door derden
1.588
1.751
1.793
1.836
1.871
1.906
549
610
610
610
610
610
2.137
2.361
2.403
2.446
2.481
2.516
Algemene kosten
* dit betreft de 1e begrotingswijziging 2023
<<
<
OMWB Begroting 2024
‘Van goed naar beter’
-
-478
-878
-878
-878
-878
Totaal Algemene kosten
-
-478
-878
-878
-878
-878
25.530
29.369
29.576
30.222
31.312
31.807
Totaal lasten Primair proces
22
>
Het overzicht van de lasten Bedrijfsvoering is als volgt: Lasten Bedragen x € 1.000
Op grond van het BBV wordt inzicht verschaft in de structurele en incidentele baten en lasten voor de OMWB. In het volgende overzicht wordt dit weergegeven
Meerjarenraming Realisatie 2022
Begroting* 2023
Begroting 2024
2025
2026
(bedragen x € 1.000): 2027
2024
Bedrijfsvoering Personele kosten Lonen & salarissen
4.567
5.654
6.096
6.346
6.593
6.850
Reiskosten
111
232
238
244
248
253
Overige personeelskosten
688
1.271
1.267
1.297
1.322
1.347
Personeel niet in loondienst
392
423
-
-
-
-
Detacheringsinkomsten
-42
-
-
-
-
-
5.715
7.580
7.600
7.886
8.163
8.450
Afschrijvingskosten
151
81
85
79
79
39
Totaal Afschrijvingskosten
151
81
85
79
79
39
Totaal Personele kosten
2025
2026
2027
Baten
Lasten
Baten
Lasten
Baten
Lasten
Baten
Lasten
Structureel
41.553
41.511
42.577
42.535
44.022
43.981
44.846
44.804
Incidenteel
-
-
-
-
-
-
-
-
Afschrijvingskosten
Huisvesting en organisatie Huisvesting en facilitaire kosten
1.030
1.200
1.229
1.258
1.282
1.306
Tractie
57
92
94
96
98
100
Algemeen beheer
415
794
555
569
579
590
Automatisering
2.068
2.383
2.216
2.269
2.312
2.356
Totaal Huisvesting en organisatie
3.570
4.469
4.094
4.192
4.272
4.353
Totaal lasten Bedrijfsvoering
9.436
12.130
11.780
12.158
12.514
12.842
Overig Diverse baten en lasten
<<
<
-45
-
-
-
-
-
Onvoorzien
0
150
150
150
150
150
Vennootschapsbelasting
1
5
5
5
5
5
Subtotaal
-45
155
155
155
155
155
Totaal Overig
-45
155
155
155
155
155
Totaal lasten
34.921
41.654
41.511
42.535
43.981
44.804
OMWB Begroting 2024
* dit betreft de 1e begrotingswijziging 2023
23
>
5.
Toelichting op de begroting 2024 In dit onderdeel wordt een toelichting gegeven op de belangrijkste verschillen tussen de 1e begrotingswijziging 2023 en 2024. Aan het einde van dit hoofdstuk wordt inzicht gegeven in de beschikbare declarabiliteit en de te hanteren functionele tarieven voor het begrotingsjaar 2024. 5.1 Toelichting op de baten De baten van de OMWB bestaan voor het voornaamste deel uit bijdragen van onze deelnemers voor diensten en producten die zij afnemen. De baten zijn in beginsel gebaseerd op de omvang van de werkprogramma’s 2023. Daarbij ziet de OMWB de laatste jaren een toename van het aantal verzoektaken en taken buiten het werkprogramma. In bijlage 1 zijn de bijdragen voor 2024 en verder per deelnemer gespecificeerd. In het ‘Overzicht van baten’, opgenomen in hoofdstuk 4, is een reductie van € 400.000 opgenomen. Het betreft het effect van de tweede fase van het kosteneffectiviteitsonderzoek. Conform paragraaf 4.2.3. zijn voor 2024 verdere maatregelen uit het kosteneffectiviteitsonderzoek verwerkt, welke structureel doorwerken in de bijdragen van deelnemers. Zonder deze maatregelen zou de bijdrage over 2025 4% (€ 1,3 miljoen) hoger uitvallen. Ook de effecten van de evaluatie van de MWB-norm, uitgevoerd in het najaar van 2021, zijn in de bijdragen van de deelnemers verwerkt.
<<
<
OMWB Begroting 2024
24
>
5.2 Toelichting op de lasten
ding. De kosten van deze vergoeding zijn onder de post ‘Overige personele
Voor de begroting 2024 worden de ramingen van de kosten vergeleken met die van
kosten’ opgenomen;
de 1 begrotingswijziging 2023. Waar nodig zijn de verschillen nader toegelicht. e
Personeelslasten
Begroting* 2023
Begroting 2024
Bedragen x € 1.000
arbo, werving & selectie, personeelsvereniging en werkkleding;
Personele kosten 22.364
23.381
Reiskosten
307
315
Overige personeelskosten
477
495
Personeel niet in loondienst
4.114
3.587
-
-
27.262
27.778
Detacheringsinkomsten Totaal Personele kosten
Overige personeelslasten: • Kosten die hieronder geschaard worden, betreffen onder andere: opleidingen,
Primair proces
Lonen & salarissen
• indexering: 2,4%.
* dit betreft de 1e begrotingswijziging 2023
• indexering: 2,4%. Personeel niet in loondienst: • De formatie is gebaseerd op 247 fte. Het werkaanbod ligt circa 28.600 uur hoger dan met deze formatie bewerkstelligd kan worden, dit betreft circa 22 fte. Aanvullend wordt een deel van de formatie ingevuld door inhuur van externe medewerkers. De laatste jaren heeft de OMWB samen met de andere Brabantse omgevingsdiensten fors geïnvesteerd in arbeidsmarktpositionering. Dit betaalt
Lonen & salarissen:
zich inmiddels terug in de werving van medewerkers. Hoewel daarmee een
De mutatie in de salariskosten wordt als volgt gespecificeerd:
trendbreuk gerealiseerd is, overstijgt deze nog niet de krapte op de arbeids-
• Basis voor deze post vormt de bezetting begin 2023 en de daarmee verwachte
markt uit de voorbije jaren. Tenslotte zal het verlies aan declarabiliteit (mede als
salariskosten voor 2023; • voor de indexering is rekening gehouden met 4,2%, waarbij een actualisatie van de begroting 2023 heeft plaats gevonden voor het principeakkoord cao SGO 2023; • in correlatie met hetgeen vermeld in paragraaf 5.1 inzake de beoogde
gevolg van de harmonisatie verlofrechten zoals geregeld in de cao 2021-2022 en extra verlof uit het principeakkoord cao SGO 2023) worden belegd bij inhuurkrachten. Afschrijvingskosten
Begroting* 2023
Begroting 2024
Bedragen x € 1.000
efficiency binnen het onderdeel ‘Vergunningverlening’ is € 150.000 in
Primair proces
mindering gebracht op de corresponderende salariskosten.
Afschrijvingskosten Afschrijvingen
79
128
Reiskosten:
Totaal Afschrijvingskosten
79
128
• Met het loslaten van het thuiswerkadvies is de verwachting dat de reiskosten
* dit betreft de 1e begrotingswijziging 2023
in 2024 weer zullen toenemen. Eerdere uitvraag leert echter dat veel medewerkers een hybride invulling van hun werkweek voor ogen hebben. Deels
Afschrijvingskosten:
wensen ze hun werkzaamheden op kantoor of een decentrale werkplek uit te
• Meerjarig zijn de afschrijvingskosten in beeld gebracht bij het meerjaren
voeren en deels vanuit huis. Een tegemoetkoming voor dit laatste is geregeld in het principeakkoord cao SGO 2023 in de vorm van een thuiswerkvergoe-
investeringsprogramma (zie paragraaf 6.2); • als gevolg van zuiverdere boekingsgangen zijn de afschrijvingskosten enerzijds onder Primair proces en anderzijds onder Bedrijfsvoering verantwoord.
<<
<
OMWB Begroting 2024
25
>
Huisvesting en organisatie
Begroting* 2023
Begroting 2024
Algemene kosten
Begroting* 2023
Begroting 2024
‘Van goed naar beter’
-478
-878
Totaal Algemene kosten
-478
-878
Bedragen x € 1.000
Bedragen x € 1.000
Primair proces
Primair proces
Huisvesting en organisatie Huisvesting en facilitaire kosten
Algemene kosten 104
106
-
-
Automatisering
23
20
Algemeen beheer
18
18
145
145
Tractie
Totaal Huisvesting en organisatie
De besparing van € 878.000 is het effect van projecten opgestart in 2022 onder de noemer ‘Van goed naar beter’. In aansluiting op meldingen elders in deze begroting is deze post (nog) niet specifiek toe te wijzen aan de overige
Huisvesting en organisatie:
standaard rubrieken. Vandaar de keuze voor deze generieke post. In de loop
• Als gevolg van zuiverdere boekingsgangen zijn de kosten voor ‘Huisvesting
van het begrotingsjaar zal verdere duiding en verfijning plaats vinden. U wordt
en facilitaire kosten’, ‘Automatisering’ en ‘Algemeen beheer’ enerzijds onder Primair proces en anderzijds onder Bedrijfsvoering verantwoord;
hierover via de verschillende rapportagelijnen geïnformeerd. Lasten
• voor de raming van de kosten voor ‘Huisvesting en facilitaire kosten’, ‘Automatisering’ en ‘Algemeen beheer’ is aansluiting gezocht bij de lagere realisatiecijfers uit 2022 en eerder;
Begroting* 2023
Begroting 2024
5.654
6.096
232
238
Overige personeelskosten
1.271
1.267
Personeel niet in loondienst
423
-
Bedragen x € 1.000 Bedrijfsvoering Personele kosten
• indexering van 2,4%.
Lonen & salarissen Reiskosten
Overige kosten
Begroting* 2023
Begroting 2024
Bedragen x € 1.000
Detacheringsinkomsten
Primair proces
Totaal Personele kosten
Overige kosten Laboratoriumkosten Milieumetingen Totaal Overige kosten
1.751
1.793
610
610
2.361
2.403
De Overige kosten worden als volgt gespecificeerd: • De ‘Laboratoriumkosten’ kennen de laatste jaren een gestage groei. De kosten voor luchtkwaliteitsmetingen/e-Noses zijn onder deze post opgenomen; • de kosten voor milieumetingen worden gecompenseerd door de provincie Noord-Brabant en hebben derhalve een neutraal resultaateffect.
<<
<
OMWB Begroting 2024
-
7.580
7.600
Afschrijvingskosten Afschrijvingskosten
81
85
Totaal Afschrijvingskosten
81
85
Huisvesting en organisatie 1.200
1.229
Algemeen beheer
Huisvesting en facilitaire kosten
794
555
Automatisering
2.383
2.216
Tractie Totaal Huisvesting en organisatie
* dit betreft de 1e begrotingswijziging 2023
-
Totaal lasten Bedrijfsvoering
92
94
4.469
4.094
12.130
11.780 26
>
Er is een verschuiving van de kosten voor personeel niet in loondienst naar de kosten van lonen & salarissen. De verwachting is dat er vaste medewerkers geworven kunnen worden voor de functies binnen Bedrijfsvoering waar in 2023 nog medewerkers voor ingehuurd worden. Algemeen beheer: • Indexering van 2,4%; • onder deze rubriek zijn jaarlijks terugkerende kosten opgenomen voor het kwaliteitsmanagementsysteem; onderdeel van het Kosteneffectiviteitsonderzoek. De jaarlijks terugkerende kosten hiervan bedragen € 200.000 waarvan € 133.000 is opgenomen in de kosten voor lonen & salarissen. De kosten van Bedrijfsvoering worden conform het BBV afzonderlijk in de
Automatisering:
begroting verantwoord.
De daling in automatiseringskosten is in lijn met eerdere berichten. De resultaten van de grootschalige implementaties, transities en ontwikkelingen uit
De salariskosten bevinden zich op een vergelijkbaar niveau als de 1e begrotings
voorbije jaren vinden hun beslag binnen de organisatie.
wijziging 2023: • Voor de indexering is rekening gehouden met 4,2%, waarbij een actualisatie van de begroting 2023 heeft plaatsgevonden voor het principeakkoord cao SGO 2023; • voor een aantal functies waarvoor nu extern personeel wordt ingehuurd,
De overige kosten van bedrijfsvoering zijn geïndexeerd met 2,4%. Overig Diverse baten en lasten
-
150
5
5
Subtotaal
155
155
Totaal Overig
155
155
Totaal lasten
41.654
41.511
Onvoorzien
medewerkers;
Vennootschapsbelasting
aangetrokken. De kosten hiervan bedragen € 133.000. Overige personeelskosten:
Begroting 2024
150
wordt ervan uitgegaan dat deze in 2024 ingevuld worden met vaste • als onderdeel van het Kosteneffectiviteitsonderzoek is een Kwaliteitsmanager
Begroting *2023
Bedragen x € 1.000
* dit betreft de 1e begrotingswijziging 2023
• Indexering van 2,4%. Onvoorzien Personeel niet in loondienst:
Voor de verplichte post ‘Onvoorzien’ is vanuit het Dagelijks Bestuur in de
Voor de verdere doorontwikkeling van datamanagement en -beheer is inhuur
begroting een bedrag opgenomen van € 150.000. Dit bedrag is ongewijzigd
van specialistische kennis en ervaring essentieel. De kosten worden geschat
ten opzichte van de 1e begrotingswijziging 2023 en wordt toereikend geacht.
op € 150.000. Deze kosten zijn opgenomen onder de kosten automatisering.
<<
<
OMWB Begroting 2024
27
>
5.3 Declarabiliteit
effecten afzonderlijk inzichtelijk gemaakt. Het gemiddelde, voorcalculatorische
De met de deelnemers afgestemde werkprogramma’s 2023 hebben als basis
tarief voor 2024 bedraagt afgerond € 108,75 (gemiddeld tarief van de 1e begro-
gediend voor de begroting 2024. Het werkaanbod is daarmee geraamd op
tingswijziging 2023 bedraagt € 106,70).
ca. 349.700 declarabele uren.
Omschrijving
bedrag per uur
effect
In de begroting is rekening gehouden met een formatie van 306 fte, waarvan
Tarief 2023
247 fte in het primaire proces. Rekening houdend met een declarabiliteit van
Indexatie 2024 o.b.v. MEV
3,84%
€ 110,80
€ 4,10
1.300 uur per fte, is ca. 321.100 uur beschikbaar aan declarabele uren.
Kwaliteitsmanagement impuls budget
€ -250.000
€ 110,07
€ -0,73
Cultuur & Leiderschapstraject
€ -50.000
€ 109,92
€ -0,15
Besparingen Kosteneffectiviteit 2024
€ -400.000
€ 108,75
€ -1,18
De declarabiliteitsnorm van 1.300 uur per fte kent de volgende opzet: Bruto-netto-berekening Beschikbare uren (52 weken x 36 uur)
Tarief 2024
€ 108,75
Totaal uren 1.872
Verlof en feestdagen
274
Verzuim
103
Niet-declarabele uren (o.a. overleg, opleiding, kwaliteitsmanagement, uren key users en OR/BHV) Totaal Declarabele uren
€ 106,70
195 1.300
In onderstaande tabel zijn de functionele, voorcalculatorische tarieven voor het begrotingsjaar 2024 opgenomen, in vergelijking met de 1e begrotingswijziging 2023. Aanpassing van de tarieven heeft plaats gevonden aan de hand van de relatieve stijging van het gemiddelde, voorcalculatorisch uurtarief van 2024 (€ 108,75) ten opzichte van de 1e begrotingswijziging 2023 (€ 106,70) tegen 1,92%.
De ruimte tussen zowel werk- als additioneel aanbod en beschikbare uren
Conform de oorspronkelijke Begroting 2023 kent de tabel een compacte opzet.
capaciteit wordt gerealiseerd met inzet van externe inhuur.
In de praktijk is gebleken dat de eerdere, veelheid aan gedifferentieerde tarieven niet gehanteerd wordt. Indikking van de lijst is ook ingegeven vanuit doelmatig-
5.4 Tarief ontwikkeling De OMWB hanteert in de begroting een gemiddeld, voorcalculatorisch uurtarief voor de geraamde bijdragen van deelnemers. De facturatie (afrekening ten opzichte van de bevoorschotting) vindt plaats tegen de gedifferentieerde nacal-
heid. Functioneel voorcalculatorische
Begroting 2024
Begroting 2023*
uurtarief
uurtarief
uurtarieven Milieu
culatorische tarieven, gebaseerd op de functionele inschaling van de uitgevoer-
MBO
€
89,20
€
87,50
de werkzaamheden.
HBO
€
109,30
€
107,25
€
129,55
€
127,10
Specialisten
In de begroting 2024 is voor de tariefsaanpassing rekening gehouden met de
* dit betreft de 1 begrotingswijziging 2023 e
indexaties volgens de september-circulaire 2022 (herziene versie d.d. 21 sep-
<<
<
tember 2022), de beoogde besparing uit het kosteneffectiviteitsonderzoek
Tarieven buiten kantoortijd: Als kantoortijden hanteren we de maandagen
‘Van goed naar beter’, het vervallen van de kosten van het Cultuur & Leider-
tot en met de vrijdagen van 7.00 tot 22.00 uur. Alle overige tijdstippen zijn
schapstraject en het vervallen van de initiële investering van de kwaliteits
buiten kantoortijd. We hanteren een opslagpercentage van 30% op de tarieven
management impuls. In de tabel bovenaan de rechterzijde zijn de verschillende
voor werkzaamheden buiten kantoortijd.
OMWB Begroting 2024
28
>
6.
Uiteenzetting financiële positie Op grond van het BBV dient in de begroting en jaarrekening een uiteenzetting van de financiële positie van de dienst opgenomen te worden. Hierna wordt zowel de geprognosticeerde balans gepresenteerd als inzicht in verwachte investeringen en gehanteerde afschrijvingstermijnen. Ook wordt het verloop van de reserves weergegeven. In bijlage 2 is het overzicht per taakveld opgenomen. 6.1 Geprognosticeerde balans In onderstaand overzicht is de geprognosticeerde begin- en eindbalans weergegeven voor zowel het begrotingsjaar als de meerjarenraming. In deze meerjarige geprognosticeerde balans is primair uitgegaan van bestaand beleid, aangevuld met verwachte (vervangings)investeringen. Activa
Begroting
Begroting
Begroting
Begroting
Bedragen x € 1.000
2024
2025
2026
2027
Materiële vaste activa
1.416
1.208
1.076
903
Totaal vaste activa
1.416
1.208
1.076
903
Vorderingen op openbare lichamen
279
279
279
279
Uitzettingen rijksschatkist
2.129
2.129
2.129
2.129
Uitzettingen met looptijd < 1 jaar
2.408
2.408
2.408
2.408
991
991
991
991
Overige en overlopende vlottende activa
3.719
3.859
3.994
4.134
TOTAAL ACTIVA
8.534
8.466
8.469
8.436
Liquide middelen (banksaldi)
<<
<
OMWB Begroting 2024
29
>
Passiva
Bij vervanging van activa wordt nut en noodzaak afgewogen. Niet altijd kan
Begroting
Begroting
Begroting
Begroting
Bedragen x € 1.000
2024
2025
2026
2027
vervanging plaatsvinden tegen de geraamde aanschafwaarden, wat betekent
Algemene reserve
2.092
2.092
2.092
2.092
dat de werkelijke lasten kunnen afwijken van de in de tabel opgenomen
Bestemmingsreserve meetstations
1.056
1.098
1.140
1.182
-
-
-
-
bedragen. Substantiële afwijkingen melden we bij de bestuursrapportages.
Eigen vermogen
3.148
3.190
3.232
3.274
Voorzieningen
602
602
602
602
Vaste schulden
-
-
-
-
Resultaat boekjaar vóór bestemming
Voor activering van investeringen wordt vanaf 2022 een ondergrens van € 1.000 (was voorheen € 10.000) gehanteerd. Vervangingen of aanschaffingen onder deze grens verantwoorden we in de exploitatie. Met het vaststellen van de begroting worden ook de vermelde afschrijvingstermijnen voor investeringen vastgesteld. De afschrijvingen vinden - eveneens vanaf 2022 - plaats bij
Vlottende schulden < 1 jaar
ingebruikname van het actief (was het jaar volgend op activering). Vanwege
453
453
453
453
Overlopende passiva
4.331
4.221
4.182
4.107
niet materieel. Het financiële beleid is overeenkomstig aangepast.
TOTAAL PASSIVA
8.534
8.466
8.469
8.436
6.3 Afschrijvingstermijnen
de teruglopende investeringen is de financiële impact van beide veranderingen
Bij investeringen worden de volgende afschrijvingstermijnen gehanteerd: 6.2 (Vervangings-)investeringen 2024
Tabel met de gehanteerde afschrijvingstermijnen
In 2024 zal een aantal bedrijfsmiddelen opnieuw aangeschaft of vervangen moeten worden. Het uitgangspunt is dat het Algemeen Bestuur met het vaststellen van de begroting 2024 goedkeuring verleent aan het onderstaande overzicht van (vervangings-)investeringen. Investeringen Bedragen x € 1.000 Huisvesting
<
2024
2025
2026
2027
40
50
-
-
-
Automatisering
-
50
-
-
-
Communicatiemiddelen
-
-
-
-
-
150
-
-
-
-
Wagenpark
<<
2023
Technische apparatuur
575
-
-
75
-
Totaal
765
100
-
75
-
OMWB Begroting 2024
Jaren
Huisvesting
10
Automatisering
5
Communicatiemiddelen
3
Wagenpark
7
Technische apparatuur
15
30
>
6.4 Staat van reserves Het verwachte verloop van de reserves is als volgt: Staat van reserves 2024 - 2027 Bedragen x € 1.000
Algemene reserve
Reserve Meetstations
Stand per 1-1-2024
2.092
1.014
Mutatie 2024 Stand per 1-1-2025 Mutatie 2025 Stand per 1-1-2026 Mutatie 2026 Stand per 1-1-2027 Mutatie 2027 Stand per 1-1-2028
-
42
2.092
1.056
-
42
2.092
1.098
-
42
2.092
1.140
-
42
2.092
1.182
Algemene reserve De stand van de Algemene Reserve bedraagt naar verwachting per 1-1-2024 € 2.092.000 (voor resultaatbestemming 2022). Reserve Meetstations De stand van de reserve meetstations bedraagt naar verwachting per 1-1-2024 € 1.014.000. Het saldo van opbrengsten en kosten van de meetstations wordt per jaareinde toegevoegd (bij een positief saldo) of onttrokken (bij een negatief saldo) aan de reserve. Komende jaren loopt dit saldo jaarlijks nog op; daarna zal de reserve teruglopen en wordt een evenwicht in kosten en opbrengsten verwacht. Oorzaak hiervan is dat kosten als gevolg van investeringen pas in latere jaren via de afschrijvingen ten laste van de reserve worden gebracht.
<<
<
OMWB Begroting 2024
31
>
B x.
Bijlagen Bijlage 1. Specificatie bijdrage per deelnemer Specificatie bijdrage 2024 Gemeente
Totaal
345.872
80.788
43.652
470.312
731.601
190.706
81.798
1.004.105
Baarle-Nassau
377.339
59.875
38.313
475.527
Bergen op Zoom
887.615
706.637
58.956
1.653.208
Breda
1.676.539
595.680
139.949
2.412.168
Dongen
309.126
120.068
36.083
465.276
Drimmelen
434.843
226.477
62.496
723.815
Etten-Leur
443.466
65.257
52.750
561.472
Geertruidenberg
393.432
114.901
36.763
545.097
Gilze en Rijen
369.712
105.741
49.862
525.316
Goirle
214.873
51.253
26.196
292.322
Halderberge
483.867
219.919
57.916
761.702
Heusden
394.952
111.696
43.353
550.000
Hilvarenbeek
493.428
190.865
48.960
733.252
Loon op Zand
264.838
140.293
44.376
449.507
Moerdijk
1.199.931
637.042
78.154
1.915.127
Oisterwijk
523.148
283.984
57.691
864.823
Oosterhout
910.347
253.215
84.409
1.247.971
Roosendaal
861.395
532.129
93.452
1.486.975
Rucphen
278.781
194.706
38.468
511.954
420.998
149.068
54.152
624.218
Tilburg
1.899.113
1.051.911
152.716
3.103.740
Waalwijk
707.406
286.747
58.387
1.052.540
Woensdrecht
267.125
126.878
32.272
426.276
Totaal gemeenten
Provincie
Totaal bijdrage 2024
OMWB Begroting 2024
P3
Altena
Zundert
<
P2
Alphen-Chaam
Steenbergen
<<
P1
410.640
253.463
72.006
736.109
15.300.385
6.749.298
1.543.129
23.592.813
8.890.722
5.228.339
664.855
14.783.916
24.191.107
11.977.638
2.207.984
38.376.729
32
>
Algemene toelichtingen bijlage 1:
De bijdrage per deelnemer, met inbegrip van effecten volgend uit het kosten
• De bedragen zijn in beginsel gebaseerd op de bestuurlijk goedgekeurde
effectiviteitsonderzoek en de evaluatie MWB-norm, ziet er meerjarig als volgt uit:
werkplannen voor 2023. Deze zijn geïndexeerd op basis van het gemiddelde uurtarief 2024. Aanvullend is recentelijk een uitvraag naar bijgestelde inzichten bij de deelnemers gedaan. De resultaten hiervan zijn verwerkt in de tabel op voorgaande pagina;
Alphen-Chaam
• de bijdragen zijn gecorrigeerd voor de effecten van het kosteneffectiviteitsonderzoek en de evaluatie van de MWB-norm, uitgevoerd in het najaar van 2021; • In de bedragen is geen rekening gehouden met de bijdragen voor het project ‘Van inrichting naar MBA’, het project ‘Zeer Zorgwekkende stoffen’ (ZZS), het behandelen van aanvragen bouw en het anonimiseren van bodem onderzoeken bij de invoer in Squit/iBis”. De hiervoor noodzakelijke bedragen komen bovenop de deelnemersbijdragen;
2025
2026
2027
487.995
505.075
522.753 1.116.066
1.004.105
1.041.859
1.078.324
Baarle-Nassau
475.527
493.407
510.676
528.550
Bergen op Zoom
1.653.208
1.715.369
1.775.406
1.837.546
Breda
2.412.168
2.502.865
2.590.465
2.681.132
Dongen
465.276
482.771
499.668
517.156
Drimmelen
723.815
751.031
777.317
804.523
Etten-Leur
561.472
582.584
602.974
624.078
Geertruidenberg
545.097
565.592
585.388
605.877
Gilze en Rijen
525.316
545.068
564.145
583.890
292.322
303.313
313.929
324.917
inclusief SSIB (in totaliteit 349.070). De uitvoering van SSIB vindt plaats
Halderberge
761.702
790.342
818.004
846.635
door de ODBN. De OMWB draagt derhalve deze vaste bijdrage af aan de
Heusden
550.000
570.680
590.654
611.327
collega-omgevingsdienst;
Hilvarenbeek
733.252
760.822
787.451
815.012
Loon op Zand
449.507
466.408
482.733
499.628
de hand van de bestuurlijk vast te stellen werkprogramma’s. Bij de eerste
Moerdijk
1.915.127
1.987.136
2.056.685
2.128.669
bestuursrapportage 2024 wordt dit financieel vertaald en vastgelegd door
Oisterwijk
864.823
897.340
928.747
961.253
Oosterhout
1.247.971
1.294.895
1.340.216
1.387.124
Roosendaal
1.486.975
1.542.885
1.596.886
1.652.778
Rucphen
511.954
531.204
549.796
569.039
Steenbergen
624.218
647.688
670.357
693.820
Tilburg
3.103.740
3.220.441
3.333.156
3.449.817
Waalwijk
1.052.540
1.092.116
1.130.340
1.169.902
Woensdrecht
426.276
442.304
457.784
473.807
Zundert
736.109
763.786
790.519
818.187
Totaal gemeenten
23.592.813
24.479.902
25.336.699
26.223.483
Provincie
14.783.916
15.339.791
15.876.684
16.432.368
Totaal bijdrage
38.376.729
39.819.694
41.213.383
42.655.851
• de definitieve invulling van deze bijdragen per deelnemer vindt plaats aan
middel van een begrotingswijziging als daar aanleiding toe is.
<
Altena
2024 470.312
Goirle
• de bedragen voor programma 3 betreffen de bijdragen van de deelnemers
<<
Meerjarige bijdrage deelnemers Gemeente
OMWB Begroting 2024
33
>
Bijlage 2. Overzicht van geraamde baten en lasten per taakveld Baten en lasten per taakveld Alle bedragen x € 1.000
<
Lasten
Bestuur en ondersteuning
0.4
Bedrijfsvoering
0.5
Treasury
-
-
0.8
Overige baten en lasten
-
150
-
-
692
11.881
0.9
Vennootschapsbelasting
-
5
0.10
Mutaties reserves
-
42
0.11
Resultaat van de rekening van baten en lasten
-
-
7.
Volksgezondheid en milieu
-
-
7.4
Milieubeheer
40.861
29.475
41.553
41.553
Saldo van baten en lasten op taakvelden
<<
Baten
0.
OMWB Begroting 2024
34
>
Lijst van veel gebruikte afkortingen en termen binnen de OMWB AB
Algemeen Bestuur
OR
Ondernemingsraad
DB
Dagelijks Bestuur
GO
Georganiseerd Overleg
AO
Ambtelijk Overleg
PNB
Provincie Noord-Brabant
MT
Management Team
AM
Accountmanagement
ATO
Afdelingsteam Overleg
TM
Teammanagers
MD
Management Development
TB
Technisch Beraad
SSiB
Samen Sterk in Brabant
HoO
Huis op Orde
BRZO
Bedrijf Risico Zware Ongevallen
P&C
Planning & Control
Gemeenschappelijke Regeling
NIG
Niet-inrichtinggebonden taken
MWB-norm
Midden- en West-Brabant Norm
GR Burap
Bestuursrapportage
Marap
Maandrapportage
SBK
Termijnrapportages
VVGB
Omgevingsdienst
LPF
T1 (ect.) OD
<
Level Playing Field
Regionale Uitvoeringsdienst
WP
Werkprogramma
IB
CT
Collectieve Taken
WNT
Wet Normering Topinkomens
Vergunningverlening Toezicht & Handhaving
BBV
Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten
BV
Vergunningverlening, Toezicht, Handhaving, Klachten, Advies Inrichtingenbestand
VV
Vergunningverlening
T&H
Toezicht & Handhaving
Wgr
Wet Gemeenschappelijk Regeling
P1
Wettelijke basistaken
DVO
Dienstverleningsovereenkomst
P2
Verzoektaken
ODBN
Omgevingsdienst Brabant Noord
P3
Collectieve Taken
ODZOB
Omgevingsdienst Zuidoost-Brabant
P4
Buiten Werkprogramma
BOR
Besluit Omgevingsrecht
GUK
Gemeenschappelijk Uitvoeringskader
FAG
Financiële Adviesgroep
ROK
Regionaal Operationeel Kader
RUN
Regionaal Uitvoeringsniveau
IOV
Impuls Omgevingsveiligheid
OW
Omgevingswet
IPO
Interprovinciaal provinciaal overleg
BPO
Brabants Programma Omgevingsveiligheid
3D
<<
Verklaring van geen Bedenkingen
RUD
VTH
VTHKA
Sociaal Beleidskader
ITV
Bedrijfsvoering
Intensieve Veehouderij
3-Directeuren Overleg
OMWB Begroting 2024
35
>
Omgevingsdienst Midden- en West-Brabant
Postbus 75 5000 AB Tilburg 013 206 01 00 info@omwb.nl www.omwb.nl
<<
<
OMWB Begroting 2024
Ontwerp Eerste begrotingswijziging 2023
Datum 11 april 2023
Ontwerp 1e begrotingswijziging 2023
1
Inleiding Op 13 juli 2022 is door het Algemeen Bestuur de begroting 2023 inclusief meerjarenraming 2024-2026 vastgesteld. Voor u ligt de Ontwerp 1e begrotingswijziging 2023.
Ontwerp 1e begrotingswijziging 2023
2
Toelichting 1e begrotingswijziging 2023 Deze begrotingswijziging is een gevolg van de huidige (prijs)ontwikkelingen, het werken met een reëler tarief, de bestuurlijke goedgekeurde aanpassingen van de werkprogramma’s door deelnemers en het principeakkoord cao SGO (samenwerkende gemeentelijke organisaties) 2023. Zoals al in de kadernota 2024 is aangekondigd, hebben bovenstaande ontwikkelingen een behoorlijke impact op de eerder vastgestelde begroting. De inflatie op zichzelf en de daarmee samenhangende compenserende maatregelen zoals een forse verhoging van de cao-lonen leiden tot een fikse verhoging van de personeelslasten. Tegelijkertijd zien we dat verlofharmonisatie en het principeakkoord cao SGO 2023 leiden tot 4 extra vrije dagen, wat direct gevolgen heeft voor de declarabiliteit van medewerkers. Bij het vaststellen van de begroting voor 2023 waren deze ontwikkelingen nog niet te voorzien, dan wel waren op dat moment nog niet concreet genoeg te kwantificeren om te verwerken in de begroting. Gezien het grote effect van deze ontwikkelingen op de financiën van de OMWB nemen we deze nu wel op in de 1e begrotingswijziging 2023, zodat de correctie zo snel mogelijk kan worden doorgevoerd.
De noodzaak tot reëler begroten heeft als oorzaak dat de afgelopen jaren er een taakverschuiving naar meer specialistisch werk heeft plaatsgevonden waar relatief duurdere medewerkers op in worden gezet. Het begrote tarief is hierdoor niet meer in lijn met de daadwerkelijke tarieven. Overigens heeft deze wijziging voor de deelnemers minder impact omdat er altijd afgerekend wordt tegen werkelijk tarief. De landelijke trend van hoger ziekteverzuim is helaas voor de OMWB ook realiteit. Het in de begroting opgenomen percentage van 4,5% is niet haalbaar. We gaan in de hernieuwde begroting uit van een streefpercentage van 5,5%. Al deze ontwikkelingen leiden ertoe dat het rekentarief voor 2023 stijgt van € 97,00 naar € 106,70. In de verdere uitwerking zal dieper op de diverse ontwikkelingen worden ingegaan. Bijlage I bevat een geactualiseerd overzicht van de bijdrage per deelnemer. Door de latere bestuurlijke behandeling van de 1e Begrotingswijziging (ter vaststelling in het AB van 6 september) als gevolg van wijzigingen in het vergaderschema, zal in oktober een aanvullende voorschotnota aan de deelnemers verstuurd worden.
Ontwerp 1e begrotingswijziging 2023
3
Eerste begrotingswijziging 2023 Werkprogramma De benodigde urencapaciteit die voortvloeit uit de werkprogramma’s heeft de laatste jaren een gestage groei gekend. Voor 2023 wordt een werkpakket verwacht van ongeveer 353.600 uur, waarbij rekening is gehouden met de actualiteit, zoals stikstof. Qua tariefstelling geldt dat deze kostendekkend, en voor deelnemers als nietdeelnemers gelijk is. Het gemiddelde begrote tarief is het vertrekpunt voor de begroting 2023 en bedraagt € 106,70. In de volgende paragraaf wordt een verdere uiteenzetting van het tarief gegeven. Tarief Uitgangspunt is een realistische begroting. Voor de tariefbepaling voor 2023 is het gemiddelde uurtarief per 1 december 2022 van € 98,75 genomen. Waar voorheen het voorcalculatorisch tarief het vertrekpunt was, is nu uitgegaan van dit nacalculatorische tarief. Aanleiding hiervoor is dat het voorcalculatorisch tarief en het gemiddelde nacalculatorische tarief in de loop der jaren steeds meer uit elkaar zijn komen te liggen. Door nu het nacalculatorisch tarief als vertrekpunt te nemen, komen deze meer in lijn met elkaar. Het gemiddeld voorcalculatorisch tarief wordt gebruikt bij het opstellen van het werkprogramma, het nacalculatorisch tarief bij de afrekening met de deelnemers.
Het verschil tussen beide werd de laatste jaren steeds groter, waardoor planning (werkprogramma) en realisatie (afrekening) ver uit elkaar kwamen te liggen. In de jaarrekeningen van 2020 en 2021 is hierover ook gerapporteerd. Er is voor gekozen om in 2023 het verschil te overbruggen omdat het een groter verschil/ probleem werd. Gezien het feit dat de afrekeningen al tegen nacalculatorisch tarief plaatsvonden zal het financiële nadeel wellicht minder gevoeld worden. De oorzaak van het toenemende verschil tussen het voorcalculatorische en gemiddelde nacalculatorische tarief, is de verschuiving in het soort werkzaamheden. De nadruk is de afgelopen jaren steeds meer op specialistisch werk komen te liggen, dat in de regel een hoger tarief kent. Op het nacalculatorische tarief is vervolgens een correctie doorgevoerd naar actuele inzichten, gegeven de recente mondiale en nationale ontwikkelingen. De percentages toegepast in de oorspronkelijke begroting 2023 zijn immers niet meer passend gebleken. De verschillende onderdelen worden hierna toegelicht. Indexatie – Loonstijging en prijsstijging Er is inmiddels een principeakkoord cao SGO bereikt voor 2023.
In deze begrotingswijziging gaan wij uit van de loonstijging uit het principeakkoord en de prijsstijging uit de Macro Economische Verkenning 2023, die is gepubliceerd in de (herziene) september-circulaire 2022 van het Centraal Planbureau. De loonstijging bedraagt, voor de OMWB, gemiddeld 7,2% (2,3% toegepast in de oorspronkelijke begroting 2023) en de prijsstijging voor overheidsconsumpties bedraagt 5,9% (1,5% toegepast in de oorspronkelijke begroting 2023). Dit betekent een flinke stijging ten opzichte van de oorspronkelijke begroting. (Harmonisatie) verlofrechten In de cao SGO 2021-2022 (zoals vastgesteld op 27 januari 2022) is de hervorming van verlofrechten vastgelegd, geldend met ingang van 1 januari 2023. De impact van deze hervorming is in het tarief verwerkt. In het principeakkoord voor de cao SGO 2023 is daarnaast een extra verlofdag voor medewerkers opgenomen. Deze extra verlofdagen hebben een negatief effect op de te realiseren declarabele uren. Ziekteverzuim Het ziekteverzuim bij de OMWB vertoont al enige tijd een stijgende trend. Deze trend is landelijk. In de voorgaande jaren werd in de berekening van het tarief gerekend met 4,5%. Dit percentage is niet haalbaar. De gestage stijging gaat ook in 2023 door, al lijkt er een kentering ingezet te zijn waardoor het huidige ziekteverzuimpercentage rond 6,1% schommelt.
We monitoren het ziekteverzuim nauwlettend waarbij we de inzet van het beleid en de bijbehorende instrumenten intensiveren. Zo heeft er in samenwerking met de bedrijfsarts een intensief onderzoek plaatsgevonden naar aard en herkomst van ziektegevallen. Voor 2023 en 2024 houden we rekening met een streefpercentage van 5,5%. Dit wordt ook in het tarief verwerkt. Kosteneffectiviteit In de vergadering van het Algemeen Bestuur van 1 juli 2020 heeft een aantal deelnemers gevraagd of het mogelijk is de kosten van de dienst omlaag te brengen met behoud van kwaliteit van producten en dienstverlening. Eind 2020 is met verschillende interne werkgroepen naar het vraagstuk kosteneffectiviteit gekeken. Dit leidde tot een inschatting van het potentieel om kosteneffectiever te gaan werken en een grote hoeveelheid maatregelen om dat potentieel te realiseren. Op basis van deze uitkomsten van het onderzoek, dat nauwkeurig getoetst is door een Ontwerp 1e begrotingswijziging 2023 4
extern adviesbureau, is een besparingspotentieel van netto € 1.500.000 (€ 1.700.000 bruto besparingen -/– € 200.000 investeringen) op een totaalbedrag van € 35.500.000), fasegewijs te verwezenlijken voor 1 januari 2025, haalbaar en realistisch. Besparingen Kosteneffectiviteitsonderzoek bedragen x € 1.000
2022
2023
2024
2025
Vergunningverlening
-150
-300
-300
-300
Informatievoorziening
-500
-500
-500
-500
Kosteneffectiviteit fase 1
0
-500
-500
-500
Kosteneffectiviteit fase 2
0
0
-400
-400
-650
-1.300
-1.700
-1.700
Totaal kostenbesparingen
De totale besparing is in 2023 € 1.300.000. In de begroting 2022 is reeds een besparing van € 650.000 opgenomen. In 2023 wordt een tranche van € 650.000 ingeboekt. In het exploitatieoverzicht van het primaire proces is een besparing van € 478.000 opgenomen onder de algemene kosten. De concreter toe te wijzen besparingen zijn verwerkt in de overige rubrieken. Deze besparing heeft per saldo een drukkend effect op het uurtarief voor 2023 van € 1,92. Schematische weergave van het tarief Omschrijving
Toelichting
Bedrag per uur
Nacalulatorisch tarief 01-12-2022 Indexering 2023 en cao-verhoging 2023
€ 98,75 Gemiddeld 7,2% loonstijging en 5,9% prijsstijging
€ 6,79
Harmonisatie verlofrechten
€ 1,61
Ziekteverzuim van 4,5% naar 5,5%
€ 1,47
Besparingen Kosteneffectiviteit 2023
€ -650.000
€ -1,92
Tarief 2023
€ 106,70
In onderstaande tabel zijn de functionele, herziene tarieven voor het begrotingsjaar 2023 opgenomen, in vergelijking met de oorspronkelijke begroting 2023. Aanpassing van de tarieven heeft plaatsgevonden aan de hand van de relatieve stijging van het gemiddelde uurtarief uit deze eerste begrotingswijziging 2023 (€ 106,70) ten opzichte van de oorspronkelijke begroting (€ 97,00) tegen 10%. Conform de oorspronkelijke begroting 2023 kent de tabel een compacte opzet. In de praktijk is gebleken dat de eerdere, veelheid aan gedifferentieerde tarieven niet gehanteerd wordt. Indikking van de lijst is ook ingegeven vanuit doelmatigheid. Functioneel voorcalculatorische uurtarieven
2023 Begroting na 1e wijziging uurtarief
2023 Begroting voor wijziging uurtarief
MBO
€ 87,50
€ 79,55
HBO
€ 107,25
€ 97,50
Specialisten
€ 127,10
€ 115,55
Milieu
Tarieven buiten kantoortijd: Als kantoortijden hanteren we de maandagen tot en met de vrijdagen van 7.00 tot 22.00 uur. Alle overige tijdstippen zijn buiten kantoortijd. We hanteren een opslagpercentage van 30% op de tarieven voor werkzaamheden buiten kantoortijd.
Ontwerp 1e begrotingswijziging 2023
5
Exploitatie 2023 Op basis van bestuurlijk vastgestelde werkprogramma’s van de deelnemers en het herziene tarief voor 2023 is de omzet P1 tot en met P3 bijgesteld met € 4.374.000. Hieronder staat aangegeven binnen welk programma de bijstelling heeft plaatsgevonden. Binnen ‘Programmadeel 4: Buiten werkprogramma’ vindt een indexatie plaats op basis van de gemiddelde prijsstijging voor overheidsconsumpties. De Specifieke uitkeringen Omgevingsdiensten betreffen een ‘Specifieke uitkering extra ondersteuning toezicht en handhaving energiebesparingsplicht’ van € 1.146.000 en een ‘Specifieke uitkering Omgevingsdiensten inzet interbestuurlijk programma VTH’ van € 518.000. De totale omzet is naar verwachting dus € 6.070.000 hoger dan oorspronkelijk begroot. Baten (bedragen x € 1.000)
2023 Begroting voor wijziging
2023 Mutaties 1e wijziging
2023 Begroting na 1e wijziging
Programmadeel 1: Vergunningverlening, toezicht en handhaving Programmadeel 2: Advies en projecten
21.241
2.925
24.166
10.453
1.284
11.737
Programmadeel 3: Collectieve taken structureel
1.659
165
1.824
Programmadeel 4: Buiten werkprogramma
1.658
72
1.730
650
-40
610
0
1.664
1.664
35.660
6.070
41.730
Programmadeel 4: Overige exploitatie Specifieke uitkeringen Omgevingsdiensten Totaal baten
Hieronder wordt als eerste ingegaan op de lasten voor het primair proces, daarna volgen de lasten bedrijfsvoering en de overige lasten. Lasten (bedragen x € 1.000)
Primair proces Personeelslasten Lonen & salarissen Reiskosten Overige personele kosten Personeel niet in loondienst Detacheringsinkomsten Subtotaal
2023 Begroting voor wijziging
2023 Mutaties 1e wijziging
2023 Begroting na 1e wijziging
18.861 364 256 3.165 0 22.645
3.503 -57 221 949 0 4.616
22.364 307 477 4.114 0 27.262
92 92
-13 -13
79 79
71 87 17 25 200
33 -87 6 -7 -55
104 0 23 18 145
Overige kosten Laboratoriumkosten Milieumetingen Subtotaal
1.658 650 2.308
93 -40 53
1.751 610 2.361
Algemene kosten Van goed naar beter Subtotaal
-478 -478
0 0
-478 -478
24.766
4.601
29.369
Afschrijvingen Afschrijvingen Subtotaal Huisvesting en organisatie Huisvesting en facilitaire kosten Tractie Automatisering Algemeen beheer Subtotaal
Totaal lasten Primair proces
Ontwerp 1e begrotingswijziging 2023
6
Toelichting Salarissen en Inhuurbudgetten: De kosten voor lonen en salarissen zijn toegenomen ten opzichte van de oorspronkelijke begroting 2023 door een loonstijging vanuit het principeakkoord cao SGO 2023, een actualisatie op basis van de huidige bezetting en door extra formatie voor werkzaamheden voorvloeiend uit de ‘Specifieke uitkering extra ondersteuning toezicht en handhaving energiebesparingsplicht’. In de oorspronkelijke begroting is rekening gehouden met een loonstijging van 2,3%. In deze eerste begrotingswijziging is naar de meest recente inzichten de huidige bezetting als basis gehanteerd, welke vervolgens is geïndexeerd met een gemiddelde loonstijging van 7,2% uit het principeakkoord cao SGO 2023. Door deze indexatie nemen de salariskosten met € 840.000 toe. De actualisatie op basis van de huidige bezetting zorgt voor een toename van de kosten van lonen en salarissen van € 1.694.000, bestaande uit formatie-uitbreiding en periodieke ophogingen. Voor de werkzaamheden voortvloeiend uit de ‘Specifieke uitkering extra ondersteuning toezicht en handhaving energiebesparingsplicht’ is 7 fte (€ 588.000) extra opgenomen.
De toename van kosten voor personeel niet in loondienst wordt voornamelijk veroorzaakt door een daling van de declarabiliteitsnorm van 1.328 uur per fte naar 1.300 uur per fte als gevolg van de harmonisatie van verlofrechten, hoger ziekteverzuim en extra verlof als onderdeel van het principeakkoord tussen werkgevers en bonden. Het verlies in aantal declarabele uren wordt opgevangen met de inzet van ingehuurd personeel. Toelichting Reiskosten: Er is een nieuwe balans ontstaan tussen thuis en fysiek op kantoor werken (het zogeheten hybride werken). Als gevolg hiervan is er sprake van minder reisbewegingen en dus lagere reiskosten. Tegelijkertijd leidt deze beweging tot hogere thuiswerkvergoedingen. We verwachten daarom een verschuiving van de reiskosten naar de overige personele kosten voor een bedrag van € 75.000. Hiervan heeft (naar rato van de begroting) € 57.000 betrekking op het primair proces. Toelichting Overige personele kosten: Als gevolg van de ‘Specifieke uitkering extra ondersteuning toezicht en handhaving energiebesparingsplicht’, nemen de overige personele kosten toe. Het betreft onder andere opleidingskosten en kosten voor werving en selectie; met een totaalbedrag van € 130.000. Aanvullend heeft er een actualisatie vanuit het opleidingsplan plaatsgevonden.
Ook stijgen de verwachte kosten voor de thuiswerkvergoeding, zoals opgenomen onder de toelichting van de reiskosten. Toelichting Afschrijvingen: In het kader van een nauwkeurigere toerekening van kosten, vindt een verschuiving plaats van afschrijvingen van bedrijfsvoering naar afschrijvingen van het primair proces. Daarnaast is de afschrijvingslast aangesloten bij de aanwezige activa en hun resterende looptijd en is rekening gehouden met actuele inzichten voor investeringen voor het boekjaar 2023. Toelichting Huisvesting en organisatie: De kosten van energie zijn de afgelopen periode enorm gestegen. De uitgaven om kantoorruimte van voldoende licht, warmte en koeling te voorzien nemen daardoor sterk toe. Dit betekent dat de oorspronkelijk begrote servicekosten onvoldoende zijn om deze kosten in 2023 te dekken en heeft ophoging van de begroting plaatsgevonden met ongeveer 25% ten opzichte van het kostenniveau van 2022. Daarnaast heeft een indexering plaatsgevonden op de huurkosten. Toelichting tractiekosten: Er heeft een verschuiving plaatsgevonden van de tractiekosten van het primair proces naar de tractiekosten van bedrijfsvoering. Hiermee sluiten we beter aan op de regels van de Commissie BBV.
Toelichting kosten Automatisering: De verhoging van de verwachte kosten voor automatisering heeft betrekking op de automatiseringskosten voor de ‘Specifieke uitkering extra ondersteuning toezicht en handhaving energiebesparingsplicht’. Deze kosten worden gedekt vanuit de betreffende uitkering. Toelichting kosten Algemeen beheer: Naar actuele inzichten is er een aanpassing gedaan op de te verwachten kosten voor algemeen beheer. Daarnaast heeft een verschuiving van kosten van primair proces naar kosten van bedrijfsvoering plaatsgevonden. Hierdoor is er een daling zichtbaar ten opzichte van de oorspronkelijke begroting. Toelichting Laboratoriumkosten: Als gevolg van de indexatie van ‘opbrengsten van kosten’ (binnen programmadeel 4 ‘Buiten werkprogramma’), zijn de te verwachten laboratoriumkosten naar boven bijgesteld. Deze bijstelling heeft een resultaatneutraal effect. Ontwerp 1e begrotingswijziging 2023 7
De lasten van Bedrijfsvoering laten de volgende opbouw zien: Lasten (bedragen x € 1.000) Bedrijfsvoering Personeelslasten Lonen & salarissen Reiskosten Overige personele kosten Personeel niet in loondienst Detacheringsinkomsten Subtotaal
2023 Begroting voor wijziging
2023 Mutaties 1e wijziging
2023 Begroting na 1e wijziging
4.850 250 1.178 351 0 6.629
804 0 -18 0 93 72 0 951
5.654 232 1.271 423 0 7.580
130 130
-49 -49
81 81
Huisvesting en organisatie Huisvesting en facilitaire kosten Tractie Automatisering Algemeen beheer Subtotaal
1.014 0 1.921 971 3.906
186 92 462 -177 563
1.200 92 2.383 794 4.469
Totaal lasten Bedrijfsvoering
10.664
1.465
12.130
Afschrijvingen Afschrijvingen Subtotaal
Toelichting Salarissen en Inhuurbudgetten: Aanpassing van de oorspronkelijke begroting heeft plaatsgevonden op basis van de huidige bezetting en de indexering van 7,2% uit het principeakkoord cao SGO 2023. Door de indexatie nemen de salariskosten met € 186.000 toe. De actualisatie op basis van de huidige bezetting zorgt voor een toename van de kosten van lonen en salarissen van € 488.000. Daarnaast vindt er een verschuiving plaats van de kosten van de kwaliteitsmanager van het budget ‘Van goed naar beter’ opgenomen onder de kosten van algemeen beheer naar kosten van lonen en salarissen voor een bedrag van € 125.000. De toename van kosten voor personeel niet in loondienst wordt voornamelijk veroorzaakt door de ‘Specifieke uitkering interbestuurlijk programma VTH’. Zo wordt er een data engineer ingehuurd ter ondersteuning. Toelichting Reiskosten: Zoals reeds bij de toelichting op het primair proces vermeld, is er een nieuwe balans ontstaan tussen thuis en fysiek op kantoor werken. Als gevolg hiervan is er sprake van minder reisbewegingen en dus lagere reiskosten. Daartegenover staan echter hogere thuiswerkvergoedingen. We verwachten dat er een verschuiving plaatsvindt van reiskosten naar overige personele kosten voor een bedrag van in totaal € 75.000. Hiervan heeft (naar rato van de begroting) € 18.000 betrekking op de bedrijfsvoering.
Toelichting Overige personele kosten: Het mobiliteitsbudget is geïndexeerd op basis van de oorspronkelijke begroting 2022 en niet op basis van de realisatie 2022. Dit is in lijn met voorgaande jaren. Daarnaast heeft een verschuiving plaatsgevonden vanuit de reiskosten naar de overige personele kosten. Voor verdere onderbouwing van deze verschuiving wordt verwezen naar de toelichting zoals opgenomen bij de reiskosten. Toelichting Afschrijvingen: Zoals reeds vermeld bij het primair proces vindt - in het kader van een nauwkeurigere toerekening van kosten - een verschuiving plaats van afschrijvingen van bedrijfsvoering naar afschrijvingen van het primair proces. Daarnaast is de afschrijvingslast aangesloten bij de aanwezige activa en hun resterende looptijd en is rekening gehouden met actuele inzichten voor investeringen voor het boekjaar 2023. Toelichting Huisvesting en facilitaire kosten: Gemeente Tilburg huurt de zesde etage van het gebouw aan de Spoorlaan tot en met juni 2023 van de OMWB. Daarna valt de opbrengst van de verhuur weg. Zoals bij het primair proces reeds vermeld, zijn de kosten van energie enorm gestegen. Dit betekent dat de huidige begrote servicekosten onvoldoende zijn om deze kosten in 2023 te dekken en heeft ophoging van de begroting plaatsgevonden met ongeveer 25% ten opzichte van het kostenniveau van 2022.
Daarnaast heeft een indexering plaatsgevonden op de huurkosten. Ontwerp 1e begrotingswijziging 2023
8
Toelichting Tractie: Zoals reeds in de toelichting op het primair proces vermeld, vindt er een verschuiving plaats van de tractiekosten naar bedrijfsvoering. Hiermee sluiten we beter aan op de regels van de Commissie BBV. Daarnaast heeft een indexatie van de verwachte kosten plaatsgevonden. Toelichting kosten Algemeen beheer: Zoals reeds vermeld bij de toelichting op de kosten van lonen en salarissen heeft er een verschuiving plaatsgevonden van de kosten van de kwaliteitsmanager van het budget ‘Van goed naar beter’ (opgenomen onder de kosten van algemeen beheer) naar de kosten van lonen en salarissen van € 125.000. Daarnaast wordt een besparing verwacht op de kosten voor algemeen beheer van afgerond € 50.000. Toelichting kosten Automatisering: De automatiseringskosten zijn geïndexeerd op basis van de realisatie 2022. Daarnaast is er sprake van tijdelijke inhuur ter versterking van het team Informatievoorziening. De Overige lasten zijn als volgt opgenomen: Lasten (bedragen x € 1.000)
2023 Begroting voor wijziging
2023 Mutaties 1e wijziging
2023 Begroting na 1e wijziging
Overig Diverse baten en lasten Onvoorzien Vennootschapsbelasting Subtotaal
0 150 5 155
0 0 0 0
0 150 5 155
Totaal lasten Overig
155
0
155
Toelichting: Voor de overige lasten zijn er geen afwijkingen te melden. Het resultaat wordt dan als volgt weergegeven: Resultaat bedragen x € 1.000
2023 Begroting voor wijziging
2023 Mutaties 1e wijziging
2023 Begroting na 1e wijziging
Totaal baten
35.660
6.070
41.730
Totaal lasten
35.585
6.070
41.655
Resultaat
75
0
75
Stortingen reserves
75
0
75
Onttrekkingen reserves
0
0
0
75
0
75
0
0
0
Totaal reserves Gerealiseerd resultaat
Ontwerp 1e begrotingswijziging 2023
9
(Vervangings-)investeringen 2023 In 2023 zal een aantal bedrijfsmiddelen opnieuw aangeschaft of vervangen moeten worden. Daarnaast zijn we in het kader van een nog af te sluiten nieuwe overeenkomst, voornemens om te investeren in twee nieuwe meetstations. Het uitgangspunt is dat het dagelijks bestuur met het vaststellen van de eerste begrotingswijziging 2023 goedkeuring verleent aan het onderstaande overzicht (vervangings-)investeringen. Investeringen bedragen x € 1.000
2022
Huisvesting
2023
2024
2025
2026
100
40
50
0
0
Automatisering
0
0
50
0
0
Communicatiemiddelen
0
0
0
0
0
Wagenpark
40
150
0
0
0
Technische apparatuur
0
575
0
0
75
140
765
100
0
75
Totaal
Bij vervanging van activa wordt nut en noodzaak afgewogen. Niet altijd kan vervanging plaatsvinden tegen de geraamde aanschafwaarden, wat betekent dat de werkelijke lasten afwijken van de in bovenstaande tabel opgenomen jaarlasten. Substantiële afwijkingen melden we bij de bestuursrapportages. Voor activering van investeringen wordt vanaf 2022 een ondergrens van € 1.000 (was voorheen € 10.000) gehanteerd. Vervangingen of aanschaffingen onder deze grens verantwoorden we in de exploitatie. Met het vaststellen van de begrotingswijziging worden ook de afschrijvingstermijnen voor investeringen vastgesteld. De afschrijvingen vinden - eveneens vanaf 2022 - plaats bij ingebruikname van het actief (was het jaar volgend op activering). Vanwege de teruglopende investeringen is de financiële impact van beide veranderingen niet materieel. Het financiële beleid is overeenkomstig aangepast. Afschrijvingstermijnen Bij investeringen worden de volgende afschrijvingstermijnen gehanteerd: Tabel met gehanteerde afschrijvingstermijnen
Aantal jaren
Automatisering
5
Huisvesting
10
Communicatiemiddelen
3
Vervoersmiddelen
7
Technische apparatuur
15
Overheveling budgetten/onttrekking reserve Vanuit de jaarrekening 2022 vindt geen budgetoverheveling plaats naar 2023.
Ontwerp 1e begrotingswijziging 2023
10
Bijlage I Specificatie bijdrage per deelnemer In onderstaande tabel zijn de herziene deelnemersbijdragen per programma opgenomen voor 2023. Hierbij zijn de volgende uitgangspunten gehanteerd: De bedragen zijn gebaseerd op de bestuurlijk goedgekeurde werkprogramma’s voor 2023; de bedragen zijn geïndexeerd op basis van het herziene tarief uit de eerste begrotingswijziging; de bijdragen zijn gecorrigeerd voor de effecten van het kosteneffectiviteitsonderzoek en de evaluatie van de MWB-norm, uitgevoerd in het najaar van 2021; de bijdragen voor programma 3 betreffen de bijdragen van de deelnemers inclusief SSIB (in totaliteit 335.000). De uitvoering van SSIB vindt plaats door de ODBN. De OMWB betaalt derhalve deze vaste bijdrage door aan de collega-omgevingsdienst. De effecten van de verhoging van de werkprogramma’s en de indexatie op basis van het herziene tarief zijn opgenomen in de tabel daaronder. Deelnemersbijdrage 2023 na 1e wijziging Gemeente
P1
P2
P3
Totaal
Alphen-Chaam
367.997
78.656
42.606
489.259
Altena
822.535
181.133
80.035
1.083.702
Baarle-Nassau
367.718
57.983
37.368
463.069
Bergen op Zoom
857.376
679.425
57.622
1.594.424
Breda
1.754.985
584.469
137.091
2.476.545
Dongen
295.582
116.738
35.180
447.499
Drimmelen
473.233
219.462
61.095
753.791
Etten-Leur
408.474
60.337
51.534
520.345
Geertruidenberg
421.667
109.834
35.848
567.349
Gilze en Rijen
351.538
100.912
48.700
501.150
Goirle
222.988
49.218
25.479
297.685
Halderberge
533.342
213.793
56.602
803.736
Heusden
416.350
259.600
42.313
718.263
Hilvarenbeek
460.807
184.040
47.815
692.661
Loon op Zand
277.413
135.971
43.316
456.701
Moerdijk
1.154.658
619.243
76.459
1.850.359
Oisterwijk
453.747
270.842
56.382
780.971
Oosterhout
800.506
235.607
82.596
1.118.710
Roosendaal
790.000
514.469
91.469
1.395.938
Rucphen
296.841
116.412
37.520
450.772
Steenbergen
459.282
142.899
52.909
655.090
Tilburg
2.006.370
1.032.114
149.618
3.188.102
Waalwijk
660.845
272.788
57.065
990.698
Woensdrecht
241.153
123.573
31.442
396.168
Zundert
546.315
247.163
70.426
863.905
15.441.722
6.606.678
1.508.491
23.556.891
8.723.851
5.130.209
565.469
14.419.529
24.165.573
11.736.887
2.073.960
37.976.420
Totaal gemeenten Provincie Totaal bijdrage 2023
Ontwerp 1e begrotingswijziging 2023
11
Verloop deelnemersbijdrage 1e wijziging 2023 Gemeente
Oorspronkelijke begroting
Verhoging werkprogramma
Aanpassing tarief
Eerste begrotingswijziging
Alphen-Chaam
446.036
-346
43.569
489.259
Altena
819.649
166.443
97.609
1.083.702
Baarle-Nassau
424.034
-2.152
41.188
463.069
Bergen op Zoom
1.403.849
46.536
144.039
1.594.424
Breda
2.170.726
81.587
224.231
2.476.545
Dongen
407.650
76
39.773
447.499
Drimmelen
643.028
43.145
67.617
753.791
Etten-Leur
418.275
55.675
46.395
520.345
Geertruidenberg
493.056
23.625
50.668
567.349
Gilze en Rijen
458.547
-2.047
44.650
501.150
Goirle
272.482
-951
26.153
297.685
Halderberge
626.411
105.168
72.158
803.736
Heusden
465.000
188.876
64.388
718.263
Hilvarenbeek
606.605
23.996
62.060
692.661
Loon op Zand
386.738
29.353
40.609
456.701
Moerdijk
1.680.144
2.910
167.305
1.850.359
Oisterwijk
696.172
14.710
70.088
780.971
Oosterhout
1.017.918
0
100.792
1.118.710
Roosendaal
1.227.468
42.476
125.994
1.395.938
Rucphen
381.171
29.532
40.070
450.772
Steenbergen
564.175
32.270
58.645
655.090
Tilburg
2.899.183
0
288.918
3.188.102
Waalwijk
764.629
136.915
89.154
990.698
Woensdrecht
385.494
-24.433
35.106
396.168
Zundert
703.902
82.375
77.628
863.905
Totaal gemeenten
20.362.342
1.075.741
2.118.808
23.556.891
Provincie
13.325.016
-131.354
1.225.866
14.419.529
Totaal bijdrage 2023
33.687.358
944.387
3.344.675
37.976.420
Ontwerp 1e begrotingswijziging 2023
12
Omgevingsdienst Midden- en West-Brabant
Jaarstukken 2022
geheel document digitaal gewaarmerkt voor identificatiedoeleinden R.B. www.omwb.nl
14 april 2023 >
Inhoudsopgave 1. Voorwoord
3
3. Jaarrekening
34
2. Jaarverslag
4
3.1
Balans ultimo boekjaar
35
3.2
Het overzicht van baten en lasten
37
2.1
Inleiding
4
3.3
Toelichtingen
40
2.2
Het resultaat 2022
5
3.3.1 Grondslagen voor waardering en resultaatbepaling
40
2.3
Toelichting op het resultaat 2022
5
3.3.2 Toelichting op de balans per 31 december 2022
43
2.4
Programmaverantwoording
7
3.3.3 Toelichting op het overzicht van baten en lasten 2022
48
3.3.4 Kengetallen
51
2.4.1 P rogrammadeel 1: Vergunningverlening, toezicht en handhaving (basistaken)
8
<<
<
52 52
2.4.3 Programmadeel 3: Collectieve taken
23
3.5
Publicatieverplichting op grond van de WNT
53
2.4.4 Programmadeel 4: Overige exploitatielasten en –baten
23
3.6
Verantwoordingsinformatie Specifieke Uitkeringen (SiSa)
55
2.4.5 Specifieke uitkering Omgevingsdiensten
23
en de post Onvoorzien 2.5
3.3.5 Toelichting op de baten
15
2.4.6 K osten van Bedrijfsvoering, Vennootschapsbelasting
Bijlage 1: Kwaliteitscriteria 2.2
56
23
Paragrafen
24
2.5.1 Weerstandsvermogen en risicobeheersing
24
2.5.2 Financiering
27
2.5.3 Bedrijfsvoering - plannen en resultaten
29
2.5.4 Wet open overheid (Woo)
33
OMWB Jaarrekening 2022
3.4
Overzicht baten en lasten per taakveld 2022
2.4.2 Programmadeel 2: Adviezen en projecten
2
>
1.
Voorwoord Voor u liggen de jaarstukken 2022 van de Omgevingsdienst Midden-en West-Brabant (hierna OMWB). De jaarstukken vormen het sluitstuk van de Planning & Control-cyclus en bestaan uit de volgende onderdelen: •
het jaarverslag 2022, bestaande uit de programmaverantwoording en de paragrafen;
•
de jaarrekening 2022, bestaande uit de balans, het overzicht van baten en lasten over het boekjaar en de toelichtingen.
Met dit jaarverslag en de jaarrekening verantwoordt de OMWB zich aan zijn deelnemers over het gevoerde beleid van het afgelopen jaar.
<<
<
OMWB Jaarrekening 2022
3
>
2.
Jaarverslag 2.1 Inleiding Het jaar 2022 was voor de Omgevingsdienst Midden- en West-Brabant (OMWB) wederom een druk jaar. De vele verschillende thema’s die verbonden zijn aan een veilige, schone en duurzame leefomgeving, staan hoog op de politiek-bestuurlijke agenda. De werkdruk is fors en de dynamiek is groot. De OMWB blijft ondertussen onverminderd in staat om bij deze maatschappelijke opgaven een steeds belangrijkere rol te vervullen. De dienst sluit het boekjaar 2022 naar tevredenheid af met een positief financieel resultaat van €583.000. Dat komt voor een groot deel door incidentele opbrengsten maar ook was er sprake van een productief laatste kwartaal. Daarnaast ontstond het afgelopen jaar een nieuwe balans tussen thuis en fysiek op kantoor werken. Als gevolg hiervan is natuurlijk bespaard op reiskosten van personeel maar tegelijkertijd leidt deze beweging ook tot hogere thuiswerkvergoedingen. Het streven naar data- en informatiegestuurd werken is één van de speerpunten bij de doorontwikkeling van de OMWB naar een professionele organisatie. Hoe beter het ons lukt om data te vertalen naar waardevolle informatie en inzichten, hoe beter we kunnen bijdragen aan een schone, veilige en duurzame leefomgeving. We zullen de komende jaren dan ook blijven investeren in de ontwikkeling van de juiste kennis, competenties en (ICT-)structuren.