CConstaterende datRoermond
Koppel je AI →
Document · PDF

Raadsinformatiebrief beantwoording technische vragen jaarstukken 2020 met drie bijlagen

Gemeenteraad 8 juli 2021, gemeente RoermondBij agendapunt: Jaarstukken 202018.771 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

BEANTWOORDING TECHNISCHE VRAGEN JAARSTUKKEN 2020 Nr 1

Fractie SP

Pagina

Programma

Vraag Kunt u mij vrij precies aangeven hoeveel arbeidsuren het boekwerk Jaarstukken 2020 heeft gekost en in hoeveel uren u denkt dat een raadslid van een éénzetelpartij deze 339 pagina's kan doornemen en er relevante vragen over kan stellen binnen 13 dagen?

Antwoord De jaarstukken 2020 zijn het resultaat van een (organisatiebreed) proces dat is gestart in december en zijn afronding kent bij het vaststellen van de stukken door de gemeenteraad op 8 juli aanstaande. Gezien de omvang van het proces en het grote aantal betrokken personen is niet precies te duiden hoeveel arbeidsuren dit heeft gekost. De wettelijke bepalingen uit het BBV ten aanzien van de inhoud maken het niet altijd mogelijk zaken bondig weer te geven. In toekomst gaan we toewerken naar zowel een begroting als ook een jaarrekening in één oogopslag waarmee wij het boekwerk inzichtelijker en toegankelijker willen maken. Tijdens de toelichtende bijeenkomst zijn door deelnemende raads- en commissieleden hiervoor al suggesties gedaan die we zeker zullen meenemen.

2

LVR

Bijlage 1 raadsvoorstel

Resultaatbestemming

Kunt u gedegen onderbouwing leveren waarom u voor een fors hoger bedrag resultaatsbestemmingen opneemt t.o.v. het jaarrekeningresultaat?

De onderbouwing van de resultaatbestemmingen is opgenomen in bijlage 1 bij het raadsvoorstel. Veelal gaat het om middelen die in 2020 niet zijn uitgegeven voor de doelen waarvoor de gelden beschikbaar zijn gesteld en waar uitgaven voor 2021 zijn gepland. Daarnaast is er bij overschotten op regionale middelen geen keuze en dienen deze bedragen 1 op 1 overgezet te worden.

3

LVR

Bijlage 1 raadsvoorstel

Resultaatbestemming

Waarom kiest u hier bewust voor juist in financiële crisistijd van Roermond?

De inhoudelijke doelen waarop resultaatbestemming is aangevraagd, zijn voor het college reden geweest hiervoor resultaatbestemming voor te stellen. Zie verder ook beantwoording vraag 2.

4

LVR

Resultaatbestemming

LVR

Resultaatbestemming

Klopt het dat u dus meer onttrekt vanuit de algemene reserve dan u vanuit het jaarrekeningresultaat toevoegt aan de algemene reserve? Wat vindt de accountant van deze handelswijze?

Dat is juist.

5

Bijlage 1 raadsvoorstel Bijlage 1 raadsvoorstel

6

LVR

Resultaatbestemming

Wat vindt de auditcommissie van deze handelswijze?

Deze vraag hebben wij doorgezet naar de auditcommissie.

7

LVR

Bijlage 1 raadsvoorstel Algemeen

Algemeen

Wat had in 2020 anders kunnen worden uitgegeven wetende dat er nu een “klaar voor de herstart” notitie ligt?

De notitie Klaar voor de herstart ligt er nu, medio 2021 en met de kennis van nu kunnen wij handelen. In 2020 hebben wij gehandeld met de op dát moment beschikbare kennis en informatie.

8

LVR

Algemeen

Algemeen

Aangezien dit de laatste jaarrekening is van dit college ontvangen wij graag een overzicht van alle punten uit het coalitieakkoord met daarbij het al dan niet behaalde resultaat.

Ondanks de grote impact van de coronacrisis is het college in staat geweest de voornemens uit het coalitieakkoord grotendeels uit te voeren. In de voorliggende jaarstukken vindt u de weerslag hiervan.

9

LVR

Algemeen

Algemeen

Vragen aan de accountant: -. Hoe is het jaarrekeningproces gelopen? -. Zijn er vertragingen/strubbelingen geweest? Zo ja, gaarne toelichten.

Voor het antwoord op deze vragen wordt verwezen naar het verslag van bevindingen.

10

VVD

Algemeen

Algemeen

Verstrekken van een overzicht van de baten, lasten, mutaties reserves in vergelijking tot begroting op hetzelfde detailniveau binnen de programma's als in de jaarrekening 2019. Met slechts een totaaloverzicht per programma wordt te weinig inzicht verkregen.

Dit overzicht is opgenomen in bijlage 1. Hierin staan ook de vergelijkende cijfers met 2019.

1

Voor het antwoord op deze vraag wordt verwezen naar het verslag van bevindingen. Hierin wordt door de accountant nader ingegaan op de ontwikkelingen in het vermogen en het resultaat van de gemeente.

Nr 11

Fractie VVD

Pagina Algemeen

Programma Algemeen

Vraag Verstrekken van een overzicht van de baten, lasten, mutaties reserves met vergelijkende cijfers van 2019. JeugdzorgPlus, de tekst in de middenkolom bij K is onjuist, deze hoort bij perspectief op werk van pagina 30. Verstrekken van de juiste tekst.

12

VVD

32

1 Zorgzame gemeente

13

VVD

35

1 Zorgzame gemeente

Jeugdzorg maatwerkdienstverlening extra noot: "Hier tegenover staan ook baten, welke in dit Deze baten betreffen een Specifieke Uitkering van het Rijk, die nog niet verwerkt was als overzicht nog niet staan geboekt."! Waar zijn deze wel vermeld en voor welk bedrag? inkomsten in 2020. Het gaat om een bedrag van € 4.427,00 zoals opgenomen in de SiSa-bijlage (H9, pagina 331).

14

VVD

113

8 Levendige stad

Brandweer - De gewijizigde rechtspositie brandweer leidt tot verschuiving van kosten, maar niet tot extra meerkosten - kan dit verklaard worden?

15

VVD

141

Paragraaf Lokale heffingen

Kwijtschelding afvalstoffen heffing 2020 bedraagt € 500.757, voor 4.441 *(100-30,6)=69,4% Het tarief voor afvalstoffenheffing wordt per jaar geheven. Indien inwoners gedurende het ofwel 3082 heffingen. Dit komt neer op een gemiddeld kwijtscheldingbedrag van €162, terwijl jaar naar een andere gemeente verhuizen wordt het tarief en hiermee ook de kwijtschelding het tarief €235 bedraagt. Hoe is dit te verklaren? pro rato verrekend. Hierdoor kan het bedrag van kwijtschelding lager zijn dan het tarief per jaar. Hierdoor is het niet mogelijk terug te rekenen met het tarief van € 235,- per jaar.

16

VVD

143

Paragraaf Lokale heffingen

In 2020 zijn ruimschoots hogere opbrengsten voor (water)toeristenbelasting en precario verantwoord. Hoe is dit te rijmen met de kwijtscheldingen/verminderingen ivm de Corona crisis?

Wat betreft (water)toeristenbelasting is in het bedrag opgenomen correcties over 2018 en 2019 plus de compensatie van het rijk en de door het college besloten toevoeging uit het Coronafonds. Daarnaast heeft de goede zomer en het toen lagere niveau van beperkingen, voor dat deel van het jaar, gezorgd voor meer overnachtingen dan verwachting. Als gemeente hebben we, waar mogelijk, de gevolgen van de Coronavirus voor onze ondernemers in de Horeca beperkt door tijdelijk geen precario te heffen. Ook hier heeft de gemeente een compensatie ontvangen. Andere sectoren en ondernemers waren wel precario verschuldigd in 2020. Precario wordt namelijk over meer feiten geheven dan alleen het hebben van een terras. Deze zaken hebben geleid tot het hogere bedrag.

17

VVD

183

Paragraaf bedrijfsvoering

Basis op orde - hoe ver is de realisatie van het 6-stappenplan voor de "in control" verklaring rechtmatigheid gevorderd die nodig is bij de komende jaarrekening 2021?

Wij gaan er van uit dat u het 6 stappenplan bedoelt, zoals opgenomen in de managementletter 2018 (uitgebracht door onze toenmalige accountant EY). Dit stappenplan gaat uit van een ontwikkeling naar een volledig 'in control' statement (fase 6). Dit is een lange termijn persepctief. Een in control statement gaat veel verder dan een verklaring omtrent de financiële rechtmatigheid, zoals bedoeld in de voorgenomen wijziging van de gemeentewet. Het betreffende wetsvoorstel is nog niet behandeld in de Tweede Kamer. Of de wet met terugwerkende kracht (vanaf het boekjaar 2021) wordt ingevoerd is nog onzeker. Niettemin houden we daar wel rekening mee bij de invulling van het jaarplan interne audits 2021/2022. Wij stemmen dit ook af met de accountant. Mocht de wet niet tijdig worden ingevoerd, dan zullen we op onderdelen toch starten met het uitvoeren van pilots voor de rechtmatigheidsverantwoording.

2

Antwoord Zie beantwoording vraag 10. De inkoop JeugdzorgPlus wordt in 2020 doorontwikkeld wat leidt tot minder opnames in de JeugdzorgPlus op termijn en minimaal gelijkblijvende danwel dalende kosten.

De gevolgen van de veranderende rechtspositie van de brandweervrijwilliger zijn nog niet volledig uitgewerkt op landelijk niveau. Dit wordt ook meegenomen in de kerntakendiscussie later dit jaar. Ondertussen werkt de brandweer hard aan een toekomstbestendige (repressieve) brandweerorganisatie vanuit een budgetneutraal uitgangspunt. Andere keuzes in prioriteiten kunnen dan leiden tot verschuiving van kosten, niet tot ophoging van het brandweerbudget.

Nr 18

Fractie VVD

Pagina 190

Programma Paragraaf bedrijfsvoering

Vraag In de tabel wordt een percentage inhuur gegeven van 14,1% - eerder is bij de behandeling van de financiele tussenrapportage een aanzienlijk lager percentage gemeld. Wat is hiervoor de verklaring, welk percentage is juist? Klopt het opgenemen percentage van 5,1% voor heel Nederland?

Antwoord Het percentage inhuur van 14,1% is correct weergegeven in de jaarcijfers 2020. Daarentegen betreft het percentage inhuur van 5,1% niet het percentage van heel Nederland, maar van de begroting 2020. Hier was de weergave van de kop van de kolom niet juist weergegeven; “Nederland” dient vervangen te worden door “Begroting 2020”

19

VVD

algemeen

Resultaatbestemming

De afzonderlijke resultaatbestemmingen zijn vermeld bij de betreffende programma's in het jaarverslag. Het totaal overzicht en de onderbouwing van alle voorgestelde resultaatbestemmingen is opgenomen in bijlage 1 van het raadsvoorstel.

20

D66

31

1 Zorgzame gemeente

Door de hele jaarrekening worden bij de programma's posten opgegeven die opgenomen worden in de resultaatbestemming. Kan van de belangrijkste posten (> € 100k) een overzicht worden verstrekt van de overwegingen welke leiden tot het opnemen als resultaatbestemming, inclusief heroverweging van de noodzaak en/of mogelijk aanpassen in omvang van de betreffende posten (6, 12, 15 en 18 kunnen buiten beschouwing gelaten worden)? Onderdeel H: Waarom is voor het merendeel van de aanbieders deze afspraak niet gehaald?

21

D66

31

1 Zorgzame gemeente

Onderdeel I: Kunt u de uitkomst van een of meerdere pilots noemen? Hebben ze bereikt wat men beoogd had?

Hierbij kan worden gedacht aan de pilot ondersteuning bij de huisartsen, waaruit niet alleen gebleken is dat er een kwalitatieve verbeterslag is gemaakt in het verwijsproces via de huisarts (alle betrokken boverndien zeer tevreden), maar er ook aanzienlijke financiële bespartingen zijn gerealiseerd van ruim € 450.000. Wanneer pilot zoals deze zulke positieve resultaten laten zien, is dat aanleiding om een strucurele inbedding van deze werkwijze in te bedden.

22

D66

33

1 Zorgzame gemeente

BBV Indicatoren: Kunt u toelichten waarom het aantal lopende re-integratievoorzieningen in Roermond beduidend lager is dan het Nederlands gemiddelde?

M.i.v. 2019 is de uitvraag van de Statistiek Re-integratie Gemeenten (SRG) ingrijpend gewijzigd, waardoor sommige zaken niet meer meetelden in de SRG. Dit gold voor de activiteiten ‘eigen begeleiding’, die onder reguliere activiteit vallen en dus niet meer mogen worden aangeleverd. De richtlijnen van de SRG worden hierin gevolgd. Er is weliswaar geïnvesteerd in klantmanagers, maar dat zien we dus om voornoemde reden niet terug in de cijfers van de re-integratievoorzieningen.

23

D66

46

2 Inclusieve samenleving

Onderdeel F: De coronacrisis kan nog lang duren. Wanneer denkt u de modernisering van het In de tweede helft van 2021 zal er, als gevolg van de coronapandemie, sprake zijn van enige subsidieproces weer op te pakken? normalisering van het maatschappelijk leven. Vanaf dat moment kunnen veel subsidieontvangers pas de balans opmaken van de gevolgen van de crisis voor hun organisatie. Dit betekent dat, vanwege het zwaarwegend belang van draagvlak, pas ergens in de loop van 2022 het project opnieuw opgepakt kan worden.

24

D66

51

3 Goed onderwijs

BBV Indicatoren: Absoluut en relatief verzuim ligt in Roermond hoger dan het landelijke gemiddelde. Reden?

3

Op de meeste onderdelen heeft in 2020 geen nieuwe inkoop plaatsgevonden voor het afsluiten van nieuwe contracten, wel zijn voorbereidingen gestart voor het uitvoeren van nieuwe inkoopprocedures voor jeugdhulp onder andere op verblijf met behandeling, wonen en crisis.

De verzuimcijfers voor Roermond liggen – historisch gezien – hoger dan het landelijk gemiddelde en zijn vergelijkbaar met een grote(re) stad. Dit wordt onder andere verklaard doordat Roermond vanwege haar bevolkingssamenstelling meer grootstedelijke problematiek kent en daarmee een groter risico op verzuim (en voortijdig schoolverlaten). Voor meer informatie en een nadere duiding van de cijfers zie het jaarverslag Leerplicht-RMC van de gemeente Roermond over het schooljaar 2019-2020.

Nr 25

Fractie D66

Pagina Sheet 13

Programma Presentatie

Vraag Kunt u het verloop van de solvabiliteitsratio verklaren?

Antwoord In bijlage 3 is het verloop van de solvabiliteitsratio in beeld gebracht. Uit de onderliggende cijfers blijkt dat het dalende verloop wordt veroorzaakt door een afname van het eigen vermogen als gevolg van het inzetten van reserves.

26

GL

Algemeen

Raadsvoorstel

Boekwaarde Godsweerdersingel wordt 1,2 mln lager. Betekent dit dat de boekwaarde nog slechts 0,9 mln betreft ( 2,1 minus 1,2) ? Reden lijkt te zijn dat de bestemming fietsenstalling, parkeren en bovenliggende verdiepingen kantoorruimte is. De bestemming was toch al parkeren ( in onderste verdieping) en kantoorruimte

De marktwaarde in 2017 is conform het taxatierapport gebaseerd op het Highest and BestUse principe waarna de marktwaardebepaling op basis van de complexwaarde benadering is uitgevoerd. Geconcludeerd is dat de waarde na transformatie tot wooncomplex beduidend hoger is dan de waarde voor een kantoorcomplex. Aan de hand van deze uitgangspunten is de marktwaarde in 2017 getaxeerd op 2,1 mln. Bij de hertaxatie in 2021 zijn de uitgangspunten uit de taxatie uit 2017 overgenomen en geactualiseerd met dat verschil dat voor het bepalen van de boekwaarde het Highest and BestUse principe niet is gehanteerd. Volgens opmerkingen van de accountant dient voor de bepaling van de boekwaarde de meest ongunstige variant uit de marktwaardebepaling te worden gehanteerd zijnde een kantorencomplex met een marktwaarde van 0,9 mln. NB De marktwaarde (wooncomplex) in 2021 is dezelfde als in 2017.

27

GL

152

Paragraaf weerstandsvermogen

Op p. 152 staat : “ Met het oog op de herinrichting van het busstation is medio 2017 het pand Wij zijn bij deze formulering uitgegaan van het raadsvoorstel, zoals dat aan de raad is Godsweerdersingel 10 aangekocht. Omdat destijds uitgegaan werd van sloop van het pand voorgelegd in de veragdering van 13 juli 2017. Het klopt, dat er bij de raadsbehandeling werd bij het aankoopbesluit een voorziening getroffen ter hoogte van het aankoopbedrag van nadrukkelijk meerdere opties zijn opengelaten. € 2,1 miljoen voor de afwaardering van de boekwaarde.” O.i. is dit niet juist. Een van de mogelijkheden was sloop en daarom is de voorziening getroffen. Graag een bevestiging van deze correctie

28

GL

22

Financiele positie

Belastingcapaciteit (p. 22). Woonlasten zijn 89,7% van het landelijke gemiddelde. Hoe ligt dit voor eigenaren / gebruikers niet woningen ?

Voor niet-woningen wordt het gemiddeld tarief uitgedrukt in procenten van de WOZ-waarde. Het gemiddeld landelijk percentage is voor het jaar 2020 vastgesteld op: - Ozb niet-woning (eigenaar ) 0,2898% t.o.v. 0,2030 % Roermond - Ozb niet-woning (gebruiker) 0,2171% t.o.v. 0,1724% Roermond Voor de informatie van de Gemeente Roermond verwijzen wij naar bijlage 11 pagina 45 in bijgevoegd belastingoverzicht 2020 van Provincie Limburg (bijlage 2). Voor de landelijke cijfers verwijzen wij naar pagina 12 en pagina 32 in bijgevoegde link: https://www.coelo.nl/images/rapporten/Coelo_Atlas_van_de_lokale_lasten_2020.pdf

29

GL

Algemeen

Algemeen

Hoeveel overschrijding is er in 2020 als het gaat om bedrijfsvoering en kosten personeel t.o.v. In de eindejaarsrapportage 2020 is er een overschrijding van ci. 0,6 mln. gemeld. Rekening begroting ? houdend met deze bijstelling kan per einde jaar 2020 geconcludeerd worden, dat de in de programma's per product verantwoorde afwijkingen tussen realisatie en begroting op personeelskosten elkaar opheffen en per saldo een nagenoeg nihil resultaat laten zien.

30

GL

Algemeen

Algemeen

Is een inschatting te geven hoeveel % van het in het programma voorgenomen en begrote E en uren niet gerealiseerd / uitgevoerd is als gevolg beperkte / geen capaciteit ?

4

Hiervan is geen inschatting te geven. De gemeente kent geen systeem van tijdschijven waarmee werkzaamheden en inzet van capaciteit inzichtelijk worden gemaakt. Om meer balans aan te brengen tussen bestuurlijke ambities en uitvoeringsmogelijkheden van de ambtelijke organisatie zijn via de uitvoeringstoets keuzes voorgelegd.

Nr 31

Fractie GL

Pagina 137

Programma Paragraaf Lokale heffingen

Vraag Antwoord Pag. 137 1e tabel: Kan de tabel OZB eigenaar woningen ( p. 137 1e tabel)ook gemaakt worden Voor niet-woningen wordt het gemiddeld tarief uitgedrukt in procenten van de WOZ-waarde. voor eigenaar en gebruiker niet woningen, m.n. de vergelijking met Limburgs gemiddelde en / In het belastingoverzicht 2020 van Provincie Limburg is informatie opgenomen over de OZBof de andere grote steden ( Maastricht, Heerlen, Sittard/Gellen, Venlo, Venray en Weert) in tarieven van niet woningen. We verwijzen hiervoor naar bijlage 11 pagina 45 in bijgevoegd Limburg. document (bijlage 2).

32

GL

137

Paragraaf Lokale heffingen

P 137 2e tabel: Graag een overzicht van de totaalopbrengst in E van OZB woningen en niet woningen ( p. 137 2e tabel) tov de andere grote steden in Limburg

5

De gemeente Roermond beschikt niet over de totaalopbrengsten van OZB-woningen van andere grote steden in Limburg. BsGW verstrekt geen informatie over andere gemeenten. Voor de totaalopbrengsten van niet woningen voor eigenaar en gebruiker verwijzen wij naar paragraaf 4 pagina 29 en bijlage 12 pagina 46 in bijgevoegd belastingoverzicht 2020 van Provincie Limburg (bijlage 2).

Bijlage 1: Budgetbewaking saldo voor/na bestemming 2020 Programma D-01 Zorgzame gemeente

Product D-0110 Informatie, advies en toeleiding

Lasten / baten

Realisatie

Prim. begroting

Totaal begroting

Realisatie

Afwijking

2019

2020

2020

2020

2020

Lasten

4.677.122

4.400.241

4.202.426

3.780.251

Baten

-22.754

0

0

-6.750

6.750

4.654.368

4.400.241

4.202.426

3.773.501

428.925 -403.457

Resultaat voor bestemming Storting in reserves

0

153.745

557.203

-174.960

-176.010

-81.645

-94.365

4.654.368

4.225.281

4.180.161

4.249.059

-68.898

Lasten

16.879.891

16.876.858

18.219.067

17.909.293

309.774

Baten

-1.049.836

-1.426.435

-1.294.731

-1.120.388

-174.343 135.431

Onttrekking uit reserves D-0120 Maatschappelijke ondersteuning

Resultaat voor bestemming

D-0130 Jeugdzorg

15.830.055

15.450.423

16.924.336

16.788.905

Storting in reserves

2.151.450

1.688.585

1.908.585

1.360.034

548.552

Onttrekking uit reserves

-1.622.241

-312.750

-874.454

-150.436

-724.018 -40.035

16.359.265

16.826.258

17.958.467

17.998.502

Lasten

17.703.312

18.085.462

18.989.475

18.904.192

85.283

Baten

-511.699

-283.005

-283.005

-525.695

242.690

17.191.612

17.802.457

18.706.470

18.378.497

327.973

Resultaat voor bestemming Storting in reserves Onttrekking uit reserves D-0140 Arbeidsmarkt en participatie

235.169 -2.414.742

-2.799.587

-3.596.060

-3.213.953

-382.107

15.012.040

15.002.870

15.110.410

15.164.544

-54.134

Lasten

18.889.615

18.665.087

21.045.661

19.661.649

1.384.012

Baten

-451.024

-178.328

-329.991

-1.117.425

787.435

18.438.591

18.486.759

20.715.670

18.544.224

2.171.446

0

1.655.000

3.437.190

-1.782.190

-977.970

-1.403.000

-2.727.528

-2.688.207

-39.320

17.460.621

17.083.759

19.643.143

19.293.206

349.937 976.581

Resultaat voor bestemming Storting in reserves Onttrekking uit reserves D-0150 Inkomensregelingen & schuldhulpverlening

D-0160 Preventie en gezondheid

Lasten

30.632.851

31.295.363

38.684.236

37.707.655

Baten

-27.776.506

-26.752.016

-33.950.233

-33.964.809

14.576

Resultaat voor bestemming

2.856.345

4.543.347

4.734.003

3.742.846

991.156

Storting in reserves

2.878.549

1.176.000

1.176.000

1.439.182

-263.182

Onttrekking uit reserves

-326.570

0

-472.524

-114.168

-358.356

5.408.324

5.719.347

5.437.478

5.067.860

369.618

Lasten

2.722.968

2.961.818

3.264.213

2.821.489

442.725

Baten

-54.347

0

-54.347

-137.386

83.039

2.668.621

2.961.818

3.209.866

2.684.103

525.764

0

37.962

391.254

-353.292

-97.454

-246.046

-486.764

-179.107

-307.657

2.571.167

2.715.772

2.761.064

2.896.250

-135.186

Resultaat voor bestemming Storting in reserves Onttrekking uit reserves D-01 Zorgzame gemeente D-02 Inclusieve samenleving

D-0210 Samenkracht en burgerparticipatie

61.465.784

61.573.287

65.090.723

64.669.421

421.302

Lasten

4.359.527

4.660.552

4.531.727

4.241.849

289.878

Baten

-184.121

0

-109.478

-125.405

15.927

4.175.406

4.660.552

4.422.249

4.116.444

305.805

40.000

132.785

537.352

-404.567

-672.923

-451.075

-318.520

-135.200

-183.319

3.502.483

4.249.477

4.236.515

4.518.596

-282.081

Lasten

1.721.987

1.993.914

2.322.663

1.878.442

444.221

Baten

-536.258

-946.072

-946.072

-430.201

-515.871

1.185.729

1.047.842

1.376.591

1.448.241

-71.650

0

62.700

62.700

0

-281.471

-120.771

-433.747

-535.976

102.229

904.258

927.071

1.005.543

974.965

30.579

540.285

377.211

436.927

263.583

173.344

Resultaat voor bestemming Storting in reserves Onttrekking uit reserves D-0220 Wijkontwikkeling en wijkbeheer

Resultaat voor bestemming Storting in reserves Onttrekking uit reserves D-0230 Diversiteit

Lasten Baten Resultaat voor bestemming

-7.791

0

-10.000

-10.900

900

532.494

377.211

426.927

252.683

174.244

Onttrekking uit reserves D-02 Inclusieve samenleving D-03 Goed Onderwijs

D-0310 Onderwijsbeleid en leerlingzaken

-291.450

-267.696

-218.751

-48.945

532.494

85.761

159.231

33.932

125.299

4.939.235

5.262.309

5.401.289

5.527.493

-126.204

Lasten

4.322.569

2.868.952

4.842.242

4.340.870

501.371

Baten

-3.185.533

-1.141.295

-3.302.934

-3.184.416

-118.518

Resultaat voor bestemming

1.137.036

1.727.657

1.539.308

1.156.454

382.853

0

100.000

100.000

0

-122.358

-98.035

-118.035

-118.035

0

1.014.679

1.629.622

1.521.273

1.138.419

382.853

Lasten

2.894.148

2.835.295

2.541.605

2.537.501

4.104

Baten

-190.992

-184.846

-184.846

-90.057

-94.788

2.703.156

2.650.449

2.356.759

2.447.443

-90.684

0

365.000

365.000

0

-23.805

-23.805

-23.805

0

2.703.156

2.626.644

2.697.954

2.788.638

-90.684

3.717.835

4.256.266

4.219.227

3.927.057

292.169

Storting in reserves Onttrekking uit reserves D-0320 Onderwijshuisvesting

422.175

Resultaat voor bestemming Storting in reserves Onttrekking uit reserves D-03 Goed Onderwijs

1

Programma D-01 Zorgzame gemeente D-04 Kansen voor klimaat

Product D-0110 Informatie, advies en toeleiding D-0410 Klimaatadaptatie en energietransitie

Lasten / baten

Realisatie

Prim. begroting

Totaal begroting

Realisatie

Afwijking

2019

2020

2020

2020

2020

Lasten

125.101

267.808

587.950

307.120

280.830

Resultaat voor bestemming

125.101

267.808

587.950

307.120

280.830

0

253.717

253.717

0

-56.297

-217.058

-523.717

-523.717

0

68.804

50.750

317.950

37.120

280.830

Lasten

755.999

792.899

741.099

761.552

-20.453

Baten

-48.960

-48.183

-48.183

-29.511

-18.673

707.039

744.716

692.916

732.042

-39.126

Storting in reserves Onttrekking uit reserves D-0420 Milieubeleid en -beheer

Resultaat voor bestemming Onttrekking uit reserves D-04 Kansen voor klimaat D-05 Goede leefomgeving

D-0510 Mobiliteit

0

-72.302

-41.658

0

-41.658

707.039

672.414

651.258

732.042

-80.784

775.843

723.164

969.208

769.162

200.046

Lasten

3.092.103

3.303.245

4.181.951

3.570.437

611.514

Baten

-3.339.553

-3.160.437

-4.353.455

-2.901.710

-1.451.745

Resultaat voor bestemming

-247.450

142.807

-171.505

668.727

-840.231

0

347.000

347.000

0

0

-473.165

-473.164

-1

Storting in reserves Onttrekking uit reserves D-0520 Beheer openbare ruimte

-81.227 -328.678

142.807

-297.669

542.562

-840.232

Lasten

22.243.324

23.552.296

22.978.285

23.919.054

-940.769

Baten

-13.916.029

-14.170.442

-14.720.798

-14.262.640

-458.158

Resultaat voor bestemming

8.327.295

9.381.854

8.257.487

9.656.414

-1.398.927

0

213.000

185.000

28.000

-385.535

-602.409

-1.076.945

-1.075.865

-1.080

7.941.760

8.779.445

7.393.542

8.765.548

-1.372.007 -2.212.239

Storting in reserves Onttrekking uit reserves D-05 Goede leefomgeving D-06 Toekomstbestendige stad

D-0610 Vitale stad

7.613.082

8.922.253

7.095.872

9.308.111

Lasten

369.244

53.521

181.066

355.268

-174.201

Resultaat voor bestemming

369.244

53.521

181.066

355.268

-174.201

-52.530

-180.624

-146.975

-33.649

991

443

208.293

-207.850 1.012.595

Onttrekking uit reserves 369.244 D-0620 Economie

Lasten

3.641.872

3.505.915

4.649.159

3.636.564

Baten

-1.616.414

-1.509.015

-2.004.395

-1.782.575

-221.820

Resultaat voor bestemming

2.025.458

1.996.900

2.644.764

1.853.989

790.774

Storting in reserves Onttrekking uit reserves D-06 Toekomstbestendige stad D-07 Ruimte en wonen

D-0710 Ruimtelijke ordening

Lasten Baten Resultaat voor bestemming

D-0720 Wonen en bouwen

D-0740 Vastgoed

50.000

349.816

289.993

59.824

-465.000

-1.331.825

-1.090.313

-241.513 609.085

800.999

1.581.900

1.662.754

1.053.669

1.170.243

1.582.891

1.663.197

1.261.962

401.235

2.441.749

1.367.529

1.976.714

3.072.979

-1.096.265

-3.625.103

-67.669

-992.973

-1.165.658

172.685

-1.183.354

1.299.861

983.741

1.907.321

-923.581

Storting in reserves

1.129.779

0

417.631

508.637

-91.006

Onttrekking uit reserves

-623.605

-34.733

-48.400

-1.225.730

1.177.330 162.743

-677.180

1.265.127

1.352.972

1.190.229

Lasten

2.866.266

3.715.842

3.296.742

2.759.145

537.597

Baten

-1.498.213

-1.579.111

-1.744.111

-1.617.225

-126.886

Resultaat voor bestemming

1.368.053

2.136.731

1.552.631

1.141.920

410.711

-2.591

-648.000

-308.644

-91.045

-217.599

1.365.462

1.488.731

1.243.987

1.050.875

193.112

Onttrekking uit reserves D-0730 Grondexploitatie

257.000 -1.481.459

Lasten

2.430.224

0

2.091.295

2.086.410

4.885

Baten

-1.088.380

-2.173

-2.093.467

-2.086.410

-7.058

Resultaat voor bestemming

1.341.843

-2.173

-2.173

0

-2.173

Onttrekking uit reserves

-1.526.803

-71.092

-71.092

-71.092

0

-184.959

-73.265

-73.265

-71.092

-2.173 -851.749

Lasten

1.878.864

1.896.953

2.092.880

2.944.629

Baten

-2.339.204

-2.356.506

-2.365.492

-2.923.704

558.212

Resultaat voor bestemming

-460.340

-459.553

-272.612

20.925

-293.537

Storting in reserves D-07 Ruimte en wonen

2

52.998

0

30.691

213.357

-182.666

-407.342

-459.553

-241.921

234.282

-476.203

95.980

2.221.041

2.281.773

2.404.294

-122.521

Programma D-01 Zorgzame gemeente D-08 Levendige stad

Product D-0110 Informatie, advies en toeleiding D-0810 Sportbeleid en activering

Lasten / baten

Realisatie

Afwijking

2020

2020

2020

2.128.903

1.955.141

2.343.485

2.054.609

288.876

-358.078

-246.955

-555.092

-427.758

-127.334

1.770.826

1.708.186

1.788.394

1.626.851

161.543

-221.437

-187.141

-175.288

-175.288

-0

1.549.389

1.521.045

1.613.105

1.451.563

161.542 151.913

Lasten

3.129.256

3.059.817

3.152.624

3.000.711

Baten

-1.656.348

-1.004.895

-718.695

-984.855

266.160

Resultaat voor bestemming

1.472.907

2.054.922

2.433.929

2.015.857

418.072

Onttrekking uit reserves

-36.981

-36.491

-396.220

-352.505

-43.715

1.435.927

2.018.431

2.037.709

1.663.352

374.357

Lasten

597.833

471.253

1.194.482

733.554

460.928

Baten

-150.494

0

-201.059

-205.090

4.031

Resultaat voor bestemming

447.339

471.253

993.423

528.464

464.959

Onttrekking uit reserves D-0840 Culturele organisaties en instellingen

Totaal begroting

2020

Baten Resultaat voor bestemming

D-0830 Kunst- en cultuurbeleid

Prim. begroting

2019 Lasten

Onttrekking uit reserves D-0820 Sportaccommodaties

Realisatie

-58.326

-25.000

-103.500

-73.500

-30.000

389.013

446.253

889.923

454.964

434.959

Lasten

4.393.103

4.522.839

4.487.903

4.468.983

18.920

Baten

-254.185

-288.362

-342.362

-312.515

-29.847

4.138.918

4.234.477

4.145.540

4.156.468

-10.928

75.000

75.000

75.008

-8

-119.629

-86.629

-86.633

5

4.138.918

4.189.848

4.133.912

4.144.842

-10.931

Lasten

1.419.954

1.430.803

1.378.784

1.316.043

62.741

Baten

-146.632

-133.997

-135.832

-149.267

13.435

1.273.322

1.296.806

1.242.952

1.166.776

76.176

0

21.835

20.000

1.835

-57.168

-38.748

-67.709

-63.184

-4.525

1.216.154

1.258.058

1.197.078

1.123.592

73.486

8.729.400

9.433.635

9.871.726

8.838.313

1.033.413

Lasten

4.394.375

4.091.925

4.437.563

4.287.706

149.857

Baten

-936.791

-734.175

-943.980

-1.065.710

121.730

3.457.584

3.357.750

3.493.583

3.221.996

271.587

Resultaat voor bestemming Storting in reserves Onttrekking uit reserves D-0850 Cultuurbehoud

Resultaat voor bestemming Storting in reserves Onttrekking uit reserves D-08 Levendige stad D-09 Veilige stad

D-0910 Sociale veiligheid

Resultaat voor bestemming Storting in reserves Onttrekking uit reserves D-0920 Fysieke veiligheid

3.303.287

3.387.902

3.154.201

233.701

4.442.178

4.606.228

4.413.900

192.328

Baten

-338

0

0

-1.372

1.372

4.193.467

4.442.178

4.606.228

4.412.528

193.700

0

-22.211

-19.881

-2.330

4.193.467

4.442.178

4.584.017

4.392.647

191.370

7.651.051

7.745.465

7.971.919

7.546.848

425.071

Lasten

2.320.882

1.371.788

1.123.332

1.743.635

-620.303

Baten

-855.394

-551.298

-408.023

-679.932

271.909

1.465.487

820.489

715.308

1.063.702

-348.394 -348.394

Resultaat voor bestemming

1.465.487

820.489

715.308

1.063.702

Lasten

3.117.453

2.646.435

2.667.435

2.594.648

72.787

Baten

-282.060

-142.500

-143.000

-389.692

246.692

2.835.394

2.503.935

2.524.435

2.204.956

319.479

-35.420

-3.786

-3.786

0

-3.786

2.799.973

2.500.149

2.520.649

2.204.956

315.693

4.265.460

3.320.639

3.235.958

3.268.658

-32.701 -127.480

Resultaat voor bestemming Onttrekking uit reserves D-10 Moderne gemeente D-11 Overzicht 1: Algemene Dekkingsmiddelen

D-1110 Algemene belastingopbrengsten

Lasten

963.758

412.544

412.544

540.024

Baten

-15.162.414

-15.238.381

-15.518.581

-15.533.293

14.712

-14.198.656

-14.825.836

-15.106.036

-14.993.269

-112.768

Resultaat voor bestemming

D-1120 Treasury

D-1130 Algemene en ov uitkering gemeentefonds

Storting in reserves

0

57.902

57.902

0

Onttrekking uit reserves

0

-78.800

-149.086

70.286

-14.198.656

-14.825.836

-15.126.934

-15.084.453

-42.482

Lasten

-238.538

-42.485

-312.113

-298.825

-13.288

Baten

-584.210

-480.380

-400.380

-422.009

21.629

Resultaat voor bestemming

-822.749

-522.866

-712.493

-720.834

8.341

-822.749

-522.866

-712.493

-720.834

8.341

177.303

202.784

168.284

178.808

-10.525

Lasten Baten

-111.154.503

-111.338.497

-117.247.581

-117.259.837

12.256

-110.977.200

-111.135.713

-117.079.297

-117.081.028

1.731

Storting in reserves

613.438

613.438

613.438

613.438

0

Onttrekking uit reserves

-765.000 -111.128.762

-110.522.275

-116.465.859

-116.467.590

1.731

173.098

67.578

-164.266

287

-164.553

Resultaat voor bestemming

D-1140 Overige algemene baten en lasten

798 -38.684

4.193.805

D-09 Veilige stad

D-1020 Bestuur en organisatie

157.467 -225.262

3.457.584

Onttrekking uit reserves

D-1010 Dienstverlening aan burgers

158.265 -263.946

Lasten Resultaat voor bestemming

D-10 Moderne gemeente

0 -54.463

Lasten Baten

-468.275

0

0

-928

928

Resultaat voor bestemming

-295.178

67.578

-164.266

-641

-163.625

Storting in reserves

4.332.474

695.000

14.889.276

14.889.276

0

Onttrekking uit reserves

-4.348.107

-679.928

-14.874.204

-14.889.276

15.072

D-11 Overzicht 1: Algemene Dekkingsmiddelen

3

-310.811

82.650

-149.194

-641

-148.553

-126.460.978

-125.788.328

-132.454.481

-132.273.518

-180.963

Programma

Product

D-01 Zorgzame gemeente

D-0110 Informatie, advies en toeleiding

D-12 Overzicht 2: kosten van overhead

D-1210 Kosten van overhead

Lasten / baten

Realisatie

Prim. begroting

Totaal begroting

Realisatie

Afwijking

2019

2020

2020

2020

2020

Lasten

23.718.755

25.121.143

26.632.905

24.736.377

1.876.528

Baten

-524.902

-272.470

-272.470

-1.320.529

1.048.060

23.193.852

24.848.673

26.360.436

23.415.848

2.924.588

0

550.000

550.000

0

-1.020.948

-1.549.060

-2.002.631

-1.944.594

-58.037

22.172.905

23.299.613

24.907.805

22.021.253

2.866.551

22.172.905

23.299.613

24.907.805

22.021.253

2.866.551

159.696

50.750

139.750

65.519

74.231

0

0

-490

490

159.696

50.750

139.750

65.029

74.721

159.696

50.750

139.750

65.029

74.721

159.696

50.750

139.750

65.029

74.721

Resultaat voor bestemming Storting in reserves Onttrekking uit reserves D-12 Overzicht 2: kosten van overhead D-13 Overzicht 3: Heffing vennootsch.belast.

D-1310 Heffing vennootschapsbelasting

Lasten Baten Resultaat voor bestemming

D-13 Overzicht 3: Heffing vennootsch.belast. D-14 Overzicht 4: Onvoorziene uitgaven

D-1410 Onvoorziene uitgaven

Lasten

0

1.016

1.016

0

1.016

Resultaat voor bestemming

0

1.016

1.016

0

1.016

0

1.016

1.016

0

1.016

0

1.016

1.016

0

1.016

D-14 Overzicht 4: Onvoorziene uitgaven

4

provincie limburg -1 M-

Voorstel behandelwijze; A/B/Ci raad dd: 0.'O.C<

De Raad van de gemeente Roermond Postbus 900 6040 AX ROERMOND

:.:V':P «f

;

,cl

-fa:

i j.-;.

- 2 ArR 2 320

OM j Cluster

FIN

Behandeld

Ons kenmerk Uw kenmerk Bijlage(n)

2020/11981 DOC-00050462

Telefoon Maastricht Verzonden

S.M.H.G. Scheijen Grombach +31 6 46 97 42 16 24 maart 2020

3 O RkMl t oto

Onderwerp Belastingoverzicht 2020

Geachte raad, Hierbij bieden wij u ter kennisname een exemplaar van het Belastingoverzicht 2020 van de Limburgse gemeenten aan. Voor de gemeente Beekdaelen zijn nog niet alle tarieven geharmoniseerd, zodat binnen deze gemeente met verschillende tarieven wordt gewerkt. Voor de gemeente Beekdalen hebben we daarom geen cijfers opgenomen. Het belastingoverzicht 2020 bevat de belastinggegevens van de overige 30 Limburgse gemeenten. Het overzicht is tot stand gekomen met medewerking van de Limburgse gemeenten en met medewerking van de Belastingsamenwerking Gemeenten en Waterschappen.

Gedeputeerde Staten van Limburg

Bezoekadres: Limburglaan 10 NL-6229GA Maastricht

Postbus 5700 NL-6202 MA Maastricht postbus@prvlimburg.nl

Tel + 31 43 389 99 99 Fax + 31 43 361 80 99 www.limburgnl

IBAN -nummer: NL08RAB00132575728 BIC-code: RAB0NL2U

Belastingoverzicht 2020 Tarieven en lastendruk van OZB, rioolheffing, afvalstoffenheffing van de Limburgse gemeenten en de waterschapsheffingen in Limburg Maart 2020

www.iimburg.nl

provincie limburg s

m

Colofon Uitgave | Provincie Limburg | cluster Financiën, toezicht gemeentefinanciën bezoekadres: Limburglaan 10 Maastricht | postadres: Postbus 5700 6202 MA Maastricht tel.: +31 (0)43 389 99 99 | e-mail: postbus@prvlimburg.nl | vvvwv.limburg.nl

2003 832

Belastingoverzicht 2020 Tarieven en lastendruk van OZB, rioolheffing, afvalstoffenheffing van de Limburgse gemeenten en de waterschapsheffingen in Limburg Provincie Limburg, maart 2020

Samensteller Provincie Limburg Ciuster Financiën

Belastingoverzicht 2020

Inhoudsopgave 1

Inleiding

5

2

Conciusies

5

3 3.1 3.2 3.3 3.4 3.5 3.6 3.7

Gemeentelijke belastingen Onroerende zaakbelasting (OZB) Rioolheffing Afvalstoffenheffing Lastendruk huurder gemeentelijke heffingen Lastendruk eigenaar/gebruiker gemeentelijke heffingen Lastendruk waterschap Lastendruk gemeente en waterschap

7 7 14 17 20 23 26 27

4

Lastenontwikkeling bedrijven

29

5

Verantwoording onderzoek

31

Bijlagen 1 Inwoners en woningen/objecten 2 Inwoners per regio 3 WOZ-waarde woningen 4 OZB-tarieven en bijbehorende aanslag woningen 5 Rioolheffing 6 Afvalstoffenheffing 7 Totale gemeentelijke heffingen 8 Waterschapsheffingen 9 Totale gemeentelijke- en waterschapsheffingen huurder 10 Totale gemeentelijke-en waterschapsheffingen eigenaar/gebruiker 11 OZB-tarieven niet-woningen 12 Prognose totale opbrengst OZB eigenaren en gebruikers niet-woningen 13 Totale WOZ-waarde en prognose totale OZB-opbrengst niet-woningen

35 36 37 38 39 40 41 42 43 44 45 46 47

Belastingoverzicht 2020

Belastingoverzicht 2020

1.

Inleiding

Dit belastingoverzicht bevat informatie over de drie belangrijkste gemeentelijke belastingen, zoals de Limburgse gemeenten die in 2020 bij de gebruikers en eigenaren van woonruimten in hun gemeente heffen. Aan de orde komen de OZB woningen, de riooiheffing en de afvalstoffenheffing. Als een gemeente voor riool en afval gedifferentieerde tarieven heeft, hanteren we het tariefdat bij een gemiddeld waterverbruik hoort respectievelijk dat past bij het gemiddelde aanbod van afval of de meest gebruikte containers en dergelijke voor een huishouden van drie è vier personen. Behalve een overzicht van de lastendruk bij de woningen is ook een overzicht samengesteld van de tarieven van de OZB van de niet-woningen. Daaraan wordt aan het slot van deze rapportage kort aandacht besteed. De uitkomsten 2020 vergelijken we met de cijfers 2019. Ook dit jaar doen wij een beroep op de Beiastingsamenwerking Gemeenten en Waterschappen (BsGW) voor informatie. BsGW is een samenwerkingsverband voor uitvoering van belastingheffingen - inning van gemeentelijke belastingen en waterschaps-belastingen en uitvoering van de wet Waardering onroerende zaken. Op drie gemeenten na zijn alle Limburgse gemeenten hierbij aangesloten. Vanwege de uniformiteit en de vergelijkbaarheid maken we gebruik van de (gemiddelde) WOZ-waarden van de BsGW voor 2019 en 2020.

Per 1 januari 2019 zijn de voormalige gemeenten Schinnen, Nuth en Onderbanken gefuseerd tot de nieuwe gemeente Beekdaeien. Nog niet alle tarieven zijn geharmoniseerd, met namede rioolheffing en de afvalstoffenheffing. Omdat Beekdaeien binnen de gemeente met verschillende tarieven werkt, zijn er geen cijfers voor deze gemeente opgenomen. Het beiastingoverzicht 2020 bevat de belastinggegevens van de overige 30 Limburgse gemeenten. Wij gaan uit van gewogen gemiddelden voor het provinciaal gemiddelde, bij de berekeningen per regio en per inwonerkiasse. Bij deze berekeningen is zowel voor 2019 ais 2020 uitgegaan van de woningen/objecten opgave 2020, waardoor voor 2019 nieuwe gewogen gemiddelden zijn berekend. Hierdoor ontstaan marginale verschillen met cijfers uit het belastingoverzicht 2019. Voor Mook en Middelaar moeten wij een kanttekening maken dat de aangeleverde WOZ-waarden nog niet 100% volledig en/of juist zijn. Enkele objecten moeten nog getaxeerd worden en ook de waarde nietwoning gebruikers kan niet herleid worden uit de aangeleverde gegevens. Mook en Middelaar kan dit op korte termijn niet aanleveren. De gemeente is afhankelijk van de gemeente Nijmegen.

2.

Conclusies

Uit de verzamelde belastinggegevens 2020 blijkt het volgende. - De gemiddelde OZB-aanslag stijgt in 2020 met 3,43% naar € 322,07. Dit is het resultaat van een daling van het gemiddelde OZB-tarief in 2020 met 3,97% en een stijging van de gemiddelde WOZ-waarde met 7,70%. - De rioolheffing is nagenoeg ongewijzigd. Een stijging met 0,81% tot gemiddeld €213,13 in 2020. - De afvalstoffenheffing neemt in 2020 fors toe met 11,60% en bedraagt gemiddeld € 251,11 voor een meerpersoonshuishouden.

Belastingoverzicht 2020

-

Een huurder ziet de gemeentelijke belastingen met gemiddeld 7,81% stijgen en betaalt in 2020 gemiddeld € 332,87 ten opzichte van € 308,76 in 2019. Een eigenaar/gebruiker gaat in 2020 gemiddeld 5,15% meer aan gemeentelijke belastingen betalen. Gemiddeld betaalt hij € 786,31 tegenover € 747,81 in 2019. De heffingen van de waterschappen stijgen voor huurders in 2020 met gemiddeld 10,59% en voor eigenaar/gebruikers met gemiddeld 11,39%. De heffingen van gemeenten en waterschap samen bedragen voor huurders € 553,15 in 2020. Dit is een stijging met 8,90% ten opzichte van 2019. Voor een eigenaar/gebruiker bedraagt de stijging gemiddeld 6,71% waardoor de heffingen van gemeenten en waterschap toenemen van € 996,61 tot € 1.063,45.

In de volgende paragrafen presenteren we de uitkomsten voor de drie gemeentelijke beiastingsoorten en de heffing van het Waterschap Limburg.

Belastingoverzicht 2020

3.

Gemeentelijke belastingen

3.1.

Onroerende zaakbelasting (OZB)

Bij de berekening van de OZB-lastendruk hebben wij een aantal uitgangspunten moeten toepassen om enige uniformiteit in en daarmee vergelijkbaarheid tussen de cijfers te krijgen. Deze uitgangspunten lichten we hierna toe. Onze benadering betekent wel dat de uitkomst veelal niet (exact) met de berekening van de gemeenten zelf zal overeenkomen. Uitgangspunten: - Tarieven OZB en de (gemiddelde) WOZ-waarden. Hiervoor maken we voor zevenentwintig gemeenten gebruik van gegevens van de BsGW. De gemiddelde WOZ-waarde woningen bepaalt de BsGW door alle waarden van de objecten met een zogenaamde DUWOZ-code in de range van 1000 tot en met 1699 op te tellen en te delen door het aantal objecten in deze range. De gemiddelde waarde van de BsGW sluit aan bij de gemiddelde WOZ-waarde van de individuele gemeenten. De WOZ-waarde van de niet-woningen (lees bedrijven) is voor 2019 en 2020gepresenteerd. De bedragen voor gebruikers en eigenaren zijn niet aan elkaar gelijk omdat bij gebruikers (zo ver als mogelijk) rekening wordt gehouden met leegstand, vrijstellingen en het Pater van der Meer-deel. Ook bij niet-woningen wordt met ranges gewerkt. Bij de niet-woningen is rekening gehouden met de zogenaamde 30/70 regel die inhoudt dat een gemengd object, waarbij de niet-woning onderdelen meer dan 30% van de totale waarde zijn, in de categorie niet-woning valt. De cijfers i.e.

WOZ waarden en de objecten (voor de belasting 2020) zijn in februari 2020 ontvangen, nadat deze door de BsGW als definitieve prognose (eind januari 2020) naar de gemeenten zijn afgegeven. Aan de drie gemeenten die niet aan de BsGW deelnemen hebben we, met gebruikmaking van de door de BsGW gehanteerde definities, gevraagd deze gegevens voor hun gemeente te leveren. Dit heeft voor 2020 eveneens einde januari 2020 plaatsgevonden. Hiermee trachten we zo veel als mogelijk de waarden van alle dertig gemeenten (exclusief Beekdaelen) vergelijkbaar te presenteren. Volledigheidshalve vermelden we dat de WOZ-waarden 2019 per gemeente niet zijn aangepast. Deze cijfers zijn identiek aan die van vorig jaar. Dat wil zeggen volgens dezelfde werkwijze waarbij de cijfers van de BsGW zijn ontvangen in februari 2020 nadat deze als definitieve prognose (eind januari) naar de gemeenten zijn afgegeven. Bij de berekening van het gemiddelde van de provincie, van de inwonerklassen en per regio gaan we uit van gewogen gemiddelden. Weging vindt zowel voor 2019 als 2020 plaats op basis van de woningen/objecten 2020. - Voor de indeling in inwonerklasse is uitgegaan van het aantal inwoners bij de algemene uitkering 2019 volgens de septembercirculaire 2019. - Met inachtneming van de vorige uitgangspunten is het overzicht samengesteld op basis van de gegevens zoals die door de gemeenten zijn aangeleverd.

- Op basis van de gemiddelde WOZ-waarde hebben wij voor elke gemeente voor beide jaren op basis van het OZB-tarief 2019 en het OZB-tarief 2020 de OZB-aanslag voor 2019 en 2020 bepaald en de procentuele verandering daarin.

Belastingoverzicht 2020

Uitgaande van deze rekenmethode en de tarieven kunnen de volgende conclusies worden getrokken. 1. De gemiddelde OZB-aanslag stijgt met 3,43% tot € 322,07. De gemiddelde OZB-aanslag gaat in 2020 omhoog van € 311,39 naar € 322,07, een stijging van 3,43%. Vanaf 2020 is er geen macronorm meer, maar een benchmark. COELO zal de benchmark samenstellen en opnemen in de Atlas van de lokale heffingen. Tussen de Limburgse gemeenten zitten grote verschillen. Bij één gemeente valt de gemiddelde OZB-aanslag 2020 lager uit dan vorig jaar. Bij Stein is sprake van een afname van -1,55% (€ 5,01). Bij de overige negenentwintig Limburgse gemeenten stijgt de gemiddelde OZB-aanslag. De hoogste stijging treedt op in Beesei met 46,04% gevolgd door Mook en Middelaar met 17,92% en Vaals met 11,12% en Kerkrade met 10,37%. Bij de overige vijfentwintig gemeenten varieert de stijging in 2020 tussen de +0,28% en +9,61%. Een vergelijking met vorig jaar laat zien dat vorig jaar de hoogste stijging 24,70% was, gevolgd door een stijging van 19,60% en 17,32%. Bij vijf gemeenten was in 2019 sprake van een daling van de OZ Baanslag en dat is nu bij één gemeente. Voor 2020 heeft Maasgouw de gemiddeld laagste aanslag met € 237,56 gevolgd door Vaals met € 252,07. Ten opzichte van een jaar geleden wisselen deze gemeenten weer van plek. Sinds vier jaar heeft Meerssen de gemiddeld hoogste OZB-aanslag.

Deze gemeente steekt met € 459,47 met kop en schouders boven de meeste gemeenten uit. Mook en Middelaar komt op de tweede plats met € 433,68. Daarna volgt Voerendaal met € 402,83. De OZB-aanslag 2020 op regioniveau ligt tussen € 279,00 in Midden-Limburg en € 363,00 in d e regio Westelijke Mijnstreek. De regio Noord-Limburg heeft met € 15,00 de grootste stijging, terwijl de toename met € 5,00 het laagste is in Midden-Limburg. Bij de indeling van de gemeenten in inwonerklassen heeft de groottegroep O- 10.000 inwoners met € 434,00 de hoogste OZB-aanslag, gevolgd door de groottegroep 10.001 - 20.001 inwoners met € 352,00. Daarna volgen de groepen boven 50.000 en 20.001 -50.000 inwoners met respectievelijk € 322,00 en € 307,00. 2. Het OZB-tarief daalt gemiddeld met -3,97%. Het gemiddelde OZB-tarief daalt van 0,1563% naar 0,1501%. De afname bedraagt voor 2020 -3,97% tegenover een afname van -0,32% vorig jaar. De daling van het OZB-tarief hangt samen met de ontwikkeling van de gemiddelde WOZ-waarde tussen de peildata 1 januari 2018 en 1 januari 2019. Bij het volgende onderdeel: Gemiddelde WOZ-warde gaan we daar verder op in. We merken op dat er gemeenten zijn die bij een hogere WOZ-waarde kieze n voor verlaging van het OZB-tarief. Bij vijfentwintig gemeenten daalt het OZB-tarief tussen de -1,22% en -9,33%. De hoogste afname is in Stein.

Beesei heeft de sterkste stijging van het OZB-tarief met 32,15% gevolgd door Mook en Middelaar met 11,47%. Het tarief is het hoogste in Kerkrade met 0,2059% gevolgd door Heerlen met 0,2009%. Peel en Maas heeft sinds 2013 het laagste tarief. Voor 2020 bedraagt het OZB-tarief van Peel en Maas Belastingoverzicht 2020

8

€ 0,0978%. Het OZB-tarief is jarenlang het laagste geweest In de groottegroep van 20.001 - 50.000 Inwoners maar voor 2019 was dit de groottegroep O -10.000 Inwoners met 0,1371%. Voor 2020 Is dit wederom de groottegroep 20.001 - 50.000 Inwoners met een tarief van 0,1401%. Het hoogste tarief heeft al jaren de groottegroep boven 50.001 Inwoners met In 2020 0,1576%. Alleen In de groep O - 10.000 Inwoners stijgt het tarief met 11,47%. In de andere groepen Is sprake van een daling tussen de -0,35% en -5,68%. Kijkend naar de regio's heeft Parkstad al jaren het hoogste tarief, met 0,1913% voor 2020 op de voet gevolgd door de regio Westelijke Mijnstreek met 0,1808%. Ook voor 2020 heeft Midden-Limburg met 0,1188% het laagste OZB-tarlef. In alle regio's daalt het tarief tussen de -2,64% en -6,41%. De sterkste daling Is de Westelijke Mijnstreek met -6,41%. In de regio's Maastricht & Heuvelland, Midden- en NoordLimburg en Parkstad bedraagt de daling van het tarief respectievelijk -2,92%, -4,78%, -2,64% en -4,49%. 3. De gemiddelde WOZ-waarde is in 2020 in Limburg toegenomen met 7,70% tot € 214.573. De WOZ-waarde 2020 heeft als peildatum 1 januari 2019. Vorig jaar werd als peildatum 1 januari 2018 gebruikt. Wij constateren voor 2020 een stijging van de gemiddelde WOZ-waarde tussen de twee peildata.

Voor de vergelijkbaarheid van de gemeenten, maken we voor de WOZ-waarden en het aantal woningen/objecten gebruik van de BsGW-admInIstratle. De drie Limburgse gemeenten die niet bij de BsGW zijn aangesloten hebben de Informatie, op basis van dezelfde definities als de BsGW hanteert, zelf verstrekt. Met deze werkwijze beogen we een zo goed mogelijke onderlinge vergelijkbaarheid te bereiken. De vorig jaar vermelde gemiddelde WOZ-waarde van de provincie met als peildatum 1 januari 2018 Is In dit rapport marginaal bijgesteld. Vorig jaar was de gemiddelde WOZ-waarde 2019 met als peildatum 1 januari 2018 € 199.601. Nu Is dit bedrag bijgesteld naar € 199.225, dit houdt verband met woningen/objecten 2020 die we nu hanteren bij de berekeningen van gewogen gemiddelden van bijvoorbeeld de provincie, de regio's en Inwonerklassen. De gemiddelde WOZ-waarde van de afzonderlijke gemeenten 2019 Is niet gewijzigd. Voor 2020 Is de gemiddelde WOZ-waarde met peildatum 1 januari 2019 berekend op € 214.573. Dit Is een stijging met 7,70% ten opzichte van vorig jaar. In 2019 Is een de stijging berekend van 5,44% ten opzichte van 2018. De hoogste gemiddelde WOZ-waarde Is nog steeds In Mook en Middelaar te vinden; € 307.794. Heerlen heeft nog altijd de laagste gemiddelde WOZ-waarde: € 148.901. Bij alle gemeenten Is de gemiddelde WOZ-waarde In 2020 gestegen ten opzichte van 2019.

Deze stijging Is In Horst aan de Maas het laagste met 4,70% en In Beesel met 10,51% het hoogst. De verschillen In WOZ-waarden zijn relatief groot. In de regio Parkstad Is dit gemiddelde het laagste met voor 2020 € 163.281. In Midden-Limburg vinden we de hoogste gemiddelde WOZ-waarde: € 235.254. In alle vijf regio's Is sprake van een stijging. De stijging Is In de regio Parkstad met 8,77% het hoogst. Bij de Indeling naar grootte zien we de hoogste gemiddelde WOZ-waarde bij de gemeenten tussen O - 10.000 Inwoners met € 307.794 en de laagste gemiddelde WOZ-waarde bij de gemeenten boven 50.001 Inwoners met € 204.469. Bij alle groottegroepen Is een procentuele stijging opgetreden die ligt tussen de 5,79% en 8,39%. Hieronder treft u In tabelvorm de gemiddelde WOZ-waarde 2020 aan, waarbij de gemeenten naar grootte zijn gegroepeerd. Belastingoverzicht 2020

9

Inwonerklasse 1-10.000 10.001-20.000 20.001 - 50.000 50.001 -> Gemiddeld

Gemiddelde WOZ-waarde woningen 2020 (€) 307.794 233.455 219.369 204.469 214.573

In de twee volgende staafdiagrammen is de OZB-aanslag van 2019 en 2020 weergegeven, per groottegroep en per regio. Op de bladzijden daarna zijn de gemeenten gegroepeerd naar hoogte van het OZB-tarief en de OZB-aanslag.

Belastingoverzicht 2020

10

OZB-aanslag eigenaar woningen per regio en gemiddeld 2019-2020 400 350 300 250 ; 200 150 100

Parkstad

Westelijke Mijnstreek

Eindtotaal

regio

OZB-aanslag eigenaar woningen per Inwonerklasse en gemiddeld 2019-2020 500

0-10.000

10.001 -20.000

20.001 - 50.000

50.001 - >

Eindtotaal

inwonerklasse

Belastingoverzicht 2020

11

OZB-tarief eigenaar woning 2020 (de blauwe lijn geeft het gewogen gemiddelde weer)

0,0000% Peel en Maas

0,0500%

0,1000%

0,1500%

• 0,1029%

Leudal

B 0,1057%

Weert

•• 0,1117%

Gennep

0,1122%

Bergen

m 0,1145%

Roerdalen

IBH 0,1169%

Maastricht

0,1200%

Nederweert

0,1260*) t

Roermond

0.131

%

0,132 i%

EIjsd en-Ma rgra ten

• O, 401%

Mook en Middelaar

O. 409%

Venray

0*1427%

Stein

O 1428%

Horst aan de Maas

0,1483%

Beek

0,1540%

GUpen-Wittem

0,1540%

Vaals

0,1545%

Voerend aal

I 0.1584%

Valkenburg a/d Geul

• 0.1613%

Landgraaf

0,1693%

Meerssen

I^B 0,1731%

Beesel

^•1 0,1751%

Venio

•••• 0,1852%

Brunssum |

02500%

0,0978%

Maasgouw

Echt-Suste ren

02000%

0,1886%

Simp elveld

0,1950%

Sittard-Geleen

0,1966%

Heerlen

BBHI^H 0,2009%

Kerkrade

WÊÊÊIÊÊ^^^^M 0,2059%

Belastingoverzicht 2020

12

OZB-aanslag eigenaar woning 2020 (de blauwe lijn geeft het gewogen gemiddelde weer)

150

200

250

300

350

400

450

238

B 252

• 256 Hl 259 266 270

281 282 284 297 29$ 30 •10 314 •318 • 332

Hl 345 IHI 355 363

^HIH 367 [HiH 370 372 377

HHHH 388 390 395 403

459

Belastingoverzicht 2020

13

3.2.

Rioolheffing

Van de Limburgse gemeenten heffen veertien riooiheffing van de eigenaar, zeven van de gebruiker van een woning en er zijn negen gemeenten waar de eigenaar én de gebruiker elk een deel betalen. In 2020 bedraagt de gemiddelde rioolheffing € 213,13. Dit bedrag is met een stijging van +0,81% nagenoeg ongewijzigd ten opzichte van 2019. Dit jaar blijft de rioolheffing bij vijf gemeenten ongewijzigd op het niveau van 2019 tegenover acht gemeenten vorig jaar. In de volgende zes gemeenten daalt de rioolheffing in 2020 in: Beesel met -51,85%, Mook en Middelaar met -31,67%, Weert met -13,97%, Vaals met -3,97%, Stein met -2,36% en Venio met -0,46%. Bij de overige negentien gemeenten is sprake van een stijging. De stijgingen variëren tussen 0,60% en 18,00%. De grootste stijging is in Voerendaal met 18,00%. De tarieven/lasten variëren nogal. Meerssen heeft al jarenlang het hoogste tarief nu met € 367,33 per huishouden. Beesel heeft het laagste tarief met € 78,00 gevolgd door VenIo met € 155,30. In de Westelijke Mijnstreek stijgt het tarief gemiddeld met € 8,00. Maar deze regio heeft niet het hoogste tarief. Het hoogste tarief zijn de tarieven in Midden-Limburg en Maastricht & Heuvelland met € 228,00. In Noord-Limburg daalt het tarief met € 2,00 tot € 197,00. In Parkstad stijgt het tarief met € 3,00 tot € 209,00.

Als we kijken naar de rioolheffing per inwonerklasse dan is deze in de inwonerklasse O- 10.000 inwoners met € 162 het laagste. De heffing daalt in 2020 met -€ 75,00. Bij de andere inwonerklassen stijgt de rioolheffing behalve in de klasse 10.001 -20.000 inwoners, waar de heffing gelijk blijft. In de klasse 20.001 - 50.000 en 50.000 - > inwoners stijgt het tarief met respectievelijk € 4,00 en € 1,00. Vanaf 2017 is rioolheffing het hoogste in de inwonerklasse van 10.001 - 20.000 inwoners (€ 248,00). In de volgende twee staafdiagrammen wordt de rioolheffing 2019 en 2020 vergeleken per regio en per groottegroep. Daarna zijn in een overzicht de gemeenten naar de hoogte van de rioolheffing op een rij gezet.

Belastingoverzicht 2020

14

Rioolheffing per regio en gemiddeld 2019-2020 240

210 -

regio

Rioolheffing per inwonerktasse en gemiddeld 2019-2020 300 n

•Jaar 2019 •Jaar 2020

0-10.000

10.001 -20.000

20.001 • 50.000

50.001 - >

Gemiddeld

Inwonerklasse

Belastingoverzicht 2020

15

Rioolheffing eigenaar en gebruiker 2020 (de blauwe lijn geeft het gewogen gemiddelde weer)

Beesel Venio

155

Mook en Middelaar

I 16 2

Heerlen

•166

Roermond

180

Sitterd-Geleen

I 185

Maastricht

• 19S

Roerdalen

212

Weert

215

Vaals

216

Horst aan de Maas

I 217

Beek

I 222

Venray

I 224

Brunssum

I 225

Kerkrade

•227

Bergen

^•1 236

Maasgouw

238

Gennep Simpel veld

247

Landgraaf

251

Qulper>Witt»T)

I 253

Valkenburg a/d Geul

I 260

Echt-Susteren

I 261

Stein

H 264

Eijsden-Marg raten Nederweert Leudal Peel en Maas VoerervJaal

270 276 283 289 295

Meerssen

Belastingoverzicht 2020

16

3.3.

Afvalstoffenheffing

De afvalstoffenheffing stijgt in 2020 met € 26,11 naar € 251,11. Deze toename met 11,60% is fors in vergelijking met vorig jaar. Een aantal jaren is de ontwikkeling van de afvalstoffenheffing zeer gematigd geweest, met soms een kleine stijging en soms een kleine daling. In 2017 was nog sprake van een daling met afgerond -€ 7,00. In 2019 moet een hogere rijksbelasting worden betaald voor het storten en verbranden van afval. De stijging van de verwerkingskosten verklaart (deels) de stijging van de afvalstoffenheffing. Bij drie gemeenten blijft de afvalstoffenheffing gelijk aan 2019. Bij één gemeente daalt de afvalstoffenheffing terwijl deze bij zesentwintig gemeenten stijgt. Deze stijging varieert van 1,43% in Mook en Middelaar tot 31,19% in Bergen. Het tarief s i het hoogste in Maastricht met € 328,43 en het laagst in Beesel met € 131,00. In alle regio's stijgt de afvalstoffenheffing, in Midden-Limburg met€ 19,00 tot € 228,00, in de Westelijke Mijnstreek met € 20,00 tot € 256,00, de regio Maastricht & Heuvelland met 26,00 tot € 292,00, Noord-Limburg met € 30,00 tot € 217,00 en in Parkstad met € 34,00 tot € 271,00. Ook bij de afzonderlijke inwonerklassen zien we de afvalstoffenheffing stijgen. In de inwonerklasse O -10.000 bedraagt de stijging € 3,00 en bij de inwonersklassen 10.001 - 20.000, 20.001 - 50.000 en 50.001 > stijgt deze respectievelijk € 23,00, € 28,00 en € 27,00.

Met de volgende twee staafdiagrammen wordt de hoogte van de afvalstoffenheffing in 2019 en 2020 vergeleken per groottegroep en per regio. Daarna zijn de gemeenten weer naar de hoogte van hun afvalstoffenheffing op een rij gezet.

Belastingoverzicht 2020

17

Afvalstoffenheffing per regio en gemiddeld 2019-2020 350

regio

Afvalstoffenheffing per inwonerklasse en gemiddeld 2019-2020 300

0-10.000

10.001 -20.000

20.001 - 50.000

50.001 - >

Gemiddeld

Inwonerklasse

Belastingoverzicht 2020

18

•

Afvalstoffenheffing 2020 (de blauwe lijn geeft het gewogen gemiddelde weer)

50

Beesel Valkenburg a/d Geul Nederweert Ven ray Leudal Peel en Maas Horst aan de Maas Gennep Mook en Middelaar Echt-Susteren Maasgouw Gulpen-Witt wn Beek Roernx)nd Bergen Meerssen Landgraaf Voerend aal Weert Simpel veld Venio Sitlard-Geleen Brunssum E ijsd en -Ma raten rg Stein Roerdalen Kerkrede Heerlen Vaals Maastricht

100

150

200

250

300

350

131 148

161 172 190 • 197 211

I215 •I 224 227 228 23^

23^: ' 23f

23 r 212

: 44 •249 250 252

I 257 B 261 B 262

^B 270 •I 271 ^^B 276 287 316

I 328 -C3I

Belastingoverzicht 2020

19

3.4.

Lastendruk huurder gemeentelijke heffingen

De in 3.1 tot en met 3.3 besproken heffingen zijn altijd van toepassing op personen die een woonruimte in eigendom hebben én die woonruimte ook zelf bewonen, de zogenaamde eigenaar/gebruiker. De totale lastendruk van de drie gemeentelijke heffingen voor de eigenaar/gebruiker presenteren we in de volgende paragraaf. Voor personen die hun woonruimte niet in eigendom hebben, is de OZB niet van toepassing en is de rioolheffing, afhankelijk van de keuze van de gemeente, geheel, gedeeltelijk of geheel niet op hen van toepassing. Hierna duiden we deze groep aan als huurder. In deze paragraaf kijken we naar de lastenontwikkeling voor de huurder. In 2020 betaalt een huurder gemiddeld € 332,87 per huishouden aan gemeentelijke heffingen, tegenover € 308,76 in 2019, een toename van 7,81%. In 2019 was er ook sprake van een toename en in 2017 en 2018 van een daling. De jaren daarvoor was er ook sprake van een stijging. In Beesel betaalt de huurder hetzelfde als in 2019. In Echt-Susteren (-2,53%), Peel en Maas (-26,24%), Vaals (-10,56%) en in Weert (-3,55%) betaalt de huurder in 2020 minder. In vijfentwintig gemeenten stijgen de lasten voor de huurder. De grootste lastenverhoging is opgetreden in Stein waar de huurder dit jaar 46,27% meer gaat betalen. Daarna volgt Bergen met 31,19%. De hoogste lastendruk heeft Voerendaal met € 539,00.

Ook dit jaar heeft Beesel weer de laagste lastendruk voor een huurder met € 131,00 en Nederweert de op een na laagste met € 160,65. De laagste lastendruk bij de indeling van gemeenten naar groottegroepen is te vinden in de groep tussen O - 10.000 inwoners met € 224,00. Bij de overige drie groottegroepen 10.001 - 20.000, 20.001 -50.000 en 50.001 - > stijgt de lastendruk respectievelijk met € 21,00, € 26,00 en € 24,00. In de Westelijke Mijnstreek is de lastendruk voor de huurder het laagst (€ 271,00 per huishouden) en het hoogst in Parkstad (€ 403,00). We presenteren deze informatie eerst in twee staafdiagrammen, waarna we een overzicht geven van de lastendruk voor huurders per gemeente. De gemeente met de laagste lasten staat bovenaan en de gemeente met de hoogste lasten onderaan. Bij al deze uitkomsten en vergelijkingen van de lastendruk huurder is het wel van belang ons te realiseren dat het beeld/de uitkomst sterk bepaald wordt door de keuze van gemeenten wie de rioolheffing betaalt. Bij de lastendruk voor de eigenaar die ook de gebruiker is, speelt dit aspect niet.

Belastingoverzicht 2020

20

Lastendruk huurder per regio en gemiddeld 2019-2020 450

Midden-Limburg

Noord-Limburg

Parkstad

Westelijke Mijnstreek

Eindtota^y

regio

Lastendruk huurder per Inwonerklasse en gemiddeld 2019-2020 400 350 300 250 :200 150 100

0-10.000

10,001 -20.000

20.001 - 50.000

50.001 - >

Gemiddeld

inwonerklasse

Belastingoverzicht 2020

21

Lastendruk huurder 2020 Cde blauwe lijn geeft het gewogen gemiddelde weer)

0,00 Beasel Nederweert Leudal Peel en Maas

200.00

400.00

131,00 160.65 100,20 197.00

Horst aan de Maas Mook en Middelaar

I 2 24,28

Echt-Susteren

I 227.00

G ul pen-Witt em

234.00

Beek

234,01

Roermond

, 235.00

Bergen

I 235.56

Sittard-Geleen

H 256,56

Brur>88um

BI 261.32

E IJsd en-Ma rg ar t en

262,00

Gennep

278.90

Ven ray

• 292,6 5

Maasgouw

353.56

Stsln

354.00

Heerlen

375.48

Maastricht

378,70

Landgraaf Vaals

m 389,65 395,70

Venlo

^BIH '^06,67

Valkenburg a/d Geul

B^^H 408.25

Weert

463.56

Meerssen

464,22

Roerdalen Simpel veld

I 496.85

Kerkrade

I5O3,00

Voerend aal

539,001

Belastingoverzicht 2020

22

3.5.

Lastendruk eigenaar/gebruiker gemeentelijke heffingen

Als we kijken naar de totale lastendruk per gemeente van de drie hier bekeken gemeentelijke heffingen en nagaan wat de eigenaar/gebruiker dit jaar gaat betalen dan zien we de voigende ontwikkeling. De gemiddelde lastendruk voor de eigenaar/gebruiker stijgt in 2020 met 5,15% tot € 786,31. In 2019 was de lastendruk € 747,81. Bijlage 7 laat zien dat voor twee gemeenten een iagere lastendruk is berekend danvoor 2019. In Mook en Middelaar daalt de lastendruk met -0,73% en in Weert met -1,19%. In achtentwintig gemeenten stijgt de lastendruk 2020. De hoogste lastenstijging doet zich in Voerendaal voor, waar de eigenaar/gebruiker gemiddeld 14,78% meer gaat betalen. Meerssen heeft met € 1.063,80 de hoogste lastendruk in 2020. Na Meerssen volgtVoerendaal met €941,83. In Beesel Is de lastendruk met € 571,90 het laagst, gevolgd door Roermond met € 696,11. In alle inwonerklassen, behalve de inwonersklasse met O- 10.000 inwoners, stijgt in 2020 de iastendruk. De inwonerklasse 50.000 - > heeft de laagste stijging met € 35,00 waarna de lastendruk € 778,00 bedraagt. In de inwonerklassen 20.001 -50.000 en 10.001 - 20.000 inwoners neemt de lastendruk toe met € 40,00 en € 48,00. De klasse O - 10.000 inwoners heeft de hoogste lastendruk met € 820,00, maar in deze groottegroep is er wel een daling van de lastendruk met •€ 6,00. Onderstaande staafdiagrammen geven de ontwikkeling weer.

In Midden-Limburg is de lastendruk nog altijd het laagste (€ 735,00 per huishouden). Het hoogst is de lastendruk in Maastricht & Heuvelland met € 834,00 gevolgd door de Westelijke Mijnstreek met € 823,00. In alle regio's stijgt de lastendruk. De stijging ligt tussen de +€ 21,00 en +€ 48,00. Na de staafdiagrammen volgt weer een overzicht van alle gemeenten, gegroepeerd naar hoogte van de totale gemeentelijke lastendruk voor een eigenaar/gebruiker.

Belastingoverzicht 2020

23

Lastendruk eigenaar-gebruiker per regio en gemiddeld 2019-2020

Maastricht & Heuvelland

Midden-Limburg

Noord-Limburg

Parkstad

Westelijke Mijnstreek

Gemiddeld

regio

Lastendruk eigenaar-gebruiker per Inwonerklasse en gemiddeld 2019-2020 840

700

0-10.000

10.001 -20.000

20.001 -50.000

50.001 - >

Gemiddeld

inwonerklasse

Belastingoverzicht 2020

24

Lastendruk eigenaar/gebruiker 2020 (de blauwe lijn geeft het gewogen gemiddelde weer)

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Roermond&id=56dbde6d-7ab5-47e9-888e-546af6875b3b